KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 288
CRIV 52 COM 288
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
B
INNENLANDSE
Z
AKEN
,
DE ALGEMENE
Z
AKEN EN HET
O
PENBAAR
A
MBT
C
OMMISSION DE L
'I
NTERIEUR
,
DES
A
FFAIRES
GENERALES ET DE LA
F
ONCTION PUBLIQUE
woensdag
mercredi
02-07-2008
02-07-2008
Namiddag
Après-midi
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V - N-VA
Christen-Democratisch en Vlaams Nieuw-Vlaamse Alliantie
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a+Vl.Pro
socialistische partij anders + VlaamsProgressieven
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer Koen Bultinck aan de eerste
minister over "de extra bonus voor ambtenaren
van Financiën" (nr. 6214)
1
Question de M. Koen Bultinck au premier ministre
sur "le bonus octroyé à des fonctionnaires des
Finances" (n° 6214)
1
Sprekers: Koen Bultinck, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Koen Bultinck, Yves Leterme,
premier ministre
Interpellatie van de heer Bart Laeremans tot de
eerste minister over "het nieuwe nationale
voetbalstadion" (nr. 67)
4
Interpellation de M. Bart Laeremans au premier
ministre sur "le nouveau stade national de
football" (n° 67)
4
Sprekers: Bart Laeremans, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Bart Laeremans, Yves Leterme,
premier ministre
Moties
12
Motions
12
Vraag van de heer Philippe Henry aan de eerste
minister over "de Europese inspanningen om de
CO2-uitstoot terug te dringen" (nr. 6267)
13
Question de M. Philippe Henry au premier
ministre sur "les efforts européens de réduction
de CO2 des voitures" (n° 6267)
13
Sprekers: Philippe Henry, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Philippe Henry, Yves Leterme,
premier ministre
Samengevoegde vragen van
16
Questions jointes de
16
- de heer Yvan Mayeur aan de eerste minister
over "het indexeringssysteem" (nr. 6366)
16
- M. Yvan Mayeur au premier ministre sur "le
système d'indexation" (n° 6366)
16
- de heer Yvan Mayeur aan de eerste minister
over "de sterk oplopende inflatie van de jongste
maanden in België" (nr. 6527)
16
- M. Yvan Mayeur au premier ministre sur
"l'inflation galopante que connaît la Belgique ces
derniers mois" (n° 6527)
16
Sprekers: Yvan Mayeur, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Yvan Mayeur, Yves Leterme,
premier ministre
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de
eerste minister over "de ondersteuning van het
verenigingsleven door de Nationale Loterij"
(nr. 6618)
19
Question de M. Georges Gilkinet au premier
ministre sur "l'attribution aux associations des
aides de la Loterie Nationale" (n° 6618)
19
Sprekers: Georges Gilkinet, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Georges Gilkinet, Yves Leterme,
premier ministre
Vraag van de heer Bruno Stevenheydens aan de
eerste minister over "de dotatie en de
vastgoedcertificaten van prins Laurent" (nr. 6750)
22
Question de M. Bruno Stevenheydens au premier
ministre sur "la dotation et les certificats
immobiliers du prince Laurent" (n° 6750)
22
Sprekers: Bruno Stevenheydens, Yves
Leterme, eerste minister
Orateurs: Bruno Stevenheydens, Yves
Leterme, premier ministre
Vraag van de heer Jean-Luc Crucke aan de
eerste minister over "het gebruik van een
taalcriterium voor het toekennen van het leefloon"
(nr. 6811)
24
Question de M. Jean-Luc Crucke au premier
ministre sur "l'utilisation d'un critère linguistique
pour l'octroi du RIS" (n° 6811)
24
Sprekers: Jean-Luc Crucke, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Jean-Luc Crucke, Yves Leterme,
premier ministre
Vraag van de heer Philippe Henry aan de eerste
minister over "de middelen die de overheid
besteedt aan hernieuwbare energie" (nr. 6818)
26
Question de M. Philippe Henry au premier
ministre sur "les moyens consacrés par les
pouvoirs publics à la recherche sur les énergies
renouvelables" (n° 6818)
26
Sprekers: Philippe Henry, Yves Leterme,
eerste minister
Orateurs: Philippe Henry, Yves Leterme,
premier ministre
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de
minister
van
Ambtenarenzaken
en
Overheidsbedrijven over "het nakomen door de
federale Staat van zijn verplichting om jongeren in
dienst te nemen" (nr. 5276)
27
Question de M. Georges Gilkinet à la ministre de
la Fonction publique et des Entreprises publiques
sur "le respect par l'État fédéral de son obligation
d'engager des jeunes" (n° 5276)
27
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Sprekers: Georges Gilkinet, Inge Vervotte,
minister
van
Ambtenarenzaken
en
Overheidsbedrijven
Orateurs: Georges Gilkinet, Inge Vervotte,
ministre de la Fonction publique et des
Entreprises publiques
Vraag van de heer Bruno Stevenheydens aan de
minister
van
Ambtenarenzaken
en
Overheidsbedrijven over "de sluiting van federale
overheidsdiensten omwille van de treinstaking"
(nr. 5507)
28
Question de M. Bruno Stevenheydens à la
ministre de la Fonction publique et des
Entreprises publiques sur "la fermeture de
services publics fédéraux en raison de la grève
des trains" (n° 5507)
28
Sprekers: Bruno Stevenheydens, Inge
Vervotte, minister van Ambtenarenzaken en
Overheidsbedrijven
Orateurs: Bruno Stevenheydens, Inge
Vervotte, ministre de la Fonction publique et
des Entreprises publiques
Vraag van de heer Peter Vanvelthoven aan de
minister
van
Ambtenarenzaken
en
Overheidsbedrijven over "Selor" (nr. 6810)
30
Question de M. Peter Vanvelthoven à la ministre
de la Fonction publique et des Entreprises
publiques sur "le Selor" (n° 6810)
30
Sprekers: Peter Vanvelthoven, voorzitter van
de sp.a+Vl.Pro-fractie, Inge Vervotte, minister
van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven
Orateurs: Peter Vanvelthoven, président du
groupe sp.a+Vl.Pro, Inge Vervotte, ministre
de la Fonction publique et des Entreprises
publiques
Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister
van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven
over "het aantal ambtenaren" (nr. 6694)
33
Question de M. Michel Doomst à la ministre de la
Fonction publique et des Entreprises publiques
sur "le nombre de fonctionnaires" (n° 6694)
33
Sprekers: Michel Doomst, Inge Vervotte,
minister
van
Ambtenarenzaken
en
Overheidsbedrijven
Orateurs: Michel Doomst, Inge Vervotte,
ministre de la Fonction publique et des
Entreprises publiques
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE
BINNENLANDSE ZAKEN, DE
ALGEMENE ZAKEN EN HET
OPENBAAR AMBT
COMMISSION DE L'INTÉRIEUR,
DES AFFAIRES GÉNÉRALES ET
DE LA FONCTION PUBLIQUE
van
WOENSDAG
2
JULI
2008
Namiddag
______
du
MERCREDI
2
JUILLET
2008
Après-midi
______
De vergadering wordt geopend om 14.35 uur en voorgezeten door de heer Michel Doomst.
La séance est ouverte à 14.35 heures et présidée par M. Michel Doomst.
01 Vraag van de heer Koen Bultinck aan de eerste minister over "de extra bonus voor ambtenaren van
Financiën" (nr. 6214)
01 Question de M. Koen Bultinck au premier ministre sur "le bonus octroyé à des fonctionnaires des
01.01 Koen Bultinck (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter, ik
kom nog even langs met een dossier dat al een tijdje aansleept. Als
alle regeringsleden verschillende antwoorden geven, bij wie anders
kunnen we dan nog terecht dan bij de eerste minister zelf?
01.02 Eerste minister Yves Leterme: (...)
01.03 Koen Bultinck (Vlaams Belang): Zo hoor ik het graag,
mijnheer de eerste minister. Ik had van een streekcollega uiteraard
ook niets anders verwacht.
Ik heb, samen met een aantal collega's, de staatssecretaris bevoegd
voor Personen met een handicap ondervraagd over de extra bonus
voor ambtenaren, wat het onderzoek betreft in het kader van het
toekennen van gehandicaptenpremies. Anderzijds hebben wij ook de
minister van Financiën ondervraagd en in derde orde uiteraard ook de
minister van Sociale Zaken.
De staatssecretaris bevoegd voor Personen met een handicap gaf
een exact antwoord aan ieder van ons. De minister van Financiën
deed alsof zijn neus bloedde en ontkende dat de maatregel nog
bestaat. Hij zei dat, met een KB van 22 mei 2003, de regel werd
afgeschaft. De minister van Sociale Zaken, mevrouw Onkelinx, zei dat
er een opschorting is van de uitbetalingen in dat concrete dossier, tot
er een concrete regeringsbeslissing is. Er restte mij dus niets anders
dan bij u langs te komen. Ik heb de volgende vragen, mijnheer de
eerste minister.
Het zou goed zijn als u vandaag eens een correct zicht op de praktijk,
zoals die op dit moment bestaat, gaf. Binnen welke departementen
bestaat die praktijk?
In welke mate wordt er aan een oplossing gewerkt? Ik verwijs naar de
01.03 Koen Bultinck (Vlaams
Belang): Nous avons interrogé la
secrétaire d'État aux Personnes
handicapées, le ministre des
Finances et la ministre des
Affaires sociales à propos d'un
bonus
spécial
pour
les
fonctionnaires qui procèdent à une
enquête dans le cadre de l'octroi
d'allocations
pour
personnes
handicapées. La secrétaire d'État
a donné une réponse précise, le
ministre des Finances a expliqué
que cette pratique a été supprimée
dès 2003 et la ministre des
Affaires sociales nous a répondu
que ces paiements ont été
suspendus dans l'attente d'une
décision
concrète
du
gouvernement.
Le
premier
ministre
peut-il
confirmer l'existence de cette
pratique?
Dans
quels
départements y a-t-on recours?
Une
solution
est-elle
déjà
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
stelling van de minister van Sociale Zaken. Zij antwoordde zeer
duidelijk dat, tot er een concrete regeringsbeslissing is, wel degelijk
alle uitbetalingen van extra bonussen voor de ambtenaren, voorlopig
zijn geschorst. Wanneer komt er dienaangaande een formele
regeringsbeslissing?
envisagée?
Quand
le
gouvernement prendra-t-il une
décision?
01.04 Eerste minister Yves Leterme: Mijnheer Bultinck, wat de
regelgeving betreft kan ik u zeggen dat de vergoedingsregeling
waarvan sprake, teruggaat op twee koninklijke besluiten van 1964
over ouderdoms- en overlevingspensioenen ten behoeve van vrijwillig
verzekerden, een stelsel dat in 2005 is opgegeven.
Die besluiten voorzagen in een controle van inkomsten van
aanvragers door ambtenaren van Financiën tegen vergoeding van die
ambtenaren. Die besluiten zijn vervangen door twee besluiten van
19 januari 1970, die in eenzelfde vergoedingsregeling voorzien. Die
regeling werd in 1975 ingelast in het KB van 17 november 1969 over
de tegemoetkoming van personen met een handicap.
Op 10 juni heeft mevrouw Fernandez verwezen naar die regeling en
dus ook naar het besluit van 1975. Bij het KB van 22 mei 2003 is een
nieuwe procedure ingevoerd voor de behandeling van de aanvragen
voor een tegemoetkoming aan personen met een handicap. In het
antwoord op vragen in de commissie voor de Financiën van 10 juni
jongstleden verwees de minister van Financiën naar dat besluit, het
KB van 22 mei 2003. Uit het feit dat in het besluit geen melding wordt
gemaakt van een vergoeding voor ambtenaren van Financiën heeft
zijn administratie afgeleid dat de vergoeding niet meer werd betaald.
Er moet echter worden vastgesteld dat de KB's van 19 januari 1970
en van 5 augustus 1975 niet zijn opgegeven en dat de vergoeding op
die reglementaire basis is doorgegaan. Het is wel zo dat, naar
aanleiding van de parlementaire vragen hierover, de staatssecretaris
bevoegd voor gehandicaptenbeleid, mevrouw Fernandez, de betaling
ondertussen heeft stilgelegd.
Een gelijksoortige vergoedingsregeling bestaat ook voor het
onderzoek naar het bestaansminimum in het kader van de IGO. Ze
heeft haar reglementaire basis in de wet van 22 maart 2001 tot
instelling van de IGO. De uitbetaling van die vergoeding is ook
opgeschort per 16 juni jongstleden.
De jongste jaren hebben de betrokken FOD's inspanningen geleverd
om de elektronische gegevensuitwisseling te verbeteren en te
versnellen. In dat kader worden sinds 1 juni van dit jaar ook de
gegevens van de overeenkomsten van personen met een handicap
elektronisch uitgewisseld. De inspanningen, die worden voortgezet,
moeten toelaten om de behandeltermijn van aanvragen te verkorten.
Op dit ogenblik zijn wij met de regering aan het kijken of de
gegevensuitwisseling tussen de verschillende FOD's kan worden
beschouwd als een opdracht van de FOD. Als dat vastligt, kunnen wij
beslissen over de vraag of er al dan niet aanleiding zou mogen zijn tot
rechtstreekse betaling. Er is daarover overleg tussen de verschillende
ministers.
Het is echter evident dat de kwestie in overleg nu toch eens grondig
moet worden bekeken. Dat is iets anders dan een dossier met
01.04 Yves Leterme, premier
ministre:
Le
régime
de
rémunération a été fixé par deux
arrêtés royaux de 1964, remplacés
en 1970. Le régime a été inséré
en 1975 dans l'arrêté royal du 17
novembre 1969. Mme Fernandez
s'est référée à l'arrêté de 1975.
Une nouvelle procédure, qui ne
mentionne pas ces rémunérations,
a été instaurée par arrêté royal du
22 mai 2003. L'administration des
Finances en a déduit que la
rémunération n'avait plus été
payée. Le ministre des Finances a
fait référence à cet arrêté royal.
Les anciens arrêtés n'ont toutefois
jamais été abrogés et les
versements ont été poursuivis.
À la suite d'une série de questions
parlementaires, la secrétaire d'État
aux Personnes handicapées a
suspendu le paiement avec effet
au 16 juin, tout comme la
rémunération pour l'enquête sur le
minimum de moyens d'existence
dans le cadre de la GRAPA.
Les SPF ont fourni au cours des
dernières années des efforts pour
améliorer l'échange électronique
de données. Ces efforts se
poursuivront.
Le gouvernement examine si
l'échange de données peut être
considéré comme relevant de la
mission d'un SPF. En fonction de
nos conclusions, nous pourrons
trancher en ce qui concerne les
paiements. Cette décision doit être
prise en concertation.
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
slogans benaderen, mijnheer Bultinck; het gaat tenslotte over heel
ingewikkelde processen en procedures. De bevoegde collega's zijn,
zoals dat hoort, op een ernstige manier bezig om de zaak uit te
klaren.
Ik heb u reeds een overzicht gegeven van de reglementaire en
wettelijke basis waarop het een en ander gebeurde. Ik heb ook
verwezen naar de opschorting op initiatief van de collega op 16 juni.
01.05 Koen Bultinck (Vlaams Belang): Mijnheer de eerste minister,
ik neem akte van uw zeer voorzichtige antwoord. Ik blijf een beetje op
mijn honger. Wij hebben intussen alle bevoegde ministers en
staatssecretarissen inzake het dossier ondervraagd.
Wij hebben akte genomen van de opschorting waartoe mevrouw
Onkelinx na een aantal vragen van ons en een aantal andere
collega's in de commissie voor de Sociale Zaken heeft besloten. De
cruciale vraag is wanneer er dan een definitieve beslissing in het
dossier komt.
In een tijd waarin het doorgeven van elektronische gegevens de
evidentie zelve zou moeten zijn, is het niet normaal dat ambtenaren
van Financiën voor een normale activiteit, die men van hen zou
mogen verwachten, nog extra worden vergoed daarover zijn wij het
allemaal eens en dat de regering talmt om een principiële beslissing
te nemen.
Mijnheer de eerste minister, ik kom terug op mijn vraag in de hoop om
een iets concreter antwoord te krijgen. Binnen welk tijdsbestek denkt
de regering een definitieve beslissing te nemen? Ik hoop dat de
beslissing niet in het pakket zit dat tot 15 juli voor u uit wordt
geschoven.
01.05 Koen Bultinck (Vlaams
Belang): Cette réglementation est
donc suspendue pour l'instant.
Quand
y
aura-t-il
une
réglementation définitive ? Il me
semble clair que pour la simple
transmission
de
données
électroniques,
aucune
rémunération supplémentaire n'est
nécessaire.
01.06 Eerste minister Yves Leterme: Het verschil tussen u en mij zal
wellicht zijn dat voor mij het zorgvuldig bestuur, het goed bestuur echt
cruciaal is. Als men in het verleden de voorzorg had genomen om
twee keer na te denken vooraleer men een reglementering
uitvaardigde en had nagegaan hoe het zat met de vaststelling van de
gegevens die de basis vormen voor het al dan niet verlenen van een
uitkering, dan waren wij niet geconfronteerd met het probleem. Dat
probleem moet natuurlijk tot zijn ware proporties worden herleid, maar
anderzijds ben ik het volledig eens met de stelling dat voor wat
behoort tot de kerntaak van de administratie er geen bijkomende
vergoedingen worden uitgekeerd.
Ik zeg het nog eens, de regering moet in een rechtzeker kader
handelen, zeker in dat soort van dossiers. Daarom wordt er daarover
het nodige overleg gevoerd. De opschorting is gebeurd op 16 juni. Het
is nu 2 juli. Het is absoluut geen probleem dat men daarover goed en
grondig overlegt.
01.06 Yves Leterme, premier
ministre: Nous voulons en effet
adapter
cette
réglementation
malheureuse du passé, mais nous
voulons le faire prudemment et en
concertation pour parvenir à une
réglementation de qualité et sûre
d'un point de vue juridique.
01.07 Koen Bultinck (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter, zoals
u weet, heeft het parlement recht op de laatste repliek.
Mijnheer de eerste minister, ik neem akte van het feit dat u in deze
nog even de tijd neemt. Met alle respect, ik zou al blij zijn als de
regering bestuurt en we discussiëren nog niet eens over de vraag of
het goed bestuur is.
01.07 Koen Bultinck (Vlaams
Belang): Le premier ministre n'est
donc pas non plus en mesure de
présenter
une
chronologie
correcte pour ce qui est de la
réponse et des mesures.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
Ik stel alleen vast, als eenvoudig lid van de oppositie, dat op diverse
parlementaire vragen al uw ministers van de regering een verschillend
antwoord geven. U mag dan een eenvoudig parlementslid van de
oppositie niet kwalijk nemen dat hij uiteindelijk bij u terechtkomt in de
hoop een antwoord te krijgen.
Ik stel hier vandaag vast dat ik het dossier verder zal moeten
opvolgen, omdat zelfs u, mijnheer de eerste minister, niet in staat bent
om een correct chronologie voor het antwoord en de maatregelen
voor te stellen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
02 Interpellatie van de heer Bart Laeremans tot de eerste minister over "het nieuwe nationale
voetbalstadion" (nr. 67)
02 Interpellation de M. Bart Laeremans au premier ministre sur "le nouveau stade national de football"
(n° 67)
02.01 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de eerste minister, mijn interpellatieverzoek dateert van 11
juni. Het is ondertussen 2 juli of 3 weken later en mijn ongerustheid is
alleen maar toegenomen door toedoen van herbevestiging van
welbepaalde uitspraken van Brussels minister Guy Vanhengel, van
minister-president Charles Picqué, maar ook van Vlaams minister
Van Mechelen, u welbekend, en van Vlaams minister Anciaux heel
recent nog. Het wordt hoog tijd dat in dit dossier over het nieuwe
nationale voetbalstadion klaarheid wordt gebracht.
