KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 428
CRIV 52 COM 428
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
I
NFRASTRUCTUUR
,
HET
V
ERKEER EN DE
O
VERHEIDSBEDRIJVEN
C
OMMISSION DE L
'I
NFRASTRUCTURE
,
DES
C
OMMUNICATIONS ET DES
E
NTREPRISES
PUBLIQUES
maandag
lundi
26-01-2009
26-01-2009
Namiddag
Après-midi
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van mevrouw Thérèse Snoy et d'Oppuers
aan
de
minister
voor
Ondernemen
en
Vereenvoudigen over "de toekenning van zes
nieuwe WiMaxlicenties" (nr. 9633)
1
Question de Mme Thérèse Snoy et d'Oppuers au
ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur
"l'octroi de six nouvelles licences WiMax"
(n° 9633)
1
Sprekers: Thérèse Snoy et d'Oppuers,
Vincent Van Quickenborne
, minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen
Orateurs: Thérèse Snoy et d'Oppuers,
Vincent Van Quickenborne
, ministre pour
l'Entreprise et la Simplification
Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de
minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "de verbetering van de toegang tot internet
en mobiele telefonie" (nr. 9755)
3
Question de M. Jean-Jacques Flahaux au ministre
pour l'Entreprise et la Simplification sur
"l'amélioration de l'accès à internet et à la
téléphonie mobile" (n° 9755)
3
Sprekers: Jean-Jacques Flahaux, Vincent
Van
Quickenborne,
minister
voor
Ondernemen en Vereenvoudigen
Orateurs: Jean-Jacques Flahaux, Vincent
Van Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise
et la Simplification
Samengevoegde interpellatie en vragen van
5
Interpellation et questions jointes de
5
- mevrouw Karine Lalieux aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
omzetting van de richtlijn betreffende de
liberalisering van de postmarkt" (nr. 9541)
5
- Mme Karine Lalieux au ministre pour l'Entreprise
et la Simplification sur "la transposition de la
directive sur la libéralisation du marché postal"
(n° 9541)
5
- de heer Jean-Luc Crucke aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
liberalisering van de postsector" (nr. 9625)
5
- M. Jean-Luc Crucke au ministre pour l'Entreprise
et la Simplification sur "la libéralisation du secteur
postal" (n° 9625)
5
- de heer Georges Gilkinet tot de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
omzetting in Belgisch recht van de Europese
richtlijn over de vrijmaking van de postmarkt"
(nr. 256)
6
- M. Georges Gilkinet au ministre pour l'Entreprise
et la Simplification sur "la transposition en droit
belge de la directive sur la libéralisation du
marché postal" (n° 256)
5
- de heer Georges Gilkinet aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
omzetting in Belgisch recht van de richtlijn
betreffende de liberalisering van de postmarkt"
(nr. 9732)
6
- M. Georges Gilkinet au ministre pour l'Entreprise
et la Simplification sur "la transposition en droit
belge de la directive sur la libéralisation du
marché postal" (n° 9732)
5
- de heer Roel Deseyn aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
toelage van de Staat voor het vervullen van taken
van openbare dienst van De Post" (nr. 9868)
6
- M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et
la Simplification sur "la subvention accordée par
l'État à La Poste pour ses missions de service
public" (n° 9868)
5
Sprekers: Karine Lalieux, Jean-Luc Crucke,
Georges Gilkinet, Roel Deseyn, Vincent
Van
Quickenborne,
minister
voor
Ondernemen en Vereenvoudigen
Orateurs: Karine Lalieux, Jean-Luc Crucke,
Georges Gilkinet, Roel Deseyn, Vincent
Van Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise
et la Simplification
Moties
16
Motions
16
Vraag van mevrouw Marie-Martine Schyns aan de
minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "de komst van de virtuele mobiele
telefonieoperator Blyk op de Belgische markt"
(nr. 9784)
17
Question de Mme Marie-Martine Schyns au
ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur
"l'arrivée de l'opérateur virtuel de téléphonie
mobile Blyk sur le marché belge" (n° 9784)
17
Sprekers: Marie-Martine Schyns, Vincent
Van
Quickenborne,
minister
voor
Ondernemen en Vereenvoudigen
Orateurs: Marie-Martine Schyns, Vincent
Van Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise
et la Simplification
Vraag van de heer Roel Deseyn aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
sociale telecomtarieven" (nr. 9786)
19
Question de M. Roel Deseyn au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "les tarifs
sociaux en matière de télécommunications"
(n° 9786)
19
Sprekers: Roel Deseyn, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Roel Deseyn, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Vraag van de heer Roel Deseyn aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
BIPT" (nr. 9788)
21
Question de M. Roel Deseyn au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "l'IBPT"
(n° 9788)
21
Sprekers: Roel Deseyn, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Roel Deseyn, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Samengevoegde vragen van
23
Questions jointes de
23
- de heer Xavier Baeselen aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
blokkeren
in
België
van
alle
pedofiele
internetsites" (nr. 10027)
23
- M. Xavier Baeselen au ministre pour l'Entreprise
et la Simplification sur "le blocage en Belgique de
tous les sites internet à caractère pédophile"
(n° 10027)
23
- de heer Roel Deseyn aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
blokkeren van internetsites" (nr. 10413)
23
- M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et
la Simplification sur "le blocage de sites internet"
(n° 10413)
23
Sprekers: Roel Deseyn, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Roel Deseyn, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van de heer Ben Weyts aan de minister
van Binnenlandse Zaken over "de registratie van
prepaidbellers" (nr. 10060)
27
Question de M. Ben Weyts au ministre de
l'Intérieur sur "l'enregistrement des personnes qui
téléphonent à l'aide d'une carte prépayée"
(n° 10060)
27
Sprekers:
Ben
Weyts,
Vincent
Van
Quickenborne, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs:
Ben
Weyts,
Vincent
Van
Quickenborne, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van de heer Dirk Vijnck aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over
"maatregelen om meer Belgen op het internet te
krijgen" (nr. 10243)
31
Question de M. Dirk Vijnck au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "les mesures
visant à augmenter le nombre de Belges qui se
connectent à l'internet" (n° 10243)
31
Sprekers:
Dirk
Vijnck,
Vincent
Van
Quickenborne, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs:
Dirk
Vijnck,
Vincent
Van
Quickenborne, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE
INFRASTRUCTUUR, HET
VERKEER EN DE
OVERHEIDSBEDRIJVEN
COMMISSION DE
L'INFRASTRUCTURE, DES
COMMUNICATIONS ET DES
ENTREPRISES PUBLIQUES
van
MAANDAG
26
JANUARI
2009
Namiddag
______
du
LUNDI
26
JANVIER
2009
Après-midi
______
La séance est ouverte à 14.33 heures et présidée par M. François Bellot.
De vergadering wordt geopend om 14.33 uur en voorgezeten door de heer François Bellot.
Le président: Monsieur le ministre, chers collègues, deux membres, dont les questions figurent au premier
point de notre ordre du jour étant retenus dans une autre commission, je vais passer immédiatement la
parole à Mme Snoy.
01 Question de Mme Thérèse Snoy et d'Oppuers au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur
"l'octroi de six nouvelles licences WiMax" (n° 9633)</b>
01 Vraag van mevrouw Thérèse Snoy et d'Oppuers aan de minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen over "de toekenning van zes nieuwe WiMaxlicenties" (nr. 9633)
01.01 Thérèse Snoy et d'Oppuers (Ecolo-Groen!): Monsieur le
président, monsieur le ministre, je vous ai déjà posé une question
écrite, l'été dernier, sur les nouvelles licences de télécommunication
mobile.
À l'époque, plusieurs questions relatives à la manière dont vous
comptiez mettre ces licences aux enchères vous avaient été posées.
Aujourd'hui, il a été confirmé que quatre licences seront accordées
pour la fréquence de 3,5 GHz et deux pour la fréquence de 10 GHz.
Les conditions d'attribution ont été approuvées par le Conseil des
ministres. Par ailleurs, vous avez déclaré que ces nouvelles licences
correspondent à la demande d'un marché plus concurrentiel.
Monsieur le ministre, ma question s'inscrit dans un souci de protection
du consommateur en termes de santé. Elle s'inscrit également dans
le cadre du travail que j'effectue en commission de la Santé publique
et de l'Environnement au sein de laquelle une résolution est
actuellement en discussion.
Nous craignons que la généralisation des réseaux sans fil augmente
l'exposition de la population au rayonnement électromagnétique. En
effet, de nouvelles antennes sont prévues dans les espaces publics.
Nous pouvons donc nous poser la question des limites d'exposition,
limites actuellement fixées par l'arrêté royal de 2005 sur les radiations
non ionisantes.
Je vous ai posé cette question le 6 janvier et le 15 janvier, la Cour
constitutionnelle a rendu son arrêt concernant l'ordonnance
01.01
Thérèse
Snoy
et
d'Oppuers (Ecolo-Groen!): Er
werd bevestigd dat vier WiMAX-
licenties
zouden
worden
toegekend in de 3,5 GHz-band en
twee licenties in de 10 GHz-band.
De
voorwaarden
voor
de
toekenning
werden
door
de
Ministerraad goedgekeurd. U gaf
aan dat die nieuwe licenties een
antwoord bieden op de vraag van
een meer concurrerende markt.
We vrezen evenwel dat de
veralgemening van die draadloze
netwerken de bevolking nog meer
zal
blootstellen
aan
elektromagnetische
straling,
aangezien
ook
het
aantal
antennes zal toenemen.
Op
15
januari
velde
het
Grondwettelijk Hof zijn arrest met
betrekking
tot
de
Brusselse
ordonnantie die een norm van 3
volt per meter voorschrijft voor alle
antennes. Het Hof bevestigt de
bevoegdheid van de Gewesten ter
zake.
De
andere Gewesten
hebben zich eveneens voor een
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
bruxelloise qui détermine une norme de 3 volts par mètre pour toutes
les antennes. La Cour a dit que les Régions étaient compétentes et a
donc confirmé la pertinence et l'applicabilité de l'ordonnance
bruxelloise. Les autres Régions se sont également prononcées pour
une norme plus exigeante par rapport à ces antennes.
Dans le cahier des charges du marché public que vous avez ouvert,
avez-vous bien tenu compte de cette évolution, donc de l'ordonnance
bruxelloise et de la volonté des Régions flamande et wallonne de
modifier la norme et de s'approprier une nouvelle réglementation?
Notre ministre de la Santé a déjà confirmé qu'elle soutenait une
norme plus exigeante.
Cette nouvelle norme a-t-elle bien été annoncée aux opérateurs et, le
cas échéant, a-t-elle été mentionnée dans les conditions d'attribution
des licences?
Avez-vous fait preuve de cohérence entre ministres du gouvernement
fédéral et entre le gouvernement fédéral et les gouvernements
régionaux?
strengere norm uitgesproken. Ook
onze
minister
van
Volksgezondheid schaarde zich
achter dat standpunt.
Werden de operatoren van die
nieuwe norm op de hoogte
gebracht en werd hij in de
toekenningsvoorwaarden voor de
licenties opgenomen?
01.02 Vincent Van Quickenborne, ministre: Monsieur le président,
chers collègues, comme nous avons convenu lors du dernier comité
de concertation avec toutes les Régions de ce pays et le fédéral, nous
allons entamer une discussion sur ce point avec ma collègue Laurette
Onkelinx.
Étant donné, d'une part, les résolutions qui ont été votées, les
demandes des différentes Régions et l'arrêt de la Cour
constitutionnelle relativement à la Région bruxelloise et, d'autre part,
les conséquences économiques pour les opérateurs, il conviendra de
trouver un équilibre raisonnable et de diminuer la norme qui est fixée
actuellement à 20 volts par mètre. La proposition est sur la table.
Vous pouvez peut-être poser la question à Mme Onkelinx car elle est
la première responsable pour cet aspect.
En ce qui concerne les licences, elles ne comprennent jamais de
dispositions sur les puissances autorisées de l'équipement d'émission
ou sur les lieux d'installation puisque ce n'est pas de notre
compétence.
Cependant, il va de soi que les opérateurs doivent respecter les
décrets ainsi que les ordonnances établies au niveau régional. Les
conséquences de l'arrêt de la Cour constitutionnelle au niveau
bruxellois doivent être respectées par les opérateurs. Comme il leur
reste six semaines, c'est-à-dire jusqu'au 15 mars, il s'agira de leur
faire respecter les nouvelles normes édictées par Bruxelles-Capitale,
de manière correcte, comme on le sait.
Voilà ce que je voulais répondre à vos questions.
01.02
Minister Vincent Van
Quickenborne: Zoals beslist werd
tijdens het vorige overlegcomité
met de Gewesten en de federale
overheid, zal dat besproken
worden met mijn collega Laurette
Onkelinx.
Enerzijds zijn er de goedgekeurde
resoluties, de eisen van de
Gewesten en het arrest van het
Grondwettelijk Hof betreffende het
Brusselse Gewest en, anderzijds,
zijn er de economische gevolgen
voor de operatoren. Daarom zal er
een evenwicht gevonden moeten
worden en zal de huidige norm
van 20 volt per meter verlaagd
moeten worden.
De vergunningen bevatten nooit
voorschriften
betreffende
het
uitzendvermogen
of
de
opstellingsplaatsen, die niet onder
onze bevoegdheid ressorteren.
In
dat
opzicht
dienen
de
operatoren de decreten en de
ordonnanties in acht te nemen. Zij
moeten bijgevolg de nieuwe
normen die Brussel-Hoofdstad
uitgevaardigd heeft, eveneens
naleven.
01.03 Thérèse Snoy et d'Oppuers (Ecolo-Groen!): Monsieur le
ministre, vous êtes bien informé de l'évolution. Il est clair qu'il n'y a
01.03
Thérèse
Snoy
et
d'Oppuers
(Ecolo-Groen!):
Ik
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
plus de doute à présent pour les opérateurs de la Région bruxelloise:
ils doivent respecter les 3V/m. Pour les autres Régions, pour le
moment, il ne s'agit que d'intentions vu que la législation n'est toujours
pas en vigueur.
Cependant, il reste la promesse de la ministre Onkelinx, que j'ai déjà
interrogée: je lui ai rappelé l'engagement qu'elle avait pris dans la
presse et qu'elle a confirmé ici devant notre commission Santé.
Il convient donc d'éviter de laisser les opérateurs partir dans des
hypothèses où ils pourraient couvrir le territoire en tenant compte
d'autres normes. C'est élémentaire et important d'annoncer
fermement les intentions politiques partagées par différents niveaux
de pouvoir et par la ministre de la Santé. Laisser des opérateurs
prendre un marché en s'attendant à devoir respecter les normes
actuelles, ce serait les tromper et fausser les enjeux en matière de
santé publique.
denk dat het belangrijk is dat de
operatoren op de hoogte worden
gesteld van de politieke intenties
van de verschillende machten en
van
de
minister
van
Volksgezondheid.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
02 Question de M. Jean-Jacques Flahaux au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur
"l'amélioration de l'accès à internet et à la téléphonie mobile" (n° 9755)</b>
02 Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "de verbetering van de toegang tot internet en mobiele telefonie" (nr. 9755)
02.01 Jean-Jacques Flahaux (MR): Monsieur le président,
monsieur le ministre, vous souhaitez diminuer les impayés et on ne
peut que vous approuver sur ce point. Cela dit, en matière d'accès à
internet où les impayés se multiplient, notre pays, longtemps en
pointe, fait aujourd'hui figure de "dinosaure" offrant un service de
qualité très moyenne au regard de celui offert par nos voisins et
surtout en raison des prix pratiqués par nos fournisseurs d'accès
internet nettement plus élevés que leur homologues étrangers. Que
dire également des services de facturation à l'efficacité plus que
relative qui accusent parfois des retards de plusieurs mois, comme
nous en avons eu récemment l'exemple avec VOO, entraînant des
montants conséquents à régler lors de la facturation.
Cette situation de qualité relative à un moment où tout le monde, et
vous en particulier, évoque la nécessité de réduire la fracture
numérique est, semble-t-il, due à une situation de quasi-monopole.
Monsieur le ministre, vous aviez prévu, en collaboration avec votre
collègue le ministre Magnette, l'élaboration d'un projet de loi visant à
améliorer cette situation. Pouvez-vous nous dire où en est aujourd'hui
ce projet? Ce dernier prévoit-il des mesures en vue d'instaurer des
conditions de saine concurrence entre les opérateurs plus nombreux,
comme cela s'est passé chez nos voisins, entraînant rapidement une
amélioration de la qualité, mais aussi une baisse des prix. Quelles
seront les conditions de cette ouverture pour les nouveaux
fournisseurs d'accès internet? Des fournisseurs d'accès internet se
sont-ils déjà adressés à vos services afin de postuler ou de faire part
de leur intérêt?
Monsieur le ministre, je voudrais profiter de l'occasion qui m'est
donnée pour élargir mon questionnement à la téléphonie mobile,
domaine dans lequel, une nouvelle fois, une concurrence faussée
02.01 Jean-Jacques Flahaux
(MR): Ons land, dat lange tijd bij
de koplopers hoorde op het vlak
van internettoegang, wordt stilaan
een dinosaurus: de dienstverlening
is niet meer dan middelmatig in
vergelijking met die in onze
buurlanden en vooral de prijzen
liggen stukken hoger. Een en
ander zou te wijten zijn aan een
feitelijk quasimonopolie. Samen
met minister Magnette bereidde u
een wetsontwerp voor dat soelaas
moet brengen. Hoe staat het
daarmee?
Voorziet
het
in
maatregelen om de concurrentie
aan te zwengelen, zodat de
kwaliteit erop vooruitgaat én de
prijzen dalen? Toonden bepaalde
internetproviders al interesse voor
die markt?
Ik wil mijn vraag verruimen tot de
mobiele telefonie. Ook hier zou
concurrentievervalsing
tot
abnormaal hoge prijzen leiden en
zou er een nieuwe operator tot de
markt worden toegelaten. Op
welke voorwaarden? Ligt de
geplande prijs niet te laag?
