KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 276
CRIV 52 COM 276
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRÉSENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTÉGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
F
INANCIËN EN DE
B
EGROTING
C
OMMISSION DES
F
INANCES ET DU
B
UDGET
woensdag
mercredi
25-06-2008
25-06-2008
Namiddag
Après-midi
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V - N-VA
Christen-Democratisch en Vlaams ­ Nieuw-Vlaamse Alliantie
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a+Vl.Pro
socialistische partij anders + VlaamsProgressieven
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer François Bellot aan de
staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan
de eerste minister, en staatssecretaris voor
Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van
Werk, en wat de aspecten inzake personen- en
familierecht betreft, toegevoegd aan de minister
van Justitie over "de alternatieve financiering in
Wallonië
en
de
naleving
van
de
convergentiecriteria die door het Verdrag van
Maastricht werden vastgelegd" (nr. 6385)
1
Question de M. François Bellot au secrétaire
d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et
secrétaire d'État à la Politique des familles,
adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui
concerne les aspects du droit des personnes et
de la famille, adjoint au ministre de la Justice sur
"le financement alternatif et organisé en Wallonie
et le respect des critères de convergence définis
par le traité de Maastricht" (n° 6385)
1
Sprekers:
François
Bellot,
Melchior
Wathelet, staatssecretaris voor Begroting en
Gezinsbeleid
Orateurs:
François
Bellot,
Melchior
Wathelet, secrétaire d'État au Budget et à la
Politique des Familles
Vraag van de heer Jean-Luc Crucke aan de
staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan
de eerste minister, en staatssecretaris voor
Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van
Werk, en wat de aspecten inzake personen- en
familierecht betreft, toegevoegd aan de minister
van Justitie over "het kostenplaatje van de
overheid" (nr. 6312)
3
Question de M. Jean-Luc Crucke au secrétaire
d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et
secrétaire d'État à la Politique des familles,
adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui
concerne les aspects du droit des personnes et
de la famille, adjoint au ministre de la Justice sur
"le coût des pouvoirs publics" (n° 6312)
3
Sprekers:
Jean-Luc
Crucke,
Melchior
Wathelet, staatssecretaris voor Begroting en
Gezinsbeleid
Orateurs:
Jean-Luc
Crucke,
Melchior
Wathelet, secrétaire d'État au Budget et à la
Politique des Familles
Vraag van mevrouw Sarah Smeyers aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de werking van
de Dienst voor Alimentatievorderingen (DAVO)"
(nr. 6160)
5
Question de Mme Sarah Smeyers au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le fonctionnement du Service
des créances alimentaires (SECAL)" (n° 6160)
5
Sprekers: Sarah Smeyers, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Sarah Smeyers, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Samengevoegde vragen van
8
Questions jointes de
9
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "een lening voor
de enige en eigen woning" (nr. 6221)
8
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre
et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "un emprunt pour l'habitation
propre et unique" (n° 6221)
9
- de heer Luk Van Biesen aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de indexatie van
de bedragen met betrekking tot de aftrek voor
enige woning" (nr. 6508)
8
- M. Luk Van Biesen au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'indexation des montants
dans le cadre de la déduction pour habitation
unique" (n° 6508)
9
- de heer Jenne De Potter aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "het standpunt
van de minister over de enge interpretatie met
betrekking tot de aftrek voor de enige en eigen
woning" (nr. 6562)
8
- M. Jenne De Potter au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la position du ministre
relative à l'interprétation restrictive en ce qui
concerne la déduction pour habitation propre et
unique" (n° 6562)
9
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Jenne De
Potter, Didier Reynders
, vice-eerste minister
en minister van Financiën en van Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Jenne De
Potter,
Didier
Reynders,
vice-premier
ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de uitwisseling
van
financiële
gegevens
met
de
11
Question de M. Dirk Van der Maelen au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "l'échange de
données financières avec les États-Unis"
11
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Verenigde Staten" (nr. 6236)
(n° 6236)
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Didier
Reynders
, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Didier
Reynders
, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele
Hervormingen
over
"het
dubbelbelastingverdrag met de Verenigde Staten"
(nr. 6237)
13
Question de M. Dirk Van der Maelen au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "le traité de double
imposition avec les États-Unis" (n° 6237)
13
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Didier
Reynders
, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Didier
Reynders
, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de opmerkingen
van de Europese Commissie inzake de Belgische
overheidsfinanciën" (nr. 6402)
17
Question de M. Robert Van de Velde au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "les observations
de la Commission européenne concernant les
finances publiques belges" (n° 6402)
17
Sprekers: Robert Van de Velde, Didier
Reynders
, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Robert Van de Velde, Didier
Reynders
, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Peter Vanvelthoven aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de selectie van
de voorzitter van het directiecomité van de FOD
Financiën" (nr. 6390)
20
Question de M. Peter Vanvelthoven au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la sélection du
président
du
comité
de
direction
du
SPF Finances" (n° 6390)
20
Sprekers: Peter Vanvelthoven, voorzitter van
de sp.a+Vl.Pro-fractie, Didier Reynders, vice-
eerste minister en minister van Financiën en
van Institutionele Hervormingen, Josée
Lejeune
Orateurs: Peter Vanvelthoven, président du
groupe sp.a+Vl.Pro, Didier Reynders, vice-
premier ministre et ministre des Finances et
des
Réformes
institutionnelles,
Josée
Lejeune
Samengevoegde vragen van
21
Questions jointes de
21
- de heer Guy Coëme aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het systeem van Swift voor
de douane" (nr. 6437)
21
- M. Guy Coëme au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le Swift des douanes"
(n° 6437)
21
- mevrouw
Josée
Lejeune
aan
de
staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van
Financiën over "de gegevensuitwisseling inzake
douanerechten" (nr. 6524)
21
- Mme Josée Lejeune au secrétaire d'État, adjoint
au ministre des Finances sur "l'échange de
données en matière de droits de douane"
(n° 6524)
21
Sprekers: Josée Lejeune, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Josée Lejeune, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Jenne De Potter aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de symbolische
sluiting
van
de
registratiekantoren
op
18 juni 2008" (nr. 6445)
23
Question de M. Jenne De Potter au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la fermeture symbolique des
bureaux
d'enregistrement
le
18 juin 2008"
(n° 6445)
23
Sprekers: Jenne De Potter, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Jenne De Potter, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan
de vice-eerste minister en minister van Financiën
en Institutionele Hervormingen over "het oude
gerechtsgebouw te Kortrijk" (nr. 6507)
26
Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu au
vice-premier ministre et ministre des Finances et
des Réformes institutionnelles sur "l'ancien palais
de justice de Courtrai" (n° 6507)
26
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iii
Sprekers: Sabien Lahaye-Battheu, Didier
Reynders
, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Sabien Lahaye-Battheu, Didier
Reynders
, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Michel Doomst aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het elektronisch
beveiligen van politiegebouwen" (nr. 6525)
27
Question de M. Michel Doomst au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la sécurisation électronique
des bâtiments de police" (n° 6525)
27
Sprekers: Michel Doomst, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Michel Doomst, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Hagen Goyvaerts aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de doorstorting
van 75% van de ingehouden woonstaatheffing"
(nr. 6551)
28
Question de M. Hagen Goyvaerts au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles
sur
"le
reversement
à
concurrence de 75% du prélèvement effectué
pour l'État de résidence" (n° 6551)
28
Sprekers:
Hagen
Goyvaerts,
Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs:
Hagen
Goyvaerts,
Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Samengevoegde vragen van
29
Questions jointes de
29
- de heer Robert Van de Velde aan de
staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan
de eerste minister, en staatssecretaris voor
Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van
Werk, en wat de aspecten inzake personen- en
familierecht betreft, toegevoegd aan de minister
van Justitie over "de financieringsbehoefte en het
financieringsplan" (nr. 6558)
29
- M. Robert Van de Velde au secrétaire d'État au
Budget, adjoint au premier ministre, et secrétaire
d'État à la Politique des familles, adjoint à la
ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les
aspects du droit des personnes et de la famille,
adjoint au ministre de la Justice sur "les besoins
de financement et le plan de financement"
(n° 6558)
29
- de
heer
Hagen
Goyvaerts
aan
de
staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan
de eerste minister, en staatssecretaris voor
Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van
Werk, en wat de aspecten inzake personen- en
familierecht betreft, toegevoegd aan de minister
van Justitie over "de financieringsbehoefte en het
financieringsplan" (nr. 6572)
29
- M. Hagen Goyvaerts au secrétaire d'État au
Budget, adjoint au premier ministre, et secrétaire
d'État à la Politique des familles, adjoint à la
ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les
aspects du droit des personnes et de la famille,
adjoint au ministre de la Justice sur "les besoins
de financement et le plan de financement"
(n° 6572)
29
Sprekers: Robert Van de Velde, Hagen
Goyvaerts, Didier Reynders
, vice-eerste
minister en minister van Financiën en van
Institutionele Hervormingen
Orateurs: Robert Van de Velde, Hagen
Goyvaerts, Didier Reynders
, vice-premier
ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de fiscale aftrek
voor risico-kapitaal" (nr. 6560)
33
Question de M. Robert Van de Velde au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la déductibilité
fiscale du capital à risque" (n° 6560)
33
Sprekers: Robert Van de Velde, Didier
Reynders
, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Robert Van de Velde, Didier
Reynders
, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de doorstroming
van de fiscale statistieken" (nr. 6584)
35
Question de M. Robert Van de Velde au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la diffusion des
statistiques fiscales" (n° 6584)
35
Sprekers: Robert Van de Velde, Didier
Reynders
, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs: Robert Van de Velde, Didier
Reynders
, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iv
Vraag van de heer Christian Brotcorne aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het statuut van
de beambten van de Hypotheekbewaring"
(nr. 6514)
37
Question de M. Christian Brotcorne au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "le statut des
agents de la Conservation des hypothèques"
(n° 6514)
37
Sprekers:
Christian
Brotcorne,
Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs:
Christian
Brotcorne,
Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Samengevoegde vragen van
38
Questions jointes de
38
- mevrouw Sonja Becq aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele
Hervormingen
over
"de
toegankelijkheid van de nieuwe gebouwen van de
FOD Sociale Zekerheid" (nr. 6544)
38
- Mme Sonja Becq au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'accessibilité des nouveaux
bâtiments du SPF Sécurité sociale" (n° 6544)
38
- mevrouw Sonja Becq aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de vertraging bij
de verhuizing van de FOD Sociale Zekerheid"
(nr. 6610)
38
- Mme Sonja Becq au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "le retard du déménagement
du SPF Sécurité sociale" (n° 6610)
38
Sprekers: Sonja Becq, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Sonja Becq, Didier Reynders, vice-
premier ministre et ministre des Finances et
des Réformes institutionnelles
Vraag van de heer Christian Brotcorne aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de overtreding
door België in verband met de discriminatie ten
aanzien van in België woonachtige personen die
tegelijk inkomsten verwerven uit nationale en
buitenlandse bronnen" (nr. 6600)
42
Question de M. Christian Brotcorne au vice-
premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes
institutionnelles
sur
"l'infraction
commise par la Belgique concernant la
discrimination à l'encontre des personnes résidant
en Belgique et percevant à la fois des revenus de
source nationale et de source étrangère"
(n° 6600)
41
Sprekers:
Christian
Brotcorne,
Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen
Orateurs:
Christian
Brotcorne,
Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
Samengevoegde vragen van
43
Questions jointes de
43
- de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele
Hervormingen
over
"de
ondersteuning van het verenigingsleven door de
Nationale Loterij" (nr. 6616)
43
- M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'attribution aux associations
des aides de la Loterie Nationale" (n° 6616)
43
- de heer Bruno Tuybens aan de vice-eerste
minister
en
minister
van
Financiën
en
Institutionele Hervormingen over "de kritiek van
regeringspartij cdH inzake de vertraging voor het
vastleggen van het subsidieverdelingsplan van de
Nationale Loterij" (nr. 6640)
43
- M. Bruno Tuybens au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les critiques formulées par le
cdH, parti de la majorité, à propos du retard dans
la fixation du plan de répartition des subsides de
la Loterie Nationale" (n° 6640)
43
Sprekers:
Georges
Gilkinet,
Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Hervormingen, Bruno Tuybens
Orateurs:
Georges
Gilkinet,
Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des
Finances
et
des
Réformes
institutionnelles, Bruno Tuybens
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de problemen
op een werf van de Regie der Gebouwen in het
Koninklijk Paleis" (nr. 6619)
49
Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les problèmes intervenus sur
un chantier de la Régie des Bâtiments au Palais
Royal" (n° 6619)
49
Sprekers:
Georges
Gilkinet,
Didier
Reynders, vice-eerste minister en minister
van
Financiën
en
van
Institutionele
Orateurs:
Georges
Gilkinet,
Didier
Reynders, vice-premier ministre et ministre
des Finances et des Réformes institutionnelles
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
v
Hervormingen
Vraag van de heer Philippe Henry aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het toegenomen
aantal bedrijfswagens" (nr. 6268)
50
Question de M. Philippe Henry au vice-premier
ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'augmentation de la flotte
des véhicules d'entreprise" (n° 6268)
50
Sprekers: Philippe Henry, Didier Reynders,
vice-eerste minister en minister van Financiën
en van Institutionele Hervormingen
Orateurs: Philippe Henry, Didier Reynders,
vice-premier ministre et ministre des Finances
et des Réformes institutionnelles
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE FINANCIËN
EN DE BEGROTING
COMMISSION DES FINANCES ET
DU BUDGET
van
WOENSDAG
25
JUNI
2008
Namiddag
______
du
MERCREDI
25
JUIN
2008
Après-midi
______
La séance est ouverte à 14.01 heures et présidée par M. François-Xavier de Donnea.
De vergadering wordt geopend om 14.01 uur en voorgezeten door de heer François-Xavier de Donnea.
01 Question de M. François Bellot au secrétaire d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et
secrétaire d'État à la Politique des familles, adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les
aspects du droit des personnes et de la famille, adjoint au ministre de la Justice sur "le financement
alternatif et organisé en Wallonie et le respect des critères de convergence définis par le traité de
Maastricht" (n° 6385)</b>
01 Vraag van de heer François Bellot aan de staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de
eerste minister, en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk, en wat
de aspecten inzake personen- en familierecht betreft, toegevoegd aan de minister van Justitie over
"de alternatieve financiering in Wallonië en de naleving van de convergentiecriteria die door het
Verdrag van Maastricht werden vastgelegd" (nr. 6385)
01.01 François Bellot (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, en l'espace de six mois, le gouvernement wallon a procédé à
des engagements pour soutenir différentes initiatives locales,
provinciales ou régionales à hauteur de près de 4 milliards d'euros par
financement alternatif.
Si on ajoute d'autres engagements (Sofico, CRAC, etc.), cette dette
atteint 5 milliards d'euros qu'il convient d'ajouter aux 4 milliards
d'euros de dette contractée directement par la Région.
Cela concerne à la fois l'aménagement de crèches, la rénovation
d'infrastructures touristiques, l'équipement de zonings industriels, la
création d'infrastructures sportives, l'achèvement d'autoroutes, la
construction de bâtiments de police, la reprise de la dette des
hôpitaux et bien d'autres investissements.
Bref, sous le couvert de financements alternatifs, la Région s'engage
dans un programme d'investissements ambitieux, tout en logeant la
dette dans des organismes para-régionaux, dette qui n'apparaît pas
dans le budget des dépenses primaires de la Région wallonne.
La dette régionale, telle qu'inscrite dans les documents approuvés par
le Parlement, avoisine les 4,4 milliards d'euros.
Selon une première estimation, ces engagements à financement
alternatif représentent 5 milliards d'euros.
Monsieur le secrétaire d'État, pouvez-vous me faire savoir si, au
Conseil supérieur des Finances, la Région wallonne déclare comme
dette à sa charge les 4,4 milliards ou les 9,4 milliards avec les
01.01 François Bellot (MR): Via
alternatieve financieringen (Sofico,
CRAC, enz.) verbindt het Gewest
zich
tot
een
investeringsprogramma voor 5
miljard euro waarbij de schuld bij
pararegionale
instellingen
ondergebracht wordt. Die schuld
blijkt niet uit de begroting voor
primaire uitgaven van het Waals
Gewest. De Gewestschuld die is
ingeschreven in de door het
Parlement
goedgekeurde
documenten bedraagt om en bij de
4,4 miljard euro.
Hoeveel bedraagt de schuld die
door het Waals Gewest aan de
laatste Hoge Raad voor Financiën
aangegeven is om na te gaan of
de convergentiecriteria van het
Verdrag van Maastricht nageleefd
werden? Welke verbintenissen
heeft
de
Waalse
regering
aangegaan
om
de
convergentiecriteria na te leven en
wat zijn de limieten van haar
schuldenlast? Gaat u het over die
kwestie hebben op de vergadering
van de Hoge Raad voor Financiën
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
financements alternatifs repris dans les organismes que j'ai cités?
Quel est le montant de la dette déclarée par la Région wallonne au
dernier Conseil supérieur des Finances pour vérifier le respect des
critères de convergence du Traité de Maastricht?
Quels sont les engagements pris par le gouvernement wallon quant
au respect des critères de convergence et quelles sont les limites de
son endettement, tel que défini par le gouvernement fédéral dans le
cadre de la répartition des charges convenue en Conseil supérieur
des Finances pour le respect des critères de convergence définis par
le Traité de Maastricht?
Avez-vous l'intention d'aborder cette question lors de la réunion du
Conseil supérieur des Finances et/ou du Comité de concertation
préalable aux travaux budgétaires de chaque entité pour l'année
2009?
of
op
het
Overlegcomité
voorafgaand
aan
de
begrotingswerkzaamheden
van
elke entiteit voor het jaar 2009?
01.02 Melchior Wathelet, secrétaire d'État: Cher collègue, ma
réponse sera relativement courte étant donné que la question que
vous m'avez soumise a trait ­ au-delà de la Région wallonne sur
laquelle elle porte plus spécifiquement ­ aux informations relatives à
l'endettement des pouvoirs fédérés, endettement qu'ils communiquent
au Conseil supérieur des Finances, ainsi qu'aux normes européennes
de comptabilisation des diverses formes de financement public.
En vue de vous fournir la réponse la plus précise possible, je vous
informe que j'ai transmis votre question au Conseil supérieur des
Finances et au ministre des Finances, qui en assume la présidence.
01.02 Staatssecretaris Melchior
Wathelet: Om u een precies
antwoord te kunnen geven, heb ik
uw vraag overgezonden aan de
Hoge Raad van Financiën en aan
de minister van Financiën die de
Raad voorzit.
01.03 François Bellot (MR): Ce n'est pas un problème. Cependant,
quand j'ai téléphoné pour savoir à qui je devais adresser ma question,
on m'a dit que c'était au ministre du Budget car il est le garant du
respect des critères de convergence par rapport à l'endettement des
différents pouvoirs des entités fédérales et fédérées.
01.04 Melchior Wathelet, secrétaire d'État: Quand je pose la
question à mon administration, on me dit que c'est auprès du Conseil
supérieur des Finances qu'il faut aller chercher la réponse à ces
questions. Quand j'aurai une réponse, je reviendrai vers vous. Je me
suis permis également de la transmettre au ministre des Finances qui
en assume la présidence. C'est ce qui me paraît le plus adéquat.
01.05 François Bellot (MR): Si je comprends bien, je vais poser la
question au ministre des Finances de savoir quel était l'endettement
que la Région wallonne avait déposé pour le budget 2008, de savoir
s'ils ont intégré dans cette dette le périmètre des dettes des para-
régionaux. Puis, je me permettrai de revenir vers vous parce qu'en
termes de budget, c'est vous qui présidez la réunion de concertation
quand il y a une répartition du périmètre des dettes autorisées pour
chacune des entités fédérées.
01.06 Melchior Wathelet, secrétaire d'État: Votre question vise à
savoir quelles sont les informations transmises au Conseil supérieur
des Finances et comment elles ont été reçues là-bas. Le point de
départ est cet élément-là.
En ce qui concerne les conséquences qu'il faut en tirer, c'est autre
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
chose. L'objet de votre question nécessite bien d'avoir cette première
information de base. Cette information est disponible au sein du
Conseil supérieur des Finances. Je leur ai transmis la question et je
reviendrai vers vous avec la réponse.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
02 Question de M. Jean-Luc Crucke au secrétaire d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et
secrétaire d'État à la Politique des familles, adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les
aspects du droit des personnes et de la famille, adjoint au ministre de la Justice sur "le coût des
pouvoirs publics" (n° 6312)</b>
02 Vraag van de heer Jean-Luc Crucke aan de staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de
eerste minister, en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk, en wat
de aspecten inzake personen- en familierecht betreft, toegevoegd aan de minister van Justitie over
"het kostenplaatje van de overheid" (nr. 6312)
02.01 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le président, veuillez
excuser mon retard, mais j'ai été retenu en commission de la Défense
jusqu'à maintenant.
Monsieur le secrétaire d'État, je voulais aborder en votre compagnie
une étude de la KBC, due plus particulièrement à Bart Van Craeynest,
qui déclare, à partir d'une estimation du coût des pouvoirs publics
établie sur la base d'une moyenne européenne, que ce coût est
supérieur en Belgique de 8 milliards d'euros.
Pour expliquer ce phénomène, il invoque la complexité institutionnelle
de notre pays. Par ailleurs, il réfléchit à des moyens de réduire ce
coût. De manière assez réaliste, il considère que notre dette ne se
développera pas de façon exponentielle. Nous espérons tous qu'elle
diminuera encore. Ensuite, les impôts sont tellement élevés qu'il
convient d'enrayer leur inflation. De plus, les dépenses sociales
doivent satisfaire de nombreux besoins, de sorte que les marges de
manoeuvre sont également limitées. En revanche, il serait possible de
réduire l'écart en ne remplaçant pas certains fonctionnaires qui
prendront leur retraite dans les années à venir.
Monsieur le secrétaire d'État, quelle analyse tirez-vous de cette étude
et de ces propos?
Puisqu'une piste a été évoquée, quelles sont, arithmétiquement
parlant, les marges qui pourraient être dégagées d'un point de vue
budgétaire dans les cinq années à venir, compte tenu du phénomène
naturel qu'est la retraite?
02.01 Jean-Luc Crucke (MR): Uit
een KBC-studie van de hand van
Bart Van Craeynest blijkt dat de
Belgische overheid, in vergelijking
met het Europese gemiddelde, 8
miljard te veel kost. Dat zou onder
meer te wijten zijn aan de
institutionele complexiteit van ons
land. Om die te hoge kosten terug
te dringen beschikken we echter
niet
over
enige
manoeuvreerruimte wat de schuld,
noch wat de ­ al erg hoge ­
belastingen betreft. Anderzijds kan
ook op de sociale uitgaven niet
worden bezuinigd. De enige
mogelijke maatregel zou erin
bestaan de ambtenaren die in de
loop van de volgende jaren met
pensioen gaan, niet te vervangen.
Welke marge zou er tijdens de
volgende
vijf
jaar
kunnen
vrijkomen dankzij de natuurlijke
afvloeiingen?
02.02 Melchior Wathelet, secrétaire d'État: Monsieur Crucke, je vous
remercie d'avoir posé cette question. Une gestion saine des pouvoirs
publics signifie que ceux-ci doivent atteindre les résultats qui leur sont
assignés en utilisant les ressources disponibles de la façon la plus
efficace possible. Dans ce cadre, la politique du personnel occupe
évidemment une place importante.
Si l'on se réfère à la politique du personnel des pouvoirs publics, il ne
faut pas perdre de vue les compétences respectives de chaque
niveau de pouvoir. Le rapport 2006 de la Banque Nationale indique
que, parmi les 779.800 personnes employées en 2005 dans le
secteur public, 173.200 relèvent de l'entité 1, dont 143.800 pour le
02.02 Staatssecretaris Melchior
Wathelet: Het personeelsbeleid is
een belangrijk onderdeel van een
gezond overheidsbeheer, maar
men mag het gewicht van elk
bestuursniveau niet uit het oog
verliezen. Volgens het verslag
2006 van de Nationale Bank
werken 173.200 van de in totaal
779.800 werknemers van de
overheidssector voor de federale
overheid en van die 173.200
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
pouvoir fédéral et 29.400 pour la sécurité sociale. En d'autres termes,
le pouvoir fédéral emploie 18% du personnel total du secteur public;
22% si l'on y additionne celui de la sécurité sociale.
Les départs attendus dans les trois prochaines années dans
l'ensemble des administrations fédérales devraient augmenter
sensiblement et passer de 2,5% à 4,4% de l'effectif global entre 2008
et 2011. Il s'agit de 4,4% d'une masse de travailleurs qui représente
elle-même uniquement 22% de la masse globale des personnes
"dépendant" du secteur public. Cela permet de démontrer la marge de
manoeuvre et en même temps son étroitesse. En se basant sur ces
ordres de grandeur, il est difficile d'en déduire une marge budgétaire
qui pourrait être dégagée à la suite des départs naturels.
Par ailleurs, dans le cadre de la modernisation des services publics,
la fourniture de données complémentaires a été demandée aux
différents départements, à l'occasion des travaux préparatoires du
budget 2009. Il a été demandé aux différents départements de
calculer l'incidence financière en 2009 des départs de 2008, afin de
pouvoir disposer de données plus précises et plus complètes. La
récolte de ces données devra permettre de développer une gestion
du personnel plus efficace.
Dans le cadre de la circulaire budgétaire qui a été envoyée, j'ai moi-
même demandé cette évaluation afin de discuter sur des bases
chiffrées claires.
En résumé, j'ai d'abord recadré, d'un point de vue macro, ce que le
pouvoir fédéral peut faire: 22% du personnel dont 4,4% peuvent
prendre leur retraite. Néanmoins, dans le cadre de la circulaire
budgétaire, j'ai demandé à chacune des administrations de chiffrer le
volet "départ de personnel", de manière à ce qu'une discussion puisse
avoir lieu sur la base de réalités chiffrées tout à fait correctes données
par l'administration.
werken er 29.400 voor de sociale
zekerheid. Met andere woorden,
de federale overheid is goed voor
18 procent van de overheidssector
in zijn geheel, of 22 procent, indien
men het personeel van de sociale
zekerheid meetelt.
In de komende drie jaar, van 2008
tot 2011, zouden de afvloeiingen in
de federale besturen van 2,5
procent naar 4,4 procent van het
totale personeelsbestand moeten
stijgen, wat neerkomt op 4,4
procent van 22 procent van het
globaal personeelsbestand van de
overheidssector. Daaruit blijkt hoe
klein de manoeuvreerruimte is.
Tijdens de voorbereiding van de
begroting 2009 werd aan de
diverse departementen gevraagd
bijkomende gegevens te leveren.
Ze moeten de financiële weerslag
voor 2009 van de afvloeiingen in
2008
berekenen.
Met
die
gegevens
is
een
efficiënter
personeelsbeheer mogelijk.
Elke
administratie
zal
de
"afvloeiing" becijferen, zodat er
een bespreking op basis van
volstrekt
juiste
cijfers
kan
plaatsvinden.
02.03 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le secrétaire d'État, je vous
remercie pour votre réponse. Je n'ai toutefois pas obtenu de réponse
au premier volet de ma question. Le coût, tel qu'analysé par M. Van
Craeynest, supérieur de 8 milliards d'euros par rapport à une
moyenne européenne, est-il exact? J'aurais également voulu vous
entendre sur ce point.
Je comprends très bien votre analyse. Vous dites qu'au niveau du
fédéral, les marges ne sont pas extrêmes si l'on prend en compte
l'élément "retraite". Cela m'amène à la conclusion suivante: peut-être
faudrait-il aller plus loin là où on ne veut pas aller dans les trois autres
paramètres qui ont été évoqués. Je comprends aussi qu'il n'y a pas
que le fédéral. Si, dans le cadre d'une analyse globale, on se dit qu'il y
a réellement un surplus en personnel et sans doute aussi des
"doubles emplois" dans toute la fonction publique, non seulement au
fédéral mais aussi dans les Régions, les Communautés, les provinces
et les communes, cela nécessiterait de la part du fédéral d'avoir une
réflexion non seulement sur ses compétences directes mais aussi sur
une analyse générale, de manière à répondre clairement aussi à la
population. C'est un choix politique que d'instituer ou non un certain
nombre de réformes. Monsieur le secrétaire d'État, j'aurais également
voulu vous entendre sur ce premier élément.