Het gaat hier om een megastadion dat het grootste van het land zal
worden voor 50.000 tot 60.000 toeschouwers, iets met nationale en
eigenlijk per definitie zelfs internationale uitstraling. Het is dus evident
dat dergelijk enorm complex in Brussel komt en zeker niet daarbuiten,
zeker niet in de Vlaamse Rand.
Mijnheer de eerste minister, u woont wel in het landelijke Ieper, maar
in Brussel is er plaats en ruimte voor dit soort complexen. In principe
hebben wij daar ook geen moeite mee dat er zoiets komt in Brussel,
maar wij hebben er wel de grootste moeite me dat zoiets in
Grimbergen zou moeten komen.Het toeval wil en u zal dat misschien
weten, mijnheer de eerste minister, dat ik in Grimbergen woon. Ook
als ik daar niet zou wonen, zou ik u even goed interpelleren, want het
is een regelrechte schande dat men er zelfs maar aan denkt om dat in
onze gemeente neer te planten.
Ik zal u een motie laten overhandigen van onze gemeenteraad van
februari dit jaar. Heel kort de historiek. Wij hadden het punt
geagendeerd en wij hadden gezegd: geen winkelcentrum op parking
C. Dat winkelcentrum zou gepaard gaan met een voetbalstadion, in
Brussel dan. Men heeft vanuit de meerderheid, vanuit uw partij,
mijnheer de eerste minister, het initiatief genomen om te zeggen dat
dit niet kon worden beperkt tot een winkelcentrum, maar ruimer moest
zijn: elk groot megaproject dat de draagkracht overschrijdt, moest
men afwijzen. Dan werd er een motie goedgekeurd door alle partijen,
met uitzondering van de Franstaligen in de gemeenteraad. Ik vind het
van het grootste belang dat u deze motie aanstonds zou lezen, indien
u deze niet zou ontvangen hebben. Ik vermoed dat ze naar u werd
02.01 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Il est grand temps que la
clarté soit faite en ce qui concerne
le nouveau stade national de
football. Il s'agit d'un stade d'une
capacité de 50.000 à 60.000
spectateurs. Il me semble évident
qu'un tel mégastade soit construit
à Bruxelles et non pas dans la
périphérie flamande. Grimbergen
ne constitue donc pas une option à
nos yeux.
Dans le cadre de l'élaboration du
plan
structurel
communal,
Grimbergen a d'ailleurs confirmé
une fois de plus hier être opposée
à un tel complexe.
Il est en outre hallucinant de
constater
que
la
Région
bruxelloise propose Grimbergen
comme option sans se concerter
avec la commune, la province ou
la Région flamande, ce qui
démontre une fois de plus la
mentalité impérialiste de Bruxelles.
Selon un communiqué de l'agence
Belga, il existe également une lutte
concurrentielle entre les Régions;
la Région de Bruxelles-capitale
veut ouvrir un centre commercial
sur le plateau du Heysel pour
devancer
ainsi
la
Région
flamande.
Il
semblerait,
de
manière
totalement
incompréhensible,
que
les
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
verstuurd, maar het is al wel enkele maanden geleden.
Gisterenavond hadden we in het raam van de opmaak van ons
gemeentelijk structuurplan trouwens nog eens de herbevestiging dat
onze gemeente dit niet wil en geen megastadion op ons grondgebied
wil. Bovendien is het toch merkwaardig, en eigenlijk hallucinant, dat
wordt geopperd door het Brussels Gewest dat zoiets in Grimbergen
zou worden gebouwd, zonder zelfs maar enig overleg met mijn
gemeente, met de provincie of met het Vlaams Gewest. Dit toont nog
maar eens de imperialistische mentaliteit van Brussel. U zult mij niet
tegenspreken, collega Doomst, mijnheer de voorzitter, want u weet
heel goed waar we het over hebben: de imperialistische mentaliteit die
een aantal Brusselaars kenmerkt. Blijkbaar moet een Guy Vanhengel
niet onderdoen voor een Olivier Maingain of zelfs niet voor iemand
van de Parti socialiste die hier vandaag ook aanwezig is.
Mijnheer de eerste minister, heel merkwaardig is dat alles kadert in
een concurrentiestrijd tussen de Gewesten. Ik citeer een Belga-
bericht van 22 mei waarin minister-president Picqué het volgende
zegt: "De keuze is uiteindelijk op de Heizel gevallen, niet alleen omdat
de grond openbaar bezit is maar ook omdat het Brussels Gewest
alleen zo een voorsprong kan nemen op het Vlaams Gewest". Het
gaat dus om een concurrentiestrijd inzake het winkelcentrum tussen
het Brussels project en anderzijds projecten in Machelen. Om dan
toch maar sneller te kunnen zijn dan Machelen beslist Brussel om het
stadion te bouwen in Grimbergen, ook in Vlaanderen. Dat is eigenlijk
knettergek, men houdt het niet voor mogelijk. Toch is men aan
Vlaamse kant bereid om dat te overwegen en te onderzoeken en zijn
er Vlaamse ministers die hand- en spandiensten bewijzen aan dit
verhaal. Onbegrijpelijk.
Daar komt nog bij en dat maakt het helemaal te gek dat men het
niet alleen heeft over het nationaal voetbalstadion maar tegelijkertijd
Anderlecht daar wil gaan laten spelen. Het moet de vaste locatie
worden waar Anderlecht om de veertien dagen zijn thuismatchen gaat
spelen. Knettergek, Anderlecht dat Brussel zou gaan verlaten. Ik vind
het bijna onbegrijpelijk dat Brussel er zelfs maar aan denkt om die
hypothese in overweging te nemen. Amper drie dagen geleden
hebben we in Het Nieuwblad op Zondag gelezen dat ook Anciaux op
die piste zit en Anderlecht zou willen uitkopen. Hij wil voor Anderlecht
een stadion bouwen maar dan moet het buiten Brussel zijn. Als men
al die puzzelstukken samen legt, dan is het duidelijk dat men ook in
Vlaamse kringen en onder Vlaamse ministers bezig is met die piste,
die knettergekke piste die eigenlijk gewoon compleet absurd is.
Anderlecht zou Brussel moeten gaan verlaten, ondenkbaar gewoon.
Het lijkt ook compleet irrationeel, het is onverklaarbaar dat men
dergelijke dingen zou gaan bepleiten, tenzij men andere argumenten
moet zien dan die van het algemeen belang. Mijnheer de eerste
minister, ik vrees dat er andere, individuele belangen meespelen. Het
gaat hier om een zeer groot shoppingcentrum, twee keer zo groot als
Wijnegem. Er zijn zeer grote vastgoedbelangen en financiële
belangen mee gemoeid. Ik vermoed dat hier zwaar geld onder tafel
wordt geschoven om mensen om te kopen. Veel zaken wijzen in die
richting. Ik ga niet zeggen wie hier is omgekocht maar ik hoop dat u
zich in elk geval in dit dossier niet laat benaderen. Dat zou ik
verschrikkelijk vinden. Dit is een dossier dat door het algemeen
belang moet worden geleid en niet door omkoping. Ik vraag dus om
autorités flamandes soient prêtes
à examiner le dossier plus en
détail.
Par ailleurs, l'équipe d'Anderlecht
utiliserait également le stade
national de football pour ses
rencontres
et
cette
équipe
quitterait donc Bruxelles.
Cette situation est si irrationnelle
que je m'interroge sur les autres
intérêts qui interviennent dans ce
dossier, hormis l'intérêt général. Il
s'agit en effet d'un très grand
centre commercial et les intérêts
en jeu sont énormes. Il semblerait
qu'il y ait eu corruption. J'espère
en tout cas que le premier ministre
ne se laissera pas approcher.
M. Leterme a à présent mandaté
M. Haek pour que la SNCB se
détermine alors qu'il aurait mieux
fait de commander une étude
objective qui ne tienne pas
uniquement compte de la SNCB.
Quelle mission le premier ministre
a-t-il confiée à M. Haek? Pouvons-
nous en consulter le texte?
Examine-t-on la plus-value que
représenterait la proximité du
chemin de fer? Quel est le lien
avec l'étude commandée par la
Région
de
Bruxelles-Capitale
concernant le site de Schaerbeek-
Formation? À qui a-t-elle été
confiée? Est-elle achevée? Sinon,
quand le sera-t-elle? Pourrons-
nous prendre connaissance de
ses
conclusions?
Les
deux
missions
concernent-elles
un
stade ou également un centre
commercial et de congrès? Quelle
est l'ampleur de ces projets?
Quand le stade de football sera-t-il
prêt? Quand sa construction doit-
elle commencer au plus tard?
Combien de temps prévoit-on pour
l'assainissement du sol et son
éventuelle
stabilisation?
La
mission confiée par le premier
ministre à M. Haek n'est-elle pas
principalement destinée à enterrer
l'idée de Schaerbeek-Formation?
Dans ce cas de figure, optera-t-on
automatiquement pour le Heysel?
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
opheldering.
Ik heb het dan nog niet over de reactie van Unizo en de middenstand
en over de enorme verkeersdrukte op de noorderring die nu al
oververzadigd is. Dat zijn argumenten die zeer zeker spelen. Wat
echter natuurlijk speelt is het knettergekke idee om een grote
tweetalige ploeg in het eentalige Grimbergen te laten spelen. We
hebben nu al zoveel moeite om de ploegen in Strombeek in het
Nederlands te laten spelen. Dat is allemaal ondenkbaar, mijnheer de
eerste minister. U moet die piste dan ook van bij het begin duidelijk
uitsluiten.
Nu hebt u blijkbaar zelf opdracht gegeven aan ene Jannie Haek om
een standpunt te laten bepalen door de NMBS. Ook dat vind ik een
vrij merkwaardige manier van doen. In plaats van een objectieve
studie te laten doorvoeren waarbij het algemeen belang voorop staat,
kijkt u direct en uitsluitend naar het belang van de NMBS.
Indien een en ander nu toevallig niet meteen met het algemeen
belang in overeenstemming is, zou de reactie van de NMBS wel eens
niet de gewenste, juiste of objectieve reactie kunnen zijn.
Mijnheer de eerste minister, ik kom tot mijn vragen.
Ik wil vooral ook transparantie in het dossier. Ik wil dat u ons alle
openbare documenten, alle studies die over het nieuwe, nationale
voetbalstadion zullen zijn besteld of nu reeds werden besteld of
geleverd, ter beschikking stelt, zodat wij met dezelfde kennis van
zaken kunnen oordelen.
Mijnheer de eerste minister, ik zie u lachen. Ik vind het toch nogal
ernstig dat over een dergelijk dossier, dat om vele miljarden gaat, de
parlementsleden worden ingelicht. Het zal immers in grote mate de
federale belastingbetaler zijn die het geld voor de bouw van het
stadion zal moeten ophoesten.
Ten eerste, hoe luidt de precieze opdracht die aan de heer Haek werd
gegeven? Kan de tekst worden meegedeeld? Wordt daarbij ook de
meerwaarde van de aanwezigheid van de spoorweg als
vervoermiddel onderzocht?
Ten tweede, welke samenhang is er met de studie die reeds door het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest over Schaarbeek-Vorming werd
besteld? Door wie moest de studie worden opgesteld? Werd ze al
gefinaliseerd of wanneer wordt ze gefinaliseerd? Kan het resultaat
van de studie worden meegedeeld?
Ten derde, gaat het bij de opdrachten enkel om de bouw van een
stadion of ook over een congrescentrum en een winkelcentrum? Is er
een noodzakelijke samenhang tussen bedoelde dossiers? Hoe groot
worden het winkelcentrum en het congrescentrum opgevat?
Ten vierde, tegen welk moment moet het voetbalstadion in elk geval
zijn gerealiseerd, indien de voetbalbond het tegen 2018 wil
aanwenden? Tegen wanneer moet uiterlijk met de bouw worden
begonnen? Hoeveel tijd is er nodig om de grond te saneren en te
stabiliseren?
Mesure-t-on bien les effets de la
présence d'un centre commercial
de cette taille pour la classe
moyenne? Que pense le premier
ministre des réactions de l'Unizo,
de la CSC et des milieux
environnementaux? Quelle sera
l'incidence de l'implantation du
centre
commercial
sur
la
circulation automobile? Comment
ces projets seront-ils financés?
Qui payera quoi, comment et
selon quelle formule? Le club
d'Anderlecht est-il intéressé par un
droit
d'utilisation
du
stade?
Pourquoi? Avec quelles autres
autorités le premier ministre s'est-il
déjà concerté à ce sujet? Quels
sont les accords en la matière?
Pourquoi la Région de Bruxelles
n'a-t-elle jamais évoqué ce point
avec la Région flamande?
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
Ten vijfde, klopt het dat de opdracht van de eerste minister vooral
dient om de piste van Schaarbeek-Vorming te begraven? Dat nieuws
stond op 6 juni 2008 in Le Soir. Klopt het dat bij een eventueel,
negatief oordeel over Schaarbeek-Vorming automatisch de Heizel als
optie wordt weerhouden, met alle gevolgen van dien?
Ten zesde, werd onderzocht welke impact een dergelijk
winkelcentrum in Brussel werd deze week van twee keer groter dan
Wijnegem en tien miljoen bezoekers per jaar gesproken op de
middenstand in de wijde omgeving heeft? Hoe reageert de eerste
minister op de standpunten van Unizo, het ACV en de Brusselse
leefmilieugroepen over voornoemd winkelcentrum?
Ten zevende, werd onderzocht wat de creatie van een dergelijk
winkelcentrum
op
het
vlak
van
toenemend
autoverkeer
teweegbrengt? Wordt rekening gehouden met het feit dat de
noorderring nu reeds gedurende vele uren per dag vastzit?
Ten achtste, met welke middelen zullen de projecten worden
gefinancierd? Zullen daartoe federale middelen worden gebruikt? Zo
ja, voor welke onderdelen zullen ze worden gebruikt? Wie betaalt de
grond en de weginfrastructuur? Welke bedragen zal de federale
regering inschrijven? Hoe worden ze in de tijd gespreid? Met welke
formule wordt gewerkt: de Belirisformule waarbij alles in eigendom
van het Gewest komt, of een andere formule? Op welke wijze blijft het
federale niveau in dat geval bij de uitbating betrokken?
Ten negende, klopt het dat ook voetbalclub Anderlecht vraagt om het
nieuwe stadion als thuisbasis te kunnen kiezen? Welke goede
redenen zouden daarvoor zijn? A fortiori, welke goede redenen om
Brussel desgevallend te verlaten, zouden er zijn?
Ten tiende, heeft de eerste minister over het voorgaande met andere
overheden overleg gepleegd? Met welke Gewesten werd over het
dossier gepraat? Welke afspraken werden gemaakt? Hoe verklaart
de eerste minister dat het Brussels Gewest op geen enkel moment
met het Vlaams Gewest overleg heeft willen plegen, vooraleer het met
zijn standpunt naar buiten kwam?
Ik dank u bij voorbaat voor uw antwoord.
De voorzitter: Het antwoord komt van de gelukkige eigenaar van een Europese halve finale-
scheidsrechtertrui.
02.02 Eerste minister Yves Leterme: Mijnheer de voorzitter, ik ken
uw aandacht tot na-ijver. Excuseer, ik neem dat terug.
De voorzitter: Het spreekt inderdaad (...)
02.03 Eerste minister Yves Leterme: Ik kan niet anders dan
antwoorden omdat het Parlement uiteraard het laatste woord heeft.
Daarstraks heb ik, op basis van de gegevens, in antwoord op de
vraag van de heer Bultinck, echt de chronologie geschetst zoals ze
door de diensten is gekend. Ik heb er totaal geen belang bij om wat
dan ook anders te formuleren. Indien de heer Bultinck zegt dat zelfs ik
niet aan de chronologie uit geraak, dan nodig ik hem uit te zeggen wat
er niet klopt aan de chronologie van de koninklijke besluiten, de
wetten die ik heb genoemd, en dies meer. Het zou hem sieren als hij
02.03 Yves Leterme, premier
ministre: Il y a quelques mois, il
m'a été demandé de jouer un rôle
de médiateur dans le cadre d'une
opération destinée à défendre la
candidature de l'Union belge et de
son
pendant
néerlandais
à
l'organisation de la coupe du
monde de football en 2018. À
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
mij zou zeggen wat er niet klopt.
Mijnheer Laeremans, in het raam van uw interpellatie zal ik proberen
een antwoord te geven op uw drieëndertig vragen, door gewoon te
zeggen wat er gebeurd is. Dan zult u begrepen dat een aantal van de
vragen een beetje onzinnig is.
Een aantal maanden geleden werd mij gevraagd of ik een
faciliterende rol wilde spelen in de behartiging van de kandidatuur van
de Belgische en Nederlandse voetbalbond voor de organisatie, op het
grondgebied van beide landen, van de wereldbeker voetbal in 2018.
Ik heb daarvoor tot nu toe een viertal dingen gedaan.
Ten eerste, ik heb, zoals een aantal andere collega's, geposeerd voor
een filmpje, waarin ik iets heb gezegd ik weet zelfs niet meer wat
over het feit dat ik die kandidatuur heel positief vind. Ik meen dat ook.
Ik denk dat wij echt de ambitie moeten hebben om de wereldbeker
naar de Nederlanden, België en Nederland, te halen.
Ten tweede, een aantal weken geleden de datum ontsnapt mij nu
heb ik de heren Blatter en Platini te woord gestaan, samen met de
mensen van de voetbalbond en ook de heer Courtois, die de leiding
heeft van de behartiging van het dossier op de Wetstraat 16.
Ten derde, laatst ben ik over en weer naar Basel geweest. Bij die
gelegenheid heb ik ook een aantal mensen gesproken en proberen te
overtuigen dat onze kandidatuur een valabele kandidatuur is en dat ik
daar achter staat. Ik weet niet of u de procedure kent. Er moeten
zesentwintig mensen beslissen. Een aantal van die mensen heb ik
daar ontmoet. Trouwens, maakt u zich geen zorgen: die ontmoeting
gebeurde niet op staatskosten, maar gewoon op uitnodiging. Ik ben
daar naartoe gegaan als fysiek persoon, als privé persoon. Weliswaar
ben ik 's avonds in opdracht van een tv-station in de bergen nog iets
gaan zeggen: een poging tot verstandig commentaar op een
voetbalmatch die niet veel om het lijf had.
Ik kom tot het vierde dat ik heb gedaan. Ik wil echt de inspanningen
van die mensen ondersteunen. De heer Courtois doet daar heel
verdienstelijk werk. Ik heb op verzoek van de heer Courtois een
vergadering voorgezeten met de Brusselse stakeholders, in het licht
van de configuratie van het Brussels Gewest, waarin werd nagedacht
over de plaats voor een infrastructuur die is aangepast aan de eisen
die door de FIFA gesteld worden voor het ontvangen van een
openingswedstrijd of een belangrijke wedstrijd in het kader van de
wereldbeker 2018. Ik ben zeer graag ingegaan op hun vraag. Ik heb
een ochtendvergadering voorgezeten waarop de heer Thielemans, de
heer Picqué, als voorzitter van de Brusselse regering, de heer
Courtois zelf, de heer Haek, die gevraagd was in zijn hoedanigheid
van gedelegeerd bestuurder van de NMBS Holding, en nog een
aantal andere mensen aanwezig waren.
