KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 067
CRIV 52 COM 067
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRÉSENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTÉGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
F
INANCIËN EN DE
B
EGROTING
C
OMMISSION DES
F
INANCES ET DU
B
UDGET
woensdag
mercredi
16-01-2008
16-01-2008
Namiddag
Après-midi
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V - N-VA
Christen-Democratisch en Vlaams Nieuw-Vlaamse Alliantie
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a-spirit
Socialistische Partij Anders Sociaal progressief internationaal, regionalistisch integraal democratisch toekomstgericht
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Interpellatie van de heer Hagen Goyvaerts tot de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de correcte
toepassing
van
de
belastingverlaging
-
doorrekening via de bedrijfsvoorheffing" (nr. 5)
1
Interpellation de M. Hagen Goyvaerts au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la mise en oeuvre
correcte de la diminution d'impôts, c'est-à-dire en
la répercutant sur le précompte professionnel"
(n° 5)
1
Sprekers:
Hagen
Goyvaerts,
Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen, Carl Devlies
Orateurs:
Hagen
Goyvaerts,
Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des
Finances
et
des
Réformes
institutionnelles, Carl Devlies
Moties
5
Motions
5
Samengevoegde vragen van
6
Questions jointes de
6
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de Douane en
Accijnzen en het PLDA-project" (nr. 1017)
6
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre
et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les Douanes et Accises et le
projet PLDA" (n° 1017)
6
- de heer Jan Jambon aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het herhaalde uitstel van de
papierloze douane" (nr. 1054)
6
- M. Jan Jambon au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le report répété de la douane
'sans papiers'" (n° 1054)
6
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Jan
Jambon, Didier Reynders, vice-eerste
minister en minister van Financiën en van
Institutionele Hervormingen
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Jan Jambon,
Didier Reynders, vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles
Samengevoegde vragen van
11
Questions jointes de
11
- de heer Hagen Goyvaerts aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de misbruiken
van de notionele interestaftrek" (nr. 1052)
11
- M. Hagen Goyvaerts au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les abus relatifs à la
déduction des intérêts notionnels" (n° 1052)
11
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "fraude met de
notionele interest" (nr. 1095)
11
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre
et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la fraude en matière
d'intérêts notionnels" (n° 1095)
11
- de heer Bert Schoofs aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de notionele
interestaftrek" (nr. 1228)
11
- M. Bert Schoofs au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la déduction des intérêts
notionnels" (n° 1228)
11
Sprekers: Hagen Goyvaerts, Dirk Van der
Maelen,
Didier
Reynders,
vice-eerste
minister en minister van Financiën en van
Institutionele Hervormingen
Orateurs: Hagen Goyvaerts, Dirk Van der
Maelen, Didier Reynders, vice-premier
ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles
Samengevoegde vragen van
17
Questions jointes de
17
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de fiscale bemiddeling"
(nr. 1027)
17
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la conciliation fiscale"
(n° 1027)
17
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de fiscale
bemiddelingsdienst" (nr. 1094)
17
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre
et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le service de conciliation
fiscale" (n° 1094)
17
- mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de fiscale
bemiddelingsdienst" (nr. 1180)
17
- Mme Sabien Lahaye-Battheu au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le service de conciliation
fiscale" (n° 1180)
17
Sprekers: Carl Devlies, Sabien Lahaye-
Battheu,
Didier
Reynders,
vice-eerste
Orateurs: Carl Devlies, Sabien Lahaye-
Battheu, Didier Reynders, vice-premier
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
minister en minister van Financiën en van
Institutionele Hervormingen
ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles
Samengevoegde vragen van
20
Questions jointes de
20
- de heer Jean-Luc Crucke aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de fiscale
harmonisering Wallonië-Frankrijk ten opzichte van
Vlaanderen" (nr. 1149)
20
- M. Jean-Luc Crucke au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur
"l'harmonisation fiscale
Wallonie-France vis-à-vis de la Flandre" (n° 1149)
20
- mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele
Hervormingen
over
"de
ondertekening van het ontwerp van avenant bij
het Belgisch-Frans dubbelbelastingverdrag van
10 maart 1964" (nr. 1181)
20
- Mme Sabien Lahaye-Battheu au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la signature du projet
d'avenant à la convention franco-belge du
10 mars 1964 tendant à éviter la double
imposition" (n° 1181)
20
Sprekers: Sabien Lahaye-Battheu, Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen, Jean-Luc Crucke
Orateurs: Sabien Lahaye-Battheu, Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des
Finances
et
des
Réformes
institutionnelles, Jean-Luc Crucke
Samengevoegde vragen van
25
Questions jointes de
25
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de verwerking van de
personenbelasting voor het aanslagjaar 2007"
(nr. 1028)
25
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le traitement de l'impôt des
personnes
physiques
pour
l'exercice
d'imposition 2007" (n° 1028)
25
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de vennootschapsbelasting"
(nr. 1029)
25
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'impôt des sociétés"
(n° 1029)
25
- de heer Hagen Goyvaerts aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de resultaten
van de verwerking van de personenbelasting voor
het aanslagjaar 2007" (nr. 1030)
25
- M. Hagen Goyvaerts au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les résultats des enrôlements
à l'impôt des personnes physiques pour l'exercice
d'imposition 2007" (n° 1030)
25
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het verloop van de ramingen
inzake de opbrengst uit de inkohieringen in de
vennootschapsbelasting" (nr. 1219)
25
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'évolution des estimations
relatives aux recettes des enrôlements en matière
d'impôt des sociétés" (n° 1219)
25
Sprekers: Carl Devlies, Hagen Goyvaerts,
Didier Reynders, vice-eerste minister en
minister van Financiën en van Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Carl Devlies, Hagen Goyvaerts,
Didier Reynders, vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles
Samengevoegde vragen van
29
Questions jointes de
30
- de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "het gebruik van
rode gasolie" (nr. 1134)
29
- M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre
et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'utilisation de gasoil rouge"
(n° 1134)
30
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerst minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het gebruik van rode diesel in
de pleziervaart" (nr. 1214)
30
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'utilisation de gasoil rouge
pour la navigation de plaisance" (n° 1214)
30
Sprekers: Stefaan Van Hecke, Carl Devlies,
Didier Reynders, vice-eerste minister en
minister van Financiën en van Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Stefaan Van Hecke, Carl Devlies,
Didier Reynders, vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles
Vraag van mevrouw Kattrin Jadin aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de mogelijke
sluiting van het openbaar entrepot van de Douane
34
Question de Mme Kattrin Jadin au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la fermeture possible de
l'entrepôt public des Douanes et Accises d'Eupen"
34
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iii
en Accijnzen te Eupen" (nr. 1141)
(n° 1141)
Sprekers: Kattrin Jadin, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Kattrin Jadin, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van mevrouw Marie-Christine Marghem
aan de vice-eerste minister en minister van
Financiën en Institutionele Hervormingen over "de
heffing van vennootschapsbelasting op honoraria"
(nr. 1194)
35
Question de Mme Marie-Christine Marghem au
vice-premier ministre et ministre des Finances et
des Réformes institutionnelles sur "la taxation des
honoraires à l'impôt des sociétés" (n° 1194)
35
Sprekers: Marie-Christine Marghem, Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Marie-Christine Marghem, Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer David Lavaux aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het toepassen
op autorally's van de belasting op spelen en
weddenschappen" (nr. 1203)
36
Question de M. David Lavaux au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'application de la taxe sur les
jeux et paris aux rallyes automobiles" (n° 1203)
36
Sprekers: David Lavaux, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: David Lavaux, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van mevrouw Florence Reuter aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de voor het
publiek beschikbare informatie over de diensten
van de DAVO" (nr. 1241)
38
Question de Mme Florence Reuter au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "l'information du
public sur les services du SECAL" (n° 1241)
38
Sprekers: Florence Reuter, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Florence Reuter, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Raf Terwingen aan de minister
van Economie, Zelfstandigen en Landbouw over
"de verzekering van pleziervaartuigen" (nr. 1323)
40
Question de M. Raf Terwingen à la ministre de
l'Économie, des Indépendants et de l'Agriculture
sur "l'assurance des bateaux de plaisance"
(n° 1323)
40
Sprekers: Raf Terwingen, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Raf Terwingen, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van mevrouw Barbara Pas aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de Koninklijke
Schenking" (nr. 1326)
42
Question de Mme Barbara Pas au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la Donation royale" (n° 1326)
42
Sprekers: Barbara Pas, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Barbara Pas, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de aanvullende
verkeersbelasting voor LPG-personenwagens"
(nr. 1332)
45
Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la taxe de
circulation complémentaire pour voitures roulant
au LPG" (n° 1332)
45
Sprekers: Stefaan Van Hecke, Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Stefaan Van Hecke, Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE FINANCIËN
EN DE BEGROTING
COMMISSION DES FINANCES ET
DU BUDGET
van
WOENSDAG
16
JANUARI
2008
Namiddag
______
du
MERCREDI
16
JANVIER
2008
Après-midi
______
De vergadering wordt geopend om 15.02 uur en voorgezeten door de heer Dirk Van der Maelen.
La séance est ouverte à 15.02 heures et présidée par M. Dirk Van der Maelen.
01 Interpellatie van de heer Hagen Goyvaerts tot de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de correcte toepassing van de belastingverlaging - doorrekening
via de bedrijfsvoorheffing" (nr. 5)
01 Interpellation de M. Hagen Goyvaerts au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la mise en oeuvre correcte de la diminution d'impôts, c'est-à-dire en la
répercutant sur le précompte professionnel" (n° 5)
01.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, we zijn deze namiddag wat later begonnen. Ik
weet niet of u bij de opening van het Autosalon nog een nieuwe
fiscale maatregel hebt aangekondigd.
Ik wil terugkomen op een fiscale maatregel die al van een tijdje
geleden, van 2001, dateert. In deze commissie voor de Financiën is
het niet de eerste keer dat het thema van de belastingverlaging, meer
specifiek het niet volledig doorrekenen van de effecten van de
hervorming van de personenbelasting bij het bepalen van de
bedrijfsvoorheffing, aan de orde is.
Als we de uiteenzettingen van de afgelopen jaren en de mondelinge
vragen uit de vorige legislatuur bekijken, blijkt heel duidelijk dat we
daarover af en toe met u van gedachten hebben moeten wisselen.
Toen de wet in de Kamer en de Senaat werd gestemd, was er bij de
wet een tabel gevoegd. De bewuste tabel nr. 15 die toen slechts was
ingevuld tot 2004 en waarin was aangegeven dat de
belastingverlaging slechts gedeeltelijk zou worden doorgevoerd. Een
beperkt gedeelte was voorzien via de bedrijfsvoorheffing en de rest,
dat in de praktijk het overgrote gedeelte blijkt te zijn, via de inkohiering
en via de belastingafrekening.
Vermits die bewuste tabel eindigt op 2004 ging het dus niet over de
inkomsten 2005 en 2006, laat staan over de inkomsten 2007 en 2008.
Door het niet onmiddellijk en bijgevolg het onvolledig doorrekenen van
de belastingverlaging op het loonstrookje, hebben zowat anderhalf
miljoen gezinnen de afgelopen jaren de Belgische staatskas aardig
gespijsd. Wij noemden dit een renteloze lening u was die mening
niet toegedaan voor een niet onaardig bedrag van ongeveer
2 miljard euro. Dat anderhalf miljoen gezinnen heeft in feite de
afgelopen jaren een voorfinanciering gedaan van uw beleid. Niet
01.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Cette commission a déjà
eu beaucoup de travail dans le
cadre de la réduction fiscale de
2001, notamment parce que le
gouvernement n'a toujours pas
intégré la réduction au précompte
professionnel.
Au moment de l'adoption de la loi,
le tableau qui avait été joint
indiquait comment la réduction
fiscale serait opérée. Une partie
limitée serait intégrée par le biais
du précompte professionnel et la
partie restante par le biais de
l'enrôlement et du décompte fiscal.
Le tableau allait jusqu'à 2004
inclus.
Cette réduction fiscale n'a pas été
immédiatement prise en compte
sur la fiche de salaire et environ un
million et demi de ménages ont
dès lors octroyé à l'État belge un
prêt sans intérêt de quelque deux
milliards d'euros au cours des
dernières années. Cette situation a
permis au ministre d'atteindre
l'équilibre budgétaire au cours des
dernières années et de réaliser
une opération de report vers les
exercices budgétaires suivants.
Depuis
2006,
l'incidence
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
onbelangrijk is dat dit u de afgelopen jaren heeft toegelaten enerzijds
uw begrotingsevenwicht te realiseren en, anderzijds een
doorschuifoperatie te doen naar de volgende begrotingsjaren.
In 2004 was er in een bedrag voorzien van 1,26 miljard euro. Dat
bedrag is afkomstig van uw studiedienst Financiën. Dat werd niet
uitbetaald in dat jaar maar in 2006. In 2006 hebt u de
belastingverlaging van 2004 terugbetaald. In dezelfde logica betekent
dit dat u in 2008 de belastingverlaging van het jaar 2006 zult
terugbetalen, opnieuw met ongeveer een budgettaire impact van
ongeveer 1 miljard euro.
Kortom, de bedrijfsvoorheffing is helemaal niet aangepast aan de
verloning, de bezoldiging, de gezinssituatie en dus aan de werkelijke
situatie van vele belastingplichtigen. Vooral de 1,5 miljoen gehuwde
loon- en weddetrekkenden zijn hiervan de dupe. Dat blijkt ook. Twee
jaar later moet u toch geen onaardige som terugbetalen, gemiddeld
zo een slordige 1000 euro per gezin met 2 werkende partners.
Concreet wil dat ook zeggen dat de schalen van die
bedrijfsvoorheffing helemaal niet actueel zijn. U weet dat het
Rekenhof hierover een aantal jaren geleden nog een rapport heeft
bezorgd waarin zij van oordeel waren dat die schalen van de
bedrijfsvoorheffing in feite zijn opgesteld in het voordeel van de Staat.
U weet dat dit een principe is waar wij niet achter staan. U moet zo
nauw mogelijk kunnen aansluiten bij het werkelijke belastingstarief.
Bijgevolg, mijnheer de minister, heb ik maar één prangende vraag.
Zult u voor het inkomstenjaar 2007 en de komende jaren de
belastingvermindering
onmiddellijk
doorrekenen
in
de
bedrijfsvoorheffing of niet? Ik denk dat dit de cruciale vraag is en zo
neen, indien u dit niet van plan bent te doen, waarom niet?
Ik breng toch nog een aantal dingen in herinnering, mijnheer de
voorzitter. Het was destijds de VLD bij monde van collega Luk Van
Biesen - weliswaar niet aanwezig -, die op 2 december 2004,
ondertussen toch ook al meer dan 3 jaar geleden, in de Tijd een
opiniestuk publiceerde waarin hij zich fel afzette tegen het feit dat de
regering een renteloze lening afdwingt bij de burgers. Hij was van
oordeel en hij hield daar in zijn Vrije Tribune nogal een sterk pleidooi
voor om de bedrijfsvoorheffing zo nauw mogelijk te doen aansluiten
bij het uiteindelijke resultaat.
Hij had een zeer typerende passage en ik zou hem toch nog eens
even willen citeren ten einde de aandacht erop te vestigen, mijnheer
de minister. Wanneer hij het had over het saldo in het voordeel van de
belastingplichtige "dan dient dat bedrag van de belastingvermindering
integraal
te
worden
doorgerekend
via
een
verlaagde
bedrijfsvoorheffing", aldus Luk Van Biesen. "Het zich onrechtmatig
toe-eigenen van gelden van de belastingbetaler door de overheid is
ontoelaatbaar en doet elke liberaal de wenkbrauwen fronsen". Ik weet
niet of u dat interview van hem nog altijd in een kader boven uw
bureau heeft hangen. Het is, mijns inziens, tot op vandaag zeer van
toepassing. Op dat moment heeft de heer Van Biesen misschien
geen mythische woorden uitgesproken maar heeft hij ons en zeker u,
mijnheer de minister, herinnerd aan het gegeven dat men ook binnen
de liberale fractie van oordeel was dat er iets met die
bedrijfsvoorheffing moest worden gedaan.
budgétaire du remboursement de
la réduction fiscale de deux
années auparavant est d'environ
un milliard d'euros.
Cela signifie également que le
précompte professionnel n'est pas
du tout adapté au salaire et à la
situation
familiale
des
contribuables. Les barèmes du
précompte
professionnel
ne
correspondent pas à la situation
actuelle et la Cour des comptes
constate dès lors que ceux-ci sont
établis en faveur de l'État et non
du citoyen. Nous nous opposons à
cette technique. Le précompte
professionnel doit être calculé le
plus correctement possible et se
rapprocher au maximum de l'impôt
réellement dû. Cette idée a
toujours été défendue par le
groupe libéral, ainsi que par la
Cour constitutionnelle et par le
Conseil d'État.
La question qui nous préoccupe
est de savoir si le ministre
répercutera immédiatement cette
réduction d'impôt sur le précompte
professionnel pour l'exercice 2007
et pour les années à venir. Quelles
raisons justifieraient qu'il ne le
fasse pas? C'est tout simplement
une question de loyauté fiscale et
de bonne gouvernance.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
U weet ook dat het Grondwettelijk Hof, vroeger het Arbitragehof, en
ook de Raad van State zich in de afgelopen jaren een aantal keren
hebben uitgesproken over de problematiek van de berekening van de
bedrijfsvoorheffing en de mate waarin die gelijk moest meelopen met
de uiteindelijk verschuldigde belasting.
Dat was in feite een kwestie van een faire fiscaliteit en ook een
kwestie van goed bestuur, neem ik aan, mijnheer de minister.
Bijgevolg herhaal ik mijn vraag. Gaat u voor het inkomstenjaar 2007
en de komende jaren de belastingvermindering al dan niet
onmiddellijk en volledig doorrekenen in de bedrijfsvoorheffing? Zo
neen, waarom niet?
Mijnheer de voorzitter, ik denk dat wij vandaag in de beslotenheid van
deze commissie hierop toch eens een antwoord moeten krijgen. U
zult begrijpen dat ik nieuwsgierig ben naar het antwoord van de
minister.
01.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, ik kan zeer
kort zijn en geef drie elementen.
Sinds de hervorming van 2001 hebben we alleen vermindering van de
belastingen voor de particulieren, dus de gezinnen, gezien, ofwel in de
bedrijfsvoorheffing ofwel bij de inkohiering. Men zou kunnen spreken
van een lening, ja, maar het is in de eerste plaats een vermindering
van de belastingen.
Bovendien hebben we sinds 2001 de normale weg gevolgd, dus de
integratie van alle elementen in de bedrijfsvoorheffing, zoals
overeengekomen tijdens de bespreking en de goedkeuring van de
hervorming van 2001. Wij hebben de destijds uitgetekende tabel tot
en met 2004 gevolgd om daarna via beslissingen bij de opmaak van
de begroting te werken.
Voor 2007 is het een beetje laat om een en ander in de
bedrijfsvoorheffing te verwezenlijken, denk ik, maar voor 2008 en
volgende jaren zullen wij een beslissing nemen bij de opmaak van de
nieuwe begroting. Voor 2008 gebeurt dat de volgende weken. Wij
zullen naar het Parlement komen met een ontwerp van begroting dat
rekening houdt met de repercussies van alle fiscale maatregelen in de
bedrijfsvoorheffing, en, als dit mogelijk is, met een begrotingsanalyse.
Tot nu toe hebben we geen ander antwoord voor 2008 en volgende
jaren.
01.02 Didier Reynders, ministre:
Depuis la réforme de 2001, les
impôts ont uniquement baissé
pour les particuliers, par le biais du
précompte professionnel ou de
l'enrôlement. On pourrait parler
d'un prêt mais il s'agit avant tout
d'une diminution des impôts.
De 2001 à 2004, nous avons
soigneusement suivi le tableau. Au
cours des années suivantes, nous
avons chaque fois décidé des
modalités de la réduction lors de la
confection du budget. Pour 2007, il
n'est plus possible d'agir sur le
précompte professionnel. Pour
2008 et les années suivantes, la
décision
sera
de
nouveau
systématiquement prise lors de la
confection du nouveau budget,
c'est-à-dire
au
cours
des
prochaines semaines pour 2008.
Nous soumettrons au Parlement
un projet de budget qui tient
compte des répercussions de
l'ensemble des mesures fiscales
sur le précompte professionnel.
01.03 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter, ik
wens te repliceren, zij het niet kort.
Mijnheer de minister, het antwoord was inderdaad kort en bondig,
maar geeft mij geen voldoening.
U maakte zich in 2001 razend populair door in de Kamer een
belastingverlaging goed te keuren. Wij steunden ze toen, omdat wij
ook voor een belastingverlaging waren. In de paars-groene regering
werden echter ook heel wat maatregelen goedgekeurd die een
01.03 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): La réponse du ministre
ne me satisfait pas. En 2001, il
s'est attiré une énorme popularité
en faisant adopter une diminution
d'impôt par la Chambre. Nous
l'avons soutenu. Le gouvernement
arc-en-ciel a cependant aussi
approuvé toute une série de
mesures entraînant en fait une
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
belastingverhoging tot gevolg hadden. Wij vonden het maar billijk dat
de belastingverlaging in feite een compensatie moest zijn voor wat u
toentertijd en in de daaropvolgende jaren via de vestzak-
broekzakoperaties, waarbij u meer uit de vest haalde dan er in de
broekzak
aanwezig
was,
en
andere
belastingverhogingen
binnenhaalde. Mijnheer de minister van Financiën, dat gebeurde
onder de leiding van uzelf.
Ten tweede, u hebt zich ook vastgereden. De belastingverlaging werd
niet onmiddellijk doorgerekend, waardoor u de jaren nadien budgettair
een aanzienlijk bedrag moest uittrekken. Daardoor kwam er een
doorschuifoperatie. Dat zult u niet ontkennen. Dat was destijds echter
uw beleidskeuze. Misschien had u gehoopt dat de economische groei
of de inkomsten via allerlei fiscale en parafiscale mechanismen
voldoende zouden blijven. Wij bevinden ons vandaag budgettair waar
we zijn. In ieder geval, u zit met de budgettaire impact, die u niet aan
de oppositie kunt verwijten, laat staan aan het Vlaams Belang.
Ten derde, er is een nieuwe constructie. Het is weliswaar een
voorlopige regering. Niettemin had ik gedacht dat er met CD&V mee
in de regering binnen het departement Financiën of samen met uw
collega van Begroting een nieuwe wind zou waaien. Blijkbaar is dat
echter nog niet het geval.
Collega's van CD&V, de voorbije jaren hebben wij hard genoeg tegen
het mechanisme van het niet in de bedrijfsvoorheffing doorrekenen
van de belastingverlaging gestreden. Ik stel alleen vast dat er
vandaag, met een regering van liberalen, christendemocraten en PS,
blijkbaar nog twijfel over het mechanisme bestaat. Er werd nog geen
beslissing over de doorrekening van de belastingverlaging in de
bedrijfsvoorheffing genomen.
U zei daarjuist dat u op de begrotingsopmaak zal wachten. Mijnheer
de minister, vergeet niet dat de minister van Begroting vorige week
verklaarde dat er in de Kamer tegen eind februari 2008 al lang een
begroting zal zijn ingediend.
Het stuk moet nog worden gedrukt en het document nog afgewerkt,
maar een maand vóór de begrotingsopmaak hebt u, gelet op het
budgettaire kader, waarvan ik aanneem dat u er kennis van hebt, nog
altijd geen beslissing genomen over het verder doorrekenen mijns
inziens het volledig doorrekenen van de belastingverlaging in de
bedrijfsvoorheffing. Ik twijfel er zelfs aan dat het zal gebeuren. Mocht
het nog ter discussie staan, dan is dat slecht nieuws voor de modale
burger in ons land en voor de hardwerkende Vlaming in het bijzonder.
Op 7 november 2007 gaf u zelf een interview aan De Tijd. "Reynders
vraagt dat de fiscus minder belastingen inhoudt. " Dat is een mooie
titel. U bent natuurlijk niet verantwoordelijk voor de titel, maar wel voor
de inhoud. Dat was op 7 november 2007. Ik weet niet of oranje-blauw
toen al dan niet nog levensvatbaar was. Ik weet ook niet in welke
context u het zei, maar niettemin verklaarde u dat er iets moest
gebeuren. U bent ook of was toen een grote voorstander van een
versnelde
invoering
van
de
belastingverlaging
via
de
bedrijfsvoorheffing.
Bijgevolg weet ik niet wat de uitkomst zal zijn. Mijnheer de voorzitter,
in mijn hoedanigheid van oppositielid heb ik dus maar één middel,
augmentation des impôts. La
diminution des
impôts
nous
semblait
représenter
une
compensation équitable. Il s'est
cependant très vite avéré que le
ministre avis pris plus d'un côté
qu'il n'avait donné de l'autre.
Mais, le ministre s'est piégé lui-
même. La baisse des impôts n'a
pas
été
répercutée
immédiatement
et
ne
s'est
répercutée sur le budget que deux
ans plus tard. Le ministre avait
peut-être compté sur la croissance
économique ou sur d'autres
revenus.
Nous
avons
aujourd'hui
un
nouveau
gouvernement
dans
lequel on retrouve aussi le CD&V.
