Commissie voor de Binnenlandse Zaken, de Algemene Zaken en het Openbaar Ambt

Commission de l'Intérieur, des Affaires générales et de la Fonction publique

 

van

 

Woensdag 20 februari 2019

 

Namiddag

 

______

 

 

du

 

Mercredi 20 février 2019

 

Après-midi

 

______

 

 


De openbare commissievergadering wordt geopend om 14.05 uur en voorgezeten door de heer Stefaan Van Hecke.

La réunion publique de commission est ouverte à 14 h 05 et présidée par M. Stefaan Van Hecke.

 

01 Samengevoegde vragen van

- de heer Brecht Vermeulen aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de uitzendarbeid bij de federale overheid" (nr. 28188)

- mevrouw Katja Gabriëls aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de uitzendarbeid bij de federale overheid" (nr. 28602)

- mevrouw Nawal Ben Hamou aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "uitzendarbeid in het openbaar ambt" (nr. 28870)

01 Questions jointes de

- M. Brecht Vermeulen à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "l'emploi intérimaire au sein de l'administration fédérale" (n° 28188)

- Mme Katja Gabriëls à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "l'emploi intérimaire au sein de l'administration fédérale" (n° 28602)

- Mme Nawal Ben Hamou à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "le recours à l'intérim dans la fonction publique" (n° 28870)

 

01.01  Brecht Vermeulen (N-VA): Mevrouw de minister, het Zomerakkoord van 2017 bevatte enkele opvallende maatregelen om de federale overheid als werkgever grondig te moderniseren. Zo zou interimwerk eveneens in de publieke sector voor de vervanging van een contractueel of statutair ambtenaar, bij een tijdelijke vermeerdering van het werk of ter uitvoering van uitzonderlijk werk toegestaan worden.

 

Behalve Griekenland, een land dat voor mijn partij geenszins gidsland is voor het gebruik van overheidsmiddelen, was België het enige land waar uitzendarbeid bij de overheid nog niet mogelijk was. Op 2 maart 2018 heeft de Ministerraad dan ook het ontwerp van koninklijk besluit goedgekeurd dat uitzendarbeid bij de federale overheid mogelijk maakt. De tekst bepaalt bijkomend dat per vorm van uitzendarbeid geopteerd wordt voor een uniforme duurtijd van maximaal twaalf maanden. Er is een mogelijkheid de termijn te verlengen.

 

Bij de aankondiging van het ontwerp van koninklijk besluit werd meegedeeld dat het ontwerp onderworpen wordt aan syndicaal overleg. Hierna werd een advies gevraagd aan de Raad van State.

 

Wat is de huidige stand van zaken van het koninklijk besluit dat uitzendarbeid bij de federale overheid mogelijk maakt?

 

Is de tekst reeds ter advies voorgelegd aan de Raad van State? Zo ja, kunt u de belangrijkste opmerkingen van de Raad van State meedelen?

 

Wanneer werd voor het eerst syndicaal overleg gevoerd over het koninklijk besluit? Welke bijsturingen zijn er gekomen na het overleg?

 

Kunt u meedelen wanneer uitzendarbeid bij de federale overheid van start zal kunnen gaan?

 

Mevrouw de minister, ik geef nog aan dat ik de vraag in november 2018 aan minister Vandeput gericht heb en dat ik ze op 7 januari 2019 herindiende. Misschien is mijn vraag dus al wat achterhaald, maar ik ben er zeker van dat uw antwoorden zeer actueel zullen zijn.

 

01.02  Nawal Ben Hamou (PS): Monsieur le président, madame la ministre, depuis le 1er février dernier, la possibilité existe pour les administrations publiques de recourir à l'intérim pour des périodes maximales d'un an dans le cadre du remplacement d'un agent statutaire ou contractuel. Cette disposition a évidemment fait l'objet de très nombreuses discussions et on en comprend aisément les raisons que je ne reprendrai pas ici.

 

Madame la ministre, comment cette disposition sera-t-elle pratiquement mise en place? S'agira-t-il de passer des marchés publics avec l'une ou l'autre agence d'intérim? Comment cette forme de recrutement temporaire s'articulera-t-elle avec l'organe de recrutement légal, à savoir Selor? À ce jour, des services publics fédéraux ont-ils déjà eu recours à cette possibilité? Si oui, lesquels?

 

01.03 Minister Sophie Wilmès: Mijnheer de voorzitter, ik wens iedereen vooreerst een goede middag. Het is voor mij de eerste keer dat ik deelneem aan de werkzaamheden van de commissie voor de Binnenlandse Zaken. Dat is dus wel speciaal.

 

Maar goed, mijnheer Vermeulen, ik heb uw vraag inderdaad op 8 januari ontvangen, in wel heel speciale omstandigheden; u weet ongetwijfeld wat ik bedoel. Ik zal alleszins uw vraag nu met heel veel plezier beantwoorden.

 

Het koninklijk besluit dat uitzendarbeid bij de federale overheid mogelijk maakt, is op 14 januari 2019 verschenen in het Belgisch Staatsblad. Dat was dus een week na de indiening van uw vraag. Het advies van de Raad van State is samen met het koninklijk besluit in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.

 

In het kort heeft de Raad van State duidelijk gesteld dat conform de zesde staathervorming de Koning wel degelijk bevoegd is om in de materie regelend op te treden. Twee vormen van uitzendarbeid moesten worden geschrapt en de bepaling van inwerkingtreding moest worden aangepast.

 

Het syndicaal overleg vond plaats in de eerste helft van 2018 met mijn voorganger Steven Vandeput. De aanpassingen die nadien nog zijn aangebracht, waren het gevolg van het advies van de Raad van State.

 

Het koninklijk besluit is in werking getreden op 1 februari 2019. Vanaf dan is elke openbare dienst vrij om een beroep te doen op uitzendarbeid, conform de vastgelegde procedures, in het bijzonder de onderhandelingen met de vakorganisaties en de regeling inzake overheidsopdrachten.

 

Concernant la question complémentaire de Mme Ben Hamou, les administrations fédérales devront solliciter les entreprises d'intérim pour avoir recours aux travailleurs intérimaires. Il ne s'agira donc pas de passer via Selor pour recruter ces intérimaires, celui-ci restant bien entendu, en concertation avec les administrations fédérales, l'organe de recrutement pour tous les agents statutaires et contractuels.

 

À ce jour, compte tenu de la publication récente de l'arrêté royal, vous comprendrez qu'il est trop tôt pour en voir les effets. Cependant, un rapportage et un monitoring annuels sont prévus.

 

01.04  Brecht Vermeulen (N-VA): Mevrouw de minister, ik dank u voor het antwoord.

 

Het was mij uiteraard niet helemaal onbekend, maar u hebt toch een aantal punten gemeld, die voor mij van belang zijn. Ik hoop alleen dat we nu snel elke vervanging van een contractueel of statutair personeelslid kunnen regelen. Als dat in het belang van de dienst nodig is, kunnen we nu ook uitzendkrachten inschakelen.

 

01.05  Nawal Ben Hamou (PS): Je remercie Mme la ministre pour ses réponses complètes.

 

J'entends bien qu'il est un peu trop tôt pour savoir qui a déjà fait appel à ces sociétés d'intérim. Je reviendrai donc prochainement sur le sujet.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

02 Vraag van de heer Brecht Vermeulen aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de statutaire en contractuele tewerkstelling bij de federale overheid" (nr. 28189)

02 Question de M. Brecht Vermeulen à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "l'emploi statutaire et contractuel au sein de l'administration fédérale" (n° 28189)

 

02.01  Brecht Vermeulen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, dit is mijn tweede en tevens laatste vraag aan de minister bevoegd voor Ambtenarenzaken.

 

Mevrouw de minister, in verband met deze vraag verwijs ik opnieuw naar het Zomerakkoord van 2017, waarin niet alleen maatregelen werden genomen in verband met interimwerk, maar waarin ook werd beslist om contractuele arbeid tot norm te verheffen binnen de federale overheid. Die beslissing lag toen in lijn met het federaal regeerakkoord dat in een evaluatie en rationalisatie van de contractuele tewerkstelling voorzag. Aan de aangegane engagementen voor huidige werknemers zou niet geraakt worden, maar wel zouden nieuw aangeworven personen in de regel als contractueel ambtenaar in dienst treden. Er werd uiteraard in een uitzondering voorzien voor gezagsfuncties, zoals de magistratuur, politie en Defensie.

 

Professor Ria Janvier, volgens Trends een van de grote kenners van dat onderwerp, steunt die beslissing. Het statuut Camu van 1937, dat nog steeds de basis is van het statuut van de ambtenaar, is niet mee geëvolueerd met de veranderde context. De overheid evolueerde van een nachtwakersstaat naar een sociale verzorgingsstaat. Ook het argument dat ambtenaren beschermd moeten worden tegen politieke willekeur wordt volgens haar uitvergroot.

 

Toch had professor Janvier ten tijde van het Zomerakkoord van 2017 nog een stokpaardje over waar er nog werk aan de winkel was. Waar de statutaire ambtenaar overbeschermd is, was volgens haar de contractuele ambtenaar onderbeschermd. Om die ongelijkheid weg te werken heeft voormalig minister Vandeput in 2018 een pakket maatregelen voorgesteld om de arbeidsvoorzieningen van de contractuele ambtenaren op te waarderen. Het zal voor contractuelen gemakkelijker worden om promotie te maken en zij zullen ook hogere functies kunnen uitoefenen. Daarnaast zullen contractuele ambtenaren gemakkelijker van dienst kunnen veranderen, wordt het aantal vakantiedagen tussen alle ambtenaren gelijkgetrokken en moet er bij aanwervingen niet alleen naar diploma's gekeken worden, want ook competenties zullen doorslaggevend zijn. Door die verschillende grenzen weg te nemen, zal de overheid een moderner personeelsbeleid kunnen voeren, althans naar mijn visie en volgens de visie van voormalig minister Vandeput. Een belangrijke opmerking daarbij was wel dat er nog sociaal overleg met de vakbonden volgde over die maatregelen.

 

In dat verband heb ik vragen, die ik in november al heb gesteld en op 7 januari opnieuw heb ingediend.

 

Mevrouw de minister, kunt u reeds een evaluatie maken van de maatregel om van contractuele arbeid de regel te maken bij de federale overheid?

 

Hoeveel aanwervingen zijn er geweest sinds het Zomerakkoord van 2017?

 

Hoeveel van de nieuwe aanwervingen betreft personen die aan de slag zijn als contractuele ambtenaar?

 

Hoeveel van de nieuwe aanwervingen betreft personen die aan de slag zijn als statutair ambtenaar? Zijn dat uitsluitend mensen aangeworven voor gezagsfuncties? Indien niet, hoeveel zijn er voor andere functies aange­worven, over welke functies gaat het dan en wat is de reden voor de statutaire aanwerving?

 

Ook cijfergegevens vind ik van belang. Zijn er in de cijfers over de nieuwe aanwervingen verschillen tussen de verschillende FOD's en POD's? Welke FOD's en POD's werven momenteel nog steeds statutaire ambtenaren aan? Zijn die aanwervingen uitsluitend voor personen met gezagsfuncties?

 

Wat is de huidige stand van zake aangaande de maatregelen om de arbeidsvoorzieningen van contractuele ambtenaren op te waarderen? Hoe verliep het sociaal overleg daarover? Zijn er reeds aanpassingen gebeurd aan het bestaande pakket aan maatregelen na het gevoerd sociaal overleg?

 

02.02 Minister Sophie Wilmès: Het wetsontwerp dat van contractuele arbeid de regel maakt, werd aan de Raad van State voorgelegd. De toenmalige minister Steven Vandeput heeft het advies gekregen op 5 oktober 2018. Volgens dat advies zijn er serieuze, ingrijpende aanpassingen nodig, omdat onder andere de hiërarchie van de normen niet gerespecteerd werd en de definitie van een gezagsfunctie onduidelijk was. Gezien de politieke keuze in december laatstleden van de politieke partij van mijn voorganger en de noodzakelijke substantiële veranderingen, is het niet meer mogelijk om in de periode van lopende zaken dit dossier verder te behandelen.

 

Aangaande de betere arbeidsvoorzieningen en de Codex in het algemeen had mijn voorganger Sander Loones eenzijdig besloten om de onderhandelingen af te sluiten. Mijn eerste bekommernis was die beslissing te schorsen en het sociaal overleg te hervatten in deze materie, die heel belangrijk is, zowel voor de werkgevers van het federaal openbaar ambt als voor de ambtenaren. Mijn doel blijft het sociaal overleg met de vakorganisaties voort te zetten en met mijn beleidscel te analyseren wat nog mogelijk is in deze periode van lopende zaken.

 

In 2017 werden er in totaal 1 845 wervingen uitgevoerd. De cijfers voor 2018 zijn nog niet beschikbaar. Van de wervingen in 2017 waren er 583 contractuelen en 1 262 statutaire ambtenaren.

 

Wat de cijfers per FOD betreft, zal ik aan de commissiesecretaris een samenvattende tabel bezorgen. Het zijn heel veel cijfers. Ik veronderstel dat u daarmee akkoord kunt gaan, zo niet kan ik die voorlezen?

 

02.03  Brecht Vermeulen (N-VA): Ik verwacht echt niet dat u een tabel voorleest, mevrouw de minister. Ik vraag dat aan geen enkele minister, dus ook niet aan u. Het is belangrijk dat die informatie ter beschikking is, maar de cijfers moeten niet afgelezen worden.

 

Als de Raad van State bezwaren of problemen heeft, dan moeten die opgelost worden. Daarover ben ik het met u eens. Soms kan het een beetje vreemd klinken, omdat contractualisering eigenlijk al de norm is bij nogal wat andere overheden. Ik maak de vergelijking met wat er ondertussen bestaat bij de gewestelijke overheden en de gemeenschapsoverheden. Daar wordt contractualisering al heel vaak gebruikt en bij de lokale besturen nog veel meer. Ik ga er dus van uit dat het een tijdelijk probleem is, maar het moet wel worden opgelost. Het sociaal overleg is uiteraard belangrijk, maar het bereiken van de doelstelling is minstens even belangrijk. Het sociaal overleg moet ertoe dienen partners te vinden en naar elkaar te luisteren, maar uiteindelijk moet men wel tot een modernisering van het openbaar ambt komen, zonder het helemaal uit te hollen. Dat is ook niet de bedoeling. Een onderbescherming of uitholling mag zeker niet de doelstelling zijn, zeker niet voor mijn partij.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

Voorzitter: Brecht Vermeulen.

Président: Brecht Vermeulen.

 

03 Samengevoegde vragen van

- de heer Jef Van den Bergh aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de fietsvergoeding voor speedpedelecs van militairen en federale ambtenaren" (nr. 28393)

- de heer Stefaan Van Hecke aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de fietsvergoeding voor speedpedelecs bij de geïntegreerde politie" (nr. 28649)

- mevrouw Nawal Ben Hamou aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de afschaffing van het statuut-Camu (Codex)" (nr. 28403)

03 Questions jointes de

- M. Jef Van den Bergh à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "l'indemnité vélo pour les speed pedelecs des militaires et des fonctionnaires fédéraux" (n° 28393)

- M. Stefaan Van Hecke à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "l'indemnité vélo pour les speed pedelecs à la police intégrée" (n° 28649)

- Mme Nawal Ben Hamou à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "la suppression du statut Camu (Codex)" (n° 28403)

 

03.01  Jef Van den Bergh (CD&V): Mevrouw de minister, ik volg dit dossier al sinds het begin van de legislatuur, want in 2016 kwam er een Europese richtlijn die stelde dat gebruikers van speedpedelecs niet mogen worden aanzien als fietsers. Die richtlijn werd vertaald in een koninklijk besluit, wat tot gevolg had dat de werkgever niet langer een fietsvergoeding mocht geven voor het gebruik van die voertuigen.

 

We hebben daaromtrent een wetsvoorstel uitgewerkt en uiteindelijk heeft de vorige minister van Financiën, Johan Van Overtveldt, een wetswijziging gerealiseerd waardoor ook de gebruikers van een speedpedelec in aanmerking komen voor een fietsvergoeding. Dat was een goede zaak volgens ons.

 

Op vrijdag 10 november 2017 werd die wet gepubliceerd. Wij dachten dat daarmee het probleem opgelost was, maar niets was minder waar, want heel wat werknemers die vandaag met een speedpedelec naar het werk fietsen, komen nog steeds niet in aanmerking voor dit voordeel, hoewel hun collega's die met klassieke fietsen rijden of met elektrische fietsen die trapondersteuning bieden voor een snelheid lager dan 25 kilometer per uur, dat voordeel wel genieten.

 

Federale ambtenaren, militairen en leden van de federale politie komen vandaag nog steeds niet in aanmerking voor een fietsvergoeding als zij een speedpedelec gebruiken.

 

Hierover heb ik de volgende vragen, mevrouw de minister.

 

Wat is de stand van zaken van het overleg tussen de overheid en de vakbonden?

 

Hoe verloopt dat overleg met de syndicale partners inzake het ontwerp van een nieuwe code voor de federale ambtenaren? Is er een consensus over dat ontwerp? Indien nee, waarom niet?

 

Het dossier van de speedpedelecs en de fietsvergoeding zit natuurlijk in het globale sociaal overleg met de sociale partners, waardoor alles eigenlijk op de lange baan wordt geschoven. Er zijn immers heel wat heikele punten in het sociaal overleg en het is jammer dat een kleine maatregel als het aanpassen van de fietsvergoeding ten gunste van de gebruikers van een speedpedelec daardoor ook uitblijft. Kan er niet, los van de zware discussies over andere aspecten van het statuut van de federale ambtenaren, militairen en van de politie, toch een regeling komen voor de fietsvergoeding en de gebruikers van een speedpedelec?

 

03.02  Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mevrouw de minister, mijn vraag gaat over dezelfde problematiek inzake de fietsvergoeding. Het lijkt mij heel belangrijk dat er ook een vergoeding wordt gegeven aan personen die met de fiets naar het werk komen. Dit zet hen ook aan om andere vervoersmiddelen te gebruiken dan bijvoorbeeld de wagen.

 

De laatste jaren neemt de speedpedelec een steeds grotere plaats in het verkeer in. Mensen kiezen ervoor omdat zij er grotere afstanden mee kunnen afleggen op een comfortabele manier. Er is echter wel een probleem met de fietsvergoeding.

 

In het KB staat immers nog altijd vermeld dat de maximumsnelheid van 25 kilometer per uur niet mag worden overschreden. Met een speedpedelec gaat men sneller.

 

Het KB moet dan ook worden aangepast. Er wordt gezegd dat eraan wordt gewerkt, maar ik had toch graag een stand van zaken gekregen.

 

Wordt het bewuste KB aangepast? Zo ja, wat is de status van die aanpassing? Zo nee, bent u van oordeel dat het aangepast moet worden? Welke stappen moeten worden ondernomen om het KB aan te passen? Welke moeilijkheden ondervindt u daarbij?

 

Tot slot, wanneer verwacht u dat het KB aangepast zal zijn, zodat dit kan worden geregeld voor de ambtenaren van de politie?