02.03 Jean-Luc Crucke (MR):
Zijn de 8 miljard euro meer ten
opzichte
van
een
Europees
gemiddelde correct?
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
02.04 Melchior Wathelet, secrétaire d'État: Monsieur Crucke, à
première vue, le chiffre de 8 milliards me paraît beaucoup trop
important. J'aimerais bien savoir sur quoi il est basé. En effet, en ce
qui concerne la fonction publique, on entend de tout et parfois un peu
n'importe quoi!
Les chiffres varient tellement que l'on en vient à se les lancer à la
figure. C'est dans le but d'objectiver ce débat que j'ai demandé à
chaque administration de faire l'effort de regarder en son sein quels
seront les départs à la retraite en 2009. Sur base de ces chiffres,
nous pourrons alors avoir une véritable discussion.
J'imagine que tous les remplacements ne doivent pas se faire d'égal
à égal et qu'il y a aussi des investissements à réaliser dans la fonction
publique. Peut-être que deux départs pourraient être compensés par
l'arrivée d'une personne d'un niveau supérieur pour une nouvelle
fonction ou par des investissements en matériel informatique par
exemple. Il faut avoir cette réflexion. Mais que l'on arrête de se lancer
des chiffres à la figure! On a parlé de 8 milliards alors que le budget
total de la Fonction publique représente 6,5 milliards au niveau
fédéral. Le surcoût serait supérieur à ce que la Fonction publique
coûte à l'État fédéral. Il faut garder des ordres de grandeurs
raisonnables. Je ne sais pas d'où vient ce chiffre de 8 milliards.
Pour avoir une gestion saine et optimale, il faut pouvoir mener une
réflexion objective, sur base des chiffres réels au niveau du personnel
et des coûts. Nous pourrons ensuite choisir la manière dont nous
voulons gérer le personnel de la Fonction publique.
02.04 Staatssecretaris Melchior
Wathelet: Het cijfer van 8 miljard
euro lijkt me te hoog. Ik zou graag
willen weten waarop dat cijfer
gebaseerd is.
02.05 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le président, je suis
d'accord avec la méthodologie, qui est rationnelle et raisonnable. Par
contre, à propos de l'étude de M. Van Craeynest, il faut dire qu'il ne
vise pas que le fédéral, il vise l'ensemble de la fonction publique et
c'est peut-être de là que vient ce chiffre de 8 milliards. Cela mériterait
un débat plus approfondi.
02.05 Jean-Luc Crucke (MR):
De studie van de heer Van
Craeynest
heeft
niet
alleen
betrekking
op
de
federale
overheid, maar op heel het
openbaar ambt.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
Voorzitter: Hendrik Bogaert.
Président: Hendrik Bogaert.
03 Vraag van mevrouw Sarah Smeyers aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de werking van de Dienst voor Alimentatievorderingen (DAVO)"
(nr. 6160)
03 Question de Mme Sarah Smeyers au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "le fonctionnement du Service des créances alimentaires (SECAL)"
(n° 6160)</b>
03.01 Sarah Smeyers (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik wil
graag terugkomen op uw antwoorden op mijn schriftelijke vraag van
14 januari inzake de prestaties van elk van de verschillende DAVO-
kantoren afzonderlijk en op mijn schriftelijke vraag van 8 april inzake
de begroting van de DAVO.
U verklaart dat de DAVO geen aparte begroting heeft, onderscheiden
van de FOD Financiën. Ik moet eerlijk zeggen dat dit antwoord mij
enigszins
verrast,
aangezien
de
DAVO
in
de
03.01 Sarah Smeyers (CD&V -
N-VA): Le ministre a déclaré que
le
Service
des
Créances
alimentaires n'a pas de budget
distinct par rapport à celui du SPF
Finances alors qu'il remplit une
mission
bien
distincte.
Ne
devrions-nous
pas
avoir
la
possibilité de rapporter la mesure
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën toch een
onderscheiden opdracht heeft, met personeel dat specifiek voor de
vervulling van de opdracht van de DAVO wordt ingezet. Het is volgens
mij een basisbestanddeel van goed bestuur dat men de mate waarin
de DAVO zijn opdracht vervult, zou kunnen vergelijken met de
middelen die de DAVO aan de overheid kost. In uw antwoord op mijn
mondelinge vraag ter zake van 11 maart jongstleden, verklaart u dat
het juist de verdienste van de DAVO is dat de financiële kosten van
het systeem nu duidelijk zijn.
Deelt u mijn mening? Zo ja, welke timing stelt u voorop om deze
gebrekkige onderscheiding van het budget te verhelpen?
Uit uw andere antwoorden blijkt ook dat de DAVO wel in staat is een
opsplitsing per kantoor en dus per Gewest te maken van uitbetaalde
voorschotten, maar niet van het nog in te vorderen bedrag aan
onderhoudsgelden, noch van het al ingevorderde bedrag aan
onderhoudsgelden. Dat stelt mij ook enigszins teleur, aangezien dat
toch belangrijke informatie is voor het beleid.
Daarmee kom ik op mijn tweede vraag. Deelt u onze houding
hierover? Welke timing stelt u voorop om dat te verhelpen?
Ten derde, de gewestelijke opsplitsing van uitbetaalde voorschotten
toont aan dat tussen oktober 2005 en 31 december 2007 een kleine
11 miljoen euro werd voorgeschoten aan rechthebbenden in het
Vlaams Gewest tegenover een kleine 3 miljoen euro in het Brussels
Gewest en meer dan 14 miljoen euro in het Waals Gewest. Dat
betekent dat de hoogste uitbetalingen per capita plaatsvonden in
Brussel en Wallonië.
Het aantal ontvankelijk verklaarde en verwerkte dossiers resulteert in
een totaal van 14.921, waarvan 6.865 verwerkte dossiers voor
Vlaanderen, 1.747 voor Brussel en 6.309 voor Wallonië.
Waaraan is voornoemde scheeftrekking volgens de minister te wijten,
behalve misschien aan het lagere gemiddelde inkomen in Brussel en
Wallonië?
Welke mogelijkheid ziet hij om het aantal Waalse en Brusselse
dossiers en de hoogte van de Waalse en Brusselse bedragen per
capita op het niveau van de Vlaamse cijfers te brengen?
Wat is de gewestelijke verdeling van het aantal dossiers dat het
maximuminkomen om voor een voorschot in aanmerking te komen,
overschrijdt?
Ik heb nog twee bijkomende vragen.
Wat is de gewestelijke verdeling van werklozen respectievelijk
zelfstandigen
onder
het
inkomensplafond,
opgesplitst
in
onderhoudsplichtigen
met
adres
in
het
buitenland
en
onderhoudsplichtigen zonder adres?
Indien het geven van de gevraagde cijfers te moeilijk is, wil ik deze
vraag in een schriftelijke vraag omzetten.
dans laquelle le SECAL remplit sa
mission aux moyens financiers
publics que son fonctionnement
requiert? Le ministre avait déclaré
précédemment qu'un des mérites
du SECAL est précisément que le
coût du système est désormais
transparent. Quel calendrier le
ministre a-t-il fixé ­ s'il partage
mon opinion ­ pour remédier à ce
problème?
Le SECAL peut effectuer une
répartition entre les Régions des
avances versées mais non du
montant d'aliments qui reste à
recouvrer ni du montant déjà
recouvré. Nous ne pouvons nous
satisfaire de cette situation. Le
ministre y remédiera-t-il? Quel
calendrier compte-t-il fixer à cette
fin?
D'octobre 2005 au 31 décembre
2007, des avances pour un
montant d'un petit 11 million
d'euros ont été versées en Région
flamande contre près de 3 millions
d'euros en Région bruxelloise et
plus de 14 millions d'euros en
Région wallonne, ce qui signifie
que les versements les plus
élevés par tête d'habitant ont été
effectués à Bruxelles et en
Wallonie.
Sur un total de 14.921 dossiers
déclarés
recevables
et
traités, 6.865 sont flamands, un
peu moins de 1.747 sont bruxellois
et 6.309 sont wallons. A quoi est
dû ce déséquilibre? Quels moyens
le ministre pourrait-il employer
pour mettre les chiffres valables
pour la Wallonie et Bruxelles au
même niveau que les chiffres
flamands?
Comment
se
répartissent entre les Régions les
dossiers caractérisés par un
dépassement du revenu maximum
en deçà duquel on peut bénéficier
d'une avance?
Comment se répartissent entre les
Régions, parmi les débiteurs
d'aliments qui ont une créance
envers le SECAL, les chômeurs
et les indépendants dont les
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
revenus se situent en deçà du
plafond de revenus?
(...): (...)
03.02 Sarah Smeyers (CD&V - N-VA): Nee, maar met "te moeilijk"
bedoel ik dat er misschien te veel cijfergegevens worden gevraagd.
Wat is de gewestelijke verdeling van de gedwongen tenuitvoerlegging
lastens onderhoudsplichtigen?
03.02 Sarah Smeyers (CD&V -
N-VA): Comment se répartissent
entre les Régions les exécutions
forcées à charge du débiteur
d'aliments?
De voorzitter: Mijnheer de minister, volgens mij bent u intellectueel in staat om de vraag te beantwoorden.
03.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, ik zal het
proberen.
Mevrouw Smeyers, het feit dat de Dienst voor Alimentatievorderingen,
DAVO, geen afzonderlijke organisatie binnen de FOD Financiën
vormt, is mijns inziens geen gebrek. Niet elke dienstverlening
impliceert immers een eigen organisatie. De FOD Financiën levert
bijvoorbeeld verschillende dienstverleningen aan de burgers, zonder
dat er een specifieke organisatie van dienstverlening tegenover staat.
Bovendien kon de DAVO vlugger worden opgestart, precies omdat
die dienst werd geïntegreerd in een bestaande organisatie met
ervaring in het invorderen van niet-fiscale schulden en die reeds
bevoegd was om de OCMW-voorschotten in te vorderen.
Ik heb reeds herhaalde malen uitgelegd waarom de DAVO niet altijd
met cijfergegevens kan antwoorden op bepaalde vragen. Ook hier ligt
de reden in de snelle opstart van de dienst omdat ervoor werd
gekozen een bestaand systeem maximaal te hergebruiken.
Ik herinner u eraan dat de snelle opstart destijds een van de eisen
was van de parlementsleden. Het ging om een verouderd systeem dat
werkt, behalve dat het op het gebied van rapportering de gevraagde
antwoorden niet kan verschaffen. Ik kan de statistieken waarnaar u
vraagt dus niet voorleggen. De implementatie van het ICT-
investeringsproject Steamer zal hierin verandering brengen en wij
zullen dan misschien statistieken kunnen voorleggen.
Hoewel er in totaal meer Vlaamse dossiers zijn, worden er in meer
Waalse en Brusselse dossiers voorschotten uitbetaald. Ik heb in dat
verband geen socio-economische studie gemaakt en dus kan ik mij
niet uitspreken over de redenen daarvoor. Hoe dan ook, de DAVO
betaalt de voorschotten uit op basis van de uitvoerbare titels die, zoals
u weet, niet door mijn departement worden opgesteld, maar wel door
de rechters en de notarissen. Wellicht ligt een van de oorzaken van
de
scheeftrekking
daar,
aangezien
voor
de
rest
de
toekenningsvoorwaarden voor iedereen dezelfde zijn.
Ik heb altijd gezegd dat het na het volgend verslag van de
opvolgingscommissie perfect mogelijk is om een hoorzitting te
organiseren met de mensen van mijn administratie die belast zijn met
de DAVO.
03.03 Didier Reynders, ministre:
À mon sens, le fait que le SECAL
ne soit pas une organisation
distincte au sein du SPF Finances
ne constitue pas un défaut. Si le
SECAL a pu être lancé très
rapidement, c'est précisément
parce qu'il a été intégré dans une
organisation existante qui a une
grande
expérience
dans
le
domaine du recouvrement des
dettes non fiscales et qui était déjà
compétent pour le recouvrement
des avances versées par les
CPAS.
En vue d'un démarrage rapide du
service ­ l'une des exigences des
parlementaires ­ il a été opté pour
une réutilisation aussi large que
possible du système existant.
C'est la raison pour laquelle le
SECAL ne peut pas toujours
fournir les données chiffrées
demandées. Il ne m'est donc pas
possible de vous présenter des
statistiques, mais cela changera
peut-être avec la mise en oeuvre
du projet d'investissement TIC
STIMER.
Aucune étude socio-économique
n'a été menée à propos des
raisons
pour
lesquelles
les
paiements d'avances sont plus
nombreux pour les dossiers
wallons et bruxellois. Je ne puis
donc pas me prononcer à ce sujet.
Quoi qu'il en soit, le SECAL paie
les avances sur la base des titres
exécutoires. Ceux-ci ne sont pas
rédigés par mon département
mais par les juges et les notaires.
C'est probablement à ce niveau
que se situe l'une des causes de
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
la distorsion. Les conditions
d'octroi sont en effet les mêmes
pour tout le monde.
Lorsque nous aurons reçu le
nouveau rapport de la commission
de suivi, il devrait être possible
d'organiser une audition avec des
personnes de mon administration
en charge du SECAL.
03.04 Sarah Smeyers (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik dank
u voor uw antwoord en noteer dat u het geen gemis vindt dat er geen
aparte kosten-batenanalyse van de DAVO kan worden gemaakt. Ik
betreur dat enigszins. Wij kunnen immers niet nagaan wat de DAVO
kost aan lonen en personeel.
03.04 Sarah Smeyers (CD&V -
N-VA): Je regrette qu'il ne puisse
pas être procédé à une analyse
coûts-profits séparée pour le
SECAL.
03.05 Minister Didier Reynders: Het is geen aparte organisatie, maar
die heeft wel een kost. Ze situeert zich wel binnen een algemene
organisatie, de invorderingendienst. Wat is het probleem?
03.05 Didier Reynders, ministre:
Le SECAL n'est pas un organisme
distinct mais une subdivision du
service de recouvrement.
03.06 Sarah Smeyers (CD&V - N-VA): Ik betreur eigenlijk dat daar
geen aparte budgettering voor kan worden gemaakt en, op basis
daarvan, geen duidelijke kostenplaatjeanalyse. Dat was mijn eerste
punt.
Ik weet dat DAVO zeer snel is opgestart en dat daar misschien de
oorzaak ligt dat er weinig statistieken bekend zijn. Ik hoop dat u gelijk
heeft als u zegt dat het Steamerproject dat zou kunnen verhelpen. Dat
zullen we opvolgen met verdere vragen.
Het verschil Wallonië-Brussel dan. Dat er geen socio-economische
studie over is gedaan en dat de toegangsvoorwaarden voor iedereen
hetzelfde zijn, akkoord. Algemeen vraag ik mij nu toch af wat de
meerwaarde van het hele DAVO-systeem is in zijn huidige situatie,
aangezien het aantal terugvorderingen minimaal is. Ik heb wat
opzoekingswerk verricht en het Nederlandse Landelijk Bureau voor
Inning van Kinderalimentatie kan, weliswaar na bemiddeling, in 80%
van de gevallen een onderhoudsplichtige doen betalen. Als die
hoorzittingen er ooit komen, is dat misschien toch wel een piste om te
volgen.
Ik dank de minister nogmaals voor zijn antwoord.
03.06 Sarah Smeyers (CD&V -
N-VA): Je trouve regrettable qu'il
n'existe pas de budgétisation
distincte pour le SECAL, ce qui
nous permettrait d'analyser les
coûts.
J'espère que l'instauration de
STIMER permettra de palier
l'insuffisance
de
matériel
statistique.
Je me demande quand même
quelle est la valeur ajoutée du
SECAL étant donné que le nombre
de recouvrements est minime. Aux
Pays-Bas, dans 80 pour cent des
cas, les débiteurs d'aliments
peuvent être contraints de payer.
J'espère
que
le
système
néerlandais sera examiné au
cours des auditions.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Samengevoegde vragen van
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "een lening voor de enige en eigen woning" (nr. 6221)
- de heer Luk Van Biesen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de indexatie van de bedragen met betrekking tot de aftrek voor enige woning"
(nr. 6508)
- de heer Jenne De Potter aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het standpunt van de minister over de enge interpretatie met betrekking tot de
aftrek voor de enige en eigen woning" (nr. 6562)
04 Questions jointes de
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "un emprunt pour l'habitation propre et unique" (n° 6221)<br>- M. Luk Van Biesen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'indexation des montants dans le cadre de la déduction pour habitation unique"
(n° 6508)<br>- M. Jenne De Potter au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la position du ministre relative à l'interprétation restrictive en ce qui concerne la
déduction pour habitation propre et unique" (n° 6562)</b>
04.01 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, in antwoord op de vraag van collega De Potter,
gesteld in de commissie voor de Financiën van 10 juni, aangaande de
enge interpretatie van een lening specifiek aangegaan voor de enige
en eigen woning en de woonbonus, stelde u dat het antwoord van de
administratie voorlopig was.
Kunt u ons vandaag het definitieve antwoord van uw administratie of
het antwoord van uzelf meedelen?
04.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): Le 10 juin, le
ministre a fourni une réponse
provisoire à la question de Mme
Jenne De Potter à propos de
l'interprétation stricte concernant la
déduction d'un emprunt pour
habitation propre et unique. Le
ministre a-t-il entre-temps déjà
obtenu une réponse définitive de
son administration?
04.02 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik zal
nog even kort aanhalen waarover het precies gaat.
Mijnheer de minister, in het verleden werd steeds aanvaard dat een
lening die is aangegaan voor de verwerving van een enige eigen
woning, het volledig bedrag van die kapitaalaflossingen en van die
intresten aftrekbaar zijn, ook wanneer het ontleende bedrag diende
voor de betaling van de kosten die verband houden met de
hypotheek.
Recent heeft de administratie dat standpunt gewijzigd, zeggende dat
de kapitaalaflossingen en intresten die betrekking hebben op
hypothecaire kosten, niet langer in aanmerking komen voor de
woonbonus.
Voor degenen die hebben gekozen voor een financiering via een
individuele levensverzekering, is dat een probleem, vermits de wet dat
uitdrukkelijk voorschrijft.
U antwoordde dat u zou nagaan waarom de administratie haar
standpunt had gewijzigd. Op basis van die analyse zou u zelf een
standpunt bepalen.
Mijnheer de minister, vanaf welk jaar en op welke leningen, afgesloten
vanaf wanneer, is de nieuwe en engere interpretatie van toepassing?
Wat is precies de argumentatie van de administratie om die
interpretatie te verengen?
Deelt u die nieuwe, enge administratieve interpretatie?
Bent u er zich van bewust dat die nieuwe interpretatie in een ­
weliswaar beperkt ­ aantal gevallen kan leiden tot een verlies van de
volledige aftrek van de premies?
Wenst u, tot slot, die interpretatie te handhaven?
04.02 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): Jadis, l'emprunt pour
l'acquisition
d'une
habitation
propre et unique était entièrement
déductible
fiscalement.
L'administration vient toutefois de
décider que les amortissements
de capital et les intérêts relatifs
aux frais hypothécaires n'entraient
plus en considération pour le
bonus de logement. C'est un
problème pour ceux qui ont opté
pour un financement par le biais
d'une assurance-vie individuelle.
À partir de quelle année et à quels
emprunts cette interprétation plus
stricte s'applique-t-elle? Pourquoi
cette nouvelle interprétation? Le
ministre est-il conscient du fait que
cela peut mener, dans un certain
nombre de cas, à la perte de la
déduction complète? Le ministre
défend-il
cette
nouvelle
interprétation?
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
04.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
der Maelen, op basis van de door mijn administratie verstrekte
technische elementen die ik pas heb gekregen, kan ik enkel
bevestigen dat bij het opstellen van de rondzendbrief van 16 mei 2008
de wettelijke bepalingen inzake de toepassing van de aftrek voor de
enige en eigen woning volgens mijn administratie werden
gerespecteerd.
Die bepalingen vereisen enerzijds dat de lening specifiek moet zijn
gesloten voor het verwerven of het behouden van de in artikel 12, §3,
bedoelde enige woning, waarbij alleen de aankoopkosten die
rechtstreeks verband houden met het verwerven of behouden van
een woning als specifiek kunnen worden aangemerkt. Anderzijds
moet de individuele levensverzekering uitsluitend zijn gesloten om
een dergelijke lening te waarborgen.
Het standpunt van mijn administratie kan dus als volgt worden
samengevat. Overeenkomstig voornoemde wettelijke bepalingen kan
de notie "uitsluitend" niet anders worden geïnterpreteerd dan als
volledig.
Dat
betekent
concreet
dat
premies
van
levensverzekeringscontracten die een hoger kapitaal waarborgen dan
het ontleende kapitaal dat in aanmerking komt voor de aftrek van de
enige en eigen woning niet voor die aftrek in aanmerking kunnen
komen. Die levensverzekeringspremies kunnen, voor zover aan alle
ter zake geldende voorwaarden is voldaan, evenwel in aanmerking
komen voor de toepassing van de belastingvermindering voor het
langetermijnsparen.
U kunt hierover een uitgebreid schriftelijk antwoord krijgen. Een
aanpassing is altijd mogelijk door middel van een nieuwe wettelijke
tekst. Ik ben bereid om dat voorstel te onderzoeken. Hier is het
duidelijk. Er zijn twee concrete woorden: specifiek en uitsluitend. Dat
is volgens mijzelf en mijn administratie een correcte toepassing van
de wet. Op basis van een wetsvoorstel kan de wet natuurlijk altijd
worden aangepast.
04.03 Didier Reynders, ministre:
Dans le cadre de la rédaction de la
circulaire du 16 mai 2008, les
dispositions légales relatives à la
déduction de l'habitation propre et
unique ont été respectées, ce qui
signifie que l'emprunt doit avoir été
spécifiquement contracté pour
l'acquisition ou la conservation de
l'habitation unique. Seuls les frais
d'achat
directement
liés
à
l'acquisition ou à la conservation
de
l'habitation
peuvent
être
considérés comme spécifiques.
En
outre,
l'assurance
vie
individuelle
doit
avoir
été
exclusivement contractée pour
garantir cet emprunt.
La notion "exclusivement" ne peut
s'interpréter autrement qu'au sens
de "intégralement". Les primes
des contrats d'assurance vie dont
le capital est supérieur au capital
emprunté pour l'habitation ne
peuvent donc être déduites dans
ce cadre. Elles peuvent en
revanche entrer en ligne de
compte en vue d'une réduction
d'impôt dans le cadre de l'épargne
à long terme.
Si les parlementaires souhaitent
modifier cette situation, ils peuvent
déposer une proposition de loi. Je
suis en tout cas prêt à examiner la
question.
Je pourrai fournir une réponse
détaillée dans le cadre d'une
question écrite.
04.04 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter, ik
heb een reactie in twee puntjes.
Ten eerste, ik begrijp niet waarom er zoveel strengheid moet zijn.
Toen de aftrek werd gecreëerd, bazuinde de minister van Financiën
uit dat Financiën ze met de grootst mogelijke soepelheid zou
toepassen. Nu stel ik vast dat de administratie van het ministerie van
Financiën de grootste gestrengheid aan de dag legt.
Ik betreur dat. Wij zullen de suggestie van de minister om een
wetsvoorstel in te dienen om tot een wetswijziging te komen,
onderzoeken.
Ten tweede, ik wil er even op wijzen dat de huidige minister en de
huidige regering hier duidelijk met twee maten en twee gewichten
werken. Ik verwijs naar de laksheid waarmee de minister van
04.04 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): Je ne comprends
pas pourquoi il faut faire preuve
d'une telle sévérité. Lorsque la
déduction a été instaurée, le
ministre a annoncé qu'il serait fait
montre d'une grande souplesse.
Nous déposerons en effet une
proposition de loi.
Ce gouvernement applique deux
poids eet deux mesures : il est
laxiste en ce qui concerne le
phénomène croissant des villas en
usufruit, mais très sévère à
l'encontre des personnes qui
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
Financiën en zijn administratie tegen vruchtgebruikvilla's aankijken.
De constructies verrijzen als paddenstoelen uit de grond. Ik heb een
vraag aan de minister gesteld. Er zijn nu minstens 53.000
vennootschappen die een privéwoning in hun patrimonium hebben.
Uit alle informatie die ik van betrokken beroepsmensen, zoals
advocaten, krijg, blijkt dat vruchtgebruikvilla's een welig tierende
praktijk zijn.
Dat laat Financiën dus allemaal door en ziet het door de vingers. Voor
mensen die voor het bouwen van een woning moeten lenen, die vaak
tot het uiterste moeten gaan en meer moeten lenen om de randkosten
bij de woning te kunnen betalen, voorziet Financiën echter in geen
aftrek.
De huidige regering werkt dus met twee maten en twee gewichten in
een zaak die cruciaal is voor zowel Vlamingen en Franstaligen als
voor Brusselaars, namelijk het bezitten van een eigen woning. Wij
weten dat de Belg een baksteen in de maag heeft. Het is totaal
onrechtvaardig. De ene wordt met de loep bekeken en er wordt met
de grootste gestrengheid tegen hem opgetreden. Voor de rest laat
Financiën de achterpoortjes openstaan die via allerlei constructies
toelaten dat bepaalde inkomensgroepen, die meestal beter gesitueerd
zijn dan zij die voor hun woning moeten lenen, van een aftrek kunnen
genieten. Dat laat Financiën voortgaan.
doivent contracter un prêt élevé
pour
l'acquisition
de
leur
habitation.
04.05 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u uiteraard voor uw antwoord.
U verwijst naar de vereiste van het specifieke en uitsluitende karakter.
De wet bepaalt inderdaad dat de lening moet zijn aangegaan om de
woning te kopen, te bouwen of volledig of gedeeltelijk te vernieuwen.
Daaruit afleiden dat de kosten van een hypotheek niet aan voornoemd
doel beantwoorden, lijkt mij niet in overeenstemming te zijn met het
feit dat zonder hypotheek vaak geen lening kan worden verkregen en
dus ook geen onroerend goed kan worden gekocht, gebouwd of
vernieuwd. Dat staat in tegenspraak met uw doel om een zo groot
mogelijke soepelheid aan de dag te leggen.
Wij zijn zeker bereid om op uw suggestie in te gaan en ter zake een
wetsvoorstel op te stellen. Wij zullen de zaak zeker bekijken en ze te
gepasten tijde aan u voorleggen.
04.05 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): Le prêt doit avoir été
contracté
exclusivement
et
spécifiquement
en
vue
de
l'acquisition
ou
de
la
transformation d'une habitation. Il
ne me semble pas vraiment
logique de conclure que les frais
d'hypothèque ne répondent pas à
ce critère. Sans hypothèque,
aucun prêt ne peut en effet
généralement être contracté et
aucun bien immeuble ne peut être
acquis.
Nous accédons également à la
suggestion du ministre de rédiger
une proposition de loi.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de uitwisseling van financiële gegevens met de Verenigde Staten"
(nr. 6236)
05 Question de M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "l'échange de données financières avec les États-Unis" (n° 6236)</b>
05.01 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter, ik
heb twee vragen over bijna hetzelfde onderwerp. Ik zal de vragen
samen stellen, met goedvinden van de minister. Of hebt u het liever
anders?
05.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): La
circulaire
AFZ/97-380 relative à l'échange
de données fiscales a été
élaborée dans le cadre de la
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
Het nieuwe belastingverdrag met de Verenigde Staten van
27 november 2006 voorziet in artikel 25 in een ruime vorm van
internationale gegevensuitwisseling. In het bijzonder voorziet deze
bepaling dat de Belgische fiscus op verzoek van de Amerikaanse
administratie financiële gegevens moet opvragen bij bankinstellingen
en deze informatie aan de Amerikaanse administratie moet
meedelen. Deze verplichting voor de Belgische administratie gaat
uiteraard regelrecht in tegen het fiscaal bankgeheim van artikel 3, 18°
van het Wetboek van Inkomstenbelasting. Omtrent de uitwisseling
van bankgegevens met de Verenigde Staten heeft de administratie
ondertussen een rondzendbrief opgesteld, met name circulaire
AFZ/97-380 van 15 februari 2008. In deze rondzendbrief wordt
gesteld dat de opgevraagde financiële informatie aan geen enkele
andere dienst of directie van de AOIF mag worden meegedeeld. Deze
informatie wordt aldus voor de Belgische fiscus geheim gehouden en
enkel meegedeeld aan de dienst van de Amerikaanse fiscus die de
vraag heeft gesteld.
