Plenumvergadering

Séance plénière

 

van

 

Donderdag 29 oktober 2015

 

Namiddag

 

______

 

 

du

 

Jeudi 29 octobre 2015

 

Après-midi

 

______

 

 


De vergadering wordt geopend om 14.20 uur en voorgezeten door de heer Siegfried Bracke.

La séance est ouverte à 14.20 heures et présidée par M. Siegfried Bracke.

 

De voorzitter: De vergadering is geopend.

La séance est ouverte.

 

Een reeks mededelingen en besluiten moeten ter kennis gebracht worden van de Kamer. Zij worden op de website van de Kamer en in de bijlage bij het integraal verslag van deze vergadering opgenomen.

Une série de communications et de décisions doivent être portées à la connaissance de la Chambre. Elles seront reprises sur le site web de la Chambre et insérées dans l'annexe du compte rendu intégral de cette séance.

 

Aanwezig bij de opening van de vergadering zijn de ministers van de federale regering:

Ministres du gouvernement fédéral présents lors de l’ouverture de la séance:

Charles Michel, Kris Peeters, Koen Geens, Elke Sleurs.

 

Berichten van verhindering

Excusés

 

Evita Willaert, familieaangelegenheden / raisons familiales;

Maya Detiège, Luk Van Biesen, wegens gezondheidsredenen / pour raisons de santé;

Brecht Vermeulen, wegens ambtsplicht / pour devoirs de mandat;

Philippe Blanchart, Olivier Maingain, Özen Özlem, Veli Yülsel, met zending buitenslands / en mission à l'étranger.

 

Federale regering / gouvernement fédéral:

Didier Reynders, Pieter De Crem, handelsmissie (Canada) / mission économique (Canada).

 

01 Rouwhulde – de heer Hubert Van Wambeke

01 Éloge funèbre – M. Hubert Van Wambeke

 

De voorzitter (voor de staande vergadering):

Le président (devant l'assemblée debout):

 

Op 1 oktober overleed in Zottegem Hubert Van Wambeke, gewezen lid van de Kamer van volksvertegenwoordigers. Hij was 85.

 

Hubert Van Wambeke werd geboren in het Zuid-Oost-Vlaamse Grotenberge, bij Zottegem, op 11 oktober 1929. Na het secundair onderwijs, trad hij in 1949 in dienst van de Regie van Telegrafie en Telefonie. Eind 1966 stapte hij over naar de persdienst van het ministerie voor Buitenlandse Zaken, waar hij bleef tot eind 1980.

 

Naast zijn loopbaan als ambtenaar was Hubert Van Wambeke ook politiek actief. Kort na de Tweede Wereldoorlog werd hij lid van de CVP-Jongeren, en begon hij mee te werken aan het Tijdschrift der Jongeren.

 

Son engagement pour le CVP l'amena à devenir sénateur provincial de Flandre orientale en décembre 1980. Un an plus tard, il fut élu membre de la Chambre des représentants pour l'arrondissement d'Alost.

 

Pendant la décennie où il fut membre de la Chambre et qui s’acheva en novembre 1991, Hubert Van Wambeke fut réputé pour son esprit de sérieux et son enthousiasme. Il fut surtout actif en commission des Relations extérieures, où l'intérêt qu'il portait à la politique étrangère depuis sa jeunesse s'exprima pleinement. Pendant trois ans, de 1988 à 1991, il fut aussi membre du Collège des questeurs de la Chambre. Pendant près de dix ans, il cumula sa fonction de parlementaire et un mandat local: de 1986 à 1989, il fut conseiller communal de Zottegem, et de 1989 à 1995, il présida le CPAS de sa ville.

 

Na de verkiezingen van 1991 keerde Hubert Van Wambeke terug naar de Senaat. Hij bleef er één zittingsperiode, tot in 1995, toen hij besloot geen nationaal politiek mandaat meer te bekleden en zich uitsluitend op de lokale politiek te concentreren.

 

Na het einde van zijn actieve politieke loopbaan bleef hij zich inzetten voor welzijn en voor de belangen van de senioren: zo was hij, onder meer, voorzitter van het Plaatselijk Werkgelegenheidsagentschap en voorzitter van de CD&V-Senioren in Zottegem.

 

Hubert Van Wambeke was een volbloed politicus die steeds zijn stad, zijn streek en zijn partij diende. Maar hij was ook een man die alom gewaardeerd werd om zijn correctheid en zijn rechtvaardigheid. Hij had, om het met de mooie woorden van Marnix Gijsen te zeggen, de zware last op zich geladen, een eerlijk man te zijn in woord en daad.

 

In naam van de Kamer heb ik zijn familie onze oprechte deelneming betuigd.

 

01.01 Minister Kris Peeters: Mijnheer de voorzitter, collega's, Hubert Van Wambeke heeft zijn hele professionele leven ten dienste gesteld van de maatschappij, een civil servant in de meest letterlijke betekenis van het woord.

 

Hij deed dat in vele functies en op vele niveaus. Hij begon in de naoorlogse jaren als ambtenaar bij de RTT. In 1966 ruilde hij die functie in voor een positie bij Buitenlandse Zaken. Daar lag immers de echte interesse van Hubert Van Wambeke, een interesse die ook zijn politieke carrière voor een groot stuk heeft gedefinieerd.

 

Tussen 1980 en 1995 nam hij als verkozene des volks plaats in dit halfrond en in de Senaat. Daar drukte hij zijn stempel op het buitenlands beleid dat door de wetgevende macht werd uitgetekend, in een periode die op geopolitiek vlak van uitzonderlijk historisch belang was.

 

Die interesse voor het buitenland weerhield hem er echter niet van om ook dicht bij huis zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid op te nemen. In zijn thuisstad Zottegem was hij een heel geliefd man als gemeenteraadslid en OCMW-voorzitter.

 

Ook nadat hij zijn mandaten had neergelegd, bleef hij zich als lokale seniorenvoorzitter inzetten voor de belangen van de mensen en zeker voor de senioren.

 

De regering brengt dan ook met veel respect hulde aan Hubert Van Wambeke en betuigt haar deelneming aan zijn familie en wenst hen veel sterkte toe.

 

De voorzitter: Ik dank u, mijnheer de minister. Collega’s laten we enige ogenblikken stilte in acht nemen ter nagedachtenis van de overleden collega.

 

De Kamer neemt een minuut stilte in acht.

La Chambre observe une minute de silence.

 

02 Rouwhulde – de heer André Bourgeois

02 Éloge funèbre – M. André Bourgeois

 

De voorzitter (voor de staande vergadering):

Le président (devant l'assemblée debout):

 

Op 18 oktober overleed in Gent André Bourgeois, gewezen lid van de Kamer van volksvertegenwoordigers. Hij was 87 jaar oud.

 

André Bourgeois werd geboren in Izegem op 7 maart 1928. Na zijn doctoraat in de rechten en zijn studie bestuurswetenschappen aan de universiteit van Gent, werd hij in 1956 lid van de balie van Kortrijk. Tot op 73-jarige leeftijd zou hij het beroep van advocaat blijven uitoefenen, terwijl hij daarnaast ook een politieke carrière uitbouwde.

 

Van 1958 tot 1962 was André Bourgeois nationaal ondervoorzitter van de CVP-Jongeren. In 1965 werd hij lid van de provincieraad van West-Vlaanderen. In datzelfde jaar 1965 werd hij, als pas verkozen gemeenteraadslid, meteen burgemeester van Izegem. Met zijn vernieuwende ideeën en zijn jeugdig enthousiasme begon André Bourgeois meteen zijn thuisstad te moderniseren. Zo gaf hij de aanzet tot de oprichting van de industriezone Mandeldal, een project dat zware infrastructuurwerken vereiste maar dat van groot belang was voor de tewerkstelling in het hele arrondissement Roeselare.

 

Hoewel André Bourgeois slechts een legislatuur lang, tot januari 1971, burgemeester was, bleef hij tot december 1994 onafgebroken gemeenteraadslid in Izegem, en was hij er ook, van januari 1977 tot december 1982, eerste schepen.

 

Entre-temps, André Bourgeois entre sur la scène politique nationale. Il siège à la Chambre des représentants de novembre 1971 à avril 1977 et de décembre 1978 à mai 1995. Il y est un membre particulièrement actif de la commission de la Justice et dirige avec énormément de dévouement les travaux de la première commission d’enquête parlementaire sur les Tueurs du Brabant. De novembre 1985 à janvier 1988 et de juin 1988 à mars 1992, André Bourgeois exerce en outre la fonction de secrétaire de la Chambre.

 

André Bourgeois atteint l’apogée de sa carrière politique entre mars 1992 et juin 1995 dans le premier gouvernement de Jean-Luc Dehaene où il est ministre des Petites et Moyennes Entreprises et de l’Agriculture. Il met en œuvre la nouvelle Politique agricole commune de l’Union européenne et participe aux négociations agricoles de l’Uruguay Round, qui débouchent en janvier 1995 sur la création de l’Organisation mondiale du commerce.

 

In 1999 sloot André Bourgeois zijn politieke loopbaan af, hij zetelde toen in de Senaat. Als senator was hij onder meer eerste ondervoorzitter van de commissie voor de Justitie en lid van de parlementaire commissie van onderzoek naar de georganiseerde criminaliteit in België.

 

Na zijn afscheid van de politiek ging André Bourgeois nog geschiedenis en kunstgeschiedenis studeren aan de Universiteit Gent, en wierp hij zich op als beschermer van het cultuurhistorische erfgoed van Izegem.

 

André Bourgeois was een joviaal en enthousiast mens, een vaderfiguur ook, die nooit aarzelde zijn talrijke vrienden en kennissen met raad en daad bij te staan.

 

In naam van de Kamer heb ik zijn familie, die ik bij dezen begroet, onze oprechte deelneming betuigd.

 

02.01 Minister Kris Peeters: Mijnheer de voorzitter, collega’s, vandaag herdenkt de regering een van haar voorgangers in de Ministerraad. Het Parlement herdenkt een volksvertegenwoordiger, die bijna twee decennia lang hier in het halfrond de stem van het volk liet horen. Izegem herdenkt een burgervader, die de stad op de kaart zette. Een grote familie herdenkt een minzame en geliefde vader en grootvader.

 

Het toont aan hoe groot de impact is die André Bourgeois heeft nagelaten.

 

Persoonlijk leerde ik hem kennen toen hij minister van kmo’s was en ik nog bij UNIZO werkte. Ik leerde hem kennen als iemand die oog had voor de bezorgdheden van de kleine en middelgrote ondernemingen, maar die ook een duidelijke, eigen mening had en steeds het algemeen belang liet primeren.

 

Wij willen vandaag ook hulde brengen aan de manier waarop hij tijdens een van de meest cruciale periodes in de geschiedenis van het Europees landbouwbeleid de primaire sector verdedigde. De MacSharry-hervorming van 1992 en de GATT-akkoorden van WTO bleken een kantelpunt in de manier waarop wij onze land- en tuinbouwers steunen.

 

André Bourgeois heeft in die onderhandelingen steeds voor de leefbaarheid van de Belgische landbouw geijverd. Het is een voorbeeld dat nadien door alle volgende federale en regionale ministers van Landbouw werd gevolgd.

 

De regering brengt hulde aan een groot politicus, wiens nalatenschap blijft voortleven in ons landbouw-, tuinbouw- en kmo-beleid, in de stad Izegem en in de herinneringen die velen onder ons aan hem hebben.

 

Wij betuigen ons medeleven aan de familie van André Bourgeois en wensen haar veel sterkte in deze moeilijke periode.

 

De voorzitter: Mijnheer de minister, collega’s, ik stel voor ook voor deze overleden collega en ex-minister enige ogenblikken stilte in acht te nemen.

 

De Kamer neemt een minuut stilte in acht.

La Chambre observe une minute de silence.

 

03 Rouwhulde – de heer Wilfried Van Durme

03 Éloge funèbre – M. Wilfried Van Durme

 

De voorzitter (voor de staande vergadering):

Le président (devant l'assemblée debout):

 

Op 11 oktober overleed in Eeklo Wilfried Van Durme, gewezen lid van de Kamer van volksvertegenwoordigers. Hij was 84 jaar.

 

Wilfried Van Durme werd geboren in Petegem, bij Deinze, op 24 juni 1931.

 

Na zijn opleiding tot maatschappelijk assistent, was Wilfried Van Durme jarenlang studiemeester aan het Provinciaal Technisch Instituut in Eeklo. Vanaf het begin was hij betrokken bij de Groene Beweging en bij de politieke partij Agalev, de voorloper van Groen. Ook was hij hoofdredacteur van De Groenen, het partijblad van Agalev.

 

Van juni 1983 tot oktober 1985 zetelde Wilfried Van Durme in de Oost-Vlaamse provincieraad. In oktober 1985 werd hij lid van de Kamer van volksvertegenwoordigers voor het arrondissement Gent-Eeklo. Hij bleef lid van onze assemblee tot november 1991, en was vooral actief in de commissie voor de Volksgezondheid en het Leefmilieu en in de commissie voor de Landbouw en de Middenstand.

 

Wilfried Van Durme quitte ensuite la politique nationale pour se concentrer sur l’échelon local. Il accomplit trois mandats au conseil communal d’Eeklo: de 1996 à 2000, de 2001 à 2006 et de 2010 à 2012. Si Eeklo est devenue une ville à l’avant-garde en matière d’énergies renouvelables, le mérite lui en revient largement: elle a été pionnière dans l’utilisation de l’énergie éolienne et l’installation de panneaux solaires sur les toits des bâtiments de la ville.

 

Lors de son ultime mandat de conseiller communal, Wilfried Van Durme, alors âgé de 80 ans, affiche encore un intérêt et un dynamisme étonnants notamment dans les dossiers relatifs à l’aménagement du territoire.

 

In zijn thuishaven Eeklo was Wilfried Van Durme niet enkel politiek, maar ook sterk cultureel geëngageerd. Zo was hij gedurende vele jaren voorzitter van de Culturele Raad en van het cultuurcentrum De Herbakker.

 

Wilfried Van Durme stond bekend als een zeer vriendelijk en integer man. Macht op zich interesseerde hem niet; hij zag het als een instrument om op een andere manier met het milieu om te gaan.

 

In naam van de Kamer heb ik zijn familie onze oprechte deelneming betuigd.

 

03.01 Eerste minister Charles Michel: Mijnheer de voorzitter, beste collega’s, de heer Wilfried Van Durme was zeer actief bij Agalev, waarvan hij een van de oprichters was. Tijdens zijn politieke loopbaan zetelde hij eerst twee jaar in de provincieraad van Oost-Vlaanderen, waarna hij verkozen werd in de Kamer.

 

Tot 1991 was hij lid van de Kamer. Hij werkte vooral rond de thema’s volksgezondheid, milieu en landbouw. Hij was zeer begaan met afvalverwerking en stelde een wetsvoorstel op voor drankverpakkingen. Hij was ook een van de eersten die aandacht had voor de problematiek van de intensieve veeteelt en de impact ervan op het milieu.

 

Après son engagement sur le plan fédéral, Wilfried Van Durme, continua à s'investir pour la société sur le plan local et notamment dans sa commune à Eeklo et, cela, durant de nombreuses années comme conseiller communal où il se distingua notamment pour son dévouement et son engagement pour la culture. Fort de ses convictions, il contribua tout au long de sa vie à faire de l'écologie un enjeu politique majeur.

 

Wie hem kende, noemt hem een hartelijke, eenvoudige man, niet gehecht aan uiterlijke tekenen van rijkdom of erkenning. De ecologisten verliezen een belangrijk lid van hun gemeenschap.

 

Ik betuig zijn familie en collega’s namens de regering mijn medeleven.

 

De voorzitter: Ik dank u, mijnheer de minister. Collega’s, ik stel voor om ook voor deze collega enige ogenblikken stilte in acht te nemen.

 

De Kamer neemt een minuut stilte in acht.

La Chambre observe une minute de silence.

 

04 Rouwhulde – mevrouw Anne-Marie Lizin

04 Éloge funèbre – Mme Anne-Marie Lizin

 

De voorzitter (voor de staande vergadering):

Le président (devant l'assemblée debout):

 

Chers Collègues, nous avons appris avec regret le décès, le samedi 17 octobre dernier, à l’âge de 66 ans, de Mme Anne-Marie Lizin, Présidente honoraire du Sénat, qui fut membre de notre assemblée de 1991 à 1995.

 

Après avoir décroché une licence en sciences économiques à l’Université de Liège, Anne-Marie Lizin fait ses premiers pas en politique en rejoignant en 1970 le cabinet d’Henri Simonet, ministre des Affaires économiques. Elle l’accompagne dans ses cabinets successifs à la Commission européenne de 1973 à 1977, puis aux Affaires étrangères jusqu’en 1979.

 

Lors des premières élections du Parlement européen au suffrage universel, en juin 1979, Anne-Marie Lizin décroche un siège de député européen qu’elle conservera jusqu’en 1988. Elle est ensuite nommée secrétaire d’État à l’Europe 92 dans les gouvernements Martens VIII et Martens IX, fonction qu’elle exercera jusqu’en mars 1992. Européenne convaincue, cette nouvelle fonction lui sied à merveille.

 

Elle s’emploie avec beaucoup de conviction à préparer la Belgique aux Conférences intergouvernementales qui doivent conduire à l’adoption du Traité de Maastricht en 1992.

 

Op 24 november 1991 deed Anne-Marie Lizin haar intrede in de Kamer als volksvertegenwoordiger van het arrondissement Hoei-Borgworm. Zij nam met toewijding en geestdrift deel aan parlementaire werkzaamheden over de grote maatschappelijke problemen.

 

In mei 1995 stapte Anne-Marie Lizin over naar de Senaat.

 

Zij was er voorzitter van de Senaatscommissie Binnenlandse Zaken van 1999 tot 2003, maar ook, en vooral, de eerste vrouw die de Hoge Vergadering leidde, van 20 juli 2004 tot 12 juli 2007.

 

Anne-Marie Lizin was een specialiste in internationale betrekkingen en het Senaatvoorzitterschap gaf haar de gelegenheid in de Senaat ontmoetingen te organiseren met tal van, ook buitenlandse, prominenten.

 

Als ondervoorzitter van de Parlementaire Assemblee van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa kreeg zij in 2006 de opdracht een rapport op te stellen over Guantánamo. In het kader daarvan was zij het eerste parlementslid ter wereld dat de Amerikaanse basis heeft bezocht.

 

Haar engagement op internationaal vlak bracht Anne-Marie Lizin naar alle hoeken van de wereld, en zij ontmoette heel wat vooraanstaande politieke figuren. Zij durfde in dat verband ook risico’s te nemen, omdat het noch in haar aard lag noch haar gewoonte was om voor een moeilijke opdracht terug te deinzen. Daardoor kwam zij af en toe ook in botsing met gevestigde gezagsstructuren en gevestigde belangen.

