KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 391
CRIV 52 COM 391
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR HET
B
EDRIJFSLEVEN
,
HET
W
ETENSCHAPSBELEID
,
HET
O
NDERWIJS
,
DE
N
ATIONALE WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE
I
NSTELLINGEN
,
DE
M
IDDENSTAND
EN DE
L
ANDBOUW
C
OMMISSION DE L
'E
CONOMIE
,
DE LA
P
OLITIQUE
SCIENTIFIQUE
,
DE L
'E
DUCATION
,
DES
I
NSTITUTIONS SCIENTIFIQUES ET CULTURELLES
NATIONALES
,
DES
C
LASSES MOYENNES ET DE
L
'A
GRICULTURE
dinsdag
mardi
09-12-2008
09-12-2008
Namiddag
Après-midi
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a+Vl.Pro
socialistische partij anders + VlaamsProgressieven
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer Stefaan Vercamer aan de
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de afwijkingen op het
monopolie bouwen met een architect" (nr. 8942)
1
Question de M. Stefaan Vercamer à la ministre
des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de
la Politique scientifique sur "les dérogations au
monopole des architectes en matière de
construction" (n° 8942)
1
Sprekers:
Stefaan
Vercamer,
Sabine
Laruelle, minister van KMO's, Zelfstandigen,
Landbouw en Wetenschapsbeleid, Bart
Tommelein
, voorzitter van de Open Vld-fractie
Orateurs:
Stefaan
Vercamer,
Sabine
Laruelle,
ministre
des
PME,
des
Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique, Bart Tommelein,
président du groupe Open Vld
Vraag van de heer Bart Tommelein aan de
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "het beroep van
vastgoedmakelaar" (nr. 8731)
4
Question de M. Bart Tommelein à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la profession d'agent
immobilier" (n° 8731)
4
Sprekers: Bart Tommelein, voorzitter van de
Open Vld-fractie, Sabine Laruelle, minister
van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid
Orateurs: Bart Tommelein, président du
groupe Open Vld, Sabine Laruelle, ministre
des PME, des Indépendants, de l'Agriculture
et de la Politique scientifique
Vraag van mevrouw Josée Lejeune aan de
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de opdracht van
kredietbemiddelaar van KefiK" (nr. 8822)
6
Question de Mme Josée Lejeune à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la mission de médiateur
de crédit du CeFIP" (n° 8822)
6
Sprekers: Josée Lejeune, Sabine Laruelle,
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw
en Wetenschapsbeleid
Orateurs: Josée Lejeune, Sabine Laruelle,
ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique
Vraag van de heer Luk Van Biesen aan de
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "schijnzelfstandigheid"
(nr. 8904)
7
Question de M. Luk Van Biesen à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "les faux indépendants"
(n° 8904)
7
Sprekers: Luk Van Biesen, Sabine Laruelle,
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw
en Wetenschapsbeleid
Orateurs: Luk Van Biesen, Sabine Laruelle,
ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique
Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan
de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw
en Wetenschapsbeleid over "de dienstencheques
voor pas bevallen zelfstandigen" (nr. 7601)
10
Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu à la
ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique sur "les
titres-services
pour
les
travailleuses
indépendantes
qui
viennent
d'accoucher"
(n° 7601)
10
Sprekers: Sabien Lahaye-Battheu, Sabine
Laruelle
, minister van KMO's, Zelfstandigen,
Landbouw en Wetenschapsbeleid
Orateurs: Sabien Lahaye-Battheu, Sabine
Laruelle
,
ministre
des
PME,
des
Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique
Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de
minister van Klimaat en Energie over "misbruiken
met de Car-pass" (nr. 8176)
12
Question de M. Renaat Landuyt au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les abus concernant le
Car-Pass" (n° 8176)
12
Sprekers: Renaat Landuyt, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Renaat Landuyt, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Zoé Genot aan de minister
van Klimaat en Energie over "de reclame van
bepaalde instellingen voor consumentenkrediet"
(nr. 8194)
14
Question de Mme Zoé Genot au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la publicité de certaines
entreprises de crédit à la consommation"
(n° 8194)
14
Sprekers: Zoé Genot, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Zoé Genot, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Vraag van de heer Philippe Henry aan de minister
van Klimaat en Energie over "kernafval" (nr. 8278)
17
Question de M. Philippe Henry au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les déchets nucléaires"
(n° 8278)
17
Sprekers: Philippe Henry, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Philippe Henry, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister
van Klimaat en Energie over "Synatom en het
Myrrha-project" (nr. 8746)
19
Question de M. Peter Logghe au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "Synatom et le projet
Myrrha" (n° 8746)
19
Sprekers: Peter Logghe, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Peter Logghe, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
doorrekening van de lagere energieprijzen in de
maandelijkse voorschotten" (nr. 8765)
21
Question de Mme Katrien Partyka au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la prise en compte de
la baisse des prix de l'énergie dans les avances
mensuelles" (n° 8765)
21
Sprekers: Katrien Partyka, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Katrien Partyka, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister van Klimaat en Energie over "Synatom"
(nr. 8806)
23
Question de Mme Katrien Partyka au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "Synatom" (n° 8806)
23
Sprekers: Katrien Partyka, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Katrien Partyka, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister van Klimaat en Energie over "preventie
en vorming inzake overmatige krediet- en
schuldenlast" (nr. 8852)
24
Question de Mme Katrien Partyka au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la prévention et la
formation en matière de surendettement et de
charge de crédit excessive" (n° 8852)
24
Sprekers: Katrien Partyka, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Katrien Partyka, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Zoé Genot aan de minister
van
Klimaat
en
Energie
over
"de
informatiebrochure voor personen die naar Mekka
op bedevaart gaan" (nr. 8865)
26
Question de Mme Zoé Genot au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la brochure
d'information aux personnes se rendant en
pèlerinage à La Mecque" (n° 8865)
26
Sprekers: Zoé Genot, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Zoé Genot, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Hagen Goyvaerts aan de
minister van Klimaat en Energie over "het contact
van
de
Brusselse
bevolking
met
energieleverancier
Electrabel-GDF
Suez"
(nr. 9035)
28
Question de M. Hagen Goyvaerts au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "le point de contact
prévu par le fournisseur d'énergie Electrabel-GDF
Suez pour la population de Bruxelles" (n° 9035)
28
Sprekers: Hagen Goyvaerts, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie, Tinne Van
der Straeten
Orateurs: Hagen Goyvaerts, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie, Tinne Van
der Straeten
Vraag van de heer Philippe Henry aan de minister
van Klimaat en Energie over "internationale
offshore windparken" (nr. 9080)
30
Question de M. Philippe Henry au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'éolien offshore
international" (n° 9080)
30
Sprekers: Philippe Henry, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Philippe Henry, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Tinne Van der Straeten aan
de minister van Klimaat en Energie over "een
heffing van 750 miljoen voor Electrabel" (nr. 9104)
32
Question de Mme Tinne Van der Straeten au
ministre du Climat et de l'Énergie sur "une
redevance de 750 millions pour Electrabel"
(n° 9104)
32
Sprekers: Tinne Van der Straeten, Paul
Magnette
, minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Tinne Van der Straeten, Paul
Magnette
, ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Xavier Baeselen aan de
minister van Klimaat en Energie over "in China
35
Question de M. Xavier Baeselen au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les jouets fabriqués en
35
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iii
gemaakt speelgoed" (nr. 8840)
Chine" (n° 8840)
Sprekers: Xavier Baeselen, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Xavier Baeselen, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR HET
BEDRIJFSLEVEN, HET
WETENSCHAPSBELEID, HET
ONDERWIJS, DE NATIONALE
WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE INSTELLINGEN, DE
MIDDENSTAND EN DE
LANDBOUW
COMMISSION DE L'ECONOMIE,
DE LA POLITIQUE SCIENTIFIQUE,
DE L'EDUCATION, DES
INSTITUTIONS SCIENTIFIQUES
ET CULTURELLES NATIONALES,
DES CLASSES MOYENNES ET DE
L'AGRICULTURE
van
DINSDAG
9
DECEMBER
2008
Namiddag
______
du
MARDI
9
DÉCEMBRE
2008
Après-midi
______
De vergadering wordt geopend om 14.17 uur en voorgezeten door de heer Bart Laeremans.
La séance est ouverte à 14.17 heures et présidée par M. Bart Laeremans.
01 Vraag van de heer Stefaan Vercamer aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de afwijkingen op het monopolie bouwen met een architect" (nr. 8942)
01 Question de M. Stefaan Vercamer à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "les dérogations au monopole des architectes en matière de construction"
(n° 8942)</b>
01.01 Stefaan Vercamer (CD&V): Op 4 juli 2007 besliste de
Conferentie van gouverneurs om in de toekomst strikter op te treden
tegen de afwijkingen op het monopolie van architecten te beperken.
Men maakt daarbij onderscheid tussen nieuwbouw, een verbouwing
en het oprichten van een bijgebouw. Terwijl er vroeger voor de
burgerlijke ingenieurs geen enkel probleem was, is in de loop der
jaren zelfs de praktijk gegroeid dat men voor alle ingenieurs, inclusief
industriële en technische ingenieurs, de afwijking eenmalig gaf, voor
het bouwen van hun eigen woning. Nu is men zo strikt geworden dat
alle afwijkingen van de voorbije jaren worden tenietgedaan en dat
men zelfs voor de burgerlijke ingenieurs beperkingen invoert.
Omwille van die zeer strikte interpretatie van het College van
gouverneurs rijst de vraag of het nog wel zin heeft om afwijkingen aan
te vragen bij de gouverneur. Is het niet beter dat de minister zelf de
reglementering duidelijk aanpast en de beslissing automatisch door
de administratie laat nemen, met eventueel een beroepsmogelijkheid
bij de minister?
Momenteel kunnen de betrokkenen geen georganiseerd of
administratief beroep instellen, bij de minister of een andere instantie,
tegen de beslissing van de gouverneur. Het enige wat zij kunnen
doen, is naar de Raad van State gaan. Men weet heel goed dat dit in
de regel niet gebeurt, niet alleen omdat het lang duurt, maar vooral
omdat een procedure bij de Raad van State met juridische bijstand
veel meer kost dan het aanspreken van een architect voor het
tekenen van een woning.
01.01 Stefaan Vercamer (CD&V):
Le 4 juillet 2007, les gouverneurs
ont décidé de se montrer plus
stricts en ce qui concerne l'octroi
de dérogations au monopole des
architectes. Si, par le passé, tous
les ingénieurs bénéficiaient d'une
dérogation unique pour construire
leur propre habitation, on fait
preuve aujourd'hui d'une rigueur
telle que toutes les dérogations
passées sont annulées et que des
limitations sont même instaurées
pour les ingénieurs civils.
Est-il encore utile de demander
une dérogation au gouverneur?
N'est-il pas préférable d'adapter la
réglementation afin que la décision
relève de l'administration et qu'une
possibilité de recours auprès du
ministre
soit
ouverte?
Actuellement, il faut saisir le
Conseil d'État d'une demande en
annulation de la décision du
gouverneur, ce que personne ne
fait parce que le coût de la
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
Ik heb de volgende vragen.
Ten eerste, is de striktere toepassing, door de gouverneurs, van de
reglementering inzake afwijkingen op het monopolie van de
architecten in uw opdracht of in samenspraak met u gebeurd? Welke
zijn de redenen voor de striktere toepassing, gelet op het verleden?
Ten tweede, komt het aan de besloten vergadering van de
gouverneurs toe om afwijkingen op de reglementering veralgemeend
op te leggen?
Ten derde, kunt u een overzicht geven van de verleende afwijkingen
in de jaren 2006, 2007 en 2008, per provincie, per gouverneur en voor
welke diploma's?
Ten vierde, zult u de reglementering ter zake aanpassen aan de door
het College van gouverneurs afgesproken striktere toepassing?
Welke procedures zult u volgen voor een eventuele aanpassing van
de reglementering?
Ten slotte, zult u in de toekomst in een beroepsmogelijkheid voorzien
voor de betrokkenen, zonder dat zij daarvoor naar de Raad van State
moeten trekken?
procédure dépasse celui de la
réalisation de plans par un
architecte.
Pourquoi les gouverneurs se
montrent-ils désormais plus stricts
concernant les dérogations? Est-
ce à la demande du ministre?
Appartient-il à une réunion fermée
de gouverneurs d'imposer de
manière générale des dérogations
à une réglementation? Le ministre
peut-il fournir un aperçu des
dérogations accordées depuis
2006 ainsi que des diplômes pour
lesquels elles l'ont été? Compte-t-il
adapter la réglementation et, dans
l'affirmative, sur la base de quelles
procédures et quelles voies de
recours seront prévues?
01.02 Minister Sabine Laruelle: De striktere toepassing gebeurt noch
in opdracht van, noch in samenspraak met mijzelf.
In dit verband heeft de Raad van State in de zaak 26.763 van 26 juni
1986 reeds het volgende gesteld. Ik citeer: "het hanteren van een
criterium op grond waarvan alle regelingen die eraan voldoen zonder
verder onderzoek, bekwaam worden geacht om de plannen voor hun
eigen woning op te stellen er echter niet toe kan leiden dat al
diegenen die aan het criterium niet automatisch voldoen en zonder
onderzoek van de concrete gegevens van de zaak geacht worden niet
de vereiste kennis en bekwaamheid te bezitten. Dat zulks immers
strijdig zou zijn met het beginsel dat alle aanvragen tot afwijking
individueel moeten worden beoordeeld. Ook impliceert dit de toetsing
aan een algemene beleidslijn welke hier onder meer is de kennis en
bekwaamheid op het gebied van bouwtechniek en architectuur, dat
die kennis en bekwaamheid niet uitsluitend een zaak van diploma's
hoeft te zijn".
De Conferentie van gouverneurs heeft een beslissing genomen, maar
dit neemt niet weg dat de gouverneur geval per geval moet oordelen
en de afwijking mag toestaan op voorstel van het schepencollege. De
beslissing van de conferentie is niet juridisch bindend voor de
gouverneur.
Het overzicht dat u vraagt, kan niet binnen dit korte tijdsbestek
worden geleverd en de gouverneurs hebben geen wettelijke
verplichtingen de afwijkingen te communiceren aan de Orde van
architecten of aan de bevoegde minister.
Ik zal de provinciegouverneurs verzoeken me deze informatie te
bezorgen.
De bepaling in artikel 4, lid 2, van de wet van 20 februari 1939 laat
01.02 Sabine Laruelle, ministre:
L'application plus stricte des règles
ne se fait pas à la demande du
ministre ni en concertation avec
lui.
Aux termes de l'arrêt du Conseil
d'État du 26 juin 1986, l'application
d'un critère pour déterminer qui
est compétent pour établir les
plans de l'habitation personnelle
ne signifie pas que les personnes
qui ne satisfont pas au critère
soient automatiquement et de
facto
incompétentes pour cela. La
connaissance et la compétence ne
sont pas seulement une question
de diplôme.
La conférence des gouverneurs a
pris une décision. Le gouverneur
doit néanmoins se prononcer sur
chaque cas individuellement et
peut accorder la dérogation sur
proposition du Collège échevinal.
La décision de la conférence n'est
pas juridiquement contraignante
pour le gouverneur.
Je ne dispose pas d'un aperçu des
dérogations accordées mais je
demanderai aux gouverneurs de
m'informer.
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
veel ruimte voor interpretatie en komt de rechtszekerheid niet ten
goede, zoals blijkt uit de vele beroepen bij de Raad van State. Ze
vormen een uitzondering op het eerste lid dat zegt dat de provincie,
de gemeente, de openbare instellingen en de particulier een beroep
moeten doen op de medewerking van een architect voor het opmaken
van de plannen en de controle op de uitvoering van de werken voor
welke door de wetten, besluiten en reglementen een voorafgaande
aanvraag voor toelating tot bouwen is opgelegd.
Deze bepaling, in combinatie met artikel 1792, beoogt de
bescherming van het algemeen belang, met name, de algemene
veiligheid. Het verlenen van de afwijking mag dus maar gebeuren
indien er voldoende garanties zijn dat de veiligheid niet in het gedrang
komt.
Afgezien van het veiligheidsprobleem genieten woningen die worden
gebouwd zonder architect niet in dezelfde mate van bescherming in
hoofde van het artikel 1792. Zo rust er op de aannemer bijvoorbeeld
geen verzekeringsplicht waardoor de bouwheer of degene die het huis
van hem koopt bij gebrek aan de woning een eventuele
schadevergoeding kan mislopen.
Momenteel wordt nagedacht over een aanpassing van deze afwijzing.
Deze zal in nauwe samenwerking met de Orde van architecten, die dit
probleem bestudeert, en de provincie tot stand komen.
La disposition de l'article 4, alinéa
2, de la loi de 1939 laisse une
grande marge d'interprétation, au
détriment de la sécurité juridique.
D'une part, le recours à un
architecte
est
légalement
obligatoire et d'autre part, l'article
1792 du Code civil vise la sécurité
générale. Une dérogation n'est
dès lors possible que lorsque les
garanties
de
sécurité
sont
suffisantes. Il n'en reste pas moins
qu'une habitation construite sans
architecte ne bénéficie pas de la
même protection prévue à l'article
1792 : l'entrepreneur n'a aucune
obligation
d'assurance
et
si
l'habitation présente des vices, il
se
peut
qu'aucun
dédommagement ne soit obtenu.
L'aménagement
de
cette
dérogation est actuellement à
l'examen.
En ce qui concerne la toute
dernière partie de la question, je
dois répondre par la négative.
01.03 Stefaan Vercamer (CD&V): Dank u, mevrouw de minister. Dat
is inderdaad duidelijk. Ik onthoud in elk geval dat de striktere
toepassing door het College van gouverneurs als algemene regel
juridisch niet bindend is en dat de gouverneur nog altijd geval per
geval een afwijking kan toestaan. Dat is het belangrijkste wat ik uit uw
antwoord onthoud.
Op dit moment interpreteren sommige gouverneurs het algemene
besluit van het College van gouverneurs als: wij staan geen
afwijkingen meer toe, wij houden ons strikt aan de veralgemeende
regel. Ik begrijp uit uw antwoord dat die regel niet juridisch bindend is
en dat een gouverneur nog altijd geval per geval een afwijking kan
toestaan.
01.03 Stefaan Vercamer (CD&V):
L'application plus stricte par le
collège des gouverneurs n'est
juridiquement pas contraignante et
le gouverneur peut toujours
accorder une dérogation, mais eu
égard à l'interprétation qui en est
faite actuellement, plus aucune
dérogation n'est accordée.
01.04 Minister Sabine Laruelle: Het kan, geval per geval, niet in het
algemeen. Wij moeten meer transparantie hebben. De wet dateert
wel uit 1939, dus uit de vorige eeuw. De gouverneurs hadden toen
meer bevoegdheden en meer gewicht dan nu. Misschien moeten wij
de evaluatie maken: is het nog normaal of niet, is het goed of niet?
De gouverneur kan geval per geval beslissen, voor mensen die later
bouwen. Het is een beetje...
01.04 Sabine Laruelle, ministre:
Une plus grande transparence est
effectivement nécessaire. La loi
date déjà de 1939 et doit être
évaluée.
01.05 Stefaan Vercamer (CD&V): Ik heb nog een vraagje. Ik ben
nog niet zo lang kamerlid. Mevrouw de minister, u gaat een schrijven
richten om informatie op te vragen. Moet ik mijn vraag schriftelijk
stellen of gaat u automatisch antwoorden?
01.06 Minister Sabine Laruelle: Ik zal schriftelijk antwoorden.
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
01.07 Stefaan Vercamer (CD&V): Stel ik de vraag nog eens
schriftelijk?