 

03.03  Nawal Ben Hamou (PS): Monsieur le président, madame la ministre, le codex lancé par M. Steven Vandeput a fait grincer beaucoup de dents chez les fonctionnaires. En effet, cette réforme avait pour but de considérablement modifier le statut des fonctionnaires en le faisant devenir l'exception, les contractuels devenant ainsi la norme. Le gouvernement voulait notamment s'attaquer au régime des congés de maladie, entre autres mesures déséquilibrées limitant les avantages du statut de fonctionnaire, sans pour autant aligner les conditions de travail sur les avantages dont bénéficient les travailleurs du secteur privé.

 

Après les attaques sur le congé de maladie et l'introduction de l'intérim, les fonctionnaires s'inquiètent tout simplement pour la survie de leur statut. Par ailleurs, les syndicats avaient tenté de rencontrer le ministre Vandeput et son successeur le ministre Loones, mais ne s'étaient pas sentis écoutés.

 

Maintenant que vous avez repris cette compétence, beaucoup espèrent que les propositions mises sur la table par les précédents ministres seront, au minimum, rediscutées.

 

Madame la ministre, pouvez-vous nous dire où en est la réforme du codex?

 

Comptez-vous reprendre un véritable dialogue social avec les représentants des agents de l'État, réduit par vos prédécesseurs à une simple formalité? Avez-vous déjà eu un contact avec les organisations syndicales dans ce sens et, dans l'affirmative, quelles conclusions en tirez-vous?

 

03.04 Minister Sophie Wilmès: Mijnheer de voorzitter, ik was even bezig met communautaire beslommeringen, want wij vonden het antwoord in het Frans niet en dat vond ik bijzonder spijtig voor mevrouw Ben Hamou. Maar ondertussen hebben wij de Franse tekst gevonden.

 

Madame Ben Hamou, le 9 décembre dernier, au moment de mon entrée en fonction, comme je l'ai indiqué dans ma réponse précédente, les négociations avec les organisations syndicales venaient de se terminer. Après plus de sept mois de négociations, le ministre Loones – qui avait succédé à M. Vandeput – avait décidé unilatéralement de les clore et avait transmis, le 6 décembre, un projet de protocole leur demandant de transmettre leurs remarques dans les quinze jours ouvrables.

 

En ce qui me concerne, le lendemain de mon entrée en fonction, étant parfaitement consciente que ce dossier revêtait une grande importance, tant pour les employeurs de la fonction publique fédérale que pour les fonctionnaires – du fait des modifications parfois substantielles apportées aux conditions de travail –, j'ai envoyé un courrier aux organisations syndicales afin de les rencontrer au plus vite, en vue de mieux cerner les problèmes constatés.

 

Cette rencontre eut lieu le 20 décembre dernier et fut fort intéressante à de multiples égards. À cette occasion, je leur ai dit que je ne considérais pas les négociations comme terminées et, qu'au contraire, je souhaitais que le dialogue social reprenne. Mon objectif est, bien entendu, de le poursuivre avec les organisations syndicales, en analysant ce qu'il est possible d'entreprendre dans le contexte des affaires courantes.

 

Heren Van den Bergh en Van Hecke, er is geen advies van de Raad van State gevraagd, gelet op het feit dat de syndicale onderhandelingen nog niet zijn afgerond en dat naargelang de aanpassingen aan het ontwerp de Ministerraad alsnog zijn akkoord zal moeten geven.

 

Wat het moment betreft waarop de toekenning van de fietsvergoeding voor de speedpedelecs mogelijk zal zijn: het ogenblik waarop de nieuwe code in werking treedt, zal determinerend zijn.

 

Mijnheer Van Hecke, dit geldt ook voor de personeelsleden van de politie omdat hun statuut verwijst naar de regels die van toepassing zijn op ambtenaren.

 

In ieder geval is de aanpassing van de regelgeving om de fietsvergoeding toe te kennen voor de speedpedelecs een nieuw initiatief en kan het dus niet worden afgerond tijdens een periode van lopende zaken.

 

03.05  Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mevrouw de minister, ik dank u voor uw antwoord, dat echter ontgoochelend is.

 

Ik meen dat dit een eenvoudige maatregel is. Mocht u het Parlement vragen of er een draagvlak is om die maatregel aan te passen en toestemming vragen met een resolutie, dan denk ik dat het Parlement u wel de toestemming zou geven om die regeling verder uit te werken. Misschien moet worden bekeken of er in lopende zaken toch nog iets kan worden gedaan.

 

03.06  Nawal Ben Hamou (PS): Madame la ministre, je ne puis que me réjouir d'entendre que vous avez rencontré les syndicats voici peu dans une ambiance constructive. Dès lors, je vous encourage à poursuivre en ce sens, car ils demandent depuis le début à entretenir un véritable dialogue.

 

03.07 Minister Sophie Wilmès: Mijnheer de voorzitter, als u mij toestaat, wil ik nog wat informatie geven.

 

Wij zijn geen experts wat lopende zaken betreft; dat gebeurt immers niet zo vaak, zeker niet in dergelijke omstandig­heden. Echter, voor zover ik weet, sluit een resolutie van het Parlement niet uit dat een nieuwe regering een nieuw initiatief kan nemen. Ofwel komt het initiatief vanuit het Parlement, maar het is niet meer mogelijk in een regering in lopende zaken.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

04 Question de M. Michel de Lamotte à la ministre du Budget et de la Fonction publique, chargée de la Loterie Nationale et de la Politique scientifique, sur "la formation des agents dans les services publics fédéraux" (n° 28440)

04 Vraag van de heer Michel de Lamotte aan de minister van Begroting en van Ambtenarenzaken, belast met de Nationale Loterij en Wetenschapsbeleid, over "de opleiding van het personeel bij de federale overheidsdiensten" (nr. 28440)

 

04.01  Michel de Lamotte (cdH): Monsieur le président, madame la ministre, le Syndicat Neutre pour Indépendants (SNI) a réalisé une enquête "mystery calling et mystery mailing" auprès de dix administrations fédérales entre octobre et novembre 2018. L'évaluation était basée sur une série de critères liés au savoir-être ainsi qu'à la justesse des réponses données.

 

Il en ressort qu'un tiers des questions posées par voie électronique ou par téléphone par les entrepreneurs ne reçoit pas de réponse; que de grandes disparités existent entre les administrations; que plus d'une question sur trois posée par voie électronique reste sans réponse (le Service fédéral des Pensions (SFP), par exemple, n'a répondu qu'à un courriel sur les dix qui lui ont été adressés). Les mauvais élèves sont notamment le SPF Finances et le SFP.

 

Les résultats globaux diffèrent selon le groupe linguistique. Le SPF Finances, par exemple, n'a décroché aucun appel téléphonique francophone. Je vous ai transmis un tableau présentant les nuances entre francophones et néerlandophones concernant les appels décrochés et ayant reçu une réponse adéquate, les appels non décrochés ou les courriels ayant reçu une réponse adéquate. Les résultats sont nuancés. II apparaît que les entrepreneurs ne trouvent pas systématiquement réponses à leurs questions. Les différences de résultats obtenus entre les francophones et les néerlandophones soulèvent aussi des questions quant à l'égalité de traitement des entrepreneurs relevant de régimes linguistiques distincts.

 

Sans me prononcer sur tous les détails de cette enquête, il semble que celle-ci vienne corroborer de nombreuses informations en provenance notamment des administrations fédérales selon lesquelles les agents fédéraux ne sont pas suffisamment formés sur le plan technique pour répondre aux questions transmises par les citoyens. Au-delà de cette enquête, j'en viens donc à m'interroger quant au niveau de formation et de spécialisation des agents publics fédéraux. Pour rappel, la volonté de vos prédécesseurs était d'améliorer "l'efficacité des services aux citoyens et entreprises afin de garantir l'excellence dans la fonction publique", comme le précise la note de politique générale du 7 novembre 2018 sur la fonction publique. La formation y contribue, me semble-t-il.

 

Madame la ministre, les agents des administrations fédérales reçoivent-ils des forma­tions afin de répondre au mieux aux questions des citoyens? Si oui, à quelle fréquence? Comment sont-elles organisées concrètement? Quels sont les types de formations proposées? Quel est leur objet? Quid du contenu? Tous les fonctionnaires fédéraux y participent-ils?

 

Comment expliquez-vous les différences de résultats selon le régime linguistique du service interrogé? Certains fonctionnaires néerlando­phones seraient-ils mieux formés?

 

Enfin, quels efforts ont-ils été déployés par votre administration en matière de formation du personnel?

 

04.02  Sophie Wilmès, ministre: Monsieur de Lamotte, je vous remercie pour votre question.

 

Je vous confirme que les membres du personnel en contact direct, dans le cadre de leurs fonctions, avec les citoyens et les entreprises, ont la possibilité de participer à des formations génériques pour les accompagner dans leur développement. Par exemple, depuis 2014, on compte près de 600 participants pour la formation "Écrire avec professionnalisme", formation qui recueille une appréciation entre 8 et 9 sur une échelle de 10.

 

En outre, la Direction générale Recrutement et Développement du SPF Stratégie et Appui poursuit son investisse­ment dans l'accompagnement d'organisations fédérales en vue d'augmenter la qualité des réponses fournies via des formations sur mesure permettant de tenir compte des éléments propres à l'organisation, afin d'arriver à de meilleurs résultats sur le terrain.

 

Compte tenu de la spécificité des matières propres à chaque organisation, il y a également au sein de chaque administration un défi de formation qualitative qui est relevé via un transfert de connaissances, d'une formation on the job ou encore de formations externes.

 

De manière plus générale, j'ajoute que chaque membre du personnel des administrations fédérales a accès à un catalogue de formations dispensées par cette Direction générale. Rien qu'en 2018, 1 056 sessions de formation présentielle ont été organisées, avec un total de 11 217 inscriptions. Ces formations couvraient entre autres des thèmes tels que le management, le développement personnel, des techniques de communication ou les matières administratives.

 

Il est important de noter que la DG Recrutement et Développement dispose également d'une offre de solutions d'apprentissage en ligne. Nous comptons actuellement 162 formations en ligne. Rien que pour l'année 2018, 9 037 membres du personnel de la fonction publique fédérale ont participé à ces formations e-learning, ce qui représente près de 15 % des membres du personnel.

 

Concernant la question en rapport avec l'enquête réalisée par le Syndicat Neutre pour Indépen­dants, je ne peux bien entendu pas me prononcer sur la méthodologie utilisée et encore moins sur les raisons qui expliquent le résultat. Cependant, je suis ravie de voir qu'en comparaison avec les résultats d'une enquête similaire menée l'année dernière, les résultats s'améliorent. Le taux global de satisfaction moyen pour 2018 est de 70 %, contre 65 % en 2017.

 

Ceci étant dit, je pense que ces résultats constituent à tout le moins un signal et doivent nous encourager à poursuivre les efforts en termes de formation. Cela me paraît une évidence.

 

04.03  Michel de Lamotte (cdH): Monsieur le président, madame la ministre, merci pour votre réponse.

 

Je soulevais la question du déclenchement de signaux d'alerte en vue d'augmenter la participation à ces formations, éventuellement en prévoyant des incitants pour stimuler le personnel à suivre ces formations. Vous évoquez le taux de 15 % pour l'e-learning, alors que nous sommes dans l'ère de la digitalisation et d'autres techniques pour la formation et l'apprentissage.

 

J'ai apprécié à sa juste mesure le début de votre réponse, puisque vous dites que les agents "ont la possibilité". Il faudrait peut-être faire plus que de "donner la possibilité" pour pouvoir rendre un service adéquat aux citoyens, aux collectivités et aux entreprises. Il faudrait prendre une initiative pour qu'on perçoive la formation comme un plus pour la carrière et non comme une punition.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De voorzitter: De vragen nrs. 28595 en 28600 van mevrouw Gabriëls worden omgezet in schriftelijke vragen.

 

De behandeling van de vragen wordt geschorst van 14.36 uur tot 15.32 uur.

Le développement des questions est suspendu de 14.36 heures à 15.32 heures.

 

05 Débat d'actualité sur la problématique de la délivrance des visas humanitaires et questions jointes de

- M. Raoul Hedebouw au premier ministre sur "le scandale des visas humanitaires" (n° 28366)

- M. Marco Van Hees au premier ministre sur "le scandale des visas humanitaires" (n° 28367)

- M. Raoul Hedebouw à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le scandale des visas humanitaires" (n° 28368)

- M. Marco Van Hees à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le scandale des visas humanitaires" (n° 28369)

- Mme Véronique Waterschoot au premier ministre sur "le scandale des visas humanitaires" (n° 28394)

- M. Wouter De Vriendt à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "l'octroi de visas humanitaires" (n° 28466)

- Mme Sarah Smeyers à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "les visas humanitaires" (n° 28572)

- Mme Monica De Coninck à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "les visas humanitaires" (n° 28851)

- M. Georges Dallemagne à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la problématique de la délivrance des visas humanitaires entre 2015 et 2018" (n° 28858)

- Mme Julie Fernandez Fernandez à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le scandale des visas humanitaires" (n° 28864)

05 Actualiteitsdebat over de problematiek van de uitreiking van humanitaire visa en samengevoegde vragen van

- de heer Raoul Hedebouw aan de eerste minister over "het schandaal inzake de humanitaire visa" (nr. 28366)

- de heer Marco Van Hees aan de eerste minister over "het schandaal inzake de humanitaire visa" (nr. 28367)

- de heer Raoul Hedebouw aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "het schandaal inzake de humanitaire visa" (nr. 28368)

- de heer Marco Van Hees aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "het schandaal inzake de humanitaire visa" (nr. 28369)

- mevrouw Véronique Waterschoot aan de eerste minister over "het schandaal inzake de humanitaire visa" (nr. 28394)

- de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de toekenning van humanitaire visa" (nr. 28466)

- mevrouw Sarah Smeyers aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de humanitaire visa" (nr. 28572)

- mevrouw Monica De Coninck aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de humanitaire visa" (nr. 28851)

- de heer Georges Dallemagne aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de problematiek van de uitreiking van humanitaire visa tussen 2015 en 2018" (nr. 28858)

- mevrouw Julie Fernandez Fernandez aan de minister van Sociale Zaken en Volks­gezondheid, en van Asiel en Migratie over "het humanitairevisaschandaal" (nr. 28864)

 

De voorzitter: Collega's, aangezien het een actualiteitsdebat betreft, mogen de leden van fracties die geen monde­linge vraag hebben ingediend, aansluiten bij de vraagstelling en/of de repliek. Ik zal strikt toezien op de spreek­tijden, zoals bepaald in het Reglement.

 

Aangezien de heren Hedebouw en Van Hees niet aanwezig zijn, geef ik het woord aan mevrouw Waterschoot.

 

05.01  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Monsieur le président, madame la ministre, ma question avait d'abord été adressée au premier ministre car je souhaitais l'entendre sur la responsabilité du gouvernement dans cette affaire, mais je me réjouis d'entendre votre point de vue à ce propos.

 

Vu les deux minutes qui me sont accordées, je ne reviendrai pas sur les rétroactes de ce scandale, le visagate.

 

Voici mes questions. Depuis le début de la présente législature, le dossier des visas humanitaires a-t-il été évoqué en Conseil des ministres ou en kern? Nous savons que, dès le début de son mandat, M. Francken a réuni son administration et des ONG pour réfléchir à une nouvelle politique de visas humanitaires. Nous savons que Myria a envoyé des signaux d'alerte dès 2017 au sujet de l'augmentation du nombre de visas décernés. Le gouvernement s'est-il, à un moment, saisi de la question?

 

Ma deuxième question est relative à la lettre dénonçant le trafic, envoyée par le European Syriac Union. Le gouvernement a-t-il eu connaissance, de manière formelle ou informelle, de cette lettre envoyée en octobre 2018? Le cas échéant, une suite y a-t-elle été donnée?

 

En séance plénière, vous aviez confirmé que les détenteurs des visas de la filière Francken-Kucam étaient des victimes et que, dès lors, elles ne seraient pas sanctionnées. Confirmez-vous une telle jurisprudence qui serait alors appliquée à d'autres cas de migrants arrivant en Belgique via d'autres trafiquants de visas?

 

En termes de chiffres, vous aviez rapidement identifié, dans le début de votre enquête administrative, 600 dossiers de demande de visa humanitaire introduits par des intermédiaires individuels en 2018, dont 200 portaient le nom de M. Kucam. Connaissez-vous aujourd'hui le nombre précis de visas humanitaires délivrés par des intermédiaires individuels entre 2015 et 2018? Combien sont liés à la filière de M. Kucam et quel est le profil des personnes ayant obtenu des visas via l'intermédiaire de M. Kucam, en termes de nationalité, d'origine géographique, de sexe, d'âge, etc.?

 

Par voie de presse, …

 

Le président: Madame Waterschoot, votre temps de parole est dépassé. Posez votre question directement sans introduction.

 

05.02  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Très bien, monsieur le président.

 

Vous aviez annoncé par voie de presse avoir fermé la porte de votre cabinet aux personnes louches. De telles personnes se sont-elles présentées à votre cabinet et, le cas échéant, lesquelles?

 

05.03  Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen): Mevrouw de minister, de affaire legt het gebrek aan transparantie en het cliëntelisme, waaraan het kabinet van uw voorganger zich schuldig maakte, bloot. Dergelijke louche constructies zijn ontoelaatbaar.

 

Ik wil u vragen hoe u reageert op de wildgroei van mogelijkheden om aan humanitaire visa te geraken. De ene manier was al onbetrouwbaarder dan de andere. Bovendien werden ook allerlei officiële instanties zoals DVZ en het Commissariaat-generaal opzijgeschoven.

 

Zijn al die collectieve operaties ondertussen gestopt? Hebt u nog contact gehad met een aantal tussenpersonen? Hebben zij zich nog proberen aan te bieden bij u? Hoe hebt u daarop gereageerd?

 

Hoe ging u te werk als bevoegd minister tijdens de vorige legislatuur? Hebt u ook gewerkt met lijstjes die op uw kabinet werden overhandigd, zonder controle op kwetsbaarheid? Hebt u als bevoegd minister ook zulke collectieve bewegingen gemaakt, zoals humanitaire reddingsoperaties waarbij visa in groep worden toegekend, of hebt u dat nooit gedaan?

 

Wat is uw standpunt inzake religie als criterium? In 2014 werd een operatie opgezet, puur en alleen om christenen te redden uit Syrië, terwijl iedereen onderstreept dat kwetsbaarheid het belangrijkste criterium moet zijn.

 

Vindt u de mail die vanuit het kabinet-Francken aan het consulaat in Beiroet werd verstuurd, een teken van goed bestuur? Die mail heeft een bijzonder vreemde toon en is heel persoonlijk. Een van de tussenpersonen wordt daarin zelfs naar voren geschoven als bevoorrecht contactpersoon. Is het mogelijk dat er vanuit uw kabinet ook op dezelfde manier contacten zijn met onze diplomatieke posten?

 

Welk beleid voert u momenteel inzake humanitaire visa? Bent u het ermee eens dat het een belangrijk kanaal moet blijven voor een veilige, legale toegang tot Europa, weliswaar gelimiteerd tot de meest kwetsbaren? Hoe staat u tegenover mogelijke wetswijzigingen? Denkt u dat het nodig is om onze wetgeving op dat vlak strakker te maken?