Het eerste punt dat wij hebben vastgesteld met betrekking tot het
inpassen van de locatie van een dergelijke infrastructuur in het
kandidaatsdossier dat ten laatste in 2010 moet worden ingediend, is
het lanceren van een locatiestudie die rekening houdt met allerlei
elementen die u aanhaalde, zoals de draagkracht van de
leefomgeving, de mobiliteit en de commerciële inplanting die er
cette fin, j'ai joué dans un petit film
dans lequel je me suis exprimé en
des termes très positifs à propos
de
cette
candidature belgo-
néerlandaise. Je l'ai fait avec
beaucoup de sincérité. Voici
quelques semaines, je me suis
entretenu avec MM. Blatter et
Platini. À cette occasion, j'étais
accompagné de responsables de
l'Union belge et de M. Courtois. En
outre,
je
me
suis
rendu
récemment à Bâle où j'ai défendu
notre candidature.
A la demande de M. Cortois, j'ai
également présidé une réunion
avec des représentants des
milieux bruxellois intéressés. Nous
y avons réfléchi à un lieu
d'implantation potentiel pour une
infrastructure
répondant
aux
exigences de la FIFA pour le
match d'ouverture ou un autre
match important dans le cadre de
la coupe du monde 2018.
Nous
avons
constaté
qu'il
convenait en premier lieu de
mener une étude d'implantation.
Compte tenu des problèmes de
procédure concernant Shaerbeek,
nous étions un certain nombre de
participants à la réunion à estimer
qu'une étude concernant ce lieu
d'implantation pourrait bien être un
gaspillage d'argent. Il fallait en
effet tenir compte de facteurs
comme la modification des plans
d'affectation, la nature du sol ou
encore l'implantation par rapport à
la gare ferroviaire.
Plusieurs
autorités
sont
compétentes. Pour ma part, je ne
joue qu'un rôle de facilitateur.
Nous devions d'abord vérifier si
l'option de Schaerbeek-Formation
ne devait pas être exclue
d'emblée. Au lieu de solliciter les
services d'un bureau d'études qui
applique des tarifs exorbitants, j'ai
simplement demandé à Jannie
Haek d'examiner la situation avec
les intéressés. Je pense avoir fait
preuve de bon sens car cette
décision ne coûte pas un
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
eventueel mee gepaard zou gaan. Het was ook mijn bedenking dat
men, vooraleer men de drie locaties die spontaan worden genoemd,
en eventueel ook andere locaties, zou gaan onderzoeken, alleen al de
haalbaarheid qua proceduretermijn, de bodemgesteldheid en
dergelijke van Schaarbeek-Vorming zou kunnen worden nagegaan.
Ik meen, net als een aantal andere mensen rond die tafel die ochtend,
dat het wel eens zou kunnen dat het verloren geld is om Schaarbeek
te onderzoeken omwille van de procedurele aspecten die erbij komen
kijken. Er moet een wijziging gebeuren van de bestemmingsplannen
die ter zake gelden. Er moet worden gekeken hoe het met de bodem
zit. U haalde zelf ook de plaatsing versus een spoorstation aan. Het
zal u misschien verwonderen, maar iedereen is het erover eens dat
een spoorontsluiting heel nuttig is, maar dat er best een kilometer
afstand is tussen het stadion en de spoorontsluiting, onder andere
omwille van de goede en veilige afwikkeling van het verkeer.
Ik herhaal dat mijn rol alleen faciliterend is, dus van de mensen rond
de tafel te krijgen.
Zelfs het Europees niveau is bevoegd. Evenwel, voor ruimtelijke
ordening en dat soort infrastructuur, alsook voor de vergunningen, zijn
het gemeentelijk, het provinciaal en het Gewestelijk niveau bevoegd in
het kader van een Europese richtlijn. Het federale niveau is
waarschijnlijk het enige niveau dat niet bevoegd is inzake de
bestemmingsomgeving. Mijn rol is louter faciliterend.
Op een bepaald moment heb ik voorgesteld of tegen het eind van de
zomer nagegaan kon worden of Schaarbeek-Vorming hoe dan ook in
aanmerking komt. Ik bespaar u de details, maar zelfs de
eigendomsstructuur van de gronden daar moet eens grondig worden
bekeken. Het gaat niet om één eigenaar, er zijn er verschillende. Dat
is ook een aspect dat nagegaan moet worden. In plaats van daar een
groot studiebureau op te zetten of een of andere opdracht te moeten
uitschrijven, hebben wij aan Jannie Haek, als gedelegeerd bestuurder
van NMBS-Holding, gevraagd of hij te goeder trouw kan zeggen wat
exact de situatie is. Dat lijkt mij een beslissing van gezond verstand,
een goede beslissing, waarbij we informeel aan Jannie Haek hebben
gevraagd om dat eens te bekijken met alle betrokkenen. Ook de heer
Cortois wordt daarbij betrokken. Er zou ongeveer 10 ha nodig zijn. Er
moet nagegaan worden of die oppervlakte beschikbaar is, en ook
welke andere eisen er worden gesteld indien Schaarbeek-Vorming
ooit zou worden onderzocht om in aanmerking te komen als locatie
voor zo'n stadion. Dat is, behalve de verorbering van een aantal
boterkoeken en wat koffiedrinken, wat daar is gebeurd.
Er is dus geen sprake van dat een opdracht werd uitgeschreven. We
hebben dat onder West-Vlamingen geregeld, Jannie en ik, gewoon op
zijn West-Vlaams: kan dat, hoeveel tijd heb je nodig? Welnu, tegen
31 augustus zou hij kunnen zeggen of het al dan niet realistisch is. De
heren Picqué en Thielemans konden zich daarbij ook aansluiten.
In Brusselse politieke middens werd mij gezegd dat er meerdere
locaties circuleren. Er is de bestaande Heisel-kuip, de bestaande
locatie
van
de
Heisel,
parking C,
welke
een
gewestgrensoverschrijdende locatie is.
Er is de locatie van Schaarbeek-Vorming. Er zijn nog een paar andere
eurocentime aux pouvoirs publics.
Il ne me paraît pas inintéressant
de savoir à l'avance si le site de
Schaerbeek-Formation peut entrer
en ligne de compte. Il y a en effet
une foule de conditions à remplir
comme le calendrier, la nature du
sol, la structure de la propriété et
l'enceinte. Jannie Haek nous
fournira les réponses à toutes ces
questions d'ici au 31 août.
C'est la quatrième fois que j'aide
les organisateurs. Je le fais
volontiers car je défends cette
candidature et je soutiens les
efforts fournis par l'Union belge.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
locaties vernoemd, maar die zijn op dit moment niet actueel.
Mijn zorg is alleen geweest, vooraleer we verloren moeite doen, om
na te gaan of het theoretisch denkbaar is dat we binnen de gestelde
termijn, gelet op al de moeilijkheden die ermee gepaard gaan,
realistisch rekening kunnen houden met Schaarbeek-Vorming als
alternatief. Dat is wat er is gebeurd.
Dat is tevens de vierde keer dat ik iets doe voor de organisatoren. Ik
doe dat zeer graag, want ik sta achter de kandidatuur, achter de
inspanningen van de voetbalbond. Als mij morgen wordt gevraagd om
nog inspanningen te leveren, zal ik dat opnieuw doen.
Dat gebeurt nu zonder kosten voor de overheid en zonder enige,
formele opdracht. Dat lijkt mij logisch. Het lijkt mij logisch dat,
vooraleer een opdracht wordt uitgeschreven, wordt nagegaan of het
theoretisch mogelijk is dat een bepaalde site in aanmerking komt,
gelet op allerlei randvoorwaarden inzake timing, bodemgesteldheid,
eigendomsstructuur en ontsluiting.
02.04 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter, het
antwoord is erg mager. Ik heb uit het dossier begrepen dat u uw rol
heel erg beperkt is. U ziet alles als facilitair. Nochtans weten wij allen
u zou dat in uw hoedanigheid van gewezen minister van Begroting
zeker moeten weten dat het dossier voor de federale overheid ook
een financieel plaatje zal hebben.
Ik heb daartegen zelfs geen bezwaar.
02.04 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Le premier ministre laisse
entendre qu'il se contente de
faciliter les choses, mais nous
savons qu'il y a aussi une
incidence financière pour l'État
fédéral. Il n'en a pas soufflé mot.
02.05 Eerste minister Yves Leterme: Daar is met geen woord over
gesproken.
02.06 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Neen, maar door het lezen
van alle interpellaties en teksten op het Brusselse niveau en van de
persartikelen krijg ik de indruk dat u zich zelf nog onvoldoende over
het dossier hebt geïnformeerd. U zal voortdurend zien dat het
financiële aspect een van de netelige zaken is, waarop Picqué altijd
terugkomt. Hij vraagt zich af wanneer financieel iets tegenover het
dossier zal te zien zijn.
Eerlijk gezegd, heb ik er zelfs geen probleem mee dat het federale
niveau financieel tussenkomt in het dossier, via de Belirisformule of
een andere formule. Er valt voor alles iets te zeggen.
02.06 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Peut-être n'est-il pas bien
informé lui-même? En tout cas, les
articles et les communiqués de
presse que je lis font apparaître
que le ministre-président, M.
Picqué, revient sans cesse sur
l'aspect financier du dossier.
Un cofinancement par l'État
fédéral, par le biais de Beliris par
exemple, ne me pose aucun
problème en soi.
02.07 Eerste minister Yves Leterme: Voor Beliris is de
verantwoordelijkheid zelfs gedeeld.
02.08 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Ja, maar dan zou het geld
misschien nog nuttiger besteed zijn dan Beliris aangeeft. Er zijn
andere projecten waarbij veel meer vragen rond Beliris kunnen
worden gesteld.
Ik heb er echter geen bezwaar tegen dat voor een dergelijk project,
hoewel België in 2018, dus over tien jaar, niet meer zal bestaan,
Vlaanderen of de instanties die Brussel overstijgen, mee betalen. Het
is inderdaad een dossier met nationale en zelfs internationale allure.
02.08 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Même si la Belgique
n'existait plus en 2018, il s'agit en
l'occurrence d'un investissement
ayant
un
retentissement
international.
Manifestement, le premier ministre
n'a pas encore défini sa vision du
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
Ik heb er dus geen probleem mee.
Blijkbaar hebt u over het dossier nog helemaal geen visie uitgewerkt.
Indien u dat wel zou doen, zou u meer op uw poot kunnen spelen. U
zou dan kunnen opwerpen dat de federale overheid wil meewerken
om de termijnen op alle, mogelijke manieren te versnellen, onder
meer via de NMBS. Bij de NMBS ligt immers blijkbaar ook een
probleem. Zij heeft blijkbaar nog gedurende een bepaalde tijd nog een
aantal sporen nodig. Aan de NMBS-kant van het dossier zit dus wel
een federaal aspect dat het dossier kan doen versnellen.
dossier. L'État fédéral pourrait
contribuer à raccourcir les délais,
entre autres par le biais de la
SNCB, mais celle-ci ne peut
apparemment pas encore libérer
toutes les voies.
02.09 Eerste minister Yves Leterme: Ik ga mij niet bezighouden met
het aantal sporen dat in Schaarbeek-Vorming nodig is om het
spoorverkeer in ons land te organiseren. De NMBS is een
overheidsbedrijf, waarvan wij, op een paar aandelen na, de hele
aandelenportefeuille in handen hebben. Voor het overige is er een
beheersovereenkomst, die overigens door mevrouw Vervotte
uitstekend werd onderhandeld. De tijden dat wij ons rechtstreeks met
het beheer van de NMBS gaan bemoeien, zijn echter voorbij. Dat is
hun verantwoordelijkheid. De heer Haek is goed geplaatst om dat te
doen.
02.09 Yves Leterme, premier
ministre: Le nombre de voies dont
la SNCB a besoin n'est pas de
mon ressort. L'époque où nous
pouvions nous mêler directement
de la SNCB est bien révolue.
02.10 Bart Laeremans (Vlaams Belang): U kunt zoveel mogelijk van
u blijven afschuiven. Ik zie dat mevrouw Vervotte er heel veel deugd
van heeft dat u haar vermeldt. Ik hoop dat zij in dat dossier haar rol
speelt. Als de slotsom echter is dat een internationaal voetbalstadion
niet in Brussel maar daarbuiten wordt gebouwd, met de verhuis van
Anderlecht uit Brussel en de verfransing van de samenleving in
Grimbergen als gevolgen, dan snijdt u als Vlaming in uw eigen vlees.
U snapt toch dat zelfs uw eigen partij daarmee niet gediend is. Het
gaat vooral om politieke wil. Ik heb de indruk dat men in Brussel de
zaken jarenlang, of nog langer, heel bewust heeft verminkt en dat
men heeft geprobeerd te verhinderen dat het Schaarbeek-Vorming
zou worden, omdat het op de Heizel een stuk gemakkelijker is. Er zijn
immers ook commerciële belangen mee gemoeid, met name een
aantal promotoren en vastgoedspeculanten. Met wie ik er ook over
spreek, ik hoor altijd opnieuw dat er zeer veel geld mee gemoeid is en
dat een aantal financiële partners het liever op de Heizel heeft en wel
om verschillende redenen. Alleen al op verkeerstechnisch vlak zult u
voor een ramp zorgen door daar een centrum te plaatsen dat dubbel
zo groot is als Wijnegem. U zult een totale blokkering van de Ring op
uw geweten hebben.
Het is volgens mij vooral een zaak van politieke wil, transparantie en
dossierkennis. Blijkbaar hebt u de studies nog niet gelezen. Er is door
Brussel een onderzoek gedaan met betrekking tot Schaarbeek-
Vorming. Trek dat naar u toe en bezorg ons dat, zodat wij daarvan
kennis kunnen nemen. Bekijk het ook eens financieel. Wat wil de
federale overheid tussen nu en 2018 daartegenover stellen? Zo
kunnen wij u daarover grondiger interpelleren en bent u de volgende
keer beter voorbereid als u een interpellatie krijgt.
U hebt immers op de meeste vragen niet geantwoord en een grote
paraplu opengetrokken. Ik heb in elk geval een motie ingediend om u
uitdrukkelijk te vragen dit nieuwe voetbalstadion als het er komt in
te planten nabij ik zeg dus niet vlakbij een spoorwegsite in
Brussel, met voorkeur voor Schaarbeek-Vorming. Als er inderdaad
02.10 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): À Bruxelles, le dossier a
été délibérément maquillé pendant
des années pour éviter que le site
de Schaerbeek-Formation soit
retenu. Le Heysel est choisi pour
quantité de raisons ce dossier
comporte
d'importants
enjeux
commerciaux alors que ce choix
contribuera à congestionner le
trafic sur le ring.
Il s'agit dès lors surtout d'une
question de courage politique, de
transparence et de connaissance
du dossier. Je propose que le
ministre se charge du dossier, qu'il
lise attentivement les études
parues à ce propos et examine
l'aspect financier. J'espère qu'il
pourra ainsi mieux répondre à nos
prochaines interpellations.
Par ma motion, je demande que le
stade de football soit situé près
d'un site ferroviaire bruxellois et
j'ai
une
préférence
pour
Schaerbeek-Formation.
Techniquement, le sous-sol peut
parfaitement être stabilisé à cet
endroit.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
wat ondergrond moet worden gestabiliseerd, is dat technisch goed
mogelijk; dat weet u zeer goed.
02.11 Eerste minister Yves Leterme: U weet dat allemaal?
02.11 Yves Leterme, premier
ministre:
M.
Laeremans
est
évidemment au courant de tout.
02.12 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Heel Brussel is gebouwd
op een moeras; dat weet u toch ook.
02.13 Eerste minister Yves Leterme: U bent ongelofelijk uit uw nek
aan het kletsen. Wij kennen elkaar al een jaar of tien. Ik apprecieer
uw rol in de oppositie, maar nu bent u werkelijk onzin aan het
verkopen, gewoon om uw interpellatie recht te houden. U doet hier
uitspraken over de bodemgesteldheid van een gebied als
Schaarbeek-Vorming. Het Parlement verdient beter. Maak uw zinnen
af. Wij gaan naar het volgende thema.
02.13 Yves Leterme, premier
ministre: Je crains qu'il affirme
n'importe quoi pour pouvoir donner
un
peu
de
poids
à
son
interpellation.
02.14 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Ik zal afronden, maar dat
vind ik wel bijzonder grof, mijnheer de eerste minister.
02.15 Eerste minister Yves Leterme: Ik mag hier ook nog mijn
gedacht zeggen.
02.16 Bart Laeremans (Vlaams Belang): U mag uiteraard uw
gedacht zeggen, maar men kan met de huidige technieken zeer veel
oplossen wat de bodemgesteldheid betreft. Ik heb de indruk dat dit
erbij wordt gesleurd om de stok te vinden om de hond te slaan en te
vermijden dat het Schaarbeek wordt. Het is vooral een kwestie van
timing. Wie ben ik, als uiteindelijk de minister-president van Brussel
zelf zegt dat Schaarbeek-Vorming wel kan, maar dat men om een
voorsprong te nemen op Vlaanderen, een stuk in Vlaanderen kiest.
Daarover gaat het: het is een kwestie van timing. Schaarkbeek-
Vorming zou langer duren vanwege het droogleggen, stabiliseren en
saneren. Dat is de reden. Het is een kwestie van tijd.
Ik vraag dat u daar politieke wil en desnoods ook de middelen
tegenover zou plaatsen. U kunt Brussel en de gemeenschap veel
meer van dienst zijn, als u het plaatst op een locatie die voor Brussel
ook nog enige baat bijbrengt en niet zorgt voor een totaal
verkeersinfarct in de Rand.
Ten slotte, wij eisen via de motie absolute transparantie in dit dossier
en een objectief onderzoek. Ik hoop dat u alle documentatie die u
daarover opvraagt, ook aan het Parlement bezorgt en dat u de
volgende keer het Parlement beter kunt voorlichten dan in wollige
algemeenheden te blijven hangen.
02.16 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): C'est essentiellement une
question de timing. Les travaux de
construction
dureront
plus
longtemps
sur
le
site
de
Schaerbeek-Formation en raison
de la nécessité d'y assécher et d'y
stabiliser les sous-sols. Ce site est
toutefois
préférable
car
il
permettra d'éviter des situations
totalement chaotiques sur le plan
de la circulation routière.
Par ma motion, je demande
également une transparence totale
dans ce dossier et je demande
qu'il soit l'objet d'un examen
objectif.
Moties
Motions
Tot besluit van deze bespreking werden volgende moties ingediend.
En conclusion de cette discussion les motions suivantes ont été déposées.
Een motie van aanbeveling werd ingediend door de heren Koen Bultinck en Bart Laeremans en luidt als
volgt:
"De Kamer,
gehoord de interpellatie van de heer Bart Laeremans
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
en het antwoord van de eerste minister,
vraagt de regering
- alles in het werk te stellen opdat het nieuwe nationale voetbalstadion wordt gebouwd nabij een
spoorwegstation in Brussel, met voorkeur voor de site van Schaarbeek-Vorming;
- om alle opties voor een mogelijke inplanting in de Vlaamse Rand bij voorbaat uit te sluiten;
- in dit dossier maximale transparantie aan de dag te leggen en beroep te doen op objectief onderzoek."