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
permet d'appliquer des prix anormalement élevés par rapport à nos
pays voisins. En outre, l'accès au marché à un troisième opérateur
serait prévu. Pouvez-vous nous dire où en est ce projet et dans
quelles conditions, notamment financières cette ouverture de marché
devrait avoir lieu? En effet, le budget 2009 prévoit un montant
beaucoup plus bas que celui prévu pour les autres opérateurs.
02.02 Vincent Van Quickenborne, ministre: Monsieur le président,
cher collègue, comme vous le savez, j'accorde une grande
importance
à
l'ouverture
complète
du
marché
des
télécommunications.
Je suis convaincu qu'une concurrence dynamique contribuera à
augmenter la pénétration des nouvelles technologies, améliorera la
qualité et fera baisser les prix au bénéfice des consommateurs.
Pour permettre un meilleur niveau de concurrence en Belgique, j'ai
pris différentes initiatives comme le renforcement du régulateur et du
service de la concurrence. Vendredi, lors du dernier Conseil des
ministres, a eu lieu la deuxième lecture de la réforme de la loi sur les
télécommunications. Celle-ci passera bientôt au Parlement. Nous en
discuterons donc dans votre commission.
Même si je suis le premier à souhaiter une baisse des prix et une
réduction de la fracture numérique, je souhaite toutefois nuancer la
situation actuelle en Belgique.
Pour ce qui concerne les offres d'accès à l'internet, il faut noter que la
Belgique occupe, en janvier 2008, la 7
ème
place sur 27 du classement
européen en termes de taux de pénétration de larges bandes. Ce
sont les chiffres de la Commission européenne. Si elle se classe
parmi les pays dans lesquels le prix des offres d'accès à larges
bandes est le plus élevé, l'indice de performance des services à
larges bandes mis en place par la Commission montre qu'en
comparaison avec ses voisins, la Belgique possède des niveaux de
vitesse de téléchargement parmi les plus élevés d'Europe.
Néanmoins, je mets tout en oeuvre pour inverser la tendance actuelle
qui voit que la Belgique perd des places dans le classement
international.
Pour ce qui concerne la téléphonie mobile, la comparaison des prix
de détail entre différents opérateurs et entre différents pays est une
question complexe et délicate eu égard à la grande diversité des
plans tarifaires pratiqués et à la forte segmentation du marché. Il
serait abusif de soutenir qu'il existerait, en Belgique, en matière de
services de téléphonie mobile, une concurrence faussée permettant
une politique de prix anormalement élevés au regard de ce qui se fait
chez nos voisins. En effet, la concurrence que se livrent les trois
opérateurs mobiles belges est bien réelle, comme en témoignent
notamment les campagnes commerciales multiples et souvent
agressives de ces sociétés, et ce sans compter le nombre croissant
de fournisseurs de services mobiles actifs sur le marché belge, les
services providers indépendants aussi appelés les "MVNO".
Par contre, le développement de l'internet mobile, le 3G, est
beaucoup trop lent en Belgique. Nous sommes aujourd'hui dans le
peloton de queue de l'Union européenne. Je mettrai sur le marché
une quatrième licence en 2009, comme il a été prévu et approuvé par
02.02
Minister Vincent Van
Quickenborne: U weet dat ik veel
belang hecht aan de opening van
de telecommunicatiemarkt.
Ik juich een prijsverlaging zeker
toe, maar ik zou de situatie in
België toch willen nuanceren.
Wat de toegang tot internet betreft,
stond België in januari 2008 op de
7
e
plaats in het Europese
klassement van 27 landen voor de
penetratiegraad
van
breedbandinternet. Hoewel ons
land deel uitmaakt van de landen
waar breedbandinternet het duurst
is, is de downloadsnelheid in
België een van de hoogste. Toch
stel ik alles in het werk om te
voorkomen dat België verder
afzakt
in
het
internationale
klassement.
Het klopt niet dat er in België
sprake
is
van
concurrentievervalsing
inzake
mobiele
telefonie.
De
drie
operatoren
concurreren
wel
degelijk met elkaar, wat duidelijk
blijkt uit hun reclamecampagnes,
en bovendien stijgt het aantal
leveranciers van mobiele diensten.
De
ontwikkeling
van mobiel
internet,
de
3G-
breedbandverbinding,
gaat
daarentegen niet snel genoeg. We
behoren
momenteel
tot
de
achterhoede van de Europese
Unie. Ik zal in 2009 een vierde
vergunning op de markt brengen,
maar
daarnaast
zou
de
koppelverkoop bij wet geregeld
moeten worden en zouden de
terminatietarieven
die
de
operatoren onderling aanrekenen
verlaagd moeten worden.
U ondervroeg mij ook over het
bedrag van 40 miljoen euro, wat
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
le gouvernement, mais il serait utile de compléter cette mesure par la
législation des offres conjointes et une baisse des tarifs de
terminaison que les opérateurs se facturent entre eux. L'IBPT devrait
lancer très prochainement une consultation publique concernant le
marché mobile en Belgique qui nous aidera à affiner notre politique.
Vous m'avez également interrogé sur ce chiffre de 40 millions
d'euros, en disant qu'il était inférieur par rapport à ce que les autres
ont payé. C'est effectivement vrai. Toutefois, à l'occasion d'une autre
question parlementaire, j'ai déjà répondu que cette troisième licence
était octroyée à concurrence de 40 millions d'euros, tandis que les
autres ont payé plus de 100 millions d'euros, du fait que les trois
opérateurs actuels, Proximus, Mobistar et Base, ont eu l'avantage
d'être présents depuis longtemps sur notre marché.
La couverture dépasse les 100% dans notre pays, ce qui veut dire
que plus d'un Belge possède deux abonnements: c'est un avantage
commercial d'emblée. Je pense donc que ce montant de 40 millions
d'euros calculé par l'IBPT est équilibré et tient compte du fait qu'un
quatrième opérateur entrant sur le marché aurait un handicap sur les
trois autres.
volgens u minder is dan wat de
anderen betaalden. Dat klopt. De
andere
operatoren
moesten
inderdaad meer dan 100 miljoen
euro betalen, maar ze hadden dan
ook het voordeel al langer op onze
markt actief te zijn.
In het bedrag van 40 miljoen euro
dat door het BIPT werd berekend,
werd rekening gehouden met het
feit dat de vierde operator die op
ons grondgebied actief wordt een
achterstand heeft ten aanzien van
de drie andere.
02.03 Jean-Jacques Flahaux (MR): Je remercie le ministre d'avoir
amplement répondu à mes questions. Il confirme que la Belgique
perd du terrain dans la question d'internet. Je ne doute pas qu'il aura
le souci de lui faire regagner le peloton de tête. Idem pour le 3G où
nous sommes dans le peloton de queue. En tant que pays qui abrite
la capitale de l'Europe, il n'est pas acceptable que nous soyons dans
ce peloton de queue, quel que soit le domaine.
Pour ce qui est du montant que devra acquitter le nouvel opérateur,
étant donné que chacun peut garder désormais son numéro de
téléphone (réforme positive), que les gens sont plus mobiles
qu'auparavant et donc moins ancrés chez un opérateur, je ne partage
pas nécessairement votre avis sur le fait qu'il soit nettement moindre.
Enfin, c'est une question d'appréciation personnelle.
02.03 Jean-Jacques Flahaux
(MR): Het is onaanvaardbaar dat
België terrein verliest wat internet
en het 3G-systeem betreft. We
moeten ervoor zorgen dat we
opnieuw bij de koplopers gaan
horen.
Ik ben het niet met u eens wat het
bedrag betreft dat door de nieuwe
operator zal moeten worden
neergeteld, aangezien iedereen
voortaan zijn telefoonnummer kan
houden en de mensen minder dan
vroeger
vastzitten
aan
een
operator.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
03 Interpellation et questions jointes de
- Mme Karine Lalieux au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la transposition de la
directive sur la libéralisation du marché postal" (n° 9541)<br>- M. Jean-Luc Crucke au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la libéralisation du secteur
postal" (n° 9625)<br>- M. Georges Gilkinet au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la transposition en droit
belge de la directive sur la libéralisation du marché postal" (n° 256)
- M. Georges Gilkinet au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la transposition en droit
belge de la directive sur la libéralisation du marché postal" (n° 9732)<br>- M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la subvention accordée par
l'État à La Poste pour ses missions de service public" (n° 9868)</b>
03 Samengevoegde interpellatie en vragen van
- mevrouw Karine Lalieux aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de omzetting
van de richtlijn betreffende de liberalisering van de postmarkt" (nr. 9541)
- de heer Jean-Luc Crucke aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
liberalisering van de postsector" (nr. 9625)
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
- de heer Georges Gilkinet tot de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de omzetting in
Belgisch recht van de Europese richtlijn over de vrijmaking van de postmarkt" (nr. 256)
- de heer Georges Gilkinet aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de omzetting
in Belgisch recht van de richtlijn betreffende de liberalisering van de postmarkt" (nr. 9732)
- de heer Roel Deseyn aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de toelage van de
Staat voor het vervullen van taken van openbare dienst van De Post" (nr. 9868)
03.01 Karine Lalieux (PS): Monsieur le président, chers collègues,
je vous remercie de m'avoir donné le temps de vous rejoindre pour
poser ma question.
Monsieur le ministre, comme vous le savez, les débats quant à la
transposition de la directive relative au marché postal ont été
extrêmement nourris et passionnés.
Puisqu'elle nous est de toute façon imposée par l'Europe, aux
adeptes d'une libéralisation précipitée, le groupe PS s'est toujours
prononcé pour une libéralisation réfléchie. Au "tout pour les
entreprises", nous privilégions d'autres critères comme la qualité des
services rendus à la population et la qualité du travail pour les
travailleurs de La Poste et pour les travailleurs des futurs concurrents
débarquant sur un marché qui, à notre grand regret, se trouve
totalement libéralisé.
Bien sûr, nous ne voulions pas de cette libéralisation qui sera, nous
l'espérons, le dernier avatar de l'idéologie néo-libérale dont nous
devons aujourd'hui réparer les pots cassés dans le secteur bancaire.
L'Europe a choisi et, aujourd'hui, nous avons la responsabilité de déjà
rectifier le tir. Faisons en sorte que cette libéralisation ne soit pas
synonyme de dumping social et de service de moindre qualité à un
coût supérieur pour nos concitoyens, comme c'est le cas d'ailleurs
dans le monde bancaire.
Pour reprendre l'expression du président de la commission de
l'Infrastructure, tâchons d'obtenir de nos opinions divergentes le
meilleur résultat possible.
Aussi, après une période de fin d'année marquée notamment par le
ras-le-bol des postiers face à Géoroute III, il me semble important de
revenir vers vous afin de faire le point sur la transposition de la
directive Poste.
Monsieur le ministre, quelles sont les lignes de force de la
transposition de cette directive?
L'équilibre entre l'exigence d'ouverture totale d'un marché qu'on nous
impose et un niveau élevé d'exigences en termes de qualité de
service et de qualité d'emploi est-il respecté ou le sera-t-il?
03.01 Karine Lalieux (PS): De
PS-fractie was absoluut gekant
tegen de door Europa gewenste
liberalisering. Laten wij ervoor
zorgen dat die vrijmaking geen
synoniem wordt van sociale
dumping en van een slechtere
dienstverlening tegen een hoger
kostenplaatje
voor
onze
medeburgers.
Welke zijn de krachtlijnen van de
omzetting van de postrichtlijn?
Wordt er zo niet geraakt aan het
evenwicht
tussen
de
totale
openheid die ons wordt opgelegd
en een hoog eisenniveau inzake
van dienstkwaliteit en kwalitatieve
werkgelegenheid?
03.02 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, je ne dois pas vous rappeler que l'ensemble des partis de la
majorité a approuvé cette fameuse troisième directive postale
européenne. Il vous appartient donc en tant que ministre de tutelle ­
c'est ce que vous avez d'ailleurs fait selon les informations dont je
dispose ­ de proposer au gouvernement différentes formules qui
doivent permettre d'adapter cette troisième directive à la situation
belge, à l'ouverture du marché. Cette ouverture a été, je le rappelle,
03.02 Jean-Luc Crucke (MR):
Alle meerderheidspartijen hebben
die richtlijn aangenomen.
Hoe luidde uw voorstel aan de
Ministerraad van 19 december?
Werd ter zake een consensus
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
votée par les libéraux, les sociaux-chrétiens, les socialistes et doit
être appliquée pour le 31 décembre 2010.
Vous avez fait une proposition au Conseil des ministres le
19 décembre. Quel est le détail de cette proposition?
Un consensus est-il intervenu en la matière? Le consensus qui était
déjà de rigueur au plan européen l'est-il encore au plan fédéral?
Quelles contraintes pensez-vous pouvoir imposer aux opérateurs? En
d'autres termes, l'opérateur historique ­ La Poste ­ peut-il être
rassuré quant à sa pérennité tant sur le plan du service que du
personnel? Je suppose que les postiers souhaitent savoir s'ils
pourront encore distribuer le courrier.
bereikt?
Welke verplichtingen denkt u de
operatoren te kunnen opleggen?
Kan De Post erop rekenen dat het
zijn dienstverlening kan blijven
voortzetten en dat het zijn
personeel zal kunnen behouden?
03.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président,
monsieur le ministre, je profite de mon interpellation pour faire une
remarque préalable à mes deux collègues.
Monsieur Crucke, je crois que vous et votre parti avez tort de penser
que la main invisible du marché permettra de créer de l'emploi
supplémentaire et de qualité dans le secteur postal, que cela va
garantir la qualité du service offert aux citoyens. La qualité de l'emploi
et les décisions prises vont dans le sens contraire.
Madame Lalieux, je pense que vous avez tort de mener le combat
maintenant. C'est au gouvernement qu'il revenait de prendre d'autres
décisions que celles-là. Votre parti s'y trouve, évidemment! Vous me
faites penser à ces supporters qui refont le match pendant la
troisième mi-temps et qui réécrivent l'histoire!
Monsieur le ministre, lors de sa dernière séance avant de
démissionner ­ il aurait mieux fait de démissionner avant! ­, le
gouvernement a adopté ces options sur l'organisation de la
transposition en droit belge de la directive sur la libéralisation du
marché postal. Manifestement, mes collègues ne disposent pas de
cette décision mais je l'ai sous les yeux. Pour nous, il s'agissait de
fixer par ce biais des conditions d'entrée sur le marché suffisamment
élevées pour éviter une concurrence déloyale ou un dumping social,
qu'il s'agisse du statut des travailleurs, de la zone de couverture ou de
la fréquence de distribution.
Force est de constater à la lecture des choix opérés, notamment la
possibilité de recourir à des services indépendants pour le transport
du courrier et l'absence d'obligation de couverture totale et
quotidienne du territoire, que le gouvernement n'a pas suivi cette
option et qu'il n'a pas utilisé la latitude laissée par la directive ­
comme d'autres pays l'ont fait ­ pour protéger le service public postal.
On peut alors se poser de sérieuses questions sur la viabilité future
de La Poste en tant qu'entreprise publique, sur la qualité du service
qui pourra être rendu, sur le maintien de l'emploi à La Poste mais
aussi sur les coûts différés pour l'État belge. On le voit en matière
bancaire: ne pas prendre les bonnes décisions en matière de
régulation peut parfois coûter cher voire très cher.
Monsieur le ministre, pourquoi n'a-t-on pas exigé des concurrents
potentiels de La Poste une couverture totale et quotidienne du
territoire, et ce, dès leur arrivée hypothétique sur le marché?
03.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Mijnheer Crucke, u denkt
ten onrechte dat de onzichtbare
hand
van
de
markt
tot
kwaliteitsvolle
bijkomende
betrekkingen zal leiden in de
postsector en dat zulks een
kwaliteitsvolle dienstverlening aan
de
burgers
zal
verzekeren.
Mevrouw Lalieux, het was aan de
regering om andere beslissingen
te nemen dan degene die ze nu
genomen heeft.
Tijdens de laatste vergadering
voor haar ontslag ­ ze was
trouwens beter vroeger afgetreden
­ maakte de regering deze keuzen
met betrekking tot de omzetting in
Belgisch recht van de richtlijn
inzake de liberalisering van de
postmarkt. De regering besliste
geen gebruik te maken van de
door
de
richtlijn
geboden
mogelijkheid om de openbare
postdienst te beschermen. Er
rijzen derhalve ernstige vragen
omtrent
de
toekomstige
leefbaarheid van De Post.
Waarom heeft men de potentiële
concurrenten van De Post niet
duidelijk gemaakt dat zij vanaf hun
hypothetische aankomst op de
markt een volledige en dagelijkse
dekking van het grondgebied
zouden moeten waarborgen?
In hoeverre zullen volgens u de
door de regering gemaakte keuzes
tot een netto-jobcreatie en tot een
betere dienstverlening voor onze
medeburgers leiden?
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
En tant que ministre de l'Économie, en quoi estimez-vous que les
options prises par le gouvernement contribueront à une création nette
d'emplois et à un meilleur service pour nos concitoyens?
La position du gouvernement est-elle définitive ou pourrait-elle encore
être remise en question?
Is het standpunt van de regering
definitief?
03.04 Roel Deseyn (CD&V): De zaken waarvan het Parlement zegt
dat ze in een bepaalde richting zouden moeten bewegen inzake de
vrijmaking van de postmarkt zullen gemeenzaam bekend zijn bij de
minister. Ze zijn trouwens ook geformaliseerd in vorige resoluties. Nu
de regering de contouren heeft geschetst van de verplichtingen
waaraan de nieuwe operatoren moeten voldoen heeft de minister zich
ook kritisch uitgelaten over de ­ ik zou bijna zeggen dotatie maar dat
is niet het juiste woord ­ vergoeding voor de prestaties die De Post
levert in het kader van de openbare dienstverlening en voor de zaken
die vastgelegd zijn in het beheerscontract afgesloten tussen de
overheid en De Post. Dit is nog geldig tot 2010.