01.08 Minister Sabine Laruelle: Het is nog niet gebeurd, maar ik zal
een schrijven richten aan de gouverneurs. Ik kijk ook na bij de Orde
van architecten om te zien of het mogelijk is meer transparantie in het
systeem te brengen.
Ik zeg niet dat de gouverneur het niet meer zal doen.
01.08 Sabine Laruelle, ministre:
J'examinerai avec les gouverneurs
et
l'Ordre
des
Architectes
comment nous pouvons améliorer
la cohérence.
Je ne dis pas que le gouverneur ne le fera plus à l'avenir, mais il faut
peut-être limiter et avoir beaucoup plus de cohérence.
Misschien moeten er grenzen
gesteld worden en moet een en
ander op een coherentere manier
aangepakt worden.
01.09 Stefaan Vercamer (CD&V): U zult mij die informatie dus
schriftelijk bezorgen? Ik moet daarvoor geen speciale inspanning
meer doen?
01.09 Stefaan Vercamer (CD&V):
La ministre me transmettra-t-elle
de sa propre initiative ces
informations par écrit?
01.10 Minister Sabine Laruelle: Ik heb de schriftelijke informatie nog
niet.
01.11 Stefaan Vercamer (CD&V): Maar u zult ze mij bezorgen? Ik
moet geen nieuwe vraag stellen?
01.12 Minister Sabine Laruelle: Geen probleem. En als u mij een e-
mailadres meedeelt, kan ik de brief ook opsturen.
01.12 Sabine Laruelle, ministre:
Oui.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Normaal komt nu de vraag van mevrouw Lahaye-Battheu, maar de heer Tommelein heeft
gevraagd te mogen voorgaan, omdat hij van hier moet wegvliegen, heb ik begrepen. Ik vermoed dat men
hiertegen geen bezwaar zal hebben.
01.13 Bart Tommelein (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, ik zal dat
uiteraard goedmaken met mijn collega Sabine Lahaye-Battheu.
02 Vraag van de heer Bart Tommelein aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "het beroep van vastgoedmakelaar" (nr. 8731)
02 Question de M. Bart Tommelein à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la profession d'agent immobilier" (n° 8731)</b>
02.01 Bart Tommelein (Open Vld): Mevrouw de minister, het beroep
van vastgoedmakelaar is gereglementeerd op basis van de kaderwet
van 1 maart 1976 tot reglementering van de bescherming van de
beroepstitel en van de uitoefening van dienstverlenende, intellectuele
beroepen.
In artikel 3 van deze wet wordt melding gemaakt van het feit dat, als
het gereglementeerde beroep wordt uitgeoefend in het kader van een
rechtspersoon, haar bestuurders, zaakvoerders of werkende
vennoten, die persoonlijk de gereglementeerde activiteit uitoefenen,
die daadwerkelijk de leiding waarnemen van de diensten waar het
beroep wordt uitgeoefend, dienen te worden ingeschreven op het
02.01 Bart Tommelein (Open
Vld):
La
profession
d'agent
immobilier est réglementée par la
loi-cadre du 1
er
mars 1976.
L'article 3, deuxième alinéa, de
cette loi implique-t-il que la règle
énoncée au premier alinéa ne
s'applique qu'aux administrateurs,
gérants ou associés actifs, les
administrateurs
siégeant
par
exemple
au
conseil
d'administration d'une SA? Les
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
tableau van de beoefenaars.
Ten eerste, betekent artikel 3, tweede lid, van de kaderwet dat de
regel van het eerste lid enkel van toepassing is op de bestuurders,
zaakvoerders of werkende vennoten, waarbij de bestuurders degenen
zijn die in de raad van bestuur van bijvoorbeeld een nv zetelen? Zijn
zaakvoerders dan degenen die de bvba leiden en staan werkende
vennoten dan tegenover stille vennoten in de commanditaire
vennootschap of hebben deze werkende vennoten ook betrekking op
een bvba of een nv? Bestaat ter zake rechtspraak?
Ten tweede, kan met bovenvermelde, eerste interpretatie een
degelijke controle op het illegaal uitoefenen van het beroep worden
gegarandeerd?
Ten derde, zult u desgevallend wetgevende maatregelen nemen om
dit euvel te verhelpen?
gérants dirigent-ils la SPRL et les
associés actifs se distinguent-ils
des
associés
commanditaires
dans une société en commandite,
ou la dénomination «associés
actifs»
se
rapporte-t-elle
également à une SPRL ou à une
SA ? Une jurisprudence existe-t-
elle en la matière?
Cette interprétation permet-elle de
garantir que l'exercice illégal de la
profession d'agent immobilier est
contrôlé scrupuleusement? La
ministre prendra-t-elle le cas
échéant des mesures législatives?
02.02 Minister Sabine Laruelle: Artikel 4 van de kaderwet van
3 augustus 2007 en artikel 3 van de kaderwet van 1 maart 1976 tot
reglementering van de bescherming van de beroepstitel en van de
uitoefening van de dienstverlenende intellectuele beroepen
specificeren nergens dat het alleen om werkende vennoten binnen
een commanditaire vennootschap zou gaan. De tekst bepaalt wel dat
het moet gaan om zaakvoerders, bestuurders en werkende vennoten
die persoonlijk de gereglementeerde activiteit uitoefenen of die de
daadwerkelijke leiding waarnemen van de diensten waar het beroep
wordt uitgeoefend. Deze dienen ingeschreven te zijn op het tableau of
de toelating te hebben gekregen om het beroep occasioneel uit te
oefenen.
De bedoeling van de wetgever is diegenen die onder het zelfstandig
statuut het beroep in de vennootschap daadwerkelijk uitoefenen of die
de leiding hebben over de diensten waar de activiteit wordt
uitgeoefend te verplichten lid te zijn van het instituut. Daarenboven wil
men juist bestuurders die noch de activiteit zelf uitoefenen, noch de
gereglementeerde activiteit superviseren vrijstellen van inschrijving.
Het zou strijdig zijn met de geest van de wet om te besluiten dat als
werkende vennoten de gereglementeerde activiteit uitoefenen binnen
een andere vennootschapsvorm, de commanditaire vennootschappen
worden vrijgesteld van inschrijving op het tableau. Of er hierover al
rechtspraak bestaat is mij niet bekend.
Wat betreft uw tweede vraag, de hypothese die u stelt zou een
dergelijke controle inderdaad onmogelijk maken maar aangezien
deze interpretatie niet correct is, rijst dit probleem niet.
Wat betreft uw laatste vraag, indien vast komt te staan dat dit effectief
problemen oplevert, zal ik overwegen om de nodige ­ wetgevende ­
maatregelen te treffen.
02.02 Sabine Laruelle, ministre:
L'article 4 de la loi-cadre du 3 août
2007 ne précise nullement qu'il ne
s'agirait que d'actionnaires actifs
dans une société en commandite
mais bien qu'il doit s'agir de
chargés
d'affaires,
d'administrateurs et d'associés
actifs exerçant personnellement
l'activité réglementée ou assurant
effectivement la direction.
Ils doivent être inscrits au tableau
ou doivent avoir été autorisés à
exercer la profession à titre
occasionnel.
La loi vise précisément à obliger
les personnes qui exercent la
profession
en
qualité
d'indépendant dans une société,
ou en assurent la gestion, à être
membres de l'institut et à
dispenser
les
autres
administrateurs de l'inscription.
Dispenser les actionnaires actifs
de l'inscription, même s'ils ne
travaillent pas dans une société en
commandite, est contraire à
l'esprit de la loi. J'ignore s'il existe
une jurisprudence en la matière.
Puisque l'interprétation de M.
Tommelein n'est pas exacte, il ne
se pose pas de problème de
contrôle.
Si des problèmes devaient être
constatés,
j'envisagerais
des
mesures.
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
02.03 Bart Tommelein (Open Vld): Mevrouw de minister, ik dank u
voor dit duidelijk en zeer correct antwoord.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
03 Question de Mme Josée Lejeune à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la mission de médiateur de crédit du CeFIP" (n° 8822)</b>
03 Vraag van mevrouw Josée Lejeune aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de opdracht van kredietbemiddelaar van KefiK" (nr. 8822)
03.01 Josée Lejeune (MR): Madame la ministre, la crise financière
et économique qui touche notre pays fait l'objet de nombreux débats
dans différents milieux. Elle préoccupe un grand nombre de citoyens,
parmi lesquels des indépendants ou futurs indépendants désirant
créer ou développer leur propre entreprise. La conjoncture actuelle ne
favorise pas les investissements et les institutions financières
pourraient se montrer de plus en plus réticentes à l'octroi d'un prêt
nécessaire aux indépendants pour lancer leur activité.
Pour faire face à ce problème, vous avez récemment proposé de
confier au Centre de connaissances du financement des PME
(CeFIP) une nouvelle mission afin de gérer les difficultés
occasionnées directement par un problème de financement. En plus
de sa mission de centralisation, d'exploitation et de transmission de
l'information aux autorités compétentes, le CeFIP s'est vu attribuer
une mission de médiateur du crédit aux entreprises, mission qui
permettra à toute personne ayant rencontré des difficultés de
s'adresser au Centre, d'y introduire un dossier pour examen et tenter
de trouver une solution, notamment grâce à la concertation entre les
acteurs au sein du comité ad hoc ou à la saisie du gouvernement en
cas de problèmes majeurs non résolus. Cette proposition constitue un
progrès pour les indépendants qui n'avaient d'autre moyen que
d'introduire leur dossier au Fonds de participation et d'abandonner
leur projet en cas de refus de l'octroi d'un crédit et une mesure
favorisant le développement de l'activité économique.
Madame la ministre, quand le CeFIP sera-t-il en mesure d'assurer
cette nouvelle fonction? Pouvez-vous me donner des précisions quant
aux formalités et à la procédure? Prévoyez-vous des conditions ou
des exceptions à l'admission d'un dossier auprès de l'organisme en
question?
Votre projet a trouvé un écho positif auprès de la Région wallonne où
un service de médiateur au crédit sera créé d'ici janvier 2009. Qu'en
sera-t-il dans les deux autres Régions? Un mécanisme de
coopération sera-t-il prévu entre le CeFIP et les éventuelles solutions
régionales?
03.01 Josée Lejeune (MR): De
financiële en economische crisis
verontrust de zelfstandigen, met
name omdat ze het moeilijker
maakt aan leningen te raken. Om
dat probleem aan te pakken heeft
u
voorgesteld
een
nieuwe
opdracht van kredietbemiddelaar
toe te vertrouwen aan het
Kenniscentrum
voor
KMO-
Financiering (KeFiK), naast zijn
opdracht om de informatie voor de
bevoegde
overheden
te
centraliseren, te beheren en door
te zenden.
Wanneer zal het KeFiK in staat
zijn om die nieuwe functie waar te
nemen? Kunt u de formaliteiten
en de procedure toelichten? Hoe
zal KeFiK samenwerken met het
Waals
Gewest,
waar
een
kredietbemiddelingsdienst
tegen
januari 2009 zal worden opgericht,
en wat staat er te gebeuren in de
twee andere Gewesten?
03.02 Sabine Laruelle, ministre: Madame Lejeune, ma proposition
de confier au CeFiP un rôle central dans l'évaluation de la cause ou
des conséquences de la crise financière et économique a fait l'objet
d'un accord unanime avec les Régions. Des groupes de travail mixtes
ont été mis en place. La Banque nationale de Belgique aura
évidemment aussi son rôle à jouer. C'est donc bien en lien avec les
deux institutions que le CeFiP analysera plus spécifiquement les
effets sur l'octroi de crédit aux entreprises, notamment aux plus
03.02 Minister Sabine Laruelle:
De Gewesten verklaarden zich
unaniem
akkoord
met
mijn
voorstel om het KeFiK een
centrale rol toe te kennen bij de
evaluatie van de oorzaak en de
gevolgen van de crisis. Er werden
gemengde
werkgroepen
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
petites.
Il est prématuré de donner des précisions quant aux formalités et à la
procédure. Cependant, le CeFiP se préoccupe déjà maintenant de
cette nouvelle mission et, en lien avec les Régions, il analyse la
situation et met en place toute cette procédure de médiation.
Le médiateur du crédit s'adressera à l'ensemble des entreprises,
chefs d'entreprise, commerçants, artisans, professions libérales,
candidats entrepreneurs, qui rencontrent des difficultés dans
l'obtention d'un crédit de quelque ordre que ce soit, qu'il s'agisse de
lancer une entreprise, de développer son entreprise, etc. C'est bien à
l'ensemble des entrepreneurs ou candidats entrepreneurs, quel que
soit le secteur dans lequel ils sont actifs, que le médiateur
s'adressera.
Les trois Régions sont déjà représentées au sein du comité de
pilotage du CeFiP. Elles n'ont pas attendu pour s'atteler à la tâche.
C'est d'ailleurs un lieu qui a été avalisé, car il ne s'agit pas d'un
organe fédéral, mais d'un organe où chacun est représenté.
La politique des banques en matière de crédits est souvent active tant
au niveau belge, européen que transnational. C'est la raison pour
laquelle, les Régions flamande et bruxelloise ont confié ce rôle de
médiateur. J'ai entendu que la Région wallonne souhaitait mettre en
place son propre service de médiation. Selon les contacts qui ont été
pris, elle proposerait plutôt d'être le "front office" et de travailler en lien
étroit avec le CeFiP pour faire remonter des demandes ou des
plaintes par leur intermédiaire. Des contacts sont donc pris afin
d'éviter les doubles emplois et de brouiller l'information.
opgericht, en de Nationale Bank
van België zal uiteraard ook een
stem in het kapittel hebben.
Het is nog te vroeg om de
formaliteiten en de procedure
meer in detail toe te lichten, maar
de ombudsman zal zich tot alle
ondernemers
en
kandidaat-
ondernemers richten, ongeacht de
sectoren waarin ze actief zijn.
Naar verluidt stelt het Waalse
Gewest voor om als front office te
fungeren en nauw samen te
werken met het KeFiK. Een en
ander wordt nu besproken om
overlapping
of
tegenstrijdige
informatie te vermijden.
03.03 Josée Lejeune (MR): Madame la ministre, je le constate, il
s'agit d'une avancée très importante pour l'ensemble des entreprises,
surtout pour les indépendants et les futurs indépendants. J'espère
que les résultats seront tangibles assez rapidement. Je suppose, pour
être déjà à pied d'oeuvre actuellement, que nous ne rencontrerons
aucun souci en la matière.
03.03 Josée Lejeune (MR): Dit is
een grote vooruitgang voor alle
ondernemingen, en vooral voor de
zelfstandigen. Ik hoop dat de
resultaten snel zichtbaar zullen
zijn.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Vraag van de heer Luk Van Biesen aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "schijnzelfstandigheid" (nr. 8904)
04 Question de M. Luk Van Biesen à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "les faux indépendants" (n° 8904)</b>
04.01 Luk Van Biesen (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mevrouw
de minister, twee jaar geleden werd de wet opgemaakt die de
schijnzelfstandigheid moest aanpakken. In heel die procedure
stonden wij schouder aan schouder om die wet op te stellen. We
hebben heel wat contacten gehad met cijferberoepen en anderen om
dat te realiseren. We zijn natuurlijk heel blij dat die wet er dan ook is
gekomen.
Een van de onderdelen van die wet behelst de oprichting van een
commissie ter regeling van de arbeidsrelaties. Blijkbaar is tot nu toe
die commissie nog nooit samengekomen. Nochtans is die commissie
een onderdeel van de algemene regeling om de zogenaamde jacht op
04.01 Luk Van Biesen (Open
Vld): L'un des principaux éléments
de la loi visant à combattre le
phénomène
des
faux
indépendants ­ qui a été adoptée
il y a deux ans ­ était la création,
pour le 1
er
janvier 2008, d'une
commission de règlement de la
relation de travail qui n'existe
cependant toujours pas. Cette
commission devait apprécier la
nature des relations de travail et
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
schijnzelfstandigen efficiënter te maken.
De wet werd in december 2006 goedgekeurd en bevat een aantal
criteria om de aard van de arbeidsrelaties te beoordelen, zoals de wil
van de partijen om onder het zelfstandigenstatuut te werken, de
vrijheid om het werk te organiseren en de mogelijkheid van het bedrijf
om een hiërarchische controle uit te voeren.
Tevens bevat die commissie een rulingcommissie waartoe
werkgevers en werknemers zich kunnen richten als zij twijfels hebben
over de aard van de arbeidsrelatie.
Dat alles moest tegen 1 januari 2008 worden opgezet, maar dat is
blijkbaar nog niet gebeurd, en het is nu medio december 2008.
Ik ben van mening dat de strijd tegen schijnzelfstandigheid ­ ik ben
ervan overtuigd dat u die mening deelt ­ een prioriteit moet blijven
voor de RSZ en de diensten van de sociale inspectie.
Mevrouw de minister, bevestigt u dat standpunt? Wat is de oorzaak
van de laattijdige oprichting? Is er een verandering in het aantal
schijnzelfstandigen ten overstaan van 2007, en het optreden
daaromtrent? Heeft de administratie bijkomende acties gevoerd,
tegenover een jaar geleden, om dat fenomeen aan te pakken?
Hoeveel heeft de strijd tegen schijnzelfstandigen dit jaar opgebracht?
jouer le rôle d'une commission de
ruling à laquelle les travailleurs et
les
employeurs
pourraient
s'adresser en cas de doutes sur la
nature d'une relation de travail.
La
lutte
contre
les
faux
indépendants devrait constituer
pour l'ONSS et l'inspection sociale
une priorité. La ministre est-elle du
même avis? Quelle est la cause
du retard dans la création de la
commission précitée? Comment a
évolué le nombre de faux
indépendants par rapport à 2007?
A-t-on
prévu
des
actions
supplémentaires?
Combien
a
rapporté la lutte contre les faux
indépendants cette année?
04.02 Minister Sabine Laruelle: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
Biesen, de zogenaamde wet betreffende de aard van de
arbeidsrelatie beoogt in de eerste plaats een correcte kwalificatie van
alle arbeidsrelaties. Het uitgangspunt daarbij is dat de beide stelsels
van de sociale zekerheid ­ werknemers en zelfstandigen ­ op voet
van gelijkheid worden behandeld bij de beoordeling van een
arbeidsrelatie.
Bovenal beoogt de wet een correcte kwalificatie van alle
arbeidsrelaties.
Mijn prioriteit is dan ook zowel de strijd tegen de schijnzelfstandigen
als tegen het schijnwerknemerschap, alsook het nastreven van de
rechtszekerheid.
De discussies omtrent de oprichting van die commissie werden wel
degelijk opgestart. Van meet af aan was er echter een
meningsverschil over de lokalisatie van die commissie. Sommigen
zijn van mening dat die commissie dient te worden opgericht binnen
de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. Dat is het
standpunt van mijn collega Milquet.
Dit heeft voor mij geen zin aangezien deze FOD enkel bevoegd is
voor het werknemersstelsel.
Gelet op het uitgangspunt van de wet dat beide stelsels gelijk zijn,
dringt een andere, neutrale plaats zich op. Ter zake heb ik reeds in
mei 2008 het advies gevraagd van de Hoge Raad voor de
Zelfstandigen en de KMO's. Dit advies bevestigt mijn standpunt. De
Hoge Raad legt de nadruk op de gelijkheid tussen de twee stelsels
van de sociale zekerheid. De Raad wil absoluut vermijden dat een
eenzijdige werking van de commissie zou leiden tot bevoordeling van
04.02 Sabine Laruelle, ministre:
Cette loi a essentiellement pour
objet une qualification correcte de
toutes les relations de travail. Les
deux régimes de sécurité sociale
doivent à cet égard être traités sur
un pied d'égalité. Je souhaite dès
lors prioritairement combattre le
phénomène
des
faux
indépendants comme celui des
faux salariés et veiller à la sécurité
juridique.
