Séance plénière

Plenumvergadering

 

du

 

Jeudi 11 février 2021

 

Soir

 

______

 

 

van

 

Donderdag 11 februari 2021

 

Avond

 

______

 

 


La séance est ouverte à 21 h 05 et présidée par Mme Eliane Tillieux, présidente.

De vergadering wordt geopend om 21.05 uur en voorgezeten door mevrouw Eliane Tillieux, voorzitster.

 

La présidente: La séance est ouverte.

De vergadering is geopend.

 

Une série de communications et de décisions doivent être portées à la connaissance de la Chambre. Elles seront reprises sur le site web de la Chambre et insérées dans le Compte Rendu Intégral de cette séance ou son annexe.

Een reeks mededelingen en besluiten moeten ter kennis gebracht worden van de Kamer. U kan deze terugvinden op de webstek van de Kamer en in het Integraal Verslag van deze vergadering of in de bijlage ervan.

 

Ministres du gouvernement fédéral présents lors de l'ouverture de la séance:

Aanwezig bij de opening van de vergadering zijn de ministers van de federale regering:

Vincent Van Peteghem, Zakia Khattabi.

 

Projets et propositions (continuation)

Ontwerpen en voorstellen (voortzetting)

 

01 Projet de loi portant modification du Code des impôts sur les revenus 1992 sur le plan des biens immobiliers sis à l'étranger (1762/1-3)

01 Wetsontwerp houdende wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 op het vlak van de in het buitenland gelegen onroerende goederen (1762/1-3)

 

Discussion générale

Algemene bespreking

 

La discussion générale est ouverte.

De algemene bespreking is geopend.

 

De heren Steven Matheï en Dieter Vanbesien, rapporteurs, verwijzen naar hun schriftelijk verslag. 

 

01.01  Joy Donné (N-VA): Mijnheer de minister, ik wil starten met een positieve noot, deze keer. De oplossing waarmee u komt, houdt geen extra belastingen in op Belgische huurinkomsten. Verhuurders van binnenlands onroerend goed worden dus gespaard en dat is goed nieuws, voorlopig althans. De grote fiscale hervorming waarnaar vaak wordt verwezen, zal ook een antwoord moeten bieden voor de algemene situatie van de verhuur van onroerend goed. Niet alle stemmen die wij daarover horen, zijn even positief. Maar goed, dat is de toekomst. Daar zullen wij het nu nog niet over hebben.

 

Ik kom tot mijn opmerkingen over het wetstontwerp. Het wetsontwerp introduceert een nieuwe berekeningsmethode om op een complexe en gekunstelde manier de waarde van onroerend goed om te zetten naar een fictieve waarde van 1975. Onze onroerende fiscaliteit is immers nog steeds gebaseerd op die basis.

 

Volgens de Raad van State kan de nieuwe berekeningsmethode ertoe leiden dat de in het buitenland gelegen onroerende goederen op onrechtstreekse wijze systematisch onderworpen worden aan een hoger belastingtarief dan in België gelegen onroerende goederen. Volgens de Raad van State rijst dan ook de vraag of de concrete toepassing van de berekeningsmethode voor de vaststelling van het kadastraal inkomen geen aanleiding zal geven tot een indirecte discriminatie tussen belastingplichtigen afhankelijk van het feit dat systematisch de ene of de andere methode zal worden toegepast. De Raad haalt daarbij ook het advies van de Inspectie van Financiën aan, die zich op een gevalstudie zou baseren.

 

Wij hebben daar een vraag over gesteld, maar een overtuigend antwoord op die toch fundamentele kritiek kregen wij niet in de commissie, noch het advies van de Inspectie van Financiën zelf.

 

Het lijkt dan ook te vrezen dat de oplossing de kiemen in zich draagt van een nieuwe rechterlijke veroordeling door de manier waarop de belastinggrondslag berekend wordt. Kicking the can further down the road, luidt het gezegde.

 

Maar eigenlijk vallen dergelijke problemen moeilijk te verhinderen, wanneer getracht wordt tot een oplossing te komen over buitenlands onroerend goed waarover de nationale overheid geen rechtsmacht heeft. Niet alleen leidt een dergelijke oplossing opnieuw tot veroordelingen, ze vergt door haar complexiteit veel inspanningen en kosten van zowel de overheid als de burger, die weer met een nieuw complex systeem wordt opgezadeld. Dat staat dan nog los van de ongewenste neveneffecten van de complexe regeling, want voor iemand met een woning in het buitenland die zich in de hoogste schijf bevindt, zal de nieuwe berekeningswijze weinig verschil uitmaken, maar voor iemand die in de lagere schijven zit, kan de nieuwe berekeningsmethode wel tot aanzienlijke verschillen leiden. Dat dat niet tot de mogelijkheden behoort, kon de minister in antwoord op de vraag van collega Vermeersch in de commissie niet bevestigen.

 

Om die reden is het jammer dat de minister in de commissie zo snel de suggestie van een aantal fiscalisten afschoot om een vrijstelling van belasting van buitenlands onroerend goed te overwegen in afwachting van een definitieve regeling. Een dergelijke vrijstelling kan eventueel beperkt worden tot onroerend goed binnen de Europese Economische Ruimte. Die methode werd in een andere fiscale context in het verleden ook al toegepast en werd naderhand niet betwist. Bovendien komt die methode ook tegemoet aan uw in de commissie geuite voornaamste bezwaar ertegen, mijnheer de minister.

 

Ten slotte rijst de vraag waarom de fiscus nog zo een massa werk moet worden gegeven en de burgers moeten worden opgezadeld met een nieuwe complexe wetgeving, indien dat allemaal over enkele jaren alweer voor niets blijkt te zijn. Is de nieuwe wetgeving misschien gewoon nog maar een sluipende stap van de regering naar de invoering van een vermogenskadaster na het CAP?

 

Wij lezen in de pers immers dat de fiscus al serieus aan het rondbellen is naar belastingplichtigen om alle details van hun onroerende aankopen in het buitenland te kunnen registreren. Ik heb net ook het sp.a-lid hier fier horen verklaren dat wij nu al toegang hebben tot de bankrekening van alle Belgen.

 

Dat bevreest mij. Ik meende immers dat er eerst een aanwijzing van fraude moest zijn, vooraleer het CAP zou kunnen worden geconsulteerd.

 

Om af te ronden, zijn wij tevreden dat Belgische verhuurders ongemoeid worden gelaten. Wij zijn echter ook heel sceptisch over de nieuwe regeling, die u voorstelt. De uitwerking is complex. Er is kans op nieuwe vormen van ongelijke behandeling. Wij bespreken hier dus vanavond een tweede fiscaal wetsontwerp waarvan de houdbaarheid wel eens erg beperkt zou kunnen blijken te zijn.

 

Wij zullen ons dan ook onthouden.

 

01.02  Wouter Vermeersch (VB): Mevrouw de voorzitster, ik wil het nog even hebben over de repliek van de minister van daarnet. Hij had het over de Genesis, een overtreffende trap in de semantiek. Spijtig genoeg hebt u die niet gebruikt in de commissie. Anders hadden we die hier nog wel even door de mangel kunnen halen.

 

In uw bedanking bent u wel de liberalen vergeten. U hebt hen niet uitdrukkelijk bedankt om deze belasting te slikken. Misschien kunt u dat straks nog even rechtzetten?

 

Om in die katholieke retoriek te blijven, ik zei het ook al in de commissie, bij CD&V moeten ze gedacht hebben: als Mozes niet naar de berg komt, dan komt de berg wel naar Mozes. Als Europa ons kadastraal inkomen niet wil, dan brengen we ons kadastraal inkomen wel naar Europa. En zo geschiedde.

 

Het Belgische kadastraal inkomen wordt vandaag met dit wetsontwerp naar het buitenland geëxporteerd. Het archaïsche Belgische systeem, gebaseerd op een fictieve huurwaarde uit 1975, wordt dus nog verder uitgebreid. Het is een betwistbaar bureaucratisch proces, waar men eigenlijk een beetje geluk moet hebben bij de bepaling van dat kadastraal inkomen.

 

Alle fiscalisten, ik heb er alleszins geen gevonden die het tegendeel beweren, zijn het erover eens dat dit een kaduuk systeem is dat tot onrechtvaardigheden leidt. Het is een systeem uit 1975. Ik was nog niet geboren. Het was het jaar waar de Vietnamoorlog ten einde kwam en de autogordel verplicht werd. Zo lang geleden is het dus.

 

Dit is natuurlijk allesbehalve de moderne, transparante en eerlijke fiscaliteit die deze regering heeft beloofd. Deze oplossing is Belgisch fiscaal surrealisme ten top.

 

In november vorig jaar dwong Europa België om huurinkomsten anders te belasten. De Belgische belasting op buitenlands vastgoed is al jaren een doorn in het oog van Europa. Dit land werd dus door het Europees Hof van Justitie uiteindelijk het mes op de keel gezet.

 

Al op 11 september 2014 bleek uit een arrest van het Hof van Justitie dat de Belgische regeling inzake huurinkomsten strijdig was met het Europees recht. In april 2018 veroordeelde het Europees Hof van Justitie de discriminatie tussen buitenlandse en binnenlandse huurinkomsten, dus vóór het Marrakesh-pact.

 

Omdat de Zweedse regering - toen nog met N-VA - niets deed, en nadien ook de regering-Wilmès het dossier niet oploste, begon de Europese Commissie uiteindelijk een tweede procedure in juli 2020, wat in november 2020 leidde tot een veroordeling met dwangsom.

 

Het moet nu allemaal heel snel vooruitgaan met dit wetsontwerp, want het Europees Hof van Justitie veroordeelde België in november tot een hoge boete. Het Europees Hof oordeelde dat die taxatie in strijd is met het vrij verkeer van kapitaal. Het arrest stelde dat België geen uitvoering gaf aan het eerste arrest en dus niet meer in beroep kan gaan.

 

De hete aardappel werd gewoon van de ene regering naar de andere doorgeschoven en de meerderheidspartijen hadden kunnen en moeten weten dat dit heikele dossier moest worden opgelost. Het Europees Hof van Justitie veroordeelde België tot 2 miljoen euro en zolang geen aangepaste belastingwetgeving van toepassing is, moet de overheid dagelijks een dwangsom van 7.500 euro betalen.

 

Dat is het gevolg van het Belgische non-beleid. Het is duidelijk dat de meerderheidspartijen het aan de onderhandelingstafel niet eens zijn geraakt over dit punt. Ook tijdens de onderhandelingen werd de hete aardappel dus gewoon doorgeschoven om uiteindelijk in de schoot van de kersverse minister van Financiën te belanden. Als welkomstgeschenk kan dat tellen.

 

De heer Donné meldde het goede nieuws al. Er komt geen extra belasting op binnenlandse verhuurders van vastgoed. Er is dus geen impact op binnenlandse huurinkomsten. Dat is een goede zaak. De minister van Financiën heeft in de commissie voor Financiën en Begroting op vraag van het Vlaams Belang al duidelijk gesteld dat dit geen voorafname is op de brede fiscale hervorming. Voor binnenlandse huurinkomsten is er dus op korte termijn geen impact, maar voor de middellange en de lange termijn sluit de minister een belasting op binnenlandse huurinkomsten niet uit. De groenen en de socialisten in deze regering staan zelfs al te trappelen en te watertanden om die binnenlandse huurinkomsten te belasten. Een gewaarschuwde huiseigenaar is er dus twee waard.

 

De heer Vandenbroucke liet optekenen in Knack dat een belasting op huurinkomsten in dat verband een optie is. Als de vos de passie preekt, boer pas op je ganzen. In de commissie zei hij ook dat zijn opiniestukken bijna één op één het fiscaal beleid van deze regering zijn geworden. Hij schrijft een opiniestuk in de zomer en het wordt uiteindelijk het regeerbeleid, zoveel maanden later. Dat is nogmaals het bewijs dat de socialisten in dit land het fiscaal beleid bepalen. De socialisten vergeten daarbij natuurlijk te zeggen dat met het belasten van die binnenlandse huurinkomsten de huurmarkt zal worden ontwricht. Heel wat huurders, mensen die het soms al wat moeilijker hebben om rond te komen, zullen het uiteindelijk nog moeilijker krijgen.

 

De fiscus zal dus van 150.000 panden van Belgen in het buitenland het kadastraal inkomen moeten bepalen. Dat wordt werkelijk een titanenwerk voor de administratie Opmetingen en Waarderingen. 150.000 eigenaars zullen dus inlichtingen moeten verschaffen over hun eigendom, het adres van hun woning, het type, villa, appartement of huis, de normale verkoopwaarde, en als dat niet bekend is, volstaat blijkbaar de prijs en het jaar van aankoop.

 

Het wordt dus een gigantisch werk om die 150.000 aangiftes van kadastraal inkomen te verwerken maar ook om ze allemaal te gaan controleren. We kunnen ons immers inbeelden dat eigenaars geneigd zouden kunnen zijn om hun buitenlands vastgoed minder duur te laten lijken dan het in werkelijkheid is. Iemand kan een krot verbouwen tot een villa en uiteindelijk zwijgen over de uitgevoerde renovatiewerken. In eigen land gebeurt er dan wel eens een controle door het kadaster maar in het buitenland is dat natuurlijk een pak moeilijker. Bovendien kunnen deze moeilijk controleerbare gegevens zorgen voor een soort rechtsonzekerheid in hoofde van de belastingplichtige. Dat is niet onbelangrijk want er worden met dit wetsontwerp in forse boetes voorzien.

 

Mijnheer de minister, als wij zo vrij mogen zijn, wij kennen al één plaats waar wij toch voorzichtig zouden durven aandringen op een controle door uw diensten. Op het Franse eiland Île d'Yeu is er namelijk een Belgische eigenaar een pand aan het opknappen en uitbreiden, waarbij deze alle lokale bouwvoorschriften aan zijn laars lapt. Wellicht zal ook deze koninklijke gerenoveerde vakantievilla onder dit wetsontwerp vallen. Het zou een voorbeeldfunctie hebben als deze ondertussen al omstreden woning eerst wordt gecontroleerd. Tot daar onze vrijblijvende suggestie.

 

Mijnheer de minister, u had uw administratie een massa werk kunnen besparen door buitenlands onroerend goed gewoon vrij te stellen. Dat zou de overheid weinig kosten en de beperkte beschikbare middelen van de administratie zouden efficiënter op andere terreinen kunnen worden ingezet. Nu zet men een hele administratieve machine op poten en worden eigenaars met advieskosten opgezadeld, terwijl het sop de kool niet waard is. De administratie, de belastingplichtigen en hun fiscalisten worden opgezadeld met heel veel werk, voor wat u zelf een budgetneutrale maatregel noemt.

 

Een fiscaal advocaat stelt dat het voorliggende wetsontwerp wel een subsidie lijkt voor fiscalisten, omdat het veel extra werk creëert. Om in de geest van het regeerakkoord te blijven, de werkzaamheidsgraad van de fiscalisten zal door dit wetsontwerp alvast stijgen.

 

Professor Michel Maus stelt echter dat er nog steeds sprake is van een discriminatie tussen binnenlandse en buitenlandse huurinkomsten. In het magazine Trends stelt hij: “Als ik de methode toepas op enkele buitenlandse woningen, worden die nog altijd hoger belast dan vergelijkbare panden in België. Dat zal ongetwijfeld opnieuw tot een reeks processen leiden, tot in het Europese Hof.” Dat voorspelt alvast weinig goeds.

 

Iemand met een woning in het buitenland die in de hoogste belastingschijf zit, zal weinig merken van dit wetsontwerp. Dat geldt echter niet voor wie in de lagere belastingschijven zit, daar kan het verschil wel aanzienlijk zijn. Bijvoorbeeld, kleine gepensioneerden die hun pensioentje aanvullen met buitenlandse huurinkomsten, zullen door de nieuwe belastinggrondslag aanzienlijk meer belasting moeten betalen. Hetzelfde geldt ook voor wie bijvoorbeeld een krot opkoopt, en dus nog geen reële huurinkomsten heeft, maar mogelijk wel een hoger kadastraal inkomen.

 

Mijnheer de minister, in de commissie gaf u op onze vraag aan dat u geen zicht hebt op de individuele impact van dit wetsontwerp op bijvoorbeeld kleine gepensioneerden, mensen die zich in de lagere belastingschijven bevinden of mensen die bijvoorbeeld een renovatiepand kopen. Dat zijn toch zeer specifieke situaties die wij bij de uitrol van dit wetsontwerp in de gaten zullen moeten houden.

 

Momenteel heeft België in het kader van de Belgische dubbelbelastingverdragen, op enkele uitzonderingen na, geen regelingen gesloten met partnerstaten voor de automatische uitwisseling van informatie omtrent onroerende goederen.

 

Mijnheer de minister, in het kader van dit wetsontwerp willen wij u nog eens oproepen om dringend werk te maken van onderhandelingen met landen rond de Middellandse Zee, inzake de uitwisseling van gegevens met betrekking tot vastgoed.

 

Ik zei het reeds in de commissie. Uit een studie van de Koning Boudewijnstichting van enkele jaren geleden blijkt dat 60 % van de Marokkaanse inwijkelingen in ons land een eigendom in Marokko heeft. Op verzoek van uw voorganger, minister van Financiën Johan Van Overtveldt, heeft de fiscale administratie in dit verband informeel contact opgenomen met de belastingautoriteiten van onder andere Marokko en Turkije. Dat dossier werd echter nooit afgewerkt door de minister. Een dergelijke overeenkomst kan worden gesloten tussen de belastingdiensten en vereist geen herziening van het verdrag inzake de dubbele belastingheffing.

 

Wij willen u, als nieuwe minister en verantwoordelijke, dus uitdrukkelijk oproepen om de onderhandelingen over de automatische uitwisseling van informatie omtrent vastgoed met onder andere Marokko en Turkije nieuw leven in te blazen.

 

Dat is een duidelijke oproep van onze fractie. Wij kijken al uit naar uw antwoord.

 

De Raad van State heeft ook bijzonder kritische vragen gesteld bij dit wetsontwerp. Deze vragen weerhouden deze regering er echter niet van dit wetsontwerp snel door het Parlement te duwen. In tegenstelling tot de effectentaks, waar u heel wat bijgespijkerd hebt op basis van de kritiek van de Raad van State, lijkt dat hier minder het geval.

 

Zo plaatst de Raad van State vraagtekens bij de correctiefactor die gebruikt zou worden om buitenlandse eigendommen te herleiden tot hun waarde uit 1975. Die correctiefactor geldt voor alle landen, zonder onderscheid. De waarde van een identieke villa in pakweg Roemenië of in Spanje zal uiteraard niet dezelfde zijn. Maar volgens uw correctiefactor is dat wel zo.

 

Er wordt ook geen onderscheid gemaakt tussen regio's binnen landen. Dat maakt dat deze correctiefactor geen goede weerspiegeling is van de economische realiteit.

 

Dezelfde kritiek geldt voor het forfaitaire tarief van 2 euro per hectare voor onbebouwde onroerende goederen in het buitenland. Deze methode komt niet exact overeen met de regeling die in België van toepassing is. Voor Belgisch vastgoed geldt in principe de huurwaarde van 1 januari 1975 of wordt het kadastraal inkomen door vergelijking vastgesteld.

 

De 2 euroregeling geldt alleen wanneer geen andere gegevens beschikbaar zijn. Deze uitzondering wordt nu door u met dit wetsontwerp tot regel gemaakt voor buitenlandse onbebouwde onroerende goederen. De Raad van State merkt op dat dit mogelijk ook deze regeling de toets van het Europees Hof van Justitie niet zal doorstaan.