 

Hoe ziet u de rol van de Verenigde Naties? Wij hebben geleerd dat de Verenigde Naties wel degelijk een belangrijke rol kunnen spelen, in tegenstelling tot wat de heer Francken altijd heeft gezegd. Zij hebben ook hun hulp aangeboden aan ons land. Zij blijken wel degelijk over expertise op dat vlak te beschikken, ook in tegenstelling tot wat altijd werd beweerd door de heer Francken.

 

Hoe en in welke mate zult u samenwerken met de Verenigde Naties en de VN-vluchtelingenorganisatie?

 

05.04  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, de ophef die de jongste weken is ontstaan, heeft vooral te maken met de werkwijze van een tussenpersoon. Als die werkwijze klopt, wat momenteel onderzocht wordt, gaat het om een laakbare en strafbare werkwijze. De tussenpersoon zou een financiële compensatie gevraagd hebben aan de Syrische christenen voor zijn bemiddeling bij het voormalige kabinet van Asiel en Migratie. Nogmaals, als dat waar blijkt te zijn, is dat laakbaar en strafbaar. We rekenen dus op het gerecht om hierin klaarheid te brengen.

 

Dat staat echter los van de bevoegdheid die u als nieuwe minister van Asiel en Migratie nog steeds hebt, namelijk het uitreiken van humanitaire visa aan mensen in nood. Dat is een geijkte formule om mensen op een legale manier uit een precaire situatie te redden en naar veiliger oorden te brengen. Er bestaat volgens mij geen discussie over het feit dat Syrische christenen in hun thuisland wegens hun religie in gevaar zijn.

 

Mevrouw de minister, streeft u naar een andere behandeling of naar een gelijke behandeling van de Syrische christenen in vergelijking met andere groepen waaraan u humanitaire visa uitreikt?

 

Ik heb nog een vraag die ik tijdens de hoorzitting aan verscheidene mensen heb gesteld. Was en is er volgens u een andere manier om christenen, van wie vaststaat dat hun leven wegens hun religie in gevaar is, uit Syrië te redden, gelet op het feit dat UNHCR geen voet aan de grond heeft in Syrië?

 

Ik verwijs volledigheidshalve naar de goedgekeurde resolutie om de regering expliciet aan te manen om inspanningen te leveren voor de bescherming van vervolgde christenen.

 

05.05  Monica De Coninck (sp.a): Mevrouw de minister, de zaak behoeft geen introductie en ik ga dus direct over tot mijn vragen.

 

Kunt u de cijfers van voormalig staatssecretaris Francken bevestigen? Hij tweette dat er 1 501 humanitaire visa werden uitgereikt via tussenpersonen. Wij hebben nog nooit ergens anders hierover officiële informatie gekregen, behalve via die tweet dan.

 

Hebt u een zicht op de aard en de urgentie van de operatie per netwerk?

 

Met Sant'Egidio werd er een contract gesloten over het verloop van de samenwerking. Werden er ook dergelijke akkoorden gesloten met andere tussenpersonen?

 

Werden er van de 1 501 visumaanvragen via tussenpersonen aanvragen geweigerd? Hoeveel en waarom?

 

Hoeveel keer gebeurde het dat de aanvrager van een humanitair visum via een tussenpersoon uiteindelijk op het consulaat kwam en geen laissez-passer kreeg en waarom?

 

Volgens ex-staatssecretaris Francken gebeurde de grondige check door het consulaat, maar de consul zegt terecht dat het ging om een soms verkorte en beperkte administratieve procedure. DVZ heeft hier ook verklaard dat er soms laissez-passers werden gegeven aan personen zonder paspoort. Gebeurde het dat DVZ de instructie gaf aan het consulaat om een laissez-passer te geven, zonder dat het consulaat over een document beschikte dat de identificatie mogelijk maakte, bijvoorbeeld een rijbewijs? Hoe zeker is men dat degene die een visum kreeg, wel degelijk de persoon was met de juiste identiteitspapieren? Werd er afgeweken van de standaarden die worden gehanteerd bij consulaten en/of de Veiligheid van de Staat? Hoeveel laissez-passers werden er uitgereikt via het systeem van humanitaire visa via tussenpersonen? Een overzicht per netwerk zou interessant zijn.

 

Hebt u een zicht op de wijze waarop de dossiers uiteindelijk werden bekeken door het kabinet? Hebt u bijvoorbeeld sporen gevonden van uitgebreide dossiers per aanvrager? Werden die dossiers bezorgd aan DVZ en zijn zij nog vindbaar?

 

Wie een humanitair visum aanvroeg via de ambassade en dus niet via een tussenpersoon, moest de eigen situatie uitvoerig documenteren.

 

De voorzitter: Mevrouw De Coninck, kunt u afronden? U hebt uw spreektijd van twee minuten al overschreden.

 

05.06  Monica De Coninck (sp.a): Mijnheer de voorzitter, ik ben nog altijd aan mijn vragen bezig. Ik heb geen inleiding gegeven.

 

De voorzitter: Ja, maar die twee minuten omvatten ook alle vragen. U stelt heel veel vragen over cijfergegevens, die normaal schriftelijk zijn. U mag ze stellen, maar wees beknopt en blijf binnen de tijd.

 

05.07  Monica De Coninck (sp.a): Mijnheer de voorzitter, ik ben heel snel.

 

Bij het eerste lijstje van humanitaire visa zou ik graag per netwerk een overzicht krijgen van het aantal personen dat uiteindelijk asiel aanvroeg en wanneer. Waarom werden er een aantal geweigerd? Sommigen bleken ook een dubbele nationaliteit te hebben. Wat was de tweede nationaliteit? Ook daarvan kreeg ik graag een overzicht per netwerk.

 

Ik heb nog een beleidsmatige vraag.

 

Mevrouw de minister, bent u bereid om mee na te denken over een werkwijze naar het Canadese model, dat bestaat uit hervestiging door burgers en organisaties binnen een vastgelegd quotum?

 

05.08  Georges Dallemagne (cdH): Monsieur le président, je vais résumer mes questions.

 

Madame la ministre, quel est le nombre de personnes ayant "bénéficié" de ce "visa Melikan Kucam"? À titre provisoire, vous aviez avancé le chiffre de 200. Avez-vous une idée des sommes versées par celles-ci? Nous savons qu'elles pouvaient s'élever jusqu'à 15 000, voire 20 000 euros.

 

La communauté syriaque - soit les chrétiens d'Orient - a lancé une alerte en octobre dernier. A-t-elle été entendue par d'autres membres du gouvernement? Savez-vous si d'autres alertes avaient été lancées au préalable? Ainsi, le cas de M. Van Overmeire avait été évoqué dès l'été dernier. Disposez-vous d'informations relatives au moment où furent signalées des extorsions de fonds?

 

Ces personnes étaient-elles vraiment les plus vulnérables, comme le prétend aujourd'hui la N-VA? En effet, nous savons que les syriaques eux-mêmes ont averti que l'on vidait des villes et des villages qui n'étaient pas menacés par l'État islamique, et alors même que les communautés chrétiennes souhaitaient surtout être protégées sur place. Bref, les critères de vulnérabilité ont-ils été clairement identifiés?

 

Plus généralement, ces visas étaient-ils motivés? Quel est le nombre de personnes concernées à avoir demandé et reçu un droit d'asile? Nous savons que certaines d'entre elles ont quitté le territoire belge. Qui sont celles qui ont bénéficié entre-temps du droit d'asile?

 

Vous avez décidé de modifier complètement les pratiques dans la délivrance de visas humanitaires. Qu'est-ce qui vous gênait particulièrement dans le système mis en place par Theo Francken? Qu'avez-vous choisi de lui substituer?

 

De voorzitter: Alle vragen die werden ingediend zijn gesteld. Mevrouw Fernandez Fernandez is nog niet aanwezig, maar zij kan straks aansluiten.

 

Dan geef ik nu het woord aan de fracties die nog vragen willen stellen.

 

05.09  Nawal Ben Hamou (PS): Madame la ministre, il n'est nul besoin de revenir ici sur le détail de ce qui est désormais connu comme le visagate, scandale sur lequel cette commission mène de nombreuses auditions. Nous aurons d'ailleurs encore l'occasion de vous entendre plus longuement dans le cadre de celles-ci. Toutefois, il importe de vous demander, dès aujourd'hui, quels sont les éléments dont vous avez hérité dans ce dossier lors de votre reprise des compétences. Quelles sont les mesures immédiates que vous avez prises en matière de visas humanitaires à votre arrivée?

 

Vous avez déclaré ne plus vouloir travailler avec d'autres intermédiaires que des organisations reconnues. Qu'en est-il aujourd'hui? Quelles sont ces organisations? Quelles mesures avez-vous prises au niveau de l'administration dans ce dossier? Avez-vous décidé d'associer plus étroitement que votre prédécesseur les instances compétentes en matière de vulnérabilité que sont le CGRA (Commissariat général aux réfugiés et aux apatrides) ou l'Office des Étrangers? Avez-vous déjà eu recours à votre pouvoir discrétionnaire depuis votre entrée en fonction?

 

05.10  Katja Gabriëls (Open Vld): Mevrouw de minister, ik heb nog drie bijkomende vragen.

 

Ten eerste, kunt u meer details geven over de wijze waarop de procedure voor de uitreiking van de humanitaire visa bij uw voorganger precies verliep?

 

Ten tweede, wat zult u doen als blijkt dat er toch een verband is met de genoemde maffiaclan? Als uit uw onderzoek blijkt dat wel degelijk malafide personen die niet kwetsbaar zijn humanitaire visa hebben gekregen, welk gevolg zal hieraan worden gegeven?

 

Ten derde, wat is de timing van het administratief onderzoek? Kan dit volgende week inderdaad worden afgerond?

 

05.11  Philippe Pivin (MR): Madame la ministre, je n'ai qu'une question essentielle à vous poser.

 

Que pouvez-vous nous dire aujourd'hui concernant l'enquête administrative que vous avez engagée après votre prise de fonctions? On sait que les conclusions de cette enquête nous seront livrées dans les prochaines semaines, mais j'imagine que vous avez déjà des éléments à fournir et c'est ce qui nous intéresse aujourd'hui.

 

05.12  Servais Verherstraeten (CD&V): Mevrouw de minister, tot en met 2014 waren er jaarlijks gemiddeld ongeveer 200 afgiftes. Daarna ging dat aantal crescendo tot meer dan 2 000. Wat zijn uw cijfers in uw eerste maanden? Wat zijn uw verwachtingen op jaarbasis voor de komende tijd?

 

Wat is uw politiek inzake medewerking met de administratie en de Verenigde Naties, inzake transparantie, controle en samenwerking met andere organisaties? Wat zijn uw lijnen?

 

Wat is de stand van zaken in het administratief onderzoek?

 

Verder heb ik nog enkele specifieke vragen.

 

Wat was de samenstelling van de verschillende groepen? Ik denk daarbij aan Sant'Egidio, de heer Geleyn, de tussenpersonen in Aalst en Melikan Kucam. Welke nationaliteit hebben zij? Wat is hun land van herkomst? Zijn het Syriërs? Zijn het Turken?

 

Kunt u per groep een overzicht geven op het vlak van herkomst, transit, nationaliteit en het aantal asielaanvragers? Wat zijn de verschillen tussen de groepen? Op die manier zouden wij per groep de cijfers kunnen vergelijken en daaruit desgevallend politieke conclusies kunnen trekken.

 

De voorzitter: Wenst nog iemand het woord? (Nee)

 

Dan is het woord aan de minister.

 

05.13 Minister Maggie De Block: Mijnheer de voorzitter, ik voel mij opnieuw als toen ik hier voor het eerst in de commissie voor de Binnenlandse Zaken moest verschijnen als staatssecretaris voor Asiel en Migratie. Eigenlijk zou ik mij dus zeven jaar jonger moeten voelen, maar dat is spijtig genoeg niet het geval.

 

05.14  Servais Verherstraeten (CD&V): U ziet er nog even goed uit.

 

05.15 Minister Maggie De Block: Dank u wel, u kunt goed liegen. (Gelach)

 

Collega's, bedankt voor uw vragen. Een aantal vragen gingen specifiek over de zaak van de heer Kucam. Sommige leden hebben er ook al op gewezen, die zaak is in handen van het gerecht. Ik reken erop dat die zaak wordt uitgezocht door het gerecht en dat de eventuele schuldigen zullen worden gestraft.

 

En tout état de cause, le gouvernement s'est constitué partie civile afin d'être impliqué et d'être tenu informé de la suite de l'enquête. Mes services coopèrent déjà pleinement avec la justice.

 

Ik heb tijdens het vragenuurtje in de plenaire vergadering alvast aangegeven dat ik de verblijfstitels van mensen die via de heer Kucam een visum hebben gekregen, principieel niet zal intrekken omdat zij het slachtoffer zijn. Het gaat om bonafide mensen.

 

Mocht het misbruik zo ver zijn gegaan dat ook aan malafide personen, die niet in gevaar verkeerden maar die om andere redenen naar ons land wilden komen, een humanitair visum werd afgeleverd, dan moeten wij natuurlijk wel optreden. Ik zal in dergelijke gevallen niet aarzelen om actie te ondernemen.

 

Voorlopig hebben wij daar evenwel geen indicaties van. Wij wachten de verdere resultaten af van het lopende gerechtelijk onderzoek.

 

On m'a demandé si le gouvernement était au courant de l'existence d'un certain courrier.

 

De heer Dallemagne was de eerste om daarmee uit te pakken in de Kamer. Ik heb die brief voordien nooit gezien. Ik was ook niet op de hoogte van het bestaan van die brief. Ik heb daarover in de Ministerraad of in het kernkabinet nooit iets gehoord. Ik neem dan ook aan dat de anderen daarvan evenmin op de hoogte waren.

 

Na die plenaire vergadering heb ik meteen contact opgenomen met een aantal Europese Parlementsleden. Ik vind het wel wat raar dat niemand die brief kon terugvinden in zijn mailbox. Voor mij is dat toch bizar.

 

Ik heb in elk geval van verscheidene mensen van diverse partijen vernomen dat zij die brief niet hadden ontvangen. Nochtans beweerden de betrokkenen dat zij die brief naar iedereen hadden verstuurd. Het zou om een vrij gesloten systeem gaan en het is dan ook raar dat niemand die brief heeft ontvangen.

 

Il y a ensuite eu une question sur la procédure suivie. Il existe plusieurs procédures permettant aux personnes vulnérables qui ont potentiellement besoin de la protection internationale de venir en Belgique en toute légalité. Cela peut se faire par la réinstallation.

 

Met die resettlement ben ik in 2013 begonnen, maar ze is daarna gestegen.

 

Cela peut se faire par la relocalisation, au travers d'une demande individuelle de visa humanitaire.

 

De hervestiging wordt op voorhand bepaald, eerst door UNHCR en later ook door het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen, dat daaraan meewerkt. Aan de voorgedragen personen kan een internationaal beschermingsstatuut worden toegekend. Op basis van het dossier van UNHCR, van de veiligheidsanalyses maar ook van het verhoor van het CGVS stelt de commissaris-generaal voor de staatssecretaris en vroeger ook voor mij een advies voor selectie op. De staatssecretaris geeft vervolgens de instructie aan DVZ voor de aflevering van een humanitair visum, zodat de geselecteerde vluchtelingen naar België kunnen afreizen.

 

Bij relocatie worden asielzoekers, dus geen vluchtelingen, van de ene lidstaat naar een andere getransfereerd. Het onderzoek naar de asielaanvraag wordt pas na de overdracht opgestart. Aangezien het hier om intra-Europese verplaatsingen gaat, wordt voor die personen geen visum maar enkel een reisdocument uitgereikt.

 

Er zijn, ten slotte, ook nog de humanitaire visa op basis van een individuele aanvraag. Een humanitair visum kan worden aangevraagd door personen die niet onder de categorieën vallen waaraan de vreemdelingenwet de mogelijkheid geeft een visum aan te vragen, zijnde op basis van gezinshereniging, studies, toerisme en zaken.

 

De tels visas sont demandés via une ambassade ou un consulat belge. Il appartient au pouvoir discrétionnaire du ministre de délivrer un visa à ces personnes. En principe, c'est l'Office des Étrangers qui prend ces décisions. Dans ce cadre, il est d'abord tenu compte de la jurisprudence découlant des arrêts du Conseil du Contentieux des étrangers et de la Convention européenne des droits de l'homme. Outre le droit et la jurisprudence, l'Office applique, lors de l'examen des demandes, un certain nombre d'autres critères comme le lien avec notre pays ou la possession d'un passeport.

 

De humanitaire visa, waarover de visumkwestie gaat, hebben deze laatste weg niet gevolgd. Er werden namenlijsten bezorgd aan DVZ door het kabinet van mijn voorganger. De administratie was niet op de hoogte van een selectiemethode. Er was ook geen gedocumenteerd dossier dat geanalyseerd moest worden. De instructie moest gewoon uitgevoerd worden.

 

Dat betekende concreet het volgende. Het kabinet bezorgde een lijst van personen per mail aan DVZ. In de lijst stonden ook telkens de namen van de tussenpersonen. Ik vernam daarnet van mevrouw Smeyers dat er nog 'tussen-tussenpersonen' waren, die hebben wij tot nu toe niet teruggevonden. DVZ stuurde ook een verzoek tot verificatie naar de Veiligheid van de Staat en het OCAD voor een veiligheidscheck. DVZ stuurde de resultaten van deze check naar het kabinet.

 

De instructie van het kabinet was om een afspraak te maken met de betrokken post en de toelating te geven om reisdocumenten en humanitaire visa type D, dus lang verblijf, af te leveren aan de betrokken persoon. Deze instructie werd door DVZ overgemaakt aan de betrokken post. DVZ maakte individuele uitnodigingen op voor de betrokken personen om te verschijnen bij de betrokken post voor de afgifte van een visum. Het doel hiervan is om de grensovergang van mensen die niet in Libanon wonen, te vergemakkelijken.

 

Deze uitnodigingen werden overgemaakt aan het kabinet. Het kabinet bezorgde deze uitnodigingen aan de tussenpersonen. De geselecteerde personen meldden zich aan bij de post voor de overhandiging van de reisdocumenten en visa.

 

L'instruction de délivrer un visa a donc été donnée par le cabinet. Contrairement aux instructions dans le cadre de la réinstallation, ces listes n'ont pas été signées par le secrétaire d'État, ni fournies sous enveloppe fermée. Elles ont été envoyées à partir d'une boîte mail d'un collaborateur du cabinet. La voie hiérarchique parcourue par ces listes ne peut être déduite des courriers à l'Office des Étrangers.

 

De aankomst in België werd niet geregistreerd. Het stond de betrokkenen vrij om in België een verzoek tot internationale bescherming in te dienen. Een groot deel van hen heeft dat ook effectief gedaan, een deel heeft dat tot nu toe nog niet gedaan. Het vermoeden bestaat ook dat een aantal mensen na hun aankomst naar een ander Europees land vertrokken zijn.

 

Welke criteria er werden gebruikt en de manier waarop de selectie van de personen gebeurde door het kabinet en de tussenpersonen, is mij tot nu toe nog niet duidelijk, in tegenstelling tot bij normale procedures zoals hervestiging of individuele aanvragen.

 

Concernant les chiffres demandés, l'enquête interne sur les listes envoyées par le cabinet est toujours en cours.

 

Ik heb gevraagd wanneer ik daarover kan beschikken. Men heeft mij gezegd dat dit in de volgende dagen zal zijn. Ik hoop hierover volgende week tekst en uitleg te kunnen geven.