La ministre Milquet et moi-même
avions
dès
le
départ
une
divergence de vues à propos de la
création
de
la
commission.
Mme Milquet
estime
que
la
commission doit être créée au sein
du SPF Emploi, ce qui n'a à mon
avis pas de sens puisque ce SPF
est uniquement compétent pour le
régime des salariés.
En mai 2008, j'ai sollicité un avis à
ce sujet auprès du Conseil
Supérieur des Indépendants et
des PME, qui a confirmé mon
point de vue dans un souci de
respect de l'égalité entre les deux
systèmes et propose de localiser
la commission à la fois au sein de
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
een van beide stelsels.
De Hoge Raad stelt voor de commissie zowel in de RSZ als het RSVZ
te lokaliseren met alternerende zittingen. De FOD Werkgelegenheid,
Arbeid en Sociaal Overleg is niet geschikt aangezien deze enkel
bevoegd is voor het werknemersstelsel. Een andere mogelijkheid is
bijvoorbeeld de FOD Sociale Zekerheid. Beide stelsels zitten in die
FOD.
Op haar beurt vroeg mijn collega, mevrouw Milquet, het advies van de
NAR ter zake. De voornaamste conclusies van de NAR zijn de
volgende. Voor de administratieve afdeling van de commissie sluit de
NAR zich aan bij het advies van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen
en de KMO's. Wat de normatieve afdeling betreft, vraagt de NAR een
evenwichtige locatie voor deze afdeling.
In het laatste begrotingsconclaaf werd afgesproken dat de oprichting
van deze commissie zo snel mogelijk dient te worden afgehandeld.
Voor mij is het echter heel duidelijk. Ik wil geen lokalisatie voor slechts
een stelsel. Ik wil een evenwicht en een neutrale lokalisatie.
Ik neem dan ook de nodige initiatieven om deze werkzaamheden
terug op te starten en dit in samenwerking met mijn collega's Onkelinx
en Milquet.
Het aantal vrijwillige aansluitingen bij de RSZ door de werkgevers die
de situatie van schijnzelfstandige regulariseren, zoals bepaald in
artikel 340 van de programmawet van 27 december 2006, alsook het
aantal herkwalificaties naar een arbeidsovereenkomst, vallen onder
de bevoegdheid van de minister van Sociale Zaken. Ik heb die cijfers
niet.
De reeds bestaande maatregelen voor controle van de gevallen van
uitsluiting van schijnzelfstandigen worden voortgezet. Er werden
tevens nieuwe maatregelen genomen zoals de deelname van de
inspectiedienst van de RSVZ aan de sociale inlichtingen- en
opsporingsdienst, de SIOD. Er is ook een nieuwe procedure voor
technisch overleg en uitwisseling van gegevens tussen het RSVZ, de
RSZ en de Inspectiedienst van de FOD Sociale Zekerheid.
Deze nieuwe procedure heeft twee doelstellingen. Enerzijds moet ze
de controle-inspanningen richten op de activiteitensectoren met een
bestaand risico. Anderzijds moet er een betere coördinatie zijn tussen
diensten voor een snellere verwerking van de dossiers. 180 dossiers
werden behandeld sinds maart 2008.
Ten slotte, de informatie over de bedragen die worden geïnd door de
RSZ in het kader van de strijd tegen de schijnzelfstandigheid valt
onder bevoegdheid van mijn collega mevrouw Onkelinx.
l'ONSS et de l'INASTI en alternant
les séances. Mme Milquet a
demandé l'avis du CNT, qui s'est
rallié au point de vue du Conseil
supérieur en ce qui concerne la
section
administrative
de
la
commission et demande une
localisation équilibrée pour la
section normative.
Lors
du
dernier
conclave
budgétaire, il a été convenu que
cette commission devait être créée
dans les plus brefs délais. Je
prendrai les initiatives nécessaires
à cet effet, en collaboration avec
les ministres Milquet et Onkelinx.
Le nombre d'affiliations volontaires
à l'ONSS par les employeurs qui
régularisent la situation du faux
indépendant, ainsi que le nombre
de requalifications en contrat de
travail, relèvent de la compétence
de la ministre des Affaires
sociales.
De nouvelles mesures ont été
prises, telles que la participation
du service d'inspection de l'INASTI
au service d'information et de
recherche sociale ainsi qu'une
nouvelle
procédure
de
concertation
technique
et
d'échange de données entre
l'INASTI, l'ONSS et l'Inspection du
SPF Affaires sociales.
La nouvelle procédure devrait
nous permettre, d'une part, de
concentrer nos efforts en matière
de contrôles sur les secteurs
d'activité à risque et, d'autre part,
d'améliorer la coordination entre
les
services,
et
cela
afin
d'accélérer le traitement des
dossiers. Depuis mars 2008, 180
dossiers ont été traités.
Les informations relatives à la lutte
contre le phénomène des faux
indépendants
sont
de
la
compétence
de
la
ministre
Onkelinx.
04.03 Luk Van Biesen (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mevrouw
de minister, ik hoop dat u de draad terug kunt opnemen en een
oplossing kunt geven zodat deze commissie eindelijk tot stand kan
04.03 Luk Van Biesen (Open
Vld): J'espère que cette lutte sera
reprise rapidement. Une loi aussi
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
komen. Het zou gek zijn dat een zo belangrijke wet, waarvoor toch
heel wat inspanningen zijn geleverd dode letter blijft vanwege het
getouwtrek tussen een aantal ministers die zeggen dat het hun
bevoegdheid is of hun bevoegdheid niet is.
Er is nu eindelijk een uitspraak, zowel van de Nationale Arbeidsraad
als van de Hoge Raad. Het is duidelijk dat u aan zet bent, mevrouw
de minister. Wij hopen dan ook snel tot een oplossing te komen.
importante que celle-là ne doit pas
rester lettre morte à cause de
tiraillements
entre
certaines
ministres. La balle est dans le
camp de la ministre Laruelle.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw
en Wetenschapsbeleid over "de dienstencheques voor pas bevallen zelfstandigen" (nr. 7601)
05 Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture
et de la Politique scientifique sur "les titres-services pour les travailleuses indépendantes qui viennent
d'accoucher" (n° 7601)</b>
05.01 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, ik heb u al een aantal keren ondervraagd over
dit onderwerp, ook tijdens de vorige legislatuur, toen deze maatregel
werd ingevoerd.
Deze maatregel was welkom bij de jonge zelfstandige moeders. Zij
krijgen sinds 1 mei 2007 105 gratis dienstencheques van de federale
overheid, om hen bij te staan in het huishouden. Er wordt hen dus
hulp in het huishouden ter beschikking gesteld. In een vorige vraag
heb ik u al eens gesignaleerd dat vandaag nog altijd niet alle jonge
zelfstandige moeders de maatregel kennen. Dat blijft spijtig genoeg
nog altijd een pijnpunt. Ik krijg geregeld nog mails van vrouwen die mij
erop wijzen dat die maatregel nog altijd veel te weinig bekend is.
Een tweede pijnpunt, dat ik vandaag vooral eens wil aanstippen, is het
feit dat de dienstencheques na acht maanden vervallen. Soms is er
een probleem in steden waar er lange wachtlijsten zijn. De cheques
vervallen soms vooraleer de jonge moeders een beroep hebben
kunnen doen op de hulp. Ik heb de casus gekregen van een jonge
moeder. Zij is in mei 2008 bevallen en staat op de wachtlijst. Zij vreest
dat zij op die wachtlijst zal staan tot januari, de maand waarin haar
dienstencheques spijtig genoeg vervallen.
Ik wil u vandaag dus vragen of u op de hoogte bent van dit knelpunt,
namelijk dat er een maatregel is ­ er worden 105 dienstencheques ter
beschikking gesteld voor jonge zelfstandige moeders ­ maar dat die,
door de wachtlijsten, dode letter blijft. Is het mogelijk om de
geldigheidsduur van de dienstencheques in die gevallen te verlengen
of ziet u een andere oplossing?
05.01 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Depuis mai 2007, les
jeunes
mères
indépendantes
reçoivent gratuitement 105 titres-
services pour une aide-ménagère.
Cette mesure est très mal connue.
Un autre problème est le fait que
les titres-service ne sont valables
que 8 mois. Dans certaines villes,
il y a de longues listes d'attente.
Les chèques sont périmés avant
que les jeunes mères puissent
s'en servir.
La ministre est-elle au courant de
ces
deux
problèmes?
Est-il
possible de prolonger la validité
des titres-service? La ministre
envisage-t-elle une autre solution?
05.02 Minister Sabine Laruelle: De minister van Werk heeft, sinds
1 mei
2008,
de
mogelijkheid
afgeschaft
om
vervallen
dienstencheques om te ruilen, terwijl dit in het verleden wel mogelijk
was.
Er bestaan inderdaad wachtlijsten bij sommige erkende
ondernemingen. Deze situatie baart mij zorgen, vooral inzake de
doeltreffendheid van de moederschapshulp voor zelfstandigen.
Daarom dient men de zelfstandige vrouwen beter te informeren over
de geldigheidsduur van de dienstencheque en de mogelijkheid bij een
05.02 Sabine Laruelle, ministre:
La ministre de l'Emploi a en effet
supprimé la possibilité d'échanger
les titres-service périmés, alors
que c'était possible auparavant et
qu'il existe, en effet, des listes
d'attente. Cette situation me
préoccupe.
Les
femmes
indépendantes
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
later gebruik ervan de cheque om te ruilen vóór het verstrijken van de
geldigheidsduur van acht maanden, mits een kost van 25 cent per
omgeruilde cheque.
Deze
informatie
zal
worden
verstrekt
door
de
socialeverzekeringsfondsen. In 2009 zal ik een voorstel doen voor
een
hervorming,
aanpassing
en
verbetering
van
de
socialeverzekeringsfondsen. Te weinig vrouwen vragen de cheque.
Te weinig zelfstandigen vragen de verzekering. Wij moeten, via de
socialeverzekeringsfondsen, die informatie verstrekken. Ik zal ook
een minimum aan informatie verplicht maken voor de
socialeverzekeringsfondsen, niet alleen voor de dienstencheque,
maar voor alle rechten van het sociale statuut.
Daarenboven heb ik als minister voor de zelfstandigen verkregen dat
er twee verbeteringen aan het systeem worden aangebracht. De
maximumtermijn voor de aanvraag van de moederschapshulp werd
van 6 op 15 weken na de bevalling gebracht voor de geboortes vanaf
1 juli 2008.
Ten tweede zullen vanaf 2009 de 105 dienstencheques sneller door
de socialeverzekeringsfondsen mogen worden uitbetaald, te weten
vanaf de bevalling. Men moet dus niet wachten tot op het einde van
het moederschapsverlof. Ik hoop op die manier een verbetering te
verwezenlijken.
doivent être mieux informées de
l'existence de ces chèques, de
leur durée de validité et de la
possibilité de les échanger pour un
usage ultérieur, avant échéance
de la durée de validité, moyennant
paiement de 25 centimes. Cette
information sera transmise par le
Fonds de sécurité sociale. On peut
aussi s'adresser à cet organisme
pour toutes les questions liées aux
droits du statut social.
Pour le moment, trop peu de
femmes demandent ces chèques.
En outre, depuis juillet 2008, le
délai maximum pour la demande
d'aide à la maternité a été porté de
six à quinze semaines. À partir de
2009, les 105 titres-services
seront délivrés plus rapidement
par les caisses d'assurance
sociale, dès la naissance.
05.03 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, u verwijst dus eigenlijk naar uw collega van
Werk om te zeggen dat vroeger omruiling mogelijk was, maar dat het
sinds 1 mei 2008 niet meer mogelijk is?
05.04 Minister Sabine Laruelle: We moeten dat doen voor de termijn
van acht maanden.
05.05 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Ik heb nog een laatste
vraag. Toen u de maatregel hebt voorgesteld, hebt u gezegd dat er
voor u twee pistes zijn. De zelfstandige jonge moeder moet kunnen
kiezen om zich ofwel te laten bijstaan in het huishouden, ofwel in haar
zelfstandige zaak. De eerste piste is intussen gerealiseerd, de tweede
volgens mij nog altijd niet.
05.05 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): La ministre a toujours
affirmé qu'il y avait deux options:
une aide ménagère ou une aide
dans le commerce. Qu'en est-il de
la deuxième option?
05.06 Minister Sabine Laruelle: Ik werk aan die tweede piste met de
vrouwelijke middenstandsorganisaties. Voor sommige beroepen is het
gemakkelijker dan voor andere. In de landbouwsector, bijvoorbeeld,
bestaat het. In het Frans zijn dat de services de remplacement, maar
de vervanger kan de koeien, de tractor of de hectaren niet
meenemen. Het is niet zo gemakkelijk als voor een boekhouder. We
moeten dus oppassen.
In het moederschapsverlof heb ik ook een andere vorm van flexibiliteit
ingevoerd vanaf 2009. De zelfstandige krijgt nu acht weken, waarvan
één week voor de bevalling en twee weken erna. De vijf andere
weken kunnen ze in een periode van vijf maanden opnemen. Er is
dus meer flexibiliteit. Stap voor stap is er echt verbetering voor de
vrouwelijke zelfstandigen.
05.06 Sabine Laruelle, ministre:
Nous y oeuvrons pour l'instant.
Mais certains secteurs posent plus
de problèmes que d'autres.
Dès 2009, il y aura plus de
flexibilité.
Le
travailleur
indépendant bénéficiera de huit
semaines: une semaine avant
l'accouchement, deux semaines
après l'accouchement alors que
les cinq semaines restantes
pourront être prises au cours des
cinq mois suivants.
05.07 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Vanaf wanneer treedt die
spreiding van de acht weken in werking?
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
05.08 Minister Sabine Laruelle: Vanaf 2009.
05.09 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Voor volgend jaar?
05.10 Minister Sabine Laruelle: Er komt meer flexibiliteit. Een week
voor de bevalling en twee weken erna zijn verplicht. De vijf andere
weken kan men in één keer opnemen. Men kan de acht weken in één
keer opnemen, ofwel kan men afwisselend een week werken en een
week thuisblijven. Men zal dus vijf maanden de tijd krijgen om die vijf
weken op te nemen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Mevrouw de minister, ik dank u. Vraag nr. 8782 van de
heer Steegen is uitgesteld. Vraag nr. 8666 van mevrouw Snoy mag
schriftelijk worden beantwoord.
Le président : La question n°
8782 de M. Steegen est reportée.
Il peut être répondu par écrit à la
question n° 8666 de Mme Snoy.
05.11 Sabine Laruelle, ministre: Ce serait bien qu'on nous
prévienne. Si vous le savez avant, je préfèrerais le savoir aussi. Ce
n'est pas grave mais si un jour elles sont toutes remises, je
préfèrerais être au courant.
De voorzitter: Nu is het aan minister Magnette, maar ik weet niet of die al in de buurt is. De eerste
vraagsteller is al aanwezig.
Le développement des questions et interpellations est suspendu de 14.54 heures à 15.06 heures.
De behandeling van de vragen en interpellaties wordt geschorst van 14.54 uur tot 15.06 uur.
06 Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de minister van Klimaat en Energie over "misbruiken met de
Car-pass" (nr. 8176)
06 Question de M. Renaat Landuyt au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les abus concernant le
Car-Pass" (n° 8176)</b>
06.01 Renaat Landuyt (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, waarde collega's, de wet van 11 juni 2004 legt
aan de verkoper van een tweedehandsvoertuig dat reeds in België is
ingeschreven, de verplichting op aan de koper een Car-pass af te
leveren. Deze verplichting is van kracht geworden per 1 december
2006 en is de vrucht van een goede samenwerking tussen de
vroegere minister van Consumentenzaken en de minister van
Mobiliteit.
Nogal wat autoverkopers leveren de Car-pass pas af na de verkoop,
met name aansluitend op een technische keuring die men ook doet
na de verkoop. Hiermee wordt het nut van de Car-pass, dat erin
bestaat de consument te beschermen en hem een feitelijk bewijs te
geven van de kwaliteit van het voertuig, in het bijzonder van het aantal
kilometers dat het voertuig heeft gereden, aangetast. De essentie van
de Car-pass is dat men bij het aangaan van de koop weet of men een
wagen koopt met een correct weergegeven aantal kilometers.
Daarom werd de Car-pass ingevoerd. Als men de Car-pass aflevert
na de verkoop, dan klopt er uiteraard iets niet in het
beschermingsmechanisme.
Dat is ook wat de vrederechter uiteindelijk in Roeselare in een
06.01
Renaat
Landuyt
(sp.a+Vl.Pro):
Depuis
le
1
er
décembre 2006, le vendeur d'un
véhicule
d'occasion
déjà
immatriculé en Belgique est tenu
de délivrer un Car-Pass à
l'acheteur.
De
nombreux
vendeurs
de
voitures ne délivrent le Car-Pass
qu'après la vente et un contrôle
technique. Le mécanisme de
protection du Car-Pass est ainsi
compromis. Un juge de paix a
récemment condamné un vendeur
de voitures à Roulers pour cette
raison. Un consommateur doit
pouvoir juger de l'exactitude du
nombre de kilomètres indiqué pour
un véhicule au moment de la
décision d'achat et non au
moment de la livraison.
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
gewoon geschil heeft beslist. Iemand had een wagen gekocht en
merkte nadien op dat de verkoop niet kon doorgaan omdat hij geen
Car-pass had gekregen. De verkoper wierp op dat hij de Car-pass
kreeg bij de technische keuring die zou plaatsvinden na de verkoop.
Desondanks heeft de vrederechter, op grond van de wetteksten,
gezegd dat op het moment dat men de koop doet, men moet kunnen
inschatten of de wagen een correct weergegeven aantal kilometers
heeft. Men moet dus de Car-pass krijgen op het moment waarop men
de beslissing van de koop neemt, niet op het moment van de levering
van het voertuig, bij wijze van spreken. Dit lijkt mij een belangrijke
uitspraak voor de betrokken consument, maar eigenlijk ook voor alle
andere consumenten die nog niet kunnen genieten van de juiste
praktijk, met name het krijgen van de Car-pass ­ de identiteit van de
wagen ­ op het moment van het aangaan van de koop, niet op het
moment van de levering, vandaar mijn vragen.
Gelet op het feit dat nu ook de rechtspraak de, volgens mij correcte,
interpretatie geeft van wat bedoeld was in de wet, vraag ik mij af of u,
in uw hoedanigheid van minister van Consumentenzaken, stappen
zult ondernemen om de consumenten bewust te maken van hun recht
op een Car-pass voor de verkoop?
Mijn volgende vraag is misschien nog belangrijker. Zult u richtlijnen
geven aan de vzw Car-pass en aan de autoverkopers opdat ze
zouden handelen volgens de bepalingen van de wet en volgens de
juiste interpretatie ervan door de vrederechter in Roeselare?
Een derde, bijkomende vraag is of er al dan niet controles worden
uitgevoerd op het correct hanteren van het mechanisme van de Car-
pass?
Le ministre prend-il des initiatives
pour informer le consommateur de
son droit d'obtenir un ar-Pass
préalablement à la vente? Prévoit-
on d'adresser des directives à
l'ASBL Car-Pass et aux vendeurs
de voitures pour les inviter à se
conformer à la loi du 11 juin 2004
et à l'interprétation du juge de
paix? Contrôle-t-on ou non si le
mécanisme du Car-Pass est
correctement utilisé?
06.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Landuyt, zodra mijn diensten vernamen dat een vonnis was geveld
waarbij wegens de te late aflevering van de Car-pass de verkoop
werd ontbonden, hebben zij dat vonnis opgevraagd. Het is eenduidig;
aan de wettelijke verplichting werd niet op tijd voldaan, wat leidde tot
de ontbinding van de koopovereenkomst.