J'avais compté sur un vent
nouveau mais je ne le sens pas
venir. La décision concernant la
répercussion de la baisse des
impôts
dans
le
précompte
professionnel n'a manifestement
pas encore été prise. Le ministre
attend le budget de fin février. Les
tergiversations du ministre me font
craindre le pire pour l'ensemble
des citoyens en général et pour les
"Flamands
travailleurs"
plus
particulièrement.
Il est étonnant de constater qu'en
novembre dernier, le ministre a
tout à coup déclaré dans un
entretien que le fisc retenait trop
d'impôts
et
qu'il
s'est
soudainement montré partisan de
l'introduction
accélérée
d'une
baisse des impôts par le biais du
précompte professionnel.
Je n'ai pas d'autre choix que
d'encourager le gouvernement par
une motion de recommandation à
faire ce qu'il doit faire, à savoir,
répercuter intégralement la baisse
d'impôt sur les barèmes du
précompte professionnel.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
namelijk proberen om de regering, weliswaar vanuit de oppositie, tot
betere inzichten te brengen. Dat kan ik alleen maar doen door een
motie van aanbeveling in te dienen, die de regering aanspoort om
werk te maken van de onmiddellijke en volledige doorrekening van de
belastingverlaging in de schalen van de bedrijfsvoorheffing.
01.04 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, het betreft een materie die tijdens de vorige legislatuur
herhaaldelijk in de commissie aan bod kwam.
U zult zich wel herinneren dat wij toen herhaaldelijk de nadruk hebben
gelegd op de noodzaak van de aanpassing van de bedrijfsvoorheffing
aan de nieuwe belastingtarieven. CD&V stond niet alleen met dat
standpunt. Er zijn ook allerlei instanties die zich daarover
uitgesproken hebben, zoals het Rekenhof, het Arbitragehof en de
Raad van State, die gesteld hebben dat de wettelijkheid van de
toepassing van de belastingwetgeving ter discussie gesteld kon
worden door het inhouden van de bedrijfsvoorheffing, terwijl de fiscale
wetgeving aangepast was.
Ik meen, mijnheer de minister, dat u goede intenties hebt. Dat heb ik
uit uw antwoord vernomen. Voor een interim-regering is het wellicht
een moeilijke opdracht om het te realiseren, maar ik meen dat het in
elk geval een prioriteit moet zijn voor een volgende regering eindelijk
orde op zaken te stellen. Dat is iets voor een echte regering. Er komt
een echte regering, na de doorstart op 21 maart. Excuseer, op 23
maart. Op 21 maart begint de lente. 23 maart, Pasen, is de ultieme
datum voor de doorstart van een volgende regering.
Ik meen dat het een belangrijk onderdeel moet zijn voor een
toekomstige regeringsprogramma. Ik ben ervan overtuigd, mijnheer
de minister, dat u daar de nodige aandacht aan zult besteden.
01.04 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): Lors de la précédente
législature, nous avons demandé
à de nombreuses reprises que le
précompte
professionnel
soit
adapté en fonction des nouveaux
taux d'imposition. Le CD&V n'était
pas seul à soutenir ce point de
vue. Il y a également toute une
série d'instances qui se sont
prononcées à ce sujet, comme la
Cour des comptes, la Cour
constitutionnelle et le Conseil
d'État.
Le ministre est animé de bonnes
intentions. C'est sans doute une
mission
difficile
pour
un
gouvernement intérimaire, mais il
faut en tout cas qu'une telle
adaptation constitue une priorité
pour le prochain gouvernement. Je
suis convaincu que le ministre fera
le forcing dans ce dossier.
01.05 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Wil dat zeggen, collega
Devlies, dat de begroting om te lachen zal zijn? Zal dat een louter
economische begroting zijn?
01.05 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Il semble donc bel et bien
que le budget de ce gouvernement
intérimaire sera un budget pour
rire.
De voorzitter: Excuseer, collega Goyvaerts, als er niemand tussenbeide wenst te komen, ga ik over tot
lectuur van de moties.
Moties
Motions
Tot besluit van deze bespreking werden volgende moties ingediend.
En conclusion de cette discussion les motions suivantes ont été déposées.
Een motie van aanbeveling werd ingediend door mevrouw Barbara Pas en door de heer Hagen Goyvaerts
en luidt als volgt:
"De Kamer,
gehoord de interpellatie van de heer Hagen Goyvaerts
en het antwoord van de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen,
vraagt de regering
om de hervorming van de personenbelasting onmiddellijk en volledig door te rekenen in de schalen van de
bedrijfsvoorheffing."
Une motion de recommandation a été déposée par Mme Barbara Pas et par M. Hagen Goyvaerts et est
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
libellée comme suit:
"La Chambre,
ayant entendu l'interpellation de M. Hagen Goyvaerts
et la réponse du vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles,
demande au gouvernement
de répercuter immédiatement et intégralement les effets de la réforme de l'impôt des personnes physiques
sur les barèmes du précompte professionnel."
Een eenvoudige motie werd ingediend door de dames Sabien Lahaye-Battheu en Josée Lejeune en door
de heren Carl Devlies en Raf Terwingen.
Une motion pure et simple a été déposée par Mmes Sabien Lahaye-Battheu et Josée Lejeune et par
MM. Carl Devlies et Raf Terwingen.
Over de moties zal later worden gestemd. De bespreking is gesloten.
Le vote sur les motions aura lieu ultérieurement. La discussion est close.
Voorzitter: Luk Van Biesen.
Président: Luk Van Biesen.
02 Samengevoegde vragen van
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de Douane en Accijnzen en het PLDA-project" (nr. 1017)
- de heer Jan Jambon aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het herhaalde uitstel van de papierloze douane" (nr. 1054)
02 Questions jointes de
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les Douanes et Accises et le projet PLDA" (n° 1017)<br>- M. Jan Jambon au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "le report répété de la douane 'sans papiers'" (n° 1054)</b>
02.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik las in De Standaard dat het project van de
Paperless Douane en Accijnzen opnieuw vertraging heeft opgelopen.
Ik ben de tel kwijt, maar dit moet de vijfde, de zesde of misschien wel
de zevende keer zijn dat dit project wordt uitgesteld. Nu zou de
streefdatum 4 februari 2008 zijn.
Nochtans antwoordde minister Hervé Jamar op dinsdag 13 maart,
naar aanleiding van de parlementaire vragen van onze voorzitter, de
heer Van Biesen, in de commissie voor de Financiën dat
"niettegenstaande de opgelopen vertraging voor de realisatie van de
Paperless Douane en Accijnzen, de Administratie in nauwe
samenwerking met Unisys alles in het werk zal stellen om de door de
commissie vooropgestelde startdatum van 1 januari 2007 voor ECS te
behouden." Ik citeer verder: "Vanaf 1 oktober 2007 wordt SADBEL
dan stopgezet en moeten alle SADBEL-gebruikers overstappen naar
de Paperless Douane en Accijnzen."
De heer Colpin, die de leiding heeft van Douane en Accijnzen, wijt de
vertragingen aan een zekere drempelvrees, zowel bij de bedrijven als
bij heel wat douaniers. Hij verwees volgens Datanews van
14 september 2007 ook naar "de logge structuur van Financiën en
naar problemen bij softwareleverancier Unisys".
Ondertussen klagen vele ambtenaren van Douane en Accijnzen over
het systeem, de opleidingen enzovoort. Een vakbondsleider
verklaarde zelf "dat de papierloze douane gewoonweg niet werkt" en
02.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a-spirit):
Selon
"De
Standaard", le projet Douane et
Accises sans papiers (PLDA)
serait de nouveau retardé et une
nouvelle date aurait été fixée : le 4
février 2008. Le secrétaire d'État
Jamar avait pourtant répondu le
13 mars 2007 que tout serait mis
en oeuvre pour respecter la date
prévue pour le lancement de ce
projet, à savoir le 1
er
octobre 2007,
et que le système de déclaration
douanière automatique pour la
Belgique
et
le
Luxembourg
(SADBEL) serait arrêté à cette
date.
Selon M. Colpin, le patron des
Douanes et Accises, les retards
ont leur origine dans une certaine
peur
du
changement
que
ressentent les entreprises et les
douaniers. M. Colpin incrimine
aussi la structure sclérosée des
Finances et des problèmes liés au
fournisseur de logiciels Unisys.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
"dat de top van de douane toch niet ongestraft uit dit avontuur kan
komen".
Dit alles verwondert mij, gezien de eerdere verklaring van de heer
Jamar, en ook gezien de talrijke verklaringen van minister Reynders,
die steeds verklaarde dat er geen ICT-problemen zijn op zijn
departement en dat er voldoende geld voor is uitgetrokken.
Kan de minister mij het volgende meedelen?
Ten eerste, hoe is het gesteld met het Paperless Douane en
Accijnzen-project?
Ten tweede, hebben de bedrijven genoeg informatie ontvangen?
Hebben de ambtenaren de gelegenheid gehad zich voor te bereiden?
Ten derde, waarom zijn er steeds vertragingen en uitstel? Waar zit
het probleem volgens de minister?
Ten slotte, is er hier geen verantwoordelijkheid in het spel van de
leiding van de Administratie van Douane en Accijnzen?
Nombreux sont les douaniers qui
se plaignent du système.
Où en est ce dossier? Les
entreprises ont-elles été informées
suffisamment? Les fonctionnaires
ont-ils pu se préparer? Pourquoi y
a-t-il sans arrêt des retards et des
reports?
L'administrateur
des
Douanes et Accises porte-t-il en
l'occurrence
une
quelconque
responsabilité?
02.02 Jan Jambon (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, ik zal de inleiding van de heer Van der Maelen niet
herhalen, maar ik wil toch nog even zeggen dat een van de redenen
die de heer Colpin aangaf, was dat de bedrijven drempelvrees zouden
vertonen om in het systeem te stappen. Uit het bedrijfsleven hebben
wij echter vernomen dat het systeem zeer slecht werkt en dat het
getrainde mensen, mensen die een opleiding hebben gehad, een half
uur kost om één document in het systeem in te voeren. De helpdesk
zou bovendien niet op de hoogte zijn van de precieze werking van het
systeem zodat zij de mensen bij die invoering niet kunnen helpen. U
begrijpt dat daarmee de Vlaamse havens onherstelbare
concurrentieschade dreigen op te lopen.
Het is triest vast te stellen dat België door Europese richtlijnen moet
worden gedwongen om haar administratie te moderniseren en dat de
door de politiek geplaatste top van de Belgische administratie niet in
staat is deze richtlijnen met een ruime implementatieperiode na te
leven.
Mijnheer de minister, een aantal van de vragen die ik wou stellen
werd reeds door de heer Van der Maelen gesteld en ik zal zijn vragen
aldus aanvullen als volgt.
Wie is verantwoordelijk voor dit uitstel? Denkt u eraan eventueel
sancties op te leggen aan de verantwoordelijken? Ik heb ondertussen
begrepen dat het bedrijf Unisys is. Zal in het contract met het bedrijf in
boeteclausules worden voorzien die een herhaalde overschrijding van
de termijn zullen bestraffen? Welke bijkomende inspanningen plant u
om de geautomatiseerde douaneafhandeling zo snel mogelijk
operationeel te krijgen? Wat is de streefdatum voor het operationeel
worden? Hoelang zal het huidige systeem nog parallel aan het nieuwe
systeem lopen? Hebt u overlegd met de Europese autoriteiten over
dat uitstel? Als dat is gebeurd, hoe werd dat door hen onthaald?
Dreigen er eventuele sancties voor België? Als u geen overleg hebt
gepleegd, waarom niet? Is er in het nieuw systeem een procedure
opgenomen die verwittigt welke containers met de scanner moeten
02.02 Jan Jambon (CD&V - N-
VA): D'après M. Colpin, le
nouveau report de la PLDA serait
dû à une certaine appréhension
face au changement, mais d'après
les
entreprises,
le
système
fonctionne
mal et engendre
d'énormes pertes de temps, le
"helpdesk" ne sachant pas lui-
même comment le système
fonctionne. De ce fait, les ports
flamands perdent du terrain par
rapport à la concurrence. Il est
particulièrement déplorable que
nous ne nous avérions pas
capables de mettre les directives
européennes en oeuvre dans les
délais impartis.
Qui est responsable de ce report
perpétuel? Des sanctions peuvent-
elles être infligées? Quels efforts
supplémentaires
le
ministre
entend-il consentir pour faire
fonctionner le système dans les
plus brefs délais? Quelle est
aujourd'hui la nouvelle date butoir
pour l'introduction de la PLDA et
pendant combien de temps le
système SADBEL continuera-t-il à
exister
en
parallèle?
A-t-on
organisé une concertation avec les
autorités européennes et comment
ce nouveau report a-t-il été
accueilli?
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
worden bekeken? Is België aangesloten op het Export Control
System? Zo ja, sinds wanneer? Tegen welke datum zal het Belgische
paperless douanesysteem informatie kunnen uitwisselen tussen de
Belgische douanekantoren onderling en met andere Europese
douanekantoren, zoals in de Europese verordening werd opgelegd?
In 2008 wordt op Europees vlak het statuut van authorized economic
operator ingevoerd. Zal België in 2008 ook van start gaan met dit
systeem? Zo nee, waarom niet? Zo ja, tegen welke datum zou dat
operationeel zijn?
Le nouveau système lancera-t-il
un avertissement si un conteneur
doit être contrôlé au moyen du
scanner? La Belgique a-t-elle déjà
adhéré
à
l'"Export
Control
System"? Quand les bureaux de
douane
belges
pourront-ils
échanger des informations entre
eux et avec les bureaux de
douane européens? En 2008, le
statut d'"Opérateur économique
autorisé" sera introduit en Europe.
La Belgique utilisera-t-elle aussi ce
statut?
02.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, ik heb een
tiental vragen gekregen. Ik zal proberen om zo kort mogelijk te
antwoorden, al zal dat niet gemakkelijk zijn.
Mijnheer Van der Maelen, mijnheer Jambon, het PLDA-systeem is
sedert 4 juni 2007 op vrijwillige basis operationeel voor de
uitvoeraangiften en sedert 13 november 2007 voor het insturen van
invoeraangiften. Momenteel hebben reeds 118 bedrijven de overstap
gemaakt en is er een groot aantal bedrijven dat een aanvraag tot
opstarten heeft ingediend. 388 ondernemingen hebben reeds een of
meerdere aangiften met PLDA aangemaakt in productie. In totaal
hebben zij ongeveer 150.000 aangiften ingediend. Het is gestart op
vrijwillige basis.
Na overleg tussen de douane en de privésector werd besloten om
SADBEL voorlopig nog parallel aan PLDA te laten lopen.. Dat
betekent echter geenszins dat de bedrijven langer kunnen wachten
met de implementatie van PLDA. Zowel de douane als de privésector
zijn immers voorstander van een spoedige overschakeling naar
PLDA. Zij hebben zich dan ook geëngageerd om het PLDA-systeem
toe te passen op 4 februari 2008.
Nu al stellen we vast dat de testversie van PLDA steeds meer wordt
gebruikt, wat betekent dat de bedrijven zich volop aan het
voorbereiden zijn op PLDA.
Voorts dient gesteld te worden dat het gebruik van PLDA voor de
indiening van SAD-aangiften enkel verplicht is voor douane-
expediteurs. De nog manueel ingestuurde aangiften worden door de
administratie zelf ingebracht in het systeem.
De realisatie van Paperless Douane en Accijnzen is een bijzonder
complex gebeuren. Niet alleen gaat het om de elektronische
verwerking van alle douane- en accijnsaangiften, maar ook om de
automatisering van de boekhouding en de verwerking van de
berekende belastingen, voor ongeveer 8 miljard euro op jaarbasis.
Daarbij is een naadloze overschakeling een must voor de handel en
de overheid. In die omstandigheden is het dan ook aangewezen om
constructief met elkaar samen te werken.
Het bedrijf dat instaat voor de invoering is Unisys.
Het lastenboek Implementatie Paperless Douane en Accijnzen
02.03 Didier Reynders, ministre:
Le système PLDA est opérationnel
depuis le 4 juin 2007 pour les
déclarations
d'exportation
et
depuis le 13 novembre 2007 pour
les
déclarations
d'importation,
mais sur une base volontaire. Des
centaines d'entreprises ont déjà
franchi
le
pas
et
d'autres
l'envisagent.
SADBEL
va
subsister
parallèlement jusqu'au 4 février
2008 mais il est tout de même
conseillé d'effectuer la transition
vers le système PLDA le plus
rapidement
possible.
Les
entreprises
s'y
préparent
clairement car la version test est
fréquemment utilisée. L'utilisation
de l'application PLDA pour les
déclarations automatisées
est
uniquement obligatoire pour les
agents en douane.
La mise en oeuvre du système
PLDA
est
particulièrement
complexe et une transition sans
faille constitue à cet égard un
must. Les entreprises et les
pouvoirs publics ont intérêt à
collaborer
dans
un
esprit
constructif.
Unisys assure l'implémentation du
système. Le cahier des charges
inclut une clause qui prévoit qu'en
cas de réception tardive, les
conditions
usuelles
sont
applicables. Il y est en outre
stipulé que les litiges doivent dans
un premier temps être réglés à
l'amiable. Les amendes standard
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
voorziet in deel B, punt 8, in een titel "Bezwaren en geschillen", in een
clausule die slaat op de laattijdige oplevering in hoofde van de
uitvoerende partij. Die clausule verwijst naar de algemene
aannemingsvoorwaarden. Die voorwaarden zijn van toepassing op
elke overheidsopdracht, tenzij daarvan uitdrukkelijk en gemotiveerd
wordt afgeweken, wat ter zake niet is gebeurd. Het lastenboek
vermeldt wel dat de partijen in eerste instantie moeten proberen om
de gerezen geschillen in der minne te regelen. Ook zijn de
standaardboetes voor vertraging van toepassing, met name 0,07%
per dag met een maximum van 5%. Ook in de mogelijkheid tot
ontbinding is voorzien.
Door het Centrum voor Beroepsopleiding D&A werden in de loop van
2006 PLDA-opleidingen georganiseerd voor alle diensthoofden van de
administratie. Deze hebben op hun beurt en ondersteund door interne
coaches plaatselijk opleidingen georganiseerd voor hun personeel. In
het vierde kwartaal van 2007 werd er opnieuw voor dezelfde
doelgroep een tweedaagse, intensieve training georganiseerd. Daarbij
werd een specifieke opleiding verstrekt aan de ontvangers van de
hulpkantoren betreffende de comptabele PLDA-verrichtingen in het
bijzonder. Een bijkomende praktische opleiding voor 280 ambtenaren
van de hulpkantoren was gepland tussen 17 en 20 december 2007 en
7 en 11 januari 2008. Een bijkomende praktische opleiding voor het
verificatie- en controlepersoneel wordt gepland in de loop van de
maand januari 2008.
Om de bijkomende periode van twee maanden zo goed mogelijk te
benutten, heeft de administratie een actieplan opgesteld met als doel
alle douane-expediteurs klaar te hebben om te werken met PLDA. Zo
wordt gedacht aan het gebruiksvriendelijker maken van de toepassing
en aan het optimaliseren van de noodprocedure. Voorts zullen de
procedures verder worden verfijnd en zal de applicatie in gevolge het
veelvuldig testen verder worden verbeterd door het oplossen van
vastgestelde fouten. Aan de ambtenaren zal ondertussen ook een
bijkomende opleiding worden gegeven. Het is tevens voorzien om op
regelmatige basis overlegcomités met de handel en de vakbonden te
organiseren om de uiteindelijke opstart van de PLDA onder de beste
voorwaarden te laten doorgaan.
De Europese Commissie heeft België in gebreke gesteld voor de niet-
volledige toepassing van de verordening van 18 december 2003
betreffende het gebruik van de nieuwe toelichting voor het invullen
van de douaneaangifte die vanaf 1 januari 2007 moest worden
toegepast. Inderdaad, de nieuwe toelichtingen voor het invullen van
de douaneaangiften worden in België enkel toegepast voor aangiften
die anders dan met gebruikmaking van het SADBEL-systeem worden
ingediend. Het SADBEL-systeem zal slechts worden stopgezet vanaf
2 februari 2008, de ultieme datum waarop het PLDA-systeem voor het
indienen van de papierloze aangifte in België verplicht door de
douane-expediteurs zal moeten worden gebruikt.
In antwoord op deze ingebrekestelling werden de redenen door de
Belgische douane uitvoerig toegelicht. Die redenen komen in essentie
overeen met de complexiteit van de bestaande wetgeving en het
testen van de computerapplicatie in combinatie met herhaalde
ingrijpende wijzigingen van de douanereglementeringen. De
Belgische douane kon ten overstaan van de Europese Commissie
voldoende aantonen dat zijzelf al de nodige voorbereidingen had
sont applicables en cas de retard
et la possibilité d'une résiliation est
prévue.
Dans le courant de 2006, des
formations
PLDA
ont
été
organisées pour tous les chefs de
service de l'administration qui ont
à leur tour organisé des formations
au niveau local. Au cours du
quatrième trimestre de 2007, une
formation intensive de deux jours
a été organisée pour les receveurs
des succursales. Le personnel de
vérification et de contrôle suivra
également une formation ce mois-
ci.
L'instauration du PLDA a été
reportée de deux mois. Dans
l'intervalle, un plan d'action sera
mis en oeuvre pour rendre le
système
plus
convivial
et
optimaliser
les
procédures
d'urgence. La formation des
fonctionnaires
sera
encore
améliorée.
Des
concertations
seront régulièrement organisées
avec le monde industriel et les
syndicats.
La Commission européenne a mis
en demeure notre pays pour
l'application
incomplète
du
règlement. En réponse à cette
mise en demeure, les douanes ont
commenté les raisons du retard,
telles que la complexité de la
législation
et
les
tests
de
l'application
informatique.
Les
douanes
ont
ainsi
pu
suffisamment
démontrer
qu'aucune erreur ne pouvait leur
être imputée. Aucune sanction
n'est dès lors prévue.
La priorité actuelle n'est pas
d'harmoniser le système PLDA et
le système de scannage de
conteneurs.
Depuis
le
4
septembre 2007, la Belgique est
raccordée à l'"Export Control
System".
Grâce au système PLDA, tous les
bureaux
de
douane
belges
pourront
s'échanger
des
informations. À partir du 1
er
juillet
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
getroffen en haar dus geen fouten ten laste konden worden gelegd.
De Europese Commissie heeft geen voorwaarden gesteld voor de
nieuwe verlenging van het uitstel van de stopzetting van het SADBEL-
systeem. Aangezien de Europese Commissie reeds informeel werd
ingelicht en zij vooraf uitvoerig op de hoogte werd gebracht van de
moeilijke omstandigheden, worden ter zake geen sancties verwacht.
Momenteel is een geautomatiseerde procedure tussen het systeem
Scanning en PLDA niet prioritair. Het uitwisselen van gegevens
betreffende de te scannen containers is een van de functionaliteiten te
realiseren in het raam van het evolutief onderhoudscontract van
PLDA.
België is sedert 4 september 2007 aangesloten op het ECS-systeem.
Aangezien PLDA een systeem is dat ter beschikking staat van alle
Belgische douanekantoren, staat de informatie die aanwezig is in het
systeem ter beschikking van alle douanekantoren. Om de veiligheid
en de vertrouwelijkheid van bepaalde informatie te waarborgen,
werden echter afdoende veiligheidsmaatregelen ingebouwd.
De realisatie van de uitwisseling van gegevens tussen de lidstaten
onderling is vastgelegd in verordening 644/2007 van 13 april 2005 en
zal tegen 1 juli 2009 worden gerealiseerd volgens de planning die
werd opgenomen in het Multi-Annual Strategic Plan. Voor de realisatie
van het MASP werd door de Administratie der Douane en Accijnzen
een lastenboek gepubliceerd.
Ten slotte, het is juist dat de Europese reglementering met betrekking
tot de aflevering van de AEO-status van kracht wordt vanaf 1 januari
2008. Elke marktdeelnemer die een AEO-certificatie wil bekomen, kan
zijn aanvraag indienen vanaf 1 oktober 2007. Voor meer informatie
hierover volstaat het de website te raadplegen en de richtlijn daarin op
te volgen. Er dient te worden opgemerkt dat de wettelijke termijn voor
de aanvaarding en de behandeling van de aanvraag pas begint te
lopen vanaf 1 januari 2008.
Mijnheer de voorzitter, wij hebben alles gedaan om door te gaan met
PLDA, en op vraag van de douane van sommige partners, altijd met
de twee stelsels gedurende een bepaalde periode. Wij komen echter
tot een correcte toepassing vanaf februari.
Ik stel voor een bezoek te organiseren in een zeer belangrijke plaats,
bijvoorbeeld in Antwerpen, in de loop van februari of maart. Dat zal
misschien zeer nuttig zijn. De heer Colpin is bereid dat te doen met
alle leden van de commissie of zelfs met andere parlementsleden
indien nodig.
2009, les États membres de
l'Union européenne pourront faire
de même.
La réglementation européenne
relative au statut d'"Authorized
Economic Operator" entrera en
vigueur le 1
er
janvier 2008. Ceux
qui souhaitent disposer d'un tel
certificat peuvent déposer leur
demande depuis le 1
er
octobre
2007. Plus d'informations sont
disponibles sur le site internet.
