Plenumvergadering

Séance plénière

 

van

 

Donderdag 8 november 2018

 

Namiddag

 

______

 

 

du

 

Jeudi 8 novembre 2018

 

Après-midi

 

______

 

 


De vergadering wordt geopend om 14.19 uur en voorgezeten door de heer Siegfried Bracke.

La séance est ouverte à 14.19 heures et présidée par M. Siegfried Bracke.

 

De voorzitter: De vergadering is geopend.

La séance est ouverte.

 

Een reeks mededelingen en besluiten moeten ter kennis gebracht worden van de Kamer. Zij worden op de website van de Kamer en in de bijlage bij het integraal verslag van deze vergadering opgenomen.

Une série de communications et de décisions doivent être portées à la connaissance de la Chambre. Elles seront reprises sur le site web de la Chambre et insérées dans l'annexe du compte rendu intégral de cette séance.

 

Aanwezig bij de opening van de vergadering is de minister van de federale regering:

Ministre du gouvernement fédéral présent lors de l’ouverture de la séance:

Charles Michel.

 

Berichten van verhindering

Excusés

 

Luc Gustin, Sarah Smeyers, gezondheidsredenen / raisons de santé;

Georges Dallemagne, IPU / UIP.

 

Federale regering / gouvernement fédéral:

Kris Peeters, met zending buitenslands / en mission à l'étranger;

Steven Vandeput, ambtsplicht / devoirs de mandat.

 

Vragen

Questions

 

 Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Monsieur le président, j'ai déposé une question adressée au premier ministre au sujet de l'incroyable augmentation du prix de l'essence et du diesel en Belgique, qui cause une souffrance incroyable aux travailleurs.

 

Je trouve inacceptable, chers collègues, que le premier ministre refuse de répondre à ma question, qui a été introduite en bonne et due forme avant 11 h 00 et acceptée à 12 h 03 pour figurer dans la liste des questions d'actualité. J'avais donc reçu l'autorisation de la poser au premier ministre. Quarante-cinq minutes plus tard, nous avons reçu la même liste, mais modifiée: ma question sur l'incroyable augmentation du prix du diesel et de l'essence avait en effet été retirée!

 

Monsieur le président, chers collègues, pourquoi M. le premier ministre refuse-t-il de répondre à ma question, alors qu'elle est aussi importante pour la vie des gens? On m'a renvoyé vers M. Van Overtveldt, alors que ma question ne concerne pas du tout la fiscalité. C'est assez incroyable d'assister à cela pour la première fois, car on ne parle pas en l'occurrence d'un ministre absent. Il est bien question ici d'un premier ministre qui est présent et qui peut encore décider de répondre. C'est pourquoi je lui demande: monsieur le premier ministre, cela vous pose-t-il un problème de répondre à ma question sur l'augmentation du prix de l'essence et du diesel?

 

Je propose de lui céder la parole. (Rires)

 

Le président: Désolé, monsieur Hedebouw!

 

 Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Monsieur le président, je vous soumets une simple propo­sition. (Brouhaha)

 

Chers collègues, on écoute M. le président.

 

De voorzitter: Mijnheer Hedebouw, ik moet u teleurstellen. Ik zal u zelf antwoorden.

 

Het probleem is natuurlijk niet nieuw. Het gaat om een vraag die, zoals alle andere vragen, belangrijk is, maar waaraan verschillende aspecten verbonden zijn.

 

De vraag zal niet door de eerste minister maar wel door de regering worden beantwoord. Het zal de minister van Financiën zijn die de regering in haar antwoord bindt.

 

Overigens zal uw vraag ook slaan op aspecten zoals bijvoorbeeld de index, waarvoor de minister van Economie, de heer Peeters, verantwoordelijk is. Zoals u weet, is hij hier niet.

 

Met andere woorden, het doet er eigenlijk niet toe wie antwoordt, zolang er maar een antwoord komt van een minister die bij dezen de hele regering bindt.

 

Dat is het antwoord. Ik herhaal nogmaals dat het probleem niet nieuw is.

 

Mijnheer Hedebouw, u krijgt een wederwoord.

 

 Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Je prends acte. Le peuple belge pourra savoir … (Rires)

 

Cela vous faire rire! Regardez-les: ils sont en train de rigoler! On parle de 1,60 euro à la pompe, de 60 euros de plus par mois, et cela fait rire tout le monde ici. Moi, cela ne me fait pas rire! Pour vous, c'est facile!

 

Monsieur le président, ce qui est scandaleux, le peuple peut le savoir: le premier ministre est présent, peut répondre, mais refuse de le faire, alors que le ministre de l'Économie, qui aurait éventuellement pu répondre, n'est pas présent. Nous avons donc clairement un premier ministre qui refuse de répondre, ce qui est très grave d'un point de vue démocratique et social. Le peuple le saura!

 

01 Vraag van de heer Filip Dewinter aan de eerste minister over "het regeringsstandpunt inzake het al dan niet ondertekenen van het Global Compact for Migration tijdens de conferentie in Marrakesh op 10 en 11 december" (nr. P3184)

01 Question de M. Filip Dewinter au premier ministre sur "le point de vue du gouvernement quant à l'opportunité de signer le Pacte mondial pour les migrations à la conférence de Marrakech les 10 et 11 décembre" (n° P3184)

 

01.01  Filip Dewinter (VB): Mijnheer de premier, Oostenrijk, Hongarije, Polen, Tsjechië, Kroatië, Australië en, niet te vergeten, de Verenigde Staten hebben beslist om het Marrakesh-immigratiepact van de Verenigde Naties niet te ondertekenen. Zij vinden, terecht, dat het akkoord een vrijgeleide is voor ongecontroleerde immigratie. Het pro-immigratiepact van Marrakesh is een soort rechtencatalogus geworden voor legale en illegale immigranten, dat de poorten van Europa nog breder openzet dan reeds het geval is.

 

Uw vice-eersteminister, de heer De Croo, heeft via Twitter al laten weten dat hij in Marrakesh met veel overtuiging namens ons land het Global Compact for Migration zal ondertekenen. Uw staatssecretaris, de heer Francken, liet dan weer weten dat het Marrakeshakkoord grondig moet worden bekeken vooraleer het wordt ondertekend. Ik kan me trouwens niet voorstellen dat de N-VA, mijnheer De Roover, het akkoord klakkeloos zal goedkeuren. In het boek van uw staatssecretaris, Continent zonder grenzen, schrijft hij immers terecht dat juist dit soort internationale en Europese akkoorden het hem onmogelijk maken een kordaat immigratiebeleid te voeren. Hij heeft, wat dat betreft, natuurlijk gelijk. Nu ligt er een dergelijk akkoord op tafel, dat door een heel aantal landen niet wordt ondertekend.

 

Het Marrakeshakkoord maakt van immigratie inderdaad een mensenrecht, gebaseerd op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Het Marrakeshakkoord wordt in de toekomst de bijbel voor iedere vluchteling, illegaal, transmigrant of vreemdeling die de toegang tot Europa wil en zal forceren.

 

Mijn vraag, mijnheer de premier, ligt dan ook voor de hand. Heeft de regering al een beslissing genomen? Overweegt de regering haar beslissing te heroverwegen, nadat zovele landen beslisten om het pact niet te tekenen? Wat zal uw houding zijn? Zult u, ja dan nee, namens de regering het pact ondertekenen op 10 december in Marrakesh?

 

01.02 Eerste minister Charles Michel: Mijnheer de voorzitter, beste collega's, in september 2016 hebben de lidstaten van de Verenigde Naties de principiële beslissing genomen om een pact uit te werken. Dat proces heeft meer dan twee jaar geduurd en verliep in drie fasen om een dialoog te voeren.

 

Ik haal een paar punten aan die in contradictie zijn met wat u hebt verklaard. Ten eerste, de tekst is geen bindende tekst. Ten tweede, de tekst erkent uitdrukkelijk de soevereiniteit inzake migratie van de lidstaten. Ten derde, de bedoeling van de tekst, die trouwens vervat is in de titel ervan, is inderdaad een reguliere, veilige en ordelijke migratie.

 

In België hebben wij, zoals altijd voor multilaterale akkoorden, de procedure gevolgd waarbij verschil­lende experten adviezen konden geven. Zij hebben op 12 september een positief advies uitgebracht. Dat is de reden waarom minister De Croo daarover een verklaring heeft afgelegd.

 

Het is voor het overige altijd mogelijk een politieke discussie in de Ministerraad te voeren over een internationaal document, zeker gezien de evolutie in een aantal EU-lidstaten. Wij zijn dus bereid om hierover een grondige discussie te voeren – dat lijkt mij logisch – op basis van een correcte interpretatie van de tekst en van het nodige overleg met onze klassieke Europese partners.

 

Tot slot, lijkt het mij zeer belangrijk dat wij wat migratie betreft onze verantwoordelijkheid opnemen in België. Wij hebben de voorbije vier jaar duidelijke keuzes gemaakt. Wij moeten daarnaast met andere landen een samenwerking voor een kordate en pertinente aanpak inzake migratie ontwikkelen.

 

01.03  Filip Dewinter (VB): Mijnheer de eerste minister, u bevestigt dus dat u dit pact zult ondertekenen en dat er geen discussie meer zal zijn. U zegt echter ook dat dit pact geen bindende tekst is. Dan vraag ik mij af waarom landen als Oostenrijk, Hongarije, Tsjechië, Polen, Kroatië, Australië en niet te vergeten de Verenigde Staten van Amerika, nu al hebben beslist om het pact niet te ondertekenen. Wij weten toch allemaal dat dergelijke akkoorden achteraf worden gebruikt en misbruikt door organisaties en individuen allerhande om hun rechten af te dwingen.

 

Wie dit akkoord ondertekent, collega's en vooral collega's van de N-VA, hoeft achteraf niet verbaasd te zijn, geen boeken te schrijven, geen stoere verklaringen af te leggen, over het feit dat wij onze soevereiniteit uit handen geven aan Europa, aan de VN en aan wie nog meer, en dat wij geen baas meer zijn over ons eigen immigratiebeleid, over onze eigen grenzen.

 

Mijnheer de eerste minister, ik roep u op om dit Global Compact for Migration alsnog te herover­wegen en op zijn minst, zoals Hongarije en andere landen, een aantal amendementen in te dienen. Ik roep zeker de N-VA op om te doen wat in dit boek staat, namelijk zich niet laten knechten door internationale akkoorden, ervoor zorgen dat wij onze soevereiniteit behouden en ervoor zorgen dat wij baas zijn en blijven over onze eigen grenzen. (De spreker toont een boek)

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

02 Vraag van mevrouw Veerle Wouters aan de eerste minister over "het leggen van de politieke benoemingspuzzel door de eerste minister" (nr. P3186)

02 Question de Mme Veerle Wouters au premier ministre sur "la résolution du casse-tête des nominations politiques par le premier ministre" (n° P3186)

 

02.01  Veerle Wouters (Vuye&Wouters): Mijnheer de premier, proficiat. U hebt weer een nieuwe job, weer een nieuwe bevoegdheid: u wordt de headhunter van deze regering. U hebt meteen ook veel werk. Zo moet u de Nationale Bank, de Europese Investeringsbank, de FPIM en de energieregulator CREG bemannen. Dat bemannen moet men tegenwoordig trouwens letterlijk nemen, zeker met deze regering.

 

Weet u wat vicepremier Jan Jambon zei over politieke headhunting? Hij noemde dat poppetjes en postjes. Ik moet wel zeggen dat het gaat om uitspraken uit 2012. Wanneer men zelf aan de touwtjes trekt, kan die mening natuurlijk wel eens veranderen.

 

Mijnheer de premier, u hebt het altijd over jobs, jobs, jobs. Die politieke benoemingen leveren jobs, jobs, jobs op. Ik geef een kleine bloemlezing. In de Regentenraad van de Nationale Bank van België hebben we Cédric Frère, het hoofd van de studiedienst van de N-VA en de poppetjes van de sociale partners geplaatst. In het directiecomité kwam de kabinetschef van mevrouw Gwendolyn Rutten. In het College van de censoren kwam de penningmeester van de N-VA. Het ging echter niet alleen om de Nationale Bank want we hebben ook nog het Grondwettelijk Hof. Daar hebben we mevrouw Fientje Moerman heen gestuurd. De heer Verhofstadt had nochtans vragen bij het feit dat de rechters van het grondwettelijk hof in Polen politiek benoemd werden. Hier geldt dat blijkbaar niet. Verder hebben we onlangs collega Turtelboom nog naar de Europese Rekenkamer gestuurd.

 

Mijnheer de premier, al die instellingen zijn politiek benoemd. Dat is niet alleen een Belgische maar jammer genoeg ook een Vlaamse ziekte. De particratie regeert dus niet alleen in het Parlement, ze regeert ook in al die instellingen. Men kan zich dan de vraag stellen hoe dergelijke instellingen goed en objectief werk kunnen leveren. Welke waarde hebben hun rapporten nog als men weet dat het allemaal politici zijn die daar zitten. Het gaat mij absoluut niet om de personen en het zal dan ook niet gaan over de persoon Steven Vanackere. Wanneer men echter zegt dat CD&V aan zet is, dan zijn diegenen die dat zeggen in hetzelfde bedje ziek.

 

Mijnheer de premier, ik heb een concrete vraag. Hoe ziet u als headhunter uw nieuwe job? Gaat u overal nog meer politieke poppetjes plaatsen of gaat u nu eindelijk verandering brengen? Gaat u ervoor zorgen dat die benoemingen geobjecti­veerd worden?

 

02.02 Eerste minister Charles Michel: Mijnheer de voorzitter, beste collega's, wat de publieke instellingen betreft, moet de regering inderdaad enkele beslissingen nemen. Ik maak graag een onderscheid tussen, enerzijds, de raad van bestuur en, anderzijds, de executieve functies.

 

Voor de raad van bestuur lijkt het mij belangrijk om beslissingen te nemen op basis van principes met als doel in de toekomst meer vrouwen in die functies te krijgen. Dat is een sterk engagement, dat wij volgens mij moeten aangaan. Er is er ook meer onafhankelijkheid nodig. Daarvoor moet men een evenwichtige oplossing vinden. Er is meer onafhankelijkheid en profes­sionalisme nodig, maar er moet ook rekening gehouden worden met een democratische vertegenwoor­diging. We spreken namelijk over publieke instellingen. Het lijkt mij dus logisch dat men op zoek gaat naar meer professionalisme, meer bevoegdheden en meer onafhankelijkheid, maar tegelijkertijd moet er ook rekening gehouden worden met een democratische vertegenwoor­diging.

 

Wat de executieve functies betreft, hebben wij bijvoorbeeld bij de NMBS een duidelijke keuze gemaakt. Wij hebben daar voor een objectivering gekozen. De regering heeft op basis van de resultaten daarvan een keuze gemaakt.

 

Ik heb de principiële beslissing genomen om het kernkabinet te raadplegen. Later zullen concrete voorstellen ingediend worden om duidelijk te evolueren in de richting van beter bestuur, meer professionalisme en meer onafhankelijkheid, rekening houdend met de realiteit van de publieke instellingen.

 

U gaf het voorbeeld van het Grondwettelijk Hof. In mijn ogen is dat een zeer slecht voorbeeld, want het gaat hier om een juridisch principe. De benoemingen in het Grondwettelijk Hof hebben namelijk niets te maken met een regerings­beslissing.

 

Wat de Nationale Bank betreft, hebben wij niet gewacht. Een paar jaar geleden werd een initiatief genomen in het kader van de vermindering van de directeurfuncties bij de Nationale Bank. Wij hebben vandaag in de DAB ook akte genomen van nieuwe voorstellen van de minister van Financiën voor een verdere hervorming. Wij zullen daarvoor de nodige beslissingen nemen.

 

02.03  Veerle Wouters (Vuye&Wouters): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de eerste minister, ik dank u voor uw antwoord.

 

Ik ben heel blij u te horen pleiten voor meer vrouwen en voor meer onafhankelijken. U verwijst ook naar de voorstellen van de minister van Financiën, de heer Van Overtveldt, omtrent de Nationale Bank. Welnu, dat zijn allemaal V&W-voorstellen. Inderdaad, de vertegenwoordiging van de Gewesten, is een voorstel van ons, het afschaffen van het College van censoren is eveneens een voorstel van ons, idem voor de afslanking van de directiecomités.

 

Wat betreft quota voor het directiecomité, ik ben eerlijk gezegd niet zo voor quota. Ons voorstel is ervoor te zorgen dat het directiecomité is samen­gesteld uit personen van verschillende geslacht. Ik kan mij voorstellen dat de N-VA dit as such wil amenderen, want ik weet dat collega Van Peel ook niet voor quota is. Op die manier zou dat probleem ook zijn opgelost.

 

U zegt de kwestie te hebben besproken, maar ik ben benieuwd of het nog tijdens deze legislatuur in orde komt. Hier regeert de particratie immers nogal graag het land.

 

Mijnheer de eerste minister, geef toe, de juiste vrouw en de juiste man op de juiste plaats, dat kan toch niet zo moeilijk zijn.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

03 Questions jointes de

- M. Laurent Devin au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3187)

- M. David Geerts au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3188)

- Mme Vanessa Matz au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3189)

- Mme Patricia Ceysens au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3190)

- M. Wim Van der Donckt au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3191)

- M. Benoît Piedboeuf au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3192)

- M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3193)

- M. Veli Yüksel au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3194)

- M. Gilles Vanden Burre au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3195)

- M. Raoul Hedebouw au vice-premier ministre et ministre de la Coopération au développement, de l'Agenda numérique, des Télécommunications et de la Poste, sur "le conflit social chez bpost" (n° P3196)

03 Samengevoegde vragen van

- de heer Laurent Devin aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3187)

- de heer David Geerts aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3188)

- mevrouw Vanessa Matz aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3189)

- mevrouw Patricia Ceysens aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3190)

- de heer Wim Van der Donckt aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3191)

- de heer Benoît Piedboeuf aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3192)

- de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3193)

- de heer Veli Yüksel aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3194)

- de heer Gilles Vanden Burre aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3195)

- de heer Raoul Hedebouw aan de vice-eersteminister en minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Post over "het sociaal conflict bij bpost" (nr. P3196)

 

03.01  Laurent Devin (PS): Monsieur le vice-premier ministre, je vous ai interpellé, je vous ai alerté, et j'ai demandé votre intervention à plusieurs reprises. Les semaines se suivent et la situation ne s'arrange pas.

 

Jamais, de mémoire de travailleur, les conditions de travail à bpost n'ont été aussi insoutenables. Jamais les syndicats n'avaient agi avec une telle force en front commun. Jamais, en fait, le ras-le-bol n'a été aussi profond. Quand un facteur se met en grève, c'est toujours à contrecœur; parce qu'il sait qu'il aura à rattraper le travail par après, que le lendemain, son sac sera deux fois plus lourd, qu'il aura deux fois plus de colis à distribuer et qu'un citoyen aura attendu son courrier en vain.

 

Je pense que cette grève aurait pu être évitée si la direction et le gouvernement acceptaient enfin de changer leur fusil d'épaule; si enfin, la direction et le gouvernement prenaient en compte des reven­dications fondamentales pour les travailleurs. Mais non, direction et gouvernement, encore aujourd'hui, n'ont qu'une obsession: la privatisation.

 

Congés de maladie refusés, heures supplémen­taires impayées, horaires incompatibles avec une vie de famille, formation indigne de ce nom, des salaires à peine au-dessus du seuil de pauvreté: voilà ce que ne veulent plus accepter les travailleurs. Autrement dit, ils n'exigent rien d'autre que le droit de travailler de façon décente. Et quand ces conditions seront enfin rencontrées, je vous assure que les problèmes de recrutement de bpost s'éteindront d'eux-mêmes.

 

La baisse comptable du courrier ne peut pas tout justifier. Pour le facteur qui doit distribuer dix lettres en moins mais cinq paquets en plus que l'an dernier, je vous assure que le sac n'est pas moins lourd. Ce n'est pas une réalité comptable, mais juste la réalité quotidienne.

 

Ce mouvement de grève n'est pas juste le combat des travailleurs. C'est aussi le combat pour que bpost exerce ses responsabilités d'entreprise publique, tout simplement. Livrer les colis, les journaux et le courrier sont des services publics qui bénéficient à 11 millions de citoyens, aux administrations et aux PME.

 

Monsieur le vice-premier ministre, avez-vous rencontré un seul travailleur de bpost qui ne dénonce pas les conditions de travail? Entendez-vous les demandes légitimes des 33 000 travailleurs de bpost? Enfin, les courriers des administrations, les colis des PME et les journaux de la presse seront-ils distribués cette semaine?

 

03.02  David Geerts (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, wij staan hier opnieuw om dezelfde problematiek bij bpost te bespreken. We zijn enkele maanden verder na de eerste interventie maar de situatie is er niet op verbeterd. Er heerst een sociaal conflict en volgens mij is dat te wijten aan het feit dat er in de jongste maanden geen enkele actie is ondernomen. De werkdruk op het terrein is moordend. Er staan 300 vacatures en 50 000 verlofdagen open. Postbodes krijgen hun ronde niet meer afgewerkt en moeten vroeger beginnen of 's avonds langer werken. Ook de klanten ervaren de nadelen van een bedrijf dat niet goed meer functioneert, want geboortekaartjes of rouwbrieven lopen vertraging op.

 

Mijnheer de minister, het verwondert mij eigenlijk dat u in de krant verklaart dat u zelf geen stappen zult zetten. Het gaat om corporate governance, zo zegt u, en dus moeten de directie en de vakbonden het maar oplossen. U zet uw stoel wat achteruit en doet niets. Dat vind ik eigenlijk onaanvaardbaar.

 

De overheid is namelijk de grootste aandeel­houder. Vorig jaar ontving u een dividend van 132 miljoen euro, dus u kunt niemand – mij, de klanten, noch de werknemers – wijsmaken dat er geen geld is. Mijnheer de minister, als grootste aandeelhouder vraag ik u om aan te tonen dat u werkbaar werk belangrijk vindt, ook bij bpost. Geef het signaal dat u de huidige werkomstandigheden onaanvaardbaar vindt.

 

Concreet stel ik voor dat u een vierde van het dividend, dus 33 miljoen euro, besteedt aan het bedrijf zelf, zodat er geïnvesteerd kan worden in werkbaar werk, in betere werkomstandigheden voor het personeel. Ook onze samenleving wordt daar beter van.

 

Mijnheer de minister, bent u bereid om ons voorstel te aanvaarden?

 

03.03  Vanessa Matz (cdH): Monsieur le ministre, le personnel, ces dernières années, confiant dans l'intérêt que bpost leur offre à terme, a accepté l'augmentation de la charge de travail due à la baisse d'effectifs puis à son augmentation trop lente face à l'explosion de la charge de travail. Ensuite viennent le rachat de Radial, des résultats financiers moins bons que prévu, une chute dramatique des cours de la bourse. Pour sauver les meubles vis-à-vis des investisseurs, bpost lance un plan social et se sépare de 400 à 500 collaborateurs.

 

Cette première rompt la confiance et sert de catalyseur pour tout le malaise accumulé à cause de la pression sur le travail. Les employés en ont marre de ne pas pouvoir prendre des jours de récupération, de ne pas pouvoir se faire remplacer lors d'absences ou de devoir rattraper ce qu'ils n'ont pu faire. Ils en ont marre d'être en sous-effectif.

 

S'ils ont supporté tout cela pendant un temps, la confiance est maintenant rompue: 90 à 95 % des employés participent à la grève. C'est un message très clair: le problème est général. Il y a quelques minutes, vous déclariez à la presse qu'il ne fallait surtout pas envenimer le conflit. Vous vous adressiez aux syndicats, mais aussi à la direction. Je pense que vous devez faire plus que cela, monsieur le ministre, parce que vous portez une responsabilité dans les grèves qui ont lieu maintenant. En effet, en mai dernier, Mme Fonck avait demandé l'envoi d'un conciliateur social car il y avait déjà une tension sociale à l'époque. Vous n'en avez rien fait.

 

De plus, comme actionnaire principal de bpost, vous allez racler les fonds de tiroir en prenant un dividende égal à celui de l'année dernière, alors que les résultats sont bien moins bons. Aucun membre de l'entreprise ne comprend pourquoi cet argent n'est pas investi dans l'entreprise pour soulager le personnel de ses nombreuses tâches.

 

Monsieur le ministre, qu'avez-vous fait pour rétablir la confiance? Vous ne pouvez pas rester au balcon. Qu'en est-il de l'envoi – rapide – d'un conciliateur social? Pourquoi l'État prélève-t-il un dividende égal à l'année dernière alors que les chiffres sont très mauvais?

 

03.04  Patricia Ceysens (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, ik meen dat alle vraagstellers en ook u de bezorgdheid delen over de werkdruk en het personeelstekort. Ik wil in dezen toch even de stem laten horen van de e-commerce.

 

Deze regering heeft veel gedaan voor de e-commerce. U stimuleert met Digitaal België de opmars van innovatie en dan komt men uit bij e-commerce. Wij hebben de nachtarbeid mogelijk gemaakt. De e-commerce groeit spectaculair, met double digits. Het is een van de weinige sectoren die zo'n groei kennen en dit eindelijk ook in ons land.