Une motion de recommandation a été déposée par MM. Koen Bultinck et Bart Laeremans et est libellée
comme suit:
"La Chambre,
ayant entendu l'interpellation de M. Bart Laeremans
et la réponse du premier ministre,
demande au gouvernement
- de tout mettre en oeuvre pour que le nouveau stade de football national soit construit à proximité d'une
gare ferroviaire à Bruxelles et, de préférence, sur le site de Schaerbeek-Formation;
- d'exclure d'emblée toutes les options visant une implantation éventuelle dans la périphérie flamande;
- de faire preuve d'une transparence maximale dans ce dossier et de recourir à des études objectives."
Een eenvoudige motie werd ingediend door de heren Jean-Luc Crucke en Yvan Mayeur.
Une motion pure et simple a été déposée par MM. Jean-Luc Crucke et Yvan Mayeur.
Over de moties zal later worden gestemd. De bespreking is gesloten.
Le vote sur les motions aura lieu ultérieurement. La discussion est close.
03 Question de M. Philippe Henry au premier ministre sur "les efforts européens de réduction de CO
2
03 Vraag van de heer Philippe Henry aan de eerste minister over "de Europese inspanningen om de
CO
2
-uitstoot terug te dringen" (nr. 6267)
03.01 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le président,
monsieur le premier ministre, vous le savez, le transport, en particulier
le transport de personnes, est l'un des plus gros émetteurs de gaz à
effet de serre qui ne cessent d'augmenter. Dans ce contexte et dans
le cadre des engagements européens et belges en matière de climat,
il nous paraît important qu'il y ait des engagements forts dans ce
secteur.
Des discussions relatives aux premières normes d'émission de CO
2
pour les véhicules personnels ont eu lieu au niveau de l'Union
européenne. Ces normes ont été présentées en décembre dernier et
visaient initialement à atteindre les objectifs obligatoires de
120 gCO
2
/km. C'est dès lors, avec un certain étonnement, que nous
avons lu dans la presse qu'Angela Merkel et Nicolas Sarkozy ont
annoncé, le 9 juin dernier, après que d'autres premières annonces
aient été faites, un accord entre eux concernant les émissions allant
jusque 138 g!
Par ailleurs, on peut craindre que l'objectif de réduction, même revu à
la baisse, ne soit pas atteint pour 2012, car l'objectif ne serait appliqué
que progressivement à l'ensemble de la flotte. Il faudrait introduire un
système de pénalités dissuasives pour que les constructeurs
respectent les nouvelles normes, là où la France et l'Allemagne se
sont apparemment accordées pour différencier le montant des
sanctions. Un léger dépassement de la norme ne serait dès lors que
faiblement pénalisé.
Il y a aussi l'objectif à long terme de 2020. On parle désormais d'une
03.01 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): De CO
2
-uitstootnormen
voor personenwagens werden op
het Europese niveau besproken.
In december werd 120 gram CO
2
per kilometer als doelstelling
vooropgesteld. Groot was dan ook
de verbazing toen Angela Merkel
en Nicolas Sarkozy op 9 juni
jongsleden meedeelden dat ze
een akkoord hadden bereikt over
een norm tot maximum 138 gram.
Overigens valt te vrezen dat die
doelstelling tegen 2012 niet zal
worden gehaald. De norm zou
immers slechts geleidelijk worden
uitgebreid tot het hele wagenpark
en op lichte overtredingen staan
slechts beperkte straffen.
Op langere termijn heeft men het
voortaan over 95 tot 110 gram
CO
2
per kilometer tegen 2020,
terwijl het Europees Parlement 95
gram had voorgesteld. In het
Frans-Duitse akkoord wordt echter
een ruimere marge voorgesteld,
terwijl
het
Europees
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
fourchette de 95 à 110 gCO
2
/km, alors que le Parlement européen
avait déjà proposé précédemment 95 g. Dans cet accord franco-
allemand, la fourchette est à nouveau beaucoup plus grande,
supérieure à celle proposée par l'Agence européenne de
l'environnement qui estime qu'il faut se doter d'une limitation de 80 à
95 gCO
2
/km pour réussir à atteindre les réductions d'émission
souhaitées.
Cet accord franco-allemand provient bien entendu du souci de
sauvegarder leur industrie automobile. Cependant, le fait que ce type
d'accord puisse s'imposer en dehors des instances européennes me
semble être un problème majeur!
Monsieur le premier ministre, cela fait plusieurs semaines que j'ai
introduit ma question mais il me semble que le dossier n'a pas
énormément évolué. De quelle manière la Belgique et vous-même
comptez-vous vous inscrire dans ce débat face à ces ententes
bilatérales parallèles aux discussions des instances européennes?
Avez-vous déjà eu des contacts avec les partenaires européens à ce
sujet? Quel objectif la Belgique défendra-t-elle en 2012 et en 2020?
Enfin, avez-vous déjà eu l'occasion de réagir à cette annonce franco-
allemande?
Milieuagentschap een marge van
80 tot 95 gram CO
2
per kilometer
aanbeveelt.
Met het Frans-Duitse akkoord wil
men de nationale auto-industrieën
veiligstellen. Dat zo een akkoord
doorgang kan vinden buiten de
Europese instanties om lijkt me
een ernstig probleem.
Wat is het Belgische standpunt en
wat is uw reactie ten aanzien van
die bilaterale afspraken, parallel
met de besprekingen in de
Europese instanties?
Heeft u daarover contacten gehad
met onze Europese partners?
Welke doelstelling zal België
verdedigen voor 2012 en in 2020?
Tot slot, heeft u gereageerd op die
Frans-Duitse aankondiging?
03.02 Yves Leterme, premier ministre: Monsieur Henry, en ce qui
concerne votre dernière question, je vous renverrai aux collègues
compétents en la matière qui oeuvrent dans leur Région et qui,
parfois, prennent la parole dans des Conseils européens au nom de
la Belgique.
Tout d'abord, je dirai que pour 2005, le transport a été responsable de
18% des émissions de gaz à effet de serre. Ce chiffre connaît une
forte évolution à la hausse. La construction est en outre responsable
de 22% des émissions, chiffre également en forte augmentation. De
sérieux efforts seront donc consentis dans ces deux secteurs si nous
voulons atteindre des objectifs de réduction des normes non ETS, soit
ce qui est en dehors du European Trading System.
Pour la Belgique, l'objectif en matière de normes non ETS est
d'atteindre pour 2020 une réduction de 15% par rapport à 2005. Le
projet de règlement de la Commission européenne concernant le CO
2
et les automobiles, qui présente pour la première fois un objectif
contraignant pour le secteur de l'automobile, peut naturellement
représenter une importante avancée dans ce domaine.
En ce qui concerne l'objectif de 120 gCO
2
/km, la Belgique continuera
à poursuivre l'objectif contraignant en question. Elle soutient pour cela
une approche intégrée consistant à atteindre un objectif de 120 g/km
au moyen de la technologie du moteur et de 10 g supplémentaires par
le biais de mesures prises sur la base d'une liste non exhaustive
(climatisation, pression des pneus, etc.). Nous avons invité la
Commission européenne à apporter rapidement la clarté sur lesdites
mesures.
En ce qui concerne les amendes, la Belgique est favorable à une
amende réelle, proportionnelle, dissuasive. L'expérience acquise dans
d'autres dossiers montre que les amendes lourdes ne permettent pas
forcément d'atteindre l'effet visé. La Belgique peut, en principe,
03.02 Eerste minister Yves
Leterme: In 2005 was vervoer
goed voor 18 procent van de
uitstoot van de broeikasgassen,
een cijfer dat sterk is gestegen. Er
moeten dus ernstige inspanningen
geleverd worden indien we de
doelstellingen
inzake
de
vermindering van de niet-ETS-
normen
(European
Trading
System) willen halen.
Voor België bestaat de doelstelling
er inzake niet-ETS normen in
tegen 2020 een daling van 15
procent ten opzichte van 2005 te
halen. De ontwerpverordening
van de Europese Commissie
betreffende de CO
2
-uitstoot en de
personenwagens, die voor het
eerst dwingend zou zijn, kan
natuurlijk een grote stap vooruit
betekenen.
België zal de verplichte doelstelling
van
120g
C0
2
/km
blijven
verdedigen.
We
hebben
de
Commissie
gevraagd
haar
standpunt over die maatregelen op
korte termijn toe te lichten.
België is voorstander van boetes
die ontradend werken. De
ervaring leert dat zware boetes
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
marquer son accord quant à une approche en plusieurs phases du
système d'amendes. Le plus important est de garantir l'efficacité
maximale du système, l'objectif n'étant pas de générer des revenus.
En ce qui concerne l'objectif à long terme, afin d'offrir au secteur une
sécurité juridique concernant les investissements ainsi qu'une clarté
en matière d'emploi, nous sommes favorables à un objectif à long
terme après 2012. Quant au niveau d'un tel objectif, nous insistons
pour que la Commission européenne fixe les chiffres aussi
rapidement que possible sur la base d'une analyse d'impact détaillée.
Vous avez parlé de la confiscation présumée du dossier par la France
et l'Allemagne. À ce sujet, je peux uniquement affirmer que le
gouvernement belge tient à respecter la méthode communautaire et
est, comme toujours, partisan d'un consensus aussi large que
possible parmi les États membres de l'Union européenne sur la base
des propositions concrètes de la Commission européenne.
Je vous renvoie à la discussion circonstanciée entre les ministres du
Conseil de l'Environnement du 5 juin 2008. Au cours de ce Conseil, la
Belgique a insisté pour que la clarté soit rapidement faite en ce qui
concerne l'objectif à long terme sur la base d'une analyse d'impact
détaillée. La Commission européenne a déclaré étudier comment elle
pourra intégrer cela dans ses propositions. Selon moi, cela peut être
considéré comme un accomplissement majeur de la réunion du
Conseil où siègent 27 États membres. Je crois qu'il en découle la
preuve que la méthode communautaire fonctionne effectivement. Je
n'ai observé à ce sujet aucune paralysie. Nous espérons qu'un accord
tenant compte des diverses problématiques écologiques, sociales et
économiques pourra rapidement être atteint.
Je vous rejoins dans votre analyse pour dire qu'il n'y a pas de temps à
perdre à ce sujet.
niet noodzakelijk het gewenste
resultaat opleveren. België kan in
principe zijn instemming betuigen
met een gefaseerde invoering van
het boetesysteem. Het komt er op
aan de efficiëntie van het systeem
te waarborgen, niet inkomsten te
genereren.
Teneinde
de
sector
enige
zekerheid op het vlak van
investeringen en werkgelegenheid
te bieden, pleiten wij voor een
langetermijndoelstelling.
In verband met de vraag of
Frankrijk en Duitsland het dossier
niet naar zich toe zouden
getrokken hebben, is de Belgische
regering zoals altijd voorstander
van een zo ruim mogelijke
consensus onder de Lidstaten.
Tijdens de discussie tussen de
ministers van de Raad Leefmilieu
op 5 juni 2008 drong België erop
aan dat er snel klare wijn zou
worden
geschonken
met
betrekking
tot
de
langetermijndoelstelling, en dit op
grond van een gedetailleerd
onderzoek. Ik ben de mening
toegedaan dat de communautaire
methode feitelijk werkt. Wij hopen
dat er nu snel een akkoord komt
dat
rekening
houdt
met
ecologische,
sociale
en
economische aspecten.
03.03 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le premier ministre,
je vous remercie pour votre réponse on ne peut plus diplomatique.
Bien entendu, vous partagez certains des objectifs. Tant mieux!
Néanmoins, un problème se pose quand deux grandes puissances
font des annonces médiatiques, alors que la discussion est
précisément en cours. Si vous respectez les discussions
communautaires, la France et l'Allemagne ont visiblement choisi de
ne pas les respecter et de faire, dans leur propre chef, des annonces
importantes. Cette façon de procéder devra être déplorée lors des
contacts européens, car de toute évidence les grandes décisions se
préparent et ne se discuteront pas au moment des Conseils
européens finaux.
Pour le reste, vous dites qu'il y a urgence. Effectivement! De mon
côté, j'ai été fortement déçu par la faiblesse des annonces faites ce
matin dans le cadre du Printemps de l'environnement, notamment sur
les questions de mobilité.
Par ailleurs, vous dites que la position relayée par Mme Crevits
renvoyait à une étude d'impact. Je ne peux m'opposer au principe
03.03 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Er rijst wel degelijk een
probleem wanneer twee grote
mogendheden zaken aankondigen
terwijl
de
communautaire
bespreking juist aan de gang is.
Het is duidelijk dat men de grote
beslissingen aan het voorbereiden
is en dat die niet besproken zullen
worden wanneer de Europese
raden
uiteindelijk
zullen
plaatsvinden.
U zegt anderzijds dat er een
effectenstudie
moet
worden
uitgevoerd
ten
einde
de
langetermijndoelstelling vast te
leggen. Ik ben niet tegen het
principe van een studie gekant
maar het is ook laten we eerlijk
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
d'une étude d'impact. C'est aussi ne soyons pas dupes!
l'argument qui est constamment utilisé pour savoir si nous devons
nous fixer un objectif ambitieux. Certes, il y a des impacts et à un
moment donné, il faut faire un choix politique. Si on veut vraiment qu'il
y ait une baisse des émissions de CO
2
dans le transport, il est
nécessaire de fixer des échéances raisonnables à la prise de
mesures sérieuses, qui auront bien entendu un impact. Ce sera une
question de choix politique, étude ou pas! J'espère qu'au cours des
prochaines réunions, nous ne serons pas davantage déçus par
l'évolution des chiffres à la hausse des normes annoncées à la fois en
2012 et en 2020.
zijn het argument dat constant
gebruikt wordt om te voorkomen
dat er een ambitieuze doelstelling
wordt vooropgesteld. Indien men
de CO
2
uitstoot van het vervoer
echt wil verminderen moeten er
redelijke
termijnen
worden
vastgesteld voor het nemen van
ernstige
maatregelen,
die
natuurlijk gevolgen zullen hebben.
Dat is een politieke keuze, of er nu
studies worden uitgevoerd of niet.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
04 Questions jointes de
- M. Yvan Mayeur au premier ministre sur "le système d'indexation" (n° 6366)<br>- M. Yvan Mayeur au premier ministre sur "l'inflation galopante que connaît la Belgique ces derniers
mois" (n° 6527)</b>
04 Samengevoegde vragen van
- de heer Yvan Mayeur aan de eerste minister over "het indexeringssysteem" (nr. 6366)
- de heer Yvan Mayeur aan de eerste minister over "de sterk oplopende inflatie van de jongste
maanden in België" (nr. 6527)
04.01 Yvan Mayeur (PS): Monsieur le président, ces questions ont
été jointes car, bien qu'elles aient été écrites à des moments
différents, elles portent sur le même objet.
L'inflation dans la zone euro est élevée, mais en Belgique, elle est
supérieure à la moyenne européenne. Lorsque ma question fut
rédigée, nous en étions à 5,1% de taux d'inflation. Chaque jour
davantage, cette situation se dégrade et érode le pouvoir d'achat de la
population. En effet, les produits de consommation de base - tels que
les aliments -, le transport en règle générale, le logement subissent la
hausse de prix la plus importante, puisque l'on parle de près de 6%
d'inflation pour ces biens.
Ce ne sont pas des produits de luxe qui sont touchés, mais des biens
essentiels. En revanche, les produits de luxe ou moins directement
vitaux ont vu leur prix croître de façon moins importante ces derniers
mois.
Beaucoup de gens s'inquiètent de cette évolution, et pas seulement
dans notre pays. Des manifestations ont été organisées par les
syndicats et diverses catégories socioprofessionnelles des camions,
des taxis et des tracteurs ont ainsi embouteillé Bruxelles.
Il nous paraît fondamental que le gouvernement puisse garantir que
des réponses structurelles soient maintenues pour répondre aux
besoins de la population. Parmi ces réponses, l'une nous semble
essentielle: je veux parler du maintien de l'index. J'ai déjà eu
l'occasion de vous interroger, lors d'une question d'actualité, sur la
position du gouvernement envers l'indexation de salaires telle qu'elle
est appliquée dans notre pays. Vous m'avez répondu très
correctement que le gouvernement considérait l'index comme un
élément crucial de notre fonctionnement social qui devait être
préservé.
04.01 Yvan Mayeur (PS): Deze
vragen handelen over hetzelfde
onderwerp,
hoewel
ze
op
verschillende tijdstippen werden
opgesteld.
De inflatie in België ligt hoger dan
het Europese gemiddelde. En het
zijn
de
prijzen
van
de
basisproducten die het sterkst
stijgen.
Volgens
ons
is
het
van
fundamenteel belang dat de
regering structurele antwoorden
biedt op de behoeften van de
bevolking. Het behoud van de
index lijkt ons een essentiële
maatregel. Op een van mijn
actualiteitsvragen
over
het
standpunt van de regering inzake
de indexering van de lonen
antwoordde u mij dat de regering
de
index als
een cruciaal
onderdeel
van
ons
sociaal
systeem beschouwt en dat die dus
behouden moet blijven.
Intussen is er een en ander
gebeurd. De heer Trichet heeft
onder meer verklaringen afgelegd.
Ook de heer Quaden heeft een
persoonlijke verklaring afgelegd
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
Entre-temps, plusieurs événements se sont produits. Il y a notamment
eu les déclarations de M. Trichet de la Banque centrale européenne
ainsi qu'une déclaration à titre personnel de M. Quaden, qui n'était
d'ailleurs pas la première. Intervenir à titre personnel lors d'une
conférence de presse à la Banque Nationale, qu'est-ce que cela
signifie lorsque l'on est gouverneur de la Banque Nationale? M.
Quaden pose la question de savoir si un salaire de 1.000 euros doit
être indexé de la même manière qu'un salaire de 5.000 euros, alors
que le but de ce système d'indexation est de s'assurer que tous les
ménages puissent avoir accès aux produits de première nécessité.
C'est une question que l'on peut éventuellement poser en ce moment
aux étudiants d'université, qui n'ont pas encore terminé leur session
d'examens. Mais, provenant d'un gouverneur de la Banque Nationale,
cette question est un peu étonnante! En l'occurrence, il devrait
s'appliquer cette question à lui-même. Je serais intéressé de
connaître sa réponse.
Au-delà des efforts qu'il pourrait faire à titre personnel, ce qui
m'inquiète, ce sont ces déclarations récurrentes lors de la réunion des
ministres des Finances européens ainsi que celles de MM. Quaden et
Trichet. Tout cela exerce une pression sur notre système d'indexation
des salaires. Or, nous savons que le système d'indexation n'est pas
une réponse automatique et intégrale à l'inflation. C'est une réponse
nuancée à l'augmentation du coût de la vie. Nous avons d'ailleurs
déjà réformé l'index au cours des dernières années.
Étonnamment, certaines études ont tenté de démontrer que les
produits étaient plus chers à une certaine époque qu'aujourd'hui.
Dans le journal "Le Soir", j'ai lu que si l'on compare les années 1983-
1988 et 2008, on constate que la situation en 2008 est meilleure
qu'entre 1983 et 1988 pour toute une série de produits. Ce sont les
années prises comme références par cette étude.
C'est intéressant dans le cadre de ma question. Pourquoi? Parce que
les années 1983 à 1988 sont les années Martens-Gol, ce sont les
années où l'on a supprimé l'indexation des salaires. Aujourd'hui, en
2008, nous n'avons pas fait cela.
Effectivement et ceci était l'objet de l'étude -, comparé au salaire
moyen, entre 1983 et 1988, puisqu'il n'y avait plus d'indexation, le coût
de la vie était plus cher, comparativement à aujourd'hui où l'indexation
permet quelque peu de corriger la situation par rapport à la situation
d'inflation dans laquelle nous nous trouvons. Cela l'étude ne le précise
pas mais je pense qu'il est intéressant de le signaler et de le
constater.