 

Met dit wetsontwerp worden nieuwe aangifteverplichtingen ingevoerd om het kadastraal inkomen te kunnen vaststellen. Ook de boetes voor het niet-naleven van de aangifteverplichtingen worden substantieel verhoogd. Vandaag kan een boete van 50 euro tot 1.250 euro worden opgelegd. Die bedragen worden voor alles verhoogd naar 250 euro tot uiteindelijk 3.000 euro. Dat is een verhoging van 150 % tot bijna 400 %.

 

De boetes zijn meestal zelfs hoger dan de belasting zelf.

 

Ik kom tot mijn besluit. Wij zullen ons onthouden tijdens de stemming over het wetsontwerp. Het alternatief, het belasten van de binnenlandse huurinkomsten, was voor ons niet wenselijk geweest.

 

De gezamenlijke regeringen van dit land zijn jarenlang in gebreke gebleven om het probleem op te lossen. Europa moet uiteindelijk met een dwangsom het mes op de keel van de regeringen zetten om hen tot actie te bewegen.

 

Er werd reeds 2 miljoen euro gestort. In mei 2021 zal nog eens een boete van 1,350 miljoen euro moeten worden betaald. Dat is uiteindelijk de kostprijs van het Belgische non-beleid.

 

Het exporteren van ons kadastraal inkomen naar het buitenland is natuurlijk Belgisch fiscaal surrealisme. Het vrijstellen van de buitenlandse onroerende goederen zou een beter alternatief zijn geweest.

 

Het voorliggende wetsontwerp zal de administratie opzadelen met heel veel werk en rechtsonzekerheid brengen voor de belastingplichtigen. Het loopt bovendien opnieuw het risico te worden vernietigd door het Europees Hof.

 

01.03  Marco Van Hees (PVDA-PTB): Madame la présidente, ce projet de loi vise à mettre fin à l'astreinte de 7 500 euros par jour imposée par la Cour de justice européenne tant que la Belgique taxe différemment les biens immobiliers situés en Belgique de ceux de Belges situés à l'étranger (environ 150 000).

 

En commission, je demandais au ministre de nous situer dans quels déciles ces propriétaires se situaient. Parle-t-on de personnes à revenus élevés ou parle-t-on de revenus disparates, élevés, moyens, bas? Le ministre n'a pas pu apporter de réponse. Nous restons sur cette incertitude quant à savoir à qui s'adresse cette taxe.

 

La solution apportée par ce texte est de cesser de taxer les biens à l'étranger sur la base de la réalité et de le faire désormais sur la base du revenu cadastral, c'est-à-dire sur la base d'une notion inexistante à l'étranger puisque le revenu cadastral est une notion typiquement belge, qui n'existe que chez nous.

 

Par exemple, un propriétaire belge qui donne en location à des Parisiens une trentaine d'appartements situés sur les Champs-Élysées, sera taxé sur la base de la reconstruction théorique d'un revenu cadastral de la Belgique de 1975 puisque c'est à cette date qu'ont été calculés les revenus cadastraux, ce qu'on appelle la péréquation cadastrale.

 

Derrière cette solution boiteuse, il y a un problème plus général lié aux multiples anomalies de la taxation par notre pays des biens immobiliers que cela soit chez nous ou à l'étranger.

 

Je profite de l'occasion pour pointer du doigt ces multiples anomalies. Premièrement, la Belgique est le seul pays d'Europe qui n'impose pas les biens immobiliers donnés en location sur la base du revenu locatif réel. Cela semblerait logique de taxer les revenus, en déduisant éventuellement des charges pour taxer les revenus nets. Mais non! Ce n'est pas l'option de la fiscalité belge.

 

J'en viens à la deuxième anomalie. La principale taxe touchant ces revenus est le précompte immobilier basé sur le revenu cadastral. Ce précompte immobilier s'applique aux biens donnés en location, mais également aux biens occupés par le propriétaire.

 

Il existe une nette différence entre occuper son propre logement et donner un ou de nombreux biens en location pour en toucher les loyers.

 

La troisième anomalie est cette péréquation cadastrale qui date de 1975. Le fait qu'elle soit relativement ancienne ne constitue pas un problème en soi, le problème réside plutôt dans le cumul de deux discriminations. La première discrimination est due à la nette différence entre la valeur établie par le cadastre en 1975 et la valeur actuelle des logements. Par ailleurs, une étude révèle que cette différence est encore beaucoup plus marquée dans le cas des grosses maisons des quartiers plus huppés. Il y a donc un écart par rapport à la réalité, qui profite aux plus riches.

 

Cette discrimination s'ajoute à une seconde discrimination, qui favorise également les plus riches. Le taux du précompte immobilier est en effet plus élevé dans les communes et les provinces plus pauvres que dans les communes et les provinces plus riches. Ce phénomène s'explique aisément: étant donné que la base imposable est plus faible dans les régions pauvres vu que les maisons sont moins grandes et moins luxueuses, les autorités locales et provinciales sont obligées d'appliquer des taux plus élevés pour avoir un même rendement budgétaire.

 

Pour que M. Piedboeuf ne vienne pas citer l'exemple de sa commune de Tintigny, je prendrai comme exemple ma commune de Morlanwelz dans le Hainaut. Cette commune n'est pas la plus pauvre mais est loin d'être la plus riche. Les centimes additionnels s'y élèvent à 2 750. À Lasne, qui est la commune la plus riche de Wallonie – et qui est encore loin de la commune la plus riche de Flandre (Sint-Martens-Latem) –, les centimes additionnels s'élèvent à 1 400. Vous voyez la différence!

 

J'en arrive à la quatrième anomalie. Il s'agit de la globalisation des revenus, principe qui se retrouve dans le programme de pour ainsi dire tous les partis de gauche dans notre pays. L'idée est de dire pourquoi taxer différemment les revenus professionnels, les revenus financiers et les revenus immobiliers. Il est vrai que si on globalisait les revenus, cela augmenterait fortement la base imposable, et cela permettrait de réduire les taux d'imposition pour les bas et moyens revenus, d'avoir une meilleure progressivité. Cela permettrait à ceux qui ont moins de revenus de payer moins d'impôt, sans que cela n'implique forcément que les taux soient plus élevés pour les autres. Mais la globalisation apporterait des recettes supplémentaires. Toutefois, avec le système tout à fait spécifique de la fiscalité immobilière belge, on ne s'inscrit pas du tout dans ce cas de figure.

 

La cinquième anomalie découle des déclarations du ministre qui a dit qu'il ne procèderait pas à une nouvelle péréquation cadastrale, qu'il ne reverrait pas les revenus cadastraux. Je comprends sa logique. Je ne dis pas que je la justifie, mais je comprends l'idée suivant laquelle, à partir du moment où tous ces moyens – une péréquation cadastrale, ce n'est pas une petite opération, cela demanderait beaucoup de moyens – seraient engagés par le pouvoir fédéral qui, pour l'instant, est en train de supprimer 5 000 emplois, il n'y aurait pas un retour de cet investissement au niveau des recettes fiscales, puisque les recettes fiscales immobilières sont principalement du côté de l'entité 2 et pas du pouvoir fédéral.

 

Pour ce qui concerne la sixième anomalie, on pourrait dire que la taxation des revenus immobiliers dans notre pays est mal faite, mais qu'on va, heureusement, mettre en place un impôt sur la fortune qui va toucher le patrimoine des plus riches, y compris leur patrimoine immobilier. Cela nous renvoie à la discussion sur le texte précédent relatif à la taxe sur les comptes-titres qui ne vise pas les biens immobiliers, ni les biens mobiliers non financiers, ni même les biens financiers quand il s'agit d'actions nominatives. Elle ne touche que les comptes-titres. Donc, on rate le coche!

 

Cette série d'anomalies fait que, finalement, une solution est trouvée très vite à un problème auquel – c'est vrai – il faut répondre rapidement; toutefois, ce n'est vraiment pas une solution de fond. Quelque part, une anomalie de la fiscalité belge est étendue à la fiscalité qui va s'appliquer sur les biens immobiliers à l'étranger.

 

01.04 Minister Vincent Van Peteghem: Mevrouw de voorzitster, het voorliggend wetsontwerp biedt een zeer pragmatische oplossing voor de problematiek waarvoor ons land een boete kreeg opgelegd door het Europees Hof van Justitie.

 

Sta me toe even in te gaan op de verschillende opmerkingen.

 

Mijnheer Donné, u noemt het wetsontwerp een pragmatische oplossing en dat is het inderdaad ook. Uw voorstel om al het buitenlands onroerend goed vrij te stellen, begrijp ik dan ook niet goed. Wij hebben een andere definitie van fiscale rechtvaardigheid,  of, zoals u het noemt, fiscale correctheid, die wij wensen na te streven. Ik begrijp niet waarom wij een onderscheid zouden maken tussen mensen met een appartement aan zee of in de Ardennen en  mensen met een appartement in de Franse Provence of aan de Spaanse costa's. Dat onderscheid kunnen we zeker en vast niet maken.

 

Er werden twee vragen gesteld die ik in de commissie inderdaad niet had beantwoord.

 

Mijnheer Vermeersch, uw vraag handelt over de landen waarnaar u verwees. Er is inderdaad contact opgenomen met de autoriteiten van die landen, overigens ook van een aantal andere landen, om akkoorden te sluiten voor de automatische gegevensuitwisseling van inlichtingen omtrent onroerende goederen. Het resultaat daarvan is negatief, aangezien die landen geen bereidheid toonden om een dergelijke uitwisseling te organiseren. Het gaat daarbij niet alleen om Marokko, ook om andere landen. Voor ons is het bijzonder belangrijk dat de landen inzetten op een volledige, correcte en substantiële uitvoering van de CRS-uitwisseling. Overigens is in ons land maar evenmin in verschillende andere landen al de informatie die wij verwachten niet altijd op een centrale, geautomatiseerde of geïnformatiseerde wijze aanwezig.

 

Mijnheer Van Hees, u stelde een vraag over de verdeling van de decielen. Daarop kan ik vandaag uiteraard geen antwoord geven, maar u kunt daartoe wel altijd een schriftelijke vraag indienen.

 

01.05  Joy Donné (N-VA): Mijnheer de minister, ik wil even ingaan op uw antwoord. Mijn suggestie inzake de vrijstelling is ingegeven door het feit dat uw ontwerp op drie punten problematisch is: het is complex, het zadelt de administratie met onnodig veel werk op in verhouding tot wat het opbrengt, het creëert rechtsonzekerheid bij een aantal burgers en, als ik de Raad van State en de Inspectie van Financiën mag geloven – dat laatste kan ik echter niet beoordelen, want wij hebben dat rapport niet gezien – er wordt ook een potentiële ongelijkheid geïntroduceerd in het nieuwe systeem.

 

Als ik dat allemaal samentel, dan ben ik misschien wel meer gevonden voor een systeem waarin er specifiek in een vrijstelling wordt voorzien voor de onroerende goederen gelegen in de Europese Economische Ruimte, mede omdat de belasting in die landen sowieso, gelet op het systeem van het progressievoorbehoud, een zeer geringe fiscale impact heeft op het merendeel van de burgers en het vooral gunstig zou zijn voor de burgers die in de laagste belastingschijven zitten.

 

Ik denk dus niet dat het systeem van de vrijstelling minder correct zou zijn dan het systeem dat u voorstelt. Het heeft een aantal gebreken niet die uw systeem wel heeft, maar dat is een keuze die u maakt. De keuze voor de vrijstelling lijkt mij zeker niet de gemakkelijkheidsoplossing, die veel andere problemen met zich zou meebrengen. Dat wou ik nog even zeggen.

 

01.06  Wouter Vermeersch (VB): Mevrouw de voorzitster, ik wil toch nog even reageren op het antwoord van de minister op mijn vraag.

 

U lijkt zich gewoon neer te leggen bij de weigering van onder meer Marokko en Turkije om die gegevens met ons land uit te wisselen, mijnheer de minister. De informatie die u hebt genoemd, was al bekend voor u minister werd, zelfs voordat de regering werd gevormd.

 

Mijn vraag aan u, als nieuwe minister, als nieuwe verantwoordelijke, was om dat initiatief opnieuw op te nemen, niet alleen voor de federale regering maar in samenwerking met de regio's, want die informatie over dat vastgoed is niet alleen belangrijk in het kader van dit wetsontwerp, maar ook voor de regio's. Herinner u dat mensen die sociale woningen hebben geen tweede eigendom mogen hebben. Herinner u de casus van iemand van Marokkaanse origine die in een sociale woning verblijft en die tientallen vastgoeddomeinen, gebouwen of woningen blijkt te hebben in het land van herkomst.

 

Die informatie is nodig, niet alleen in het kader van dit wetsontwerp, maar ook voor de regio's, om een deftig sociaal beleid te kunnen voeren en de sociale woningen toe te kennen aan de mensen die daar echt recht op hebben. U bent ook minister van Fraudebestrijding. Dat is net een van de grote vormen van fraude die in dit land moeten worden aangepakt. Vandaar de uitdrukkelijke oproep van onze fractie om van die uitwisseling van gegevens met onder meer Marokko en Turkije eindelijk werk te maken en dat te doen in samenwerking met de regio's en u niet zomaar neer te leggen bij een weigering.

 

La présidente: Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

 

La discussion générale est close.

De algemene bespreking is gesloten.

 

Discussion des articles

Bespreking van de artikelen

 

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (1762/3)

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (1762/3)

 

Le projet de loi compte 16 articles.

Het wetsontwerp telt 16 artikelen.

 

Aucun amendement n'a été déposé.

Er werden geen amendementen ingediend.

 

Les articles 1 à 16 sont adoptés article par article.

De artikelen 1 tot 16 worden artikel per artikel aangenomen.

 

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

 

02 Projet de loi modifiant la loi du 22 décembre 2016 instaurant un droit passerelle en faveur des travailleurs indépendants et modifiant la loi du 23 mars 2020 modifiant la loi du 22 décembre 2016 instaurant un droit passerelle en faveur des travailleurs indépendants et introduisant des mesures temporaires dans le cadre du COVID-19 en faveur des travailleurs indépendants (1768/1-3)

02 Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot wijziging van de wet van 23 maart 2020 tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot invoering van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten gunste van zelfstandigen (1768/1-3)

 

Discussion générale

Algemene bespreking

 

La discussion générale est ouverte.

De algemene bespreking is geopend.

 

02.01  Christophe Bombled, rapporteur: Madame la présidente, madame et messieurs les ministres, chers collègues, le projet de loi vise, premièrement, à prolonger le doublement du montant de la prestation financière dans le cadre de la mesure temporaire de crise de droit passerelle en cas d'interruption forcée pour le mois de février 2021.

 

Il vise, deuxièmement, à reporter l'entrée en vigueur du premier pilier du nouveau régime temporaire de droit passerelle de crise au 1er mars 2021.

 

Troisièmement, il vise à prévoir l'application d'un plafond de cumul pour la prestation financière dans le cadre de la mesure temporaire de crise de droit passerelle avec d'autres revenus de remplacement.

 

Quatrièmement, ce projet de loi vise à modifier, pour l'octroi de l'indemnité, la notion de "titulaire avec charge de famille" par la notion de "le fait d'avoir une personne à charge". Toutefois, cette simplification pourrait engendrer des abus qu'un arrêté royal permettra d'éviter.

 

Après l'exposé introductif du ministre Clarinval, les membres de la commission des Affaires sociales ont posé des questions et émis les observations suivantes.

 

Tout d'abord, M. Anseeuw pour la N-VA partage l'objectif général du projet de loi qui consiste à apporter aux travailleurs indépendants tout le soutien dont ils ont besoin en cette période de crise. Bien que des assouplissements aux mesures de confinement soient en vue, la situation reste très difficile pour beaucoup de secteurs. L'orateur estime à cet égard qu'un meilleur équilibre doit, dès à présent, être recherché entre les mesures sanitaires et les aspirations de ces travailleurs à pouvoir reprendre le cours normal de leurs activités. Il appelle en d'autres termes à définir plus clairement une stratégie de sortie de crise pour les indépendants, estimant l'approche du gouvernement trop brouillonne.

 

Pour rappel, en décembre dernier, la proposition de loi instaurant les nouvelles modalités du droit passerelle - d'une part le doublement du montant du droit passerelle, et d'autre part l'instauration d'un nouveau régime de droit passerelle proportionnel lié à la perte prouvée du chiffre d'affaires - avait déjà été adoptée dans des conditions très chaotiques et peu propices au travail législatif.

 

Incidemment, il note que la date d'entrée en vigueur visée à l'article 6 du projet est déjà dépassée et qu'il conviendrait d'adapter cette disposition.

 

Sur le fond du projet, l'orateur approuve le principe du soutien. Il souligne cependant que le double droit passerelle n'est pas la mesure la plus appropriée de soutien. En effet, pour un certain nombre de travailleurs indépendants, ce droit, censé n'être qu'un revenu de remplacement, permet de gagner davantage qu'avant la crise.

 

Pour d'autres par contre, il ne permet pas de supporter les coûts fixes que les indépendants doivent continuer à supporter s'ils souhaitent pouvoir reprendre un jour leurs activités normales. Il conviendrait de s'appuyer sur un levier d'action mieux ciblé. Un point positif du projet est qu'il instaure enfin un plafond au cumul des diverses indemnités, par exemple entre le droit passerelle et des indemnités pour maladie.

 

Selon M. Anseeuw, quelques points techniques doivent être éclaircis. Qu'en est-il du double droit passerelle des travailleurs indépendants qui reprennent leurs activités dans le courant du mois de février? Ont-ils droit à la totalité du montant, à rien ou à un montant au prorata? Qu'en est-il de ceux qui seront officiellement autorisés à reprendre leurs activités mais qui de facto, en raison des conditions sanitaires impossibles à respecter ne pourront le faire, par exemple les coiffeurs dont le salon est trop exigu pour accueillir les clients? Le ministre peut-il clarifier les données budgétaires de ce dossier? L'Inspection des finances cite différents montants allant de 189 à 289 millions d'euros par mois en fonction de ces deux différents scénarios de redémarrage.

 

Le projet habilite le Roi à prendre un arrêté en vue d'éviter que le droit passerelle majoré pour les indépendants avec charge de famille puisse être cumulé au sein d'un même ménage. Un projet d'arrêté est-il déjà prêt? Le Conseil d'État a-t-il déjà rendu un avis sur ce projet? Enfin, le projet habilite largement le Roi à proroger les mesures de soutien. En son temps, le Conseil d'État avait déjà critiqué une habilitation conçue aussi largement. Qu'en est-il?

 

Mme Cornet pour Ecolo-Groen approuve largement la démarche de soutien aux travailleurs indépendants. En ce qui concerne la délégation au Roi visant à mettre fin au cumul du droit passerelle majoré pour charge de famille au sein d'un même ménage, l'oratrice note que, de son point de vue, il ne s'agit pas à proprement parler d'un abus dans le chef des bénéficiaires mais d'un pas sans doute involontaire dans le sens de l'individualisation des droits. Elle estime cependant qu'il convient de veiller à la légalité. Une grande latitude est laissée au gouvernement via l'habilitation au Roi en ce qui concerne la prorogation des mesures. Quelles sont à cet égard les intentions du ministre? Si ces mécanismes de soutien devaient être prolongés, il conviendrait de les affiner davantage pour coller au plus près à la réalité sur le terrain. En effet, la situation d'un indépendant qui continue à exercer une partie de son activité en collect & go n'est pas comparable à celle de celui qui a dû interrompre toute activité et qui continue à payer ses frais fixes.