 

En dan gebeurt dit…

 

Wij zien dat een aantal e-commercebedrijven soelaas zoeken bij de concurrentie. Men kan hen alleen maar gelijk geven. Deze bedrijven moeten immers ervoor zorgen dat hun dienstverlening niet stilvalt omdat bpost stilvalt. E-commerce is een sector waarin veel competitieve spelers actief zijn. Met andere woorden, e-commerce is bezorg­economie en er moeten vaak pakjes worden bezorgd. Als bpost dat vandaag niet kan garanderen, dan zoeken e-commercebedrijven een oplossing bij de concurrentie. Dit is echter niet zo gemakkelijk voor alle e-commercespelers. Grote bedrijven slagen er meestal wel in, ook al horen wij ook van hen alarmkreten omdat zij niet zomaar van leverancier kunnen veranderen omdat dit de nodige kosten met zich meebrengt. Er zijn heel wat kleine webshops, kleine e-commercebedrijven die in hun businessmodel helemaal afhankelijk zijn van bpost. Het staken van de dienstverlening bij bpost mag er niet toe leiden dat e-commerce in ons land een duik neemt.

 

Ik vraag dan ook aandacht van de regering voor de insteek van e-commerce en het leveren van pakjes bij klanten. Zeker de eindejaarsperiode is voor de e-commerce immers de topperiode van het jaar.

 

03.05  Wim Van der Donckt (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, geachte collega's, ik trap misschien een open deur in, maar ik doe het toch maar, want blijkbaar hebben sommigen het nog niet volledig door.

 

Men moet toch een beetje ziende blind zijn om niet te zien dat bpost een bedrijf is dat in volle transformatie is, evenals de markt waarop bpost actief is. In het verleden was De Post een echt overheidsbedrijf, met een echt ambtenarenstatuut, maar de evolutie gaat nu meer naar een echt privaat bedrijf, waar de concurrentie maximaal speelt, ten gevolge van de liberalisering en de mondialisering. Men kan natuurlijk wel blijven dromen van die goede, oude monopolietijd, maar de realiteit wint helaas van de droom.

 

Ten gevolge van die snel evoluerende postmarkt moet bpost zich aanpassen en moeten zowel het management als de werknemers zich daarmee maximaal verzoenen.

 

Vanzelfsprekend mag die evolutie er niet toe leiden dat er een overdreven werkdruk komt op de werknemers en moet op dat vlak de vakbond zijn rol spelen. Daarin zullen wij natuurlijk de vakbonden steunen.

 

Ik vraag mij echter wel af of het wapen dat men thans hanteert, met name de staking waarnaar men thans grijpt, wel het juiste middel is om een oplossing te bereiken. Heeft men in dit dossier wel alle voorafgaande middelen uitgeput? Ik verwijs naar het sociaal overleg, naar een stakings­aanzegging, naar onderhandelingen of eventuele tussenkomst van een sociale bemiddelaar. En vooral, heeft men het stakingsprotocol wel nageleefd? Ik meen dat dit in dezen toch wel zeer belangrijk is omdat de economische schade, die er niet alleen is voor onze economie in het algemeen, maar zelfs voor bpost zelf, toch niet onrealistisch is.

 

Mijnheer de minister, hebben de vakbonden in deze het stakingsprotocol correct nageleefd?

 

Welke maatregelen hebt u eventueel reeds genomen om de staking af te wenden of om ze zo snel mogelijk te beëindigen? Denkt u eventueel aan de aanstelling van een sociaal bemiddelaar?

 

Hebt u eventueel ook gedacht aan een minimale dienstverlening? Ik denk daarbij dan aan het verspreiden van rouwbrieven.

 

Hebt u thans reeds een zicht op de economische gevolgen van deze staking?

 

03.06  Benoît Piedboeuf (MR): Monsieur le président, monsieur le ministre, le mouvement de grève se poursuit chez bpost. Une réunion serait prévue aujourd'hui entre direction et syndicats. On dit que la direction voudrait arriver à une solution en quelques jours. Le CEO voudrait qu'elle soit autant favorable à la clientèle qu'à ses collaborateurs.

 

Les organisations de travailleurs dénoncent un surcroît de travail, un manque de personnel, des difficultés à prendre des congés, une charge de travail insupportable et des externalisations de services.

 

Le mouvement dans les centres de tri risque de toucher les facteurs, le transport, l'administration et la livraison de colis. Cette paralysie a évidemment des effets économiques puisqu'il y a des retards dans les livraisons, des annulations de commandes, on parle même de retard dans la livraison des courriers du SPF Justice. La presse a fait état de votre intervention à ce sujet, monsieur le ministre.

 

Confirmez-vous que des discussions se poursuivent positivement entre direction et syndicats? Quelles démarches avez-vous entreprises dans le cadre du dialogue social, qui paraît désastreux à bpost? Si ces démarches n'aboutissent pas, qu'envisagez-vous comme initiative?

 

03.07  Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): In weer en wind, elke dag opnieuw, vaak terwijl wij nog in ons bed liggen, zijn de postbodes al aan het werk om ons de pakjes te bezorgen die wij de dag voordien besteld hebben, om ons de kaartjes te bezorgen die onze vrienden ons gestuurd hebben, om ons facturen te bezorgen, een loonbrief of helaas soms een rouwbrief. Afgelopen zomer moesten ze dat doen in een loden hitte, in de winter in bittere koude. In weer en wind, elke dag opnieuw, zijn de postbodes daar. Veel respect voor de job van die postbodes!

 

En dat is nu net wat zij missen van het bedrijf. Zij voelen geen respect vanwege hun werkgever voor het zware werk dat zij elke dag doen, overal in het land, elke dag opnieuw.

 

Velen haken af. De redenen daarvoor zijn al aangehaald: onder andere de werkdruk is de jongste jaren enorm verhoogd; er is te weinig personeel; zij kunnen moeilijk vakantie opnemen; zij moeten inspringen voor anderen, andere rondes overnemen; zij hebben werkdagen van 9 tot 12 uur. Wij hebben de jongste dagen een paar getuigenissen gehoord. Luc uit Puurs zei dat hij gewerkt had via een uitzendkantoor, 10,24 euro bruto per uur kreeg en gemiddeld 9 uur per dag werkte, waarvan maar 7 uur en 36 minuten betaald werden. Dat is de realiteit op het terrein.

 

De staking, die eigenlijk ongezien is en aangekondigd werd, zal geen oplossing krijgen, zolang er niet dringend iets wordt gedaan aan de werkomstandigheden van onze postmannen en postvrouwen.

 

Zij zijn trouwens niet de enigen die aan de alarmbel getrokken hebben. Een paar weken geleden zagen wij de acties van de bagage­afhandelaars. Het is dan wel gemakkelijk te wijzen naar de arbeiders en naar de vakbonden, maar het is hoog tijd dat de politiek met structurele oplossingen komt voor de werkomstandigheden van vele arbeiders in ons land.

 

Op het vlak van werkbaar werk heeft de regering al vele kansen gemist. De politiek draagt hiervoor ook verantwoordelijkheid en moet nu verant­woordelijkheid opnemen door mee te zoeken naar oplossingen voor het conflict.

 

Mijnheer de minister, ik heb maar één vraag voor u. Wat is de reactie van de regering, wat is uw reactie, op de klachten die ten grondslag liggen aan de staking en aan die sociale acties?

 

03.08  Veli Yüksel (CD&V): Mijnheer de minister, de tweede dag op rij wordt er gestaakt bij bpost, dag twee zonder brieven, kranten, pakjes. De onderhandelingen met de directie over de nieuwe cao verlopen zeer stroef. De vakbonden klagen al geruime tijd over het tekort aan personeel en over de hoge werkdruk. Er is ook bezorgdheid over het zogenaamde Toekomstplan van bpost. De directie wil in de toekomst de postbodes namelijk slechts om de twee of drie dagen laten uitrijden.

 

De impact van de staking is bijzonder groot, niet alleen voor de burgers van het land maar ook voor de bedrijven. Sommige bedrijven, zoals Torfs en Coolblue, stappen naar de concurrenten van bpost voor hun pakjes.

 

E-commerce is inderdaad niet de oplossing en evenmin de oorzaak. E-commerce is in ons land in stijgende lijn. Er is een grote vraag naar pakjes. Bpost moet zich op die vraag voorbereiden.

 

Mijnheer de minister, die heroriëntatie is nodig voor bpost., indien bpost een financieel gezond en maatschappelijk relevant bedrijf wil blijven.

 

Wij hopen dat de directie en de vakbonden snel tot een akkoord kunnen komen. Daartoe moet er natuurlijk de wil zijn en is er vertrouwen nodig. Wij roepen beide partijen tot redelijkheid op. Het sociaal conflict is immers voor niemand goed. Wij verwachten ook respect van de directie voor de postbodes en de overige personeelsleden bij bpost.

 

Mijnheer de minister, ik heb twee vragen voor u.

 

Ten eerste, wat is de stand van zaken in het sociaal conflict?

 

Ten tweede, hoe kan de situatie worden ontmijnd in het belang van de werknemers van bpost en van de burgers en de bedrijven in ons land die op bpost een beroep doen?

 

03.09  Gilles Vanden Burre (Ecolo-Groen): Monsieur le ministre, Sophie, 29 ans, factrice chez bpost: "Se lever si tôt et passer toute la journée dehors, c'est très difficile. Le nombre de personnes que j'ai vu passer ici en neuf ans de service, ce n'est pas normal. On ne peut plus convertir nos heures supplémentaires en jours de congé car le département s'effondrerait."

 

Guido, 56 ans, du service transport de bpost: "Le système de travail en équipe a complètement disparu et nous avons encore à peine des contacts entre nous. Je ne voudrais pas être un jeune travailleur ici."

 

Lou, 18 ans de carrière chez bpost: "Nous devons toujours aller plus vite. En collecte, les agents doivent faire des excès de vitesse pour arriver chez les clients à l'heure. Il y a des services où un agent est malade et à ce moment-là, ce sont les collègues qui effectuent sa tournée. Ces heures supplémentaires ne sont pas toujours remises au facteur. Il faut toujours être constamment aux aguets sur sa fiche de paie. C'est l'enfer!"

 

Chers collègues, s'agit-il de conditions de travail dignes du XXIe siècle pour une entreprise publique? Pour nous, la réponse est claire: non! Ce que veulent exprimer les travailleurs et les travailleuses aujourd'hui avec cette action de grève, avec cette action syndicale jusqu'au 12 novembre, c'est que ce n'est pas acceptable. On ne peut pas aujourd'hui travailler dans ces conditions.

 

Une grève dans une entreprise, monsieur le ministre, c'est toujours le résultat d'un échec: un échec de la concertation sociale, un échec pour l'amélioration des conditions de travail des travailleurs et des travailleuses et un échec pour la direction qui n'arrive pas à convaincre de la vision stratégique qu'elle veut prôner.

 

Monsieur le ministre, c'est aussi votre échec! C'est votre échec car cette situation n'est malheureusement pas nouvelle. Nous la connaissons et vous n'avez rien entrepris pour renforcer le dialogue social au sein de bpost. Cela fait des mois, des années même, que le climat est tendu sur le terrain, que le dialogue social est à l'arrêt, que le personnel est mécontent et que le manque structurel d'effectifs devient insupportable.

 

J'ai deux questions claires et directes, monsieur le ministre. Quelles actions concrètes comptez-vous entreprendre afin que le dialogue social puisse être relancé au sein de l'entreprise et que les demandes syndicales soient prises en considération? Par ailleurs, quelles mesures vont-elles être prises par la direction pour améliorer les conditions de travail et recruter du personnel?

 

03.10  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Monsieur le ministre, dans la nuit de mardi à mercredi, je me suis rendu au centre de tri à Awans, où j'ai rencontré tous ces travailleurs et travailleuses de bpost. Ce qui m'a fortement frappé, c'est cette fierté du métier, cette fierté de garantir ce service public, de garantir la livraison des colis et la distribution de toutes ces lettres à travers le pays. J'ai ressenti cette incroyable fierté mais, en même temps, je dois vous avouer avoir été choqué des conditions de travail qui m'ont été relatées ce soir-là.

 

Lors de cette soirée, j'ai pris l'engagement de venir vous raconter cette réalité, monsieur le ministre, parce que je suis convaincu que vous ne la connaissez pas. C'est impossible! Savez-vous que des jeunes qui sont engagés là-bas touchent 1 180 euros par mois? 1 180 euros par mois!

 

Wie wil werken voor 1 200 euro?

 

Savez-vous que j'ai rencontré au centre de tri quelqu'un qui travaille depuis quatorze ans en intérim. Quatorze ans!

 

Veertien jaar wordt er dagelijks een contract getekend. Wie wil er nu veertien jaar werken op basis van een interimcontract?

 

J'ai rencontré des dames qui travaillent dans le centre de tri et qui ont le dos complètement détruit. On ne supporte plus de continuer à bosser comme ça, m'ont-elles dit. Comment est-il possible de travailler dans une telle ambiance?

 

Je vois qu'on est mal! Au niveau du MR et de l'Open Vld, on ne connaît pas cette réalité-là!

 

(Tumulte)

 

Non, vous ne la connaissez pas! C'est impossible! Allez-y! Allez travailler pour 1 400 euros pas mois!

 

Le président: Chers collègues, écoutons M. Hedebouw!

 

03.11  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Ils sont nerveux! Ils ne connaissent rien de cette réalité-là!

 

Le président: Chers collègues, la parole est à M. Hedebouw.

 

03.12  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Les entendez-vous, monsieur le président? C'est incroyable, ils n'ont aucun respect pour les travailleurs de bpost.

 

Geen enkel respect voor de werknemers van bpost. Dat is een schande.

 

Quel mépris pour les travailleurs! C'est incroyable!

 

(Brouhaha sur les bancs du MR et de l'Open Vld)

 

Le président: Chers collègues, on ne peut continuer de cette manière.

 

03.13  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Quand on parle de fraude fiscale, on vous entend moins!

 

Peut-on encore parler ici? Nous sommes en démocratie.

 

De voorzitter: De tijd staat stil.

 

03.14  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Oui, de tijd staat stil.

 

Pire, la décision de supprimer cette prime annuelle de 900 euros par an! Ce sont ces 900 euros, monsieur le ministre, qui permettent à ces jeunes qui travaillent pour 1 200 euros d'avoir, sur une base annuelle, un salaire plus ou moins potable. Vous supprimez cette prime du jour au lendemain.

 

Et qui entend-on alors? Le CEO de l'entreprise, M. Van Gerven.

 

Que dit-il? Il dit que les postiers doivent sortir de leur zone de confort. Leur zone de confort! C'est magnifique! Le salaire de ce CEO est de 848 843 euros par an, plus 282 866 euros pour les bons résultats de l'entreprise, soit un million d'euros par an et il ose dire que ...

 

Le président: Je vous demande de conclure, monsieur Hedebouw.

 

03.15  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): J'ai été inter­rompu, monsieur le président. Permettez-moi donc de poursuivre mon intervention.

 

Ce type ose dire que les travailleurs de bpost doivent sortir de leur zone de confort.

 

Je demande ici au ministre De Croo de prendre position en faveur des travailleurs de bpost.

 

En tant que ministre de tutelle, vous êtes obligé, monsieur le ministre, de dire, aujourd'hui, que les salaires de bpost doivent être augmentés et qu'il faut embaucher du personnel supplémentaire pour que le rythme de travail soit tenable.

 

J'attends votre réponse avec impatience.

 

03.16 Minister Alexander De Croo: Mijnheer de voorzitter, collega's, zoals u weet, hecht ik veel belang aan het feit dat onze overheidsbedrijven, en in het bijzonder bpost, onafhankelijk kunnen werken. Het is niet aan de politiek om een postbedrijf te besturen. Als ik sommigen van u hoor, zou dat niet heel lang overleven.

 

Ik heb deze middag samengezeten met de bonden en de directie omdat het belangrijk is dat ik luister naar wat de problemen op het terrein zijn. Nadat ik naar hen heb geluisterd, heb ik hun twee boodschappen meegegeven.

 

En premier lieu, j'ai dit que je comprenais les difficultés sur le terrain. Il est évident que des problèmes de charge de travail se posent. Ceux-ci trouvent leur origine dans le manque de personnel. Bpost rencontre beaucoup de difficultés pour recruter du personnel, surtout dans la région de Bruxelles, à la côte et à Anvers.

 

J'ai clairement dit à la direction de bpost qu'il fallait consentir des efforts additionnels pour le recrutement de travailleurs supplémentaires. Le manque de personnel a un impact sur la qualité du service et sur la façon de travailler, à savoir souvent dans des conditions qui ne sont pas celles que l'on attend d'une entreprise comme bpost.

 

Ik heb ook aan beide gezegd dat men wel moet kijken naar de bredere context: die van een bedrijf in een markt die heel snel aan het veranderen is. Wij versturen allemaal samen veel minder brieven en we ontvangen veel meer pakjes. Het voorbije kwartaal is de groei van het aantal pakjes met 25 % gestegen. De burgers en de vele klanten verwachten een goede dienstverlening van een bedrijf als bpost. Hiervoor de ogen sluiten zou betekenen dat we het bedrijf een vogel voor de kat verklaren. Ik zie niet in wie daarbij iets te winnen zou hebben.

 

Ces dernières années, bpost a effectué un beau parcours, basé sur le travail de tous les travail­leurs, mais aussi sur de bonnes relations sociales. Je voulais souligner ce fait. Ces relations sociales étaient au cœur du fonctionnement de bpost. J'ai donc clairement demandé à la direction et à chacun autour de la table de renouer avec ces bonnes relations sociales.

 

En me basant sur ce que j'ai entendu, je pense que l'esprit autour de la table était plutôt positif.

 

J'espère que les personnes qui sont autour de cette table peuvent renouer avec ces bonnes relations et trouver des solutions à ces préoccu­pations qui sont pertinentes.

 

Ik besluit met een laatste boodschap die ik heb gegeven, met name om het conflict niet op de spits te drijven. Het conflict op de spits drijven, lost niets op. De mensen moeten rond de tafel zitten en praten met elkaar, maar niet staken. Het is maar door met elkaar te praten dat wij een oplossing zullen vinden, anders zullen er vele slachtoffers zijn: het bedrijf, alle medewerkers en uiteindelijk ook de maatschappij, die rekent op een bedrijf als bpost waarvan wij als overheid natuurlijk aandeelhouder zijn. Men moet opletten dat men de tak waarop men zit, niet doorzaagt. Het is in het belang van iedereen om samen oplossingen te vinden. Ik ga ervan uit dat de personen die vandaag rond de tafel zitten een oplossing kunnen vinden voor de problemen waar bpost vandaag mee wordt geconfronteerd. Ik hoop dat men praat en de staking zo snel mogelijk kan beëindigen.

 

03.17  Laurent Devin (PS): Monsieur le vice-premier ministre, enfin, vous les avez rencontrés! Je vous l'avais demandé au printemps, en été. Il a fallu des jours de grève pour que vous les rencontriez et que vous assumiez vos responsabilités. Je vous avais demandé d'intervenir mais vous avez fait un pas en avant aujourd'hui et je vous en remercie, parce qu'hier encore, en commission, la majorité a refusé d'entendre les représentants des travailleurs, non pas pendant le conflit social mais par après. Je pense que nous devons préparer l'avenir pour ne plus connaître ces mêmes difficultés.

 

Qu'aujourd'hui, ici, nous devions exiger que bpost assume ses responsabilités de service public, c'est vous dire la dégradation du niveau de respect que ce gouvernement a eu vis-à-vis des travailleurs. Il faut pouvoir le dire aujourd'hui. J'ai connu une époque, il n'y a pas très longtemps, où ce qu'on attendait d'une entreprise publique, monsieur le vice-premier ministre, c'était d'être un modèle notamment à l'égard des hommes et des femmes qui sont tous les jours à son service.

 

Monsieur le ministre, il était temps que vous rappeliez à bpost qu'elle est avant tout au service de la population et non pas des actionnaires. Et je m'associe à l'hommage qui est rendu aux travailleurs. La force de bpost, ce sont ces milliers de travailleurs qui sont fiers d'y travailler et qui se lèvent très tôt le matin. C'est une entreprise qui ne dort jamais et qui offre des services attendus sur tout le territoire, de la côte belge, où on a du mal à recruter, à Anvers jusqu'au fin fond du Luxembourg où on attend son courrier.

 

Bpost est une entreprise publique qui doit rester un modèle. Je vous demande de continuer les contacts pour que nous puissions sortir de cette crise et retrouver la pleine puissance de cette entreprise publique dont nous pouvons légitimement être fiers.

 

03.18  David Geerts (sp.a): Mijnheer de minister, dank u voor uw antwoord.

 

U zegt vandaag dat u kennis hebt genomen van de werkomstandigheden en u hebt vastgesteld dat de werkomstandigheden slecht zijn. U zegt dat men de tak niet mag afzagen, waarop men zit. Maar wanneer het personeel vaststelt dat de tak waarop het zit, aan het rotten is, dan moet het ageren. Dat heeft niets te maken met het afzagen van een tak waarop men zit; dan is er sprake van een structureel probleem.

 

Sommige collega's verwijzen naar de winst. Bij bpost komt die tot op heden nog altijd van de brievenpost. Ondanks de groei is de pakjesmarkt nog altijd verlieslatend. Heb ook aandacht voor de transitie die in het bedrijf gaande is. Vandaar mijn vraag om te investeren in mensen en in het bedrijf. Toen begin de jaren 2000 een liberale minister CEO was van alle overheidsbedrijven, maar niets deed met bpost, waren er de meeste stakingsdagen. Daarna werd onder een verguisde, socialistische minister, geïnvesteerd in het bedrijf. Er werd enorm veel geld geïnvesteerd in nieuwe werkprocedures, met als resultaat dat wij als bijna enige in Europa een performant postbedrijf hebben. Focus op 2030. Investeer vandaag in mensen en in uw organisatie.

 

Nogmaals, u hebt als overheid 132 miljoen euro per jaar gekregen van bpost. Zorg ervoor dat u 25 % daarvan, met name 33 miljoen euro, investeert in de toekomst ervan.

 

03.19  Vanessa Matz (cdH): Monsieur le ministre, nous vous avons souvent reproché d'être au balcon dans ce dossier et de ne pas vous impliquer en tant que tel. Vous nous avez fait part de rencontres au cours desquelles vous avez essayé de rétablir la confiance.

 

Je regrette infiniment que vous ne nous ayez pas dit un mot des raisons pour lesquelles l'État avait maintenu son niveau de dividendes alors que la situation est ce qu'elle est, et que les chiffres montrent des conditions très mauvaises. Vous n'en avez pas dit un mot; or c'est votre principal levier pour agir. Pourquoi ne pas retirer une partie des dividendes afin de les réinvestir dans les conditions de travail? Vous dites vous-même que ce secteur doit rester concurrentiel. On sait que la concurrence est très rude, notamment dans la délivrance des colis. Vous pourriez poser ce geste très fort et décider différemment pour les dividendes.

 

Bpost a été une success story économique et un exemple de concertation sociale. Nous vous demandons de préserver ces deux acquis.

 

03.20  Patricia Ceysens (Open Vld): Mijnheer de minister, u hebt het helemaal bij het rechte eind als u zegt dat bpost besturen het laatste is wat u moet doen. In deze legislatuur hebben de regering en het Parlement bpost trouwens ook voorbereid voor de privatisering. Het bestellen van brieven en bezorgen van pakjes is naar onze mening geen overheidstaak. Wij willen niet terug naar de tijd van de RTT, waarin mensen bij de politiek moesten zijn om thuis een telefoonlijn geïnstalleerd te krijgen.

 

De brievenbedeling is een competitief veld aan het worden. De transitie zal leiden tot een logistieke speler in de e-commerce. Dat neemt niet weg dat wij allen, zoals ik mijn vraagstelling begon, de bezorgdheid over het personeelstekort en de werkdruk delen. In uw laatste zinsnede waarschuwde u ervoor om de tak waarop men zit niet af te zagen. Dat betekent dat dit bedrijf in de transitie gebracht moet worden en klaargestoomd moet worden om een logistieke speler te zijn in e-commerce. Dat is een competitief veld waarin een overheid niets te zoeken heeft.

 

03.21  Wim Van der Donckt (N-VA): Mijnheer de minister, hartelijk dank voor uw antwoord.

 

Het siert u dat u de nodige initiatieven hebt genomen om alsnog te interveniëren in het sociaal conflict, want de impasse kan inderdaad niet blijven aanslepen. Als de werkgever, het management en de vakbonden er niet uit geraken, dan denk ik dat er vanuit de regering toch wel ingegrepen zal moeten worden, want momenteel dreigt men niet alleen de tak af te zagen waarop men zit, maar zelfs de hele boom om te leggen. In dat verband kijk ik niet alleen naar de belangen van de werknemers zelf, die hun eigen bedrijf blijkbaar kapotmaken…

 

03.22  Kristof Calvo (Ecolo-Groen): (…)

 

De voorzitter: Laat u de heer Van der Donckt uitspreken, alstublieft.

 

De heer Van der Donckt heeft het woord.

 

03.23  Wim Van der Donckt (N-VA): Mijnheer Calvo, houd u even in. Als u daarnet geluisterd had, dan had u gehoord dat ik al zei dat het welzijn op de werkvloer uiteraard ook belangrijk is. Met stakingen zullen de werknemers er echter niet komen, op die manier zullen zij het bedrijf niet gezonder en niet concurrentiëler maken, wat nochtans wel nodig is.

 

Wij moeten vermijden dat er in dat dossier meer verliezers dan winnaars zijn. Op dit ogenblik, tijdens de periode van staking, is er maar één grote winnaar, namelijk PostNL. Bpost heeft de capaciteiten in huis om zelf winnaar te worden. Daar moeten wij voor zorgen en voor ijveren.

 

Mijnheer Hedebouw, u haalt een voorbeeld aan van veertien jaar interimwerk. Dat zal dan toch wel met goedkeuring van de vakbonden geweest zijn.