 

Chers collègues, Anne-Marie Lizin a toujours veillé à conserver son ancrage local.

 

C’est en 1970 qu’elle entame sa carrière politique comme conseillère communale puis échevine à Ben-Ahin, commune qui fusionne avec Huy en 1976.

 

Débute alors une longue carrière qui verra Anne-Marie Lizin accéder en 1983 au maïorat de la ville de Huy, fonction qu’elle exercera pendant 26 ans, jusqu’en 2009.

 

Nourrissant une véritable passion pour Huy, elle s’investit sans compter dans le développement social, culturel et économique de cette cité qu’elle aime tant.

 

Anne-Marie Lizin était une femme de tête, au caractère bien trempé, dotée d’un sens aigu de la communication. Militante infatigable, présente sur tous les fronts, elle aura mis son énergie débordante et sa détermination sans faille au service de ses idées.

 

Nous n’oublierons pas ses combats pour l’égalité entre hommes et femmes et la promotion et la défense des droits humains.

 

Chers Collègues, Anne-Marie Lizin aura marqué à sa façon, au-delà des différences et d’un parcours politique atypique et mouvementé, la vie politique belge de ces trente dernières années.

 

Je salue sa famille dans la tribune. J’ai transmis à son époux et à ses proches les condoléances de notre assemblée.

 

04.01  Charles Michel, premier ministre: Monsieur le président, chers collègues, le 17 octobre dernier, c'est une figure marquante de la politique qui s'en est allée.

 

Anne-Marie Lizin débute son action politique aux côtés de Henri Simonet, alors ministre des Affaires économiques, en rejoignant son cabinet au début des années septante.

 

En juin 1979, Anne-Marie Lizin est élue députée européenne et elle passe ainsi des coulisses à la scène politique. C'est le début d'un long parcours et d'un engagement très marqué. Que ce soit au Parlement européen, à la Chambre, au Sénat mais aussi dans sa commune de Huy à laquelle elle vouait un amour maternel, elle défendait ses convictions souvent sans compromis. Tout au long de son parcours, elle se distingua pour ses engagements sur le plan international. Des engagements qu'elle illustra, par exemple, en se rendant à Guantanamo en tant que vice-présidente de l'Organisation pour la sécurité et la coopération en Europe (OSCE).

 

Ze zette zich ook sterk in voor de zaak van de vrouw en de strijd voor gelijkheid tussen man en vrouw. Ze moest zichzelf profileren in een wereld die toen nog grotendeels gedomineerd werd door mannen en daarin is ze met glans geslaagd door onder meer de eerste vrouw te worden die een Belgische parlementaire vergadering voorzat toen zij voorzitster van de Senaat werd. Ze was gepassioneerd door de politiek en had er haar leven van gemaakt.

 

Elle a aussi consacré sa vie, avec beaucoup de force, à la Ville de Huy, où elle était incontournable et dont elle changea le visage en profondeur pour en faire une ville de premier plan en Wallonie.

 

J'ai moi-même eu l'occasion de la rencontrer régulièrement lorsque j'étais ministre à la Région wallonne. C'était une dame de caractère, déterminée, souvent jusqu'au-boutiste, mais dont les convictions étaient aussi sincères que profondes.

 

Au nom du gouvernement, je souhaite présenter à sa famille, à ses amis et à ses proches nos plus profondes condoléances.

 

Le président: Merci, monsieur le premier ministre.

 

Chers collègues, je vous demande d'observer une minute de silence en hommage à Mme Lizin.

 

La Chambre observe une minute de silence.

De Kamer neemt een minuut stilte in acht.

 

05 Agenda

05 Ordre du jour

 

Op vraag van de regering stel ik u voor op de agenda van de plenaire vergadering van deze namiddag het wetsontwerp houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en IJsland, anderzijds, betreffende de deelname van IJsland aan de gezamenlijke nakoming van de verbintenissen van de Europese Unie, haar lidstaten en IJsland voor de tweede verbintenisperiode van het Protocol van Kyoto bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering, gedaan te Brussel op 1 april 2015, nr. 1250/1, in te schrijven.

À la demande du gouvernement je vous propose d'inscrire à l'ordre du jour de la séance plénière de cet après-midi le projet de loi portant assentiment à l'Accord entre l'Union européenne et ses États membres, d'une part, et l'Islande, d'autre part, concernant la participation de l'Islande à l'exécution conjointe des engagements de l'Union européenne, de ses États membres et de l'Islande au cours de la deuxième période d'engagement du Protocole de Kyoto à la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques, fait à Bruxelles le 1er avril 2015, n° 1250/1.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus zal geschieden.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Vragen

Questions

 

06 Questions jointes de

- Mme Laurette Onkelinx au premier ministre sur "la divergence au sein du gouvernement concernant l'accord sur le climat obtenu le week-end dernier" (n° P0747)

- Mme Karin Temmerman au premier ministre sur "la divergence au sein du gouvernement concernant l'accord sur le climat" (n° P0748)

- Mme Meyrem Almaci au premier ministre sur "la divergence au sein du gouvernement concernant l'accord sur le climat" (n° P0749)

- M. Michel de Lamotte au premier ministre sur "la divergence au sein du gouvernement concernant l'accord sur le climat obtenu le week-end dernier" (n° P0750)

- M. Damien Thiéry au premier ministre sur "la divergence au sein du gouvernement concernant l'accord sur le climat obtenu le week-end dernier" (n° P0751)

06 Samengevoegde vragen van

- mevrouw Laurette Onkelinx aan de eerste minister over "de onenigheid in de regering over het vorig weekend bereikte klimaatakkoord" (nr. P0747)

- mevrouw Karin Temmerman aan de eerste minister over "het gekibbel in de regering over het klimaatakkoord" (nr. P0748)

- mevrouw Meyrem Almaci aan de eerste minister over "het gekibbel in de regering over het klimaatakkoord" (nr. P0749)

- de heer Michel de Lamotte aan de eerste minister over "de onenigheid in de regering over het vorig weekend bereikte klimaatakkoord" (nr. P0750)

- de heer Damien Thiéry aan de eerste minister over "de onenigheid in de regering over het vorig weekend bereikte klimaatakkoord" (nr. P0751)

 

06.01  Laurette Onkelinx (PS): Monsieur le président, chers collègues, j'ai décidé de vous adresser cette question, monsieur le premier ministre car, en tant que tel, vous jouez un rôle essentiel en matière de cohésion sociale du gouvernement. Et, pour le moment, il faut bien reconnaître que vous avez pas mal de travail à ce niveau, vu la rentrée plus que tourmentée que nous avons connue.

 

Parmi les nombreux dossiers qui jonchent votre bureau, un me semble très important, à savoir celui relatif à l'urgence climatique, la COP21, puisque, dans un bon mois, débuteront des négociations à Paris. Il s'agit certainement d'un des défis les plus importants posés actuellement à l'humanité.

 

Pendant des années et des années, la Belgique n'a pas été capable d'obtenir un accord sur ce que l'on appelle le "partage du fardeau", le burden sharing.

 

J'ai été très heureuse de saluer le travail réalisé par les quatre ministres de l'Environnement au niveau fédéral, mais aussi au niveau des trois Régions pour aboutir, enfin, à cet accord.

 

S'agit-il d'un bon accord? On peut toujours tout améliorer, mais j'ai appris que pour arriver à un compromis, chacun doit mettre de l'eau dans son vin. En tout cas, je tiens à saluer cet accord.

 

Malheureusement, il y a eu ce coup de tonnerre. En effet, mardi matin, un vice-premier ministre a taclé violemment et publiquement la ministre de l'Environnement, en lui faisant savoir qu'elle n'avait pas bien négocié. Ce fait est d'autant plus grave que ledit vice-premier ministre aurait pu le faire gentiment, dans le cadre du kern, en posant des questions. Mais non, il a fallu qu'il le fasse via les médias!

 

Je ne veux pas en faire trop car l'enjeu est véritablement trop important mais, monsieur le premier ministre, allez-vous défendre votre ministre de l'Environnement puisque tel est notamment votre rôle? Avez-vous la volonté absolue d'aboutir à un accord avant la participation de la Belgique à la COP21 de Paris?

 

06.02  Karin Temmerman (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, collega’s, vrijdagnacht en zaterdagmorgen was er grote euforie toen bleek dat wij eindelijk een klimaatakkoord hadden. Na acht jaar onderhandelen was er eindelijk een klimaatakkoord. Maandagmorgen volgde de ontnuchtering. De N-VA vindt het akkoord niet meer goed en wil heronderhandelen.

 

Dinsdagmorgen zegt minister Marghem in de commissie dat zij nog steeds achter het akkoord staat. Bijna op hetzelfde moment krijgen wij ook te horen op de radio dat uw eigen vice-eersteminister van de N-VA dit akkoord onevenwichtig vindt.

 

Mevrouw Marghem verklaart achter het akkoord te staan en ze werpt de bal in uw kamp. Zij zegt dat de eerste minister daarover vrijdag zal discussiëren in het kernkabinet en het probleem daar zal oplossen.

 

Woensdagmorgen krijgen we weer een bericht, waaruit blijkt dat er toch wel een probleem is.

 

Mijnheer de eerste minister, ondertussen maken wij internationaal een belabberde indruk. De heer Delbeke, de directeur-generaal voor het klimaatplan binnen de Europese Commissie, zegt dat België zijn geloofwaardigheid ondermijnt door dit gekibbel. Hij voegt eraan toe dat wij het enige land zijn op 28 lidstaten dat nog geen gedetailleerd plan heeft.

 

Mijnheer de eerste minister, de kers op de taart volgde op donderdag. De Europese Commissie zegt dat de berekening van het federale deel van de hernieuwbare energie niet klopt.

 

Mijnheer de eerste minister, hoe zult u dit oplossen? Een van uw coalitiepartners zegt dat dit akkoord onevenwichtig is. Meer nog, de vice-eersteminister zegt dat Vlaanderen te veel moet betalen.

 

Mijnheer de eerste minister, zult u dit akkoord heronderhandelen, zoals uw coalitiepartner vraagt? Hoe zult u ervoor zorgen dat wij ons binnen een maand niet belachelijk maken in Parijs?

 

06.03  Meyrem Almaci (Ecolo-Groen): (…) Het betreft een artikel uit The Financial Times in de Verenigde Staten.

 

Collega’s van de N-VA, voor alle duidelijkheid, wij hebben ons de voorbije jaren al belachelijk gemaakt. Mijnheer de premier, ik stel vast dat met de installatie van deze regering de kunst van het compromis echt in de prullenbank is gegaan.

 

We zijn al zes jaar zonder klimaatakkoord. We zitten al lang in extra time. U hebt nog vier jaar om de doelstellingen te halen. We weten al wat dat betekent voor een regering die niet zo goed kan omgaan met timing. Er is geen akkoord, er zijn geen excuses.

 

Zes jaar vechtfederalisme, 236 miljoen euro geblokkeerd, geld dat gebruikt had kunnen worden voor projecten inzake hernieuwbare energie. Een minister van Leefmilieu die in haar communicatie zelf aangeeft dat ze geïmporteerde groene stroom in het akkoord gaat steken. Europa repliceert daarop dat dat niet mag. Een vicepremier van de N-VA, die net als zijn Vlaamse collega’s zegt dat hij het niet eens is met dat federaal akkoord en die zich van uw regering distantieert, u die hier luttele weken geleden één zin overhad voor de top in Parijs.

 

De mensen aan de andere kant van het scherm staan verbijsterd te kijken naar dit beschamend schouwspel. Morgen komen er actievoerders die echt met de billen bloot gaan. Dat is immers waar ons land nu internationaal staat, met de billen bloot. U kunt dat niet meer rechttrekken. Ondertussen zie ik 112 captains of industry die vragen om een sterk akkoord, tienduizend mensen in de Klimaatzaak, burgemeesters en schepenen die aan de slag zijn; iedereen beweegt behalve uw regering, die in cirkeltjes blijft draaien. De tijd is om.

 

Mijnheer de eerste minister, gaat u naar Parijs? Wat gaat u daar vertellen? Hoe gaat u ervoor zorgen dat de schande verdwijnt die u zich op de hals hebt gehaald, niet in onze naam – wij hebben voorstel na voorstel ingediend en wij distantiëren ons dus van deze regering – en dat u het blazoen van ons land, nu de slechtste leerling in Europa, toch ietwat kunt oppoetsen?

 

06.04  Michel de Lamotte (cdH): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, samedi dernier, un accord historique est intervenu sur le burden sharing. Les quatre ministres du Climat de notre pays, sous la présidence de Céline Fremault, ministre bruxelloise, sont intervenus dans cette négociation. Cet accord est historique car, depuis huit ans, on négocie sur la matière. C'est un élément important. Dans un accord, il y a du pour et du contre mais, à un moment donné, il faut saisir l'opportunité.

 

Les quatre ministres ont donc pris leurs responsabilités. Par ailleurs, le gouvernement bruxellois et le gouvernement wallon ont déjà approuvé cet accord. C'est également un élément important. Le gouvernement fédéral, monsieur le premier ministre, doit, lui aussi, prendre ses responsabilités dans le cadre de cet accord négocié, avalisé par votre ministre en charge du Climat. Cet accord s'avère crédible et équilibré. En outre, le financement doit intervenir dans les prochains jours.

 

Le 15 novembre 2015, un Conseil ECOFIN est convoqué et la Belgique n'a pas, alors qu'elle a été rappelée à l'ordre à deux reprises par la Commission européenne, déposé sa contribution au financement européen. Cela nous déforce car nous serons considérés comme bailleur individuel, ce qui n'est pas l'idéal dans ce type de négociations. Monsieur le premier ministre, nous sommes à deux pas de la COP21 à Paris et nous devons présenter une image forte et crédible à cette occasion. Il y va de notre crédibilité générale vis-à-vis de l'Europe.

 

Monsieur le premier ministre, pourriez-vous confirmer devant notre assemblée que l'accord négocié samedi est un accord crédible et équilibré et qu'il a déjà l'aval d'un certain nombre de partenaires. Pouvez-vous vous engager solennellement devant cette Chambre à approuver cet accord et, si possible, demain en Conseil des ministres. Nous souhaiterions être avertis que cet accord est ratifié.

 

06.05  Damien Thiéry (MR): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, chers collègues, je comprends d'une certaine manière que mes collègues de l'opposition veuillent dramatiser la situation. Je tiens à dire que ces questions ont déjà été posées en commission de la Santé publique, durant laquelle nous avons eu un débat important et extrêmement intéressant.

 

Je comprends bien que dans l'état actuel des choses, la répartition de l'effort entre le fédéral et les entités fédérées fait l'objet d'un préaccord. En définitive, je voudrais rappeler que c'est aussi aux entités fédérées de valider cet accord. Nous avons tous notre rôle, à tous les niveaux de pouvoir. À l'heure actuelle, certains ont envie de lancer sur la place publique une polémique sur le sujet.

 

Monsieur le premier ministre pourriez-vous nous dire quelle est la position du gouvernement fédéral? De manière constructive, comment pensez-vous pouvoir résoudre cette problématique pour que nous arrivions à un accord entre le fédéral et les entités fédérées?

 

06.06  Charles Michel, premier ministre: Monsieur le président, chers collègues, je voudrais remercier les différents intervenants. Nous serons tous d'accord, je pense, sur un point: il s'agit d'un enjeu important. Cette Conférence de Paris sur les changements climatiques doit être un succès. Nous devons tous être mobilisés pour apporter notre pierre à l'édifice et tenter d'en faire un succès. Cela ne sera pas simple.

 

Dans l'ensemble des réunions internationales auxquelles j'ai assisté, y compris les dernières semaines, systématiquement, ce point a été mis en haut de l'agenda. Le gouvernement français est très mobilisé pour en faire un succès. Nous devons aussi être à la hauteur.

 

Vous avez tous eu l'honnêteté intellectuelle de le reconnaître: il s'agit d'un dossier qui est traité depuis longtemps en Belgique, malheureusement sans accord. Voilà plus de six ans que les ministres successifs de l'Environnement dans les entités fédérées et au fédéral se sont mobilisés et ont fait les meilleurs efforts pour tenter de rapprocher les points de vue en vue de l'obtention d'un accord de répartition.

 

Ik ben bijzonder tevreden dat het de laatste dagen mogelijk was vooruitgang te boeken, om een kans voor of een perspectief op een akkoord te bieden voor de Conferentie van Parijs. Ik wil duidelijk zeggen dat het de bedoeling is van de federale regering, zoals meen ik ook van de regionale regeringen, alles te doen en de nodige inspanningen te leveren om tot een akkoord te komen. Maar wat zijn de feiten?

 

Mais quels sont les faits? De manière très sobre et pour informer parfaitement l'ensemble des collègues, je tiens à préciser que, dans la nuit de vendredi à samedi, une proposition a effectivement été émise entre les différents ministres de l'Environnement.

 

Une différence existe entre une proposition d'accord et un accord, monsieur Nollet. Cela nécessitait de faire des vérifications techniques et politiques dans les différents gouvernements. La preuve? Quelques gouvernements se sont déjà prononcés sur la proposition qui a été formulée.

 

D'un point de vue technique, quelle est la difficulté à laquelle nous sommes confrontés sur le plan fédéral? Cette proposition comporte une hypothèse de passage de 2 à 2,75 % de la part de l'effort fédéral pour ce qui concerne le renouvelable. Ce raisonnement a été élaboré en prenant en considération l'idée que certains mécanismes tels que les turbines et les interconnexions pourraient être comptabilisés et reconnus comme tels sur le plan européen.

 

Wij hebben begin deze week, maandag, een antwoord gekregen van de Europese Commissie, waarin staat dat die elementen of factoren niet kunnen worden meegeteld. Dat is een realiteit. Dat is een feit. Dat is zo.

 

Monsieur Nollet, restez calme! Quand on parle de façon sérieuse d'un dossier, cela semble vous gêner. J'explique simplement les faits.

 

Nous devons prendre en compte cet élément. C'est une réalité. La Commission européenne a clarifié un point pour lequel, manifestement, il y avait un doute, un questionnement. Ce point a été vérifié et sur base de cela, j'ai demandé à la ministre de poursuivre les négociations.

 

Je peux vous affirmer que la volonté du gouvernement est de tout entreprendre, dans les prochains jours, pour faire en sorte qu'un accord soit possible.

 

On peut dire que c'est scandaleux, qu'il y avait un projet d'accord et qu'il fallait absolument le valider. Mais je souhaite un accord qui soit réalisable et réaliste! Si nous devions conclure un accord non réalisable et non réaliste, très vite, nous serions rattrapés et nous devrions payer des amendes éventuelles décidées par la Commission européenne, ce qui n'aurait pas de sens.

 

De deelstaten en de federale regering hebben alle belang bij een realistisch akkoord dat kan worden uitgevoerd. Dat is onze bedoeling.