De bekendheid van het Car-pass-systeem laat inderdaad nog te
wensen over. Een recent onderzoek door Test-Aankoop heeft dat
bevestigd. Toch is er een geleidelijke verbetering vast te stellen
sedert de effectieve start van het systeem in december 2006.
Bij de lancering hebben de betrokken federale overheidsdiensten,
Economie en Mobiliteit, samen met de vereniging die op grond van de
wetgeving is erkend voor de centrale registratie van de
kilometerstanden, Car-pass, een folder laten drukken die via de
instellingen voor technische keuring werd verdeeld. Meer dan een
miljoen exemplaren werden ondertussen verdeeld. Op de website van
de FOD Economie is deze folder onder elektronische vorm
beschikbaar, naast een toelichting bij de wetgeving en FAQ.
Car-pass levert binnen haar communicatiebudget bijzondere
inspanningen
voor
de
kenbaarheid.
Tijdens
de
voorbije
vakantieperiode liep een radiospot via diverse zenders en er kwamen
aanduidingen in diverse gespecialiseerde magazines. Mijn collega
voor Mobiliteit heeft daarover al meer informatie verstrekt in antwoord
op een vraag.
06.02 Paul Magnette, ministre:
Mes services ont immédiatement
demandé le jugement. Celui-ci est
parfaitement clair : on n'a pas
respecté les obligations légales, ce
qui a entraîné la caducité du
contrat de vente.
La connaissance du système de
car-pass laisse encore à désirer,
mais on peut tout de même parler
d'amélioration.
Lors
de
son
lancement, les SPF Economie et
Mobilité ont fait imprimer une
brochure en concertation avec
Car-Pass, l'association légalement
reconnue pour l'enregistrement
centralisé
des
kilométrages.
Depuis lors, plus d'un million
d'exemplaires ont été distribués
par les organismes de contrôle
technique. Car-pass consent de
gros efforts dans le cadre de son
budget
«Communication».
Le
ministre de la Mobilité a fourni des
informations complémentaires en
la matière dans sa réponse à une
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
Naar mijn mening zal vanuit dat eerste vonnis ter zake een krachtig
signaal uitgaan. Het zijn vooral de verkopers die beducht moeten zijn
voor de gevolgen van het niet-afleveren van de Car-pass ten laatste
op het ogenblik van de verkoop. Naar ik heb vernomen, zal de
beroepsvereniging Federauto binnenkort in haar ledenblad een artikel
ter zake plaatsen.
Wat uw derde vraag aangaat, in 2007 gebeurden er 769 controles
waarbij de naleving van de wet van 11 juni 2004 werd onderzocht. In
2008 werd een dergelijk onderzoek bij 571 ondernemingen verricht.
Voor de toekomst kan ik u al mededelen dat er in het kader van de
globale planning die de Algemene Directie Controle en Bemiddeling
heeft uitgewerkt, in 2009 opnieuw een algemeen onderzoek rond
bedoelde wetgeving is gepland. Tweehonderd ondernemingen zullen
daartoe worden aangedaan.
In het kader van andere controles zullen zeker nog bijkomende
onderzoeken worden gevoerd. De modaliteiten en de data ter zake
liggen op dit ogenblik echter nog niet vast.
question.
Ce jugement constituera un signal
fort. L'association professionnelle
Federauto publiera dans quelque
temps
un
article
dans
le
périodique
destiné
à
ses
membres.
On a procédé à 769 contrôles en
2007 et à 571 en 2008. La
Direction générale Contrôle et
Médiation envisage d'effectuer à
nouveau, en 2009, une enquête
générale auprès de deux cents
entreprises.
Des
enquêtes
supplémentaires
seront
certainement menées lors d'autres
contrôles. Les modalités et les
dates n'ont toutefois pas encore
été fixées.
06.03 Renaat Landuyt (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de staatssecretaris,
ik dank u voor uw antwoord, in het bijzonder voor uw antwoord op
mijn eerste en mijn derde vraag. Mijn bezorgdheid gaat echter uit naar
mijn tweede vraag.
Ik begrijp dat Federauto over de kwestie communicatie met haar
leden zal voeren. Het probleem is echter dat voornoemde vereniging
waarschijnlijk een praktijk propageert, of minstens tolereert, waarbij
na de verkoop naar de technische keuring wordt gegaan. Zulks wordt
gedaan omdat de technische keuring van een tweedehandswagen
slechts twee maanden geldig is. Er wordt dus gewacht om naar de
technische keuring te gaan, met als gevolg dat ook wordt gewacht
met het afleveren van de juiste Car-pass. Voornoemde Car-pass krijgt
men immers pas na de technische keuring.
De richtlijnen van de sector waren, tot de uitspraak in kwestie
tenminste, dat zoals vroeger wordt verkocht en dat bij de levering, na
de technische keuring, een Car-pass wordt afgeleverd. Het is precies
deze praktijk die door het vonnis is tegengesproken, volgens mij
terecht aangezien deze praktijk ingaat tegen de bedoeling en de letter
van de wet.
Er zouden dus van de administratie duidelijke richtlijnen naar de
sector moeten gaan dat zij moet stoppen met de praktijk in kwestie.
Iedere, professionele verkoper maakt, op aanraden van de
sectorverantwoordelijke, waarschijnlijk dezelfde fout. Het is precies
om daartegen in te gaan dat ik uw steun vraag, mijnheer de minister.
06.03
Renaat
Landuyt
(sp.a+Vl.Pro):
Federauto
a
l'intention de communiquer à cet
égard avec ses membres. Le
problème est que cette association
propage vraisemblablement ou au
moins tolère une pratique dans le
cadre de laquelle on ne se rend au
contrôle technique qu'après la
vente. Jusqu'au prononcé, et
conformément aux directives du
secteur, on procédait à la vente et
un car-pass était délivré à la
livraison,
après
le
contrôle
technique. C'est précisément cette
pratique que le jugement dénonce
parce qu'elle est contraire à la loi.
L'administration doit imposer des
règles claires au secteur pour
mettre un terme à cette pratique.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
07 Question de Mme Zoé Genot au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la publicité de certaines
entreprises de crédit à la consommation" (n° 8194)</b>
07 Vraag van mevrouw Zoé Genot aan de minister van Klimaat en Energie over "de reclame van
bepaalde instellingen voor consumentenkrediet" (nr. 8194)
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
07.01 Zoé Genot (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, le 12 mars
dernier, je vous posais une question sur les publicités de certaines
sociétés de crédit à la consommation. Celle-ci concernait entre autres
une société d'offre de crédit responsable d'un envoi personnalisé
faisant la publicité pour une offre d'ouverture de crédit proposant un
gsm comme cadeau de bienvenue. Ce n'est malheureusement pas
une pratique rare.
Cette problématique ne semble absolument pas remise en cause
puisque cette même société vient de refaire un envoi personnalisé
faisant la publicité pour une offre d'ouverture de crédit avec cette fois
comme cadeau un lecteur de dvd portable.
Dans votre réponse à ma question du 12 mars, vous parliez d'une
évaluation en cours de la loi sur les pratiques de commerce, ainsi que
de propositions de réforme qui devaient être soumises à la
consultation du Conseil de la consommation.
Monsieur le ministre, où en est l'évaluation de la loi sur les pratiques
de commerce? Quelles améliorations prévoyez-vous par rapport à la
loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation et les
propositions de réforme dont vous parliez en mars dernier? Un avis a-
t-il été demandé au Conseil de la consommation par rapport à ces
propositions de réforme? Quand? Quels autres acteurs ont-ils été
consultés?
Maintenant que la directive sur le crédit à la consommation a été
adoptée, quel suivi prévoyez-vous? Quelles adaptations sont-elles
obligatoires? Certains craignent une régression des droits des
consommateurs; pouvez-vous les rassurer? Quel est le calendrier?
Le ministre Van Quickenborne travaille sur la publicité. Comment
délimitez-vous les compétences dans ce domaine?
07.01 Zoé Genot (Ecolo-Groen!):
Op 12 maart jongstleden stelde ik
u een vraag over de reclame van
een
instelling
voor
consumentenkrediet die een gsm
aanbood als welkomstgeschenk.
Die instelling heeft net weer
reclame gemaakt en biedt deze
keer een draagbare dvd-speler als
geschenk aan. In uw antwoord
had u het over een aan de gang
zijnde evaluatie van de wet op de
handelspraktijken en voorstellen
tot hervorming die ter raadpleging
moesten worden voorgelegd aan
de Raad voor het verbruik.
Hoe ver staat die evaluatie? Welke
verbeteringen verwacht u ten
opzichte van de wet van 12 juni
1991
betreffende
het
consumentenkrediet
en
de
hervormingsvoorstellen waarover
u het in maart van dit jaar had?
Werd het advies van de Raad voor
het verbruik ingewonnen? Welke
andere
actoren
werden
er
geraadpleegd?
Wat staat er te gebeuren nu de
richtlijn
over
het
consumentenkrediet goedgekeurd
is? Welke aanpassingen zijn
nodig? Sommigen vrezen dat de
rechten van de consument er op
achteruit gaan; kunt u ze gerust
stellen?
Minister
Van
Quickenborne werkt aan de
reclame; hoe bakent u de
bevoegdheden in dat domein af?
07.02 Paul Magnette, ministre: En ce qui concerne la réforme de la
loi sur les pratiques du commerce, l'avant-projet de loi élaboré par Me
De Bauw, qui ne constitue à ce stade qu'un document de discussion,
a été soumis pour avis aux instances normalement consultées lors
d'une modification de cette loi.
Le Conseil supérieur des indépendants et des PME a été saisi le
14 mai 2008 par la ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique et a rendu son avis le 23
septembre 2008. Le Conseil de la consommation a été saisi par mes
soins le 10 mars 2008 et a rendu son avis le 6 novembre. Ainsi, le
gouvernement est parfaitement informé des points de vue et des
propositions des différents acteurs économiques en rapport avec
l'avant-projet de loi.
L'examen du texte au sein du gouvernement commence à peine. Dès
lors, vous comprendrez qu'il m'est difficile de me prononcer sur les
07.02 Minister Paul Magnette:
Aangaande de hervorming van de
wet
betreffende
de
handelspraktijken
werd
het
voorontwerp
om
advies
voorgelegd aan de instanties die
bij wijzigingen van die wet worden
geraadpleegd. Het dossier werd
voorgelegd aan de Hoge Raad
voor de Zelfstandigen en de KMO
en de Raad voor het Verbruik, en
zij hebben hun advies uitgebracht.
De regering werd zo dus in kennis
gesteld van de standpunten en
voorstellen van de onderscheiden
economische actoren. De tekst
wordt nu in studie genomen. Ik
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
différentes propositions contenues dans l'avant-projet. Toutefois, il est
évident que je veillerai à la sauvegarde des intérêts des
consommateurs.
Comme annoncé dans la dernière déclaration gouvernementale, les
travaux relatifs au projet de loi de réforme des pratiques du
commerce sont prioritaires. Le projet définitif sera élaboré en
concertation avec la ministre des Indépendants et des PME et le
ministre pour l'Entreprise et la Simplification. En effet, nous sommes
trois à être en charge, non pas de la protection des consommateurs,
mais de la consommation: un pour les consommateurs, un autre pour
les entreprises et un troisième pour le commerce.
Comme précisé par ailleurs dans la réponse à votre question n° 2802,
des améliorations devraient être apportées aux règles de la publicité
visées par la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation.
Á cet égard, la proposition de loi déposée par Mme Partyka et
consorts, qui constitue une piste intéressante, est toujours pendante
devant la Chambre.
Par ailleurs, une évaluation générale de la loi est en cours au SPF
Économie dans le cadre de la transposition de la directive 2008/48
concernant les contrats de crédit aux consommateurs. Le service
compétent du SPF Économie fait l'inventaire des articles à modifier, le
point de référence restant la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la
consommation. L'analyse des adaptations obligatoires se fera à
l'occasion de cet inventaire. Il s'agit d'un travail assez pointu au vu de
l'harmonisation totale et ciblée qu'exige la directive.
En effet, seuls cinq points font l'objet d'une harmonisation totale:
l'information pré-contractuellle, l'information contractuelle, le TAEG, le
droit de rétractation et le droit à un remboursement anticipé. Les
autres dispositions laissent une marge de manoeuvre aux États
membres. Il faudra donc évaluer, pour chaque disposition, ce qui
relève de l'harmonisation totale et ce qui relève de la liberté
d'appréciation des États. C'est pourquoi j'ai saisi, le 6 novembre
dernier, le Conseil de la consommation d'une demande d'avis sur la
transposition de la directive concernant les contrats de crédit aux
consommateurs.
La directive doit être transposée pour le 12 mai 2010. Un projet de loi
sera donc déposé dans le courant de l'année 2009. Je préfère
attendre un plus grand avancement dans ce travail avant de me
prononcer concrètement sur les projets de réforme.
Par ailleurs, en ce qui concerne votre dernière question, je travaille en
excellente collaboration avec mon collègue Vincent Van
Quickenborne sur l'ensemble de ces sujets puisque nous avons une
compétence partagée.
kan
me
derhalve
moeilijk
uitspreken over de verschillende
voorstellen. Uiteraard zal ik erover
waken dat de belangen van de
consument gevrijwaard worden.
Het definitieve ontwerp zal worden
uitgewerkt in overleg met de
minister
van
KMO's
en
Zelfstandigen en de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen.
De regels betreffende de reclame
zoals bedoeld in de wet van 12 juni
1991 op het consumentenkrediet
zijn voor verbetering vatbaar. Het
wetsvoorstel van mevrouw Partyka
reikt een interessante piste aan.
De
FOD
Economie
voert
momenteel
een
algemene
evaluatie uit van de wet, in het
kader van de omzetting van
richtlijn
2008/48
inzake
kredietovereenkomsten
voor
consumenten.
De richtlijn moet tegen 12 mei
2010 omgezet zijn, en er zal dus in
de loop van 2009 een wetsontwerp
ingediend worden. Ik wacht liever
tot men al wat verder gevorderd is
alvorens mij uit te spreken over de
hervormingsplannen.
Wat
uw
laatste vraag betreft, werk ik voor
al die onderwerpen samen met
collega Van Quickenborne.
07.03 Zoé Genot (Ecolo-Groen!): Je prends note du fait qu'une série
d'avis ont été demandés. En revanche, l'évaluation est toujours en
cours alors que vous annonciez déjà la même chose la fois dernière.
J'espère qu'on va avancer assez vite pour pouvoir en obtenir les
résultats. En effet, il serait intéressant d'en disposer pour les
discussions qui ont déjà commencé en commission de l'Économie et
ce, afin d'avoir tous les éléments en notre possession. C'est selon
moi l'outil dont on a maintenant besoin pour avancer concrètement.
07.03 Zoé Genot (Ecolo-Groen!):
De
evaluatie
van
de
wet
betreffende de handelspraktijken
is nog niet afgerond. Het zou
interessant zijn om over de
resultaten te kunnen beschikken
voor de besprekingen die in de
commissie voor het Bedrijfsleven
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
J'espère donc que cette évaluation sera rapidement terminée.
aangevat werden. Die informatie is
immers onmisbaar om concreet
vooruitgang te kunnen boeken. Ik
hoop dat de evaluatie snel rond zal
zijn.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
08 Question de M. Philippe Henry au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les déchets nucléaires"
08 Vraag van de heer Philippe Henry aan de minister van Klimaat en Energie over "kernafval"
(nr. 8278)
08.01 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre,
l'ONDRAF a pris connaissance début 2003 de problèmes à
Belgoprocess concernant la gestion des déchets nucléaires,
notamment l'existence de colis présentant des défauts de corrosion,
de fermeture, d'écoulement, etc. Un programme d'inspection a été
mis sur pied comportant l'obligation de rédiger un rapport sur
l'évolution des colis non conformes, pratiquement tous les six mois.
Des questions ont été posées régulièrement sur l'état d'avancement
de ce programme et sur la maîtrise de la gestion de ces fûts
défectueux.
J'aurais souhaité que vous fassiez à nouveau le point sur ce sujet.
Ainsi, le rapport 2008 est-il disponible? Quelles sont les informations
actualisées au sujet des colis non conformes et la quantité de fûts
défectueux en catégories A et B depuis le début des opérations? Qui
était responsable de ces fûts? D'où venaient-ils? Où en est la remise
en état de ces colis? Ont-ils été reconditionnés? Par ailleurs,
disposez-vous d'une estimation des budgets déjà engagés pour
couvrir les coûts de reconditionnement et du budget encore
nécessaire? Avez-vous une idée de la date d'achèvement de ces
travaux?
Plus généralement, comment peut-on estimer le coût de prise en
charge des différentes catégories de déchets? Les coûts annoncés
précédemment sont-ils toujours d'actualité? Le cas échéant, comment
cette prise en charge sera-t-elle financée?
08.01 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Na begin 2003 kennis te
hebben genomen van problemen
bij Belgoprocess met betrekking
tot het beheer van kernafval, heeft
de
Nationale
Instelling
voor
Radioactief Afval en Verrijkte
Splijtstoffen
een
inspectieprogramma opgezet dat
met name het opstellen van een
verslag over de evolutie van niet-
reglementaire afvalcolli oplegt.
Is het verslag 2008 beschikbaar?
Welke
bijgewerkte
informatie
bestaat
er
over
de
niet-
reglementaire afvalcolli en de
hoeveelheid beschadigde vaten in
categorie A en B? Wie was
verantwoordelijk voor die vaten?
Van waar kwamen ze? Hoe ver is
het herstellen van die vaten
gevorderd? Beschikt u over een
raming van de begroting voor het
hergebruik? Wanneer zullen de
werken afgerond zijn?
Meer algemeen, hoe moet men de
kosten voor de tenlasteneming
van de verschillende categorieën
afval inschatten? Gelden de
eerder aangekondigde kosten nog
steeds?
Hoe
zal
de
tenlasteneming
gefinancierd
worden?
08.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur le président, monsieur
Henry, je rappelle que, par lettre du 9 janvier 2007, le ministre de
tutelle de l'ONDRAF de l'époque, a autorisé l'organisme à lui
soumettre un rapport quinquennal sur l'évolution du programme
d'inspection et des actions entreprises par l'ONDRAF pour assurer la
gestion à long terme des colis jugés non conformes, tout en précisant
que toute évolution significative en la matière devait lui être
communiquée.
08.02 Minister Paul Magnette: In
2007 gaf de toeziende minister
NIRAS de toestemming hem een
vijfjaarlijks verslag over te zenden
met betrekking tot de evolutie van
het inspectieprogramma en het
langetermijnbeheer van de niet-
reglementaire vaten, met dien
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
C'est dans ce cadre que l'ONDRAF a remis, le 14 décembre 2007,
toujours à son ministre de tutelle de l'époque, un rapport actualisé sur
les inspections visuelles réalisées jusqu'au 12 novembre 2007 dans
les bâtiments d'entreposage de déchets conditionnés de faible
activité, d'une part, et le bâtiment où sont entreposés des déchets
conditionnés de moyenne activité, d'autre part. Ce rapport est le plus
récent et fait suite aux sept rapports intermédiaires que l'ONDRAF a
déjà remis au préalable à la tutelle.
En ce qui concerne les informations actualisées que vous demandez,
il est à noter que, depuis le début, en 2003, du programme
d'inspection visuelle systématique des colis et jusqu'au 30 septembre
2008, 34.970 colis sur un total de 35.729 pour les déchets de faible
activité ont fait l'objet d'une inspection visuelle; 1.571 ont été jugés
non conformes aux critères d'inspection visuelle. Dans le bâtiment
d'entreposage des déchets de moyenne activité, 432 colis sur un total
de 16.136 ont fait l'objet d'une inspection et 98 ont été jugés non
conformes. Ainsi, au total, 1.669 colis ont été jugés non conformes
sur un total de 35.402 colis inspectés.