De vraag is of in de optiek van de minister de liberalisering kan
losgekoppeld worden van de herziening van het beheerscontract,
temeer daar hij stelt dat 300 miljoen euro misschien wel een beetje
overdreven is. Vandaar mijn vraag of het u opportuun lijkt om dit te
gaan wijzigen voor 2010. Wat zijn uw drijfveren? Wat zullen de
voornaamste wijzigingen zijn in het beheerscontract tussen de Staat
en De Post? Welke taken van openbare dienst moeten absoluut
bewaard blijven? Als u het hebt over minder betalen, is daarvoor dan
een objectieve basis? Zult u bepaalde zaken gaan afstoten of ziet u
die eventueel gerealiseerd door een andere operator? Ik had daar
graag wat duiding bij gehad.
03.04 Roel Deseyn (CD&V): Le
ministre s'est exprimé en termes
critiques au sujet de la subvention
accordée par l'État à La Poste
pour ses missions de service
public. Or le contrat de gestion qui
fixe les contours de ces missions
de service public est en vigueur
jusqu'en 2010.
Le ministre estime-t-il qu'il soit
possible
de
dissocier
la
libéralisation du marché postal de
la révision du contrat de gestion de
La Poste? Lui semble-t-il opportun
de modifier ce contrat de gestion
avant 2010? Quels changements
majeurs seront apportés au
cinquième contrat de gestion entre
l'État et La Poste? Quelles
missions de service public devront
être maintenues à tout prix et
lesquelles pourront le cas échéant
être remplies par un autre
opérateur?
03.05 Vincent Van Quickenborne, ministre: Monsieur le président,
chers collègues, le Conseil des ministres a trouvé un consensus. Je
déplore la remarque du membre Ecolo selon laquelle il aurait été
mieux de voir le gouvernement tomber avant la décision. Le
gouvernement devait prendre une décision et cela montre que la
politique, c'est prendre des décisions et, s'il le faut, trouver un
consensus. J'ai entendu la réaction du patron de La Poste qui abat un
boulot considérable pour cette entreprise. Il a dit qu'il pourrait vivre
avec ce consensus, même si c'est difficile. Ce consensus a été forgé
avec les cinq partis du gouvernement. Cela montre que dans un
dossier difficile, le gouvernement peut trouver un compromis.
Quelles sont les lignes de force de cette décision? Premièrement,
La Poste SA est désignée pour garantir le service postal universel à
partir du 1
er
janvier 2011. Deuxièmement, la portée du service
universel n'a fait l'objet d'aucune modification. Pour le citoyen, rien ne
va changer. Le service universel est maintenu dans sa forme actuelle.
Les facteurs continueront de s'occuper de la distribution du courrier
sur tout le territoire, cinq fois par semaine et avec un prix du timbre
contrôlé par le gouvernement, un prix du timbre qui est
malheureusement un des plus élevés d'Europe, plus élevé que dans
des pays où La Poste est libéralisée.
Le monopole sur les envois de correspondance inférieurs à
03.05
Minister Vincent Van
Quickenborne: Ik betreur de
opmerking
van
het
Ecololid
wanneer hij zegt dat de regering
beter had kunnen vallen vóór de
beslissing in kwestie. De vijf
regeringspartijen zijn erin geslaagd
in dit moeilijke dossier een
compromis te vinden.
Die beslissing heeft tot gevolg dat
De Post wordt aangewezen om de
universele
dienstverlening
te
waarborgen vanaf 1 januari 2011.
De
universele
dienst
wordt
trouwens behouden in de huidige
vorm: bezorging van de post door
postbodes
op
het
hele
grondgebied, vijf keer per week en
met een door de regering
gecontroleerde postzegelprijs ­ die
prijs is jammer genoeg een van de
hoogste van Europa, veel hoger
dan in de landen waar de post
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
50 grammes sera levé, puisque telle est la décision de l'Europe, à la
date limite du 1
er
janvier 2011. Le coût du service postal universel
sera calculé et annoncé dans les semaines à venir par l'IBPT comme
décrit à l'annexe I de la troisième directive postale. Là aussi c'est
conforme à ce qui nous est demandé par la directive. C'est la décision
du gouvernement: il appartient à l'État belge de garantir la contribution
éventuelle au financement du service universel.
En ce qui concerne le dumping social, le gouvernement a pris une
décision: demander aux opérateurs postaux, à La Poste mais aussi
aux nouveaux entrants de respecter les conditions sociales optimales.
C'est-à-dire que toute personne rémunérée pour effectuer la levée, le
tri et la distribution est supposée être employée de manière irréfutable
sur la base d'un contrat de travail. Donc pas d'indépendant dans ces
activités.
Je vous assure que l'inspection sociale opérera des contrôles afin de
garantir le respect de ces instructions du gouvernement.
geliberaliseerd is.
Het monopolie op de verzendingen
van minder dan 50 gram wordt
uiterlijk op 1 januari 2011
opgeheven. Het BIPT zal in de
komende weken de kosten voor
de
universele
dienstverlening
aankondigen. Het komt de
Belgische Staat toe de eventuele
bijdrage aan de financiering van
de
universele
dienst
te
waarborgen.
De regering verwacht van de
operatoren op de postmarkt dat
éénieder die vergoed wordt voor
het ophalen, het sorteren en het
bestellen van postzendingen op
onweerlegbare
wijze
wordt
tewerkgesteld op grond van een
arbeidsovereenkomst.
Zelfstandigen worden dan ook niet
toegelaten tot die activiteiten.
Controles worden uitgevoerd door
de sociale inspectie.
Wij hebben ervoor gekozen om aan de nieuwe postbedrijven op het
gebied van geografische dekking voorwaarden op te leggen.
Voornoemde voorwaarden bepalen dat een bedrijf na vijf jaar in de
drie Gewesten 80% moet bedekken. Dus een operator die enkel in
Vlaanderen of Brussel actief wil zijn, zal dat niet kunnen doen.
Dat betekent dat wij er ook voor zorgen dat de postbedrijven ook in
minder dichtbevolkte gebieden post moeten bedelen.
Wij hebben ook voorwaarden op het vlak van frequentie opgelegd. Na
twee jaar moet een bedrijf minstens twee keer per week post bedelen.
Ten derde, er werden ook afspraken op het vlak van de tarifaire
uniformiteit gemaakt.
Het compromis dat wij hebben gevonden, was uiteraard geen evident
compromis. Er staan immers heel veel belangen op het spel, zowel
omdat De Post zich aan de marktomstandigheden aan het aanpassen
is, als omwille van het feit dat wij, conform de Europese richtlijn, een
opening voor de postmarkt wilden maken. De opening moet nieuwe
postspelers effectief een kans geven om op onze markt te komen. De
markt kan op een heel theoretische manier worden geopend. Het is
echter belangrijk dat er effectief nieuwe postbedrijven bijkomen.
De heer Deseyn stelde ook een vraag over het beheerscontract.
Voor alle duidelijkheid, het is niet de bedoeling om het huidige
beheerscontract open te breken. Het enige wat de Ministerraad heeft
beslist, is dat op het ogenblik van de openstelling van de postmarkt
ook de discussie over het nieuwe beheerscontract zal worden
gevoerd. Het vierde beheerscontract loopt op 23 september 2010 ten
Les nouvelles entreprises postales
devront répondre à plusieurs
conditions. Après cinq ans, elles
doivent notamment garantir une
couverture géographique de 80 %
dans les trois Régions, de sorte
que les zones où la densité de
population est moins élevée soient
également desservies. Après deux
ans, elles doivent garantir une
distribution de courrier au moins
deux fois par semaine. Elles
doivent également répondre à
certaines conditions en matière de
conformité tarifaire.
Le compromis a été difficile à
obtenir étant donné les intérêts
divergents
et
l'obligation
d'ouverture du marché postal,
conformément à la directive
européenne en vertu de laquelle
les nouveaux acteurs obtiendraient
des opportunités réelles sur notre
marché.
Nous ne voulons pas modifier le
contrat de gestion actuel mais le
Conseil des ministres a décidé
d'examiner également le nouveau
contrat de gestion à partir du 23
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
einde. De regering zal op het ogenblik van het sluiten van het vijfde
beheerscontract nagaan of De Post de taken die zij nu uitvoert en
waarvoor zij wordt betaald, ook in de toekomst nog zal uitvoeren. Ook
zal worden nagegaan of bedoelde taken met de vrije postmarkt
verzoenbaar zijn.
De overheid betaalt vandaag aan De Post 300 miljoen euro. Dat is in
belangrijke mate de vergoeding om de kranten vóór 07.30 uur te
bedelen. Ik stel mij publiekelijk de vraag of de belastingbetaler die
geen krant heeft, met zijn belastinggeld moet opdraaien voor een
vroege bedeling van de krant aan de belastingbetaler die wel een
krant heeft. Het zou eerlijk gezegd ook perfect denkbaar zijn dat de
kosten van de krantenbedeling niet door de belastingbetaler maar wel
door de abonnee worden betaald. Dat zien wij in vele, andere landen.
Voorlopig hebben wij voornoemde maatregel bij ons niet doorgevoerd.
In elk geval, in het licht van de komende, moeilijke, budgettaire
discussies met de federale regering zullen wij in ons land elke euro
drie- tot viermaal omdraaien, vooraleer wij hem zullen uitgeven.
Wij zullen voornoemd debat dus voeren. Op dat vlak zijn er
mogelijkheden. Indien van De Post wat minder wordt gevraagd, moet
er ook minder worden betaald. Het is evident dat de som die vandaag
wordt betaald, wordt betaald in ruil voor de diensten die De Post
verleent.
septembre 2010, au moment de
l'ouverture du marché postal. À
l'heure actuelle, les autorités
versent ainsi 300 millions d'euros
à La Poste pour assurer une
distribution des journaux avant
7 h 30. Le contribuable qui n'utilise
pas ce service doit-il continuer à
supporter ces frais ou seuls les
abonnés payeront-ils pour ce
service à l'avenir? Étant donné la
situation budgétaire difficile, ce
type de débats s'impose: si La
Poste nous rend moins de
services, nous devons également
lui verser une somme moindre.
Monsieur Gilkinet, ce que vous nous demandez est étrange! En effet,
la troisième directive postale ne permet pas d'imposer des obligations
de service universel à tous les opérateurs postaux. On ne peut pas le
faire! Ce que nous avons demandé, c'est que La Poste assure la
garantie du service universel, c'est-à-dire distribution du courrier sur
l'ensemble du territoire chaque jour ouvrable ce, aux mêmes
conditions (timbres, tarifs, etc.). Cette tâche a été allouée à La Poste
à partir du 1
er
janvier 2011.
Ce que nous avons imposé aux autres opérateurs, ce sont des
critères de qualité très stricts et qui doivent être respectés, c'est-à-
dire, comme je l'ai expliqué, une distribution après 5 ans qui couvre
80% du territoire défini en termes de régions. Ce n'est pas avec une
couverture à 80% de la Flandre que cette transposition sera
respectée! Nous l'avons demandée pour toutes les Régions. Si un
nouvel entrant désire être actif sur notre territoire, il ne lui suffira pas
d'être actif à Bruxelles. Non! Il devra l'être dans les trois Régions et
ce, année après année, avec un critère plus strict. Et une couverture
à hauteur de 80%, ce n'est pas rien! Mais exiger de chaque opérateur
ce que nous exigeons de La Poste est impensable! Parce que
La Poste sera rétribuée pour la prestation de service universel. Ce
sera calculé. Nous en connaîtrons le montant dans les semaines qui
viennent. Si nous rétribuons La Poste pour de telles prestations, il
serait absurde de demander aux autres opérateurs de faire la même
chose sans les payer! Finalement, qui va payer le ticket?
En termes d'économies, je sais que vous étiez contre la directive. En
ce qui concerne le marché postal, il convient d'être correct. Je vous
invite à visiter la Suède. Je l'ai fait au mois de novembre. La Suède
n'est pas un pays ultracapitaliste ou néolibéral. Ce pays offre une
grande protection sociale. Vous le savez, puisque vous y faites
souvent référence en termes d'écologie. Les Suédois nous apportent
Mijnheer
Gilkinet,
de
derde
postrichtlijn
biedt
niet
de
mogelijkheid om alle operatoren
de verplichtingen van universele
dienstverlening op te leggen. Ze
moeten wel allemaal strenge
kwaliteitscriteria
naleven,
met
name 80% van de drie Gewesten
bestrijken binnen de vijf jaar na
hun intrede op de markt. Voor het
overige wordt De Post betaald om
de universele dienst te verzekeren.
Vanuit
economisch
standpunt
bekeken zou ik het voorbeeld van
Zweden willen aanhalen, een land
dat als voorbeeld kan dienen
inzake
sociale
bescherming.
Zweden heeft zijn markt in 1993
opengesteld. Er is geen sociale
dumping geweest, een tweede
operator slaagde erin banen te
creëren en de Zweedse tarieven
zijn momenteel lager dan de onze.
Wat de werkgelegenheid bij De
Post betreft, klopt het dat de
marktevolutie ertoe zal leiden dat
sommige
functies
verdwijnen.
Anderzijds komen er echter ook
functies bij, meer bepaald op het
stuk
van
de
elektronische
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
beaucoup de choses. En la matière, la Suède a ouvert son marché en
1993. On peut ainsi y constater l'absence de dumping social, un tarif
de timbres inférieur au nôtre et la création d'emplois, car un second
opérateur oeuvre au niveau des "city mails" en couvrant environ 10%
de la clientèle. Cela signifie-t-il que nous allons garder le personnel en
place actuellement? Non!
Année après année, on constate une diminution du travail au sein de
La Poste. Pourquoi? Je crois que le marché change. Il y a le marché
papier et le marché électronique. Je me réfère notamment à des
entreprises comme Certipost, Isabel. Comme dans tout marché en
mutation, de nouveaux emplois sont créés dans d'autres domaines.
La Poste est également en train de changer. Des emplois vont-ils
disparaître? Oui! Mais parallèlement, d'autres places vont être créées
dans des nouveaux marchés comme le marché électronique, en plein
essor.
En ce qui concerne l'accord du gouvernement, monsieur Crucke, c'est
un accord entre cinq partis. Cet accord est définitif. Nous sommes en
train de préparer les avant-projets de loi qui vont passer par votre
commission. Nous pourrons donc en discuter, confronter vos idées,
examiner vos amendements. Je pense en effet que ce débat doit
aussi être mené au parlement car il est extrêmement important.
communicatie (Certipost, Isabel,
enz.).
Mijnheer
Crucke,
het
regeerakkoord werd tussen vijf
partijen gesloten en is definitief.
De voorontwerpen van wet die
worden
voorbereid,
zullen
uiteraard ter bespreking aan de
commissie worden voorgelegd.
03.06 Karine Lalieux (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie
pour votre réponse.
Je voudrais juste répondre à M. Crucke que les socialistes belges
n'ont pas voté la directive au Parlement européen. Ce n'était donc pas
un bon consensus. Nous avons perdu. Très clairement. Mais nos
députés n'ont jamais voté cette directive...
03.06 Karine Lalieux (PS): Ik zou
de heer Crucke eraan willen
herinneren dat de Belgische
socialisten de richtlijn in het
Europese Parlement niet hebben
goedgekeurd.
03.07 Jean-Luc Crucke (MR): Si! Tous les socialistes l'ont votée.
03.08 Karine Lalieux (PS): Non, pas tous!
Par ailleurs, monsieur Gilkinet, nous nous sommes déjà disputés sur
cette question. Je crois que le premier travail que j'ai réalisé en 2000
­ des députés étaient déjà présents, notamment notre président ­
était une résolution contre la libéralisation du secteur postal.
J'attendais et j'attends toujours d'ailleurs le soutien d'Ecolo. Ne dites
pas que nous menons un débat tardif. Le premier débat qui a été
conduit l'a été par les socialistes. Nous avons d'ailleurs fait retarder
l'application de la libéralisation à 2011, grâce au vote de ce parlement.
S'il vous plaît, faites preuve d'un peu de modestie!
Monsieur le ministre, il est vrai que c'est un compromis du
gouvernement et cela a été dur puisque nous étions isolés dans nos
demandes, notamment au sujet des représentants des travailleurs.
On doit évidemment se féliciter qu'il n'y ait pas d'indépendants ou de
faux indépendants comme c'était la pratique en Belgique. Je crois
qu'il y a encore beaucoup de discussions au niveau d'une commission
paritaire unique, d'un statut unique. Sur ce point, il y a encore du
travail à faire. Monsieur le ministre, je voudrais donc vous demander
s'il y a encore des débats en cours.
Je voudrais également évoquer le contrat de gestion. Monsieur le
03.08 Karine Lalieux (PS): Aan
de heer Gilkinet zou ik willen
zeggen dat ik nog steeds wacht op
de steun van Ecolo voor de
resolutie die ik in 2000 indiende
tegen de liberalisering van de
postsector. De socialisten hebben
dit debat steeds gevoerd en het is
trouwens dankzij ons dat de
liberalisering tot in 2011 werd
uitgesteld.
Het klopt dat de regering een
compromis moest zien te vinden.
Er zal niet met zelfstandigen of
schijnzelfstandigen
worden
gewerkt, maar er is wel nog werk
aan de winkel wat de oprichting
van één paritair comité en de
uitwerking
van
een
eenheidsstatuut betreft. Zijn er
daarover nog besprekingen aan
de gang?
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
ministre, il est évident, en tout cas à mes yeux de parlementaire, qu'il
ne peut y avoir d'avant-projet de transposition de la directive sans un
futur contrat de gestion.
Monsieur le ministre, je commence à vous connaître et vous me faites
peur! Vous respectez ce que le gouvernement vous dit mais,
parallèlement, vous dites que le contrat de gestion présente aussi
certains éléments, discutés ou non, par exemple que l'on ne financera
plus la distribution des journaux avant 06.30 heures ou 07.30 heures
du matin. Le consommateur devra le financer lui-même. Je ne dis pas
que c'est bien ou pas. Cependant, je n'accepterai pas de voter une loi
qui ne sera pas liée à un contrat de gestion garantissant, par
exemple, les bureaux de poste ou les missions de service public que
la Belgique peut encore imposer à un moment donné à son opérateur
historique.