Dès que le système PLDA sera
complètement opérationnel, votre
commission pourrait visiter le
service des douanes d'Anvers.
02.04 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter, heel
kort. Ik zou de minister willen vragen of hij nu plechtig durft beloven
dat op 4 februari 2008 het PLDA-project in zijn volle omvang zal
functioneren?
02.04 Dirk Van der Maelen
(sp.a-spirit): Le ministre ose-t-il
promettre solennellement que le
système fonctionnera parfaitement
le 4 février 2008?
02.05 Jan Jambon (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik dank
de minister voor het omstandige en punctuele antwoord op mijn
vragen. Dit is een van de zovele informaticaprojecten, denk ik. Niet
alleen bij de overheid, maar ook in de privésector komen we dat
continu tegen: informatici kunnen zich meestal meer permitteren dan
02.05 Jan Jambon (CD&V - N-
VA): Il s'agit d'un nouvel exemple
de ce que les entreprises
informatiques
peuvent
apparemment
se
permettre,
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
elke andere bedrijfstak en dat is hier ook weer een voorbeeld van.
U nodigt ons uit om bij douane en accijnzen te gaan zien. Dat is
natuurlijk een interessante uitnodiging. Het is, mijns inziens, minstens
even interessant om de bedrijven die met dit systeem werken eens
aan het woord te laten. Het zijn zij die eigenlijk het meest klagen over
de huidige stand van zaken met dit systeem.
contrairement aux entreprises
d'autres secteurs.
Ce serait effectivement intéressant
de rendre visite aux services de
douane d'Anvers, mais ce serait
encore plus intéressant de donner
la parole aux entreprises, car ce
sont elles qui se plaignent le plus
du système.
02.06 Minister Didier Reynders: Eerlijk gezegd, het was soms op
vraag van verschillende bedrijven. Zij vonden dat het nuttig was om
voort te werken met twee stelsels.
Wij hebben alle mogelijke pistes gevolgd, zelfs met een testperiode.
Zoals ik gezegd heb, wordt een en ander vanaf februari toegepast. Of
alle bedrijven eraan meewerken, dat weet ik niet. Hoe dan ook, is het
ook een taak van de bedrijven, niet alleen van de douane. Maar ik
meen dat het mogelijk moet zijn dat te doen. Dat is het engagement
van de mensen van Douane en Accijnzen. Ik herhaal, het zal mogelijk
zijn verificaties ter plaatse te doen met de leden van de commissie.
02.06 Didier Reynders, ministre:
C'est
à
la
demande
des
entreprises que nous travaillons
actuellement avec deux systèmes.
Le
système
PLDA
sera
intégralement mis en oeuvre à
partir de février, mais j'ignore si
toutes
les
entreprises
y
participeront.
De voorzitter: Wij zullen uw suggestie onderzoeken.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
03 Samengevoegde vragen van
- de heer Hagen Goyvaerts aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de misbruiken van de notionele interestaftrek" (nr. 1052)
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "fraude met de notionele interest" (nr. 1095)
- de heer Bert Schoofs aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de notionele interestaftrek" (nr. 1228)
03 Questions jointes de
- M. Hagen Goyvaerts au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les abus relatifs à la déduction des intérêts notionnels" (n° 1052)<br>- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la fraude en matière d'intérêts notionnels" (n° 1095)<br>- M. Bert Schoofs au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "la déduction des intérêts notionnels" (n° 1228)</b>
Collega's, de vraag van de heer Bert Schoofs nr. 1228 is op zijn
verzoek omgezet in een schriftelijke vraag.
M. Schoofs a transformé sa
question n° 1228 en question
écrite.
03.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, bij
de bespreking van uw begrotingsresultaat voor 2007 ongeveer tien
dagen geleden hebben we het nog even gehad over de notionele
intrestaftrek. We hadden het toen meer specifiek over de budgettaire
impact van die maatregel. Daar bestaat tot op heden bij wijze van
spreken toch nog enige onduidelijkheid over.
Het Vlaams Belang heeft zich destijds niet verzet tegen de invoering
van de notionele intrestaftrek, omdat de aftrek van risicokapitaal in
essentie een vrij eenvoudig mechanisme is. Wanneer we nu echter
kijken naar de uitwerking in de praktijk, dan lijkt die toepassing toch
03.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Jusqu'à présent, l'impact
budgétaire
de
la
déduction
d'intérêt notionnel n'est pas très
clair. Bien que la déduction
semblait un mécanisme très
simple, dans la pratique, elle s'est
avérée particulièrement complexe.
Il ressort d'une étude réalisée par
Unizo que les comptables, les
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
wel bijzonder ingewikkeld te zijn. U hebt bij de bespreking van het
begrotingsresultaat voor 2007 verwezen naar de studie van Unizo. Ik
heb die intussen ook gelezen en daar staat klaar en duidelijk in op
welke manier de cijferberoepen, de boekhouders, de accountants en
de fiscale kantoren, ervoor gezorgd hebben dat die maatregel enige
belangstelling heeft gewekt bij de ondernemers. Zelf hadden ze
immers waarschijnlijk de weg niet gevonden. Maar goed.
Los daarvan, via een persbericht dat al van enige tijd geleden dateert,
naar ik mij meen te herinneren van 14 december, vernamen we via
een interne nieuwsbrief van de centrale dienst Financiële Criminaliteit
van de federale politie dat er blijkbaar verschillende mogelijke
misbruiken van de notionele intrestaftrek zijn vastgesteld. De dienst
blijkt vooral alert te zijn voor kunstmatige ingrepen in het kader van
wat men de zogenaamde estate planning noemt, het beheer van
familievermogens. Ook voor kunstmatige verhoging van de eigen
vermogens in grote ondernemingen die kunstmatige ingrepen kunnen
doen in hun geconsolideerde jaarrekeningen, is er een verhoogde
waakzaamheid. De politie erkent ook dat de nieuwe wet
mogelijkheden biedt om kapitaal te lokken naar het Belgisch
bedrijfsleven. Blijkbaar moet de praktijk echter nog uitwijzen hoe de
interpretatie van bepaalde vermeldingen in de wet wordt ingevuld, dixit
de betrokken centrale dienst Financiële Criminaliteit.
Vorige week hebt u beweerd dat uw diensten tot op heden geen weet
hebben van misbruik. Tijdens de regeringsonderhandelingen hebben
wij uw gewezen collega, minister Jamar, enkele keren aan de tand
gevoeld. Hij beweerde dat er in uw administratie een studie liep die
daarover uitsluitsel zou geven. In dat algemene kader zou ik dus
weleens een beter zicht willen krijgen. Een tijdje geleden heb ik u een
aantal vragen schriftelijk bezorgd. Ik overloop ze voor de volledigheid
van het verslag.
Ten eerste, bent u op de hoogte van de vaststellingen van de centrale
dienst Financiële Criminaliteit van de federale politie? Hebt u daarover
sinds 14 december overleg gehad? Vandaag is er ongeveer een
maand verstreken. Dus ik neem aan dat er wel overleg kan geweest
zijn. Zo ja, wat zijn uw vaststellingen? Kunt u ons een inschatting
geven van de ernst van de mogelijke inbreuken? Komen de
vaststellingen van de centrale dienst Financiële Criminaliteit van de
federale politie overeen met bevindingen die er in uw departement
mogelijks zijn?
Klopt het dat de financiële sector het grootste deel van de notionele
intrestaftrek voor zijn rekening neemt? Is dat een gevolg van eerdere
afspraken van enkele grootbanken met de dienst Voorafgaande
Beslissingen, de zogenaamde rulingdienst?
Ten laatste, bent u op de hoogte van mogelijke maatregelen die door
buitenlandse fiscale diensten tegen mogelijke misbruiken van de
notionele intrestaftrek zullen worden genomen? Ik ben benieuwd naar
uw antwoord.
experts-comptables et les bureaux
fiscaux concernés ont fait en sorte
de
susciter
l'intérêt
des
entrepreneurs pour cette mesure.
Et
il
ressort
d'un
bulletin
d'information interne du service
Criminalité financière que la
déduction d'intérêt notionnel peut
déboucher sur divers abus. Ce
service est surtout vigilant aux
interventions artificielles dans le
cadre
de
la
gestion
des
patrimoines familiaux ou de
l'augmentation
artificielle
des
fonds propres dans les grandes
entreprises
par
le
biais
d'interventions sur leurs comptes
annuels consolidés. Selon ce
service, la loi contiendrait des
passages sujets à interprétation.
La semaine dernière, le ministre a
prétendu
ne
pas
avoir
connaissance de tels abus. Selon
le ministre Jamar, le SPF
Finances mènerait actuellement
une étude sur ce problème.
Le ministre est-il au courant des
constatations
du
service
Criminalité
financière?
Ces
constatations
coïncident-elles
avec les constatations du SPF
Finances? Y a-t-il eu concertation?
Le ministre peut-il nous donner
une estimation de la gravité des
infractions? Est-il vrai que la
déduction d'intérêt notionnel est
surtout utilisée dans le secteur des
finances?
S'agit-il
d'une
conséquence des arrangements
pris par les grandes banques avec
ce qu'on appelle le service de
ruling? Le ministre est-il au
courant de mesures prévues par
les services fiscaux étrangers
contre ces abus?
03.02 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter, mijn
vraag is ook gebaseerd op een artikel van 14 december uit De Tijd,
met als titel "Politie jaagt op fraude met notionele interest".
Ik zal niet herhalen wat collega Goyvaerts heeft gezegd. Ik stel wel
03.02 Dirk Van der Maelen
(sp.a-spirit): Ces derniers temps,
nous avons été alertés par divers
signaux
selon
lesquels
la
déductibilité
des
intérêts
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
enkele vragen.
Mijnheer de minister, ik heb het verslag bij van het directiecomité van
de schatkist op 8 augustus, waarin de volgende melding wordt
gemaakt, ik citeer: "Anderzijds blijkt dat in de financiële sector acties
ondernomen worden tot maximalisatie van het voordeel van de
notionele aftrek." Dat is een eerste gegeven.
Er bereiken ons nog meer signalen. Ik meen dat De Tijd en Knack
twee respectabele persorganen zijn. Ik citeer uit Knack een
investeringsdeskundige van een internationale financiële instelling:
"Het is perfect mogelijk dat er via dochterbedrijven op een fictieve
manier eigen vermogen wordt opgebouwd om te kunnen genieten van
de notionele aftrek. Dit resulteert in een geleidelijke erosie van de
vennootschapsbelasting."
Er is nog een derde signaal. De dienst CDGEFID van de politie stuurt
een nieuwsbrief rond waarin de aandacht van alle onderzoekers
gevestigd wordt op alle mogelijke misbruiken met betrekking tot de
notionele interest. Mijn eerste vraag aan u is of u ervan overtuigd blijft
dat, na drie dergelijke signalen, het helemaal niet nodig is om ons
ongerust te maken over de notionele interestaftrek en mogelijke
misbruiken daarvan.
Ten tweede, heeft de FOD Financiën overlegd met de federale politie
over mogelijke misbruiken met betrekking tot de notionele
interestaftrek?
Ten slotte, voorheen heeft minister Jamar hier beloofd dat wij begin
2008 een nota, een verslag zouden krijgen van het ministerie van
Financiën. Ik meen mij te herinneren dat de minsister, in de uitkomst
van de discussie die wij hierover vorige week hebben gehad, zich had
geëngageerd om een overzichtsnota te maken. Wanneer mogen wij
het rapport dat door minister Jamar was beloofd en het rapport dat
door u werd aangekondigd, in deze commissie verwachten, zodat wij
eindelijk eens kunnen beginnen te discussiëren op basis van een
rapportage met gegevens komende van de FOD Financiën? Tot nu
toe heeft de FOD Financiën ons op dit vlak nog geen enkel element
van informatie bezorgd.
notionnels serait l'objet d'abus. Le
premier de ces signaux, c'est
qu'on a pu lire dans un rapport du
comité de direction du Trésor daté
du 8 août que le secteur financier
fait tout ce qu'il peut pour
maximiser
l'avantage
que
présente la déductibilité des
intérêts notionnels. Le deuxième
signal nous a été adressé par les
propos tenus dans "Knack" par un
expert en investissements d'une
institution financière internationale
qui a déclaré qu'il est tout à fait
possible qu'une entreprise se
constitue fictivement un patrimoine
propre par le biais de ses filiales
afin de pouvoir bénéficier des
intérêts notionnels. Il en résulte
une érosion graduelle de l'impôt
des sociétés. Quant au troisième
signal, nous l'avons capté en
prenant connaissance du bulletin
de la police fédérale dans lequel
tous les enquêteurs sont invités à
être attentifs aux abus commis
avec les intérêts notionnels.
Le
ministre
est-il
toujours
convaincu après de tels signaux
qu'il n'y a aucun problème en la
matière? Le SPF Finances s'est-il
concerté avec la police fédérale?
Quand devrions-nous recevoir le
rapport promis par M. Jamar?
03.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, ik zal twee of
drie toelichtingen geven alvorens te antwoorden op de speficieke
vragen.
Ten eerste, wij spreken over een verlaging van de belastingen voor
alle bedrijven, zowel grote bedrijven als kmo's, al komen de kmo's op
de eerste plaats. Ik heb, eveneens in zeer respectabele kranten,
positieve reacties gelezen, bijvoorbeeld van Unizo, over de toepassing
van de maatregel tot verlaging van de belastingen voor de bedrijven
en dus ten voordele van de arbeid.
Ten tweede, het is een zeer groot succes, met steeds meer
investeringen in België tot gevolg. Ik heb dat steeds gezegd. Volgens
een recente studie, gepubliceerd in dezelfde zeer respectabele
kranten, was België, in absolute cijfers, in 2006 het vierde land ter
wereld op het vlak van investeringen, met een verdubbeling van de
investeringen. Wij gingen van meer dan 30 miljard dollar naar
72 miljard. Wij staan juist voor China en komen na de Verenigde
03.03 Didier Reynders, ministre:
La
déduction
des
intérêts
notionnels est une réduction
d'impôt qui profite surtout aux
entreprises. Cette mesure a
également
fait
l'objet
de
nombreuses réactions positives
dans les journaux. Grâce à cette
mesure, il y a beaucoup plus
d'investissements en Belgique.
Ceux-ci ont en effet plus que
doublé en 2006, et la tendance
s'est poursuivie en 2007. De plus,
nous avons constaté en 2007 une
hausse sensible des recettes de
l'impôt des sociétés. Ça, c'est la
réalité.
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
Staten, Groot-Brittannië en Frankrijk. Wij zullen proberen om nog
beter te doen. De laatste cijfers gingen in dezelfde richting. Er was
ook een zeer goed resultaat op het vlak van de investeringen in 2007.
Ten derde, wij hebben in 2007 een zeer forse verhoging gezien van
de fiscale ontvangsten voor de vennootschapsbelasting. Het is
misschien spijtig voor sommige leden, maar dat is de realiteit. Er is
geen gat in de kas. Integendeel, er is een zeer forse verhoging van de
fiscale ontvangsten. Tijdens de presentatie van de resultaten van
2007 heb ik reeds gezegd dat het over ongeveer 6,5% gaat.
Misschien is het meer, dat zal blijken uit de finale resultaten. Het
gemiddelde tussen 2000 en 2006 lag op 3,2% tot 3,3%. Soms is het
moeilijk te begrijpen dat er, hoewel er een probleem is met de
ontvangsten, er toch een verhoging is van de ontvangsten.
Ten vierde, het gaat over de maximalisering van maatregelen. Dat is
geen fraude. Er is ook een rulingdienst, die antwoord kan geven op
vele vragen. Totnogtoe is een normaal en correct gebruik van de
wetgeving geen fraude.
Al jaren ondernemen wij steeds meer om de fraude te bestrijden. Dat
betekent meer maatregelen bij het departement van Financiën, maar
ook meer maatregelen op het vlak van de samenwerking met de
politie.
Voorbereidingen, opleidingen, voorbereidende akten,
voorbereidingen bij de FOD Financiën, maar ook bij de politie, meer
opleidingen voor politieagenten, enzovoort, willen niet zeggen dat wij
een aantal indicaties van fraude hebben, maar dat wil zeggen dat wij
willen klaar zijn om de fraude te bestrijden.
Ik kom tot de concrete vragen.
Bij de directie Economische en Financiële Criminaliteit van de
federale gerechtelijke politie zijn op dit ogenblik ik heb vorige week
reeds gezegd dat men andere informatie naar mijn departement kan
sturen geen concrete fraudegevallen gekend inzake de toepassing
van de notionele intrestaftrek.
De vaststelling dat de directie Economische en Financiële Criminaliteit
van de federale gerechtelijke politie zich in het raam van haar
conceptuele missie een summier beeld wil vormen van het fiscaal
regime van de notionele intrestaftrek impliceert geenszins dat deze
dienst kennis heeft van een concreet fraudegeval, maar wel dat de
dienst een zekere waakzaamheid aan de dag legt voor potentieel
fraudegevoelige fiscale regimes en ter zake een minimum aan
knowhow wilt ontwikkelen.
Bij de directie Economische en Financiële Criminaliteit werd het plan
opgevat om in eerste instantie alleen de theoretische informatiepositie
te versterken omtrent deze problematiek, teneinde in voorkomend
geval gepast te kunnen reageren op concrete fraudegevallen. De
instrumenten om deze informatiepositie te versterken zijn onder meer
het aanleggen van gespecialiseerde vakliteratuur, het verwerven van
specifieke knowhow via het volgen van seminaries en het zelf
organiseren van een workshop. In de nieuwsbrief Atriumnieuws van
6 februari 2007 werd een korte bijdrage gewijd aan het nieuwe fiscale
regime, voornamelijk gebaseerd op literatuurstudie. Het artikel in
kwestie is trouwens zeer neutraal en geeft alleen een toelichting
omtrent de door de regering getroffen maatregelen, notionele
Par
ailleurs,
maximiser
les
mesures, ce n'est pas encore de
la fraude. Le service de "ruling"
peut répondre à de nombreuses
questions. D'année en année,
nous luttons de plus en plus
efficacement contre la fraude, tant
au sein du département Finances
qu'en collaboration avec la police.
Le fait que le SPF et la police
forment rapidement des gens à la
lutte contre la fraude ne veut pas
dire qu'il y ait tant de signes de
fraude, mais bien que nous
sommes prêts à intervenir si c'était
nécessaire.
La police judiciaire fédérale n'a
pas connaissance, pour l'instant,
de cas de fraude concrets. La
Direction criminalité économique
et financière fait preuve de
vigilance vis-à-vis des régimes
fiscaux
potentiellement
plus
sensibles à la fraude. Elle effectue
ce travail en supervisant la
déduction des intérêts notionnels
et en développant le "know-how"
nécessaire.
Le bulletin d'information du 6
février 2007 consacre un article à
la
déduction
des
intérêts
notionnels, principalement basé
sur la littérature publiée en la
matière. L'article a été écrit en
toute neutralité et se borne à
expliciter la mesure.
La police fédérale et le SPF
Finances collaborent également.
La
Direction
criminalité
économique
et
financière
a
l'intention d'organiser, avec le
Comité
anti-fraude
du
SPF
Finances un atelier d'une ampleur
limitée, pour mieux cerner la
réalité de la déduction des intérêts
notionnels et en évaluer la
sensibilité à la fraude. Cet atelier
est en préparation.
Nous
n'avons
connaissance
d'aucun mécanisme de fraude, ce
qui ne signifie pas que nous ne
sommes pas vigilants. Tout qui
pense détenir des informations
concernant des cas de fraude peut
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
intrestaftrek genoemd.
We gaan nog verder, mijnheer de voorzitter, in samenwerking met de
gerechtelijke politie, om meer en meer informatie te geven, niet alleen
wat betreft de vorming van de politieagenten, maar ook voor wat
betreft de uitwisseling van inlichtingen tussen de verschillende
diensten.
Binnen de directie Economische en Financiële Criminaliteit van de
federale gerechtelijke politie werd recent het initiatief genomen om
een beperkte workshop te organiseren, in het raam waarvan contact
werd gezocht met het antifraudecomité C.A.F. van de FOD Financiën.
De bedoeling van de workshop is, om door middel van een
interactieve denkoefening na te gaan wat precies het regime van de
notionele intrestaftrek inhoudt en vooral na te gaan in hoeverre dit
eventueel fraudegevoelig zou kunnen zijn, zowel op het vlak van
witwassen, als op het vlak van fiscale fraude. De workshop heeft
vooralsnog niet plaatsgevonden. Wij zijn in de voorbereidende fase
daarvoor.
Zoals ik reeds zei, beschikken wij niet over elementen van fraude in
dat verband, maar wij zetten onze inspanningen voort om, niet alleen
in de FOD Financiën, maar ook in samenwerking met politie en met
andere instellingen, de fraude te bestrijden. Dat was destijds een
klaar en duidelijk engagement van mezelf en van de paarse regering,
bij de goedkeuring van het nieuw stelsel door de vorige meerderheid.
Ik begrijp de verschillende reacties, maar nogmaals, elke informatie
omtrent mogelijke fraude kan steeds aan mijn departement, mijn
kabinet of aan mezelf worden bezorgd. Op dit ogenblik heb ik geen
aanwijzingen van de gerechtelijke politie in dat verband. Wij proberen
om alle maatregelen te nemen in de strijd tegen de fraude. Samen
met mijn collega, de minister van Begroting, zal ik een nota
voorleggen omtrent de effecten van de notionele aftrek. Indien het
mogelijk is om een aantal procedures te starten tegen specifieke
gevallen van fraude, zal ik deze commissie daarover informeren.
Nogmaals, mijn administratie noch de gerechtelijk politie slagen erin
aanwijzingen te vinden die wijzen op fraude. Mijnheer
Van der Maelen, u las in een nota over het maximaliseren van
wetgeving. Ik heb dat vaak gelezen in nota's, maar ik denk dat dat tot
nu toe geen fraude is. Het is niet gemakkelijk, maar in uw hoofd moet
u altijd een grens trekken tussen een verlaging van de belastingen -
waar u misschien tegen bent, maar dat is een ander verhaal - en
fraude.
Wij zullen alles in het werk stellen om de fraude te bestrijden, niet
alleen betreffende deze maatregel maar voor alle fiscale maatregelen,
zowel deze genomen door de vorige regering als door andere
regeringen in het verleden.
les
transmettre
à
mon
département. Je présenterai avec
le ministre du Budget une note sur
les effets de la déduction des
intérêts
notionnels.
Si
des
procédures sont en cours à
l'encontre de fraudes spécifiques,
je
relayerai
également
ces
informations.
03.04 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord.
Ten eerste, ik weet ook dat in de wet die wij hier hebben goedgekeurd
van de notionele intrestaftrekking in het raam van de
vennootschapsbelasting, een aantal misbruikbepalingen staan. Ik zeg
niet dat die onvoldoende zijn. Indien de "indianenverhalen," waarover
03.04 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Il est vrai que des
dispositions en matière d'abus
sont mentionnées dans la loi. Or,
plusieurs histoires à dormir debout
continuent à circuler, sans être
niées
farouchement
par
le
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
wij in de pers lezen en in de interne nota van de politie, echt
indianenverhalen zijn, snap ik niet dat u die niet stellig probeert te
ontkrachten. Dan blijft natuurlijk dat vermoeden bestaan.
Ten tweede, ik ben zeer benieuwd natuurlijk wat u nog binnen uw
diensten gaat opzetten en met welke nota u zult komen.
Het verbaast mij dat dit nu pas gebeurt. Ik bedoel: de
vennootschappen hebben hun aangifte waarschijnlijk al gedaan. Die
zijn nu in onderzoek binnen uw diensten. Ik zou verwachten dat u zich
wat vroeger gewapend had om daar mogelijk toch sneller werk van te
maken als er misbruik zou zijn geweest.
Voor de rest meen ik dat ik moet wachten op de nota die u ons
beloofd hebt, weliswaar met een fiscale impact op de begroting en het
mogelijk aanwezig zijn van misbruiken. Ik neem aan dat ik daarover
bij u nog zal moeten terugkomen op een later moment.
ministre. Entre-temps, nombre de
sociétés ont déjà introduit leur
déclaration et le ministre ne s'est
toujours pas prémuni contre les
abus.
Quand pouvons-nous attendre sa
note?
03.05 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter, dit is
de omgekeerde wereld. De minister verwacht dat parlementsleden
hem dossiers bezorgen. Mijnheer de minister, ik stel voor dat u uw
administratie eens in het Staatsblad laat kijken om alle
kapitaalsverhogingen die daarin staan aangekondigd eens grondig te
onderzoeken. Dat is een tip die ik u wil geven.
Dan uw verhaal over de verhoging van de vennootschapsbelastingen,
mijnheer de minister. Ik ben bezig met de oefening: winsten 2006 van
de bedrijven + 35%, stijging van de vennootschapsbelasting + 0,69%.
Ik herhaal: stijging van de winsten van vennootschappen: +35%,
verhoging van de vennootschapsbelasting: + 0,69%.
Nog iets. Bij de invoering van de maatregel heeft de minister
aangekondigd dat de kostprijs ervan ongeveer 500 miljoen euro zou
bedragen. Wij vragen al 6 maanden naar cijfers omdat er een gat is
inzake de voorafbetalingen. Wij vragen de cijfers en we krijgen ze niet
van de minister.