Il est à noter que les dégradations constatées ne présentent aucun
danger pour la santé des travailleurs ou pour les riverains du site
d'entreposage puisque les substances restent toujours confinées
dans leur matrice de conditionnement et que les colis sont entreposés
dans des bâtiments contrôlés.
Les activités de mise en conformité à réaliser dans le cadre du
programme de travail établi par l'ONDRAF seront financées par les
responsables financiers des colis non conformes en question, à
savoir principalement Electrabel et les passifs nucléaires BP1 et BP2
de Belgoprocess. Plus précisément, 204 sont à charge d'Electrabel et
1.462 à charge des passifs BP1, BP2 et BP3 de Belgoprocess.
À l'heure actuelle, aucun des colis jugés non conformes n'a été
reconditionné. Il y a lieu d'établir la distinction entre les colis cimentés
corrodés et les colis bitumés. Pour les colis cimentés corrodés qui
comprennent des déchets de faible activité et de courte durée de vie,
déchets dits de catégorie A, la solution envisagée est le maintien en
entrepôt et un suivi régulier, tout en veillant à maintenir la sûreté des
entrepôts, et en attendant la mise en oeuvre et la mise en exploitation
de l'infrastructure de mise en dépôt finale des déchets de catégorie A,
dont le début des travaux est prévu en 2013.
Les colis concernés seront alors placés dans le caisson de dépôt
final, ce qui n'entraîne pas de surcoût significatif. Pour les colis
bitumés en provenance de l'ancien département "Waste" du CEN
(passif BP2), la solution de référence est le placement dans un sur-
emballage et leur mise en entrepôt avant mise au dépôt final. Le coût
total de ces opérations est actuellement estimé à 75 millions d'euros
en valeur 2006.
Enfin, en ce qui concerne les colis bitumés en provenance de
l'ancienne usine pilote européenne de retraitement Eurochemics
(passif BP1), la problématique qui a été identifiée dans le courant de
2007 est toujours à l'étude. Diverses expertises sont en cours en
Belgique et à l'étranger et il faudra attendre leur résultat pour identifier
la solution de référence et son coût.
verstande dat de minister op de
hoogte moet worden gebracht van
elke significante evolutie ter zake.
In dat kader diende NIRAS op 14
december 2007 een bijgewerkt
verslag in over de visuele
inspecties die werden uitgevoerd
in
de
gebouwen
waar
laagradioactief en middelactief
afval wordt opgeslagen. Dat is het
meest recente verslag, na zeven
tussentijdse verslagen.
Sinds het programma van de
systematische visuele inspecties
van start ging en tot 30 september
2008 werden er op een totaal van
35.729 vaten 34.970 vaten met
laagradioactief
afval
geïnspecteerd, waarvan er 1.571
niet-conform werden verklaard.
Van de 16.136 vaten met
middelactief afval werden er 432
geïnspecteerd, waarvan er 98 niet-
conform werden verklaard. De
vastgestelde
beschadigingen
brengen echter geen enkel gevaar
mee.
De kosten voor het conform
maken van die vaten komen ten
laste van de instanties die
financieel verantwoordelijk zijn
voor die vaten, hoofdzakelijk
Electrabel en het passief nucleair
BP1 en BP2 van Belgoprocess.
Tot op heden werd geen enkel vat
geherconditioneerd. De verroeste
vaten met gecementeerd afval van
categorie A ­ dit is laagradioactief
afval met een korte levensduur ­
zullen verder worden bewaard in
een
veilige
opslagplaats
en
regelmatig
geïnspecteerd
in
afwachting van de definitieve
berging. De bouwwerkzaamheden
met het oog op die definitieve
berging zouden een aanvang
moeten nemen in 2013.
Dat
zal
geen
significante
meerkosten meebrengen.
Wat de vaten met gebitumineerd
afval afkomstig van de vroegere
"Waste"-afdeling
van
het
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
Studiecentrum voor Kernenergie
(passief BP2) betreft, bestaat de
referentieoplossing
erin
ze
bijkomend te verpakken en op te
slaan in afwachting van de
definitieve berging. De totale
kosten
daarvan
worden
momenteel op 75 miljoen euro
geraamd (waarde van 2006). Voor
de gebitumineerde colli uit de oude
opwerkingsfabriek
Eurochemic
(passief BP1) ten slotte zullen de
referentieoplossing en de kosten
bepaald worden in functie van het
resultaat van de aan de gang
zijnde expertises.
08.03 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je vous
remercie pour ces réponses que j'analyserai plus en détail, car il est
difficile d'enregistrer la succession de chiffres.
Vous avez donné des chiffres concernant la quantité de colis
examinés. Cela veut-il dire que les autres continuent à être examinés
progressivement ou est-ce un tirage statistique? Vu le nombre
significatif de défauts constatés, il me semble qu'il s'agit d'autre chose
qu'une simple vérification de routine.
Par ailleurs, vous nous dites que les colis non conformes ne sont pas
dangereux. Dont acte. Mais de quelle non-conformité s'agit-il? Y a-t-il
éventuellement différents types de non-conformité?
08.03 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): U heeft ons cijfers
gegeven in verband met het aantal
onderzochte
colli. Zullen de
overige colli ook geïnspecteerd
worden, of gaat het om een
statistische monsterneming?
Bestaan er voorts, wat de colli
betreft, verschillende vormen van
non-conformiteit?
08.04 Paul Magnette, ministre: Je ne peux pas vous préciser cela
de mémoire mais je peux vous tenir informé.
08.04 Minister Paul Magnette: Ik
zal hierover nadere inlichtingen
inwinnen.
08.05 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Parfait. Je relirai les réponses
que vous m'avez données et j'attendrai les compléments
d'information.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister van Klimaat en Energie over "Synatom en het
Myrrha-project" (nr. 8746)
09 Question de M. Peter Logghe au ministre du Climat et de l'Énergie sur "Synatom et le projet
Myrrha" (n° 8746)</b>
09.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, ik hoef
het belang van het onderzoekscentrum SCK te Mol niet te
onderstrepen. U kent de situatie evengoed als ikzelf. 630
rechtstreekse en 1.200 onrechtstreekse jobs zijn bedreigd.
SCK behoort tot de absolute wereldtop op het vlak van nucleair
onderzoek.
Het vraagt al geruime tijd bijkomende middelen om massaal in te
zetten in een nieuw en grootschalig onderzoeksproject, Myrrha. Dat
weet u allemaal. Het rekent daarvoor op Europees en federaal geld.
09.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Le CEN de Mol, qui fait
partie de l'élite mondiale en
matière de recherche nucléaire,
demande depuis longtemps des
moyens supplémentaires pour
mener à bien son nouveau projet
Myrrha. À cette fin, il a introduit
dès juillet 2007 un dossier complet
ayant trait à une série de
conditions périphériques devant
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
De federale overheid vroeg het SCK om te voldoen aan allerlei
administratieve, financiële, structurele en andere randvoorwaarden.
Het SCK heeft daarvoor een volledig klaar en afgewerkt dossier
ingediend in juli 2007. Sindsdien is er niets meer.
Mijnheer de minister, wij hadden gehoopt om daarover in uw
beleidsnota een en ander te vinden. Dat is niet uitgekomen. We
hebben geen bijkomende middelen gevonden die deze regering
vrijmaakt voor Myrrha.
Daarom heb ik de volgende concrete vragen.
U weet dat die zaak dringend is en dat het SCK nog dit jaar, eind dit
jaar ten laatste, een principeakkoord zou moeten krijgen, zodanig dat
het Myrrha-project volgend jaar kan worden opgezet. Zoniet, dan
dreigt het SCK toch wel een stuk van zijn absolute wereldtop te
verliezen, en gaandeweg steeds meer te verliezen.
Als er financieel binnen deze regering geen enkele ruimte is of was,
zou het dan geen idee kunnen zijn om het Synatomfonds daarvoor
deels te gebruiken? Zo ja, werden er ondertussen stappen gezet?
Welk standpunt neemt de regering eigenlijk in inzake het Myrrha-
project? Op vraag van de regering heeft het SCK een volledig dossier
binnengebracht, waar het enorm veel werk en moeite in heeft
gestoken. Dat dossier bleek ook in orde en volledig klaar te zijn.
Waarom wordt er in die kwestie geen definitieve beslissing genomen?
être remplies. Depuis, il attend des
nouvelles.
Le CEN peut-il escompter un
accord de principe cette année
encore? Le cas échéant, recevra-
t-il de l'argent du Fonds Synatom?
Quelle
est
la
position
du
gouvernement concernant le projet
Myrrha? Pourquoi une décision se
fait-elle attendre?
09.02 Minister Paul Magnette: Ik ben mij ervan bewust dat er binnen
afzienbare tijd een beslissing moet worden genomen over het Myrrha-
project. Zoals ik de situatie thans inschat, acht ik het evenwel niet
absoluut noodzakelijk dat er nog dit jaar een principebeslissing wordt
genomen over dit project.
Ik vind het geen goed idee om voor het Myrrha-project een beroep te
doen op de nucleaire voorzieningen bij Synatom voor de ontmanteling
van de kerncentrales en voor het beheer van de bestraalde brandstof.
Het gebruik van de nucleaire voorzieningen voor dit project kan alleen
gebeuren onder de vorm van een lening vanuit de voorzieningen van
het SCK aangezien de voorzieningen op termijn blijvend moeten
worden gebruikt voor het doel waarvoor zij zijn bestemd. Een
dergelijke lening vormt geen ontlasting voor de begroting van de
Belgische Staat, ze vormt alleen maar een uitstel van betaling.
Uiteindelijk zou de Belgische Staat meer moeten betalen aangezien
ook intresten zouden moeten worden betaald op het geleende bedrag.
Aan het eind van de maand juni van het jaar 2007 heeft het SCK een
beheersovereenkomst ingediend waarvan het Myrrha-project een
onafscheidelijk deel uitmaakt. De regering heeft nog geen beslissing
genomen over het Myrrha-project omdat het om een zeer zware
investering gaat, 750 miljoen euro, die weliswaar gespreid is in de tijd
maar waaraan de Belgische Staat in aanzienlijke mate zou moeten
bijdragen. U kunt toch wel begrijpen dat een dergelijke beslissing niet
lichtzinnig kan worden genomen. Vooraleer de Belgische Staat te
verbinden tot dergelijke belangrijke uitgaven wil ik er zeker van zijn
dat het Myrrha-project de goede oplossing is. Om deze zekerheid te
bekomen wil ik het project onderwerpen aan een externe
onafhankelijke evaluatie door het Nucleaire Energieagentschap.
Bovendien wordt het SCK betrokken bij het evaluatieproces. Ik vind
09.02 Paul Magnette, ministre:
Une décision doit certes être prise
à
court
terme
mais
plus
nécessairement cette année, me
semble-t-il. J'estime que le fonds
Synatom ne doit pas être utilisé
pour financer le projet Myrrha.
L'utilisation
de
provisions
nucléaires pour ce projet n'est
envisageable que sous la forme
d'un prêt sur la base des
provisions du CEN, étant donné
qu'il ne peut être question d'une
utilisation impropre. Un tel prêt
grèvera plus lourdement le budget
de l'État en raison des intérêts. Le
gouvernement n'a pas encore pris
de décision en ce qui concerne le
projet Myrrha car l'investissement
porte sur 750 millions d'euros.
Je veux d'abord être sûr que le
projet Myrrha soit la bonne
solution. Dès lors, je souhaite que
l'Agence pour l'énergie nucléaire
procède d'abord à une évaluation
externe indépendante à laquelle
serait également associé le CEN.
Il serait prématuré de prendre des
décisions dès maintenant.
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
het derhalve voorbarig om voor de regering een beslissing te nemen
over het Myrrha-project zolang de resultaten van de onafhankelijke
evaluatie niet beschikbaar zijn.
09.03 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, ik dank
u voor uw uitvoerig antwoord. Wij zullen op deze kwestie nog een
paar keer terugkomen. Ik neem er nota van dat er dus dit jaar zeker
geen principebeslissing volgt. Ik neem er ook nota van dat u bevestigt
dat eind juni 2007 het dossier eigenlijk binnen was en dat het gaat
over een dossier met een belangrijke financiële impact. Goed, dat
laatste weten we natuurlijk al een paar jaar. U wacht op de resultaten
van een onafhankelijk onderzoek. Mijnheer de minister, ik vraag mij
alleen af wanneer het onderzoek van dat onafhankelijk instituut mag
worden verwacht. De klok tikt verder voor het SCK en voor het
Myrrha-project. Ik ben samen met de mensen van het SCK te Mol
bezorgd om de toekomst. Ik hoop dat men niet te lang wacht.
09.03 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Quand disposerons-nous
du résultat de cette étude
indépendante? Il ne faut pas
attendre trop longtemps.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
10 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "de doorrekening
van de lagere energieprijzen in de maandelijkse voorschotten" (nr. 8765)
10 Question de Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la prise en compte de
la baisse des prix de l'énergie dans les avances mensuelles" (n° 8765)</b>
10.01 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, het lijkt
ondertussen al oud nieuws.
U hebt gezegd dat de prijzen moeten dalen. U zag dat gebeuren in
overleg met de sociale partners. Daarnaast stond in de krant dat u de
opdracht had gekregen om de concurrentie in de productie te
verhogen, omdat dat een structurele manier is om de prijzen te laten
dalen. We hadden het er deze voormiddag nog over met uw collega,
minister Van Quickenborne.
Welke concrete maatregelen ziet u om dat doel te bereiken?
Het overleg met de sociale partners is gelijklopend. Ook uit het
interprofessioneel overleg vangen we geruchten op over de
energiemaatregelen die daar op tafel liggen. Misschien kunt u
daarover wat meer uitleg geven, als u dat zou willen en kunnen doen.
10.01 Katrien Partyka (CD&V):
Selon le ministre, les prix de
l'énergie doivent diminuer. Cette
opération devrait être mise en
oeuvre en concertation avec les
partenaires sociaux. D'autre part,
le ministre a reçu pour mission
d'augmenter la concurrence dans
la production, parce qu'il en
résulterait des réductions de prix
structurelles.
Quelles mesures concrètes le
ministre envisage-t-il de prendre?
10.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mevrouw
Partyka, zoals u zelf aangeeft, is er in de beleidsnota 2009 het
volgende bepaald: "De regering wil resoluut werk maken van
concurrentie in de productie en dus lagere prijzen, waarbij
monopoliewinsten worden uitgezuiverd. Ze heeft daarom de CREG
aanzienlijk versterkt, enzovoort."
Ingevolge deze opdracht heb ik vorige week donderdag de sociale
partners
en
de
elektriciteitsproducenten
en
­leveranciers
bijeengeroepen om hen de boodschap van de regering duidelijk te
maken, om de oorzaken van de prijsstijgingen te evalueren en om tot
een gezamenlijke diagnose te komen. Ik stel immers ­ net als zovele
anderen ­ vast dat wanneer de prijsstijgingen te maken hebben met
de stijging van grondstofprijzen, zoals aardolie en steenkool, de
energieprijzen ook moeten dalen als diezelfde prijzen van de
grondstoffen dalen, liefst zo vlug mogelijk, zodat de prijsdalingen ook
10.02 Paul Magnette, ministre: Le
gouvernement
souhaite
effectivement
davantage
de
concurrence et, par conséquent,
des
prix
plus
bas,
par
l'assainissement des bénéfices de
monopole. Jeudi dernier, j'ai réuni
les partenaires sociaux et les
producteurs d'électricité pour leur
expliquer la situation et établir un
diagnostic
commun.
Nous
estimons en effet que lorsqu'une
augmentation
des
prix
des
matières premières, telles que le
pétrole et le charbon, entraîne une
augmentation
des
prix
de
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
in de voorschotfacturen kunnen worden doorgerekend en de klanten
niet moeten wachten op hun eindfactuur om de prijsdaling te voelen.
De sociale partners waren ook uitgenodigd omdat zowel de
vakbonden als de werkgevers reeds ongeveer een jaar lang zeggen
dat de hoge energieprijzen problemen vormen voor de koopkracht
van de mensen en voor de concurrentiepositie van de
ondernemingen. We zullen elkaar binnenkort opnieuw ontmoeten.
Wanneer er geen concrete realisaties in het vooruitzicht worden
gesteld, zal ik echter aan de regering voorstellen om een regulering
van de prijzen in te stellen, waarbij de prijzen effectief aan de
werkelijke productiekosten zullen worden gelieerd. Daarnaast zal ik
ook voorstellen formuleren om energiebesparende maatregelen te
nemen en te versterken, alsmede maatregelen om op Belgisch en
Europees niveau de transportnetwerken en de uitwisseling tussen die
netwerken uit te breiden alsook de productiecapaciteit te verhogen in
nieuwe en ­ vooral ­ hernieuwbare energieproductie om meer
concurrentie op het niveau van de productie van elektriciteit en de
invoer van gas mogelijk te maken.
l'énergie, une diminution des prix
de ces matières premières doit
entraîner une diminution des prix
de l'énergie et de préférence déjà
dans les factures d'acompte, de
sorte que les gens ne doivent pas
attendre la facture finale pour
bénéficier de la diminution des
prix.
Si aucun projet concret n'est
envisagé,
je
proposerai
au
gouvernement de réguler les prix,
en les couplant aux frais de
production réels.
10.03 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, kan u de laatste zin herhalen? Ik heb ze niet goed begrepen.
10.04 Minister Paul Magnette: Ze was nogal algemeen.
Ik zal een voorstel formuleren om energiebesparende maatregelen te
nemen en te versterken, maatregelen om op Belgisch en op
Europees niveau de transportnetwerken en de uitwisseling tussen
voornoemde netwerken uit te breiden, alsmede om de
productiecapaciteit
in
nieuwe
en
vooral
hernieuwbare
energieproductie te verhogen, teneinde meer concurrentie op het
niveau van de productie van elektriciteit en van de invoer van gas
mogelijk te maken.
10.04 Paul Magnette, ministre:
D'autre
part,
je
formulerai
également des propositions dans
le cadre de l'économie d'énergie,
de l'extension des réseaux de
transport d'énergie aux niveaux
belge et européen et de l'échange
entre
ces
réseaux,
et
de
l'augmentation de la capacité de
production en énergies nouvelles
et renouvelables, afin d'augmenter
la concurrence sur le marché du
gaz et de l'électricité.
10.05 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, het initiatief is op zich natuurlijk lovenswaardig.
Meer concurrentie is absoluut nodig. U wil echter tot een regulering
van de prijzen overgaan, wat op zich niet voor meer concurrentie zal
zorgen. U weet dat wij hoorzittingen hebben gehouden. Net de
kleinere spelers op de markt zeggen de prijzen niet te zullen
reguleren, omdat een regulering hen veel meer raakt dan de grote
spelers op de markt.
Ik zie niet goed in op welke manier uw voorstel een
concurrentiebevorderende maatregel kan zijn. In welke mate zal zulks
de concurrentie verhogen?
Over maximumprijzen op zich hebben wij onze mening. Er zijn vele
oorzaken voor de hoge prijzen, maar wij zijn het erover eens dat een
van de oorzaken een gebrek aan concurrentie is. De gebrekkige
concurrentie zullen wij niet door een regulering van de prijzen kunnen
oplossen. Dat kan veeleer door afspraken met de sector te maken en
door zaken in overleg op te leggen en af te dwingen.
10.05 Katrien Partyka (CD&V): Il
est indispensable d'accroître la
concurrence mais la régulation
des prix n'y contribuera pas. Si les
petits opérateurs actifs sur le
marché ne sont pas demandeurs
d'une régulation des prix, c'est
justement parce que celle-ci joue à
l'avantage des grands opérateurs.
L'absence de concurrence est
l'une des causes du niveau élevé
des prix. Seule une concertation
avec le secteur, et non une
régulation des prix, peut modifier
la situation.