 

06.07  Laurette Onkelinx (PS): Monsieur le premier ministre, manifestement, vous êtes mal à l'aise. Et cela se voit. La vérité a ses droits. Lorsque M. Jambon s'exprime au micro de la RTBF mardi matin, il ne dit pas: "Il y a des problèmes techniques avec la Commission." Que dit-il? Je le cite: "Les charges des coûts sont trop élevées pour la Flandre. On doit donc revoir comment on peut plus équilibrer l'accord." La N-VA a simplement fait du communautaire!

 

Vous expliquez régulièrement dans les médias que ce parti a changé. Voilà un dossier où la réalité apparaît clairement: M. Jambon refuse un accord parce que la charge lui paraît trop élevée pour la Flandre. Monsieur le premier ministre, c'est inexcusable!

 

Ensuite, qu'a dit Mme Marghem en commission? Elle a indiqué qu'elle continuerait à défendre l'accord. Vous prétendez avoir reçu des informations pendant le week-end. Mme Marghem ne les aurait donc pas obtenues? C'est quand même bizarre! Je ne peux pas croire que vous la taxiez d'incompétence. En la matière, je la crois compétente.

 

Dès lors, monsieur le premier ministre, je vous demande de vous ressaisir. Ce dossier est extrêmement important. Nous souhaitons aboutir à un consensus mondial, mais la Belgique viendrait sans accord interne? Si vous n'y parvenez pas, monsieur le premier ministre, ce sera votre échec et un véritable BHV climatique – et vous en serez responsable! 

 

De voorzitter: Collega’s, ik herinner u eraan dat u voor de repliek in principe recht hebt op één minuut.

 

06.08  Karin Temmerman (sp.a): Mijnheer de eerste minister, uw antwoord is redelijk ontstellend. U zegt eerst dat er geen akkoord was, maar een voorstel. Wij hebben heel duidelijk minister Marghem – zij luistert op dit ogenblik niet, hoewel het over haar materie gaat – een aantal keer horen zeggen dat er een akkoord was. Dat staat ook in de kranten.

 

Ten tweede, u zegt dat u in het weekend een aantal technische details hebt gekregen uit Europa. Mijnheer de eerste minister, men is al zes jaar bezig met onderhandelen. Als men een nieuw voorstel heeft waarmee men naar de partners van de deelstaten gaat, dan is het toch onvoorstelbaar dat men niet eerst aftoetst of dit wel kan op die manier. Wat u nu zegt, wijst alleen op de onbekwaamheid van uw minister. Nogmaals, u zegt dat die informatie in het weekend bekend was. Dinsdag hadden wij een commissievergadering en minister Marghem heeft daarover niets gezegd.

 

Ten derde, ik heb u op de man af gevraagd of u het akkoord zult heronderhandelen. Uit uw antwoord begrijp ik van wel. U wilt het zeer moeizaam bereikte akkoord opnieuw negotiëren.

 

Mijnheer de eerste minister, ik stel alleen maar vast. Uw regering heeft een akkoord. De heer Vuye heeft tijdens het debat nog gezegd dat de regering geen kibbelkabinet is, maar een dadenkabinet. Ik stel alleen maar vast, mijnheer de eerste minister, dat de N-VA iedere keer opnieuw beslissingen van uw regering in vraag stelt.

 

06.09  Meyrem Almaci (Ecolo-Groen): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, met uw vrij stuitend antwoord hebt u bewezen dat op het vlak van klimaat niet alleen mevrouw Marghem incompetent is, maar heel uw regering, inclusief de N-VA, die het ook leuk vindt om op het vlak van klimaat een incompetente regering-Bourgeois I te hebben.

 

De slechtste leerling in Europa, het is uw verdienste. Laat dat even tot u doordringen.

 

The Financial Times schrijft in de katern Economie dat het aanpakken van de klimaatverandering niet alleen een “path away from disaster” is, maar ook een gigantische opportuniteit, in se een geweldige kans die u aan een rottempo aan het verkwanselen bent.

 

Een positief verhaal, gisteren heb ik een mobiliteitsbudget voorgesteld. Uw regering heeft er zelfs geen timing voor. U kunt het niet, u wilt het niet, en Michel I zal net als Bourgeois I de geschiedenis ingaan als de regering van de klimaatnegationisten. En zo zult u naar Parijs gaan.

 

06.10  Michel de Lamotte (cdH): Monsieur le premier ministre, permettez-moi quand même d'être stupéfait. Ce qui se passe ici est extraordinaire. Vous qui êtes le champion des tweets, je vous invite à relire les tweets de votre ministre du Climat annonçant certaines décisions, lesquelles étaient fermes et définitives. Quelle embrassade sous la photo pour valider cet accord!

 

Les questions que je vous ai posées étaient simples. Elles nécessitaient des réponses simples. Je n'en ai obtenu aucune. Il a suffi d'une déclaration mardi matin d'un ministre de votre gouvernement pour mettre le feu à la commission du Climat et hésiter à présent vis-à-vis de cet accord historique, dans lequel toutes les parties y trouvaient un plus. En effet, faire partie du concert des Nations est un enjeu important.

 

06.11  Damien Thiéry (MR): Monsieur le premier ministre, je comprends la volonté de certains de faire du réchauffement climatique une question communautaire. (Protestations)

 

Je ne suis pas sûr que cela portera ses fruits. J'entends également la volonté de certains en parlant d'un accord, alors que tous ont compris qu'il s'agissait bien d'un projet d'accord. J'entends une certaine agressivité, car chacun essaye de se positionner par rapport à l'attitude belge que nous devons adopter en commun.

 

Je tiens à dire ceci. Nous avons entrepris un travail parlementaire relativement conséquent par l'intermédiaire du dépôt d'une résolution, M. Ducarme, M. Chastel et moi-même. Nous avons ouvert le dialogue de manière très constructive à tous les partis de cet hémicycle. Certains se sont déjà manifestés. Nous allons, dans très peu de temps, travailler ensemble en vue d'un accord commun. C'est surtout à cet égard que nous pourrons défendre la position de la Belgique à Paris.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

07 Questions jointes de

- Mme Karine Lalieux au premier ministre sur "l'illégalité du marché public confié à Clifford Chance" (n° P0752)

- M. Benoit Hellings au premier ministre sur "l’illégalité du marché public confié à Clifford Chance" (n° P0753)

- M. Marco Van Hees au premier ministre sur "l'illégalité du marché public confié à Clifford Chance" (n° P0754)

- Mme Véronique Caprasse au premier ministre sur "l'illégalité du marché public confié à Clifford Chance" (n° P0755)

- M. Denis Ducarme au premier ministre sur "l'illégalité du marché public confié à Clifford Chance" (n° P0756)

- Mme Vanessa Matz au premier ministre sur "l'illégalité du marché public confié à Clifford Chance" (n° P0757)

07 Samengevoegde vragen van

- mevrouw Karine Lalieux aan de eerste minister over "de onwettige toekenning van een overheidsopdracht aan Clifford Chance" (nr. P0752)

- de heer Benoit Hellings aan de eerste minister over "de onwettige toekenning van een overheidsopdracht aan Clifford Chance" (nr. P0753)

- de heer Marco Van Hees aan de eerste minister over "de onwettige toekenning van een overheidsopdracht aan Clifford Chance" (nr. P0754)

- mevrouw Véronique Caprasse aan de eerste minister over "de onwettige toekenning van een overheidsopdracht aan Clifford Chance" (nr. P0755)

- de heer Denis Ducarme aan de eerste minister over "de onwettige toekenning van een overheidsopdracht aan Clifford Chance" (nr. P0756)

- mevrouw Vanessa Matz aan de eerste minister over "de onwettige toekenning van een overheidsopdracht aan Clifford Chance" (nr. P0757)

 

07.01  Karine Lalieux (PS): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, nous avons entendu hier les explications de Mme Galant en commission de l'Infrastructure et nous en retirons trois certitudes. La première est qu'elle a caché la vérité. La deuxième est que c'est son cabinet qui a désigné le cabinet d'avocats Clifford. La troisième est que les procédures de marchés publics n'ont pas été respectées.

 

En d'autres mots, cela signifie que cette désignation a été faite de manière totalement illégale et que ce sont des dizaines de milliers d'euros, près de 400 000 et peut-être beaucoup plus, d'argent public qui ont été dépensés illégalement.

 

Hier, Mme Galant nous a aussi dit qu'elle n'était pas la responsable mais que c'était son administration. On a l'habitude avec elle! C'est un peu comme un enfant qui se défend devant ses parents qui le surprennent avec les doigts dans le pot de confiture!

 

Mme Galant a également dit qu'elle allait saisir l'Inspection des Finances, ce qu'elle n'a d'ailleurs pas fait pour désigner le cabinet Clifford. Elle a encore moins saisi la ministre du Budget et le Conseil des ministres! Elle n'a d'ailleurs opéré aucune mise en concurrence!

 

Maintenant, elle va saisir l'Inspection des Finances pour faire une grande étude sur tous les dossiers de son département!

 

Monsieur le premier ministre, je vous demande de saisir vous-même l'Inspection des Finances, et de vous y engager ici, pour qu'elle diligente une enquête sur la désignation du cabinet Clifford et qu'elle remette au parlement ses conclusions dans les sept jours.

 

Monsieur le premier ministre, l'affaire est grave! Est-ce vraiment l'image que vous voulez donner de votre gouvernement? Est-ce vraiment l'éthique à l'œuvre dans votre majorité? Des procédures foulées aux pieds, de l'argent dépensé illégalement, des ministres irresponsables! Je rappelle à Mme Galant qu'elle est responsable pour les membres de son cabinet et de son administration!

 

Monsieur le premier ministre, quand il y a une faute dans une organisation, c'est le patron qui est responsable. Dans le scandale VW, ce n'est pas un ingénieur qui a démissionné, c'est le patron!

 

Monsieur le premier ministre, avez-vous encore confiance en votre ministre Mme Galant?

 

07.02  Benoit Hellings (Ecolo-Groen): Monsieur le premier ministre, nous devrions discuter ici du plan global que la ministre Galant devait nous présenter pour régler les nuisances sonores autour de Bruxelles et qui concernent un million de personnes. À la place, nous devons discuter d'une affaire sinistre où une ministre a imposé un cabinet d'avocats pour un prix de 400 000 euros, soit 385 euros de l'heure, pour gérer ce dossier qui ne l'est toujours pas.

 

Elle a imposé ce cabinet d'avocats en violant la loi sur les marchés publics: pas d'avis de l'Inspection des Finances, pas d'avis du ministre du Budget, pas de concertation avec le reste du gouvernement. Ce cabinet gère ce dossier extrêmement important.

 

Monsieur le premier ministre, nous étions habitués à la méconnaissance des chiffres et à l'amateurisme de Mme Galant. Ici, elle a menti à la commission de l'Infrastructure. C'est une faute!

 

Mme Galant n'est pas à la hauteur de la tâche. Elle n'a toujours pas remis son plan mais ici, elle a violé la loi. Dès lors, gardez-vous confiance en votre ministre des Transports?

 

07.03  Marco Van Hees (PTB-GO!): Monsieur le premier ministre, les faits sont graves! Votre ministre Galant a fait appel à un cabinet d'avocats de son choix, un cabinet qu'on dit proche du MR et qui agit dans des matières non spécialisées par rapport au dossier. Cela a coûté beaucoup d'argent. Mme Galant a commis plusieurs actes illégaux et des irrégularités et, pour se défendre, elle ment de manière manifeste.

 

À vrai dire, cela ne m'étonne pas tellement parce que, chaque fois que j'ai eu l'occasion d'être confronté à votre ministre Galant, elle a élevé le mensonge en mode de gouvernance. Elle affirme des choses contraires à l'évidence. Rien que dans le dossier SNCB, des milliards sont soustraits et elle affirme qu'on va améliorer le transport ferroviaire, la ponctualité, la sécurité, on ne touchera pas à l'emploi, … Des mensonges éhontés!

 

Ici, on a passé un cap. Nous ne sommes plus dans le mensonge politique mais carrément dans le mensonge factuel. Mme Galant dégage aussi cette arrogance en intimant aux autres de faire ce qu'elle dit et pas ce qu'elle fait. En lisant les visions stratégiques de Mme Galant à propos du rail, on entend parler de "réduction drastique du recours aux consultants, de s'assurer d'un code éthique des affaires pour les administrateurs et le personnel". Et puis cette interview à La Libre où elle veut qu'on arrête le gaspillage d'argent public à la SNCB.

 

Il est donc ici question d'argent public, monsieur le premier ministre. Or, on parle de 385 euros de l'heure hors TVA pour des avocats. À un moment donné, j'ai crû qu'on parlait d'Armand De Decker. Mais non! Avec lui, c'est 1 000 euros de l'heure TVAC.

 

Monsieur le premier ministre, dans ce cas, il ne s'agit pas de contre-vérité politique, d'interprétation des faits, mais de mensonge factuel délibéré. Un seuil inacceptable a donc été franchi.

 

Ce faisant, pensez-vous que la ministre Galant peut rester dans votre gouvernement? En tout cas, pour ce qui nous concerne, nous ne le pensons pas.

 

07.04  Véronique Caprasse (FDF): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, comme on dit en Belgique, "trop is te veel".

 

La situation est grave, même désespérée. Elle est désespérée sur le fond et sur la forme: sur la forme, vu les procédures qui ont été utilisées par la ministre Galant pour dépenser des sommes folles en recourant à un avocat pour une étude – et ici j'en viens au fond – qui existait déjà. J'ai à ma disposition tous les documents concernant la Vliegwet. Pourquoi ne pas avoir exploité un document qui existait déjà plutôt que de dépenser des sommes folles qui auraient pu être utilisées pour mener une étude environnementale liée au survol aérien de Bruxelles et de sa périphérie ou encore une étude impactant les problèmes de santé de la population?

 

Selon moi, la ministre Galant est allée trop loin. De plus, il est choquant de constater qu'elle rejette toute la faute sur son administration, ce qui constitue également une faute grave. Quand on chapeaute une administration, on doit lui faire confiance, travailler avec elle et non contre elle.

 

Monsieur le premier ministre, quelle position comptez-vous adopter au regard des faits évoqués?

 

07.05  Denis Ducarme (MR): Monsieur le président, j'ai parfois le sentiment que notre parlement commence un peu à ressembler à un tribunal. Je n'évoquerai même pas les attaques aux personnes que je trouve assez détestables quand on doit avoir un débat politique serein, en l'occurrence sur une polémique.

 

Madame Lalieux, vous le savez, ce n'est pas la première fois que l'on a un débat sur la manière dont on consulte les prestataires de services. Ce n'est pas la première fois qu'une polémique s'allume dans ce cadre. Vous le savez bien. C'est regrettable mais ce qui est également regrettable ici, c'est la trame sur laquelle s'articule cette polémique avec des fuites, des déballages publics, des mails reprenant la correspondance entre la ministre et l'administration qui se retrouvent dans les poches des parlementaires. Cela pose quand même question. Chacun doit admettre que la manière dont cela s'est passé est étrange et se demander comment cette polémique s'est allumée. Chacun peut aussi reconnaître que de nombreux procès lui ont été faits par les différents intervenants. Je regrette d'ailleurs d'avoir raté l'intervention de Mme Matz.

 

Vous devez tout de même reconnaître que le débat qui s'est opéré hier dans le cadre de la commission a démontré la volonté de transparence. Mme Galant s'est pleinement prêtée au contrôle parlementaire et a apporté l'ensemble des éléments que vous lui réclamiez. Au moins, reconnaissez-lui ce minimum. Elle a répondu à vos questions pendant des heures.

 

Mais la volonté de cette majorité est de sortir de la polémique par le haut, même si certains voudraient nous y enterrer et creuser, creuser encore la polémique. En effet, la vraie question, c'est de sortir de la polémique par le haut. Monsieur le premier ministre, cette majorité, cette équipe dont vous faites partie, entend continuer à porter pleinement le combat en faveur de la transparence des affaires publiques. Oui! Nous estimons qu'il est nécessaire de produire un certain nombre de recommandations et d'aller plus loin que ceux qui ont travaillé avec nous en la matière, voire de moderniser encore les règles en termes de marchés publics.

 

07.06  Vanessa Matz (cdH): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, chers collègues, monsieur Ducarme, vous m'avez ratée hier, mais vous n'allez pas me rater aujourd'hui!

 

Monsieur le premier ministre, je voudrais vous poser une question: comment pouvez-vous accepter de laisser entacher l'ensemble de l'action du gouvernement, dont vous êtes le patron, par ces deux faits? Et il ne s'agit pas d'une polémique, monsieur Ducarme. Le parlement, je vous le rappelle, n'est pas un tribunal mais est chargé de contrôler l'exécutif. Je pense qu'hier, en commission, tous les parlementaires présents ont fait leur métier, ce pourquoi ils sont payés: contrôler l'exécutif.

 

Monsieur le premier ministre, comment pouvez-vous laisser entacher l'ensemble de votre gouvernement par ces deux éléments? Premièrement, l'illégalité flagrante, reconnue par la ministre elle-même, mais tout de suite transposée sur l'administration. La ministre a brûlé trois feux rouges. Pour une ministre de la Mobilité, ce n'est pas anodin! Pas de Conseil des ministres, pas de mise en concurrence, pas d'avis de l'Inspection des Finances.

 

Deuxièmement, on peut dire "non-vérité", mais je pense qu'on peut parler de "mensonge". Hier, elle a sciemment menti devant des parlementaires, donc devant la population. Le mensonge vient éclabousser l'ensemble de votre gouvernement. Un mensonge sur sa responsabilité: "ce n'est pas moi, c'est l'autre", un mensonge sur les montants et un mensonge sur le fait que ce ne serait pas son cabinet qui aurait désigné le cabinet d'avocats choisi dans ce dossier extrêmement délicat. Ce sont des mensonges! Des faits l'attestent.

 

Monsieur le premier ministre, comment acceptez-vous que cette situation perdure et de laisser entacher l'ensemble d'un gouvernement, dont vous êtes le patron, par l'illégalité et le mensonge?

 

07.07  Charles Michel, premier ministre: Monsieur le président, chers collègues, d'abord, je voudrais décrire les faits tels que j'ai pu en être informé. Il y a à peu près un an, quelques semaines après le lancement de cette coalition, après le vote de confiance à la Chambre, une première consultation a été sollicitée à un cabinet d'avocats. Pour l'anecdote, le cabinet de la ministre concernée était alors en cours de déménagement.

 

Pour cette première consultation concernant la question d'éventuelles aides d'État qui auraient été accordées en soutien à une compagnie aérienne, un premier avis est rendu par mail par l'administration, qui semble indiquer qu'il était possible de recourir à une procédure sans devoir consulter d'autres offres que celle qui avait été faite.

 

Quelques mois plus tard, il a été décidé d'étendre cette première consultation à la législation sur les procédures. Entre-temps, de nombreux mails ont été échangés entre le cabinet et l'administration.