De Belgische administratie verbindt er zich aldus toe om de
opgevraagde financiële informatie niet in België ten behoeve van de
belastingheffing te gebruiken. Het Verdrag met de Verenigde Staten
noch de rondzendbrief inzake de omwisseling van financiële
gegevens voorzien echter wat de houding van de Belgische
administratie moet zijn, indien naar aanleiding van een verzoek om
informatie-uitwisseling misdrijven aan het licht komen.
Welke instructies worden gegeven aan ambtenaren die in het raam
van het dubbelbelastingverdrag met de Verenigde Staten op verzoek
van de Amerikaanse fiscus financiële informatie inwinnen en op die
manier in kennis worden gesteld van een misdrijf zoals het witwassen
van fiscale vermogensvoordelen? Dienen deze ambtenaren
overeenkomstig artikel 29 van het Wetboek voor strafvordering
aangifte te doen bij het parket, of dienen zij in de geest van de
rondzendbrief van 15 februari 2008 deze informatie geheim te
houden?
Misschien is het toch best dat ik de vragen afzonderlijk stel.
convention préventive de la double
imposition avec les États-Unis, le
15 février 2008. Cette circulaire
dispose que les informations
demandées par le fisc américain
ne peuvent être communiquées à
aucun autre service ni à la
direction de l'Administration de la
Fiscalité des Entreprises et des
Revenus. Ces informations ne
peuvent donc pas être utilisées en
Belgique dans le cadre de la
fiscalité des revenus.
Cependant, il n'est pas précisé
clairement quelle attitude doit
adopter un fonctionnaire lorsque, à
l'occasion
d'une
demande
d'information
financière,
il
découvre un délit, par exemple de
blanchiment
d'argent.
Ce
fonctionnaire doit-il déclarer ce
délit auprès du parquet, comme
stipulé à l'article 298 du Code
d'instruction criminelle, ou doit-il
tenir cette information secrète, sur
la base de la circulaire?
05.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
der Maelen, de nieuwe Belgisch-Amerikaanse overeenkomst tot het
vermijden van dubbele belasting van 27 november 2006 en de wet
van 3 juni 2007, houdende de goedkeuring van die overeenkomst,
wijken in niets af van artikel 29 van het Wetboek van strafvordering.
De rondzendbrief waarnaar u verwijst, verduidelijkt enkel dat de
administratie zelf geen gebruik mag maken van de inlichtingen die zij
verkrijgt om een belasting te vestigen of om die inlichtingen door te
geven aan een andere buitenlandse belastingadministratie dan de
Amerikaanse. Dit stemt overeen met de memorie van toelichting bij
het ontwerp van wet houdende de goedkeuring van voormelde
overeenkomst,
waarin
wordt
gezegd
dat
de
Belgische
belastingadministratie de inlichtingen van banken die zij heeft
verkregen niet mag gebruiken voor haar eigen doeleinden, noch op
basis van die inlichtingen een aanslag mag vestigen die in overtreding
is met het interne recht.
Dit verbod volgt uit artikel 318 van het WIB '92 waarvan voormelde
overeenkomst slechts afwijkt voor zover zulks nodig is voor het
05.02 Didier Reynders, ministre:
La convention entre la Belgique et
les USA tendant à éviter la double
imposition ne déroge pas à l'article
29
du
Code
d'instruction
criminelle. La circulaire AFZ/97-
380 dispose seulement que
l'administration ne doit pas utiliser
les informations qu'elle reçoit pour
établir un impôt ni communiquer
ces
renseignements
à
une
administration
autre
que
l'américaine. Ces dispositions sont
également
contenues
dans
l'exposé des motifs de la loi du 3
juin 2007 portant assentiment à la
Convention avec les USA.
Il ne peut être dérogé à l'article 29
du Code d'instruction criminelle.
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
verstrekken van inlichtingen die door de Amerikaanse administratie
zijn gevraagd. Bovendien staat geen enkele bepaling van de
overeenkomst of van de goedkeuringswet toe dat er wordt afgeweken
van artikel 29 van het Wetboek van strafvordering.
Indien er, in het raam van de nieuwe Belgisch-Amerikaanse
overeenkomst, informatie wordt doorgegeven door een bank of een
kredietinstelling en een belastingambtenaar daarbij een inbreuk zou
vaststellen die aanleiding zou kunnen geven tot strafrechtelijke
vervolgingen, is die ambtenaar uiteraard verplicht om de feiten bij het
parket aan te geven.
Daarnaast ben ik de mening toegedaan dat vooral wat het witwassen
van geld betreft, de financiële instellingen die aan de basis liggen van
de inlichtingen die aan de belastingadministratie worden meegedeeld,
over het algemeen beter gewapend zijn dan de belastingadministratie
om dat soort inbreuken op het spoor te komen. Op grond van de
antiwitwaswet van 11 januari 1993 zijn zij ook onderworpen aan zeer
strenge regels inzake het aangeven van misbruik bij de Cel voor
Financiële Informatieverwerking. Er is dus een procedure om naar de
CFI te gaan en ik kan ook verwijzen naar het bestaande artikel 29 van
het Wetboek van strafvordering.
Le fonctionnaire taxateur qui
constate que la transmission de
renseignements par une banque
ou par un établissement de crédit
dans le cadre de la nouvelle
convention est entachée d'une
infraction susceptible d'entraîner
des poursuites pénales est tenu
de déclarer les faits au parquet. À
mes
yeux,
les
institutions
financières sont mieux armées
que l'administration fiscale pour
déceler
des
pratiques
de
blanchiment. De plus, la loi anti-
blanchiment de 1993 les oblige à
déclarer les abus auprès de la
Cellule
de
Traitement
des
Informations Financières.
05.03 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de minister, ik
dank u voor uw antwoord en de verduidelijking dat de ambtenaar
inderdaad het parket moet informeren over de informatie die hij heeft
gekregen via de weg die wordt voorgeschreven door het
dubbelbelastingverdrag.
05.03 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): La procédure à
suivre par les fonctionnaires est
claire.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het dubbelbelastingverdrag met de Verenigde Staten" (nr. 6237)
06 Question de M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "le traité de double imposition avec les États-Unis" (n° 6237)</b>
06.01 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de minister,
volgens u bestaat er geen bankgeheim in België.
Toch heeft België voorbehoud gemaakt bij paragraaf 5 van artikel 26
van het OESO-modelverdrag. Die paragraaf bepaalt dat de grenzen
die aan de uitwisseling van inlichtingen zijn gesteld, niet mogen
worden ingeroepen om de uitwisseling te beletten van inlichtingen die
in het bezit zijn van banken.
Met andere woorden, landen mogen het bankgeheim niet inroepen
om te weigeren inlichtingen van banken door te spelen aan andere
landen. In antwoord op mijn vraag nr. 5 van 31 augustus 2007 stelde
u: "Ik herinner eraan dat een dergelijke bepaling in tegenspraak is met
de
beginselen
van
artikel 318
van
het
Wetboek
van
Inkomstenbelastingen."
Het nieuwe dubbelbelastingverdrag dat België met de Verenigde
Staten heeft gesloten, bevat een aantal interessante bepalingen. De
VS kunnen immers wel inlichtingen vragen over bankrekeningen aan
de Belgische fiscus. De OESO is zeer tevreden over het nieuw
Belgisch-Amerikaans dubbelbelastingverdrag. Ze beschouwen het als
06.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): Selon le ministre, le
secret bancaire n'existe pas en
Belgique. La Belgique a pourtant
formulé des réserves concernant
le paragraphe 5 de l'article 26 du
modèle de convention OCDE, qui
prévoit que les pays ne peuvent
invoquer le secret bancaire pour
refuser
de
transmettre
des
renseignements
bancaires
à
d'autres pays. Le ministre juge
cette disposition contraire à
l'article 318 CIR 92. En vertu de la
nouvelle convention préventive de
la double imposition, les États-
Unis peuvent bien demander au
fisc belge des renseignements sur
des comptes bancaires.
Le ministre est-il disposé à
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
een doorbraak.
Mijnheer de minister, ik heb drie vragen. Bent u bereid om
onderhandelingen aan te vatten met betrekking tot de bestaande
dubbelbelastingverdragen, zodat niet alleen de VS inlichtingen van
Belgische banken kunnen opvragen? Bent u bereid om bij het
onderhandelen van nieuwe dubbelbelastingverdragen paragraaf 5 van
artikel 26 van het OESO-modelverdrag op te nemen in het verdrag?
Vormt het niet opnemen van paragraaf 5 van artikel 26 van het
OESO-modelverdrag geen probleem wanneer België in de toekomst
zou willen overstappen naar een systeem van informatie-uitwisseling?
Zolang de dubbelbelastingverdragen met landen met bankgeheim niet
zijn aangevuld met dergelijke paragraaf 5, blijft het bankgeheim in
sommige bilaterale verhoudingen bestaan, hetgeen mogelijkheden tot
kapitaalvlucht creëert.
Een recente circulaire AAF/97-380 preciseert dat de AOIF de
informatie die ze heeft verkregen in dit kader, niet mag gebruiken om
zelf een belasting te heffen en dat die informatie niet mag worden
meegedeeld aan een andere buitenlandse belastingadministratie dan
de IRS. De Amerikaanse fiscus krijgt veel meer rechten dan de
Belgische fiscus en dan de belastingadministraties van de andere
Europese landen, wat betreft bankrekeningen.
In de circulaire lezen we: "Om de strikte vertrouwelijkheid van de
fiscale informatie te verzekeren, worden de vragen om inlichtingen
zoals bedoeld in artikel 25, §5 en 6 van de overeenkomst die uitgaan
van de IRS in principe uitsluitend behandeld door de directie III/1 van
de centrale diensten van de AOIF. Behalve in de gevallen bepaald in
punt 8 hierna zijn de plaatselijke belastingdiensten van de AOIF niet
gerechtigd om vragen om inlichtingen toe te zenden aan banken en
financiële instellingen."
Met andere woorden, men probeert krampachtig te vermijden dat er
ook maar één taxatieambtenaar een blik zou kunnen werpen op de
informatie die naar de VS gaat. Mijn vierde en vijfde vraag luiden dan
ook als volgt.
Ten vierde, waarom die krampachtigheid als er toch geen
bankgeheim is?
Ten vijfde, hoe verklaart de minister dat de fiscus in België niet is
gerechtigd vragen om inlichtingen toe te zenden aan banken en
financiële instellingen om een belasting te heffen, maar dat de IRS die
inlichtingen van de Belgische banken wel mag vragen en gebruiken?
Kan de minister dat verantwoorden ten aanzien van het grondwettelijk
gelijkheidsbeginsel?
entamer des négociations sur les
conventions
existantes
de
prévention de la double imposition
pour que les États-Unis ne soient
pas le seul pays à pouvoir
demander des renseignements
aux banques belges? Compte-t-il
faire insérer ce paragraphe 5 dans
les
nouvelles
conventions
préventives
de
la
double
imposition? La non-inclusion de ce
paragraphe ne poserait-elle pas
problème si la Belgique souhaitait
adhérer à un système d'échange
d'informations? Tant que les
conventions préventives de la
double imposition conclues avec
des pays connaissant le secret
bancaire
ne
seront
pas
complétées par ce paragraphe 5,
le secret bancaire continuera
d'exister dans le cadre de
certaines relations bilatérales et la
fuite des capitaux restera possible.
La récente circulaire AAF/97-380
précise, d'une part, que l'AFER ne
peut
pas
utiliser
les
renseignements obtenus dans ce
cadre pour établir elle-même un
impôt et, d'autre part, que ces
renseignements ne peuvent être
communiqués
à
une
administration fiscale étrangère.
Le fisc américain obtient donc
nettement plus de droits que le fisc
belge
et les
administrations
fiscales d'autres pays européens.
Par cette circulaire, on tente en
outre d'éviter qu'un fonctionnaire
taxateur ne jette un coup d'oeil sur
les renseignements destinés aux
États-Unis.
Pourquoi
est-ce
nécessaire
puisqu'il n'existe de toute façon
pas de secret bancaire? Comment
le ministre explique-t-il que le fisc
belge ne soit pas habilité à
adresser
des demandes
de
renseignements à des banques en
vue d'établir l'impôt, alors que
l'IRS américain peut demander et
utiliser ces renseignements?
06.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Van der Maelen, het antwoord op de eerste twee vragen is in principe
bevestigend. In het kader van de onderhandelingen voor nieuwe
06.02 Didier Reynders, ministre:
La réponse aux deux premières
questions
est
en
principe
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
bilaterale overeenkomsten of wanneer er opnieuw moet worden
onderhandeld over overeenkomsten, kan België een gunstig gevolg
geven aan het verzoek van andere landen die gelijksoortige
bepalingen willen invoeren als die welke zijn opgenomen in artikel 25,
§5 en §6, van de nieuwe Belgisch-Amerikaanse overeenkomst.
Het voordeel van het invoeren van dergelijke clausules zal evenwel
geval per geval worden onderzocht, rekening houdend met het
verloop van de afzonderlijke onderhandeling. Het meedelen van
bankinlichtingen behoort echter niet tot de basisvoorstellen van
België. Zie in dat verband het Belgisch modelverdrag inzake
belastingen en het voorbehoud van België met betrekking tot artikel
26, §5, van het OESO-modelverdrag inzake belastingen.
Wanneer België ertoe zal overgaan algemene toepassing te maken
van de regeling inzake de uitwisseling van inlichtingen, zal uiteraard
worden getracht de verdragspartners voor wie een bankgeheim
bestaat of die terughoudend zijn om dat soort inlichtingen uit te
wisselen, ervan te overtuigen artikel 26 van het OESO-modelverdrag,
versie 2005, te aanvaarden.
Zoals u weet, is de uitwisseling van bankinlichtingen, waarin artikel
25, §5 en §6, van de Belgisch-Amerikaanse overeenkomst voorziet,
nieuw voor België.
Bovendien wordt die procedure momenteel alleen toegepast in de
Belgisch-Amerikaanse betrekkingen en zal ze dus de eerstkomende
tijd veeleer uitzonderlijk zijn. De procedure heeft tevens tot doel een
maximale waarborg te bieden voor het voortbestaan van de vrijstelling
van Amerikaanse dividenden in de Verenigde Staten. Zoals u
ongetwijfeld weet, is er immers een specifieke verdragsbepaling die
de Verenigde Staten de mogelijkheid biedt om een eind te maken aan
die vrijstelling indien België niet in voldoende mate de bepalingen
inzake de uitwisseling van bankinlichtingen zou toepassen.
Daarom en ook om een strikte vertrouwelijkheid te garanderen, werd
beslist dat de verzoeken om bankinlichtingen zullen worden
behandeld door een gecentraliseerde dienst van de Administratie van
de ondernemings- en inkomensfiscaliteit. Door het samenbrengen
van de verzoeken om bankinlichtingen, kunnen de dossiers ook
sneller worden afgehandeld en kunnen de termijnen die zijn bepaald
in de Belgisch-Amerikaanse administratieve regeling van 30 januari
2008, beter worden nageleefd.
Het is precies om de gelijkheid van alle Belgen voor de wet te
waarborgen dat de bankinlichtingen die op grond van de Belgisch-
Amerikaanse overeenkomst zijn verkregen, enkel door de
Amerikaanse
administratie
mogen
worden
gebruikt.
Rekeninghoudend met het gelijkheidsbeginsel zou het ondenkbaar
dat een uitzondering op de toepassing van artikel 318 van het WIB 92
zou worden aangenomen die alleen zou gelden voor de Belgische
belastingplichtigen die betrekkingen onderhouden met de Verenigde
Staten.
affirmative. La Belgique peut donc
répondre favorablement à la
demande
d'autres
pays
qui
souhaitent
instaurer
des
dispositions similaires à celles de
l'article 25, §§ 5 et 6, de la
nouvelle
convention
belgo-
américaine. L'avantage qui en
résulte sera toutefois examiné au
cas par cas.
La communication d'informations
bancaires ne fait cependant pas
partie des propositions de base de
la Belgique. Je me réfère au
modèle de convention belge en
matière d'impôts et aux réserves
de la Belgique concernant l'article
26, § 5, du modèle de convention
de l'OCDE. Lorsque la Belgique
appliquera
globalement
la
réglementation
en
matière
d'échange
d'informations,
on
tentera évidemment de convaincre
les partenaires contractants, pour
qui il existe un secret bancaire ou
qui sont réticents à échanger ce
type d'informations, d'accepter
l'article
26
du
modèle
de
convention de l'OCDE, version
2005.
L'échange
d'informations
bancaires, tel que prévu dans la
convention belgo-américaine, est
nouveau pour la Belgique.
De plus, cette procédure n'est
utilisée pour l'instant que dans le
cadre
des
relations
belgo-
américaines. Elle a pour but d'offrir
la meilleure garantie possible pour
le maintien de l'exonération aux
États-Unis
des
dividendes
américains.
Une
disposition
spécifique de la convention permet
en effet aux États-Unis de mettre
fin à cette exonération si la
Belgique ne devait pas appliquer
suffisamment les dispositions en
matière
d'échange
de
renseignements bancaires. C'est
pourquoi il a été décidé que les
demandes de renseignements
bancaires seraient traitées par un
service décentralisé de l'AFER.
Les dossiers pourront ainsi être
traités plus rapidement, ce qui
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
permettra de mieux respecter les
délais prévus.
C'est précisément pour garantir
l'égalité de tous les Belges devant
la loi que les renseignements
bancaires qui ont été obtenus par
le biais de la convention belgo-
américaine, ne peuvent être
utilisés que par l'administration
américaine. Il serait impensable
que l'article 318 du CIR 92 tolère
une exception qui ne concernerait
que les contribuables belges qui
entretiennent des relations avec
les États-Unis.
06.03 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de minister; ik
zal uw antwoord met de nodige aandacht onderzoeken en vooral
uitkijken naar de inspanningen die u levert om paragraaf 5 van artikel
26 van het model-OESO-verdrag ook in de andere overeenkomsten
in te schrijven.
Mijnheer de minister, hebt u aan uw administratie de opdracht
gegeven om over alle bestaande verdragen opnieuw te
onderhandelen?
Mijn eerste vraag was of u bereid bent om onderhandelingen aan te
vatten met betrekking tot de bestaande dubbelbelastingverdragen.
06.03 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro):
J'attends
avec
impatience de voir le ministre
déployer ses efforts pour inscrire
ce paragraphe 5 dans les autres
conventions également.
06.04 Minister Didier Reynders: Niet met alle verdragen, wij zijn
bezig met een aantal.
06.05 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Het is goed dat ik het nog
eens vraag. U hebt gezegd dat het antwoord op de eerste twee
vragen ja is. De eerste vraag ging over de bestaande verdragen en
was of u uw administratie de opdracht zou geven over de bestaande
verdragen opnieuw te onderhandelen en daarin een bepaling,
paragraaf 5 van artikel 26 van het OESO-verdrag in te voorzien. Dat
was mijn eerste vraag.
Mijnheer de minister, kijkt u even naar de tekst van mijn vraag.
06.05 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): L'administration a-t-
elle reçu pour mission de
renégocier
tous
les
traités
existants
et
d'insérer
ce
paragraphe partout?
06.06 Minister Didier Reynders: "Is de minister bereid om
onderhandelingen aan te vatten met betrekking tot de bestaande
verdragen?"
Ik heb klaar en duidelijk ...
06.07 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): ... ja gezegd.
06.08 Minister Didier Reynders: Neen. Ik ga het niet terug voorlezen.
Het is misschien beter dat ik het terug voorlees.
Het antwoord op de eerste twee vragen is in principe bevestigend. In
het kader van de onderhandelingen over een nieuwe billaterale
overeenkomst of wanneer er opnieuw wordt onderhandeld over
overeenkomsten, kan België een gunstig gevolg geven aan het
06.08 Didier Reynders, ministre:
Je répète que la réponse aux deux
premières
questions
est
en
principe affirmative. Dans le cadre
des négociations en vue de la
conclusion
de
nouvelles
conventions bilatérales ou lorsque
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
verzoek van andere landen die gelijksoortige bepalingen willen
invoeren als dewelke zijn opgenomen in het akkoord van
overeenkomst met de Verenigde Staten.
Ik heb dus klaar en duidelijk niet "ja" gezegd. Ik heb gezegd dat het "in
principe bevestigend" is wanneer er opnieuw wordt onderhandeld en
ik heb niet gezegd dat ik met alle bestaande overeenkomsten zal
starten.
Ik ken u.
de nouvelles négociations relatives
aux conventions doivent avoir lieu,
la Belgique peut réserver une suite
favorable à la demande d'autres
pays qui souhaitent instaurer des
dispositions similaires à celles qui
figurent à l'article 25, §5 et §6 de
la nouvelle convention belgo-
américaine.
06.09 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Ik ken u ook.
06.10 Minister Didier Reynders: Het heeft geen zin om u een
antwoord te geven. Er volgt daarna steeds een interpretatie.
06.11 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de minister, ik
ken u ook.
06.12 Minister Didier Reynders: Ja, maar minder goed, denk ik.
06.13 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Ik zal het antwoord dat u
geeft goed bestuderen. Ik zal daar indien nodig op terugkomen. Ik heb
begrepen dat u zei dat als er nieuwe onderhandelingen zijn over
bestaande verdragen, u aan uw administratie zult vragen om artikel
26, paragraaf 5 van het OESO-Modelverdrag te voorzien. Dat hebt u
toch gezegd?
06.13 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro):
J'examinerai
la
réponse du ministre plus en détail.
06.14 Minister Didier Reynders: Dan kan België een gunstig gevolg
geven aan het verzoek van andere landen. Dat is toch duidelijk.
Mijnheer de voorzitter, het is misschien beter zo'n vraag schriftelijk te
laten stellen, dan altijd een interpretatie te geven van mijn antwoord.
De voorzitter: Er mag een beetje debat zijn. Maar de heer Van der Maelen heeft het laatste woord. Ik
meen begrepen te hebben dat de mogelijkheid bestaat op verzoek van een ander land de discussie aan te
vatten.
06.15 Dirk Van der Maelen (sp.a+Vl.Pro): Ik herhaal dat ik met
bijzondere aandacht het antwoord van de minister zal onderzoeken.
Zo nodig kom ik daarop terug.
06.15 Dirk Van der Maelen
(sp.a+Vl.Pro): J'y reviendrai si
nécessaire.
De voorzitter: Dat is uw volste recht, mijnheer Van der Maelen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
07 Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de opmerkingen van de Europese Commissie inzake de Belgische
overheidsfinanciën" (nr. 6402)
07 Question de M. Robert Van de Velde au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "les observations de la Commission européenne concernant les
finances publiques belges" (n° 6402)</b>
07.01 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de minister, hoewel ik
niet heel veel verwacht van uw antwoord, wil ik u toch confronteren
met een aantal uitspraken van de Europese Commissie inzake onze
07.01 Robert Van de Velde
(LDD): Selon la Commission
européenne, la situation des
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
overheidsfinanciën.
U kunt opwerpen dat hetgeen wij vertellen, allemaal oppositiepraat is.
U kunt echter bezwaarlijk spreken van oppositie door de Europese
Commissie. Eigenlijk geeft de Europese Commissie ons op een
aantal punten gelijk, ook over de discussies die in onze commissie
werden gevoerd.
De basiskritiek luidt dat de regering te veel hoopt op inkomsten en
extra inkomsten, en veel te weinig kijkt naar de beperking van de
uitgaven. In de volledige kritiek komt een aantal punten aan bod,
zoals de resultaten, die in 2007 al slechter waren dan gepland, wat op
zich een schending is van de afspraken met Europa. De hypotheses ­
dat hebben wij ook al aangekaart ­ waarop de begroting van 2008 is
gebaseerd, waren te optimistisch, en ook daartoe zijn er nog steeds
geen maatregelen genomen. Natuurlijk, u zult antwoorden dat er een
budgetcontrole komt.
Een aantal andere punten leken mij toch van belang om ze samen
met u even te overlopen.
Zo stelt de Europese Commissie ook dat u evenmin anticipeert op de
verwachte relatief sterke loonsverhogingen, die leiden tot extra
inflatie. Loon maakt deel uit van de productiekosten en zorgt ervoor
dat die productiekosten nog sneller zullen stijgen door de eerste
prijsstijging die er is geweestop basis van de grondstoffen. Er ontstaat
een soort van spiraaleffect, maar dan niet verkleinend, doch
verbredend. In dat verband hebben wij een wetsvoorstel ingediend
aangaande netto-indexering.
Mijnheer de minister, is ons wetsvoorstel een maatregel die door u
wordt ondersteund, of zult u andere maatregelen tegen die sterke
loonsverhogingen nemen?
Tot slot moet ik uw optimisme in verband met de staatsschuld een
klein beetje temperen. Het was zeer mooi dat u uitpakte met de cijfers
van 2007, wetende dat in 2008 de curve er toch een stuk anders zal
uitzien. Onder meer omdat het primair overschot aan het verkleinen
is, schat de Europese Commissie in dat de schuld, doordat er minder
overschot is, minder kan worden verkleind, wat een hypotheek legt op
de toekomst.
Daarom maant de Europese Commissie België aan om meer werk te
maken van structurele hervormingen. Trouwens, VOKA pakt vandaag
ook uit met de duidelijke vraag om van de overheidsuitgaven, vooral
de structurele uitgaven op basis van de politieke organisatie, werk te
maken. Ik zie trouwens dat collega Crucke het ook al heeft over het
kostenplaatje van de overheid.
Mijn vraag is dan, mijnheer de minister, wat u, samen met de
regering, van plan bent op dat vlak. Zijn er hervormingen voorbereid?
Bestaan er al bepaalde visies? Ik kan mij voorstellen dat, als u op dit
moment met de begrotingscontrole bezig bent, u ook al weet waar u
naartoe wilt.
finances publiques belges sera,
cette année, moins bonne que ce
que le gouvernement avait prévu.
La Commission estime que le
gouvernement s'attache trop à
chercher
des
ressources
supplémentaires et pas assez à
limiter les dépenses.
Quelles mesures le gouvernement
prendra-t-il pour atteindre l'objectif
budgétaire visé? Quelles sont les
économies
prévues?
Quelles
mesures
le
gouvernement
prendra-t-il
pour
maîtriser
l'augmentation
prévue
des
dépenses publiques?
S'agissant de la Belgique, la
Commission européenne constate
une
diminution
du
surplus
primaire, ce qui hypothèque son
avenir. Aussi exhorte-t-elle notre
pays à fournir beaucoup plus
d'efforts
pour
assainir
structurellement nos dépenses
publiques. C'est ce que demande
aussi le Voka.
Comment
le
gouvernement
compte-t-il réaliser ces réformes?
Certaines
conceptions
réformatrices se sont-elles déjà
exprimées en son sein?
07.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, de regering
zal de nodige concrete maatregelen nemen om in 2008 toch een
begroting in evenwicht te realiseren, dat een structureel karakter zal
07.02 Didier Reynders, ministre:
Lors du contrôle budgétaire qui
s'annonce,
le
gouvernement
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
hebben. Er zullen geen eenmalige maatregelen worden genomen die
de budgettaire lasten naar de komende jaren doorschuiven of die het
overheidsvermogen aantasten.
De regering neemt er akte van dat volgens de Hoge Raad van
Financiën belangrijke aanpassingen van minstens 03% of 0,4% van
het bbp zullen moeten worden uitgevoerd aan de begroting voor 2008
voor het behalen van het beoogde nulsaldo, wat de doelstelling van
de regering is.
Na het budgettaire resultaat van 2007 voor de gezamenlijke overheid
zal de regering alles in het werk stellen om de overheidsfinanciën
weer op de sporen te zetten van een houdbaar traject op middellange
termijn, met een geleidelijke opbouw van structureel en regelmatig
stijgende overschotten. Aldus verbindt de regering zich er
vastberaden toe de doelstelling van het stabiliteitsprogramma 2008-
2011 volledig na te leven, ofschoon de doelstellingen van het huidige
stabiliteitsprogramma ten opzichte van die van het vorige
stabiliteitsprogramma,
inzonderheid
wegens
de
ongunstige
economische context, zijn versoepeld.