Dan zijn er twee mogelijkheden. De eerste mogelijkheid is dat de
minister een knoeier is als het erop aankomt op voorhand de kostprijs
van de maatregelen die hij voorstelt te ramen. Het zal immers geen
500 miljoen euro zijn, maar veel meer. Een tweede mogelijkheid is dat
er door de belastingplichtigen misbruik wordt gemaakt van de
maatregelen. Ik stel vast dat de minister op dit vlak niets wil doen.
Sterker nog, er was bij de stemming van de wet afgesproken dat een
gedragscode met de financiële sector zou worden afgesloten. Dit
werd door de minister aan de heer Tommelein toegezegd. Ik vraag u:
zoek die gedragscode. Die bestaat helemaal niet. De minister heeft
nagelaten om een belofte die hier in de commissie aan een lid werd
gedaan na te komen.
Als uit die cijfers blijkt dat die maatregel twee tot drie keer meer heeft
gekost dan door de minister geraamd, alleen al door het feit dat hij
heeft nagelaten om de maatregelen te nemen die door de regering
waren afgesproken, namelijk een gedragscode met de financiële
sector, schuilt hier een grote verantwoordelijkheid van de minister ter
zake.
03.05 Dirk Van der Maelen
(sp.a-spirit): Les services du
ministre doivent examiner de
manière
approfondie
les
augmentations de capital parues
au Moniteur. Les bénéfices des
sociétés ont augmenté de 35%,
tandis que les impôts qu'elles
avaient à payer n'ont augmenté
que de 0,69%.
Selon le ministre, le coût de cette
mesure s'élèverait à 500 millions
d'euros. Ce chiffre est-il toujours
d'actualité? Je suis certain qu'il
devra être fortement revu à la
hausse, soit parce que le ministre
a considérablement sous-estimé
ce coût, soit parce que les
contribuables abusent largement
de cette mesure. Qu'en est-il du
code de bonne conduite avec le
secteur
financier?
La
responsabilité du ministre est en
tout état de cause écrasante.
De voorzitter: Het is spijtig vast te stellen dat goede maatregelen telkens opnieuw in vraag worden gesteld,
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
maar dat is nu eenmaal de taak van deze commissie.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos
04 Samengevoegde vragen van
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de fiscale bemiddeling" (nr. 1027)
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de fiscale bemiddelingsdienst" (nr. 1094)
- mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de fiscale bemiddelingsdienst" (nr. 1180)
04 Questions jointes de
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "la conciliation fiscale" (n° 1027)<br>- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le service de conciliation fiscale" (n° 1094)<br>- Mme Sabien Lahaye-Battheu au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le service de conciliation fiscale" (n° 1180)</b>
De samengevoegde vraag nr. 1094 van de heer Van der Maelen is
omgezet in een schriftelijke vraag.
La question n° 1094 de M. Van der
Maelen
est
transformée
en
question écrite sur sa demande.
04.01 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, de regeling van de fiscale bemiddeling is in voege
getreden op 1 november 2007. Vanaf dat moment konden
verzoekschriften worden ingediend bij het callcenter. Dat kon
gebeuren per brief, per e-mail of per fax. Een bericht van
ontvankelijkheid zou aan de indieners worden toegezonden binnen de
veertien dagen.
Hoeveel verzoekschriften tot fiscale bemiddeling werden er op het
callcenter
reeds
ingediend
tussen
1 november 2007
en
31 december 2007?
Mijn tweede vraag heeft betrekking op de vroegere procedure van de
behandeling van bezwaarschriften, die gebeurde via het elektronische
systeem van de Workflow Geschillen. Wat was de kostprijs van het
systeem en het elektronische beheer van de Workflow Geschillen?
Wat is de evolutie van het aantal ingediende en afgehandelde
bezwaarschriften inzake directe belastingen sinds de inwerkingtreding
van de Workflow Geschillen?
04.01 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): La conciliation fiscale est
entrée en vigueur le 1
er
novembre
2007. Depuis cette date, des
demandes de conciliation peuvent
être introduites auprès d'un centre
d'appel par courrier, par mail ou
par fax. Les demandeurs devraient
recevoir un avis de recevabilité
dans les deux semaines.
Combien
de
demandes
de
conciliation ont été introduites
entre le 1
er
novembre 2007 et le
31 décembre 2007? Quel était le
coût lié à l'ancienne procédure de
traitement des réclamations, à
savoir le système électronique de
Workflow Contentieux? Quelle a
été l'évolution du nombre de
réclamations introduites et traitées
depuis l'entrée en vigueur du
nouveau système?
04.02 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, mijn vraag is volledig gelijklopend.
Bijkomende vragen van mij gaan over de organisatie van de dienst.
Uit hoeveel leden bestaat de dienst? Is de fiscale bemiddelingsdienst
centraal of lokaal georganiseerd?
Hoe gaat men concreet te werk? Op welke manier kan de
belastingplichtige zich wenden tot de dienst om een beroep te doen
op die bemiddeling?
04.02 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Je fais également
miennes
les
questions
précédentes mais je voudrais
encore poser quelques questions
supplémentaires. Quel est l'effectif
de ce service? La conciliation
fiscale est-elle organisée au
niveau central ou local? Par quelle
voie
le
contribuable
peut-il
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
De volgende vraag werd ook al gesteld door mijn collega. In hoeveel
dossiers werd de dienst tot op vandaag al gecontacteerd?
s'adresser
au
service
de
conciliation? Dans combien de
dossiers ce service a-t-il été
contacté à ce jour?
04.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Devlies, mevrouw Lahaye-Battheu, voorafgaandelijk herhaal ik het
volgende. Artikel 116, §5, van de wet houdende diverse bepalingen
van 25 april 2007 bepaalt dat de Koning bij een in Ministerraad
overlegd besluit de fiscale bemiddelingsdienst opricht en, na advies
van het directiecomité, de bestuurders van voornoemde dienst
benoemt. De dienst werd opgericht bij koninklijk besluit van
9 mei 2007, dat tevens de datum vaststelde vanaf wanneer de
aanvragen tot bemiddeling aan de dienst kunnen worden bezorgd,
namelijk 1 november 2007. De beschrijving van de functie en van het
competentieprofiel van de leden van het college van de fiscale
bemiddelingsdienst werd als bijlage bij het voormelde koninklijk
besluit van 9 mei 2007 gevoegd.
De oproep tot kandidaatstelling voor de mandaten van leden van het
college werd in het Belgisch Staatsblad van 14 juni 2007
gepubliceerd. De kandidaturen moesten binnen de tien dagen bij de
voorzitter van het directiecomité van de FOD Financiën worden
ingediend.
De verlengde periode van lopende zaken heeft een invloed gehad op
het proces tot aanstelling van de leden van het college.
Aangezien de burger sinds 1 november 2007 aanvragen tot
bemiddeling kan versturen, werd een tijdelijke oplossing uitgedacht.
De burger kan zijn aanvraag tot bemiddeling naar een klassiek of
elektronisch adres, alsook per fax versturen. De aanvragen worden
dan in eerste instantie behandeld door het personeel van het
callcenter, dat binnen de vijf werkdagen vanaf de ontvangst van de
aanvraag de ontvangstmelding verstuurt. Vier ambtenaren twee
Franstalige en twee Nederlandstalige van de dienst van de AFZ
werden aangesteld om over de ontvankelijkheid van de aanvraag te
oordelen en de aanvragers binnen de vijftien werkdagen vanaf de
ontvangst van de aanvraag tot bemiddeling op de hoogte te brengen
van de beslissing om de aanvraag al dan niet te behandelen. Zij
ondertekenen hun bericht persoonlijk.
In het kader van de tijdelijke oplossing moeten de aanvragen tot
bemiddeling per brief aan het contactcenter van de FOD Financiën,
per e-mail of per fax naar een centraal punt worden verstuurd. Na de
overgangsperiode zal het ook mogelijk zijn een mondelinge aanvraag
tot bemiddeling in te dienen tijdens de permanente dienstverlening,
die de dienst organiseert.
Nu de voorlopige regering werd aangesteld, zullen de leden van het
college kunnen worden benoemd. Wij zullen dat dus in de komende
dagen en weken doen.
Tot op heden hebben wij 43 dossiers ontvangen, waarvan 38
effectieve aanvragen tot bemiddeling en 5 vragen om inlichtingen.
Gelet op de progressieve invoering van het systeem workflow
geschillen en het bestaan van oude geschillen, kunnen slechts
04.03 Didier Reynders, ministre:
L'article 116 § 5 de la loi du 25
avril 2007 portant des dispositions
diverses prévoit que le Roi crée le
service de conciliation fiscale et en
nomme les dirigeants. Ce service
a été mis sur pied par l'arrêté royal
du 9 mai 2007, qui disposait que
les demandes de conciliation
pouvaient être introduites à partir
du 1
er
novembre 2007.
La description de la fonction et du
profil
de
compétences
des
membres du Collège du service de
conciliation était annexée à cet
arrêté royal. L'appel aux candidats
a été publié au Moniteur belge du
14 juin 2007. La période prolongée
d'affaires courantes a influé sur le
processus de désignation des
membres du collège.
C'est la raison pour laquelle une
solution provisoire a été imaginée.
Le citoyen peut envoyer sa
demande à une adresse classique
ou électronique ou encore par fax.
Les demandes sont traitées par le
personnel du "call center", qui
envoie un accusé de réception
dans les cinq jours ouvrables.
Quatre fonctionnaires du service
de l'Administration de la Fiscalité
jugent de la recevabilité de la
demande
et
informent
les
demandeurs dans les quinze jours
ouvrables de la suite réservée à
leur dossier. À l'issue de la période
transitoire, le citoyen pourra
également
introduire
une
demande orale de conciliation
auprès du service.
Le
gouvernement
provisoire
procédera à la désignation des
membres du collège dans les
jours ou les semaines à venir.
Nous avons à ce jour reçu 43
dossiers, dont 38 demandes
effectives de conciliation et 5
demandes de renseignements.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
algemene cijfers worden gegeven en geen cijfers die uitsluitend op
het systeem workflow geschillen betrekking hebben. Bijgevolg is het
niet mogelijk om op de vraag van de heer Devlies te antwoorden.
Zodra de diensten evenwel in 2008 zullen zijn geïntegreerd en de
bezwaarschriften die vóór de inproductiestelling van de workflow
werden ingediend en die op 31 december 2007 tussen 1 november
en 31 december 2007 hebben wij dertig aanvragen ontvangen nog
openstonden, in het systeem zullen zijn opgenomen, zal de
administratie in staat zijn betrouwbare statistieken over het verloop
van de behandelde zaken op te stellen.
Ik heb het al gedurende de vorige legislatuur gezegd: wij proberen te
starten met een nieuw stelsel, maar kunnen niet onmiddellijk
statistieken opmaken. Ik ken de reactie van de heer Devlies: voor elke
nieuwe maatregel moeten we onmiddellijk, na twee dagen, twee
weken, twee maanden, statistieken kunnen voorleggen. U moet
begrijpen dat we eerst proberen te starten met een nieuw stelsel.
Daarna zullen we veel statistieken krijgen in dat verband.
Ik wil ten slotte benadrukken dat de toepassing Workflow Geschillen
niet beperkt is tot de opvolging van het beheer van administratieve
geschillen, maar ook bestemd is om de gerechtelijke geschillen
inzake inkomstenbelastingen en de daarmee gelijkgestelde
belastingen, alsook inzake btw te beheren. Kostprijs van het
workflowsysteem en de beheerskosten: 6.105.401,31 euro, btw
inbegrepen, mijnheer Devlies. Hierin zijn ook inbegrepen de
verhuiskosten van de Financietoren naar het complex North Galaxy,
alsook de kosten voor het opleidingssysteem.
Om compleet te zijn, mijnheer de voorzitter: als er fraude kan worden
gepleegd, zullen we er iets aan doen, net zoals voor andere
initiatieven. Vooralsnog heb ik nog geen statistieken wat fraude
betreft, spijtig genoeg.
Compte tenu de la mise en oeuvre
progressive du système Workflow
Contentieux et de l'existence
d'anciens litiges, je ne puis que
fournir des chiffres généraux. Je
ne peux dès lors répondre à la
question de M. Devlies. Dès que
les services auront été intégrés en
2008 et que les réclamations en
suspens auront été introduites
dans le système, l'administration
sera en mesure d'établir des
statistiques fiables.
En ce qui concerne les demandes
introduites après le 31 décembre
2007, l'administration sera en
mesure d'élaborer des statistiques
fiables. La priorité est actuellement
accordée
au
démarrage
du
nouveau
système.
Ce
n'est
qu'ultérieurement
que
nous
pourrons
nous
atteler
à
l'élaboration
de
nouvelles
statistiques.
Je
sais
que
M. Devlies préférerait le contraire.
Je souligne que le système
Workflow Contentieux assure non
seulement le suivi des différends
administratifs mais aussi des
différends judiciaires en matière
d'impôts sur les revenus et
d'impôts y assimilés et en matière
de TVA. Le coût s'élève à 6,1
millions d'euros. Ce montant
comprend également les frais de
déménagement de la Tour des
Finances au complexe North
Galaxy et les frais de formation.
Je ne dispose malheureusement
pas encore de statistiques en
matière de fraude.
04.04 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Ik heb met aandacht het
antwoord van de minister beluisterd. Ik stel vast dat het aantal
verzoekschriften tot fiscale bemiddeling dat vanaf 1 november werd
ingediend, toch wel aan de lage kant ligt. 38 verzoekschriften, dat is
wel erg laag. Ik stel dat alleen maar vast.
Met betrekking tot de ingediende en afgehandelde bezwaarschriften
kan de minister geen cijfers geven. Hij spreekt onmiddellijk over
uitgewerkte statistieken enzovoort, maar ik heb gewoon de evolutie
gevraagd van de ingediende en afgehandelde bezwaarschriften, zodat
ik een idee krijg van de efficiëntie van de werking van de dienst. Ik
denk dat het geen overbodige vraag is, maar ik heb geen
gedetailleerde statistieken gevraagd aan de minister, zoals hij
04.04 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): 38 requêtes seulement ont
été introduites, ce qui est malgré
tout très peu.
Le ministre n'est pas en mesure
de fournir des chiffres sur le
nombre
de
réclamations
introduites et traitées. J'aimerais
voir l'évolution de ce nombre pour
pouvoir juger de l'efficacité de ce
service. Je suis curieux de
connaître le coût des mesures et
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
probeert te suggereren.
Wat mij altijd interesseert, is de kostprijs van bepaalde maatregelen
en de resultaten van die maatregelen. Ik denk dat het altijd van
belang is om maatregelen te evalueren aan de hand van de afweging
tussen de operationele resultaten en de kostprijs. Ik denk dat dat
normaal is.
Wat de derde vraag betreft, ik heb er nota van genomen dat de
kostprijs van het systeem van elektronisch beheer Workflow
Geschillen zes miljoen euro bedraagt.
les résultats qu'elles ont produits.
J'estime
qu'il s'agit-là d'une
demande pertinente.
04.05 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, ik
heb geen repliek.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Questions jointes de
- M. Jean-Luc Crucke au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'harmonisation fiscale Wallonie-France vis-à-vis de la Flandre" (n° 1149)<br>- Mme Sabien Lahaye-Battheu au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la signature du projet d'avenant à la convention franco-belge du 10 mars 1964
tendant à éviter la double imposition" (n° 1181)</b>
05 Samengevoegde vragen van
- de heer Jean-Luc Crucke aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de fiscale harmonisering Wallonië-Frankrijk ten opzichte van Vlaanderen"
(nr. 1149)
- mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de ondertekening van het ontwerp van avenant bij het Belgisch-
Frans dubbelbelastingverdrag van 10 maart 1964" (nr. 1181)
05.01 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, ik
dank u dat ik mijn twee vragen na elkaar mag stellen.
Mijnheer de minister, mijn vraag is opgesteld in december 2007. Zij is
voor een stuk al beantwoord in de plenaire vergadering, zo heb ik
gelezen, in antwoord op een mondelinge vraag van collega Roel
Deseyn. Toch wil ik u vandaag bijkomend het volgende vragen.
U hebt vorige week gezegd dat het avenant intussen door u is
ondertekend in de maand december 2007. Dat avenant heeft als
gevolg dat grensarbeiders die in België wonen en in Frankrijk werken,
hun belastingen zullen betalen in Frankrijk vanaf 1 januari 2007,
retroactief dus. Voor de Fransen die in België komen werken is er een
overgangsperiode van 25 jaar, belastbaar in Frankrijk, op voorwaarde
natuurlijk dat zij binnen de grensregio werken.
Een groot probleem is er in hoofde van de Belgische ondernemingen
omdat zij slechts tot eind 2008 de mogelijkheid hebben om nieuwe
Franse grensarbeiders aan te werven. Vanaf 2009 zouden zij geen
nieuwe Franse grensarbeiders meer kunnen aanwerven.
In de maand maart antwoordde u mij op een vraag in plenaire
vergadering dat u de bedrijven en de sociale partners zou ontmoeten
en dat u de commissie zou vatten inzake dat thema. Dat is evenwel
niet gebeurd. De vraag van de werkgevers was en is concreet dat
weet u zeer goed hun ook een overbruggingsperiode te geven van
05.01 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): En décembre 2007, le
ministre a signé l'avenant à la
convention de 1964 préventive de
la double imposition signée entre
la Belgique et la france. Les
travailleurs frontaliers qui habitent
en Belgique et qui travaillent en
France devront dorénavant payer
leurs impôts en France avec effet
rétroactif au 1
er
janvier 2007. Une
période transitoire de 25 ans est
prévue pour les Français qui
travaillent en Belgique, à condition
qu'ils travaillent dans la région
frontalière. Après le 31 décembre
2008, les entreprises belges ne
pourront
plus
engager
de
travailleurs frontaliers français. Les
employeurs
belges
espèrent
toutefois que cette mesure sera
assortie d'une période transitoire
de dix ans.
Où en est ce dossier aujourd'hui?
Le ministre a-t-il connaissance des
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
10 jaar, vanaf 1 januari 2009, met andere woorden door het inbouwen
van een contingent aan Noord-Franse arbeiders voor Belgische
bedrijven.
Als er een overbruggingsperiode is voor de werknemers moet er ook
een zijn voor de werkgevers. Dat is de redenering.
Vorige week zei u dat het avenant door u werd ondertekend en dat u
met uw collega, de minister van Begroting, voort zou werken aan het
avenant. Waar zit het dossier op dit ogenblik? Is het nog bij u of is het
inmiddels op het kabinet van de minister van Begroting? Hebt u oor
naar de overgangsmaatregelen die zijn gevraagd door de werkgevers
en de sociale partners? Waarom is daaraan dan nog niets gebeurd?
Werden de voorstellen met de sociale partners al besproken met
Frankrijk? Is er een mogelijkheid om tegemoet te komen aan de
voorwaarden? Wat is uw antwoord aan de bedrijfswereld en de
betrokken werknemers als zij stellen dat het van primordiaal belang is
de mobiliteit van werkkrachten vanuit Frankrijk te waarborgen zolang
er geen grotere mobiliteit is vanuit Wallonië naar Vlaanderen?
aspirations des employeurs? Des
discussions ont-elles déjà été
menées à ce sujet avec la
France? Que pense le ministre de
l'observation des employeurs sur
la nécessité de garantir la mobilité
des travailleurs français vers notre
pays tant que le flux de travailleurs
de la Wallonie vers la Flandre ne
sera pas plus important?
05.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mevrouw
Lahaye-Battheu, ik heb donderdag een antwoord gegeven. U vraagt
of er een evolutie is sinds donderdag. Welnu, tussen de plenaire
vergadering van vorige week donderdag en de commissievergadering
van vandaag, woensdag, hebben we een aantal zaken gedaan, maar
- en dat is toch normaal - niet alles.
Eerst en vooral, we hadden veel verdragen met andere landen. Het
was geregeld met Duitsland, Nederland en Luxemburg, gedurende de
vorige legislatuur, zonder enig probleem, zelfs met veel problemen
van grensarbeiders, maar met een aantal mogelijke maatregelen. Het
is dus niets nieuw. Sinds vele jaren misschien twintig jaar hebben
we besprekingen met Frankrijk over dergelijk statuut. Het is dus geen
nieuwe maatregel, ook niet voor de bedrijven. Het was sinds vele
jaren aangekondigd dat het nuttig zou zijn om naar een correcte
toepassing van de OESO-regels te gaan en een einde te stellen aan
het statuut van grensarbeider. We zitten al sinds vele jaren,
gedurende de onderhandelingen tussen Frankrijk en België, in een
transitieperiode.
Ten tweede, ik heb vele contacten gehad met de sociale partners, ook
in de streek. Ik heb zelf verschillende bezoeken afgelegd. U was
daarbij aanwezig, denk ik. Ik heb een aantal contacten gehad met de
bedrijven, met VOKA, met het VBO en met vele anderen, maar ook
met de vakbonden, in verschillende streken van het land.
Sinds donderdag hebben we contact met de Groep van Tien.
Vandaag nog, net voor het begin van de commissievergadering. We
zullen contacten organiseren met de twee gewestelijke ministers voor
Tewerkstelling en Arbeid. Wij moeten in België naar meer mobiliteit
gaan, niet alleen van Wallonië naar Vlaanderen, maar misschien ook
van sommige provincies naar andere provincies. Er zijn verschillende
werkloosheidspercentages in de verschillende provincies, soms zelfs
in de verschillende steden en gemeenten. We moeten meer mobiliteit
krijgen. We zullen dat proberen te bewerkstelligen.
Het is misschien ook nuttig om naar een verlaging van de lasten op
arbeid te gaan, waardoor men niet altijd zo'n verschil zal zien tussen
05.02 Didier Reynders, ministre:
Jeudi dernier, j'ai répondu à une
question similaire de M. Deseyn,
en séance plénière.
Cela fait déjà vingt ans que des
négociations sont en cours entre
la
Belgique
et
la
France
concernant le statut fiscal des
travailleurs frontaliers et cela avait
aussi été le cas avec les autres
pays limitrophes. Pendant toutes
ces années, nous étions en fait
dans une période de transition.
J'ai eu de nombreux contacts avec
les
parties
concernées,
les
employeurs et les syndicats. La
semaine passée, des entretiens
ont eu lieu au niveau du Groupe
des Dix. D'autres contacts auront
encore lieu avec les ministres
régionaux
compétents
pour
faciliter la mobilité interne, non
seulement entre les Régions, mais
aussi
entre
les
différentes
provinces, où l'on constate aussi
souvent
des
taux
d'emploi
divergents.
Sans
doute
conviendrait-il
d'évoluer vers une réduction des
charges pour que celles-ci ne
diffèrent plus trop d'un pays voisin
à l'autre.
En fait, il est déjà question d'une
période transitoire jusqu'au 31
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
de lasten in België en, bijvoorbeeld, in Frankrijk. Het is misschien
nuttig om meer te doen in dat verband.
Wat de transitie betreft, hebben we voor alle bedrijven al in een
transitieperiode voorzien tot en met eind december 2008 voor de
aanwerving van nieuwe grensarbeiders. Ik heb altijd gezegd dat zo'n
statuut van grensarbeider in Europa, zeker tussen België en Frankrijk,
toch vreemd is. Het is een element uit de geschiedenis, maar in de
Europese Unie is het toch vreemd om een specifiek statuut te hebben
voor de grensarbeiders.
Wij willen tot eind 2008 voortgaan met nieuwe aanwervingen en dan
een transitieperiode van 25 jaar instellen dus niet van vijf of tien jaar
voor de verschillende grensarbeiders.
Dus zullen wij, samen met mijn collega van Begroting, zien of het
mogelijk is aanpassingen te doen, maar met een overgangsregeling
om tot het einde van het stelsel te komen.
Ik herhaal dat ik al veel contacten heb gehad met de sociale partners.
Juist voor deze commissie hadden wij nog contact met een groep van
tien. Wij zullen, samen met mijn collega van Tewerkstelling en Arbeid
op het federale vlak, de heer Piette, een overleg organiseren met de
twee gewestelijke ministers om verder te gaan met een betere
mobiliteit tussen de verschillende Gewesten en de verschillende
provincies in België.
Het is toch niet normaal in dat in onze begroting enerzijds een
financiering voor werkloosheidsuitkeringen wordt voorzien en
anderzijds een subsidiëring van grensarbeiders uit Frankrijk. Wij
proberen tot een overgangsregeling te komen. Ik zal mijn best doen
om tot een betere overgangsregeling te komen, zoals u hebt
gevraagd, maar zeker geen overgangsregeling van tien jaar voor
nieuwe aanwervingen. Tien jaar met zo'n stelsel is geen
overgangsregeling.
décembre 2008. Le statut de
travailleur
transfrontalier
appartiendra bientôt au passé, de
sorte que la pertinence d'un statut
spécifique
décroît.
Si
une
réglementation
transitoire
est
adoptée, elle ne sera certainement
pas d'application pendant dix ans,
comme le demandent certains.
De voorzitter: Mevrouw Lahaye-Battheu, voor u uw repliek geeft, wens ik erop te wijzen dat blijkbaar de
vragen van punten 10 en 11 van de agenda over hetzelfde onderwerp gingen, hoewel de titel niet duidelijk
is.
Monsieur Crucke, vous aviez également une question au sujet de l'harmonisation fiscale Wallonie-France
vis-à-vis de la Flandre. Avez-vous d'autres questions à poser au ministre sur le même sujet?