 

En tout cas, je constate que ces documents vont être transmis aux parlementaires. Je souhaite que cette transmission soit complète, afin que la transparence règne quant à ces échanges. Au demeurant, je comprends que les interprétations divergent à leur sujet. Cela dit, après avoir interrogé la ministre Galant, j'ai la conviction qu'elle a agi de bonne foi, sur la base de différents mails émanant de l'administration. Est-ce que je pense qu'elle a été imprudente? Oui, elle l'a été. Eu égard à l'état d'avancement du dossier, il était en effet préférable de consulter plusieurs cabinets d'avocats.

 

Je dois à présent mentionner quelques éléments. S'agissant de la loi sur les marchés publics, j'ai effectué quelques vérifications ces dernières heures. Elle a été modifiée à plusieurs reprises. Comme cela a été dit, des polémiques ont éclaté naguère à propos de certains prestataires de services tels que des bureaux d'avocats ou des réviseurs d'entreprises. Les pouvoirs publics ont parfois fait preuve d'hésitation sur ce plan-là. Ainsi, la loi de 2006 sur les marchés publics est entrée en vigueur en 2013. Un peu avant sa mise en application, des discussions démarraient déjà au sujet d'une nouvelle directive européenne qui allait encore modifier la réglementation en ce domaine. Un autre texte est, depuis, entré en vigueur.

 

Je me tourne vers l'avenir en tirant les conséquences de cette situation. Tout d'abord, la transparence à l'égard du parlement va de soi. Ensuite, voici plusieurs mois, le gouvernement a travaillé sur la transposition de la nouvelle directive sur les marchés publics. Elle est, en ce moment-même, soumise à l'avis du Conseil d'État. Pas plus tard qu'hier, le comité de concertation avait inscrit à son ordre du jour cette transposition.

 

Pour vous donner une indication sur cette future loi, une des discussions porte sur la manière de distinguer, dans la mise en ordre législative, les avis juridiques et les avis en phase pré-contentieuse ou contentieuse, qui ne sont pas traités de la même façon par la directive. Cela montre que des questions juridiques se posent en ce domaine.

 

Je suis extrêmement clair: je m'engage à demander à la Chancellerie de rédiger des instructions découlant de la future législation sur les marchés publics pour permettre la clarté. En d'autres termes, il s'agira de savoir à quel montant on devra appliquer quel type de règle. Je m'engage aussi à communiquer au parlement toutes les recommandations et les instructions à ce sujet.

 

07.08  Karine Lalieux (PS): Monsieur le président, je remercie le premier ministre. Noyer le poisson, c'est noyer le poisson! Je ne parle pas de M. Ducarme puisque c'est au premier ministre que je demandais des réponses.

 

Monsieur le premier ministre, je vous ai demandé de saisir l'Inspection des Finances pour engager une enquête sur le dossier Clifford et qu'elle rende ses conclusions dans les sept jours au parlement. Vous y engagez-vous? Oui ou non? J'espère que c'est un oui, puisque vous voulez toute la transparence.

 

Vous dites aujourd'hui que vous allez rappeler à une ministre les règles de base des marchés publics et lui rappeler qu'elle a commis une imprudence alors qu'on connaît très bien les seuils à ne pas dépasser et que la règle est la mise en concurrence. Vous ne parlez que de mise en concurrence ici et on ne sait pas qu'il faut mettre des cabinets d'avocats en concurrence! Il ne s'agit pas de bonne gestion!

 

On ne sait pas qu'il y a une Inspection des Finances qui doit donner son aval! On ne sait pas mais, après, on lui donne l'ordre de payer!

 

On ne sait pas que cela doit passer au Conseil des ministres! Comment le Conseil des ministres réagira-t-il quand 400 000 euros de dépenses ne seront pas passés devant lui?

 

Monsieur le premier ministre, ce n'est pas de l'imprudence, c'est de l'illégalité! Quand un citoyen est dans l'illégalité, vous le poursuivez, et vous ne parlez pas de faire la transparence!

 

Monsieur le premier ministre, votre rappel à l'ordre est très léger! C'est souvent très léger avec vous!

 

Vous plaidez la bonne gouvernance, vous plaidez l'éthique, vous plaidez le respect des règles mais vos ministres ne les respectent pas et ne vous respectent pas! Cette procédure est illégale. Il s'agit d'argent du contribuable qui a été illégalement dépensé! J'espère qu'un jour vous devrez rendre des comptes!

 

07.09  Benoit Hellings (Ecolo-Groen): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, monsieur Ducarme, nous ne sommes pas dans un tribunal, mais dans un lieu où on élabore les lois qui doivent être respectées par tous les citoyens de ce pays, en ce compris les ministres.

 

Monsieur le premier ministre, vous avez évoqué un litige entre Ryanair et l'État belge en nous faisant savoir qu'il était nécessaire de faire appel à un cabinet d'avocats, ce que je conçois. Le coût de ce recours s'élève à 30 000 euros. Mais à partir du moment où la ministre a décidé d'étendre le marché, il fallait faire appel à la procédure relative aux marchés publics. Je rappelle qu'il est ici question de 400 000 euros.

 

Votre ministre n'a pas été imprudente, elle est fautive! Ce qu'elle a fait est illégal!

 

Aujourd'hui, vous couvrez une hors-la-loi alors que des jeunes de 16 ans encourent des sanctions administratives communales quand ils commettent des faits illégaux. Aujourd'hui, votre ministre n'est pas punie, ce qui est indécent!

 

07.10  Marco Van Hees (PTB-GO!): Monsieur le président, monsieur le premier ministre, pour défendre la ministre du Mensonge, il faut soi-même trahir un peu la réalité, ce que vous avez fait. En effet, vous avez parlé d'imprudence. Vous avez dit que les règles ne sont pas claires.

 

Pourtant, ces dernières sont claires. De plus, l'administration avait prévenu la ministre. Celle-ci était donc bien au courant des faits.

 

Vous avez déclaré qu'il faut voir l'avenir, que les règles vont changer. Mais ces règles existent déjà. Il faut simplement les respecter.

 

Vous n'avez rien dit, monsieur le premier ministre, au sujet du mensonge de la ministre, qui est l'un des faits les plus graves qui vous ait été soumis. La ministre a menti délibérément.

 

Monsieur le premier ministre, les responsables politiques doivent être exemplaires à tout point de vue. Or, ce n'est pas le cas de la ministre Galant. En la couvrant, vous minez la crédibilité de votre gouvernement qui n'est déjà pas énorme. Je vous invite donc à revoir votre position.

 

07.11  Véronique Caprasse (FDF): Monsieur le premier ministre, vous nous dites que Mme Galant a agi de bonne foi mais elle a été imprudente. Ce dernier mot est le mot de trop. Elle savait très bien ce qu'elle faisait. Dépenser autant d'argent alors que vous savez, comme tout le monde, que le problème des vols aériens au-dessus de Bruxelles est un très gros dossier!

 

Ce dossier existe depuis longtemps. Utilisez ce qui existe déjà et ne gaspillez pas d'argent alors que vous prônez constamment l'austérité au sein de votre gouvernement et du parlement!

 

Aujourd'hui, plein de petits enfants assistent à la séance plénière de notre parlement. Ils ne doivent peut-être pas comprendre grand-chose mais il faut dire que le monde des adultes n'est pas toujours un bon exemple dans cette assemblée!

 

07.12  Denis Ducarme (MR): Chers collègues, je ne reviendrai pas sur le culot dont a fait preuve Mme Lalieux par rapport à un certain nombre de faits et de polémiques. Je ne répéterai pas à M. Hellings qu'il se comporte plutôt comme un juge qu'un parlementaire quand il désigne du doigt un ministre en indiquant qu'elle est hors-la-loi. Ce n'est pas correct!

 

Pour le reste, je voudrais remercier M. le premier ministre de prendre les dispositions qui visent à fixer l'ensemble des recommandations nécessaires pour que toutes les règles soient respectées.

 

Pour conclure, je reviens sur les mots utilisés par le premier ministre. De bonne foi? Oui. Imprudente? Oui. Et reconnaître une imprudence dans le chef d'un de ses ministres, c'est reconnaître, en effet, une erreur. C'est aussi la marque de ceux qui reconnaissent leurs erreurs pour mieux avancer droit.

 

07.13  Vanessa Matz (cdH): Monsieur le premier ministre, vous nous avez indiqué dans votre réponse que la ministre avait agi en bonne foi et en transparence vis-à-vis de la commission en remettant l'ensemble des documents susceptibles d'alimenter cette affaire.

 

Je vous signale simplement, et j'affirme ici, que la ministre n'a pas remis tous les documents et tous les échanges de mails. Elle s'est arrêtée. Un document particulièrement important a été caché. Je ne vois pas comment elle aurait pu ne pas le remettre. C'est un document daté du 7 novembre. Nous sommes 48 heures après les discussions qu'il y a entre les administrations: "En suite de nos discussions, je te confirme que nous, le cabinet de la Mobilité, souhaitons travailler avec le cabinet d'avocats Clifford Chance pour…" et on détaille. C'est un document dont la commission n'a pas eu connaissance hier. C'est un document essentiel, puisqu'il est le nœud du problème. Qui a fait quoi? La ministre a dit que c'était son administration. Ce document prouve que ce n'est pas l'administration.

 

Je vous demande, monsieur le premier ministre, de manière solennelle, la réunion de la dernière chance en convoquant une réunion de la commission de l'Infrastructure pour confronter non seulement le patron du SPF mais également la ministre. Il y a forcément une personne qui ment. Au cas où vous ne pourriez pas le faire, puisque vous paraissez cautionner les actes de Mme Galant, la fraude, le mensonge, il faudra aussi assumer les responsabilités pour vous-même, pour la ministre et pour votre gouvernement.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

08 Vraag van de heer Stefaan Vercamer aan de vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse Handel, over "het stakingsrecht" (nr. P0758)

08 Question de M. Stefaan Vercamer au vice-premier ministre et ministre de l'Emploi, de l'Économie et des Consommateurs, chargé du Commerce extérieur, sur "le droit de grève" (n° P0758)

 

08.01  Stefaan Vercamer (CD&V): Mijnheer de minister, de voorbije week werden wij om de oren geslagen met de ene straffe verklaring na de andere over het stakingsrecht. Voor alle duidelijkheid, ook wij veroordelen alle onwettelijke activiteiten die in de marge van een betoging of een staking gebeuren, zoals het weigeren van toegang aan werkwilligen of het toebrengen van schade. (Rumoer op de banken)

 

De voorzitter: Collega’s, ik zou u willen vragen te luisteren naar de heer Vercamer.

 

08.02  Stefaan Vercamer (CD&V): Het niet tolereren van onwettelijke activiteiten in de marge van een staking kan geen reden zijn om plots alles zelf te willen regelen. Wij hebben daarover trouwens duidelijke afspraken gemaakt in het regeerakkoord. Wij geven voorrang aan het sociaal overleg en wij doen geen afbreuk aan het stakingsrecht.

 

Dat is ook wat in het herenakkoord van 2002 staat, waarover u zelf nog mee hebt onderhandeld. De sociale partners hebben toen afspraken gemaakt en er werden engagementen aangegaan. De werkgevers zouden bijvoorbeeld vermijden om juridische procedures te voeren bij stakingen en de vakbonden zouden materieel en fysiek geweld bij stakingen vermijden.

 

Mijnheer de minister, wat in het regeerakkoord staat, ligt volledig in de lijn van het herenakkoord en van uw aanpak, deze week, om de sociale partners rond de tafel te brengen om de afspraken en aangegane engagementen te evalueren. Die evaluatie komt op het gepaste moment, want de samenleving tolereert geen onbehoedzame acties meer. De denkoefening over een nieuw actie-instrumentarium dringt zich aldus op.

 

Het komt evenwel in de eerste plaats de sociale partners toe om daarover afspraken te maken, teneinde de sociale vrede te bewerkstelligen. De sociale vrede bewerkstelligen, dat is onze opdracht. Sociale vrede legt men niet op; de enige juiste weg om die te bereiken, is via overleg en dialoog. Dat is uw aanpak en die steunen wij.

 

Mijnheer de minister, misschien hebt u meer informatie over de concrete timing en denkpistes die werden afgesproken. Wij horen het graag.

 

08.03 Minister Kris Peeters: Mijnheer de voorzitter, collega’s, vorige week werden hier twee pertinente vragen gesteld.

 

De eerste ging over de stakingsactie in Luik, waarop werd geantwoord dat het stakingsrecht een belangrijk recht is, maar dat ook het recht op werken belangrijk is. Er werd ook op gewezen dat bepaalde acties, zoals het blokkeren van autostrades, niet kunnen en dat werd beaamd door het hele halfrond. De tweede vraag betrof het akkoord van de sociale partners, meer bepaald de delicate problematiek van het aanvullend pensioen of de tweede pijler. Daarop antwoordde de eerste minister dat het akkoord integraal zal worden uitgevoerd.

 

Wij hebben nadien een oproep aan de sociale partners gedaan, in de overtuiging dat ook de sociale partners en de Groep van Tien in heel moeilijke omstandigheden vooruitgang kunnen boeken. Dat is zeker ook hier het geval, als het gaat over het recht op staken, het recht op werken en de evaluatie en modernisering van het herenakkoord. Ik heb in mijn hoedanigheid van minister van Werk aan de sociale partners gevraagd om die oproep ter harte te nemen en die evaluatie en modernisering zelf te doen. In eerste instantie heeft het VBO zich akkoord verklaard om dat te doen. Het heeft gesteld dat de sociale partners bij machte zijn die problematiek te bekijken. Ik ben heel blij dat alle vakbonden gisteren ook hebben beloofd dat te zullen doen. Zij hebben beloofd de evaluatie van het herenakkoord van 2002 te maken en te bekijken op welke manier de Groep van Tien op dat punt vooruitgang kan boeken.

 

Vorige week ging iedereen akkoord met het antwoord dat op de vraag over het recht op staken en het recht op werken is gegeven. Iedereen hier in het halfrond heeft toen zijn steun betuigd aan de federale regering, om het akkoord integraal uit te voeren. Ik hoop dat ook nu iedereen ermee akkoord gaat om aan de Groep van Tien de mogelijkheid te geven het herenakkoord en een modernisering van de acties te bespreken en ter zake akkoorden te sluiten.

 

08.04  Stefaan Vercamer (CD&V): Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. U hebt in elk geval onze steun voor uw oproep om alle kansen te geven aan de sociale partners. Voor de zoveelste keer bent u erin geslaagd om, in moeilijke omstandigheden, de sociale partners opnieuw rond de tafel te krijgen. De ervaring uit het voorbije jaar leert ons dat zij effectief tot resultaten komen.

 

Aan de collega’s wil ik vragen om te stoppen met het formuleren van provocerende voorstellen die niets bijbrengen tot de opbouw van vertrouwen en sociale vrede. Het is niet door groepen tegen elkaar op te zetten dat vertrouwen wordt opgebouwd en dat men tot gedragen oplossingen komt. Niemand is gediend met een strijd over wie het laatste woord krijgt, de politiek of de sociale partners. Het komt erop aan tot gedragen akkoorden te komen, gesteund door sterke organisaties die legitiem vertegenwoordigd zijn.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

09 Vraag van de heer Egbert Lachaert aan de vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse Handel, over "tijdssparen" (nr. P0759)

09 Question de M. Egbert Lachaert au vice-premier ministre et ministre de l'Emploi, de l'Économie et des Consommateurs, chargé du Commerce extérieur, sur "l'épargne-congé" (n° P0759)

 

09.01  Egbert Lachaert (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, collega’s, de komende twee minuten zal het gaan over het tijdssparen.

 

Mijnheer de minister, u heeft gisteren een interessant voorstel gelanceerd. U heeft in de media ook kennisgenomen van de reacties. Wij hebben u gisteren reeds gezegd dat wij u steunen om een regeling uit te werken voor tijdsparen of loopbaansparen.

 

Als het gaat over flexibiliteit op de arbeidsmarkt, weet u dat u aan ons een medestander heeft voor het zoeken naar manieren om werk werkbaar te houden. Dit houdt ook in dat mensen de vrijheid krijgen om hun dag in te delen en hun arbeidstijd beter te spreiden over de loopbaan en tijdens het jaar.

 

Mijnheer de minister, ik meen dat wij u kunnen steunen, maar ik ben eigenlijk een beetje verrast door een aantal reacties. Bij de werkgeversorganisaties zijn er positieve en verraste reacties op te tekenen. Ik vermoed dat wij hun vrees kunnen wegnemen.

 

Ik ben vooral erg verrast door een politieke reactie die van aan de zijlijn kwam. Ik ben verrast te horen dat het kiezen voor meer vrijheid bij het organiseren van het werk de mensen ziek maakt. Meer vrijheid zou mensen ziek maken.

 

Ik heb vanmorgen gehoord dat de heer Calvo zijn boek heeft gelanceerd en dat hij daarin zegt het beste van het liberalisme en het socialisme samen te nemen. De heer Calvo is hier toevallig niet, maar het beste van het liberalisme is de vrijheid en het vooruitstrevend denken. Als u denkt dat meer vrijheid mensen ziek maakt, dan bent u mis, mijnheer Calvo, en dan zult u nooit het beste van het liberalisme kunnen nemen.

 

Wij steunen u wel, mijnheer de minister. Wat is uw timing? Zult u dit bespreken met de sociale partners?

 

09.02 Minister Kris Peeters: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Lachaert, ik dank u voor de publieke steun. Dat helpt om vooruitgang te boeken.

 

Wij hebben hier een aantal belangrijke beslissingen genomen, zoals de verlenging van de pensioenleeftijd, maar een van de topprioriteiten waarvan de regering werk wil maken, samen met de meerderheid en hopelijk met de oppositie – dat zal blijkbaar nog een tijdje duren – is werkbaar werk en wendbaar werk in de praktijk omzetten.

 

Het vraagt heel wat innovatie en moed om daarvoor in de praktijk de nodige instrumenten aan te reiken, niet alleen voor de werknemers, maar ook voor de werkgevers, en niet alleen voor de grote ondernemingen, maar ook voor de kmo's, zodat wij erin kunnen slagen mensen langer aan het werk te houden, stress te verminderen en burn-outs te vermijden.

 

Dit is een van de voorstellen. Het is natuurlijk niet dé maatregel die alles zal oplossen, maar het gaat in de goede richting. Werknemers de kans geven om aan loopbaansparen te doen, om het heft in eigen handen te nemen om een bepaald aantal verlofdagen mee te kunnen nemen en in te vullen zoals zij dat wensen, is een eerste stap, een eerste voorstel. Er zullen er nog veel andere komen, waarover wij van gedachten zullen kunnen wisselen.