Vooral op de korte termijn zal de naleving ervan het maken van
stringente budgettaire keuzes vereisen.
Er dient ten slotte op gewezen te worden dat bij de opmaak van de
begroting 2009 ook een voorafbeelding voor de volgende jaren zal
worden gemaakt. Daarbij zal rekening worden gehouden met de
nieuwe ramingen van de vergrijzingkosten van deze zomer van de
Studiecommissie voor de Vergrijzing als gevolg van nieuwe
demografische vooruitzichten.
Naast het eigenlijk begrotingsbeleid, gericht op een gestage en
voldoende verlaging van de schuldgraad, zal bij de begrotingscontrole
2008 en de opmaak van de begroting 2009 over de noodzakelijk
geachte maatregelen worden beslist om de kwaliteit van de
overheidsfinanciën voort te verdedigen. In het bijzonder zal worden
gestreefd naar de verhoging van het economisch groeipotentieel en
het arbeidsscheppende vermogen. Aldus kan de financieringbasis van
de toenemende vergrijzingkosten worden verbreed. Zo zal in het
bijzonder het activeringsbeleid worden versterkt en zal het beleid van
op specifieke doelgroepen gerichte vermindering van de lasten op
arbeid worden voortgezet. De maatregelen zullen volledig in lijn zijn
met de Lissabonstrategie voor groei en werkgelegenheid.
Voor meer details moet u wachten op de resultaten van de
begrotingscontrole.
prendra les mesures requises pour
réaliser malgré tout un équilibre
budgétaire structurel en 2008, et
cela sans prendre de mesures
ponctuelles. Le gouvernement
prend acte du point de vue du
Conseil supérieur des Finances
selon lequel des aménagements
oscillant au minimum entre 0,3 et
0,4 % du PIB sont indispensables
si
nous
voulons
atteindre
l'équilibre visé. Il mettra tout en
oeuvre pour faire en sorte que nos
finances
publiques
soient
acceptables à moyen terme, avec
des
excédents
structurels
augmentant
graduellement
conformément aux objectifs du
pacte de stabilité 2008-2011.
Quoique ces objectifs aient été
assouplis en raison d'un contexte
économique plus défavorable, des
choix
budgétaires
sans
concession restent nécessaires.
Dans le budget 2009, il sera tenu
compte également des nouvelles
estimations
du
coût
du
vieillissement. Lors du contrôle
budgétaire de 2008 et au moment
de confectionner le budget 2009,
nous
prendrons
aussi
des
mesures
afin
d'assurer
un
monitoring de la qualité des
finances publiques et, partant, de
créer une base de financement
plus large pour faire face au coût
du vieillissement. Pour avoir plus
de détails, il faut attendre les
résultats du contrôle budgétaire.
07.03 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de minister, dat was
een verwacht antwoord. Ik heb geen antwoord gekregen op de vragen
in verband met loonstijgingen, de inflatie en de eventuele
mechanismen die u in de plaats zou zetten om dat op te vangen. Ik
vermoed dat dat punt ook deel zal uitmaken van de begrotingsronde.
Ik wil u ook nog op een ander punt wijzen. Op het gebied van de
inkohieringen zitten wij op 2 miljard euro van de 3,5 miljard euro, die
werd gebudgetteerd. Dat is 63%. Vorig jaar was dit slechts 18 tot
20%. Ik kan mij voorstellen dat op dat vlak een grondige herevaluatie
noodzakelijk is. Daar gaat het dan niet om 0,3 of 0,2% van het bbp,
07.03 Robert Van de Velde
(LDD): Je n'ai pas obtenu de
réponse
au
sujet
des
augmentations
salariales,
de
l'inflation
et
des
éventuels
mécanismes
pouvant
être
enclenchés pour la juguler. En
outre, pour ce qui est des
enrôlements, nous en sommes à 2
milliards d'euros alors que 3,5
milliards d'euros ont été budgétés,
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
maar over veel meer.
Ik kijk uit naar de volgende ronde. Wij zullen zien hoever wij geraken.
ce qui représente 63 % contre
seulement 18 à 20% en 2007. Une
évaluation approfondie s'impose.
Je me réjouis de voir ce que
donnera le contrôle budgétaire.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van de heer Peter Vanvelthoven aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de selectie van de voorzitter van het directiecomité van de FOD
Financiën" (nr. 6390)
08 Question de M. Peter Vanvelthoven au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la sélection du président du comité de direction du SPF Finances"
(n° 6390)</b>
08.01 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, er is de afgelopen tijd al heel wat te doen
geweest over de aanwerving van de topman bij de FOD Financiën.
We hebben een en ander kunnen volgen via de pers. Selor, het
selectiebureau dat met de selectie werd belast, is blijkbaar tot de
conclusie gekomen dat van alle kandidaten niemand kan worden
beschouwd als een volwaardig kandidaat om die functie op te nemen.
Vervolgens bent u de werkwijze van de overheidsadministratie Selor
in vraag beginnen stellen. Tevens hebben sommige kandidaten in de
pers verklaringen afgelegd als dat er procedurefouten zouden zijn
gemaakt.
U hebt op een bepaald ogenblik gesuggereerd dat uw administratie
zelf het best geplaatst is om de nieuwe topman te selecteren. De
onafhankelijke vakbond van de ambtenaren is diezelfde mening
toegedaan.
Ik denk dat het voor iedereen duidelijk is dat de nummer 1 van de
administratie van Financiën een ongeloofblijk belangrijk functie is. Er
is al heel wat te doen geweest rond de werking van uw administratie.
Er zijn daar heel wat personeelsleden tewerkgesteld.
De malaise, misschien een wat te groot woord, omwille van het
gebrek aan een topman aan het hoofd van het belangrijk peloton
ambtenaren, is geen goede zaak. Dat is niet goed voor de werking
van Financiën. De regering moet dus snel de knoop doorhakken over
de wijze waarop men nu de verdere procedure zal afhandelen.
Minister Vervotte heeft op een bepaald ogenblik de werkwijze van
Selor wel verdedigd.
Mijnheer de minister, ik heb een drietal vragen. Bent u inderdaad van
oordeel dat Selor niet geschikt is om de selectie te doen van
topambtenaren bij Financiën? Indien dat het geval is, op basis
waarvan meent u dat Selor niet geschikt is? Hoe ziet u nu het verder
verloop van de selectie van de nummer 1 bij Financiën?
08.01 Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): Le Selor, qui est
chargé de sélectionner le nouveau
président du SPF Finances,
estime en conclusion de sa
réflexion qu'il n'a encore trouvé
aucun candidat digne de ce nom.
Certains candidats ont déjà parlé
dans la presse de vices de
procédure. Le ministre a suggéré
à un moment donné que sa propre
administration pourrait procéder à
cette sélection. Le fait que le
traitement de ce dossier important
s'éternise n'est pas une bonne
chose pour le fonctionnement des
Finances.
Le ministre estime-t-il que le Selor
n'est pas apte à remplir cette
mission et, dans l'affirmative,
pourquoi? Comment conçoit-il la
suite de la procédure vu la
nécessité
de
trancher
cette
question rapidement?
08.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Vanvelthoven, alvorens we het opstarten van een nieuwe
selectieprocedure in overweging nemen, moeten we lessen trekken
uit de manier waarop de vorige procedure is verlopen. Op 15
mei 2008 schreef ik een brief aan mijn collega bevoegd voor
08.02 Didier Reynders, ministre:
Nous devons tout d'abord tirer la
leçon de la manière dont s'est
déroulée la précédente procédure.
Le 15 mai 2008, j'ai adressé un
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
Ambtenarenzaken, met het verzoek zich ervan te vergewissen dat
zich tijdens de selectieprocedure, op welke wijze ook, geen enkele
onregelmatigheid heeft voorgedaan die ertoe leidde dat geen enkele
kandidaat in de categorieën A en B werd gerangschikt. Ik wacht haar
omstandig antwoord af alvorens te bepalen welk gevolg we aan dit
dossier moeten geven.
Er is intussen iemand belast met de taak van voorzitter, de heer
Arnoldi, de administrateur-generaal van de Thesaurie.
Ik wacht nu op een antwoord van mijn collega om verder te gaan.
courrier à ma collègue en charge
de la Fonction publique, lui
demandant
de
s'assurer
qu'aucune irrégularité ne s'est
produite au cours de la procédure
de sélection. J'attends sa réponse
avant de décider de la suite à
réserver à ce dossier. Entre-
temps, M. Arnoldi, administrateur
général de la Trésorerie, assume
la présidence.
08.03 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik meen dat zelfs dit Parlement het antwoord
van minister Vervotte reeds heeft gekregen. Het verbaast mij dat u
dat niet hebt gekregen.
Het is nog verbazender dat twee ministers die elkaar iedere week
zien, elkaar via een brief om opheldering vragen. Als ik uw antwoord
begrijp, zou er na zes weken nog altijd geen antwoord zijn van uw
collega-minister.
08.03 Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): Je m'étonne que six
semaines plus tard, le ministre
n'ait toujours reçu aucune réponse
de sa collègue. De plus, pourquoi
lui avoir adressé cette demande
d'éclaircissement par écrit?
08.04 Minister Didier Reynders: (...)
08.05 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Ik vind het in alle
eerlijkheid een vreemde manier van werken in de regering. Twee
maanden na 15 mei is 15 juli. Misschien is dat opnieuw de bedoeling?
08.06 Minister Didier Reynders: Dat is misschien een groot deel van
de verklaring.
08.07 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Dat is genoteerd. We
zullen minister Vervotte vragen waar haar onderzoek en haar brief
blijft.
08.07 Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): Nous demanderons
en tout état de cause à Mme
Vervotte où en est ce dossier.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
Le président: Madame Lejeune, M. Coëme n'est pas encore présent. Souhaitez-vous l'attendre?
08.08 Josée Lejeune (MR): Monsieur le président, on m'attend dans
une autre commission, dès lors, je souhaite poser ma question
maintenant.
09 Questions jointes de
- M. Guy Coëme au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "le Swift des douanes" (n° 6437)<br>- Mme Josée Lejeune au secrétaire d'État, adjoint au ministre des Finances sur "l'échange de données
en matière de droits de douane" (n° 6524)</b>
09 Samengevoegde vragen van
- de heer Guy Coëme aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "het systeem van Swift voor de douane" (nr. 6437)
- mevrouw Josée Lejeune aan de staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Financiën over "de
gegevensuitwisseling inzake douanerechten" (nr. 6524)
09.01 Josée Lejeune (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, ma question a trait au système Swift des douanes.
09.01 Josée Lejeune (MR): Het
Swift-systeem van de douane
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
En fait, ce projet électronique a été développé par le patron des
douanes belges, dans le cadre sa campagne pour la présidence de
l'Organisation mondiale des Douanes. Ce système consiste à
transmettre des données douanières pour les pays qui souhaitent
augmenter la sécurité, mais surtout pour ceux qui ont besoin
d'augmenter leurs recettes douanières.
La demande consistait assez simplement en "l'encodage des
données relatives à l'exportation et à l'importation dans les pays
concernés, et dans la confrontation de ces données avec les taxes
douanières qui frappent les biens au fil des échanges commerciaux".
Les avantages de ce projet sont évidemment l'économie de papier, la
vérification rapide et l'efficacité des opérations.
Le test effectué entre deux pays durant une période de sept jours
s'est avéré extrêmement positif car, grâce aux données transmises
par le système Swift, on a pu constater que les droits de douane
perçus ne s'élevaient qu'à la moitié, calculée sur base des
déclarations à l'exportation, ce qui, par conséquent, représente 50%
de recettes que les États concernés ne reçoivent pas.
Monsieur le ministre, pourriez-vous me confirmer la réalité de ce
projet? Quel est votre sentiment par rapport à ce dernier? Dans l'état
actuel des choses, est-il envisageable d'obtenir une évaluation du
coût d'une éventuelle implémentation d'un tel système au niveau de
notre pays? Comment pourra-t-on être assuré de l'intégrité des
données reprises dans ce système? En bref, pourriez-vous me
donner des éclaircissements en la matière?
(gegevensuitwisseling voor de
landen die hun veiligheid wensen
te verhogen, maar vooral hun
douane-inkomsten) dat door de
baas van de Belgische douane
ingesteld werd in het kader van
zijn
campagne
voor
het
voorzitterschap van de Wereld
Douane Organisatie (WDO), heeft
tijdens
een
testperiode
aangetoond dat de op grond van
uitvoeraangiften
geïnde
douanerechten slechts 50 procent
van de uitvoer betroffen.
Hoe staat het in werkelijkheid met
dit project? Hoeveel zou de
implementatie ervan in België
kosten? Hoe kan men zeker zijn
van de juistheid van de in dit
systeem opgenomen cijfers?
09.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, madame
Lejeune, je rappelle que l'Organisation mondiale des Douanes est une
organisation intergouvernementale qui compte actuellement 173
membres.
Au nom du gouvernement belge, j'ai décidé de présenter la
candidature de M. Noël Colpin, actuellement administrateur des
Douanes et Accises au poste de secrétaire général de l'OMD. Le
nombre total de candidats s'élève à neuf. L'élection aura lieu le 28 juin
prochain.
Chaque candidat au poste de secrétaire général a été invité à
développer sa vision et le rôle futur que devrait jouer l'OMD. Dans ce
cadre, M. Colpin a développé le Swift des douanes. À l'instar du
modèle Swift utilisé dans le monde bancaire, ce modèle permettrait
de relier de façon électronique les 173 administrations douanières de
l'OMD afin de faciliter les échanges commerciaux, accroître la
sécurité, optimiser les recettes et lutter contre la fraude. À ce jour, il
s'agit uniquement d'un projet qui ne sera concrétisé que si M. Colpin
est élu secrétaire général de l'OMD ou s'il arrive à faire passer ce
projet à travers l'OMD.
En ce qui concerne le projet pilote dont les médias ont fait état,
aucune expérience pilote n'a encore été menée.
Dans son document de vision, M. Colpin a fait état d'une enquête qu'il
a faite concernant les données historiques entre la Belgique et un
09.02 Minister Didier Reynders:
In naam van de regering heb ik
beslist de kandidatuur van de heer
Noël
Colpin,
administrateur-
generaal bij douane en accijnzen,
voor te dragen voor het ambt van
secretaris-generaal van de WDO.
Aangezien
elke
kandidaat
uitgenodigd
werd
om
zijn
toekomstvisie over de rol van de
WDO uiteen te zetten, heeft de
heer Colpin het Swift-systeem voor
gegevensuitwisseling
dat
de
honderd drieënzeventig landen
van de WDO elektronisch met
elkaar zou verbinden naar het
voorbeeld van het banksysteem,
voorgesteld.
Het gaat om een plan dat enkel
gerealiseerd zal worden indien de
heer Colpin verkozen wordt. Er is
geen proefproject geweest, maar
wel een enquête met betrekking
tot historische gegevens tussen
België en een derde land.
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
pays tiers. Ce document a fait apparaître les avantages du modèle
pour lutter contre la fraude et améliorer les recettes douanières des
pays en voie de développement.
Si M. Colpin accède aux fonctions de secrétaire général de l'OMD, il
prendra contact avec différents partenaires, notamment la Banque
mondiale, les organisations commerciales internationales ou d'autres
organisations.
Même s'il ne devait pas accéder à cette fonction, il serait opportun de
soumettre à nouveau ce projet aux autorités de l'OMD car les
données historiques qu'il a déjà pu récolter montrent, comme vous
l'avez rappelé, qu'on pourrait aller dans la bonne direction à travers
cette communication électronique entre les 173 États de
l'Organisation mondiale des Douanes.
Indien de heer Colpin verkozen
wordt, zal hij onder meer contact
opnemen met de Wereldbank en
met
de
internationale
handelsorganisaties.
Zelfs
indien hij
niet wordt
verkozen, zou het nuttig zijn dat
systeem, waarvan het nut in de
uitgevoerde
enquête
werd
aangetoond, opnieuw aan de
WDO voor te leggen.
09.03 Josée Lejeune (MR): Si je comprends bien, grâce à la mise
en place d'un tel système, il deviendrait possible de contrôler le
cheminement de toutes les marchandises, depuis le producteur
jusqu'au distributeur?
09.04 Didier Reynders, ministre: C'est l'objectif.
09.05 Josée Lejeune (MR): Je pense que le système remporte déjà
un franc succès puisque les Britanniques ont l'intention de le soutenir
également, si le Britannique était élu, mais on peut espérer que le
Belge soit évidemment élu pour porter lui-même son projet.
09.05 Josée Lejeune (MR): Het
systeem kan op bijval rekenen,
want de Britse kandidaat zal het
steunen indien hij wordt verkozen.
We hopen echter dat het onze
landgenoot is die zal worden
verkozen, zodat hij werk kan
maken van zijn eigen plan.
09.06 Didier Reynders, ministre: Dans l'un ou l'autre cas...
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
10 Vraag van de heer Jenne De Potter aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de symbolische sluiting van de registratiekantoren op 18 juni 2008"
(nr. 6445)
10 Question de M. Jenne De Potter au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la fermeture symbolique des bureaux d'enregistrement le 18 juin 2008" (n° 6445)</b>
10.01 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, door een gemeenschappelijke actie van alle,
representatieve vakorganisaties waren op 18 juni 2008 de loketten
van de registratiekantoren gesloten.
Door hun actie wilden de registratiekantoren een heel duidelijk signaal
geven en de problemen bij de registratiedienst aan de kaak stellen.
Het personeel van de registratiekantoren klaagt er, ten eerste, over
dat er een enorm personeelsgebrek zou zijn, wat informeel reeds door
het hoofdbestuur en de managers van de FOD Financiën zou zijn
bevestigd. Het tekort heeft onder meer tot gevolg dat een aantal
personeelsleden onvoldoende opleiding kunnen genieten en ook dat
de achterstand binnen de dienst steeds groter wordt.
10.01 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): En raison d'une action
syndicale,
les
guichets
des
bureaux d'enregistrement étaient
fermés le 18 juin. Le personnel se
plaint du manque cruel d'effectifs,
qui aurait été officieusement
confirmé
par
l'administration
centrale du SPF Finances. En
raison du manque d'effectifs,
certaines personnes ne sont pas
suffisamment formées et l'arriéré
ne cesse de croître au sein du
service. En outre, les programmes
mainframe actuels ne sont pas
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
Uit een antwoord van Vlaams minister Van Mechelen op een vraag in
het Vlaams Parlement, van 27 mei 2008, blijkt dat eind 2007
ongeveer 10.000 dossiers op behandeling lagen te wachten. Het gaat
om Vlaamse teruggavedossiers. Dat waren nog 500 dossiers meer
dan in 2006.
Een tweede groot probleem is de informatica. Door de overstap naar
het gebruik van servers zijn de huidige mainframeprogramma's niet
compatibel met de servers, wat heel wat problemen en extra kosten
tot gevolg zou hebben. Een en ander resulteert natuurlijk in een
toename van stress en demotivatie bij de betrokken personeelsleden.
Mijn vragen aan de minister zijn de volgende.
Is er inderdaad een personeelsgebrek bij de registratiekantoren?
Indien er een personeelsgebrek is, welke maatregelen zullen dan
worden getroffen om het tekort op korte termijn weg te werken?
Is de oorzaak van het personeelsgebrek het toenemen van de
werklast in de registratiekantoren?
Ten derde, is er nog steeds sprake van een achterstand in de
behandeling van dossiers bij de registratiekantoren? Zijn er recente
cijfers van de achterstand?
Tot slot, welke maatregelen zullen op korte termijn worden getroffen
om de informaticaproblemen die zouden bestaan, weg te werken?
Wat is de eventuele, geraamde kostprijs voor een oplossing van de
problemen?
Wat is de stand van zaken met betrekking tot de automatisering van
de teruggave van de registratierechten?
compatibles avec les serveurs.
Confirmez-vous
ce
manque
d'effectifs?
Quelles
mesures
prévoit-on pour y remédier à court
terme? Cette situation résulte-t-
elle de l'accroissement de la
charge de travail? Existe-t-il
toujours un arriéré dans le cadre
du traitement des dossiers? Le
ministre dispose-t-il de chiffres
récents?
Quelles
mesures
envisage-t-on à court terme pour
remédier
aux
problèmes
informatiques? Quel en est le
coût? Où en est l'automatisation
de la restitution des droits
d'enregistrement?
10.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer De
Potter, het klopt dat de door Selor georganiseerde, vergelijkende
wervingsselecties in de Nederlandse taalrol weinig succes hebben en
ten opzichte van de door de personeelsplanner geboden
mogelijkheden tot onvoldoende aanwervingen leiden.
Het klopt ook dat het aantal notariële akten fors is gestegen, namelijk
van 806.629 akten in 2004 tot 865.250 in 2007. Het record bedraagt
898.514 akten in 2006.
Zodra echter het personeelsplan-2008 is goedgekeurd, zullen de
wervingen die aan de administratie Patrimonium Documentatie zijn
toegekend, in samenwerking met Selor, kunnen worden uitgevoerd,
met ­ volgens Selor ­ hopelijk goede kandidaten. Ik heb mijn
administratie verzocht ervoor te zorgen dat de wervingen onder de
verschillende administraties worden verdeeld, niet alleen in
verhouding tot de vastgestelde en toekomstige vertrekken, maar ook
rekeninghoudende met het belang van de taken van openbare
dienstverlening die hun worden toevertrouwd en de prioriteiten die
door de regering werden bepaald, vooral inzake de klantgerichtheid.
Er moet ook rekening worden gehouden met het feit dat in 2007
550.000 huurovereenkomsten werden neergelegd die niet binnen de
wettelijke termijn werden geregistreerd.
10.02 Didier Reynders, ministre:
Les concours de recrutement
organisés par le Selor connaissent
peu
de
succès
du
côté
néerlandophone.
Le
nombre
d'actes notariés est passé de
806.629 en 2004 à 865.250 en
2005 et à 898.514 en 2006. Dès
que le plan de personnel 2008
aura été approuvé, il pourra être
procédé
aux
recrutements
attribués à l'administration de la
documentation patrimoniale, en
collaboration avec le Selor. Il
convient également de tenir
compte des 550.000 baux non
enregistrés dans le délai légal qui
ont été introduits auprès des
bureaux en 2007. J'ai décidé de
prendre des mesures structurelles
pour remédier à la pénurie de
recrutements pour les niveaux A et
B au rôle linguistique néerlandais.
La solution à moyen et à long
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
Ik heb, met toestemming van mijn administratie, beslist om structurele
maatregelen te nemen met het oog op de opvang van het tekort aan
wervingen in de niveaus A en B voor de Nederlandstalige taalrol. Er
zal worden aangeworven op de niveaus C en D om vervolgens, na
een opleiding, met diezelfde personen misschien naar niveau B en A
te gaan.
De automatisering en de vereenvoudiging van de procedures is de
oplossing op middellange en lange termijn. De administratie werkt aan
de ontwikkeling van de geïntegreerde programma's STIPAD en de
gegevensbanken
PATRIS
en
STIMER
en
gaat
samenwerkingsakkoorden met haar bevoorrechte partners aan, zoals
notariaat,
landmeters,
gerechtsdeurwaarders,
en
ontwikkelt
controlemiddelen,
performantiemanagement,
boordtabellen
en
dergelijke meer.
Sinds enige tijd wordt de werkdruk nauwgezet gevolgd en worden er
acties ondernomen opdat alle verantwoordelijken, elk op hun niveau,
de personeelsleden ondersteunen.
Indicatoren in verband met de werkdruk zijn de volgende. Ten eerste,
de stock van akten met een onroerende mutatie, ten tweede, de stock
successieaangiften en, ten derde, de stock teruggaven van
registratierechten. De resultaten van die meting is de volgende.
Met betrekking tot de voorraad te analyseren akten met onroerende
mutatie kan ik u meedelen dat eind mei nog circa dertigduizend akten
moesten worden verwerkt.
Inzake de oorspronkelijk en de bijgevoegde successieaangiften
moesten op 31 mei van dit jaar nog ongeveer 8.000 aangiften worden
verwerkt.
Wat de voorraad aanvragen voor teruggave inzake successierechten
betreft, kan ik u voorlopig geen cijfers meedelen. Het bronsysteem
gaat pas in de loop van de tweede helft van dit jaar in productie.
Er wordt volop gewerkt aan de geïntegreerde toepassing STIPAD.
Een eerste belangrijke release is gepland voor het eerste kwartaal
van 2009. STIPAD zal een 20-tal bestaande mainframe programma's
vervangen. De kostprijs van STIPAD bedraagt 11,8 miljoen euro,
exclusief btw.
terme réside dans l'automatisation
et la simplification des procédures.
L'administration
oeuvre
au
développement de programmes
intégrés, conclut des accords de
coopération avec ses partenaires
privilégiés et développe des
moyens de contrôle. Depuis
quelque temps, la pression du
travail fait l'objet d'un suivi
rigoureux.
Fin mai, environ 30.000 actes de
mutation immobilière et environ
8.000 déclarations de succession
devaient encore être traités. Je ne
puis pour l'heure vous donner de
chiffres en ce qui concerne les
demandes de restitution des droits
d'enregistrement.
Le
nouveau
système
ne
sera
mis
en
production que durant le deuxième
semestre de cette année. Nous
travaillons
d'arrache-pied
à
l'application intégrée STIPAD. Une
première version importante est
prévue pour le premier trimestre
de 2009. STIPAD remplacera une
vingtaine d'applications existantes
et coûtera environ 11,8 millions
d'euros, hors tva.
10.03 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik dank
u voor uw uitgebreid antwoord. Ik stel samen met u vast dat er heel
wat dossiers bijkomen in de kantoren, waardoor de werklast
onvermijdelijk toeneemt. Het is dan ook positief dat er een
personeelsplan wordt opgesteld om, zoals u zegt, goede
werkkrachten in het Vlaamse taalgebied aan te werven.
Ik meen dat het moeilijk aanvaardbaar is dat mensen twee of drie jaar
moeten wachten op de terugbetaling van hun registratierechten. Dat is
iets waar zij soms op rekenen. In dat opzicht hoop ik dus dat met
bijkomend personeel en goed werkende informatica in de toekomst...
10.03 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): De nombreux dossiers
supplémentaires
doivent
être
traités par les bureaux. Je me
réjouis qu'un plan de personnel
sera adopté. Il est difficilement
acceptable que des personnes
doivent attendre deux à trois ans
le remboursement de leurs frais
d'enregistrement.
10.04 Minister Didier Reynders: (...) voor het Gewest. Ik ben voor
die maatregel. Maar goed. Het is misschien beter contact te hebben
voor de goedkeuring van een nieuwe maatregel inzake nieuwe taken
10.04 Didier Reynders, ministre:
Il s'agit d'une bonne mesure mais
les Régions auraient peut-être dû
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
van de financiële administraties. Maar wij proberen verder te werken.
Ik hoop dat het mogelijk zal zijn die maatregel net als in Vlaanderen
toe te passen in de twee andere Gewesten. Maar tot nu toe is er geen
beslissing in dat verband
nous contacter au préalable.
10.05 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Misschien is de oplossing
ook daar een regionalisering door te voeren.
10.05 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): Peut-être la régionalisation
est-elle une solution dans ce
dossier également.
10.06 Minister Didier Reynders: Dat is nu al het geval. Het is een
maatregel die geldt in Vlaanderen maar niet in Brussel of in Wallonië.
10.07 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Ja, maar de inning gebeurt
nog federaal. En de verwerking van de teruggaven ook. Ik dank u.
De voorzitter: De lat ligt gelijk. De personenbelasting wordt ook pas anderhalf jaar later terugbetaald. Dat
laatste is ironisch bedoeld. Dat zeg ik voor alle duidelijkheid voor het verslag. Het is ironisch bedoeld.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
11 Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de vice-eerste minister en minister van Financiën
en Institutionele Hervormingen over "het oude gerechtsgebouw te Kortrijk" (nr. 6507)
11 Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "l'ancien palais de justice de Courtrai" (n° 6507)</b>
De voorzitter: Het is niet de eerste keer dat u daarover een vraag stelt.