Monsieur le ministre, je serai encore plus vigilante au sein de mon
parti pour exiger la clarté! Vous dites que vous envisagez de sortir
certaines missions de service public de ce contrat de gestion. C'est
totalement inacceptable, d'autant plus que vous dites également que
la négociation du budget de La Poste sera difficile tout comme les
négociations budgétaires futures! Je m'en rends bien compte. Il ne
faudrait cependant pas qu'une fois la directive secondaire votée, l'on
dépèce ce qu'il reste des autres missions de service public postaux,
notamment nos réseaux de bureaux de poste. Deux résolutions bien
plus exigeantes sont sur la table. On n'a pas encore tenu ce débat ici
mais je vous garantis qu'elles seront jointes au niveau de la directive
secondaire.
J'entends le ministre dire qu'il s'agit là d'un débat important et qu'un
vrai débat se tiendra au parlement; je l'espère vraiment! J'espère
aussi que nous pourrons trouver des consensus pour améliorer
encore le texte.
Monsieur le président, vous avez proposé une mission en Suède.
Vous parlez d'une situation idyllique en Suède. Pour ma part, je
constate plutôt la destruction d'un vrai service et une insatisfaction
totale de la clientèle. Je vous rappelle que les États-Unis n'ont jamais
libéralisé le secteur postal et ils ne le feront pas: ce serait vraiment
n'importe quoi sur le plan économique.
Ik zou het ook nog over de
beheersovereenkomst
willen
hebben. Mijnheer de minister, ik
heb u stilaan door: u bezorgt me
kippenvel. Ik waarschuw u: ik zal
geen wet ter omzetting van de
richtlijn goedkeuren, indien er aan
die wet geen overeenkomst wordt
gekoppeld, die garanties bevat
met betrekking tot de opdrachten
van openbare dienstverlening die
België de historische operator kan
opleggen.
We
moeten
ook
voorkomen dat men na de
goedkeuring
van
de
dochterrichtlijn wat er rest van de
opdrachten
van
openbare
dienstverlening van De Post, en
meer bepaald het kantorennetwerk
van De Post, nog verder zou
versnipperen. We hebben die
aangelegenheid
nog
niet
besproken, maar ik verzeker u dat
er twee heel wat strengere
resoluties bij de dochterrichtlijn
zullen gevoegd worden. Ik hoop
dat we een consensus kunnen
bereiken om die tekst nog bij te
sturen.
De situatie in Zweden kan
sommigen ten slotte idyllisch
lijken, maar ik leer er vooral uit dat
de openbare dienstverlening er
volledig ontmanteld is en de
klanttevredenheid er een absoluut
dieptepunt heeft bereikt. Vanuit
economisch oogpunt heeft het
geen zin de postsector te
liberaliseren. De Verenigde Staten
hebben
dat
trouwens
nooit
gedaan.
03.09 Jean-Luc Crucke (MR): Mme Lalieux a raison de dire que les
parlementaires socialistes belges n'ont pas voté la directive. Je faisais
référence au groupe socialiste européen qui l'a votée. Ce dossier
n'est pas facile, je vous l'accorde. Toutefois, je constate que le patron
de La Poste, lui-même socialiste, est satisfait.
Ou il le deviendra. Je constate que les ministres socialistes du
gouvernement se sont engagés dans un consensus et ont donc
manifestement rejoint les parlementaires européens du groupe
socialiste, en tout cas majoritaire, dans la directive; il reste toujours
quelques esprits retors pour s'en rendre compte.
Je constate qu'il y a consensus entre cinq partis, mais le débat doit
encore avoir lieu au Parlement, et c'est de bonne guerre aussi
puisqu'on entendra sans doute l'un ou l'autre son de cloche différent.
03.09 Jean-Luc Crucke (MR): De
Postbaas,
een
socialist,
is
nochtans tevreden.
Voor zover hij nog geen socialist
is, wordt hij het wel! De
socialistische ministers hebben
een consensus aangegaan die
aansluit bij het standpunt van de
socialistische
fractie
in
het
Europees Parlement. In ons eigen
Parlement moet het debat nog
beginnen. Ik verheug er mij in elk
geval over dat de regering die
beslissing heeft kunnen nemen.
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
Moi, je me satisfais, dans un dossier aussi difficile, d'observer que le
gouvernement a pu prendre cette décision. Je trouve que vous
deviez, comme vous l'avez fait ici, monsieur le ministre, le rappeler. Si
j'entends bien certains, on vous demande même plus: on vous
demande d'aller au contrat de gestion. Je ne sais si votre collègue
Vanackere sera d'accord de se voir dépouillé d'une partie de ses
compétences. Cela dit, pourquoi pas? Comme vous avez bien réussi
dans ce dossier, on pourrait vous faire confiance pour un autre, mais
c'est une autre chanson! On y reviendra peut-être.
03.10 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, c'est
vrai qu'on attend d'un gouvernement qu'il prenne des décisions, mais
qu'il prenne de bonnes décisions, en l'occurrence celle du
19 décembre n'en est pas une. Pourtant j'ai entendu un argument
resservi fréquemment: le patron de La Poste dit qu'il peut vivre avec.
J'en viens à me demander s'il est vraiment le meilleur défenseur du
service public postal!
Rien ne changera, paraît-il, pour les consommateurs. Peut-être qu'en
temps zéro, ce sera le cas, mais cela évoluera certainement. Vous
dites qu'il n'y aura pas de dumping social: il est vrai que les
travailleurs des entreprises privées qui entreront dans le marché
postal devront bénéficier d'un contrat de travail, mais sans préciser s'il
s'agit d'une heure, de deux heures ou minimum d'un mi-temps.
Après cinq ans, il faudra distribuer sur 80% du territoire, mais la
première année 10%, la deuxième année 20%. Cependant, 80% ne
vaut pas 100% et les zones non desservies seront les zones rurales
les plus éloignées, celles déjà les moins bien servies par le service
public. De même, le courrier pourra être distribué deux jours par
semaine. Voilà qui fera des dégâts: concurrence accrue, accélération
des licenciements à La Poste. Un jour, La Poste refusera de ne pas
jouir des mêmes conditions que les concurrents privés qui peuvent ne
pas distribuer tous les jours, ne pas couvrir l'entièreté du territoire.
C'est ainsi que les choses se passeront!
La création nette d'emplois n'existera pas; c'est clair. Je suis d'accord
que le marché postal n'est plus ce qu'il était et qu'il faut vivre avec son
temps. Mais vous le rendez encore plus difficile.
Sur l'aide indirecte à la presse, qui est la distribution des quotidiens
aux abonnés, je ne peux pas suivre votre raisonnement, surtout dans
un contexte démocratique qui est le nôtre et par rapport à
l'importance que les gens accordent à l'information. Nous sommes
bien dans un modèle "win-win", qui soutient à la fois le marché postal
en termes de demandes, mais qui soutient aussi les entreprises de
presse et les journalistes qui nous informent, bien ou mal, en
contribuant à une conscience démocratique.
Le modèle européen repris dans la directive que l'ensemble des Verts
a combattue au Parlement européen laisse des possibilités qui n'ont
pas été utilisées par le gouvernement belge.
Mon modèle n'est pas suédois, il est finlandais. En Finlande, le
marché est ouvert et il n'y a pas de concurrent à la poste finlandaise;
celle-ci peut continuer à effectuer son travail dans le cadre d'un
marché, certes en diminution, mais qui s'organise.
03.10 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Men verwacht van een
regering dat ze beslissingen
neemt,
maar
dan
goede
beslissingen! De baas van De
Post zegt dat hij kan leven met de
beslissing van 19 december. Ik
vraag me af of hij wel de beste
pleitbezorger van de openbare
dienst is.
Voor de consument zal er, naar
het schijnt, niets veranderen. Dat
is misschien zo op korte termijn
maar de situatie zal zeker
evolueren.
De werknemers van de privé-
bedrijven
zullen
een
arbeidscontract krijgen, maar de
duur van het contract wordt niet
vermeld. Kan het gaan om
contracten van een uur of twee?
Na vijf jaar zullen de nieuwe
spelers op de markt 80% van het
grondgebied moeten bestrijken,
maar het eerste en het tweede
jaar bedraagt dat percentage
slechts respectievelijk 10 procent
en 20 procent. En eens de
80 procent bestreken zijn, hoe
staat het dan met de overblijvende
20 procent?
Tevens zal de post twee dagen
per week kunnen worden bezorgd.
De Post beroept zich daarbij op
dezelfde voorwaarden als de
privé-concurrenten (die van hun
kant de post niet alle dagen
moeten bezorgen en ook het
grondgebied niet helemaal moeten
bestrijken). Dat betekent ook meer
concurrentie
en
versnelde
ontslagen bij De Post. Er zullen in
die sector ook geen banen meer
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
Que votre idéologie ­ vous la présentez comme telle et c'est
respectable en démocratie ­ soit de libéraliser, c'est une chose, mais
qu'elle devienne celle de l'ensemble du gouvernement, ce qui
implique la responsabilité de chacun des acteurs, à savoir l'Open Vld,
le CD&V, le MR, le cdH et le PS, c'est une autre chose!
Il y aura un deuxième tour. Les textes nous seront soumis ici en
commission puisque tout cela devra être traduit dans un projet de loi.
Nous combattrons ces textes pour relever la barre en termes
d'exigences pour les concurrents privés de La Poste, pour corriger le
tir. À cette occasion, j'espère que j'aurai le soutien de ceux qui disent
aujourd'hui que la situation n'est pas idéale.
Comme un "tiens vaut mieux que deux tu l'auras" et que Mme Lalieux
aime les actes forts, je dépose ­ comme je l'ai déjà fait dans cette
commission à la suite de l'interpellation de votre collègue en charge
des Entreprises publiques ­ une motion de recommandation dont je
ne doute pas qu'elle recevra un soutien puissant en séance plénière.
worden gecreëerd.
Wat de onrechtstreekse steun aan
de pers betreft (aan huis bezorgen
van dagbladen aan abonnees),
kan ik uw redenering niet volgen.
We bevinden ons momenteel in
een win-win situatie die en de
postmarkt en de persbedrijven en
de journalisten die ons informeren,
ondersteunt
Het in de richtlijn opgenomen
Europese
model
biedt
de
Belgische regering mogelijkheden
die zij niet benut.
Mijn model is Fins. In Finland werd
de markt opengesteld maar er is
geen concurrentie voor de Finse
post, die aldus haar werk kan
voortzetten.
U mag dan een voorstander zijn
van de liberalisering, maar is de
rest van de regering dat ook?
Er zal een tweede ronde komen.
De teksten zullen in de commissie
ingediend worden met het oog op
een wetsontwerp. Wij zullen ons
tegen die teksten verzetten om de
lat voor de concurrenten van de
Post uit de privésector hoger te
leggen.
Ik dien derhalve een motie van
aanbeveling in die ­ mijns inziens
­ brede steun zal krijgen in de
plenaire vergadering.
03.11 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, het is interessant om deze vraag vanmiddag nog eens te
berde te brengen. Ze heeft blijkbaar wat losgemaakt, ook bij de
collega's. Het gaat over het eventueel verminderen van dat bedrag
van 300 miljoen euro. Aanvankelijk meende ik dat de discussie ging
over de vraag of er niet te veel betaald werd, of het elders niet
goedkoper zou kunnen worden uitbesteed. Nu lijkt de discussie meer
georiënteerd te zijn op de kwestie of de overheid niet beter afbouwt in
enkele zaken die zij ondersteunt, of alleszins of de overheid niet meer
actief zou ondersteunen, wat natuurlijk een heel ander verhaal is. U
hebt het concrete voorbeeld van de krantenbedeling, wat de
verdienste heeft dat u een duidelijk standpunt inneemt. Uiteraard kan
daarover nog gediscussieerd worden.
Er is een studie onderweg van het BIPT. Die studie was
aangekondigd voor deze maand. Ik weet niet of u daarover al
voorlopige bevindingen kwijt kunt, of u die studie al hebt kunnen
03.11 Roel Deseyn (CD&V): Le
débat relatif au montant de 300
millions d'euros portait initialement
sur la question de savoir si ce
montant n'était pas trop élevé ou si
une partie ne devait pas être
externalisée. La question qui se
pose à présent est de savoir si
l'aide publique ne doit pas être
progressivement supprimée. Le
ministre a cité l'exemple de la
distribution de journaux et adopte
une position claire, dont on pourra
encore discuter longtemps.
Le
ministre
peut-il
déjà
communiquer à la commission les
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
inkijken. Wanneer kan die studie aan onze commissie worden
meegedeeld?
Ik stel mij ook vragen bij de methodiek. Als het nog niet geweten is
tegen welke tarieven de alternatieve operatoren zullen werken, kan nu
dan al worden becijferd wat van de kosten moet worden
weggetrokken?
Ik neem aan dat de studie veeleer zal staan in het licht van de vraag
of de overheid dat nog moet bekostigen. Die vraag zal de insteek zijn
van de discussie. Misschien kunt u daar nog iets over zeggen. Kunt u
die studie zo vlug mogelijk ter beschikking stellen van deze
commissie, zodat wij die discussie met objectieve argumentatie voort
kunnen voeren?
résultats de l'étude de l'IBPT
annoncée
pour
ce
mois-ci?
Comment peut-on dès à présent
chiffrer les coûts susceptibles
d'être soustraits alors que les tarifs
qu'appliqueront les opérateurs
alternatifs ne sont pas encore
connus? Il faudra débattre de la
question de savoir si les autorités
doivent encore supporter ces frais.
03.12 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer de voorzitter, ik
wil gerust die studie, eenmaal ze klaar is, bezorgen aan de
commissie. Daar heb ik geen probleem mee, dus ik zal dat doen.
Er is een vraag gesteld in verband met de gelijktijdigheid van het
beheerscontract en de omzetting van de derde postrichtlijn. In
verband met het beheerscontract zullen wij discussies voeren in de
schoot van de regering, zodanig dat we goed voorbereid zijn. Ook De
Post is er trouwens vragende partij voor, om op tijd te weten, voor het
nieuwe, vijfde beheerscontract, welke de condities zullen zijn. Ik ben
ervan overtuigd dat wij, op het moment van de omzetting van de
derde richtlijn, ook de uitslag zullen kennen van wat in het vijfde
beheerscontract zal staan.
Voor de rest stel ik voor dat wij die discussie voortzetten op het
ogenblik dat het wetsontwerp hier voorligt. Ik kan mij voorstellen dat
wij over bepaalde elementen nog van gedachten kunnen wisselen. Ik
meen echter dat het een evenwichtig akkoord is, dat ook beantwoordt
aan de richtlijn en de filosofie van de richtlijn, die stelt dat voor de
postmarkt, zoals wij dat eerder gedaan hebben voor de telecommarkt,
een openstelling een goede zaak is.
Ik herinner mij zeer goed dezelfde discussies die men in dit Parlement
heeft gehad over de openstelling van de telecommarkt. Ook toen was
een aantal partijen daar compleet tegen en waren andere partijen
daar voorstander van. Men kan toch moeilijk zeggen dat de
openstelling van de telecommarkt bij ons een slechte zaak zou zijn
geweest. Integendeel, ik hoor veel collega's op verschillende banken
ervoor pleiten om die markt nog meer te openen. In die zin denk ik dat
het een goede zaak is geweest.
Voor De Post meen ik dat we dezelfde weg moeten volgen. Dat is
geen ideologische weg, maar een weg waarop we zowel de
consument als de innovatie kunnen dienen. Het feit dat we dit met de
verschillende partijen in de regering hebben gedaan, bewijst dat dit
een debat moet zijn dat we over de partijgrenzen moeten voeren en
dat niet volledig mag beladen worden met ideologische gezindheden.
03.12
Vincent
Van
Quickenborne,
ministre:
Je
communiquerai
l'étude
à
la
commission dès qu'elle sera
disponible.
Nous mènerons le débat relatif au
contrat de gestion au sein du
gouvernement. La Poste demande
également de connaître dès à
présent les conditions du nouveau
contrat de gestion. Je suis
convaincu que le contenu du
contrat de gestion sera connu
avant que nous transposions la
troisième directive.
Je propose que nous poursuivions
ce débat dans le cadre de
l'examen du projet de loi. Je pense
que l'accord sera équilibré et
répondra à la philosophie de la
directive relative à la libéralisation
du marché postal.
Au moment où la libéralisation du
marché des télécommunications
était à l'ordre du jour, certains
partis s'y sont opposés. Or
aujourd'hui, nous savons que cette
libéralisation a été une réussite, à
tel point que nombreux sont ceux
qui plaident à présent en faveur
d'une ouverture encore plus
grande de ce marché. S'agissant
de La Poste, nous devons nous
engager dans la même voie, non
pour des raisons idéologiques
mais pour mieux servir les
consommateurs et encourager
l'innovation. C'est l'ensemble du
gouvernement qui en a décidé
ainsi, ce qui prouve que nous
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
devrions
débattre
de
ces
questions
en dépassant
les
habituelles divergences de vues
qui opposent nos partis respectifs.
03.13 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Nous étions contre la
directive, nous sommes opposés à la manière dont elle sera
appliquée. Personnellement, je ne considère pas qu'il s'agisse d'un
accord équilibré au sein du gouvernement ­ et c'est la responsabilité
de chacun des cinq acteurs. Il y a une erreur à comparer la
libéralisation du marché postal à la libéralisation du marché des
télécoms. Le cadre est très différent. Il y a cumul pour l'entreprise
postale de la baisse de la demande, de l'utilisation du support papier
et de cette concurrence. Ce cumul va conduire à de nombreuses
pertes d'emploi dont nous n'avons pas besoin vu le contexte
économique.
Pour terminer, je vous demanderai encore des explications quant aux
déclarations sur la distribution des quotidiens par La Poste. La remise
en cause de ce service que vous avez évoquée me semble très
grave, comme je l'ai dit à l'instant.
03.13 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Wij waren tegen de
richtlijn en de toepassing ervan.