 

Ik ben blij dat dit voorstel heel wat reacties heeft losgeweekt en dat de mensen daarvoor gevoelig zijn. Ik hoop dat men in dit Parlement de nodige initiatieven zal nemen en debatten zal voeren.

 

Het is de bedoeling om op 17 november in de tweede rondetafel Werkbaar Werk wendbaar werk te bespreken, samen met andere voorstellen.

 

Ik heb begrepen dat ik toch al een grote medestander heb, mijnheer Lachaert, waarvoor mijn dank.

 

09.03  Egbert Lachaert (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, u hebt aan ons inderdaad een medestander.

 

Ik wil enkel nog wat bezorgdheden meegeven. Tijdsparen is inderdaad een stap in het hele debat rond werkbaar werk die positief kan zijn. We zullen wel maatwerk op ondernemingsniveau mogelijk moeten maken.

 

Een kleine kmo met een of twee werknemers is iets anders dan een multinational die honderden werknemers tewerkstelt. Die kan dat immers gemakkelijk organiseren.

 

Als wij ondernemingen toelaten om dat maatwerk op ondernemingsniveau in te vullen, zullen wij de bezorgdheden van organisaties als UNIZO en het NSZ kunnen wegnemen.

 

Ik kijk uit naar de verdere voorstellen die u met de sociale partners zult uitwerken. U kunt rekenen op onze constructieve steun.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

10 Vraag van mevrouw Barbara Pas aan de vice-eersteminister en minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met de Regie der Gebouwen, over "de Moslimbeurs" (nr. P0760)

10 Question de Mme Barbara Pas au vice-premier ministre et ministre de la Sécurité et de l'Intérieur, chargé de la Régie des Bâtiments, sur "la Foire musulmane" (n° P0760)

 

10.01  Barbara Pas (VB): Mijnheer de minister, vanaf volgende week vrijdag vindt in de gebouwen van Tour & Taxis in Brussel opnieuw de Foire musulmane de Bruxelles plaats. Vorig jaar was u nog gedwongen om een gastspreker, een fundamentalistische haatprediker, Tareq Al-Suwaidan, de toegang tot het grondgebied te verbieden, mede op vraag van Vlaams Belang.

 

Vandaag moeten wij echter vaststellen dat die Moslimbeurs opnieuw een podium biedt aan moslimextremisten die erom bekendstaan op te roepen tot geweld tegen niet-moslims. Mijnheer de voorzitter, ik weet dat het Reglement voorschrijft dat spiekbriefjes enkel voor citaten en cijfers mogen worden gebruikt. Exotische namen onthouden is echter niet mijn sterkste kant.

 

De eerste spreker die daar aangekondigd staat, is Omar Abdelkafi, een Egyptische fundamentalist die de aanslagen van 11 september en de aanslagen bij Charlie Hebdo ziet als een comedy show. Zo noemt hij dat openlijk. Volgens die man is dit allemaal in scène gezet om de moslims in een slecht daglicht te plaatsen. Een andere gastspreker die verwacht wordt op die Moslimbeurs, is de heer Abdullah El Mosleh, een Saoedische sjeik die letterlijk oproept tot zelfmoordaanslagen. Hij roept op tot zelfmoordaanslagen, maar enkel in niet-islamlanden. Volgens hem is immers elke druppel islambloed veel meer waard dan het leven van alle niet-moslims, alle ongelovigen samen.

 

Mijnheer de minister, voor Vlaams Belang is het absoluut onaanvaardbaar dat zulke haatpredikers hier in onze hoofdstad een vrij podium krijgen. Mijn vragen aan u zijn dan ook zeer concreet. Hoe komt het, gelet op de precedenten, dat die nog steeds openlijk aangekondigd kunnen worden? Is daar geen controle op? Heeft de halftijdse medewerker die online al die reclame moet bespeuren dat niet opgemerkt? Vooral, gaat u die beide moslimextremisten de toegang tot het land weigeren om daar te gaan spreken?

 

10.02 Minister Jan Jambon: Mevrouw Pas, de personen die u noemt en nog een aantal anderen worden door onze veiligheidsdiensten – niet alleen zij die patrouilles op het internet uitvoeren, maar ook zij die daadwerkelijk dossiers opvolgen – gevolgd. Als er een aanleiding is om die mensen uit België te houden, dan doen wij dat ook. Ik heb dat vorig jaar bewezen met de Koeweiti waarnaar u verwees. Als er aanleiding is om iemand uit België te houden, dan trekken wij zijn visum in. Die mensen worden gevolgd door de veiligheidsdiensten. Als ik van de veiligheidsdiensten aanwijzingen krijg om ze uit België te houden, zal ik dat ook doen.

 

U moet zich echter niet vergissen van systeem. Wij leven in een democratie. In een democratie bestaat er freedom of speech. Het is natuurlijk verboden haatpredikende boodschappen te brengen en mensen op te roepen om terroristische daden te stellen – wij hebben de wet ook in die zin aangepast – maar in de democratie bestaat wel de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van gedachte. Dat is voor mij ook een heilig principe.

 

10.03  Barbara Pas (VB): Mijnheer de minister, uiteraard is het niet meer dan uw plicht om, in het kader van de veiligheid van ons land, hun de betreding van ons grondgebied te verbieden. U haalt echter een fundamenteel punt aan, de vrijheid van meningsuiting. Die vrijheid van meningsuiting is mij ook heilig. Als Vlaams Belanger en voormalig Vlaams Blokker besef ik maar al te goed wat het is om te worden vervolgd wegens het uiten van een mening.

 

U zegt dat de wetgeving is aangepast. Wij stellen nog een aanpassing van de wetgeving voor, iets wat bijvoorbeeld in Frankrijk al kan, namelijk dat men het verheerlijken van terreur, van een heel andere orde dan de vrijheid van meningsuiting, strafbaar stelt. Vlaams Belang heeft een wetsvoorstel klaar om het verheerlijken, rechtvaardigen en goedkeuren van terroristische misdrijven strafbaar te stellen. Wij zullen dat vandaag nog indienen, mijnheer de voorzitter. U hebt er zich vorig jaar ook al toe geëngageerd, mijnheer de minister, om deze Moslimbeurs zeer streng in het oog te houden, wat daar verspreid en gezegd wordt, en ik hoop dat u dat dit jaar ook zult doen.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

11 Vraag van mevrouw Nele Lijnen aan de vice-eersteminister en minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met de Regie der Gebouwen, over "flitscontroles op verzoek van burgers" (nr. P0761)

11 Question de Mme Nele Lijnen au vice-premier ministre et ministre de la Sécurité et de l'Intérieur, chargé de la Régie des Bâtiments, sur "les contrôles radar à la demande des citoyens" (n° P0761)

 

11.01  Nele Lijnen (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega’s, er zijn reeds 715 verkeersdoden gevallen in 2015. Dat zijn de cijfers die wij vorige week te horen kregen naar aanleiding van de lancering van het platform van minister Galant, die de burgers wil betrekken bij het naar beneden halen van het aantal verkeersdoden. Naar mijn mening is dat een zeer nobele oefening van de minister, want zij gaat daarmee echt de boer op. Ze zal de burgers specifiek betrekken bij de verschillende beleidsmaatregelen en hun voorstellen beluisteren.

 

Binnen de keten van het mobiliteits- en veiligheidsbeleid is, naast de invoering en de evaluatie van beleidsmaatregelen, de handhaving ook een essentieel onderdeel. Handhaving kan gebeuren door scholen, die bijvoorbeeld kinderen erop wijzen dat een reflector aan hun fietsen kapot is of dat het licht niet werkt. Handhaving is vandaag echter vooral een taak van de politie, die ervoor moet zorgen dat het verkeersreglement wordt toegepast. De politie is heel vaak de kwade derde of wordt vergeleken met de Staat, die weer eens in de zakken van de burgers zit. Die perceptie ontstaat vaak bij wie een boete in de bus krijgt.

 

Verkeersveiligheid bestaat pas als die echt ondersteund wordt door alle burgers. Het betrekken van burgers bij de handhaving is volgens mij dan ook een essentieel onderdeel. Zodoende worden de burgers niet alleen bij de beleidsvoering betrokken voor de uitwerking van maatregelen, maar ook bij de handhaving van de verkeersregels door alle burgers.

 

In Ukkel is er daarvan een heel concreet voorbeeld, want daar werden snelheidscontroles op bestelling gelanceerd. Vandaag bestaat dat volgens mij al in heel wat gemeentes. Als burgemeester hebt u waarschijnlijk ook de ervaring dat u gebeld wordt door burgers die melden dat er bij hen in de straat toch wel hard gereden wordt. Ik denk dat menig burgemeester dat oplost door een telefoontje naar de politie om ervoor te zorgen dat er op die locatie geflitst wordt.

 

In Ukkel gaan ze dat actief organiseren, de actieve organisatie van participatie bij handhaving.

 

Mijnheer de minister, wat vindt u van dat voorstel van Ukkel? Bent u het ermee eens dat participatie bij handhaving het draagvlak kan vergroten? Wat kunt u doen om die participatie binnen de verschillende politiezones te vergroten?

 

11.02 Minister Jan Jambon: Mevrouw Lijnen, eerst en vooral wil ik zeggen dat de materie die u aanhaalt tot de bevoegdheid van de lokale politiezones behoort. U haalt het voorbeeld van Ukkel aan. Dat is nu in de media gekomen, maar het is niet uniek. Er zijn nog heel wat lokale politiezones die het systeem toepassen. Ze vangen op een of andere manier signalen van de burgers op, ze gaan vervolgens meten met een meettoestel vooraleer tot snelheidscontroles over te gaan, om dan eventueel een probleem vast te stellen en mobiele of vaste camera’s te installeren. Dat systeem is in heel veel politiezones ingeburgerd. De burgerparticipatie of het luisteren naar de burgers is meer common sense dan we denken. Ik steun die initiatieven. Regelmatig hebben we fora waarop de federale en lokale politie goede praktijken uitwisselen. Dit is een voorbeeld van een goede praktijk die kan worden uitgedragen naar de politiezones.

 

11.03  Nele Lijnen (Open Vld): Mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Het is belangrijk om dat vanuit de common sense te bekijken en om de best practices met de andere zones uit te wisselen.

 

Ik heb nog enkele concrete voorstellen die u misschien kunt meenemen als best practice, mijnheer de minister. Men kan bijvoorbeeld voor een terugkoppeling zorgen na snelheidscontroles. Als de vraag is gekomen, kan men ook specifiek aan de straat laten weten dat er metingen of controles zijn gebeurd en dat blijkt dat zoveel procent in de straat te hard reed, maar ook dat het heel vaak inwoners van de straat zelf zijn die daar te hard hebben gereden.

 

Een ander voorbeeld is uitleg bij een boete. Men kan, bijvoorbeeld, aan een boete die men thuis ontvangt, een zinnetje toevoegen met de boodschap: “Aan de snelheid waarmee u reed, heeft u bij controleverlies over het stuur tachtig procent kans dat u het ongeval niet overleeft.” Die sensibilisering is essentieel bij handhaving: informeren en opvolgen zijn belangrijke punten van het handhavingsbeleid.

 

Ik hoop dat wij, samen met mevrouw Galant en de hele regering, ervoor kunnen zorgen dat het aantal verkeersongevallen en dodelijke verkeersongevallen drastisch daalt.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

12 Vraag van mevrouw An Capoen aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over "de terugbetaling van borstreconstructies met eigen weefsel" (nr. P0762)

12 Question de Mme An Capoen à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique sur "le remboursement de la reconstruction mammaire par tissus autologues" (n° P0762)

 

12.01  An Capoen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, hier ben ik weer met het thema “borstreconstructies”. Het blijft een hot topic. Het staat opnieuw in de krant. Al heel de week is het niet weg te branden uit het nieuws. Ik zal de hele situatie niet opnieuw schetsen. Ik meen dat die vrij duidelijk is, maar de feiten zijn er: steeds meer vrouwen kiezen voor een reconstructie met eigen weefsel. De terugbetaling is er, maar die is niet volledig.

 

Ik heb u daarover deze week een vraag gesteld in de commissie. Toen zei u dat de verantwoordelijkheid niet bij u lag. U verwees het probleem door naar de Technisch Geneeskundige Raad van het RIZIV, voor overleg met de chirurgen. Gisteren wou u niet reageren via de radio. U zei dat het overleg bezig is. Als ik het goed begrijp, zijn er sedert 2013 geen gesprekken meer geweest. Vanmorgen las ik dan in de krant dat u toch pleit voor een betere terugbetaling. Misschien ligt het aan mij, maar ik vind in die gebeurtenissen de nodige consequentie niet terug.

 

Mevrouw de minister, ik wijs erop dat u in dit geval absoluut uw verantwoordelijkheid niet uit de weg kunt gaan. Het maatschappelijk debat is er vandaag. Er is een draagvlak. Daarom heb ik de volgende vragen, met de bedoeling het debat eindelijk en voor altijd te kunnen sluiten en antwoorden te geven aan alle vrouwen en hun families, die erop wachten.

 

Wanneer komt er een overleg tussen het RIZIV en de chirurgen of tussen uw kabinet en de chirurgen? Wat is de deadline voor het sluiten van een akkoord?

 

12.02 Minister Maggie De Block: Mijnheer de voorzitter, mevrouw Capoen, ik kom terug op wat ik dinsdag heb gezegd.

 

Elke vrouw heeft recht op een borstreconstructie met haar eigen weefsel, na het vaststellen van borstkanker of na het vaststellen van een verhoogd risico op borstkanker. Wij moeten die kwetsbare groep beschermen tegen het vragen van oneigenlijke supplementen. Wij erkennen natuurlijk dat chirurgen een technisch ingewikkelde ingreep doen en daarvoor ook de gepaste bezoldiging moeten krijgen. Wij moeten ook aandacht hebben voor de niet-medische omkadering. Dit is de reden waarom ik u dinsdag heb gezegd dat wij ook overwegen om dat aan referentiecentra toe te wijzen.

 

Wat de vergoeding betreft, hierover wordt overlegd bij het RIZIV. U weet dat het RIZIV zijn eigen overlegorgaan heeft, de Medicomut. Dit werd genotuleerd in het Medicomut-akkoord van 2013-2014 en in dat van 2015. Er was een voorstel van de ziekenfondsen om de honoraria met 50 % te verhogen. Dit voorstel is door de plastische chirurgen weggestemd. Zij vonden dat niet genoeg. Daarom heeft de toenmalige minister, mevrouw Onkelinx, een studie besteld bij het Kenniscentrum over de precieze prijs van een dergelijke ingreep met eigen borstweefsel. Het advies van het Kenniscentrum dateert van eind september. Er is een vergadering gepland in de loop van de maand november. De uitnodiging hiervoor is reeds verstuurd.

 

Er waren ook reacties van de ziekenfondsen. U vroeg mij waarom ik dit dossier niet naar mij toe trek. Als mijn collega van Werk erop wijst dat het overleg een kans moet krijgen, dan meen ik dat ook hier het overleg een kans moet krijgen.

 

Het bedrag is opgenomen in het budget. Ik wil er alles aan doen om dit bedrag vanaf volgende maand te kunnen aanspreken.

 

12.03  An Capoen (N-VA): Mevrouw de minister, u klinkt fors. Dat apprecieer ik, want ik denk dat het ook nodig is. Ik weet dat u wacht op het overleg, maar ik denk ook dat u hierin een belangrijke rol speelt om het overleg te pushen om deze keer tot een akkoord te komen.

 

Ik weet ook wat in de KCE-studie staat. U weet dat ik niet volledig akkoord ga met de inhoud. Ik blijf erbij dat men de lifetimekosten van een dergelijke ingreep mee in overweging moet nemen. Daarover bestaan ook studies en die bewijzen telkens opnieuw dat het beter is om met eigen weefsel te reconstrueren.

 

Uit de repliek op mijn vorige vraag in mei weet u dat ik besef dat vaak een initiële investering nodig is om op lange termijn te besparen. De N-VA is altijd bereid om deze besparingen samen met u te vinden, zodat er budget vrijkomt voor de terugbetaling waar dat nodig is.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

13 Vraag van de heer Peter Vanvelthoven aan de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude, over "het budgettaire tekort in het kader van de financiering van de taxshift" (nr. P0763)

13 Question de M. Peter Vanvelthoven au ministre des Finances, chargé de la Lutte contre la fraude fiscale, sur "le déficit budgétaire dans le cadre du financement du virage fiscal" (n° P0763)

 

13.01  Peter Vanvelthoven (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, wij hebben de voorbije weken en maanden met de regelmaat van de klok over de taxshift gesproken. Wij verschillen daarover van mening, niet over de doelstelling maar wel over de manier waarop. Voor ons is het prima dat de lusten er komen, maar wij bekritiseren dat de lasten voornamelijk worden gelegd bij de mensen die uiteindelijk ook die lusten zullen krijgen. Uiteindelijk is het dus slechts een vestzak-broekzakoperatie. Daarenboven komen de lusten ook veel later dan de lasten. De indexsprong is ondertussen een feit. Vanaf 1 september 2015 is de btw-verhoging voor elektriciteit van kracht. Op 1 november volgen de accijnsverhogingen. De honderd euro waarmee de huidige regering graag pronkt, is in het vooruitzicht gesteld voor de toekomst. Wij hebben ter zake onze kritiek geleverd.

 

Gisteren waren wij echter bijzonder verbaasd dat er nog een derde probleem bij komt, tenminste indien wij de minister van Begroting mogen geloven. Zij wijst er met name op dat die taxshift, met de honderd euro die de huidige regering belooft, niet gedekt is. Er zijn, met andere woorden, niet voldoende centen voor uitgetrokken.

 

Minister Wilmès heeft dat gisteren in Le Soir heel oprecht aangekondigd. Er is 2 miljard nodig om de taxshift te financieren.

 

U hebt haar woorden heel snel gecounterd met een persbericht dat u een of twee uur later hebt gelanceerd en waarin u stelt dat er geen sprake is van een gat in de taxshift.

 

De minister van Begroting was hier gisteren aanwezig in de commissie. Zij heeft na uw verklaringen in de pers opnieuw bevestigd dat er wel degelijk onvoldoende financiering voor de taxshift is.

 

Mijnheer de minister, ik heb bij een vorige gelegenheid ervoor gewaarschuwd dat de huidige regering echt wel moet opletten, opdat de mensen buiten haar nog zouden geloven. Ook hier gaat het over dat geloof in de huidige regering. Het kan immers niet dat de minister van Begroting, die op een tekort wijst, en de minister van Financiën, die dat tekort ontkent, allebei gelijk hebben en allebei geloofwaardig zijn.

 

Mijnheer de minister, ik vraag u dus het volgende.

 

Wat is er nu van aan? Is er nu al dan niet een onderfinanciering?