05.03 Jean-Luc Crucke (MR): Oui, monsieur le président, car ma
réflexion et Mme Lahaye le sait dès lors qu'il s'agit là d'un sujet sur
lequel nous avons des points de vue divergents part d'un propos
tenu très récemment par le ministre-président wallon. En effet, en
évoquant le sujet, il pousse les travailleurs wallons à aller trouver de
l'emploi en Flandre là où il existe, plus particulièrement les Wallons
picards du Hainaut occidental.
Les statistiques prouvent qu'en Flandre, entre 2006 et 2012, 200.000
emplois seront disponibles. Selon les mêmes statistiques, la Flandre
ne pourra fournir de la main-d'oeuvre que pour 75.000 postes. Il
faudra donc chercher ailleurs. Et ailleurs, c'est entre autres en
Wallonie. Et le ministre-président wallon de pointer le gouvernement
fédéral du doigt en prétextant la nécessité d'une harmonisation fiscale
sous peine de voir les travailleurs non pas transfrontaliers mais
05.03 Jean-Luc Crucke (MR):
De Waalse minister-president zet
Waalse
werknemers,
meer
bepaald zij die in het westen van
de provincie Henegouwen wonen,
ertoe aan werk te zoeken waar het
voorhanden is, met name in
Vlaanderen. Daar kunnen tussen
2006 en 2012 slechts 75.000 van
de 200.000 nieuwe banen worden
ingevuld. De minister-president
steekt een beschuldigende vinger
uit naar de federale regering en
beweert dat het belastingstelsel
voor de Waalse werknemers moet
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
surtout français bénéficier de l'avantage. Si je pousse plus loin la
réflexion, cela pourrait signifier aussi régionaliser fiscalement la
matière. Je ne suis pas certain que le ministre-président ait poussé la
réflexion jusque-là, mais il suffirait de peu pour en arriver à cette
conclusion.
Que dit le ministre-président wallon? Que le régime fiscal du
travailleur belge devrait être aligné sur celui du travailleur français!
Cette harmonisation fiscale peut-elle et doit-elle se faire?
Contrairement aux propos tenus par M. Deseyn la semaine dernière
en séance plénière, je pense beaucoup de bien l'avenant. Je ne peux
comprendre que l'on incite les Wallons à travailler davantage et
surtout à retrouver de l'emploi et que, simultanément, on nous dise
qu'en raison du différentiel fiscal, ils sont empêchés de le faire.
Certes, il y a d'autres raisons: formation insuffisante, effort
d'apprentissage des langues insuffisant, etc. Mais, monsieur le
ministre, cet avenant du 13 décembre 2007 n'est-il pas de nature à
supprimer ce différentiel fiscal tel qu'il est parfois invoqué?
worden gelijkgeschakeld met het
gunstiger stelsel dat de Franse
werknemers genieten.
Kan
en
moet
die
fiscale
harmonisatie
plaatsvinden?
Volstaat het avenant van 13
december 2007, dat ik erg positief
acht,
niet
om
die
belastingongelijkheid
weg
te
werken?
05.04 Didier Reynders, ministre: Monsieur Crucke, il faut dissiper
tout malentendu. J'ai d'ailleurs parlé avec divers membres du
gouvernement, y compris certains qui sont très proches de la Région,
et je puis vous assurer qu'il n'y a pas de doute quant à la nécessité de
mettre fin à ce système. Les questions qui se posent sont relatives
aux dispositifs de transition. Celles-ci portent sur des mesures qui
sont déjà dans l'avenant, mais aussi sur d'autres dont l'objectif est
d'obtenir une mobilité plus grande dans le pays.
En ce qui concerne l'harmonisation fiscale, je ne peux pas imaginer
que le propos consistait à envisager une fiscalité différenciée sur le
plan régional, relativement à l'impôt des personnes physiques. Sinon,
il faudra que je réunisse les collègues dans un autre cadre pour
comprendre l'évolution de la pensée. Cela ne peut donc se passer
qu'à l'échelon fédéral.
Je me réjouis que le ministre-président plaide en faveur d'une
nouvelle phase de la réforme fiscale en ce qui concerne l'impôt sur le
travail, car c'est là que se situe le différentiel. En effet, le salaire net
pour un brut équivalent est plus élevé en France qu'en Belgique. La
solution consiste évidemment à réduire encore la fiscalité sur les
revenus du travail, en particulier pour les revenus faibles et moyens.
Si, dans les semaines futures, je reçois un soutien actif de la Région
wallonne en ce sens, cela pourra peut-être faciliter le débat politique.
Il s'agit notamment de créer un différentiel avec les allocations
sociales. Car l'une des difficultés est d'inciter des personnes à aller
travailler à une certaine distance de leur domicile. Or quand on se
décide à travailler, cela implique des frais de transport, voire des frais
de formation. Il est évident que ces dépenses constituent un
désavantage par rapport aux bénéficiaires des allocations sociales.
Donc, si nous voulons que le salaire net soit plus élevé, il faut prendre
des mesures.
Des dispositions peuvent être prises en ce domaine tant à l'échelon
fédéral qu'à l'échelon régional. Il est possible de diminuer l'impôt sur
le travail et de mieux intégrer toute une série de frais que les
personnes se rendant au travail doivent supporter. Même sur le plan
régional, je ne comprends pas bien certaines disparités. En Flandre,
05.04 Minister Didier Reynders:
Niemand twijfelt aan de noodzaak
om dit systeem af te schaffen. De
vragen
slaan
op
de
overgangsmaatregelen. Sommige
maatregelen zijn reeds in het
avenant
opgenomen,
andere
moeten nog beter over het land
verspreid worden.
Ik kan me niet indenken dat het de
bedoeling was om met betrekking
tot
de
personenbelasting
te
denken aan een verschillende
belasting naargelang van de
Gewesten. Ik verheug me dan ook
dat de minister-president pleit voor
een
nieuwe
fase
in
de
belastinghervorming,
meer
bepaald van de belasting op
arbeid, want daar ligt de oplossing.
Het probleem is ontstaan doordat
het nettoloon in Frankrijk hoger is
voor hetzelfde brutoloon.
Het is de bedoeling om een
verschil te creëren ten opzichte
van de sociale uitkeringen, op
federaal en op gewestelijk niveau,
door de belasting op arbeid te
verminderen of door bepaalde aan
een beroepsactiviteit verbonden
inherente kosten in rekening te
brengen. Zelfs op gewestelijk vlak
zijn er verschillen die ik niet goed
begrijp: in Vlaanderen betaalt men
geen nieuwe registratierechten
wanneer men om professionele
redenen moet verhuizen. Het is
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
où il existe aussi des problèmes de mobilité, la portabilité des droits
d'enregistrement a été prévue en cas de déménagement. Ainsi,
quand on achète une nouvelle maison pour des raisons
professionnelles, on ne doit pas repayer les droits d'enregistrement
sur la part du prix correspondant à la nouvelle habitation. Ce n'est pas
le cas en Région wallonne. Voilà un frein incontestable au
déplacement. Or ce genre de cas doit être envisagé, de sorte que
quelqu'un qui déménage pour des motifs professionnels ne doive pas
de nouveau payer des droits d'enregistrement. Cela a été instauré en
Flandre, mais pas encore en Wallonie et c'est dommage.
Bien entendu, je suis prêt à voir avec les gouvernements régionaux si
des mesures peuvent être prises en ce sens, soit sur le plan régional
soit au niveau fédéral.
jammer dat dit niet het geval is in
Wallonië.
Ik ben bereid om samen met de
gewestregeringen te onderzoeken
of maatregelen in die richting
genomen kunnen worden.
05.05 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de minister, ik
dank u voor uw antwoorden en uw bijkomende overwegingen. Ik
betwist inderdaad niet, en velen met mij, dat we het statuut van
grensarbeid moeten afschaffen.
Het probleem van de transitie is echter niet alleen een probleem voor
de werknemers. De bedrijven moeten toch ook een mogelijkheid van
transitie hebben. U zegt dat de bedrijven nog tot eind dit jaar Fransen
kunnen aanwerven, maar dan repliceer ik dat dat niet lang genoeg is.
Het is nu al januari.
Dat er, gelijklopend daarmee, zowel federale als regionale
maatregelen moeten komen om de mobiliteit binnen België te
verhogen, daarmee ga ik volledig akkoord. Dat is allemaal mooi. Maar
dat zullen we niet kunnen realiseren tegen eind dit jaar.
Dus, alstublieft, draai de kraan van die natuurlijke stroom Fransen niet
dicht. Wanneer ik namelijk kijk naar cijfers van aanwervingen door
West-Vlaamse bedrijven in het voorbije jaar, dan zie ik dat er tot 60%
Fransen werden aangeworven. Het gaat dan niet over grensarbeiders
die al in het systeem zitten, maar over nieuwe arbeiders om het bedrijf
te kunnen laten draaien.
Mijn pleidooi is dus een om te overleggen met de sociale partners en
de werkgevers. U zegt wel dat u contact hebt gehad, wat klopt, maar
er heeft geen overleg plaatsgevonden. Ik gebruik de informatie die ik
heb.
05.05 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Pas plus que le
ministre, je ne conteste que nous
devrions mettre fin au statut de
travailleur frontalier. Mais je
demande
solennellement
au
ministre de prêter attention aux
attentes des entreprises belges
qui espèrent ne pas être privées
trop vite des services des
travailleurs français. L'an passé,
en effet, les entreprises de Flandre
occidentale ont embauché pas
moins de 60% de salariés d'outre-
Quiévrain. Et il s'agissait de
nouvelles recrues et non de
travailleurs occupés chez nous
depuis plusieurs années. Le
ministre a déjà eu des contacts
avec les entreprises concernées
mais il n'y a pas encore eu de
véritable concertation entre eux.
05.06 Minister Didier Reynders: (...) Ik wil best overleggen, zonder
dat het betekent dat ik akkoord ga met alle punten.
05.06 Didier Reynders, ministre:
Je veux bien participer à une
concertation mais dois-je pour
autant marquer mon accord sur
tout?
05.07 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Er hoeft geen akkoord te
zijn over alle punten, maar misschien toch over bepaalde punten. U
hebt gezegd dat er nog aanpassingen kunnen gebeuren en dat het
dossier absoluut nog niet rond is. Ik zal het dan ook blijven volgen.
05.07 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Il semble que le
dossier ne soit pas encore tout à
fait bouclé. Des adaptations
peuvent encore intervenir. Je
continuerai à le suivre de près.
05.08 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le président, je répète le
bien que je pense de cet avenant, qui était plus que nécessaire.
05.08 Jean-Luc Crucke (MR): Ik
herhaal dat ik dat avenant erg
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
Je voudrais faire référence à une étude d'EuresChannel de 2006 qu'il
faut parfois relire. EuresChannel est la structure transfrontalière qui
étudie l'emploi. Petite parenthèse: que les choses soient claires, nous
ne faisons pas la guerre entre Français et Belges, tant mieux quand
on a du travail, quelle que soit la nationalité. Quel est le profil des
travailleurs français qui font l'effort de traverser la frontière? Ils sont
jeunes, ils sont non ou peu qualifiés et ils obtiennent des contrats à
durée indéterminée. Je peux vous dire qu'il y a aussi des Wallons qui
sont jeunes, peu ou pas qualifiés et qui souhaiteraient aussi avoir un
contrat à durée indéterminée.
Il y a peut-être d'autres mesures à prendre, nous en avons cité un
certain nombre. Je vous invite un jour je l'ai déjà fait et je vais le
refaire bientôt avec la presse à prendre le train entre Tournai et
Courtrai pour aller au zoning de Courtrai. Il faut prendre un bus entre
les deux, ce qui est une complication supplémentaire. Si vous le faites
en moins d'une heure, c'est que vous avez trouvé un trajet plus court
que le mien, pourtant j'ai essayé de chercher. Il faut également une
heure pour revenir. Il y a peut-être d'autres problèmes qui existent et
qui méritent solution.
nuttig vind.
Sta me toe te verwijzen naar een
studie van EuresChannel uit 2006:
de Franse grensarbeiders zijn
jong, laag- of niet geschoold en
verkrijgen
contracten
van
onbepaalde duur. Er zijn Waalse
werknemers met hetzelfde profiel
die ook zo'n contract zouden
willen. Misschien moeten er
andere
maatregelen
worden
genomen, zoals de verbetering
van het openbaar vervoer tussen
Doornik en Kortrijk, dat één uur
nodig heeft om die afstand af te
leggen!
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Samengevoegde vragen van
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de verwerking van de personenbelasting voor het aanslagjaar 2007" (nr. 1028)
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de vennootschapsbelasting" (nr. 1029)
- de heer Hagen Goyvaerts aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de resultaten van de verwerking van de personenbelasting voor het
aanslagjaar 2007" (nr. 1030)
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het verloop van de ramingen inzake de opbrengst uit de inkohieringen in de
vennootschapsbelasting" (nr. 1219)
06 Questions jointes de
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "le traitement de l'impôt des personnes physiques pour l'exercice d'imposition 2007" (n° 1028)<br>- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "l'impôt des sociétés" (n° 1029)<br>- M. Hagen Goyvaerts au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les résultats des enrôlements à l'impôt des personnes physiques pour l'exercice
d'imposition 2007" (n° 1030)<br>- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "l'évolution des estimations relatives aux recettes des enrôlements en matière d'impôt des
sociétés" (n° 1219)</b>
06.01 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, vorige week hebben wij een vergadering gehad met de
minister van Financiën en de minister van Begroting. Een aantal
onderdelen van de vraag is daar al aan bod gekomen. Een aantal
vragen dateert immers van voordien. Ik zal mijn vraagstelling dus wat
beperken.
Van vraag nr. 1028 met betrekking tot de personenbelasting blijft
slechts één element over. Wat is de prognose van het globale
resultaat voor de verwerking tijdens het jaar 2008 van de resterende
06.01 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): À la suite d'une réunion avec
les ministres des Finances et du
Budget la semaine dernière, un
seul élément de la question 1028
reste sans réponse. Selon les
estimations, quel sera le résultat
global du traitement en 2008 des
impositions restantes de 2007?
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
aanslagen van het aanslagjaar 2007?
Met betrekking tot de vennootschapsbelasting waren de antwoorden
van de minister tijdens onze discussie vorige week erg onvolledig. Hij
heeft trouwens zelf gezegd dat een aantal zaken schriftelijk diende te
worden gevraagd. Ik herhaal dat de ramingen van de ontvangsten uit
de inkohieringen in de vennootschapsbelasting een eigenaardig
verloop kenden. In 2006 bedroeg de gerealiseerde ontvangst 1 miljard
44 miljoen euro of 24% meer ten opzichte van het jaar 2005.
Naar aanleiding van de begrotingsopmaak 2007 raamde men de
ontvangst op 985,4 miljoen euro of 5,6% minder ten opzichte van
2006. Bij de begrotingscontrole 2007 werd dat bedrag opgetrokken tot
1 miljard 61,4 miljoen euro. In haar verslag van 26 oktober 2007 ging
het het monitoringcomité op basis van informatie verstrekt door de
FOD Financiën uit van een opbrengst van 1 miljard 301,6 miljoen
euro.
In haar verslagen van 13 november en 14 december 2007 raamde het
monitoringcomité, opnieuw op basis van informatie verstrekt door de
FOD Financiën, de opbrengst op maar liefst 1 miljard 513,7 miljoen
euro. Dat betekent +469,7 miljoen euro of +45% ten opzichte van de
cijfers van 2006.
In de voorstelling van de begrotingsresultaten 2007 wordt vermeld dat
de inkohieringen met betrekking tot het aanslagjaar 2007 op 31
december 2007 resulteren in een opbrengst van 714,8 miljoen euro.
Mijn vragen zijn de volgende. Ten eerste, hoe kan de verhoging van
de geraamde opbrengst met betrekking tot de inkohiering in de
vennootschapsbelasting in de maanden oktober en november worden
verklaard? Hoe verhouden de uiteindelijke ontvangsten zich tot de
geraamde opbrengst?
Ten tweede, kan op basis van de intussen met betrekking tot
aanslagjaar 2007 ingekohierde aanslagen en de erin opgegeven
bedragen in vak III, uiteenzetting van de winst, rubriek C, aftrek voor
risicokapitaal, een raming worden gemaakt voor de fiscale uitgaven
die gepaard gaat met de notionele intrestaftrek? Indien ja, hoeveel
bedraagt die?
Ten derde, kan de minister mij de resultaten bezorgen van de
inkohieringen van de vennootschapsbelasting in het jaar 2007,
verdeeld over de kohieren met betrekking tot het aanslagjaar 2006 en
met betrekking tot het aanslagjaar 2007? Mijnheer de voorzitter, dat
zijn maar twee cijfers: het aanslagjaar 2006 en 2007, maar met
betrekking tot de inkohieringen van het jaar 2007.
Ten slotte, welk is de prognose voor het begrotingsjaar 2008 met
betrekking tot de overblijvende inkohieringen voor het aanslagjaar
2007? Dat is slechts één cijfer.
Les estimations relatives aux
recettes des enrôlements en
matière d'impôt des sociétés ont
connu une évolution étrange. En
2006, les recettes réalisées étaient
supérieures de 24% à celles de
2005.
Au moment de la confection du
budget de 2007, les recettes ont
été évaluées à 985,4 millions
d'euros, soit 5,6% de moins qu'en
2006. Lors du contrôle budgétaire,
le montant a été porté à 1.061,4
millions. Le 26 octobre 2007, le
comité de monitoring s'est basé
sur une recette de 1.301,6 millions
d'euros; les 13 et 14 décembre, il
a évalué les recettes à 1.513,7
millions.
Dans la présentation des résultats
budgétaires de 2007, les recettes
des enrôlements s'élèvent à 714,8
millions d'euros.
Comment les estimations accrues
d'octobre
et
de
novembre
s'expliquent-elles? Quel est le
rapport
entre
les
recettes
définitives et les estimations?
Est-il possible de procéder à une
évaluation des dépenses fiscales
relatives à la déduction des
intérêts notionnels ? À combien
s'élèvent-elles?
Quels sont les résultats de
l'enrôlement des impôts des
sociétés en 2007, respectivement
pour les rôles de 2006 et 2007?
Quelles sont les prévisions 2008
relatives aux enrôlements restants
pour l'exercice d'imposition 2007?
06.02 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik heb een korte opvolgingsvraag. Vorige week
werden de bespreking van het begrotingsjaar 2007 gevoerd. In de
replieken werden cijfers vermeld. Het was de bedoeling de cijfers in
het verslag terug te vinden. Ik heb de cijfers genoteerd maar wellicht
onvolledig. Daarom herhaal ik mijn vraag over de resultaten van de
06.02 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Quel est le nombre
d'enrôlements
jusqu'au
31
décembre 2007 et quel montant
total représentent-ils? Quel est le
nombre
et
le
montant
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
verwerking van de personenbelasting voor het aanslagjaar 2007.
Ik had graag over de volgende informatie beschikt, mijnheer de
minister. Wat is het aantal en het totaal bedrag aan inkohieringen tot
31 december? Wat is het aantal en het bedrag aan positieve en
negatieve inkohieringen tot 31 december geweest? Wat was het
aantal inkohieringen met een nulsaldo tot 31 december?
d'enrôlements positifs et négatifs?
Quel est le nombre dont le solde
est nul?
06.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, ik ben bereid
om veel antwoorden te geven, maar ik heb er al veel gegeven tot en
met 31 december 2007, met de presentatie van de resultaten van de
begroting 2007. Ik kan misschien even herhalen.
Het globaal resultaat van de inkohiering voor aanslagjaar 2007
verricht tot op 31 december 2007 is inderdaad positief voor een
bedrag van 326.168.950,04 euro. Tot nu toe zijn er 2.927.883
inkohieringen gevestigd. Voor aanslagjaar 2007 zijn er 981.022
positieve inkohieringen verricht tot op 31 december 2007 voor een
totaal door de belastingplichtigen te betalen bedrag van
1.086.186.022,07 euro. Voor aanslagjaar 2007 zijn er 1.191.424
negatieve inkohieringen uitgevoerd voor een totaal aan de
belastingplichtigen terug te geven bedrag van 67.017.072,03 euro. Er
zijn voor aanslagjaar 2007 ook 755.441 nulkohieringen gevestigd. Ik
zal week na week of maand na maand alle cijfers aan de commissie
geven. Voor het totaal voor 2008 moeten we wachten tot en met het
einde van de inkohiering.
Ik meen dat de cijfers voor zich spreken. In 2007 heb ik het totaal
gegeven van de inkohiering voor aanslagjaar 2007 voor, om concreet
te zijn, meer dan 2,9 miljoen inkohieringen tegenover slechts
1.164.334 inkohieringen in 2006 voor aanslagjaar 2006. Nul in 2005.
Wij komen dus van 0 in 2005 over iets meer dan 1.160.000 in 2006
en nu bijna 3 miljoen inkohieringen. De burger ontvangt dus zijn
aanslagbiljet gemiddeld veel sneller dan voorheen. Dat er bijna enkel
positieve en geen negatieve inkohieringen worden verricht, spreekt
niet uit de cijfers.
Het artikel in de krant De Standaard berust dan ook op verkeerde
informatie. Voor aanslagjaar 2007 zijn tot december 2007 981.022
positieve
aanslagen
gevestigd
voor
een
bedrag
van
1.086.186.022,07 euro. Voor aanslagjaar 2006 zijn er tot december
2006 slechts 432.382 positieve aanslagen verricht voor een bedrag
van 382.199.271,54 euro. Er is dus meer betaald vanuit de overheid
naar de belastingplichtige in 2007 dan in 2006. Dat is toch goed voor
de belastingplichtige, denk ik. U vraagt verrekening in de
bedrijfsvoorheffing. Wij proberen dat te doen en wij proberen vlugger
te zijn met de terugbetaling. Dat is toch correct?
Spijtig genoeg zijn het veel cijfers, mijnheer de voorzitter. Voor
aanslagjaar 2007 zijn er tot december 2007 1.191.424 negatieve
aanslagen gevestigd voor een bedrag van 760.017.072,03 euro,
daarin begrepen teruggaven die soms meer dan 9.000 euro
bedroegen. Ik herhaal dit, ik heb het altijd gezegd in de
begrotingspresentatie voor 2007. Voor aanslagjaar 2006 zijn er tot
december 2006 slechts 347.960 negatieve aanslagen verricht voor
een bedrag van 131.658.207,33 euro. De positieve inkohieringen zijn
in waarde verhoogd met een factor 2,8 terwijl de negatieve
inkohieringen zijn verhoogd met een factor 5,8. Dit is duidelijk, denk
06.03 Didier Reynders, ministre:
Le résultat global de l'enrôlement
pour l'exercice 2007 jusqu'au 31
décembre 2007 est positif pour un
montant de 326.168.950,04 euros.
Jusqu'à
présent,
2.927.883
enrôlements ont été établis. Pour
l'exercice 2007, l'on a recensé
981.022 enrôlements positifs, pour
un
montant
total
de
1.086.186.022,07
euros,
et
1.191.424 enrôlements négatifs,
pour un montant de 67.017.072,03
euros. 755.441 enrôlements sont
nuls.
L'on passe de zéro enrôlement
pour l'exercice en cours en 2005,
à 1.164.334 en 2006, et à plus de
2,9 millions en 2007.
L'article paru dans "De Standaard"
repose sur des informations
incorrectes. Pour l'exercice 2007,
981.022 déclarations positives ont
été recensées jusqu'au mois de
décembre 2007, pour un montant
de 1.086.186.022,07 euros. Pour
l'exercice 2006, seules 432.382
déclarations positives avaient été
établies jusqu'en décembre 2006
pour
un
montant
de
382.199.271,54
euros.
Les
autorités ont donc remboursé
davantage en 2007 qu'en 2006.
Pour l'exercice 2007, l'on compte,
jusqu'en
décembre
2007,
1.191.424 déclarations négatives,
pour
un
montant
de
760.017.072,03 euros, y compris
des remises s'élevant parfois
jusqu'à plus de 9.000 euros. Pour
l'exercice 2006, on ne recensait,
jusqu'en décembre 2006, que
347.960 déclarations négatives,
pour
un
montant
de
131.658.207,33 euros.
Les enrôlements positifs ont
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
ik, maar misschien niet voor iedereen.
Het is onjuist dat de computer de controleurs geen toegang geeft tot
aangiften waarbij meer dan 600 euro moet worden teruggestort. Ik
heb een voorbeeld gegeven van meer dan 9.000 euro.
Ik kan u meedelen dat het globaal resultaat van de gedurende het jaar
2007 verrichte inkohieringen voor de vennootschapsbelasting met
betrekking tot het aanslagjaar 2006 367.463.049,53 euro bedraagt.
Het totaal door de belastingplichtigen te betalen bedrag beloopt
957.381.250,81 euro, terwijl het totaal aan de belastingplichtigen terug
te geven bedrag 589.918.201,28 euro bedraagt.
Het globaal resultaat van de gedurende het jaar 2007 verrichte
inkohieringen met betrekking tot het aanslagjaar 2007 bedraagt
714.778.945,36 euro. Het totaal door de belastingplichtigen te betalen
bedrag beloopt 1.406.721.787,99 euro. Het totaal aan de
belastingplichten
terug
te
geven
bedrag
bedraagt
691.942.842,63 euro. Zoals voor de personenbelastingen zal ik in de
volgende weken en maanden hetzelfde doen voor 2008.