Er is geen evenwichtig akkoord in
de regering. De liberalisering van
de postmarkt kan niet worden
vergeleken met die van de
telecommunicatie; het kader is
verschillend. Het postbedrijf krijgt
alles over zich heen: een daling
van de vraag, van het gebruik van
de papieren drager en de
concurrentie. Die samenloop zal
een
groot
banenverlies
veroorzaken.
Ik zou u nog toelichting willen
vragen over het bezorgen van
kranten door De Post. Die dienst
ter discussie stellen is heel
gevaarlijk.
Motions
Moties
En conclusion de cette discussion les motions suivantes ont été déposées.
Tot besluit van deze bespreking werden volgende moties ingediend.
Une motion de recommandation a été déposée par M. Georges Gilkinet et est libellée comme suit:
"La Chambre,
ayant entendu l'interpellation de M. Georges Gilkinet
et la réponse du ministre pour l'Entreprise et la Simplification,
demande au gouvernement
1. de réaffirmer son soutien à La Poste en tant que prestataire de service universel et d'assurer des
garanties de service aux utilisateurs de La Poste et d'emploi aux travailleurs de La Poste;
2. de revoir en conséquence sa décision du 18 décembre relative à la libéralisation du secteur postal dans
le sens d'une meilleure protection de l'opérateur postal public;
3. d'exiger notamment de la part d'éventuels nouveaux entrants:
- en termes de conditions de travail, qu'ils assurent l'acheminement du courrier par des salariés, qu'ils
garantissent à l'ensemble de leurs salariés au minimum un contrat d'une durée de travail d'un mi-temps et
qu'ils ne puissent recourir au travail intérimaire que dans des situations exceptionnelles;
- en termes de couverture du territoire, qu'ils couvrent 100% du territoire dès la première année, y compris
les zones les moins densément peuplées;
- en termes de fréquence de distribution, qu'ils assurent une distribution cinq jours semaine, dès la
première année d'activités;
4. de plaider au niveau européen pour le maintien de l'exonération de TVA dont bénéficie actuellement
l'opérateur postal historique."
Een motie van aanbeveling werd ingediend door de heer Georges Gilkinet en luidt als volgt:
"De Kamer,
gehoord de interpellatie van de heer Georges Gilkinet
en het antwoord van de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen,
vraagt de regering
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
1. haar steun aan De Post als universele dienstverlener opnieuw te bevestigen en de gebruikers van De
Post waarborgen te bieden op het stuk van de dienstverlening en de werknemers op het stuk van de
werkgelegenheid;
2. haar beslissing van 18 december betreffende de liberalisering van de postsector te herzien in die zin dat
de openbare postoperator een betere bescherming wordt geboden;
3. mogelijke nieuwe actoren op de postmarkt de volgende eisen op te leggen:
- wat de arbeidsvoorwaarden betreft: dat de postbezorging door personeel in loondienst zou gebeuren, dat
alle werknemers ten minste een halftijdse arbeidsovereenkomst zou worden gewaarborgd en dat slechts in
uitzonderlijke omstandigheden van uitzendarbeid gebruik zou worden gemaakt;
- wat de dienstverlening betreft: dat ze vanaf het eerste jaar het volledige grondgebied zou bestrijken, met
inbegrip van de dunbevolktste gebieden;
- wat de frequentie van de postbezorging betreft: dat de post met ingang van het eerste activiteitsjaar vijf
dagen per week zou worden bezorgd;
4. op het Europese niveau het behoud van de btw-vrijstelling die de historische postoperator momenteel
geniet, te bepleiten."
Une motion pure et simple a été déposée par Mme Ine Somers et par M. Jean-Luc Crucke.
Een eenvoudige motie werd ingediend door mevrouw Ine Somers en door de heer Jean-Luc Crucke.
Le vote sur les motions aura lieu ultérieurement. La discussion est close.
Over de moties zal later worden gestemd. De bespreking is gesloten.
04 Question de Mme Marie-Martine Schyns au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur
"l'arrivée de l'opérateur virtuel de téléphonie mobile Blyk sur le marché belge" (n° 9784)</b>
04 Vraag van mevrouw Marie-Martine Schyns aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "de komst van de virtuele mobiele telefonieoperator Blyk op de Belgische markt" (nr. 9784)
04.01 Marie-Martine Schyns (cdH): Monsieur le président, monsieur
le ministre, en janvier, un nouvel opérateur de téléphonie mobile a fait
son apparition en Belgique.
Ma question date du mois de décembre 2008 et, depuis, la situation a
probablement évolué. Il s'agit d'une société qui s'appelle Blyk et
d'origine finlandaise. Sa particularité est de s'adresser uniquement
aux jeunes de 16 à 24 ans, auxquels elle offre des unités d'appel
gratuites, des sms gratuits. En échange, ils reçoivent de temps à
autre des publicités sur leur gsm, des publicités pour un film, un livre
ou une boisson énergétique. En un an, elle espère trouver entre
40.000 et 50.000 jeunes clients.
Monsieur le ministre, l'arrivée de cet opérateur virtuel, financé par la
publicité, ne risque-t-elle pas de créer une concurrence déloyale par
rapport aux autres opérateurs? Le cadre légal actuel le permet-il? Cet
opérateur, qui s'adresse spécifiquement aux jeunes, ne risque-t-il pas
d'entraîner une vulnérabilité à la publicité? Il s'agit plutôt d'un
problème éthique. Envisagez-vous d'encadrer l'envoi de ces
messages publicitaires, afin d'éviter tout message à risque. Je pense
notamment aux boissons énergisantes. Cet opérateur pourrait-il ne
pas permettre aux personnes âgées de plus de 24 ans de s'inscrire à
son offre, ce qui induit une discrimination basée sur l'âge? Pouvez-
vous me communiquer les critères qui doivent être respectés par les
opérateurs virtuels de téléphonie mobile pour accéder à notre marché
en Belgique?
04.01 Marie-Martine Schyns
(cdH): In januari heeft een nieuwe
operator voor mobiele telefonie
zijn intrede gedaan op de
Belgische markt : het gaat om
Blyk, een Fins bedrijf, dat
uitsluitend mikt op jongeren van 16
tot 24 jaar, aan wie het gratis
beleenheden of sms'jes aanbiedt.
In ruil daarvoor krijgen ze
reclameboodschappen
toegestuurd op hun gsm. In een
tijdspanne van één jaar hoopt de
operator 40 tot 50.000 cliënten aan
te trekken.
Leidt de komst van die virtuele
operator, die door middel van
reclame wordt gefinancierd, niet
tot oneerlijke concurrentie ten
aanzien
van
de
andere
operatoren? Die operator mikt
immers
specifiek
op
een
jongerenpubliek, een kwetsbare
doelgroep als het om reclame
gaat; bent u van plan flankerende
maatregelen
te
nemen
met
betrekking tot de verspreiding van
die reclameboodschappen? Is er
hier
geen
sprake
van
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
leeftijdsgerelateerde discriminatie,
aangezien deze operator zijn
aanbod beperkt tot personen die
jonger zijn dan 24 jaar? Welke
criteria moet men in acht nemen
om toegang te krijgen tot de
Belgische markt?
04.02 Vincent Van Quickenborne, ministre: Monsieur le président,
chère collègue, votre question se rattache à la question n° 113 posée
par Mme Pécriaux, à laquelle j'ai répondu le 6 octobre 2008. Pour
autant que l'opérateur virtuel visé respecte notamment les règles
relatives à l'accès au marché, aux pratiques de commerce, au
commerce électronique et au respect de la vie privée, je ne vois pas
comment il pourrait être question de concurrence déloyale vis-à-vis
d'autres opérateurs ni quel obstacle légal pourrait interdire une telle
pratique.
Il y a quelques jours, mon administration a eu un entretien avec le
CEO, le chef d'entreprise de Blyk tout récemment entré en fonction.
Lors de cet entretien, le concept a été expliqué et l'administration a
attiré l'attention sur plusieurs législations particulièrement importantes.
Le démarrage effectif des activités n'est prévu que dans quelques
mois. L'entreprise s'adressera au groupe des jeunes âgés de 16 à
24 ans. Aucun utilisateur ne sera admis en dehors de cette catégorie
d'âge. Le fonctionnement et les règles exactes en la matière doivent
encore être élaborés. Le groupe cible auquel cette entreprise
s'adresse peut faire preuve de suffisamment de discernement pour
évaluer l'offre de cette entreprise.
Compte tenu des dispositions relatives aux pratiques commerciales
déloyales, en particulier celles qui interdisent d'abuser de la faiblesse
d'un groupe spécifique, comme les jeunes, l'entreprise devra se
montrer particulièrement prudente dans le domaine de l'information et
de la communication.
J'estime que les législations disponibles offrent un encadrement
suffisant pour empêcher les abus, de sorte que je n'envisage pas de
prévoir des règles supplémentaires.
En ce qui concerne votre question sur une discrimination éventuelle,
je vous renvoie à ma collègue en charge de l'Égalité des chances.
Conformément à l'article 9 de la loi du 13 juin 2005 relative aux
communications électroniques, la simple fourniture de services de
communications électroniques, comme c'est le cas pour cet opérateur
virtuel de téléphonie mobile, ne nécessite qu'une déclaration
préalable, une "notification" selon les termes de la loi, auprès de
l'IBPT.
04.02
Minister Vincent Van
Quickenborne: Uw vraag sluit aan
bij de schriftelijke vraag nr. 113
van
mevrouw
Pecriaux
van
11 augustus jongstleden, waarop
ik op 6 oktober 2003 geantwoord
heb.
Indien de operator zich houdt aan
de regels met betrekking tot de
toegang
tot
de
markt,
de
handelspraktijken,
de
elektronische
handel
en
de
privacy, kan er geen sprake zijn
van oneerlijke concurrentie ten
aanzien van andere operatoren en
bestaat er geen enkel wettelijk
beletsel om dergelijke praktijken te
verhinderen.
Enkele dagen geleden hadden
medewerkers
van
mijn
administratie een onderhoud met
de CEO van Blyk en hebben ze
zijn aandacht gevestigd op een
aantal belangrijke wetsbepalingen.
Blyk zal pas over enkele maanden
met zijn activiteiten starten. Het
bedrijf richt zich tot jongeren van
16 tot 24 jaar, die over voldoende
oordeelsvermogen beschikken. De
werking en de precieze regels
moeten
nog
nader
worden
ingevuld, maar het bedrijf zal
bijzonder
omzichtig
te
werk
moeten gaan op het gebied van de
informatie en de communicatie.
De huidige wetgevingen volstaan
om misbruik te voorkomen en ik
ben niet van plan aanvullende
regels uit te vaardigen.
Wat een mogelijke discriminatie
betreft, verwijs ik u naar mijn
collega die bevoegd is voor gelijke
kansen.
Overeenkomstig artikel 9 van de
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
wet van 13 juni 2005 betreffende
de elektronische communicatie
moet er voor het aanbieden van
elektronische
communicatiediensten
alleen
voorafgaandelijk een kennisgeving
worden ingediend bij het BIPT.
04.03 Marie-Martine Schyns (cdH): Monsieur le ministre, je vous
remercie de m'avoir fait part de ce qui s'est dit lors de l'entretien que
vous avez eu avec le chef d'entreprise. Je me réjouis aussi d'entendre
qu'avant le démarrage, certaines choses doivent encore être mises
en place. Certaines règles doivent notamment encore être élaborées
pour bien cibler les 16-24 ans.
Je ne manquerai pas d'aller vérifier la législation relative à la
communication et aux publicités qui pourraient être ciblées sur les
côtés vulnérables des jeunes, par exemple en ce qui concerne les
boissons. Je reviendrai ensuite vers les ministres compétents en
fonction de la mise en place de ce nouvel opérateur.
04.03 Marie-Martine Schyns
(cdH): Ik dank u voor uw
antwoord. Het verheugt me dat
bepaalde zaken nog moeten
worden gerealiseerd.
Ik zal de wetgeving inzake
communicatie en op jongeren
gerichte reclame nakijken. Ik zal
de
bevoegde
ministers
ondervragen wanneer die nieuwe
operator actief wordt.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Vraag van de heer Roel Deseyn aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
sociale telecomtarieven" (nr. 9786)
05 Question de M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "les tarifs sociaux
en matière de télécommunications" (n° 9786)</b>
05.01 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de minister, deze vraag betreft
de sociale telecomtarieven, enerzijds het engagement daaromtrent,
dat u vroeger had aangekondigd en anderzijds inzake de financiering
en de opvolging van het dossier concreet voor de mensen die in
aanmerking komen. In een van de vorige commissievergaderingen, al
een tijdje terug, had u extra aandacht verleend aan de vraag of er
breedbandinternet zou komen voor iedereen. Dat is eigenlijk een
noodzakelijke voorwaarde om te participeren in de samenleving,
onder meer om informatie op te zoeken en om het nieuws te
raadplegen.
De Raad van ministers van Telecom kwam in november samen. Ik
had graag wat meer uitleg gehad bij het Belgische standpunt. Was u
daar aanwezig? In welke richting hebt u het debat daar gestuurd? Wat
is er afgesproken? Waarom is men er al dan niet in geslaagd
breedband op te nemen in de universele dienst?
Wat betreft de financiering in België laat het BIPT in zijn jaarverslag
weten dat de berekening van de compensaties werd opgeschort. Dat
geldt ook voor de inning van die compensaties. Er wordt gewacht op
een stabiele regeling voor de financiering van de universele dienst. In
welke zin zal de financiering van de universele dienst hervormd
worden? Wanneer zal het regulerend kader en het bijbehorende
wetsontwerp klaar zijn? Het is immers iets waar men al een tijdje naar
uitkijkt.
Wat betreft de concrete opvolging voor de mensen die in aanmerking
komen voor een sociaal telefoontarief, verifieert het BIPT of de
aanvrager
aan
de
voorwaarden
voldoet. Dat
is
deels
05.01 Roel Deseyn (CD&V): Le
ministre s'était engagé à ce qu'un
accès internet à haut débit soit
disponible pour tous. Les ministres
des télécommunications se sont
concertés au sein du Conseil en
novembre. Quel point de vue le
gouvernement
belge
y
a-t-il
défendu en ce qui concerne les
modalités d'application du tarif
social?
L'IBPT ne calcule plus les
compensations pour les tarifs
téléphoniques sociaux et ne les
encaisse plus parce que l'Institut
attend une réglementation stable
pour le financement du service
universel. Comment se présentera
la réforme? Quand sera-t-elle
prête?
L'IBPT
vérifie
en
partie
automatiquement si le demandeur
répond aux conditions d'obtention
d'un tarif social. Une très grande
partie des dossiers doit néanmoins
encore
être
examinée
individuellement. Dans quels cas
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
geautomatiseerd. In 2007 vereisten echter 32.892 van de 49.551
nieuwe aanvragen voor het sociaal tarief een individuele behandeling
door het BIPT. Is ook voor die gevallen geen geautomatiseerde
behandeling mogelijk? Beschikt men misschien over onvoldoende
gegevens? Is er een probleem met de Kruispuntbank voor de sociale
zekerheid? Hoeveel manuren worden er door het BIPT per jaar
besteed aan de administratie van die sociale telecomtarieven, de
inning en de toekenning ervan?
le traitement automatique n'est-il
pas possible? Dans quels cas la
banque carrefour dispose-t-elle de
données insuffisantes? Combien
d'heures-homme l'IBPT consacre-
t-il chaque année aux procédures
relatives aux tarifs sociaux en
matière de télécommunications?
05.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Wat betreft uw vraag
over het Belgisch standpunt, herinner ik u eraan dat wij ons altijd
geëngageerd hebben voor de opname van breedbandinternet in de
universele dienstverlening. Onder het Frans voorzittersschap zijn we
echter niet tot een consensus gekomen. Er zijn al discussies geweest
en posities bekendgemaakt. De Commissie heeft voor de tweede helft
van 2009 de publicatie aangekondigd van een definitieve mededeling
over de tweede herziening van de draagwijdte van de universele
dienst. België verdedigt dus de positie dat breedband moet worden
opgenomen in de universele dienstverlening.
Ten tweede, wat de financiering betreft, het Hof van Justitie heeft nog
geen arrest gewezen in de lopende zaak, maar conform het Europees
recht wordt de methode voor de berekening van de kosten van de
sociale tarieven ter discussie gesteld. Pas nadat het arrest is
gewezen, zal de Belgische reglementering desgevallend worden
aangepast.
Ten derde, de geautomatiseerde behandeling van een aanvraag tot
toekenning van het sociaal telefoontarief volstaat wanneer de
informatie of het statuut van een persoon onder bevoegdheid van de
sociale zekerheid valt. Dat is het geval voor een alleenstaande
wanneer de aanvrager ouder is dan 65 jaar of een uitkering voor een
handicap ontvangt die wordt verleend door de administratie Sociale
Zekerheid, en voor een persoon met een verhoogde financiële
tussenkomst in de gezondheidszorg of die de inkomensgarantie voor
ouderen geniet.
In de overige gevallen is inderdaad een manuele ingreep nodig,
meestal om de inkomensvoorwaarden te verifiëren wanneer de
aanvragers of de samenwonenden vanuit het oog van de Sociale
Zekerheid geen bijzonder statuut hebben dat die verificatie mogelijk
maakt. De kans bestaat echter dat die situatie op middellange termijn
zal verbeteren, omdat het BIPT recent een verzoek heeft gestuurd
naar de administratie Financiën om een werkgroep op te richten met
de bedoeling de verificatie van de voorwaarden in verband met het
inkomen te automatiseren door toegang te krijgen tot bepaalde
gegevens van de FOD Financiën en dat via de Kruispuntbank van de
Sociale Zekerheid. We zetten dus de stap naar automatisatie verder,
op voorwaarde dat we natuurlijk toegang hebben tot de gegevens die
nodig zijn om iets automatisch toe te kennen.
Op dit ogenblik worden 7,5 voltijdse equivalenten ingezet op de dienst
die de toekenning en de verificatie van het recht op sociaal
telefoontarief beheert, om uw laatste vraag te beantwoorden.