Je voudrais donc une fois de plus vous demander quelle est l'intention
du gouvernement quant à l'index. Quelle est votre volonté quant au
fait de le maintenir comme système essentiel dans notre structure
sociale et dans notre fonctionnement social? Je sais que je vous ai
déjà posé cette question mais, entre-temps, des déclarations ont été
faites. Suite à ces déclarations, je voudrais avoir une confirmation du
point de vue du gouvernement.
waarin hij de vraag stelde of een
loon van 1.000 euro op dezelfde
manier geïndexeerd moet worden
als een loon van 5.000 euro. Uit de
mond van een gouverneur van de
Nationale Bank, wekt die vraag
toch enigszins verbazing. Ik ben
benieuwd naar zijn antwoord.
Die
almaar
terugkerende
verklaringen op de bijeenkomst
van de Europese ministers van
Financiën en de verklaringen van
de heer Quaden en de heer
Trichet
wegen
op
ons
loonindexeringssysteem.
Verbazingwekkend genoeg heeft
men
met
bepaalde
studies
trachten aan te tonen dat de
producten in andere tijden duurder
waren dan vandaag het geval is.
Zodoende vergelijkt "Le Soir" de
jaren 1983-1988 met het jaar 2008
en stelt vast dat de situatie in 2008
voor een heel deel producten
gunstiger uitvalt.
In de periode van 1983 tot 1988
de jaren waarin de regering-
Martens-Gol aan het bewind was
heeft men de indexering van de
lonen afgeschaft. De kosten van
levensonderhoud lagen hoger dan
het gemiddeld loon. Vergeleken
met die periode, zorgt de
indexering vandaag nog enigszins
voor een correctie. Nogmaals dus,
wat is de regering van plan wat
betreft het behoud van de index
als essentieel onderdeel van onze
sociale structuur? Ik heb u deze
vraag
reeds
gesteld,
maar
intussen werden er verklaringen
afgelegd naar aanleiding waarvan
ik het standpunt van de regering
graag bevestigd had gezien.
04.02 Yves Leterme, premier ministre: Monsieur le président,
monsieur Mayeur, d'une part, en ce qui concerne l'inflation, le chiffre
qui a été fourni par le SPF Économie la semaine passée démontre en
04.02 Eerste minister Yves
Leterme: De FOD Economie heeft
vorige week aangekondigd dat de
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
effet que l'évolution des prix sur base annuelle est à la hausse.
L'inflation atteint à l'heure actuelle 5,8%. C'est une mauvaise nouvelle.
D'autre part, la semaine passée, dans le même bulletin, il y avait deux
nouvelles plutôt positives. D'abord, tous les spécialistes sont d'accord
de dire et on le voit dans les graphiques que le sommet de
l'augmentation doit être atteint. Ils prévoient, y compris M. Quaden qui
a fait des prévisions à cet égard, un ralentissement à partir du mois
d'août ou du mois de septembre. Ensuite, cette augmentation était
totalement due à l'évolution des coûts du transport et de l'énergie. Au
niveau des produits alimentaires, on constate un très légère baisse,
ce qui est positif puisque l'alimentation est essentielle.
En ce qui concerne la politique générale du gouvernement, je
voudrais rappeler ce que j'ai dit en séance plénière. L'approche du
gouvernement, qui a d'ailleurs été louée au Conseil européen il y a
deux semaines, est de défendre le système, typiquement belge j'en
conviens, d'adaptation des salaires et des allocations à l'évolution de
l'inflation comme cela a été convenu entre les partenaires sociaux. La
plupart des entreprises qui font partie d'une commission paritaire
connaissent un système d'indexation automatique. Les partenaires
sociaux (syndicats et fédérations d'employeurs) ont décidé de mettre
ce système en place. C'est un élément stabilisateur dans les relations
socio-économiques du pays. Le principe d'un système d'indexation
est au centre de nos préoccupations, raison pour laquelle, chaque
collègue, au sein de chaque réunion européenne, a défendu cette
position, y compris M. Reynders lorsqu'il s'est agi d'en débattre à
l'Eurogroupe il y a environ un mois.
Il y donc, d'une part, la défense du système d'adaptation des salaires
et des allocations à l'évolution des prix et, d'autre part, un effort
particulier pour les revenus faibles voire très faibles. C'est la raison
pour laquelle, sous l'impulsion de tous les groupes parlementaires de
la majorité, le gouvernement a décidé d'augmenter à partir du
1
er
juillet les petites pensions, certaines allocations et les revenus des
malades chroniques, de faire un effort particulier en matière de
quotité exonérée d'IPP en l'augmentant de 240 ou de 260 euros, ce
qui représente 60 euros avec le barème de 25%. Ce ne sont que
60 euros mais cela compte, surtout pour des personnes ayant de très
faibles revenus.
D'une part, la défense d'une adaptation des salaires et des allocations
à l'évolution des prix, d'une manière ou d'une autre et, d'autre part, un
effort budgétaire particulier pour les petits revenus: telle est la ligne du
gouvernement adoptée il y a deux ou trois mois avec la déclaration
gouvernementale. C'est la ligne de conduite du gouvernement dans
les semaines qui viennent, pour le 15 juillet et l'ajustement et le
contrôle budgétaires tout comme pour le budget pluriannuel. Les
partenaires sociaux prendront leurs responsabilités lors des
discussions sur l'évolution de la norme salariale et l'application de la
loi de 1996 sur la base de l'avis du Conseil central de l'économie.
Je réitère et je confirme notre position et notre stratégie en termes de
politique de pouvoir d'achat. En guise de conclusion, je voudrais
ajouter que l'État ne gagne rien à la hausse des prix et qu'on ne peut
pas tomber dans la démagogie en donnant l'impression que le
gouvernement peut compenser à lui seul la perte de pouvoir d'achat
due à l'augmentation du prix du baril de pétrole et des autres produits
inflatie vandaag 5,8 percent
bedraagt. Dat is slecht nieuws. Hij
deelt daarnaast ook mee dat de
maximale stijging bereikt moet zijn
en dat deze stijging volledig te
wijten is aan de evolutie van de
vervoer- en energiekosten. Voor
de prijs van de voedingsproducten
wordt
een
lichte
daling
opgetekend.
De regering verdedigt het systeem
van de aanpassing van wedden en
uitkeringen aan de evolutie van de
inflatie dat met de sociale partners
werd
overeengekomen.
De
meeste ondernemingen die onder
een paritair comité ressorteren,
passen
deze
indexering
automatisch toe. Het is een
element
dat
de
sociaaleconomische relaties van
het land stabiliseert.
We houden aan het principe van
een indexeringssysteem. Elke
collega heeft dit standpunt op elke
Europese vergadering verdedigd,
ook de heer Reynders toen het
onderwerp ongeveer een maand
geleden in de Eurogroep ter
sprake kwam.
Bovendien werd voor de lage en
zelfs de laagste inkomens een
bijzondere inspanning gedaan..
De sociale partners zullen hun
verantwoordelijkheid
opnemen
tijdens de besprekingen over de
evolutie van de loonnorm en de
toepassing van de wet van 1996
aan de hand van het advies van
de Centrale Raad voor het
Bedrijfsleven.
Ik herhaal en bevestig ons
standpunt en onze strategie in
termen van koopkrachtbeleid.
De overheid heeft geen belang bij
de prijsstijgingen en we mogen
niet vervallen in demagogie door
de indruk te wekken dat de
overheid op eigen houtje het
verlies aan koopkracht als gevolg
van de stijgende prijs voor een vat
olie en andere olieproducten kan
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
pétroliers.
compenseren.
04.03 Yvan Mayeur (PS): Monsieur le président, je partage les
propos tenus par M. le premier ministre. Je suis plutôt satisfait de sa
réponse. Cependant, j'éprouve un doute par rapport à un élément,
mais j'irai consulter le rapport du SPF Économie, qui indique une
baisse des prix de l'alimentation.
04.04 Yves Leterme, premier ministre: (...)
04.05 Yvan Mayeur (PS): Oui! J'irai quand même examiner les
produits de référence sélectionnés, car cela me paraît...
04.06 Yves Leterme, premier ministre: Ce sont les produits
habituels!
04.07 Yvan Mayeur (PS): Ce n'est en tout cas pas ce que
ressentent les personnes qui font habituellement leurs courses ces
derniers mois!
Je voudrais vous faire part de mon inquiétude. À un moment donné,
sur pression de l'Europe, certains émettent l'idée de prendre, par
exemple, une mesure fiscale qui intéresserait tout un chacun ce, en
vue de remplacer l'indexation de 2%. On pourrait, dès lors, supprimer
l'index au profit d'une mesure fiscale qui serait bien présentée, bien
habillée tout en expliquant aux citoyens qu'il s'agit d'une mesure
équivalente.
Si cette idée trotte dans la tête des responsables des finances de ce
pays, en particulier du ministre des Finances, cette mesure s'avérerait
des plus inopportunes. En effet, il s'agirait d'une mesure "one shot":
on supprimerait une fois l'indexation pour la remplacer par une
ristourne fiscale dans un premier temps et l'année suivante, voire
deux ou trois ans plus tard, nous serions de nouveau face à une
problématique d'augmentation du coût de la vie et le système
d'indexation ne fonctionnerait plus.
L'Europe serait ainsi satisfaite de même que ceux qui croient que, par
cette mesure d'ordre fiscal, on résoudrait les problèmes dans un
premier temps. Je crains qu'on ne nous avance une idée "géniale" au
travers de l'impôt pour, malgré tout, donner satisfaction aux instances
européennes. Telle est ma crainte! Et la conjonction de tous ces
intervenants extérieurs qui ne sont quand même pas mineurs
m'inquiète, mais je suis satisfait que la réponse du gouvernement va
dans le sens de ce que souhaitons évidemment.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
05 Question de M. Georges Gilkinet au premier ministre sur "l'attribution aux associations des aides
05 Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de eerste minister over "de ondersteuning van het
verenigingsleven door de Nationale Loterij" (nr. 6618)
05.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le premier
ministre, je vous prie de m'excuser en vous posant une question qui
n'est pas directement de votre ressort, puisque c'est M. Reynders qui
est compétent pour la Loterie Nationale. Je vous interroge aujourd'hui
05.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): De beslissing van de
regering met betrekking tot de
toewijzing van de steun van de
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
en votre qualité de chef d'équipe.
La décision gouvernementale relative à l'affectation des aides de la
Loterie Nationale est habituellement prise au mois de mars. Or, la
semaine dernière, il n'y avait toujours eu aucune décision.
Néanmoins, peut-être allez-vous nous communiquer une bonne
nouvelle. Nous sommes au mois de juillet, et plusieurs associations
actives dans de nombreux domaines attendent toujours.
La semaine dernière, M. Reynders nous a expliqué ce retard par un
désaccord sur les montants à attribuer et sur les enveloppes propres
à chaque ministre, le caractère récurrent ou non de telle aide, les
marges de manoeuvre pour de nouvelles actions, la station polaire,
les dépenses de prestige, la Régie des Bâtiments, etc. Cette
explication m'a intéressé, mais il importe surtout de trouver une
solution.
C'est pourquoi je souhaitais interroger le chef de l'équipe
gouvernementale pour voir où en est le dossier.
Monsieur le premier ministre, pouvez-vous nous dire quelle est
l'évolution du dossier? Des négociations ont-elles eu lieu depuis la
semaine dernière?
Comment se présente le problème, selon vous?
Quand pensez-vous que le dossier sera débloqué?
Comment comptez-vous aboutir à une solution? Comme je le
demandais en guise de clin d'oeil à M. Reynders, allez-vous insérer
les subsides de la Loterie Nationale dans le paquet du 15 juillet?
Nationale Loterij wordt gewoonlijk
in de maand maart genomen.
Verleden week was er nog steeds
geen
beslissing
genomen.
Verleden woensdag heeft minister
Reynders ons uitgelegd dat die
vertraging te wijten is aan een
onenigheid over de toe te kennen
bedragen en de enveloppes eigen
aan iedere minister.
Hoe evolueert dit dossier? Werd er
onderhandeld
sinds
verleden
week? Wanneer denkt u dat het
dossier zal gedeblokkeerd zijn?
Hoe denkt u een oplossing te
vinden?
05.02 Yves Leterme, premier ministre: Monsieur Gilkinet, dans la
législature précédente, il y avait des ministres socialistes qui étaient
responsables et qui parfois ont des problèmes de mémoire - des
décisions concernant l'attribution des profits de la Loterie Nationale.
Celles-ci étaient prises au mois de juin et même juillet. L'année
passée, on a pris ces décisions au mois de mars. Ce qui peut-être est
à mettre en lien avec une annonce pour certaines associations et qui
aurait pu avoir un effet bénéfique lors des élections. Je suis sans
doute un peu malveillant mais j'ai le sentiment que cela a eu un
impact.
Cette année beaucoup de nouvelles demandes ont été introduites,
bien que le montant à répartir reste inchangé. La tendance serait
même à la baisse. Nous travaillons dans le but de trouver un accord
rassemblant toutes les parties. Ce n'est pas simple, nous essayons
de répondre le plus positivement possible à ces demandes et bien
qu'il n'y paraisse, cela ne prend pas plus de temps que les années
précédentes.
Nous avons abordé le sujet pour la première fois le 25 juin 2008, et
avons échangé un certain nombre d'idées quant aux points
problématiques restants. Suite à cela, de nouveaux travaux inter-
cabinets ont été effectués. Ainsi, dans les jours qui suivent nous
pourrons finaliser les choses et le projet d'arrêté royal sera soumis à
la signature du chef de l'État.
05.02 Eerste minister Yves
Leterme:
Tijdens
de
vorige
zittingsperiode
waren
socialistische
ministers
verantwoordelijk
voor
de
beslissingen met betrekking tot de
toekenning van de winsten van de
Nationale Loterij. Die beslissingen
werden in juni en zelfs in juli
genomen. Vorig jaar hebben wij
die
beslissingen
in
maart
genomen.
Dit jaar werden er tal van nieuwe
aanvragen ingediend, hoewel het
te verdelen bedrag onveranderd is
gebleven. Het is onze bedoeling
om tot een akkoord te komen waar
iedereen kan achter staan. In de
komende dagen zullen wij een en
ander kunnen afronden en zal het
ontwerp van koninklijk besluit aan
het Staatshoofd ter ondertekening
worden voorgelegd.
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
05.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le premier
ministre, mon objectif n'est pas de distribuer de bons points à ceux
qui ont assumé la gestion passée de ces subsides et de mauvais
points aux responsables de la gestion actuelle. Il est des secteurs qui
m'interpellent aussi...
05.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Het is niet mijn bedoeling
degenen te bewieroken die het
dossier vroeger beheerd hebben
of om de verantwoordelijken voor
het
huidige
beheer
te
stigmatiseren.
05.04 Yves Leterme, premier ministre: (...) En 2001, par exemple,
votre parti siégeait au sein de la majorité gouvernementale. C'était en
juin-juillet!
05.05 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): C'est formidable! En
l'occurrence, ce n'était pas Mme Durant qui avait la tutelle sur la
Loterie Nationale. Je peux aussi bien revenir à la création de la dette
de l'État.
05.06 Yves Leterme, premier ministre: Il s'agit d'un arrêté royal
discuté en inter-cabinets, et Mme Durant et Mme Aelvoet notamment
faisaient alors partie du gouvernement de l'époque. Votre parti
siégeait au sein de la majorité. La décision a été prise en juin-juillet
dans les mêmes procédures de timing que maintenant. Aussi
longtemps que le parti Ecolo avait des responsabilités, il essayait de
les assumer, j'en conviens. Mais il n'y a pas grande modification!
05.06 Eerste minister Yves
Leterme: Dat koninklijk besluit
werd
tijdens
interkabinetten-
vergaderingen
besproken.
Mevrouw Durant en mevrouw
Aelvoet maakten toen deel uit van
de regering. De beslissing werd in
juni-juli genomen. Er is niet veel
veranderd!
Le président: Il est temps de conclure!
De voorzitter: Wil u afronden?
05.07 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Je n'ai pas encore eu le
temps de répliquer, monsieur le président!
J'espère qu'à l'époque, certains parlementaires effectuaient leur
travail, s'inquiétaient de la situation.... Je n'en étais pas. Je suis tout
jeune. Je découvre les façons de procéder avec beaucoup de
naïveté, de candeur. En l'occurrence, j'espère qu'à l'époque, des
parlementaires s'inquiétaient quand même de la situation. Mon
objectif n'est pas d'accorder des bons ou des mauvais points à ceux
qui ont géré le dossier depuis 1984.
Des secteurs, légitimement, nous interpellent, y compris ceux dont les
subsides sont préaffectés. Nous en connaissons les montants. Ils ne
seront pas modifiés. C'est ce que M. Reynders nous a expliqué.
D'ailleurs, le dossier est bloqué. Mais je note que, même au sein du
gouvernement, il n'y a pas d'entente, puisque vos collègues du PS et
du cdH ont informé "La Libre Belgique" la semaine passée pour les
aider à obtenir ce qu'ils voulaient.
Les secteurs comme le FIPI (Fonds à l'intégration pour la politique
des immigrés) lancent des appels à projets auprès d'associations, qui
doivent engager des sommes, des travailleurs et qui restent dans
l'attente. Je préfère vous entendre dire que vous n'êtes pas encore
tout à fait parvenu à un accord, mais que celui-ci interviendra avant
les vacances. J'en prends acte tout en regrettant qu'il n'intervienne
pas plus rapidement. Vous dites que parfois, il intervient en mars ou
en juin. J'espère que l'année prochaine, si vous êtes encore là, vous
ferez en sorte, en votre qualité de chef d'équipe, que la décision se
prenne plus rapidement.
05.07 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Ik hoop dat sommige
parlementsleden hun werk toen
gedaan hebben. We worden hier
door sommige sectoren zelfs
door
sectoren
waarvoor
de
toelagen al voorbestemd werden -
terecht over aangesproken.
Sectoren als het Impulsfonds voor
het
Migrantenbeleid
lanceren
projectoproepen bij verenigingen
die nu moeten wachten, terwijl ze
geld zouden moeten uitgeven en
werknemers
zouden
moeten
inzetten. Ik hoor u liever zeggen
dat er vóór de vakantie een
akkoord wordt bereikt. Waarvan
akte.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
J'espère que le jour où les écologistes du Nord et du Sud seront à
nouveau au gouvernement, ils feront encore mieux les choses en la
matière. Je vous rappelle qu'à l'époque, ils s'occupaient de chemins
de fer, de sortie du nucléaire ou de refinancement des Communautés.
Ce n'est déjà pas si mal!
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Vraag van de heer Bruno Stevenheydens aan de eerste minister over "de dotatie en de
vastgoedcertificaten van prins Laurent" (nr. 6750)
06 Question de M. Bruno Stevenheydens au premier ministre sur "la dotation et les certificats
06.01 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mijnheer de eerste
minister, op 17 april heb ik u in de plenaire vergadering een aantal
vragen gesteld over de commerciële activiteiten die prins Laurent de
voorbije jaren ontwikkelde en die onverenigbaar zijn met het
ontvangen van een dotatie.