11.01 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Neen, mijnheer de
voorzitter, het is inderdaad niet de eerste keer. Ik stel ondertussen al
bijna vijf jaar lang geregeld een vraag over de "dringende" werken in
het gerechtsgebouw in Kortrijk, meer bepaald over de plafonds en
muren die daar sinds 2002 zijn uitgebroken en nog altijd niet zijn
herbekleed.
Begin 2006 hebt u verklaard dat er is afgestapt van het plan om het
gebouw volledig te renoveren en dat alleen de meest dringende
herstellingswerken, meer bepaald het herbekleden van de plafonds
en muren, zouden worden uitgevoerd. In december 2007 hebt u
geantwoord dat de werken binnen de 45 dagen zouden aanvangen en
dat de aanbesteding was gebeurd voor een bedrag van ongeveer
1.260.000 euro. In juni heb ik nog eens nagevraagd waarom de
werken ondertussen nog niet zijn gestart. Toen was het antwoord dat
ze eerstdaags zouden starten, maar uit navraag op het terrein, onder
andere bij de procureur en de Regie der Gebouwen, blijkt dat de
betreffende werken niet op de prioriteitenlijst staan en dat daarover
pas eind dit jaar eventueel een beslissing zou kunnen worden
genomen.
Bovendien is er ook onduidelijkheid over het bedrag van de
aanbestede werken. Gaat het nu over 1.260.000 euro of over een
kleine 300.000 euro?
Kunt u meer toelichting geven bij de aanbesteding van 13 december
2007? Geldt deze aanbesteding nog altijd?
Kunt u de goedgekeurde werken precies omschrijven en kunt u ook
11.01 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Depuis quasiment
cinq ans, je pose des questions
sur les travaux urgents à réaliser
au palais de justice de Courtrai. En
décembre 2007, le ministre a
répondu
que
les
travaux
débuteraient dans les 45 jours et
que le marché avait été adjugé
pour
un
montant
d'environ
1.260.000 euros. En juin 2008, il a
indiqué
que
les
travaux
commenceraient
sous
peu.
D'après les renseignements que
j'ai pris sur le terrain, les travaux
en question ne font pas partie des
priorités et une décision à ce sujet
ne sera éventuellement prise qu'à
la fin de cette année. Il existe
également des imprécisions en ce
qui concerne le montant des
travaux adjugés.
S'agit-il d'un montant de 1.260.000
euros ou de seulement 300.000
euros? L'adjudication du 13
décembre 2007 est-elle encore
valable? Le ministre peut-il décrire
précisément
les
travaux
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
het bedrag precies bepalen?
Klopt het dat de werken niet op de prioriteitenlijst staan van de Regie
der Gebouwen? Wanneer zullen ze eindelijk kunnen plaatsvinden?
approuvés et en déterminer le
montant exact? Est-il exact que
les travaux ne font pas partie des
priorités
de
la
Régie
des
Bâtiments? Quand pourront-ils
enfin être réalisés?
11.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mevrouw
Lahaye-Battheu, de aanbesteding zal slechts worden gegund op het
ogenblik dat de vereiste kredieten zijn gereserveerd. Voorafgaand
aan de gunning, zal aan de aannemer die voor de gunning in
aanmerking komt, worden gevraagd of hij de gestanddoeningstermijn
nog wil verlengen aan dezelfde voorwaarden. We moeten dus altijd
een vraag aan het bedrijf stellen. Met het oog op de toegekende
budgetten en prioriteiten wordt er eerst voor geopteerd om een
minimum aan herstellingen uit te voeren en minstens de destructie
door de asbestsanering te herstellen.
Het bedrag aan uit te voeren werken zal ongeveer 300.000 euro
benaderen. In overleg met Justitie zal later een gefaseerde renovatie
van het oude gerechtsgebouw plaatsvinden. De werken in het oude
gerechtsgebouw zullen in de prioriteitenlijst worden opgenomen. Over
afzienbare tijd zal het dossier derhalve worden vastgelegd. Tussen
het gunnen van de opdracht en de werkelijke aanvang van de werken
ligt een in samenspraak met de aannemer te bepalen termijn, wat de
aannemer zal toelaten de werken in te passen in zijn werkplanning,
voorbereidingen te treffen en de noodzakelijke materialen te
bestellen.
We gaan dus verder met 300.000 euro voor de herstelling na de
asbestsanering en daarna zullen we de werken aan het oude
gerechtsgebouw op de prioriteitenlijst plaatsen.
11.02 Didier Reynders, ministre:
L'adjudication ne sera attribuée
qu'au moment où les crédits
exigés
seront
réservés.
Préalablement à l'adjudication, il
sera demandé à l'entrepreneur qui
peut obtenir l'adjudication s'il ne
souhaite pas encore prolonger le
délai d'engagement aux mêmes
conditions.
Nous
optons
d'abord
pour
l'exécution d'un minimum de
réparations, notamment celles
rendues indispensables à la suite
des dégradations provoquées par
le désamiantage. Le montant des
travaux à réaliser s'élèvera à
quasiment 300.000 euros. En
concertation avec la Justice, il
sera procédé à une rénovation
phasée de l'ancien palais de
justice. Les travaux dans l'ancien
palais de justice figureront parmi
les priorités. Le dossier sera donc
engagé à brève échéance.
11.03 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de minister,
bedankt voor het antwoord. Ik heb geen repliek.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
12 Vraag van de heer Michel Doomst aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het elektronisch beveiligen van politiegebouwen" (nr. 6525)
12 Question de M. Michel Doomst au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la sécurisation électronique des bâtiments de police" (n° 6525)</b>
12.01 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, het is via minister Dewael dat ik mij tot u richt. Ik
volg dus de hiërarchie.
Uit een vraag over het elektronisch beveiligen van de politiegebouwen
die ik mondeling aan minister Dewael stelde, bleek het volgende. Alle
politiegebouwen die geen permanente bezetting hebben, zouden
eigenlijk elektronisch moeten zijn beveiligd. Echter, slechts 50 van de
144 complexen waarover de federale politie beschikt, zijn elektronisch
beveiligd.
De beveiliging voor de resterende gebouwen zou, in functie van de
budgettaire mogelijkheden, zijn gepland in het raam van een
12.01 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): Tous les bâtiments de la
police qui ne sont pas occupés en
permanence
devraient
être
protégés électroniquement. Seuls
cinquante des 144 complexes dont
dispose la police fédérale sont
pourvus d'un système de sécurité
électronique. La sécurisation des
bâtiments restants sera planifiée
dans le cadre d'un marché public
de la Régie des Bâtiments,
compte tenu des possibilités
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
overheidsopdracht van de Regie der Gebouwen.
Mijnheer de minister, hebt u meer informatie over de planning voor de
komende maanden en jaren?
Welk budget werd ter zake uitgetrokken?
budgétaires.
Quel est le calendrier prévu pour
les mois et années à venir? Quel
budget a-t-on dégagé?
12.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Doomst, midden 2008 wordt de aanneming toegewezen voor de
installatie
en
het
onderhoud
van
de
elektronische
beveiligingsinstallaties in de gebouwen bezet door de federale politie.
Door de Regie der Gebouwen wordt daartoe een bedrag van
2,5 miljoen euro in 2008 en van 1,5 miljoen euro in 2009 uitgetrokken.
De keuze en de volgorde van de gebouwen die op die manier zullen
worden uitgerust, worden bepaald in functie van de prioriteiten van de
federale politie. Er zal met de in bedoelde periode geplande
bouwwerken ­ nieuwbouw, verbouwing of renovatie ­ rekening
worden gehouden. Wij hebben dus een planning voor de genoemde
bouwwerken.
12.02 Didier Reynders, ministre:
À la mi-2008, l'adjudication pour
l'installation et l'entretien des
équipements
de
sécurisation
électronique
des
bâtiments
occupés par la police fédérale
sera faite. La Régie des Bâtiments
a dégagé à cet effet un montant
de 2,5 millions d'euros en 2008 et
de 1,5 million d'euros en 2009. Le
choix des bâtiments à équiper et
l'ordre des travaux seront fonction
des priorités de la police fédérale.
On tiendra compte des travaux
prévus durant cette période. Je ne
suis pas certain qu'il sera possible
de réaliser tous les travaux.
12.03 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, betekent uw antwoord dat tegen 2009 alle
gebouwen elektronisch zullen zijn beveiligd?
12.04 Minister Didier Reynders: De uitrusting hangt af van de
grenzen van de planning en het bedrag. Het gaat om 2,5 miljoen euro
in 2008 en 1,5 miljoen euro in 2009. Ik ben niet zeker of het mogelijk
zal zijn om alle werken uit te voeren.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
13 Vraag van de heer Hagen Goyvaerts aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de doorstorting van 75% van de ingehouden woonstaatheffing"
(nr. 6551)
13 Question de M. Hagen Goyvaerts au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "le reversement à concurrence de 75% du prélèvement effectué pour
l'État de résidence" (n° 6551)</b>
13.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de minister,
naar aanleiding van een aantal cijfers die uw staatssecretaris heeft
bekendgemaakt aangaande het aantal buitenlandse rekeningen van
Belgen en de ontvangen bedragen, leek een en ander mij niet logisch
of duidelijk. Uit de tabel die betrekking heeft op de bedragen blijkt dat
er gelden zijn ontvangen uit Luxemburg, Zwitserland, Jersey, Monaco,
het eiland Man, Guernsey, Liechtenstein en andere. Bij mijn weten
heeft de Belgische staat echter ook een overeenkomst inzake de
heffing van een woonstaatsteffing met Oostenrijk en San Marino.
Vanuit die twee landen is er helemaal niets teruggestort. Op zich vond
ik dat wel vreemd.
Ik wou u dan ook gewoon vragen hoe u kunt verklaren dat er vanuit
beide landen, dus Oostenrijk en San Marino, waarmee we ook een
13.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Le secrétaire d'État a
publié des chiffres relatifs au
nombre de comptes bancaires de
Belges à l'étranger et aux
montants encaissés. L'Autriche et
Saint-Marin n'ont rien remboursé.
Comment le ministre explique-t-il
cette situation?
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
verdrag hebben geen eurocent is ontvangen.
13.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Goyvaerts, op basis van de huidige beschikbare informatie is het
correct dat de administratie van de invordering in de loop van het jaar
2007 in het kader van voornoemde richtlijn de overdrachten afkomstig
uit Oostenrijk en San Marino niet in de boeken heeft opgenomen.
Uiteraard werd met de fiscale administratie van deze staten reeds
contact opgenomen. Tot op heden heeft ons geen antwoord bereikt.
Met mijn Oostenrijkse collega zal ik opnieuw contact hebben tijdens
de volgende Ecofin-raad. Tot nu toe hebben we niets gekregen. We
hebben reeds contact opgenomen met de twee staten.
13.02 Didier Reynders, ministre:
Les administrations fiscales en
Autriche et à Saint-Marin ont déjà
été contactées mais nous n'avons
reçu aucune réponse à ce jour. Je
reprendrai contact lors du prochain
Conseil Ecofin.
13.03 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Ik dank de minister voor
zijn antwoord. Ik neem aan dat er geen kwade wil in het spel is.
Misschien is het een communicatie- of een vertragingsprobleem. Ik
zal daar desgevallend op terugkomen. Nu ken ik tenmiste de oorzaak
al.
13.03 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Je suppose qu'il n'est pas
question de mauvaise foi mais
qu'il s'agit d'un problème de
communication ou d'un retard.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
14 Samengevoegde vragen van
- de heer Robert Van de Velde aan de staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de eerste
minister, en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk, en wat de
aspecten inzake personen- en familierecht betreft, toegevoegd aan de minister van Justitie over "de
financieringsbehoefte en het financieringsplan" (nr. 6558)
- de heer Hagen Goyvaerts aan de staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de eerste minister,
en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk, en wat de aspecten
inzake personen- en familierecht betreft, toegevoegd aan de minister van Justitie over "de
financieringsbehoefte en het financieringsplan" (nr. 6572)
14 Questions jointes de
- M. Robert Van de Velde au secrétaire d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et secrétaire
d'État à la Politique des familles, adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les aspects du
droit des personnes et de la famille, adjoint au ministre de la Justice sur "les besoins de financement
et le plan de financement" (n° 6558)<br>- M. Hagen Goyvaerts au secrétaire d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et secrétaire d'État à
la Politique des familles, adjoint à la ministre de l'Emploi, et en ce qui concerne les aspects du droit
des personnes et de la famille, adjoint au ministre de la Justice sur "les besoins de financement et le
plan de financement" (n° 6572)</b>
14.01 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, dit is eigenlijk een vervolgverhaal. Wij hebben die vraag
al eens gesteld in mei, maar dan met betrekking tot de cijfers van
april. Het blijkt dat de verwachte financiering en de
financieringsbehoefte zullen stijgen boven het gebudgetteerde. Vorige
maand kwamen wij tot de vaststelling dat het over 1,5 miljard ging.
Volgens de cijfers van de maand mei van het federaal Agentschap
van de Schuld bedragen de financieringsmiddelen die nog ter
beschikking zijn, 9,3 miljard, terwijl nog minstens 17 miljard moet
worden geherfinancierd tegen 2008. Op dit moment kunnen wij dus al
met zekerheid een financieringstekort van 7,7 miljard optekenen.
Bijkomende financieringsbronnen aanspreken zal sowieso leiden tot
een sterke vertraging van de daling van de schuldgraad. Wij hebben
het hier nog niet over een stijging, dat zou helemaal erg zijn. Dat
maakt de opvang van de vergrijzing natuurlijk moeilijker in de
14.01 Robert Van de Velde
(LDD): Le financement espéré et
le
besoin
de
financement
augmenteront au-delà de ce qui
est inscrit au budget. À ce moment
précis, on peut noter avec
certitude un déficit de financement
de 7,7 milliards. L'utilisation de
sources
de
financement
supplémentaires
ralentira
considérablement la réduction du
taux d'endettement. Il sera difficile,
dès lors, de faire face au
vieillissement de la population. En
effet, des indemnités ne pourront
être allouées par le biais du Fonds
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
toekomst. Gelet op de wet van 5 september 2001 tot oprichting van
het Zilverfonds, wordt gestipuleerd dat er pas kan worden uitgekeerd
uit het fonds, zodra de schuldgraad is gezakt onder 60% van het bbp.
Aan een slakkengangetje, of in het slechtste geval aan een
terugkerend slakkengangetje, zitten wij met een probleem.
Ik vind het pervers dat het vergrijzingsfonds, dat net tot doel heeft de
burgers zekerheid te geven over hun pensioen, afhankelijk wordt
gemaakt van het resultaat van de overheid. Daarover moet zeker nog
worden nagedacht, maar dat terzijde.
Mijn vraag over het financieringstekort is dan ook heel duidelijk.
Welke maatregelen zult u nemen? Worden er bijkomende fiscale
maatregelen genomen? Zal het financieringsplan worden hertekend
door nieuwe schulden op te bouwen? Wat zult u doen?
de vieillissement que si le taux
d'endettement passe en dessous
des 60% du PIB. Nous avons donc
un problème en l'occurrence.
Il me paraît pervers que le Fonds
de vieillissement soit conditionné
au résultat des pouvoirs publics
alors
que
ce
fonds
avait
précisément pour objectif de
donner aux citoyens une certitude
concernant leur pension.
Quelles mesures le ministre
prendra-t-il? Des mesures fiscales
supplémentaires
seront-elles
prises? Le plan de financement
sera-t-il revu en constituant de
nouvelles dettes?
14.02 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de minister,
aansluitend bij hetgeen collega Van de Velde heeft gezegd, wil ik ook
even terugkomen op wat ik gisteren van u heb gehoord op uw
persconferentie met betrekking tot de staatsschuld. In onze
commissie hebben wij daarover al dikwijls een boompje opgezet.
U zegt dat het de goede kant uitgaat, als men de staatsschuld uitdrukt
in een percentage van het bbp. U gaat naar ongeveer 84,4%.
Iedereen weet natuurlijk dat de absolute staatsschuld alsmaar blijft
stijgen. Wij zitten nog altijd op het bedrag van tien jaar geleden,
namelijk 285 miljard euro of 11.500 miljard Belgische frank. Ik vraag
mij dus af wat er in die periode eigenlijk werd afgelost. Sterker nog,
wanneer ik kijk naar de vorige legislatuur, dan is er nog 40 miljard
euro bijgekomen.
Soms is het niet onnuttig om eens te kijken op de website over het
Agentschap van de Schuld naar de tabellen die men publiceert. Ik heb
samen met collega Van de Velde vastgesteld dat het te financieren
saldo momenteel ­ de jongste wijziging op de website dateert van
17 juni ­ 9,331 miljard euro bedraagt. Daartegenover staat het saldo
dat u nog voor het hele jaar 2008 moet financieren. Daarmee zult u er
dus niet komen. Dat zit in twee verschillende tabellen. Als men het
verschil maakt, komt men aan 17,2 miljard euro. Ik vraag mij af hoe u
een en ander zult doen.
Hoe zult u de financieringsbehoefte voor het jaar 2008 invullen?
Welke maatregelen denkt u daartoe te zullen nemen. Ik neem aan dat
het niet de bedoeling is om de staatsschuld nog verder te verhogen.
Het gaat dus over maatregelen die de staatsschuld niet verhogen.
Welke financieringsbronnen hebt u te uwer beschikking om dat rond
te krijgen? Zoals collega Van de Velde zei, de bekommernis over de
vergrijzing is er. Er is niet alleen een staatsschuld onder de 60% van
het bbp nodig, maar ook begrotingsoverschotten die toelaten om
iedere euro die men uit het Zilverfonds haalt, te betalen. Zonder
begrotingsoverschotten haalt men natuurlijk weer de staatsschuld
naar boven. Het mechanisme van de communicerende vaten hebben
14.02 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Le ministre affirme que
l'évolution
est
positive mais
chacun sait que la dette de l'État
augmente. Pour 2008, il faudra
encore financer au moins 17,2
milliards d'euros.
Comment le ministre répondra-t-il
à ce besoin de financement?
Quelles mesures prendra-t-il sans
que celles-ci n'entraînent une
augmentation de la dette de l'État?
Quelles
autres
sources
de
financement pense-t-il pouvoir
solliciter? Non seulement la dette
de l'État ne peut dépasser les 60%
mais nous avons aussi besoin
d'excédents budgétaires pour le
financement de chaque euro versé
au Fonds de vieillissement.
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
wij hier al dikwijls aan de orde gesteld, maar daarover gaat het
vandaag niet.
Ik zou echter graag van u een antwoord op mijn vragen krijgen.
14.03 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
de Velde, mijnheer Goyvaerts, het bedrag van 9,331 miljard euro dat
wordt vermeld in de rubriek Financieringsplannen van de vermelde
website, komt overeen met de langetermijnfinanciering die de
federale staat nog dient aan te gaan in 2008 in de maanden juni tot
december, in overeenstemming met het financieringsplan.
De Schatkist voorziet inderdaad in een totaalbedrag aan
langetermijnfinanciering van 29,6 miljard euro over het jaar 2008. Per
31 mei had die daarvan al 20,269 miljard euro gerealiseerd. De
Schatkist dient dus in de maanden juni tot december 2008 geen 17,16
miljard euro meer te financieren, maar wel 9,331 miljard euro.
Nog steeds volgens het financieringsplan, zou de Schatkist dat saldo
kunnen financieren door uitgifte van 6,81 miljard euro aan OLO's. In
2008 zijn er nog drie aanbestedingen gepland, van 0,52 miljard euro
aan staatsbons, en van 2 miljard euro in het kader van het Euro
Medium Term Note Program. Mocht een van de voornoemde
instrumenten niet het verhoopte resultaat opleveren, wat bijvoorbeeld
het geval kan zijn voor de staatsbons, dan kan het uit te geven bedrag
van de andere instrumenten worden verhoogd.
Het totaal nog op te halen bedrag aan langetermijnfinanciering lijkt
hoegenaamd niet problematisch te zijn. In feite loopt de Schatkist
momenteel voor op de planning.
De evolutie van de federale staatsschuld wordt niet beïnvloed door de
uitgifte van schuldinstrumenten op zichzelf, maar wel door het netto te
financieren saldo van de federale overheid. De Schatkist gaat voor
2008 uit van een netto te financieren saldo van 1 miljard euro,
waardoor de netto federale staatsschuld in 2008 zou toenemen met
1 miljard euro. Dat belet evenwel niet dat de schuldgraad van de
gehele overheidssector in België, gemeten als percentage van het
bbp aan marktprijs, verder zal dalen in 2008.
Zoals daarnet reeds gezegd, zullen de instrumenten, bijvoorbeeld
staatsbons, volstaan, weliswaar in combinatie met uitgiften onder het
pas gelanceerde EMTN-programma.
De bedoeling van dat laatste is om besparingen te realiseren ten
opzichte van de traditionele instrumenten. De Schatkist zou
desgevallend aan de volledige resterende financieringsbehoefte van
9,331 miljard euro kunnen voldoen door de traditionele instrumenten.
In verband met de begroting zelf heb ik reeds gezegd dat wij moeten
wachten tot de begrotingscontrole en de voorbereiding van de
volgende begroting om een evenwicht respectievelijk positief saldo te
realiseren. Mijnheer Van de Velde, de vergrijzing is echter niet alleen
een probleem van begroting. Het is meer dan dat. Er is uiteraard een
probleem van correcte financiering met een evenwicht of een surplus
in de begroting, maar er zijn ook andere middelen nodig, bijvoorbeeld
activering met het oog op meer werkenden.
14.03 Didier Reynders, ministre:
Le montant actuel de 9,331
milliards d'euros correspond au
financement à long terme que doit
encore trouver l'État fédéral entre
juin
et
décembre
2008,
conformément
au
plan
de
financement.
Le Trésor prévoit un montant total
de 29,6 milliards d'euros pour
l'année 2008, dont nous avons
déjà réalisé 20,269 milliards au 31
mai. Entre juin et décembre, le
Trésor ne devra dès lors plus
financer que 9,331 milliards
d'euros, au lieu de 17,16 milliards.
Le Trésor pourrait financer ce
solde par l'émission d'OLO à
concurrence de 6,81 milliards
d'euros.
Par
ailleurs,
trois
adjudications sont prévues. Si l'un
de ces instruments ne permet pas
d'engranger le résultat escompté,
il sera possible de majorer le
montant des autres.
Le montant total du financement à
long terme qui reste à trouver ne
devrait poser aucun problème. En
réalité, le Trésor est actuellement
en avance sur le calendrier prévu.
Même si le Trésor table sur un
solde net à financer de 1 milliard
d'euros, le taux d'endettement de
l'ensemble du secteur public belge
poursuivra sa courbe descendante
en 2008.
Des instruments tels que les bons
d'État seront suffisants, même s'il
faut les combiner à des émissions
dans le cadre du programme
EMTN qui vient d'être lancé.
Avec les instruments traditionnels,
le Trésor pourrait répondre à tous
les
besoins
de financement
restants, de l'ordre 9,331 milliards
d'euros.
Nous devons attendre le contrôle
budgétaire. Le vieillissement n'est
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
Er is dus meer jobcreatie in België nodig, zowel voor de jongeren als
voor de mensen ouder dan 50 jaar. Dat is het enige mogelijke
antwoord. Wij hebben sinds 15 jaar een sterke daling van onze
schuld. Er moet echter ook meer activering komen van mensen op de
arbeidsmarkt. Dat is het enige positieve antwoord voor de vergrijzing.
pas uniquement un problème de
budget, de financement correct
assorti d'un équilibre ou d'un
surplus budgétaire : il faut non
seulement réduire sensiblement la
dette
mais
aussi
activer
davantage,
donc
créer
des
emplois.
14.04 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de minister, mijn
basiskritiek op dat laatste punt is dat men de opbouw van het fonds
afhankelijk heeft gemaakt aan het resultaat van de overheid, terwijl
men door bijvoorbeeld te werken met een kapitalisatie, met een
directe injectie van werknemer en werkgever een veel gezondere
opbouw krijgt en men een zekerheid heeft. Die zekerheid is er nu
totaal niet.
Niemand heeft er uiteindelijk voor gekozen dat de grondstoffen zo
sterk zijn gestegen, de inflatie is toegenomen en er economische
recessie op komst is. Kijken we maar naar Duitsland. De cijfers die
het heeft bekendgemaakt, vallen zwaar tegen en dat zal waarschijnlijk
ook voor een stuk wegen op onze economie. Daar heeft niemand om
gevraagd.
Het betekent dat men de bestaande systemen ter discussie moet
stellen. Zo'n periode kan immers lang duren. Ondertussen gaat onze
vergrijzing voort. Elke dag tikt een stuk van de tijd weg. Daar moeten
wij dus zeker en vast herbekijken hoe wij het fonds kunnen
financieren.
Ik kom aan de initiële vraag over de financieringsbehoeften. U weet
evengoed als ik dat cashflow een onderliggend gegeven is dat een
signaalfunctie heeft. U zegt dat het niet direct de staatschuld zal
beïnvloeden. U hebt daar technisch gelijk. Onderliggend, een
negatieve cashflow, als men het zo mag noemen, want dat is de
reden van de financiering, is meestal een signaal dat er op termijn
een verschuiving aan het gebeuren is.
Met name, er komt te weinig binnen om de huidige uitgaven te
dekken, anders zou men die centen ook niet nodig hebben. Wat dat
betreft is het wel een belangrijk signaal, waar we maand na maand
verder naar zullen kijken. Als ik het goed heb begrepen ­ we zullen
het nog eens narekenen ­, dan zijn we eigenlijk op een maand tijd
van 1,5 miljard reëel tekort naar goed 2 miljard tekort gegaan. Dat
betekent dat als we aan dat tempo verder doen, we op 5 tot 6 miljard
financieringstekort afstevenen op jaarbasis. Dat zal zeker en vast
impact hebben. We kijken dus uit naar de activiteiten van de
komende weken en maanden.
14.04 Robert Van de Velde
(LDD): Je critique le fait que l'on
ait lié la constitution du fonds au
résultat des pouvoirs publics. Or, il
n'existe aucune certitude. Nul n'a
voulu l'augmentation du prix des
matières premières, l'accélération
de l'inflation. Cette période pourrait
être longue. Entre-temps, le
vieillissement se poursuit. Nous
devons remettre en question les
systèmes existants et réexaminer
le mode de financement du fonds.
Un
cash-flow
négatif
est
généralement le signal qu'un
glissement se produira à terme.
Les rentrées ne suffisent pas à
couvrir les dépenses actuelles. Si
je comprends bien, nous sommes
passés en l'espace d'un mois d'un
déficit réel de 1,5 milliard à un bon
2 milliards, ce qui signifie que
nous nous orientons vers un déficit
de financement de 5 à 6 milliards
sur une base annuelle.
14.05 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, ik
sluit mij grotendeels aan bij de analyse van collega Van de Velde. Ik
zal hier het debat over het Zilverfonds niet heropenen; dat heeft geen
zin.
U zegt zelf dat het netto te financieren saldo met een miljard euro zal
toenemen. U weet ook dat momenteel dankzij de inflatie het bnp nog
altijd blijft stijgen, wat in het voordeel is van uw ratio van de
staatschuld. U weet echter ook ­ daar hoef ik geen tekeningetje bij te
14.05 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Le ministre affirme lui-
même que le solde net à financer
augmentera d'un milliard d'euros.
Le PNB continue à augmenter en
raison de l'inflation, ce qui
bénéficie au ratio d'endettement
public. Une diminution du PNB
pourrait être néfaste au ratio
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
maken ­ dat, wanneer het bnp daalt, dat weleens nefast zou kunnen
zijn voor uw schuldratio. Ik kijk ook uit naar wat op 15 juli allemaal zal
gebeuren inzake de begrotingscontrole, want u hebt toch ook een
aantal elementen vernoemd die niet rooskleurig zijn.
d'endettement. J'attends avec
impatience le contrôle budgétaire
du 15 juillet.
De voorzitter: Dat het bnp zou dalen, collega, zie ik niet zo snel
gebeuren, want dat is de optelsom van de inflatie en de reële groei.
Dat de reële groei stilvalt, tot daar, maar de inflatie is 5%.
Le président: Je ne pense pas
que le PNB baissera dans un
proche avenir, car il représente la
somme de l'inflation et de la
croissance réelle. Une stagnation
de la croissance est possible, mais
l'inflation s'élève à 5%.