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
10.06 Paul Magnette, ministre: Comme je l'avais expliqué plus
longuement dans une réponse à M. Henry, un plafonnement ne peut
être qu'une mesure provisoire en attendant la concurrence et basée
sur le calcul des coûts de production par type d'énergie, ce qui permet
d'assurer qu'il n'y a pas d'effet de rente chez certains producteurs et
qui rétablit un 'level playing field'. Cette mesure favorise donc bien la
concurrence.
10.06 Minister Paul Magnette:
Een begrenzing kan slechts een
tijdelijke
maatregel
zijn,
in
afwachting dat de concurrentie
kan spelen. Deze maatregel is
gestoeld op de berekening van de
productiekosten per energietype
teneinde elk rente-effect in hoofde
van bepaalde producenten uit te
sluiten,
en
moedigt
de
concurrentie aan.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
11 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "Synatom"
(nr. 8806)
11 Question de Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "Synatom" (n° 8806)</b>
11.01 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik heb een hele reeks vragen. Misschien werden sommige al
beantwoord want mijn collega Van der Straeten, die op dat vlak ook
zeer actief is geweest, stelde u reeds een aantal vragen.
Hoeveel leden van de Commissie voor nucleaire voorzieningen
hebben banden met Electrabel?
Is er al een lijst opgesteld van projecten en rechtspersonen die in
aanmerking komen voor leningen?
Hoe wordt het totaal bedrag van artikel 14 bepaald? Hoeveel is al
opgenomen door kernexploitanten?
Is het goedkoper om via Synatom te lenen dan via andere
financieringsinstrumenten?
Hoeveel is beschikbaar voor niet-kernexploitanten en projecten?
Hoeveel is daarvan al opgenomen?
Is het mogelijk dat één project met het volledig beschikbare saldo
gaat lopen?
Welk tarief geldt momenteel?
Hoe wordt de cash gegenereerd door Synatom?
Kan een project van een kernexploitant, indien het op de lijst staat,
worden gefinancierd met de middelen omschreven in artikel 7 of dient
dit te gebeuren met de 75% zoals bepaald in paragraaf 1?
11.01 Katrien Partyka (CD&V):
Combien de membres de la
Commission
des
provisions
nucléaires entretiennent des liens
avec Electrabel? A-t-on déjà établi
une liste de projets et de
personnes morales susceptibles
de bénéficier de prêts? Comment
détermine-t-on le montant total de
l'article 14? Quel montant les
exploitants nucléaires ont-ils déjà
prélevé ? Est-il moins coûteux
d'emprunter par l'intermédiaire de
Synatom que par le biais d'autres
instruments de financement? Quel
est le montant disponible pour les
non-exploitants nucléaires et les
projets? Quelle partie de ce
montant a déjà été prélevée? Est-il
possible
qu'un
seul
projet
bénéficie de l'intégralité des
fonds?
Quel
est
le
taux
actuellement
applicable
et
comment le financement est-il
assuré par Synatom? S'il figure
sur la liste, le projet d'un exploitant
nucléaire peut-il être financé par
les moyens visés à l'article 7 ou
doit-il l'être par le biais des 75 %
visés au paragraphe 1
er
?
11.02 Minister Paul Magnette: De Commissie voor nucleaire
voorzieningen telt negen leden, waarvan drie leden de
kernprovisievennootschap Synatom vertegenwoordigen. Deze drie
hebben dus een band met het moederbedrijf Electrabel.
De Commissie voor nucleaire voorzieningen heeft nog geen lijst
opgesteld van rechtspersonen en projecten die in aanmerking komen
voor leningen binnen de 10% van de 25% van het totaal van de
11.02 Paul Magnette, ministre: La
Commission
des
provisions
nucléaires compte neuf membres,
dont trois représentent Synatom et
entretiennent donc un lien avec
Electrabel.
La Commission n'a pas encore
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
voorzieningen dat niet het voorwerp mag uitmaken van leningen aan
de kernexploitanten.
Het is de bedoeling van de Commissie voor nucleaire voorzieningen
om een aantal criteria voorop te stellen waaraan de mogelijke
projecten of vennootschappen die een beroep kunnen doen op de
10%, moeten voldoen. Op 22 oktober heb ik een brief aan de
Commissie voor nucleaire voorzieningen opgestuurd om de stand van
zaken van het dossier te kennen. Ik moet een antwoord op mijn
vragen krijgen in de loop van de volgende dagen.
De totale voorzieningen bedroegen einde 2007 4,905 miljard euro.
Hiervan kan 75% worden geleend aan de kernexploitant en 10% van
de overige 25% kan worden geleend aan de in artikel 14, §7,
bedoelde projecten of rechtspersonen. Dit komt dus neer op 2,5% van
het totaalbedrag of min of meer 122 miljoen euro.
De minimum te betalen vergoeding is de actualisatievoet die wordt
gebruikt voor de berekening van de voorzieningen. De
actualisatievoet bedraagt momenteel 5%. Afhankelijk van de
marktsituatie is deze intrestvoet al dan niet goedkoper dan andere
financieringsinstrumenten.
Voor niet-kernexploitanten en projecten is momenteel iets meer dan
25% van de voorzieningen beschikbaar, hetzij min of meer
1,246 miljard euro. Hiervan werden 808 miljoen euro geleend aan
Elia. Het resterende saldo is geleend aan SPE, werd geplaatst in
kortetermijnbeleggingen of wordt gebruikt voor de eigen
financieringsbehoeften van Synatom.
Theoretisch is het mogelijk dat een project met het volledig
beschikbaar saldo gaat lopen. Dit is echter niet de bedoeling van de
commissie. De regels van de eerlijke concurrentie moeten worden
gerespecteerd. Tevens wil de commissie het risico spreiden.
Het tarief staat nog niet vast, maar kan zich evenwel niet onder de 5%
situeren. De middelen van de kortetermijnbeleggingen en eventuele
andere middelen zullen moeten worden vrijgemaakt.
De kernexploitant kan niet lenen uit de vrije 25%. Hij moet zijn
projecten financieren met de 75% van de voorzieningen die hij in leen
heeft gekregen.
établi de liste de sociétés ou de
projets potentiels. Elle souhaite
tout d'abord définir un certain
nombre de critères auxquels ceux-
ci doivent satisfaire. Je me suis
enquis de l'état de la situation le
22 octobre
et
j'attends
une
réponse dans les prochains jours.
Les provisions totales s'élevaient à
4,9 millions d'euros fin 2007. Sur
ce montant, 75 % peuvent être
prêtés à l'exploitant nucléaire et
10 % du quart restant peuvent être
affectés sous la forme de prêts
aux personnes morales ou aux
projets visés à l'article 14, ce qui
représente donc 2,5 % du montant
total ou environ 122 millions
d'euros.
Actuellement, un peu plus de 25 %
des
provisions,
soit
environ
1,2 milliards
d'euros,
sont
disponibles
pour
les
non-
exploitants nucléaires et les
projets. Sur ce montant, 808
millions ont été prêtés à Elia et le
solde a été prêté à SPE, placé à
court terme ou utilisé pour les
besoins de financement propres
de Synatom.
Théoriquement, il est possible
qu'un seul projet absorbe la totalité
mais tel n'est pas l'objectif. La
Commission souhaite répartir le
risque. Le taux n'a pas encore été
fixé mais il ne peut être inférieur à
5 %. Les placements à court
terme
et
d'autres
moyens
éventuels devront être libérés.
Enfin, un exploitant nucléaire ne
peut emprunter dans le cadre des
25 % "libres".
11.03 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik dank u voor uw antwoord.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
12 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "preventie en
vorming inzake overmatige krediet- en schuldenlast" (nr. 8852)
12 Question de Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la prévention et la
formation en matière de surendettement et de charge de crédit excessive" (n° 8852)</b>
12.01 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de minister, als minister 12.01 Katrien Partyka (CD&V):
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
van Consumentenzaken bent u bevoegd voor schuldenoverlast, en de
vorming en informatie ter zake. Sinds 2004 is er voor het
consumentenkrediet een prospectus verplicht gesteld. Ik vraag mij af
of u dit al dan niet een efficiënt instrument vindt in de voorkoming van
schuldoverlast. De dag zonder krediet bijvoorbeeld vraagt betere
informatie voor de consument. Vindt u het al dan niet nodig dat het KB
ter zake wordt aangepast? Wanneer zal de preventiecampagne,
waarvan al een hele tijd sprake is, van start gaan? In 2007 is hiervoor
een aanbesteding gebeurd. Ik vraag mij trouwens af of die niet
opnieuw moet gebeuren. Gebeurt dit in overleg met de regionale
schuldencentra? Welke initiatieven zult u nemen om de federale
diensten, die bevoegd zijn voor consumentenkrediet en
schuldpreventie, te betrekken bij de lopende consultatie van de CBFA
over het bevorderen van de financiële kennis in België?
Le ministre est compétent pour la
prévention du surendettement et
pour la formation ou l'information
en matière de crédit.
Dans quelle mesure le prospectus
imposé en 2004 constitue-t-il un
bon instrument de prévention du
surendettement?
Le
ministre
prévoit-il une adaptation de l'arrêté
royal
existant?
Quand
la
campagne de prévention du Fonds
de lutte contre le surendettement
débutera-t-elle?
Dans
quelle
mesure les trois centres du
surendettement
régionaux
y
seront-ils
associés?
Quelles
initiatives le ministre prend-il pour
associer les services fédéraux
compétents en matière de crédit à
la consommation et de prévention
des dettes, à la consultation
actuelle de la CBFA en ce qui
concerne
la
promotion
des
connaissances
financières
en
Belgique?
12.02 Minister Paul Magnette: Door het ter beschikking stellen van
een prospectus, zoals bedoeld in de wet op het consumentenkrediet,
moet de consument over duidelijke en volledige informatie beschikken
om met kennis van zaken een keuze te kunnen maken uit de
verschillende formules en mogelijke kredietverstrekkers. De
prospectus is slechts een element in de voorkoming van
schuldoverlast, die zowel kredietverleners als kredietbemiddelaars
verplicht de consument op een juiste en volledige manier alle
noodzakelijke informatie te verschaffen in verband met de beoogde
kredietovereenkomst.
Een verdere optimalisering is altijd wenselijk maar er is wel een
nieuwe Europese richtlijn inzake kredietovereenkomsten voor
consumenten die heel uitgebreid aandacht besteedt aan
precontractuele
informatie
en
hiertoe
onder
meer
een
geharmoniseerd model van Europese standaardinformatie inzake
consumentenkrediet invoert. Een verdere aanpassing van het
koninklijk besluit zal derhalve moeten worden bekeken in het kader
van de omzetting van deze Europese richtlijn. Ik heb mij trouwens tot
de Raad voor het Verbruik gewend met het oog op het formuleren van
voorstellen tot omzetting van de richtlijn.
Het Fonds ter Bestrijding van Overmatige Schuldenlast ontving
slechts op 26 november 2008 de goedkeuring van mijn collega, de
minister
van
Ondernemen
en
Vereenvoudigen,
om
de
preventiecampagne 2007 definitief te gunnen. Persoonlijk heb ik die
op 10 maart 2008 aanvaard. Het gaat hier om een openbare
aanbesteding waarop ook de geciteerde schuldencentra konden
inschrijven. Eens de aanbestedingsprocedure definitief is afgerond ­
de termijn van beroep voor de niet-geselecteerde kandidaat loopt nog
­ zal de preventiecampagne, gefinancierd door het Fonds, kunnen
12.02 Paul Magnette, ministre: Le
prospectus doit permettre au
consommateur de faire le bon
choix
entre
différents
dispensateurs
et
différentes
formules de crédit. Il ne s'agit bien
sûr que d'un élément dans la
prévention du surendettement. La
nouvelle directive européenne du
23 avril 2008 qui doit être
transposée en droit belge porte
une grande attention à une
information pré-contractuelle et
instaure
une
information
européenne
standardisée
en
matière
de
crédit
à
la
consommation. Une adaptation
plus avant de l'arrêté royal doit
être considérée dans le cadre de
la transposition de la directive. J'ai
demandé au Conseil de la
consommation de formuler des
propositions.
Le Fonds de lutte contre le
surendettement n'a reçu l'accord
de M. Van Quickenborne que le 6
novembre 2008 pour la passation
du
marché
concernant
la
campagne de prévention. Les
centres du surendettement ont eu
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
worden gelanceerd. Waarschijnlijk zal dit begin 2009 gebeuren.
Misschien zal het nu niet meer zo lang duren vermits de
preventiecampagne een van de tien maatregelen is om de economie
te versterken, volgens quickonomie, de site van mijn collega.
In de aanbesteding was er niet in een coördinatie voorzien met de
regionale schuldencentra of met het Observatorium van het Krediet.
Uit het verslag van de CBFA inzake het bevoordelen van de financiële
kennis in België vloeit voort dat het in België niet ontbreekt aan
informatie met betrekking tot het voorkomen van overmatige
schuldenlast. België speelt hier een voortrekkersrol met een veelvoud
van actoren. Ik zal echter niet nalaten de FOD Economie uit te
nodigen om het verslag van de CBFA nader te bestuderen en om
overeenkomstig hiermee eventueel een verdere bijdrage te leveren bij
deze raadpleging.
la possibilité de soumissionner. La
campagne débutera lorsque la
procédure
d'adjudication
sera
terminée,
soit
début
2009
probablement.
Les choses pourraient aller vite
dans la mesure où la campagne
de prévention constitue l'une des
dix
mesures
pour
renforcer
l'économie selon le site internet
Quickonomie. Dans le cadre de
l'adjudication, aucune coordination
n'a été prévue avec les centres
d'endettement régionaux ou avec
l'Observatoire du Crédit.
Selon le rapport de la CBFA, les
informations ne manquent pas sur
la prévention du surendettement.
Notre pays joue même un rôle de
pionnier. Je demanderai au SPF
Économie d'examiner tout de
même le rapport.
12.03 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, Ik dank de
heer Magnette voor zijn antwoord. Inzake die omzetting van de
Europese richtlijn consumentenkrediet heeft uw collega minister van
Quickenborne een interessante studie laten maken door een
advocaat van Citibank, Dominique Blommaert. Ik raad u aan die eens
te lezen want ik denk dat u waakzaam moet zijn dat die Europese
richtlijn geen uitholling betekent van de inderdaad goede bescherming
die in België bestaat? Ik denk dat we moeten oppassen dat het beleid
niet wordt teruggedraaid. Integendeel, ik denk dat uit de afgelopen
crisis blijkt dat het te gemakkelijk toekennen van kredieten voor niets
goed is en het zijn ook niet, bij wijze van spreken, de klantenkaarten
met bijbehorende hoge kostenpercentage in de Carrefour die onze
economie gaan redden.
De Raad van Verbruik gaat een advies geven voor die omzetting van
die richtlijn. Wanneer verwacht u die voorstellen? Enig idee bij
benadering?
Ik vind het positief dat u de FOD economie zal vragen om zijn licht te
laten schijnen over die consultatie van de CBFA. Het lijkt mij toch niet
onbelangrijk om dat aspect van die schuldenoverlast mee te nemen in
dat bevorderen van die financiële kennis in België.
12.03 Katrien Partyka (CD&V):
M.
Van
Quickenborne
a
commandé une étude intéressante
sur la transposition de la directive
européenne relative aux crédits à
la consommation. La vigilance
s'impose car cette transposition ne
doit entraîner ni un détricotage, ni
une régression en ce qui concerne
la politique de protection du
consommateur.
La
crise
actuelle
démontre
l'inopportunité d'un octroi trop aisé
de crédits. Par ailleurs, ce ne sont
pas les cartes de crédit proposées
par exemple par les supermarchés
ne seront certainement pas de
nature à sauver notre économie.
Quand le ministre pense-t-il
recevoir l'avis du Conseil de la
Consommation?
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
13 Question de Mme Zoé Genot au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la brochure d'information
aux personnes se rendant en pèlerinage à La Mecque" (n° 8865)</b>
13 Vraag van mevrouw Zoé Genot aan de minister van Klimaat en Energie over "de
informatiebrochure voor personen die naar Mekka op bedevaart gaan" (nr. 8865)
13.01 Zoé Genot (Ecolo-Groen!): Monsieur le président, en France 13.01 Zoé Genot (Ecolo-Groen!):
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
une brochure bilingue français/arabe a été éditée à l'intention des
personnes se rendant en pèlerinage à La Mecque pour rappeler les
précautions indispensables à prendre avant le voyage et pendant le
pèlerinage.
Elle a été réalisée conjointement par les ministères des Affaires
étrangères et européennes, de l'Intérieur, d'Outre-mer et des
collectivités territoriales, de l'Économie et de l'Emploi en partenariat
avec le Syndicat national des agences de voyage et l'Association
professionnelle de solidarité et tourisme. Editée à plus de 50.000
exemplaires, cette brochure propose des conseils pratiques: visas,
contrats de travail, vaccinations, adresses utiles dont celle de
l'antenne consulaire installée à La Mecque par le ministère des
Affaires étrangères durant tout le pèlerinage.
En Belgique, de nombreuses personnes âgées ont eu la malchance
de s'adresser à des associations ou à des agences de voyage peu
scrupuleuses et ont donc vu leur pèlerinage entaché de toute une
série de difficultés pratiques. Ces personnes âgées se sont
retrouvées logées dans des endroits indécents, transportées de
manière aussi peu respectueuse et tout cela après avoir payé des
fortunes. Elles avaient épargné pendant de longues années pour
accomplir ce fameux pèlerinage à La Mecque.
Clairement, la législation en matière de voyage s'applique aussi aux
agences et aux associations qui mettent en vente des voyages pour
accomplir le pèlerinage vers La Mecque. Toutefois, je pense qu'il est
important d'essayer de tout mettre en oeuvre pour que cette législation
soit effectivement respectée.
J'aurais voulu savoir ce qui existe en Belgique pour faire respecter
cette législation, pour informer et donner des conseils pratiques aux
voyageurs en général et plus particulièrement aux personnes se
rendant en pèlerinage à La Mecque? Que pensez-vous de l'idée de
réaliser une brochure trilingue ou quadrilingue sur le modèle de celle
qui existe en France? Clairement, nous rencontrons le même
problème et il serait dès lors intéressant d'essayer de proposer un
certain nombre de choses à cet effet.
In Frankrijk werd een tweetalige
brochure
Frans-Arabisch
uitgegeven voor personen die op
bedevaart gaan naar Mekka om te
herinneren aan de absoluut
noodzakelijke
voorzorgsmaatregelen en met
praktische tips. In België hebben
veel mensen zich tot weinig
gewetensvolle
agentschappen
gewend en kregen vervolgens te
maken
met
praktische
moeilijkheden nadat ze zich blauw
betaald hadden. Wat is er in
België
voorhanden
om
de
wetgeving inzake het reizen te
doen naleven, om de reizigers te
informeren, en meer in het
bijzonder degenen die naar Mekka
reizen? Wat denkt u over de idee
van een drie- of viertalige brochure
geïnspireerd op het model van wat
in Frankrijk bestaat?
13.02 Paul Magnette, ministre: Comme vous l'avez rappelé,
madame Genot, la loi sur les contrats de voyage s'applique à tous les
voyages à forfait, en ce compris à destination de La Mecque,
organisés et vendus en Belgique par un tour-opérateur ou une agence
de voyage.
Cette loi vise à protéger le voyageur et contient une obligation
générale à charge du tour-opérateur et/ou de l'intermédiaire de
voyage, qui doit communiquer par écrit au voyageur une série de
données, comme les informations utiles d'ordre général concernant
les passeports et visas, les formalités sanitaires nécessaires pour le
voyage et les séjours.