 

Ik kan alleen algemene cijfers over de humanitaire visa geven. Tot 2015 schommelde het aantal visa rond de 200 per jaar. Vanaf 2015 is er een sterke stijging. In 2015 waren er 1 261 aanvragen waarvan 843 toegekend. In 2016 waren er 1 749 en 1 185 toekenningen. In 2017 waren er 3 067 aanvragen en 2 362 toekenningen. In 2018 waren er 2 733 aanvragen, waarvan er 2 149 een visum kregen.

 

De stijging is vooral te verklaren door een stijgend aantal Syriërs. In 2015 vormden zij de grootste groep. Ook in 2018 zien we dat het percentage stijgt. Toen kregen 1 610 Syriërs een humanitair visum.

 

We zien ook dat het aantal visa waarvoor de aanvraag via het kabinet verliep, is verdubbeld in 2018 ten opzichte van 2017. In 2017 was dat 20 % van de visa die werden afgeleverd. In 2018 was het al 40 %.

 

Dan nog een reeks vragen over de conclusies en het beleid dat ik nu volg.

 

Ik heb het al eerder verklaard. Ik heb vroeger nooit met tussenpersonen gewerkt en ik ben daar nu ook niet mee begonnen. Het lijkt mij inderdaad het beste een krachtig signaal naar de buitenwereld te sturen dat dit kanaal gesloten is en gesloten blijft.

 

Ik heb ondertussen al twee humanitaire visa aan kinderen uitgereikt. Dat heeft in de krant gestaan. Blijkbaar heeft men nu schrik om nog een visum aan te vragen, want het blijft bij twee.

 

Bien entendu, cela ne signifie pas que nous abandonnons à leur sort des personnes vulnérables provenant, par exemple, des camps de réfugiés. Au contraire, les personnes courant un véritable danger en raison de leurs convictions religieuses, par exemple, peuvent aussi compter sur nous.

 

Daarbij wens ik echter enkel te werken via betrouwbare organisaties, zoals het VN-vluchtelingenagentschap. Er kunnen ook andere organisaties meewerken maar voor mij is het cruciaal dat we 100 % zeker weten dat de mensen die geselecteerd worden om met een humanitair visum naar ons land te komen ook effectief kwetsbaar en in gevaar zijn. Er mogen dus geen andere motieven spelen.

 

Enkel als de selectieprocedure voldoende transparant en correct verloopt, zullen dergelijke visa nog toegekend worden. Ondertussen weten we ook, door de brief die de Verenigde Naties hebben geschreven, dat zij daartoe perfect in staat zijn. Dat blijkt uit het rapport dat zij aan de commissie van de Kamer hebben overhandigd.

 

Ik ben er ook van overtuigd dat door het werken met betrouwbare organisaties elk vermoeden van misbruik of cliëntelisme uitgesloten kan worden. Dat is iets waarbij we allemaal baat hebben, niet het minst de mensen die omwille van hun overtuiging of geloof gevaar lopen in het land van oorsprong. Daarnaast blijven natuurlijk ook de normale kanalen zoals resettlement en relocatie gelden. Die heb ik eerder al toegelicht.

 

Ik kom dan bij de suggesties die gedaan werden in verband met het systeem van de humanitaire visa. Ik heb verschillende suggesties gehoord om dat systeem te hervormen. Zoals gezegd sta ik open voor die suggesties maar mogen we vooral het kind niet met het badwater weggooien.

 

L'objectif du visa humanitaire est de nous permettre, dans des circonstances excep­tionnelles, de donner la chance à des personnes de venir dans notre pays afin qu'elles puissent ensuite demander un permis de séjour. Dans ce cadre, une certaine liberté discrétionnaire est essentielle.

 

Une liste de critères contraignants présente un double désavantage. D'une part, le risque existe que des personnes qui en ont besoin n'entrent pas en ligne compte parce qu'elles ne répondent pas à ces critères. D'autre part, le risque existe aussi que ces critères deviennent un droit exécutoire préjudiciable à son caractère exceptionnel.

 

L'objectif ne peut pas être que le système des visas humanitaires devienne un nouveau canal de migration distinct. Sans parler du fait qu'il puisse servir à contourner les autres canaux.

 

Ik onthoud de oproep voor meer transparantie. Zeker bij grotere operaties, zoals die met Syrische vluchtelingen, is het aangewezen het Parlement voldoende en regelmatig te informeren.

 

Ik ben ervan overtuigd dat niemand hier betwist dat die mensen toen moesten worden geholpen en dat wij hen steeds moeten blijven helpen, zoals mevrouw Smeyers vraagt, en dat wij daarbij gebruikmaken van het systeem van humanitaire visa.

 

Dat moet echter gebeuren mits samenwerking met betrouwbare organisaties die transparante en heldere selectieprocedures hanteren en mits regelmatig overleg met het Parlement. Op die manier kunnen wij misbruiken maximaal uitsluiten, wat voor mij de hoofdzaak is.

 

Er werden ook nog cijfermatige vragen gesteld die het voorwerp uitmaken ofwel van het onderzoek door het parket, ofwel van het administratief onderzoek. Wij hebben deze vragen genoteerd en ik hoop ze volgende week te kunnen beantwoorden.

 

05.16  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la ministre, merci pour vos réponses.

 

À la question de savoir si durant la législature le gouvernement a été saisi une fois - de manière formelle ou informelle - de la question des visas humanitaires, soit en Conseil des ministres, soit en kern, je n'ai pas entendu de réponse, ou j'ai mal entendu.

 

Ceci me paraît particulièrement étonnant. En effet, indépendamment de la compétence discré­tionnaire du secrétaire d'État, le nombre de visas augmentait terriblement. Par ailleurs, M. Jan Jambon, le ministre de l'Intérieur, était fortement préoccupé par la lutte contre le trafic des êtres humains. Si c'est bien le cas, je ne comprends pas comment il est possible que le gouvernement ne se soit jamais saisi de ce dossier pendant les quatre années et demie de cette législature.

 

J'en viens à la lettre de la communauté syriaque. Cela devient vraiment surprenant. Il conviendrait peut-être de faire la lumière à ce sujet. En effet, personne n'a entendu parler de cette lettre. Le fait que nous invitions ces personnes dans cette commission pourra aider - si elles acceptent de venir -  à comprendre ce qui s'est passé. De la bouche même du directeur de l'Office des Étrangers, c'est un milieu dans lequel les rumeurs vont vite. Qu'en est-il de cette lettre? J'espère que, soit dans le cadre de cette commission, soit dans le cadre de votre enquête administrative, on pourra disposer de quelques éléments à ce propos.

 

J'ai entendu différentes informations qui ne corroborent pas tout à fait celles de M. Francken. Vu que je n'ai que deux minutes, je ne m'étendrai pas trop, monsieur le président. J'ai notamment entendu qu'il ne signait pas les listes de visas humanitaires et qu'il n'y a donc pas eu de respect de la voie hiérarchique. C'est stupéfiant.

 

Concernant les pistes de réformes, vous savez que notre groupe a une proposition de loi qui vise à conserver la compétence discrétionnaire, mais aussi à la baliser et à l'encadrer. J'entends que ceci rencontre quelque peu vos objectifs et que vous y êtes ouverte. J'espère que, si ce n'est pas le cas au cours de cette législature, le Parlement prochain pourra s'en saisir.

 

05.17  Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen): Mevrouw de minister, dank u voor uw antwoord, dat duidelijk een koerswijziging inluidt ten opzichte van het systeem-Francken. Daar kunnen we alleen maar blij om zijn.

 

We hebben hier vandaag twee nieuwe, opmerkelijke zaken gehoord. Ten eerste, de lijsten van personen aan wie een humanitair visum moest worden uitgereikt, werden vanuit het kabinet aan de diplomatieke posten per mail bezorgd. Het is ongebruikelijk dat dat niet onder, bijvoorbeeld, gesloten omslag gebeurde. Ik heb de indruk dat die manier nogal discutabel en vrijblijvend is. Ten tweede is er na aankomst van de betrokken personen in België geen enkele vorm van registratie geweest. Met andere woorden, de staatssecretaris zorgt er via zijn louche constructie voor dat er humanitaire visa aan mensen worden afgeleverd, maar ik meen te begrijpen dat daarmee de kous voor hem af was. Mensen komen hier in België, maar elke registratie, elk spoor van die mensen ontbreekt dan, waardoor het veel onderzoek vergt om te weten wie asiel heeft aangevraagd en wie niet.

 

U onderstreept heel duidelijk dat u het anders zult doen en dat u niet meer met dergelijke tussenpersonen zult werken, maar met de VN of andere officiële organisaties. Als het mag, heb ik nog twee bijkomende vragen. Tenzij ik mij vergis, heb ik u, ten eerste, niet horen zeggen dat een wetswijziging opportuun en nuttig is. De vraag rijst inderdaad of de huidige ruimte in artikel 9 niet te breed is voor een regeringslid, met als gevolg dat ook misbruik mogelijk is. Misschien moeten we dat wat strakker maken met wat meer controle vanuit het Parlement en samenwerking met officiële organisaties. Wij hebben een wetsvoorstel ingediend, dat u misschien kunt bekijken, mevrouw de minister. Hopelijk kunnen we in de resterende weken nog tot een alternatieve oplossing komen. Het zou mooi zijn, collega's, als we in de periode van lopende zaken met het Parlement een einde kunnen breien aan de zaken die hier naar boven zijn gekomen.

 

Ten tweede, u hebt wellicht de mail van de kabinetsmedewerkster van de heer Francken aan de consul in Beiroet ondertussen gezien. Vindt u dat een normale manier van omgaan met een diplomatieke post? Ik moet zeggen dat ik de toon zeer familiair vind. Mij lijkt dat nogal ongebruikelijk. Bovendien is er in de mail ook sprake van een supervisor. Dat is ook nieuw. Het gaat om een supervisor voor die personen, niet Melikan Kucam maar een andere supervisor. Weet u wie dat was?

 

Dus graag kreeg ik van u enige commentaar op de mail, die is opgevraagd door de commissie en die wij inderdaad hebben gekregen.

 

05.18  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, ik wil nog even dieper ingaan op een paar dingen. U herhaalde dat een aantal mensen die via die corridor zijn gered, nog steeds geen asiel hebben aangevraagd.

 

Ik wil op dat vlak nog eens onderstrepen dat de instructies vanuit het kabinet van voormalig staatssecretaris Francken duidelijk waren. Dat bleek uit de hoorzittingen. Alleen christelijke Syriërs uit Syrië zelf konden een visum krijgen. Zij waren in die periode per definitie allemaal kwetsbaar. U zegt dat er geen criterium was, maar dat criterium is duidelijk naar boven gekomen in die hoorzittingen.

 

Die visa werden aangebracht op de Syrische paspoorten van de betrokkenen. Het was in de eerste plaats aan het consulaat, in casu in Beiroet, om te checken of daar geen valse paspoorten tussen zaten. Bij aankomst op de luchthaven van Zaventem moesten die paspoorten nog eens gecheckt worden. Dat hebben wij ook kunnen vernemen op die hoorzittingen.

 

U gebruikt het argument dat niet iedereen asiel heeft aangevraagd, als extra argument voor uw stelling dat alleen nog via UNHCR moet gewerkt worden. Ik durf die stelling toch te bekritiseren. Ik vind dat gevaarlijk. U zegt zelf dat wij het kind niet met het badwater mogen weggooien, al zegt u het in een andere context. Het is heel gevaarlijk om alleen nog via de VN en erkende organisaties te werken, opdat misbruiken onmogelijk zouden worden.

 

Als er misbruiken zijn, dan moeten die zeker de wereld uit geholpen worden, wat ik ondertussen al voldoende heb bevestigd, meen ik. De humanitaire organisaties en ngo's zijn, zoals u zelf zegt, ook niet altijd zuiver op de graat. Misbruiken bestaan er overal – dat zie ik bijvoorbeeld in mijn OCMW en u ziet dat binnen uw bevoegdheden nog meer –, maar dat mag geen reden zijn om helemaal niet meer met het systeem van een humanitaire corridor te werken.

 

Laten wij, zoals u zei, het kind dus niet met het badwater weggooien. De heer De Vriendt heeft daar een andere conclusie aan verbonden. Hij heeft niet gehoord wat ik wel heb gehoord, namelijk dat u…

 

05.19 Minister Maggie De Block: (…)

 

05.20  Sarah Smeyers (N-VA): Nee, u hebt dat in een andere context gezegd. U hebt namelijk gezegd dat u de discretionaire bevoegdheid wenst te behouden. Daarom stel ik voor om het kind niet met het badwater weg te gooien door heel het systeem van de humanitaire corridors af te schaffen. Wel moeten wij de misbruiken eruit halen. Dat pleidooi houden wij in heel ons beleid. Ik vraag u om dat beleid aan te houden.

 

De voorzitter: Mevrouw Smeyers, u moet afronden.

 

05.21  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, u zegt dat u van humanitaire corridors geen gebruik meer zult maken, maar de regering heeft haar werk hier gedaan. U klopt zich dus onterecht op de borst als u meedeelt dat u op die manier niet meer werkt, aangezien het systeem met humanitaire corridors ondertussen al afgerond is. De regering heeft ter zake haar werk gedaan.

 

05.22  Monica De Coninck (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, ik dank u voor uw antwoorden.

 

Niettemin blijf ik deels op mijn honger. Dat zeg ik, voor alle duidelijkheid, niet verwijtend. Ik wil wel aangeven dat ik uitkijk naar de resultaten van het administratief onderzoek. Daarna kunnen wij op basis van feiten en cijfers een aantal conclusies trekken.

 

Het gaat allemaal nogal snel, maar tenzij ik het verkeerd heb begrepen, kunnen wij concluderen dat er van 2017 naar 2018 een verdubbeling van de humanitaire visa is geweest.

 

05.23 Minister Maggie De Block: Het gaat om een procentuele verdubbeling via het speciale systeem.

 

05.24  Monica De Coninck (sp.a): Dat was dus via het speciale systeem, terwijl in het normale systeem het erkennings­percentage voor Syriërs daalde in vergelijking met bijvoorbeeld 2015, toen de oorlog in Syrië voor alle duidelijkheid ook het hardst woedde.

 

Misschien moet bij het Commissariaat-generaal ook eens worden nagegaan in welke mate de dubbele nationaliteit die mensen eventueel hadden, bij de erkenningsgraad een rol heeft gespeeld. Dit kan natuurlijk een element zijn dat de cijfers vertekent. Ik meen immers dat mensen met een dubbele nationaliteit dikwijls geen asiel krijgen omdat men ook rekening houdt met de andere nationaliteit.

 

Net als de heer De Vriendt vind ik het onwaarschijnlijk dat mensen naar hier werden gehaald zonder ook maar enige registratie naderhand. Er werd geen enkele begeleiding georganiseerd, noch werd er gecontroleerd of er begeleiding was.

 

Met humanitaire visa werden bijzonder kwetsbare mensen, die in erg speciale situaties hebben gezeten, naar hier gehaald. Alle procedures inzake controle werden daarbij opzijgeschoven. Mensen werden dus naar hier gehaald en daarna werd niet meer naar hen omgekeken. Men controleerde zelfs niet of zij wel asiel hebben aangevraagd.

 

Nochtans is dit destijds wel gebeurd met de corridor vanuit Aleppo in 2015. Toen diende men binnen de drie dagen asiel aanvragen. Hetzelfde gold voor de actie gecoördineerd door Sant'Egidio.

 

Deze lijstjes werden evenwel niet gecontroleerd. De staatssecretaris had het altijd over "streng, streng, streng". Ik vind dit echter ongelooflijk ongeloofwaardig.

 

De voorzitter: Mevrouw De Coninck, mag ik u vragen om af te ronden?

 

05.25  Monica De Coninck (sp.a): Ik kom dan even terug op de discussie van daarjuist over het systeem van de humanitaire visa.

 

Ik ben niet tegen humanitaire visa. Ik vind dat een minister zijn verantwoordelijkheid moet nemen en dat hij dat moet kunnen beargumenteren. Hij moet goede redenen kunnen aanhalen.

 

Men kan echter niet alle mogelijke situaties voorspellen in de toekomst, dat gaat niet. U hebt dus een legaal instrument nodig om uw verantwoordelijkheid te kunnen opnemen. Daar heb ik absoluut geen probleem mee. Ik heb er wel een probleem mee als er geen controle op de dossiers mogelijk is. Er moet een controle of een audit mogelijk zijn. Als gedurende vele jaren honderd tot tweehonderd humanitaire visa per jaar worden uitgereikt – die kan men nog controleren – en als dat aantal plots stijgt naar tweeduizend, dan moet men toch eens bekijken wat er aan de hand is. Had men controles nadien gedaan, dan zouden die zaken naar boven gekomen zijn.

 

Wij moeten daar eens over nadenken. Men mag het kind niet met het badwater weggooien, maar men moet er wel voor zorgen dat het bad niet overloopt.

 

05.26  Georges Dallemagne (cdH): Monsieur le président, madame la ministre, merci pour ces éclairages.

 

Nous avons bien compris qu'il y a une rupture nette entre le système Francken et la manière beaucoup plus professionnelle dont vous travaillez aujourd'hui.

 

Moi aussi, je suis choqué de voir que le nombre de visas accordés directement par le cabinet, sans aucun critère, sans aucune procédure, sans aucune motivation, sans suivi ultérieur des personnes arrivées en Belgique, sans enca­drement, a doublé en proportion entre 2017 et 2018. Vous avez dit que le pourcentage était passé de 20 à 40 % du nombre total de visas humanitaires accordés. Nous pouvons même penser que ce système s'est fait au désavantage de personnes vulnérables, qui avaient besoin d'une protection. C'est une instrumentalisation particulièrement choquante.

 

Vous avez aussi dit que ces listes n'étaient même pas signées par le secrétaire d'État, et que vous n'avez pas pu retracer exactement le circuit de ces listes au sein du cabinet.

 

Chers collègues, je pense que cela pose question, dans le cadre de cette responsabilité politique. Ne devrions-nous pas entendre cette collaboratrice de cabinet pour savoir ce qu'il s'est passé? Comment a-t-elle pris une telle initiative? Comment a-t-elle cru pouvoir établir des listes, recevoir des listes, délivrer des visas humanitaires? Quelle délégation de pouvoir avait-elle ou pas? A-t-elle agi sur instruction ou pas?

 

Cette procédure devient de plus en plus énorme, par rapport à ce dont il a été prétendu qu'il s'agissait d'une aide humanitaire d'urgence. Je crois que par rapport à ce qu'il s'est passé et à ces dysfonctionnements, il serait très utile que nous puissions entendre cette membre du cabinet. Tout le monde a déjà entendu parler de ses responsabilités dans cette histoire et de sa proximité avec Melikam Kucam - il suffit d'aller sur Facebook.

 

J'aimerais que nous fassions la clarté sur la manière dont ce cabinet ministériel fonctionnait et sur les prétentions qu'il avait à prétendument accorder de l'aide humanitaire, alors que nous savons aujourd'hui qu'il s'agissait d'un trafic d'êtres humains et d'extorsion de fonds. Je crois qu'il y a là une responsabilité politique et il faut faire la clarté par rapport à cette personne.