 

Enfin, quelle est la situation des travailleurs indépendants à titre complémentaire? Peuvent-ils bénéficier du droit passerelle?

 

Mme Thémont, pour le PS, approuve, avec l'ensemble de son groupe, les mesures portées par le projet. La prolongation des mesures de soutien en faveur des indépendants est en effet primordiale.

 

M. Verreyt, pour le Vlaams Belang, souligne le caractère extrêmement dur de la crise en cours pour les indépendants, d'autant qu'ils manquent de perspectives en ce qui concerne la réouverture des activités. Or, c'est sans doute l'élément primordial pour la plupart des indépendants.

 

Le Conseil d'État a formulé deux remarques concernant les habilitations au Roi, jugées extrêmement larges, d'une part en ce qui concerne la prorogation des mesures, et d'autre part en ce qui concerne le non-cumul au sein d'un même ménage du montant majoré pour charge de famille. Sur ce dernier point, quelle est la situation des parents divorcés? Qu'en est-il des familles recomposées?

 

De manière générale, l'orateur s'étonne du manque de prévisibilité des mesures adoptées, qui sont pour ainsi dire reconduites de mois en mois. Pourquoi ne pas anticiper davantage et créer de la sorte un début de perspective pour les indépendants? D'autant qu'on sait pertinemment que certains secteurs - l'événementiel pour n'en citer qu'un - ne rouvriront pas avant des mois. Pourquoi le présent projet ne prévoit-il pas déjà la prorogation du double droit passerelle pour le mois de mars, alors que nous sommes presque à la mi-février, au lieu de conférer une habilitation au Roi?

 

Christophe Bombled, pour le MR, remercie tout d'abord M. le ministre pour le projet de loi et sa présentation. Le groupe MR le remercie également de l'attention qu'il porte aux nombreuses difficultés que continuent à rencontrer certains secteurs d'activités. Pour eux, ces mesures de soutien sont toujours essentielles.

 

Si certains indépendants vont à nouveau pouvoir exercer leur profession dans les prochains jours ou prochaines semaines, l'orateur estime que nous ne pouvons pas oublier des secteurs tels que ceux de la culture, l'événementiel, l'horeca bien évidemment, mais bien d'autres encore. Pour eux, il est indispensable qu'ils aient dès que possible des perspectives de réouverture. Psychologiquement aussi, c'est important pour eux.

 

L'intervenant compte sur la pugnacité du ministre et sur le soutien du gouvernement pour prolonger les mesures de crise au-delà de la date butoir du 31 mars, si la situation sanitaire le requiert. Que cela soit pour les secteurs qui en auront encore besoin ou ces entrepreneurs qui font face à une situation fort compliquée.

 

Si depuis bientôt un an, nous vivons une situation inédite dont ne nous connaissons pas ou pas encore la fin, il ne faut pas se résigner pour autant, ni abandonner ces entrepreneurs qui ne savent pas de quoi demain sera fait. Au contraire, il est de notre responsabilité et de notre devoir d'être à leurs côtés. Nous devons les aider à mieux envisager l'avenir en leur offrant des perspectives, soit par rapport à une date de réouverture, soit, s'il est parfois difficile de donner une date de réouverture pour certains secteurs d'activités, au minimum en leur assurant une perspective en termes de mesures de soutien.

 

Mme Lanjri, pour le CD&V, estime que les mécanismes de soutien aux indépendants doivent être maintenus tant qu'on n'aura pas levé les mesures de confinement en vigueur. S'il convient de lutter contre certains abus comme le cumul du droit majoré pour charge de famille, il ne faut cependant pas en arriver à considérer que ceux-ci seraient généralisés. L'oratrice demande si l'on dispose de chiffres sur les abus éventuellement constatés. Il est vrai que le choix délibéré de la simplification administrative dans le cadre des mesures prises durant la pandémie ne facilite sans doute pas les contrôles.

 

En ce qui concerne le ciblage des mesures, l'intervenante estime, à l'instar d'intervenants précédents, que le double droit passerelle n'est sans doute pas un outil suffisamment fin, certains indépendants ne pouvant, avec cette seule mesure, couvrir ne fût-ce que leurs coûts fixes. Il conviendrait de mettre en œuvre le plus rapidement possible le premier pilier du nouveau droit passerelle, adopté en décembre, qui ouvre le droit à une intervention proportionnée et conditionnée à la perte de chiffre d'affaires.

 

Or le présent projet reporte d'un mois la mise en oeuvre de cette mesure. L'intervenante espère que l'entrée en vigueur ne sera pas ultérieurement encore reportée, d'autant que le nouveau mécanisme est à la fois mieux ciblé et moins coûteux pour la collectivité.

 

Mme Moscufo, pour le PTB, évoque le désarroi des travailleurs indépendants qui, pour beaucoup, voudraient reprendre le travail mais n'ont pas de perspective claire quant à la réouverture prochaine des secteurs d'activité. Pour l'oratrice, le moins que l'on puisse dire si on maintient la fermeture de certains commerces est de continuer à les soutenir financièrement. À cet égard, le droit passerelle n'est pas l'instrument le plus adéquat, beaucoup de petits indépendants tombant en dehors du mécanisme. De plus, d'autres leviers et moyens d'action ne sont pas utilisés ou ne le sont qu'insuffisamment, par exemple le gel des loyers, un moratoire sur le remboursement des crédits, etc. L'intervenante demande quelles perspectives on offre aujourd'hui aux indépendants. Il faut avoir l'honnêteté d'admettre que dans le contexte sanitaire actuel, on ne peut faire à ce jour aucune prévision ni aucune promesse. Dès lors, pourquoi adopter des mécanismes d'aide par morceaux, mois après mois, plutôt que de les accorder par trimestre voire jusqu'en juin? Le projet est sur ce point insuffisant mais l'intervenante le soutiendra car c'est mieux que rien.

 

Mme De Jonge pour l'Open Vld félicite le ministre pour l'initiative prise qui vient en aide à point nommé aux indépendants contraints à la suspension totale ou partielle de leurs activités. Certes, le double droit passerelle ne permet pas toujours de couvrir les frais fixes mais l'intervenante estime qu'après près d'une année de crise sanitaire, il est de la plus haute importance de commencer à offrir des perspectives de sortie de crise. La réouverture annoncée le 13 février des coiffeurs, suivie le 1er mars des autres métiers de contact, est un pas dans la bonne direction. L'oratrice estime qu'il convient de faire de même dans la mesure du possible pour les autres secteurs contraints à la fermeture, dont l'horeca, en tenant compte de la situation épidémiologique et de l'avancement de la campagne de vaccination.

 

Mme Vanrobaeys pour le groupe sp.a partage les vues exprimées par les intervenants précédents. L'oratrice s'interroge plus spécifiquement sur la situation des indépendants actifs dans des secteurs qui ne sont pas officiellement contraints de fermer mais qui dépendent fortement de l'activité de secteurs impactés par une fermeture totale ou une perte considérable du chiffre d'affaires, en donnant comme exemple une petite entreprise de blanchisserie qui ne travaillerait que pour un hôtel ayant fait le choix de fermer. Cette blanchisserie peut-elle faire appel au droit passerelle? En outre, il semble que se pose toujours un problème concernant l'information à destination des travailleurs indépendants. Ils ne sont pas toujours clairement informés par les caisses d'assurance sociale des possibilités existantes de report ou de dispense de cotisations sociales, pour ne pas parler des implications en ce qui concerne leurs droits sociaux en matière de pension par exemple.

 

Il faudrait demander aux caisses d'assurances sociales de renforcer leur communication à destination des indépendants.

 

Le ministre Clarinval a ensuite répondu aux questions des membres de la commission. Il estime prioritairement nécessaire de tempérer les critiques formulées à l'encontre du droit passerelle. En fait, il s'agit avant toute autre chose d'un revenu de remplacement pour les indépendants contraints d'interrompre leur activité – revenu qui revêt un caractère forfaitaire.

 

L'étude de Graydon a mis en avant qu'une infime minorité d'indépendants – 2 à 3 % – pouvaient gagner davantage grâce au droit passerelle qu'au moyen de leur activité professionnelle, en raison du caractère forfaitaire de ce droit. Pour nombre d'entre eux, ce montant est en effet insuffisant pour couvrir les frais fixes. Il convient de souligner que ce n'est pas là la fonction première du droit passerelle, qui est de procurer un revenu de remplacement aux travailleurs indépendants, et non de couvrir les dépenses liées à la perspective de pouvoir reprendre une activité. Pour pallier ces pertes résultant des frais fixes, d'autres mécanismes d'aide doivent, le cas échéant, être activés. Tout d'abord sur le plan fédéral, on peut mentionner les actions entreprises par le ministre des Finances auprès de son administration et du secteur bancaire, ainsi que par le ministre de l'Économie auprès des entreprises d'assurances. Ensuite, ces mécanismes peuvent être activés sur le plan régional – par exemple avec les baux commerciaux, qui relèvent de la compétence des Régions. 

 

C'est pourquoi le ministre insiste sur sa volonté de ne pas prolonger indéfiniment le mécanisme actuel et souhaite, au contraire, pouvoir faire entrer en vigueur le plus rapidement possible le deuxième pilier du nouveau droit passerelle, mis en place par la loi du 22 décembre 2020. Celui-ci, qui est conditionné et proportionné à la perte établie de chiffre d'affaires, présente l'avantage de mieux cibler les besoins sur le terrain et d'être moins coûteux. La double passerelle s'applique aux secteurs contraints à la fermeture ou à la quasi-fermeture – pour les secteurs qui dépendent d'une activité à l'arrêt –, au titre des mesures sanitaires dans le cadre de la crise du covid. En fonction de l'évolution de la situation, si le confinement doit être reconduit en tout ou en partie, la double passerelle continuera de s'appliquer, mais il ne sera plus nécessaire de recourir à une modification de la loi. C'est le sens de l'habilitation conférée au Roi par le présent projet de loi, car il ne faut pas se donner de faux espoirs: de nombreux secteurs – dont l'événementiel – vont rester fermés encore quelques mois.

 

À titre d'éclaircissements, les indépendants relevant d'un secteur jusqu'alors contraint à la fermeture, mais autorisé à rouvrir dans le courant du mois de février – tout spécialement, les coiffeurs –, bénéficieront à 100 % du double droit passerelle pour ce même mois. Ceux qui pourront continuer à bénéficier de la double passerelle sont ceux qui relèvent de secteurs contraints à la fermeture et qui dépendent intégralement d'une activité à l'arrêt. Cela peut donc concerner les fournisseurs qui dépendent complètement de l'horeca.

 

La présidente: Monsieur Bombled, je ne voudrais pas vous interrompre, mais je ne crois pas traduire erronément ce qui est ressenti dans la salle en vous rappelant qu'il s'agit d'un rapport. Or vous êtes en train de nous en livrer un compte rendu presque intégral. Nous vous écoutons depuis un certain temps. C'est bientôt le couvre-feu. Par conséquent, il faudrait un petit peu accélérer la lecture du rapport. Je vous en remercie.

 

02.02  Christophe Bombled, rapporteur: Madame la présidente, il n'y a pas de problème: j'en termine. 

 

Le basculement progressif du premier au second pilier du droit passerelle – et, pour autant que le premier pilier soit, comme le ministre l'appelle de ses vœux, reconduit par arrêté royal – se fera en fonction du rythme du déconfinement. Personne à l'heure actuelle ne peut se hasarder à établir un calendrier sur ce point, raison pour laquelle l'Inspection des Finances et le ministre ont évoqué un impact budgétaire mensuel variant de 289 millions d'euros pour la situation actuelle à 189 millions d'euros pour une situation de déconfinement, mais avec la nécessité de compenser les pertes de chiffre d'affaires plus importantes.

 

Le ministre a déjà eu l'occasion de faire connaître son point de vue sur les questions du déconfinement et du rythme de réouverture des secteurs, mais en tout état de cause, les décisions reviennent au Comité de concertation. À l'heure actuelle, les seules informations claires concernent les coiffeurs, qui pourront rouvrir à partir du 13 février, et les autres métiers de contact, qui rouvriront à partir du 1er mars prochain.

 

Le désarroi qui frappe les indépendants n'échappe pas au ministre. Pas un jour ne passe sans apporter son lot de témoignages et d'appels, auxquels le cabinet du ministre apporte systématiquement réponse. Si le cabinet Graydon évoque 20 % d'entreprises et d'indépendants qui risquent la fermeture en 2021, il faut rappeler qu'il s'agit d'une moyenne qui cache d'énormes disparités. Ainsi, le secteur de la construction n'est pas aussi touché que l'horeca, par exemple.

 

La seule chose qu'on puisse faire en l'état actuel est de continuer à soutenir au mieux les indépendants. Le ministre organise des réunions avec absolument tous les secteurs pour mettre au point des protocoles sanitaires praticables afin de préparer au mieux les phases du déconfinement compte tenu des impératifs sanitaires.

 

Les remarques formulées par le Conseil d'État sur le projet de loi ont été prises en compte. En ce qui concerne tout particulièrement les délégations au Roi, la section de législation a demandé que des éclaircissements figurent dans l'exposé des motifs, qui a bien été complété sur ce point auquel le ministre renvoie. Il en va de même en ce qui concerne le report de l'entrée en vigueur du deuxième pilier du droit passerelle ou la mesure anti-abus relative au taux de l'intervention majorée dans le premier pilier.

 

Sur ce dernier point, le ministre souligne qu'il ne s'agit pas nécessairement de contrer les abus constatés, mais de combler une lacune juridique. On ferme ainsi la porte à d'éventuels abus. L'arrêté royal d'exécution n'étant pas encore prêt, le Conseil d'État n'a pas encore rendu d'avis.

 

Concernant les indépendants à titre complémentaire, la situation est la même qu'en décembre: ceux qui cotisent sur la base d'un revenu annuel net imposable inférieur à 7 700 euros (montant arrondi) ne peuvent prétendre au droit passerelle, de 7 700 à 14 000 euros, ils ont droit à la demi passerelle et à la passerelle complète au-delà de 14 000 euros. Il s'agit de montants nets imposables et arrondis.

 

Les membres de la commission ont ensuite voté les articles du projet de loi. Les articles 1 à 5 ont été successivement adoptés à l'unanimité et en ce qui concerne l'article 6 réglant l'entrée en vigueur, afin de tenir compte du dépassement de la date prévue dans le projet, la commission agrée la correction technique qui consiste à conférer un effet rétroactif à l'ensemble du projet avec effet au 1er février 2021, sauf pour le chapitre 3 qui prend effet au 1er mars 2020. L'article 6 a également été adopté à l'unanimité et l'ensemble du projet de loi tel que corrigé sur le plan technique a été adopté par vote nominatif et à l'unanimité.

 

02.03  Björn Anseeuw (N-VA): Mevrouw de voorzitster, vooreerst mijn oprechte dank aan collega Bombled die kosten noch moeite heeft gespaard om ons te vergasten op een volledig mondeling verslag.

 

Mevrouw de voorzitster, door hem te onderbreken in een poging om de zaken te laten vooruitgaan, hebt u er waarschijnlijk ongewild voor gezorgd dat wat volgde vooral een stresstest voor de tolken was. Hij heeft toen immers een tempoversnelling ingezet zoals alleen een flandrien dat kan op bonkige kasseien. Het moet gezegd dat de tolken in zijn wiel zijn gebleven en hem op het einde zelfs bijna hebben voorbijgestoken. Ik wil hierbij dus hulde brengen aan de tolken die het vandaag niet altijd onder de markt hebben.

 

Dit gezegd zijnde, kom ik zelf even kort ter zake. De langdurige inperking van onder andere de vrijheid voor zelfstandige ondernemers om te ondernemen weegt erg zwaar op velen van hen. De reserves, in de mate dat die er al waren, zorgvuldig opgebouwd in de precoronaperiode, zijn er bij heel veel zelfstandigen nagenoeg helemaal doorgejaagd. Het is immers niet omdat ze niet mogen werken dat heel wat vaste kosten en uitgaven zijn weggevallen. De huur valt niet zomaar weg en investeringen moeten verder worden afbetaald.

 

De zelfstandigen verdienen dus meer dan ooit onze steun, vooral omdat we hen na de coronacrisis nodig zullen hebben als kern van ons economisch weefsel. Wij zullen dit wetsontwerp volmondig goedkeuren, want zij hebben onze steun nodig. Op de steun van N-VA kunnen ze al sinds jaar en dag rekenen en dat blijft ook zo.

 

Een verdubbeling van het overbruggingsrecht is evenwel geen fijnmazige maatregel. Voor een kleine groep zelfstandigen zorgt het ervoor dat zij een inkomen verwerven dat hoger ligt dan wat ze in normale tijden verdienen, maar voor veel meer zelfstandigen is een verdubbeling niet eens voldoende om het hoofd boven water te houden. Dat laatste baart ons echt zorgen, want ook al dient het overbruggingsrecht niet om een onderneming, maar wel de ondernemer recht te houden, voor een zelfstandige maakt het vandaag al lang niet meer uit met welke euro hij een lening voor zijn zaak kan blijven afbetalen, zolang hij ze maar kan afbetalen.

 

Collega's, en vooral mijnheer de minister, als vertegenwoordiger van deze regering, het is dus ontzettend belangrijk om er alles aan te doen om zelfstandigen eindelijk opnieuw een perspectief op een goed inkomen te geven. Daarom moeten we hen de kans geven om massaal weer aan de slag te gaan.

 

Vandaar ook mijn oproep aan de regering. Wij zullen uw wetsontwerp vandaag steunen, maar beperk het coronabeleid niet langer tot het zoeken naar de beste beperkende maatregel om een pandemie in te dijken, maar ga ook actief op zoek naar maatregelen om de zelfstandigen de kans te geven veilig te werken. Wek niet langer de indruk dat het voor de kappers en andere zelfstandigen een gunst is om opnieuw te mogen werken, het is een recht.

 

De focus mag dus niet langer alleen op het inperken van vrijheden liggen, zoals de vrijheid om te ondernemen en te werken, maar moet nu echt wel dringend verschuiven naar het zoeken naar hoe we werken in alle vrijheid opnieuw mogelijk kunnen maken.

 

02.04  Gaby Colebunders (PVDA-PTB): Collega's, wij zullen dit ontwerp over het dubbele overbruggingsrecht natuurlijk steunen. Het belang van die maatregel is duidelijk. Het is dringender dan ooit. Niettemin zijn wij wel van mening dat nog andere maatregelen genomen moeten worden en een andere aanpak nodig is.

 

Wij kunnen het ons niet veroorloven om de steun telkens pas op het einde van de maand te verlengen. Dat creëert heel veel onzekerheid en stress voor de zelfstandigen. Het is niet oké dat zelfstandigen telkens bang zijn op het einde van de maand en moeten wachten om te weten te komen of zij op het enkele of dubbele overbruggingsrecht kunnen rekenen. Ik heb verschillende zelfstandigen gesproken. Zij zeggen allemaal hetzelfde. Elke maand moeten zij voor de schuldeisers smoesjes verzinnen dat het de volgende maand wel beter zal zijn. Daarbovenop komt de bijkomende stress door de onzekerheid of zij het enkele of dubbele overbruggingsrecht zullen krijgen. Daarom vindt de PVDA-PTB dat de methode moet veranderen met degelijke garanties voor de zelfstandigen.