 

03.24  Benoît Piedboeuf (MR): Monsieur le ministre, merci d'avoir confirmé les contacts que vous avez entretenus. Nous le savions, mais il n'est pas nécessaire de faire un show médiatique quand on agit dans l'ombre: pas d'ingérence dans l'entreprise, mais une attention particulière. Vous avez pointé les difficultés, vous avez constaté le problème de recrutement de personnel, vous avez formulé des recommandations concernant le rétablissement de la paix sociale et du dialogue. Chacun doit maintenant prendre ses responsabilités, les syndicats comme la direction. En tant qu'observateur et acteur, si jamais la situation n'évolue pas positivement, vous devrez aller plus loin dans les initiatives.

 

03.25  Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, het is een interessant debat. Enerzijds, ben ik gerustgesteld door de eerder verzoenende toon van de minister die zegt het conflict te willen proberen oplossen, die begrip toont voor de moeilijke werksituatie op het terrein en die zegt dat er ook personeel moet worden aangeworven. Anderzijds hoor ik van de fracties van de meerderheid, van de liberalen, van de N-VA, mevrouw Ceysens, de heer Van der Donckt, een heel andere boodschap, geen enkel begrip voor de staking.

 

Ik daag jullie uit: ga eens mee op pad, sta op om 4.00 uur of 4.30 uur 's morgens, doe een ronde met de fiets of de bromfiets in weer en wind en kom dan eens terug naar hier. Dan hoor ik de echte liberale agenda, mijnheer Van Biesen, van mevrouw Ceysens. Eigenlijk is de boodschap: weg met bpost, stop dat bedrijf, wij privatiseren alles en alles zal beter zijn. Dat is de agenda die ik bij de liberalen heb gehoord. Wel, dat zal zonder ons zijn.

 

03.26  Veli Yüksel (CD&V): Mijnheer de minister, het is een goede zaak dat u met de directie en de vakbonden bent gaan praten. U zegt dat het conflict niet op de spits mag worden gedreven. Ja, maar de directie moet ook meer respect tonen voor het personeel want deze staking is niet uit de lucht komen vallen. Het is ook niet de eerste staking in de voorbije jaren bij bpost. Alle partijen moeten hun verantwoordelijkheid nemen om zo snel mogelijk tot een akkoord te komen.

 

Mijnheer de minister, we mogen onze ogen niet sluiten voor de realiteit. De brievenpost krimpt en de pakjesmarkt groeit. Ik denk dat bpost zich hierop goed moet voorbereiden. In het belang van het bedrijf en het belang van het personeel lijkt niets doen mij geen optie. Men moet iets doen, maar wel in dialoog en met respect voor de werknemers.

 

Ik zou sommige collega's willen oproepen om meer respect te tonen voor de postbodes die elke dag in moeilijke omstandigheden werken.

 

03.27  Gilles Vanden Burre (Ecolo-Groen): Monsieur le ministre, je vous remercie de votre réponse.

 

Tout comme d'autres collègues, je me réjouis que vous vous soyez installé à la table des discus­sions, où j'espère que vous aurez pu contribuer au retour du dialogue social au sein de cette entreprise. C'est une initiative que je ne peux que saluer.

 

Cela dit, au cours des six derniers mois, les collègues qui font partie de votre majorité ont - j'y insiste -, refusé par trois fois en commission de ne fût-ce qu'écouter et recevoir les syndicats. Nous avons entendu - et c'est logique -, le CEO en juin dernier et avons longuement discuté de manière très ouverte avec lui. J'ai parlé des six derniers mois. Par conséquent, le refus systématique de la majorité de recevoir les syndicats a été exprimé bien avant que les préavis de grève ne soient déposés. C'est honteux! Nous ne pouvons pas accepter ce signal envoyé par la majorité vers les travailleurs et les travailleuses.

 

Ensuite, certains collègues de la majorité oppo­sent systématiquement innovation et conditions sociales. Or on ne peut pas les considérer comme antagonistes. Pour nous, les écologistes, il est très clair que le modèle social et économique de bpost doit évoluer, dans la mesure où l'innovation représente incontestablement un avantage, mais ne doit pas s'effectuer sur le dos des travailleurs. C'est en alliant conditions sociales optimales, qualité du travail et innovation que bpost avancera et deviendra une entreprise publique pionnière et exemplaire.

 

C'est ce que nous souhaitons: investissons dans le personnel et les moyens humains!

 

03.28  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Mijnheer de minister, u zegt dat beide partijen meer moeten praten. Hebt u er een idee van hoelang de CEO gebleven is op de laatste verzoeningsvergadering met de vakbonden? Heeft hij het u gezegd of niet? Hij is 45 minuten gebleven. U zegt dat er gepraat moet worden, maar de CEO bleef maar 45 minuten, want hij had een andere belangrijke vergadering, beste collega's. Dat wist u niet, nietwaar? Er is een staking van vijf dagen aan de gang, maar de CEO van bpost zei dat hij een andere belangrijke vergadering had en trapte het na 45 minuten af.

 

Beste minister, wij hebben hier duidelijk te maken met een CEO die geen enkel, maar echt geen enkel plan heeft voor een sociale investering bij bpost. Wij hebben te maken met een CEO die gewoon provoceert. Hij zegt dat de postbodes uit hun comfortzone moeten treden.

 

Mijnheer de minister, ik vraag u om een duidelijk signaal te geven. Zo kan het niet verder, want in ons maatschappijmodel kan het niet zijn dat steeds meer werknemers zich in naam van de concurrentie gewoon kapot werken. Die nieuwe economie zal totale flexibiliteit vergen en voor slechte lonen zorgen. Dat is niet de maatschappij die men wil. Bpost moet dus de toon aangeven voor een opwaartse spiraal, in plaats van een neerwaartse spiraal naar slechte werkomstandig­heden in België.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

04 Questions jointes de

- Mme Sarah Schlitz à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique sur "la diminution du montant des amendes en matière de publicité sur le tabac" (n° P3197)

- Mme Catherine Fonck à la ministre des Affaires sociales et de la Santé publique sur "la diminution du montant des amendes en matière de publicité sur le tabac" (n° P3198)

04 Samengevoegde vragen van

- mevrouw Sarah Schlitz aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over "de verlaging van de boetes voor tabaksreclame" (nr. P3197)

- mevrouw Catherine Fonck aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over "de verlaging van de boetes voor tabaksreclame" (nr. P3198)

 

04.01  Sarah Schlitz (Ecolo-Groen): Monsieur le président, madame le ministre, le lobby du tabac a sabré le champagne la semaine dernière. En effet, en abaissant les amendes sur la publicité illégale pour le tabac de 80 000 à 2 000 euros, vous avez invité le lobby du tabac à persévérer dans ses manœuvres de contournement de la législation. Or, chez nous, la cigarette continue à tuer quinze mille personnes chaque année.

 

En Belgique, nous étions précurseurs en matière de lutte contre le tabagisme. Aujourd'hui, les études prouvent que nous sommes à la traîne. Avec cette nouvelle mesure, on assiste à un recul dans cette lutte.

 

Par ailleurs, il est dramatique de constater que le tabac séduit toujours plus de jeunes. Une étude menée dans différents pays a prouvé que près de 20 % des adolescents de quinze ans fument chaque jour.

 

Madame la ministre, j'ai lu dans la presse que vous affirmiez ne toucher ni à l'âge ni à l'interdiction de la cigarette dans certains lieux. Très bien, comme si la publicité était un élément annexe! Pourtant, la publicité n'est pas anodine. Diverses études démontrent que la publicité a des effets néfastes sur la santé, tant physique que mentale. Elle entraîne du stress, de l'obésité, de l'anorexie, de l'angoisse, et j'en passe.

 

On sait également que les jeunes sont plus sensibles à la publicité. Les publicitaires et le lobby du tabac le savent pertinemment. La stratégie des cigarettiers n'est pas de faire changer un consommateur de tabac de marque mais de convaincre de nouveaux fumeurs. Où vont-ils les chercher? Parmi les catégories les plus fragiles, les jeunes! Avec cette possibilité d'encore mieux contourner la législation, vous offrez sur un plateau d'argent au lobby du tabac l'occasion de séduire ces jeunes.

 

Madame la ministre, pourquoi avez-vous pris cette mesure? Comment comptez-vous déjouer les stratégies des multinationales du tabac, en particulier à l'égard du jeune public?

 

04.02  Catherine Fonck (cdH): Madame la ministre, en octobre dernier, ici même, après des débats tendus en commission, je m'étais fortement opposée à vous, à la majorité et au gouvernement puisque vous aviez entériné ce qui est sans doute, depuis 15 ans, le recul le plus important dans la lutte contre le tabac.

 

Comme un seul homme, la majorité a repoussé l'amendement que j'avais déposé dans l'intention d'introduire l'interdiction complète de la publicité pour le tabac. Si je vous réinterroge aujourd'hui, c'est parce que vous avez eu le culot, par voie de presse, de justifier l'injustifiable en prétendant avoir introduit une nouvelle amende. Ce n'est évidemment pas le cas, puisque vous vous êtes contentée de faire passer l'amende de 80 000 euros à 2 000 euros en cas de non-respect de l'interdiction de la publicité pour le tabac.

 

Monsieur Van Quickenborne, ne vous agitez pas comme cela, vous n'étiez pas dans la commission concernée.

 

En tant que ministre de la Santé, il vous incombait d'introduire une interdiction complète de la publicité. Vous faites l'inverse. Votre responsa­bilité n'est pas de favoriser la vente de tabac dans les petits commerces – qui écoulent 80 % du tabac vendu – mais plutôt d'adopter des mesures de soutien en leur faveur.

 

Allez-vous enfin changer de stratégie? Pouvons-nous enfin compter sur la majorité pour travailler en commission de la Santé sur des textes en matière de lutte contre le tabac?

 

Je reviendrai avec ma proposition de loi et j'ose espérer, madame la ministre, que vous vous comporterez d'abord comme une ministre de la Santé et non comme celle qui défend clairement le tabac.

 

04.03  Maggie De Block, ministre: Je suis fort surprise que cette mesure ait suscité tant d'attention.

 

Certains journaux – tout comme vous, madame Fonck – ont donné l'impression que j'opérais un recul dans la lutte contre le tabac.

 

En fait, c'est le contraire. Mon intention était de nous offrir davantage de possibilités de sanctionner les infractions aux règles en matière de publicité pour le tabac. Jusqu'il y a peu, les amendes étaient les mêmes pour tous, avec un seul tarif. Mes services n'étaient pas en mesure de faire la distinction entre, d'une part, un fabricant ou un grossiste en tabac et, d'autre part, un vendeur de journaux de quartier. Les amendes allaient de minimum 80 000 euros à maximum 800 000 euros, avec pour conséquence que seuls quelques pourcents de l'amende ont été réclamés ces dernières années, le reste étant suspendu par les tribunaux, car disproportionné.

 

Le service d'inspection du SPF Santé publique a attiré mon attention sur cette situation et a demandé une adaptation. Je devais élargir le dispositif des amendes. Seul le commerce de détail voit le montant de l'amende minimale diminué à 10 000 euros. En revanche, le montant maximum est maintenu à 800 000 euros. Pour tous les autres acteurs, l'industrie du tabac et les grossistes, les amendes sont inchangées.

 

Affirmer que je ménage les acteurs du tabac est totalement absurde. Demandez-leur ce qu'ils pensent de nos mesures et de l'introduction du paquet neutre! Grâce à cette adaptation, nous sommes en mesure de procéder à des rappels à l'ordre effectifs dans les commerces de détail et de lutter efficacement contre les infractions en matière de publicité pour le tabac.

 

04.04  Sarah Schlitz (Ecolo-Groen): Merci pour votre réponse, madame la ministre.

 

Je constate une fois de plus que la législation est complexe, et la mesure que vous venez de prendre ne la simplifie pas. Les lobbies des cigarettiers, malins comme ils sont, se servent de l'ambiguïté de la législation pour la contourner et utilisent cette complexité pour bénéficier de périodes transitoires retardant la suppression des dispositifs illégaux. On joue au chat et à la souris, et les inspecteurs n'ont pas assez de moyens pour faire appliquer la loi.

 

Madame la ministre, je vous demande de suppri­mer purement et simplement les dérogations à l'interdiction de publicité pour le tabac et de donner les moyens aux inspecteurs de faire leur travail.

 

04.05  Catherine Fonck (cdH): Madame la ministre, décidément, nous ne nous entendrons jamais sur ce sujet!

 

Vous savez, ou vous faites plutôt semblant de ne pas savoir, que la publicité reste un des leviers majeurs dans les mains des cigarettiers pour inciter le maximum de jeunes à commencer à fumer, et donc pour recruter le maximum de nouveaux clients.

 

Pour la ministre de la Santé que vous êtes, une seule mesure s'imposait: l'interdiction pure et dure de la publicité. Cela fait plus dix ans que la Belgique s'est engagée à le faire auprès de l'Organisation mondiale de la Santé. Résultat des courses: cet engagement n'est toujours pas respecté. Vous faites même exactement le contraire puisque vous reculez en la matière.

 

La décision que vous avez prise, la décision de votre majorité, n'est pas digne d'une politique de santé publique.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

05 Questions jointes de

- M. Frédéric Daerden au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3199)

- Mme Karin Temmerman au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3200)

- M. Vincent Van Quickenborne au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3201)

- Mme Isabelle Galant au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3202)

- M. Olivier Maingain au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3203)

- Mme Sonja Becq au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3204)

- M. Raoul Hedebouw au ministre des Pensions sur "la réforme des pensions en ce qui concerne les métiers pénibles" (n° P3205)

05 Samengevoegde vragen van

- de heer Frédéric Daerden aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3199)

- mevrouw Karin Temmerman aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3200)

- de heer Vincent Van Quickenborne aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3201)

- mevrouw Isabelle Galant aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3202)

- de heer Olivier Maingain aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3203)

- mevrouw Sonja Becq aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3204)

- de heer Raoul Hedebouw aan de minister van Pensioenen over "de regeling voor de zware beroepen in het kader van de pensioenhervorming" (nr. P3205)

 

05.01  Frédéric Daerden (PS): Monsieur le ministre, votre fin de mandat au ministère des Pensions est décidément très pénible. Rien ne va plus! Pension à points: congelée. Cotisation de solidarité: balayée. Pension à mi-temps: recalée. Pénibilité: rejetée.

 

C'était tellement prévisible. On vous l'a dit et répété: vous avez travaillé de travers et à l'envers. Au début de la législature, vous avez pris des mesures dures, injustes et sans réelle concer­tation, bâties sur un mensonge, comme le report non annoncé de l'âge légal de la pension à 67 ans. Cette mesure prise en début de législature concerne tout le monde.

 

Et maintenant, en fin de législature, les aménagements promis de cette mesure sont en rade. À l'époque, vous vouliez être rassurant. Vous disiez qu'il serait tenu compte de la pénibilité. Aujourd'hui, il n'y a pas d'accord, ni de la part des partenaires sociaux, ni des partis de votre majorité sur la liste des métiers pénibles. Les travailleurs et les pensionnés qui sont descendus par dizaines de milliers dans les rues doivent être encore plus inquiets aujourd'hui que jamais.

 

Monsieur le ministre, pouvez-vous dire, cet après-midi, à une infirmière, en la regardant dans les yeux, qu'elle ne travaillera pas jusqu'à 67 ans? Pouvez-vous dire la même chose à un métallo, à une puéricultrice, à un maçon? En fait, vous avez réformé les pensions sur leur dos, au bénéfice des fonds de pension.

 

Ma question est simple et claire. Allez-vous enfin revenir à la raison et vous mettre à l'écoute des partenaires sociaux et des pensionnés? Allez-vous revenir avec une réforme globale qui tienne compte de l'espérance de vie en bonne santé, qui est d'à peine 65 ans?

 

05.02  Karin Temmerman (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, hier staan we weer. Wij hebben u een drietal weken geleden al ondervraagd over de zware beroepen. Het blijft een verhaal waarover wij het telkens opnieuw moeten hebben.

 

Het begint in 2015, wanneer u de pensioenleeftijd optrekt tot 67 jaar. Dit moest heel snel door het Parlement. U herinnert zich de nachtelijke vergaderingen die wij moesten doorstaan om dit er snel door te krijgen. Veel collega's uit de oppositie hebben toen gezegd dat werken tot 67 jaar voor een aantal beroepen onhaalbaar is. Voor verpleegsters, bouwvakkers en postboden is dit onhaalbaar. Telkens was uw antwoord dat wij niet ongerust hoefden te zijn, want dat er voor de zware beroepen een uitzondering zou worden gemaakt. Meer nog, u hebt in 2015 gezegd dat de criteria zouden worden vastgelegd en dat er op het einde van dat jaar een akkoord over de zware beroepen zou zijn.

 

Mijnheer de minister, het is 2018 en wij hebben geen akkoord. Ik denk dat iedereen het erover eens is dat de leeftijd voor iedereen gelijkmatig verhogen onrechtvaardig is. Voor mensen met een hoog diploma zijn de verwachte levensjaren in gezondheid op het moment dat ze 50 jaar zijn gemiddeld 21 jaar. Voor mensen met een laag diploma is dat 13 jaar. Dat wil zeggen dat laaggeschoolden vanaf 63 jaar gezondheids­problemen beginnen te krijgen. Mijnheer de minister, dat moet u er toch van overtuigen dat werken tot 67 jaar niet voor iedereen haalbaar is.

 

U hebt geen akkoord omdat u hebt gezegd dat dit binnen een budgettaire enveloppe moest passen. U hebt de criteria achteraf bepaald. Eerst het budget en dan de criteria.

 

Hier wordt zeer zwaar aan getild door de Raad van State. Dit wil immers zeggen dat men omgekeerd te werk gaat. Het is dan ook normaal dat er geen akkoord kon worden bereikt.

 

Mijnheer de minister, wat gaat u nu doen? U zegt dat u een akkoord hebt voor het overheids­personeel. U hebt helemaal geen akkoord. Twee vakbonden hadden een akkoord met u, maar onmiddellijk verklaarden de Open Vld en de N-VA zich hier niet mee eens. Vervolgens was er het circus met de lijst. Maakt de lijst deel uit van het akkoord, of niet?

 

Mijn vragen zijn dus kort en bondig. Hebt u een lijst? Maakt de lijst deel uit van het akkoord? Wat gaat u doen met de privésector? Op welke manier gaat u die zware beroepen vastleggen?

 

05.03  Vincent Van Quickenborne (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, over een zaak zijn we het eens: sinds 2011 werken we aan een eerlijker pensioen­systeem. Door wat langer te werken, willen wij iedereen een beter pensioen geven. Dat is de filosofie. Wij doen dit omdat wij mensen geen schrik willen laten hebben voor hun oude dag en ook de volgende generaties de garantie willen geven op een goed pensioen.

 

Wij beseffen uiteraard allemaal dat mensen die niet verder hebben kunnen studeren en jarenlang een zware job hebben uitgevoerd, niet kunnen doorgaan tot aan de normale pensioenleeftijd. Om die reden menen wij dat er een regeling moet komen voor die zware beroepen. Dat is sociaal.

 

Zo'n systeem moet echter objectief en recht­vaardig zijn. Objectief betekent dat objectief moet kunnen worden aangetoond dat een beroep daadwerkelijk zwaar is. Het moet met andere woorden gaan om een echt zware taak. Dit betekent niet dat er ellenlange lijsten moeten worden opgesteld waarbij zij die syndicaal goed vertegenwoordigd zijn op die lijst terechtkomen terwijl anderen dan maar de prijs moeten betalen. Het systeem moet daarnaast ook rechtvaardig zijn. Met andere woorden, het moet gelijk zijn voor werknemers, zelfstandigen en ambtenaren. Er mogen geen verschillende regels bestaan voor die verschillende groepen.

 

Mijnheer de minister, er is ook nood aan eerlijk­heid. Zij die hier vandaag beweren en blijven beweren, week na week, dat iedereen tot aan zijn 67 jaar zal moeten werken, liegen. Zij die beginnen werken vanaf 18, 19 of 20 jaar zullen in 2030 kunnen stoppen op 65 jaar. Dat is de realiteit, nog steeds. Mensen die studeren of beginnen te werken op 21 of 22 jaar zullen langer moeten werken. Dat is juist. Maar dat gaat over een bepaalde groep, niet over de mensen naar wie hier verwezen wordt. Collega's, eerlijk gezegd, die leugens hier hangen soms mijn keel uit.

 

Mijnheer de minister, de sociale partners hebben opnieuw geprobeerd om een akkoord te vinden. Het is hen opnieuw niet gelukt. De bal ligt nu in het kamp van de regering, in uw kamp. De vraag is hoe u, vóór de verkiezingen van 26 mei 2019, tot een akkoord zult komen dat sociaal, objectief en rechtvaardig is? Hoe gaat u dat doen?

 

Ik ben, samen met velen, zeer benieuwd naar uw antwoord.

 

05.04  Isabelle Galant (MR): Monsieur le président, monsieur le ministre, le couperet est donc tombé hier. Les partenaires sociaux ne sont pas parvenus à s'entendre et à définir une ligne claire dans le dossier de la reconnaissance de la pénibilité dans le secteur privé.

 

Cela est regrettable pour deux raisons principales. D'une part, parce qu'au niveau du secteur public, un préaccord a été trouvé. Ce préaccord a même été validé par deux syndicats sur trois en fin de négociation sociale. Je ne retracerai évidemment pas tout l'historique. Cependant, je voudrais rappeler que ce dossier est sur la table depuis deux ans, que des avancées ont été enregistrées comme la définition des critères de pénibilité par le Comité national des Pensions, la budgétisation pour la reconnaissance de la pénibilité, et la conclusion d'un accord pour le secteur public.

 

D'autre part, cette situation est vraiment regrettable dans la mesure où l'on ne pourra pas vous reprocher d'avoir favorisé ici aussi la concertation entre les partenaires sociaux au sein du Conseil national du Travail. Ils ont, en principe, deux mois pour rendre un avis. Vous avez reporté l'échéance à plusieurs reprises en fixant la deadline au 15 novembre prochain. Mais force est de constater que c'est un échec et que les posi­tions paraissent, aujourd'hui, aussi divergentes qu'inconciliables.

 

Monsieur le ministre, je souhaiterais donc vous entendre sur l'état de la concertation sociale à ce stade et sur l'analyse que vous en faites.

 

Le président: Je ne vois pas M. Maingain.

 

Dan is het woord aan mevrouw Becq.

 

05.05  Sonja Becq (CD&V): Mijnheer de minister, we hebben via de pers vernomen dat er in het bureau van de Nationale Arbeidsraad een verdeeld advies zou zijn uitgebracht voor de privésector omtrent de regeling van de zware beroepen, maar er ligt effectief wel een voorstel op tafel voor de overheidssector. De vakbonden hebben daar hun nek uitgestoken en hebben samen met u een voorstel gedaan voor een aantal beroepen op grond van de afgesproken criteria. Ook voor de sector van de zelfstandigen was er een verdeeld advies. Toch zijn de vertegenwoordigers van die sector erin geslaagd om werkpistes naar voren te schuiven en daarmee geven ze aan hoe de concretisering er volgens hen zou moeten uitzien.

 

Mijnheer de minister, ik meen dat u samen met de premier het voortouw moet durven nemen. U moet stellen het belangrijk te vinden om niet met een verdeeld advies verder te gaan en ervoor te zorgen dat er effectief een consensus en een draagvlak kunnen komen. Deze regering heeft immers een engagement genomen. Voortgaand op de verwezenlijkingen van de vorige legislatuur is er een verdere versterking gekomen van het langer werken. De leeftijd van 67 en 66 jaar is effectief naar voren geschoven maar een periode van 45 jaar blijft nog altijd een volledige loopbaan. Dat wil zeggen dat men niet tot 67 moet blijven werken als men al een volledige loopbaan heeft. Bovendien gaat het hierbij over 2030.

 

Het engagement was er wel om dit langer werken op termijn te compenseren door een regeling voor de zware beroepen. Deze regering heeft dat engagement genomen en wij vinden het belangrijk dat dit verder wordt uitgevoerd. Het moet worden uitgevoerd vanuit een gemeenschappelijk draagvlak. We moeten er zeker van zijn dat de mensen die erbij betrokken zijn het ook mee dragen. Ik denk hierbij aan twee van de drie vakbonden die hun nek hebben uitgestoken voor het akkoord in de overheidssector. Tegelijkertijd is het even belangrijk dat er zowel voor de werknemers, de zelfstandigen als voor de overheid een gezamenlijke regeling komt zodat men niet discrimineert. Men moet effectief op dezelfde lijn zitten. Even belangrijk in dit hele verhaal is dat men de bijzondere regeling van de tantièmes niet terugschroeft vooraleer men een regeling voor de zware beroepen heeft. Dat is een belangrijke factor in de voorwaarden om een akkoord te bereiken.

 

Mijnheer de minister, op welke manier zult u aan dit dossier verder werken om effectief tot een gedragen voorstel te komen?

 

05.06  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Monsieur le ministre, vous dites que les organisations syndicales ont raconté que tout le monde devrait travailler jusque 67 ans. En début de législature, vous aviez dit que seuls 5 à 10 % des gens allaient devoir travailler jusque 67 ans. Aujourd'hui, vous n'avez toujours pas pu prouver ce chiffre. En fait, il n'est basé sur rien.

 

S'agissant de mensonges qui ont été faits à la population, vous avez vous-même avancé le chiffre de 5 à 10 %. Ne fût-ce que les femmes n'ont pas cette carrière de 42 ans qui leur permettrait de partir plus tôt. Là, vous êtes vraiment dans le mensonge. En fait, vous êtes incapable de démontrer que cela sera seulement 5 à 10 %. La raison est très simple: c'est que la question du nombre de personnes qui devront travailler jusque 67 ans se négocie actuellement.