 

Par ailleurs, madame la ministre, vous avez répété - et je vous suis parfaitement - qu'il ne fallait pas mettre en place des critères trop stricts pour ces visas humanitaires. Il faut, dans la mesure du possible, user de ce pouvoir discrétionnaire tout en maintenant de la transparence. Je suis d'accord avec vous. C'est d'ailleurs dans cet esprit que nous avons déposé une proposition de loi qui ne vise pas tant à établir des critères, mais à recevoir au Parlement un rapport détaillé, de telle manière à permettre un débat sur la façon dont la ou le ministre a pu travailler dans ce domaine-là. Je crois que c'est dans ce cadre-là qu'il faut travailler à l'avenir. Il s'agit donc, a priori, d'avoir ce pouvoir discrétionnaire avec, a posteriori, la possibilité d'en débattre avec le gouvernement. Il faut pouvoir vérifier que ce pouvoir discrétionnaire ne se transforme pas en pouvoir arbitraire et contrôler son utilisation.

 

Enfin, dernière remarque d'importance: je retiens, madame la ministre, que vous pouvez travailler avec des organisations dignes de confiance et non pas avec des intermédiaires. Vous refuserez de travailler avec ces intermédiaires. Comme vous l'avez dit, ce canal est fermé. Tant mieux! Vous allez travailler avec des organisations dignes de confiance, y compris et si nécessaire en Syrie. Cela existe, on le sait. Il n'y pas de souci à ce sujet.

 

Ma question sur l'alerte était effectivement liée à ce courrier. Nous verrons bien où celui-ci est arrivé, mais le secrétaire d'État Francken a dit lui-même qu'il avait été informé dès le mois d'octobre par d'autres canaux. Ma question était aussi celle-là. Il y a visiblement eu une alerte donnée depuis longtemps, depuis septembre ou octobre, peut-être même depuis juillet ou août par M. Van Overmeiren.

 

05.27  Julie Fernandez Fernandez (PS): Je remercie la ministre pour sa réponse.

 

Très brièvement, je pense que l'enquête administrative nous apportera les éléments factuels qui nous manquent. Les chiffres annoncés par la ministre viennent remettre du flou et ajouter des questions à celles que nous avions déjà et pour lesquelles nous attendons toujours des réponses.

 

Ce dossier a été traité avec laxisme. La vraie question aujourd'hui est de savoir si ce laxisme était volontaire de la part du secrétaire d'État et de son cabinet ou pas? Là résidera la responsabilité politique.

 

Tout comme mes collègues, je pense qu'il ne faut pas jeter le bébé avec l'eau du bain. Ce système doit être préservé; sans doute un peu balisé, mais je sais que Mme la ministre a déjà occupé ce poste et il n'a jamais été question de dysfonctionnements semblables, ni avant elle. Le problème ici n'est pas le système, mais comment ce système a été utilisé pour opérer des sélections dans la désespérance humaine en confiant cela à des organisations criminelles qui ont fait de l'argent dessus. Toute l'indignité de ce dossier se trouve là. Je serai, comme mes collègues, intéressée d'entendre les résultats de l'enquête.

 

05.28  Servais Verherstraeten (CD&V): Mijnheer de voorzitter, ik heb iets van de minister gehoord waarover ik graag een kleine, aanvullende vraag wil stellen.

 

De voorzitter: U mag dat eigenlijk niet, maar ik zal het toch toestaan.

 

05.29  Servais Verherstraeten (CD&V): Mijnheer de voorzitter, het zal maar twintig seconden duren.

 

Mevrouw de minister, met betrekking tot de lijsten die naar het consulaat gingen, hebt u gezegd dat dat niet in een gesloten omslag gebeurde. Is dat gebruikelijk?

 

Ook zei u dat er geen handtekening op stond, maar de vreemdelingenwet vereist toch een machtiging door de minister? Is er dan geen handtekening vereist?

 

Ten slotte, kan op de mensen die hier al dan niet geregistreerd zijn, die doorreizen en in een land van aankomst asiel aanvragen, de Dublin­conventie worden toegepast?

 

05.30  Maggie De Block, ministre: Monsieur le président, madame Waterschoot, le gouverne­ment et en l'occurrence le ministère des Affaires étrangères étaient au courant, en 2015, de l'existence de ce groupe de 150 personnes à Alep. Pour le reste, le gouvernement n'était pas au courant.

 

Mijnheer De Vriendt, wat mij betreft is een wetswijziging niet opportuun. Ik wil dat de discretionaire bevoegdheid blijft en ik zie geen reden om die te wijzigen, als men de procedures volgt, zoals ik ook heb gedaan van 2011 tot 2014.

 

Ik ga wel akkoord met verschillende leden dat er een grotere transparantie moet zijn en dat men bijvoorbeeld een keer per jaar de cijfers kan toelichten in het Parlement. Zo kan men aantonen vanwaar de cijfers komen, wat erin zit inzake resettlement, wat de bijzondere omstandigheden waren in landen waardoor mensen in gevaar zouden zijn geweest.

 

Men sprak recent in de pers ook over een mail waarin zou staan dat er een supervisor aangeduid zou zijn geweest. Ik heb daar geen weet van en ik heb daar ook niets van teruggevonden. Voor alle duidelijkheid, er is mij daarover bij de overdracht van het ene kabinet naar het andere ook niets gezegd.

 

Pour répondre à M. Dallemagne, je n'ai jamais entendu de rumeurs; je n'ai jamais vu de lettres. C'est le jour même de l'annonce du reportage à la télévision flamande que j'ai entendu cette information. Le soir même, j'ai sollicité une enquête administrative au service. C'est la seule chose que je pouvais demander.

 

Ik wist dat de rest via het onderzoek van het parket zou moeten komen, maar ik heb de avond zelf gevraagd naar het administratief onderzoek omdat ik verwachtte dat er vragen zouden komen.

 

Mevrouw Smeyers, ik heb nooit gezegd dat ik alleen via UNHCR zou werken. Ik zal ook via andere betrouwbare organisaties werken. Het is goed mogelijk dat die mensen allemaal kwetsbaar waren, maar ik zie alleen dat ze niet allemaal asiel hebben aangevraagd. De vraag is dan waarom zij geen asiel hebben aangevraagd. Zijn ze naar een ander Europees land gegaan? Wij kunnen het niet weten.

 

De heer Verherstraeten heeft gevraagd of de Dublinverordening daarop van toepassing is. Zij komen hier binnen met een visum om humanitaire redenen. Zij bevinden zich in de Schengenzone en kunnen zich daarbinnen verplaatsen. Er wordt daarvan geen registratie gedaan omdat zij al in de Schengenzone zijn. Wij kunnen dus niet nagaan waar zij zijn.

 

Iemand heeft zich in de pers afgevraagd waarom er geen Eurodac is. Waarom niet? Omdat ze zich al in de Schengenzone bevinden en de buitengrenzen dus al zijn overschreden.

 

Er bestaat dus geen twijfel over dat een aantal mensen hebben besloten om geen asiel aan te vragen in België of zich hebben verplaatst, maar in elk geval kunnen wij ze niet terugvinden.

 

Mevrouw De Coninck, het is inderdaad een nuttig systeem. Ik zou het ook graag behouden, want het gaat om uitzonderlijke omstandigheden. Zoals u zelf zegt, kunnen wij nu niet voorspellen welke uitzonderlijke omstandigheden zich volgende maand of volgend jaar zullen voordoen. Een grotere transparantie ten aanzien van het Parlement is daarbij wel nodig.

 

Monsieur Dallemagne, comme je l'ai déjà dit, nous n'étions pas au courant au sein du gouvernement. Pour Alep, oui, mais il faut différencier Alep du constat du nombre plus important de visas.

 

Bij acties die met de VN uitgevoerd zijn, was men verplicht om asiel aan te vragen. In het geval van Aleppo hebben we dat ook gezien, die mensen hebben allemaal asiel aangevraagd. Daarna was er in sommige gevallen ook gezinshereniging, via dezelfde weg. Alles was dus traceerbaar door de manier van werken.

 

Mijnheer Verherstraeten, ik geef u de informatie die wij van de Dienst Vreemdelingenzaken gekregen hebben. Dat gebeurde via mail, dus niet onder gesloten omslag. Er stond ook geen handtekening van de staatssecretaris op. Ik kan dat niet weten, want ik was er niet bij, ik keek niet mee over zijn schouder. Als de Dienst Vreemdelingenzaken mij dat meedeelt, wil ik dat echter wel geloven.

 

Wat Dublin betreft, heb ik u al geantwoord. Dat was eigenlijk niet van toepassing en we konden dat ook niet weten.

 

De rest zal voor volgende week zijn. We zullen zien wat er bij de diensten nog getraceerd kan worden. Ik hoef u niet te zeggen dat er bij de overdracht van het kabinet geen enkele lijst van bestond. Er werd ook niet gezegd dat er met tussenpersonen werd gewerkt en ik ben niet benaderd door schimmige tussenpersonen.

 

Alleen Sant'Egidio heeft twee weken voor de reportage een afspraak gevraagd om opnieuw het geval van een groep kwetsbare mensen te behandelen. De heer Devolder heeft het daarover gehad. Men wou dat terug regelen met hun gemeenschap. Ik heb mij toen echter zeer afwachtend opgesteld omdat wij nog een achterstand hebben in de hervestiging.

 

Die hervestiging is een engagement van ons land en wij konden in 2018 de geplande operatie niet uitvoeren omdat het opvangsysteem overvol zat. De mensen die geselecteerd waren en een toezegging hadden gekregen, moesten dus wachten. Wij gaan nu inspanningen doen om onze afspraken na te komen. Ik zal straks ook uitleggen waarom ik meer opvang nodig heb. Dat is onder meer nodig om daar een inhaaloperatie te kunnen uitvoeren. Het maakt ons in de internationale context natuurlijk niet sympathiek als wij niet aan hervestiging doen en wij dus ons engagement niet nakomen. Wij moeten op dat vlak een hersteloperatie doorvoeren.

 

De voorzitter: Wenst nog een commissielid kort te repliceren?

 

05.31  Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, ter verduidelijking wil ik nog even meegeven dat ik teleurgesteld ben omdat u een wetswijziging niet nodig acht.

 

Voor mij is ze, eerlijk gezegd, wel nodig, niet door de discretionaire bevoegdheid van de minister of de staatssecretaris in te perken en dus een automatisch recht op een humanitair visum te creëren. Dat is niet de bedoeling. Ons wetsvoorstel heeft echter wel de bedoeling de minister te verplichten met erkende organisaties samen te werken, zoals de Verenigde Naties of andere organisaties. Met die lijst kan dan naar het Parlement worden gekomen, zodat ten minste transparant is met welke organisaties een corridor kan worden opgezet. Ook willen wij een zekere vorm van parlementaire controle via een jaarverslag aan het Parlement en dies meer.

 

Dat zijn punten die nu niet in de wet staan. In de vreemdelingenwet staat nu amper iets over humanitaire visa.

 

Het is dus opportuun zulke wantoestanden in de toekomst te vermijden voor een volgende minister of staatssecretaris, ongeacht wie dat dan ook moge zijn.

 

Wij moeten het kader echter strakker maken, zonder – ik herhaal het – een automatisch recht op een humanitair visum te creëren.

 

05.32  Georges Dallemagne (cdH): Madame la ministre, je suis surpris par le fait que l'Office des Étrangers réponde à une demande qui émane du cabinet sans la signature du secrétaire d'État, s'agissant d'accorder des visas humanitaires. C'est une décision très importante – des vies humaines sont en jeu – et l'Office des Étrangers suit une demande du cabinet non signée. Est-ce normal?

 

De voorzitter: Mijnheer Dallemagne, wij gaan het debat hier wel afsluiten. U kunt uw repliek nog geven…

 

05.33  Georges Dallemagne (cdH): (…)

 

De voorzitter: …maar wij gaan geen twee of drie ronden organiseren. Het Reglement voorziet daar niet in.

 

05.34  Georges Dallemagne (cdH): C'est une question très simple! Je ne demande qu'un commentaire à la ministre.

 

De voorzitter: U kon dat daarstraks ook gedaan hebben. U hebt dat niet gedaan.

 

05.35  Georges Dallemagne (cdH): Je pense que la réaction de la ministre pourra m'être très utile dans le débat.

 

Est-il normal qu'un courrier non signé par un secrétaire d'État soit suivi d'effets par un responsable d'une administration?

 

De voorzitter: Ik meen dat dit zal blijken uit de conclusie van het administratief onderzoek, volgende week.

 

05.36  Maggie De Block, ministre: Je peux seulement vous transmettre l'information que j'ai reçue de l'Office, selon laquelle il n'y avait pas de signature. Je n'ai pas demandé pourquoi.

 

Nous vous fournirons des réponses aux questions que vous avez posées, mais je ne peux vous dire autre chose que ce que l'Office m'a communiqué.

 

05.37  Georges Dallemagne (cdH): C'est tout à fait inhabituel et cela me paraît contre la loi.

 

De voorzitter: We sluiten hiermee het actualiteitsdebat af.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

06 Question de Mme Julie Fernandez Fernandez à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "l'état du département dont la ministre reprend la charge" (n° 28062)

06 Vraag van mevrouw Julie Fernandez Fernandez aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de toestand op het departement waarvoor de minister bevoegd wordt" (nr. 28062)

 

06.01  Julie Fernandez Fernandez (PS): Monsieur le président, madame la ministre, en reprenant les dossiers laissés par votre prédécesseur, vous avez qualifié l'état de la situation de "chaos". Et c'était avant d'être informée du dossier qui vient de nous occuper longuement.

 

Il s'agit d'un sentiment largement partagé par l'opposition et ce, quasiment depuis le début de la législature. Le plafond d'enregistrement auprès de l'Office des Étrangers est un exemple de politique à l'origine de cette situation chaotique tant pour les demandeurs que pour les services et les autorités locales chargées de gérer l'espace public aux abords des bâtiments.

 

Un deuxième élément reflète manifestement la situation critique dans laquelle vous avez trouvé l'instrument de la politique d'asile et de migration. Je veux parler des capacités d'accueil de Fedasil aujourd'hui à saturation - vous me direz l'état actuel par rapport au moment où j'ai déposé ma question -, après que de nombreuses places aient été fermées, gelées, réouvertes, annoncées à nouveau comme fermées… tout ceci malgré les appels pressants des travailleurs pour un plan de route clair et répondant aux besoins. Et on peut supposer que vous avez encore découvert d'autres dossiers de ce genre.

 

Madame la ministre, pouvez-vous nous dresser votre diagnostic et ébaucher les pistes de solutions que vous entendez mettre en place pour qu'enfin, la Belgique puisse à nouveau mener une politique d'asile et de migration digne de ce nom?

 

06.02  Maggie De Block, ministre: Monsieur le président, madame Fernandez Fernandez, mon prédécesseur avait instauré un quota de cinquante demandeurs par jour, mais entre-temps, le Conseil d'État nous a appris dans son avis que cette mesure était illégale. En effet, tout le monde est en droit de faire enregistrer une demande en vue d'obtenir la protection internationale.

 

Cette démarche a eu pour résultat de longues files d'attente et un chaos devant le Petit-Château, ce qui a provoqué non seulement des nuisances dans le quartier, mais également des situations indignes dans les rues de Bruxelles. Il s'agissait d'une mesure prise dans un souci d'ordre public et pour le bien-être des personnes concernées. C'est pour cette raison que j'ai directement mis fin à ce quota, d'autant plus que c'était illégal.

 

Depuis lors, nous sommes à nouveau parvenus à enregistrer et à accueillir le jour même les demandeurs de la protection internationale. Je souhaite aussi surtout un traitement plus rapide des demandes d'asile. Ainsi, les personnes concernées sont plus rapidement fixées sur leur sort. Il y a une meilleure gestion des sorties du réseau d'accueil et nous pouvons également procéder plus rapidement à l'expulsion des personnes qui n'ont pas reçu de reconnaissance.

 

Pour permettre l'accueil, mes services se sont tout de suite mis au travail afin de créer des places d'accueil supplémentaires car, évidemment, pendant quelques mois le réseau fut sursaturé. Mille cinq cents places de réserve ont été activées, si bien que les files d'attente ont entre-temps disparu.

 

06.03  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la ministre, je vous remercie pour la franchise de votre réponse.

 

En effet, vous dites finalement ce que l'opposition a dénoncé durant de longs mois par ses nombreuses questions. Je me réjouis que la situation se soit améliorée et que l'on ait réouvert des places d'accueil. Comme vous l'avez dit vous-même, nous avons vécu des situations indignes sur le plan humain, simplement à cause de la volonté du secrétaire d'État qui vous a précédée.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De voorzitter: Vraag nr. 28089 van mevrouw Grovonius wordt omgezet in een schriftelijke vraag.

 

07 Samengevoegde vragen van

- de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de situatie met betrekking tot de LOI's" (nr. 28114)

- mevrouw Julie Fernandez Fernandez aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de situatie van de LOI's" (nr. 28863)

07 Questions jointes de

- M. Wouter De Vriendt à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la situation en ce qui concerne les ILA" (n° 28114)

- Mme Julie Fernandez Fernandez à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la situation des ILA" (n° 28863)

 

07.01  Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, in maart 2018 gaf uw voorganger de opdracht om een significant deel van de lokale opvanginitiatieven, afgekort de LOl's, te sluiten in het kader van het afbouwplan van het opvangnetwerk.

 

Onze fractie heeft altijd gewaarschuwd voor een veel te snelle afbouw van de opvangcapaciteit, zeker en vooral ook voor de individuele opvang. De LOl's bieden namelijk een duidelijke kwalitatieve meerwaarde, maar zijn moeilijker op korte termijn te activeren. Lokale besturen sluiten voor de LOI's heel wat lokale contracten af en een al te bruuske sluiting confronteert de lokale besturen natuurlijk met de nodige problemen.

 

Wij hebben daarom voorgesteld om een buffercapaciteit ter beschikking te houden, bijvoorbeeld voor asielzoekers in het kader van hervestiging, transitwoningen of daklozenopvang.

 

Bij de LOI's en bij de lokale besturen bestaat er zeer veel onduidelijkheid over de toekomst, deels ook vanwege maatregelen die u hebt aangekondigd, waaronder het opnieuw creëren van extra opvangcapaciteit. Daarom heb ik vragen over de rol van de LOI's ter zake.

 

Mevrouw de minister, wat is de huidige situatie van het netwerk van lokale opvanginitiatieven? Hoeveel plaatsen zijn er nog over en hoeveel plaatsen waren er begin 2018?

 

Welke rol kunnen de LOI's voor u spelen?

 

Zult u snel de onduidelijkheid kunnen wegnemen bij de lokale OCMW's inzake de sluiting en de toekomst van de LOI's?

 

07.02  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la ministre, vous avez pu annoncer votre intention de suspendre la fermeture de places dans les centres d’accueil collectifs. Toutefois, il convient de souligner que de nombreuses  communes et des CPAS du pays ont investi et mis à disposition des logements individuels pour demandeurs d’asile dans le cadre des initiatives locales d’accueil (ILA).

 

Votre prédécesseur, très frileux quant à l’accueil individuel, laissait entendre qu’il comptait fermer massivement des places dans ce réseau également, alors qu’il y reste des places disponibles. Qu’en est-il aujourd’hui? Comptez-vous maintenir les places en ILA et le financement qui y est lié? Ou comptez-vous, au contraire, maintenir ce dispositif dans une logique d’accompagnement et d’insertion au plus près des demandeurs d’asile?