En outre, au plus tard sept jours civils avant le départ, le voyageur doit
avoir reçu les coordonnées d'un point de contact susceptible de l'aider
pendant le voyage: représentation locale du tour-opérateur ou de
l'intermédiaire de voyage ou organismes locaux.
La Direction générale Contrôle et Médiation compétente pour
13.02 Minister Paul Magnette: De
wet op de reiscontracten beoogt
de bescherming van de reiziger.
De
touroperator
en/of
de
reisbemiddelaar moet aan de
reiziger schriftelijk een reeks
gegevens
meedelen.
De
Algemene Directie controleert en
de ombudsdienst, bevoegd voor
het controleren van de toepassing
van de wet, heeft tot dusver geen
klachten ontvangen van personen
die naar Mekka afreisden. De
website van de FOD Buitenlandse
Zaken geeft ook een reeks
raadgevingen en waarschuwingen
aan de reizigers over de veiligheid
en de criminaliteit in het land, enz.
De FOD geeft een praktische gids
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
contrôler l'application de cette loi n'a pas reçu de plaintes de
personnes s'étant rendues à La Mecque. J'ai vérifié. Les informations
sur les législations qui visent à protéger le consommateur en matière
de voyage sont consultables sur le site web du SPF Économie.
D'autre part, le site web du SPF Affaires étrangères donne, lui aussi
par pays de destination, une série de conseils et d'avertissements au
voyageur et qui sont régulièrement réactualisés; ils sont relatifs à la
situation sécuritaire du pays, à la criminalité, à la sécurité des
transports, aux risques de catastrophes naturelles, à la législation, à
l'assistance consulaire, etc.
Le SPF édite également une brochure intitulée " Un voyageur averti
...", téléchargeable sur son site web. Il s'agit d'un guide pratique qui
contient des conseils utiles au voyageur en ce qui concerne
notamment les documents officiels de voyage, les modes de
paiement, les règles de douane et les précautions de santé.
Le Centre européen des consommateurs dispense également des
informations et des conseils pratiques aux voyageurs. Il me semble
qu'il y a donc déjà à la fois pas mal de dispositions légales et des
lieux d'information qui protègent le consommateur. Étant donné
qu'aucune plainte n'a été enregistrée à ce propos, il ne me paraît pas
à ce stade nécessaire de publier une brochure spécifique aux
voyageurs qui se rendent à La Mecque.
uit met nuttige tips. Het Europees
Centrum voor de Consument geeft
ook informatie aan de reizigers.
Er
zijn
dus
heel
wat
wetsbepalingen en plekken waar
men informatie vindt over de
bescherming van de consument.
Aangezien er geen enkele klacht
opgetekend werd, lijkt het me niet
nodig een brochure uit te geven
voor Mekka-reizigers
13.03 Zoé Genot (Ecolo-Groen!): Je suis étonnée. Je pensais
qu'une plainte avait été introduite auprès de la Commission de Litiges
Voyages. Une action en justice a, elle, déjà donné ses fruits.
Dans ce secteur, il y a des opérateurs sérieux et des opérateurs
véreux. La difficulté bien souvent vient du fait que ces personnes
âgées ont un peu honte et n'osent pas se plaindre, car ces
transactions se font via des connaissances.
Cela vaudrait peut-être la peine que vous essayiez de vous faire une
idée un peu plus précise de ce qui se passe réellement. Cette
initiative pourrait être utile. Même si cette information existe de
manière éparse, une difficulté particulière apparaît sur le terrain. Je
pense que cela vaudrait la peine d'en tenir compte et de choisir entre
la solution française de la brochure ou d'autres outils devant être mis
en place pour éviter ces désagréments.
13.03 Zoé Genot (Ecolo-Groen!):
Ik dacht dat er een klacht werd
ingediend
bij
de
Geschillencommissie Reizen. Een
rechtsvordering heeft wel al
vruchten
opgeleverd.
Het
probleem is vaak dat die ouderen
geen klacht durven in te dienen,
omdat
de
tussenpersonen
bekenden van hen zijn. Het lijkt
me nuttig een brochure uit te
geven, zoals in Frankrijk gebeurt,
of voor een andere oplossing te
kiezen om dergelijke problemen te
voorkomen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
14 Vraag van de heer Hagen Goyvaerts aan de minister van Klimaat en Energie over "het contact van
de Brusselse bevolking met energieleverancier Electrabel-GDF Suez" (nr. 9035)
14 Question de M. Hagen Goyvaerts au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le point de contact
prévu par le fournisseur d'énergie Electrabel-GDF Suez pour la population de Bruxelles" (n° 9035)</b>
14.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, uw
contacten met Suez zijn momenteel misschien niet zo optimaal. Dat
heb ik via de pers vernomen. Hoe dan ook, heel wat inwoners van
Brussel hebben onlangs een brief van Electrabel-GDF Suez in de
brievenbus gekregen, waarin publiciteit wordt gemaakt voor hun
GroenPlus-formule, een formule omtrent zogenaamde groene
energie. Uit de bijgevoegde contractuele voorwaarden leren wij dat
14.01 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang):
Les
habitants
de
Bruxelles ont reçu dernièrement
une lettre d'Electrabel faisant
l'éloge du contrat VertPlus. Or les
conditions de ce contrat prévoient
que les clients bruxellois de
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
personen die verhuizen, minstens 20 kalenderdagen voor hun verhuis
Electrabel dienen te verwittigen, teneinde een correcte slotfactuur te
kunnen krijgen. Het merkwaardige is dat in die contractuele
voorwaarden ook staat dat de brief kan worden gestuurd naar een
postbusadres in Berchem, wanneer het gaat over een inwoner van
Vlaanderen, en naar een postbusadres in Namen, wanneer het een
inwoner van Wallonië en Brussel betreft.
Blijkbaar zijn de Nederlandstalige Brusselaars verplicht zich te
wenden tot een adres in Wallonië. Het zou mij op het eerste gezicht
logischer lijken dat Vlaamse Brusselaars zich kunnen wenden tot het
adres in Vlaanderen en Franstalige Brusselaars tot het adres in
Wallonië. Maar goed, uit nieuwsgierigheid wil ik u daarover de
volgende vragen stellen.
Mijnheer de minister, ten eerste, bent u op de hoogte van dat feit?
Ten tweede, bent u bereid contact te nemen met Electrabel-GDF
Suez om het probleem voor te leggen en het bedrijf ervan te
overtuigen dat de Nederlandstalige Brusselaars zich tot het adres in
Vlaanderen zouden kunnen richten?
l'électricien belge ont la possibilité,
lorsqu'ils déménagent, de le
signaler par courrier à une
adresse à Namur. Pourquoi ne
peuvent-ils le signaler à une
adresse en Flandre?
Le ministre est-il informé de cet
état de choses? Compte-t-il
aborder
ce
problème
avec
Electrabel?
14.02 Minister Paul Magnette: Elke privéonderneming mag haar
hoofdzetel vestigen waar zij zelf wil en is vrij in het kiezen van het
contactadres voor klanten. Ik zie geen enkele reden waarom het een
probleem zou zijn voor een inwoner van Brussel een brief in het
Nederlands of het Frans te versturen naar een adres in Vlaanderen of
Wallonië. Met andere woorden, ik zie absoluut het belang niet
hiervoor tussenbeide te komen bij Electrabel.
14.02 Paul Magnette, ministre:
Toute entreprise privée est libre de
choisir librement son adresse
principale et son adresse de
contact. Je ne vois pas en quoi le
fait,
pour
des
Bruxellois
néerlandophones, de devoir écrire
une lettre en néerlandais à une
adresse
en
Wallonie
pose
problème. Dès lors, je n'ai aucune
raison de me mettre en rapport
avec Electrabel.
14.03 Hagen Goyvaerts (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, op
zichzelf is dat een zeer merkwaardig antwoord. Stel u voor dat in de
contractuele voorwaarden van een energieleverancier zou hebben
gestaan dat alle Brusselaars zich moeten wenden tot een adres in
Vlaanderen. Dan zou voor de Franstalige Brusselaars de
verontwaardiging algemeen zijn en waarschijnlijk het kot te klein.
Als u dan toch over consumentenzaken gaat, dring ik erop aan dat u
Electrabel leert dat Vlaamse klanten zich moeten kunnen wenden tot
een Vlaams kantoor. Het doorsturen van de laatste gegevens om te
verhuizen betekent niet dat er nadien geen contact zou zijn. Ik begrijp
niet waarom Vlaamse Brusselaars zich zouden moeten wenden tot
een contactpunt in Namen of Wallonië om zich daar beter te
informeren of bijkomende informatie te vragen.
Ik betreur uw antwoord en dring er nogmaals op aan dat u bij
Electrabel ervoor zou pleiten dat het voor de Brusselse Vlamingen op
een andere manier wordt geregeld. Blijkbaar bent u dat niet van plan
en dat verbaast mij.
14.03 Hagen Goyvaerts (Vlaams
Belang): Voilà une réponse bien
curieuse.
Si
les
Bruxellois
francophones devaient écrire un
courrier quelconque à une adresse
située en Flandre, ils recevraient
une tout autre réponse de la part
du ministre. Le ministre de la
Consommation devrait apprendre
à Electrabel que ses clients
flamands doivent s'adresser à un
bureau flamand. Je m'étonne que
le ministre n'ait pas l'intention de
faire une démarche de cette
nature.
14.04 Paul Magnette, ministre: En tant que consommateur, j'envoie
souvent des lettres à Hal, où se trouvent manifestement les sièges de
nombreuses sociétés. Je ne vois pas où est le problème!
14.04 Minister Paul Magnette: Als
consument stuur ik vaak brieven
naar Halle, waar blijkbaar veel
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
bedrijven hun zetel hebben. Ik zie
het probleem niet!
14.05 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Ik ben een Brusselse
Vlaming en ik ben bij Lampiris. Welnu, ik moet schrijven naar Luik.
Dat is een probleem. Dat mag dan niet? U lacht daarmee.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
15 Question de M. Philippe Henry au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'éolien offshore
international" (n° 9080)</b>
15 Vraag van de heer Philippe Henry aan de minister van Klimaat en Energie over "internationale
offshore windparken" (nr. 9080)
15.01 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, une
communication importante a récemment été organisée par
Greenpeace au sujet de l'ensemble du potentiel disponible en mer du
Nord. Les premières éoliennes sont en cours de construction, et nous
avons d'ailleurs déjà eu l'occasion de parler de leur financement. Ce
n'est pas l'objet de ma question aujourd'hui.
En fait, ma question porte sur l'ensemble du potentiel éolien offshore
de la mer du Nord. Celui-ci se situe pour partie dans les eaux
territoriales, notamment belges, mais un potentiel beaucoup plus
important est obtenu si l'on considère l'ensemble de la mer du Nord.
Sept pays limitrophes sont alors concernés. Une concertation
avancée entre ces différents pays me semblerait particulièrement
utile. Jusqu'à présent, je n'ai pas l'impression que ce soit le cas.
Évidemment, nous pourrions attendre que l'Europe prenne l'initiative
en identifiant à cet endroit une poche de développement d'énergies
renouvelables particulièrement importante et mette tout en oeuvre
pour qu'un projet soit mis en place. Mais la Belgique et les différents
pays peuvent aussi adopter une démarche volontaire afin de
provoquer une discussion et une collaboration au sujet des divers
projets des différents pays, et surtout d'obtenir une coordination en
vue d'une exploitation optimale de l'ensemble du potentiel,
notamment pour la mise en réseau des différentes productions. C'est
toute la question du grid et de l'interconnexion des réseaux à haute
tension.
Monsieur le ministre, quelle est votre estimation du potentiel éolien
global de la mer du Nord? Où en sont les contacts avec les différents
pays entourant la mer du Nord afin d'envisager un développement
commun ou, à tout le moins, coordonné? Où en sont les projets
d'interconnexion des réseaux à haute tension? Quelles initiatives
sont-elles prises dans ce sens?
15.01 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!):
Greenpeace
wees
onlangs in een nieuwsbericht op
het
potentieel
van
windmolenparken in de Noordzee,
dat des te groter is indien men de
Noordzee in haar geheel bekijkt.
De zeven betrokken landen
zouden de handen ineen kunnen
slaan om dat potentieel optimaal
te benutten, onder meer door een
netwerk van windparken op te
zetten. Daarbij is het zaak de
hoogspanningsnetten met elkaar
te verbinden.
Hoe groot is volgens u het globaal
potentieel van de Noordzee op het
stuk van windenergie? Hoe staat
het met het overleg met de andere
betrokken landen met het oog op
de gemeenschappelijke of ten
minste
gecoördineerde
ontwikkeling van windenergie in de
Noordzee? Wat is de stand van
zaken met betrekking tot de
koppeling
van
de
hoogspanningsnetten?
Welke
initiatieven worden er daartoe
genomen?
15.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur Henry, je suis
particulièrement heureux que vous me posiez cette question parce
que j'ai assisté hier à la réunion du Penta-forum, qui réunit les
ministres de l'Énergie allemand, français et du Benelux, avec un
certain nombre d'invités des pays voisins. J'ai proposé à mes
collègues de mettre sur pied un groupe ad hoc pour l'élaboration d'un
réseau commun connectant l'ensemble des parcs éoliens offshore de
la mer du Nord.
15.02 Minister Paul Magnette:
Gisteren heb ik mijn collega's van
het
Pentaforum,
waarin
de
ministers
van
Energie
van
Duitsland, Frankrijk en de Benelux
verenigd zijn en waarop ook
vertegenwoordigers
uit
de
buurlanden uitgenodigd waren,
voorgesteld een ad-hocgroep op te
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
Ce groupe de travail coopérera étroitement avec le coordinateur
européen, M. Adamovitch, responsable pour la Commission du
développement des interconnexions offshore. La Commission l'a
confirmé hier également. Des contacts seront pris avec le Royaume-
Uni, l'Irlande, le Danemark et la Norvège.
Nous avons prévu de faire le point sur les premiers résultats de ce
groupe de travail dès le premier semestre 2009. Comme j'en ai fait la
proposition, ils m'ont demandé d'en assurer la présidence. J'aurai
donc l'occasion de vous tenir au courant.
Pour répondre à votre question sur l'estimation du potentiel, j'ai lu
comme vous l'étude de Greenpeace et un compte rendu qu'en a fait
l'administration. Celui-ci établit le potentiel à 68 gigawatts installés sur
base de 118 projets annoncés dans les pays riverains de la mer du
Nord à l'horizon 2030. Les contacts entre pays de la mer du Nord se
font principalement au niveau de l'Union européenne et dans ce
Penta-forum pour les pays riverains de la zone principale où se
trouvent les projets en construction.
Le projet Stévin de prolongement de la ligne à haute tension jusqu'à
la côte est en voie de réalisation mais se heurte encore à des
réticences locales en matière de permis d'environnement, pour
lesquels je n'ai pas de compétences. Parmi les conclusions du
Printemps de l'environnement figurait déjà cette volonté commune de
prolonger la ligne 380 jusque Zeebrugge, en essayant d'améliorer à
chaque niveau de pouvoir la coopération pour mener à bien ce type
de travaux d'intérêt général indispensables au développement de
l'éolien offshore au-delà des mégawatts déjà prévus (c'est-à-dire les
principaux projets connus).
Une autre des conclusions du Printemps de l'environnement en
matière de développement de l'éolien offshore était l'étude de
l'installation d'une plate-forme de transformation et de connexion en
mer ­ en quelque sorte une extension du réseau en mer ­ afin, d'une
part, de connecter plus facilement les futurs parcs éoliens sur la zone
actuelle de notre plateau continental et, d'autre part, de pouvoir se
connecter dans le futur à un éventuel réseau électrique en mer du
Nord. J'ai demandé au GRT Elia d'étudier cette éventualité et, en
fonction d'une étude sur le coût et l'efficacité, de l'inscrire dans son
prochain plan de développement du réseau.
Vous voyez que je fais tout ce qu'il est possible de faire pour donner
suite à ces excellentes propositions.
richten
om
een
gemeenschappelijk netwerk tot
stand te brengen van alle offshore
windparken in de Noordzee. Die
werkgroep zal nauw samenwerken
met
de
verantwoordelijke
coördinator bij de Europese
Commissie die bevoegd is voor de
ontwikkeling van de offshore
interconnectoren. Ik zal de groep
voorzitten. We zullen in het eerste
semester van 2009 al een stand
van zaken opmaken van de eerste
resultaten.
In de Greenpeacestudie wordt het
potentieel
geschat
op
een
geïnstalleerd vermogen van 68
gigawatt, op grond van de 118
projecten die voor 2030 in de
pijplijn zitten. Het overleg tussen
de Noordzeelanden verloopt in de
eerste plaats op het niveau van de
Europese Unie en op het
Pentaforum.
Het
Stevinproject
voor
de
verlenging
van
de
hoogspanningslijn tot aan de
oostkust krijgt momenteel zijn
beslag, ondanks enige reserves
op
het
vlak
van
milieuvergunningen. Een van de
conclusies van de Lente van het
Leefmilieu behelsde trouwens al
het
gemeenschappelijke
voornemen om lijn 380 tot in
Zeebrugge door te trekken.
Een ander resultaat van de Lente
van het Leefmilieu betreft de
studie voor de bouw van een
transformatie-
en
koppelingsplatform
op
zee,
teneinde
de
toekomstige
windmolenparken in de huidige
zone van ons continentaal plat te
koppelen en in de toekomst een
verbinding tot stand te brengen
met een eventueel elektriciteitsnet
in de Noordzee. Ik heb Elia
gevraagd deze mogelijkheid te
bestuderen en, afhankelijk van de
kosteneffectiviteit ervan, op te
nemen in zijn toekomstige plan
voor de ontwikkeling van het net.
15.03 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je vous 15.03 Philippe Henry (Ecolo-
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
remercie pour toutes ces réponses et vous félicite pour votre nouvelle
présidence.
Je me réjouis que cette initiative se mette en place. Si je comprends
bien, à ce stade-ci, il y a deux niveaux; d'une part, le Penta-forum et,
d'autre part, les autres pays qui seront consultés. Ce n'est pas encore
tout à fait coordonné entre les différents pays. J'espère que cela
pourra le devenir pour aboutir à un véritable partenariat.
C'est donc très bien que vous ayez pris l'initiative. C'est une première
étape. Il faudra voir ce qui se passera dans les prochains mois,
notamment lorsque vous ferez le point début 2009. Il est évident que
différents sujets doivent être évoqués lors d'un tel contact pour aboutir
à un plan d'action réel des différents pays.
J'entends par ailleurs que vous ne prenez pas position à ce stade sur
le potentiel global. Vous prenez acte de celui établi par Greenpeace. Il
sera peut-être utile que vous preniez position sur ce sujet. Selon moi,
il est bon que les pouvoirs publics puissent disposer de leurs propres
estimations, de leurs propres chiffres, et les valider officiellement.
Nous aurons encore l'occasion de discuter de ce sujet.
Groen!): Ik feliciteer u met uw
voorzitterschap en verheug me
over dit initiatief. Ik hoop dat de
coördinatie
nog
zal
worden
versterkt en zal uitmonden in een
heus partnerschap tussen alle
betrokken landen. U neemt nota
van de raming van het globale
potentieel door Greenpeace. Voor
de overheid kan het nuttig zijn over
eigen cijfers en ramingen te
beschikken.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
16 Vraag van mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "een
heffing van 750 miljoen voor Electrabel" (nr. 9104)
16 Question de Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Énergie sur "une redevance
de 750 millions pour Electrabel" (n° 9104)</b>
16.01 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de
voorzitter, mijnheer de minister, wij hebben er vanmorgen al een pittig
debat over gevoerd met uw collega, minister Van Quickenborne, die
gisteren en ook vandaag in de krant te kennen geeft dat hij Electrabel
een heffing wil opleggen ter waarde van 5% op haar omzet, wegens
anticompetitief gedrag.