Mijnheer de voorzitter, wij proberen met de inkohieringen altijd vlugger
en
vlugger
te
gaan.
De
inkohieringen
van
de
vennootschapsbelastingen
zijn
bijna
in
orde.
Voor
de
personenbelastingen proberen wij ook zo vlug mogelijk te gaan, maar
ik herhaal: 0 inkohieringen in 2005, iets meer dan 1.160.000
inkohieringen in 2006, bijna 3 miljoen in 2007 met veel
terugbetalingen aan de belastingplichtigen. Ik begrijp niet altijd die
herhaalde vragen naar statistieken, maar ik ben bereid om alle cijfers
te geven.
progressé sur la base d'un facteur
de 2,8, tandis que les enrôlements
négatifs ont progressé sur la base
d'un facteur de 5,8.
Il est inexact que l'ordinateur ne
donne pas accès aux déclarations
pour
lesquelles
un
montant
supérieur à 600 euros doit être
remboursé.
Le résultat global des enrôlements
relatifs à l'exercice d'imposition
2006 effectués en 2007 dans le
cadre de l'impôt des sociétés
s'élève à 367.463.049,53 euros.
Le
montant
dû
par
les
contribuables
se
monte
à
957.381.250,81 euros; le montant
à rembourser par l'administration
est de 589.918.201,28 euros.
Le résultat global des enrôlements
relatifs à l'exercice d'imposition
2007 effectués en 2007 s'élève à
714.778.945,36 euros. Le montant
dû par les contribuables se monte
à 1.406.721.787,99 euros; le
montant
à
rembourser
par
l'administration
est
de
691.942.842,63 euros.
Nous tentons d'accélérer toujours
davantage les enrôlements. Même
si je ne comprends pas pourquoi
on me demande chaque fois de
nouvelles statistiques, je suis
toujours
disposé
à
vous
communiquer tous les chiffres.
06.04 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, u bent
opnieuw de discussie aangegaan met betrekking tot de sturing van de
personenbelasting. Ik had daarover nu geen vraag gesteld. Wij
hebben daarover vorige week gediscussieerd. Ik kan dat perfect
weerleggen op basis van de cijfers. De cijfers die vroeger
gepubliceerd werden zijn juist. Men moet echter de vergelijking
maken over de periode van de laatste maanden en men moet dat
vergelijken met de resultaten van een volledig jaar. Dan ziet men de
scheeftrekking die ontstaat en de wanverhouding tussen de positieve
en negatieve kohiers, alsook de bedragen van de terugbetalingen. Die
discussie wil ik echter niet aangaan.
Mijnheer de minister, ik heb u gewoon gevraagd wat de prognose is
voor het jaar 2008 met betrekking tot het aanslagjaar 2007. Wat zal
het resultaat zijn voor het jaar 2008? U zegt dat wij moeten afwachten
wat de inning gaat geven. Er is echter toch een raming. Men maakt
toch een begroting op.
06.04 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): Je puis réfuter chiffres à
l'appui l'affirmation du ministre à
propos de l'orientation donnée aux
opérations dans le cadre de
l'impôt des personnes physiques.
Si l'on compare les chiffres des
derniers mois avec les résultats
d'une année complète, on ne peut
que constater une anomalie. Mais
je n'ai pas l'intention d'en débattre
maintenant.
J'avais demandé une estimation
pour l'année 2008 concernant
l'exercice d'imposition 2007. Pour
confectionner un budget, il faut en
effet disposer d'une estimation.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
06.05 Minister Didier Reynders: Ik heb steeds gezegd dat wij dat
zullen geven met de begroting. U vraagt een raming. Ik heb zo'n
raming. Wij gaan nu naar de bespreking van de begrotingsopmaak.
Het is toch normaal dat dit eerst besproken wordt in de regering, met
de leden van de regering, en daarna met de parlementsleden.
06.05 Didier Reynders, ministre:
Cette estimation est destinée au
gouvernement et nous en ferons
part au moment du dépôt du
budget.
06.06 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Het is een raming die vanuit het
departement van Financiën naar de regering gaat. Als u dit cijfer
geeft, dan zal de oefening die gebeurd is voor iedereen duidelijk zijn.
Dat is het element dat ontbreekt. Ik zal niet aandringen. Trouwens, u
wilt het cijfer niet geven, mijnheer de minister.
Mijn tweede vraag had betrekking op de vennootschapsbelasting. Ik
vraag gewoonweg om de ontvangsten met betrekking tot het jaar
2007 op te delen met betrekking tot het aanslagjaar 2006 en het
aanslagjaar 2007. Dat is mijn enige vraag. Ik vraag bovendien wat de
raming is voor het jaar 2008 met betrekking tot het aanslagjaar 2007.
Het zijn in totaal vier cijfers die ik opvraag.
06.06 Carl Devlies (CD&V - N-
VA) : Le ministre refuse donc de
communiquer le chiffre.
J'ai également demandé une
ventilation des recettes de 2007
dans le secteur de l'impôt des
sociétés en fonction de l'exercice
d'imposition
ainsi
qu'une
estimation pour 2008 concernant
l'exercice d'imposition 2007.
De voorzitter: Daarstraks heeft de heer Van der Maelen gezegd dat
iemand die te snel ramingen maakt een knoeier is, dat heeft hij
letterlijk gezegd. U kunt toch moeilijk van de minister verwachten dat
hij voor de begroting reeds een antwoord geeft op uw vragen.
Le président: Il est impossible au
ministre de répondre à ce genre
de questions avant que le budget
soit confectionné.
06.07 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, het
voorbeeld van de heer Van der Maelen had betrekking op iets totaal
anders. Dat ging over notionele intresten. Hier in de kamercommissie
is gezegd dat wij een budgettair neutrale oefening deden en waar de
kostprijs van de notionele intrest 500 miljoen was.
06.08 Minister Didier Reynders: Dit is de normale weg. Wij moeten
eerst een beslissingvormingsproces volgen binnen de regering.
Daarna volgt een presentatie aan het Parlement.
Maar ik zal niet alle ramingen aan het Parlement geven voor zij
beschikbaar zijn.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Vragen nrs. 1090 en 1132, worden op verzoek van de
heer Wathelet en de heer Van Hecke uitgesteld. Vraag nr. 1093 van
de heer Van der Maelen is omgezet in een schriftelijke vraag. Dat is
een goede suggestie voor vele andere collega's om dat ook te doen,
daar de antwoorden toch ter beschikking zijn. Dat zou ons heel wat
tijd besparen.
Le président: Les questions n°
s
1090 et 1132 sont reportées à la
demande de MM. Wathelet et Van
Hecke. La question n° 1093 de M.
Van der Maelen a été convertie en
question écrite. Je pense que
beaucoup d'autres auteurs de
questions feraient bien de faire de
même étant donné que les
réponses leur seront de toute
façon
fournies.
Cela
nous
permettrait de gagner beaucoup
de temps.
07 Samengevoegde vragen van
- de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het gebruik van rode gasolie" (nr. 1134)
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerst minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het gebruik van rode diesel in de pleziervaart" (nr. 1214)
07 Questions jointes de
- M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'utilisation de gasoil rouge" (n° 1134)<br>- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "l'utilisation de gasoil rouge pour la navigation de plaisance" (n° 1214)</b>
07.01 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de voorzitter, ik
zal aan de minister geen cijfers vragen. Ik kan hem op dat punt al
geruststellen.
Artikel 443 van de programmawet van 27 december 2004 regelt welke
voertuigen op rode gasolie mogen rijden. Genoemde rode diesel is
enkel toegelaten voor landbouwactiviteiten en voor verwarming.
Tot nu toe maakte de programmawet een duidelijk onderscheid
tussen landbouwtractors die echte landbouwactiviteiten verrichten, en
de tractors die bijvoorbeeld voor de aanleg van privéparkings of voor
het vervoer van zand, cement en grond worden ingezet en dus niet
voor landbouwdoeleinden zijn bestemd.
Voorbije zomer kwam er op 14 juni 2007 een brief met een bepaald
kenmerk, namelijk "Industriële en commerciële doeleinden
Richtlijnen". In voornoemde brief werd door de centrale administratie
der Douane en Accijnzen te Brussel medegedeeld welke motoren,
installaties en machines mogen worden aangedreven met kerosine,
gasolie, vloeibaar petroleumgas of aardgas, waarvoor het verlaagd
accijnstarief van toepassing is.
In de brief wordt vermeld dat, enerzijds, voertuigen bestemd om
buiten de openbare weg te worden gebruikt of, anderzijds, voertuigen
waarvoor geen vergunning voor overwegend gebruik op de openbare
weg werd verleend, steeds de bewuste rode en gemerkte gasolie
mogen gebruiken.
Met voornoemde omzendbrief mag dus in alle omstandigheden door
landbouwtractors met rode gasolie worden gereden. Op die manier
wordt het de grondwerkers die met hun vrachtwagen met kiepbak
rondrijden, heel moeilijk gemaakt om te overleven, omdat er
concurrentievervalsing ontstaat. Nochtans werden het koninklijk
besluit en artikel 443 van de programmawet nog niet ingetrokken of
gewijzigd.
Mijnheer de minister, daarom stel ik u een drietal vragen.
Ten eerste, op grond van welke beslissing werd besloten om de
bepalingen uit de programmawet uit te breiden?
Ten tweede, werd met de transportsector over genoemde verandering
overleg gepleegd? Zo ja, wat was het standpunt van de sector?
Ten derde, hoe groot is het geschatte verlies aan inkomsten op
accijnzen door de bewuste beslissing?
07.01 Stefaan Van Hecke
(Ecolo-Groen!): L'article 443 de la
loi-programme du 27 décembre
2004 dispose que le diesel rouge
ne peut être utilisé que dans le
cadre d'activités agricoles et pour
le chauffage. Il y a donc une nette
distinction entre les tracteurs
agricoles qui exercent de réelles
activités agricoles et les tracteurs
qui sont utilisés dans le cadre
d'autres activités. Dans une
circulaire du 14 juin 2007,
toutefois, il est inscrit que les
tracteurs agricoles peuvent rouler
au diesel rouge en toutes
circonstances, ce qui fausse la
concurrence par rapport aux
agriculteurs travaillant au moyen
d'un camion à benne basculante.
Sur la base de quelle décision a-t-
on adapté les dispositions de la
loi-programme? Des concertations
ont-elles eu lieu au préalable avec
le secteur du transport? A
combien peut-on chiffrer la perte
de revenus sur les accises due à
cette décision?
07.02 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, het enige
gelijklopende punt met de vorige vraag heeft betrekking op het
element rode diesel. Voor het overige heeft het betrekking op een
07.02 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): À partir du 1
er
janvier 2006,
l'utilisation de diesel normal est
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
totaal andere sector, meer bepaald de sector van de pleziervaart en
de yachting.
Tot 1 januari 2006 genoot de pleziervaart in België van een
uitzondering met betrekking tot het gebruik van diesel voor kleine
dieselmotoren van plezierjachten. Vanaf die datum werd het gebruik
van normale, witte diesel verplicht gesteld. Niet alle landen hebben
zich hierbij neergelegd. Groot-Brittannië heeft de regel niet gevolgd.
Het jaar 2007 was een overgangsjaar waarbij de overheid geen
controles uitvoerde. Iedere jachtclub heeft zich in 2007 in regel
gesteld met de aanvoer en hun tanks bevatten na controle door de
douane nog enkel witte diesel. Vele zeiljachten die enkel hun motor
gebruiken bij slecht weer en om de haven in en uit te varen,
beschikten op 31 december 2007 echter nog over een aanzienlijke
hoeveelheid rode diesel in hun tanks, die gemiddeld 100 tot 200 liter
mazout kunnen bevatten.
Zeilers melden mij dat de douane een rigoureus standpunt zou
aanhouden, waarbij eenieder vanaf 1 januari 2008 zal beboet worden
bij overtreding. Alle sporen van rode diesel worden hierbij in
aanmerking genomen. Driekwart van de zeilboten zouden hiermee
problemen hebben.
De
directieve
2003/96/CE
voorziet
erin
dat
lidstaten
overgangsmaatregelen en praktische beschikkingen kunnen treffen
die de overgang naar het normale taxatieregime kunnen
vergemakkelijken. Werd daarin voorzien of worden de pleziervaarders
verplicht hun tanks volledig te ledigen en volledig te reinigen?
obligatoire pour la navigation de
plaisance. Durant l'année de
transition 2007, les autorités n'ont
pas encore effectué de contrôles,
si bien qu'à la fin décembre 2007,
de nombreux voiliers motorisés
avaient
encore
de
grandes
quantités de gasoil rouge dans
leurs citernes. A partir de cette
année, la douane peut toutefois
infliger
des
amendes
aux
contrevenants. A-t-on prévu de
nouvelles mesures transitoires ou
les plaisanciers vont-ils être
obligés de vider et de nettoyer
complètement leurs citernes?
07.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, ik zal eerst
antwoorden inzake de tractors en nadien over de yachten. De
verwijzing naar artikel 443 van de programmawet van
27 december 2004 is niet correct.
Met betrekking tot het gebruik van rode gasolie voor het aandrijven
van voertuigen die op de openbare weg rijden, moet er worden
verwezen naar de bepalingen van artikel 433 van de voorvermelde
programmawet. Deze bepalingen stellen dat de minister van
Financiën voorwaarden kan bepalen waaraan energieproducten
moeten voldoen om in het bijzonder gebruikt te worden als
motorbrandstof voor het aandrijven van voertuigen die op de
openbare weg rijden, andere dan in het bijzonder de voertuigen
bedoelt in artikel 420, §4 van de voorvermelde programmawet. De
vraag kadert dan ook precies in het toepassingsgebied van artikel
420, §4 en niet in het toepassingsgebied van artikel 429, §2, i.
Pro memorie, dit laatste artikel betreft de vrijstelling van accijnzen
toegekend aan bepaalde energieproducten die uitsluitend worden
gebruikt
voor
landbouw,
tuinbouw,
visteelt
en
bosbouwwerkzaamheden. In dit geval is de gebruikte gasolie een
rode gasolie, te weten een gemerkte en gekleurde gasolie waarvoor
een volledige vrijstelling van accijnzen van toepassing is.
Artikel 420, §4 betreft het toe te passen accijnstarief voor bepaalde
energieproducten die worden gebruikt als motorbrandstof voor
industriële en commerciële doeleinden. In letter c van dit artikel wordt
met name bepaald dat voertuigen bestemd om buiten de openbare
07.03 Didier Reynders, ministre:
En vertu de la loi-programme du
27 décembre 2004, le ministre des
Finances peut fixer les conditions
auxquelles
les
produits
énergétiques doivent satisfaire
pour
être
utilisés
comme
carburants pour les véhicules qui
circulent sur la voie publique.
L'article
420
de
cette
loi-
programme traite du droit d'accise
à appliquer à certains produits
énergétiques
utilisés
comme
carburants pour des utilisations
industrielles et commerciales. Plus
spécifiquement, il est prévu que
les véhicules destinés à une
utilisation hors voie publique ou
peu utilisés sur la voie publique
peuvent bénéficier d'une réduction
d'accises. Les Douanes et Accises
sont tenues de se baser sur la
réglementation de la Direction de
l'immatriculation des véhicules du
SPF Mobilité et Transport pour
déterminer quels véhicules sont
concernés.
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
weg te worden gebruikt of waarvoor geen vergunning is verleend voor
overwegend gebruik op de openbare weg, kunnen genieten van dit
accijnstarief. Pro memorie, er wordt nog eens op gewezen dat deze
wettelijke bepalingen voortvloeien uit de omzetting van artikel 8, §2
van de richtlijn 2003/96EJ van de Raad van 27 oktober 2003 tot
herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van
energieproducten en elektriciteit.
Het gebruik buiten de openbare weg stelt geen bijzondere
toepassingsproblemen. De toepassing van het tweede concept, te
weten het niet aanwezig zijn van een vergunning voor overwegend
gebruik op de openbare weg, heeft de administratie van Douane en
Accijnzen ertoe verplicht zich te baseren op de reglementering
toegepast door de FOD Mobiliteit en Vervoer, DIV. Aangezien dit
concept niet van fiscale aard is, kon er dus enkel een beroep worden
gedaan op de reglementering met betrekking tot de inschrijving van
de voertuigen om het toepassingsgebied van artikel 420, §4, c te
bepalen.
Raadpleging van deze reglementeringen leidt ertoe te besluiten dat
kunnen worden beschouwd als zijnde voertuigen die een vergunning
hebben gekregen voor overwegend gebruik op de openbare weg, de
voertuigen die zijn ingeschreven bij de DIV waarvoor een
nummerplaat en een bewijs van inschrijving werd afgeleverd,
beschikkend over een gelijkvormigheidsattest, afgeleverd op basis
van een proces-verbaal van goedkeuring van de FOD Mobiliteit en
Vervoer en onderworpen aan periodieke technische controle.
Door een omgekeerde redenering laat elke andere situatie van
inschrijving toe te bepalen dat het een voertuig betreft dat geen
vergunning heeft verkregen voor overwegend gebruik op de openbare
weg en bijgevolg kan genieten van het accijnstarief van toepassing
voor motorbrandstofgebruik voor industriële en commerciële
doeleinden, zie de accijnstarieven vastgelegd in artikel 419 d) tot k),
h) en i) van de programmawet van 27 december 2004. U hebt niet om
cijfers gevraagd, dus geef ik u letters.
Zo kunnen bij wijze van voorbeeld de volgende voertuigen worden
aangemerkt als voertuigen die kunnen genieten van het voornoemd
verlaagd accijnstarief: een straatveegmachine ingeschreven bij de
DIV als industrieel materieel en om die reden niet onderworpen aan
de periodiek technische controle of een tractor ingeschreven bij de
DIV als landbouw- of bosbouwtractor en om die reden niet
onderworpen aan de periodieke technische controle.
Met betrekking tot dit laatste voorbeeld moet evenwel een fiscaal
onderscheid worden gemaakt tussen de tractor gebruikt in het kader
van landbouwactiviteiten, die kan gebruikmaken van rode diesel die
volledig is vrijgesteld van accijnzen, en de tractor gebruikt in het kader
van industriële en commerciële doeleinden die moet gebruikmaken
van rode diesel waarop het accijnstarief met betrekking tot
motorbrandstofgebruik voor industriële en commerciële doeleinden
werd voldaan.
De administratieve interpretatie waarvan sprake in de administratieve
omzendbrief waarnaar u verwijst, vloeit voort uit de strikte toepassing
van de reglementering betreffende de inschrijving van de voertuigen.
Er werd geoordeeld dat er omtrent de inhoud daarvan geen overleg
La
circulaire
découle
de
l'application
stricte
de
la
réglementation
relative
à
l'immatriculation des véhicules. On
a estimé que cette matière ne
nécessitait aucune concertation
avec le secteur des transports. De
plus, il s'agit de la transposition
d'une directive européenne.
Je ne dispose pas d'informations
relatives à l'impact budgétaire de
cette mesure.
L'article 429 de la loi-programme
disposait déjà que l'exonération
des
accises
relatives
aux
carburants
ou
combustibles
destinés à la navigation de
plaisance était limitée au 31
décembre 2006. Des mesures
transitoires
sont
entrées
en
vigueur en 2007, en vertu
desquelles il était possible d'utiliser
jusqu'au début de l'année 2008 le
gasoil coloré encore présent dans
les réservoirs des navires de
plaisance. En revanche, si l'on
décèle encore des traces de
marqueurs après le 31 décembre
2007, l'infraction sera constatée. Il
est dès lors conseillé de vider
complètement les réservoirs.
Selon
les
informations
dont
disposent les Douanes et Accises,
la Grande-Bretagne ne bénéficie
actuellement d'aucune dérogation
pour
octroyer
de
façon
permanente une exonération des
accises sur le carburant destiné à
la navigation de plaisance.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
met de transportsector hoefde te worden gepleegd.
Voorts moet worden aangestipt dat de toepassing van het specifiek
accijnstarief van voertuigen zoals bedoeld in artikel 420, §4, c) de
omzetting is van een verplichting voorzien in de richtlijn 2003/96/EG
van de Raad van 27 oktober 2003.
Ik beschik momenteel niet over informatie die mij toelaat uitspraken te
doen over de budgettaire weerslag van de maatregel waarvan sprake
in uw vraag.
Tot zover mijn antwoord in verband met de tractoren.
Voor pleziervaart en yachting heb ik een ander antwoord. In
artikel 429, §7 van de programmawet van 27 december 2004 was
reeds de beperking van de geldigheidsduur tot 31 december 2006 van
de vrijstelling van accijnzen voor energieproducten gebruikt als
motorbrandstof of verwarmingsbrandstof voor de particuliere
pleziervaart voorzien.
De overgangsmaatregelen en praktische beschikkingen waarnaar u
verwijst, werden voorzien in de vorm van een overgangsjaar 2007
waarbij de controles door de controlediensten van de Administratie
van Douane en Accijnzen met de nodige soepelheid werden verricht.
De gekleurde gasolie die tussen 1 januari 2007 en 1 januari 2008 in
de tanks van de pleziervaartuigen aanwezig was, kon dus verder
worden gebruikt.
Vanaf 1 januari 2008 zijn de overgangsmaatregelen evenwel
beëindigd en mogen ingevolge artikel 47 van het ministerieel besluit
van 27 oktober 2005 de vloeibare motorbrandstoffen die in ons land
voorhanden zijn, worden verkocht of gebruikt voor de aandrijving van
explosie- of verbrandingsmotoren van voertuigen die op de openbare
weg rijden, andere dan deze bedoeld in artikel 420, §4 van de
programmawet van 27 december 2003 of dan deze gebruikt voor de
doeleinden bedoeld in artikel 429, §2, i) van dezelfde wet en geen
denaturanten noch merkstoffen bevatten.
Dit betekent dat indien na 31 december 2007 sporen van merkstoffen,
zoals te vinden in rode diesel, terug te vinden zijn in de brandstoftank
er een overtreding kan worden vastgesteld.
Ingevolge deze wettelijke bepaling is het zeker aan te raden om de
tanks volledig te ledigen.
Met betrekking tot de opmerkingen van de heer Devlies inzake Groot-
Brittannië, wijzen wij erop dat uit de in het bezit van de administratie
der Douane en Accijnzen zijnde informatie naar voren komt dat Groot-
Brittannië zoals alle andere lidstaten die voor 31 december 2006 dit
type accijnsvrijstelling bezaten, momenteel over geen enkele afwijking
beschikt om de voor pleziervaart gebruikte brandstof verder van
accijnzen te kunnen vrijstellen.
De voorzitter: Dank u, mijnheer de minister.
07.04 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, dit antwoord
is met plezier gegeven.
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
07.05 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de voorzitter, ik
dank de minister voor zijn uitgebreid antwoord. Mijnheer de minister,
ik zal mij niet vergissen in de artikelen die u heeft opgesomd.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
08 Question de Mme Kattrin Jadin au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la fermeture possible de l'entrepôt public des Douanes et Accises d'Eupen"
(n° 1141)</b>
08 Vraag van mevrouw Kattrin Jadin aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de mogelijke sluiting van het openbaar entrepot van de Douane en
Accijnzen te Eupen" (nr. 1141)
Le président: Fräulein Kattrin Jadin für Ihre Frage!
08.01 Kattrin Jadin (MR): Danke schön, Herr Präsident! Guten
Abend, bonsoir!
Cette fois-ci, je poserai la question en français. Je le ferai peut-être
bien en allemand la fois prochaine!
Monsieur le président, monsieur le ministre, depuis 1981, la ville
d'Eupen dispose dans son zoning industriel d'un entrepôt public qui a
contribué, d'une manière très importante, à la relance économique de
ma région. En effet, une multitude d'entreprises sont, à ce jour,
dépendantes du statut actuel de ce dépôt. Sans celui-ci, elles ne
pourront plus entreposer des marchandises de type B, C, D et E, ce
qui leur causerait un préjudice lourd et aurait certaines conséquences
économiques indiscutables.
À ce jour, la rumeur, l'annonce et de nombreuses sources
m'informent d'une fermeture probable de l'entrepôt public des
Douanes et Accises d'Eupen. Ceci est bien évidemment de nature à
inquiéter les entreprises implantées dans le zoning industriel, lequel
est devenu un véritable carrefour du commerce international.
Diverses sources évoquent, à moyen terme, une diminution du cadre
des agents des Finances affectés à la direction d'Eupen.
Monsieur le ministre, comme vous aimez à le rappeler vous-même, si
ma région est une des plus prospères de Wallonie, ce n'est
certainement pas le fruit du hasard. Au contraire, c'est le résultat des
efforts consentis par les travailleurs et les entrepreneurs. Cet outil
créé il y a 26 ans par le SPF Finances y contribue grandement.
Ma question est donc la suivante. Monsieur le ministre, cette
fermeture est-elle effectivement envisagée? Si oui, quelles en sont les
raisons et quelles solutions seront-elles proposées?
08.01 Kattrin Jadin (MR): Uit
verschillende bronnen heb ik
vernomen dat het openbaar
entrepot van de Douane en
Accijnzen te Eupen zou gesloten
worden.