 

07.03 Minister Maggie De Block: Mijnheer De Vriendt, mevrouw Fernandez Fernandez, het is een beetje vreemd verlopen, wat de LOI-plaatsen betreft. Begin januari zou door de afbouw de conventionele capaciteit dalen tot 5 300 plaatsen, komende van 9 870 plaatsen begin 2018.

 

Fedasil heeft in december twee communicaties naar de LOI's verstuurd.

 

Il s'agit, d'une part, de présenter les mesures transitoires pour les personnes se trouvant encore aux endroits qui allaient fermer après le démantèlement prévu par mon prédécesseur et, d'autre part, de leur proposer de conclure une nouvelle convention pour ces places prolongées ou pour créer des places supplémentaires.

 

Op het terrein zorgde dat voor verwarring, maar door die maatregel waren er op 7 februari 2019 dan toch al opnieuw 6 197 plaatsen. Wij hebben dus de sluiting van 1 000 plaatsen kunnen verhinderen. Met die communicaties werden de grootste onduidelijkheden voor de LOI's weggenomen.

 

Ik houd eraan om, zoals vroeger, voor een deel in collectieve opvang te voorzien, maar ook een rol te behouden voor de individuele opvang, zoals die in het regeerakkoord werd vastgelegd. Die opvang dient in de eerste plaats voor kwetsbare groepen en vervolgens voor verzoekers om internationale bescherming met een hoge beschermingsgraad. Ik zal dat beleid, conform het regeerakkoord, weer voortzetten.

 

Als wij plaatsen bij creëren in de collectieve opvang, zullen wij er ook opnieuw bij creëren in de individuele opvang, weliswaar op een vrijwillige basis. Er zijn genoeg steden en gemeenten die daarop opnieuw willen ingaan. Omwille van het speciale karakter van de individuele plaatsen zullen wij de verhouding die er vroeger was verder respecteren.

 

07.04  Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen): Dank u voor uw antwoord, mevrouw de minister.

 

Het is in meerdere opzichten geruststellend. Een herstel van het evenwicht is zeker nodig. Ook ten aanzien van de lokale besturen is er wat meer voorspelbaarheid in het beleid en wat meer zekerheid nodig, zodat de engagementen die zij aangaan ook kunnen worden gehonoreerd.

 

07.05  Julie Fernandez Fernandez (PS): Brièvement, j'irai dans le même sens que mon collègue.

 

Je suis rassurée par les réponses de la ministre. Elles diffèrent quelque peu de ce qu'on a entendu jusqu'à présent. Il est essentiel pour les communes et les CPAS ayant investi dans ce type de dynamique, de disposer de certitudes permettant de se projeter dans l'avenir et de s'organiser au mieux.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

08 Questions jointes de

- Mme Julie Fernandez Fernandez à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le statut de la famille de Mawda Shawri" (n° 28211)

- Mme Véronique Waterschoot à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "les conditions de séjour de la famille de Mawda, décédée suite à un tir policier" (n° 28220)

- Mme Sarah Smeyers à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la régularisation des parents de Mawda" (n° 28854)

08 Samengevoegde vragen van

- mevrouw Julie Fernandez Fernandez aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de status van het gezin van Mawda Shawri" (nr. 28211)

- mevrouw Véronique Waterschoot aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de voorwaarden voor het verblijf van de gezinsleden van Mawda, de peuter die door een politieagent werd doodgeschoten" (nr. 28220)

- mevrouw Sarah Smeyers aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de regularisatie van de ouders van Mawda" (nr. 28854)

 

08.01  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la présidente, madame la ministre, il n'est pas besoin de retracer ici le drame qu'ont vécu les parents de la petite Mawda Shawri, décédée au cours d'une opération de police en mai dernier.

 

Les différentes enquêtes menées par le Comité P étaient annoncées au Parlement. Je pense qu'elles ont été présentées la semaine dernière. On ne peut qu'espérer que ces enquêtes contribueront à éclairer les circonstances de cette tragédie et que justice sera faite dans ce dossier, même si je viens de lire dans un communiqué Belga qu'une deuxième enquête du Comité P va être lancée.

 

Toujours est-il que, dans la foulée de ces évènements, si la famille de cette petite fille de deux ans a été reçue par M. Michel, la question de savoir si elle a pu bénéficier d'un statut pérenne en Belgique ne semble pas avoir été clarifiée. Je sais que cela l'a été dans la presse, mais vous comprendrez que nous souhaitons, ici au Parlement, connaître les détails.

 

Voorzitter: Monica De Coninck.

Présidente: Monica De Coninck.

 

Je voudrais que vous puissiez nous donner des informations sur la situation de cette famille.

 

Pouvez-vous me dire si la famille de Mawda Shawri a obtenu un statut lui permettant de résider de manière permanente en Belgique? Quels sont les différents éléments du dossier?

 

08.02  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la ministre, le 17 mai 2018, une enfant de deux ans est décédée dans des circonstances dramatiques, à cause d'une balle tirée par un policier lors d'un contrôle de migrants. L'événement est à replacer dans le contexte de la logique de chasse aux sans-papiers, mise en place depuis des mois par le précédent gouvernement.

 

Plusieurs procédures sont en cours afin de faire toute la lumière nécessaire sur les faits. Le parquet de Mons est en charge de l'enquête judiciaire concernant le tir policier, tandis que le parquet fédéral traite le volet du trafic d'êtres humains. Le Comité P a bouclé une première enquête sur la période des poursuites, et une seconde est en passe d'être finalisée. Elle porte sur la plainte de Myria et est relative à l'arrestation de migrants. Ces deux enquêtes avancent, mais le volet judiciaire devrait prendre plus de temps.

 

Depuis ce terrible décès, la famille de cette fillette était dans une situation kafkaïenne: à la fois obligée de demeurer sur le territoire, afin de suivre le procès dans lequel elle s'est constituée partie civile, et par ailleurs sous le coup d'un ordre de quitter le territoire, que le gouvernement, dans sa mansuétude, s'était engagé à ne pas exécuter. La famille a introduit une demande de régularisation pour circonstances exceptionnelles en mai 2018. Sans régularisation, cette famille ne pouvait ni travailler ni émarger au CPAS. Grâce à la solidarité citoyenne, cette famille a pu vivre jusqu'ici. Le tribunal de Bruxelles vient bien heureusement de rendre un jugement contraignant le CPAS de Woluwe-Saint-Pierre à prendre la famille en charge. Pour votre part, vous venez d'octroyer un visa humanitaire d'une durée d'un an à la famille.

 

Madame la ministre, mes questions sont les suivantes. Pourquoi la procédure d'octroi d'un visa humanitaire a-t-elle duré neuf mois, alors que la situation de cette famille qui est en grande détresse est bien connue? Pourquoi avoir accordé un visa d'un an? Quelles seront les conditions de renouvellement? Y a-t-il une perspective de titre de séjour permanent pour cette famille?

 

Je vous remercie pour vos réponses.

 

08.03  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, u hebt besloten de ouders van de overleden peuter Mawda te regulariseren. Voorlopig krijgen zij een verblijfsvergunning van één jaar, die nadien verlengd kan worden. U hebt die discretionaire bevoegdheid, dus dat is volstrekt mogelijk.

 

U hebt daarbij verklaard dat de familie op alle vlakken in aanmerking komt voor de regularisatie, ondanks het negatief advies van de Dienst Vreemdelingenzaken. Dat negatief advies was gebaseerd op het feit dat de familie weigerde te stappen in de procedure voor slachtoffers van mensenhandel, en ze op die manier geen medewerking moest verlenen aan het parket en aan andere diensten in het onderzoek naar mensenhandel.

 

Laat ik duidelijk zijn, een kind verliezen is het ergste wat ouders kan overkomen. Het siert u dat u hun de kans geeft het onderzoek naar de dood van hun dochtertje op de voet te volgen en zo hun rouwproces aan te vatten. Maar ik meen dat wij toch voorzichtig moeten zijn en dat empathie in sommige gevallen een slechte raadgever kan zijn, zeker in het moeilijke departement Asiel en Migratie.

 

Uw beslissing mag geen valse hoop geven, maar kan dat wel doen. Zij kan verwachtingen scheppen bij anderen die al jaren in de illegaliteit verblijven.

 

U hebt zopas gezegd dat u nog maar twee regularisaties hebt moeten doen sinds uw aantreden. Ik hoop dat de aangehaalde zaak geen precedent schept. U geeft eigenlijk aan dat bijvoorbeeld de weigering in de geijkte procedure te stappen, toch geen reden kan zijn om een bepaalde regularisatie of een verblijfsvergunning te weigeren. U geeft zo aan dat mensen toch beloond kunnen worden ondanks de voorwaarden die wij stellen, namelijk om mee te werken aan bepaalde onderzoeken naar mensenhandel.

 

Meer nog, u beloont de familie met een humanitair visum, terwijl de Dublinconventie met terugkeer naar Duitsland tot gevolg, niet werd nageleefd. Ik kan u enerzijds begrijpen, maar ik hoop dat u zich wel bewust bent van het mogelijke precedent.

 

Op grond van welke andere regels – het zijn inderdaad geen rechtsregels, aangezien het gaat om een gunst – hebt u, ondanks het negatief advies van de Dienst Vreemdelingenzaken, toch een visum verschaft?

 

Kunt u heel concreet toelichten waarom het ouderpaar volgens u aan alle voorwaarden voldoet om in aanmerking te komen voor dat humanitair visum?

 

Waarom werd het paar niet teruggestuurd naar Duitsland, zoals de Dublinconventie voorschrijft?

 

Hoe zult u ervoor zorgen dat toekomstige slachtoffers van mensenhandel die ook zullen weigeren om hun medewerking te verlenen, toch geen aanvraag op basis van artikel 9bis doen? Ik vrees dat u een precedent schept, als u niet duidelijk communiceert dat u daarop niet wenst in te gaan.

 

De voorzitter: Mevrouw de minister, ik hoop dat u juist antwoordt op de laatste vraag.

 

08.04  Maggie De Block, ministre: Madame la présidente, chères collègues, la semaine dernière, j'ai décidé d'accorder une autorisation de séjour sur la base de l'article 9bis de la loi sur les étrangers.

 

Mevrouw Smeyers, ik ben inderdaad van mening dat de omstandigheden van de familie zo uitzonderlijk van aard zijn dat de regularisatie van hun verblijf om humanitaire redenen gerechtvaardigd is. De familie heeft een dochter van een paar jaar oud verloren door een kogel die werd afgevuurd door de politie, weliswaar terwijl ze getransporteerd werden door een land en dus zelf verantwoordelijk zijn. Maar die omstandigheden scheppen geen precedent.

 

Wat zou de precedentwaarde zijn? Zou het zijn dat men eerst een kind moet verliezen door een kogel om dan een humanitaire regularisatie te kunnen krijgen? We zijn allemaal mensen; velen van ons hebben kinderen. Wie zou er bereid zijn om een kind op te offeren om in een land te kunnen blijven? Ik denk dus inderdaad dat er geen precedentwaarde is. Aan wie daaraan precedentwaarde toeschrijft, antwoord ik dat het onderzoek naar de omstandigheden van het overlijden van hun dochtertje en het toelaten van rouw de essentiële elementen zijn voor deze beslissing.

 

DVZ heeft inderdaad eerst een negatief advies gegeven. Toen ik twee maanden geleden op het departement kwam, heb ik ook nog andere adviezen gevraagd. Op basis van die adviezen heb ik dan mijn beslissing genomen.

 

Ik beoordeel alle dossiers, dus ook dossiers van potentiële slachtoffers van mensenhandel, individueel en ik houd rekening met de specifieke omstandigheden en feiten. Overigens, men kan de betrokkenen niet verwijten dat zij niet meteen wilden meewerken in de procedure in het kader van mensensmokkel, omdat ze helemaal nog in shock zijn door het verlies van hun kind. Regels moeten gerespecteerd worden, maar wij moeten menselijk blijven. Dat is toch een kleine vereiste.

 

08.05  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la ministre, je vous remercie pour la précision de vos réponses.

 

08.06  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la ministre, je vous remercie pour l'humanité absolument nécessaire dont vous avez fait preuve. Il me semble que c'est bien loin d'être une récompense, comme j'ai pu l'entendre dans cette assemblée.

 

Pour ce qui concerne la question de savoir pourquoi la procédure a duré aussi longtemps, j'entends que vous avez réagi dès votre prise de fonction. De là à penser qu'il y avait un blocage idéologique, il n'y a qu'un pas.

 

Vous n'avez pas répondu à la question de savoir quelles seront les conditions de renouvellement. Selon moi, la procédure judiciaire ne sera pas nécessairement terminée après un an. Par ailleurs, leur enfant étant enterrée en Belgique, ne devrait-on pas envisager de leur permettre, bien évidemment s'ils le souhaitent, de demeurer sur notre territoire pour raison humanitaire?

 

08.07  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, u hebt duidelijkheid geschapen. Ik hoop dat u niet wilde insinueren dat ik iets anders wilde voorstellen. Het ging mij vooral om de medewerking, die zij hebben geweigerd.

 

U zult daarin duidelijk moeten zijn. U hebt uitgelegd dat het feit dat zij initieel die medewerking niet wilden of konden verlenen, naar uw inschatting en wellicht terecht mede een gevolg was van het onnoembare leed dat zij op dat moment moesten doorstaan en nog altijd moeten verwerken. U legt dat goed uit. Ik hoop alleen dat u dat aan de buitenwereld en aan de andere aanvragers ook heel duidelijk communiceert.

 

Ik hoef niet te herhalen dat u, indien u een poortje openzet, erover moet waken dat op tijd opnieuw te sluiten, zeker in het departement dat u ondertussen opnieuw onder uw hoede hebt.

 

Het gaat hier om heel uitzonderlijke omstandigheden. Laten we hopen dat niemand nog in een vergelijkbare situatie belandt, zodat van geen precedent sprake is.

 

U zult in dergelijke situaties consequent moeten zijn. Dat was mijn enige bekommernis.

 

08.08 Minister Maggie De Block: Mevrouw Smeyers, ik sta er niet om bekend dat ik poortjes openzet.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

La présidente: Mme Matz étant malade, elle ne pourra pas venir poser sa question n° 28218. La question n° 28556 de Mme Fernandez Fernandez est transformée en question écrite.

 

De vragen nrs. 28224 en 28225 van mevrouw Lanjri worden omgezet in schriftelijke vragen.

 

La question n° 28234 de Mme Fernandez Fernandez est également transformée en question écrite.

 

09 Question de Mme Julie Fernandez Fernandez à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le refus opposé par la Belgique à la demande de la Commission européenne d'accueillir les migrants recueillis par des navires affrétés par des ONG" (n° 28235)

09 Vraag van mevrouw Julie Fernandez Fernandez aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "het afwijzen door België van het verzoek van de Europese Commissie om migranten op te vangen die door door ngo's gecharterde schepen opgepikt werden" (nr. 28235)

 

09.01  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la ministre, le 10 décembre dernier, le premier ministre tenait à Marrakech un discours remarqué en soutien au Pacte pour des migrations sûres, ordonnées et régulières. On y relève notamment cette affirmation forte parmi les éléments qui le motivent à soutenir ce texte, je cite: "Cette conviction que des valeurs universelles, qui dépassent les frontières et qui incarnent pour chaque être humain cette dignité, ce respect fondamental et finalement cette soif de liberté, cette idée que chacune et chacun nous sommes porteurs bien sûr de devoirs, bien sûr de responsabilités, mais aussi de droits parce que nous appartenons à la communauté humaine."

 

Peut-être la Commission européenne avait-elle ces mots à l'esprit le 8 janvier, lorsqu'elle a demandé à la Belgique d'accueillir 49 migrants bloqués dans les eaux maltaises sur deux navires appartenant à des ONG? Si c'est le cas, les autorités de la Commission ont dû être déçues d'entendre que le kern du 8 janvier a opposé un refus à cette requête, comme la presse s'en est fait l'écho le lendemain.

 

Madame la ministre, confirmez-vous que la Belgique a été sollicitée pour accueillir ces 49 personnes? Confirmez-vous que le kern a opposé une réponse négative à cette sollicitation? Dans l'affirmative, pouvez-vous nous donner les raisons de ce refus?

 

Pouvez-vous également nous dire si des initiatives ont été prises au niveau européen pour régler la question de plus en plus dramatique de la fermeture des ports aux navires menant des opérations humanitaires en Méditerranée dans le seul but de mettre un terme autant que possible aux innombrables noyades qui se déroulent aux frontières de l'Union? Le cas échéant, quelle est l'attitude de la Belgique à l'égard de ces initiatives et quelles suites concrètes leur sont données?

 

09.02  Maggie De Block, ministre: Madame, je tiens avant tout à rappeler que les États membres ayant des frontières maritimes ont des obligations en vertu du droit international humanitaire et maritime. Ils sont tenus de laisser entrer les bateaux qui, conformément à leurs obligations internationales, ont sauvé des personnes de la noyade. Nous comptons sur le fait que ces pays respectent leurs obligations.

 

Il a effectivement été demandé au gouvernement belge d'accueillir une partie des réfugiés arrivés par bateau.

 

Le point de vue du gouvernement est double. Premièrement, le gouvernement doit se montrer prudent en période d'affaires courantes. Deuxièmement, nous ne voulons pas de mesures ad hoc. Nous souhaitons que l'on recherche une solution globale et à long terme pour la gestion des flux migratoires en Europe. Les propositions pour parvenir à une solution globale sont sur la table depuis plus de deux ans. Il s'agit de propositions visant à réformer le système européen d'asile de Dublin. Ces propositions ont été soutenues par la Belgique.

 

La Belgique a également fait plusieurs tentatives au sein du Conseil pour parvenir à un compromis à ce sujet. Pour l'instant, les négociations se trouvent dans l'impasse. Dans ce contexte, une discussion a eu lieu le 7 février à l'occasion du Conseil européen en vue de trouver une solution intérimaire ciblant principalement la problématique des débarquements aux frontières maritimes européennes. La Belgique est également prête à s'engager dans ces discussions. Nous souhaitons être solidaires avec les États membres situés aux frontières extérieures.

 

Dans ce cadre, la Belgique est également prête à envisager des efforts de solidarité supplémentaires, mais uniquement si une telle solution implique un équilibre entre solidarité et responsabilité. Nous voulons également avoir des garanties au niveau politique que ces pays cessent de bloquer les modifications indispensables qu'il convient d'apporter au système d'asile de Dublin.

 

09.03  Julie Fernandez Fernandez (PS): Je vous remercie, madame la ministre pour vos réponses.

 

Il existe effectivement des obligations pour ces États membres qui ont des frontières maritimes. On sait par exemple que l'Italie ne les respecte pas. J'entends bien la volonté de la Belgique de participer à des débats et à une dynamique de dialogue dans un cadre équilibré, mais il faudrait déjà que la Belgique respecte les quotas qui lui ont été imposés, qui, jusqu'à il y a peu, n'étaient pas remplis. La première des responsabilités et le premier devoir d'humanité seraient de respecter nous-mêmes nos obligations avant d'imposer aux autres de respecter les leurs.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De voorzitter: Vraag nr. 28337 van mevrouw Smeyers is op haar vraag ingetrokken.