 

Wij weten niet precies wanneer de sectoren die nu stilliggen weer kunnen opengaan. Niemand in dit halfrond weet dat. Tot die tijd kunnen wij in ieder geval de zekerheid bieden dat men een zekere mate van steun kan genieten tot de sectoren weer opengaan. Daarom vragen wij u om de periode voor de toekenning van steun te koppelen aan de periode waarin de betrokken sectoren gesloten zijn.

 

Wij zijn ook van mening dat er andere steunmaatregelen mogelijk zijn. De verdubbeling van het overbruggingsrecht is zeker en vast een goede maatregel. Laat dat duidelijk zijn. De maatregel houdt echter geen rekening met de realiteit van de ondernemingen op dit moment en de kosten waarmee zij te maken krijgen. In die optiek zou het zinvol zijn maatregelen te nemen om de vaste kosten van de handelaars te verlagen. Ik denk bijvoorbeeld aan de energiefacturen.

 

Ik wil ook nog benadrukken dat veel zelfstandigen er niet of moeilijk in slagen de steun te verkrijgen of die te laat ontvangen wegens de talrijke administratieve drempels waarmee zij te maken hebben.

 

Daarom dringen wij opnieuw aan op administratieve vereenvoudiging, zowel voor de zelfstandigen als voor de betaalinstellingen die met een erg zware werklast worden geconfronteerd.

 

Wij stellen vast dat sommige zelfstandigen nog steeds geen steun ontvangen omdat zij niet aan de criteria voldoen. Ik denk aan de zelfstandigen die pas hun activiteit zijn begonnen, aan zelfstandigen in hoofdberoep of in bijberoep die tijdens de vastgestelde periode niet voldoende hebben bijgedragen, aan schijnzelfstandigen in de samenwerkingseconomie en aan andere.

 

Mijnheer de minister, ik weet niet of u het zich nog herinnert, maar in december 2020 tijdens de begrotingsbesprekingen heb ik u gevraagd wat er met beginnende zelfstandigen zou gebeuren. Ik heb toen het voorbeeld gegeven van een kameraad van mij. U antwoordde mij toen dat de regering niemand in de steek zou laten. U verzocht mij hem naar uw kabinet te sturen en de stappen te volgen. U zou echt niemand in de steek laten. Mijnheer de minister, die man heeft ondertussen moeten verbreken. Hij kampt met 300.000 euro schulden. Hij heeft nog geen enkele euro van de overheid ontvangen. Alle vorderingen van de schuldeisers blijven maar binnenkomen, alleen maar omdat hij op 1 april 2020 – het is geen aprilgrap – zijn zaak had opgestart. Dat is gewoon belachelijk. Het is gewoon belachelijk dat mensen die het al het moeilijkst hebben, de nieuwe starters, nergens aanspraak op kunnen maken.

 

Naar onze mening mocht ook het moratorium op faillissementen worden verlengd, omdat de opheffing ervan, zoals de UCM opmerkt, geen doeltreffende oplossingen biedt voor de sectoren die nog steeds zijn gesloten.

 

Ik rond af, wij hadden niet alleen de huurprijzen moeten opschorten, maar wij hadden ook de banken en zeker de verzekeringsmaatschappijen moeten dwingen het spel mee écht mee te spelen om de zelfstandigen te helpen. Wij kunnen echt niet alleen op hun goodwill rekenen. Het is echt onaanvaardbaar dat de banken nog steeds zo terughoudend zijn om leningen te verstrekken, ondanks de door de Staat verleende garantie.

 

PVDA-PTB vindt dat de regering met een oplossing moet komen, niet alleen voor de banken en de verzekeringsinstellingen maar bijvoorbeeld ook – het is iets lachwekkends – voor de betaalterminals. Alle zelfstandigen betalen immers voor betaalterminals die al maanden stilliggen. De kosten lopen op en er is niemand die ter zake zijn verantwoordelijkheid wil nemen. Ik zal er niet verder op ingaan omdat ik toch enigszins buiten de reikwijdte van het wetsontwerp ga.

 

Mijnheer de minister, de verdubbeling van het overbruggingsrecht is weliswaar noodzakelijk – ik herhaal: noodzakelijk –, maar grotendeels ontoereikend. Ze maakt immers geen deel uit van het samenhangend geheel. Wij betreuren dat en blijven pleiten voor een coherente oplossing.

 

02.05  Tania De Jonge (Open Vld): Ik ben er heel tevreden over dat de minister en de regering de noodzakelijke ondersteuningsmaatregelen voor de sectoren die heel zwaar getroffen zijn door een volledige of gedeeltelijke sluiting verlengen. Het is absoluut. De situatie voor verschillende sectoren is heel ernstig. Ieder van ons staat wel in contact met ondernemers bij wie het water aan de lippen staat en al een hele tijd hun reserves moeten aanspreken om rond te komen. De ondersteuning in de vorm van een dubbel overbruggingsrecht is absoluut noodzakelijk om te overleven. Voor sommigen is dat vaak niet genoeg om de vaste kosten te betalen, laat staan dat ze er zelf privé van kunnen leven.

 

Vooral de horeca en de evenementensector zijn zwaar getroffen. Het levenswerk, waar de ondernemers zo hard aan hebben gewerkt, staat bij velen op losse schroeven, waardoor de ondersteuning dan ook meer dan noodzakelijk is. De horeca is al zeven maanden op slot. Dat betekent ook zeven maanden geen inkomsten vanuit hun activiteiten. Sommige onderdelen van de evenementensector bijvoorbeeld zullen over een maand bijna een jaar inactief zijn. Het zijn zware tijden en dus moeten we niet alleen de ondersteuningsmaatregelen verlengen, maar ook werk maken van de toekomst met een relanceplan en zorgen dat ze er allemaal opnieuw bovenop komen.

 

In de commissie voor Economie, Consumentenbescherming en Digitale Agenda gisteren hebben vertegenwoordigers van de horecasector en de andere sectoren een beeld geschetst van de situatie en werd nog maar eens duidelijk gemaakt hoe moeilijk die sectoren het wel hebben om het hoofd boven water te houden. Ze kijken uit naar de toekomst en meer dan terecht. Ze zijn immers de partners bij uitstek om een goed toekomstplan uit te werken. Ik verheug er mij dan ook ten zeerste over dat de minister in onze commissie voor Sociale Zaken, Werk en Pensioenen bevestigde dat hij met de sectoren zou overleggen over mogelijke ondersteuningsmaatregelen en de opmaak van een plan voor de opening. De eerste minister was daarstraks ook heel duidelijk. Er wordt advies gevraagd aan de expertengroep om na te gaan of er perspectief geboden kan worden. Alles hangt natuurlijk af van de evolutie van de pandemie. Ook al is een perspectief belangrijk, wij mogen geen valse hoop geven.

 

Een ding is wel zeker, die sector wil zo snel mogelijk aan de slag en dat is ook een uitdaging voor het Parlement. We zullen het wetsontwerp dan ook met heel veel overtuiging goedkeuren.

 

02.06  Anja Vanrobaeys (sp.a): Mijnheer de minister, ik wil een paar punten beklemtonen. Ten eerste, niemand twijfelt aan het nut van de verlenging van het dubbel overbruggingsrecht. Hier is al verschillende keren gevraagd om perspectief en ik heb begrepen dat het Overlegcomité dat de volgende keer zal bekijken. Morgen zullen we nog geen festivals organiseren en niet alles zal in een keer opengaan. Ik vraag vooral om, zolang de zelfstandigen hun zaak gedwongen moeten sluiten of zolang ze slechts beperkt mogen openen of onderworpen zijn aan allerhande beperkingen, hun de zekerheid te bieden dat ze altijd kunnen rekenen op onze solidariteit en op de sociale zekerheid. Het is belangrijk dat we hun die ondersteuning geven.

 

Ten tweede, wat we hier beslissen, moet ook daadwerkelijk bekend raken bij de zelfstandigen. Ik heb dat in december al gevraagd en ik heb gezien dat er nu een overzicht van de federale en regionale steunmaatregelen op de website van het RSVZ staat, waarvoor mijn dank trouwens. Het is immers vaak moeilijk om de weg te vinden in al die verschillende bevoegdheidsniveaus en beslissingen. Twee weken geleden hebben de zelfstandigen een eerste betalingsuitnodiging voor de sociale bijdrage gekregen van de sociale verzekeringskassen. Ik heb dat ook aan mijn mailbox gemerkt. Veel kleine zelfstandigen dachten dat ze meer dan 1.000 euro bijdrage moesten betalen, terwijl hun zaak al maanden gesloten is. Ze waren zich totaal niet bewust van de mogelijkheid van uitstel of vrijstelling van betaling. Ik wil er dan ook op aandringen dat men onmiddellijk aangeeft welke mogelijkheden wij hier uitgewerkt hebben om hun enige ademruimte te geven, wanneer er weer een mail verstuurd wordt om bijdragen te betalen.

 

Zo niet heeft het allemaal weinig zin. Wat wij hier beslissen, moet ook daadwerkelijk bekend raken bij de zelfstandigen, nu het water hun echt aan de lippen staat.

 

02.07  Vanessa Matz (cdH): Madame la présidente, chers collègues, le projet de loi vise à prolonger le doublement du droit passerelle de crise temporaire en cas d'interruption forcée pour le mois de février 2021. Par conséquent, la mise en œuvre du premier pilier prévue dans la loi du 22 décembre 2020 est reportée au 1er mars 2021.

 

Dans cette loi de décembre 2020 était prévue l'introduction d'un système sur la base de trois piliers du droit passerelle. Un premier pilier vise les indépendants contraints d'interrompre totalement leurs activités en raison des mesures sanitaires prises par les autorités publiques. Un second pilier vise les indépendants confrontés à une perte considérable de leur chiffre d'affaires. Un troisième pilier vise les situations de mise en quarantaine ou de soins apportés aux enfants de moins de dix-huit ans placés en quarantaine et/ou dont l'école ou la crèche est fermée.

 

L'entrée en vigueur des trois piliers a été scindée. Les piliers 2 et 3 sont entrés en vigueur le 1er janvier 2021. Le premier pilier devait entrer en vigueur le 1er février 2021 mais l'entrée en vigueur a été reportée au 1er mars 2021.

 

La date d'entrée en vigueur du 1er janvier 2021 pour les deux autres piliers n'est basée sur aucune justification crédible, ne serait-ce que budgétaire, étant donné que la seconde vague du covid-19 a démarré en octobre 2020. Nous avions, sur la base de ce constat, proposé de faire rétroagir la disposition au 1er novembre 2020, ce qui avait d'ailleurs été revendiqué par l'Union des Classes Moyennes de la même manière, mais cela a été refusé. En effet, de nombreux indépendants n'ont pas été contraints d'interrompre leurs activités lors de cette seconde vague et, pourtant, ils ont subi une baisse considérable de leur chiffre d'affaires. On pense notamment aux hôtels et aux kinésithérapeutes qui n'ont pas été contraints de fermer boutique mais qui se trouvent néanmoins dans des situations extrêmement précaires et qui ressentent l'impact de la crise presque autant que ceux qui ont effectivement dû interrompre leurs activités, qui bénéficient d'une aide gouvernementale d'application seulement depuis janvier, c'est-à-dire deux longs mois trop tard.

 

Le CGG réitère, lui aussi, dans son avis sur le projet de loi, les préoccupations à l'égard de la nécessité d'une interruption forcée complète de l'activité pour entrer en considération pour le double montant du droit passerelle de crise. Ce critère empêche en effet que le système soit accessible à tout indépendant souffrant d'une perte considérable de revenus. Dans son avis du 23 novembre 2020, le CGG avait déjà explicitement demandé de prévoir un mécanisme qui permet de pourvoir rétroactivement aux conséquences du deuxième confinement pour les indépendants qui n'ont pas pu retomber sur les autres systèmes du droit passerelle.

 

C'est la même logique que nous avions suivie lorsque nous avions déposé l'amendement en décembre visant à avancer la mise en œuvre du second pilier pour qu'il soit applicable dès le début de la seconde vague de l'épidémie.

 

Le nouveau projet de loi, bien qu'il prolonge l'application du double droit passerelle, ne prévoit à nouveau pas l'application de ce droit aux indépendants qui n'ont pas dû fermer boutique, mais qui ont quand même souffert d'une grosse diminution de leurs revenus.

 

Nous regrettons donc que les indépendants qui, jusqu'au 1er janvier, n'étaient pas visés par le droit passerelle et qui ont pourtant été impactés durement pendant la période du second confinement soient, à nouveau, oubliés par le gouvernement. Il est ici question d'une absence importante de couverture durant deux mois cruciaux pour certains indépendants, et qu'il aurait fallu combler pour éviter que nombre d'entre eux ne se retrouvent dans une situation irréversible.

 

02.08  François De Smet (DéFI): Madame la présidente, chers collègues, ce projet de loi vise notamment à prolonger le doublement du montant de la prestation financière dans le cadre de la mesure temporaire de crise de droit passerelle en cas d'interruption forcée pour le mois de février 2021.

 

Notre groupe rappelle que la commission de l'Économie organise actuellement des auditions au sujet de l'impact du covid sur les indépendants et les entreprises. Au cours de ces auditions, nous avons pu constater que, lors de la première vague de l'épidémie, un indépendant sur deux avait fait appel au mécanisme du droit passerelle.

 

Si on ne peut que se réjouir de voir, enfin, rouvrir certains métiers de contacts, on doit aussi avoir une attention particulière pour tous les secteurs qui sont encore touchés actuellement. Les secteurs les plus durement impactés par la crise sont ceux de l'horeca et des activités dites récréatives. Ces derniers ne savent toujours pas quand et comment ils pourront retrouver une activité professionnelle normale. Il est dès lors plus que nécessaire de continuer de les soutenir par l'intermédiaire notamment du droit passerelle.

 

Toutefois, les employeurs du secteur culturel et de l'horeca continuent de subir de plein fouet les conséquences du second confinement. Il est vital de leur apporter de l'oxygène afin d'éviter que certains ne puissent s'en remettre. De nombreux témoignages nous reviennent selon lesquels bien qu'il existe un moratoire dit tacite de la part de certains créanciers, comme l'ONSS et le fisc, les employeurs de ces secteurs ne sont pas à l'abri d'une dénonciation de faillite de la part de nombreux autres créanciers.

 

Depuis lors, il est certes exact que la réforme de la procédure de réorganisation est actuellement débattue au sein de notre assemblée. Elle permettra – nous l'espérons – d'éviter la faillite de certains indépendants. Cependant, le délai entre l'adoption de cette réforme et la fin du moratoire sur les faillites est trop important. Dans l'intervalle, on risque de voir de nombreux indépendants et de nombreuses PME sombrer sans avoir le temps de rebondir. C'est pour cette raison que nous continuons de militer en faveur du prolongement ou de la réinstauration d'un moratoire sur les faillites qui est arrivé à échéance le 31 janvier dernier.

 

Néanmoins, vous l'aurez compris, madame la présidente, chers collègues, nous soutiendrons, comme nous l'avons fait lors des travaux du kern plus dix, l'adoption de ce projet de loi soumis au vote de notre assemblée. 

 

02.09  David Clarinval, ministre: Madame la présidente, je souhaite remercier l'ensemble des groupes qui ont tous soutenu en commission le projet de loi et cette mesure très importante.

 

Monsieur Anseeuw, madame De Jonge, en effet, nous souhaitons tous pouvoir apporter rapidement des perspectives. On espère que le 26 février, le GEMS pourra nous donner une feuille de route, comme l'a rappelé le premier ministre cet après-midi, qui comportera des éléments précis de perspectives pour les secteurs qui sont encore fermés aujourd'hui mais aussi pour les bulles sociales et autres privations de libertés qui sont encore présentes.

 

Monsieur Colebunders, le principe même de cette loi, c'est justement de permettre via arrêté royal de prolonger le double droit passerelle pour ne plus avoir cette incertitude avant chaque mois et aussi pour donner une forme de perspective de pouvoir conserver le double droit passerelle. Comme je l'ai dit en commission, la philosophie qui me guide et qui guide le gouvernement dans cette mesure, c'est de pouvoir maintenir le double droit passerelle à l'égard des entreprises, des indépendants et des PME qui sont aujourd'hui fermés. Tant qu'un indépendant sera fermé, il aura droit à ce double droit passerelle. Ensuite, dès qu'il pourra rouvrir, on espère le plus rapidement possible, il aura toujours la possibilité de faire appel à l'autre pilier de la passerelle, à savoir s'il constate une perte de 40 % du chiffre d'affaires, il pourra obtenir une passerelle simple.

 

Madame Matz, je suis heureux de pouvoir vous dire que ce type de passerelle est actif depuis le 1er janvier. Il a déjà été utilisé ce mois de janvier pour 3 408 personnes qui l'ont demandée et qui ont été payées. On voit donc qu'elle est en effet utile et qu'elle va augmenter en nombre au fur et à mesure qu'elle sera plus connue.

 

Madame Vanrobaeys, je partage votre point de vue. C'est vrai qu'il est difficile de faire passer le message. Je suis étonné alors que j'ai l'impression de communiquer beaucoup. Les gens ne perçoivent pas suffisamment les informations. Par exemple, je pensais que tout le monde avait compris que les coiffeurs bénéficient de la double passerelle en février, mais j'ai encore de nombreuses demandes aujourd'hui. Il est vraiment difficile de faire passer le message auprès des personnes concernées.

 

Je retiens votre idée de lancer, en même temps que les reports ou les réductions de cotisations, l'appel à payer les cotisations. C'est une idée que je demanderai à l'INASTI de mettre en œuvre via ses caisses.

 

Monsieur De Smet, je vous remercie pour les propos tenus. En ce qui concerne le moratoire sur les faillites, vous n'ignorez pas que mes collègues Van Peteghem et Vandenbroucke ont annoncé que l'État - l'ONSS, le fisc et l'INASTI - maintiendra un moratoire de fait jusqu'à la fin du mois mars pour permettre le vote de la réforme de la PRJ et éviter nombre de faillites d'indépendants et d'entreprises que nous redoutons tous.

 

Madame la présidente, voilà les quelques éléments de réponse que je souhaitais apporter.

 

02.10  Björn Anseeuw (N-VA): Mijnheer de minister, ik heb een heel duidelijke oproep gedaan aan u en de regering, namelijk om in de corona-aanpak niet langer louter te focussen op beperkende maatregelen met het oog op het indijken van de pandemie, maar om voortaan ook eindelijk actief te gaan zoeken naar manieren om ondernemers en iedereen die in dit land aan de slag wil de kans te geven om dat ook te doen. Het valt mij op dat u zeer behoedzaam bent geweest in uw antwoord. Uiteindelijk hebt u het aangedurfd om te zeggen dat de regering dat effectief wil doen.

 

Ik wil er dan op wijzen dat de sleutel in handen van de regering ligt, zij heeft immers de beslissingsmacht. Ik hoop dus dat u de vele zelfstandigen in dit land niet louter lippendienst bewijst, maar dat de beslissing van de regering ook zeer snel zal volgen. U had het over de GEMS, maar uiteindelijk is het wel de regering die beslist. Voor de helderheid van het debat vind ik het belangrijk om daarop te wijzen, opdat de mensen niet zouden denken dat het regering niet meer is die daarover beslist.

 

Uw voorzichtigheid zal waarschijnlijk te maken hebben met het feit dat er daarover geen eensgezindheid is binnen de regering, maar ik heb er alle vertrouwen in dat u er tenminste alles aan zal doen om de neuzen in de juiste richting te krijgen. Ik reken op u, en met mij de vele zelfstandigen in dit land.