14.06 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Als er minder wordt
geconsumeerd en diensten worden uitbesteed, reflecteert zich dat
ook in uw bnp.
14.06 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Lorsque la consommation
diminue et que des services sont
sous-traités, cela se reflète aussi
dans le PNB.
De voorzitter: In uw groei, ja, maar het kan nooit dalen. Een bnp dat
daalt, dat denk ik niet.
Le président: Dans la croissance
mais pas dans le PNB.
14.07 Robert Van de Velde (LDD): Zodra men in een recessie zit,
gaat dat wel. Duitsland begint nu te kampen met een inkrimping. Maar
dat is de discussie hier niet.
14.07 Robert Van de Velde
(LDD): Si, dès qu'on se situe en
période de récession.
De voorzitter: Bij een stagflatie, maar in dat scenario zitten we nog
niet.
Le
président:
En
cas
de
stagflation
mais
nous
n'en
sommes pas encore là.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
15 Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de fiscale aftrek voor risico-kapitaal" (nr. 6560)
15 Question de M. Robert Van de Velde au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la déductibilité fiscale du capital à risque" (n° 6560)</b>
15.01 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, het is niet mijn bedoeling om hetzelfde discours te voeren
als mijn collega's de voorbije maanden over de notionele intrest
hebben gedaan. Ik was echter wel geïnteresseerd in een recente
publicatie van het jaarverslag van Mobistar van 2007. Daarin staan
een aantal zaken die ik u toch eens wilde voorleggen. In dat
jaarverslag staan een aantal cijfers zoals een eigen vermogen van
604,6 miljoen euro. De verkregen belastingvermindering voor
notionele intrest bedroeg 17,5 miljoen euro. Wat opviel, was een
vermindering van het aantal voltijds equivalente medewerkers van
91,5% ten opzichte van 2006.
Ik wil er nogmaals op wijzen dat ik een liberaal discours wil voeren. Ik
oordeel niet over wat deze onderneming doet. De raad van bestuur
maakte echter bekend dat zij op 6 augustus 2008 een
kapitaalvermindering van 4 euro per aandeel zou doorvoeren. Dat
betekent dat ongeveer de helft van het kapitaal van de onderneming
wordt verminderd. Dat is op zich geen slechte beslissing. Er is
waarschijnlijk een overvloed aan kapitaal en dat bedrijf heeft dat niet
meer verder nodig. Daarmee kunnen waarschijnlijk ook andere zaken
15.01 Robert Van de Velde
(LDD): Le rapport annuel de
Mobistar comprend des chiffres
intéressants:
604,6
millions
d'euros de fonds propres, 17,5
millions d'euros de réduction
d'impôts
grâce
aux
intérêts
notionnels et une diminution du
nombre d'équivalents temps plein
à 91,5% par rapport à 2006. Le
conseil d'administration a par
ailleurs décidé de verser la moitié
du capital aux actionnaires.
En tant que libéral, je n'ai
absolument pas l'intention de juger
des décisions d'une entreprise.
Nous ne pouvons et devons pas
nous immiscer dans les décisions
des entreprises. Je me demande
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
gebeuren. Dat laat ik in het midden.
Als men echter de discussies over de notionele intrest op een rijtje zet
­ ik heb het dan vooral over de doelstellingen die u met het systeem
beoogt ­ vraag ik mij af of een dergelijk concreet voorbeeld ons niet
aan het denken moet zetten. Wij kunnen immers vaststellen dat een
onderneming totaal niet door een enkele maatregel kan worden
gestuurd.
Een ander voorbeeld van de bananenproducent Chiquita toont aan
dat niet naar alle kleine maatregelen in onze fiscaliteit wordt gekeken,
maar wel naar de vennootschapsbelastingen as such. Men merkt ook
dat KMO's minder baat hebben bij het systeem omdat zij recht
hebben op bijkomende investeringsaftrek. Die verliezen zij als zij
opteren voor notionele intrest.
Als men naar zo'n voorbeeld kijkt, is mijn vraag hoe dat te
vereenzelvigen valt. Zouden we niet eens op een grondige manier de
mogelijkheid van een lineaire verlaging onderzoeken tot een niveau
dat Europees competitief is, met name 19 tot 20%?
en revanche dans quelle mesure
ces chiffres ne démontrent pas
que
les
intérêts
notionnels
n'atteignent pas leur objectif. Il est
clair qu'une seule mesure ne peut
pas orienter la politique d'une
entreprise. Les PME ne profitent
pas vraiment non plus du système,
parce qu'elles perdent le droit à la
déduction pour investissement
complémentaire si elles optent en
faveur des intérêts notionnels.
Ne serait-il pas préférable d'opter
en faveur d'une réduction de tarif
linéaire, jusqu'à un niveau qui soit
compétitif sur le plan européen,
par exemple 19 ou 20%?
15.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
de Velde, eerst en vooral kan ik mij als echte liberaal niet inmengen in
de bedrijfsvoering van een onderneming. U misschien wel.
15.02 Didier Reynders, ministre:
Il va de soi que je ne veux pas
davantage m'immiscer dans la
gestion d'une entreprise.
15.03 Robert Van de Velde (LDD): Ik heb gezegd dat we dat niet
zullen doen. Ik geef een voorbeeld.
15.04 Minister Didier Reynders: Dat hebt u inderdaad gezegd, maar
u hebt het wel gedaan. Er is een verschil tussen wat u hebt gezegd en
wat u hebt gedaan. Dat is niet erg. Dat is uw probleem, niet het mijne.
Er zijn échte liberalen en anderen.
Het doel van de aftrek risicokapitaal bestond erin de discriminatie van
het eigen vermogen ten opzichte van het vreemd vermogen op te
heffen. Het is dan ook logisch dat, wanneer een onderneming haar
eigen vermogen verlaagt door bijvoorbeeld over te gaan tot
terugbetaling van het kapitaal, dit eveneens een verlaging
teweegbrengt van het eigen vermogen waarop de afrek risicokapitaal
wordt berekend. Het is een verrekening.
In tegenstelling tot wat u denkt, verliest een KMO die opteert voor de
aftrek risicokapitaal niet de investeringsaftrek. Ze heeft geen recht op
de vrijgestelde investeringsreserve, niet alleen voor het belastbaar
tijdperk waarin ze de toepassing vraagt, maar ook voor de volgende
twee belastbare tijdperken.
In een gelijkaardige vermindering is eveneens voorzien wanneer een
KMO-vennootschap
die
opteert
voor
de
vrijgestelde
investeringsreserve zou overgaan tot terugbetaling van het gestorte
kapitaal.
Ik heb gesproken met verschillende mensen van KMO's. De voorzitter
van UNIZO heeft echter gevraagd om verder te gaan met de notionele
intrestaftrek. We kunnen ook beslissen tot een vermindering van de
tarificatie, niet alleen met 33,90% maar misschien met een lager
tarief. Dat is echter een ander verhaal.
15.04 Didier Reynders, ministre:
La déduction du capital à risque a
été instaurée pour supprimer la
discrimination des fonds propres
par rapport aux fonds de tiers.
Lorsqu'une entreprise réduit ses
fonds
propres,
elle
réduit
évidemment aussi les fonds sur la
base desquels le capital à risque
est calculé.
Une PME qui opte pour la
déduction de capital à risque, ne
perd
pas
la
déduction
d'investissement mais n'a pas
droit, au cours de la période
imposable où cette déduction est
demandée et des deux périodes
suivantes,
à
la
réserve
d'investissement exonérée. Une
même réduction est possible
lorsqu'une PME qui opte pour la
réserve d'investissement exonérée
procède au remboursement du
capital versé.
Je souligne que l'Unizo m'a
demandé de maintenir les intérêts
notionnels. Une réduction de la
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
Veel KMO'ers vragen nu om verder te gaan met de notionele
intrestaftrek.
tarification est bien sûr toujours
possible également mais il s'agit
d'une autre mesure.
15.05 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, uw laatste bemerking is een welles-nietesverhaal. Er zijn
evenveel KMO's die voor een lagere vennootschapsbelasting dan
voor het huidige systeem zouden opteren. Dat is dus een discussie
die wij nog moeten voeren.
Ik wil wel nog even repliceren op de essentie van mijn vraag.
Mijn vraag impliceerde dat het bedoelde voorbeeld bewijst dat de
overheid niet in een onderneming kan interveniëren en dat ook niet
moet doen. U zegt dat het erom gaat niet te discrimineren tussen
eigen vermogen en geleend kapitaal. Het voorbeeld bewijst echter
heel duidelijk dat de onderliggende, door u beoogde doelstelling,
namelijk een stimulans aan onze economie geven, niet het gewenste
effect heeft. In een volgend jaar zal de kapitaalsaftrek, dus de
notionele intrestaftrek, inderdaad lager liggen. Ondertussen hebt u
echter uw doelstelling, zijnde een kapitaalsinjectie en investering in de
economie, niet bereikt.
Net dat gegeven, evenals het feit dat de overheid een onderneming
niet kan sturen en dat wij het competitief nadeel ten opzichte van het
buitenland niet wegwerken, is een discussie over een verlaagde
vennootschapsbelasting waard.
15.05 Robert Van de Velde
(LDD):
Beaucoup
de
PME
préféreraient aussi une réduction
de l'impôt des sociétés aux
intérêts notionnels.
L'objectif implicite des intérêts
notionnels était de donner un coup
de fouet à notre économie mais, à
cet égard, ce système s'est révélé
être un pétard mouillé. Pour
combler le handicap concurrentiel
de notre pays, nous ne pourrons
faire l'économie d'une réflexion sur
une baisse de l'impôt des
sociétés.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
16 Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de doorstroming van de fiscale statistieken" (nr. 6584)
16 Question de M. Robert Van de Velde au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "la diffusion des statistiques fiscales" (n° 6584)</b>
16.01 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de minister, het gaat
om een belangrijk element omtrent de duidelijkheid van de cijfers.
Ik heb gelezen dat u zei dat de btw-verlaging op stookolie en
benzineproducten of op energie alleen de rijken ten goede zou
komen. Dat betekent dat u zich op een of andere manier moet
baseren op cijfers. Als ik zoek naar cijfers, bij uw administratie en bij
de verantwoordelijke douane, zelfs tot bij het kantoor van de heer
Colpin zelf, dan merk ik dat ik op geen enkel vlak een antwoord krijg
wat betreft de inkomsten en de uitsplitsing in de accijnsontvangsten.
Wij hebben dat op 23 juni laatstleden telefonisch nagevraagd, zowel
bij de FOD Financiën als bij de uitgever van de conjunctuurnota en bij
de dienst Douane en Accijnzen, maar geen van hen kan of wil ons
een cijfer meedelen.
Wat mij vooral verontrustte was de mededeling op geërgerde toon dat
dit een zeer delicaat probleem is. Dat zijn niet mijn woorden, maar die
van uw medewerkers. Wat mij ook verontrustte was het antwoord van
de medewerkster van de heer Colpin die zei dat zij op
informaticagebied een probleempje hadden en dat zij de cijfers er niet
uit kregen en dit, terwijl ik blijkbaar cijfers moest hebben. Ik vraag mij
dus af waarom ze niet in de tabel 2008/02/201 zitten en waarom wij
16.01 Robert Van de Velde
(LDD): Cette année, le tableau des
recettes fiscales qui est publiée
chaque année à la fin du mois
d'avril dans la Note de conjoncture
était fragmentaire et ne contenait
pas de répartition entre les
recettes des accises et celles des
douanes. Quand je me suis
renseigné par téléphone, on m'a
laissé entendre qu'il s'agit d'un
problème délicat. La collaboratrice
de M. Colpin a évoqué un
problème informatique.
Pourquoi ce tableau ne comporte-
t-il pas de répartition entre les
recettes des douanes et celles des
accises?
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
36
op dit moment niet kunnen beschikken over degelijk uitgesplitste
cijfers inzake douane en accijnzen.
16.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer Van de Velde, in haar
conjunctuurnota brengt de studie- en documentatiedienst van de
FOD Financiën een ruime waaier van economische statistieken
bijeen. Deze betreffen zowel de openbare financiën als de financiële
markten, de prijzen en lonen, de arbeidsmarkt, de buitenlandse
handel, als de kerngegevens uit de nationale rekening. Het is hierbij
de betrachting van de studie- en documentatiedienst om de recentste
gegevens in een ruimer perspectief te plaatsen. Zo worden voor de
belangrijkste belastingcategorieën naast maandontvangsten voor de
recente jaren ook de jaarontvangsten sinds de jaren '70 opgesomd.
Wat de administratie der Douane en Accijnzen betreft, heeft zich
inderdaad een breuk in de statistiek voorgedaan. Dit heeft zowel te
maken met interne herstructurering als met de introductie van nieuwe
werkmethodes. Ik verwijs hierbij naar de opstart van het enig kantoor
en PLDA ­ daarover waren er in juni van vorig jaar veel vragen en
antwoorden in de commissie voor de Financiën ­ en de
veralgemening vanaf februari van dit jaar Desondanks konden de
statistieken voor 2007 recent volledig op punt worden gesteld. Voor
de maanden sinds februari 2008 zijn echter vooralsnog alleen
algemene en voorlopige gegevens beschikbaar.
De administratie der Douane en Accijnzen stelt alles in het werk om
zo spoedig mogelijk over de gebruikelijke uitsplitsing van de fiscale
ontvangsten per belastingsoort te beschikken. De studie- en
documentatiedienst zal niet nalaten zijn historische reeks met de
nieuwe gegevens aan te vullen, zodra hem de gevalideerde gegevens
worden overgemaakt.
Wij hebben alle cijfers van 2007 en wij zijn nu alleen bezig met de
splitsing voor de verschillende belastingen sinds februari 2008.
16.02 Didier Reynders, ministre:
Les statistiques de l'administration
des
Douanes
et
Accises
présentent
effectivement
une
lacune qui a son origine dans la
restructuration
interne
et
l'introduction
de
nouvelles
méthodes de travail et notamment
le lancement du guichet unique et
des douanes et accises sans
papier qui ont été généralisées en
février 2008.
Les statistiques relatives à 2007
ont été peaufinées il y a peu mais
pour les mois à partir de février
2008, nous ne disposons pour
l'instant
que
de
données
provisoires
et
générales.
L'administration des Douanes et
Accises met tout en oeuvre pour
disposer le plus rapidement
possible de la répartition des
recettes fiscales. Le service
d'études et de documentation
ajoutera ensuite ces données aux
séries historiques.
16.03 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de minister, u begrijpt
dat die gegevens op dit moment zeer gevoelig zijn. Gezien de
gestegen energieprijzen, de naburige accijnzen en de btw, enzovoort,
is het van belang te kijken of wij wel de juiste koers varen en of er
misschien moet worden nagedacht over een wijziging van het
systeem. Op dit moment kreunt de burger onder de gestegen prijzen.
Er is toch een heel duidelijk vermoeden dat de overheid momenteel
de enige winnaar is.
Dat zijn zeer gevoelige cijfers. U antwoordt dat u bezig bent; dat kan
ik mij voorstellen en dat hoop ik ook. Graag had ik echter een
duidelijke datum wanneer die cijfers ter beschikking zullen zijn. Hebt u
die?
16.03 Robert Van de Velde
(LDD): Compte tenu de la flambée
des
prix
des
produits
énergétiques,
ce
sont
des
données très sensibles. Nous
devons disposer de la possibilité
de voir s'il ne conviendrait pas de
changer
le
système.
Nos
concitoyens sont acculés et l'État
touche le jackpot. Quand ces
données chiffrées seront-elles
disponibles?
16.04 Minister Didier Reynders: Ik heb al geantwoord.
16.04 Didier Reynders, ministre:
J'ai répondu qu'on y travaillait.
16.05 Robert Van de Velde (LDD): Nee, u hebt gezegd dat u bezig
bent.
16.06 Minister Didier Reynders: Dat is een antwoord.
16.07 Robert Van de Velde (LDD): Dat is geen antwoord. Ik vraag u 16.07 Robert Van de Velde
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
37
duidelijk wanneer die cijfers beschikbaar zullen zijn. U bent toch
verantwoordelijk voor de administratie.
(LDD): C'est une non-réponse.
16.08 Minister Didier Reynders: Dus ik blijf ook verantwoordelijk
voor mijn antwoord. Dat is klaar en duidelijk.
De voorzitter: U mag zeggen wat u wilt, maar nu volgt uw laatste repliek.
16.09 Robert Van de Velde (LDD): Ik vind dit echt onaanvaardbaar.
Het gaat om belangrijke cijfers!
16.09 Robert Van de Velde
(LDD): La réponse du ministre est
inacceptable.
16.10 Minister Didier Reynders: Dat is zo elke week; dat is dus niet
erg.
16.11 Robert Van de Velde (LDD): Dit is werkelijk onaanvaardbaar;
het spijt me.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
17 Question de M. Christian Brotcorne au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "le statut des agents de la Conservation des hypothèques" (n° 6514)</b>
17 Vraag van de heer Christian Brotcorne aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het statuut van de beambten van de Hypotheekbewaring" (nr. 6514)
17.01 Christian Brotcorne (cdH): Monsieur le ministre, ma question
relaie l'impatience d'agents de la Conservation des hypothèques. Une
loi a été votée le 11 décembre 2006, prévoyant que, je cite: "Les
employés des conservateurs des hypothèques qui remplissent les
conditions déterminées par arrêté royal et qui ont réussi une épreuve
de sélection reconnue par le SELOR équivalente aux épreuves de
sélection du même niveau, sont intégrés au sein du Service public
fédéral Finances comme agents de l'État". Il a déjà fallu six mois pour
que la loi soit publiée au Moniteur belge, ce qui a été fait le 27 juin
2007.
Depuis lors, ces agents disent être dans l'attente de cet arrêté royal
qui devrait régler leur situation. À moins qu'il n'y ait aucun agent qui
ait réussi une épreuve de sélection reconnue par le SELOR telle que
prévue dans la loi, il est regrettable pour eux, si tel n'était pas le cas,
qu'ils ne puissent pas bénéficier dès à présent de cette régularisation
ni être considérés comme membres du SPF Finances en qualité
d'agents de l'État.
Ma question est très simple: qu'est-ce qui empêche l'évolution de ce
dossier dans le sens prévu par le législateur? Avez-vous un agenda
pour rassurer les personnes intéressées?
17.01 Christian Brotcorne
(cdH): Een wet die op 11
december
2006
aangenomen
werd en pas op 27 juni 2007 in het
Staatsblad
gepubliceerd werd,
bepaalt dat de werknemers van de
Bewaring van de Hypotheken die
de
door
koninklijk
besluit
vastgelegde
voorwaarden
vervullen, en geslaagd zijn voor
een
door
Selor
erkende
selectieproef in de FOD Financiën
als Rijksambtenaar geïntegreerd
zouden worden. Die werknemers
wachten nog steeds op het
koninklijk besluit om hun situatie te
regulariseren.
Wat staat de evolutie van het
dossier in de weg? Heeft u een
tijdpad om die personen gerust te
stellen?
17.02 Didier Reynders, ministre: Cher collègue, la loi du
11 décembre 2006 relative au statut des employés des conservateurs
des hypothèques autorise, dans les conditions fixées par arrêté royal,
l'intégration de ces employés comme agents de l'État au sein de mon
département. Avant de pouvoir procéder à la fonctionnarisation, une
autre loi doit encore régler deux aspects de la procédure: la
constitution d'un fonds budgétaire pour le paiement des coûts en
personnel des employés des conservateurs des hypothèques après
leur intégration comme agents de l'État; en matière de pensions,
17.02 Minister Didier Reynders:
Voor die personeelsleden in het
ambtenarenkorps
worden
opgenomen, moet nog een wet
worden
uitgevaardigd
tot
oprichting
van
een
begrotingsfonds om de betaling
van de personeelskosten en
bepaalde
pensioengebonden
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
38
l'admissibilité pour les agents qui seront fonctionnarisés, de certains
services accomplis auprès d'un conservateur des hypothèques
comme s'ils avaient été accomplis par des agents nommés à titre
définitif.
Le projet de loi que j'ai préparé en collaboration avec ma collègue qui
a les pensions dans ses attributions sera envoyé dans les prochains
jours au contrôle administratif et budgétaire. À la suite de tout le
parcours de promulgation de la loi, l'arrêté royal fixant les conditions
de la fonctionnarisation sera publié.
aspecten
te
regelen.
Het
wetsontwerp wordt in de loop van
de volgende dagen voorgelegd
aan
de
administratieve
en
budgettaire controle. Zodra die wet
wordt uitgevaardigd, zal ook het
koninklijk besluit met betrekking
tot de voorwaarden voor de
toetreding
tot
het
ambtenarenkorps
worden
gepubliceerd.
17.03 Christian Brotcorne (cdH): Je retiens donc deux problèmes,
l'un en voie de résolution, à savoir la législation dont vous nous
annoncez l'arrivée prochaine; le second, un problème budgétaire pour
pouvoir payer ces agents.
17.03 Christian Brotcorne
(cdH): De wetgeving komt er dus
aan, maar ik stel vast dat er ook
een budgettair probleem rijst met
betrekking tot de vergoeding van
die mensen.
17.04 Didier Reynders, ministre: Il ne faut pas confondre le fonds
budgétaire et la problématique des pensions. Le fonds budgétaire,
c'est pour permettre le paiement des coûts en personnel après
l'intégration des employés.
17.04 Minister Didier Reynders:
Het begrotingsfonds zal worden
aangewend voor de betaling van
de personeelskosten zodra die
personeelsleden als ambtenaar in
de FOD zijn geïntegreerd.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
18 Samengevoegde vragen van
- mevrouw Sonja Becq aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de toegankelijkheid van de nieuwe gebouwen van de FOD Sociale Zekerheid"
(nr. 6544)
- mevrouw Sonja Becq aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de vertraging bij de verhuizing van de FOD Sociale Zekerheid" (nr. 6610)
18 Questions jointes de
- Mme Sonja Becq au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "l'accessibilité des nouveaux bâtiments du SPF Sécurité sociale" (n° 6544)<br>- Mme Sonja Becq au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "le retard du déménagement du SPF Sécurité sociale" (n° 6610)</b>
18.01 Sonja Becq (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, mijn twee vragen hebben te maken met de Financietoren
en de huisvesting aldaar van onder andere de FOD Sociale
Zekerheid. De ene vraag heeft te maken met de toegankelijkheid, de
andere met de discussie over de vertraging van de verhuis van de
FOD Sociale Zekerheid.
U bent bevoegd voor de gebouwen. Daarom stel ik mijn vraag aan u.
Naar aanleiding van de bespreking van de beleidsbrief van
staatssecretaris Fernandez-Fernandez is aan de orde gekomen dat
de Financietoren een aantal problemen heeft inzake toegankelijkheid.
Rolstoelgebruikers zouden niet zo evident gebruik kunnen maken van
de toegangen tot het gebouw en zouden zich in het gebouw niet
gemakkelijk kunnen verplaatsen. Dat schijnt een serieus probleem te
zijn.
Mijnheer de minister, als ik het goed heb begrepen, zou men
18.01 Sonja Becq (CD&V - N-
VA): L'accessibilité des nouveaux
bâtiments du SPF Sécurité sociale
laisserait à désirer et il serait
impossible d'y pénétrer en chaise
roulante.
Quelles
sont
les
adaptations nécessaires en vue
d'en améliorer l'accessibilité et
quand seront-elles réalisées? Quel
en sera le coût et qui le
supportera? Le résultat final fera-t-
il encore l'objet d'une évaluation
basée sur les besoins des
personnes handicapées?
Le déménagement vers la Tour
des Finances prend du retard. Les
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
39
proberen om een inventaris te maken van wat er nodig is om voor de
toegankelijkheid te zorgen. Het gaat over trappen die vervangen
zouden kunnen worden door liften of door een helling die toegankelijk
is voor een rolstoel en niet door een helling waar men met een
handbediende rolstoel niet op geraakt. Het betekent dat ook de
toiletten toegankelijk moeten zijn voor rolstoelgebruikers, dat de liften
bedieningsknoppen hebben die niet op een hoogte van 1,5 meter zijn
geïnstalleerd, maar lager, dat er bepaalde veiligheidsstrips worden
aangebracht voor slechtzienden, enzovoort.
Twee weken geleden zei men nog dat er vertraging was door het
meubilair. Er waren toch een aantal stappen nodig om dit gebouw
effectief gebruiksklaar te maken. Ik ga ervan uit dat, wanneer een
gebouw wordt verhuurd, de verhuurder moet zorgen voor de
toegankelijkheid van het gebouw, want anders zijn de voorwaarden
niet goed opgesteld. Welke initiatieven moeten er nog worden
genomen om in de toegankelijkheid te voorzien? Welke concrete
ingrepen zullen er worden uitgevoerd? Op welke termijn? Welk
bedrag is er begroot? Wordt het resultaat getoetst aan de noden van
personen met een handicap? Ten laste van wie zullen de werken
effectief gebeuren? Ik meen dat dit een niet onbelangrijk probleem is.
Ik ging ervan uit dat de Regie der Gebouwen hier de belangrijkste
vinger in de pap heeft.
Ik begrijp, door de samenvoeging van de vragen, dat mijn andere
vraag nu onmiddellijk moet volgen.
Mijn andere vraag gaat over heel de problematiek van de vertraging
van de verhuis van de FOD Sociale Zekerheid. Samen met de heer
Gilkinet hebben we daarover ook gediscussieerd in de commissie
voor de Sociale Zaken, met minister Onkelinx. Daarnaast blijven er
voor mij toch ook nog een aantal vragen openstaan die ruimer zijn
dan alleen maar de FOD Sociale Zekerheid, en die volgens mij ook
een beetje vallen onder uw bevoegdheid van financier van onze
regering, en wat ermee gebeurt, maar ook vanuit het concept van de
gebouwen die in gebruik worden genomen door onze administratie.
In de media is er sprake geweest van de dubbele huurlast van de
FOD Sociale Zekerheid.
Mijnheer de minister, geldt dat alleen voor de FOD Sociale Zekerheid,
wegens de vertraging in de levering van het meubilair, doordat die
aanbesteding moest worden herzien, of moeten ook andere
departementen die de Financietoren zullen betrekken, een dubbele
huurprijs betalen? Hoe hoog zijn die huurlasten voor die verschillende
diensten, zowel in absolute prijs als in relatie tot het aantal vierkante
meter en het aantal tewerkgestelde personeelsleden?
Ik stel die vraag ook omdat vanuit de FOD Sociale Zekerheid wordt
gezegd dat het concept waarmee wordt gewerkt binnen de FOD
Sociale Zekerheid eigenlijk een nieuw managementsysteem is,
waarbij inderdaad wordt meegewerkt aan het delen ­ sharing ­ van
de kantoren. Volgens de FOD Sociale Zekerheid is er wel een
meerkost voor het meubilair en dergelijke, maar gaat het uiteindelijk
om een totaalconcept waarbij een besparing wordt doorgevoerd
aangezien er minder kantoorruimte en dergelijke nodig is.
Ik wil dat wel graag geloven, maar welke besparingen brengt dat
autres départements doivent-ils
également payer un double loyer
ou le SPF Sécurité sociale est-il le
seul à connaître cette situation? À
quel montant s'élève le loyer, en
chiffres absolus ainsi que par
rapport au nombre de mètres
carrés et de personnes occupées?
Quelle est la somme économisée
grâce à l'application du concept de
"dynamic office"? Les bâtiments
ont-ils été livrés dans les délais, et
dans
la
négative,
un
dédommagement est-il prévu?
Qu'advient-il des trois étages qui
ne seront pas occupés par le SPF
Sécurité sociale? À quel montant
s'élèvent
les
travaux
supplémentaires encore à réaliser,
notamment
en
matière
d'amélioration de l'accessibilité, et
qui devra payer cette facture?
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
40
nieuw werkconcept met zich mee?
Klopt het dat er vertraging is voor de terbeschikkingstelling van die
gebouwen, of is de oplevering en de openstelling wel tijdig gebeurd?
Het is mij niet helemaal duidelijk of dat voor de FOD Sociale
Zekerheid geldt of voor de FOD Financiën. Als er effectief een
vertraging is, is de oplevering ondertussen dan al gebeurd? In de
antwoorden die ik tot nu toe heb gekregen, is mij dat niet altijd even
duidelijk. Als die oplevering wel tijdig is gebeurd, is er geen enkel
probleem. Als de oplevering niet op tijd gebeurde, dan wil ik graag
weten of daarvoor schadevergoeding is voorzien.