 

Au début de la législature, vous avez fait un mensonge. Vous deviez répondre à tous ces gens inquiets de la hausse de l'âge de la pension à 67 ans.

 

Première question, monsieur le ministre: êtes-vous déjà plus avancé sur les faits appuyant ce chiffre de 5 à 10 %? Votre premier ministre nous a parlé du fact-check. Quels faits vous permettent-ils de prouver que cela ne sera que 5 à 10 %?

 

Deuxième question: vous avez annoncé qu'il n'y aurait pas de perte de pension. Il y a deux aspects dans le coefficient multiplicateur, dont celui de l'âge lors du départ à la pension et dont nous débattons aujourd'hui. Pouvez-vous confirmer que quelqu'un qui prendra sa pension à 60 ans, avec 38 ans de carrière, perdra bel et bien de la pension? En effet, ce coefficient ne va pas peser sur le montant de la pension. Le système préalable, avec les prépensions, prévoyait une assimilation globale sur la carrière. Pouvez-vous nous confirmer que quelqu'un qui aura une carrière par exemple de 60-38, 60-39 ou 60-40, perdra bien de la pension par rapport au règlement précédent?

 

Troisième question: au sujet de la pénibilité, il est très clair qu'à 67 ans, quasiment tous les métiers vont être pénibles, dans une économie productive telle que nous la connaissons aujourd'hui.

 

Als men 67 jaar is, worden alle jobs zwaar. Dat is precies het probleem!

 

Au vu de cette inégalité par rapport à la mort dont les collègues ont parlé ici tout à l'heure – dix-huit ans d'espérance de vie différente en fonction du diplôme obtenu –, allez-vous à présent prendre position pour les travailleurs dans ce dossier-là ou allez-vous, avant la fin de la législature, prendre la position du patronat?

 

C'est la question que je veux vous poser, monsieur le ministre.

 

05.07  Daniel Bacquelaine, ministre: Monsieur le président, chers collègues, je vous remercie pour vos questions.

 

Comme vous, j'ai évidemment pris connaissance de l'échec des négociations entre les employeurs et les syndicats sur la définition d'une liste de fonctions pénibles dans le secteur privé. Je rappelle que l'avis du Conseil national du Travail qui sera donc divisé doit m'être rendu pour le 15 novembre 2018. Il me sera communiqué le 14 novembre prochain. Ainsi les avis des différents partenaires seront exprimés clairement sur papier et nous pourrons en avoir une meilleure connaissance.

 

Je regrette bien entendu cet échec. Il m'était revenu que les discussions entre les partenaires sociaux étaient plutôt constructives. Leur durée, cinq mois déjà, pouvait légitimement laisser espérer qu'un accord, au moins sur certains éléments, puisse intervenir.

 

Het sociaal overleg over deze hervorming was uitgebreid. Ik herinner eraan dat de eerste gesprekken met de sociale partners over de zware functies in oktober 2015 werden opgestart, onmiddellijk na de oprichting van het Nationaal Pensioencomité (NPC).

 

Ces discussions ont abouti, en date du 12 septembre 2016, à un rapport définissant notamment les quatre catégories de critères de pénibilité. Au début de l'année 2017, les partenaires sociaux du secteur privé ont indiqué leur volonté de poursuivre les discussions sur la définition et la mise en œuvre des critères de pénibilité dans la réglementation sur les pensions. En octobre, après neuf mois de discussions, il a bien fallu constater, déjà à l'époque, que les points de vue étaient trop éloignés.

 

Les discussions se sont cependant poursuivies de manière constructive entre les autorités et les représentants des syndicats de la fonction publique au sein de la Commission du secteur public au sein du Comité national des Pensions.

 

Deze gesprekken hebben het secretariaat van het NPC toegelaten een synthesenota op te stellen, die aan de basis ligt van het wetsontwerp over het in aanmerking nemen van de zware functies.

 

Ce projet de loi a ensuite fait l'objet d'un accord avec deux des trois syndicats représentés au Comité A. Je parle bien du projet de loi. Je constate que la concertation avec les syndicats de la fonction publique a permis des avancées importantes, alors que la concertation entre les partenaires sociaux du secteur privé s'est révélée nettement plus difficile.

 

Je ferai bien entendu rapport de l'avis du Conseil national du Travail aux partenaires du gouvernement, gouvernement qui décidera de la suite à y donner. Je souhaite par ailleurs rencontrer les partenaires sociaux afin de bien mesurer leurs divergences et toutes les nuances des différents points de vue.

 

In antwoord op de vragen van mevrouw Becq wil ik onderstrepen dat volgens de notificatie van de beslissing van de Ministerraad, die het wetsontwerp in eerste lezing goedkeurt, de tantièmes en de preferentiële stelsels pas zullen worden afgeschaft wanneer het koninklijk besluit tot vaststelling van de lijst van zware functies in de publieke sector in werking treedt. Het gaat trouwens om een engagement dat de regering in het kader van het in het Comité A gesloten protocolakkoord heeft genomen. De notificatie garandeert bovendien ook de overeenstemming in zowel de publieke als de private sector van de erkende zware functies.

 

Ayant entendu M. Hedebouw, je voudrais par ailleurs réaffirmer que, sur la base des nouvelles dispositions, le travailleur qui décidera d'anticiper son départ à la retraite ne percevra pas un montant de pension moindre. En effet, le projet de loi ne change rien au mode de calcul de celle-ci. Il bénéficiera d'une pension calculée – au moment de son départ à la retraite – en fonction du nombre d'années de carrière, comme cela a toujours été le cas.

 

Indien de werknemer die een erkenning van zwaar werk geniet daarentegen de keuze maakt zijn beroepsloopbaan voort te zetten, zal hij aanspraak kunnen maken op een pensioen dat hoger ligt dan datgene dat hij vandaag geniet.

 

Monsieur Daerden, vous avez évoqué les avis rendus par le Comité de gestion du Service fédéral Pensions à propos de la pension partielle et de la cotisation de solidarité. Je vais être franc avec vous, j'ai l'impression que certains membres du Comité de gestion sont plus intéressés par la politique que par la défense des intérêts de ceux qu'ils représentent. Il y en a même d'ailleurs qui proposent de constituer des listes électorales lors des prochaines élections et qui s'occupent davantage de leurs tweets et de Facebook que de la gestion du Comité. Le travail du Comité de gestion s'en ressent évidemment. Lorsque je lis les derniers avis du Comité de gestion, je me pose d'ailleurs parfois des questions sur la bonne compréhension des dossiers.

 

Ce ne sont en tout cas pas les communiqués de presse diffusés à l'issue du Comité de gestion qui m'empêcheront de faire avancer ces deux projets essentiels et positifs pour bon nombre de nos concitoyens, parce que j'estime qu'il y a des moments où il faut pouvoir prendre ses responsabilités et faire primer l'intérêt général sur toute autre considération.

 

05.08  Frédéric Daerden (PS): Monsieur le ministre, vous critiquez les représentants des travailleurs au Comité de gestion. Ici, sur la pénibilité, ce sont les représentants des employeurs qui ont claqué la porte! Monsieur le ministre, soyez enfin à l'écoute du monde du travail! Vous allez le rencontrer et je m'en réjouis. J'espère que vous allez enfin l'écouter!

 

Regardez simplement la réalité! Nos pensions sont parmi les plus basses d'Europe. Une femme pensionnée sur deux survit sous le seuil de pauvreté. Vous ne pouvez pas forcer à travailler au-delà de l'espérance de vie en bonne santé. Vous ne pouvez pas forcer les travailleurs à échanger leur santé contre un bonus de pension, parce que c'est cela que vous voulez mettre en place. Vous ne pouvez pas détricoter le premier pilier de pension au bénéfice des assureurs privés.

 

Monsieur le ministre, revenez à la raison! Sup­primez le report de la pension à 67 ans! Cessez d'ignorer les revendications des travailleurs et des pensionnés! Monsieur Bacquelaine, il est temps de changer de logiciel pensions!

 

05.09  Karin Temmerman (sp.a): Mijnheer de minister, als een boekhouder hebt u hier de mislukking uiteengezet. U hebt de historiek van wat de jongste maanden gebeurd is nog eens aange­haald. Wij hebben dat allemaal kunnen lezen in de krant, en u moest het ons dus niet uitleggen. De ongerustheid bij de mensen, die hebt u echter totaal niet weggenomen. U geeft geen enkele oplossing.

 

U zegt een en ander te zullen bekijken met de regering. Wat zult u nu precies bekijken? Is er een akkoord over de overheidsdiensten, ja of nee? Hebt u daarop geantwoord? Nee. Is er een akkoord over de lijst? Maakt deze deel uit van het akkoord? Hebt u daarop geantwoord? Nee. U laat alles in het vage, om dan nog maar te spreken over de privésector.

 

U zegt dat de sociale partners niet weten waarover zij praten. Wel, misschien moet u het advies van de Raad van State nog eens herlezen. Wat besluit de Raad van State over uw project? De Raad van State zegt dat, gelet op de veel­vuldige vragen inzake de overeenstemming van bepaalde onderdelen, het voorontwerp van wet in zijn geheel aan een grondig bijkomend onderzoek moet worden onderworpen.

 

Nogmaals, mijnheer de minister, de mensen verwachten van u een duidelijk antwoord. Degenen die een zwaar beroep uitoefenen, weten nog altijd niet hoelang zij zullen moeten werken. Dat moet u regelen als minister, en niet de schuld op iemand anders steken. U bent ter zake verantwoordelijk en van u wordt een antwoord verwacht.

 

05.10  Vincent Van Quickenborne (Open Vld): Mijnheer de minister, ik vond het eerlijk gezegd wel interessant dat u de historiek van dit dossier aanhaalde, omdat het publiek alzo te weten komt waarom de zaken allemaal zo lang moeten aanslepen in dit land. Met alle sympathie, maar als men de hervormingen inzake pensioenen had overgelaten aan de sociale partners, dan was er waarschijnlijk niet veel gebeurd in deze legislatuur. Dat is de realiteit!

 

Vervolgens vind ik het goed en belangrijk dat u uitdrukkelijk zei dat de publieke sector en de privésector gelijk behandeld zullen worden. In het verleden is dat anders geweest. Wij moeten komaf maken met privileges die geen stand kunnen houden.

 

Mevrouw Becq, u verwees naar de tantièmes en u zei dat de regering ermee akkoord gaat om de tantièmes pas af te schaffen wanneer er een akkoord is over deze regeling. Ik ben het daarmee eens, op voorwaarde evenwel dat de regeling inzake de zware beroepen geen tantièmeregeling bis wordt. Als het er gewoon om gaat de tantièmes van vroeger, van 1844, te vervangen door nieuwe tantièmes, onder de naam zware beroepen, doen wij niet mee.

 

Een hervorming is pas een hervorming als er iets veranderd wordt, niet als alles hetzelfde blijft.

 

05.11  Isabelle Galant (MR): Monsieur le ministre, je vous remercie pour toutes ces informations.

 

J'ai bien entendu que vous attendiez désormais l'avis motivé du CNT, qui vous permettra de comprendre au mieux les raisons de cet échec et d'analyser les divergences de points de vue qui y ont conduit. Sans ce préalable, je conviens, monsieur le ministre, qu'il vous soit aujourd'hui impossible de définir la suite que vous allez réserver à ce dossier.

 

Je rappellerai, à vous, chers collègues, mais aussi aux partenaires sociaux, qu'il en va de l'intérêt de tous les travailleurs et des futurs retraités de pouvoir trouver une solution globale en vue de reconnaître la pénibilité. Cela doit se faire en dehors de toute idéologie partisane et de tout calendrier électoral; et ce, en vue de la valorisation de cette pénibilité, qui pourra être prise en compte pour un départ anticipé à la retraite ou bien pour une amélioration supplémentaire en termes de droits de pension.

 

En bref, il en va du bien-être du travailleur en fin de carrière.

 

05.12  Sonja Becq (CD&V): Mijnheer de minister, u zegt dat u de sociale partners zult ontmoeten. U had het er ook over dat men verantwoordelijkheid moet opnemen. Welnu, een minister, een regering die dat doet, zorgt ervoor dat zijn beslissingen tegemoetkomen aan de vragen op het terrein en kunnen rekenen op een zo groot mogelijk draagvlak. Dat betekent ook, mijnheer Van Quickenborne, dat zij dit doen in overleg met de sociale partners, de werkgevers en de werknemers. Wij vinden het immers belangrijk dat er inderdaad in de samenleving een draagvlak is voor de gekozen aanpak.

 

Zelfs al duurt het proces zo wat langer, dan blijf ik dat nog even belangrijk vinden, mijnheer Van Quickenborne. Waarom vind ik dat belangrijk en ik refereer aan uw verhaal van de tantièmes? Dat is omdat ik het belangrijker vind dat de hervorming echt ten goede komt aan al wie zwaar werk levert, dan te kunnen zeggen dat we een en ander hebben afgeschaft en de ambtenaren wat pijn hebben kunnen doen.

 

05.13  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Monsieur le ministre, vous devriez être au-dessus de la mêlée. Or, la première chose que vous faites en donnant votre réponse, c'est de fustiger le représentant de la FGTB au comité de gestion, de démontrer qu'il n'est pas là pour défendre les intérêts des travailleurs. Alors que c'est tout le contraire qui se passe avec tous les chiffres qu'il a mis en avant!

 

En réalité, c'est cela qui vous ennuie! Depuis trois ou quatre ans, avec le boulot qu'il fait, il démonte point par point votre réforme, avec des chiffres que vous n'arrivez pas à réfuter. Cela vous agace. C'est mesquin de vouloir viser l'homme alors que vous devriez, en tant que ministre, être au-dessus de la mêlée et agir d'abord dans l'intérêt de tous les travailleurs.

 

Par ailleurs, vous n'avez pas pu répondre à la question relative aux 5 et 10 % jusque 67 ans. Votre réponse était déjà préparée. C'est à se demander comment vous connaissez nos questions à l'avance!

 

Vous ne savez pas répondre à cette question car il s'agit de l'enjeu actuel des débats, connaître combien de personnes bénéficieront d'une exception. Vous indiquez que l'enveloppe fixée à 70 millions sera fermée mais cette enveloppe ne permet pas de juger quel métier sera concerné en fonction de la pénibilité. C'est donc bien la preuve que vous venez avec un dogme économique et financier, sans aucun souci pour le bien-être du travailleur.

 

J'espère sincèrement que vous allez changer votre politique dans les années à venir.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

06 Question de M. Raoul Hedebouw au premier ministre sur "l'augmentation du prix de l'essence et du diesel" (n° P3185)

06 Vraag van de heer Raoul Hedebouw aan de eerste minister over "de verhoging van de benzine- en dieselprijzen" (nr. P3185)

 

Le président: La réponse sera fournie par le ministre des Finances.

 

06.01  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Monsieur le président, monsieur le ministre, comme vous le savez, je voulais poser ma question au premier ministre. En effet, il s'agit d'une question importante puisqu'elle concerne l'augmentation du prix de l'essence et du diesel qui devient insupportable. Je suis donc très en colère que le premier ministre ait refusé de répondre à ma question.

 

Vous êtes le ministre des Finances. Je déduis donc que, pour le gouvernement, la question de l'essence et du diesel est, avant tout, une question d'argent et de finance.

 

Je souhaitais poser une question sur les alter­natives écologiques, sur l'indexation. Mais c'est vous qui êtes là pour me répondre uniquement sur l'aspect business.

 

Je ne suis pas d'accord avec la décision qui a été prise. Mais je vais quand même vous poser ma question, même si je trouve inacceptable que le premier ministre refuse de répondre à une question qui concerne l'ensemble des Belges.

 

Chers collègues, la situation est grave. Les augmentations sont énormes: 20,8 % d'augmen­tation pour le diesel, 10 % pour l'essence. Aujourd'hui, quand on fait un plein d'essence, on "sent passer" les 5 ou 6 euros en plus. Il est vrai que je ne suis pas convaincu que vous les sentiez tous passer! En effet, en tant que députés, vous gagnez 5 000 euros par mois. Mais pour les gens qui gagnent 1 300 ou 1 400 euros, 5 ou 6 euros en plus par plein, c'est énorme.

 

Nous avons fait le calcul, chers collègues. Cela coûtera 300 euros en plus par an par travailleur alors qu'aucune alternative écologique n'est proposée à ces travailleurs qui doivent être à 6 heures du matin sur leur lieu de travail, qui doivent assurer les déplacements de leurs enfants, etc.

 

La question qui se pose est de savoir quelle solution apporter au problème? Le PTB en a une à vous proposer.

 

Dans les années 90, il existait un mécanisme très clair, qui était celui de l'indexation automatique des salaires qui intégrait également les augmentations de l'essence et du diesel. C'était logique! Ce n'est pas au travailleur de payer l'inflation. Ce n'est pas au travailleur de payer les augmentations de prix. Donc, l'essence et le diesel doivent être repris dans le panier de la ménagère. Mais les partis politiques – et ce n'étaient pas seulement des partis politique de droite – ont décidé de prévoir un index santé et de retirer de l'index l'essence et le diesel, prétendument pour la santé des gens. Cela veut dire, chers collègues, que toutes les augmen­tations des carburants ne se retrouvent plus dans les salaires, ce qui est tout à fait inacceptable.

 

Monsieur le ministre, que pensez-vous d'une réintroduction de l'essence et du diesel dans l'indexation de manière à ce que l'augmentation des salaires aille de pair avec la vraie augmentation du coût de la vie?

 

06.02  Johan Van Overtveldt, ministre: Monsieur le président, cher collègue, vous savez certainement qu'une hausse du prix de l'essence est surtout déterminée par ce qui se passe sur les marchés du crude oil.

 

Depuis environ deux ans, on connaît une augmentation allant de 40 à 80 dollars, comme c'était le cas il y a un mois. Aujourd'hui, il est question de 70 dollars, ce qui va se refléter dans les jours et mois à venir.

 

Er is inderdaad een effect op de koopkracht, een effect dat in het systeem van de gezondheidsindex buiten de indexering en de aanpassing van de lonen valt.

 

Ondertussen was er ook de taxshift. De taxshift werd in de zomer van 2015 goedgekeurd en komt begin volgend jaar in zijn laatste uitrolfase. Dat betekent dat begin 2019 iemand met een minimumloon er netto 31 euro per maand op vooruitgaat. Iemand met een gemiddeld loon krijgt er 23 euro per maand bij. Over het geheel van de taxshift betekent dit dat iemand met een minimumloon 1 752 euro per jaar erbij krijgt. Ik heb u daarnet een cijfer horen noemen over de gestegen benzineprijzen, die voor een groot stuk een reflectie zijn van een veel hogere internationale prijs, die ondertussen in dalende lijn zit. Dat cijfer is iets minder dan de 1 752 euro die ik net vernoemd heb.

 

Ik heb nog een klein cijfer, dat zeer belangrijk is, met name de stijging van het reëel beschikbaar inkomen. Mijnheer Hedebouw, een reëel beschikbaar inkomen is een inkomen na inflatie, en dus ook na belastingen. Een belasting is immers pas een koopkrachtverlies als deze zich ook reflecteert in een prijsverhoging. De stijging van het reëel beschikbaar inkomen dit jaar zal, niet volgens mij maar volgens het Planbureau, 1,8 % zijn en volgend jaar 1,9 %. Ik denk dus dat inzake de koopkracht, ook met de stijging van de energieprijzen, de mensen er nog steeds reëel op vooruitgaan.

 

06.03  Raoul Hedebouw (PTB-GO!): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, de Vlamingen zullen het echt fijn vinden te horen te krijgen dat een N-VA-minister zegt dat de koopkracht verhoogt en dat men droomt wat men voelt aan de benzinepomp. Het leven gaat fijn door en de koopkracht stijgt. Hoe kunt u dat hier komen vertellen? Het is gewoon niet te doen.

 

U spreekt over cijfers, welnu, ik zal u cijfers geven. U zegt dat het de wereldmarkt is die de cijfers bepaalt. Dat is helemaal niet waar. Echt bepalend zijn de winsten van de petroleumbedrijven. Die winsten zijn nog nooit zo hoog geweest: ExxonMobil heeft met 15,4 miljard euro winst vorig jaar nog nooit zo'n grote winst gehad; Shell had een winst van 10,5 miljard euro; BP van 2,7 miljard en Total Fina had een winst van 6,7 miljard euro. Het is gewoon business.

 

Waar komt dat geld vandaan, beste N-VA'ers? Uit de zakken van de Vlamingen. En wat doet u? Niets. U spreekt over de taxshift, maar die taxshift wordt gewoon opgevreten.

 

Mijnheer de minister, u hebt gezegd dat de lonen gewoon geblokkeerd blijven en dat de index geen rekening houdt met de hoge prijs van de petroleumproducten. Mijnheer de minister, laat de lonen stijgen met hetzelfde peil als de inflatie en de prijs van de petroleumproducten, en niet dalen, want wij hebben geen geld meer!

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

07 Vraag van de heer Werner Janssen aan de minister van Energie, Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling over "de strijd tegen ivoorhandel" (nr. P3206)

07 Question de M. Werner Janssen à la ministre de l'Énergie, de l'Environnement et du Développement durable, sur "“la lutte contre le commerce de l'ivoire" (n° P3206)

 

07.01  Werner Janssen (N-VA): Mevrouw de minister, gisteren heeft het WWF in ons huis verontrustende cijfers over de handel in beschermde dieren- en plantensoorten en over de ivoorhandel en transit in ivoor voorgesteld.

 

De wereldwijde olifantenpopulatie staat op de rand van de afgrond. In het begin van de 19e eeuw waren er nog 26 miljoen olifanten. Nu zijn het er nog, afhankelijk van de bron, 300 000 à 500 000. Als men weet dat er elk jaar 30 000 olifanten worden afgeslacht voor hun ivoor, dan hoeft geen betoog dat hun aantal verontrustend nog verder daalt. De stroperij en internationale ivoorhandel worden gecontroleerd door criminele en terro­ristische organisaties, die er jaarlijks miljarden euro's aan verdienen. Afrikaanse landen vragen Europa al jaren om zijn interne ivoormarkt te sluiten, met weinig succes echter. Alleen de uitvoer van ruw ivoor werd in juli 2017 door de Europese Commissie verboden.

 

In juni diende onze fractie een wetsvoorstel in om de ivoorhandel in dit land streng aan banden te leggen. Wij bepleiten een verbod op de in- en uitvoer van ivoor, behoudens enkele welbepaalde uitzonderingen. Wij willen de handel in ruw ivoor verbieden, evenals de handel in bewerkt ivoor van voor 1975. Wij vragen ook om de straffen op ivoorsmokkel te verzwaren.

 

Binnenkort zal het Verenigd Koninkrijk een van de strengste ivoorwetten ter wereld goedkeuren. Ook in Frankrijk en Nederland werden de in- en uitvoer van en de interne handel in ivoor streng aan banden gelegd. De vraag is of onze huidige Belgische regels nog wel geschikt zijn voor de golf van stroperij van vandaag. Het mag zeker niet de bedoeling zijn om de eigenaars van ivoor te culpabiliseren of om excessieve restricties op te leggen aan de verkoop van antiek ivoor of familiaal bezit. Het is ook niet de bedoeling om kritiek te geven op de Belgische CITES-dienst. Die levert bijzonder goed werk. Onze bedoeling is alleen te bekijken hoe wij die dienst nog meer instrumenten kunnen geven om controles uit te voeren.

 

Ook al hebt u al acties ondernomen om de CITES-dienst te versterken, de cijfers van het WWF wijzen erop dat wij nog meer kunnen doen, zowel op nationaal als op Europees niveau. Welke bijkomende initiatieven zult u nemen om de handel in ivoor aan banden te leggen, zowel op Belgisch als op Europees niveau?

 

07.02 Minister Marie-Christine Marghem: Mijnheer Janssen, een van mijn prioriteiten tot nu toe was de oprichting van een nieuwe inspectiecel Soorten, waarin de uit te voeren controles in het kader van de CITES-overeenkomst, die de internationale handel in ivoor regelt, de invasieve uitheemse soorten en de Europese hout­verordening worden gecombineerd. De acht inspecteurs en controleurs zijn nu opgeleid en volledig operationeel. De resultaten zijn er al, met name op het vlak van de handel in ivoor.

 

L'interdiction totale doit être vue comme une solution ultime et doit se faire, au minimum, au niveau européen. Une interdiction totale comporte le risque de faire augmenter les prix et de rendre l'ivoire encore plus intéressant à braconner.

 

Il ne faudrait pas non plus se dire qu'avec une interdiction totale, on sera débarrassé du problème. Le contrôle des trafics devra toujours exister et sera peut-être plus difficile car on ne disposera plus de cette accroche visible du commerce légal. Nous avons déjà observé dans les faits, pour les cornes de rhinocéros, que ce type de mesures n'a pas d'impact sur la diminution du braconnage dans les pays d'origine.

 

Het is nodig om de rechtmatigheid van de verkoop in België te controleren en om landen die olifantenpopulaties huisvesten te steunen, zodat zij lokaal kunnen strijden tegen stroperij en voorwaarden kunnen uitwerken die deze handel minder aantrekkelijk maken.

 

Mes inspecteurs terminent une campagne centrée sur l'ivoire, au cours de laquelle ils vérifient que chaque objet proposé à la vente dans les établissements contrôlés en Belgique est accompagné des documents adéquats. Sur 46 dossiers ouverts pour 24 contrôles physiques de magasins, salles de vente, marchés aux puces et particuliers, effectués durant cette campagne, 22 PV d'infraction et 12 PV d'avertissement ont été dressés. Quelques dossiers sont en cours de traitement.