 

02.11  Gaby Colebunders (PVDA-PTB): Mijnheer de minister, ik heb u duidelijk gemaakt dat wij dit een goed voorstel vinden. In december heb ik u hierover een vraag gesteld, en nu opnieuw, en u geeft dan wel een antwoord op de vragen waarop u wil antwoorden, maar blijft de opmerking dat iemand die pas zelfstandige is geworden, niets kan voorleggen voor de eerste pijler, laat staan voor een verdubbeling van die eerste pijler. Twee keer nul is volgens mij nog altijd nul. Ik heb de indruk dat hier vandaag in het Halfrond veel met cijfers gegooid is, maar nul blijft nul. Die tweede pijler biedt niets voor de grote groep van mensen die zelfstandig geworden zijn tijdens de coronacrisis, na de lockdown. Zij kunnen niets voorleggen. Zij hebben dus ook nergens recht op.

 

Ik vind het voorstel heel goed, wij volgen u daarin, maar die groep mag u zeker niet vergeten. Ik hoop dat u daar nog eens over nadenkt.

 

La présidente: Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

 

La discussion générale est close.

De algemene bespreking is gesloten.

 

Discussion des articles

Bespreking van de artikelen

 

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (1768/3)

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (1768/3)

 

Le projet de loi compte 6 articles.

Het wetsontwerp telt 6 artikelen.

 

Aucun amendement n'a été déposé.

Er werden geen amendementen ingediend.

 

Les articles 1 à 6 sont adoptés article par article.

De artikelen 1 tot 6 worden artikel per artikel aangenomen.

 

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

 

03 Proposition de résolution visant à charger la Cour des comptes d'un audit sur le fonctionnement de l'Autorité de protection des données (APD) (1775/1-4)

03 Voorstel van resolutie teneinde het Rekenhof te belasten met een audit naar de werking van de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA) (1775/1-4)

 

Proposition déposée par:

Voorstel ingediend door:

Kris Verduyckt, Khalil Aouasti, Nathalie Gilson, Cécile Thibaut, Koen Geens, Katja Gabriëls, Stefaan Van Hecke.

Discussion

Bespreking

 

Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (1775/4)

De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking (Rgt 85, 4) (1775/4)

 

La discussion est ouverte.

De bespreking is geopend.

 

03.01  Nabil Boukili, rapporteur: Madame la présidente, j'aurais bien fait référence au rapport écrit, mais je suis obligé de faire un rapport oral.  J'essaierai d'être aussi bref que possible vu l'heure.

 

Dans le cadre de cette résolution, M. Kris Verduyckt a exposé la proposition de résolution et M. Christoph D'Haese a déposé des amendements. La discussion de la proposition de résolution et la discussion sur les amendements ont eu lieu et ont été animées. Les considérants et le dispositif ont été successivement adoptés. L'ensemble de la proposition de résolution telle que corrigée sur le plan légistique a été adopté par douze voix et une abstention par vote nominatif.

 

La commission a demandé à la Conférence des présidents d'ajouter la proposition de résolution à l'ordre du jour de la séance plénière du 11 février 2021. La commission a marqué son accord avec un rapport oral.

 

La présidente: Merci beaucoup pour votre concision, monsieur Boukili.

 

03.02  Nabil Boukili (PVDA-PTB): Madame la présidente, je tiens à intervenir sur ce texte de résolution, non pas parce que je m'oppose à un audit de la Cour des comptes sur l'Autorité de protection des données (APD), qui intéresse tant mon groupe que l'ensemble des parlementaires, mais parce que cet audit ne répond absolument pas au problème auquel nous devons répondre au sein de ce Parlement.

 

Tout d'abord, la Cour des comptes a la compétence de procéder à un audit sur l'utilisation de l'argent du contribuable, sur les finances de l'APD et sur le contrôle du respect de toutes les règles financières. En revanche, elle n'a aucune compétence pour se prononcer sur la qualité du travail de l'APD et sur la protection de la vie privée de nos concitoyens.

 

La Cour des comptes n'est pas compétente pour donner un avis là-dessus. Voilà le problème! Cette proposition de résolution passe donc à côté de la problématique à laquelle nous devons répondre, et ne règle aucunement le problème. Elle a seulement le mérite de retarder les travaux parlementaires qui doivent s'atteler à une question importante et urgente: la protection de la vie privée de nos concitoyens et la protection du traitement de données.

 

Cette résolution n'aura aucun impact sur le problème d'incompatibilité dans le chef de certaines personnes qui composent l'Autorité de protection des données, ni sur le conflit d'intérêts. Par contre, elle retarde les travaux parlementaires.

 

Or, il est urgent de traiter le problème. Notamment en temps de crise, la vie privée est menacée, et le besoin d'avoir un régulateur en charge de la protection de la vie privée est fondamental. Avoir un contre-pouvoir est très important, surtout en temps de crise.

 

Si je dis que cette résolution va seulement retarder les travaux parlementaires, c'est parce qu'une date est fixée pour la remise de cet audit, au mois de juin. D'ici là, c'est comme si nous ne pouvions pas avancer sur la question.

 

Par ailleurs, madame la présidente, chers collègues, il existe d'autres solutions qui peuvent répondre à la problématique à laquelle nous faisons face. Cette solution figure dans la loi qui concerne l'Autorité de protection des données. C'est l'article 45, qui prévoit une procédure de destitution.

 

Nous sommes confrontés à un problème de conflit d'intérêts et à un problème d'incompatibilité. Des soupçons existent. Divers articles de presse en traitent. Un article a été publié à ce sujet aujourd'hui dans le journal Le Soir et un dossier a été présenté sur la chaîne LN24.

 

Comme je viens de le dire, en cette matière, on pourrait se référer à l'article 45 de la loi sur l'APD pour trouver une solution.

 

Il s'agit d'une procédure de destitution dans laquelle les personnes soupçonnées de conflit d'intérêts ou d'incompatibilité ont le droit de se défendre, de choisir qui mènera leur défense, et seraient auditionnées par la commission compétente.

 

Nous ne voterons pas en faveur de cette résolution. Á nos yeux, la seule raison de la voter serait de retarder le processus et le travail qui doivent être faits pour régler ce problème urgent. Mais nous ne nous opposons pas à un audit de la Cour des comptes car cela reste intéressant. Dans ce cadre-là, nous passons à côté du problème, raison pour laquelle, madame la présidente, chers collègues, notre groupe s'abstiendra sur ce texte, tout en espérant qu'il ne freinera pas les travaux parlementaires devant être menés pour régler cette problématique.

 

03.03  Kris Verduyckt (sp.a): Mevrouw de voorzitster, ik dank collega Boukili voor zijn mondeling verslag.

 

Ik ben het niet volledig met de heer Boukili eens, maar wel zijn wij het erover eens dat de Gegevensbeschermingsautoriteit een bijzonder belangrijke organisatie is. In het afgelopen jaar hebben wij hier verschillende discussies over privacy gevoerd, in functie van corona. De Gegevensbeschermingsautoriteit heeft daarin een belangrijke rol.

 

Het is dan ook heel vervelend als het Parlement brieven krijgt vanuit de Gegevensbeschermingsautoriteit, waaruit blijkt dat er daar een probleem is. Daarover hebben we een hoorzitting gehouden in de commissie voor Justitie, die een hele dag in beslag genomen heeft, met alle directeurs van de GBA. We hebben daar heel veel gehoord, in alle mogelijke richtingen, en ik moet zeggen dat het probleem mij bijzonder complex lijkt, waardoor wij toch even hebben moeten nadenken over de manier waarop we verdere stappen konden zetten. Immers, onze parlementaire bevoegdheid is in dezen redelijk beperkt.

 

Uiteindelijk zijn wij met enkele collega's van de meerderheid tot het nu voorliggend voorstel gekomen. Daarbij proberen wij de inmenging zo beperkt mogelijk te houden, aangezien de GBA als organisatie uiteindelijk net toekijkt op de werking van het Parlement. Zodoende zijn wij bij het Rekenhof uitgekomen.

 

Zo wordt er onder andere een belangenconflict bijgehaald, maar daarover gaat het in wezen niet en dat is niet de opdracht van de audit. Bovendien meent de heer Boukili dat een audit de zaken vertraagt, terwijl het net de bedoeling is om te trachten de zaken te objectiveren, om er vervolgens mee aan de slag te kunnen gaan. Om die reden wensen wij dat het Rekenhof wordt ingeschakeld.

 

Wij kiezen voor het Rekenhof omdat die instelling ook een bepaalde onafhankelijke status heeft en in het verleden al voor het Parlement heeft gewerkt. Het Rekenhof heeft al een vergelijkbaar onderzoek uitgevoerd naar de werking van de CREG, ook een organisatie die voor een groot stuk toekijkt op onze parlementaire werking.

 

De tekst van de resolutie zelf is vrij beknopt. De reden daarvoor is dat wij zo weinig mogelijk richting willen geven. Wij willen gewoon de opdracht geven aan het Rekenhof.

 

Sta me toe nog even kort te zeggen wat die opdracht inhoudt. Wij vragen het Rekenhof om te bekijken of de GBA vandaag binnen haar wettelijke opdracht en efficiënt kan werken met de haar toegekende middelen, om de effectiviteit van de werking na te gaan en om de coördinatie te evalueren tussen de verschillende organen waarvoor die directeurs verantwoordelijk zijn.

 

Het Rekenhof heeft een heleboel documenten ter beschikking, waaronder de regelgeving, de externe en interne communicatie van de GBA, het bijzonder groot aantal documenten dat aan de Kamer werd overhandigd en het verslag van de hoorzitting. Wij stellen ook voor dat het Rekenhof interviews afneemt van medewerkers of ex-medewerkers.

 

Gelet op de hoeveelheid informatie vinden wij de datum van 1 juni zeker niet overdreven om van het Rekenhof die audit te krijgen, met hopelijk enkele aanbevelingen inbegrepen.

 

Dat is wat straks aan de Kamer wordt voorgelegd.

 

Ik wil alle collega's die mee hebben nagedacht over deze oplossing, bedanken voor hun inbreng.

 

03.04  Nabil Boukili (PVDA-PTB): Madame la présidente, l'idée n'est pas du tout de s'ingérer dans le fonctionnement de l'APD. Le Parlement a ce pouvoir, puisque la loi sur l'APD autorise le Parlement à faire appel à l'article 45 s'il soupçonne une violation des autres articles de la loi APD, ce qui est le cas en l'occurrence. Il y a un soupçon de violation, d'incompatibilité. Je ne l'affirme pas mais, en cas de soupçon, un article de la loi donne la possibilité au Parlement de jouer son rôle de contrôle. Comme le stipule la loi, c'est le Parlement qui contrôle l'Autorité de protection des données. Par conséquent, le Parlement peut faire usage de son droit de contrôleur de l'APD en faisant appel à l'article 45 qui est le moyen le plus efficace pour faire la lumière sur les incompatibilités et les conflits d'intérêts supposés. La Cour des comptes n'est pas compétente à ce niveau-là. La seule manière de faire la lumière sur ce dossier, c'est de faire appel à l'article 45. C'est pourquoi je maintiens que cette résolution va seulement retarder des travaux qui sont urgents et nécessaires pour la protection de la vie privée de nos concitoyens.

 

03.05  François De Smet (DéFI): Madame la présidente, chers collègues, c'est un difficile dossier que celui de l'Autorité de protection des données. Il est difficile de manière générale parce que nous n'avons jamais eu autant besoin d'une institution indépendante pouvant veiller à la protection des données privées. Il s'agit ici d'un sujet d'inquiétude de nos concitoyens, à raison d'ailleurs.

 

Le dossier relatif à l'Autorité de protection des données, aujourd'hui à l'examen, comporte plusieurs volets. Il y a le contournement de cette Autorité par un certain nombre d'autorités gouvernementales, à commencer par le gouvernement fédéral qui évite son contrôle en restreignant des libertés par arrêtés ministériels plutôt que de déposer des projets de loi. J'ai déjà parlé suffisamment de cette question, en ce compris cet après-midi, lors de mon échange avec le premier ministre. Il y a aussi la Région flamande qui se passe désormais systématiquement de l'avis de l'APD, grâce à sa propre autorité, la Vlaamse Toezichtcommissie, ce qui pose, selon moi, un grave problème d'empiètement des compétences fédérales et de l'Autorité de protection des données, empiètement contre lequel, à défaut de réaction du gouvernement, notre Assemblée devra elle-même défendre l'Autorité de protection des données, comme j'ai eu l 'occasion de le souligner en commission.

 

Et puis, il y a la question du fonctionnement interne de cette institution. Personnellement, je n'adhère pas aux théories qui réduisent les difficultés de l'Autorité de protection des données à de simples chamailleries internes, comme on en voit si souvent ailleurs dans le monde du travail. Peut-être y a-t-il réellement des incompatibilités de caractère, mais il y a surtout - nous le savons tous - des incompatibilités potentielles de fonctions, si l'on en croit notamment la presse.

 

Je ne citerai aucun nom ici, mais je voudrais attirer l'attention de notre Assemblée sur le caractère dommageable que ces conflits d'intérêts poseront en termes de crédibilité et de confiance, s'ils sont attestés. Nous sommes toujours dans une pandémie qui demande de traiter, tous les jours, des données à caractère sensible, dans un contexte où la population perd de son adhésion vis-à-vis des autorités.

 

C'est dans ce contexte que la majorité se propose de confier une mission d'audit à la Cour des comptes. C'est vrai que cette dernière dispose de plusieurs missions de contrôle, notamment celle du contrôle du bon emploi des deniers publics afin d'informer le Parlement quant à la manière dont sont gérés les services publics. Elle peut s'assurer que les ressources financières, humaines et matérielles sont utilisées de façon optimale. Elle n'est, toutefois, pas compétente pour analyser, par exemple, la régionalisation de la compétence d'avis en matière de protection des données personnelles, ni les éventuelles incompatibilités légales et les conflits d'intérêts que nous sommes quelques-uns à souligner, depuis des semaines.

 

La Cour ne va, ni nous dire si l'Autorité de protection des données accomplit bien son travail, ni si les conflits d'intérêts dénoncés notamment par la presse sont réels. Tout ce qu'elle fera plus que probablement, c'est renvoyer la Chambre devant ses responsabilités - et, chers collègues, elle aura bien raison.

 

En conclusion, si cette proposition de résolution demandant un audit ne mange pas de pain, elle ne me paraît pas de nature à offrir une véritable solution à la crise que traverse cette institution. Si nous ne nous y opposerons pas, il ne faudra pas que cette démarche soit considérée comme un moyen de gagner du temps par une majorité qui pourrait se trouver mal à l'aise dans sa gestion de cette institution et, plus généralement, de nos données personnelles.

 

Afin de dissiper ce soupçon, j'espère donc que les autres volets continueront, sans délai, à être travaillés par le Parlement, à savoir la vérification des présumés conflits d'intérêts et la défense des prérogatives fédérales de cette institution dont nous avons plus que jamais besoin. En tout cas, notre groupe y veillera.

 

La présidente: Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

 

La discussion est close.

De bespreking is gesloten.

 

Aucun amendement n'a été déposé.

Er werden geen amendementen ingediend.

 

Le vote sur la proposition aura lieu ultérieurement.

De stemming over het voorstel zal later plaatsvinden.

 

04 Proposition de résolution relative à l'amélioration des conditions de travail des infirmiers (213/1-3)

04 Voorstel van resolutie ter verbetering van de werkomstandigheden van verpleegkundigen (213/1-3)

 

Proposition déposée par:

Voorstel ingediend door:

Yoleen Van Camp.

La commission de Santé et de l'Égalité des chances des chances propose de rejeter cette proposition de résolution. (213/3)

 De commissie voor Gezondheid en Gelijke kansen stelt voor dit voorstel van resolutie te verwerpen. (213/3)

 

Conformément à l'article 88 du Règlement, l'assemblée plénière se prononcera sur cette proposition de rejet après avoir entendu le rapporteur et, éventuellement, l’auteur.

Overeenkomstig artikel 88 van het Reglement spreekt de plenaire vergadering zich uit over dit voorstel tot verwerping, na de rapporteur en eventueel de indiener te hebben gehoord.

 

04.01  Dominiek Sneppe, rapporteur: Mevrouw de voorzitster, de commissie heeft het voorstel van resolutie besproken tijdens haar vergaderingen van 27 oktober 2020 en 26 januari 2021.

 

In de inleidende uiteenzetting legt mevrouw Van Camp uit dat de voorliggende tekst werd ingediend in 2019, nog voor de coronacrisis. De zorgverleners gaan tijdens deze crisis tot het uiterste, maar reeds voor de crisis was het nodig om hun werkomstandigheden te verbeteren. Inmiddels heeft het Parlement middelen voor het zorgpersoneel vrijgemaakt. Dat is positief, maar die middelen moeten ook op de juiste manier bij de zorgverleners terechtkomen. Vaak komen bijkomende middelen immers niet rechtstreeks bij het zorgpersoneel terecht, maar worden ze over de hele sector verdeeld. Om die reden blijft het voorstel van resolutie nodig en brandend actueel. Het voorstel van resolutie van de N-VA is bovendien breder opgevat dan dat van de MR.

 

De moeilijke werkomstandigheden van het zorgpersoneel zijn volledig te wijten aan de normbestaffing, met andere woorden te weinig handen aan het bed.

 

Het tweede deel van het voorstel van resolutie heeft betrekking op de thuisverpleging. Terwijl in de instellingen de onderbestaffing het grootste probleem is, kampt men in de thuisverpleging veeleer met een te lage financiering, aldus mevrouw Van Camp.

 

Op de vraag van mevrouw Creemers om haar voorstel aan te passen aan de resolutie die we hier vorige week hebben goedgekeurd, was het antwoord van mevrouw Van Camp een resoluut njet, omdat het voorstel nr. 1354 haar oorspronkelijke voorstel uitholt.

 

De heer Rigot is het ermee eens dat er jarenlang te weinig in de zorgsector is geïnvesteerd. De gevolgen daarvan zijn duidelijk voelbaar tijdens de gezondheidscrisis die het land doormaakt. Hij wenst echter te beklemtonen dat de nieuwe regering een koerswijziging heeft ingezet en opnieuw in de gezondheidszorg zal investeren. Het Parlement moet er uiteraard op toezien dat de maatregelen snel en effectief worden ingevoerd, maar er moet ook voldoende vertrouwen aan de regering worden geschonken.

 

De heer Creyelman meent dat de gezondheidscrisis heeft aangetoond hoe belangrijk een goed uitgebouwde en goed uitgeruste zorgsector is.

 

De verschillende instellingen werden geconfronteerd met de uitval van zorgpersoneel, waardoor het overblijvende personeel nog meer onder druk kwam te staan. Het is duidelijk dat de zorgsector momenteel over weinig tot geen reserve beschikt. Er is te weinig instroom en te veel uitstroom. Veel verpleegkundigen overwegen tijdens deze gezondheidscrisis zelfs om een andere job te zoeken.

 

Die negatieve tendens moet worden gekeerd. Daarom zal het Vlaams Belang elk initiatief in het voordeel van het zorgpersoneel steunen. De heer Creyelman vindt het jammer dat de andere fracties het voorstel van resolutie niet lijken te steunen, aangezien het om iets meer concrete acties vraagt dan het voorstel van resolutie nr. 1354.