De FOD Sociale Zekerheid meldt ons ook dat er drie verdiepingen zijn
bespaard, in die zin dat zij drie verdiepingen in de Financietoren niet
in gebruik nemen.
Wat gebeurt er met die drie verdiepingen? Maken andere diensten er
gebruik van of staan ze leeg? Worden ze wel of niet gehuurd? Wat is
er gebeurd met de drie verdiepingen die de FOD Sociale Zekerheid
zou hebben bespaard?
Ik heb ook begrepen dat de FOD Sociale Zaken een aantal
meerwerken of aanpassingen moet laten doen. Er moeten
bijvoorbeeld dokterskabinetten en dergelijke worden ingericht. Om
welke werken gaat het precies? Wat is de kostprijs ervan?
Ik
heb
ook
een
aparte
vraag
rond
de
minimale
toegankelijkheidsvoorwaarden ingediend. Onder wiens budget valt de
kostprijs? Wie betaalt de kostprijs van de meerwerken voor het
verbeteren van de toegankelijkheid?
18.02 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mevrouw
Becq, ten eerste, wij voorzien een vertraging in de verhuis van de
FOD Sociale Zekerheid van zeven maanden. Indien deze vertraging
wordt bevestigd, zal voor sommige departementen van de FOD
Sociale Zekerheid, gehuisvest in het gehuurde gebouw Parking 58
Centrum, een bijkomende huur moeten worden betaald.
In deze hypothese zijn er geen andere diensten waarvoor een
dubbele huur moet worden betaald.
De totale, jaarlijkse huurprijs voor alle, verschillende, in de
Financietoren gehuisveste diensten bedraagt 42.700.000 euro. Dat is
de prijs van 2001. Daarmee worden 4.474 ambtenaren op 193.019 m²
gehuisvest. De prijs omvat ook 700 parkeerplaatsen. Voor de FOD
Sociale Zekerheid is de totale oppervlakte gelijk aan 22.173 m².
De inrichting van de kantoren van het type Dynamic Office laat een
vermindering van de oppervlakte van 25 tot 30% toe en dus een
vermindering van de huur.
Wat betreft de meerkost voor het meubilair en andere specifieke
inrichtingen, werd u voorgesteld om u direct te richten tot de
verantwoordelijken van de FOD Sociale Zekerheid, die met het
dossier werden belast. Er is een vertraging inzake de levering van het
meubilair. Dat is echter geen taak voor de Regie der Gebouwen. Het
is een taak voor de FOD Sociale Zekerheid zelf.
18.02 Didier Reynders, ministre:
Le retard atteint sept mois. Par
conséquent, nous devrons payer
un loyer supplémentaire pour
quelques
services,
dans
le
bâtiment loué Parking 58. Il n'y a
aucun autre service pour lequel
nous devons payer un double
loyer.
Le coût total annuel de la location
s'élève à 42.700.000 euros ­
chiffre de 2001 ­ pour 4.474
fonctionnaires répartis sur 193.019
m² , et 700 emplacements de
parking. Le SPF Sécurité sociale
occupe 22.173 m².
Le principe du "dynamic office"
donne une diminution de 25 à 30
pour cent de la surface nécessaire
et par conséquent, une diminution
proportionnelle du loyer. Les coûts
supplémentaires pour le mobilier
et les aménagements spécifiques
sont connus des responsables du
SPF Sécurité sociale.
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
41
De voorlopige opleveringen van de verschillende delen van het
complex Financietoren zijn gedaan in het kader van de contractuele
termijn en dus zonder vertraging. De beschikbare oppervlakten
ingevolge de reorganisatie van de FOD Sociale Zekerheid zijn
bestemd voor de inplanting van de andere federale departementen,
FOD Financiën bijvoorbeeld. Inzake tenlastename van de eerste
installatiekosten gelden voorschriften voor de verdeling van de eerste
installatiekosten tussen de Regie der Gebouwen en de federale
overheidsdiensten die zijn gehuisvest in de gehuurde gebouwen en
die werden vastgelegd door een beslissing van de Ministerraad van
6 februari 2004.
Wat uw laatste vraag betreft, het volgende. Het gebouw voldoet aan
de minimale toegankelijkheidsvoorwaarden voor mindervaliden zoals
reglementair vastgelegd op het ogenblik van de bouwaanvraag,
hetgeen ik in vorige antwoorden op mondelinge vragen daaromtrent al
heb beklemtoond. Wel zal de FOD Sociale Zekerheid op vraag van de
staatssecretaris voor het gehandicaptenbeleid, een studie laten
uitvoeren door een toegankelijkheidsbureau. Het is afwachten wat de
eindresultaten
zullen
zijn
van
deze
eindcontrole
inzake
toegankelijkheid en in welke mate eventueel aan te passen details
nog haalbaar zijn. Het gebouw voldoet aan de minimale
toegankelijkheidsvoorwaarden voor mindervaliden zoals destijds
reglementair vastgelegd.
Il n'y avait pas de retard au
moment de la réception des
travaux. Les surfaces encore
disponibles à la suite de la
réorganisation du SPF Sécurité
sociale sont destinées à d'autres
départements
fédéraux,
notamment les Finances.
En ce qui concerne la prise en
charge
des
premiers
frais
d'installation, les prescriptions de
la décision du Conseil des
ministres du 6 février 2004 sont
applicables. Le bâtiment satisfait
aux
conditions
d'accessibilité
minimales applicables au moment
de la demande de permis de bâtir.
Le
SPF
Sécurité
sociale
commandera une étude à la
demande de la secrétaire d'État
aux Personnes handicapées. On
pourra ensuite identifier clairement
les adaptations encore réalisables.
18.03 Sonja Becq (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik zal de
bijkomende vragen wat betreft het geheel rond de besparing of het
uitstel dat daarmee te maken heeft, voor zover nodig stellen aan de
minister van Sociale Zaken.
De passage over de toegankelijkheid verbaast mij, eerlijk gezegd. Ik
begrijp dat op het moment dat de opdracht werd gegeven, de normen
inzake de toegankelijkheid in orde waren en dat, omdat de bouw
thans wordt afgeleverd, niet moet worden voldaan aan de huidige
normen inzake toegankelijkheid. Welnu, mijnheer de minister, ik nodig
u uit om te proberen daar met een rolstoel binnen te geraken. Ik heb
een aantal foto's gezien en een aantal mensen gehoord die effectief
over de toegankelijkheid spreken. Zij zeggen dat het niet te doen is
om daar met een rolstoel binnen te geraken, omdat er zoveel trappen
zijn. Er zou in een helling voorzien zijn, maar die is veel te steil voor
een gewone rolstoel. Men zegt mij ook dat er veel te weinig toiletten
zijn die toegankelijk zijn voor personen met een handicap. Een aantal
deuren zou niet de vereiste breedte hebben. Liften zijn niet
toegankelijk. Eerlijk gezegd, dat begrijp ik allemaal niet goed.
Als aanbestedingen voor gebouwen effectief zo gebeuren, dan is het
belangrijk om eens na te gaan aan welke minimale normen inzake
toegankelijkheid niet alleen de overheidsgebouwen, maar ook andere
gebouwen moeten voldoen.
18.03 Sonja Becq (CD&V - N-
VA): La question de l'accessibilité
me surprend très fort. Il est
satisfait aux conditions applicables
au moment de la demande de
permis de bâtir. On m'a toutefois
signalé que le bâtiment ne satisfait
aucunement aux normes actuelles
et qu'il comprend notamment trop
d'escaliers, des pentes trop raides,
des ascenseurs inaccessibles et
trop peu de toilettes adaptées aux
personnes
handicapées.
Je
propose qu'on réexamine la
question.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
19 Question de M. Christian Brotcorne au vice-premier ministre et ministre des Finances et des
Réformes institutionnelles sur "l'infraction commise par la Belgique concernant la discrimination à
l'encontre des personnes résidant en Belgique et percevant à la fois des revenus de source nationale
et de source étrangère" (n° 6600)</b>
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
42
19 Vraag van de heer Christian Brotcorne aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de overtreding door België in verband met de discriminatie ten
aanzien van in België woonachtige personen die tegelijk inkomsten verwerven uit nationale en
buitenlandse bronnen" (nr. 6600)
19.01 Christian Brotcorne (cdH): Monsieur le président, j'ai été
interpellé par des personnes qui sont dans la situation rappelée par le
président dans l'intitulé de ma question. Il s'agit de résidents qui
perçoivent à la fois des revenus de source nationale et des revenus
d'origine étrangère. Ils disent ne pas pouvoir bénéficier d'une
déduction totale des abattements liés à leur situation personnelle et
familiale parce qu'on calculerait leur impôt avec une notion dite de
réserve de progressivité. Même si on ne peut pas parler de double
taxation, d'autant qu'il y a la plupart du temps des conventions
préventives de la double imposition, ils ne peuvent prétendre à la
déductibilité ou aux abattements de leur situation personnelle.
La Commission européenne a d'ailleurs considéré que cette attitude
était contraire au traité et une procédure à l'encontre de notre pays a
été entamée, notamment par un avis motivé le 20 juillet 2006.
Cette procédure semble d'autant plus sérieuse que la Cour de Justice
des Communautés européennes a déjà eu l'occasion de se prononcer
sur un cas semblable concernant les Pays-Bas dans l'affaire dite
"De Groot". La Belgique est consciente de cette situation puisque,
dans sa réponse à la Commission, elle reconnaît l'infraction mais ne
précise pas la manière ni le temps dans lequel elle compte remédier à
la situation, ni comment elle va traiter les contribuables en attendant
qu'éventuellement la transposition des règles communautaires ou la
modification de notre législation aboutisse.
Le cas n'est pas anodin, me dit-on, dans la mesure où, dans la
situation actuelle, l'administration des Finances ne donne pas de suite
positive aux réclamations des personnes concernées. Au contraire,
elle rejette leurs réclamations et les plaignants considèrent dès lors
qu'ils sont lésés.
Les informations qui m'ont été transmises sont-elles effectivement
correctes? À partir du moment où la Belgique reconnaît l'existence de
l'infraction, quelles mesures entend-elle appliquer pour modifier la
législation interne? Dans l'attente de cette adaptation, quelles
mesures de transition comptez-vous instaurer afin que les
contribuables belges dans le cas de figure ne soient plus lésés au vu
de cette situation délicate?
19.01 Christian Brotcorne
(cdH): Inwoners van België die
tegelijk inkomsten verwerven uit
nationale
en
buitenlandse
bronnen, stellen dat ze geen
aanspraak kunnen maken op alle
tegemoetkomingen uit hoofde van
hun
persoonlijke
en
gezinstoestand,
omdat
de
belasting zou berekend worden
volgens de zogenaamde clausule
van progressievoorbehoud. De
Europese
Commissie
heeft
trouwens bij een met redenen
omkleed advies op 20 juli 2006
een procedure tegen ons land
ingesteld.
Ons land geeft toe dat er een
overtreding is, maar geeft niet aan
wanneer en hoe het een en ander
wil
rechtzetten.
Momenteel
verwerpt de administratie van
Financiën de klachten van de
betrokkenen.
Klopt mijn informatie? Zo ja, welke
maatregelen worden er getroffen
om onze wetgeving aan te
passen?
Welke
overgangsmaatregelen
zal
u
daarbij nemen?
19.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, suite à la
mise en demeure du 24 octobre 2005 et de l'avis motivé du 13 juillet
2006, en attendant une adaptation de la législation, mon
administration a élaboré, en concertation avec la Commission
européenne, une réglementation administrative qui rencontre les
remarques de la Commission. Cette réglementation vise à accorder
une réduction d'impôt supplémentaire aux contribuables qui ont
recueilli dans d'autres États membres de l'espace économique
européen des revenus exonérés, en vertu de conventions
internationales préventives de la double imposition.
Cette réduction ne pourra toutefois être accordée qu'à condition
notamment que la situation personnelle et familiale du contribuable
19.02 Minister Didier Reynders:
Naar
aanleiding
van
de
ingebrekestelling van 24 oktober
2005 en het met redenen omkleed
advies van 13 juli 2006 en in
afwachting van een aanpassing
van de wetgeving, heeft mijn
administratie een administratieve
regeling uitgewerkt die aan de
opmerkingen van de Commissie
tegemoetkomt. Met die regeling
wordt
er
een
bijkomende
belastingvermindering toegekend
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
43
n'ait pas été prise en compte pour le calcul de l'impôt dû dans ces
autres États membres sur les revenus en question.
La réduction d'impôt supplémentaire correspond à la différence
positive entre, d'une part, l'impôt des personnes physiques dû,
augmenté de l'impôt de même nature dû à l'étranger sur des revenus
exonérés et, d'autre part, l'impôt des personnes physiques qui
auraient été dus si les revenus provenaient exclusivement de source
belge et que les impôts y afférent avaient été dus en Belgique. Je
suppose que tout cela est clair. Si ce n'est pas le cas, la mesure en
question est commentée dans la circulaire n° Ci.RH.331/575.420 du
12 mars 2008.
Cette circulaire peut être consultée dans la banque de données
fiscales Fisconet sur le site "fisconet.be". Cette mesure est
d'application immédiate à tous les stades de la procédure. Pour vous
faciliter la tâche, je tiens à votre disposition une copie de cette
circulaire du 12 mars 2008.
aan belastingplichtigen die in
andere
lidstaten
inkomsten
hebben verworven die krachtens
internationale overeenkomsten ter
voorkoming van dubbele belasting
vrijgesteld zijn.
De maatregel waarvan sprake
wordt
in
de
omzendbrief
Ci.RH.331/575.420 van 12 maart
2008 becommentarieerd en is
onmiddellijk van toepassing in elk
stadium van de procedure.
19.03 Christian Brotcorne (cdH): Je remercie le ministre pour sa
réponse que je transmettrai à ceux qui m'ont interpellé à ce sujet.
Cependant, je n'ai rien entendu au sujet de la modification législative.
Je ne sais pas s'il y a des projets et des propositions au-delà de la
circulaire; j'imagine que c'est le cas. Avec les Pays-Bas par exemple,
des solutions ont été trouvées dans le cadre de la convention
préventive de la double imposition: on a réparti de manière
proportionnelle la charge des réductions fiscales entre les pays de
résidence et l'État source des revenus étrangers. Il s'agit là d'une
piste. J'imagine qu'un jour, il faudra bien rendre notre législation
techniquement conforme au droit européen.
19.03 Christian Brotcorne
(cdH): U heeft niets gezegd over
een wetswijziging, maar ooit zal
men er toch moeten voor zorgen
dat
onze
wetgeving
in
overeenstemming
met
het
Europees recht wordt gebracht.
19.04 Didier Reynders, ministre: Nous avons pris la mesure
administrative pour apporter une réponse au contribuable. C'est sur le
site internet depuis le mois de mars.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
20 Questions jointes de
- M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'attribution aux associations des aides de la Loterie Nationale" (n° 6616)<br>- M. Bruno Tuybens au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les critiques formulées par le cdH, parti de la majorité, à propos du retard dans la
fixation du plan de répartition des subsides de la Loterie Nationale" (n° 6640)</b>
20 Samengevoegde vragen van
- de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de ondersteuning van het verenigingsleven door de Nationale Loterij" (nr. 6616)
- de heer Bruno Tuybens aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de kritiek van regeringspartij cdH inzake de vertraging voor het vastleggen van
het subsidieverdelingsplan van de Nationale Loterij" (nr. 6640)
20.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président,
monsieur le ministre, je crains que cette nouvelle question vous
agace.
20.02 Didier Reynders, ministre: Non!
20.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Tant mieux! C'est peut-être 20.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
44
nous, parlementaires, qui sommes agacés de devoir poser, chaque
semaine, la même question à propos de l'attribution des subsides de
la Loterie Nationale.
Traditionnellement, les décisions se prennent sur proposition de la
Loterie Nationale au mois de mars. Manifestement, on a cumulé deux
choses: la période d'instabilité gouvernementale prolongée et, depuis
­ vous l'avez vous-même communiqué ­, une absence de consensus
au sein du gouvernement sur l'affectation de ces aides.
Cette situation est difficilement acceptable, dès lors que des causes
importantes et des associations actives dans des secteurs tels que la
protection de l'environnement, l'intégration, le volontariat, la solidarité
Nord-Sud, sont victimes du désaccord persistant au sein du
gouvernement. Ces subsides sont pourtant indispensables pour le
développement d'activités et parfois pour la survie des associations
concernées. Ce sont des projets à mettre en oeuvre et des emplois
qui sont en jeu.
Monsieur le ministre, pourriez-vous nous dire où en est ce dossier
d'attribution des subsides de la Loterie Nationale pour l'année en
cours. Quelle est la source de ce nouveau désaccord au sein du
gouvernement? Quand pensez-vous que le dossier sera
effectivement débloqué? Quelle méthode utilisez-vous pour ce faire?
Avez-vous ajusté vos propositions pour qu'elles correspondent mieux
à un consensus au sein du gouvernement? Que peut-on annoncer
aux associations concernées actuellement bloquées par rapport au
développement de leurs projets? En particulier, pouvez-vous nous
confirmer votre intention de maintenir l'aide accordée via les
provinces aux associations travaillant avec des volontaires, ce qui leur
permet de prendre en charge les assurances de ces volontaires. Le
cas échéant, jusqu'à quelle hauteur?
Groen!): Traditiegetrouw worden
de
beslissingen
inzake
de
verdeling van de subsidies in
maart genomen op voorstel van de
Nationale Loterij. Enerzijds was de
regering in die periode weinig
stabiel en anderzijds was er ook
een gebrek aan overeenstemming
in de regering dienaangaande, en
dat terwijl er belangrijke zaken op
het spel staan.
Hoe ver is dat dossier gevorderd?
Waarom kan de regering het over
dit punt alweer niet eens worden?
Wanneer denkt u dat die impasse
zal worden doorbroken? Hoe zal
dat gebeuren? Heeft u uw
voorstellen aangepast zodat een
consensus mogelijk wordt? Wat
kan
men
de
betrokken
verenigingen meedelen? Zal u de
hulp die via de provincies wordt
toegekend aan verenigingen die
met
vrijwilligers
werken,
handhaven en tot op welk niveau?
20.04 Bruno Tuybens (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, u weet waarschijnlijk beter dan ik hoe vaak u in
deze commissie al hebt gezegd dat er geen nieuws was over het
subsidieverdelingsplan voor de Nationale Loterij. Mijn collega heeft
dat ook al ingeleid. Diverse instellingen en organisaties die voor een
groot van deze subsidie afhankelijk zijn, werken al maanden in
onzekerheid en vrezen voor de uitvoering van hun projecten.
Vorige week heb ik een tiental van hen gecontacteerd. Wat ik unisono
hoor, is dat zij niets te horen krijgen. Zij nemen ook contact op met uw
kabinet, maar zij krijgen geen nieuws, noch over de inhoud, noch over
de timing, noch over de bedragen. Sommigen onder hen moeten nu
hun reserves aanspreken omdat zij niet anders kunnen. Het
jammerlijke van de zaak is dat zij omwille van de onduidelijkheid geen
personeel kunnen aanwerven en geen vitale campagnes kunnen
opstarten.
Het nieuwe feit in deze is dat de regeringspartij cdH een snelle
verdeling van de subsidies heeft geëist. Ook andere partijen hebben
in het verleden reeds aangedrongen op een beslissing van de
regering. Wij zijn nu midden juni. U weet beter dan ik dat de politieke
datum van 15 juli dichterbij komt. De vraag is natuurlijk of 15 juli niet
zal worden uitgesteld. Wij hebben de laatste maanden immers al
genoeg bochten mogen meemaken.
20.04
Bruno
Tuybens
(sp.a+Vl.Pro): Le ministre a
déclaré à plusieurs reprises dans
notre commission qu'il ne sait rien
de nouveau au sujet de la
répartition des subsides de la
Loterie Nationale. Or nombre
d'institutions et d'organisations
dépendent de ces subsides pour
réaliser leurs projets. À ce jour,
leurs contacts avec le cabinet du
ministre n'ont rien donné.
Pourquoi ce plan de répartition des
subsides n'a-t-il toujours pas été
examiné au conseil des ministres?
Quand une décision définitive
devrait-elle être prise à ce sujet et
quand l'arrêté royal devrait-il être
publié?
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
45
De vraag is waarom u dit niet op de Ministerraad brengt? Dat is mijn
voornaamste vraag. Pourquoi? Waarom duurt het zo lang? U zult
zeggen dat er nog geen eensgezindheid in de regering is en dat
daarom nog geen beslissing is genomen. Dat hebben wij al
meermaals gehoord. Dat brengt niets op. Ik hoor vandaag dat er een
kernkabinet is geweest over China, de Olympische Spelen,
Belgacom, een zeer belangrijk dossier. Ik vroeg mij af of ook over de
Nationale Loterij wordt gepraat. Het lijkt mij zo te zijn dat er
onvoldoende met elkaar wordt gepraat. Wij merken dat ook bij andere
ministers. Als wij een vraag stellen over economie en wij stellen die
vraag aan de minister van Middenstand, Ondernemingen of
Consumentenzaken, horen wij vaak zeer verschillende zaken.
Waarom is er nog geen beslissing of een bespreking van het
subsidieverdelingplan in de Ministerraad gekomen? Waarom stelt u
dit telkens uit?
Wat is de uiteindelijke timing? Wanneer zal men met zekerheid een
beslissing hebben genomen? Wanneer wordt het KB gepubliceerd
zodat wij de betrokken instellingen en verenigingen een antwoord
kunnen geven?
20.05 Minister Didier Reynders: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Gilkinet, mijnheer Tuybens, wij werken met een bedrag van
225.300.000 euro. Ik heb vandaag nog een voorstel op tafel gelegd in
het kernkabinet. De onderhandelingen in de regering zijn aan de
gang.
Er
zijn
vaste
bedragen
bepaald.
Voor
ontwikkelingssamenwerking is dat bijna 69.728.000 euro. Er is ook
een bedrag voor de Gemeenschappen van 61.822.320 euro. U kent
ook een aantal specifiek dotaties die in de wet zijn vastgelegd. Voor
het grootste deel van de verdeling van de subsidies is er geen echte
bespreking in de regering. Ik heb ook de verschillende reacties
gehoord en gelezen.
20.05 Didier Reynders, ministre:
Ce dossier porte sur un montant
de plus de 225 millions d'euros qui
est
actuellement
l'objet
de
négociations
au
sein
du
gouvernement. Certains forfaits et
dotations ne font l'objet d'aucune
discussion et ne requièrent donc
pas vraiment de négociation.
C'était une question de M. Gilkinet mais il n'était pas là lorsque j'ai
répondu précédemment. C'est peut-être la raison pour laquelle il
repose sa question. En ce qui concerne les volontaires, il y a un
montant de 850.000 euros d'assurance bénévolat qui est prévu dans
la proposition que j'ai déposée. J'ai précisé que je demandais aux
associations dans les provinces qui reçoivent cette somme de nous
expliquer quel est le mécanisme d'assurance qui a été mis en place.
Je reçois des informations selon lesquelles il n'y aurait pas encore de
contrat d'assurance pour qui que ce soit. C'est un peu dommage.
Dat was een vraag van de heer
Gilkinet, maar hij was niet
aanwezig toen ik ze beantwoord
heb. In mijn voorstel heb ik in een
bedrag van 850.000 euro voor de
verzekering
vrijwilligerswerk
voorzien en ik heb gevraagd welke
verzekeringsmechanismen
er
werden ingevoerd. Volgens de
informatie waar ik over beschik,
zou er jammer genoeg nog geen
enkele verzekeringsovereenkomst
zijn gesloten.
Ik heb het gevraagd. U hebt misschien een antwoord op alle vragen
maar tot op heden heb ik geen antwoord gekregen. Maar goed, wij
blijven dus met een bedrag van 850.000 euro voor 2008. Ik heb een
aantal voorstellen op de tafel gelegd. Ik heb het akkoord van veel
collega's binnen de regering. Nu heb ik vragen naar meer geld voor
enkele posten. Ik heb ook een communiqué van de cdH gezien, maar
ik heb ook een vraag van de cdH. Het is niet altijd gemakkelijk vlugger
te gaan, maar wij moeten nieuwe middelen hebben. Dat is altijd zo.
Au sein du gouvernement, j'ai
également fait une série de
propositions pour lesquelles j'ai
déjà obtenu l'accord de beaucoup
de mes collègues. J'ai aussi
demandé
des
moyens
plus
importants pour quelques postes.
Concrètement, comment s'en sortir? Il faut d'abord faire passer un ou
deux messages. D'abord, l'inscription d'un budget dans les subsides
Concreet moet het dus duidelijk
zijn dat de subsidies van de
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
46
de la Loterie n'est pas récurrente. Il faut faire comprendre que
lorsqu'on reçoit un subside de la Loterie, cela ne signifie pas qu'on va
le recevoir de manière définitive pendant un grand nombre d'années,
en dehors de ce qui est prévu par la loi.
Pourquoi? Parce qu'on souhaite pouvoir introduire de temps en temps
un certain nombre de nouvelles actions. On vient d'en citer une. Un
responsable en charge de la tutelle a décidé de lancer une procédure
pour assurer les bénévoles. Ce sera une très bonne chose si
l'assurance se réalise réellement. Il fallait bien trouver les moyens à
consacrer en fonction de ce qui existe dans les subsidiations.
De la même façon ­ je prends un exemple qui va revenir dans les
débats prochainement ­, on a décidé d'intervenir dans la subsidiation
de la station polaire. Il faut bien trouver des moyens. Ce sont les
subsides qui sont sous l'égide du gouvernement fédéral qui font l'objet
de discussions assez importantes. Pour l'instant, j'ai prévu un million
d'euros sous l'égide du ministre de tutelle.
Nationale Loterij niet noodzakelijk
recurrent zijn. Soms wil men
immers
nieuwe
maatregelen
invoeren, zoals de verzekering
voor vrijwilligers, die ook moeten
worden gefinancierd. Dan is er nog
het poolstation. Op dit ogenblik
heb ik 1 miljoen euro uitgetrokken,
onder
auspiciën
van
de
toezichthoudende minister.
Voor de voogdijministers heb ik in 1 miljoen euro voorzien. Dat is altijd
zo geweest. Voor de minister van Binnenlandse Zaken is het
435.000 euro. Voor Wetenschapsbeleid is het 1.907.800 euro.
Comme à l'accoutumée, j'ai alloué
1 million d'euros aux ministres de
tutelle.
Pour la ministre de l'Intégration sociale, 4.757.000 euros; pour la
Mobilité, 300.000 euros de subsides; pour la ministre de l'Emploi, qui
est également ­ me semble-t-il ­ compétente pour l'Intégration
sociale, 3.762.000 euros. À la suite des discussions, j'ai même porté,
ce matin, le budget de 3.762.000 à 5.100.000 euros.
Malgré cela, je continue à avoir un certain nombre de demandes pour
des budgets supplémentaires. J'ai donc proposé au gouvernement ­
nous verrons bien si cela est possible, dans les prochains jours ­ de
libérer l'arrêté tel qu'il est avec l'ensemble des moyens prévus. Cela
permettrait ­ c'est d'ailleurs mon souhait ­ de payer le plus
rapidement possible l'ensemble des associations concernées.
Puisque je sais qu'il y aura encore un certain nombre de besoins
complémentaires, j'ai également proposé d'interroger la Loterie quant
à sa capacité à libérer un montant maximum de 3 millions d'euros
supplémentaire, à condition qu'un certain nombre de projets puissent
être présentés au gouvernement. Cela vise notamment la station
polaire. En effet, il faudra bien que l'on examine, un jour, le décompte
final. Chacun ­ il me semble ­ se rend compte que les coûts qui y
sont liés sont plus élevés que ce qui avait été budgété. Cela vise
aussi des programmes qui sont lancés par des institutions. Je pense
ici notamment au Centre pour l'égalité des chances qui, dans le cadre
du Fonds d'impulsion à la politique des immigrés (le FIPI) a lancé un
appel à projets avant d'avoir une quelconque garantie de
financement. Je propose que l'on examine ces projets. Et si les
5.100.000 euros ne sont pas suffisants, on essaiera de dégager des
budgets supplémentaires. C'est dans cet esprit que j'essaie de
débloquer la situation.