 

13.02 Minister Johan Van Overtveldt: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Vanvelthoven, laat mij alvast beginnen met de conclusie van mijn betoog, waardoor ik u verlos van de gedachte dat er onenigheid zou bestaan in de regering en/of dat er een probleem zou zijn met de financiering van de taxshift. Minister Wilmès maakt een macrobudgettaire bespiegeling, een bespiegeling over de begroting op macrobudgettair vlak, terwijl ik een analyse maak van de taxshift als project, dat zich uiteraard binnen een begrotingsrealiteit afspeelt, want nagenoeg elke maatregel van de taxshift heeft een impact op het begrotingsgegeven.

 

Ik moet en kan daarbij enkel vaststellen dat de taxshift wel degelijk tot eind 2018 volledig gefinancierd is. Op die manier bieden wij aan ondernemingen en burgers een heel concreet perspectief op concrete lastenverlagingen.

 

Vanaf 2019 vallen er inderdaad zeker nog inspanningen te leveren. Daarover hebben wij nooit geheimzinnig gedaan, want de premier en ikzelf hebben dat in de plenaire vergadering al gezegd en minister Wilmès heeft dat herhaald. Het gaat om een inspanning van om en bij de 1 miljard euro. Daar zijn wij eerlijk, duidelijk en transparant over geweest en gebleven.

 

Dat geeft meteen ook het groot verschil met het verleden aan. Wij gebruiken inkomsten om andere lasten te laten dalen. Wij innen geen nieuwe belastingen om begrotingstekorten toe te fietsen, wij financieren niet met schuld en wij lanceren geen projecten die helemaal niet gefinancierd zijn, zoals in het verleden al wel eens meer het geval was. Er is dus geen sprake van een gat.

 

Wij dienen wel degelijk op te volgen – volgens mij is de regering daarover ook altijd transparant en eenduidig duidelijk geweest – wat er met de begroting gebeurt in de macro-economische omgeving, die zeker voor een land als België zeer internationaal gedetermineerd is. Wij moeten dus voortdurend bijsturen op basis van de veranderingen die zich aandienen.

 

De afspraak is trouwens – de premier heeft dat ook duidelijk gezegd – dat we met die begroting op traject willen blijven via besparingen en via het op koers houden van structurele ingrepen.

 

Mijnheer Vanvelthoven, tot slot zou ik u toch even iets willen voorleggen. U zegt voortdurend twee dingen. Aan de ene kant zegt u dat de taxshift niet gefinancierd is. Aan de andere kant zegt u dat de lastenverhogingen ver vóór de lastenverlagingen komen, wat eigenlijk een argument is om te stellen dat de taxshift overgefinancierd is. Beide argumenten gebruiken lijkt mij echt onzin. Ik zou graag hebben dat u uw standpunt daarover eens duidelijk bepaalt.

 

13.03  Peter Vanvelthoven (sp.a): Mijnheer de minister, wat dat laatste betreft, had ik van een econoom toch een andere reactie verwacht. Laat mij echter beginnen met te zeggen dat het een minister van uw regering is die gisteren gezegd heeft dat er een probleem is met de financiering van de taxshift. U probeert het vandaag voor te doen alsof die minister het over de begroting in het algemeen had. Neen, ik heb het over de taxshift. Ik heb hier het interview met mevrouw Wilmès bij. Ze heeft het heel specifiek over een onderfinanciering, een gebrek aan financiering voor de taxshift. U kunt hier nu met uw verhaal komen, maar de minister van Begroting zegt iets anders dan wat u zegt. Dat is een vaststelling die ik helaas vandaag moet doen en die u, met andere woorden, niet rechtzet.

 

Mijnheer de minister, wat ik niet begrijp, is dat u hier vandaag komt vertellen dat het verschil met het verleden is dat u geen nieuwe belastingen heft. U zou beschaamd moeten zijn om dat hier te zeggen. De suikertaks…

 

Als de lusten van de taxshift er nu nog niet zijn, dan betekent dit dat de lasten die u vandaag oplegt er niet zijn voor de taxshift van de toekomst maar voor de begroting van vandaag. Ze dienen om het gat te vullen. Dat spreekt toch voor zich? Dat is nu toch eenvoudige begrotingslogica? Ik som ze even op: de suikertaks, de verhoging van de btw op elektriciteit en de verhoging van bepaalde accijnzen vanaf 1 november. Stop met het verhaaltje dat deze regering geen nieuwe belastingen heft.

 

Mijnheer de voorzitter, ik sluit af met iets wat niet door Peter Vanvelthoven van de sp.a is gezegd maar wel door een professor, professor Moesen: wat deze regering zegt, u en mevrouw Wilmès, is totaal onprofessioneel en ongeloofwaardig.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

14 Vraag van de heer Bert Wollants aan de minister van Energie, Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling over "de oversubsidiëring van de energiesector" (nr. P0764)

14 Question de M. Bert Wollants à la ministre de l'Énergie, de l'Environnement et du Développement durable, sur "les subventions excessives dans le secteur de l'énergie" (n° P0764)

 

14.01  Bert Wollants (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, ik meen dat wij uit de energiedebatten van de afgelopen weken één zaak kunnen leren, met name dat inzetten op hernieuwbare energie belangrijk is, maar dat wij dat wel realistisch en verantwoordelijk moeten doen. Dat geldt volgens mij ook in de windenergiesector. Heel Vlaanderen heeft de zonnepaneeldiscussie gevolgd. Iedereen is het erover eens dat wij eigenlijk te laat hebben ingegrepen, hoewel de waarschuwingen er waren, en dat wij daarvoor nu een prijs betalen.

 

U hebt de CREG gevraagd een onderzoek te doen naar offshorewindenergie. Daar blijkt ook een probleem te zijn. De waarschuwing is thans op uw bureau beland en daar moet men dus iets mee doen. Wij weten allemaal dat oversubsidiëring een belangrijke impact heeft op de tarieven van de gezinnen en van de bedrijven. Het gaat niet om cijfers na de komma, het gaat om miljoenen op de factuur. Dan is de vraag natuurlijk hoe men dat zal aanpakken.

 

Kortom, mevrouw de minister, ik vraag u heel duidelijk wat u zult doen met deze resultaten. Hebt u concrete maatregelen voor ogen? Zult u een regelgevend initiatief nemen? Alvast bedankt.

 

14.02 Minister Marie-Christine Marghem: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Wollants, ik wil eerst benadrukken dat de wet van 2013 reeds voorziet in een systeem om overcompensatie te vermijden.

 

Ce système prévoit déjà que, lorsque les projets de parcs – à noter qu'aucun parc n'a déjà été soumis à cette nouvelle loi – déposent leur dossier financier auprès de la CREG, il y a une possibilité de revoir le soutien qui leur est accordé en fonction de la loi, puisque celui-ci varie en fonction du prix de l'électricité. On examine cette situation dans les quatre mois qui précèdent le financial close et également plus tard dans les quatre mois qui précèdent les trois ans à partir de la clôture financière.

 

Cette loi de 2013 prévoyait également un prix zéro lorsqu'il y a un déséquilibre positif sur le marché et qu'on atteint un prix inférieur, à - 20 euros par MWh.

 

Le gouvernement m'a demandé de commander une étude à la CREG. J'ai reçu l'étude que nous sommes en train d'analyser. Nous étudions actuellement la situation des projets qui sont déposés mais qui ne sont pas encore réalisés pour voir s'ils sont en cohérence, en termes de soutien public minimal, avec ce qui s'est déjà fait auparavant, entre eux selon leurs conditions spécifiques propres, de manière à ne pas modifier de façon trop sensible les investissements qui ont déjà été faits et les revenus qui sont générés par ces investissements en évitant une surcompensation.

 

J'ajouterai que, dans la cotisation fédérale, vous avez une part plafonnée et dégressive pour les gros consommateurs d'électricité, de telle sorte qu'ils puissent garder un prix global décent de l'électricité et éviter des problèmes de compétitivité à l'extérieur.

 

Je terminerai en disant que tout ceci ne nous empêchera pas de faire en sorte de respecter nos obligations en matière de renouvelable pour 2020.

 

14.03  Bert Wollants (N-VA): Mevrouw de minister, ik meen dat het inderdaad belangrijk is dat wij aan de slag gaan met de gegevens die nu op tafel liggen. Het moet inderdaad de bedoeling zijn om onze verplichtingen op het vlak van hernieuwbare energie na te komen.

 

Wij moeten echter ook vaststellen, als men over de huidige rendementen spreekt, dat men daar bijvoorbeeld ook in Nederland naar kijkt. Als wij die bekijken, zien wij dat er nog een kabeljauw onderdoor kan, om het met een Nederlands spreekwoord te zeggen. Er is dus marge. Laten wij die bekijken. Die 12 % werd destijds bekeken als het maximaal rendement waarop wij mikken. Laten wij dat doortrekken.

 

Het is absoluut belangrijk, om welk project het ook gaat – windmolens, energieatollen of de uitbreiding van de opslagcentrale in Coo – om de kostprijs ten opzichte van de voordelen telkens af te wegen, zodat wij de stappen die wij zetten absoluut kunnen verantwoorden.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

15 Samengevoegde vragen van

- mevrouw Nahima Lanjri aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, belast met Administratieve Vereenvoudiging, toegevoegd aan de minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, over "maaltijdcheques voor asielzoekers" (nr. P0765)

- mevrouw Monica De Coninck aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, belast met Administratieve Vereenvoudiging, toegevoegd aan de minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, over "maaltijdcheques voor asielzoekers" (nr. P0766)

15 Questions jointes de

- Mme Nahima Lanjri au secrétaire d'État à l'Asile et la Migration, chargé de la Simplification administrative, adjoint au ministre de la Sécurité et de l'Intérieur, sur "les chèques-repas pour les demandeurs d'asile" (n° P0765)

- Mme Monica De Coninck au secrétaire d'État à l'Asile et la Migration, chargé de la Simplification administrative, adjoint au ministre de la Sécurité et de l'Intérieur, sur "les chèques-repas pour les demandeurs d'asile" (n° P0766)

 

15.01  Nahima Lanjri (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de staatssecretaris, als vluchtelingen erkend worden, dienen zij de opvang te verlaten.

 

Sommigen doen dat onmiddellijk omdat ze meteen ergens anders terechtkunnen. Anderen hebben daarvoor wat meer tijd nodig omdat het niet gemakkelijk is om meteen een woning te vinden. Ze mogen dan nog maximum twee maanden in de opvang blijven.

 

U hebt vorige week voorgesteld om erkende asielzoekers aan te moedigen de opvang sneller te verlaten door hen maaltijdcheques te geven. U ziet dat niet als een verplicht systeem, maar als een bijkomend initiatief.

 

Mijnheer de staatssecretaris, ik heb de volgende vragen.

 

Is dit voorstel doorgesproken binnen de regering, of minstens met de ministers die daarbij betrokken zijn, zoals minister Borsus, bevoegd voor Maatschappelijke Integratie?

 

Hoe zit het met de socialezekerheidsbijdragen? Moeten die niet worden betaald op die maaltijdcheques?

 

Hoe zit het met het leefloon? Heeft dat gevolgen voor het leefloon? Ik heb gehoord dat het de bedoeling is om het achteraf af te trekken van het leefloon dat men zou ontvangen. Waarom geeft u dan nog eerst papieren cheques om ze daarna af te trekken van het leefloon? Dan kan men het evengoed onder de vorm van leefloon geven, wanneer iemand daar recht op heeft.

 

Dit kan ook gevolgen hebben voor het leefloon of de uitkering van de persoon waarmee men gaat samenwonen. Stel dat men gaat samenwonen met een persoon die een leefloon als alleenstaande krijgt, dan kan het OCMW op dat moment zeggen dat die persoon geen alleenstaande meer is, maar samenwonende, en dan kan het leefloon worden verminderd tot dat van een samenwonende.

 

Hoe zit het met het recht op begeleiding in de zoektocht naar een woning?

 

Worden de vluchtelingen goed geïnformeerd over deze mogelijke gevolgen? Welk voordeel biedt dit systeem ten opzichte van het huidig systeem?

 

Ik begrijp absoluut dat wij werk moeten maken van een snelle uitstroom uit de opvang en dat er een nood is aan de creatie van opvangplaatsen, maar ik denk niet dat we er met dit systeem zullen komen.

 

Het lijkt mij verstandiger om met de Gewesten en de Gemeenschappen rond de tafel te gaan zitten om het echte knelpunt, namelijk de huisvesting, aan te pakken en systemen uit te werken, zoals een huurwaarborgfonds of een betere begeleiding naar huisvesting.

 

15.02  Monica De Coninck (sp.a): Mijnheer de staatssecretaris, collega Nahima Lanjri heeft zonet de context geschetst. Ik zou ook graag de stand van zaken kennen. Als mensen uit de opvang vertrekken via de regeling met de maaltijdcheques, maar niets vinden en nadien terugkomen, in welke mate worden zij dan nog verder begeleid?

 

Bestaat niet het gevaar dat men de maaltijdcheques int en daarna toch bij een OCMW aanklopt om bijkomend een leefloon te krijgen?

 

Maaltijdcheques krijgt men normaal als men werkt. Het is een soort van loon. Hoe staat u dan tegenover het geven van maaltijdcheques aan erkende vluchtelingen? Zullen wij dan bijkomend maaltijdcheques geven aan mensen die vandaag een leefloon krijgen? Of zijn die maaltijdcheques vooral bedoeld voor mensen die hier familie hebben bij wie men kan gaan inwonen, zonder een overgangsfase, en aan wie men als extra maaltijdcheques geeft voor die twee maanden?

 

15.03 Staatssecretaris Theo Francken: Mijnheer de voorzitter, collega’s, gisteren raakte deze vraag in de commissie juist niet gesteld, omdat ik moest vertrekken. De volgende keer zal ik iets langer blijven.

 

Het is belangrijk te onderstrepen dat wij op drie lijnen werken om deze ongeziene vluchtelingenuitdaging in dit land op een goede manier te managen.

 

Ten eerste, het creëren van meer opvangplaatsen. Wij hebben al heel wat extra opvangplaatsen gecreëerd. Wij gaan naar 27 000 opvangplaatsen tegen het einde van deze week. Morgen zal ik aan de regering opnieuw een voorstel doen om op korte termijn bijkomende capaciteit te kunnen operationaliseren. De instroom is gedaald, maar blijft hoog, met 150 à 200 nieuwe asielaanvragen per dag.

 

Ten tweede, voor de doorstroming hebben wij extra middelen op tafel gelegd. Er komt extra personeel bij het Commissariaat-generaal, met iets meer dan 120 personen, en op de asieldienst bij de Dienst Vreemdelingenzaken.

 

Ten derde, ook de uitstroom is belangrijk. Het Commissariaat-generaal zal deze maand waarschijnlijk meer dan 1 500 beslissingen nemen. Dat is een serieuze stijging ten opzichte van vorige maand en twee maanden geleden. Dat is een goede zaak.

 

Ook bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen in beroep is er meer uitstroom.

 

We komen dan tot uw vraag. Belangrijk is om na te denken over de regeling van de twee maanden. Die is er nu: mensen hebben recht op twee maanden na erkenning om een plaats te vinden. Als die mensen zich bij vrienden, familie of kennissen kunnen huisvesten, vind ik dat ze met de hulp van maaltijdcheques sneller zouden moeten kunnen uitstromen. Dat is een aanbod en niet verplicht. De wettelijke basis is de opvangwet van 2007. Ik denk dat we die mogelijkheid moeten aanbieden.

 

Waar staan we? De instructie is deze week doorgegeven aan alle centrumdirecteurs. De infovergaderingen worden nu gegeven in onze asielcentra op Belgisch grondgebied. De komende weken zullen we zien of dit succesvol is. Is dit niet zo, dan proberen we bij te sturen. Ik hoop dat het wel succesvol is. Uiteindelijk gaan ze in op een vrijwillig aanbod en zullen ze ook voor een stuk doorstromen.

 

U vraagt hoe het dan zit met het OCMW. Als zij ergens gaan wonen, moeten zij zich daar ook domiciliëren. Vooraleer de wijkagent is langsgekomen en zij daar effectief gedomicilieerd zijn, zijn we weer een eindje verder. In die zin is het belangrijk dat de maaltijdcheques van bij het begin worden meegegeven. Dat is ook de regeling. Op die manier kunnen we, denk ik, de uitstroom verhogen. Ik hoop dat, we zullen dat zien.

 

We blijven actief werken op verschillende domeinen. Ik ben ervan overtuigd dat we ook rond de uitstroom nog bijkomende initiatieven kunnen nemen. Hierover werd met minister Borsus overlegd, maak u geen zorgen. Over bijkomende voorstellen zullen we met de regering overleggen. Er worden momenteel nog heel wat pistes inzake de uitstroom onderzocht.

 

15.04  Nahima Lanjri (CD&V): Mijnheer de staatssecretaris, u hebt globaal geantwoord, maar zeker niet op mijn vragen. Zullen de maaltijdcheques dan worden ingehouden op het leefloon? Zullen de maaltijdcheques effecten hebben op het leefloon van de persoon met wie men samenwoont? Moeten daarop sociale bijdragen worden betaald? Heeft dat effect op de woonbegeleiding? Op al die vragen hebt u mij geen antwoord gegeven. Ik zal de vragen dan toch nog eens in de commissie moeten stellen.

 

Ik denk dat de enige oplossing is het probleem niet door te schuiven naar anderen, in dit geval de Gemeenschappen en Gewesten, maar samen met hen te zoeken naar een oplossing voor de huidige flessenhals. Die flessenhals is het probleem van huisvesting. Als men dat niet aanpakt, verschuift het probleem slechts, zonder het op te lossen. Daaraan moet worden gewerkt. Ik nodig u uit om overleg te plegen met de Gemeenschappen om dit probleem aan te pakken. Dit kan ook in samenwerking met de OCMW’s, mijnheer Borsus, want zij hebben daarin een belangrijke rol te vervullen: mensen, eender wie, vluchtelingen of Belgen, helpen bij de zoektocht naar een woning.

 

15.05  Monica De Coninck (sp.a): Mijnheer de staatssecretaris, mevrouw Lanjri heeft daarnet eigenlijk een ongelooflijk pleidooi gehouden om na te denken over een spreidingsplan.

 

Mijn punt is het volgende. U spreekt over de uitstroom, voor uw bevoegdheid is het een uitstroom, maar de facto betekent dit een zeer grote instroom voor onze gemeenten. Daaraan zullen wij moeten werken.

 

Ik kan er wel inkomen dat u maaltijdcheques geeft aan mensen die kunnen bewijzen dat zij naar familie gaan. Maar laat het alstublieft niet toe voor vrienden en kennissen, want dan zult u problemen krijgen. Ik zeg het u maar ter overweging.