 

Dans le cadre de leurs inspections, mes services travaillent avec les douanes et la police fédérale. J'ai demandé au ministre compétent d'accorder une plus grande priorité à cette matière afin de permettre une bonne collaboration de nos administrations.

 

Mon administration a par ailleurs récolté auprès de la population belge plus de 500 kilos d'ivoire lors de la campagne "Sors tes dents!" organisée par les zoos d'Anvers, de Planckendael et de Pairi Daiza. Toutes ces actions contribuent très concrètement à la sensibilisation de nos concitoyens.

 

J'en viens à la collaboration avec les pays qui comptent des populations d'éléphants. Je soutiens The African Elephant Fund. La Belgique a participé au comité de gestion de ce plan qui vise à lutter contre ce trafic à la source et à préserver les populations d'éléphants.

 

Nous devons lutter de façon convergente contre ce fléau. Bien entendu, se baser sur une seule mesure comme l'interdiction totale du commerce de l'ivoire n'est pas suffisant. Cela ne peut pas être un slogan. Il faut une action concrète de tous les instants, sur plusieurs fronts, pour parvenir à enrayer ce fléau. Je vous remercie.

 

07.03  Werner Janssen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, ik dank u hartelijk voor uw antwoorden.

 

Wij zijn erkentelijk voor de stappen die u reeds hebt gezet en voor de ambitie die u toont om ter zake nog verder te gaan.

 

Het is belangrijk dat België mee een sterk signaal geeft, door aan te sluiten bij onze buurlanden, die hun kader inzake de ivoorhandel recent hebben versterkt of daarmee bezig zijn. Ons land moet zowel op Europees als op internationaal niveau een ambitieuze rol opnemen.

 

Het blijft bizar dat de Europese Unie de olifant veel minder beschermt dan de neushoorn, waarvoor de handel op Europees niveau wel reeds met succes verboden is. Nochtans worden ze beide even snel uitgeroeid. Aan het huidige tempo zullen de olifant en de neushoorn over twintig jaar uitgeroeid zijn.

 

Wij hopen dat ons wetsvoorstel dan ook kan bijdragen tot een meer ambitieuze houding en autoriteit van België op het internationale toneel.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De voorzitter: Einde van de mondelinge vragen.

 

08 Agenda

08 Ordre du jour

 

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van woensdag 7 november 2018, stel ik u voor op de agenda van de plenaire vergadering van deze namiddag in te schrijven:

- het wetsvoorstel (de heren Francis Delpérée, Ahmed Laaouej, David Clarinval, Servais Verherstraeten, de dames Katja Gabriëls en Karin Temmerman, de heer Gilles Vanden Burre en mevrouw Inez De Coninck) tot wijziging van de wet van 19 mei 1994 tot regeling van de verkiezingscampagne en tot beperking en aangifte van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van het Vlaams Parlement, het Waals Parlement, het Brussels Hoofdstedelijk Parlement en het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap, alsmede tot vaststelling van de toetsingsnorm inzake officiële mededelingen van de overheid, teneinde ook na de hertekening van de kieskringen in de provincies Henegouwen en Luxemburg de voortzetting te verzekeren van de beperking van de verkiezingsuitgaven, nrs 3342/1 tot 4;

- het wetsvoorstel (de heren Philippe Goffin en Gautier Calomne, mevrouw Carina Van Cauter, de heer Egbert Lachaert, mevrouw Sonja Becq, de heer Raf Terwingen en mevrouw Sarah Smeyers) tot wijziging van de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt, in verband met de benoemings­commissies voor het notariaat, nrs 3044/1 tot 7;

- na de bespreking van de wetsontwerpen en wetsvoorstellen, de interpellatie van mevrouw Evita Willaert tot de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude over "de benoeming van de heer Steven Vanackere als directeur bij de Nationale Bank van België" (nr. 286).

Conformément à l'avis de la Conférence des présidents du mercredi 7 novembre 2018, je vous propose d'inscrire à l'ordre du jour de la séance plénière de cet après-midi:

- la proposition de loi (MM. Francis Delpérée, Ahmed Laaouej, David Clarinval, Servais Verherstraeten, Mmes Katja Gabriëls et Karin Temmerman, M. Gilles Vanden Burre et Mme Inez De Coninck) modifiant la loi du 19 mai 1994 réglementant la campagne électorale, concernant la limitation et la déclaration des dépenses électorales engagées pour les élections du Parlement wallon, du Parlement flamand, du Parlement de la Région de Bruxelles-Capitale et du Parlement de la Communauté germanophone, et fixant le critère de contrôle des communications officielles des autorités publiques, en vue d’assurer la continuité en matière de limitation des dépenses électorales suite à la modification des circonscriptions électorales dans les provinces de Hainaut et de Luxembourg, nos 3342/1 à 4;

- la proposition de loi (MM. Philippe Goffin et Gautier Calomne, Mme Carina Van Cauter, M. Egbert Lachaert, Mme Sonja Becq, M. Raf Terwingen et Mme Sarah Smeyers) modifiant la loi du 25 ventôse an XI contenant organisation du notariat en ce qui concerne les commissions de nomination pour le notariat, nos 3044/1 à 7;

- après la discussion des projets et propositions de loi, l’interpellation de Mme Evita Willaert au ministre des Finances, chargé de la Lutte contre la fraude fiscale sur "la nomination de M. Steven Vanackere en tant que directeur à la Banque nationale de Belgique" (n° 286).

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

09 Verzending van amendementen naar de commissie

09 Renvoi d'amendements en commission

 

Ik heb amendementen ontvangen op het wetsvoorstel (de heren Hendrik Vuye, Servais Verherstraeten, Patrick Dewael en Peter De Roover) tot wijziging van wet van 25 april 2007 tot oprichting van een Parlementair Comité belast met de wetsevaluatie met betrekking tot de samenstelling en de werking van het Parlementair Comité, nrs 1537/1 tot 6.

J'ai reçu des amendements sur la proposition de loi (MM. Hendrik Vuye, Servais Verherstraeten, Patrick Dewael et Peter De Roover) modifiant la loi du 25 avril 2007 instaurant un Comité parlementaire chargé du suivi législatif en ce qui concerne la composition et le fonctionnement du Comité parlementaire, nos 1537/1 à 6.

 

Overeenkomstig artikel 93, nr. 1, van het Reglement, stel ik u voor deze amendementen te verzenden naar de commissie voor de Herziening van de Grondwet en de Hervorming van de Instellingen teneinde deze te bespreken.

Conformément à l’article 93, n° 1, du Règlement, je vous propose de renvoyer ces amendements à la commission de Révision de la Constitution et de la Réforme des Institutions  afin d'en permettre l'examen.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Wetsontwerpen en wetsvoorstellen

Projets et propositions de loi

 

10 Wetsontwerp tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, ten einde de werking van de Commissie voor vrijstelling te hervormen (3317/1-3)

10 Projet de loi modifiant l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 organisant le statut social des travailleurs indépendants, afin de réformer le fonctionnement de la Commission des dispenses de cotisations (3317/1-3)

 

Algemene bespreking

Discussion générale

 

De algemene bespreking is geopend.

La discussion générale est ouverte.

 

M. Gilles Vanden Burre, rapporteur, renvoie au rapport écrit.

 

10.01  Benoît Friart (MR): Monsieur le président, monsieur le ministre, chers collègues, ce texte vise à améliorer la procédure de demande de dispense de paiement des cotisations sociales d'un travailleur indépendant en prévoyant des critères précis permettant l'obtention de cette dispense. Dorénavant, les critères seront plus proches de la réalité économique que vit l'indépendant qui fait la demande de dispense.

 

En outre, ce texte réforme le fonctionnement de la Commission des dispenses de cotisations en instaurant une instance de recours ayant pleine juridiction pour réviser la décision, tout en rendant la procédure d'examen des dispenses plus accessible pour les indépendants en termes de coûts et de délais.

 

Je tiens à souligner que ce texte traduit tout l'intérêt que, depuis le début de cette législature, notre gouvernement porte aux indépendants et à leurs difficultés. L'indépendant est un travailleur qui doit assumer seul le poids de la gestion de son activité économique, avec tous les risques et aléas que cela comporte.

 

Pour cette raison, je vous invite à soutenir ce projet de loi et je vous en remercie.

 

10.02  Griet Smaers (CD&V): Mijnheer de voorzitter, wij steunen het voorliggend wetsontwerp ook volop. Wij hadden al een aantal keer aangekaart dat de behandeltermijn voor het verkrijgen van de vrijstelling van bijdragen redelijk lang is en dat de procedure daarvoor ook niet zo eenvoudig is en tot heel wat klachten leidt.

 

De minister heeft een vereenvoudiging van de procedure voorgesteld en opgenomen in het wetsontwerp en heeft ook in de commissie te kennen gegeven dat het echt wel de bedoeling is om de behandeltermijn van de aanvragen terug te brengen van 6 maanden naar 1 maand en dat zulks eventueel via een circulaire zou worden bevestigd. Wij zijn het daar volkomen mee eens. Het is ook goed dat er een beroepscommissie is ingesteld waarbij de zelfstandige in beroep kan gaan tegen de beslissing in eerste aanleg. Ook dat gebeurt zonder al te veel moeilijke procedures en kosteloos.

 

Vandaar dat wij het voorliggend wetsontwerp volop kunnen steunen.

 

10.03  Gilles Vanden Burre (Ecolo-Groen): Monsieur le président, monsieur le ministre, chers collègues, ce texte dont nous avons débattu en commission de l'Économie se rapporte à un sujet important aux yeux des écologistes. Nous parlons souvent de l'entrepreneuriat, du développement de nos PME et des activités des indépendants, en vue de créer de l'emploi ancré durablement chez nous.

 

Ce projet vise en particulier les indépendants en difficulté, un thème que nous n'abordons pas fréquemment. Pour les nombreux hommes et femmes qui entreprennent, il n'est pas toujours simple de se lancer. Cela correspond souvent même à une prise de risque, au point qu'ils sont souvent confrontés à de grandes difficultés. Il importe donc de pouvoir les soutenir. C'est pourquoi le recours à des outils conçus à cette fin nous paraît particulièrement essentiel. Il faut en effet savoir qu'environ un tiers des indépendants sont considérés comme se situant tout près du seuil de pauvreté et qu'ils se retrouvent par conséquent dans des situations des plus précaires.

 

Le texte qui nous est soumis comporte deux objectifs qui nous intéressent tout particulièrement. Il vise tout d'abord à simplifier les conditions dans lesquelles un indépendant confronté à des difficultés peut obtenir une dispense de paiement des cotisations sociales. De ce fait, on redéfinit la notion d'"état de besoin"; et c'était tout à fait nécessaire, car elle était trop vague jusqu'à présent. En outre, il est demandé qu'une possibilité d'appel devant une juridiction administrative soit prévue. De même, la transparence des décisions doit être améliorée, afin que l'indépendant puisse en comprendre la raison.

 

Par conséquent, mon groupe soutiendra ce texte.

 

10.04  Michel de Lamotte (cdH): Monsieur le président, monsieur le ministre, nous soutiendrons aussi le projet de loi qui nous est proposé aujourd'hui.

 

Pour rappel, ce texte comporte nombre d'apports essentiels qui vont faciliter la vie des travailleurs indépendants. Ainsi, la compétence relative aux dispenses de cotisation est transférée du SPF Économie vers l'INASTI, ce dernier étant un parastatal qui connaît davantage le secteur.

 

Vient ensuite la simplification de la procédure, qui consiste notamment en un raccourcissement des délais d'obtention d'une réponse.

 

Un autre volet qui nous paraît important est l'objectivation des critères d'attribution d'une dispense de cotisation. Selon moi, cela constitue une avancée en termes de bonne gouvernance et confère une plus grande sécurité juridique au moyen d'une administration qui sera désormais davantage tournée vers le "client", si vous me permettez l'expression.

 

Autre point positif, en ce qui nous concerne: la prévision d'une voie de recours sur le fond en cas de refus d'une dispense de cotisation. C'est évidemment un élément important.

 

Autre point qui doit être précisé et qui est aussi important: le passage du critère d'état de besoin à celui de la situation temporairement difficile au plan économique ou financier. On permet d'aider ainsi davantage les indépendants faisant face à une conjoncture difficile à un moment de leur carrière.

 

Il ne s'agit pas de maintenir "en vie" des travailleurs ou des travaux de toute façon voués à disparaître, mais de régler temporairement un problème par rapport à une conjoncture plus difficile ou à une problématique différente.

 

C'est pourquoi nous soutiendrons le projet déposé aujourd'hui.

 

De voorzitter: De regering heeft alleen steun­betuigingen gekregen.

 

10.05  Denis Ducarme, ministre: Monsieur le président, chers collègues, je voudrais revenir très briève­ment sur l'échange constructif que nous avons eu en commission.

 

Je pense en effet que tous les groupes présents dans le cadre de l'échange ont pu constater combien le projet que nous portons, avec le gouvernement, va simplifier et améliorer la vie des indépendants. On sait qu'elle est faite de hauts et de bas.

 

Comme vous l'avez indiqué, monsieur Friart, il fallait que nous puissions être davantage au rendez-vous par rapport à un certain nombre d'indépendants qui éprouvent des difficultés importantes. Or, à ce jour, il est possible de demander une dispense totale ou partielle des cotisations mais les délais – bon nombre d'entre vous l'ont souligné, dont Mme Smaers, M. Vanden Burre, M. de Lamotte – sont extrêmement longs.

 

Avec le nouveau système, avec ce projet, nous allons ramener – il est essentiel d'être rapide à ce niveau – le délai de réponse à un mois, alors qu'il était en moyenne de six mois mais parfois de huit ou neuf mois. En effet, nous avons simplifié les critères et ramené les décisions à l'INASTI, dont c'est le vrai métier, et nous pourrons donner des réponses dans le mois aux indépendants qui demandent ces dispenses de cotisations.

 

Un autre élément a également été relevé et c'est une question de bon sens. Nous intégrons, dans la dynamique du nouveau système, la possibilité à l'indépendant de contester la décision. Il y aura donc un droit de recours. On a la garantie d'avoir une indépendance au niveau de la Commission de recours. Elle sera présidée par le magistrat.

 

Je pense qu'avec ce projet, nous allons au-delà de ce qui a déjà pu être fait car, comme vous l'avez indiqué, monsieur Vanden Burre, cela reste très difficile d'être indépendant. Et sur le plan du statut social, les améliorations que nous avons portées avec ce gouvernement, depuis le début de la législature, visent à être davantage au rendez-vous par rapport au rattrapage social qui était essentiel. Plus d'un demi-milliard de nouvelles mesures à un rythme annuel, c'est simplement du jamais vu!

 

Avec cette mesure supplémentaire qui porte sur les dispenses, nous serons encore davantage au rendez-vous pour soutenir les indépendants, qui sont ceux qui prennent le plus de risques.

 

De voorzitter: Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

 

De algemene bespreking is gesloten.

La discussion générale est close.

 

Bespreking van de artikelen

Discussion des articles

 

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (3317/3)

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (3317/3)

 

Het wetsontwerp telt 7 artikelen.

Le projet de loi compte 7 articles.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 tot 7 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 à 7 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

11 Wetsontwerp houdende instemming met het Protocol tot wijziging van het Verdrag van 9 februari 1994 inzake de heffing van rechten voor het gebruik van bepaalde wegen door zware vrachtwagens overeenkomstig Richtlijn 2011/76/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 1999/62/EG betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastructuurvoorzieningen aan zware vrachtvoertuigen, ondertekend te Brussel op 6 december 2017 (3285/1-3)

11 Projet de loi portant assentiment au Protocole modifiant l'Accord du 9 février 1994 relatif à la perception d'un droit d'usage pour l'utilisation de certaines routes par des véhicules utilitaires lourds, conformément à la Directive 2011/76/UE du Parlement européen et du Conseil du 27 septembre 2011 modifiant la Directive 1999/62/CE relative à la taxation des poids lourds pour l'utilisation de certaines infrastructures, signé à Bruxelles le 6 décembre 2017 (3285/1-3)

 

Algemene bespreking

Discussion générale

 

De algemene bespreking is geopend.

La discussion générale est ouverte.

 

Le rapporteur, Mme Grovonius, se réfère à son rapport écrit.

 

Vraagt iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il la parole? (Non)

 

De algemene bespreking is gesloten.

La discussion générale est close.

 

Bespreking van de artikelen

Discussion des articles

 

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (3285/3)

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (3285/3)

 

Het opschrift werd door de commissie gewijzigd in “wetsontwerp houdende instemming met het Protocol tot wijziging van het Verdrag van 9 februari 1994 inzake de heffing van rechten voor het gebruik van bepaalde wegen door zware vrachtwagens overeenkomstig Richtlijn 2011/76/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 1999/62/EG betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastruc­tuur­voorzieningen aan zware vrachtvoertuigen, gedaan te Brussel op 6 december 2017".

L’intitulé a été modifié par la commission en “projet de loi portant assentiment au Protocole modifiant l'Accord du 9 février 1994 relatif à la perception d'un droit d'usage pour l'utilisation de certaines routes par des véhicules utilitaires lourds, conformément à la Directive 2011/76/UE du Parlement européen et du Conseil du 27 septembre 2011 modifiant la Directive 1999/62/CE relative à la taxation des poids lourds pour l'utilisation de certaines infrastructures, fait à Bruxelles le 6 décembre 2017".

 

Het wetsontwerp telt 2 artikelen.

Le projet de loi compte 2 articles.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 en 2 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 et 2 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

12 Wetsontwerp houdende instemming met het Uitleveringsverdrag tussen het Koninkrijk België en de Volksrepubliek China, opgemaakt te Beijing op 31 oktober 2016 (3312/1-3)

- Wetsontwerp houdende instemming met het Verdrag tussen het Koninkrijk België en de Volksrepubliek China inzake de overbrenging van gevonniste personen, opgemaakt te Beijing op 31 oktober 2016 (3313/1-3)

12 Projet de loi portant assentiment au Traité entre le Royaume de Belgique et la République populaire de Chine sur l'extradition, fait à Pékin le 31 octobre 2016 (3312/1-3)

- Projet de loi portant assentiment au Traité entre le Royaume de Belgique et la République populaire de Chine sur le transfèrement des personnes condamnées, fait à Pékin le 31 octobre 2016 (3313/1-3)

 

Ik stel u voor één enkele algemene bespreking aan deze twee wetsontwerpen te wijden. (Instemming)

Je vous propose de consacrer une seule discus­sion générale à ces deux projets de loi. (Assentiment)

 

Algemene bespreking

Discussion générale

 

De algemene bespreking is geopend.

La discussion générale est ouverte.

 

De rapporteur is de heer Flahaux, die verwijst naar het schriftelijk verslag.

 

Vraagt iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il la parole? (Non)

 

De algemene bespreking is gesloten.

La discussion générale est close.

 

Bespreking van de artikelen

Discussion des articles

 

Wij vatten de bespreking aan van de artikelen van het wetsontwerp nr. 3312. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (3312/1)

Nous passons à la discussion des articles du projet de loi n° 3312. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (3312/1)

 

Het wetsontwerp telt 2 artikelen.

Le projet de loi compte 2 articles.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 en 2 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 et 2 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

Wij vatten de bespreking aan van de artikelen van het wetsontwerp nr. 3313. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (3313/1)

Nous passons à la discussion des articles du projet de loi n° 3313. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (3313/1)

 

Het wetsontwerp telt 2 artikelen.

Le projet de loi compte 2 articles.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 en 2 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 et 2 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

13 Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 19 mei 1994 tot regeling van de verkiezingscampagne en tot beperking en aangifte van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van het Vlaams Parlement, het Waals Parlement, het Brussels Hoofdstedelijk Parlement en het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap, alsmede tot vaststelling van de toetsingsnorm inzake officiële mededelingen van de overheid, teneinde ook na de hertekening van de kieskringen in de provincies Henegouwen en Luxemburg de voortzetting te verzekeren van de beperking van de verkiezingsuitgaven (3342/1-4)

13 Proposition de loi modifiant la loi du 19 mai 1994 réglementant la campagne électorale, concernant la limitation et la déclaration des dépenses électorales engagées pour les élections du Parlement wallon, du Parlement flamand, du Parlement de la Région de Bruxelles-Capitale et du Parlement de la Communauté germanophone, et fixant le critère de contrôle des communications officielles des autorités publiques, en vue d'assurer la continuité en matière de limitation des dépenses électorales suite à la modification des circonscriptions électorales dans les provinces de Hainaut et de Luxembourg (3342/1-4)

 

Voorstel ingediend door:

Proposition déposée par:

Francis Delpérée, Ahmed Laaouej, David Clarinval, Servais Verherstraeten, Katja Gabriëls, Karin Temmerman, Gilles Vanden Burre, Inez De Coninck.

 

Algemene bespreking

Discussion générale

 

De algemene bespreking is geopend.

La discussion générale est ouverte.

 

13.01  Koenraad Degroote, rapporteur: Mijnheer de voorzitter, onderhavig wetsvoorstel, waarvan de heer Delpérée hoofdindiener is, werd eergisteren met spoed behandeld in de commissie voor de Binnenlandse Zaken. Het wil problemen voorkomen bij de verkiezingen van mei 2019, meer bepaald inzake de verkiezings­uitgaven.

 

De verkiezingsuitgaven moeten tijdig kunnen worden meegedeeld vanuit de FOD Binnenlandse Zaken. Men baseert zich hiervoor op het aantal te begeven mandaten. Nu heeft men in Wallonië bij decreet een wijziging in verband met de provincies Henegouwen en Luxemburg vastgelegd, waardoor de kieskringen worden aangepast. Teneinde alles tijdig te kunnen laten verlopen, dient het voorstel bij hoogdringendheid te worden goedgekeurd. De heer Delpérée heeft dat eergisteren zeer deskundig uitgelegd in de commissie. Iedereen ging akkoord met de tekst en hij werd dan ook unaniem goedgekeurd.

 

13.02  Francis Delpérée (cdH): Monsieur le président, je voudrais dissiper toute équivoque.

 

Il n'y a pas de modification des circonscriptions électorales. C'est une compétence du législateur régional. Il n'y a pas de modification des règles sur le financement des partis politiques, ni des règles sur les dépenses électorales. Il s'agit simplement d'un petit bout de loi pour permettre à toutes ces dispositions d'entrer en application aux prochaines élections régionales de 2019.

 

Comme l'a dit le rapporteur, il y a urgence à statuer puisque le ministre de l'Intérieur doit se prononcer avant le 26 novembre prochain.

 

De voorzitter: Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

 

De algemene bespreking is gesloten.

La discussion générale est close.

 

Bespreking van de artikelen

Discussion des articles

 

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (3342/4)

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (3342/4)

 

Het wetsvoorstel telt 3 artikelen.

La proposition de loi compte 3 articles.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 tot 3 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 à 3 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

14 Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt, in verband met de benoemingscommissies voor het notariaat (3044/1-7)

14 Proposition de loi modifiant la loi du 25 ventôse an XI contenant organisation du notariat en ce qui concerne les commissions de nomination pour le notariat (3044/1-7)

 

Zonder verslag

Sans rapport

 

Voorstel ingediend door:

Proposition déposée par:

Philippe Goffin, Gautier Calomne, Carina Van Cauter, Egbert Lachaert, Sonja Becq, Raf Terwingen, Sarah Smeyers.

 

Algemene bespreking

Discussion générale

 

De algemene bespreking is geopend.

La discussion générale est ouverte.

 

Vraagt iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il la parole? (Non)

 

De algemene bespreking is gesloten.

La discussion générale est close.

 

Bespreking van de artikelen

Discussion des articles

 

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (3044/7)

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (3044/7)

 

Het wetsvoorstel telt 3 artikelen.

La proposition de loi compte 3 articles.

 

Er werden geen amendementen ingediend.

Aucun amendement n'a été déposé.

 

De artikelen 1 tot 3 worden artikel per artikel aangenomen.

Les articles 1 à 3 sont adoptés article par article.

 

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

 

Chers collègues, nous arrivons ainsi à l'interpel­lation de Mme Willaert.

 

Je suspends la séance quelques minutes en attendant son arrivée.

 

La séance est suspendue.

De vergadering is geschorst.

 

La séance est suspendue à 16.43 heures.

De vergadering wordt geschorst om 16.43 uur.

 

La séance est reprise à 16.50 heures.

De vergadering wordt hervat om 16.50 uur.

 

La séance est reprise.

De vergadering is hervat.

 

Interpellatie

Interpellation

 

15 Interpellatie van mevrouw Evita Willaert tot de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude over "de benoeming van de heer Steven Vanackere als directeur bij de Nationale Bank van België" (nr. 286)

15 Interpellation de Mme Evita Willaert au ministre des Finances, chargé de la Lutte contre la fraude fiscale sur "la nomination de M. Steven Vanackere en tant que directeur à la Banque nationale de Belgique" (n° 286)

 

De voorzitter: Collega's, ik breng de afspraken in herinnering. Mevrouw Willaert krijgt tien minuten spreektijd en de minister eveneens. Daarna krijgt mevrouw Willaert vijf minuten spreektijd voor haar repliek. Wie zich daarbij wil aansluiten, krijgt ook vijf minuten spreektijd.

 

15.01  Evita Willaert (Ecolo-Groen): Mijnheer de voorzitter, collega's, mijnheer de minister, de voorbije weken waren geen mooi schouwspel voor de politiek. Het verdelen van postjes, puur op basis van ons kent ons en niet op basis van objectief geteste kwaliteiten, is echt politiek uit de vorige eeuw.

 

De prioriteiten van de traditionele machtspartijen zijn duidelijk. Sommige partijvoorzitters zijn vooral verontwaardigd en woedend wanneer een collega-partijgenoot een bepaald postje niet krijgt. Wanneer het echter gaat over de stijgende armoede in dit land of wanneer het over de luchtvervuiling gaat die al onze kinderen parten speelt, dan is die verontwaardiging een heel stuk minder.