Dat
verontrust
de
ondernemingen die zich op de
industriezone gevestigd hebben.
Bovendien
zou
de
personeelsformatie
van
de
ambtenaren van Financiën die bij
de directie van Eupen werken,
worden ingekrompen. Komt die
sluiting er daadwerkelijk? Zo ja,
waarom en welke oplossingen
worden er voorgesteld?
08.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, madame
Jadin, je peux confirmer qu'il n'est actuellement pas question de
fermer l'entrepôt public de la ville d'Eupen. En revanche, il est exact
que celle-ci a récemment proposé une réduction de la superficie de
l'entrepôt qu'elle met à la disposition de l'administration des Douanes
et Accises pour le fonctionnement de l'entrepôt public.
L'administration ne considère pas que cette réduction de superficie
doive remettre en cause l'existence de ces locaux.
08.02 Minister Didier Reynders:
Het is de stad Eupen die de
lokalen voor de opslag van
goederen ter beschikking moet
stellen en de onderhoudskosten
moet betalen. Zolang de stad
Eupen het openbaar entrepot ter
beschikking van de administratie
van Douane en Accijnzen blijft
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
J'en profite pour attirer votre attention sur le fait qu'en vertu des
articles 7 et 8 de la loi du 29 décembre 1992 relative aux entrepôts
douaniers, c'est la ville d'Eupen qui doit fournir les locaux
d'entreposage devant servir comme entrepôt public ainsi que les
locaux nécessaires aux fonctionnaires chargés de la surveillance et
de la vérification. En outre, cette ville est tenue de prendre à sa
charge les frais de chauffage et d'éclairage de ces locaux, de pourvoir
à leur entretien et de faire effectuer sans délai les réparations
requises.
Aussi longtemps que la ville d'Eupen mettra l'entrepôt public à la
disposition de l'administration des Douanes et Accises, cette dernière
ne proposera pas la fermeture du bureau des douanes d'Eupen.
L'effectif
du
personnel
affecté
est
toujours
déterminé
proportionnellement aux tâches à exécuter. Cela dépend forcément
de l'activité déployée par les opérateurs économiques, mais je n'ai
pas reçu d'indication particulière d'une évolution en la matière.
Pour le reste, je ne pense pas que d'autres réponses doivent être
apportées. Tout dépendra, évidemment, de l'attitude de la ville
d'Eupen en ce qui concerne la mise à disposition plus longue de ces
locaux.
stellen, zal die laatste niet
voorstellen het douanekantoor in
Eupen
te
sluiten.
De
personeelsbezetting
wordt
vastgesteld aan de hand van de uit
te voeren taken. Een en ander
hangt natuurlijk af van de door de
economische
operatoren
ontwikkelde activiteit, maar ik heb
geen aanwijzingen dat er op dat
vlak een evolutie in deze of gene
richting aan de gang zou zijn.
08.03 Kattrin Jadin (MR): Monsieur le ministre, je suis soulagée par
votre réponse pour laquelle je vous remercie. J'ai bien compris le
message ainsi que les impulsions à donner à la ville d'Eupen, où je
suis par ailleurs conseillère communale. Je vais donc insister pour
que l'entrepôt puisse y rester implanté très longtemps.
08.03 Kattrin Jadin (MR): Dank
voor uw antwoord. De boodschap
is goed aangekomen: ik begrijp
dat de stad Eupen zal moeten
worden aangepord.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Vraag nr. 1146 van de heer Crucke is uitgesteld. De
aandachtige lezers van de agenda zullen ook opgemerkt hebben dat
minister Reynders een bevoegdheid erbij gekregen heeft, namelijk
verzekeringen. Ook de vragen over verzekeringen zullen in de
toekomst in deze commissie behandeld worden.
Le président: La question n° 1146
de M. Crucke est reportée.
09 Question de Mme Marie-Christine Marghem au vice-premier ministre et ministre des Finances et
des Réformes institutionnelles sur "la taxation des honoraires à l'impôt des sociétés" (n° 1194)</b>
09 Vraag van mevrouw Marie-Christine Marghem aan de vice-eerste minister en minister van
Financiën en Institutionele Hervormingen over "de heffing van vennootschapsbelasting op honoraria"
(nr. 1194)
09.01 Marie-Christine Marghem (MR): Monsieur le ministre, il m'est
revenu à plusieurs reprises qu'au cours de ces derniers mois, certains
services de taxation visent à remettre en cause la taxation à l'impôt
des sociétés des honoraires, commissions, rétributions, courtages,
etc. perçus par les sociétés professionnelles de titulaires d'une
profession libérale et je ne vise aucune profession en particulier
puisque je cite l'ensemble des professions libérales parmi lesquelles
les avocats, les experts comptables, les médecins, les réviseurs
d'entreprises ou encore les agents de services bancaires.
La motivation essentielle de ces services de taxation serait qu'en
réalité les clients de ces sociétés contracteraient directement avec la
personne physique de leur clientèle en raison d'une relation intuitu
personae qui justifie le caractère libéral de leur profession puisqu'elle
09.01 Marie-Christine Marghem
(MR):
De
jongste
maanden
zouden sommige taxatiediensten
de
heffing
van
vennootschapsbelasting op door
de
professionele
vennootschappen
van
beoefenaars van vrije beroepen
ontvangen
honoraria
en
bezoldigingen,
ter
discussie
stellen.
Wegens
de
intuitu
personae-relatie die het vrije
karakter van die vaak door het
beroepsgeheim
gebonden
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
36
est souvent liée à des impératifs de secret professionnel, à savoir
qu'eu égard à cette relation, il y aurait impossibilité de taxer la société
mais qu'il faudrait tout au contraire taxer directement la personne
physique qui exerce cette profession sous le couvert de cette société
civile à forme commerciale.
Il semblerait qu'on dise qu'il y a simulation ou que ces sociétés
seraient fondées sur un caractère simulé de leur constitution et de
leur fonctionnement, ce qui tendrait à nier l'existence même de celles-
ci, souvent des sociétés de moyens, et qui contesterait, dans le chef
de ces professions libérales ainsi constituées, le choix légal de la voie
la moins imposée.
Je voudrais savoir si des instructions ont été données en ce sens aux
services de taxation. En l'absence de toute simulation dans le chef de
ces professions libérales, le ministre peut-il me confirmer que cette
position n'est pas conforme à la jurisprudence traditionnelle en
l'espèce?
beroepen rechtvaardigt, zou de
natuurlijke
persoon
die
het
beoefent,
rechtstreeks
belast
moeten worden. Er zou sprake zijn
van een schijnhandeling, waardoor
het
bestaan
van
die
vennootschappen zou ontkend
worden en de wettelijke keuze van
de minst belaste weg op de helling
zou komen te staan.
Werden er richtlijnen in die zin
gegeven?
Kan
de
minister
bevestigen dat dit standpunt in
strijd is met de rechtspraak?
09.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, je peux
confirmer à Mme Marghem qu'aucune instruction n'a été donnée
récemment en la matière aux services de taxation. L'administration
s'est en effet ralliée à la doctrine qui admet que les professions
libérales puissent être exercées au nom et pour le compte d'une
société possédant la personnalité juridique, à condition que l'organe
d'une telle personne morale réunisse les qualifications légales et
réglementaires requises pour l'exercice de cette profession. Il n'y a
donc aucun changement en la matière. Je renvoie donc aux directives
tracées aux numéros 23.39.1 et 23.39.6 du commentaire administratif
du Code des impôts sur les revenus 1992 qui reste, en principe,
d'application.
09.02 Minister Didier Reynders:
Recentelijk werd er geen enkele
richtlijn in die zin gegeven. Op dat
vlak verandert er dus niets. Ik
verwijs naar de nummers 23.39.1
en 23.39.6 van het administratief
commentaar op het WIB.
09.03 Marie-Christine Marghem (MR): Monsieur le président, vous
comme moi, exerçons une profession libérale, mais pour ma part, je
travaille en tant que personne physique.
En tout cas, c'est une excellente nouvelle et je remercie le ministre
pour sa réponse.
09.03 Marie-Christine Marghem
(MR): Dat is uitstekend nieuws,
ook al werk ik als natuurlijke
persoon.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
10 Question de M. David Lavaux au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'application de la taxe sur les jeux et paris aux rallyes automobiles" (n° 1203)</b>
10 Vraag van de heer David Lavaux aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het toepassen op autorally's van de belasting op spelen en
weddenschappen" (nr. 1203)
10.01 David Lavaux (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, le SPF Finances perçoit en faveur des Régions la taxe sur
les jeux et paris dont le taux est unique et fixé par les Régions.
Il apparaît que, dans une seule région de notre pays, à savoir
l'arrondissement de Thuin, cette taxe est appliquée aux rallyes
automobiles alors qu'il n'est en aucun cas question de pari ou de jeu
en l'occurrence. Les participants s'acquittent d'un droit d'inscription
comprenant essentiellement les frais d'assurance ainsi que les frais
d'organisation, encore appelés frais administratifs. Il n'est donc
10.01 David Lavaux (cdH): De
FOD Financiën int de belasting op
de spelen en de weddenschappen
voor rekening van de Gewesten.
Daarvoor
geldt
een
uniek
belastingtarief
dat
door
de
Gewesten wordt vastgelegd.
In het arrondissement Thuin wordt
die belasting blijkbaar toegepast
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
37
nullement question de pari puisqu'il n'y a aucun prix à la clé de ces
épreuves; uniquement une coupe pour autant que l'on termine cette
épreuve.
Il apparaît également que, selon les endroits de l'arrondissement de
Thuin où se déroulent les épreuves, la taxe de 11% est appliquée sur
l'ensemble des frais d'inscription c'est le cas des rallyes
d'Erquelinnes, ma commune, qui dispose de personnes
particulièrement zélées ou uniquement sur les frais administratifs, et
cela concerne les autres communes de la Botte du Hainaut.
Monsieur le ministre, vous est-il possible de clarifier la situation au
sujet de l'application de cette taxe aux épreuves de rallye automobile
et de faire en sorte que cette clarification amène un retour en arrière
des taxations de la région de Thuin? En effet, ce sont les seules
épreuves taxées dans notre pays.
De quel recours disposent les organisateurs de rallyes qui auraient
été indûment taxés depuis plusieurs années?
op autorally's terwijl er geenszins
sprake is van een spel of een
weddenschap vermits er louter
een beker te winnen valt.
Bovendien wordt die belasting van
elf procent naargelang van de
plaats in het arrondissement Thuin
waar men zich bevindt, toegepast
op
het
totaal
van
de
inschrijvingskosten dan wel op de
administratieve kosten alleen.
Kan u de situatie toelichten om die
fiscale regeling in de streek rond
Thuin ongedaan te maken? Hoe
kunnen de organisatoren van
rally's die sinds enkele jaren
wellicht onterecht zijn belast
hiertegen beroep aantekenen?
10.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, monsieur
Lavaux, je vais tenter de clarifier. Actuellement, les services
d'inspection compétents apprécient le caractère taxable d'un
événement sportif, en ce compris les rallyes automobiles, sur base
des principes suivants.
En vertu de l'article 43 du Code des taxes assimilées aux impôts sur
les revenus, les rallyes automobiles peuvent être soumis à la taxe sur
les jeux et paris qui frappe, en principe, tous les jeux et paris, même
s'ils ne sont pas exploités au titre de profession. Le droit fiscal ne
définissant toutefois pas la notion de jeux et paris, il y a lieu de se
référer, pour certains événements, comme les rallyes automobiles, à
la notion de contrat aléatoire telle que définie à l'article 1964 du Code
civil. Or, en vertu de cette disposition, il importe que le concept
d'espoir de gain soit présent dans le chef du participant pour que l'on
puisse parler de jeu et pari taxable.
Dans le cas des rallyes, si une gratification est prévue pour le gagnant
ou les mieux placés, par exemple, une somme d'argent ou des
accessoires automobiles, il s'agit d'un contrat aléatoire et l'événement
est soumis à la taxe sur les jeux et paris. Par contre, si les
participants au rallye ne peuvent espérer aucun prix, hormis une
coupe ou un trophée souvenir, il ne s'agit pas d'un contrat aléatoire et,
a fortiori, d'un jeu ou pari.
C'est l'analyse du règlement de la course et de tous les documents
utiles, tels la publicité, les sites internet et autres, qui permet à
l'administration de qualifier l'événement en cause, un contrôle sur
place ou a posteriori restant évidemment possible.
En ce qui concerne la base d'imposition, il faut prendre en compte le
montant brut des sommes engagées, c'est-à-dire les mises et enjeux
ou, plus généralement, les sommes que risquent les intéressés dans
les jeux et paris. Sont assimilés à ces sommes les droits ou
redevances dus pour la participation ou l'inscription.
En ce qui concerne les recours, une réclamation motivée adressée au
directeur des contributions directes dans le ressort duquel l'imposition
10.02 Minister Didier Reynders:
Momenteel
wordt
de
belastbaarheid
van
sportevenementen
door
de
bevoegde
inspectiediensten
nagegaan.
Krachtens artikel 43 van het
Wetboek
van
de
met
de
inkomstenbelastingen
gelijk-
gestelde
belastingen
kunnen
autorally's aan de belasting op de
spelen en de weddenschappen
worden
onderworpen. Tevens
dient te worden verwezen naar de
zogenaamde
kanscontracten,
zoals bepaald bij artikel 1964 van
het Burgerlijk Wetboek, krachtens
hetwelk de hoop op winst uit
hoofde van de deelnemer maakt
dat er sprake is van belastbare
spelen of weddenschappen.
Indien er een beloning wordt
uitgereikt, bijvoorbeeld in de vorm
van
een
geldsom
of
autoaccessoires, is er sprake van
een kanscontract en is het
evenement onderworpen aan de
belasting op de spelen en de
weddenschappen. Dat is niet het
geval indien de deelnemers geen
enkele prijs kunnen winnen,
behalve dan een beker of een
herdenkingstrofee.
Wat de heffingsgrondslag betreft,
moet men rekening houden met
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
38
a été établie doit être introduite dans les six mois à partir de la date
d'envoi de l'avertissement-extrait de rôle, ou de l'avis de cotisation ou
de la perception des impôts perçus autrement que par rôle (art. 367 et
371 du Code des impôts sur les revenus 1992, en abrégé CIR 92). Un
recours devant le tribunal de première instance territorialement
compétent peut être introduit dans les trois mois de la notification de
la décision directoriale, en cas de désaccord avec celle-ci. Un recours
peut également être introduit en cas d'absence de décision dans les
six ou neuf mois, selon le cas, de la réception du recours administratif
(art. 1385 undecies du Code judiciaire).
En conclusion, on peut dire que le caractère taxable d'un rallye
automobile repose sur une appréciation des modalités de
l'organisation de la course, visant à déterminer la présence du
concept d'espoir de gains dans le chef des participants. S'il est
évident que les principes de taxation ci-dessus rappelés sont connus
des inspections en charge du contrôle, et appliqués, la marge
d'appréciation induite par le caractère relativement général de la
législation applicable à cette matière explique qu'il n'y ait pas de
politique de taxation parfaitement uniforme et que certains cas
puissent être discutés par les redevables taxés. En ce sens, je vais
faire examiner le cas que vous avez signalé et je tenterai de vous
tenir au courant du suivi de cet examen.
het brutobedrag van de ingelegde
sommen. De rechten of bijdragen
die bij deelname of inschrijving
verschuldigd zijn, worden met die
sommen gelijkgesteld.
De beroepsmogelijkheden staan
beschreven in het Wetboek van de
Inkomstenbelastingen.
Het
belastbare karakter van een
autorally
berust
op
een
beoordeling van de voorwaarden
waaronder de wedstrijd wordt
georganiseerd. Ik zal het door u
vermelde geval laten onderzoeken
en zal u op de hoogte houden van
het gevolg dat eraan wordt
gegeven.
10.03 David Lavaux (cdH): Je vous remercie pour cette réponse
complète et je me tiens également à votre disposition pour vous
fournir tous les renseignements nécessaires sur les différents rallyes
et les traitements différents qui leur sont appliqués.
10.03 David Lavaux (cdH): U
kan steeds bij mij terecht voor alle
nuttige inlichtingen.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
11 Question de Mme Florence Reuter au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "l'information du public sur les services du SECAL" (n° 1241)</b>
11 Vraag van mevrouw Florence Reuter aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de voor het publiek beschikbare informatie over de diensten van de
DAVO" (nr. 1241)
11.01 Florence Reuter (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, le Service des créances alimentaires (SECAL) a été créé par
la loi du 21 avril 2003. Il a été mis en place pour répondre au
problème du non-paiement des pensions alimentaires dues en cas de
divorce ou de séparation.
Dans un premier temps, il était chargé du recouvrement; depuis
octobre 2005, il est aussi chargé des avances sur les pensions
alimentaires. On comprend très bien que pour des raisons
budgétaires évidentes, les avances sont accordées et sont limitées en
fonction des revenus alors que le service de recouvrement est
accessible à tous les créanciers.
Le nombre de dossiers introduits au SECAL était de 9.700 en 2005 et
de 24.000 en 2006.
Pourtant, il semble que le Service est encore peu connu du grand
public malgré les informations complètes et disponibles sur le site
internet du SPF Finances. Ma question porte donc sur l'information. Il
serait intéressant que les créanciers susceptibles d'avoir recours aux
11.01 Florence Reuter (MR): Bij
de Dienst Alimentatievorderingen
(DAVO) werden in 2005 9.700 en
in 2006 24.000 dossiers ingediend.
Toch geniet de dienst bij de
bevolking geen grote bekendheid.
De schuldeisers die zich tot de
DAVO kunnen wenden zouden op
de hoogte moeten zijn van het
bestaan van die dienst en van de
nadere
regels
voor
de
tegemoetkoming zodra ze over
een uitvoerende titel beschikken of
de authentieke akte verleden is.
Werd daartoe in een mechanisme
voorzien?
Kunnen particulieren langs andere
kanalen dan via de site van de
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
39
services du SECAL puissent connaître son existence et les modalités
de ses interventions dès l'obtention du titre exécutoire ou la passation
de l'acte authentique.
Monsieur le ministre, un tel mécanisme est-il prévu dès l'obtention du
titre exécutoire? Quels sont les autres médias, hormis internet, par
lesquels les particuliers peuvent obtenir des informations? Avez-vous
des chiffres plus récents sur le nombre de dossiers traités par le
SECAL, qu'il s'agisse des demandes de récupération de créances ou
des demandes d'avances de pensions?
FOD
Financiën
informatie
verkrijgen in dat verband?
Beschikt u over recentere cijfers in
verband met het aantal door de
DAVO behandelde dossiers?
11.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, tout d'abord,
je vais réagir sur le volet information.
Les clients potentiels du SECAL peuvent être informés de l'existence
et des missions du Service tant via internet que via les canaux plus
classiques.
Lors de la création du Service en juin 2004, le SPF Finances a fait
imprimer des brochures et des dépliants à raison de 10.000
exemplaires tant en néerlandais qu'en français. En 2005, afin
d'informer le public de l'extension des missions avec le paiement des
avances sur pension alimentaire, le même nombre de brochures et de
dépliants a été distribué. Enfin, dans le courant du second semestre
de 2007, une nouvelle campagne d'information a été lancée. Pas
moins de 10.500 affiches, 170.000 dépliants et 40.000 brochures ont
été imprimés. Leur champ de diffusion a été étendu. Ainsi, par
exemple, les notaires et les maisons de justice ont également reçu
l'information et peuvent la mettre à la disposition de leurs clients.
Nous en arrivons ainsi à la suggestion d'insérer l'information relative à
l'existence et aux missions du Service directement dans le titre
exécutoire. C'est une étape qui va plus loin que la diffusion de
l'information aux notaires et aux maisons de justice. Comme je l'ai
déjà dit à de nombreuses reprises en commission, je reste ouvert à
des initiatives qui permettraient un meilleur fonctionnement et une
meilleure connaissance du Service. Nous examinerons cette
possibilité.
En ce qui concerne les chiffres du SECAL, je vous informe qu'au
31 décembre 2007, un peu plus de 26.800 dossiers étaient en
traitement. Parmi ceux-ci, environ 11.900 dossiers concernaient le
recouvrement d'avances de CPAS et 14.900 le recouvrement de
pensions alimentaires et de leurs arriérés et/ou le paiement
d'avances, ces derniers comptant 6.061 dossiers pour lesquels des
avances sur pension alimentaire étaient octroyées.
Pour ces dossiers, 10.685 enfants bénéficient de telles avances. Ces
chiffres peuvent sembler ne guère avoir évolué au regard de ceux
repris dans le rapport d'évaluation 2006. En effet, nous disposons en
principe d'un rapport annuel fourni au Parlement. Cela est dû à un
contrôle de qualité des données, aux corrections qui en ont découlé et
à une amélioration des requêtes appliquées à la banque de données.
L'augmentation du nombre de dossiers a été démontrée, par exemple
par le montant des avances octroyées. Il est passé de 14,2 millions
d'euros en 2006 à 14,9 millions d'euros en 2007. Je pense, monsieur
le président, que nous aurons l'occasion de revenir à nouveau sur ce
11.02 Minister Didier Reynders:
Toen de dienst in juni 2004 werd
opgericht, heeft de FOD Financiën
10.000 brochures laten drukken,
evenveel
Nederlands-
als
Franstalige. In 2005 werden
eveneens 10.000 brochures en
folders verspreid om de bevolking
op de hoogte te brengen van de
ruimere opdrachten van die dienst.
In 2007 ten slotte ging een nieuwe
informatiecampagne van start,
waarbij 10.500 affiches, 170.000
folders en 40.000 brochures
werden verspreid. Die werden nu
ook aan de notarissen en de
justitiehuizen bezorgd.
We zullen nagaan of die informatie
rechtstreeks in de uitvoerende titel
kan worden opgenomen.
Op 31 december 2007 waren er
ruim
26.800
dossiers
in
behandeling. Zo'n 11.900 dossiers
hadden
betrekking
op
de
terugvordering
van
de
voorschotten van de OCMW's en
14.900 op de terugvordering van
alimentatie
en
achterstallige
alimentatie en/of op de betaling
van
voorschotten.
In
6.061
dossiers werden voorschotten op
de alimentatie toegekend.
Voor die dossiers genieten 10.685
kinderen dergelijke voorschotten.
Men zou de indruk kunnen krijgen
dat die cijfers
sinds 2006
nauwelijks zijn geëvolueerd, maar
uit de evolutie van het bedrag van
de toegekende voorschotten (van
14,2 miljoen euro in 2006 naar
14,9 miljoen euro in 2007) blijkt
dat het aantal dossiers
is
toegenomen.
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
40
dossier. Il importe évidemment de se rendre compte que de
nombreuses associations interviennent en cette matière. Comme je
l'ai toujours dit aux représentants des associations, tous les
documents et informations sont évidemment à leur disposition. J'invite
les associations à les diffuser, bien entendu.
In deze aangelegenheid spelen tal
van verenigingen een rol en
aangezien alle documenten en
informatie te hunner beschikking
worden gesteld, vraag ik ze die te
verspreiden.
11.03 Florence Reuter (MR): Monsieur le président, je remercie M.
le ministre pour toutes ces informations. Effectivement, les
campagnes d'information ont été nombreuses. Aussi est-il difficile
d'expliquer pourquoi autant de personnes ne sont pas encore tout à
fait au courant du système, vu l'importance d'un service comme le
SECAL, vu le nombre de divorces toujours en augmentation et,
partant, le nombre de demandes de créances alimentaires. Il est
intéressant de revenir sur la question pour lancer davantage
d'informations.
Un autre constat intéressant est le bon fonctionnement du service,
puisque bon nombre de personnes qui ont besoin de ces pensions
alimentaires n'ont pas forcément directement recours à un avocat.
Dès lors, il convient de rappeler l'importance du SECAL.
11.03 Florence Reuter (MR):
Gezien
de
talrijke
informatiecampagnes valt moeilijk
te verklaren waarom zoveel
mensen nog steeds geen weet
hebben van het bestaan van een
zo belangrijke dienst, waarvan we
bovendien moeten vaststellen dat
hij naar behoren werkt.
De voorzitter: In dit kader wil ik toch even aan de vicepremier een
kleine suggestie geven in verband met DAVO. Er zijn bij de
samenstelling van de evaluatiecommissie een aantal leden die niet
herkozen zijn in dit Parlement. Misschien zou het nuttig zijn om de
evaluatiecommissie aan te passen aan de nieuwe realiteit in dit
Parlement. Misschien kan men even nakijken welke effectieve en
plaatsvervangende leden aan vervanging toe zijn. Dat zou zo snel
mogelijk moeten gebeuren. Wij zijn nu toch al een aantal maanden na
de verkiezingen. Ik ken het aantal dagen niet van buiten, vroeger werd
het dagelijks opgeteld, maar het is misschien wel nodig om de
evaluatiecommissie aan te passen.
Le président: Il serait peut-être
utile d'adapter la composition de la
commission d'évaluation du SCA à
la
nouvelle
composition
du
Parlement.
11.04 Minister Didier Reynders: Ik zal contact opnemen met de
fracties.
11.04 Didier Reynders, ministre:
Je prendrai contact avec les
groupes à ce sujet.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Het punt 15, vraag nr. 1318 van de heer Wathelet, is
uitgesteld. Ook vraag nr. 1321 van de heer Devlies, punt 16 op de
agenda, is uitgesteld.