 

Ik pleit er uiteraard voor dat wij met de deelstaten en de lokale besturen aan tafel gaan zitten om ervoor te zorgen dat wij uw uitstroom, de instroom van anderen, goed kunnen regelen. Ik wil u ook zeggen dat de OCMW’s het leefloon retroactief kunnen uitkeren wanneer zij vaststellen dat iemand in hun gemeente woont.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

16 Wensen van de Koning

16 Vœux du Roi

 

De voorzitter: Bij brief van 20 oktober 2015 heeft de kabinetschef van de Koning mij de wensen van Zijne Majesteit de Koning voor het welslagen van de werkzaamheden van onze Vergadering overgezonden.

Par lettre du 20 octobre 2015, le chef de cabinet du Roi m'a transmis les voeux de Sa Majesté le Roi pour le succès des travaux de notre Assemblée.

 

Wetsontwerp

Projet de loi

 

17 Wetsontwerp houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en IJsland, anderzijds, betreffende de deelname van IJsland aan de gezamenlijke nakoming van de verbintenissen van de Europese Unie, haar lidstaten en IJsland voor de tweede verbintenisperiode van het Protocol van Kyoto bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering, gedaan te Brussel op 1 april 2015 (1250/1-3)

17 Projet de loi portant assentiment à l'Accord entre l'Union européenne et ses États membres, d'une part, et l'Islande, d'autre part, concernant la participation de l'Islande à l'exécution conjointe des engagements de l'Union européenne, de ses États membres et de l'Islande au cours de la deuxième période d'engagement du Protocole de Kyoto à la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques, fait à Bruxelles le 1er avril 2015 (1250/1-3)

 

Zonder verslag

Sans rapport

 

Algemene bespreking

Discussion générale

 

De algemene bespreking is geopend.

La discussion générale est ouverte.

 

Vraagt iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il la parole? (Non)

 

De algemene bespreking is gesloten.

La discussion générale est close.

 

Bespreking van de artikelen

Discussion des articles

 

Wij vatten de bespreking aan van de artikelen. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (1250/1)

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (1250/1)

 

Het wetsontwerp telt 2 artikelen en een bijlage.

Le projet de loi compte 2 articles et une annexe.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 en 2 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 et 2 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

18 Verzending van een wetsvoorstel naar de commissie voor advies

18 Renvoi d’une proposition de loi en commission pour avis

 

Op vraag van de voorzitter van de commissie voor de Buitenlandse Betrekkingen, stel ik u voor het wetsvoorstel (de heren Éric Thiébaut en Laurent Devin, mevrouw Nawal Ben Hamou, de heren Willy Demeyer en Stéphane Crusnière en mevrouw Gwenaëlle Grovonius) tot wijziging van het Wetboek van de Belgische nationaliteit betreffende de verklaring van behoud van de Belgische nationaliteit, nr. 989/1, te verwijzen naar de commissie voor de Justitie voor advies.

À la demande du président de la commission des Relations extérieures, je vous propose de renvoyer la proposition de loi (MM. Éric Thiébaut et Laurent Devin, Mme Nawal Ben Hamou, MM. Willy Demeyer et Stéphane Crusnière et Mme Gwenaëlle Grovonius) modifiant le Code de la nationalité belge en ce qui concerne la déclaration conservatoire de la nationalité belge, n° 989/1, à la commission de la Justice pour avis.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

19 Inoverwegingneming van voorstellen

19 Prise en considération des propositions

 

In de laatst rondgedeelde agenda komt een lijst van voorstellen voor waarvan de inoverwegingneming is gevraagd.

Vous avez pris connaissance dans l'ordre du jour qui vous a été distribué de la liste des propositions dont la prise en considération est demandée.

 

Indien er geen bezwaar is, beschouw ik deze als aangenomen; overeenkomstig het Reglement worden die voorstellen naar de bevoegde commissies verzonden.

S'il n'y a pas d'observations à ce sujet, je considérerai la prise en considération comme acquise et je renvoie les propositions aux commissions compétentes conformément au Règlement.

 

Geen bezwaar?

Pas d'observation?

 

La parole est à M. André Frédéric.

 

19.01  André Frédéric (PS): Monsieur le président, malgré le brouhaha, j'aimerais vous adresser une demande. Dans la liste des propositions que nous devons prendre en considération, je vous demande un vote séparé sur la proposition de résolution n° 1391/1. Monsieur le président, il est difficile de s'exprimer dans ces conditions.

 

Le président: Monsieur Frédéric, puis-je vous demander de patienter un peu afin que les membres qui entrent dans l'hémicycle puissent vous entendre?

 

19.02  André Frédéric (PS): Avec plaisir, monsieur le président.

 

Le président: Chers collègues, nous avons entamé le point relatif à la prise en considération des propositions. M. Frédéric avait demandé la parole.

 

19.03  André Frédéric (PS): Monsieur le président, je répète ce que je viens de dire. Au nom de mon groupe, je souhaite demander un vote séparé sur la proposition de résolution n° 1391/1.

 

Je suis un ardent défenseur de la liberté d'expression et de la liberté du travail parlementaire. Ce sont des libertés fondamentales pour tout le monde, même pour celles et ceux qui appartiennent à un parti d'extrême droite.

 

Comme pour la liberté d'expression, il y a des limites que l'on doit apporter au travail parlementaire. Comme les appels à la haine ne peuvent être protégés par la liberté d'expression, la haine de la Belgique ne peut être la trame d'une proposition qu'on prendrait en considération dans ce parlement.

 

Monsieur le président, chers collègues, aujourd'hui, il existe un texte qui vise à préparer "une partition ordonnée de la Belgique". Cette proposition n'est pas autre chose qu'une déclaration de guerre à la Belgique, un appel à la destruction de notre pays avec des phrases qui remettent en question le caractère démocratique de nos institutions, qui parlent de l'échec de la Belgique, du putsch des partis politiques.

 

Dans le contexte international actuel très difficile, où séparatisme et populisme ratissent large, ce serait, à mon sens, donner un mauvais signal que d'accepter la prise en considération de ce texte.

Voici donc la justification de mon groupe et je demande un vote séparé sur cette prise en considération.

 

19.04  Véronique Caprasse (FDF): Monsieur le président, la demande du FDF sera la même. Si je suis seule aujourd'hui, l'ensemble du parti m'appuie pour rejeter cette proposition de résolution. Il est clair qu'elle n'a rien à faire dans cette assemblée. Nous sommes tous des démocrates et je pense que le parti qui fait cette proposition n'a pas sa place ici s'il continue de la sorte.

 

19.05  Catherine Fonck (cdH): Monsieur le président, chers collègues, il n'est pas dans nos habitudes de nous opposer à une demande de prise en considération, même si le texte émane de l'extrême droite.

 

Cette précision étant faite, nous demandons un vote pour ce qui concerne la prise en considération de la proposition 1391/1 qui vise à préparer une partition ordonnée de la Belgique, sachant que nous voterons contre ladite prise en considération.

 

J'ose espérer, chers collègues, que ceux qui ici sont attachés à la Belgique et souhaitent être les gardiens de notre démocratie s'opposeront à cette prise en considération. En effet, le texte de la proposition dont question est suffisamment clair pour que l'on puisse souhaiter s'y opposer.

 

De voorzitter: Collega’s, ik herinner u aan het Reglement, dat bepaalt dat de indiener van het voorstel gedurende maximaal 5 minuten het woord krijgt, en dat nadien elke groep ook 5 minuten spreektijd krijgt. Niet elke groep moet die spreektijd gebruiken, natuurlijk.

 

Het voorstel komt van u, mevrouw Pas, u krijgt als eerste het woord.

 

19.06  Barbara Pas (VB): Mijnheer de voorzitter, ik heb zelfs geen 5 minuten nodig.

 

Ten eerste, de inoverwegingneming is, zoals iedereen in dit halfrond weet, immers een zuiver technische kwestie. Er wordt dan niet over de inhoud van het voorstel gesproken. Dat gebeurt pas nadien in de commissie.

 

Ten tweede, wij hebben dit voorstel in het verleden ook al ingediend. Onder Kamervoorzitter Flahaut, van PS-signatuur, was er blijkbaar geen enkel probleem om het in overweging te nemen. Maar nu, mijnheer de voorzitter, wil men u dwingen om hiervan een gevaarlijk precedent te maken en het niet in overweging te laten nemen, terwijl dit een puur technische kwestie is.

 

Ten derde, het is niet omdat er in dit land een communautaire stilstand is, en een communautaire zwijgplicht bij een partij van zogenaamde Vlaams-nationalisten, dat wij ons daaraan moeten houden, dat wij het communautaire vuur niet levendig zouden mogen houden en dat wij dat debat niet zouden willen voeren. Wij zijn democratisch verkozen, wij vervullen onze democratische plicht door wetgevende initiatieven in te dienen. Het gaat hier louter om een technische kwestie, de loutere inoverwegingneming.

 

De inhoudelijke discussie zal ik zeer graag te gepasten tijde voeren, als men dit voorstel correct, zoals elk ander ontwerp, voorstel of resolutie, in overweging neemt.

 

19.07  Hendrik Vuye (N-VA): Mijnheer de voorzitter, de inoverwegingneming van een wetsvoorstel is inderdaad een formaliteit. De N-VA-fractie neemt hier wekelijks voorstellen in overweging die uitgaan van onder andere de PS en waarmee wij het niet eens zijn, maar wij zijn democraten en wij willen over die voorstellen ook een parlementair debat voeren.

 

Mijnheer Frédéric, ik heb u horen zeggen dat u een groot voorstander bent van de vrijheid van meningsuiting en dat dit voorstel van mevrouw Pas zou ingaan tegen de vrijheid van meningsuiting. Wel, u vergist zich, u kent blijkbaar niets van de rechtspraak van Straatsburg of u wilt die niet kennen, want het voorstel is volledig in overeenstemming met de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, meer bepaald artikel 10. Ik zal u die rechtspraak bezorgen, zodat u die kunt lezen. Men mag volgens de rechtspraak van Straatsburg dus effectief vragen om structuren van een land te veranderen.

 

Onze fractie spreekt zich niet uit over de grond van de zaak, daarover gaat de inoverwegingneming niet. De inoverwegingneming gaat over het al dan niet aangaan van een democratisch debat. Als democratische partij zijn wij evident bereid om met eenieder een democratisch debat aan te gaan. Mijn fractie zal dan ook voor de inoverwegingneming stemmen.

 

19.08  Patrick Dewael (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijn fractie volgt sinds jaar en dag een constante lijn in de problematiek van de inoverwegingnemingen.

 

De essentie van een parlementaire democratie is dat hier in het Parlement alles, maar dan ook werkelijk alles moet kunnen worden besproken. Er zijn hier in het verleden voorstellen ingediend waarmee ik het inhoudelijk totaal oneens was. Ik vond en vind het echter nog altijd mijn plicht te aanvaarden dat daarover een debat kan worden gevoerd en dat argumenten pro en contra kunnen worden aangedragen.

 

Ter zake ben ik dus enigszins een adept van de verlichtingsfilosofen. Voltaire heeft ooit gezegd: “Ik verafschuw uw mening, maar ik zou mijn leven geven, opdat u ze zou kunnen uiten.” Dat is straf uitgedrukt, maar het komt erop neer dat wij, democraten, hier in de assemblee over alles moeten kunnen discussiëren.

 

Ik verafschuw dus de meeste meningen die uitgaan van de fractie van de indiener van het voorstel. Ik zal echter altijd inhoudelijk blijven debatteren, omdat ik van oordeel ben dat die meningen op die manier beter kunnen worden bestreden.

 

19.09  Servais Verherstraeten (CD&V): Mijnheer de voorzitter, collega’s, als jong Parlementslid heb ik in het Parlement enkele keren discussies meegemaakt over een voorstel inzake het al dan niet invoeren van amnestie. Na een tijdje was die slechte gewoonte ten einde. Ik had gehoopt dat wij in deze Assemblee de goede gewoonte van de laatste legislaturen zouden respecteren.

 

Wanneer collega’s voorstellen indienen die niet ingaan tegen de rechten van de mens, zouden wij die zonder discussie in overweging kunnen nemen. Wanneer wij het er niet mee eens zijn, kunnen wij al onze krachten aanwenden om ons daartegen op een democratische manier te verzetten.

 

Ik roep de Franstalige collega’s die daarnet in een andere zin zijn tussengekomen op om die goede traditie, die wij de laatste legislaturen hadden, voort te zetten.

 

De voorzitter: Vragen nog collega’s het woord?

 

Mevrouw Pas, het is niet volgens het Reglement, maar u vraagt nog een wederwoord.

 

19.10  Barbara Pas (VB): Mijnheer de voorzitter, het enige dat ik wil meegeven, is dat ik een democraat ben in hart en nieren. Als men iets niet in overweging neemt, als men nog niet eens wil spreken over iets, als men het debat niet eens wil voeren over iets, ook al is men het er totaal mee oneens: dat is pas ondemocratisch, dat is pas het fnuiken van de vrije meningsuiting.

 

Wij hebben er hier altijd al een gewoonte van gemaakt om de inoverwegingnemingen te steunen. Elk debat moet hier worden gevoerd. De onnozelste voorstellen van Laurent Louis werden in de vorige legislatuur in overweging genomen. Dat is een goede traditie. Dat is een traditie die moet behouden blijven.

 

Ik dank de collega’s die minstens dat respect hebben voor dit halfrond en dit Huis waarin wij ons bevinden.

 

Le président: Nous allons voter immédiatement sur cette prise en considération.

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 1)

Ja

56

Oui

Nee

63

Non

Onthoudingen

1

Abstentions

Totaal

120

Total

 

En conséquence, la proposition n’est pas prise en considération.

Bijgevolg wordt het voorstel niet in overweging genomen.

 

Raison d’abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 28 oktober 2015, stel ik u ook voor in overweging te nemen:

- het voorstel van resolutie van de dames Anne Dedry en Muriel Gerkens en de heren Jean-Marc Nollet, Kristof Calvo, Stefaan Van Hecke, Wouter De Vriendt en Benoit Hellings betreffende een duidelijke voedseletikettering voor gezonde voeding (nr. 1425/1);

- het voorstel van resolutie van de heren Raoul Hedebouw en Marco Van Hees over de Belgische klimaatpolitiek naar aanleiding van de VN-conferentie over klimaatverandering in Parijs (COP 21) (nr. 1426/1).

Verzonden naar de commissie voor de Volksgezondheid, het Leefmilieu en de Maatschappelijke Hernieuwing

 

Conformément à l'avis de la Conférence des présidents du 28 octobre 2015, je vous propose également de prendre en considération

- la proposition de résolution de Mmes Anne Dedry et Muriel Gerkens et MM. Jean-Marc Nollet, Kristof Calvo, Stefaan Van Hecke, Wouter De Vriendt et Benoit Hellings visant à instaurer un étiquetage clair pour une alimentation plus saine (n° 1425/1);

- la proposition de résolution de MM. Raoul Hedebouw et Marco Van Hees relative à la politique climatique de la Belgique dans la perspective de la Conférence des Nations unies sur les changements climatiques à Paris (COP 21) (n° 1426/1).

Renvoi à la commission de la Santé publique, de l'Environnement et du Renouveau de la Société

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Urgentieverzoek

Demande d'urgence

 

19.11  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Mijnheer de voorzitter, het gaat over de miljonairtaks (wetsvoorstel nr. 1389/1).

 

Collega’s, op 25 mei heeft Bart De Wever – hij is hier trouwens aanwezig – iets heel interessants gezegd in L’Echo. Hij heeft het in het Frans gezegd, maar ik zal het even vertalen: “Elk voorstel dat ertoe zal leiden dat 1 % van de rijksten in België zal bijdragen, zal door de N-VA gesteund worden.” Een beetje verder zei hij: “zonder reserve en met enthousiasme” Zo’n voorstel bestaat eenvoudigweg niet.”

 

Wel, mijnheer De Wever, de PVDA heeft een wetsvoorstel ingediend inzake de miljonairtaks, die slechts 1 % van de bevolking zou treffen. Ik hoor dat u voor het budget op zoek bent naar 2 miljard. U kunt dus nu ons urgentieverzoek voor de miljonairstaks goedkeuren.

 

De voorzitter: Collega’s, we zullen ons over deze vraag om urgentie uitspreken op de gebruikelijke wijze bij zitten en opstaan.

 

Het urgentieverzoek wordt bij zitten en opstaan verworpen.

La demande d’urgence est rejetée par assis et lever.

 

Naamstemmingen

Votes nominatifs

 

20 Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van de heer Dirk Van der Maelen over "humanitaire hulp aan de vluchtelingen die in Syrië en de buurlanden worden opgevangen" (nr. 68)

20 Motions déposées en conclusion de l’interpellation de M. Dirk Van der Maelen sur "l'aide humanitaire accordée aux réfugiés accueillis en Syrie et dans les pays voisins" (n° 68)

 

Deze interpellatie werd gehouden in de openbare vergadering van de commissie voor de Buitenlandse Betrekkingen van 21 oktober 2015.

Cette interpellation a été développée en réunion publique de la commission des Relations extérieures du 21 octobre 2015.

 

Twee moties werden ingediend (MOT n° 068/1):

- een motie van aanbeveling werd ingediend door de heer Dirk Van der Maelen;

- een eenvoudige motie werd ingediend door de dames Rita Bellens, Sarah Claerhout en Nele Lijnen en door de heer Tim Vandenput.

Deux motions ont été déposées (MOT nr. 068/1):

- une motion de recommandation a été déposée par M. Dirk Van der Maelen;

- une motion pure et simple a été déposée par Mmes Rita Bellens, Sarah Claerhout et Nele Lijnen et par M. Tim Vandenput.

 

Daar de eenvoudige motie van rechtswege voorrang heeft, breng ik deze motie in stemming.

La motion pure et simple ayant la priorité de droit, je mets cette motion aux voix.

 

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? 

 

20.01  Ahmed Laaouej (PS): Monsieur le président, un pairage a été convenu entre le groupe PS et le groupe Open Vld durant la convalescence de notre estimé collègue M. Luk Van Biesen. Je me chargerai de ce pairage.

 

20.02  Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de voorzitter, met de interpellatie heb ik willen aanklagen dat België een januspolitiek voert inzake humanitaire hulp voor vluchtelingen in Jordanië, in Libanon en in Turkije.

 

Op Europees niveau werd afgesproken – goedgekeurd door onze eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken – dat Europa een Syriëfonds en een Afrikafonds zou oprichten en dat 500 miljoen euro gestort zou worden voor de hulp aan vluchtelingen. Na ondervraging van de minister van Ontwikkelingssamenwerking is gebleken dat België daar tot op vandaag geen euro in gestort heeft en geen euro in wil storten.

 

Het doel van mijn interpellatie en de motie was om de eenheid van deze regering te herstellen. Als de minister van Buitenlandse Zaken en de eerste minister zich op Europees niveau engageren, dan zou de minister van Ontwikkelingssamenwerking er ook beter voor zorgen dat de Belgische bijdrage in die Europese fondsen terechtkomt.