De prins is stichter en voorzitter van de GRECT. Die vzw werd
opgericht voor milieubeheerprojecten, maar hield zich bezig met
vastgoedactiviteiten. De vzw verwierf voor 100% aandelen in de nv
REC-Arlon 67, die eigenaar is van drie huizen in Brussel. Prins
Laurent had 25% aandelen verworven in de Compagnie des
Eoliennes. De andere 75% is in handen van de GRECT. Die
maatschappij werd eigenaar van een villa op het Italiaanse eiland
Panarea. Die villa werd een aantal jaren geleden, door toedoen van
prins Laurent, aangekocht, toevallig in het jaar waarin hij voor het
eerst een dotatie ontving.
Een aantal vzw's waarin de prins actief is en dat zich zogezegd met
milieubeheerprojecten bezighoudt, ontvangt belastinggeld, maar zijn
evengoed betrokken bij commerciële activiteiten. De dotatieregeling
voor prins Laurent was van bij het begin omstreden. De transparantie
ontbreekt volledig.
Mijnheer de eerste minister, u hebt op 17 april gezegd dat de
commerciële activiteiten van prins Laurent onverenigbaar zijn met de
dotatie. Hebt u er de voorbije maanden op toegekeken dat prins
Laurent zich niet langer met vastgoedactiviteiten bezighoudt? Zijn de
nodige maatregelen genomen en stappen gezet, zodat hij niet langer
over die aandelen beschikt? Werd de werking van de vzw's en de
andere organisaties waarbij de prins is betrokken, doorgelicht om
winstgevende activiteiten na te gaan? Zal dit uiteindelijk ook een
weerslag hebben op de uitbetaling of de afschaffing van de dotatie?
06.01 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Le 17 avril 2008,
le premier ministre a répondu en
séance plénière que les activités
commerciales du prince Laurent
sont
incompatibles
avec
le
bénéfice d'une dotation. Le prince
est président de l'asbl CREGT qui
a été créée dans le but de mettre
en oeuvre des projets de gestion
de l'environnement mais dont les
activités se situent en réalité dans
le secteur de l'immobilier. C'est
ainsi que la CREGT a acquis
toutes les actions de la sa REC-
Arlon 67 qui possède trois
maisons à Bruxelles. Elle a
également acquis 25% des actions
de la Compagnie des Éoliennes,
laquelle a acheté sur les instances
du prince une villa sur l'île italienne
de Panarea.
Le premier ministre a-t-il veillé au
cours des derniers mois à ce que
le prince ne s'occupe plus
d'activités immobilières? A-t-il pris
les mesures nécessaires pour qu'il
ne dispose plus de ces actions?
Les asbl et les organisations au
sein desquelles le prince exerce
des
activités
ont-elles
été
soumises à un audit afin de
déceler
d'éventuelles activités
lucratives? Les résultats de cet
audit auront-ils une influence
directe sur le paiement ou la
suppression
de
la
dotation accordée
au
prince
Laurent?
06.02 Eerste minister Yves Leterme: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Stevenheydens, ik verwijs naar het antwoord dat ik heb gegeven op
06.02 Yves Leterme, premier
ministre: Je me réfère à ma
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
17 april, en ik citeer: "Het is dan ook aan het Parlement om, indien het
dat nodig acht, voorwaarden te verbinden aan de dotatie en
desgevallend een onderzoek te doen naar de aanwending van de
dotaties."
Op dit moment is er geen specifieke controle ten opzichte van
dotaties. Er is ook geen bevoegdheid om dat te doen.
Ik kan u inlichten over feitelijke toestanden zoals ik heb gedaan toen u
daarnaar vroeg op 17 april. Voor het overige moet het duidelijk zijn dat
het Parlement de bevoegdheid heeft om te beslissen tot controle,
procedures en dies meer.
Ik heb begrepen dat er in de Senaat een poging wordt ondernomen
om de betrokken regelgeving tegen het licht te houden. Dat is een
bevoegdheid van het Parlement, en meer in het bijzonder van de
begrotingsautoriteit. Uiteraard zijn er andere dan begrotingsaspecten
verbonden aan dotatieregelingen.
Wij kunnen als regering de aanwending van een dotatie niet
controleren. Dat is eigen aan een dotatie. De Kamerleden worden ook
betaald via een dotatie, en er is daarop geen specifieke controle. U
zult zelf moeten beslissen om daarop een specifieke, althans externe,
controle te laten uitoefenen.
réponse du 17 avril 2008. Il
appartient au Parlement de lier le
cas échéant des conditions à
l'affectation de dotations. Je ne
suis pas compétent en la matière
et il n'existe dans ce domaine
aucun mécanisme de contrôle. Le
Sénat tente d'en discuter dans le
cadre du budget. Le problème des
dotations n'est pas seulement un
problème
budgétaire.
Les
dotations ont pour caractéristique
qu'elles ne sont pas soumises à
un contrôle externe spécifique
quant à leur affectation. Ceci
s'applique d'ailleurs également à
la
dotation
pour
les
parlementaires. Seul le Parlement
peut y changer quelque chose.
06.03 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mijnheer de eerste
minister, wat die controle betreft, heb ik vrij kort na de vraag van
17 april, samen met mijn fractie, een wetsvoorstel ingediend om die
dotatieregeling door te lichten.
Ik heb mij in mijn vraag van vandaag vooral gericht op de
vastgoedactiviteiten. U hebt op 17 april duidelijk gezegd dat die
activiteiten onverenigbaar zijn met de dotatie. Dat was op dat moment
uw eigen standpunt. U hebt duidelijk gezegd dat de activiteiten van
prins Laurent niet samenhoren met het ontvangen van een dotatie en
dat het niet kan dat hij alsdan commerciële activiteiten ontwikkelt.
Als u zelf de uitspraak doet dat de prins commerciële activiteiten
ontwikkelt die onverenigbaar zijn met de dotatie, verwacht ik ook dat u
na de vraagstelling erop toeziet, zoals u toen hebt gezegd, dat prins
Laurent stopt met vastgoedmakelaar te spelen of met betrokken te
zijn bij vastgoedactiviteiten.
06.03 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Après le 17 avril
2008, nous avons déposé une
proposition de loi pour attirer
l'attention sur le problème, et plus
particulièrement sur les activités
immobilières à propos desquelles
le premier ministre avait affirmé
qu'elles étaient incompatibles avec
l'octroi d'une dotation. Après cette
déclaration, nous pensions qu'il
allait veiller à ce que le prince
n'exerce plus d'activités dans le
domaine immobilier.
06.04 Eerste minister Yves Leterme: Mijnheer de voorzitter, met het
integraal verslag dat door de diensten van de Kamer wordt opgesteld
en dat woordelijk weergeeft wat ik heb gezegd, daag ik de heer
Stevenheydens uit om mij te wijzen op de zinnen waarvan hij zegt dat
ik ze heb uitgesproken. Ik lees dat hier absoluut niet. Nogmaals, het is
aan het Parlement om ter zake een initiatief te nemen tot bijkomende
controle op de aanwending van de dotaties.
06.04 Yves Leterme, premier
ministre: Je n'ai jamais fait de
telles déclarations. Vérifiez dans le
Compte rendu intégral. Seul le
Parlement peut prendre une
initiative pour contrôler l'utilisation
des dotations.
06.05 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): U hebt duidelijk
gezegd dat de vastgoedactiviteiten die hij ontplooit onverenigbaar zijn.
Ik heb de tekst evenwel niet voor mij liggen.
06.05 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Le premier
ministre a bien tenu ces propos et
juge la perception d'une dotation
incompatible avec les activités
immobilières.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
06.06 Eerste minister Yves Leterme: U komt te zeggen dat de
vastgoedactiviteiten van prins Laurent onverenigbaar zijn met het
ontvangen van een dotatie. Ik heb dat niet letterlijk gezegd. Dit gezegd
zijnde, ben ik wel van oordeel dat het ontvangen van een dotatie
onverenigbaar is met het hebben van commerciële activiteiten.
06.06 Yves Leterme, premier
ministre: Je ne me suis pas
exprimé en ces termes, mais
j'estime toutefois que la perception
d'une dotation est incompatible
avec des activités commerciales.
06.07 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Dat hebt u gezegd.
U herhaalt het nu nog eens. Ik vind dan ook dat u zelf vanuit de
regering mee de controle moet doen en dit niet moet doorverwijzen
naar het Parlement waar intussen al een wetsvoorstel is ingediend.
Zoals u weet wordt dit echter op de lange baan geschoven.
Uiteindelijk wordt het verdronken in de werkgroep. Uiteindelijk gebeurt
er dus niets. U stelt dit vast maar u treedt er voor de rest niet tegen
op. Ik vind dat zeer ongeloofwaardig.
06.07 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Le premier
ministre fait ce constat mais ne
réagit pas, ce qui est très peu
crédible.
06.08 Eerste minister Yves Leterme: Mijnheer Stevenheydens, u
mag uw eigen bevoegdheden niet zo gemakkelijk afstaan. Sedert de
Magna Charta is de vertegenwoordiging van het volk bevoegd voor
het vastleggen van de uitgaven die gebeuren door de uitvoerende
macht. Hier zitten wij met een systeem van dotaties en daarvoor bent
u bevoegd, ik niet. Ik vind dat het Parlement het verdient dat u die
bevoegdheid bij u houdt.
06.08 Yves Leterme, premier
ministre: Depuis le Magna Carta,
le Parlement est habilité à fixer les
dépenses du pouvoir exécutif. Je
ne suis pas compétent pour les
dotations et je propose que le
Parlement
exerce
ses
compétences.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
07 Question de M. Jean-Luc Crucke au premier ministre sur "l'utilisation d'un critère linguistique pour
07 Vraag van de heer Jean-Luc Crucke aan de eerste minister over "het gebruik van een taalcriterium
voor het toekennen van het leefloon" (nr. 6811)
07.01 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le président, monsieur le
premier ministre, j'ai bien entendu ce que vous avez dit la semaine
dernière en plénière quant à un problème identique à celui de ce jour.
Votre message était assez clair, disant aux francophones d'arrêter de
se plaindre de certains comportements des néerlandophones et, pour
les néerlandophones, disant que le système de repli sur soi n'était pas
celui qui permettrait de donner la meilleure image de marque de la
Flandre.
Sur ce point, je puis vous rejoindre. Cependant, vis-à-vis de ceux que
certains appellent les "pesterijen", j'ai envie de dire que "trop is te
veel" et qu'à un moment, faute de dénoncer, on laisserait passer,
transformant ainsi le fait en évidence aux yeux de certains.
Il sera question aujourd'hui d'un comportement que j'estime vexatoire,
pour ne pas dire blessant. J'habite dans une région, que vous avez
vous-même expérimentée, qui n'est généralement pas suspecte
d'urticaire de type communautaire. Ces situations-là sont jugées avec
philosophie. Un ami m'a dit avoir l'habitude de parler de la Belgique,
lors de ses vacances, comme d'un pays où tout s'arrange. C'est vrai
que les pays voisins connaissent notre situation et nous sommes
obligés de leur avouer que tout ne s'arrange pas aussi facilement.
Grammont (Geraardsbergen) fait partie de la région des Collines,
région encore assez calme. Pourquoi alors parler de "trop is te veel"?
07.01 Jean-Luc Crucke (MR):
Het aantal situaties dat aan de
kaak wordt gesteld, neemt almaar
toe: de Wooncode, de borden op
privégronden en nu het leefloon
waarvan
de
toekenning
in
Geraardsbergen afhankelijk zou
worden gemaakt van een soort
taalkundige
bereidheid
om
Nederlands te leren. Het is echter
zo dat leefloners vaak in een
moeilijk parket zitten tengevolge
van hun maatschappelijke situatie,
waardoor zij gewoon aanspraak
kunnen
maken
op
dat
solidariteitsmechanisme.
Op een gegeven ogenblik moet
iemand de rol van scheidsrechter
op zich nemen. Bevestigt u dat wat
er in Geraardsbergen gebeurt en
dat de beslissing die door het
OCMW en de voorzitter van het
Centrum genomen werd, onwettig
is?
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
Les comportements dénoncés deviennent trop nombreux: le
Wooncode, les panneaux sur les terrains privés et, maintenant, le
revenu d'intégration sociale (RIS). Il serait conditionné à une sorte de
bonne volonté linguistique envers l'apprentissage du néerlandais.
Soyons corrects: ceux qui touchent ce RIS ne supplient pas vraiment,
ils se trouvent souvent en situation délicate par l'effet de la société et
bénéficient simplement de ce mécanisme de solidarité.
Si je me suis adressé à vous aujourd'hui, c'est parce que je pense
qu'il faut à un moment donné un arbitre, quelqu'un qui tente de rester
au-dessus de la mêlée et qui dise clairement les choses.
Je vous demande de confirmer que ce qui se passe à Grammont
(Geraardsbergen), ce qui a été décidé, édicté par le CPAS et son
président j'ai d'ailleurs vu que d'autres parlementaires de Grammont
se désolidarisaient de cette démarche est illégal, à la fois inhumain
et asocial et peut-être même idiot.
Je pense que si vous ne le dites pas clairement, cela donnera peut-
être l'envie à d'autres de jouer dans le même type de pièce et
avouons que là on dépasse les bornes! C'est pour cela que je vous
disais que "trop is te veel"!
07.02 Yves Leterme, premier ministre: Monsieur Crucke, jeudi,
c'était avant dimanche, quand un membre de votre groupe m'a
soupçonné de certaines défaillances psychologiques. Je vais essayer
de rester dans la dignité qui s'impose dans nos rapports. M. Maingain
fait partie de votre groupe, n'est-ce pas?
07.02 Eerste minister Yves
Leterme: Zondag heeft een lid van
uw fractie het vermoeden geuit dat
ik
aan
een
bepaalde
psychologische aandoening lijd. Ik
zal trachten om in onze omgang
de
nodige
waardigheid
te
bewaren. Als ik mij niet vergis,
maakt de heer Maingain deel uit
van uw fractie.
07.03 Jean-Luc Crucke (MR): Comme la N-VA fait partie du cartel
CD&V N-VA, si vous voyez ce que je veux dire!
07.03 Jean-Luc Crucke (MR):
Net zoals de N-VA deel uitmaakt
van het kartel CD&V-N-VA, als u
begrijpt wat ik bedoel.
07.04 Yves Leterme, premier ministre: Pas vraiment.
07.04 Eerste minister Yves
Leterme: Niet echt.
07.05 Jean-Luc Crucke (MR): Je vous ferai un dessin.
07.05 Jean-Luc Crucke (MR):
Moet ik u een tekeningetje
maken?
07.06 Eerste minister Yves Leterme: Mijnheer de voorzitter, de
bevoegdheid om toezicht te houden op beslissingen van het OCMW
behoort tot het Gewest. Dat is een bevoegdheid van het Gewest.
07.06 Yves Leterme, premier
ministre: La compétence de
contrôle en la matière relève de la
Région.
07.07 Jean-Luc Crucke (MR): Je constate que j'avais demandé à
l'arbitre d'intervenir. Malheureusement, quand on chasse le naturel, il
revient au galop!
07.07 Jean-Luc Crucke (MR): Ik
stel vast dat ik de tussenkomst
van de scheidsrechter gevraagd
had, maar de ware aard komt altijd
boven.
L'incident est clos.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
Het incident is gesloten.
08 Question de M. Philippe Henry au premier ministre sur "les moyens consacrés par les pouvoirs
publics à la recherche sur les énergies renouvelables" (n° 6818)</b>
08 Vraag van de heer Philippe Henry aan de eerste minister over "de middelen die de overheid
besteedt aan hernieuwbare energie" (nr. 6818)
08.01 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le président, je vous
remercie. Je souhaitais interroger le premier ministre sur la question
des énergies renouvelables. J'avais préalablement questionné Mme
Laruelle, qui est compétente pour la politique scientifique, mais la
recherche est une compétence partagée par les différents niveaux de
pouvoir dans notre pays: fédéral, régional et communautaire. La
ministre m'a donc renvoyé vers vous afin que vous m'apportiez une
réponse globale à l'échelle du pays.
Pour les mêmes raisons que celles que j'ai exposées auparavant
dans ma question sur les émissions de CO
2,
il me paraît absolument
évident que nous devions développer les énergies renouvelables,
grâce aussi à la recherche fondamentale, en vue de favoriser des
systèmes de production plus rentables, plus efficaces, etc. Par
ailleurs, la Belgique a adhéré à l'objectif d'atteindre 3% de son PIB
devant être consacrés à la recherche pour 2010, c'est-à-dire dans un
an et demi. Or, nous en sommes fort loin. Ces 3% incluent 1% dont la
responsabilité incombe aux pouvoirs publics, tous niveaux confondus.
Deux aspects sont donc importants: la recherche et, à l'intérieur de
celle-ci, l'énergie renouvelable.
Dans le domaine énergétique, depuis très longtemps, trop de moyens
budgétaires sont dédiés à la recherche sur l'énergie nucléaire. Je ne
prétends pas qu'il faut supprimer cette dernière, mais les moyens
accordés me semblent disproportionnés par rapport à ceux qui sont
dédiés aux énergies renouvelables. Ce constat se vérifie aussi à
l'échelle de l'Europe.
Pourrions-nous obtenir des statistiques globales à propos des
moyens accordés par les pouvoirs publics aux énergies
renouvelables? Quelle est leur proportion dans l'ensemble des aides
à la recherche? En comparaison, à quelle hauteur se situent les
moyens dédiés à la recherche sur l'énergie nucléaire?
08.01 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Ik had mevrouw Laruelle
een vraag gesteld over de
hernieuwbare
energie,
maar
aangezien
wetenschappelijk
onderzoek
een
gedeelde
bevoegdheid van de diverse
bestuursniveaus is, heeft de
minister mij naar u doorverwezen
teneinde een globaal antwoord
voor het hele land te verkrijgen.
Wij moeten werk maken van de
ontwikkeling van de hernieuwbare
energie,
ook
dankzij
het
fundamenteel onderzoek, teneinde
tot rendabeler productiesystemen
te kunnen komen. Voorts heeft
België ermee ingestemd om tegen
2010 3 procent van zijn BBP aan
wetenschappelijk onderzoek te
besteden. Wij zitten daar echter
nog ver van af.
Op het vlak van de energie lijken
de middelen die uitgetrokken
worden voor het onderzoek inzake
kernenergie mij onevenredig groot
in verhouding tot die welke worden
besteed aan het onderzoek inzake
hernieuwbare energie.
Zouden wij globale statistieken
kunnen verkrijgen in verband met
de middelen die de overheden
voor
hernieuwbare
energie
uittrekken? Wat is hun aandeel in
verhouding tot de totale steun ten
gunste van het onderzoek? Ter
vergelijking, hoeveel middelen
worden er uitgetrokken voor het
onderzoek inzake kernenergie?
08.02 Yves Leterme, premier ministre: Monsieur Henry, votre
question nous est parvenue le 1
er
juillet, c'est-à-dire hier. Elle porte
sur des données statistiques dont nous ne disposons pas dans un
délai aussi bref.
En outre, il n'entre pas dans les prérogatives du gouvernement
fédéral de demander des informations aux gouvernements régionaux.
Ceci dit, je veux bien faire le nécessaire. Mais vous devez alors
08.02 Eerste minister Yves
Leterme: Wij hebben uw vraag
gisteren ontvangen. Zij heeft
betrekking
op
statistische
gegevens waarover wij niet binnen
zo'n
korte
termijn
kunnen
beschikken. Bovendien behoort
het niet tot de prerogatieven van
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
m'accorder un délai raisonnable pour collecter ces renseignements.