Le président: Les questions n
os
1318 de M. Wathelet et 1321 de
M. Devlies sont reportées.
12 Vraag van de heer Raf Terwingen aan de minister van Economie, Zelfstandigen en Landbouw over
"de verzekering van pleziervaartuigen" (nr. 1323)
12 Question de M. Raf Terwingen à la ministre de l'Économie, des Indépendants et de l'Agriculture sur
"l'assurance des bateaux de plaisance" (n° 1323)</b>
12.01 Raf Terwingen (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, het is een vaststelling dat er hoe langer hoe
meer sprake is van pleziervaartuigen op alle Belgische waterwegen.
Met het toegenomen verkeer is natuurlijk ook het risico van
ongevallen en aanvaringen hoe langer hoe groter geworden.
Daarover gaat mijn vraag concreet.
12.01 Raf Terwingen (CD&V - N-
VA): Le nombre de navires de
plaisance sur les voies navigables
belges augmente. Il en résulte que
le risque d'accidents augmente
également. Les amateurs de la
navigation de plaisance pensent
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
41
De gevolgen van zulke ongevallen zijn vaak zeer zwaar. Bij een aantal
ongevallen, onder meer in de Grensmaas ik ben van het Maasland
afkomstig, waar ook veel pleziervaart is denken de eigenaars van
de vaartuigen vaak dat ze gedekt zijn door de BA-verzekering of
familiale verzekering in de volksmond, maar dat blijkt dan niet zo te
zijn. De financiële gevolgen daarvan, zowel voor de eigenaars alsook
voor de slachtoffers, zijn vaak niet te overzien.
Daarom heb ik een aantal concrete vragen, mijnheer de minister.
Hebt u een idee over de cijfers van het aantal ingeschreven
pleziervaarttuigen in ons land? Hoeveel van deze vaartuigen zijn
vrijwillig verzekerd? Bestaan daar gegevens over? Ik vraag het mij af,
want ik weet het niet.
Is de problematiek van het niet verzekerd varen en het daaraan
gekoppelde probleem van de vergoeding van de schade indien er
iets zou gebeuren u bekend? Komt het vaak voor? Lijkt het u in die
omstandigheden eventueel noodzakelijk om daaromtrent in een
wettelijke omkadering te voorzien?
souvent erronément qu'ils sont
couverts par leur assurance RC,
ce qui entraîne une catastrophe
financière en cas d'accident.
Combien de navires de plaisance
dénombre-t-on dans notre pays?
Combien de ces navires sont
assurés
volontairement?
Le
ministre sait-il que des nombreux
navires
naviguent
sans
assurance? N'estime-t-il pas qu'il
serait indiqué de prendre une
initiative législative?
12.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Terwingen, spijtig genoeg heb ik geen cijfers over het precieze aantal
ingeschreven pleziervaartuigen in ons land. Aangezien de
pleziervaartuigen echter aan een inschrijving onderworpen zijn die
wordt georganiseerd door de FOD Mobiliteit, zou ik u willen aanraden
uw vraag eveneens te stellen aan de minister die Mobiliteit in zijn
bevoegdheid heeft.
Vermits ik het precieze aantal ingeschreven pleziervaartuigen niet
ken, kan ik niet meedelen hoeveel ervan verzekerd zijn. Bij weten van
mij diensten bestaan daarover geen gegevens, temeer omdat een
dergelijke verzekering ook in het buitenland kan worden aangegaan.
Ik zal uw vraag naar mijn collega van Mobiliteit sturen om een
antwoord te krijgen op de vraag naar het aantal pleziervaartuigen.
Bij mijn dienst is nooit een klacht binnengekomen met betrekking tot
het onverzekerd varen. Toch is de problematiek mij niet helemaal
onbekend. Ik verwijs in dit verband naar het arrest nummer 193/2005
van 21 december 2005 van het Arbitragehof, nu Grondwettelijk Hof
genaamd, dat zich diende uit te spreken over de toepassing van
artikel 29bis van de wet van 21 november 1989, betreffende de
verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen op de
pleziervaart. Het Hof besloot tot de niet-toepasselijkheid van deze
bepaling.
Ik beschik over onvoldoende elementen om te oordelen over de
noodzaak van een wettelijke omkadering van de verzekering van
pleziervaartuigen. Ik ben echter bereid om verder te gaan, misschien
via contacten met verschillende specialisten, om dat te verifiëren.
Vandaag is het te vroeg om een antwoord te geven daarop.
12.02 Didier Reynders, ministre:
Je ne dispose pas encore du
nombre de bateaux de plaisance
dans notre pays. Ils doivent
toutefois
bel
et
bien
être
enregistrés et il serait donc
judicieux de poser cette question
au ministre de la Mobilité. Etant
donné que je ne connais pas le
nombre de bateaux inscrits, je ne
peux pas non plus vous dire
combien
sont
assurés.
Ces
assurances peuvent par ailleurs
aussi être souscrites à l'étranger.
Mes
services
n'ont
jamais
enregistré de plainte concernant
des bateaux non assurés, mais je
sais que la Cour constitutionnelle a
jadis rendu un arrêt stipulant que
l'assurance de responsabilité en
matière de véhicules automoteurs
ne s'appliquait pas aux bateaux de
plaisance.
Je
ne
dispose
pas
de
suffisamment d'éléments pour
juger de l'éventuelle nécessité de
rendre
légalement
obligatoire
l'assurance
des bateaux de
plaisance. Je suis toutefois prêt à
contacter des spécialistes en la
matière pour le déterminer.
12.03 Raf Terwingen (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik dank
u voor uw antwoord. Het is duidelijk. Wij moeten misschien samen
verder zoeken naar een aantal gegevens. Ik kan u enkel meegeven
12.03 Raf Terwingen (CD&V - N-
VA): Nous devrions peut-être nous
mettre ensemble en quête de
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
42
dat ik inderdaad in mijn eigen praktijk, als plaatselijk advocaat, een
aantal zaken over ernstige ongevallen heb behandeld, onder andere
met overleden zwemmers, twee tot nu toe, op twee jaar tijd.
Dat is eigenlijk de reden waarom ik deze problematiek heb
aangekaart. Anders moeten wij eventueel denken aan een
parlementair initiatief dienaangaande om ter zake iets te creëren.
Toch bedankt voor uw antwoord, mijnheer de minister.
quelques données. Dans mon
cabinet
d'avocats,
j'ai
été
confronté à une série d'accidents
graves, pour certains mortels
même. Il serait donc peut-être bon
de
prendre
une
initiative
parlementaire en vue de régler
cette question.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
13 Vraag van mevrouw Barbara Pas aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de Koninklijke Schenking" (nr. 1326)
13 Question de Mme Barbara Pas au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la Donation royale" (n° 1326)</b>
13.01 Barbara Pas (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, het verhaal van de Koninklijke Schenking begint,
zoals wel meer verhalen in dit land, bij Leopold II. Deze wou absoluut
vermijden dat zijn indrukwekkende vastgoedportemonnee in de
handen van zijn drie dochters zou komen. Onder strikte voorwaarde
dat de eigendommen niet mochten worden verkocht en ter
beschikking van de Koninklijke familie moesten blijven, schonk hij de
goederen aan de Belgische Staat.
Het koninklijk besluit van 9 april 1930 maakte van de Koninklijke
Schenking een zelfstandige, openbare instelling, en dit onder toezicht
van de minister van Financiën. De Koninklijke Schenking is volledig
financieel autonoom, dus zonder lasten voor de Schatkist. De
Schenking voorziet in het beheer, evenals in de bewaring van de
goederen. De instelling kan, na goedkeuring door de minister van
Financiën, evenwel eigendom kopen, verkopen, ruilen of in pacht
geven. Zoals reeds gezegd, moeten de opbrengsten toelaten dat de
Koninklijke Schenking haar uitgaven met eigen inkomsten kan
dekken. De Schenking zit de laatste jaren echter in financiële
problemen. Ondertussen zijn met uw goedkeuring enkele eenmalige
maatregelen genomen en zijn de villa in Oostende en 552 ha grond in
Postel definitief uit de activa van de Koninklijke Schenking weg.
Om het hoofd financieel boven water te houden, werden onlangs drie
belangrijke kantoorgebouwen van de Schenking in langdurige
erfpacht gegeven, zodat de instelling niet zelf voor de renovatiekosten
moet opdraaien. Het Rekenhof merkte reeds op dat de Koninklijke
Schenking meer een bedrijfsboekhouding zou moeten voeren in de
plaats van de huidige kasbegroting. Ook vanuit de academische
wereld is er vraag naar meer communicatie en transparantie in
verband met het beheer van deze instelling.
Het openbaar karakter van de Koninklijke Schenking blijkt mijn inziens
uit de wettelijke basis, het toezicht door de minister van Financiën
alsook door het Rekenhof, en de functie van de goederen in het kader
van het openbaar belang. Als openbare instelling rijst de vraag of de
Koninklijke Schenking ook niet onderhevig is aan de bepalingen
betreffende de openbaarheid van bestuur.
Mijnheer de minister, mijn eerste vraag heeft betrekking op deze
13.01 Barbara Pas (Vlaams
Belang): La Donation royale doit
son nom à la donation par le roi
Léopold II d'un certain nombre de
biens royaux à l'État belge.
L'arrêté royal du 9 avril 1930 a
transformé la Donation royale en
établissement public autonome
placé sous la tutelle du ministre
des Finances. Pour couvrir ses
propres
dépenses,
cette
institution
peut,
moyennant
l'approbation du ministre, acheter,
vendre ou donner à bail des
propriétés. Ainsi, trois immeubles
de bureaux ont récemment été
cédés par un bail emphytéotique
de longue durée pour éviter les
frais de rénovation. La Cour des
comptes
a
déjà
relevé
précédemment que la Donation
royale devrait en principe tenir une
comptabilité analytique en lieu et
place du budget de caisse actuel.
La question se pose de savoir si la
Donation
royale
n'est
pas
également
soumise
aux
dispositions relatives à la publicité
de l'administration.
Le rapport annuel de la Donation
royale relève-t-il de la législation
fédérale relative à la publicité de
l'administration? Est-il soumis à la
loi du 11 avril 1994? A-t-on déjà
pris des mesures pour qu'à
l'avenir, les comptes de la
Donation royale soient déposés en
temps voulu à la Cour des
comptes? Pourquoi un membre du
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
43
openbaarheid van bestuur, meer bepaald inzake het jaarverslag dat
de Koninklijke Schenking jaarlijks aan de minister van Financiën en
het Rekenhof dient te bezorgen. Valt het jaarverslag onder de
federale openbaarheidwetgeving? Is de wet van 11 april 1994
betreffende de openbaarheid van bestuur toepasselijk op dit
jaarverslag?
Ten tweede, in het laatste boek van het Rekenhof wordt opgemerkt
dat de rekeningen van de Koninklijke Schenking niet tijdig werden
ingediend. Werden reeds maatregelen genomen om die rekeningen in
de toekomst tijdig klaar te hebben? Zo neen, wat is daarvoor de
motivatie?
Ten derde, de Koninklijke Schenking wordt bestuurd door een
beheerraad van momenteel 11 leden, 5 Nederlandstaligen en 6
Franstaligen. De leden worden aangeduid via koninklijk besluit van 9
april 1930 en naast een vertegenwoordiger van koningin Fabiola
bestaat deze beheerraad uit 4 dignitarissen van het Huis van de
Koning, een ambtenaar van het Waals Gewest, een ambtenaar van
het Vlaams Gewest, 3 ambtenaren van de FOD Financiën en een lid
van de beheerraad van de Dexia Bank. Deze keuze voor de Dexia
Bank is allicht historisch gegroeid, maar ik vraag mij af of er ook
andere redenen voor de keuze voor een specifieke bank, en of het na
meer dan 75 jaar niet tijd wordt om deze keuze eens te evalueren en
eventueel te herzien?
In het kader van de transparantie zou het nuttig zijn om de reële
marktwaarde van alle gronden en gebouwen van de Koninklijke
Schenking te kennen. Mijnheer de minister, bent u bereid om aan te
dringen op een onafhankelijke studie om de hedendaagse
commerciële waarde van deze goederen te kennen?
Ik dank u bij voorbaat voor uw antwoord, mijnheer de minister.
conseil d'administration de Dexia
siège-t-il
au
conseil
d'administration de la Donation
royale? Cette situation ne doit-elle
pas être réexaminée? Le ministre
est-il disposé à faire inventorier la
valeur commerciale actuelle de
ces propriétés par le biais d'une
étude indépendante?
13.02 Minister Didier Reynders: Mevrouw Pas, er wordt u gemeld
dat sinds het jaar 2004 de geglobaliseerde cijfers met betrekking tot
dit verslag worden gepubliceerd op de website van de FOD Financiën
onder de rubriek Koninklijke Schenking. Het is dus mogelijk om dat op
onze website te bekijken. De Koninklijke Schenking meldt mij dat uit
het verslag van het Rekenhof, pagina 317, blijkt dat er in 2007 reeds
een inspanning werd geleverd met het oog op het sneller indienen van
de jaarrekening. De Schenking verklaart bovendien in 2008 alles in
het werk te zullen stellen om de door het Rekenhof voorgeschreven
termijn na te zullen leven.
De gedelegeerd bestuurder van de Koninklijke Schenking merkt op
dat voor zover hij weet het organiek reglement van de Koninklijke
Schenking, koninklijk besluit van 9 april 1930 gepubliceerd in het
Belgisch Staatsblad van 29 mei 1930, nergens oplegt dat een raad
van bestuur van Dexia bank deel moet uitmaken van de raad van
bestuur van de Koninklijke Schenking.
De Koninklijke Schenking verduidelijkt dat de waarde van haar
gebouw werd geschat door de commissie voor de Inventaris van het
Vermogen van de Staat die afhangt van de FOD Financiën en stelt
zich bovendien de vraag of het nuttig is de commerciële waarde te
schatten van een vermogen dat grotendeels onvervreemdbaar en van
een moeilijk te becijferen historische waarde is, bijvoorbeeld de
13.02 Didier Reynders, ministre:
Depuis 2004, les chiffres généraux
du rapport de la Donation royale
sont publiés sur le site Internet du
SPF Finances, sous la rubrique
"Donation royale". D'après les
informations que je tiens de la
Cour des comptes, il ressort du
rapport qu'un effort avait déjà été
fait en 2007 pour introduire plus
rapidement les comptes annuels.
En 2008, la Donation mettra tout
en oeuvre pour respecter le délai
imparti par la Cour des comptes.
L'administrateur délégué de la
Donation royale souligne que le
règlement
organique
de
la
Donation
n'impose
nullement
qu'un représentant de Dexia
Banque siège au sein du conseil
d'administration.
La valeur des bâtiments de la
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
44
koninklijke serres van Laken.
Ik heb geen ander antwoord wat uw vragen betreft.
Donation a été estimée par la
Commission pour l'inventaire du
patrimoine de l'État. La Donation
s'interroge également sur l'utilité
d'estimer la valeur commerciale
d'un patrimoine en grande partie
inaliénable
dont
la
valeur
historique
est
difficilement
quantifiable.
13.03 Barbara Pas (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, u verwijst
naar de rekeningen die worden gepubliceerd op de webstek van de
FOD Financiën. In uw antwoord op de schriftelijke vraag van de heer
Van Biesen naar de openbaarheid van de jaarverslagen van de
Koninklijke Schenking verwees u ook naar die rekeningen.
Ik weet dat de rekeningen sinds 2004 raadpleegbaar zijn op de
webstek van uw departement. De recentste geglobaliseerde cijfers die
er nu op staan, zijn de rekeningen van 2005.
Mijn vraag gaat echter niet over de rekeningen, maar over het
jaarverslag, wat een belangrijk deel is van het jaarlijks
begrotingsdocument. Het is in dat jaarverslag dat de rekening wordt
voorgesteld op basis van een kasbegroting met functionele weergave
van de ontvangsten en van de uitgaven. Dat jaarverslag wordt aan u
meegedeeld en ook aan het Rekenhof.
De controle door het Rekenhof toont systematisch aan dat de
Schenking geen transparante boekhouding voert, omdat de
Schenking nog altijd werkt met een kasboekhouding waarbij het
onroerend goed aan historische waarde wordt geboekt, en dus niet
aan de actuele waarde. Wij hebben dan ook geen zicht op de actuele
waarde van al die gebouwen. Ik denk wel, teneinde een duidelijk
inzicht te krijgen in de financiële toestand en het beheer van de
Koninklijke Schenking, dat het absoluut noodzakelijk is dat er
daarover klaarheid komt.
Een openlijk beleid van de Koninklijke Schenking, bijvoorbeeld door
openbare jaarverslagen, zou zeker bijdragen tot een moderne
communicatie aangaande dat dossier.
Ik blijf dus met de vraag zitten of de Koninklijke Schenking ook niet
onderhevig is aan de bepalingen aangaande de openbaarheid van
bestuur.
13.03 Barbara Pas (Vlaams
Belang): Le ministre se réfère à
des comptes qui peuvent être
consultés sur le site internet de
son département. Or, les chiffres
les plus récents datent de 2005.
Je ne faisais d'ailleurs pas
spécialement
allusion
aux
comptes mais bien au rapport
annuel qui est transmis au ministre
et à la Cour des comptes et qui
constitue tout de même un
document budgétaire important.
Il ressort du contrôle par la Cour
des comptes que la comptabilité
de la Donation souffre d'un
manque de transparence dû au
fait qu'elle travaille toujours sur la
base d'une comptabilité de caisse,
dans le cadre de laquelle les biens
immobiliers sont comptabilisés sur
la base de leur valeur historique et
non sur celle de leur valeur réelle.
Dans le cadre de la publicité de
l'administration,
il
convient
absolument
d'augmenter
la
transparence.
De voorzitter: Geen repliek meer van de minister.
Mevrouw Pas, aangezien u een schriftelijke vraag van mij erbij hebt
betrokken, wijs ik u op uw mogelijkheid als parlementslid om het
jaarverslag te gaan inkijken op het Rekenhof zelf. Ik raad u dat dan
eigenlijk ook aan om meer specifieke antwoorden op uw vraag te
krijgen. Aangezien het Rekenhof het jaarverslag krijgt, is het
inzagerecht van parlementsleden daarop ook van toepassing. U kunt
het jaarverslag dus op het Rekenhof bekomen.
Le président: Je conseille à
l'auteur de la question de faire
usage du droit de contrôle dont
elle
dispose
en
tant
que
parlementaire et d'aller consulter
le rapport annuel à la Cour des
comptes.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
CRIV 52
COM 067
16/01/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
45
14 Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de aanvullende verkeersbelasting voor LPG-personenwagens"
(nr. 1332)
14 Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la taxe de circulation complémentaire pour voitures roulant au LPG"
(n° 1332)</b>
14.01 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister, wij
konden via de pers vernemen dat de accijnscompenserende heffing
op dieselvoertuigen wordt afgeschaft, de zogenaamde dieseltaks. Tot
nu toe bestaat wel nog steeds de aanvullende verkeersbelasting op
personenwagens die uitgerust zijn met een LPG-installatie, en dat
terwijl personenwagens die rijden met LPG toch een heel stuk
milieuvriendelijker zijn dan andere wagens. Zij zijn zeker een heel stuk
milieuvriendelijker dan dieselwagens. Denk maar aan de problematiek
van de uitstoot van fijn stof.
U weet ook dat de CO
2
-uitstoot van het wagenpark over de hele
wereld een zeer grote rol speelt in de toename van de
broeikasgassen. Maatregelen die deze uitstoot kunnen verminderen
zijn niet alleen goed voor het leefmilieu maar ook voor de gezondheid
van iedereen.
Daarom heb ik drie concrete vragen aan u, mijnheer de minister.
Ten eerste, waarom worden personenwagens die uitgerust zijn met
een milieuvriendelijke LPG-installatie nog altijd aanvullend belast?
Hoeveel brengt die jaarlijkse belasting op?
Ten tweede, mijnheer de minister, bent u het ermee eens dat fiscale
gunstmaatregelen een stimulans kunnen zijn om het aankoopgedrag
van mensen mee te sturen, zeker in een milieuvriendelijke richting?
Laten wij de actualiteit erbij betrekken, nu het Autosalon in het teken
staat van groene wagens, enzovoort. Het zou toch een mooi signaal
kunnen zijn.
Ten derde, bent u bereid op korte termijn de aanvullende
verkeersbelasting op personenwagens met een LPG-installatie te
herbekijken, en te overwegen die eventueel af te schaffen? Ik dank u.
14.01 Stefaan Van Hecke
(Ecolo-Groen!): La presse fait état
de la suppression de la taxe
compensatoire des accises qui
s'applique aux véhicules roulant
au gasoil. En revanche, la taxe
additionnelle
appliquée
aux
véhicules qui roulent au GPL,
pourtant
beaucoup
plus
écologiques, serait maintenue.
Les émissions de CO
2
produites à
l'échelle mondiale par le parc
automobile
jouent
un
rôle
important dans l'accroissement de
l'effet de serre. Pourquoi les
véhicules individuels équipés pour
rouler au GPL sont-ils toujours
frappés d'une taxe additionnelle?
Que rapporte cette taxe sur une
base
annuelle?
Le
ministre
envisage-t-il de la supprimer? Ne
pense-t-il pas que des mesures
fiscales favorables constitueraient
une manière d'orienter le choix
des citoyens lors de l'achat d'un
véhicule?
14.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
Hecke, ik heb de eer u ter kennis te brengen dat bijlage B van richtlijn
2003/96/EG van de Raad van 27 oktober 2003 dat is dezelfde van
in de andere vraag tot herstructurering van de communautaire
regeling voor de belasting van energieproducten en elektriciteit een
minimumaccijnstarief van 125 euro per 1000 kilogram voor LPG als
motorbrandstof vaststelt. Dit tarief is verplicht in de 27 landen die
samen de Europese Unie vormen.
Dit betekent dus dat, gelet op de dichtheid van LPG (0,532), een ton
van dit product overeenstemt met 1880 liter, dit product wordt aan de
pomp in liters aan de verbruiker geleverd, en dat wij dus een accijns
van 125 euro voor 1880 liter zouden moeten toepassen, dit wil zeggen
0,0665 euro per liter exclusief btw of 0,0804 euro per liter btw
inbegrepen.
Momenteel is België het enige land van de Europese Unie dat, met
instemming van Europa, deze accijns niet toepast. Dat is zo omdat wij
14.02 Didier Reynders, ministre:
Une annexe à une directive
européenne impose un taux
d'accises minimum de 125 euros
par 1.000 kg pour le LPG utilisé
comme carburant. La Belgique est
le
seul
pays
de
l'Union
européenne à ne pas appliquer
ces accises avec l'autorisation de
l'Union européenne, parce qu'elle
lève une taxe de circulation
complémentaire correspondant à
des accises. La suppression de
cette taxe, et, par conséquent,
l'application
des
accises,
équivaudrait à une augmentation
de prix de 0,0804 euro par litre. Si
le consommateur roule 20.000 km
16/01/2008
CRIV 52
COM 067
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
46
een aanvullende verkeersbelasting hebben die met een accijns
overeenstemt. Dit betekent dat wij als wij zoals u suggereert deze
aanvullende verkeersbelasting afschaffen, en ik herinner eraan dat
die 89,16 euro per jaar bedraagt voor voertuigen tot 7 pk, 148,68 euro
voor voertuigen van 8 pk tot 13 pk en 208,20 euro voor voertuigen
met meer dan 13 pk, wij de accijns op de motorbrandstof zullen
moeten toepassen. Dit zal leiden tot een prijsstijging van 0,0804 euro
per liter of, als dit een beter inzicht geeft, van 3,25 Belgische frank per
liter.
Aangezien de consumptie in liter op 100 kilometer bij LPG iets hoger
ligt dan bij benzine, zal deze accijns de verbruiker evenveel of meer
kosten dan de verkeersbelasting als hij 20.000 kilometer per jaar
aflegt.
Bovendien kost LPG momenteel ongeveer 0,72 euro per liter terwijl
de benzineprijs ongeveer 1,45 euro per liter bedraagt. Bijgevolg zijn
de gebruikskosten voor de aandrijving van dit type voertuig zeer
gunstig ten opzichte van het klassieke voertuig dat met benzine wordt
aangedreven, wat toch een stimulans voor milieuvriendelijker vervoer
is.
Zoals wij een onderscheid maken tussen de witte gasolie voor
voertuigaandrijving die als dusdanig zwaar wordt belast en de rode
gasolie voor verwarming die als dusdanig licht wordt belast, zouden
wij tot slot ook een onderscheid moeten maken tussen LPG voor
verwarming van woningen die als dusdanig niet zou worden belast en
LPG als motorbrandstof waarop accijns zou worden geheven.
Hiervoor zouden wij de LPG voor verwarming moeten kleuren, wat
technisch erg moeilijk is voor een gas.
Om al die redenen meen ik dat wij beter bij de huidige toestand
blijven, namelijk dat wij LPG voor verwarming niet aan accijnzen
onderwerpen en ter compensatie LPG voor voertuigen aan de
aanvullende verkeersbelasting onderwerpen om de Europese richtlijn
na te leven. Op basis van de voorlopige cijfers beloopt de ontvangst
van d