Deux formules sont possibles. Elles sont classiques. Quand on a une
enveloppe limitée, ou bien on se bat pendant des mois pour faire
rentrer le tout dans l'enveloppe et si on n'y arrive pas, on essaie
d'élargir un tout petit peu cette dernière. Pour ma part, j'essaie de
faire les deux. Ainsi, j'essaie de mettre le plus possible dans les
Voor maatschappelijke integratie,
4.757.000 euro, voor Mobiliteit,
300.000 euro, voor Werk, met
inbegrip,
dunkt
me,
van
maatschappelijke
integratie,
3.762.000
euro,
bedrag
dat
vanochtend opgetrokken werd tot
5.100.000 euro.
Ik
blijf
echter
bijkomende
aanvragen krijgen. Ik heb de
regering gevraagd het besluit als
dusdanig vrij te geven, zodat men
de verenigingen zo snel mogelijk
zou kunnen uitbetalen. Ik heb ook
voorgesteld de Loterij te vragen of
het mogelijk is 3.000.000 euro
extra vrij te maken, op voorwaarde
dat een aantal projecten aan de
regering
worden
voorgesteld,
zoals het poolstation of de
projecten die door het Centrum
voor gelijkheid van kansen op het
getouw worden gezet.
Ik probeer dus zo veel mogelijk te
stoppen in de 225.300.000 euro en
indien nodig zal ik proberen twee
of drie miljoen extra te vinden.
Maar men dient de zaken project
per project te onderzoeken en na
te gaan welke projecten bij
meerdere instellingen ingediend
werden.
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
47
225.300.000 d'euros et s'il le faut, je tenterai de trouver les deux ou
trois millions complémentaires. Je pense que cela n'est pas
impossible pour la Loterie. Mais comme je vous l'ai dit, monsieur
Gilkinet, à l'occasion d'une des premières questions que vous avez
posées ­ il y a donc déjà quelques temps ­, il faut que l'on puisse
examiner projet par projet et voir quels sont ceux qui ont été rentrés
auprès d'un certain nombre d'institutions.
Mijnheer Tuybens, op basis van dit voorstel probeer ik tot een
oplossing te komen de volgende dagen of weken, maar ten laatste
voor 15 juli. Later kan niet, en dat is misschien een groot deel van de
verklaring. Ik heb al een aantal bedragen vermeld. Voor sociale
integratie en andere posten is er een verhoging tot 5.100.000 euro,
maar misschien met de mogelijkheid van 2 tot 3 miljoen euro meer
voor 2008.
Je tenterai de trouver une solution
au cours des prochains jours. J'ai
déjà consenti à l'attribution de
certains montants. Le montant
alloué à l'intégration sociale et à
d'autres postes a été porté à
5.100.000 euros avec la possibilité
de prévoir pour 2008 2 voire 3
millions supplémentaires.
20.06 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je
peux saluer l'effort de transparence à propos des désaccords et des
sommes déjà engagées. Néanmoins, vous conviendrez avec moi que
tout ceci n'est pas très glorieux, à l'image du fonctionnement de ce
gouvernement. Chaque jour, on charge un peu plus la barque du 15
juillet, jusqu'à y déposer des choses qui...
20.07 Didier Reynders, ministre: Je plaisantais.
20.08 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): C'est vrai? Je suis très
premier degré, vous savez.
20.09 Didier Reynders, ministre: Je l'avais déjà remarqué!
20.10 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): En revanche, je m'étonne
de votre remarque sur l'aspect non récurrent des subsides. Je pense
à l'exemple du FIPI (Fonds d'impulsion à la politique des immigrés).
J'ai travaillé dans le secteur des organisations de jeunesse avant de
siéger au parlement fédéral. S'il existe bien une politique récurrente
dans les faits, sinon dans les textes, c'est bien l'aide à l'intégration
développée par le FIPI.
20.11 Didier Reynders, ministre: Il est partiellement financé par la
Loterie Nationale.
20.12 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Elle est évidemment un
bailleur de fonds important. Si le résultat de votre désignation était de
précariser et remettre en cause des politiques qui ont fait leurs
preuves, ce serait très dommageable.
Je veux bien entendre qu'il importe de garder une marge de
manoeuvre en fonction de l'actualité. Et je vous encourage à mieux
financer la plate-forme polaire, mais cela ne doit pas se faire au
détriment d'initiatives éprouvées. Je suis donc très curieux de
connaître le résultat des négociations au sein du gouvernement.
20.12 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Natuurlijk dient in het licht
van de actualiteit een zekere
speelruimte te blijven bestaan,
maar dat mag niet gebeuren ten
koste van recurrente initiatieven
die hun sporen hebben verdiend,
zoals het Impulsfonds voor het
migrantenbeleid. Ik kijk dus met
spanning uit naar het resultaat
van de onderhandelingen in de
regering.
20.13 Bruno Tuybens (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de vice-eerste
minister, ik zou in eerste instantie willen ingaan op het niet-recurrente
20.13
Bruno
Tuybens
(sp.a+Vl.Pro): La non-récurrence
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
48
gegeven. Dat is een zeer belangrijk aspect. Ik ben in de vorige
legislatuur maar in het midden van het verhaal gekomen en ik voelde
toen ook al aan dat het vrij moeilijk was om nieuwe initiatieven te
nemen. Uiteindelijk hebben we er wel een aantal kunnen nemen. Het
is echter effectief belangrijk, zeker voor de federale instellingen, dat zij
bij het begin van een regering een zeker perspectief krijgen. Deze
regering is begonnen vanuit het oogpunt om vier jaar bijeen te blijven,
laat ons hopen dat het nooit zal worden gerealiseerd. Het zou
belangrijk zijn om die instellingen toch een beetje een groeipatroon te
kunnen bieden. Het voordeel dat zij zouden kunnen hebben, en dat zij
naar mijn oordeel verdienen, is een beetje perspectief te krijgen voor
de volgende drie jaar. Dat zou belangrijk zijn.
U geeft het voorbeeld van de 69 miljoen die eigenlijk recurrent is. Ik
merk wel op dat bijvoorbeeld de organisatie 11.11.11, toch een
belangrijke
organisatie
in
Vlaanderen
wat
betreft
ontwikkelingssamenwerking, nog altijd geen enkele concrete
aanwijzing heeft wat de subsidie voor dit jaar betreft. Het is toch wel
belangrijk om daar zo snel mogelijk zekerheid over te bieden als
regering. Child Focus en het Centrum voor Gelijkheid van Kansen
kunnen wel worden gecontacteerd om te zeggen dat er naar alle
waarschijnlijkheid niets zal veranderen maar zij hebben geen
juridische basis om hun campagnes en projecten op te bouwen.
Misschien is het goed dat u zegt dat u desnoods de beslissing
onderverdeelt. U kunt de dingen waarover geen politieke discussie
bestaat zeer snel voor de Ministerraad brengen zodanig dat u daarvan
alles hebt. Waarschijnlijk is dan al beslist over 200 miljoen euro.
Verdeel dan eventueel de laatste 25 of 30 miljoen op het ogenblik
waarop u daar een consensus over hebt. Dat is mijn pleidooi.
Ten tweede, ik maak uit uw lijstje op dat wellicht coalitiepartner CD&V
plots met een vrij lang lijstje met nieuwe projecten is gekomen. Als dat
zo is, vind ik het vrij vreemd dat CD&V heel laat komt met een lijstje
met allerlei projecten die ze zouden willen gefinancierd krijgen door de
Nationale Loterij en dan hier in het Parlement te komen vragen
wanneer het eindelijk opgelost zal geraken. Dat is nogal vreemd en
misschien is het goed om daarover iets meer te zeggen.
constitue en effet un aspect
important.
Les
institutions
fédérales doivent, à l'entame d'une
législature, disposer d'un modèle
de croissance pour les trois
années suivantes. Le ministre
affirme que les moyens récurrents
se chiffrent à 69 millions. Une
organisation telle que 11.11.11 ne
dispose
encore
d'aucune
indication concernant le subside
pour
cette
année.
Le
gouvernement doit offrir une
sécurité
le
plus
rapidement
possible,
parce
que
les
organisations
ne
disposent
d'aucune base juridique pour
édifier leurs campagnes et leurs
projets. Au besoin, le Conseil des
ministres ne pourrait prendre une
décision que sur le volet qui ne fait
l'objet d'aucune discussion. Cela
pourrait
déjà
concerner
un
montant de 200 millions. La
décision relative au solde de 25 à
30 millions pourrait être prise dès
qu'un consensus est trouvé. Je
déduis de la liste que c'est
probablement le CD&V qui a
proposé toute une série de
nouveaux projets.
20.14 Minister Didier Reynders: Met CD&V heb ik een akkoord,
zoals altijd.
20.14 Didier Reynders, ministre:
J'ai conclu un accord avec le
CD&V.
20.15 Bruno Tuybens (sp.a+Vl.Pro): Je m'en doute pas.
Ten derde, wat de vrijwilligersverzekering betreft, dat is inderdaad een
initiatief dat ik heb genomen. Op dit ogenblik is het van belang dat dit
wordt verlengd. Dit werkt heel goed in de meeste provincies, zeker in
Vlaanderen, waar het perfect werkt. Alleen zijn daarvan nog te weinig
instellingen en verenigingen op de hoogte. De provincies moeten dus
veel meer inspanningen leveren om die vrijwilligersverzekering meer
bekend te maken.
Er worden hier en daar wel wat inspanningen geleverd, maar dat is
nog altijd onvoldoende, temeer omdat men geen vereniging moet zijn,
maar gewoon een initiatief kan aanwenden om die verzekering te
hebben. Mensen die een straatbarbecue willen organiseren of die op
vrijwillige basis rolstoelgebruikers willen begeleiden, zouden er beter
aan doen om de verzekering te nemen. De procedure is niet zo
20.15
Bruno
Tuybens
(sp.a+Vl.Pro): L'assurance pour
les
volontaires
devrait
être
prolongée.
Elle
fonctionne
parfaitement en Flandre. Trop peu
d'institutions en sont néanmoins
informées. Les provinces doivent
contribuer davantage à la notoriété
de
l'assurance
pour
les
volontaires.
Un calendrier est fixé pour la
première fois. Je crains que le
gouvernement ne s'enlise dans
cette discussion. La seule solution
est manifestement l'augmentation
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
49
moeilijk.
Wat de timing betreft, kan ik alleen maar noteren wat u zegt. Het is
trouwens de eerste keer dat er een timing wordt vooropgesteld. Er
werden hier daaromtrent verschillende vragen gesteld waarop we
nooit een antwoord hebben gekregen, deels omdat de vragen meestal
werden beantwoord door de staatssecretaris.
Het is van belang, meen ik, die zekerheid te bieden. Maar indien er
geen consensus is over de laatste 30 of 25 miljoen, geef dan
alstublieft een antwoord aan de verschillende instellingen die wachten
op hun antwoord, desnoods per brief, zodat zij een stuk hebben in
hun boekhouding om te verantwoorden dat zij die middelen nog zullen
krijgen.
Ik vrees alleen dat de regering zich vast rijdt in deze discussie.
Blijkbaar is de enige oplossing het verhogen van de subsidiepot. Dat
is de gemakkelijkste oplossing, dat weten wij allemaal. Ik hoop toch
dat er twee dingen worden gerealiseerd: ten eerste, snelheid en ten
tweede en vooral, zoals ik ben begonnen in 2005, het transparant
maken van alle projecten en alle verenigingen die geld krijgen. Ik
hoop minstens dezelfde transparantie te mogen zien zodat wij weten
welke verenigingen en welke projecten effectief geld krijgen, zoals dat
de voorbije jaren het geval was.
des subsides. Il s'agit de la
solution la plus simple. J'espère
que
le
dossier
progressera
rapidement et surtout avec autant
de transparence que les années
précédentes.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
21 Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "les problèmes intervenus sur un chantier de la Régie des Bâtiments au Palais
Royal" (n° 6619)</b>
21 Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de problemen op een werf van de Regie der Gebouwen in het
Koninklijk Paleis" (nr. 6619)
21.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, suite à
une inspection du travail, le chantier de réfection de la toiture du
Palais Royal a dû être interrompu en catastrophe. Divers problèmes
ont été évoqués pour justifier cet arrêt: insuffisance des mesures de
sécurisation des travaux, présence de travailleurs illégaux sur ce
chantier. Si c'est le cas, c'est assez paradoxal, vous en conviendrez.
Monsieur le ministre, pouvez-vous confirmer ces informations?
Qu'est-ce qui a justifié l'interruption de ce chantier? Qu'en est-il de
l'absence de mesures de sécurisation des travaux? Qui est
responsable: la Régie ou l'entrepreneur sélectionné? Qu'en est-il de la
présence de travailleurs illégaux sur le chantier? Qui est responsable:
la Régie ou l'entrepreneur sélectionné? Des clauses spécifiques
existent-elles dans les marchés conclus par la Régie des Bâtiments
quant aux conditions de réalisation des travaux et aux droits des
travailleurs? Existe-t-il des clauses éthiques ou environnementales
spécifiques? Est-ce envisagé dans le futur de façon subsidiaire?
Quand les travaux pourront-ils reprendre ou ont-ils repris? Seront-ils
terminés pour les festivités du 21 juillet?
21.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): De dakwerken aan het
Koninklijk
Paleis dienden te
worden stilgelegd. Er werden
diverse problemen aangehaald:
onvoldoende
veiligheids-
maatregelen, aanwezigheid van
zwartwerkers op de werf. Waarom
werden
die
werken
precies
stilgelegd? Wie draagt er de
verantwoordelijkheid
voor?
Bevatten de overheidsopdrachten
van de Regie der Gebouwen
bedingen in verband met de
arbeidsvoorwaarden en de rechten
van de werknemers? Bevatten ze
ethische
of
milieubedingen?
Wanneer zullen de werken hervat
kunnen worden? Zullen ze tegen
21 juli beëindigd zijn?
21.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, le
coordinateur sécurité de la Régie des Bâtiments ayant constaté à
21.02 Minister Didier Reynders:
Omdat er inbreuken op de
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
50
maintes reprises des infractions à la réglementation sur la sécurité, la
Régie des Bâtiments a réagi et a demandé à l'entrepreneur de tenir
compte des remarques émises et de prendre les mesures de sécurité
appropriées. Ces constatations ont également été transmises au SPF
Emploi, Travail et Concertation sociale.
L'entrepreneur n'ayant pas répondu aux attentes malgré l'insistance
de la Régie des Bâtiments, celle-ci a ordonné le 23 juin la suspension
du chantier. Les travaux seront suspendus tant que toutes les
mesures de sécurité prescrites par la réglementation concernant le
travail en hauteur ne seront pas remplies.
Ces travaux concernent la restauration des toitures de deux dômes: le
pavillon Borgendael (Bellevue) et le pavillon de la garde militaire.
Après la suspension du 23 juin, une réunion avec toutes les parties
intéressées est programmée afin d'évaluer toutes les mesures prises.
Je crois qu'elle a lieu aujourd'hui.
Au cas où l'entrepreneur aurait satisfait à toutes les remarques, les
travaux pourront reprendre. Le délai de l'exécution de ces travaux est
prévu jusqu'en octobre 2008. Tout sera mis en oeuvre pour faire
avancer les travaux au maximum dans la perspective du 21 juillet et,
de toute manière, une concertation aura lieu avec les services du
Palais afin d'éviter tout problème à cette date.
En ce qui concerne le contrôle d'inspection sur les lois sociales en
matière de travail en noir en date du vendredi 20 juin, la Régie des
Bâtiments n'a pas encore reçu les résultats de ce contrôle. Dans ce
cadre et en ce qui concerne les mesures prises par la Régie, chaque
entrepreneur s'engage lors de la remise de son offre à respecter les
dispositions légales, réglementaires et conventionnelles, entre autres
au niveau de la sécurité sociale. Il est également responsable pour
l'application de ces dispositions par ses sous-traitants.
Ces dispositions sont spécifiées dans les cahiers des charges de la
Régie des Bâtiments.
En ce qui concerne le renforcement des mesures en matière de lutte
contre le travail illégal, il est prévu que la Régie se concertera dans
les prochains jours avec le Comité fédéral de coordination pour la
lutte contre le travail illégal et la fraude sociale, afin de vérifier quelles
mesures supplémentaires la Régie des Bâtiments peut prendre afin
de lutter contre le travail en noir. Ce comité relève de la compétence
du SPF Emploi, Travail et Concertation sociale.
veiligheidsreglementering
waren
vastgesteld, heeft de Regie der
Gebouwen de aannemer gevraagd
de gepaste maatregelen te treffen.
Die vaststellingen werden ook
naar de FOD Werkgelegenheid
overgezonden. Nadat de Regie
geen antwoord van de aannemer
op
haar
opmerkingen
had
gekregen, heeft ze op 23 juni de
stopzetting
van
de
werken
bevolen, totdat de opgelegde
maatregelen zouden nageleefd
zijn.
Er
is
een
evaluatievergadering
gepland,
voor vandaag, als ik me niet
vergis. Indien de aannemer aan
alle opmerkingen tegemoetkomt,
zullen de werken hervat kunnen
worden.
De uitvoeringstermijn loopt tot in
oktober 2008. Men zal zijn uiterste
best doen om met de feestdag van
21 juli rekening te houden, en er
zal met de diensten van het Paleis
overleg wprden gepleegd om
problemen te voorkomen.
De Regie der Gebouwen beschikt
niet over de resultaten van de
controle op de sociale wetten die
door de inspectiedienst op vrijdag
20 juni werd uitgevoerd.
De Regie zal de komende dagen
overleg plegen met het Federale
Coördinatiecomité voor de strijd
tegen de illegale arbeid en de
sociale fraude, teneinde na te
gaan
welke
bijkomende
maatregelen zij kan nemen in de
strijd tegen het zwartwerk.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
22 Question de M. Philippe Henry au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "l'augmentation de la flotte des véhicules d'entreprise" (n° 6268)</b>
22 Vraag van de heer Philippe Henry aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "het toegenomen aantal bedrijfswagens" (nr. 6268)
22.01 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Ma question porte sur la flotte
de véhicules d'entreprises car on a appris, en consultant le baromètre
européen du "Corporate Vehicle Observatory", qu'il y avait un souhait
d'augmentation des flottes de véhicules d'entreprises à l'horizon 2010,
22.01 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Volgens de Europese
"Corporate Vehicle Observatory"
Barometer 2008 wil 44 procent van
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
51
des hausses dans la plupart des entreprises, et en tout cas dans les
entreprises de plus de 500 personnes, car 44% de ces entreprises
envisagent d'augmenter leur flotte. Dans une conjoncture où on
redoute un baril à 200 dollars, il semble consternant de voir que ce
moyen de rémunération reste à ce point privilégié, sans considérer les
problèmes de mobilité que cela contribue à engendrer dans un réseau
qui est fortement saturé.
Bien sûr, il y a différentes opérations de bonne conscience, car un
certain nombre d'entreprises choisissent, pour une part, des voitures
plus écologiques - on parle de l'ordre de 40% des entreprises -, et
68% d'entre elles prévoient qu'une partie du renouvellement des
voitures se fasse sur cette base. Il faut aussi savoir quelles sont les
normes qu'ils mettent derrière la définition du critère. Pour l'instant, le
taux de véhicules propres est en dessous de la moyenne européenne
dans les entreprises belges, puisque seules 15% des entreprises
disposent d'au moins un véhicule propre, contre 23% en Europe.
Monsieur le ministre, confirmez-vous ces informations d'une hausse
annoncée de la flotte des véhicules d'entreprises? Quelles actions
entreprenez-vous pour essayer de réduire cette flotte et également
faire en sorte que les véhicules choisis soient des véhicules les plus
écologiques possible?
de bedrijven met meer dan 500
werknemers zijn wagenpark tegen
2010 vergroten. Gelet op de hoge
olieprijzen is het ontstellend dat
deze vorm van bezoldiging zozeer
de voorkeur blijft genieten, en dan
hebben we het nog niet over het
mobiliteitsprobleem dat hierdoor
veroorzaakt wordt op ons al
overvolle wegennet.
Om hun geweten te sussen kiezen
sommige bedrijven weliswaar voor
milieuvriendelijkere wagens, maar
momenteel heeft slechts 15
procent
van
de
Belgische
bedrijven ten minste één schoon
voertuig in zijn wagenpark; op
Europees niveau is dat 23 procent.
Bevestigt u de aangekondigde
toename
van
het
bedrijfswagenpark?
Welke
maatregelen zal u nemen om dat
wagenpark te verkleinen en om
ervoor te zorgen dat er voor meer
milieuvriendelijke voertuigen wordt
gekozen?
22.02 Didier Reynders, ministre: Monsieur le président, monsieur
Henry, il faut tout d'abord s'entendre sur ce que l'on qualifie de voiture
de société. En principe, c'est un véhicule dont le coût initial est
supporté par l'employeur. Il est octroyé à un employé pour ses
déplacements professionnels et/ou privés. Cet employé peut en
disposer sans solliciter une autorisation de son employeur.
Il n'existe pas de données spécifiques concernant cette définition de
voiture de société, puisque dans la banque de données du SPF
Mobilité et Transports, ces véhicules sont enregistrés au nom des
sociétés, ce qui implique que les véhicules de service, véhicules
appartenant à la société uniquement utilisés pour des déplacements
de service, sont également inclus dans les données. Il faudrait
pouvoir faire la part des choses entre les réelles voitures de société et
les véhicules au sens plus large appartenant aux sociétés. Pour cela,
je vous renvoie au secrétaire d'État en charge de la Mobilité pour aller
un peu plus loin en ce qui concerne cette capacité d'analyse et la
pertinence de l'étude que vous évoquez et dont j'ai effectivement pris
connaissance.
Je dois surtout vous rappeler que le gouvernement précédent a déjà
rendu variable la déductibilité de presque tous les frais de voiture pour
une grande partie de véhicules visés à l'article 66 §1
er
du Code des
impôts sur les revenus de 1992 et appartenant aux sociétés.
Dorénavant, la déductibilité est dans ce cas comprise entre 60% et
90% en fonction de l'émission de CO
2
pour les véhicules à moteur
alimentés à l'essence ou au diesel.
Comme je l'ai annoncé lors de la présentation de la note de politique
22.02 Minister Didier Reynders:
In principe is een bedrijfswagen
een
voertuig
waarvan
de
aanvankelijke
kost
door
de
werkgever wordt gedragen. Het
wordt
aan
een
werknemer
toegekend voor zijn professionele
en
privé-verplaatsingen.
De
werknemer
hoeft
niet
de
toestemming van de werkgever te
vragen telkens hij het voertuig
gebruikt. In de gegevensbank van
de FOD Mobiliteit en Vervoer,
wordt geen onderscheid gemaakt
tussen de bedrijfswagens waar u
het over heeft en de voertuigen die
voor dienstverplaatsingen worden
gebruikt.
De vorige regering heeft de
aftrekbaarheid van bijna alle
kosten voor een groot deel van de
in artikel 66 § 1 van het Wetboek
van
de
Inkomstenbelastingen
1992 bedoelde voertuigen die aan
de
bedrijven
toebehoren,
afhankelijk van de CO
2
-uitstoot
opgetrokken van 60 tot 90%. De
heer
Bernard
Clerfayt
zal
25/06/2008
CRIV 52
COM 276
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
52
générale, le secrétaire d'État qui m'est adjoint, M. Bernard Clerfayt,
viendra avec un certain nombre de propositions pour tenter
d'accentuer encore toutes les mesures possibles en matière fiscale
liées à la lutte contre les changements climatiques. Il n'est pas du tout
exclu que l'on renforce cette démarche.
Je veux aussi insister sur le fait que les voitures de société ont,
malgré tout, cette caractéristique d'être des voitures très récentes,
grâce au renouvellement de la flotte. Par rapport au parc automobile
général, ce sont des voitures qui sont globalement moins polluantes
et qui préservent mieux l'environnement. Comme vous le dites, on
doit vraiment inciter davantage les entreprises à aller dans cette
catégorie-là de véhicules.
Pour le reste, c'est un vieux débat de savoir si l'on doit continuer à
permettre le développement d'avantages de toute nature comme les
voitures de société ou s'il vaut mieux réduire de manière drastique les
barèmes d'imposition à l'impôt des personnes physiques et laisser le
choix au contribuable. Vous connaissez mon orientation en la matière
mais je dois encore convaincre une majorité.
voorstellen doen om de fiscale
maatregelen verbonden aan de
strijd tegen de klimaatverandering,
nog te versterken.
Bedrijfswagens zijn recent en
minder vervuilend. Zoals u zegt
moeten we de bedrijven aanzetten
om in die categorie voertuigen te
investeren.
Voor het overige is het debat over
de ontwikkeling van voordelen van
alle aard zoals bedrijfswagens of
een forse verlaging van de
belastingsschalen
in
de
personenbelasting, waarbij de
keuze aan de belastingplichtige
wordt overgelaten, niet nieuw. U
kent mijn standpunt hierover, maar
ik
moet hiervoor nog een
meerderheid weten te vinden.
22.03 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le président, il est
certain qu'il s'agit d'un vieux débat.
Monsieur le ministre, je vous remercie pour ces quelques
informations. Vous me renvoyez en partie vers le secrétaire d'État à la
Mobilité et pour une autre partie vers votre secrétaire d'État à la
Fiscalité pour des propositions ultérieures. Nous reviendrons donc sur
le sujet.
Cela me paraît très utile d'approfondir ces questions de statistiques
pour pouvoir les affiner.
Par ailleurs, il est important, comme vous l'avez dit, de séparer les
véhicules de service et les véhicules de société à usage du personnel
des entreprises. Il me semble qu'à un moment donné, la nécessité
pour les personnes de disposer d'un tel véhicule ­ la distance de
l'entreprise au domicile ­ et l'intérêt par rapport à la profession
exercée devraient pouvoir intervenir dans les critères d'utilisation. Il y
a des cas où cette voiture est uniquement un avantage salarial. Selon
moi, cela pose problème et j'estime qu'il faut trouver d'autres formes
de rémunération.
Par ailleurs, pour tout déplacement lié au travail ­ véhicules de
service ou véhicules de fonction ­, il faut de toute façon encourager à
réduire au maximum ces déplacements. Il s'agit ici d'une autre
dimension.
Ceci étant, vous avez raison. Ce sont des nouveaux véhicules. Ils
sont sans doute en moyenne plus performants. Néanmoins, on
constate que ce ne sont pas les plus petits véhicules. Cela se
contredit donc un peu.
Il s'agit aussi d'un débat complexe de savoir s'il est mieux d'avoir de
nouvelles voitures. En effet la production d'une nouvelle voiture
implique aussi la production de grandes quantités de CO
2
, de l'ordre
22.03 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Is het echt nodig om over
zo een voertuig te beschikken, en
wat is het nut ervan in het licht van
het
uitgeoefende
beroep?
Dergelijke overwegingen zouden
eveneens moeten spelen bij de
criteria voor het gebruik van een
bedrijfswagen. We moeten andere
vormen van bezoldiging uitdenken,
en verplaatsingen in het kader van
het werk zo veel mogelijk
ontmoedigen.
Bedrijfswagens zijn vaak ook
zwaardere wagens. De productie
van de auto is goed voor een
derde van de globale CO
2
-uitstoot
van het voertuig gedurende zijn
hele levensduur.
We
moeten
bijkomende
maatregelen nemen om het aantal
bedrijfswagens terug te dringen en
om zo milieuvriendelijk mogelijke
wagens te gebruiken, want de
huidige maatregelen volstaan niet.
CRIV 52
COM 276
25/06/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
53
d'un tiers de la consommation globale sur la durée de vie de la
voiture.
En tout cas, il me paraît évident qu'il faut prendre des mesures
supplémentaires pour réduire le nombre des voitures de société et
leur utilisation et, aussi, d'utiliser les voitures les plus écologiques
possible. De ce point de vue, je veux bien reconnaître que certaines
mesures ont été prises mais elles me paraissent totalement
insuffisantes. Nous verrons si d'autres mesures seront proposées
prochainement par le gouvernement.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
La réunion publique de commission est levée à 17.07 heures.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 17.07 uur.