05.02
Vincent
Van
Quickenborne,
ministre:
La
Belgique estime que le haut débit
devrait être intégré au service
universel. Aucun consensus n'a
été obtenu sous la présidence
française.
La Cour de justice n'a pas encore
prononcé d'arrêt sur la méthode
appliquée
par
la
Belgique
aujourd'hui. La méthode belge ne
sera
éventuellement
adaptée
qu'après un tel arrêt.
Une demande d'octroi du tarif
téléphonique social peut être
traitée automatiquement lorsque
les informations ou le statut d'une
personne
relèvent
de
la
compétence de la sécurité sociale.
Dans
les
autres
cas, une
intervention
manuelle
est
effectivement
nécessaire,
généralement pour vérifier les
conditions de revenus. Il est
toutefois possible que la situation
s'améliore à moyen terme ; l'IBPT
a en effet envoyé récemment une
demande à l'administration des
Finances pour la création d'un
groupe
de
travail
en
vue
d'automatiser la vérification des
conditions de revenus grâce à
l'accès à certaines données du
SPF Finances par le biais de la
banque carrefour de la Sécurité
sociale.
Actuellement,
7,5
équivalents
temps plein travaillent au sein du
service qui gère l'octroi et la
vérification du droit au tarif
téléphonique social.
05.03 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de minister, wanneer de
diensten van de Europese Unie in de tweede helft van 2009 iets
publiceren, hoop ik dat dat ons niet voor een voldongen positie
05.03 Roel Deseyn (CD&V):
J'espère qu'au cours du second
semestre de 2009, c'est-à-dire
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
plaatst. In het licht van het Belgisch voorzitterschap in 2010 zou het
jammer zijn mocht het dossier definitief afgesloten worden. Mocht
België een van de partners zijn die de lead nemen in het dossier, zou
het niet slecht zijn om het dossier nog even wat tijd te geven en
daarvan een concrete uitdaging maken in het kader van het Belgische
voorzittersschap. Als de tekst negatief dreigt uit te draaien, dan graag
een pleidooi voor uitstel. Ik denk dat het belangrijk zal zijn om onze
Belgische agenda te vullen met enkele concrete punten. Daar kunnen
wij in het kader van de agenda met de werkpunten van België,
waaronder de kenniseconomie, zeker iets aan doen.
juste avant la présidence belge,
aucun texte nous plaçant devant le
fait accompli ne sera publié. S'il
apparaît que ce dossier est appelé
à connaître un destin funeste, il
vaut mieux que le ministre plaide
en faveur d'un report.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Vraag van de heer Roel Deseyn aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
BIPT" (nr. 9788)
06 Question de M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'IBPT" (n° 9788)</b>
06.01 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik heb enkele vragen over het jaarverslag van het BIPT, dat
een interessant document is om de telecomregelgeving en de
implicaties van de regelgeving en de regie van de marktwerking in
België te volgen.
Het jaarverslag van 2007 werd vrij laat gepubliceerd. Men wachtte
misschien nog op enkele gegevens, maar ik denk dat dit niet alles kan
verklaren. Het werd eind 2008, op 11 december, gepubliceerd. Dat is
jammer, ook omdat wij zien dat men in andere sectoren tot een
snellere publicatie kan overgaan.
Mijnheer de minister, ik vraag mij af wat de wettelijke termijnen voor
het publiceren van het jaarverslag zijn? Waarom werd dit zo laat
gepubliceerd? Als men moet wachten op enkele cijfers of parameters
kan men misschien overgaan tot een voorlopige publicatie. Dat zou
ons toelaten om de zaken van meer nabij op te volgen.
Een andere zaak is de mandaten van de leden van de raad van
bestuur. De bestuurstermijn loopt dit jaar af. Ik denk dat het belangrijk
is dat met de nieuwe bestuurders wordt afgesproken om de markt
maximaal open te breken. Dat is ook uw wens.
Het is zo dat het statuut inzake bezoldiging via een KB wordt
geregeld. Het zou niet slecht zijn dat een deel van het loon variabel is
en wordt gekoppeld aan het al dan niet welslagen om de markt open
te breken. Wij doen dat natuurlijk vanuit een bezorgdheid voor de
consument, wat hopelijk tot een tariefverlaging zal leiden. Ik had
graag hierover uw mening gekend, mijnheer de minister.
Men heeft ook een onderzoek gedaan naar de macro-economische
gevolgen van het openstellen van de kabel. Dat past ook in deze
problematiek. Het zou goed zijn om ook inzicht te hebben in de
resultaten van dit onderzoek. Kunt u dit ook aan deze commissie
meegeven?
Tot slot, wat met de benoeming van de nieuwe leden van de raad van
bestuur? Gaat dat nog steeds over vier personen? Zijn dat mandaten
die kunnen worden verlengd? Moet iedereen zijn mandaat ter
beschikking stellen? U hebt naar aanleiding van een vraag in de
06.01 Roel Deseyn (CD&V): Le
rapport annuel de l'IBPT contient
de nombreuses informations mais
ce document perd de son intérêt
en raison de sa date de publication
tardive. Le rapport annuel 2007 n'a
ainsi été publié qu'en décembre
2008.
Quels sont les délais légaux pour
la publication d'un rapport annuel?
Pourquoi le rapport de l'IBPT a-t-il
été publié aussi tardivement? Un
rapport
provisoire
pourrait-il
constituer une option?
Les mandats des membres du
conseil de l'IBPT viennent à
échéance début 2009. Il serait
judicieux
d'accorder
aux
administrateurs une rémunération
partiellement
variable
et
directement liée à la mesure dans
laquelle l'IBPT parviendra à ouvrir
la concurrence sur ces marchés.
Que pense le ministre d'une
rémunération
axée
sur
les
résultats pour le top management?
L'IBPT a ouvert une enquête sur
les
conséquences
macroéconomiques de l'ouverture
du câble. Quand les résultats de
cette enquête seront-ils connus?
Où en est la nomination des
nouveaux membres du conseil
d'administration? S'agit-il toujours
de
quatre
personnes?
Ces
mandats sont-ils renouvelables?
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
plenaire vergadering ook gezegd dat dit eerstdaags wordt
gepubliceerd. Ik heb het nog niet kunnen vinden in het publicatieblad.
De termijnen lopen af. Hoe zit het nu met de procedure? Waar staan
wij op 26 januari met de benoeming van de nieuwe bestuurders van
de raad van bestuur van het BIPT?
Chaque membre doit-il mettre son
mandat à disposition?
06.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer de voorzitter,
mijnheer Deseyn, de publicatie was inderdaad vrij laat. Ik heb dat ook
opgemerkt. Er zijn echter verzachtende omstandigheden die volgens
mij eenmalig zijn. Ten eerste, het contract voor de uitgave dat het
BIPT aan een uitgever bond, liep eind 2007 af. Ten tweede, er is voor
gekozen om dit voor het eerst in een elektronische vorm te
publiceren. Die aanpassing vergde blijkbaar enige gewenning. Ten
derde, aan het jaarverslag waarvan u nu kennis hebt genomen, is een
hele reeks cijfers toegevoegd in een interessante statistische bijlage
die vroeger onder de verantwoordelijkheid van het raadgevend comité
voor de telecommunicatie ressorteerde, maar nu door het BIPT zelf
moet worden gedaan. Daardoor is de vertraging te verklaren.
Voor mij is bedoelde vertraging voor de toekomst evenwel niet
verschoonbaar.
Ten tweede, u maakt een suggestie over de resultaatgerichte
verloning. Dat is een heel interessante suggestie. Ze moet echter niet
beperkt blijven tot regulatoren. Het is een suggestie die goed zou zijn
voor het beter doen functioneren van de hele overheid. In het raam
van het beter motiveren van ambtenaren kan de resultaatgebonden
verloning zeker als een van de instrumenten naar voren worden
geschoven.
Dat geldt ook voor het BIPT. Ter zake moeten wij echter rekening
houden met het specifieke karakter van het mandaat, dat, zoals u
weet, zes jaar loopt.
Ten derde, in verband met het onderzoek dat aan Analysis werd
toegewezen, worden op dit ogenblik de voor- en de nadelen
afgewogen: de technische, financiële en juridische haalbaarheid van
het openstellen van de kabel, de mogelijke impact op de alternatieve
netwerkexploitanten en de mogelijke gevolgen op het BROBA en
BRUO-aanbod van Belgacom.
De resultaten van voornoemd onderzoek worden in mei 2009
verwacht in het kader van een ontwerpbesluit van marktanalyse.
06.02
Vincent
Van
Quickenborne,
ministre:
La
publication s'est fait attendre en
raison
de
circonstances
atténuantes uniques, qui ne
peuvent évidemment pas tout
excuser.
Premièrement, le contrat pour la
publication du rapport expirait fin
2007. Deuxièmement, le rapport a
été publié pour la première fois par
la voie électronique et il fallait se
familiariser avec la nouvelle
méthode. Troisièmement, une
annexe statistique intéressante,
que l'IBPT a dû élaborer lui-même
pour la première fois, est jointe au
rapport.
Une rémunération axée sur les
résultats constitue une piste
intéressante qui ne doit toutefois
pas être limitée aux régulateurs
mais être étendue à l'ensemble
des pouvoirs publics. Il pourrait
s'agir d'un instrument permettant
d'augmenter la motivation des
fonctionnaires.
Il convient cependant de tenir
compte du caractère spécifique du
mandat à l'IBPT, qui a une durée
de six ans.
En ce qui concerne l'enquête
attribuée
à
Analysys,
les
avantages et les inconvénients
sont actuellement mis en balance.
Les résultats sont attendus pour
mai 2009 dans le cadre d'un projet
d'arrêté d'analyse du marché.
06.03 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik begrijp uit uw uitleg dat u kan leven met de niet gelay-oute
en voorlopige versie, vooraleer het definitieve document wordt
afgeleverd.
De suggestie inzake een variabele vergoeding kan, indien ze wordt
opgevolgd, in het koninklijk besluit worden opgenomen. Het is nu het
moment om zulks te doen.
06.03 Roel Deseyn (CD&V): Je
déduis de la réponse du ministre
qu'une version provisoire du
rapport peut lui convenir.
L'indemnité
variable
peut
à
présent être mentionnée dans
l'arrêté royal.
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
Ik had ook een vraag gesteld over de benoeming van de leden van de
raad van bestuur van het BIPT. Ze werd weliswaar niet schriftelijk
vermeld, maar is niettemin heel actueel en acuut. Wat is er met
bedoelde benoeming? Wij hebben in november en december 2008 al
over de kwestie gesproken. Ik heb echter nog niets over de
openstelling teruggevonden. Een en ander zou in november of
december 2008 al gepubliceerd zijn.
Waar staan wij op dat vlak? De termijnen zijn verlopen. Het mandaat
van de bestuursleden loopt af. Wat biedt de openstelling van de
mandaten inzake samenstelling en aantal leden? Waar kan worden
gereageerd? Waar kan worden gepostuleerd?
Dat is een heel concrete vraag van de mensen die zich geroepen
voelen om voornoemde taak in de toekomst te vervullen. Het gaat om
heel belangrijke ambtenaren. Wij moeten dus zeker de nodige tijd
nemen voor de selectie en voor een goede voorbereiding. Ik vrees
dat, indien de mandaten nog niet formeel werden opengesteld, de
samenstelling niet erg transparant zal zijn.
Le ministre n'a pas répondu à ma
question de savoir où en sont les
nominations. Je n'ai encore rien
pu noter concernant la déclaration
de vacance. Certains éléments
auraient déjà été publiés en
novembre ou décembre 2008.
Que propose-t-on au niveau de la
composition et du nombre de
membres? Où les candidatures
peuvent-elles être adressées?
Je
crains
qu'en
l'absence
d'ouverture formelle des fonctions,
la
composition
manque
de
transparence.
06.04 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer de voorzitter, ik
wil even kort reageren.
Ik verneem dat de openstelling van de kandidaturen nu voor publicatie
bij het Belgisch Staatsblad ligt. Nu is het aan het Belgisch Staatsblad
om te publiceren. Het is dus een kwestie van enkele dagen om de
openstelling gepubliceerd te krijgen. In de publicatie worden alle
voorwaarden en condities vermeld om te kunnen postuleren.
Zoals u terecht opmerkt, is het voorgaande een belangrijke beslissing.
Wij moeten immers tot de aanstelling van vier leden van de nieuwe
raad van bestuur overgaan.
De openstelling zal dus via het Belgisch Staatsblad kunnen worden
vernomen. Eenmaal dat is gebeurd, zullen de postuleringstermijnen
worden bekendgemaakt evenals de namen van de juryleden die
moeten oordelen over de kandidaten en uiteraard over de benoeming
in de komende maanden.
06.04
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Je viens
d'apprendre que l'appel aux
candidats est sur le point d'être
publié au Moniteur belge. Ce sera
donc chose faite d'ici à quelques
jours. La publication comportera
toutes les conditions à remplir
pour poser sa candidature.
La nomination de quatre membres
du
nouveau
conseil
d'administration constitue, en effet,
une décision importante.
D'autres informations pertinentes
seront communiquées après la
publication.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
07 Questions jointes de
- M. Xavier Baeselen au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "le blocage en Belgique de
tous les sites internet à caractère pédophile" (n° 10027)
- M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "le blocage de sites internet"
(n° 10413)
07 Samengevoegde vragen van
- de heer Xavier Baeselen aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het blokkeren
in België van alle pedofiele internetsites" (nr. 10027)
- de heer Roel Deseyn aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het blokkeren van
internetsites" (nr. 10413)
07.01 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de minister, u hebt
aangekondigd dat u websites met illegale inhoud zou blokkeren. Ik
denk dat uw uitspraken ook gebaseerd worden op het rapport van de
Federal Computer Crime Unit. Daar constateert men immers jaarlijks
800 tot 1.000 buitenlandse websites met een heel dubieuze inhoud,
07.01 Roel Deseyn (CD&V): Il
ressort du rapport de la Federal
Computer Crime Unit (FCCU)
qu'on recense annuellement entre
huit cents et mille sites étrangers
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
meer specifiek kinderporno. Dat blijkt uit de documenten van de
FCCU.
Er wordt geopperd dat de internetdienstenleveranciers verplicht
zouden worden om hun DNS-servers aan te passen telkens wanneer
men vaststelt dat er vanaf een bepaalde domeinnaam illegale inhoud
wordt aangeboden. Dat is natuurlijk een heel nobele doelstelling die
we uiteraard voor 200% onderschrijven. Over de werkbaarheid en de
methodiek van een dergelijk systeem moeten wij echter zeker van
gedachten wisselen. We moeten bekijken hoe we positieve dingen
kunnen doen zonder andere zaken te hypothekeren die zeer wenselijk
zijn, technologisch en vanuit het gebruikersstandpunt. Een
internetfilter klinkt mooi. Het is echter een stukje censuur dat men
moet inbouwen en dat vaak ook ongewenste effecten genereert. Zo
zouden artikels met wetenschappelijke bijdragen of parlementaire
discussies die over het delicate onderwerp gaan ook geblokkeerd of
uitgesloten kunnen worden. Er zijn nog geen echt werkbare
voorbeelden van.
Ik had graag geweten of u bij de aankondiging in de media een
duidelijke doelstelling voor ogen had rond het blokkeren aangezien
filteren niet echt zo adequaat is. Het zou misschien enkele gebruikers
tegen ongewenste beelden kunnen beschermen maar de vraag is of
men dan de servers kan afsluiten waar een spoor zou zijn van
mogelijke illegale content. Dat is immers zeer moeilijk af te bakenen.
Ik baseer mij daarvoor ook op een Nederlandse studie. Men heeft een
zwarte lijst gemaakt van websites die gehost werden en die de
dubieuze content genereerden. Mede door een goede samenwerking
met justitie heeft men daar heel wat problemen aan de bron kunnen
aanpakken. Misschien zou dat hier ook kunnen. Dat zou minstens
kunnen blijken uit verder onderzoekswerk.
Die internetfilter heeft een aantal technische beperkingen. Ik heb het
zonet al gezegd. We creëren dan een spanning met de
informatiegaring en met de vrije meningsuiting over belangrijke topics.
Als het gaat over blokkeren met betrekking tot domeinnamen meen ik
dat dit weinig adequaat is want men kan heel gemakkelijk switchen
van domeinnaam. Er zijn echter ook andere technieken waarbij men
niet via een domeinnaam hoeft te opereren. Ik denk aan chatkanalen,
peer-to-peernetwerken, webcamverkeer, nieuwsgroepen enzovoort.
Als men echt zou overgaan tot het opstellen van een zwarte lijst en
servers gaat blokkeren, dan zal maximale transparantie nodig zijn
over het aanleggen, bijhouden en updaten van deze lijst. Dat vraagt
natuurlijk veel manuren.
Het is een heel nobele doelstelling om zaken te gaan blokkeren en
content te gaan weren, zeker als het gaat over de exploitatie van
kinderen. Daar zijn echter veel vragen bij te stellen. Welke inhoud zal
er gefilterd worden? Wie zal dat gaan bepalen? Hoe gebeurt de
democratische controle daarop?
Wie zal dat bepalen? Hoe gebeurt de democratische controle daarop?
Met welke concrete doelstelling gebeurt dit? Worden daarin nu al
geografische patronen gedetecteerd, zoals in Nederland het geval is
geweest? Wie zal die eventuele zwarte lijst gaan beheren?
Zal men ook andere media gaan filteren? Er zijn filters op
gebruikersniveau om bepaalde contents te weren, maar er zijn ook
diffusant de la pornographie à
caractère pédophile. Le ministre a
annoncé qu'il comptait prendre
une mesure qui permettrait de
bloquer les sites web dont le
contenu est sujet à caution. Il
s'agit là d'un objectif noble qui
soulève
néanmoins
de
nombreuses questions.
Quel type de contenu sera l'objet
d'un filtrage? Si je vous pose cette
question,
c'est
parce
que,
lorsqu'on installe un filtre, il faut
éviter de produire des effets non
souhaités comme le blocage de
certains sites où ce sujet est
abordé. Je songe à cet égard aux
débats
parlementaires.