 

De problematiek die in het voorliggende voorstel van resolutie wordt aangekaart, ligt mevrouw Taquin na aan het hart. Daarom diende haar fractie een voorstel van resolutie in dat de regering oproept een aantal concrete maatregelen te nemen. Een aantal van de verzoeken in het voorstel van de N-VA-fractie werd ook in het MR-voorstel opgenomen.

 

Om het grote tekort aan personeel weg te werken, hebben het Parlement en de vorige regering bovendien een aantal historische initiatieven genomen, die reeds werden vermeld tijdens de bespreking van het voorstel van resolutie 1354.

 

Mevrouw Merckx hoorde tijdens de hoorzittingen in de bijzondere commissie COVID-19 dat er snel actie op het terrein nodig is. Het debat is nog niet gesloten en het is dan ook positief dat mevrouw Van Camp het thema van de werkomstandigheden van het zorgpersoneel weer op de agenda zet. Mevrouw Merckx diende dan ook amendementen in met concrete maatregelen om het personeelstekort weg te werken.

 

De heer De Caluwé vindt het wat kort door de bocht om te beweren dat er niets gebeurt voor het zorgpersoneel. Hij haalt de goedkeuring van het MR-voorstel aan, het Zorgpersoneelfonds en de middelen die werden vrijgemaakt om de aantrekkelijkheid van het beroep te vergroten. Wellicht zullen er in de toekomst nog inspanningen moeten worden geleverd.

 

Mevrouw Muylle meent dat een aantal elementen, zoals de leerladder en de bestaffing, in het voorstel van resolutie samen met de Gemeenschappen moet worden bestudeerd. Alleszins moet daarover een discussie ten gronde worden gevoerd.

 

Mevrouw Vanpeborgh deelt de bekommernissen van de indienster van het voorstel van resolutie, maar merkt zoals andere collega’s op dat de regering reeds het een en het ander gedaan heeft in dat kader.

 

Mevrouw Van Camp is erover verheugd dat de commissieleden graag constructief willen samenwerken voor het zorgpersoneel. Ze is het echter niet eens met leden die beweren dat zij te snel wil gaan. De minister van Volksgezondheid heeft door te snel te willen gaan en snel een premie aan het zorgpersoneel toe te kennen, het zorgpersoneel opgezadeld met hogere belastingen. Indien het nodig is om trager te werken, is mevrouw Van Camp zeker bereid dat te doen.

 

Meerdere leden steunen de passage over de staatsstructuur jammer genoeg niet. Tegelijk geven zij allemaal aan dat er een probleem is met de staatsstructuur en dat de bevoegdheidsverdeling niet efficiënt is. Mevrouw Van Camp hoort wel dat er een intentie is om het debat hierover ten gronde te voeren.

 

Er wordt ook regelmatig verwezen naar de taskforce. Als die taskforce op dezelfde manier te werk zal gaan als de taskforce rond geneesmiddelentekorten, dan heeft collega Van Camp er niet veel vertrouwen in. Zij heeft meer vertrouwen in het Parlement. Het is ook het Parlement, in het bijzonder de PVDA-fractie en de Vlaams Belangfractie, dat geld heeft vrijgemaakt voor het zorgpersoneel.

 

Zij vindt het niet gepast om die pluim op de hoed van de regering te steken. Mevrouw Van Camp geeft tot slot aan dat haar fractie er zeker op zal toezien dat de regering en de taskforce de juiste accenten leggen in het voordeel van de zorgsector.

 

Het voorstel van resolutie wordt door de meerderheid weggestemd en krijgt nu een tweede kans in de plenaire vergadering.

 

04.02  Yoleen Van Camp (N-VA): Collega's, zoals vorige week aangekondigd sta ik hier deze week opnieuw om te pleiten voor betere werkomstandigheden voor het zorgpersoneel. Ik vind zelf ook dat mijn plaat echt grijsgedraaid is, zeker om 23 uur. Bij ons heeft de verpleegkundige gemiddeld 13 patiënten onder haar hoede, cijfer waarmee we ons in dezelfde regionen bevinden als Spanje en Portugal, niet direct landen waarmee we ons willen vergelijken. Dat zijn dubbel zoveel patiënten als in de Scandinavische landen, waar wel wordt ingezet op voldoende handen aan het bed. De opmerking dat een thuisverpleegkundige paar euro's meer ontvangt voor courante handelingen zoals het plaatsen van een spuitje, ben ik echt beu gehoord. Er is maar één manier waarop we daar van afkomen, namelijk dat er uiteindelijk betere werkomstandigheden komen, als ik hier maar blijf op hameren.

 

De verslaggever heeft er terecht naar verwezen, het Parlement heeft wel degelijk enkele stappen gezet met het initiatief van PVDA en VB om extra middelen vrij te maken voor de sector in de vorm van onder andere een premie. Daarmee lenigt men slechts de hoogste nood in deze coronatijden. Het is zeker een begin, daar kunnen we niet omheen.

 

Ik vind het jammer dat de regering niet alleen de pluim voor dat begin op eigen hoed steekt, maar dat meteen ook als excuus aangrijpt om zeker niet meer te moeten doen. Nochtans kwam het initiatief uit het Parlement en is het bedoeld om de hoogste nood in coronatijden te lenigen. Het staat niet gelijk met een structurele verbetering van de normbestaffing, waar wij al zo lang op hameren, noch met de structurele herziening van de nomenclatuur, die wij vragen.

 

Ik heb mijn voorstel niet bij het begin van de legislatuur naar voren geschoven, omdat ik paars-groen de tijd wou gunnen om daar zelf mee aan de slag te gaan. We hebben hier vorige week echter kunnen vaststellen dat de meerderheid hier kwam aanzetten met een resolutie, die een kopie van de onze was en die ze via eigen amendementen nog eens serieus heeft afgezwakt en uitgehold, wat wij totaal onaanvaardbaar vonden.

 

Collega's van paars-groen, dit is uw kans om dat recht te zetten en in te tekenen op structurele verbeteringen voor de verloning van het zorgpersoneel en voor meer handen aan het bed. Hoe kan men daar in godsnaam toch tegen zijn? En toch werd de tekst in de commissie door paars-groen weggestemd.

 

Vandaag geeft onze fractie u heel graag de kans om dat recht te zetten en alsnog de kaart van de witte sector te trekken. We hebben dat nog al gedaan vanuit het Parlement. De witte sector rekent op ons. We rekenen vandaag op de meerderheid van paars-groen om zich te herpakken en het voorstel alsnog goed te keuren.

 

La présidente: Plus personne ne peut prendre la parole.

Geen andere spreker mag het woord nemen.

 

Le vote sur la proposition de rejet de cette proposition de résolution aura lieu ultérieurement.

De stemming over het voorstel tot verwerping van het voorstel van resolutie zal later plaatsvinden.

 

05 Proposition de loi modifiant la loi du 28 février 2007 fixant le statut des militaires et candidats militaires du cadre actif des Forces armées en ce qui concerne l'exercice d'activités et de mandats politiques par des militaires (69/1-7)

05 Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 28 februari 2007 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaatmilitairen van het actief kader van de Krijgsmacht wat de politieke activiteiten en mandaten van militairen betreft (69/1-7)

 

Proposition déposée par:

Voorstel ingediend door:

Peter Buysrogge, Theo Francken, Michael Freilich.

La commission de la Défense nationale propose de rejeter cette proposition de loi. (69/7)

De commissie voor Landsverdediging stelt voor het wetsvoorstel te verwerpen. (69/7)

 

Conformément à l'article 88 du Règlement, l'assemblée plénière se prononcera sur cette proposition de rejet après avoir entendu le rapporteur et, éventuellement, l’auteur.

Overeenkomstig artikel 88 van het Reglement spreekt de plenaire vergadering zich uit over het voorstel tot verwerping, na de rapporteur en eventueel de indiener te hebben gehoord.

 

05.01  Annick Ponthier, rapporteur: Mevrouw de voorzitster, ik zal u conform mijn aanstelling als rapporteur het verslag brengen van de tweede lezing van het voorstel dat voorlag tot wijziging van de wet van 28 februari 2007 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaat-militairen van het actief kader van de krijgsmacht wat de politieke activiteiten en mandaten van militairen betreft.

 

Het voorstel geeft militairen de mogelijkheid om als kandidaat naast de lokale en de provinciale verkiezingen voortaan ook deel te nemen aan de Parlementsverkiezingen. Nadat het voorstel werd besproken in eerste lezing, startend op 4 december 2019 en voortgezet in de loop van 2020, werd het in tweede lezing besproken tijdens de vergadering van 20 januari 2021.

 

De commissie heeft na de eerste lezing de dienst Juridische Zaken en Parlementaire Documentatie van de Kamer gevraagd om een wetgevingstechnische nota over de in eerste lezing aangenomen artikelen. Die nota werd aan de commissie ter beschikking gesteld. Nadien werd er nog een advies gevraagd aan de Raad van State.

 

In de inleidende uiteenzetting verwees de indiener, de heer Buysrogge van de N-VA-fractie, naar de bespreking van het wetsvoorstel in eerste lezing, waarbij beide artikelen na amendering werden aangenomen.

 

De Raad van State heeft twee opmerkingen geformuleerd in zijn advies, waarop verschillende sprekers zijn ingegaan.

 

De heer Guillaume Defossé van Ecolo-Groen bevestigt dat zijn fractie de inhoudelijke strekking van het wetsvoorstel onderschrijft, daar het de democratische rechten van militairen uitbreidt. Daarbij zegt de heer Defossé uiteraard wel oog te hebben voor de vereiste neutraliteit van de strijdkrachten. Het advies van de Raad van State wijst er volgens de heer Defossé terecht op dat het delicate evenwicht tussen rechten en plichten beter in de tekst zou moeten worden uitgewerkt.

 

Mevrouw Kattrin Jadin van de MR-fractie ziet in het advies van de Raad van State de twijfel van haar fractie ten opzichte van het wetsvoorstel bevestigd. Zij zegt dat het minstens verder zou moeten worden uitgewerkt.

 

De heer Steven Creyelman van de Vlaams Belangfractie wijst erop dat het advies van de Raad van State duidelijk stelt dat het de wetgever toekomt te oordelen over de invulling van het evenwicht tussen de vereiste neutraliteit van de strijdkrachten en de politieke rechten van alle burgers. Daar dat gegeven afdoende aan bod kwam door het amendement nr. 2, behoeft het wetsvoorstel volgens de heer Creyelman geen verdere wijziging.

 

De heer Verduyckt van sp.a stelt dat militairen principieel politieke rechten moeten kunnen genieten, zij het dat die noodgedwongen aan beperkingen gebonden zijn, onder meer wat het recht op betogen betreft. Het wetsvoorstel voert volgens de sp.a-fractie te veel vrijheden in. Het advies van de Raad van State bevestigt volgens de spreker die twijfel.

 

De heer Buysrogge van de N-VA-fractie, indiener van het voorstel, betreurt de houding van de andere fracties, waarbij die terugkomen op hun eerdere positie, louter wegens de gewijzigde politieke meerderheid.

 

De heer De Vriendt van de Ecolo-Groenfractie beklemtoont dat de positie van zijn fractie louter is bepaald door het advies van de Raad van State, niet door de gewijzigde politieke meerderheid, advies van de Raad van State waarmee in de tekst geen rekening werd gehouden volgens de spreker.

 

Tot slot beaamt de heer Pillen van de Open Vld-fractie dat het wetsvoorstel zoals het voorligt, gelet op de opmerkingen van de Raad van State, niet kan worden aangenomen.

 

De heer Flahaut van de PS-fractie prijst het constructieve debat in de commissie en verwijst ook naar de wetgevingstechnische nota van de dienst Juridische Zaken en Parlementaire Documentatie van de Kamer, evenals naar het advies van de Raad van State. De PS-fractie behoudt haar standpunt, zoals uiteengezet tijdens de eerste lezing en zal het wetsvoorstel derhalve niet steunen, concludeert de heer Flahaut.

 

Bij de stemming werden de artikelen 1 en 2 vervolgens verworpen met 9 stemmen tegen 5 en derhalve werd het gehele wetsvoorstel als verworpen beschouwd.

 

05.02  Peter Buysrogge (N-VA): Mevrouw de voorzitster, mevrouw Ponthier, ik dank u voor het verslag. U hebt trouwens alleen maar verslag uitgebracht van de tweede lezing. Een verslag van de eerste lezing zou nog uitgebreider zijn, maar ik zit er niet mee dat alleen maar verslag wordt gegeven van de tweede lezing. Ik wil u daarvoor wel bedanken.

 

Collega's, wij hebben tijdens de vorige legislatuur werk gemaakt van politieke rechten voor militairen voor lokale verkiezingen. Wij hebben toen vele besprekingen in de commissie gehad, die er toe hebben geleid dat voor het eerst in 2018 militairen konden opkomen en ook zetelen in de gemeenteraden en provincieraden. Dat was een eerste stap tijdens de vorige legislatuur.

 

Nu zetten wij een tweede stap, omdat wij van mening zijn dat militairen die politieke rechten ook verdienen voor parlementsverkiezingen. Het voorbije half jaar is in de commissie voor Landsverdediging heel goed werk geleverd, om dat mogelijk te maken. Er bloeide iets moois. Er bloeide een mooi compromis.

 

Voor de groene collega's was het belangrijk dat die politieke rechten echt wel konden worden gegarandeerd. Zij vroegen niettemin een aanpassing, namelijk het toestaan van een uitzondering, om ze niet toe te staan voor een aantal leidinggevenden binnen Defensie. Het desbetreffende amendement van de groenen werd ook aanvaard. Het wetsvoorstel werd in eerste lezing, althans tot net voor de eindstemming, dan ook enthousiast goedgekeurd door een meerderheid van de commissie.

 

De PS-fractie maakte toen, conform het Reglement, gebruik van de mogelijkheid om een tweede lezing te vragen en daaraan gekoppeld een aantal adviezen te vragen, onder andere van de Raad van State. Toen gebeurde er iets. Tussen de eerste en de tweede lezing werd namelijk een regering gevormd. Voorheen waren de groenen en de Open Vld heel enthousiast in hun denkwerk en in hun steun ten aanzien van het wetsvoorstel. Nadien, misschien onder druk van de PS, hoewel ik daar niet zeker van ben, was het alleszins duidelijk dat de Open Vld en de groenen een toontje lager moesten zingen. Zij stemden het wetsvoorstel weg met een drogreden.

 

Zij hadden een reden gevonden, namelijk het advies van de Raad van State. Wat stelt het advies van de Raad van State? Er staat expliciet in dat de beoordelingsbevoegdheid om de militairen politieke rechten te geven, toekomt aan de wetgever, dus aan ons. Wij kunnen dus beslissen. Dat wordt dan als argument gebruikt, om het voorstel weg te stemmen. Collega's, voor ons is het duidelijk. Dat is een drogreden.

 

Ik kan hier ook een aantal citaten bovenhalen van uitspraken die collega-parlementsleden in het verleden hebben gedaan en waarbij ik, als ik ze vandaag herlees, de wenkbrauwen moet fronsen.

 

Kersvers – het is mij niet helemaal duidelijk of ik al fractievoorzitter kan zeggen – Kamerlid Wouter De Vriendt zei een tijd geleden in Knack: "Wij vinden het een goede zaak dat militairen kunnen deelnemen aan verkiezingen, net zoals alle ambtenaren. Op onze lijst in Oostende stonden al twee militairen in 2012. Ik zou het jammer vinden dat hun nationaal engagement gebruuskeerd wordt door ouderwetse regelgeving." Dat wilden wij nu net verhelpen met ons wetsvoorstel.

 

Collega Tim Vandenput tweette vorig jaar nog: "Vandaag wordt wetsvoorstel besproken om @BelgiumDefence gelijke politieke rechten te geven zoals andere burgers. @openvld zal voor stemmen en zo een meerderheid vormen. Gelijkheid is een basisrecht. dekamer."

 

Fijne collega Alain Top, toenmalig sp.a-defensiespecialist in de oppositie, schreef enkele jaren geleden nog een opiniestuk. Daarin betreurde hij dat het Parlement toen van plan was om de politieke rechten alleen maar toe te kennen in het kader van lokale verkiezingen. Voor sp.a moest dat worden uitgebreid. Het opiniestuk is getiteld: "Sp.a wil politieke rechten van militairen verder uitbreiden." De heer Top zag ook spelletjes van de toenmalige meerderheid. Ik citeer ook even de heer Top: "Sp.a was pleitbezorger om de militairen die ons land dienen eindelijk inspraak en participatie te geven in ons beleid. Voor sp.a mocht het voorstel zelfs nog verder gaan: De meerderheid" – dat is de toenmalige Zweedse meerderheid – "blaast hoog van de toren, maar trekt zijn staart terug in."

 

Collega's, ik ben ontgoocheld. Deze paars-groene meerderheid heeft de mond vol mooie woorden als transparantie, inspraak, betrokkenheid, nieuwe politieke cultuur en samenwerking. Inzake Defensie hebben wij daarvan jammer genoeg nog niet al te veel kunnen merken in de afgelopen maanden. Het wetsontwerp betreffende het legercontingent werd op een week door het Parlement gejaagd. Het wetsontwerp om fysieke proeven tijdelijk af te schaffen, werd gemakshalve door dezelfde parlementaire meerderheid behandeld als een wetsvoorstel om snel te kunnen werken. Een aanpassing van het Reglement van de Kamer om de commissie Legeraankopen en -verkopen de mogelijkheid te geven om openbaar te vergaderen, werd doodleuk weggestemd. Wekenlang vragen wij al langs meerdere wegen – vragen van individuele leden, een vraag van de commissievoorzitter en nu ook een vraag van de Kamervoorzitter – en dringen wij aan op inzage in het C130-dossier, voorlopig nog steeds zonder resultaat. Nu, als klap op de vuurpijl, wijzigen partijen plots zonder veel argumentatie hun stemgedrag tussen een eerste en een tweede lezing. Pijnlijk, collega's, en vooral pijnlijk voor Open Vld en Groen.

 

Collega's, ik wil een oproep doen. Een aantal partijen heeft de afgelopen maanden in dit dossier bewezen dat ze vlot van standpunt kunnen wijzigen. We hebben dat gezien: voor, tegen, voor, tegen. Collega's, bewijs dit vanavond nogmaals. Bewijs dat u flexibel bent en stem de verwerping weg. Doe het niet voor mij of om de oppositie of N-VA een plezier te doen, maar doe het voor de militairen. Zorg ervoor dat ook zij kunnen deelnemen aan de politieke besluitvorming in onze samenleving.

 

La présidente: Plus personne ne peut prendre la parole.

Geen andere spreker mag het woord nemen.

 

Le vote sur la proposition de rejet de cette proposition de résolution aura lieu ultérieurement.

De stemming over het voorstel tot verwerping van dit voorstel van resolutie zal later plaatsvinden.

 

06 Conseil central de surveillance pénitentiaire – Nomination d’un membre suppléant – Appel aux candidats

06 Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen – Benoeming van een plaatsvervangend lid – Oproep tot kandidaten

 

Par lettre du 2 février 2021, M. Marc Vanderveken présente sa démission en tant que membre du Conseil central de surveillance en qualité de médecin.

Bij brief van 2 februari 2021 dient de heer Marc Vanderveken zijn ontslag in als lid van de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen met de hoedanigheid van arts.

 

En vertu de l’article 24, § 7, alinéa 3, de la loi de principes du 12 janvier 2005 concernant l’administration pénitentiaire ainsi que le statut juridique des détenus, un membre dont le mandat prend fin avant l’expiration du terme de cinq ans est remplacé par son suppléant pour la période restante du mandat.