 

De voorzitter: Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem gecontroleerd? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 2)

Ja

77

Oui

Nee

52

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

129

Total

 

De eenvoudige motie is aangenomen. Bijgevolg vervalt de motie van aanbeveling.

La motion pure et simple est adoptée. Par conséquent, la motion de recommandation est caduque.

 

20.03  Hendrik Vuye (N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik heb voor gestemd.

 

21 Motions déposées en conclusion de l'interpellation de Mme Catherine Fonck sur "le statut des bénévoles" (n° 46)

21 Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van mevrouw Catherine Fonck over "het statuut van de vrijwilligers" (nr. 46)

 

Le président: Cette interpellation a été développée en réunion publique de la commission des Affaires sociales du 21 octobre 2015.

Deze interpellatie werd gehouden in de openbare vergadering van de commissie voor de Sociale Zaken van 21 oktober 2015.

 

Deux motions ont été déposées (MOT n° 046/1):

- une motion de recommandation a été déposée par Mme Catherine Fonck;

- une motion pure et simple a été déposée par MM. Wouter Raskin, Vincent Van Quickenborne et Stefaan Vercamer.

Twee moties werden ingediend (MOT nr. 046/1):

- een motie van aanbeveling werd ingediend door mevrouw Catherine Fonck;

- een eenvoudige motie werd ingediend door de heren Wouter Raskin, Vincent Van Quickenborne en Stefaan Vercamer.

 

La motion pure et simple ayant la priorité de droit, je mets cette motion aux voix.

Daar de eenvoudige motie van rechtswege voorrang heeft, breng ik deze motie in stemming.

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

21.01  Catherine Fonck (cdH): Monsieur le président, chers collègues, mon interpellation est intervenue à la suite des propos du secrétaire d'État qui, pour rappel, avait assimilé l'engagement des bénévoles et des volontaires au travail au noir. Rappelez-vous, il avait ciblé particulièrement les bénévoles qui s'investissent à la Croix-Rouge.

 

Par cette interpellation et surtout par cette motion, nous appelons à ce que le secrétaire d'État - de façon plus large le gouvernement -, cesse tout amalgame entre le travail au noir et le bénévolat et le volontariat. Il convient de reconnaître enfin l'importance de tout l'investissement, car plus d'un million de bénévoles s'impliquent en Belgique. Il est également temps de faire une évaluation de la loi de juillet 2005, notamment afin de pouvoir apprécier si les indemnités perçues par les bénévoles peuvent être augmentées.

 

Le président: Début du vote / Begin van de stemming.

Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote? / Heeft iedereen gestemd en zijn stem gecontroleerd?

Fin du vote / Einde van de stemming.

Résultat du vote / Uitslag van de stemming.

 

(Stemming/vote 3)

Ja

78

Oui

Nee

52

Non

Onthoudingen

1

Abstentions

Totaal

131

Total

 

La motion pure et simple est adoptée. Par conséquent, la motion de recommandation est caduque.

De eenvoudige motie is aangenomen. Bijgevolg vervalt de motie van aanbeveling.

 

Raison d’abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

22 Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van mevrouw Barbara Pas over "de herziening van de Conventie van Genève" (nr. 69)

22 Motions déposées en conclusion de l’interpellation de Mme Barbara Pas sur "la révision de la Convention de Genève" (n° 69)

 

Deze interpellatie werd gehouden in de openbare vergadering van de commissie voor de Binnenlandse Zaken, de Algemene Zaken en het Openbaar Ambt van 21 oktober 2015.

Cette interpellation a été développée en réunion publique de la commission de l'Intérieur, des Affaires générales et de la Fonction publique du 21 octobre 2015.

 

Twee moties werden ingediend (MOT n° 069/1):

- een motie van aanbeveling werd ingediend door mevrouw Barbara Pas;

- een eenvoudige motie werd ingediend door mevrouw Sarah Smeyers.

Deux motions ont été déposées (MOT nr. 069/1):

- une motion de recommandation a été déposée par Mme Barbara Pas;

- une motion pure et simple a été déposée par Mme Sarah Smeyers.

 

Daar de eenvoudige motie van rechtswege voorrang heeft, breng ik deze motie in stemming.

La motion pure et simple ayant la priorité de droit, je mets cette motion aux voix.

 

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote?

 

22.01  Barbara Pas (VB): Mijnheer de voorzitter, naar aanleiding van een aantal recente gebeurtenissen heb ik de staatssecretaris geïnterpelleerd. Het is letterlijk en figuurlijk een open deur intrappen als men zegt dat er een serieuze asielcrisis aan de gang is. De grenzen in Italië en Griekenland zijn zo lek als een zeef en het Europees asielbeleid zadelt ons op met een asielbeleid waarmee wij het niet eens zijn en waarbij wij de bevoegdheden niet meer in handen hebben om te beslissen wie onder welke voorwaarden ons grondgebied binnenkomt.

 

Er is discussie ontstaan, gelukkig maar, over een heel andere aanpak in Europa. Heel wat lidstaten zijn daarmee niet gelukkig. Ook in dit land heb ik eindelijk stemmen gehoord die vertellen wat wij al jaren vertellen, met name dat men een aantal zaken internationaal moet herzien. Zo is onder andere het Verdrag van Genève betreffende de status van de vluchtelingen, al meer dan 65 jaar oud, aan herziening toe. Ik was dan ook verheugd dat collega Bart De Wever op een of ander gastcollege letterlijk het volgende zei over de Conventie van Genève: “Dit verdrag is in een totaal andere context geschreven, maar dat wordt niet in rekening gebracht. Sommige landen hebben een gulle sociale zekerheid uitgewerkt en de Conventie van Genève dient als ticket om daar als vluchteling deel van uit te maken.”

 

Ik vervolg: “Rechtsregels zijn geen morele maximes, maar de vertaling van een sociale consensus op een moment in de tijd en in een welbepaalde ruimte. Als die consensus wijzigt, moet het recht zich daaraan aanpassen. De consensus moet zich niet aanpassen aan de wet.” Ik kan niet anders dan daaruit concluderen dat ook hier wordt gesproken over een aanpassing van het vluchtelingenverdrag, dat in België trouwens nog veel soepeler wordt toegepast dan op dit moment wordt voorgeschreven.

 

Mijnheer de voorzitter, ik reken met andere woorden op de steun van de heer De Wever, zodat hij kan aantonen dat het niet alleen academische beschouwingen tijdens een gastcollege zijn geweest, maar ook werkelijke intenties zijn.

 

Ondertussen hebben de Europese fracties van de christendemocraten en van de N-VA in het Europees Parlement al duidelijk aangegeven dat zij die richting willen uitgaan. Laat dus een steun aan voorliggende motie van aanbeveling een steun aan die Europese fracties zijn.

 

De voorzitter: Zijn er nog andere stemverklaringen? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem gecontroleerd? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 4)

Ja

78

Oui

Nee

43

Non

Onthoudingen

11

Abstentions

Totaal

132

Total

 

De eenvoudige motie is aangenomen. Bijgevolg vervalt de motie van aanbeveling.

La motion pure et simple est adoptée. Par conséquent, la motion de recommandation est caduque.

 

Raison d’abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

Chers collègues, M. Christophe Defossa, directeur du service du Compte rendu analytique, nous assiste aujourd'hui pour sa dernière séance plénière. Il prendra sa retraite le mois prochain. M. Defossa a rejoint la Chambre le 1er janvier 1977 et a assuré la direction du service depuis 2002.

 

Ik wens de heer Defossa, die de laatste is van een generatie die het werk in de Kamer heeft gecombineerd met journalistiek werk, het allerbeste na zijn pensionering. Ik wens hem veel vreugde! (Langdurig applaus)

 

23 Wetsontwerp houdende instemming met de Overeenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en IJsland, anderzijds, betreffende de deelname van IJsland aan de gezamenlijke nakoming van de verbintenissen van de Europese Unie, haar lidstaten en IJsland voor de tweede verbintenisperiode van het Protocol van Kyoto bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering, gedaan te Brussel op 1 april 2015 (1250/1)

23 Projet de loi portant assentiment à l'Accord entre l'Union européenne et ses États membres, d'une part, et l'Islande, d'autre part, concernant la participation de l'Islande à l'exécution conjointe des engagements de l'Union européenne, de ses États membres et de l'Islande au cours de la deuxième période d'engagement du Protocole de Kyoto à la Convention-cadre des Nations unies sur les changements climatiques, fait à Bruxelles le 1er avril 2015 (1250/1)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 5)

Ja

126

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

5

Abstentions

Totaal

131

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. (1250/4)

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale. (1250/4)

 

Reden van onthouding? (Nee)

Raison d’abstention? (Non)

 

24 Goedkeuring van de agenda

24 Adoption de l’ordre du jour

 

Wij moeten overgaan tot de goedkeuring van de agenda voor de vergadering van donderdag 12 november 2015.

Nous devons procéder à l’approbation de l’ordre du jour de la séance du jeudi 12 novembre 2015.

 

Geen bezwaar? (Nee) De agenda is goedgekeurd.

Pas d’observation? (Non) L’ordre du jour est approuvé.

 

De vergadering wordt gesloten. Volgende vergadering donderdag 12 november 2015 om 14.15 uur.

La séance est levée. Prochaine séance le jeudi 12 novembre 2015 à 14.15 heures.

 

De vergadering wordt gesloten om 17.00 uur.

La séance est levée à 17.00 heures.

 

 

De bijlage is opgenomen in een aparte brochure met nummer CRIV 54 PLEN 079 bijlage.

 

L'annexe est reprise dans une brochure séparée, portant le numéro CRIV 54 PLEN 079 annexe.

 

 

 


  


Detail van de naamstemmingen

 

Détail des votes nominatifs

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 001

 

 

Oui        

056

Ja

 

Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Bracke Siegfried, Buysrogge Peter, Capoen An, Claerhout Sarah, De Coninck Inez, Dedecker Peter, Degroote Koenraad, Demir Zuhal, Demon Franky, Deseyn Roel, Dewael Patrick, De Wever Bart, Dewinter Filip, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Dumery Daphné, Gabriëls Katja, Gantois Rita, Grosemans Karolien, Heeren Veerle, Hufkens Renate, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lanjri Nahima, Luykx Peter, Metsu Koen, Muylle Nathalie, Pas Barbara, Penris Jan, Raskin Wouter, Smaers Griet, Smeyers Sarah, Somers Ine, Spooren Jan, Uyttersprot Goedele, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vandenput Tim, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Verherstraeten Servais, Vuye Hendrik, Wilrycx Frank, Wollants Bert

 

 

Non        

063

Nee

 

Almaci Meyrem, Ben Hamou Nawal, Bonte Hans, Brotcorne Christian, Burton Emmanuel, Calomne Gautier, Calvo Kristof, Caprasse Véronique, Carcaci Aldo, Cassart-Mailleux Caroline, Chastel Olivier, Cheron Marcel, Clarinval David, Crusnière Stéphane, De Coninck Monica, de Coster-Bauchau Sybille, Dedry Anne, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Devin Laurent, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Ducarme Denis, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Foret Gilles, Frédéric André, Friart Benoît, Gerkens Muriel, Goffin Philippe, Gustin Luc, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Jadin Kattrin, Laaouej Ahmed, Lalieux Karine, Lutgen Benoît, Massin Eric, Mathot Alain, Miller Richard, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pehlivan Fatma, Piedboeuf Benoît, Pirlot Sébastian, Pivin Philippe, Poncelet Isabelle, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Temmerman Karin, Thiébaut Eric, Thiéry Damien, Thoron Stéphanie, Top Alain, Vande Lanotte Johan, Vanden Burre Gilles, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Vanheste Ann, Vanvelthoven Peter, Winckel Fabienne

 

 

Abstentions

001

Onthoudingen

 

De Vriendt Wouter

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 002

 

 

Oui        

077

Ja

 

Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Bogaert Hendrik, Bracke Siegfried, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Capoen An, Cassart-Mailleux Caroline, Chastel Olivier, Claerhout Sarah, Clarinval David, De Coninck Inez, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Degroote Koenraad, Demir Zuhal, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Ducarme Denis, Dumery Daphné, Foret Gilles, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Gantois Rita, Goffin Philippe, Grosemans Karolien, Gustin Luc, Heeren Veerle, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Luykx Peter, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Piedboeuf Benoît, Pivin Philippe, Raskin Wouter, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Smaers Griet, Smeyers Sarah, Somers Ine, Spooren Jan, Terwingen Raf, Thiéry Damien, Thoron Stéphanie, Uyttersprot Goedele, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vandenput Tim, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Verherstraeten Servais, Wilrycx Frank, Wollants Bert

 

 

Non        

052

Nee

 

Almaci Meyrem, Ben Hamou Nawal, Bonte Hans, Brotcorne Christian, Calvo Kristof, Caprasse Véronique, Carcaci Aldo, Cheron Marcel, Crusnière Stéphane, Daerden Frédéric, Dallemagne Georges, De Coninck Monica, Dedry Anne, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewinter Filip, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Frédéric André, Geerts David, Gerkens Muriel, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Lalieux Karine, Lutgen Benoît, Massin Eric, Mathot Alain, Matz Vanessa, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Pirlot Sébastian, Poncelet Isabelle, Temmerman Karin, Thiébaut Eric, Top Alain, Vande Lanotte Johan, Vanden Burre Gilles, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Vanheste Ann, Vanvelthoven Peter, Winckel Fabienne

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 003

 

 

Oui        

078

Ja

 

Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Bogaert Hendrik, Bracke Siegfried, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Capoen An, Cassart-Mailleux Caroline, Chastel Olivier, Claerhout Sarah, Clarinval David, De Coninck Inez, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Degroote Koenraad, Demir Zuhal, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Ducarme Denis, Dumery Daphné, Foret Gilles, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Gantois Rita, Goffin Philippe, Grosemans Karolien, Gustin Luc, Heeren Veerle, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Luykx Peter, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Piedboeuf Benoît, Pivin Philippe, Raskin Wouter, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Smaers Griet, Smeyers Sarah, Somers Ine, Spooren Jan, Terwingen Raf, Thiéry Damien, Thoron Stéphanie, Uyttersprot Goedele, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vandenput Tim, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Verherstraeten Servais, Vuye Hendrik, Wilrycx Frank, Wollants Bert

 

 

Non        

052

Nee

 

Almaci Meyrem, Ben Hamou Nawal, Bonte Hans, Brotcorne Christian, Calvo Kristof, Caprasse Véronique, Carcaci Aldo, Cheron Marcel, Crusnière Stéphane, Daerden Frédéric, Dallemagne Georges, De Coninck Monica, Dedry Anne, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewinter Filip, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Frédéric André, Geerts David, Gerkens Muriel, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Lalieux Karine, Lutgen Benoît, Massin Eric, Mathot Alain, Matz Vanessa, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Pirlot Sébastian, Poncelet Isabelle, Temmerman Karin, Thiébaut Eric, Top Alain, Vande Lanotte Johan, Vanden Burre Gilles, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Vanheste Ann, Vanvelthoven Peter, Winckel Fabienne

 

 

Abstentions

001

Onthoudingen

 

Laaouej Ahmed

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 004

 

 

Oui        

078

Ja

 

Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Bogaert Hendrik, Bracke Siegfried, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Capoen An, Cassart-Mailleux Caroline, Chastel Olivier, Claerhout Sarah, Clarinval David, De Coninck Inez, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Degroote Koenraad, Demir Zuhal, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Ducarme Denis, Dumery Daphné, Foret Gilles, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Gantois Rita, Goffin Philippe, Grosemans Karolien, Gustin Luc, Heeren Veerle, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Luykx Peter, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Piedboeuf Benoît, Pivin Philippe, Raskin Wouter, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Smaers Griet, Smeyers Sarah, Somers Ine, Spooren Jan, Terwingen Raf, Thiéry Damien, Thoron Stéphanie, Uyttersprot Goedele, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vandenput Tim, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Verherstraeten Servais, Vuye Hendrik, Wilrycx Frank, Wollants Bert

 

 

Non        

043

Nee

 

Almaci Meyrem, Ben Hamou Nawal, Bonte Hans, Calvo Kristof, Caprasse Véronique, Cheron Marcel, Crusnière Stéphane, Daerden Frédéric, De Coninck Monica, Dedry Anne, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Demeyer Willy, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewinter Filip, Di Rupo Elio, Fernandez Fernandez Julie, Frédéric André, Geerts David, Gerkens Muriel, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Lalieux Karine, Massin Eric, Mathot Alain, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Pirlot Sébastian, Temmerman Karin, Thiébaut Eric, Top Alain, Vande Lanotte Johan, Vanden Burre Gilles, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Vanheste Ann, Vanvelthoven Peter, Winckel Fabienne

 

 

Abstentions

011

Onthoudingen

 

Brotcorne Christian, Carcaci Aldo, Dallemagne Georges, de Lamotte Michel, Delpérée Francis, Dispa Benoît, Fonck Catherine, Laaouej Ahmed, Lutgen Benoît, Matz Vanessa, Poncelet Isabelle

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 005

 

 

Oui        

126

Ja

 

Almaci Meyrem, Becq Sonja, Bellens Rita, Ben Hamou Nawal, Bogaert Hendrik, Bonte Hans, Bracke Siegfried, Brotcorne Christian, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Calvo Kristof, Capoen An, Caprasse Véronique, Carcaci Aldo, Cassart-Mailleux Caroline, Chastel Olivier, Cheron Marcel, Claerhout Sarah, Clarinval David, Crusnière Stéphane, Daerden Frédéric, Dallemagne Georges, De Coninck Inez, De Coninck Monica, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Dedry Anne, Degroote Koenraad, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Demeyer Willy, Demir Zuhal, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Ducarme Denis, Dumery Daphné, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Foret Gilles, Frédéric André, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Gantois Rita, Geerts David, Gerkens Muriel, Goffin Philippe, Grosemans Karolien, Gustin Luc, Heeren Veerle, Hellings Benoit, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lalieux Karine, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Lutgen Benoît, Luykx Peter, Massin Eric, Mathot Alain, Matz Vanessa, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pehlivan Fatma, Piedboeuf Benoît, Pirlot Sébastian, Pivin Philippe, Poncelet Isabelle, Raskin Wouter, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Smaers Griet, Smeyers Sarah, Somers Ine, Spooren Jan, Temmerman Karin, Terwingen Raf, Thiébaut Eric, Thiéry Damien, Thoron Stéphanie, Top Alain, Uyttersprot Goedele, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Vande Lanotte Johan, Van den Bergh Jef, Vanden Burre Gilles, Vandenput Tim, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Vanheste Ann, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vanvelthoven Peter, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Verherstraeten Servais, Vuye Hendrik, Wilrycx Frank, Winckel Fabienne, Wollants Bert

 

 

Non        

000

Nee

 

 

 

 

Abstentions

005

Onthoudingen

 

Dewinter Filip, Hedebouw Raoul, Pas Barbara, Penris Jan, Van Hees Marco