 

Ook de N-VA, de partij van de verandering, blijkt in hetzelfde bedje ziek. Deze partij zou het helemaal anders doen en zou komaf maken met de politieke benoemingen. In de realiteit heeft die partij zich de voorbije jaren vol enthousiasme mee in het spel gegooid en zit zij er ondertussen even diep in als haar collega's van de andere traditionele machtspartijen. De benoemingspuzzel of de carrousel zijn allemaal mooie namen om dezelfde praktijk goed te praten, met name mensen met een partijkaart zonder noemens­waardige controle voor heel veel geld op strategische zitjes parkeren.

 

Jullie merken dat ik er niet vrolijk van word. Die praktijk berokkent de politieke stiel, onze stiel, immers heel veel kwaad. Ze staat haaks op de waarden en op het soort politiek die de burger terecht van zijn of haar politici verwacht.

 

U weet dat ik hier nog niet zo lang meedraai als sommige andere leden. Ik meende echter dat wij na de politieke benoeming van Cédric Frère, kleinzoon van de steenrijke topindustrieel Albert Frère, in de Regentenraad van de Nationale Bank van België, eerder dit jaar, alles al hadden gezien. Maar nee, het spel gaat gewoon door, zolang MR, CD&V, de N-VA en Open Vld elk hun stroman krijgen met bijhorende invloed in de regering en vergoeding.

 

De voorzitter: Collega's, het niveau van het geluid is niet te harden. Mag ik u vragen ten minste het respect op te brengen om naar de interpellant te luisteren?

 

15.02  Evita Willaert (Ecolo-Groen): Ja, naar een jonge vrouw in de politiek luisteren…

 

De voorzitter: Dat maakt niet uit, mevrouw Willaert, maar men moet naar u luisteren.

 

U hebt het woord.

 

15.03  Evita Willaert (Ecolo-Groen): Zoals ik al zei, gaat het spel gewoon voort. Ik vroeg mij gewoon af, mijnheer de minister, of u daarom in de politiek bent gegaan, maar ik denk dat dat niet het geval is. Het is immers echt een schaamtelijk schouw­spel, dat ik niet uitgelegd krijg en u ook niet aan uw kiezers.

 

Collega's, wij moeten echt af van de politieke benoemingen. Helaas vonden wij tot nu toe in de Kamer geen meerderheid om een objectieve en transparante procedure in te voeren, waarbij de meest geschikte kandidaat automatisch wordt gekozen. Zo gemakkelijk kan het immers zijn. Als men dan toch kiest voor de ons-kent-onspolitiek en politieke benoemingen, dan kan men er toch op zijn minst voor zorgen dat er evenveel mannen als vrouwen worden gekozen.

 

De terechte kritiek op de vervanging van mevrouw De Wachter door een man kwam uit alle hoeken, ook van de N-VA, de MR en Open Vld, maar net die partijen hebben de afgelopen jaren nagelaten om vrouwen te benoemen. Dat getuigt van een heel grote hypocrisie.

 

Ik citeer: "Weet u dat hier zeventig topkaderleden werken van wie maar twee vrouwen en dat zij op hun vijftigste 12 % minder verdienen dan mannen, terwijl zij exact hetzelfde werk doen? Overal waar er een concentratie van macht en geld is, worden vrouwen nog steeds opzij geduwd". Dat zijn niet mijn woorden, maar die van Marcia De Wachter enkele weken geleden in De Tijd, vóór de benoeming. De enige vrouw in het directiecomité wordt doodleuk vervangen door een man. De NBB wordt bij dezen de NMBB, de Nationale Mannenbank van België.

 

Volgens een studie van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen uit 2016 is de vertegenwoordiging van vrouwen in raden van bestuur verdubbeld over zes jaar tijd tot 16,6 %. Quota werken dus. Maar 16,6 % is nog ver verwijderd van de verplichte 33,3 %. Slechts 21 % van de onderzochte bedrijven behaalt effectief die minimale norm van 1 op 3 vrouwen. Een nog grimmiger plaatje zien wij in de directiecomités. Er is dus nog heel veel werk aan de winkel.

 

De regering telt 4 vrouwen en 14 mannen. Uiteraard zal de heer Vandeput opgevolgd worden door een man. België zakt op de Global Gender Gap Index van de tiende plaats bij het begin van deze legislatuur naar de eenendertigste. Dat is 21 plaatsen achteruit!

 

Ik wil mij daarom in het bijzonder richten tot de vrouwen in het Halfrond.

 

Laat het niet gebeuren! Ik vraag u symbolisch tegen de benoeming te stemmen, niet omdat ik iets tegen Steven Vanackere heb, of omdat hij een slechte kandidaat zou zijn. Dat kan ik gewoon niet weten, omdat er geen objectieve procedure geweest is. Ik vraag het u, omdat u vandaag voor alle vrouwen in ons land een signaal kunt geven dat wij in 2018 leven. Ik vind het een probleem dat belangrijke instellingen in ons land bijna exclusief door mannen geleid worden. Als vrouw pik ik dat niet langer en u hoeft dat volgens mij ook niet langer te pikken.

 

Na vier jaar beleid van de regering-Michel is het aantal medeburgers in ons land dat een beroep moet doen op het leefloon, historisch hoog. Nog nooit hebben zoveel mensen moeten aankloppen bij de Voedselbank als nu. Van enige daadkracht om die evolutie om te buigen was er de jongste jaren geen sprake.

 

Politici die op een zijspoor geraakt zijn en die een bepaalde partijkleur hebben, mogen echter wel meer verdienen dan onze eerste minister. Die mogen meer verdienen dan Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank, zonder examen, zonder enig bewijs van competentie, zonder enige verantwoor­ding. Dat valt niet uit te leggen! Waarom moeten directeurs van de Nationale Bank meer dan 337 000 euro verdienen? Waarom moet dat het hoogste bedrag in de hele eurozone zijn? Waarom moeten zij meer verdienen dan de premier?

 

Deze benoeming in een grotere pot van politieke benoemingen steken, is geen oplossing. Met zo'n reactie miskent u volledig de redenen waarom de mensen daarover zo verontwaardigd zijn. Zij willen niet heel veel politieke benoemingen tegelijk. Zij willen geen politieke benoemingen meer. De mensen willen geen nieuwe reeks mannen op lucratieve posten, maar duidelijke regels voor het evenwicht tussen mannen en vrouwen in kaderfuncties. De bezoldiging van die topfuncties moet redelijk en billijk zijn en niet buiten elke proportie.

 

Mijnheer de minister, gaat de regering door met het benoemen van Vanackere? Bent u voor of tegen quota om een minimaal genderevenwicht te bereiken? Bent u voor objectieve procedures waarmee automatisch de beste kandidaat geselecteerd wordt in plaats van een aanstelling via een politieke benoeming? Bent u het met mij eens dat die bezoldigingen niet meer van deze tijd zijn?

 

15.04 Minister Johan Van Overtveldt: Mevrouw Willaert, collega's, wat de heer Vanackere en de desbetreffende procedure betreft, heeft de Regentenraad van de Nationale Bank de heer Vanackere voorgedragen als nieuwe directeur. Die voordracht dient, zoals u zonder twijfel weet, bij KB bekrachtigd te worden. Zoals de premier ook al heel duidelijk heeft gezegd, is er daarover binnen de regering nog een bespreking komende. Zo is het en zo zal het ook geschieden.

 

Mevrouw Willaert, uiteindelijk gaan de meeste van uw opmerkingen over structuren en mandaten, met alles wat daaraan vasthangt binnen de Nationale Bank.

 

Ik heb, in opvolging van wat er reeds in 2015 gebeurde, maar toen niet is doorgegaan, een voorstel ingediend. Dat voorstel steunt op drie elementen: een vermindering van het aantal functies en mandaten binnen de Nationale Bank, een beter gender­evenwicht en een professionali­sering van de werking. Hiermee wil ik helemaal niet zeggen dat de huidige Nationale Bank niet professioneel werkt, maar er zijn zeker elementen die voor verbetering vatbaar zijn.

 

Ik ga even dieper in op enkele concrete punten om die drie doelstellingen te bereiken.

 

Ten eerste, is er het voorstel om het College van censoren af te schaffen. De bevoegdheden daarvan zouden dan naar de Regentenraad gaan. Ook andere comités zoals bijvoorbeeld het remuneratiecomité, het benoemingscomité en het begrotingscomité zouden bij de Regentenraad worden ondergebracht. Op die manier zouden we na verloop van tijd van 26 naar 14 mandaten gaan, het directiecomité inbegrepen. Dat zal na verloop van tijd zijn want we leven in een rechtsstaat en ik wil en kan natuurlijk niet zomaar in lopende mandaten inbreken.

 

Het centrale element in wat ik aan de regering voorleg is een opwaardering van de Regenten­raad, om die meer slagkracht te geven en hem een controlerende functie te laten vervullen.

 

Vandaag is de realiteit immers dat die Regentenraad grotendeels het platform is voor wat reflectie heet, maatschappelijke reflectie over het monetair beleid. Welnu, het kan u vreemd in de oren klinken maar het is een feit dat de Europese Centrale Bank daar een probleem mee heeft. Iedereen hier aanwezig is zich ervan bewust dat we in een Europese context zitten waarin het monetaire gegeven overgeheveld is naar Europa. Om het even heel lapidair te zeggen, wij kunnen hier dan wel op ons hoofd gaan staan maar als de ECB niet akkoord gaat met wat wij doen met de Nationale Bank, dan zal het ook niet doorgaan. Ik hoop dat iedereen beseft dat dit de realiteit is binnen de monetaire unie anno 2018.

 

Inpikkend op de Regentenraad en zijn controlerende functie, op die manier zal de Regentenraad ook dichter aanleunen bij wat in een klassiek bedrijf een raad van bestuur doet, en zullen de voorwaarden inzake de man-vrouwverhouding die in de wet beschreven staan, automatisch van kracht zijn.

 

Ik ben duidelijk geen voorstander van verplichte quota. Voor mij primeert het principe van de juiste persoon op de juiste plaats, ongeacht het geslacht. Ik voeg er meteen aan toe dat het voor mij ook duidelijk is dat het op het vlak van de man-vrouwverhouding niet goed zit bij de Nationale Bank. Laten wij daar dus pragmatisch mee omgaan om tot een oplossing te komen en om te vermijden ons vast te rijden in principes.

 

Als wij in de Regentenraad tot een betere verhouding kunnen komen, zal dat uiteraard ook een effect hebben op het directiecomité, aangezien de leden ervan ook deel uitmaken van de Regentenraad. Daarnaast lijkt het mij wenselijk dat het directiecomité en de Regentenraad een eigen voorzitter hebben — nu is dat dezelfde persoon — en dat er een genderevenwicht wordt nagestreefd inzake de voorzittersmandaten.

 

Quota voor het directiecomité lijken mij dus niet evident om meerdere redenen, maar vooral, zoals ik daarnet al aanhaalde, vanwege de Europese regels inzake de autonomie van centrale banken en omdat gelijk welke directeur die zal worden aangesteld, altijd zal moeten voldoen aan de bekwaamheidseisen die de Europese Centrale Bank stelt. Ondertussen weten al degenen die de zogenaamde fit-and-propertesten hebben ondergaan, dat dit absoluut geen lachertje is maar bittere ernst en dat het in elk geval een verblijf van twee dagen in Frankfurt garandeert, waarbij de uitdrukking "op de rooster gelegd worden" echt wel van toepassing is. Laat het duidelijk zijn dat de ECB niet zomaar zal aanvaarden dat er aanstellingen worden gedaan op basis van geslacht.

 

Dit brengt mij naadloos bij een ander belangrijk luik van mijn voorstel: de vereisten op het vlak van bekwaamheid.

 

We mogen niet onderschatten, dames en heren, dat het leiden van een instelling als de Nationale Bank, met alle verantwoordelijkheden die daarmee gepaard gaan op het vlak van financieel-economische stabiliteit, niet te onderschatten valt. Het zijn zij die straks, en samen met u hoop ik echt dat het niet zal gebeuren, een eventuele volgende financiële crisis moeten opvangen. Dit gaat al te vaak in het debat verloren. Dit is een geweldige opdracht en die mensen moeten daarvoor gewapend zijn. Zij moeten de bekwaam­heden hebben om, indien er zich een calamiteit voordoet zoals die van 2008, daartegen gewapend te zijn.

 

Momenteel staat in de organieke wet geen fit-and-propervereiste voor de gouverneur, de directeurs of de regenten. De wet bepaalt enkel dat een gouverneur en een directeur door de Koning uit zijn ambt kunnen worden ontheven indien zij niet meer aan de eisen voor de uitoefening van hun ambt voldoen of op ernstige wijze tekort zijn geschoten. Ik stel dan ook voor dat de leden van het directiecomité in de toekomst moeten voldoen aan deze fit-and-properregels, zoals door de ECB uitgetekend.

 

Tot slot, de vergoedingen.

 

Ook dit debat kan en moet worden gevoerd, maar dan wel op basis van objectieve gegevens in de vergelijking van appelen met appelen. Ik hoor vaak zeggen dat men bij de Bundesbank in Duitsland of bij de Nederlandse Bank minder verdient. Dan moeten we wel weten waarover we praten. De Bundesbank, geacht publiek, is niet verantwoordelijk voor het toezicht op de banken. Dat is een andere instelling in Duitsland. Zeker sedert 2008 is de opvolging van wat er met de banken gebeurt, de risico's die daar bestaan en dies meer, een geweldige en zeer arbeids­intensieve taak, die in België door de Nationale Bank wordt waargenomen, maar in Duitsland niet door de Bundesbank. De Nederlandsche Bank doet ook bankentoezicht, maar doet dan weer niets op het vlak van krediet- en balanscentrale noch inzake het verzamelen van statistieken. Ook dit zijn twee onderdelen die zeer arbeidsintensief zijn.

 

Dus ja, ik stel een benchmarking van de lonen voor op basis van objectieve gegevens zodat wij appelen met appelen kunnen vergelijken. Ik heb dit voorstel aan de regeringspartners overgemaakt. De bespreking ervan is al begonnen. Ik hoop dat wij dit tot een goed einde kunnen brengen in het belang van de Nationale Bank, maar vooral van alle burgers.

 

15.05  Evita Willaert (Ecolo-Groen): Mijnheer de minister, het is goed dat u de structuur van de Nationale Bank wil hervormen, het is goed dat u pleit voor minder mandaten en het is goed dat u de lonen wil laten doorlichten via benchmarking.

 

Wat ik niet goed begrijp, is wat u zegt over quota. U wil dit pragmatisch aanpakken. Ik meen dat ik daarnet in mijn uiteenzetting duidelijk heb gemaakt dat quota vrij pragmatisch zijn, want zij werken. Dat bewijst u ook zelf in uw voorstel, in die zin dat als de gouverneur een man is, de voorzitter van de Regentenraad een vrouw moet zijn, en omgekeerd. U gelooft naar eigen zeggen niet in quota en u wil dit pragmatisch aanpakken, maar toch doet u een dergelijk voorstel. Ik begrijp dat niet helemaal. Volgens mij hinkt u hier op twee benen. Ik begrijp echter dat de N-VA nog steeds geen voorstander is van quota. CD&V zal nog heel wat werk hebben om zijn collega's ervan te over­tuigen het overigens zeer degelijk wetsvoorstel van mevrouw Smaers goed te keuren.

 

Uiteindelijk kopen wij voorlopig nog niets met al wat u gezegd hebt, want het blijft bij intenties. Waarom wachten tot 2023? Als het bijvoorbeeld over de vrouwen gaat, kunt u nu al de daad bij het woord voegen. Wij zien niet in waarom men nog langer moet wachten. Eigenlijk hebt u al vier jaar nagelaten om iets te veranderen aan de politieke benoemingen. Ik vind dat indrukwekkend. Vier jaar kracht van verandering.

 

De vraag blijft nog altijd of de regering Steven Vanackere politiekzal benoemen. Moet er echt eerst een man worden benoemd zodat iedereen tevreden — vooral bediend — is, zonder enig debat over expertise? Hoe legt men dat in 2018 aan de mensen uit? Nu moet u dat immers aan de mensen uitleggen en niet binnen vijf jaar. Anders vrees ik dat u de urgentie en de maatschappelijke verontwaardiging hierover niet hebt begrepen.

 

Ik dien een motie in, waarover volgende week in dit Halfrond zal worden gestemd. Aangezien het nog steeds niet duidelijk is of Steven Vanackere tot directeur bij de Nationale Bank van België zal worden benoemd, meen ik dat de stemming volgende week wel eens heel erg belangrijk zou kunnen zijn.

 

De voorzitter: Per fractie krijgt één spreker de mogelijkheid om aan te sluiten bij de replieken.

 

Ik stel voor om de gebruikelijke volgorde te respecteren, dus te beginnen met de grootste fractie. Elke spreker krijgt vijf minuten spreektijd.

 

Ik geef het woord aan de heer De Roover.

 

15.06  Peter De Roover (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mevrouw Willaert zegt dat het systeem van ons-kent-ons van de vorige eeuw is, van de vorige eeuwen misschien zelfs, en dat het belangrijk is om dat principe als uitgangspunt in vraag te stellen. Tussen haakjes, daarbij willen wij naar kwaliteit gaan, naar de juiste persoon op de juiste plaats, los van de vraag wat het geslacht van die persoon is, aangezien dat een irrelevant criterium is wanneer het over kwaliteit gaat, zowel in de ene als in de andere richting.

 

Wat ik betreur van de interpellante, is dat zij de indruk wekt de woordvoerder te zijn van de politieke maagdelijkheid, terwijl zij eigenlijk politieke spelletjes aan het spelen is. Zij zegt dat de gebeurtenissen de politieke stiel veel kwaad berokkend hebben, maar ik vrees dat haar betoog dat kwaad nog versterkt, omdat zij de controverse aanwakkert, wat enorm verschilt met de zakelijke benadering die de minister heeft verkozen. Dat verschil is opvallend en wij verkiezen de zakelijkheid van de minister. Mevrouw Willaert vroeg aan de minister waarom hij in de politiek is gegaan, maar dat is alvast niet voor de loze woorden die zij hier heeft geuit – ik betreur de toon van haar betoog – maar voor de zakelijkheid, zoals de minister die heeft getoond.

 

Onze partij is in de regering gestapt om aan de erfenis die wij hebben aangetroffen wezenlijke en structurele wijzigingen aan te brengen en ik ben bijzonder trots dat de voorstellen die de minister daaromtrent opnieuw heeft neergelegd in dat kader passen. Dat is veel belangrijker dan het politieke spelletje dat Groen hier wil spelen. Terwijl de groene honden blaffen, zal onze karavaan verder gaan met structurele hervormingen.

 

15.07  Fabienne Winckel (PS): Monsieur le président, monsieur le ministre, il y a quelques semaines, je me permettais de mettre en doute le féminisme affirmé par votre premier ministre et certains membres de votre gouvernement. Nous vous reprochions d'utiliser le féminisme comme une arme de communication. M. Alexander De Croo déplorait qu'en 2018, il n'y avait pas de femme au sein du kern, alors qu'avant 2014, il y en avait. Vous-même, vous reprochiez au CD&V de proposer un homme à la Banque nationale de Belgique (BNB) alors que votre parti remplace M. Vandeput par un homme. Sur les cinq postes de la N-VA au gouvernement, on ne compte qu'une seule femme comme secrétaire d'État.

 

Comme d'habitude, pour votre gouvernement, il y a d'un côté la communication et les slogans, et de l'autre côté, il y a les actes. Je dénonçais alors ce coup de communication mensonger de votre gouvernement qui, depuis sa prise de fonction, a pris de nombreuses mesures négatives, précisément à l'encontre des femmes.

 

Aujourd'hui, vous aviez l'opportunité de montrer que vous accordiez enfin une certaine attention à l'égalité entre les hommes et les femmes. La nomination d'une femme à ce poste de dirigeant de la BNB aurait été un signal positif en ce sens. Mais bien sûr, vous ne l'avez pas fait.

 

Dans votre note de politique, il apparaît pourtant, pour la première fois, quelques phrases sur l'importance des femmes dans le monde de la finance. Vous avez raison, monsieur le ministre des Finances: il faut que les femmes puissent, au même titre que les hommes, accéder aux fonctions dirigeantes dans le monde de la finance. Alors, pourquoi ne pas avoir commencé tout de suite en nommant une femme compétente – il y en a beaucoup – à un poste clé de la Banque nationale de Belgique?

 

Monsieur le ministre, vous pouviez faire la différence aujourd'hui. On le sait, les femmes compétentes ne manquent pas. Mais on le voit, les mentalités, malheureusement, peinent à changer. Nous l'avions compris depuis de longues années. C'est pourquoi mon groupe a bataillé pour faire adopter au sein même de cette assemblée une loi obligeant les entreprises publiques, les sociétés cotées en bourse et la Loterie Nationale à avoir un tiers de femmes au sein de leur conseil d'administration.

 

Cette loi était nécessaire à cause du plafond de verre existant qui empêchait les femmes d'accéder aux hautes fonctions dans ces entreprises. Son adoption a d'ailleurs été une avancée pour les femmes dans le monde du travail. Les chiffres l'attestent. Les femmes représentaient moins de 8 % des postes à responsabilité en 2011. Depuis, notamment grâce à l'imposition des quotas, l'Institut pour l'égalité des femmes et des hommes a souligné, lors de la première évaluation de la loi, en 2016, que la représentation des femmes au sein des conseils d'administration avait doublé et était passée à 16,6 % en 2016.

 

Aujourd'hui, j'aimerais pouvoir élargir ce débat au profit d'un débat politique sur la place des femmes à ces hautes fonctions dans l'ensemble des institutions publiques. Il est en effet urgent et nécessaire de réaliser une vraie radioscopie de la place des femmes dans les fonctions dirigeantes des entités publiques au sens large. Il faut se poser les bonnes questions: où le plafond de verre est-il encore incassable et pourquoi?

 

Au-delà de la BNB, prenons l'exemple de la magistrature. Une majorité des magistrats sont des femmes mais elles redeviennent une minorité lorsqu'on regarde leur proportion dans la haute magistrature. Les exemples similaires sont nombreux.

 

En tant que présidente du Comité d'émancipation sociale, je proposerai à mes collègues d'organiser cette radioscopie à partir d'une journée d'audition qui donne un véritable état des lieux de la présence des femmes dans les fonctions dirigeantes des entités publiques, prises au sens large. Ensuite, il s'agira de voir comment corriger de manière structurelle le déséquilibre et, enfin, briser partout le plafond de verre.

 

15.08  Griet Smaers (CD&V): Wij hebben de voorstellen van minister Van Overtveldt gehoord en die gaan zeker in de goede richting.

 

Ik wil nog over een drietal punten tussenbeide komen.

 

Ten eerste en vooral, ik meen dat het gevraagde debat over de vergoeding van de directeurs van de Nationale Bank zeker een goed voorstel is van minister Van Overtveldt. Minister Geens heeft, toen hij zelf minister van Financiën was, de vergoeding van de directeurs van de Nationale Bank met 14 % naar beneden gebracht. Daar is dus al aan gewerkt. Dat is al een eerste stap vooruit. Het zou zeker goed zijn mochten er nog stappen volgen. Wij steunen dan ook het gevraagde debat, en wij steunen maatregelen om die vergoeding op een redelijk, gebenchmarkt, niveau te brengen.

 

Ten tweede, CD&V heeft gedurende 19 jaar de vrouw in het directiecomité van de Nationale Bank geleverd. Haar naam is hier al een paar keer gevallen. Er is er tot op heden geen enkele andere partij die langer een vrouw in het directiecomité van de Nationale Bank geleverd heeft. Kortom, wij hoeven op dit vlak van niemand lessen te krijgen.

 

CD&V heeft in 2011 de voortrekkersrol gespeeld voor de wet inzake quota in beursgenoteerde privéondernemingen. Wij hebben ook het voortouw genomen voor de quota van de vrouwelijke vertegenwoordiging in de parlementen en voor een evenwichtige vertegenwoordiging in de politiek. Wij merken dat dit ondertussen vruchten afwerpt.

 

Ik vind dat het debat over ofwel quota ofwel competentie een volkomen voorbijgestreefd debat is. De feiten tonen aan dat er de afgelopen drie jaar een verviervoudiging was van het aantal vrouwen in de raden van bestuur van beursgenoteerde bedrijven. Dit cijfer alleen al, waaruit blijkt dat het mogelijk is in beursgenoteerde bedrijven op enkele jaren tijd naar een verviervoudiging van het aantal vrouwelijke afgevaardigden te gaan, toont aan dat het kan en dat men daarbij niet aan competentie hoeft in te boeten, integendeel. Ik heb op dit moment nog niemand horen opperen dat de competentie van de raden van bestuur in beursgenoteerde bedrijven de voorbije jaren is verlaagd.

 

Tot slot, CD&V zal ook nu een voortrekkersrol in het debat opnemen. Wij hebben dat ook al aangetoond en verklaard. Wij hebben ter zake al een wetsvoorstel ingediend, waarnaar al verwezen is. Het laat toe dat wel degelijk op een wettelijke manier in de organieke wetten niet alleen van de Nationale Bank van België maar ook van de FSMA en van het Rekenhof kan worden ingegrepen om de evenwichtige vertegenwoor­diging van minimum een derde vrouwen in de raden van bestuur toe te laten. Ik huiver dan ook voor het tegendeel en zou in ieder geval willen vragen het debat over de evenwichtige vertegenwoordiging open te trekken en niet alleen op de Nationale Bank te focussen. Het is makkelijk om nu alleen op de Nationale Bank te focussen. Ik herhaal dat dergelijke focus goed is en een eerste stap is. De FSMA, het Rekenhof en andere instanties zijn ook nog niet op dat punt beland. Vandaag is dus het moment om ook op die organen in te spelen. Daartoe is een wetgevend initiatief mogelijk, nuttig en nodig.