Gelet op artikel 24, § 7, derde lid, van de basiswet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden, wordt het lid wiens mandaat een einde neemt voor het verstrijken van de termijn van vijf jaar voor de resterende duur van het mandaat vervangen door zijn plaatsvervanger.

 

M. Yves de Locht a été nommé en qualité de membre suppléant de M. Marc Vanderveken au cours de la séance plénière du 28 février 2019. Il achèvera de mandat de M. Marc Vanderveken.

De heer Yves de Locht werd tijdens de plenaire vergadering van 28 februari 2019 benoemd tot plaatsvervanger van de heer Marc Vanderveken. Hij zal het mandaat van de heer Marc Vanderveken voltooien.

 

Conformément à l’article 24, § 7, alinéa 4, de la même loi, la Chambre doit sans délai nommer un nouveau membre suppléant lors de la vacance d’une place de suppléant.

Overeenkomstig artikel 24, § 7, vierde lid, van dezelfde wet, dient de Kamer bij het openvallen van een plaats van plaatsvervangend lid onverwijld over te gaan tot de benoeming van een nieuw plaatsvervangend lid.

 

La Chambre doit donc nommer un nouveau membre suppléant pour M. Yves de Locht.

De Kamer dient dus een nieuwe plaatsvervanger voor de heer Yves de Locht te benoemen

 

M. Yves de Locht étant le seul membre suppléant francophone en qualité de médecin, la Chambre doit procéder à la nomination d’un nouveau membre suppléant ayant la même qualité.

Aangezien de heer Yves de Locht het enige Franstalig plaatsvervangend lid is met de hoedanigheid van arts, dient de Kamer over te gaan tot de benoeming van een nieuwe plaatsvervanger met dezelfde hoedanigheid.

 

Conformément à l'avis de la Conférence des présidents du 10 février 2021, je vous propose de publier un appel aux candidats au Moniteur belge pour le mandat de membre suppléant francophone du Conseil central de surveillance pénitentiaire ayant la qualité de médecin.

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 10 fébruari 2021 stel ik u voor een oproep tot kandidaten in het Belgisch Staatsblad bekend te maken voor het mandaat van Franstalig, plaatsvervangend lid van de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen met de hoedanigheid van arts.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

07 Autorité de protection des données – Centre de connaissances – Remplacement d’un membre francophone et d’un membre néerlandophone – Appel aux candidats

07 Gegevensbeschermingsautoriteit – Kenniscentrum – Vervanging van een Nederlandstalig lid en een Franstalig lid – Oproep tot kandidaten

 

Par lettres du 1er février 2021, M. Nicolas Waeyaert et Mme Séverine Waterbley présentent leur démission en tant que respectivement membre néerlandophone et membre francophone du Centre de connaissances de l’Autorité de protection des données.

Bij brieven van 1 februari 2021 delen de heer Nicolas Waeyaert en mevrouw Séverine Waterbley hun ontslag mee als respectievelijk Nederlandstalig en Franstalig lid van het Kenniscentrum van de Gegevens­beschermings­autoriteit.

 

Conformément à l’article 41, alinéa 1, de la loi du 3 décembre 2017 portant création de l’Autorité de protection des données, en cas de vacance d’un mandat du Centre de connaissances, pour quelque cause que ce soit, la Chambre doit procéder à son remplacement pour la durée du mandat restant à courir, à savoir avril 2025.

Overeenkomstig artikel 41, eerste lid, van de wet van 3 december 2017 tot oprichting van de Gegevens­beschermings­autoriteit, dient de Kamer ingeval een mandaat van lid van het Kenniscentrum om welke reden ook openvalt, over te gaan tot de vervanging ervan voor de nog resterende duur van het mandaat, namelijk tot april 2025.

 

Vu l’article 40, § 1, alinéa 3, et le § 2, de la même loi, le Centre de connaissances compte autant de membres francophones que néerlandophones et deux tiers au maximum des membres sont du même sexe.

Gelet op artikel 40, § 1, derde lid, en § 2, van dezelfde wet telt het Kenniscentrum evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden en is ten hoogste twee derde van de leden van hetzelfde geslacht.

 

Au vu de la démission de M. Nicolas Waeyaert et de Mme Séverine Waterbley, le Centre de connaissances se compose actuellement, outre la directrice, de trois hommes et de deux femmes. La Chambre doit donc nommer au moins un membre féminin.

Gelet op het ontslag van de heer Nicolas Waeyaert en mevrouw Séverine Waterbley is het Kenniscentrum, naast de directrice, momenteel samengesteld uit drie mannen en twee vrouwen. De Kamer dient dus minstens één vrouwelijke kandidaat te benoemen.

 

Conformément à l’avis de la Conférence des présidents du 10 février 2021, je vous propose de publier un appel aux candidats au Moniteur belge pour un mandat de membre francophone et un mandat de membre néerlandophone du Centre de connaissances de l’Autorité de protection des données.

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 10 februari 2021, stel ik u voor een oproep tot kandidaten voor de mandaten van Nederlandstalig en van Franstalig lid van het Kenniscentrum van de Gegevens­beschermings­autoriteit in het Belgisch Staatsblad bekend te maken.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

08 Demandes d’urgence émanant du gouvernement

08 Urgentieverzoeken van de regering

 

Le gouvernement a demandé l'urgence conformément à l'article 51 du Règlement lors du dépôt du projet de loi relatif aux délais de paiement pour les cotisations dues à l'Office national de sécurité sociale pour le premier et le deuxième trimestre 2021, n° 1773/1

De regering heeft de urgentieverklaring gevraagd met toepassing van artikel 51 van het Reglement, bij de indiening van het wetsontwerp houdende betalingstermijnen voor de aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid verschuldigde bijdragen voor het eerste en tweede kwartaal 2021, nr. 1773/1.

 

Je passe la parole au gouvernement pour développer la demande d'urgence.

Ik geef het woord aan de regering om de vraag tot urgentieverklaring toe te lichten.

 

08.01 Minister Zakia Khattabi: Mevrouw de voorzitster, collega's, conform de beslissing van de ministerraad van 22 januari 2021 heeft de minister van Sociale Zaken bij het bezorgen van voornoemd ontwerp van wet in zijn brief van 3 februari 2021 de toepassing gevraagd van artikel 31 van het Kamerreglement.

 

Deze urgentieverklaring is ingegeven door het feit dat het aangewezen is zo snel mogelijk voor de nodige rechtszekerheid te zorgen voor de werkgevers inzake hun betalingstermijnen van de bijdragen aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en inzake de mogelijkheid om afbetalingsplannen te sluiten inzake de bijdragen voor het eerste en tweede kwartaal 2021, zonder toepassing van sancties.

 

In het licht daarvan verzoek ik in naam van mijn collega Vandenbroucke het ontwerp van wet zo snel mogelijk op de agenda van de Kamercommissie voor Sociale Zaken te plaatsen.

 

La présidente: Je propose aux présidents de groupe de se prononcer sur cette demande.

Ik stel voor dat de fractievoorzitters zich over dit verzoek uitspreken.

 

L'urgence est adoptée.

De urgentie wordt aangenomen.

 

Le gouvernement a également demandé l'urgence conformément à l'article 51 du Règlement lors du dépôt du projet de loi modifiant la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité et modifiant la loi du 22 avril 2019 modifiant la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité portant la mise en place d'un mécanisme de rémunération de capacité, n° 1779/1.

De regering heeft eveneens de urgentieverklaring gevraagd met toepassing van artikel 51 van het Reglement, bij de indiening van het wetsontwerp tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en tot wijziging van de wet van 22 april 2019 tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt teneinde een capaciteits­vergoedings­mechanisme in te stellen, nr. 1779/1.

 

Je passe la parole au gouvernement pour développer la demande d'urgence.

Ik geef het woord aan de regering om de vraag tot urgentieverklaring toe te lichten.

 

08.02  Zakia Khattabi, ministre: Madame la présidente, l'État belge garantit la sécurité de l'approvisionnement en électricité avec ce mécanisme de compensation de capacité notamment en vue de la sortie du nucléaire prévue entre 2022 et 2025. Afin de garantir une capacité suffisante à nos citoyens et à nos entreprises d'ici l'hiver 2025, une première vente aux enchères devrait pouvoir avoir lieu en octobre 2021. Plusieurs étapes doivent encore précéder cette vente aux enchères, y compris la détermination des paramètres de vente concrets qui, à leur tour, ne peuvent être soumis pour avis au Conseil d'État qu'après l'approbation du projet de loi actuel. Le projet de loi doit donc être traité avec urgence.

 

La présidente: Je propose aux présidents de groupe de se prononcer sur cette demande.

Ik stel voor dat de fractievoorzitters zich over dit verzoek uitspreken.

 

L'urgence est adoptée.

De urgentie wordt aangenomen.

 

09 Prise en considération de propositions

09 Inoverwegingneming van voorstellen

 

Vous avez pris connaissance dans l'ordre du jour qui vous a été distribué de la liste des propositions dont la prise en considération est demandée.

In de laatst rondgedeelde agenda komt een lijst van voorstellen voor waarvan de inoverwegingneming is gevraagd.

 

S'il n'y a pas d'observations à ce sujet, je considère la prise en considération de ces propositions comme acquise. Je renvoie les propositions aux commissions compétentes conformément au Règlement.

Indien er geen bezwaar is, beschouw ik de inoverwegingneming van deze voorstellen als aangenomen. Overeenkomstig het Reglement worden die voorstellen naar de bevoegde commissies verzonden.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Je vous propose également de prendre en considération et de renvoyer à la commission compétente: la proposition de résolution condamnant les détentions arbitraires dans des "camps de rééducation" et soutenant les initiatives internationales et européennes visant à protéger les Ouïgours, n° 1789/1.

Ik stel u ook voor inoverweging te nemen en naar de bevoegde commissie te zenden: het voorstel van resolutie betreffende de veroordeling van de willekeurige detentie in "heropvoedingskampen" en de ondersteuning van internationale en Europese initiatieven ter bescherming van de Oeigoeren, nr. 1789/1.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Demandes d'urgence

Urgentieverzoeken

 

La présidente: Monsieur Van Hees, vous demandez l'urgence pour la proposition de résolution relative aux retards et au surcoût considérables des travaux de rénovation de la gare de Mons, n° 1771/1.

 

09.01  Marco Van Hees (PVDA-PTB): Madame la présidente, nous ne demandons pas l'urgence sur la construction même de la gare de Mons, parce que je pense qu'il sera difficile de l'obtenir. Mais nous demandons l'urgence sur l'enquête sur les surcoûts, qui a créé un émoi important dans la population.

 

Cet émoi est d'autant plus vif aujourd'hui qu'il y a tout un débat, et même une opposition, par rapport aux fermetures de guichets dans de nombreuses petites gares. Un écart existe entre, d'une part, les travaux pharaoniques qui ont été consentis pour ce que nous pourrions appeler "la gare Di Rupo" à Mons et, d'autre part, la quasi-fermeture de toutes ces petites gares – parce qu'une fermeture de guichet équivaut en réalité à une fermeture de gare.

 

Cela a suscité l'émotion dans l'opinion publique. Nous pensons qu'il est urgent de faire toute la lumière sur les différents problèmes qui sont intervenus dans la construction de la gare de Mons, sur les causes du fort dépassement du budget initial, sur les causes du dépassement des budgets et sur la façon dont les règles du marché public ont été suivies, ou mal suivies, dans ce dossier. C'est la raison pour laquelle nous demandons l'urgence.

 

La présidente: Je propose aux présidents de groupe de se prononcer sur cette demande.

Ik stel voor dat de fractievoorzitters zich over dit verzoek uitspreken.

 

L'urgence est rejetée.

De urgentie wordt verworpen.

 

Madame Matz, vous demandez l'urgence pour la proposition de loi visant à incriminer l'inceste en tant que tel dans le Code pénal, n° 1778/1.

 

09.02  Vanessa Matz (cdH): Madame la présidente, depuis l'affaire Duhamel et MeTooInceste, ainsi que depuis le confinement, selon les associations qui s'occupent de la défense des victimes, il y a une demande d'appui, de soutien et d'écoute qui est très forte.

 

Des victimes et des associations demandent la reconnaissance de l'inceste en tant que tel, et la définition de la notion de consentement. C'est ce que le texte prévoit.

 

L'idée est de pouvoir amener ce débat au Parlement, sans tabou, de manière sereine, assez rapidement. Cela ne signifie pas que nous devions bâcler l'examen du texte. Beaucoup de finesse et d'appréciation sont nécessaires pour débattre de ce sujet très délicat et extrêmement important pour les victimes. Nous demandons l'urgence afin de pouvoir entamer les discussions.

 

09.03  Ahmed Laaouej (PS): Madame la présidente, je veux d'abord remercier Mme Matz d'initier cette discussion à travers ce projet de texte. D'un autre côté, il y a un projet de réforme du Code pénal. Nous souhaitons pouvoir l'analyser avec le recul et le temps nécessaires. Il y aura certainement lieu de mener des auditions notamment avec un certain nombre de juristes et d'associations de personnes concernées par tous ces faits dramatiques. De manière plus générale, nous souhaitons vraiment que cela s'inscrive dans une discussion sur la refonte du Code pénal.

 

09.04  Vanessa Matz (cdH): Madame la présidente, je voudrais simplement réagir aux propos de M. Laaouej.

 

Il a été convenu en commission de la Justice que tous les aspects relatifs au Code pénal ne devaient pas être nécessairement envoyés dans la refonte du Code pénal, car cela reviendrait à museler totalement les parlementaires.

 

Je tiens à vous dire que le projet de révision du Code pénal ne prévoit justement pas cette incrimination. L'idée n'est pas de bâcler les choses, je l'ai dit avec sérénité. La demande émane d'une réelle demande des victimes en rapport avec le confinement – le nombre de demandes est énorme – et avec l'affaire Duhamel, qui a permis de libérer la parole.

 

Je trouve qu'il s'agit d'un débat suffisamment important pour ne pas dire qu'on va le "planquer" dans le débat sur le Code pénal. On sait bien que cela fait déjà deux ou trois ans que c'est en cours, et cela risque de prendre encore le même temps. Je pense que les victimes ne peuvent pas attendre le débat relatif au Code pénal. En tout état de cause, il est impératif qu'il puisse encore y avoir une initiative parlementaire, comme convenu en commission de la Justice.

 

La présidente: Je propose aux présidents de groupe de se prononcer sur cette demande.

Ik stel voor dat de fractievoorzitters zich over dit verzoek uitspreken.

 

L'urgence est rejetée.

De urgentie wordt verworpen.

 

Votes nominatifs

Naamstemmingen

 

10 Motions déposées en conclusion de l'interpellation de M. Reccino Van Lommel sur "La situation et la répartition du budget européen de relance" (n° 77)

10 Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van de heer Reccino Van Lommel over "De stand van zaken en de verdeling van het Europese relancegeld" (nr. 77)

 

Cette interpellation a été développée en réunion publique de la commission de l'Économie, Protection des consommateurs et Agenda numérique du 3 février 2021.

Deze interpellatie werd gehouden in de openbare vergadering van de commissie voor Economie, Consumentenbescherming en Digitale agenda van 3 februari 2021.

 

Deux motions ont été déposées (MOT n° 77/1):

- une motion de recommandation a été déposée par M. Reccino Van Lommel;

- une motion pure et simple a été déposée par Mme Leslie Leoni.

Twee moties werden ingediend (MOT nr. 77/1):

- een motie van aanbeveling werd ingediend door de heer Reccino Van Lommel;

- een eenvoudige motie werd ingediend door mevrouw Leslie Leoni.

 

La motion pure et simple ayant la priorité de droit, je mets cette motion aux voix.

Daar de eenvoudige motie van rechtswege voorrang heeft, breng ik deze motie in stemming.

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

10.01  Reccino Van Lommel (VB): Mevrouw de voorzitster, toen eerste minister Alexander De Croo de verdeling van het Europees relancegeld uit de handen nam van staatssecretaris Thomas Dermine beloofde dat weinig goeds. Het communautaire spook dook immers op en de eerste minister voelde zich geroepen om de openbare verkoop van de 5,9 miljard euro Europees relancegeld te organiseren.

 

Staatssecretaris Dermine zei dat het een evenwichtig akkoord is en omdat niemand tevreden is over de deal het net een goed akkoord zou moeten zijn. Omdat 37 % naar de energietransitie en 20 % naar de digitalisering moeten gaan, zal onze bestaande economie er niet zoveel aan hebben. Vlaanderen heeft zich opnieuw laten rollen en heeft zich gelukkig gesteld met een dode mus, of moet ik zeggen een dode muis. Vlaanderen zit immers als een muis in de val, maar met de huidige muizenplaag in het Parlement hoeft dat niet te verbazen.

 

Ik kan alleen maar concluderen dat er niet werd gekeken naar het aandeel in de bevolking, dat voor 58 % uit Vlamingen bestaat, naar het feit dat Vlaanderen verantwoordelijk is voor 80 % van de export of naar het feit dat 63 % van de personenbelasting wordt betaald door Vlamingen. Die 2,25 miljard euro die Vlaanderen krijgt, komt helemaal niet in de buurt van een verdeling op basis van die cijfers. Jan Jambon was er in het Vlaams Parlement tevreden mee, alsof de muizen daar staan te dansen in het spek.

 

Wij zijn het daar alvast niet mee eens. Daarom vragen wij in onze motie heel duidelijk dat er een nieuw en deftig akkoord wordt onderhandeld dat een correcte weerspiegeling moet garanderen voor de verdeling van het relancegeld, waarbij rekening wordt gehouden met het bevolkingsaantal, economische bijdrage, welvaartcreatie, exportcijfers en fiscale bijdragen door de bewoners vanuit de Gewesten.

 

La présidente: Début du vote / Begin van de stemming.

Fin du vote / Einde van de stemming.

Résultat du vote / Uitslag van de stemming.

 

(Stemming/vote 1)

Ja

86

Oui

Nee

28

Non

Onthoudingen

20

Abstentions

Totaal

134

Total

 

La motion pure et simple est adoptée. Par conséquent, la motion de recommandation est caduque.

De eenvoudige motie is aangenomen. Bijgevolg vervalt de motie van aanbeveling.

 

Raison d'abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

(M. Patrick Prévot a voté comme son groupe)

 

11 Motions déposées en conclusion de l'interpellation de Mme Katleen Bury sur "Les interdictions de résidence" (n° 91)

11 Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van mevrouw Katleen Bury over "De huisverboden" (nr. 91)

 

Cette interpellation a été développée en réunion publique de la commission de la Justice du 3 février 2021.

Deze interpellatie werd gehouden in de openbare vergadering van de commissie voor Justitie van 3 februari 2021.

 

Deux motions ont été déposées (MOT n° 91/1):

- une motion de recommandation a été déposée par Mme Katleen Bury;

- une motion pure et simple a été déposée par Mme Katja Gabriëls.

Twee moties werden ingediend (MOT nr. 91/1):

- een motie van aanbeveling werd ingediend door mevrouw Katleen Bury;

- een eenvoudige motie werd ingediend door de mevrouw Katja Gabriëls.

 

La motion pure et simple ayant la priorité de droit, je mets cette motion aux voix.

Daar de eenvoudige motie van rechtswege voorrang heeft, breng ik deze motie in stemming.

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote?

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring?