Il me semble un peu irréaliste d'espérer obtenir de telles informations
le 2 juillet, alors que l'on a introduit sa question la veille. Je vous
propose donc de transformer votre question orale en question écrite.
de
federale
regering
om
inlichtingen
aan
de
gewestregeringen te vragen. Ik wil
wel het nodige doen, maar u moet
mij een redelijke termijn gunnen.
Ik stel u dan ook voor uw
mondelinge
vraag
in
een
schriftelijke vraag om te zetten.
08.03 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le premier ministre,
je comprends bien qu'on ne puisse donner des dizaines de chiffres à
l'occasion d'une question orale. Ce n'était pas l'objet de ma question.
Je suis désolé que vous n'ayez eu qu'un jour pour répondre. Je
n'aurais pas vu d'inconvénient à reporter ma question d'une semaine
mais on ne prévoit plus de séance de questions avant les vacances.
Par contre, je souhaite vraiment attirer l'attention sur le fait que ces
statistiques n'existent pas. C'est vraiment un problème majeur. Il me
paraît très important, pour un pays comme la Belgique, de savoir
quels sont les moyens consacrés à la recherche, à l'échelle nationale
et pas seulement à celle des entités fédérées. Par ailleurs,
l'obligation, à laquelle nous avons souscrit, d'atteindre 3% en 2010,
s'impose à la Belgique. Elle ne s'impose pas aux différentes Régions
et Communautés; il faut donc qu'il y ait une répartition sur l'ensemble
du pays pour y arriver.
Ces statistiques n'existent pas. Je suis demandeur, et j'introduirai une
question écrite en ce sens, de pouvoir rassembler toutes les
informations disponibles. Mais je trouve qu'il est problématique que ce
monitoring n'existe pas aujourd'hui et que vous disiez que ce n'est
pas dans les compétences du gouvernement fédéral de rassembler
les données des différentes entités. Cela pose un problème par
rapport à l'objectif de 3%.
08.03 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Ik zou er de aandacht
willen op vestigen dat die
statistieken niet bestaan. Het lijkt
mij echter zeer belangrijk om te
weten hoeveel middelen er op alle
bestuursniveaus voor onderzoek
worden uitgetrokken. Voorts is
België verplicht er in 2010 3
procent aan te besteden en
daartoe moet er een verdeling
komen over het hele land. Ik zal
een schriftelijke vraag indienen
waarin
ik
vraag
dat
alle
beschikbare gegevens ter zake
zouden worden verzameld. Ik vind
het echter een probleem dat die
monitoring vandaag niet bestaat
en dat u zegt dat het niet tot de
bevoegdheid van de federale
regering behoort om die gegevens
te verzamelen.
De voorzitter: Met de bijkomende informatie in het verschiet, kunnen wij dit afronden.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
Wij danken de eerste minister en verwelkomen mevrouw de minister, haar dankend voor haar geduld, net
als de aanwezige leden voor hun moed en volharding. Hoewel wij kwantitatief beperkt in aantal zijn, gaan
wij kwalitatief door.
09 Question de M. Georges Gilkinet à la ministre de la Fonction publique et des Entreprises publiques
sur "le respect par l'État fédéral de son obligation d'engager des jeunes" (n° 5276)</b>
09 Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven
over "het nakomen door de federale Staat van zijn verplichting om jongeren in dienst te nemen"
(nr. 5276)
09.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président,
madame la ministre, la Cour des comptes souligne dans un rapport
que la loi sur la convention de premier emploi n'est pas respectée en
Belgique.
J'ai déjà interrogé à plusieurs reprises la ministre de l'Emploi qui s'est
saisie du dossier. Il n'en reste pas moins que le rapport de la Cour
des comptes à ce sujet est assez inquiétant. Les contrôles ont
09.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!):
Het
Rekenhof
onderstreept
dat
de
startbaanovereenkomsten in ons
land niet worden nageleefd. De
controles zijn duidelijk afgenomen.
Er werden bijdrageverminderingen
toegekend aan ondernemingen die
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
clairement diminué. Des réductions de cotisations ont été accordées
à des entreprises qui n'avaient pas engagé suffisamment de jeunes.
Le système d'amende prévu n'a jamais été mis en oeuvre.
Ma question s'adresse au ministre de la Fonction publique que vous
êtes. Ainsi, pourriez-vous me dire si l'État fédéral a respecté
l'obligation d'engager des jeunes travailleurs? Comment la situation
en matière d'emploi des jeunes dans la fonction publique fédérale a-t-
elle évolué depuis la mise en place du statut Rosetta? Comment cette
obligation a-t-elle été respectée depuis 2004? Qu'en est-il de la
suppression des contrôles sur le respect des normes d'engagement
des jeunes? S'il s'avère que l'État n'a pas respecté ses obligations en
la matière, quelles sont les dispositions que vous comptez prendre
pour remédier à cette situation?
niet voldoende jongeren in dienst
hadden genomen. De geplande
boeteregeling werd nooit effectief
ingevoerd.
Heeft de federale overheid de
verplichting om jonge werknemers
in dienst te nemen wel nageleefd?
Wat is evolutie van de situatie op
het stuk van de indienstneming
van jongeren bij het federaal
openbaar ambt sinds de invoering
van het Rosettastatuut? Hoe zit
het met de afschaffing van de
controles op de naleving van de
normen inzake de indienstneming
van jongeren? Indien blijkt dat de
Staat zijn verplichtingen ter zake
niet
is
nagekomen,
welke
maatregelen zal u dan nemen om
dat te verhelpen?
09.02 Inge Vervotte, ministre: Monsieur le président, cher collègue,
dans le cadre du régime de premier emploi, qui a pour but de donner
aux jeunes de moins de 26 ans la possibilité de s'intégrer le plus
rapidement possible et de façon durable sur le marché de l'emploi,
l'État fédéral a bel et bien respecté ses obligations en tant
qu'employeur.
Dans l'ensemble de la fonction publique fédérale, le pourcentage
d'agents de moins de 26 ans s'élevait à 4,38% en 2004, à 3,81% en
2005, 3,80% en 2006, 3,68% en 2007 et 3,73% au 1
er
janvier 2008.
Je signale aussi que des données plus précises par organisme sont
accessibles sur le site www.pdata.be.
09.02 Minister Inge Vervotte: De
federale overheid is wel degelijk
haar verplichtingen als werkgever
nagekomen. Wat het federaal
openbaar ambt in zijn geheel
betreft,
bedroeg
het
aantal
ambtenaren van minder dan 26
jaar oud 4,38 procent in 2004, 3,81
procent in 2005, 3,80 procent in
2006, 3,68 procent in 2007 en 3,73
procent op 1 januari 2008.
09.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Madame la ministre, je vous
remercie pour les précisions que vous m'avez apportées.
Me voilà rassuré! Le pouvoir public doit donner l'exemple.
Permettez-moi cependant de vous faire remarquer que la proportion
de jeunes de moins de 26 ans qui travaillent dans l'administration est
en baisse. Mais je suis persuadé que vous veillerez à ce que la
fonction publique fédérale continue à engager de jeunes travailleurs
d'ailleurs, la tendance semble déjà s'inverser pour 2008 même si la
loi est supprimée puisque Mme Milquet a parlé de changer le mode
d'aide à l'intégration des jeunes sur le marché de l'emploi.
09.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): De overheid moet het
voorbeeld geven.
Het aandeel van de min-26-jarigen
die in de administratie werkzaam
zijn, neemt echter af. U zal er
ongetwijfeld op toezien dat het
federaal openbaar ambt jonge
werknemers in dienst blijft nemen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
10 Vraag van de heer Bruno Stevenheydens aan de minister van Ambtenarenzaken en
Overheidsbedrijven over "de sluiting van federale overheidsdiensten omwille van de treinstaking"
(nr. 5507)
10 Question de M. Bruno Stevenheydens à la ministre de la Fonction publique et des Entreprises
publiques sur "la fermeture de services publics fédéraux en raison de la grève des trains" (n° 5507)</b>
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
10.01 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mevrouw de
minister, verschillende federale overheidsdiensten waren op dinsdag
20 mei vanwege de treinstaking niet bereikbaar. Bij de FOD Sociale
Zaken kreeg men een bandje te horen dat vanwege de treinstaking
niemand bereikbaar was. Dat leidt tot onbegrip. In de privésector
kunnen weinig of geen bedrijven het zich permitteren om niet in
permanentie of dienstverlening te voorzien bij een treinstaking.
Mevrouw de minister, kunt u mij meedelen hoeveel federale
ambtenaren op het totale aantal zijn thuisgebleven? Zijn er niet
voldoende federale ambtenaren die ofwel in Brussel wonen, ofwel niet
afhankelijk zijn van de spoorwegen om op zijn minst de permanentie
te verzekeren? Bestaan er afspraken over andere oplossingen dan
eenvoudigweg het staken van de dienstverlening?
Op dezelfde dag was de Vlaamse overheid wel bereikbaar. Daarover
doen de gekste verhalen de ronde. Men zou daar hebben
meegedeeld dat men zelf bereikbaar was, maar dat men bij de
federale overheid niet terecht kon. Daar mag men wel thuiswerken,
maar slaagt men er niet in een telefoontoestel door te verbinden naar
een gsm-nummer. Mensen die vanwege een of andere sociale zaak
zowel de Vlaamse als de federale overheid op dezelfde dag nodig
hebben, begrijpen niet dat men er in Brussel wel in slaagt de Vlaamse
overheid te bemannen, maar dat hetzelfde niet mogelijk is in de
FOD's. Kunt u daarover wat uitleg verschaffen?
10.01 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): À la suite de la
grève du rail du 20 mai, différents
services publics fédéraux ont été
inaccessibles pour le public. Cette
situation suscite l'incompréhension
dans la mesure où, en pareille
circonstance,
les
entreprises
privées sont contraintes d'assurer
une permanence ou un service
minimum.
Le
ministre
peut-il
préciser
combien
de
fonctionnaires
fédéraux n'étaient pas présents
sur leur lieu de travail ce jour-là?
Les fonctionnaires fédéraux qui
n'avaient pas de problème de
déplacement ne pouvaient-ils pas
assurer une permanence? Existe-
t-il d'autres solutions que l'arrêt
des prestations? Il faut souligner
que les autorités flamandes à
Bruxelles étaient effectivement
accessibles ce jour-là.
10.02 Minister Inge Vervotte: Wat het absenteïsme betreft ten
gevolge van de treinstaking van dinsdag 20 mei, beschik ik niet over
de globale cijfers voor de totaliteit van de federale overheidsdiensten.
Elke overheidsdienst is in het kader van het dagelijks beheer immers
verantwoordelijk voor het nemen van de nodige maatregelen om ook
op die dagen de dienstverlening aan de burger te garanderen. Ik vind
het heel belangrijk dat die permanentie wordt gegarandeerd, maar het
is de verantwoordelijkheid van iedere overheidsdienst zelf en dus van
de desbetreffende verantwoordelijke leidinggevende. Ik kan zelf geen
regelgevend kader opstellen voor alle overheidsdiensten.
Ik kan u wel de cijfers geven voor de Federale Overheidsdienst
Personeel en Organisatie, mijn overheidsdienst. Door de treinstaking
waren 106 personeelsleden op een totaal bestand van 533 op die dag
afwezig. Ik kan u meedelen dat in mijn administratie de nodige
schikkingen werden getroffen om de impact van de staking op de
normale werking van de diensten zoveel mogelijk te beperken. Alle
diensten waren die dag operationeel en bereikbaar via het onthaal en
een telefonische permanentie.
Wat meer specifiek Selor betreft, zijn de op 20 mei geplande
selectieprocedures normaal doorgegaan. De kandidaten zijn hiervan
via de website van Selor in kennis gesteld. Bovendien werd hun
meegedeeld dat degenen die vanwege een treinstaking niet aanwezig
konden zijn, op een latere datum opnieuw zouden worden
opgeroepen, mits het voorleggen van een attest van de NMBS. Bij
mijn weten is er op die dag geen enkele klacht wegens
onbeschikbaarheid door mijn diensten geregistreerd.
Wij hebben regelmatig vergaderingen met alle HR-verantwoordelijken
in de FOD's, de POD's en de verschillende diensten. Ik ben bereid om
10.02 Inge Vervotte, ministre: Je
ne dispose pas de chiffres globaux
sur
l'absentéisme
des
fonctionnaires fédéraux lors de la
grève des trains du 20 mai.
Chaque service public doit garantir
un
service
en
pareilles
circonstances. Au sein de mon
SPF Personnel et Organisation,
106 personnes étaient absentes
sur un total de 533. Les mesures
nécessaires ont été prises et tous
les services étaient opérationnels
et accessibles ce jour-là. Au Selor
également, les procédures de
sélection ont suivi leur cours
normalement et l'information a
d'ailleurs été publiée sur le site
internet.
Je suis disposée à aborder ce
point avec les responsables du
personnel des différents services
publics fédéraux au cours d'une
de nos prochaines réunions.
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
daarover tijdens de maandelijkse vergadering van gedachten te
wisselen en te vragen in welke mate de permanentie is gegarandeerd.
Ik blijf erbij: het is hun verantwoordelijkheid, zij moeten worden
geresponsabiliseerd. Ik ben wel bereid om dat punt eens te
agenderen, er de aandacht op te vestigen en daarover van gedachten
te wisselen, om te zien in welke mate dat inderdaad is gegarandeerd.
Het blijft voor ons een belangrijk uitgangspunt.
10.03 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mevrouw de
minister, ik ben tevreden dat u wat uw bevoegdheden betreft, de
kwestie en de antwoorden ter zake zeer goed hebt opgevolgd. Ik
betreur wel dat er geen goede algemene afspraken gelden voor alle
FOD's, aangezien er een aantal niet was bemand, wat bij uw diensten
wel het geval was.
Uw suggestie dat u het punt op een volgende overkoepelende
vergadering ter sprake wil brengen, waardeer ik ten zeerste. Ik zal op
mijn beurt de andere verantwoordelijken daarover schriftelijk
contacteren. Ik vind dit toch wel belangrijk: als het bij uw diensten wel
mogelijk is om ze te bemannen en een en ander goed te regelen, dan
zou dat bij de andere ministers toch ook moeten kunnen.
Dienstverlening is een zaak die iedereen aanbelangt en die moet op
een goede manier worden opgevolgd.
10.03 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Je déplore
l'absence de directives applicables
à l'ensemble des services publics
fédéraux. Je me félicite de la
proposition
de
la
ministre
d'évoquer ce sujet lors d'une
prochaine réunion générale. Pour
ma part, je m'adresserai par écrit
à d'autres responsables. En effet,
si la ministre parvient à faire en
sorte que du personnel soit
disponible dans ses propres
services, ses collègues doivent
pouvoir en faire autant.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Vraag nr. 6124 van de heer De Padt wordt omgezet in
een schriftelijke vraag.
Vragen nrs. 6142 en 6143 van de heer Van de Velde worden op zijn
verzoek ingetrokken. Hij heeft er al een antwoord op gekregen.
Samengevoegde vragen nrs. 6360 en 6361 van mevrouw Van Cauter
worden uitgesteld.
Le président: La question n° 6124
de M. De Padt est convertie en
question écrite. Les questions
n° 6142 et 6143 de M. Van De
Velde sont retirées étant donné
qu'une réponse a déjà été fournie.
Les questions jointes n° 6360 et
6361 de Mme Van Cauter sont
reportées.
11 Vraag van de heer Peter Vanvelthoven aan de minister van Ambtenarenzaken en
Overheidsbedrijven over "Selor" (nr. 6810)
11 Question de M. Peter Vanvelthoven à la ministre de la Fonction publique et des Entreprises
11.01 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, mijn vraag aan u is er gekomen na het
antwoord dat ik vorige week heb ontvangen van uw collega, minister
Reynders, in deze aangelegenheid. Wij hebben de commotie rond de
procedure inzake de selectieprocedure voor de aanwerving van de
nieuwe voorzitter voor de FOD Financiën kunnen volgen in de pers.
Er is heel wat om te doen geweest.
Ons overheidsselectiebureau Selor heeft na de testen alle kandidaten
als onvoldoende geschikt bevonden. Dat heeft in de media, en
misschien ook in de beslotenheid van de Ministerraad, aanleiding
gegeven tot reacties van een aantal van die kandidaten, maar ook
van minister Reynders die zich openlijk de vraag stelde of Selor nog
wel het bureau moest zijn dat binnen Financiën moest zorgen voor de
selectie van de nieuwe voorzitter. Hij opperde toen het idee dat het
11.01 Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): Comme vous le
savez, le Selor a déclaré inaptes,
après une procédure de sélection,
tous les candidats actuels à la
fonction de président du comité de
direction
du
SPF
Finances.
L'affaire a fait grand bruit. La
ministre a déclaré pour sa part,
après enquête, que la procédure
de
sélection
s'est
déroulée
correctement et qu'il incombe à
son collègue des Finances de
prendre une autre initiative.
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
misschien toch wel zou zijn aangewezen dat de FOD dit zelf in
handen zou nemen. Vandaar dat ik hem daar vorige week over heb
ondervraagd.
Ondertussen had u in de commissie gezegd dat u de procedure bent
nagegaan, dat u zich hebt laten inlichten en tot de conclusie kwam dat
de procedure binnen Selor correct is verlopen. Daar zijn in uw ogen
geen problemen geweest.
Ik heb de minister van Financiën daarover ondervraagd of hij naar
aanleiding hiervan de procedure toch opnieuw zou inzetten en, zoals
ook u had gesuggereerd, of het aan de minister is om de volgende
stap te zetten. Dan kwam hij met het bizarre verhaal dat hij u medio
mei een brief had geschreven, mevrouw de minister, maar nog steeds
op een antwoord wacht.
Zolang u niet antwoordt, weet hij ook niet wat u met dat onderzoek
heeft gedaan, of dat onderzoek gebeurd is en wat de resultaten ervan
zijn.
Ik heb daarop gerepliceerd dat ik dat eigenaardig vond omdat wij hier,
in de Kamer, dan blijkbaar beter geïnformeerd zijn dan een minister
die elke week met de betrokken minister samen zit in de Ministerraad.
Blijkbaar moet hij zelfs per brief corresponderen om een en ander te
weten te komen.
Het verbaasde mij dat hij zei hoewel ik uw uitspraken heb gelezen,
mevrouw de minister dat hij van niets wist en nog geen reactie van u
had gekregen.
Ik kom hierop terug omdat de FOD Financiën voor de overheid een
ongelooflijk belangrijke FOD is. Er werkt niet alleen heel veel
personeel. Voor de inkomsten van de overheid, van de schatkist, is
dat het sleuteldepartement. Wij weten dat het daar aan de top toch al
enige tijd niet goed botert, en dan druk ik mij voorzichtig uit. Het zou
dus goed zijn mocht de nieuwe procedure zo snel mogelijk worden
opgestart en mochten wij zo snel mogelijk de nieuwe voorzitter van
het directiecomité kunnen aanstellen.
Mevrouw de minister, vandaar mijn heel eenvoudige vragen.
Hebt u ondertussen de droom van minister Reynders waargemaakt
en ervoor gezorgd dat hij een brief van u mocht ontvangen? Is die
brief verstuurd? Staat daar hetzelfde in als wat u hier een of twee
weken geleden zei? Staan er misschien andere zaken in, waardoor hij
zou moeten twijfelen aan het feit of hij een nieuwe procedure moet
opstarten?
Vooral wil ik ook weten hoe het nu zit met de selectieprocedure. Zal
die nu beginnen? Is daar in de Ministerraad overleg over? Wordt er
achter de veren van minister Reynders gezeten om dat nu toch terug
in gang te steken? Ik denk namelijk dat de zaak dringend wordt.