 

10 Vraag van mevrouw Sarah Smeyers aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de holebivervolging in Tsjetsjenië" (nr. 28338)

10 Question de Mme Sarah Smeyers à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "les poursuites contre les holebis en Tchétchénie" (n° 28338)

 

10.01  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, recente berichtgeving – dat is relatief, want ook deze vraag dateert van 15 januari – doet vermoeden dat de holebivervolging in Tsjetsjenië weer volop hervat of gewoonweg onverminderd blijft doorgaan. De Tsjetsjeense president ontkent evenwel dat er georganiseerde klopjachten gehouden worden om zijn onderdanen vanwege hun seksuele geaardheid te vervolgen.

 

In april vorig jaar verleende toenmalig staatssecretaris Francken een vijftal humanitaire visa aan Tsjetsjeense burgers die vanwege hun geaardheid in levensgevaar waren in eigen land.

 

Sinds december laait het door de staat georganiseerde geweld tegen holebi's in Tsjetsjenië weer op. Tijdens de meest recente raids vielen er twee doden en veertig gewonden.

 

Mevrouw de minister, wat is de stand van zaken in die dossiers? Kunt u ons informeren over wat u intussen al hebt ondernomen of hebt moeten ondernemen in die kwestie?

 

10.02 Minister Maggie De Block: Mevrouw Smeyers, in augustus en september 2017 werden er op instructie van mijn voorganger via de ambassade in Moskou vijf humanitaire visa uitgereikt aan holebi's uit Tsjetsjenië. Momenteel zijn er mij in die context geen nieuwe aanvragen bekend. Indien er nieuwe aanvragen ingediend worden, dan zullen ze door mijn administratie onderzocht worden, zoals elke andere aanvraag voor een humanitair visum. Voorts wordt er over eventuele individuele dossiers niet gecommuniceerd. Wij hebben nu dus geen nieuwe aanvragen gekregen.

 

10.03  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, ik heb geen repliek. Dank u wel.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

11 Question de Mme Nawal Ben Hamou à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la fermeture d'un centre d'accueil à Neder-Over-Heembeek" (n° 28400)

11 Vraag van mevrouw Nawal Ben Hamou aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de sluiting van een opvangcentrum in Neder-Over-Heembeek" (nr. 28400)

 

11.01  Nawal Ben Hamou (PS): Madame la ministre, votre prédécesseur et le gouvernement dont vous faites toujours partie ont décidé de fermer plus de 6 000 places d'accueil dans le réseau d'hébergement des demandeurs d'asile. À la suite de cette décision, plusieurs centres ont dû fermer leurs portes ou sont restés dans l'incertitude quant à leur avenir, comme en attestent les réponses à diverses questions posées par mon groupe.

 

Parmi ces centres, celui de Neder-Over-Heembeek doit fermer ses portes à la suite de la non-reconduction par Fedasil de la convention qui mandatait le Samusocial pour la gestion de 250 places de pré-accueil.

 

Cette fermeture entraîne malheureusement le départ de 31 travailleurs. La procédure Renault a été enclenchée. La direction espérait néanmoins que la fermeture du centre se fasse de façon graduelle et dans les meilleures conditions possibles pour les travailleurs et les résidents. Cette fermeture, comme toutes les autres, est un vrai cauchemar, autant pour les résidents qui comptaient sur ces places d'accueil que pour les travailleurs qui tenaient à leur travail.

 

Madame la ministre, à présent que vous avez repris la compétence de l'asile et de la migration, plusieurs questions se posent.

 

Qu'en est-il de la fermeture de ce centre? Où sont redirigées les personnes résidentes? Qu'en est-il des travailleurs? Quelles solutions ont-elles été proposées pour résoudre leur situation? La fermeture s'est-elle faite de façon graduelle? Au regard des besoins criants en matière d'accueil, des places nouvelles viendront-elles compenser ces fermetures?

 

11.02  Maggie De Block, ministre: Madame Ben Hamou, je vous remercie pour votre question.

 

Le Samusocial, à la demande de l'Agence, organisait le pré-accueil avant l'introduction de la demande d'asile depuis novembre 2015 sur le site Béjar de Neder-Over-Heembeek. Avec la mise en service du centre d'arrivée dans le Petit-Château début décembre, cette mission d'accueil est devenue sans objet. Par conséquent, la dernière convention à ce sujet n'a pas été prolongée.

 

La plupart des résidents ont été transférés vers d'autres centres collectifs au sein du réseau d'accueil.

 

Pour information, le Samusocial va utiliser ce site comme lieu d'accueil temporaire pour accueillir les résidents de son centre Fritz Toussaint et ce, dans l'attente d'un nouveau lieu d'accueil. Les bâtiments situés rue Fritz Toussaint n'étaient plus adaptés pour l'accueil des demandeurs de protection internationale. Par ailleurs, 100 places tampon ont été activées au centre Béjar.

 

Pour ce qui est du personnel, le Samusocial est responsable. Je n'ai rien à dire à ce sujet.

 

Dans son ambition de créer de la capacité supplémentaire, le Conseil des ministres a décidé, avant les vacances de Noël, l'activation des 1 500 places tampon, parmi lesquelles les places du Samusocial mentionnées. Par ailleurs, le Conseil des ministres a aussi décidé d'ouvrir 650 places d'accueil par mois de février à juin. Fedasil est occupé à rendre cette décision opérationnelle. Je poursuis toutefois, avec l'administration, un travail de monitoring pour évaluer si cette capacité d'accueil supplémentaire est nécessaire.

 

11.03  Nawal Ben Hamou (PS): Madame la ministre, je vous remercie pour vos réponses.

 

Je voudrais revenir plus particulièrement sur ce qui concerne les travailleurs. Vous me dites que leur statut et leur engagement dépendent du Samusocial. Vous me confirmez en fait que c'est le Samusocial qui a engagé les travailleurs. C'est ce que vous me dites. Ils sont donc liés au Samusocial.

 

11.04  Maggie De Block, ministre: Oui, évidemment. Ils ne dépendent pas de moi.

 

11.05  Nawal Ben Hamou (PS): Le centre Béjar est actuellement toujours ouvert, alors qu'on a licencié les personnes qui y travaillaient. Le centre n'est pas fermé.

 

11.06  Maggie De Block, ministre: Le centre Béjar est encore ouvert. C'est celui de Fritz Toussaint qui a été fermé.

 

11.07  Nawal Ben Hamou (PS): Mais il se fait que le personnel du centre Béjar a été licencié.

 

11.08  Maggie De Block, ministre: Je ne sais pas. Je ne suis pas en charge de la gestion du personnel.

 

Le centre Fritz Toussaint devait fermer ses portes et nous a demandé de pouvoir placer des gens dans le centre Béjar. Il y a encore du personnel à Béjar.

 

11.09  Nawal Ben Hamou (PS): Mais il n'y a plus de travailleurs. Le personnel qui y travaillait a été licencié. Une procédure Renault a été enclenchée. Alors d'où vient le personnel envoyé aujourd'hui au centre Béjar?

 

11.10  Maggie De Block, ministre: Le contrat de gestion pour la mission de pré-accueil est terminé. Mais ils avaient aussi besoin de ce centre parce que celui de Fritz Toussaint devait fermer. Ce n'est pas de notre ressort.

 

11.11  Nawal Ben Hamou (PS): N'était-il pas possible d'avoir une collaboration avec le Samusocial?

 

11.12  Maggie De Block, ministre: Il y avait deux conventions séparées pour les centres Fritz Toussaint et Béjar. On a fermé les places de pré-acceuil à Béjar. Le centre Fritz Toussaint n'était plus apte; c'est pourquoi la convention a été dénoncée.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

12 Question de Mme Julie Fernandez Fernandez à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le statut des réfugiés gazaouis" (n° 28412)

12 Vraag van mevrouw Julie Fernandez Fernandez aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de status van vluchtelingen uit de Gazastrook" (nr. 28412)

 

12.01  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la présidente, madame la ministre, alors que je me réjouissais du départ de votre prédécesseur, j'ai appris par voie de presse que vous envisagiez de réévaluer le statut des réfugiés originaires de la bande de Gaza. Actuellement, la plupart des demandes de protection internationale des Gazaouis sont systématiquement acceptées, mais vous voudriez apparemment remettre ce droit en cause.

 

Madame la ministre, comptez-vous revoir le statut des réfugiés de Gaza? Si oui, comment justifiez-vous ce choix? Des personnes résidant actuellement sur le territoire belge risquent-elles de perdre leur droit de séjour? Estimez-vous que la situation à Gaza a changé? Cela motiverait alors votre décision.

 

12.02  Maggie De Block, ministre: Madame Fernandez Fernandez, j'ai en effet demandé au Commissariat général aux réfugiés et aux apatrides (CGRA) de formuler un avis quant à la possibilité de mettre fin au statut de réfugiés des Palestiniens de Gaza en raison de changements apparus dans leur pays d'origine. J'ai sollicité cet avis à la suite de l'annonce par le CGRA d'une révision de sa politique relative au traitement des demandes d'asile introduites par les Palestiniens de Gaza. Pour ce faire, il s'est fondé sur l'évolution de la situation sur place et en a tiré la conclusion que leur statut de réfugié serait dorénavant moins souvent reconnu.

 

Quant à savoir si les Palestiniens reconnus comme réfugiés risquent de perdre leur statut ou leur droit de séjour, il convient de distinguer deux aspects. D'une part, je rappelle que l'abrogation du statut de réfugié en tant que tel est  prévue à l'article 55/3 de la loi du 15 décembre 1980, dite loi des étrangers, lequel indique que le changement de circonstances pouvant mettre fin au statut doit être suffisamment significatif et non provisoire. D'autre part, pour le droit de séjour dont dispose la personne réfugiée, il convient de vérifier si cette dernière bénéficie d'un droit de séjour à durée limitée ou à durée illimitée.

 

C'est l'article 11 de la loi des étrangers qui permet au ministre ou à son délégué de mettre un terme au droit de séjour d'un réfugié dont le statut a été abrogé, dans la mesure où ce droit est limité dans le temps.

 

En tout état de cause, il revient au CGRA d'examiner si la situation à Gaza a évolué dans une mesure telle que l'abrogation se justifie.

 

12.03  Julie Fernandez Fernandez (PS): Madame la ministre, je peux comprendre les avis du CGRA. Cependant, au regard de l'actualité, je n'ai pas vraiment l'impression que la situation des Palestiniens à Gaza ait changé ni qu'elle se soit améliorée. Dès lors, je m'étonne plutôt de cette décision et de ce revirement. C'est pourquoi je ne manquerai pas de revenir vers vous, madame la ministre.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

13 Question de Mme Véronique Waterschoot à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la non-transposition de la directive concernant les travailleurs saisonniers et l'astreinte de 50 000 euros par jour" (n° 28442)

13 Vraag van mevrouw Véronique Waterschoot aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de niet-omzetting van de richtlijn inzake seizoenarbeiders en de dwangsom van 50 000 euro per dag" (nr. 28442)

 

13.01  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la présidente, madame la ministre, la nouvelle est passée quelque peu inaperçue à cause du scandale des visas humanitaires. La Belgique a été condamnée le mardi 15 janvier dernier par la Cour de justice de l'Union européenne pour non-transposition de la directive du 26 février 2014 consacrée aux travailleurs saisonniers. Un recours en manquement avait été introduit le 30 octobre 2018 par la Commission européenne.

 

Cette directive datant de 2014 devait être transposée par les États membres pour septembre 2016. Votre prédécesseur, Theo Francken, était en charge de la mise en conformité du droit belge. M. Francken n'a pas respecté cette obligation européenne. La directive vise à contribuer à la bonne gestion des flux migratoires en ce qui concerne la catégorie spécifique de l'immigration temporaire saisonnière, ainsi qu'à garantir des conditions de travail et de vie décentes pour ces travailleurs saisonniers en établissant des règles équitables et transparentes en matière d'admission et de séjour et en définissant les droits des travailleurs saisonniers, tout en fournissant des incitations et des garanties permettant d'éviter que la durée de séjour autorisée ne soit dépassée ou qu'un séjour temporaire ne se transforme en séjour permanent.

 

Dans son arrêt, la Cour de justice de l'Union européenne ordonne à la Belgique de rentrer dans les rangs et a infligé au pays une astreinte importante de 50 000 euros par jour entre la date de cet arrêt et la transposition. Cela va donc vite représenter une dépense de taille, bien loin du principe de "goed bestuur" prôné par la N-VA, mais également par le gouvernement. Concrètement, en dix jours, cela représente un demi-million d'euros; en cent jours, soit d'ici aux élections, on atteint 5 millions d'euros.

 

Nous avons appris de manière informelle que la Belgique devait déposer un mémoire en défense ce 5 février. Sauf erreur, ce document ne devrait pas être rendu public.

 

Madame la ministre, quelle position la Belgique a-t-elle prise dans son mémoire? Quand la Belgique se mettra-t-elle en conformité?

 

13.02  Maggie De Block, ministre: Madame Waterschoot, la Commission européenne a bien introduit un recours en manquement auprès de la Cour de justice de l'Union européenne en date du 30 octobre 2018 à l'encontre de la Belgique pour transposition incomplète de la directive que vous évoquez.

 

Nous ne sommes pas encore au stade de la condamnation. Un mémoire en défense a effectivement été déposé le 5 février 2019. Ce recours en manquement est donc toujours pendant et la procédure juridictionnelle suit son cours. Le mémoire en réplique de la Commission européenne est attendu pour le 18 mars 2019.

 

Nos règles institutionnelles imposaient aux autorités fédérales et fédérées compétentes de conclure des accords de coopération avant de pouvoir adopter certaines mesures en vue de la transposition de la directive "saisonniers" notamment dans le cadre de la transposition de la directive dite "permis unique". Ce processus a pris du temps. Comme vous le savez, notre pays n'est pas simple.

 

Suite à l'entrée en vigueur, le 3 janvier 2019, des dispositions législatives assurant la transposition intégrale de la directive "permis unique", la Commission européenne s'est désistée in extremis du recours qu'elle avait introduit. C'est une bonne nouvelle.

 

La non-transposition de la directive "saisonniers" ne résulte donc pas du refus de la Belgique de respecter ses obligations européennes, mais bien de difficultés d'ordre procédural.

 

Dès le moment où j'ai pris en charge le département de l'Asile et de la Migration, j'ai veillé, en concertation avec les partenaires politiques compétents, à ce que les mesures nécessaires soient prises en urgence en vue de la transposition de la directive "saisonniers". Le texte a été finalisé fin du mois de janvier. Il a été discuté et validé en intercabinet le 6 février. Le processus législatif suit son cours. La Commission européenne est informée de l'évolution. Nous sommes donc sur la bonne voie.

 

13.03  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la ministre, je vous remercie.

 

Il semble que l'on m'ait transmis une information erronée sur la condamnation du 15 janvier. Je vais vérifier cela, parce que c'est pourtant quelqu'un de bien informé qui m'avait alertée là-dessus. Je me réjouis dès lors qu'il n'y ait pas d'astreintes que nous devrions, ainsi que le citoyen, payer.

 

Je vois que vous remettez de l'ordre dans le département de M. Francken, y compris sur ceci. Il me semble que c'est un outil très important. Les cueillettes de fruits vont commencer et il y a urgence sur l'établissement de conditions pour les travailleurs.

 

13.04  Maggie De Block, ministre: C'est un dossier difficile. En 2011, Mme De Coninck et moi-même avions travaillé sur ce sujet. Mme De Coninck était ministre de l'Emploi et j'étais compétente pour l'Asile et la Migration. Huit ans après, nous sommes heureusement dans la phase finale. Mais ce n'est pas évident. C'est vraiment un dossier compliqué.

 

13.05  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Je comprends qu'il soit complexe - et particulièrement en Belgique. Mais vous savez comme moi qu'il y a des situations illégales ou inconfortables pour les travailleurs saisonniers, qu'ils disposent de papiers ou non.

 

Il y a des situations de travail au gris, dans lesquelles des personnes signent une décharge de réception de leur salaire mais acceptent de recevoir en liquide une somme inférieure. D'autres sont payées au kilo ou à la caisse, ce qui est tout à fait illégal. Il y a également des personnes sans papiers parmi ces travailleurs, qui sont parfois employées par des employeurs peu scrupuleux qui les logent, les nourrissent et peuvent les menacer d'expulsion. Je pense qu'il est urgent de disposer d'un cadre légal et judiciaire pour empêcher ce type d'abus.   

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

14 Vraag van mevrouw Barbara Pas aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de asielzoekers die via Spanje reizen" (nr. 28446)

14 Question de Mme Barbara Pas à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "les demandeurs d'asile qui transitent par l'Espagne" (n° 28446)

 

14.01  Barbara Pas (VB): Mevrouw de minister, het afgelopen jaar werd Spanje het belangrijkste aankomstland voor illegale migratie over zee. Volgens de geldende Dublinregels is het land dan ook verantwoordelijk voor de afhandeling van de asielaanvragen.

 

Het Duitse blad Welt am Sonntag heeft half januari een recent onderzoek uitgebracht waarin wordt aangetoond dat de Spaanse instanties op zijn zachtst gezegd weinig ondernemen om toe te zien op de handhaving van die regels. Zij leggen zo mogelijk nog minder moeite aan de dag om illegale immigranten ervan te weerhouden naar Noord-Europa door te reizen. Volgens het onderzoek organiseert en financiert de Spaanse overheid bustransfers vanuit Andalusië naar het noorden van het land. Van daaruit gaat het dan verder noordwaarts naar de andere Europese landen en wellicht ook dit land.

 

Een en ander doet terugdenken aan de manier waarop Italië enkele jaren geleden vluchtelingen doorstuurde naar Duitsland, met 500 euro en een reispas, waardoor ze drie maanden lang volkomen legaal naar eender welk Schengenland konden doorreizen. Het onderzoek in Die Welt wijst er ook nog op dat er vanuit de Duitse veiligheidsinstanties veel ongenoegen bestaat over het feit dat de registratie van nieuwe immigranten in Spanje niet helemaal volgens de regels zou verlopen. In Duitsland gingen dan ook al stemmen op voor een kordate reactie.

 

Mijn vragen aan u, mevrouw de minister, zijn de volgende.

 

Ten eerste, kunt u deze gang van zaken bevestigen? Klopt het dat de Spaanse overheid dergelijke busreizen naar het noorden van het land inlegt?

 

Ten tweede, is de Belgische regering op de hoogte van de klachten over de gebrekkige registratie in Spanje? Zo ja, heeft de Belgische regering al geprotesteerd bij de Spaanse overheden tegen die gang van zaken?

 

Ten derde, heeft de Belgische regering deze zaak al aangekaart op Europees niveau? Zo neen, is de regering bereid deze berichten te onderzoeken en ter zake ook contact op te nemen met bijvoorbeeld de Duitse veiligheidsinstanties, die dat wel van plan zijn?

 

Ik heb ondertussen van het kabinet vernomen dat de antwoorden op mijn vragen 4 en 5 zoveel cijfergegevens bevatten dat het niet mogelijk was om die tijdig op te zoeken. Ik heb deze vragen laten omzetten in een schriftelijke vraag. Ik hoop dat ik daarop snel een antwoord kan krijgen.

 

14.02 Minister Maggie De Block: Mevrouw Pas, ik dank u voor uw begrip voor het feit dat alle cijfers die u hebt gevraagd, niet meteen beschikbaar waren, aangezien de mensen van het kabinet en van DVZ ook nog met andere zaken bezig zijn.