 

15.09  Luk Van Biesen (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister van Financiën, wij mogen bijzonder verheugd zijn dat u een voorstel doet om eindelijk de Nationale Bank te hervormen. Wij zijn al gedurende vier opeenvolgende legislaturen vragende partij om de Nationale Bank van België op het niveau te brengen waar de hij hoort te staan.

 

Er is, enerzijds, een verminderd takenpakket door middel van de Europese Centrale Bank, die het monetaire beleid heeft overgenomen. Er zijn, anderzijds, taken bijgekomen door de onder­handelde bankencrisis, waarbij wij hebben gesteld dat de Nationale Bank bepaalde elementen, bepaalde banken en bepaalde bankenstructuren meer van nabij moet opvolgen. Het geheel is dus een enerzijds-anderzijdsverhaal, wat betekent dat de Nationale Bank aan een afslankperiode bezig is. Het is nodig dat het Parlement zijn verant­woordelijkheid ter zake neemt om de Nationale Bank af te slanken.

 

Wij steunen de minister van Financiën voor 100 % in zijn hervormingen, op voorwaarde dat hij rekening houdt met de specifieke structuur. Geen enkele collega heeft daarover vandaag iets gezegd, maar het gaat om een beursgenoteerd bedrijf. Daarenboven moet de private aandeel­houder zijn rechtmatige zeg hebben over de hervorming van de Nationale Bank. Wij zullen dus niet toelaten dat de Nationale Bank hervormd wordt zonder respect en medezeggenschap van de private aandeelhouders in de Nationale Bank. Zij hebben de aandelen. Zij hebben het recht om gehoord te worden. Zij hebben het recht om mee te beslissen over de hervorming van de Nationale Bank.

 

Wat de bestuursstructuur van het bedrijf betreft – het gaat om een beursgenoteerd bedrijf – vinden wij dat de rechtmatige genderquota aanwezig moeten zijn. Bij deze benoeming is dat niet het geval, wat wij betreuren. Die krijgt dus nul op het rekwest. Laten wij eerlijk zijn, vrouwen horen even goed thuis in de raad van bestuur van de Nationale Bank als mannen.

 

15.10  Eric Van Rompuy (CD&V): (…)

 

15.11  Luk Van Biesen (Open Vld): Mannen en vrouwen horen daarin thuis, mijnheer Van Rompuy. Collega's, op dat vlak kunnen wij de interpellatie van onze collega's van Ecolo-Groen minder smaken. Ik kan volgende week niet aanwezig zijn bij de aanstelling van een nieuwe raadsheer in de Franse kamer van het Rekenhof, maar blijkbaar wordt er geen enkel probleem van gemaakt dat er geen enkele vrouw aanwezig zal zijn in de Franse kamer van het Rekenhof. Groen en Ecolo pleiten voor een mannelijke raadsheer voor het Rekenhof. Nul op zes voor de vrouwen. Het is dus gemakkelijk om vandaag over het ene dossier te praten en niet over het andere.

 

Collega's, dat mag ons er echter niet van weerhouden duidelijk te stellen dat het helemaal niet meer van deze tijd is dat er geen enkele vrouw in de raad van bestuur of het directiecomité van de Nationale Bank zitting heeft. Wij pleiten samen met de minister voor een duidelijke regeling ter zake, des te meer omdat het een beursgenoteerd bedrijf is dat zich moet houden aan de wetten die voor dergelijke bedrijven gelden. Die wetten schuiven voor vrouwen en mannen een duidelijk aantal naar voren. Daar is duidelijkheid over en er kan dus geen discussie over zijn. Die wet is hier in het Parlement goedgekeurd en ze moet nageleefd worden.

 

15.12  Monica De Coninck (sp.a): Mijnheer de voorzitter, in de beleidsnota van de minister van Financiën staat dat er in de financiële sector gelijke kansen moeten worden geboden aan mannen en vrouwen. Dat is een mooie intentie, maar we zien dat men blijkbaar toch heel bang is voor verandering. De minister stelt nu structurele wijzigingen voor die, hou u vast, ingang zullen vinden vanaf 2023. Met andere woorden, men is de vis aan het verdrinken of beter de vrouw aan het verdrinken.

 

De meerderheidspartijen vormen een Zweedse coalitie, maar van de Scandinavische gender­cultuur hebben ze blijkbaar geen kaas gegeten. Voor alle duidelijkheid, in 2011 hebben we hier in het Parlement wetgeving goedgekeurd waardoor de raad van bestuur van beursgenoteerde private bedrijven en overheidsbedrijven voor minstens een derde uit vrouwen moet bestaan. Ik hoor nu, zeven jaar later, de N-VA en de liberale partijen – want voor alle duidelijkheid, de christen­democraten, socialisten en groenen hebben deze wet goedgekeurd – ook pleiten voor meer vrouwen. Ze pleiten ervoor maar willen dat in de realiteit niet doen.

 

Mijnheer de minister van Financiën, met alle respect, ik heb u zeer goed beluisterd. U weet dat die regel van een derde vrouwen in de verschillende raden van bestuur een reden had. Dat was niet omdat ze vrouwen zijn, dat was omdat er bij mannen en vrouwen vaak verschillende competenties zijn en omdat een raad van bestuur veel beter werkt als er een diversiteit in competenties aanwezig is. Dat is een van de redenen waarom men dat heeft voor­gesteld. Ik verwijs naar bijvoorbeeld de competentie risico vermijden. U schermt met de fit-and-properregels van de Europese Centrale Bank en Europa. Wel, de bankencrisis heeft bewezen dat men geen rekening heeft gehouden met die diversiteit aan competenties in raden van bestuur van de banken. Dat is een belangrijk element geweest in die bankencrisis. Ik geloof uw argument met betrekking tot Europa niet. Ik geloof uw argument met betrekking tot de ECB niet. Integendeel, zij pleiten voor meer competenties in het bestuur.

 

U zei het volgende en ik vond dat arrogant en beschamend. U sprak over de juiste mens op de juiste plaats. Er zijn vrouwen met de juiste competenties, hoor. En die moesten vroeger beschouwend…

 

15.13  Peter De Roover (N-VA): (…)

 

15.14  Monica De Coninck (sp.a): Blijkbaar vindt u ze niet.

 

De Nationale Bank had als taak maatschap­pelijke tendensen te registreren. Marcia De Wachter was daar zeer sterk mee bezig en werkte onder andere rond arbeidsmarkt en jeugdwerkloosheid. Het is niet omdat de NBB meer controlerend zal werken, dat men daar geen vrouwen kan gebruiken, integendeel! Bij twee derde van de gezinnen heeft de vrouw de portemonnee in handen en waakt zij daarover. Men mag dus niet beweren dat er geen competente vrouwen zijn, mevrouw Van Peel, men moet ze alleen zoeken. Het is beschamend welke argumenten u voor de gekozen aanpak gebruikt.

 

Het oldboysnetwerk vindt men niet alleen in het voetbal, maar ook in de politiek. Wees alstublieft kritisch voor uw eigen functioneren, dan zullen we misschien een beter financieel apparaat krijgen. Misschien kunt u in het kernkabinet vol mannen trouwens discussiëren of een en ander niet vroeger dan 2023 kan!

 

15.15  David Clarinval (MR): Monsieur le président, nous avons entendu avec beaucoup d'intérêt la proposition du ministre Van Overtveldt au sujet de la réforme de la Banque nationale. Cette réforme va dans le bon sens et nous la soutiendrons.

 

D'ailleurs, je rappellerai que dans notre résolution de 2016, nous voulions déjà garantir l'égalité salariale pour les hommes et les femmes. Nous étions attentifs à cette problématique depuis longtemps.

 

Nous devons tenir compte de la spécificité de la Banque nationale qui ne dispose pas de conseil d'administration, mais nous devons avancer en la matière.

 

Enfin, je voudrais m'adresser au groupe socialiste que j'ai entendu ce lundi, notamment par la voix Mme Onkelinx, à la radio. Elle reprochait au gouvernement de ne pas désigner de femme à la Banque nationale. Pour rappel, en 2014, le groupe socialiste avait l'occasion et aurait déjà dû appliquer la loi en question mais il a désigné un homme. C'est une conversion tardive mais une conversion tout de même. Nous nous en réjouissons!

 

15.16  Laurette Onkelinx (PS): Avec les socialistes, il y avait encore des femmes au kern. Avec les socialistes, le gouvernement bruxellois est paritaire. Avec les socialistes, nous avons la seule femme bourgmestre de Bruxelles, et je peux continuer la liste. Si vous essayez de donner des leçons, apprenez au moins ce que nous faisons pour l'égalité hommes-femmes. Vous êtes, en la matière, des arriérés!

 

Le président: Nous n'allons pas ouvrir le débat. La parole est à Mme Fonck.

 

15.17  Catherine Fonck (cdH): Chers collègues, essayons d'abord d'être positifs. Toute la saga autour de la nomination d'un directeur à la Banque nationale débouche sur une volonté de réformer la gouvernance de cette institution. En tout cas, c'est le ton du jour. Moins de mandats, des rémunérations plus raisonnables, plus de femmes. Le tout est de savoir si cette volonté de réformer la Banque nationale est réelle et si les grandes lignes exposées aujourd'hui ne sont pas le fruit de la panique du gouvernement face à cette mauvaise saga. L'avenir nous le dira. Si votre gouvernement ne conclut pas concrètement, nous déposerons, en ce qui nous concerne, une proposition de loi, pour avancer.

 

J'en viens à la question de la présence des femmes à la Banque nationale. La situation est pour le moins interpellante à tous les niveaux: conseil de régence, comité de direction, sous-directeurs; deux femmes sur plusieurs dizaines de fonctions, ce n'est pas acceptable.

 

Comprenez-moi bien! La compétence doit toujours, à mes yeux, être le facteur prioritaire. The right man, the right woman,at the right place mais, quand seuls des hommes ou quasiment que des hommes sont en place dans une structure comme la Banque nationale, cela pose question. C'est un peu comme si aucune femme n'avait les compétences pour y être désignée. Pourtant, je connais beaucoup de femmes qui sont compétentes. Si vous le voulez, je peux vous les présenter.

 

Je me permets de vous faire une suggestion très concrète. Monsieur le ministre, j'ai entendu que vous parliez de 2023. Commençons sans attendre par la féminisation du conseil de régence en n'y nommant plus que des femmes!

 

Permettez-moi également de sourire quand j'entends certains face à l'attitude de ceux dont le discours est à géométrie variable! Ceux-là reprochent la nomination d'un homme, nomination qui violerait aujourd'hui la loi du 28 juillet 2011, alors qu'eux-mêmes ont nommé, après l'adoption de cette loi, de nouveaux administrateurs plutôt que de nouvelles administratrices à la Banque nationale. La législation devra être adaptée pour aller dans le sens de la féminisation des organes des entreprises importantes.

 

Enfin, monsieur le président, chers collègues, je vais conclure sur deux points. Le premier, c'est vous dire que je trouve que cette saga a donné une image déplorable du politique. C'est regrettable. Par ailleurs, je voudrais aussi terminer en disant oui à une réforme de la Banque nationale, notamment de la gouvernance, à condition qu'elle soit rapide là où elle est indiscutable et qu'elle soit réfléchie là où une discussion est nécessaire.

 

15.18  Barbara Pas (VB): Mijnheer de voorzitter, collega's, als ik geen politica van het Vlaams Belang zou zijn, dan was ik, zeker de voorbije weken, wel heel beschaamd om überhaupt politica te zijn. Nu had ik alleen plaatsvervangende schaamte voor al die andere partijen die, in plaats van met de problemen van de burgers bezig te zijn, veel te veel met zichzelf bezig zijn. Zij hebben vechtend hun kleinste kantjes laten zien in de strijd voor zelfverrijking en politieke postjespakkerij.

 

Ondanks de kracht van verandering, ondanks de zogenaamde voorkeur voor de zakelijkheid, moeten wij vaststellen dat die politieke benoemingen vandaag nog steeds de gangbare praktijk zijn. Als het de voorbije weken de bedoeling was om het laatste rankje resterende geloofwaardigheid in de politiek volledig uit te roeien en aan te tonen dat het allemaal om postjes draait, dan bent u allen glansrijk geslaagd. Het was tenenkrullend gekrakeel over topjobs, zowel over de gouverneur van Oost-Vlaanderen als de nieuwe directeur bij de Nationale Bank. Topjobs waarvan men zich ernstig kan afvragen waarvoor zij eigenlijk dienen en waarom ze zo royaal vergoed zijn.

 

Hier is al aangehaald dat die politieke benoemings­cultuur al heel lang bestaat. Het verschil met vroeger is dat het getouwtrek toen onder de waterlijn bleef. Sinds de vorige legislatuur heeft men zelfs de schaamte en de schroom niet meer om die achterkamertjespolitiek in de achterkamers te houden. Nu wordt het openblijk uitgevochten.

 

In tegenstelling tot veel collega's die ik daarjuist het gehoord, lig ik als vrouw echt niet wakker van het geslacht van die nieuwe directeur van de Nationale Bank. Iedereen heeft recht op een faire kans. Als geslacht en afkomst er niet toe mogen doen, waarom zou men dan in godsnaam quota invoeren om mensen op basis daarvan voor te trekken? Ik ben geen voorstander van zulke quota, ook niet van het voorstel van de minister van Financiën in die richting. Positieve discrimi­natie is ook discriminatie. Quota komen neer op pure politiek correcte discriminatie.

 

Wat mij wel mateloos stoorde, is de manier waarop de aanstelling van de nieuwe directeur van de Nationale Bank geschiedt en ook de peperdure en achterhaalde managementstructuur, waar hij tot toetreedt. La Belgique à papa is terug van nooit weg geweest.

 

In de plaats van te neuten over het geslacht van de nieuwe directeur, zou men beter de vraag stellen waarom de centrale bank van een land met 11 miljoen inwoners zes directeurs en een gouverneur nodig heeft, met elk een maandloon van 30 000 euro. Duitsland en Nederland doen het ondanks hun hogere bevolkingsaantal niet alleen met minder directeurs, maar vooral zonder politieke benoemingen. De Belgische Nationale Bank lijkt wel, zoals veel Europese instellingen trouwens, een opvangtehuis voor afgedankte politici. Keuze te over helaas.

 

Er wordt nu een drastische hervorming van de Nationale Bank aangekondigd. Drastisch is heel sterk uitgedrukt, naar Belgische normen misschien, maar de essentie is dat de politisering blijft.

 

Ik vraag u, niet voor de eerste keer – in de vorige legislatuur vroeg de N-VA dat in dit huis samen met mij – om het rad van de politieke benoe­mingen eindelijk te stoppen, en niet alleen in de Nationale Bank. Objectief de juiste persoon op de juiste plaats zetten. Alleen capaciteit en competentie mogen daarbij tellen. Inderdaad, mevrouw De Coninck, heel veel vrouwen hebben die competentie, maar hebben daar heus geen betuttelende quota voor nodig.

 

Ik stel vast dat er 20 jaar na de grote Copernicus­hervorming met beter bestuurlijk beleid en een modern personeelsbeleid maar een stakeholder is die de regels glansrijk aan zijn laars blijft lappen. Dat is uitgerekend degene die de regeltjes zelf heeft bepaald, namelijk: de Belgische Staat.

 

15.19  Marco Van Hees (PTB-GO!): Monsieur le ministre, je trouve votre réponse effarante. Non seulement, vous dites que les réformes sont pour 2023, mais en plus vous dites qu'il n'y aura pas de quotas. Pourtant, de nombreuses études ont démontré que, malheureusement, pour qu'il y ait un équilibre entre les genres, il faut passer par les quotas. Vous vous justifiez en disant qu'il faut voir ce que la Banque centrale européenne autorise. Non seulement elle impose sa dictature en matière monétaire, mais aussi en politique de genre! Et vous dites aussi qu'il faut que la personne soit compétente. En clair, selon vous, les femmes sont trop bêtes pour occuper des postes à la Banque nationale!

 

Vous faites référence à la crise de 2008, en disant qu'il fallait des personnes suffisamment fortes et compétentes pour gérer la situation. Mais la gestion de la crise financière par la Banque nationale a été catastrophique en 2008! Ils ont vu qu'il y avait des problèmes chez Fortis et ils n'ont rien fait. Ils ont laissé sombrer Fortis alors qu'ils étaient au courant que cela allait droit dans le mur.

 

Je trouve votre réponse effarante sur ce point-là, mais aussi sur la question des rémunérations. Vous ne dites rien en la matière, alors que le gouverneur gagne 490 000 euros par an, soit 40 000 euros par mois. C'est plus que le premier ministre, plus que les autres dirigeants de banques centrales en Europe. Quand il s'agit d'imposer un saut d'index, c'est vite décidé par le gouvernement, comme pour la TVA sur l'électricité ou la pension à 67 ans, mais, quand il faut toucher à des grosses rémunérations, tout d'un coup cela devient très compliqué.

 

Pourquoi attendre 2023 pour nommer une représentante féminine à la place de la seule femme du comité de direction qui s'en va? Cela pourrait avoir lieu tout de suite, d'autant que l'on remplace cette femme par quelqu'un qui est visiblement impliqué dans l'affaire des fonds libyens. En effet, hier, en commission des Finances, nous avons reçu une lettre dans laquelle un haut fonctionnaire des Finances écrit, au nom du ministre, qu'Euroclear peut libérer des fonds pour les verser à des personnes qui les auraient manifestement utilisés pour acheter des armes pour les milices libyennes.

 

J'attire ici votre attention sur le fait que nous n'avons pas pu être éclairés sur la question puisque la majorité a refusé que nous entendions ce fonctionnaire. L'opacité est donc organisée.

 

Quoi qu'il en soit, c'est cette personne-là qui a possiblement fauté et que nous ne pouvons pas entendre que l'on veut nommer à la place de la seule femme du comité de direction qui quitte ses fonctions. Cette façon de faire est assez effarante.

 

Selon moi, il faudrait qu'une procédure transpa­rente et motivée soit mise en place pour voir qui on place à la Banque nationale. Je rappelle que la précédente nomination avait également suscité pas mal de remous. D'ailleurs, la directrice sortante, Marcia De Wachter a dit, dans un tweet, qu'il y aurait bientôt plus de représentants de la famille Frère que de femmes dans l'histoire de la Banque nationale. Effective­ment, on peut constater qu'une dynastie Frère s'installe à la Banque nationale. Il y a d'abord eu Albert, puis le fils Gérald, et ensuite le petit-fils Cédric. Cela est interpellant quand on connaît la carrière de cette famille de milliardaires.

 

Le livre du journaliste français, Denis Robert, l'homme de l'affaire Clearstream, vient d'ailleurs de sortir. Il montre qu'en Belgique, en France et au Brésil, la famille Frère s'est enrichie en volant l'État avec des faux en écriture et des complicités politiques – les preuves sont là.

 

Il s'agit donc de regarder, outre l'égalité de genre, quelles sont les personnes qu'on met en poste à la Banque nationale qui ressemble d'ailleurs plus à une agence de propagande gouvernementale qu'à autre chose.

 

Finalement, il faut s'interroger concernant la fonction de cet oiseau un peu bizarre qui est public et privé et qui est coté en bourse.

 

C'est une des seules banques centrales dans le monde cotées en bourse. Elle a différentes fonctions. Je pense qu'une réforme en profondeur de la Banque nationale est nécessaire.

 

15.20  Hendrik Vuye (Vuye&Wouters): Mijnheer de voorzitter, inzake politieke benoemingen zijn in deze Kamer al heel vaak alarmsignalen afgegaan. De eerste keer dat daarover gesproken werd, was in 1850. Maar het was vooral na de Tweede Wereldoorlog dat de politieke partijen begonnen met het kolonialiseren en verkavelen van de hele maatschappij. Wij hadden daar zelfs een commissie voor, de commissie-Dekens. Die commissie deelde de lakens uit inzake politieke postjes.

 

Er hadden hier al alarmsignalen moeten afgaan in 1998, toen de heer Batselé benoemd zou worden als raadsheer bij het Hof van Cassatie. Procureur Liekendael stond toen op het punt van het Hof te vorderen dat hij de eed niet mocht afleggen. Zelfs toen zijn de alarmbellen eigenlijk niet gehoord.

 

Iedereen heeft hier boter op het hoofd. Wij moeten daar komaf mee maken.

 

Ik hoor mevrouw Onkelinx en mevrouw Winckel van de PS, ik hoor mevrouw Fonck van cdH. Sorry, maar laten wij eens kijken naar de samenstelling van het Grondwettelijk Hof. Aan Vlaamse kant zijn daar zes rechters, drie mannen en drie vrouwen. Aan Franstalige kant zijn daar zes mannen en nul vrouwen. Toen de grote passionara van de quota, mevrouw Milquet, iemand moest benoemen bij het Grondwettelijk Hof, heeft zij haar studievriend benoemd. Toen heeft zij niet gedacht aan de quota. Op dat moment waren die blijkbaar niet meer van tel. Wanneer wij kijken naar de Franstalige referen­darissen, zien wij dat er op acht referendarissen wel zes vrouwen zijn. Met andere woorden, bij de Franstalige generaals van het Grondwettelijk Hof zijn er nul vrouwen, maar bij de Franstalige soldaten is bijna iedereen een vrouw. Dat is de realiteit.

 

Wij kunnen maar beter van de pest van de politieke benoemingen afgeraken. Indien wij daarvan afgeraken, zullen wij de juiste vrouw of de juiste man op de juiste plaats krijgen. Daar moeten wij naartoe, met name naar een objectivering van procedures.

 

Ik heb de eerste minister hier vandaag op een vraag van mijn collega Veerle Wouters horen antwoorden dat hij bereid was stappen te zetten, wat een positief punt is. Alleen hebben vóór eerste minister Michel echter al heel veel andere eerste ministers hier in het Halfrond hetzelfde verklaard. Hij is zeker en vast niet de eerste.

 

Bemerk ook dat bij partijen die in het benoemings­beleid verandering zouden brengen en die met het toverwoord 'verandering' verkiezingen winnen, op het ogenblik waarop de kat bij de melk wordt gezet, de kat met kennis van zaken begint te drinken. Zij hebben zelfs de mandaten­kampioenen in hun rangen. Ik hoor over structurele hervormingen bij de Nationale Bank van België spreken en hoor ook dat men daar fier op is. Collega's van de N-VA, het benoemen van het hoofd van uw studiedienst en van uw eigen penningmeester bij de Nationale Bank van België heeft zelfs de PS nooit gedaan. Dat heeft zelfs de PS nooit gedaan!

 

Inzake de Nationale Bank van België hebben mevrouw Wouters en ikzelf al meerdere voorstellen gedaan die volledig in de richting van de huidige voorstellen van de minister van Financiën gaan, zoals bijvoorbeeld het afschaffen van het College van censoren, dat inderdaad een overbodig orgaan is. Ook de Regentenraad is grotendeels een relict uit het verleden, tenminste toch in zijn huidige samenstelling. Dat het directiecomité een Mexicaans leger is, ziet men onmiddellijk. Men hoeft geen specialist in Defensie te zijn, om dat te bemerken. Wij hebben in november 2017 via een amendement reeds een voorstel ingediend teneinde het directiecomité te laten samenstellen uit personen van verschillend geslacht. Dat amendement is toen door de meerderheid weggestemd.

 

Wat de hervorming van de Nationale Bank betreft, raad ik iedereen de lectuur aan van het boek van Véronique Goossens. Het is een uitstekend boek met een prachtige verhaallijn, maar met een surrealistische inhoud. Waarom moeten wij ook de Nationale Bank hervormen? Ik citeer de laatste bladzijde van het boek van mevrouw Goossens: "Omdat de Belgische onmacht om de Belgische structuren te veranderen, mede in stand gehouden wordt en geïnstitutionaliseerd wordt door de sclerose van de Nationale Bank." Dat is misschien ook een reden om te werken aan die hervorming van de Nationale Bank.

 

Moties

Motions

 

De voorzitter: Tot besluit van deze bespreking werden volgende moties ingediend.

En conclusion de cette discussion les motions suivantes ont été déposées.

 

Een motie van aanbeveling werd ingediend door mevrouw Evita Willaert en luidt als volgt:

"De Kamer,

gehoord de interpellatie van mevrouw Evita Willaert

en het antwoord van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude,

verzoekt de regering om de heer Steven Vanackere niet te benoemen als directeur bij de Nationale Bank van België."

Une motion de recommandation a été déposée par Mme Evita Willaert et est libellée comme suit:

"La Chambre,

ayant entendu l'interpellation de Mme Evita Willaert

et la réponse du ministre des Finances, chargé de la Lutte contre la fraude fiscale,

demande au gouvernement de ne pas nommer M. Steven Vanackere en tant que directeur à la Banque nationale de Belgique."

 

Een eenvoudige motie werd ingediend door de heren Peter De Roover en Richard Miller, mevrouw Sonja Becq en de heer Luk Van Biesen.

Une motion pure et simple a été déposée par MM. Peter De Roover et Richard Miller, Mme Sonja Becq et M. Luk Van Biesen.

 

Over de moties zal volgende week worden gestemd. De bespreking is gesloten.

Le vote sur les motions aura lieu la semaine prochaine. La discussion est close.