De reden die hij daarvoor aanhaalt, is dat een van de verbintenissen
uit de Pax Electrica nooit is ingewilligd door Electrabel, met name dat
Electrabel een deel van haar capaciteiten moest overhevelen naar
een derde speler. Minister Van Quickenborne heeft gezegd dat de
Pax Electrica dan misschien wel afloopt op 31 december, toch blijft
het een goede leidraad, zei hij, voor wie is begaan met concurrentie.
Hij zei eveneens dat de Pax Electrica "slechts" spreekt van 15%, wat
veel te weinig is; het zou eigenlijk meer moeten zijn.
Mijnheer de minister, in dat verband had ik ook graag uw mening
gekend over een aantal zaken.
Er is een studie gemaakt door de CREG, eind februari, waarin punt
per punt werd geanalyseerd welke van de verbintenissen wel of niet
waren nagekomen.
Ten eerste wil ik graag weten welke verbintenissen wel en welke
verbintenissen niet zijn nagekomen. Is er ondertussen een update van
die studie van de CREG, of is dat niet nodig omdat de situatie niet is
gewijzigd? Als de situatie wel is gewijzigd, maar als er geen update is
16.01 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!):
Une
vive
discussion a déjà eu lieu ce matin
avec M. Van Quickenborne, qui a
annoncé hier et aujourd'hui dans
la presse son intention d'imposer à
Electrabel un prélèvement de 5 %
sur le chiffre d'affaires pour
comportement anticoncurrentiel.
L'un des engagements pris dans le
cadre de la Pax Electrica, à savoir
le transfert d'une partie de la
capacité à un troisième acteur,
n'aurait jamais été respecté. Selon
M. Van Quickenborne,
la
Pax
Electrica demeure toutefois un bon
fil conducteur. La CREG a
précédemment
effectué
une
analyse de la mise en oeuvre des
engagements.
Quels engagements ont été
respectés et lesquels ne l'ont-ils
pas été? L'étude de la CREG a-t-
elle été actualisée? Si elle ne l'a
pas été et si la situation a tout de
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
gemaakt, kunt u dan aan de CREG vragen dat de CREG alsnog een
update zou maken?
Ten tweede, hebt u weet van de reden waarom de verbintenis in
verband met de nucleaire capaciteit niet is nagekomen, en dan inzake
de derde speler?
Ten derde, welke was of is de impact op de fusie van GdF-Suez op
het engagement in verband met de beschikbare nucleaire capaciteit
voor SPE? Er stond namelijk een B-mol in de Pax Electrica inzake de
swaps die moesten plaatsvinden.
Ten vierde, in de Pax Electrica ­ aangezien dat blijkbaar het
argument is voor minister Van Quickenborne ­ is gezegd dat de
kwestie in verband met de derde speler in orde moest zijn voor 1 juli
2007. Als dat niet het geval zou zijn, zou er overleg worden opgestart
tussen de groep en de regering over alternatieve maatregelen,
bijvoorbeeld via veilingen. Ik vraag me af of dat overleg heeft
plaatsgevonden en, zo ja, met wie.
Ten vijfde, heeft er overleg plaatsgevonden binnen de regering en
met u over het voorstel van minister Van Quickenborne? Minister Van
Quickenborne zei vanmorgen dat hij had overlegd met de regering.
Mevrouw Lalieux zei dat ze naar de kabinetchef heeft gebeld, die
bevestigde dat er geen overleg had plaatsgevonden. Nu zullen we het
dus weten.
Tot slot, hoe relateert die heffing zich tot de twee keer 250 miljoen?
Als ik minister Van Quickenborne goed begrijp, gaat het niet over een
uitzuivering van de monopoliewinsten, maar wel om een heffing voor
niet-competitief gedrag. Die 250 miljoen gaat wel over de
monopoliewinsten, want daarover hebt u daarnet, in antwoord op
andere vragen, ook nog gesproken. Als ik het goed begrijp, zullen die
twee dan complementair zijn, en komen we dan op 1 miljard, of zelfs
net iets meer dan 1 miljard euro?
même changé, le ministre peut-il
encore adresser une demande en
ce sens à la CREG?
Le ministre sait-il pour quelle
raison l'engagement relatif à la
capacité nucléaire n'a pas été
respecté?
Dans quelle mesure la fusion
Gaz de France/Suez a-t-elle influé
ou influe-t-elle sur l'engagement
relatif à la capacité nucléaire
disponible pour SPE?
La question du troisième acteur
devait être réglée pour le 1
er
juillet 2007.
À
défaut,
une
concertation devait être menée à
propos de mesures alternatives.
Une telle concertation a-t-elle eu
lieu et, si oui, avec qui?
La proposition du ministre Van
Quickenborne
relative
au
prélèvement évitable a-t-elle fait
l'objet d'une concertation? M. Van
Quickenborne prétend que oui,
tandis que la ministre Laruelle
affirme le contraire.
Quel est le rapport entre ce
prélèvement et le double montant
de 250 millions d'euros que le
gouvernement espère recevoir
d'Electrabel? Il ne s'agirait pas
d'un épurement des bénéfices
monopolistiques mais bien d'un
prélèvement pour comportement
anticoncurrentiel.
Les
deux
montants
seront-ils
complémentaires et atteindrons-
nous le milliard?
16.02 Minister Paul Magnette: Ik beantwoord eerst uw vijfde vraag.
Er is geen overleg geweest met de heer Van Quickenborne. Ik heb
alleen zijn voorstelling in de pers gezien.
Ik heb gisteren dus kennis genomen van de voorstellen van de
minister van Economie over de concurrentie in de energiesector. Ik
merk met belangstelling op dat de afwezigheid van concurrentie in
deze sector in België geen twijfel meer lijdt. Ik hoop dat deze
vaststelling de minister van Economie, die bevoegd is voor de
concurrentie, ertoe zal brengen de hefbomen die hij in de hand heeft,
waaronder in de eerste plaats de Raad voor Mededinging, zo goed
mogelijk aan te wenden.
Ik merk eveneens op dat de minister van Economie die nu de
16.02 Paul Magnette, ministre: Il
n'y a pas eu de concertation avec
M. Van Quickenborne.
J'espère que le ministre de
l'Economie mettra en oeuvre les
leviers nécessaires pour remédier
au problème de l'absence de
concurrence dans le secteur
énergétique. Je voudrais faire
observer qu'il a la possibilité de
fixer des prix maximum. J'ai moi-
même
déjà
pris
différentes
mesures,
comme la facture
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
energieprijzen lijkt te willen doen afnemen met zijn bevoegdheden de
mogelijkheid heeft om maximumprijzen vast te leggen.
Van mijn kant herinner ik eraan dat ik verschillende maatregelen heb
getroffen, waaronder de vereenvoudigde factuur die de verbruikers in
staat moet stellen gemakkelijker van leverancier te veranderen,
alsook de belasting op de onbenutte sites en de versterking van de
macht van de CREG inzake toezicht op de regels voor de
mededinging.
Ik herinner er ook aan dat de heffing van 250 miljoen euro, komende
van de energiesector voor 2008, volgende week aan de Kamer ter
stemming zal worden voorgelegd en dat er voor 2009 voor
500 miljoen euro aan bijdragen staan ingeschreven. Deze heffingen
zijn onder meer verantwoord door de te zwakke concurrentie in de
energiesector.
Naar mijn mening zal de concurrentie niet alles in een keer oplossen.
Er is een dringende noodzaak om de prijzen te doen dalen en de
particulieren in staat te stellen in energiebesparingen te investeren via
systemen van leningen aan verminderd tarief of aan nultarief. Mijn
voorstellen gaan trouwens in deze richting in het kader van de
discussie over het federaal herstelplan.
In verband met de uitvoering van de zogenaamde Pax Electrica I en II
kan ik u meedelen dat er over Pax I een akkoord was tussen de
vorige regering en de groep Suez naar aanleiding van de volledige
overname van Electrabel door Suez. De voornaamste maatregelen
daarvan zijn uitgevoerd, al dan niet met akkoord van de sector, zoals
de heffing op de niet-benutte sites.
De Pax II betreft enkel een eenzijdig engagement van de groep Suez
naar aanleiding van de fusie tussen Suez en Gaz de France.
Een aantal maatregelen ter zake werden door de Europese
Commissie opgelegd, zoals de verkoop van de Suez-aandelen van
Distrigas aan de Italiaanse groep ENI, de afstand van SPE door
Gaz de France, de reorganisatie van Fluxys en de oprichting van
Fluxys International.
Een aantal andere, vrijwillig aangegane engagementen werd nog niet
doorgevoerd, omwille van zogezegd verschillende redenen die te
maken hebben met marktorganisaties en met de tijd die daartoe nodig
is, zoals de maatregelen ten gunste van SPE en de introductie van
een derde speler, teneinde een level playing field te creëren.
Ondertussen heeft de regering evenwel niet stilgezeten. Er werd
beslist om het aandeel van de producenten en de leveringen binnen
de
transportnetbeheerder
tot
beneden
25%,
zijnde
de
blokkeringminderheid, terug te dringen. Het desbetreffende
wetsontwerp wordt binnenkort aan de Kamer voorgelegd. Ook werd
beslist om resoluut werk te maken van concurrentie in de productie en
dus van lagere prijzen, waarbij monopoliewinsten worden
uitgezuiverd.
Het is dan ook vanuit voornoemde beleidskeuze dat ik voorstellen aan
de regering doe en nog zal doen.
simplifiée, la taxe sur les sites
inutilisés et le renforcement des
pouvoirs de la CREG dans le
domaine du contrôle des règles de
la concurrence.
Le prélèvement de 250 millions
d'euros fera l'objet d'un vote la
semaine prochaine à la Chambre.
Pour 2009, ce sont 500 millions
d'euros qui sont inscrits à titre de
cotisations.
L'introduction de la concurrence
ne permettra pas de tout régler
immédiatement. Il faut également
faire baisser les prix, afin que les
particuliers puissent investir dans
les économies d'énergie.
Il y avait à propos de la Pax
Electrica I un accord entre le
précédent gouvernement et le
groupe Suez. Les principales
mesures ont été mises en oeuvre,
avec l'accord ou non du secteur,
comme le prélèvement sur les
sites inutilisés. La Pax II porte sur
un engagement unilatéral du
groupe Suez.
Plusieurs
mesures
ont
été
imposées par la Commission
européenne, d'autres n'ont pas
encore été mises en oeuvre pour
des raisons se rapportant aux
organisations du marché et au
temps nécessaire à cet effet.
Le gouvernement souhaite faire
passer la part des producteurs et
les livraisons au sein de la société
de gestion du réseau de transport
sous la minorité de blocage de
25 %. On s'attèle résolument au
renforcement de la concurrence
dans la production et à la
diminution des prix.
Le secteur de l'énergie se montre
peu enthousiaste à respecter ses
engagements en ce qui concerne
la poursuite de la mise en oeuvre
de la Pax II. Je préconise dès lors
de l'imposer par le biais de
dispositions
légales
et
réglementaires et non pas par la
voie de négociations. L'étude de la
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
Ten slotte, met betrekking tot de verdere uitvoering van de Pax II kan
ik vaststellen dat de energiesector weinig enthousiast is om haar
engagementen na te komen. Ik ben er dan ook voorstander van om
dergelijke engagementen niet te onderhandelen, maar ze via
wettelijke en reglementaire bepalingen op te leggen.
In dat verband kan een nieuwe studie van de CREG uiteraard dienstig
zijn. Persoonlijk verwacht ik echter meer van de rapporten en de
aanbevelingen ingevolge de monitoringactiviteiten die de CREG sinds
kort kan uitvoeren.
CREG est utile en la matière mais
j'attends
davantage
des
recommandations résultant des
activités de monitoring que la
CREG peut exercer depuis peu.
16.03 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de
voorzitter, ik ben blij van de minister te vernemen dat hij het handelen
via onderhandelde akkoorden, zoals de Pax I en II, geen wenselijke
manier vindt om aan energiebeleid te doen. Ik was het vanmorgen, de
voorzitter en collega Henry kunnen dat bevestigen, niet eens met
minister Van Quickenborne dat hij de Pax blijft vermelden als een
valabel instrument.
Ik heb nog eens teruggekeken naar de studie van de CREG en er zijn
wel een aantal aspecten die misschien nog wel interessant kunnen
zijn voor België, zoals de golden share, die daar nog altijd in zit. Ik
denk dat we allebei de illusie al kwijt zijn dat die er ooit zal komen.
Ten tweede, meer ten gronde betreur ik de concurrentiestrijd binnen
de regering over dit onderwerp. Vanmorgen bleek in de commissie
dat er een zeer grote parlementaire meerderheid is die het over de
vaststellingen eens is. Misschien kan men zelfs voor de oplossingen
ook nog een meerderheid vinden. Of het nu gaat over een monopolie-
of mottenballentaks of een antimededingingstaks, komt uiteindelijk
toch een beetje op hetzelfde neer. Ik zal herhalen wat ik vanmorgen
heb gezegd. Ik dring aan op een vergadering waarop u, de heer Van
Quickenborne, de Raad voor de Mededinging en de CREG aanwezig
zijn. Als we dan allemaal van goede wil zijn en onze zaken
samenleggen, kunnen we misschien op iets uitkomen. Als we die
maatregelen samenleggen, geraken we misschien ook verder dan
elkaar verwijten te maken, op de radio en in de kranten. Men zegt dat
men zelf wel iets zal doen en dat de ander van zijn bevoegdheden
moet blijven enzovoort. Dat frustreert mij een beetje, maar ik heb er
goede hoop op ­ het is bijna het einde van het jaar, de tijd van de
goede voornemens ­ dat we volgend jaar verder kunnen geraken dan
dit jaar.
16.03 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Je me réjouis
d'entendre que, pour le ministre, il
n'est pas souhaitable de fonder
une politique énergétique sur la
négociation d'accords. Je ne suis
pas d'accord avec le ministre Van
Quickenborne lorsqu'il parle de la
Pax Electrica comme d'un outil
valable. L'étude de la CREG
comporte une série d'éléments qui
peuvent être intéressants pour la
Belgique, comme la golden share,
mais je ne pense pas que celle-ci
verra encore le jour.
Je déplore la concurrence à
laquelle
les
membres
du
gouvernement se livrent en la
matière. Les constats sont l'objet
d'une large unanimité parmi les
membres, comme la commission
a pu le constater ce matin encore.
Concernant les solutions, il serait
peut-être même possible de
trouver une majorité. J'insiste pour
qu'une réunion soit organisée avec
MM.
Magnette
et
Van
Quickenborne, le Conseil de la
Concurrence et la CREG. Il serait
préférable
de
regrouper
les
mesures au lieu de s'adresser
mutuellement des reproches par le
biais des médias.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
17 Question de M. Xavier Baeselen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les jouets fabriqués en
Chine" (n° 8840)</b>
17 Vraag van de heer Xavier Baeselen aan de minister van Klimaat en Energie over "in China gemaakt
speelgoed" (nr. 8840)
17.01 Xavier Baeselen (MR): Monsieur le ministre, le 17 novembre
dernier, la Commission européenne déplorait, à l'issue d'un sommet
Union européenne/Chine/USA, que les produits fabriqués en Chine ne
répondaient pas encore aux exigences de sécurité. "Le marché
17.01 Xavier Baeselen (MR): Op
17 november jongstleden, na
afloop van een topontmoeting
tussen de Europese Unie, China
09/12/2008
CRIV 52
COM 391
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
36
chinois n'est pas encore à la hauteur de nos attentes en matière de
sécurité pour les produits de consommation", insistait la commissaire
européenne. Elle ajoutait qu'il y a toujours des rappels de produits,
citant des meubles, des vêtements, des chaussures, des jouets et
des appareils électroménagers. On se rappelle d'un certain nombre
de produits chinois qui avaient fait l'objet d'inquiétudes sur le marché
belge, notamment des sofas.
Monsieur le ministre, je voulais vous interroger sur la situation actuelle
en Belgique par rapport au contrôle des marchandises arrivant de
Chine.
Avez-vous déjà été informé de rappels de jouets pour non-conformité
aux standards européens de sécurité? C'est particulièrement
important en cette période de fin d'année où l'achat de jouets est plus
conséquent.
Quel est le total des importations chinoises en matière de jouets en
Belgique? Y a-t-il des inquiétudes à avoir? Pouvez-vous nous
rassurer par rapport aux contrôles et aux normes de sécurité?
en de Verenigde Staten, liet de
Europese Commissie weten dat ze
betreurt
dat
de
in
China
gefabriceerde producten nog altijd
niet aan de veiligheidsnormen
voldoen. Over een aantal Chinese
producten
die
in
België
verkrijgbaar zijn, waaronder sofa's,
is er trouwens ongerustheid
gerezen.
Werden er bij uw weten al
speelgoedartikelen teruggehaald
door de fabrikanten omdat ze niet
voldeden
aan
de
Europese
veiligheidsnormen? Wat is de
totale waarde van de Chinese
import van speelgoedartikelen in
ons land? Is er reden tot
ongerustheid?
Kan
u
ons
geruststellen met betrekking tot de
controles
en
de
veiligheidsnormen?
17.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur Baeselen, la douane peut
à tout moment contrôler les produits lors de leur importation et, en
fonction du type de produit, faire appel aux experts des SPF
compétents en la matière. Par exemple, ceux du SPF Économie en
ce qui concerne les jouets et les appareils électriques. J'ai récemment
visité le service Contrôle du SPF Économie et ai pu voir cet
empilement d'objets testés et retirés du marché.
Mes services ont en effet déjà été informés de rappels de jouets. La
loi du 9 février 1994 relative à la sécurité des produits et des services
oblige les producteurs et les distributeurs à informer immédiatement
le guichet central pour les produits lorsqu'ils savent qu'un produit
qu'ils ont mis sur le marché représente pour le consommateur des
risques incompatibles avec l'obligation générale de sécurité. Si
nécessaire, par ailleurs, mes services retirent également des produits
du marché après des contrôles effectués de leur propre initiative.
Enfin, le système RAPEX, le système européen d'échanges rapides
d'informations, est également une source d'informations.
En ce qui concerne votre dernière question: en 2006, derniers chiffres
disponibles, le montant total des importations chinoises en Belgique
s'élevait à plus de 13 milliards d'euros. De ce chiffre, environ
322 millions d'euros concernent des produits tombant sous la
réglementation des jouets.
17.02 Minister Paul Magnette:
Mijn diensten werden inderdaad
eerder al ingelicht over recalls voor
speelgoed. De producenten en
distributeurs zijn ook wettelijk
verplicht het Centraal meldpunt
voor producten te melden dat een
bepaald product risico's inhoudt
voor de consument. Indien nodig
nemen de diensten producten uit
de handel nadat ze op eigen
initiatief
controles
hebben
uitgevoerd. Tot slot vormt ook het
Europese RAPEX-systeem voor
snelle informatie-uitwisseling over
gevaarlijke producten voor de
consument een informatiebron.
De recentste cijfers dateren van
2006, en toen was de import uit
China naar België in totaal goed
voor meer dan 13 miljard euro,
waarvan ongeveer 322 miljoen
euro betrekking had op speelgoed.
17.03 Xavier Baeselen (MR): Monsieur le ministre, pour cette année
en particulier, vous ne disposez pas de données chiffrées ou
d'éléments d'informations concernant des jouets aujourd'hui sur le
marché belge, mais présentant des dangers?
17.03 Xavier Baeselen (MR):
Beschikt u voor dat jaar over
informatie met betrekking tot
gevaarlijk
speelgoed
op
de
Belgische markt?
17.04 Paul Magnette, ministre: Non.
17.04 Minister Paul Magnette:
Neen.
CRIV 52
COM 391
09/12/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
37
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 16.15 uur.
La réunion publique de commission est levée à 16.15 heures.