Qui
déterminera le type de contenu
dont
le
filtrage
s'impose?
Comment
un
contrôle
démocratique sera-t-il exercé en la
matière? Quels objectifs concrets
sont poursuivis? Qui gérera les
éventuelles listes noires? D'autres
médias seront-ils filtrés? Les
moyens nécessaires ont-ils déjà
été prévus? Comment tout cela
sera-t-il mis en musique dans la
pratique?
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
filters hoger in het netwerk. Zal dat naast het websiteverkeer ook van
toepassing zijn op andere communicatiekanalen tussen gebruikers
onderling? Gaat het met andere woorden over backbone filtering, over
domeinfiltering? Veel van die filters zijn immers te omzeilen.
Dat vraagt een grote investering. Is reeds in kredieten voorzien? Hoe
zult u uw nobele doelstelling, die u in de pers hebt aangekondigd,
praktisch en operationeel kunnen doorvoeren?
07.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer de voorzitter,
mijnheer Deseyn, het is in elk geval zo dat de inspanningen die in een
aantal landen in Europa zijn geleverd hun vruchten hebben
afgeworpen. Wij hebben samen met de goede collega's gevraagd om
een spoedvaart achter het dossier te zetten.
Er zijn natuurlijk een aantal belangrijke vragen, bijvoorbeeld wie stelt
die lijst op? Bij ons lijkt het het meest aangewezen dat de FCCU dat
doet, maar als ze dat doet moet ze daartoe ook de wettelijke
bevoegdheid hebben. Ze kan niet zomaar out of the blue die lijst
opleggen zonder discussie. Dat is niet de bedoeling.
Wij hebben daartoe een werkgroep samengesteld met specialisten
van Justitie, Binnenlandse Zaken en mijn departement. Daaruit blijkt
dat in het Wetboek voor Strafvordering in artikel 39bis, §3, tweede lid
staat waarop de FCCU de bevoegdheid zou kunnen baseren om een
dergelijke lijst op te stellen. Dat is een eerste zaak die ik aan u wilde
meedelen.
U hebt gevraagd op welke manier wij de inhoud gaan filteren. Voor
elke inbreuk zal een proces-verbaal worden opgesteld en door de
FCCU aan het federaal parket worden bezorgd, gezien het vaak ook
internationale karakter van die inbreuken. De procureur des Konings
kan op basis van artikel 39bis, §3, tweede lid gegevens die strijdig zijn
met de openbare orde of de goede zeden ontoegankelijk laten maken
met alle passende technische middelen.
Hiertoe zal hij of zij voor elke te blokkeren domeinnaam een
kantschrift opstellen aan de providers. De FCCU zal de inhoud van de
sites controleren en doorspelen aan het parket, dat zal beslissen of
het nodig is om de site te blokkeren. Dat is de werkwijze.
Ik kom tot uw vragen b1 en 2. De doelstelling is om de onschuldige,
nietsvermoedende burger die toevallig op een dergelijke website zou
verzeilen, te beschermen. Het doel is niet om de pedofielen tegen te
houden, aangezien zij andere middelen hebben om die blokkering te
omzeilen. De lijst in België is nog niet samengesteld, maar kan op
basis van de meldingen van Belgische burgers ­ dat zijn er tussen de
achthonderd en duizend per jaar ­ en de samenwerking met Interpol
worden opgesteld. Sites die in België gelokaliseerd worden, kunnen
door politie en gerecht worden aangepakt. Buitenlandse sites worden
aan de betrokken buitenlandse instanties gemeld. Websites met
foto's en beelden worden geviseerd; geen peer-to-peerverkeer,
livegesprekken en chats. Technisch zullen de buitenlandse sites
worden
geblokkeerd
op de servers
van de Belgische
internetproviders, zodat hun klanten geen toegang meer hebben tot
die buitenlandse sites, door hen af te leiden naar een
waarschuwingssite. Iemand die zijn weg kent in de ICT, kan echter
wel nog op de bewuste sites geraken. De gemiddelde surfer kan dat
07.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Étant
donné que les efforts dans ce
domaine ont porté leurs fruits dans
d'autres pays européens, nous
souhaitons faire diligence dans ce
dossier.
La FCCU est l'instance la plus
indiquée pour établir la liste des
sites à bloquer, mais elle doit
évidemment
disposer
de
la
compétence à cet effet. C'est
pourquoi un groupe de travail,
composé de spécialistes de mon
département et des départements
de la Justice et de l'Intérieur, a été
créé.
La
FCCU
peut
manifestement
puiser
la
compétence
nécessaire
dans
l'article 39bis § 3, 2 du Code
d'instruction criminelle.
La FCCU contrôle les sites. Si une
infraction
est
constatée,
un
procès-verbal
est
établi
à
l'intention du parquet fédéral. Le
procureur du Roi peut alors
décider
de
rendre
le
site
inaccessible.
L'objectif premier de la mesure
consiste à protéger le citoyen
innocent qui aboutit par hasard
sur un tel site. Il ne s'agit en fait
pas d'empêcher les pédophiles
d'accéder à ces sites dans la
mesure où ils disposent souvent
des moyens techniques leur
permettant de contourner le
blocage.
La liste pourrait être élaborée sur
la base d'informations fournies par
les citoyens et aussi dans le cadre
d'une collaboration avec Interpol.
La police et la justice peuvent
s'occuper des sites belges tandis
qu'une liste de sites étrangers
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
niet. Belgische domeinnamen zullen via DNS geblokkeerd worden.
Inzake de middelen die het FCCU ter beschikking heeft, verwijs ik
naar collega De Padt, die daarvoor bevoegd is.
serait communiquée aux instances
étrangères concernées. Sont visés
en premier lieu les sites contenant
des photos et des images. Les
sites étrangers sont bloqués sur
les serveurs des fournisseurs
belges et les sites belges sont
bloqués par le biais du DNS.
En ce qui concerne la question sur
les moyens dont dispose le FCCU
pour mener à bien cette mission,
je vous renvoie au ministre de
l'Intérieur.
07.03 Roel Deseyn (CD&V): Mijnheer de minister, ik vind het een
goede methode dat eerst manueel, met name door interventie van
menselijk beoordelingsvermogen, de balans wordt gemaakt, en dat
daarna de technologie wordt ingeschakeld om dat af te schermen.
Wanneer er sprake is van een internetfilter, dan denk ik namelijk dat
er heel wat ongewenste neveneffecten gegenereerd zouden worden,
maar dat blijkt dus niet het geval te zijn. Het is goed om de individuele
gebruiker af te schermen van dubieuze content, en anderzijds goed
dat hij ook niet in verleiding wordt gebracht. Ik weet niet of u dat als
liberaal kunt appreciëren, maar ik denk dat dat aspect wel goed
geregeld kan worden.
Een andere zaak is de uitwisseling van illegale content, en dan de
hogere netwerken, zoals de peer-to-peernetwerken. Ook daar zouden
we een filter moeten kunnen hebben voor de detectie en de
interceptie, wanneer er een vermoeden is dat er met illegale content
wordt opgesprongen. Dat is een ander aspect en het vergt verdere
onderzoeksdaden om precies mensen die zich bezighouden met het
genereren of het verspreiden van dergelijk materiaal, te kunnen
viseren. Dat zal een tweede luik zijn. Het is heel goed dat niet zomaar
een automatische internetfilter wordt ingebouwd.
Er rijst nog een vraag. Die aanpak geldt voor één fenomeen, dat
terecht heel veel aandacht verdient. Vroeger heb ik daarover met
gewezen minister Verwilghen al constructief kunnen debatteren. De
vraag rijst of u dat ook zult toepassen voor andere illegale fenomenen
zoals illegale muziek, zaken rond racisme, blokkering van
antisemitische websites, enzovoort. Zit dat ook vervat in het actieplan,
of zult u zich nu vooral toespitsen op het fenomeen kindermisbruik? Ik
meen dat het belangrijk is om te weten of die andere fenomenen in
deze beweging worden meegenomen, dan wel of ze er los van staan.
07.03 Roel Deseyn (CD&V): Je
me réjouis du fait que le FCCU
vérifiera de manière manuelle les
sites et que l'on ne travaillera donc
pas au moyen d'un filtre, au
résultat beaucoup plus incertain.
Le
blocage
des
échanges
d'informations et des sites peer-to-
peer constitue selon moi la
prochaine étape à étudier.
D'autres sites illégaux ­ je pense
aux sites de téléchargement illégal
de musique et aux sites affichant
un contenu raciste ­ seront-ils
également bloqués?
07.04 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer de voorzitter,
die vraag heeft collega De Clerck ook gesteld in zijn tussenkomst.
Het is natuurlijk altijd een moeilijke oefening. De vrijheid van
meningsuiting is een grondrecht dat in onze Grondwet staat
ingeschreven. Zoals alle vrijheden, is geen enkele vrijheid absoluut.
Kinderporno en het verspreiden ervan zijn een absolute inbreuk en
vandaar dat, gelet op de duidelijkheid die daarover bestaat, wij ons in
de eerste plaats daarop richten en - zoals u zei - steeds na een
gerechtelijke beoordeling en de constructie zoals ik ze schetste.
07.04
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Il s'agit
d'un exercice difficile car il faut
respecter la liberté d'expression.
Dans le cas de la pornographie
enfantine, il est clair qu'une limite
a été franchie mais en ce qui
concerne d'autres infractions, il
n'est pas toujours évident de
déterminer précisément ce qui est
admissible et ce qui ne l'est pas.
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
Wat betreft de andere inbreuken, meen ik dat de grens tussen wat
kan en wat niet kan vaak moeilijker te beoordelen is. U heeft een
aantal fenomenen geduid. Volgens mij moeten wij eerst het ergste of
zwaarste vergrijp, kinderpornografie, aanpakken, daarin ervaring
opbouwen en voor het overige zien wat mogelijk is. U weet dat er rond
muziekverspreiding op dit ogenblik bijvoorbeeld een gerechtelijke
zaak loopt tussen enerzijds Sabam en anderzijds Skynet, als ik me
niet vergis in de fase van beroep. Daar willen we uiteraard de
gerechtelijke uitspraak afwachten. Blijkbaar is de interpretatieruimte
daar veel groter dan in een debat rond kinderporno.
Ik wil er trouwens ook op wijzen dat we, wat kinderpornografie betreft,
dat doen met instemming van de providers die daar ook kosten
moeten voor maken, maar die het belangrijk vinden dat zij op de juiste
manier content naar de mensen brengen. Als het natuurlijk gaat over
muziek, is de vraag altijd ook wat de kostprijs is die providers daaraan
moeten besteden. Vandaar dat we die discussie stapsgewijze willen
voeren, te beginnen met datgene wat de grootste inbreuk is op de
vrijheid van meningsuiting, onder meer de verspreiding van
kinderporno.
Nous
choisissons
de
nous
concentrer en premier lieu sur le
délit
le
plus
grave.
Nous
examinerons
ensuite
les
possibilités qui subsistent. En ce
qui concerne le téléchargement de
musique, il serait intéressant
d'attendre le jugement dans
l'affaire Scarlet vs. SABAM.
07.05 Roel Deseyn (CD&V): ... beeld gebruiken. Ik hoop dat men
niet de man die het kanaal heeft gegraven zal straffen omdat er een
schipper is gepasseerd met een illegale lading aan boord. Dat over
die rechtszaak.
Voor de rest geef ik nog even een suggestie mee. Zoals vroeger
aangehaald, organiseert men allerlei platformen als e-cops,
enzovoort, samen met Binnenlandse Zaken. In de contacten met de
industrie die u als minister van Economie heeft, zeker ook met de
softwareleveranciers en de grote bedrijven als Microsoft en de
browserleveranciers, zou het een goede tool zijn om heel concreet in
de browser een alert-button te integreren die u dan enkele vragen
voorstelt waarna u meteen bij de juiste administratie terechtkomt, of
misschien zelfs zonder vragen, op een formulier van twee tot drie
lijntjes met contactgegevens om meteen, als men echt iets verdachts
ziet, dat te kunnen signaleren aan de overheid zonder zelf naar
andere sites te moeten surfen. Dat is een heel kleine tool, zeer
eenvoudig te ontwerpen, maar het sluit aan bij de keuzes die het
beleid daarover heeft gemaakt, maar waarvoor in de praktijk nog
drempelvrees bestaat. Dan moet men een andere URL kennen,
enzovoort. Een in een browser geïntegreerde button zou een heel
handige tool kunnen zijn. Ik hoop dat u die suggestie meeneemt in uw
gesprekken met de industrie, over deze aangelegenheid.
07.05 Roel Deseyn (CD&V): Il me
paraîtrait judicieux d'intégrer un
bouton d'alerte ("alert button")
dans
les
navigateurs
pour
permettre à un utilisateur qui
constate
quelque
chose
de
suspect d'alerter immédiatement
et facilement les autorités.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van de heer Ben Weyts aan de minister van Binnenlandse Zaken over "de registratie van
prepaidbellers" (nr. 10060)
08 Question de M. Ben Weyts au ministre de l'Intérieur sur "l'enregistrement des personnes qui
téléphonent à l'aide d'une carte prépayée" (n° 10060)
08.01 Ben Weyts (N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik had mijn vraag
aan de minister van Binnenlandse Zaken gericht, omdat de
betrokkene van het BIPT eenvoudigweg zelf aan de pers verklaarde
dat de eindverantwoordelijkheid bij de minister van Binnenlandse
Zaken berust. Het is voor mij echter geen probleem.
08.01 Ben Weyts (N-VA): En
2003, les ministres de l'Intérieur et
de la Justice ont annoncé le dépôt
d'un projet de loi tendant à
l'enregistrement des utilisateurs
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
Het gaat over de registratie van prepaidbellers. U weet ongetwijfeld
dat in het verleden plannen werden gesmeed om gsm-gebruikers die
met prepaidkaarten bellen, te verplichten zich te laten registreren.
Bedoelde kaarten kunnen immers anoniem worden aangekocht en
gebruikt. Spijtig genoeg werden en worden door die eigenschap
voornoemde kaarten behoorlijk vaak voor criminele en terroristische
doeleinden gebruikt.
We spreken al over zes jaar geleden. Dus al in 2003 maakten de
toenmalige ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie bekend dat
zij ter zake een wetsontwerp zouden indienen.
De heer Rudi Smet van het BIPT, die blijkbaar de verantwoordelijke is
die zich met dergelijke zaken bezighoudt, verklaart via De Tijd dat er
nog altijd 1,5 tot 1,8 miljoen anonieme prepaidcards circuleren.
Bovendien zegt ook de heer Smet dat de registratie van die anonieme
prepaidbellers geen prioriteit meer is. Het hele project is in de ijskast
beland. Hij verwacht wel dat "wanneer politiediensten of een
onderzoeksrechter in een dossier op een probleem stoten, dit
opnieuw te berde zal worden gebracht". Hij spreekt ook zijn hoop uit
dat bij de aanstelling van een nieuwe minister van Binnenlandse
Zaken, de heer De Padt, dat dossier opnieuw zou worden
opgenomen.
Ik kom dan bij mijn vragen. Klopt het dat het departement
Binnenlandse Zaken de registratie van die prepaidbellers niet meer
als een prioriteit beschouwt? Beschouwt de regering as such dat niet
meer als een prioriteit? Zo ja, waarom niet? Iedereen was het er
immers in het heden en het verleden over eens dat de registratie van
zulke bellers een uitstekend middel is ter bestrijding van criminaliteit
en terrorisme. In Zwitserland is de registratie al jaren ingevoerd. Naar
verluidt functioneert dat naar behoren.
Ten tweede, welke plannen werden er in het verleden uitgewerkt om
concreet over te gaan tot registratie? Waarop zijn die gestrand? We
kunnen nergens uit opmaken wat het probleem was. Waarom werden
die plannen niet verder uitgevoerd?
Ten derde, zal de minister nog initiatieven nemen? Zal hij de draad
opnieuw opnemen? Hoe zal hij dat doen? Welke plannen heeft hij in
die richting?
des cartes prépayées. Ces cartes
anonymes sont en effet utilisées à
des fins criminelles et terroristes.
Selon M. Smet de l'IBPT, le projet
de loi aurait toutefois été mis au
frigo et ne constituerait plus une
priorité pour les pouvoirs publics.
Pourquoi l'enregistrement des
cartes prépayées ne constitue-t-il
plus une priorité? Des initiatives
ont-elles déjà été prises pour en
arriver
à
un
enregistrement
obligatoire? Pourquoi les projets
conçus dans ce domaine n'ont-ils
pas été mis en oeuvre? Le
nouveau ministre de l'Intérieur a-t-
il
l'intention
d'instaurer
l'enregistrement obligatoire?
08.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer de voorzitter,
misschien eerst zeggen dat de politie de voorbije jaren voorrang heeft
gegeven aan twee andere projecten die, gelet op wat er op het terrein
gebeurt, voor hen belangrijker leken.
Een eerste project was het verbeteren van het systeem voor het
doorgeven van de locatiegegevens van de mobiele noodoproepen
naar de nooddiensten. Dat betekent concreet dat nooddiensten zoals
medische hulpverlening, politie- en brandweerdiensten een persoon in
nood gemakkelijker en sneller kunnen lokaliseren.
Die verbetering heeft zijn beslag gevonden in het koninklijk besluit
houdende bepalingen voor het aanleveren van locatiegegevens in
uitvoering van de wet van 2005. De uitvoering van dat KB is eind 2008
08.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Au cours
de ces dernières années, la police
a accordé la priorité à deux autres
projets, à savoir l'amélioration du
système de localisation des appels
d'urgence et l'interception légale
auprès des services utilisant la
technologie IP, afin de rendre
possible l'identification pour les
appels téléphoniques transitant
par l'internet.
L'IBPT a déjà eu des contacts
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
grotendeels gerealiseerd. Een aantal elementen moet nog worden
afgerond.
Een tweede project waaraan men de voorbije jaren heeft gewerkt is
de wettelijke onderschepping bij diensten die gebruikmaken van IP-
technologie, dus internetprotocoltechnologie, om bij het telefoneren
via internet ook identificatie mogelijk te maken.