 

16 Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen – Benoeming van de leden – Tweede oproep tot kandidaten

16 Conseil central de surveillance pénitentiaire – Nomination des membres – Second appel aux candidats

 

Overeenkomstig de beslissing van de plenaire vergadering van 20 september 2018 werd in het Belgisch Staatsblad van 26 september 2018 een oproep tot kandidaten bekendgemaakt voor de mandaten van lid van de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen.

Conformément à la décision de la séance plénière du 20 septembre 2018, un appel aux candidats a été publié au Moniteur belge du 26 septembre 2018 pour les mandats de membre du Conseil central de surveillance pénitentiaire.

 

De Centrale Toezichtsraad bestaat uit twaalf effectieve (6 N + 6 F) en twaalf plaatsvervangende (6 N + 6 F) leden.

Le Conseil central de surveillance est composé de douze membres effectifs (6 F + 6 N) et de douze membres suppléants (6 F + 6 N).

 

De Centrale Toezichtsraad telt onder haar effectieve en plaatsvervangende leden ten minste:

- twee Nederlandstaligen en twee Franstaligen die houder zijn van een diploma master in de rechten, waaronder minstens één Nederlandstalige en één Franstalige magistraat van de zetel;

- één Nederlandstalige en één Franstalige arts.

Le Conseil central de surveillance compte parmi ses membres effectifs et ses membres suppléants au moins:

- deux francophones et deux néerlandophones titulaires d’un master en droit, parmi lesquels au moins un francophone et un néerlandophone magistrat du siège;

- un médecin francophone et un médecin néerlan­dophone.

 

De Kamer van volksvertegenwoordigers dient onder de effectieve leden een bureau aan te wijzen, bestaande uit twee Nederlandstalige en twee Franstalige leden, waarvan minstens één lid per taalrol houder is van een diploma in de rechten.

La Chambre des représentants doit désigner parmi les membres effectifs un bureau, composé de deux membres francophones et de deux mem­bres néerlandophones, dont au moins un membre par rôle linguistique est titulaire d’un diplôme de droit.

 

Voor de categorie ″Franstalige magistraat van de zetel″ werd geen kandidatuur ingediend.

Aucune candidature n’a été introduite pour la catégorie “magistrat francophone du siège″.

 

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 7 november 2018 stel ik u voor een tweede oproep tot kandidaten in het Belgisch Staatsblad bekend te maken voor het mandaat van Franstalige magistraat van de zetel.

Conformément à l’avis de la Conférence des présidents du 7 novembre 2018, je vous propose de publier un second appel aux candidats au Moniteur belge pour le mandat de magistrat francophone du siège.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

17 Urgentieverzoeken vanwege de regering

17 Demandes d'urgence émanant du gouverne­ment

 

De regering heeft de spoedbehandeling gevraagd met toepassing van artikel 51 van het Reglement, bij de indiening van volgende wetsontwerpen:

Le gouvernement a demandé l'urgence conformé­ment à l'article 51 du Règlement lors du dépôt des projets de loi suivants:

 

Wetsontwerp houdende diverse arbeids­bepalingen, nr. 3347/1.

Projet de loi portant des dispositions diverses relatives au travail, n° 3347/1.

 

17.01 Minister Johan Van Overtveldt: Mijnheer de voorzitter, aangezien de datum van inwerking­treding van verschillende artikelen van deze wet is bepaald op 1 januari 2018 en van andere op 1 januari 2019, vragen wij de spoedprocedure om zo de helderheid van wet zoveel mogelijk te behouden en niet nodeloos bijkomende retro­activiteit omtrent de inwerkingtreding te vragen.

 

Voor het hoofdstuk over de projecten inzake toekomstgerichte arbeidsorganisatie is het essentieel voor werkgevers om snel klaar en duidelijk een overzicht te krijgen van de voorwaarden verbonden aan de financiële tegemoetkoming waarop zij recht kunnen hebben bij de indiening van projectvoorstellen. Ook om de continuïteit van de werking van de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst te garanderen is het van belang een rechtsbasis te hebben om een leidend ambtenaar te kunnen aanduiden. Een te lange leemte in die rechtsbasis is nefast voor de werking van de dienst.

 

De voorzitter: Ik stel u voor om ons over deze vraag uit te spreken.

Je vous propose de nous prononcer sur cette demande.

 

De urgentie wordt aangenomen bij zitten en opstaan.

L'urgence est adoptée par assis et levé.

 

Wetsontwerp tot instelling van een vrij aanvullend pensioen voor de werknemers en houdende diverse bepalingen inzake aanvullende pensioenen, nr. 3356/1.

Projet de loi instaurant une pension libre complémentaire pour les travailleurs salariés et portant des dispositions diverses en matière de pension complémentaire, n° 3356/1.

 

17.02 Minister Johan Van Overtveldt: Mijnheer de voorzitter, het wetsontwerp wil alle werknemers die nog niet van een aanvullend pensioen genieten of die genieten van een aanvullend pensioen van een beperkt niveau, toelaten een dergelijk pensioen van de tweede pijler op te bouwen in het kader van het vrij aanvullend pensioen. De urgentie wordt gemotiveerd door het belang om een maximaal aantal werknemers vanaf 2019 te laten genieten van het VAPW-stelsel. Hoe later in de loop van 2019 het wetsontwerp in werking treedt, hoe hoger het risico dat de geïnteresseerde werknemers hun toegang tot het VAPW-stelsel uitstellen tot 2020.

 

De urgentie wordt des te meer verantwoord, doordat het merendeel van de bepalingen van het wetsontwerp in werking treedt drie maanden na de publicatie van de wet. De termijn van drie maanden moet worden behouden om de pensioen­instellingen voldoende tijd te bieden om de geschikte producten te ontwikkelen in het kader van het VAPW.

 

De voorzitter: Ik stel u voor om ons over deze vraag uit te spreken.

Je vous propose de nous prononcer sur cette demande.

 

De urgentie wordt aangenomen bij zitten en opstaan.

L'urgence est adoptée par assis et levé.

 

18 Inoverwegingneming van voorstellen

18 Prise en considération de propositions

 

In de laatst rondgedeelde agenda komt een lijst van voorstellen voor waarvan de inoverweging­neming is gevraagd.

Vous avez pris connaissance dans l'ordre du jour qui vous a été distribué de la liste des propositions dont la prise en considération est demandée.

 

Indien er geen bezwaar is, beschouw ik deze als aangenomen; overeenkomstig het Reglement worden die voorstellen naar de bevoegde commissies verzonden.

S'il n'y a pas d'observations à ce sujet, je considérerai la prise en considération comme acquise et je renvoie les propositions aux commissions compétentes conformément au Règlement.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Naamstemmingen

Votes nominatifs

 

19 Wetsontwerp tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, ten einde de werking van de Commissie voor vrijstelling te hervormen (3317/3)

19 Projet de loi modifiant l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 organisant le statut social des travailleurs indépendants, afin de réformer le fonctionnement de la Commission des dispenses de cotisations (3317/3)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote?

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring?

 

19.01  Sébastian Pirlot (PS): Monsieur le président, je veux simplement signaler un pairage avec mon collègue, M. Damien Thiéry.

 

Le président: Dont acte.

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 1)

Ja

133

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

133

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. (3317/4)

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale. (3317/4)

 

MM. Eric Thiébaut, Emir Kir et Jacques Chabot ont voté pour.

 

(M. Sébastian Pirlot s'est abstenu)

 

20 Wetsontwerp houdende instemming met het Protocol tot wijziging van het Verdrag van 9 februari 1994 inzake de heffing van rechten voor het gebruik van bepaalde wegen door zware vrachtwagens overeenkomstig Richtlijn 2011/76/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 1999/62/EG betreffende het in rekening brengen van het gebruik van bepaalde infrastructuur­voorzieningen aan zware vrachtvoertuigen, gedaan te Brussel op 6 december 2017 (nieuw opschrift) (3285/3)

20 Projet de loi portant assentiment au Protocole modifiant l'Accord du 9 février 1994 relatif à la perception d'un droit d'usage pour l'utilisation de certaines routes par des véhicules utilitaires lourds, conformément à la Directive 2011/76/UE du Parlement européen et du Conseil du 27 septembre 2011 modifiant la directive 1999/62/CE relative à la taxation des poids lourds pour l'utilisation de certaines infra­structures, fait à Bruxelles le 6 décembre 2017 (nouvel intitulé) (3285/3)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 2)

Ja

136

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

136

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. (3285/4)

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale. (3285/4)

 

(M. Sébastian Pirlot s'est abstenu)

 

Monsieur Pirlot, vous avez annoncé votre pairage mais j'avais entendu une abstention. Si un consensus existe, il n'y a aucune raison de se faire du souci.

 

21 Wetsontwerp houdende instemming met het Uitleveringsverdrag tussen het Koninkrijk België en de Volksrepubliek China, opgemaakt te Beijing op 31 oktober 2016 (3312/1)

21 Projet de loi portant assentiment au Traité entre le Royaume de Belgique et la République populaire de Chine sur l'extradition, fait à Pékin le 31 octobre 2016 (3312/1)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 3)

Ja

76

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

61

Abstentions

Totaal

137

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. (3312/4)

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale. (3312/4)

 

Reden van onthouding? (Nee)

Raison d'abstention? (Non)

 

22 Wetsontwerp houdende instemming met het Verdrag tussen het Koninkrijk België en de Volksrepubliek China inzake de overbrenging van gevonniste personen, opgemaakt te Beijing op 31 oktober 2016 (3313/1)

22 Projet de loi portant assentiment au Traité entre le Royaume de Belgique et la République Populaire de Chine sur le transfèrement des personnes condamnées, fait à Pékin le 31 octobre 2016 (3313/1)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 4)

Ja

74

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

62

Abstentions

Totaal

136

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. (3313/4)

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale. (3313/4)

 

Raison d'abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

M. Richard Miller a voté pour.

 

23 Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 19 mei 1994 tot regeling van de verkiezings­campagne en tot beperking en aangifte van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van het Vlaams Parlement, het Waals Parlement, het Brussels Hoofdstedelijk Parlement en het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap, alsmede tot vaststelling van de toetsingsnorm inzake officiële mededelingen van de overheid, teneinde ook na de hertekening van de kieskringen in de provincies Henegouwen en Luxemburg de voortzetting te verzekeren van de beperking van de verkiezings­uitgaven (3342/4)

23 Proposition de loi modifiant la loi du 19 mai 1994 réglementant la campagne élec­torale, concernant la limitation et la déclaration des dépenses électorales engagées pour les élections du Parlement wallon, du Parlement flamand, du Parlement de la Région de Bruxelles-Capitale et du Parlement de la Communauté germanophone, et fixant le critère de contrôle des communications officielles des autorités publiques, en vue d'assurer la continuité en matière de limitation des dépenses électorales suite à la modification des circonscriptions électorales dans les provinces de Hainaut et de Luxembourg (3342/4)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 5)

Ja

134

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

3

Abstentions

Totaal

137

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsvoorstel aan. Het zal als ontwerp aan de Senaat worden overgezonden. (3342/5)

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de loi. Elle sera transmise en tant que projet au Sénat. (3342/5)

 

Raison d'abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

24 Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt, in verband met de benoemingscommissies voor het notariaat (3044/7)

24 Proposition de loi modifiant la loi du 25 ventôse an XI contenant organisation du notariat en ce qui concerne les commissions de nomination pour le notariat (3044/7)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 6)

Ja

135

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

2

Abstentions

Totaal

137

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsvoorstel aan. Het zal als wetsontwerp aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. (3044/8)

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de loi. Elle sera soumise en tant que projet de loi à la sanction royale. (3044/8)

 

Raison d'abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

25 Goedkeuring van de agenda

25 Adoption de l’ordre du jour

 

Wij moeten overgaan tot de goedkeuring van de agenda voor de vergadering van woensdag 14 november 2018.

Nous devons procéder à l’approbation de l’ordre du jour de la séance du mercredi 14 novembre 2018.

 

Geen bezwaar? (Nee) De agenda is goedgekeurd.

Pas d’observation? (Non) L’ordre du jour est approuvé.

 

De vergadering wordt gesloten. Volgende vergadering woensdag 14 november 2018 om 14.15 uur.

La séance est levée. Prochaine séance le mercredi 14 novembre 2018 à 14.15 heures.

 

De vergadering wordt gesloten om 18.07 uur.

La séance est levée à 18.07 heures.

 

 

De bijlage is opgenomen in een aparte brochure met nummer CRIV 54 PLEN 253 bijlage.

 

L'annexe est reprise dans une brochure séparée, portant le numéro CRIV 54 PLEN 253 annexe.

 

 

 


Detail van de naamstemmingen

 

Détail des votes nominatifs

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 001

 

 

Oui        

133

Ja

 

Almaci Meyrem, Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Ben Hamou Nawal, Blanchart Philippe, Bogaert Hendrik, Bonte Hans, Bracke Siegfried, Brotcorne Christian, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Calvo Kristof, Capoen An, Carcaci Aldo, Casier Youro, Cassart-Mailleux Caroline, Ceysens Patricia, Chastel Olivier, Cheron Marcel, Clarinval David, Corthouts Michel, Daerden Frédéric, De Coninck Inez, De Coninck Monica, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Dedry Anne, Degroote Koenraad, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Detiège Maya, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewael Patrick, De Wever Bart, Dewinter Filip, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Foret Gilles, Frédéric André, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Galant Isabelle, Gantois Rita, Geerts David, Gilkinet Georges, Goffin Philippe, Goffinet Anne-Catherine, Grosemans Karolien, Grovonius Gwenaëlle, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Henry Olivier, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Kitir Meryame, Klaps Johan, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lalieux Karine, Lambrecht Annick, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Lutgen Benoît, Luykx Peter, Maingain Olivier, Mathot Alain, Matz Vanessa, Metsu Koen, Miller Richard, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Piedboeuf Benoît, Pirlot Sébastian, Pivin Philippe, Schepmans Françoise, Schlitz Sarah, Scourneau Vincent, Senesael Daniel, Smaers Griet, Somers Ine, Spooren Jan, Temmerman Karin, Terwingen Raf, Thoron Stéphanie, Top Alain, Uyttersprot Goedele, Van Biesen Luk, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vanden Burre Gilles, Vandenput Tim, Van der Donckt Wim, Van der Maelen Dirk, Van de Velde Robert, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vanvelthoven Peter, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Vermeulen Brecht, Vuye Hendrik, Willaert Evita, Wilrycx Frank, Winckel Fabienne, Wollants Bert, Wouters Veerle, Yüksel Veli

 

Non        

000

Nee

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 


 

Vote nominatif - Naamstemming: 002

 

 

Oui        

136

Ja

 

Almaci Meyrem, Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Ben Hamou Nawal, Blanchart Philippe, Bogaert Hendrik, Bonte Hans, Bracke Siegfried, Brotcorne Christian, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Calvo Kristof, Capoen An, Carcaci Aldo, Casier Youro, Cassart-Mailleux Caroline, Ceysens Patricia, Chabot Jacques, Chastel Olivier, Cheron Marcel, Clarinval David, Corthouts Michel, Daerden Frédéric, De Coninck Inez, De Coninck Monica, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Dedry Anne, Degroote Koenraad, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Detiège Maya, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewael Patrick, De Wever Bart, Dewinter Filip, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Foret Gilles, Frédéric André, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Galant Isabelle, Gantois Rita, Geerts David, Gilkinet Georges, Goffin Philippe, Goffinet Anne-Catherine, Grosemans Karolien, Grovonius Gwenaëlle, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Henry Olivier, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Kir Emir, Kitir Meryame, Klaps Johan, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lalieux Karine, Lambrecht Annick, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Lutgen Benoît, Luykx Peter, Maingain Olivier, Mathot Alain, Matz Vanessa, Metsu Koen, Miller Richard, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Piedboeuf Benoît, Pirlot Sébastian, Pivin Philippe, Schepmans Françoise, Schlitz Sarah, Scourneau Vincent, Senesael Daniel, Smaers Griet, Somers Ine, Spooren Jan, Temmerman Karin, Terwingen Raf, Thiébaut Eric, Thoron Stéphanie, Top Alain, Uyttersprot Goedele, Van Biesen Luk, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vanden Burre Gilles, Vandenput Tim, Van der Donckt Wim, Van der Maelen Dirk, Van de Velde Robert, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vanvelthoven Peter, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Vermeulen Brecht, Vuye Hendrik, Willaert Evita, Wilrycx Frank, Winckel Fabienne, Wollants Bert, Wouters Veerle, Yüksel Veli

 

Non        

000

Nee

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 


 

Vote nominatif - Naamstemming: 003

 

 

Oui        

076

Ja

 

Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Bogaert Hendrik, Bracke Siegfried, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Capoen An, Carcaci Aldo, Cassart-Mailleux Caroline, Ceysens Patricia, Chastel Olivier, Clarinval David, De Coninck Inez, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Degroote Koenraad, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Foret Gilles, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Galant Isabelle, Gantois Rita, Goffin Philippe, Grosemans Karolien, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Luykx Peter, Maingain Olivier, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Piedboeuf Benoît, Pivin Philippe, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Smaers Griet, Somers Ine, Spooren Jan, Terwingen Raf, Thoron Stéphanie, Uyttersprot Goedele, Van Biesen Luk, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vandenput Tim, Van der Donckt Wim, Van de Velde Robert, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Vermeulen Brecht, Wilrycx Frank, Wollants Bert, Yüksel Veli

 

Non        

000

Nee

 

Abstentions

061

Onthoudingen

 

Almaci Meyrem, Ben Hamou Nawal, Blanchart Philippe, Bonte Hans, Brotcorne Christian, Calvo Kristof, Casier Youro, Chabot Jacques, Cheron Marcel, Corthouts Michel, Daerden Frédéric, De Coninck Monica, Dedry Anne, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Detiège Maya, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewinter Filip, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Frédéric André, Geerts David, Gilkinet Georges, Goffinet Anne-Catherine, Grovonius Gwenaëlle, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Henry Olivier, Kir Emir, Kitir Meryame, Laaouej Ahmed, Lalieux Karine, Lambrecht Annick, Lutgen Benoît, Mathot Alain, Matz Vanessa, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Pirlot Sébastian, Schlitz Sarah, Senesael Daniel, Temmerman Karin, Thiébaut Eric, Top Alain, Vanden Burre Gilles, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Vanvelthoven Peter, Vuye Hendrik, Willaert Evita, Winckel Fabienne, Wouters Veerle

 


 

Vote nominatif - Naamstemming: 004

 

 

Oui        

074

Ja

 

Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Bogaert Hendrik, Bracke Siegfried, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Capoen An, Carcaci Aldo, Cassart-Mailleux Caroline, Ceysens Patricia, Chastel Olivier, Clarinval David, De Coninck Inez, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Degroote Koenraad, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Foret Gilles, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Galant Isabelle, Gantois Rita, Goffin Philippe, Grosemans Karolien, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Klaps Johan, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Luykx Peter, Metsu Koen, Muylle Nathalie, Piedboeuf Benoît, Pivin Philippe, Schepmans Françoise, Scourneau Vincent, Smaers Griet, Somers Ine, Spooren Jan, Terwingen Raf, Thoron Stéphanie, Uyttersprot Goedele, Van Biesen Luk, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vandenput Tim, Van der Donckt Wim, Van de Velde Robert, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Vermeulen Brecht, Wilrycx Frank, Wollants Bert, Yüksel Veli

 

Non        

000

Nee

 

Abstentions

062

Onthoudingen

 

Almaci Meyrem, Ben Hamou Nawal, Blanchart Philippe, Bonte Hans, Brotcorne Christian, Calvo Kristof, Casier Youro, Chabot Jacques, Cheron Marcel, Corthouts Michel, Daerden Frédéric, De Coninck Monica, Dedry Anne, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Detiège Maya, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewinter Filip, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Frédéric André, Geerts David, Gilkinet Georges, Goffinet Anne-Catherine, Grovonius Gwenaëlle, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Henry Olivier, Kir Emir, Kitir Meryame, Laaouej Ahmed, Lalieux Karine, Lambrecht Annick, Lutgen Benoît, Maingain Olivier, Mathot Alain, Matz Vanessa, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Pirlot Sébastian, Schlitz Sarah, Senesael Daniel, Temmerman Karin, Thiébaut Eric, Top Alain, Vanden Burre Gilles, Van der Maelen Dirk, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Vanvelthoven Peter, Vuye Hendrik, Willaert Evita, Winckel Fabienne, Wouters Veerle

 


 

Vote nominatif - Naamstemming: 005

 

 

Oui        

134

Ja

 

Almaci Meyrem, Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Ben Hamou Nawal, Blanchart Philippe, Bogaert Hendrik, Bonte Hans, Bracke Siegfried, Brotcorne Christian, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Calvo Kristof, Capoen An, Carcaci Aldo, Casier Youro, Cassart-Mailleux Caroline, Ceysens Patricia, Chabot Jacques, Chastel Olivier, Cheron Marcel, Clarinval David, Corthouts Michel, Daerden Frédéric, De Coninck Inez, De Coninck Monica, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Dedry Anne, Degroote Koenraad, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Detiège Maya, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewael Patrick, De Wever Bart, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Foret Gilles, Frédéric André, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Galant Isabelle, Gantois Rita, Geerts David, Gilkinet Georges, Goffin Philippe, Goffinet Anne-Catherine, Grosemans Karolien, Grovonius Gwenaëlle, Hedebouw Raoul, Hellings Benoit, Henry Olivier, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Kir Emir, Kitir Meryame, Klaps Johan, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lalieux Karine, Lambrecht Annick, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Lutgen Benoît, Luykx Peter, Maingain Olivier, Mathot Alain, Matz Vanessa, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pehlivan Fatma, Piedboeuf Benoît, Pirlot Sébastian, Pivin Philippe, Schepmans Françoise, Schlitz Sarah, Scourneau Vincent, Senesael Daniel, Smaers Griet, Somers Ine, Spooren Jan, Temmerman Karin, Terwingen Raf, Thiébaut Eric, Thoron Stéphanie, Top Alain, Uyttersprot Goedele, Van Biesen Luk, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vanden Burre Gilles, Vandenput Tim, Van der Donckt Wim, Van der Maelen Dirk, Van de Velde Robert, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vanvelthoven Peter, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Vermeulen Brecht, Vuye Hendrik, Willaert Evita, Wilrycx Frank, Winckel Fabienne, Wollants Bert, Wouters Veerle, Yüksel Veli

 

Non        

000

Nee

 

Abstentions

003

Onthoudingen

 

Dewinter Filip, Pas Barbara, Penris Jan

 


 

Vote nominatif - Naamstemming: 006

 

 

Oui        

135

Ja

 

Almaci Meyrem, Becq Sonja, Beke Wouter, Bellens Rita, Ben Hamou Nawal, Blanchart Philippe, Bogaert Hendrik, Bonte Hans, Bracke Siegfried, Brotcorne Christian, Burton Emmanuel, Buysrogge Peter, Calomne Gautier, Calvo Kristof, Capoen An, Carcaci Aldo, Casier Youro, Cassart-Mailleux Caroline, Ceysens Patricia, Chabot Jacques, Chastel Olivier, Cheron Marcel, Clarinval David, Corthouts Michel, Daerden Frédéric, De Coninck Inez, De Coninck Monica, de Coster-Bauchau Sybille, Dedecker Peter, Dedry Anne, Degroote Koenraad, de Lamotte Michel, Delannois Paul-Olivier, Delizée Jean-Marc, Delpérée Francis, Demon Franky, De Roover Peter, Deseyn Roel, Detiège Maya, Devin Laurent, De Vriendt Wouter, Dewael Patrick, De Wever Bart, Dewinter Filip, De Wit Sophie, D'Haese Christoph, Dierick Leen, Di Rupo Elio, Dispa Benoît, Fernandez Fernandez Julie, Fonck Catherine, Foret Gilles, Frédéric André, Friart Benoît, Gabriëls Katja, Galant Isabelle, Gantois Rita, Geerts David, Gilkinet Georges, Goffin Philippe, Goffinet Anne-Catherine, Grosemans Karolien, Grovonius Gwenaëlle, Hellings Benoit, Henry Olivier, Hufkens Renate, Jadin Kattrin, Janssen Werner, Janssens Dirk, Kir Emir, Kitir Meryame, Klaps Johan, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lahaye-Battheu Sabien, Lalieux Karine, Lambrecht Annick, Lanjri Nahima, Lijnen Nele, Lutgen Benoît, Luykx Peter, Maingain Olivier, Mathot Alain, Matz Vanessa, Metsu Koen, Miller Richard, Muylle Nathalie, Nollet Jean-Marc, Onkelinx Laurette, Pas Barbara, Pehlivan Fatma, Penris Jan, Piedboeuf Benoît, Pirlot Sébastian, Pivin Philippe, Schepmans Françoise, Schlitz Sarah, Scourneau Vincent, Senesael Daniel, Smaers Griet, Somers Ine, Spooren Jan, Temmerman Karin, Terwingen Raf, Thiébaut Eric, Thoron Stéphanie, Top Alain, Uyttersprot Goedele, Van Biesen Luk, Van Camp Yoleen, Van Cauter Carina, Van den Bergh Jef, Vanden Burre Gilles, Vandenput Tim, Van der Donckt Wim, Van der Maelen Dirk, Van de Velde Robert, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Van Mechelen Dirk, Van Peel Valerie, Van Quickenborne Vincent, Van Rompuy Eric, Van Vaerenbergh Kristien, Vanvelthoven Peter, Vercamer Stefaan, Vercammen Jan, Vermeulen Brecht, Vuye Hendrik, Willaert Evita, Wilrycx Frank, Winckel Fabienne, Wollants Bert, Wouters Veerle, Yüksel Veli

 

Non        

000

Nee

 

Abstentions

002

Onthoudingen

 

Hedebouw Raoul, Van Hees Marco