M. Reynders a toutefois déclaré la
semaine dernière qu'il avait
adressé une lettre à la ministre de
la Fonction publique pour lui
demander
un
complément
d'information
à
propos
d'éventuelles irrégularités dans la
procédure de sélection et qu'il
attendait toujours une réponse
circonstanciée.
La ministre a-t-elle déjà répondu à
la lettre de son collègue des
Finances et en quoi consiste cette
réponse? De nouveaux éléments
sont-ils apparus, exigeant la mise
en route d'une nouvelle procédure
de sélection? Qu'en sera-t-il à
présent de cette sélection? Il s'agit
en fin de compte d'un département
extrêmement important au niveau
des recettes de l'Etat. Il convient
dès lors de pourvoir le plus
rapidement possible à cette
fonction.
11.02 Minister Inge Vervotte: Mijnheer de voorzitter, collega, ik deel
uiteraard uw mening dat de FOD Financiën een belangrijk
departement is, zowel wat betreft de werking als het aantal
personeelsleden. Dit is dus een belangrijk dossier en wij hebben de
intentie om dit ook op een goede manier aan te pakken en te zoeken
11.02 Inge Vervotte, ministre: À
la
suite
du
courrier
de
M. Reynders, j'ai demandé que
l'on vérifie si des erreurs avaient
été commises dans le cadre de
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
naar oplossingen. Dat is mijn uitgangspunt in dit dossier.
Ik heb inderdaad contact gehad met mijn collega van Financiën over
de selectieprocedure voor een nieuwe voorzitter van de FOD
Financiën. Naast andere zaken ben ik immers ook bevoegd voor
Selor. Een goede werking van deze instelling is dus een van mijn
taken en verantwoordelijkheden. Ik wil dit ook ernstig nemen.
Na de brief van collega Reynders ik heb inderdaad een brief van
hem ontvangen heb ik laten onderzoeken of er fouten zijn gebeurd
bij de betrokken selectieprocedure. Ik heb daartoe extern juridisch
advies ingewonnen. Het was belangrijk dat dit een extern juridisch
advies was en niet zomaar een interne beoordeling, zowel op
administratiefrechtelijk als op strafrechtelijk vlak. Hieruit is gebleken
dat er geen onregelmatigheden zijn gebeurd in de betrokken
selectieprocedure. Er is een antwoord van mij vertrokken naar
minister Reynders met dit juridisch advies. Het is nu aan hem om te
beoordelen welke verdere stappen er in dit dossier moeten worden
gezet.
Uiteraard blijf ik binnen mijn bevoegdheden bereid om te helpen
zoeken naar een oplossing want dat is uiteindelijk de doelstelling die
wij allen dienen na te streven, uiteraard met respect voor alle
procedures. Ik herhaal dus dat er extern juridisch advies is
ingewonnen en dat er geen onregelmatigheden zijn vastgesteld in de
selectieprocedure. Minister Reynders werd daarvan per brief op de
hoogte gesteld.
cette procédure de sélection. J'ai
sollicité un avis juridique externe à
cet effet. Celui-ci a révélé
qu'aucune irrégularité n'avait été
commise.
J'ai
renvoyé
une
réponse écrite en ce sens à
M. Reynders. Il lui appartient à
présent de juger des initiatives qui
devront être prises dans ce
dossier. Je reste évidemment
disposée à aider à trouver une
solution, dans les limites de mes
compétences.
11.03 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Die antwoordbrief is van
recente datum, mag ik veronderstellen?
11.03 Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): Je suppose que
cette réponse écrite a été envoyée
récemment.
11.04 Minister Inge Vervotte: Ja.
11.04 Inge Vervotte, ministre:
Oui.
11.05 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Als u er niet op kunt
antwoorden, hoeft u er niet op te antwoorden, maar binnen de
regering is het idee nog altijd dat de selecties via ons eigen
overheidsorgaan moeten gebeuren? Of heeft minister Reynders de
vrije keuze en kan hij Selor aan de kant laten?
11.05 Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): M. Reynders peut-il,
le cas échéant, opter pour une
procédure de sélection qui soit
organisée non pas par le Selor
mais par son propre service ?
11.06 Minister Inge Vervotte: Het is heel duidelijk daar wil ik
formeel in zijn dat het niet aan de heer Reynders is daartoe het
initiatief te nemen. Het is evident dat dit zal gebeuren in overleg in de
schoot van de regering. Voor mij is het duidelijk dat er geen
onregelmatigheid is gebeurd in de selectieprocedure en dat ik dus
geen reden zie waarom wij niet met Selor zouden werken.
11.06 Inge Vervotte, ministre:
M. Reynders ne peut pas en
prendre l'initiative. Une telle
initiative est prise en concertation
au sein du gouvernement. Je ne
vois cependant aucune raison de
ne pas faire appel au Selor en
l'occurrence.
11.07 Peter Vanvelthoven (sp.a+Vl.Pro): Dat is duidelijk. Dank u
wel.
11.07
Peter Vanvelthoven
(sp.a+Vl.Pro): C'est clair.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
Voorzitter: Peter Vanvelthoven
Président: Peter Vanvelthoven
12 Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven
over "het aantal ambtenaren" (nr. 6694)
12 Question de M. Michel Doomst à la ministre de la Fonction publique et des Entreprises publiques
12.01 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, vooruitkijkend naar de komende jaren is het
belangrijk te weten wat de regering op dat vlak meent te mogen
vooropstellen. Een paar weken geleden verkondigde de minister van
Ondernemen en Vereenvoudigen immers dat hij zich engageert
slechts een op drie ambtenaren die in de toekomst op pensioen gaan
te laten vervangen.
Op woensdag 25 juni heeft ook Voka dezelfde oproep gedaan. Zij
menen dat het aantal ambtenaren tegen 2019 met 70.000 moet
verminderen. Dat betekent dat slechts de helft zou moeten worden
vervangen en dat daarmee geld kan worden vrijgemaakt voor de
vergrijzing en voor de bedrijven. Graag wil ik de zienswijze van de
regering daarover kennen. Het zou immers kunnen zijn dat de
zienswijze van de minister van Vereenvoudigen iets te eenvoudig is.
12.01 Michel Doomst (CD&V -
N-VA):
Le
ministre
pour
l'Entreprise et la Simplification est
d'avis que seul un fonctionnaire
sur trois qui part à la retraite
devrait être remplacé. Le VOKA
aussi veut diminuer le nombre de
fonctionnaires de 70.000 unités
d'ici à 2019. Quelle est la position
du gouvernement en la matière?
12.02 Minister Inge Vervotte: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Doomst, misschien eerst wat facts and figures. Er wordt namelijk
vaak abstract gesproken in dit debat. Ik vind het goed om een aantal
zaken te objectiveren.
Als we de evolutie van het aantal ambtenaren bekijken in 2005 tot
2007, dan merken we dat er op 1 januari 2008 bijna een status-quo is
met 1 januari 2005 op het federaal niveau. Niet hetzelfde kan worden
gezegd inzake het aantal ambtenaren op het lokaal vlak, ook niet op
het vlak van de Gewesten en de Gemeenschappen, ook niet op
provinciaal vlak. Als we objectief naar de cijfers kijken, blijft de
federale overheid daarin op een status-quo.
In 2007 blijkt het globaal aantal nieuwkomers en vertrekkenden zich
dus wat te stabiliseren. Heel concreet gaat het over 3.746
nieuwkomers en 3.666 vertrekkenden. Onder de nieuwkomers zien
we een stijging in de gevangenissen en in de FOD Binnenlandse
Zaken, welke de grootste groeiers zijn. Voor de FOD Justitie,
gevangenissen, bedraagt de stijging 473, en voor de FOD
Binnenlandse Zaken 134. De grootste daler is de FOD Financiën met
500.
De grootste groeiers zijn Justitie en Binnenlandse Zaken, die toch wel
heel duidelijk operationele taken vervullen waar de burger naar
vraagt. Voor ons vervullen zij essentiële taken van een overheid. Als
we die twee buiten beschouwing zouden laten, dan zou dat zelfs een
vermindering geven met 0,7% van het totale tewerkstellingsvolume.
Het is misschien ook interessant, als we de debatten daarover
voeren, om te kijken naar het aantal vertrekkenden door
pensionering. Dat is 56% van het totaal aantal vertrekkende binnen de
FOD's en de POD's. De overige 44% van de uitstroom is wegens
ontslag, overlijden, interne mobiliteit. Een groot gedeelte van de
uitstroom is dus te wijten aan pensionering. Daarin zit voor ons nu de
12.02 Inge Vervotte, ministre:
L'étude de l'évolution du nombre
de fonctionnaires révèle un statu
quo au niveau fédéral au 1
er
janvier 2008 par rapport à la
situation qui prévalait en 2005. On
ne peut en dire autant des autres
niveaux de pouvoir, qu'il s'agisse
de
l'échelon
local,
régional,
communautaire ou provincial.
Un total de 3.666 fonctionnaires
fédéraux sont partis en 2007
tandis que 3.746 sont venus
rejoindre
les
effectifs.
L'augmentation du nombre de
fonctionnaires
se
manifeste
principalement dans les prisons et
à l'Intérieur, où l'on a recensé
respectivement 473 et 134 entrées
en fonction. Il s'agit surtout de
tâches
opérationnelles
pour
lesquelles une demande existe de
la part du citoyen et qui sont
essentielles pour une autorité.
Sans inclure ces deux secteurs
dans le calcul, on observe même
une baisse de 0,7%. Au SPF
Finances,
le
nombre
de
fonctionnaires a baissé de 500
unités.
Parmi les fonctionnaires quittant
leurs fonctions, 65% partent à la
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
opportuniteit voor de komende jaren en dat is het uitgangspunt dat ik
wil nemen.
We kijken even naar de in- en uitstroom in 2007, want dat moet ook
mee in het debat worden gebracht. We weten dat onze
ondernemingen, organisaties, diensten van de overheid constant in
verandering zitten onder meer omdat de verwachtingen van de
burgers steeds veranderend zijn. De omgeving waarin onze
ambtenaren moeten functioneren is steeds veeleisender en
complexer. Dit betekent dat je steeds meer nood hebt aan hoger
geschoold personeel. We mogen het debat dus niet eenzijdig voeren
op basis van enkel en alleen het aantal ambtenaren. We moeten ook
kijken naar de verschuivingen met betrekking tot de competenties,
profielen en heel concreet tot niveaus. U weet dat dit bij de overheid
geregeld wordt via niveaus.
Niveau D is het laagste niveau. In de loop van de jaren heeft de
overheid als werkgever ook een verschillend profiel aangenomen. Er
is een tijd geweest dat er massaal werd aangeworven omdat de
overheid een tewerkstellingstaak kreeg opgedragen. Dat was toen
noodzakelijk en cruciaal.
Nu is de situatie van de arbeidsmarkt anders. Vandaag tellen we heel
wat ambtenaren van niveau C of D, die destijds door de overheid
werden aangeworven. Op dat vlak zien wij wel degelijk nu al de
effecten van het beleid: voor niveau D worden 7 op de 10 niet
vervangen, voor niveau C worden 4 op de 10 niet vervangen, terwijl er
voor de niveaus B en A 30% meer ambtenaren binnenkomen dan dat
er vertrekken. Daarmee moeten wij rekening houden. Er zijn er die
eenvoudige berekeningen maken over hoeveel een en ander zal
opbrengen aan de overheid. Daar moet men toch voorzichtig mee
zijn, want soms wordt iemand niet vervangen op niveau D, terwijl men
wel iemand nodig heeft op niveau A, wat een hogere kostprijs met
zich brengt voor de overheid. Er moet dus genuanceerdheid zijn in het
debat.
Ik volg zeker en vast de uitspraak dat we naar een betere
ondersteunende ambtenaar moeten gaan. Maar wij moeten
vertrekken vanuit de vraag wat de reële functionele behoeften van de
organisatie zijn.
Ik ga ervan uit dat de taken die de overheid vandaag doet, op een
gegeven moment zijn toegewezen. Ik hoor ook niemand daarover
discussiëren. Wat de taken van de overheid betreft, is het kader voor
mij heel duidelijk. Het is mogelijk dat er soms bijkomende opdrachten
worden gegeven, met het oog op het beleid dat een minister wil
uitvoeren. Dan moet telkenmale opnieuw die beoordeling gebeuren.
De essentie is dat nu voor de duidelijk omschreven taken, waarover
geen discussie is, wordt gekeken wat de reële functionele behoeften
zijn van de organisatie. Ik ben er heel erg voorstander van ik heb
dat ook in mijn beleidsnota een prominente plaats gegeven dat de
organisaties daarin zelf worden geresponsabiliseerd. Ik ben dus tegen
lineaire
toestanden.
De
organisaties
moeten
worden
geresponsabiliseerd via de methodiek en het instrument van een
bestuursovereenkomst,
waarin
ook
een
strategische
meerjarenpersoneelsplanning moet worden opgenomen. Daarover
kunnen dan afspraken worden gemaakt.
retraite. Si cette réalité ouvre
d'importantes
perspectives,
je
voudrais toutefois éviter que l'on
nourrisse des espoirs démesurés
à cet égard. Les compétences
exigées, les profils et les niveaux
sont en mutation constante. Ainsi,
si de nombreux fonctionnaires des
niveaux C et D ont été engagés
dans le passé, la situation du
marché du travail est tout à fait
différente actuellement puisque
74% des fonctionnaires du niveau
D et 40% de ceux du niveau C ne
sont pas remplacés, tandis que le
nombre d'arrivants aux niveaux A
et B est 30% supérieur à celui des
départs.
Il convient dès lors de se garder
de toute déclaration fracassante
sur les économies que l'on
pourrait réaliser en disposant de
moins de fonctionnaires. Si leur
nombre diminue aux niveaux
inférieurs, il ne faut pas oublier
qu'un fonctionnaire de niveau A
coûte beaucoup plus cher.
Je considère que tout SPF ou SPP
doit se fonder sur ses besoins
réels en personnel par rapport à
ses missions. Je ne veux pas de
mesures
linéaires,
je
veux
responsabiliser les organisations
elles-mêmes,
comme
je l'ai
indiqué dans ma note de politique
générale. Je préconise d'élaborer
avec les administrations publiques
des
contrats
d'administration
comportant un plan de personnel
pluriannuel et stratégique.
C'est pourquoi j'ai demandé à
l'Inspection des Finances de
dresser un inventaire de tous les
éléments utiles. Sur la base de
ces
données,
dont
j'espère
disposer cette année encore, je
rechercherai avec les présidents
des administrations une méthode
efficace en termes de coûts.
Ensuite,
il
conviendra
de
développer un plan stratégique à
long terme en matière de politique
du personnel.
CRIV 52
COM 288
02/07/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
Ik heb gezegd dat we moeten vertrekken vanuit de functionele
behoeften. Het zal de organisaties en de diensten toekomen om daar
een strategische personeelsplanning tegenover te plaatsen, wat dus
deel zal uitmaken van de onderhandelingen in het kader van de
bestuursovereenkomsten. Daarbij zullen we ook moeten kijken, over
de verschillende diensten heen, dat men toch op een kostenefficiënte
manier deze strategische personeelsplanning opstelt.
Hoe gaat het debat nu verder? Als men dat allemaal in kaart wil
brengen, is het natuurlijk heel belangrijk om het aantal ambtenaren en
andere medewerkers te kennen. We moeten vaststellen dat daarvoor
niet altijd alle gegevens ter beschikking zijn. De inspectie van
Financiën heeft de opdracht gekregen om al die elementen in kaart te
brengen. Het is de bedoeling om in de loop van dit jaar over de
resultaten van het onderzoek te beschikken.
Met die resultaten zullen we in debat gaan met de voorzitters van
FODs
en
de
PODs
en
natuurlijk
ook
met
de
personeelsverantwoordelijken om te kijken hoe we tot een
kostenefficiënte methodiek kunnen komen. Dan kunnen we een
strategische personeelsplanning op basis van de functionele
behoeften per organisatie bekijken, alsook een strategische
langetermijnplanning inzake personeel voor de verschillende diensten,
ook op macrogebied. Dat is mijn benadering van het debat.
Er is een opportuniteit, omdat er een grote uitstroom is. Voorts moet
men oppassen voor het creëren van te grote verwachtingen wat dat
betreft. We zullen zeker wijzigingen kunnen aanbrengen qua
aantallen, maar qua kostprijs mag men de functionele veranderingen
in de organisaties niet onderschatten. Laten we uitgaan van
performante diensten van de overheid, wat moet worden gerealiseerd
via strategische meerjarenplanning op het vlak van personeelsbeleid.
De voorzitter: Mijnheer Doomst, behoeft het antwoord van de minister een repliek?
12.03 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik zou
kort willen repliceren.
Ik dank de minister voor het feit dat zij de discussie nuanceert. Ik had
immers de indruk dat het inderdaad een zwart-witdiscussie was. Het
is goed dat wij vrouwelijke ministers hebben die de cijfers objectief op
een rijtje zetten.
Mevrouw de minister, ik ben blij dat u bedoelde cijfers via de inspectie
van Financiën volledig zal objectiveren.
Wij blijven natuurlijk met geweldig hoge cijfers inzake de verhouding
tussen de ambtenaren en de bevolking. Sommige spreken over
efficiëntiecommissies. Ik neem aan dat het een methodiek is om via
experts, ambtenaren en politici de zaak objectief af te wegen. Ik neem
ook aan dat het een methodiek is waarover wij moeten praten, eens
wij zover zijn om af te wegen hoe wij een en ander in de feiten zullen
uitwerken.
12.03 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): Je suis heureux que la
ministre nuance cette discussion
manichéenne. Il n'en demeure pas
moins que la Belgique compte un
nombre particulièrement élevé de
fonctionnaires par rapport à sa
population.
12.04 Minister Inge Vervotte: Ik ben het er helemaal mee eens om te
vertrekken van de vraag wat performante organisaties zijn, zij het dan
wel op basis van de functionele behoefte.
12.04 Inge Vervotte, ministre: Je
déplore que chacun cible assez
unilatéralement
les
autorités
02/07/2008
CRIV 52
COM 288
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
36
Vandaag is het probleem in het debat dat nogal eenzijdig naar de
federale overheid wordt gekeken. Dat is volgens mij ten onrechte,
wanneer wij de cijfers ten gronde bekijken en aangezien iedereen de
cijfers van de OESO hanteert. De OESO heeft bij het maken van de
vergelijking wel degelijk met alle ambtenaren rekening gehouden. Ze
heeft geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende niveaus,
terwijl de conclusies die nu worden getrokken, nogal eenzijdig het
federale niveau betreffen.
Ik kan in het dossier geen coördinerende functie opnemen over
bijvoorbeeld
de
lokale
besturen.
Dat
zou,
gezien
de
bevoegdheidsverdeling, trouwens ongepast zijn. Ik verwacht dan
echter ook dat zij die het belangrijk vinden om het punt in het publieke
debat te gooien, de eerlijkheid hebben om te kijken naar de niveaus
waar er vooral stijgingen zijn.
fédérales, ce qui n'est pas justifié.
L'OCDE a inclus tous les
fonctionnaires dans ses calculs. Il
ne m'appartient pas de m'ingérer
dans la politique d'autres autorités
à l'égard de la fonction publique.
Ceux qui montrent le pouvoir
fédéral du doigt doivent toutefois
aussi oser placer les autres
autorités
face
à
leurs
responsabilités.
12.05 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Wij zullen het doorzeggen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 16.24 uur.
La réunion publique de commission est levée à 16.24 heures.