 

Wat de busreizen in Spanje betreft, DVZ heeft mij laten weten daarvan niet op de hoogte te zijn. DVZ is wel op de hoogte van een stijging van het aantal verzoekers om internationale bescherming die via Spanje naar ons land komen. Ook stelt de Dienst Vreemdelingenzaken vast dat de registratie van personen die illegaal via Spanje Europa inreizen, niet goed verloopt.

 

België heeft dat dan ook reeds meerdere malen gesignaleerd, zowel in Europese werkgroepen als op hoog niveau tijdens Europese Raden. Ook op de laatste Raad heb ik het probleem van de secundaire migratie aangekaart, waarbij wij er steeds voor pleiten dat de landen aan de buitengrenzen ook hun verantwoordelijkheid zouden opnemen in het kader van de huidige Dublinregels. Wij ondersteunen echter ook de voorstellen inzake nieuwe Dublinregels, die reeds twee jaar op tafel liggen en waarin er een goede balans is tussen verantwoordelijkheid en solidariteit. Ik heb ook gezegd dat het aantal mensen dat via secundaire migratie ons land, maar ook Duitsland, Nederland en Frankrijk binnenkomt, hoger is dan het aantal mensen dat in Spanje aankomt.

 

Het spreekt voor zich dat ik de situatie in Spanje, de problemen rond de Dublinregels en de secundaire migratie verder blijf opvolgen en blijf aankaarten op Europees niveau.

 

De statistische gegevens zult u ontvangen als antwoord op uw schriftelijke vraag.

 

14.03  Barbara Pas (VB): Mevrouw de minister, ondanks het feit dat ik de concrete cijfers op vraag 4 en 5 nog niet heb ontvangen, bevestigt DVZ wel de stijging van het aantal asielzoekers in Spanje en de daaruit voortvloeiende secundaire migratie naar andere landen. Ik zal de concrete cijfers nog afwachten.

 

Ik noteer ook dat u niet op de hoogte bent van een gebrekkige registratie in Spanje of van die door Spanje georganiseerde en gefinancierde busreizen.

 

U bent niet ingegaan op mijn suggestie om dat ook eens te laten onderzoeken, net zoals de Duitse diensten hebben gedaan. Mocht dat kloppen, is dat immers toch ook een zaak waartegen niet alleen in Spanje zelf, maar ook op Europees niveau duidelijk mag worden geprotesteerd.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

La présidente: Les questions jointes n°s 28471 de M. De Vriendt, 28552 de Mme Lanjri, 28558 et 28730 de Mme Fernandez Fernandez et 28852 de Mme Smeyers sont reportées.

 

15 Vraag van mevrouw Sarah Smeyers aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de nakende verplichte vrijlating van een geradicaliseerde Marokkaanse onderdaan" (nr. 28522)

15 Question de Mme Sarah Smeyers à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "la libération imminente et obligatoire d'un ressortissant marocain radicalisé" (n° 28522)

 

15.01  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, Marokko wil de geradicaliseerde Mustapha Bali niet terugnemen, waardoor de man uit Marokko met een bijzonder zwaar strafblad noodgedwongen wordt vrijgelaten in België. De feiten waarvoor hij veroordeeld werd, zijn niet min, onder andere drugsfeiten en de verkrachting van een zwakbegaafde vrouw. Voormalig staatssecretaris Theo Francken trok de verblijfspapieren van Mustapha Bali in met het oog op de repatriëring naar zijn thuisland Marokko. We stellen nu echter vast dat Marokko hem ondanks heel wat inspanningen geen reisdocumenten wil bezorgen. De maximale vasthoudingstermijn van acht maanden is intussen bereikt, waardoor de Dienst Vreemdelingenzaken Mustapha Bali moest vrijlaten.

 

Mevrouw de minister, u hebt het dossier geërfd, maar welke inspanningen hebt u, ten eerste, nog geleverd of kon u nog leveren in de onderhandelingen met Marokko over de repatriëring van de genaamde persoon?

 

Ten tweede, hoe komt het dat een dergelijke repatriëring ondanks eerder gesloten bilaterale akkoorden tussen België en Marokko zo moeizaam verloopt en uiteindelijk misloopt?

 

Ten derde, wat zult u  ondernemen om de situatie recht te trekken, zeker gezien het feit dat de verblijfspapieren van de persoon zijn ingetrokken?

 

Ten vierde, zult u iets ondernemen om dergelijke wantoestanden in het algemeen te vermijden, niet alleen voor Marokkaanse onderdanen die hier illegaal verblijven, maar ook voor illegale misdadigers uit andere herkomstlanden?

 

15.02 Minister Maggie De Block: Mevrouw Smeyers, gedurende acht maanden hebben de Dienst Vreemdelingenzaken, mijn voorganger en ikzelf gepoogd reisdocumenten voor de betrokkene te verkrijgen. Oud-staatssecretaris Francken en ikzelf hebben ons rechtstreeks met onze vraag tot de bevoegde instanties gewend. Er waren herhaalde contacten op alle niveaus met de Marokkaanse consulaire, diplomatieke en centrale overheden.

 

Aangezien er een kans was dat er op het laatste moment een reisdocument zou worden afgeleverd, werd de betrokkene vastgehouden tot de laatste wettelijk mogelijke dag van vasthouding. De maximumtermijn voor vasthouding met het oog op verwijdering is acht maanden. Vóór de beëindiging van de vasthouding werden de politie- en inlichtingendiensten hiervan op de hoogte gebracht. De betrokkene werd iets minder dan zeven maanden vastgehouden, toen ik het departement overnam.

 

Ik heb de ambassadeur van het Koninkrijk Marokko op mijn kabinet uitgenodigd, teneinde beweging te krijgen in het concrete dossier. Dat is echter niet gelukt. Een akkoord of memorandum van overeenstemming met een derde land vormt ook nooit een garantie voor de afgifte van reisdocumenten. Het is een goede zaak, maar het biedt geen garantie voor de afgifte van reisdocumenten.

 

Het memorandum van overeenstemming dat met Marokko wordt gesloten, geeft geen resultaten voor personen die lang in België verbleven of hier geboren zijn. De ambassadeur wees er meermaals op dat het precies om zo'n persoon ging.

 

Na de vrijstelling van een persoon blijft de identificatieprocedure lopen. Pas wanneer een ambassade of consulaat het akkoord tot afgifte van een reisdocument geeft, wordt de verwijdering van het grondgebied mogelijk. Ondertussen dient de betrokkene zelf gevolg te geven aan het bevel om het grondgebied te verlaten, dat hem werd betekend. Overigens is het niet zo dat de betrokkene zelf geen reisdocument bij zijn ambassade of consulaat kan verkrijgen, als DVZ daar niet in slaagt.

 

Dat dossier toont eens te meer aan dat het maken van internationale afspraken inzake asiel en terugkeer belangrijk is. Ik denk daarbij ook aan akkoorden als het bekende Global Compact for Migration.

 

Ik meen ook dat een algemene internationaalrechtelijke verplichting voor landen om hun eigen onderdanen terug te nemen een zeer goede zaak zou zijn. Het spreekt dan ook voor zich dat op dit pad van internationale coöperatie verder gewerkt moet worden, en dat zowel op bilateraal als op supranationaal vlak.

 

Anderzijds, de samenwerking met de diplomatieke diensten van het Koninkrijk Marokko verloopt verder wel redelijk vlot. Wat deze persoon betreft, het feit dat hij zo lang hier verbleven had en dat hij inderdaad de dubbele nationaliteit had, tot de Belgische nationaliteit werd afgenomen, was een reden voor hen om die man niet terug te willen nemen. Hij wilde zelf wel gaan, dat heeft hij meermaals te kennen gegeven in het gesloten centrum. Zij wilden hem echter niet terug. Het is een bizarre situatie.

 

15.03  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, dat is inderdaad een heel bizarre situatie. Heb ik het dan verkeerd begrepen? Tot uw laatste zin was ik echter overtuigd. Hij heeft een bevel om het grondgebied te verlaten. Dus in principe kan hij toch vrijwillig teruggaan?

 

15.04 Minister Maggie De Block: Ja.

 

15.05  Sarah Smeyers (N-VA): Hij wil dus teruggaan. En dus moeten wij nu gewoon hopen dat hij vrijwillig terugkeert?

 

15.06 Minister Maggie De Block: Dat is de enige kans die wij hebben. Hij heeft in het gesloten centrum meermaals gezegd dat hij liever wil teruggaan en daar een ander leven wil opbouwen. Hier heeft hij immers heel lang in de gevangenis gezeten. Hij kan dat zelf vragen. Hij kan zelf vragen om terug te keren naar zijn land.

 

15.07  Sarah Smeyers (N-VA): Hij weet het hopelijk. Anders moet hij het verslag maar lezen.

 

Mevrouw de minister, eigenlijk leggen wij hier weer het pijnpunt bloot van de dubbele nationaliteit. Het moet mogelijk worden om de Belgische nationaliteit in te trekken in het geval iemand de dubbele nationaliteit heeft. Ik hoop dat wij van de nood een deugd kunnen maken en daarmee dit thema weer op de agenda kunnen zetten.

 

Ik ben blij dat u ons geruststelt dat voor het overige de gemaakte akkoorden met Marokko, die ook bloed, zweet en tranen hebben gekost, gehonoreerd worden en dat dit een zeer uitzonderlijk geval is.

 

Wij moeten het wel opentrekken naar het debat over de dubbele nationaliteit. Ik ben daar heel voorzichtig in. Ik ken de juridische grenzen daarvan ook. Die doen ons steeds weer in rondjes draaien. Het is toch wel een frustrerende situatie, ik denk dat u het daarover met mij eens bent.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

16 Samengevoegde vragen van

- mevrouw Sarah Smeyers aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de slechte bereikbaarheid van de Dienst Vreemdelingenzaken" (nr. 28535)

- mevrouw Véronique Waterschoot aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de onmogelijkheid om in contact te treden met de Dienst Vreemdelingenzaken" (nr. 28560)

- mevrouw Vanessa Matz aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, en van Asiel en Migratie over "de problemen met de telefonische bereikbaarheid van de Dienst Vreemdelingenzaken" (nr. 28839)

16 Questions jointes de

- Mme Sarah Smeyers à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le manque d'accessibilité de l'Office des Étrangers" (n° 28535)

- Mme Véronique Waterschoot à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "l'impossibilité de communication avec l'Office des Étrangers" (n° 28560)

- Mme Vanessa Matz à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, et de l'Asile et de la Migration, sur "le problème de l'accessibilité téléphonique de l'Office des Étrangers" (n° 28839)

 

16.01  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de voorzitter, mevrouw de minister, met deze vraag wil ik u niet met de vinger wijzen en evenmin wil ik beweren dat het vroeger allemaal beter was en nu allemaal slecht, aangezien ik deze mondelinge vraag evengoed aan uw voorganger had kunnen stellen.

 

Ik stel deze vraag naar aanleiding van de brief die de Orde van Vlaamse Balies en avocats.be u hebben gestuurd, waarin zij de slechte bereikbaarheid van de Dienst Vreemdelingenzaken betreuren. Ontoereikende communicatie bestaat volgens hen al langer, maar ze schrijven die brief concreet naar aanleiding van de recente verhuis van de Dienst Vreemdelingenzaken. Waarschijnlijk hebben zij die verhuis afgewacht en gehoopt dat de bereikbaarheid zou verbeteren, maar blijkbaar is dat niet het geval. Nu zouden de verantwoordelijken voor de specifieke dossiers blijkbaar helemaal niet meer te bereiken zijn. Volgens de advocaten heeft een en ander te maken met de slechte technische uitrusting voor telefonie, maar ik weet niet of die bewering waar is, dus ik hoop dat u dat zodadelijk kunt toelichten. Bovendien zijn volgens de advocaten de lijsten met contactgegevens niet correct. Persoonlijk langsgaan lukt al helemaal niet, wat ik op zich nog wel begrijp.

 

De briefschrijvers doen dan ook in het algemeen hun beklag over de Dienst Vreemdelingenzaken, volgens hen de meest ontoegankelijke administratie.

 

Mevrouw de minister, klopt het dat de technische infrastructuur, waaronder zeker de telefonie, ontoereikend is? Klopt het dat de beschikbare gegevenslijsten niet overeenkomen met het werkelijke organigram en dat het vrijwel onmogelijk is om persoonlijk bij de Dienst Vreemdelingenzaken langs te gaan?

 

Zo ja, wat zult u ondernemen om de communicatie met de Dienst Vreemdelingenzaken te verbeteren? Hoe zult u er een transparantere administratieve dienst van maken?

 

16.02  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la ministre, le 25 janvier, l'Orde van Vlaamse Balies et avocats.be vous ont adressé un courrier concernant les difficultés qu'ils rencontrent, ainsi que les ONG actives, sur les matières de l'immigration, lorsqu'ils ont besoin dans l'exercice de leur fonction de contacter les agents traitants de l'Office des Étrangers.

 

Ces difficultés concernent tant les communications téléphoniques, semble-t-il depuis le déménagement à l'automne 2018 et l'installation d'un nouveau système de téléphonie, que l'impossibilité d'être reçu. Les interpellants soulignent que le fait de ne pas pouvoir évoquer un dossier, au siège de l'Office des Étrangers ou par téléphone, conduit à des décisions négatives de votre administration, pour simple défaut d'information. Les agents étant injoignables, ces décisions ne peuvent être redressées et il s'ensuit des recours longs, parfois inutiles, onéreux et chronophages, ceci pour les avocats comme pour les justiciables, même pour les agents de l'Office; au final, pour la société dans son ensemble. Cela entraîne des dépenses inutiles.

 

Madame la ministre, confirmez-vous les difficultés de communication téléphonique évoquées? Comment comptez-vous les résoudre?

 

Confirmez-vous qu'il est rarement possible pour les avocats et ONG intéressés d'être reçus par les agents traitants afin d'apporter des informations utiles à un dossier? Quelles sont les causes de cette inaccessibilité? Est-elle voulue? Dans le cas contraire, comment entendez-vous agir afin d'améliorer la situation et de rétablir la communication avec l'Office?

 

Disposez-vous d'indications concernant le nombre de rencontres entre des représentants de la société civile professionnelle et les agents de l'Office dans le cadre de dossiers d'asile, et dans les locaux de l'Office? Vous est-il possible d'identifier le nombre de recours pour défaut d'information, comme évoqué par les Ordres d'avocats?

 

 

16.03 Minister Maggie De Block: Mevrouw de voorzitter, mevrouw Smeyers, wat een verhuis met zich kan meebrengen.

 

Zoals u weet, is de Dienst Vreemdelingenzaken in november verhuisd naar een gerenoveerd gebouw aan de Pachecolaan, rechtover mijn kabinet. Dit gebouw wordt door de Regie der Gebouwen aangepast aan een gemoderniseerde wijze van werken.

 

De dienst is zich bewust van een aantal heel grote ongemakken. Aangezien de DVZ bereikbaarheid en een goede dienstverlening hoog in het vaandel draagt, werd een analyse gemaakt van een aantal problemen gerelateerd aan de opstart.

 

Naast het oplossen van een aantal technische problemen werd de infodesk van de DVZ versterkt en zal er ook dienst per dienst uitleg worden gegeven over de nieuwe werkwijze, met als doel de bereikbaarheid van de dienst op elk ogenblik te verzekeren.

 

Madame Waterschoot, comme je l'ai précisé à Mme Smeyers, l'Office est au courant des problèmes. Comme je l'ai également précisé, une série de mesures ont été prises afin de régler ces problèmes et d'améliorer les services aux clients, notamment par le renforcement de l'Infodesk et de l'accessibilité des différents services.

 

En ce qui concerne l'accessibilité de l'Office, je souhaite souligner clairement qu'il n'y a certainement aucune volonté délibérée de rendre les services de l'Office des Étrangers inaccessibles. Je peux vous assurer que l'accessibilité et l'offre de services de bonne qualité représentent une priorité absolue pour l'Office.

 

Il est difficile de savoir qui sont les gens ayant appelé et qui n'ont pas eu de réponse. Nous ne disposons pas des chiffres relatifs aux rencontres entre les représentants de la société civile et les agents de l'Office, ni de ceux relatifs au nombre de recours pour défaut d'information.

 

16.04  Sarah Smeyers (N-VA): Mevrouw de minister, als het probleem voldoende gekend is en snel wordt verholpen, dan meen ik dat wij dit kunnen catalogiseren onder de noemer "kinderziekten". Misschien kunt u zelf de telefoon opnemen als buurvrouw, maar ik meen niet dat dit aan te raden valt.

 

16.05 Minister Maggie De Block: Bij mij rinkelt de telefoon ook zeer veel. Het feit dat de dienst voor gehandicapten gedurende maanden niet bereikbaar was, heeft de telefoon bij ons ook meer doen rinkelen. Wij zitten in dezelfde toren. De mensen die niet op de betrokken dienst terechtkonden, hebben ook naar mijn kabinet gebeld. Ik ben echter niet bevoegd voor die dienst voor gehandicapten.

 

Dit heeft meer dan een aantal maanden geduurd, trouwens. Men is nu bezig met het rekruteren van personeel voor het callcenter, maar wij werden daardoor ook overbelast. Ik ben niet over mijn toeren geraakt, maar het gebeurde wel erg frequent. Zelfs wij hebben daardoor extra personeel moeten inzetten.

 

16.06  Sarah Smeyers (N-VA): Aan de andere kant is het goed dat al die diensten zo bereikbaar en laagdrempelig zijn, maar dat zorgt soms wel voor wat overlast.

 

De voorzitter: Mevrouw Waterschoot heeft misschien ook nog een bedenking?

 

16.07  Véronique Waterschoot (Ecolo-Groen): Madame la ministre, je vous remercie pour votre réponse.

 

Je vois que les problèmes ont été analysés. C'est une première étape, mais il n'y a aucun planning quant à la résolution de ces problèmes.

 

Je suis inquiète parce qu'on connaît également les difficultés rencontrées dans l'administration en charge des personnes handicapées qui ont largement été évoquées dans ce Parlement.

 

C'est une deuxième administration qui fonctionne mal, qui n'est pas accessible pour des personnes au demeurant vulnérables. De là à y lire des signes d'affaiblissement des services aux plus faibles de notre société, il n'y a qu'un pas que je franchis malheureusement, comme le font d'autres citoyens. Affaiblir les services publics pour démontrer leur inefficacité est une technique connue. Elle se fait sur le dos des plus faibles au mépris de l'égalité de traitement. Cela me semble difficilement acceptable. Je vous encourage donc à agir au plus vite pour rendre à l'Office des Étrangers son caractère accessible, de sorte aussi à mettre un terme aux pertes de temps et d'argent des avocats et des ONG dans ces dossiers.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De voorzitter: Mevrouw de minister, u had aangegeven dat u kon blijven tot 18.00 uur. Het is 18.00 uur en wij hebben nog zeven vragen op de agenda.

 

16.08 Minister Maggie De Block: Ik heb een volgende vergadering om 19.00 uur, maar niet in Brussel.

 

De voorzitter: Dan zullen wij de commissie­vergadering hierbij beëindigen.

 

De openbare commissievergadering wordt gesloten om 18.00 uur.

La réunion publique de commission est levée à 18 h 00.