Wat de registratie van de prepaidbellers betreft moet ik u zeggen dat
Rudy Smet en zijn medewerkers van het BIPT reeds informele
contacten hebben gehad over de haalbaarheid met mobiele
operatoren voor de registratie. Er zijn twee knelpunten: de tijdspanne
waarin dat dient te gebeuren en de eenduidige identificatie van een
gebruiker om te verhinderen dat men een valse identiteit opgeeft.
Hoe zie ik de zaak praktisch? De realiteit vandaag is dat twee op de
drie mensen zich bij de aankoop van een prepaidkaart spontaan
identificeert. Dat blijkt ook uit de cijfers waarnaar u zelf verwijst.
Ik denk dat wij het debat daarover hier in het Parlement kunnen
voeren. Binnenkort zullen wij immers ook het debat over dataretentie
moeten voeren. Dat is nagaan hoe lang operatoren bepaalde
gegevens moeten bijhouden. Europa voorziet daarin in een tijd van 6
maanden tot 24 maanden voor gegevens met betrekking tot telefonie
en internet. Daarover moeten wij wettelijk een besluit nemen. Wij
gaan dat in deze commissie en in het Parlement doen. Ik stel voor dat
wij op dat moment ook het debat over de registratie voeren.
Er staan twee belangen op het spel. Ten eerste, het belang van de
juiste identificatie en ten tweede, het belang om dergelijke fenomenen
op een eenvoudige manier aan te pakken. Als ik morgen elke
winkelier verplicht een register ter identificatie aan te leggen van elke
kaart die men verkoopt, dan zult u mij volgende week zeggen:
mijnheer de minister van Administratieve Vereenvoudiging, er komt
weer een register bij.
Ze moeten dat op een eenvoudige manier kunnen doen. Ik denk dat
registratie gemakkelijker kan door het gebruikmaken van de
elektronische identiteitskaart, maar ook het stockeren en het
eventueel doorgeven van de gegevens aan de politie kan op die
manier gemakkelijker gebeuren.
Er is natuurlijk één heikel punt, met name wat met het respect voor de
privacy. Als men morgen naar de supermarkt gaat en men vraagt u
wie u bent, welke producten u koopt en waar u woont, zult u
onmiddellijk opmerkingen maken omtrent het aspect van uw
privéleven. Ook dat debat zal moeten worden gevoerd. Ik denk dat we
dat best doen ter gelegenheid van de wettelijke omzetting dataretentie
en die beslissing op dat ogenblik in het Parlement nemen.
informels avec les opérateurs de
téléphonie mobile en ce qui
concerne l'enregistrement des
personnes téléphonant à l'aide
d'une
carte
prépayée,
les
obstacles en la matière étant les
délais et l'identification univoque.
Dans la pratique, les deux tiers
des
acheteurs
d'une
carte
prépayée
s'identifient
spontanément.
La question de l'enregistrement
devrait pouvoir faire l'objet d'un
débat au Parlement, dans la
mesure
nous
devrons
également débattre sous peu de la
question
des
délais
de
conservation des données. Il
convient de tenir compte dans ce
cadre de l'importance d'une
identification correcte mais aussi
de la nécessité d'une approche
simple.
L'utilisation de la carte d'identité
électronique
peut
faciliter
l'enregistrement, mais cette option
doit être mise en balance avec le
droit ­ tout de même sensible - au
respect de la vie privée. Ce débat
devra également être mené et je
pense que la transposition de la
directive sur la rétention de
données constitue le meilleur
moment à cet effet.
08.03 Ben Weyts (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, dit is een antwoord waarvan men toch niet bepaald vrolijker
wordt.
Ten eerste, u zegt dat andere projecten voorrang hebben gekregen.
We spreken over een thematiek die zich al in 2003 heeft
gemanifesteerd. Zes jaar later zegt u dat twee andere projecten
voorrang hebben gekregen. Dat vind ik wat mager.
08.03 Ben Weyts (N-VA): Cette
problématique avait déjà été
abordée en 2003, mais six ans
plus tard, le ministre dit accorder
la priorité à deux autres projets.
Un débat a également été mené à
ce sujet en 2004, à la suite des
attentats de Madrid, et à l'époque,
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
Ten tweede, u zegt dat we het debat zullen voeren in een ander
kader. Ik heb hier nog een verslag voor mij liggen van een debat dat
in 2004 werd gevoerd naar aanleiding van de aanslagen in Madrid en
waarin heel die thematiek ter sprake is gekomen. Daarin kaart mijn
politieke vader, Geert Bourgeois, de thematiek aan en antwoordt uw
politieke vader, Guy Verhofstadt, dat hij het daarmee volledig eens is
en dat hij werk zal maken van de verplichte registratie van de
prepaidbellers. Ook Pieter De Crem mengde zich in dat debat,
zeggende dat ook zij die idee van collega Bourgeois volledig
steunden. We zijn vijf jaar later en er is nog niets gebeurd. Het debat
moet zelfs nog worden gevoerd. Dat is triestig.
U wijst op de praktische problemen maar ik krijg geen antwoord. Ik
verwijs bijvoorbeeld naar de praktijken die in Zwitserland bestaan. Het
systeem functioneert. Het debat werd in 2004 in het Zwitserse
Parlement gevoerd en nog geen half jaar later was het systeem daar
al in werking. Ik denk dat er voorbeelden genoeg zijn. Ik ken enkel de
casus Zwitserland, maar er zijn wellicht nog andere landen die de
verplichte registratie gebruiken.
Tot slot, u wijst op andere praktische problemen zoals de privacy.
le premier ministre Verhofstadt
voulait s'atteler à l'identification
des
utilisateurs
de
cartes
prépayées. Il est déplorable que
cinq ans plus tard, rien n'ait encore
été entrepris et que le débat doive
encore débuter. Le Parlement
suisse a mené ce débat en 2004
et six mois plus tard, le système
était déjà en vigueur.
08.04 Minister Vincent Van Quickenborne: Het probleem is
principieel.
08.05 Ben Weyts (N-VA): Misschien is het een principieel probleem,
maar dat principieel probleem rijst toch niet voor de andere gebruikers
van mobiele telefoons? In het begin bestond zelfs enkel de
abonnementsformule; er bestonden nog geen prepaid kaarten. De
gebruiker had dan ook eenvoudigweg niet de keuze: hij diende zich te
registreren, dat was hij de facto verplicht. Ik zie dan ook niet in
waarom in het geval van de prepaid kaarten een verplichte registratie
niet zou kunnen. Ik denk dat dat maar een betrekkelijk goedkoop
excuus is, want ik zie geen enkel probleem, aangezien in het begin
van de mobiele telefonie de privacy ook niet gold.
Ik vind het dus wat spijtig. Ik heb ook niet het engagement gehoord
van u en uw diensten om daar resoluut werk van te maken. We zullen
het alleszins blijven opvolgen en we hopen dat er ooit eens
beterschap komt.
Tot slot, ik heb nog geen antwoord gekregen op een vraag. Is het
verkeerd te stellen dat minister De Padt de eindverantwoordelijkheid
draagt, zoals de heer Smet zelf heeft aangegeven? U beantwoordt
namelijk de vraag.
08.05 Ben Weyts (N-VA): Le
problème du respect de la vie
privée, qui constitue certes un
problème de principe, ne se pose
pas pour les autres utilisateurs de
téléphones mobiles, étant donné
qu'ils ont obligatoirement dû
s'enregistrer. Dans la réponse du
ministre, je ne trouve aucune
intention d'engagement de la part
de
ses
services.
Nous
continuerons donc à suivre ce
dossier, en espérant que la
situation s'améliore.
Est-il exact que M. De Padt est le
responsable final en la matière?
08.06 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer Weyts, het is
een gedeelde bevoegdheid, aangezien de politie een bevoegdheid is
van mijn collega, maar het BIPT onder mij ressorteert. Omwille van
die gedeelde bevoegdheid, beantwoord ik de vraag.
Ten tweede, ik wil een oplossing die ook voor de sector leefbaar is.
Uw geestelijke vader is ook verantwoordelijk voor de administratieve
vereenvoudiging. Ik wil ook een methode waardoor niet de winkeliers,
vaak kleine zelfstandigen, de verplichting krijgen opgelegd om nog
eens een register bij te houden. In dat geval zou een partijgenoot van
u mij als minister voor Vereenvoudiging aanklagen. Zo gaat dat. Voor
08.06
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Il s'agit
d'une responsabilité partagée,
étant
donné
que
je
suis
responsable pour l'IBPT et M. De
Padt pour la police. Par ailleurs, je
souhaite également une solution
acceptable pour le secteur qui ne
soit pas trop complexe. Il s'agit
donc de prendre en compte les
aspects pratiques mais aussi les
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
elk fenomeen zou een nieuw register, een nieuwe verplichting,
ingevoerd kunnen worden. De belangenafweging is dus van
praktische aard en, wanneer het gaat over het privéleven van
mensen, ook een principiële zaak. Trouwens, een beslissing in dat
verband zal vergezeld moeten worden van een advies van de
privacycommissie. Dat zal goed gemotiveerd moeten zijn vooraleer
een beslissing te nemen.
Ik begrijp dat u verwijst naar geestelijke vaders. De eventuele vader
van dit initiatief is zich na tien maanden echter bewust van het
probleem. Ik heb verwezen naar de inspanningen die het BIPT levert.
We zullen dat project trachten af te ronden.
questions de principe en matière
de respect de la vie privée. Une
décision devra également être
prise sur la base d'un avis de la
Commission de la protection de la
vie privée. Nous essayerons de
finaliser ce projet.
08.07 Ben Weyts (N-VA): Mijnheer de minister, ik vind veiligheid en
de bestrijding van criminaliteit een hoger goed. Ik vrees dat we zullen
moeten wachten tot het volgende incident.
08.07 Ben Weyts (N-VA): À mon
estime, la sécurité et la lutte contre
la criminalité revêtent davantage
d'importance et je crains qu'il ne
faille attendre le prochain incident.
08.08 Minister Vincent Van Quickenborne: Dat is zo'n beetje the
wake van 2001 en 2004. Als alles moet worden opgeofferd voor de
veiligheid, dan vrees ik dat wij bijzonder veel maatregelen zullen
moeten nemen die, volgens mij, ook hun beperkingen stellen ten
aanzien van fundamentele rechten van mensen.
08.08
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Si la
sécurité doit être absolue, je crains
que nous ne restreignions les
droits fondamentaux de l'homme.
08.09 Ben Weyts (N-VA): Mijnheer de minister, u spreekt over
fundamentele rechten die moeten worden opgeofferd.
Ik denk dat het tijd is dat de diensten zich er effectief eens aan zetten.
Ik heb nog altijd geen bewijs gehoord van enige werkkracht ter zake.
08.09 Ben Weyts (N-VA): Je
pense que les services devront
effectivement s'y atteler mais je ne
dispose encore d'aucun élément
me permettant de confirmer que
ce soit déjà le cas.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van de heer Dirk Vijnck aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over
"maatregelen om meer Belgen op het internet te krijgen" (nr. 10243)
09 Question de M. Dirk Vijnck au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "les mesures visant
à augmenter le nombre de Belges qui se connectent à l'internet" (n° 10243)
09.01 Dirk Vijnck (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, in december 2008 stelde u een plan voor dat tot doel heeft
meer Belgen op het internet te krijgen. Bedoeld plan is bijzonder vaag
en nog meer zorgwekkend. Het verschilt slechts in details van de
mislukte plannen van uw voorganger. Drie punten zijn opnieuw een
opfrissing van het pc-privéconcept, van het internet-voor-
iedereenpakket en van het recycleren van oude pc's, zodat ze aan
kansarmen kunnen worden uitgedeeld.
Behalve voornoemd plan pleit u ook, en terecht, voor de afschaffing
van het verbod op koppelverkoop.
Ter zake heb ik enkele vragen.
In uw pleidooi voor de afschaffing van het verbod op koppelverkoop
verwijst u graag naar uw type i-Phone. Wilt u dat alle Belgen, zoals
alle Amerikanen, rondlopen met een dure design-gsm, waarvoor zij
eigenlijk het geld niet hebben en die zij maandelijks met een
09.01 Dirk Vijnck (LDD): En
décembre 2008, le ministre a
présenté un projet visant à
augmenter le nombre de Belges
ayant accès à l'internet. Ce projet
est très imprécis et préoccupant. Il
est question d'un ordinateur
personnel, d'un package «internet
pour tous» et du recyclage
d'anciens pc. À juste titre, le
ministre préconise aussi de lever
l'interdiction de la vente couplée,
en faisant référence toutefois à
son propre iPhone. Est-ce à dire
que ce coûteux objet présente une
valeur ajoutée sur le plan sociétal?
Selon moi, la combinaison d'un
26/01/2009
CRIV 52
COM 428
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
abonnement moeten afbetalen? Wat is volgens de minister de
maatschappelijke meerwaarde daarvan?
De combinatie van een spotgoedkoop netbook, toegankelijk 3G-
internet en moderne systemen voor synchronisatie tussen meerdere
computers is volgens mij een veel betere manier om meer Belgen op
het internet te krijgen. De sterk gedaalde prijzen van eenvoudige
netbooks en mobiele internetabonnementen zijn daaraan niet vreemd.
Wat is de visie van de minister op het voorgaande? Vindt de minister
het een goed idee om voornoemd spoor te bewandelen om
achterblijvers op het net te krijgen?
Heeft hij bedoelde optie reeds vergeleken met de goedkope internet-
voor-iedereenpakketten die de overheid twee jaar geleden in de
winkel bracht? Een dergelijke pc kostte 700 euro. Voornoemd bedrag
omvatte weliswaar een jaarabonnement, maar maakte het hele
systeem juist extra absurd. Net de mensen die zich geen pc kunnen
veroorloven, worden immers gedwongen om ook nog een
jaarabonnement op voorhand te betalen.
Kunnen aldus de nog altijd dure internetabonnementen van Telenet
en Belgacom worden omzeild? Zou dat niet echt "internet voor
iedereen" zijn?
Tegen wanneer denkt of verwacht de minister het verbod op
koppelverkoop te kunnen afschaffen?
netbook très bon marché, de
l'internet 3G et de systèmes
modernes
de
synchronisation
entre
plusieurs
ordinateurs
constitue un procédé nettement
plus performant pour amener plus
de Belges sur l'internet, ne fût-ce
qu'en raison de la baisse sensible
des prix.
Quelle est la position du ministre
en la matière, principalement dans
l'optique des pc à 700 euros dont il
était question dans le précédent
package proposé par les pouvoirs
publics? Est-il possible d'éviter de
la sorte les coûteux abonnements
internet
de
Telenet
et
de
Belgacom? D'ici à quand le
ministre pense-t-il pouvoir lever
l'interdiction de la vente couplée?
09.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Collega, ik moet zeggen
dat ik een beetje de wenkbrauwen fronste bij het horen van uw
verschillende vragen. U dicht mij bepaalde dingen toe.
Ik ben principieel voorstander van een transparante regeling voor
koppelverkoop. Het Europees Hof zal daar een beslissing over
nemen, want België is door een aantal organisaties voor het Hof
gedaagd in de loop van het voorjaar. Het advies dat gegeven is op het
niveau van de adviseur, zegt dat België daar in overtreding was. We
zullen zien wat de beslissing is van Europa. Eenmaal die beslissing er
is, zullen wij onze wetgeving moeten aanpassen. Dat zal dan gaan
over mogelijkheden van koppelverkoop, niet alleen ten opzichte van
wat men de netbooks noemt maar ook ten opzichte van andere
vormen van koppelverkoop zoals telefoons. Of het dan gaat om een I-
Phone of iets anders, zal er niet toe doen, men zal daar geen
onderscheid in maken.
Ten tweede, het eerste pakket internet voor iedereen, dat op de markt
is gekomen, kostte geen 700 euro, maar 800 euro, 900 euro en meer.
Het is onze ambitie, ik heb dat ook gezegd bij onze presentatie in de
commissie, tot een pakket te komen dat veel competitiever is om op
die manier de concurrentie aan te kunnen met wat er op de markt is,
zeker gelet op het feit dat wij geen btw zullen aanrekenen wat de
prijzen veel interessanter maakt.
Dat zal inderdaad een pakket zijn waar zowel een computer inzit als
een internetabonnement aan een prijs die veel lager ligt dan wat men
nu op de markt kan vinden. In die zin zal het een interessante zaak
zijn.
09.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Je suis
favorable
au
principe
d'une
réglementation transparente de la
vente couplée. En cette matière, la
Belgique attend une décision de la
Cour européenne, étant donné
que notre pays a été assigné
devant la Cour par plusieurs
organisations. Une fois que cette
décision sera intervenue, nous
devrons adapter notre législation
en ce qui concerne les possibilités
de vente couplée, qu'il s'agisse de
netbooks ou d'autres produits, tels
que les téléphones, et ce
indépendamment du type de
téléphone.
Le premier paquet 'Internet pour
tous' n'a pas coûté 700 euros,
mais 800 à 900 euros et plus.
Nous souhaitons parvenir à un
paquet nettement plus compétitif
pour
pouvoir
affronter
la
concurrence sur le marché, en
particulier compte tenu du fait que
nous ne facturerons pas de TVA.
La vente couplée permettra
CRIV 52
COM 428
26/01/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
Over de koppelverkoop heb ik al gesproken. Zou dat dan subsidiëring
mogelijk maken? Uiteraard, dat is de essentie van koppelverkoop.
Voor het overige denk ik de meeste vragen te hebben beantwoord.
évidemment le subventionnement,
puisqu'il s'agit de l'essence de la
vente couplée.
09.03 Dirk Vijnck (LDD): Ik dank de minister voor zijn uitgebreid
antwoord.
Mijnheer de minister, zou ik het schriftelijke antwoord kunnen
ontvangen?
09.04 Minister Vincent Van Quickenborne: Ik zal het u via mail
doorsturen. Op papier doe ik dat niet graag, dit vergt veel te veel
papier.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 16.14 uur.
La réunion publique de commission est levée à 16.14 heures.