 

11.01  Katleen Bury (VB): Mevrouw de voorzitster, collega's, er is eigenlijk al heel veel te doen geweest over die huisverboden. We hebben eerst de schriftelijke vraag van mijn collega Dewulf gehad, die we dan bekeken hebben in de commissie om de hallucinante cijfers te overlopen. Vervolgens heeft colllega Depraetere met onze cijfers de pers gehaald. Mevrouw Depraetere, het doet mij deugd dat de neuzen in dezelfde richting wijzen en dat wij deze levensnoodzakelijke motie straks over de partijgrenzen heen kunnen goedkeuren. Dat hoop ik althans want de cijfers zijn echt dramatisch.

 

We zien dat huisverboden als preventieve maatregel alleen in Limburg en Antwerpen sporadisch worden toegepast, hoewel dit een zeer effectieve en zelfs levensreddende maatregel kan zijn. Wanneer we naar de andere provincies kijken, dan zien we dat in Brussel, Vlaams-Brabant, West-Vlaanderen en Oost-Vlaanderen nul huisverboden werden toegepast. U hoort het goed, nul in de afgelopen 5 jaar. De regelgeving bestaat wel maar ze wordt gewoon niet toegepast.

 

De parketten zeggen dan dat andere maatregelen toegepast worden maar ik heb er geen flauw idee van welke. In het antwoord wordt ook verwezen naar het feit dat de politiediensten zelfs niet weten dat deze preventieve maatregel bestaat.

 

 Ik verzoek iedereen hier vandaag dan ook om eens goed na te denken en deze motie goed te keuren en die preventieve maatregel te intensifiëren. De diensten moeten weten dat zij die maatregel kunnen gebruiken en daarmee ook goed werk verrichten.

 

Intussen heeft minister Van Quickenborne mij de cijfers voor de lockdown overgemaakt. In volle covidcrisis komen we voor Halle-Vilvoorde aan 6 huisverboden.

 

Ik heb in de bespreking in de commissie wel gemerkt dat de minister ermee bezig is. Dat is toch al iets. De problematiek laat hem dus niet koud, maar als men weet dat een op vijf vrouwen ooit het slachtoffer van partnergeweld wordt, is het gebruik van deze preventieve maatregel nog steeds bedroevend laag.

 

De semi-lockdown waarin we nu zitten, een derde golf als de cijfers terug stijgen of blijven stagneren, het lontje van de agressieve partners zal alleen nog korter worden.

 

Daarom dien in deze motie in, om de procedure vandaag nog en niet morgen, te intensifiëren.

 

La présidente: Début du vote / Begin van de stemming.

Fin du vote / Einde van de stemming.

Résultat du vote / Uitslag van de stemming.

 

(Stemming/vote 2)

Ja

89

Oui

Nee

52

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

141

Total

 

La motion pure et simple est adoptée. Par conséquent, la motion de recommandation est caduque.

De eenvoudige motie is aangenomen. Bijgevolg vervalt de motie van aanbeveling.

 

(Mme Cécile Cornet a voté comme son groupe)

(Mevrouw Nathalie Dewulf heeft zoals haar fractie gestemd)

 

12 Motions déposées en conclusion de l'interpellation de M. Josy Arens sur "La contribution du fédéral au coût des zones de secours" (n° 93)

12 Moties ingediend tot besluit van de interpellatie van de heer Josy Arens over "De bijdrage van de federale overheid aan de financiering van de kosten van de hulpverleningszones" (nr. 93)

 

Cette interpellation a été développée en réunion publique de la commission de l'Intérieur, de la Sécurité, de la Migration et des Matières administratives du 3 février 2021.

Deze interpellatie werd gehouden in de openbare vergadering van de commissie voor Binnenlandse Zaken, Veiligheid, Migratie en Bestuurszaken van 3 février 2021.

 

Deux motions ont été déposées (MOT n° 93/1):

- une motion de recommandation a été déposée par M. Josy Arens;

- une motion pure et simple a été déposée par M. Franky Demon.

Twee moties werden ingediend (MOT nr. 93/1):

- een motie van aanbeveling werd ingediend door de heer Josy Arens;

- een eenvoudige motie werd ingediend door de heer Franky Demon.

 

La motion pure et simple ayant la priorité de droit, je mets cette motion aux voix.

Daar de eenvoudige motie van rechtswege voorrang heeft, breng ik deze motie in stemming.

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote?

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring?

 

12.01  Vanessa Matz (cdH): Madame la présidente, nous avons voulu professionnaliser les services de secours et nous avons adopté en 2007 une loi en ce sens. Cette professionnalisation a un coût et il avait été décidé que le fédéral en supporterait la moitié. Or, malgré les efforts réalisés notamment sous l'impulsion de Joëlle Milquet lorsqu'elle était ministre de l'Intérieur, on reste très loin du 50-50 qui était prévu. Par conséquent, ce sont les pouvoirs locaux qui supportent le coût de cette professionnalisation décidée par le fédéral.

 

Il est grand temps de corriger le tir! Il est urgent que le fédéral assume ses engagements. Tel est le sens de la motion déposée par mon collègue Josy Arens, qui a bénéficié d'un soutien de plusieurs membres de la commission, y compris de membres de la majorité.

 

Nous osons donc espérer que cette motion sera soutenue par des représentants de la majorité et, surtout, que le gouvernement octroiera les moyens nécessaires afin de respecter ses engagements.

 

La présidente: Début du vote / Begin van de stemming.

Fin du vote / Einde van de stemming.

Résultat du vote / Uitslag van de stemming.

 

(Stemming/vote 3)

Ja

82

Oui

Nee

58

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

140

Total

 

La motion pure et simple est adoptée. Par conséquent, la motion de recommandation est caduque.

De eenvoudige motie is aangenomen. Bijgevolg vervalt de motie van aanbeveling.

 

(Mme Sophie Rohonyi et M. Patrick Prévot ont voté comme leurs groupes)

 (Mijnheer Björn Anseeuw heeft zoals zijn fractie gestemd)

 

13 Projet de loi portant des dispositions diverses en matière de justice (1696/17)

13 Wetsontwerp houdende diverse bepalingen inzake justitie (1696/17)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 4)

Ja

102

Oui

Nee

23

Non

Onthoudingen

18

Abstentions

Totaal

143

Total

 

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale.

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

 

Raison d'abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

14 Proposition de résolution visant à reconnaître le droit à l'intégrité physique des mineurs intersexes (43/7)

14 Voorstel van resolutie over de erkenning van het recht van de interseksuele minderjarigen op fysieke integriteit (43/7)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 5)

Ja

142

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

142

Total

 

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de résolution. Il en sera donné connaissance au gouvernement.

Bijgevolg neemt de Kamer het voorstel van resolutie aan. Het zal ter kennis van de regering worden gebracht.

 

15 Proposition de résolution sur la régulation du commerce de la viande sauvage (1225/6)

15 Voorstel van resolutie betreffende de regulering van de handel in vlees van wilde dieren (1225/6)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 6)

Ja

142

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

142

Total

 

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de résolution. Il en sera donné connaissance au gouvernement.

Bijgevolg neemt de Kamer het voorstel van resolutie aan. Het zal ter kennis van de regering worden gebracht.

 

16 Wetsontwerp tot goedkeuring van de algemene rekening van het algemeen bestuur van het jaar 2019 en van de uitvoeringsrekeningen van de begrotingen van Staatsdiensten met afzonderlijk beheer van voorgaande jaren (1718/1)

16 Projet de loi visant à approuver le compte général de l'Administration générale pour l'année 2019 et des comptes d'exécution des budgets des Services de l'État à gestion séparée pour des années précédentes (1718/1)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 7)

Ja

83

Oui

Nee

29

Non

Onthoudingen

30

Abstentions

Totaal

142

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale.

 

Raison d'abstention? (Non)

Reden van onthouding? (Nee)

 

(Mevrouw Maria Vindevoghel heeft zoals haar fractie gestemd)

 

17 Wetsontwerp houdende de invoering van een jaarlijkse taks op de effectenrekeningen (1708/7)

17 Projet de loi portant introduction d'une taxe annuelle sur les comptes-titres (1708/7)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Heeft iedereen gestemd en zijn stem nagekeken? / Tout le monde a-t-il voté et vérifié son vote?

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 8)

Ja

86

Oui

Nee

60

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

146

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale.

 

18 Wetsontwerp houdende wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 op het vlak van de in het buitenland gelegen onroerende goederen (1762/3)

18 Projet de loi portant modification du Code des impôts sur les revenus 1992 sur le plan des biens immobiliers sis à l'étranger (1762/3)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 9)

Ja

84

Oui

Nee

1

Non

Onthoudingen

60

Abstentions

Totaal

145

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale.

 

Reden van onthouding? (Nee)

Raison d'abstention? (Non)

 

19 Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot wijziging van de wet van 23 maart 2020 tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot invoering van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten gunste van zelfstandigen (1768/3)

19 Projet de loi modifiant la loi du 22 décembre 2016 instaurant un droit passerelle en faveur des travailleurs indépendants et modifiant la loi du 23 mars 2020 modifiant la loi du 22 décembre 2016 instaurant un droit passerelle en faveur des travailleurs indépendants et introduisant des mesures temporaires dans le cadre du COVID-19 en faveur des travailleurs indépendants (1768/3)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 10)

Ja

144

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

0

Abstentions

Totaal

144

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het wetsontwerp aan. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

En conséquence, la Chambre adopte le projet de loi. Il sera soumis à la sanction royale.

 

20 Voorstel van resolutie teneinde het Rekenhof te belasten met een audit naar de werking van de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA) (1775/4)

20 Proposition de résolution visant à charger la Cour des comptes d'un audit sur le fonctionnement de l'Autorité de protection des données (APD) (1775/4)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Begin van de stemming / Début du vote.

Einde van de stemming / Fin du vote.

Uitslag van de stemming / Résultat du vote.

 

(Stemming/vote 11)

Ja

130

Oui

Nee

0

Non

Onthoudingen

14

Abstentions

Totaal

144

Total

 

Bijgevolg neemt de Kamer het voorstel van resolutie aan. Het zal ter kennis van de regering worden gebracht.

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de résolution. Il en sera donné connaissance au gouvernement.

 

Reden van onthouding? (Nee)

Raison d'abstention? (Non)

 

21 Proposition de rejet faite par la commission de la Santé et de l'Égalité des chances de la proposition de résolution relative à l'amélioration des conditions de travail des infirmiers (213/3)

21 Voorstel tot verwerping door de commissie voor Gezondheid en Gelijke kansen van het voorstel van resolutie ter verbetering van de werkomstandigheden van verpleegkundigen (213/3)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Début du vote / Begin van de stemming.

Fin du vote / Einde van de stemming.

Résultat du vote / Uitslag van de stemming.

 

(Stemming/vote 12)

Oui

98

Ja

Non

47

Nee

Abstentions

0

Onthoudingen

Total

145

Totaal

 

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de rejet. La proposition de résolution n° 213/3 est donc rejetée.

Bijgevolg neemt de Kamer het voorstel tot verwerping aan. Het voorstel van resolutie nr. 213/3 is dus verworpen.

 

(Mijnheer Koen Metsu heeft zoals zijn fractie gestemd)

 

22 Proposition de rejet faite par la commission de la Défense nationale de la proposition de loi modifiant la loi du 28 février 2007 fixant le statut des militaires et candidats militaires du cadre actif des Forces armées en ce qui concerne l'exercice d'activités et de mandats politiques par des militaires (69/7)

22 Voorstel tot verwerping door de commissie voor Landsverdediging van het wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 28 februari 2007 tot vaststelling van het statuut van de militairen en kandidaatmilitairen van het actief kader van de Krijgsmacht wat de politieke activiteiten en mandaten van militairen betreft (69/7)

 

Quelqu'un demande-t-il la parole pour une déclaration avant le vote? (Non)

Vraagt iemand het woord voor een stemverklaring? (Nee)

 

Début du vote / Begin van de stemming.

Fin du vote / Einde van de stemming.

Résultat du vote / Uitslag van de stemming.

 

(Stemming/vote 13)

Oui

87

Ja

Non

54

Nee

Abstentions

1

Onthoudingen

Total

142

Totaal

 

En conséquence, la Chambre adopte la proposition de rejet. La proposition de loi n° 69/7 est donc rejetée.

Bijgevolg neemt de Kamer het voorstel tot verwerping aan. Het wetsvoorstel nr. 69/7 is dus verworpen.

 

Reden van onthouding? (Nee)

Raison d'abstention? (Non)

 

23 Adoption de l’ordre du jour

23 Goedkeuring van de agenda

 

Nous devons procéder à l’approbation de l'ordre du jour de la séance du 25 février 2021.

Wij moeten overgaan tot de goedkeuring van de agenda voor de vergadering van 25 februari 2021.

 

Pas d’observation? (Non) L’ordre du jour est approuvé.

Geen bezwaar? (Nee) De agenda is goedgekeurd.

 

La séance est levée. Prochaine séance le jeudi 25 février à 14 h 15.

De vergadering wordt gesloten. Volgende vergadering donderdag 25 februari om 14.15 uur.

 

La séance est levée à 23 h 53.

De vergadering wordt gesloten om 23.53 uur.

 

L'annexe est reprise dans une brochure séparée, portant le numéro CRIV 55 PLEN 088 annexe.

 

De bijlage is opgenomen in een aparte brochure met nummer CRIV 55 PLEN 088 bijlage.

 

 


  


Détail des votes nominatifs

 

Detail van de naamstemmingen

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 001

 

 

Oui        

086

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Smet François, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Rohonyi Sophie, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van Hecke Stefaan, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

028

Nee

 

Boukili Nabil, Bury Katleen, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, Daems Greet, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Gilissen Erik, Hedebouw Raoul, Merckx Sofie, Mertens Peter, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Ravyts Kurt, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Warmoes Thierry

 

 

Abstentions

020

Onthoudingen

 

Buysrogge Peter, D'Haese Christoph, De Roover Peter, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Donné Joy, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Goethals Sigrid, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Raskin Wouter, Safai Darya, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Wollants Bert

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 002

 

 

Oui        

089

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Creemers Barbara, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Smet François, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Rohonyi Sophie, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

052

Nee

 

Boukili Nabil, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, De Roover Peter, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Dillen Marijke, Donné Joy, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Goethals Sigrid, Hedebouw Raoul, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Roggeman Tomas, Safai Darya, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Wollants Bert

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 003

 

 

Oui        

082

Ja

 

Aouasti Khalil, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

058

Nee

 

Arens Josy, Boukili Nabil, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Roover Peter, De Smet François, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Donné Joy, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Goethals Sigrid, Hedebouw Raoul, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Roggeman Tomas, Safai Darya, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Wollants Bert

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 004

 

 

Oui        

102

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Boukili Nabil, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Colebunders Gaby, Cornet Cécile, Creemers Barbara, D'Amico Roberto, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Smet François, De Vriendt Wouter, De Vuyst Steven, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hedebouw Raoul, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Moscufo Nadia, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Rohonyi Sophie, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

023

Nee

 

Buysrogge Peter, D'Haese Christoph, De Roover Peter, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Donné Joy, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Goethals Sigrid, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Metsu Koen, Raskin Wouter, Roggeman Tomas, Safai Darya, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Wollants Bert

 

 

Abstentions

018

Onthoudingen

 

Bury Katleen, Creyelman Steven, De Spiegeleer Pieter, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Gilissen Erik, Pas Barbara, Ponthier Annick, Ravyts Kurt, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Grieken Tom, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 005

 

 

Oui        

142

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Boukili Nabil, Briers Jan, Burton Emmanuel, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Colebunders Gaby, Cornet Cécile, Creemers Barbara, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Roover Peter, De Smet François, De Vriendt Wouter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dewulf Nathalie, Dierick Leen, Dillen Marijke, Donné Joy, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gabriels Katja, Geens Koen, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goethals Sigrid, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hedebouw Raoul, Hennuy Laurence, Houtmeyers Katrien, Hugon Claire, Ingels Yngvild, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Loones Sander, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Özen Özlem, Parent Nicolas, Pas Barbara, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Roggeman Tomas, Rohonyi Sophie, Safai Darya, Samyn Ellen, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Sneppe Dominiek, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van den Bergh Jef, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vicaire Albert, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Willaert Evita, Wollants Bert, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

000

Nee

 

 

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 006

 

 

Oui        

142

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Boukili Nabil, Briers Jan, Burton Emmanuel, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Colebunders Gaby, Cornet Cécile, Creemers Barbara, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Roover Peter, De Smet François, De Spiegeleer Pieter, De Vriendt Wouter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dewulf Nathalie, Dierick Leen, Dillen Marijke, Donné Joy, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gabriels Katja, Geens Koen, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goethals Sigrid, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hedebouw Raoul, Hennuy Laurence, Houtmeyers Katrien, Hugon Claire, Ingels Yngvild, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Loones Sander, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Özen Özlem, Parent Nicolas, Pas Barbara, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Roggeman Tomas, Rohonyi Sophie, Safai Darya, Samyn Ellen, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Sneppe Dominiek, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van den Bergh Jef, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vicaire Albert, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Willaert Evita, Wollants Bert, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

000

Nee

 

 

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 007

 

 

Oui        

083

Ja

 

Aouasti Khalil, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Vindevoghel Maria, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

029

Nee

 

Boukili Nabil, Bury Katleen, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, Daems Greet, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Gilissen Erik, Hedebouw Raoul, Merckx Sofie, Mertens Peter, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Ravyts Kurt, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Warmoes Thierry

 

 

Abstentions

030

Onthoudingen

 

Arens Josy, Buysrogge Peter, D'Haese Christoph, Dallemagne Georges, De Roover Peter, De Smet François, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Donné Joy, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Goethals Sigrid, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Matz Vanessa, Metsu Koen, Prévot Maxime, Raskin Wouter, Roggeman Tomas, Rohonyi Sophie, Safai Darya, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Wollants Bert

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 008

 

 

Oui        

086

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

060

Nee

 

Anseeuw Björn, Boukili Nabil, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Roover Peter, De Smet François, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Donné Joy, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Goethals Sigrid, Hedebouw Raoul, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Roggeman Tomas, Rohonyi Sophie, Safai Darya, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Wollants Bert

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 009

 

 

Oui        

084

Ja

 

Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Jiroflée Karin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

001

Nee

 

De Smet François

 

 

Abstentions

060

Onthoudingen

 

Anseeuw Björn, Arens Josy, Boukili Nabil, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Roover Peter, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Donné Joy, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Goethals Sigrid, Hedebouw Raoul, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Roggeman Tomas, Rohonyi Sophie, Safai Darya, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Wollants Bert

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 010

 

 

Oui        

144

Ja

 

Anseeuw Björn, Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bombled Christophe, Boukili Nabil, Briers Jan, Burton Emmanuel, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Colebunders Gaby, Cornet Cécile, Creemers Barbara, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Roover Peter, De Smet François, De Spiegeleer Pieter, De Vriendt Wouter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dewulf Nathalie, Dierick Leen, Dillen Marijke, Donné Joy, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gabriels Katja, Geens Koen, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goethals Sigrid, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hedebouw Raoul, Hennuy Laurence, Houtmeyers Katrien, Hugon Claire, Ingels Yngvild, Jadin Kattrin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Loones Sander, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Pas Barbara, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Roggeman Tomas, Rohonyi Sophie, Safai Darya, Samyn Ellen, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Sneppe Dominiek, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van den Bergh Jef, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vicaire Albert, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Willaert Evita, Wollants Bert, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

000

Nee

 

 

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 011

 

 

Oui        

130

Ja

 

Anseeuw Björn, Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, Creyelman Steven, D'Haese Christoph, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Roover Peter, De Spiegeleer Pieter, De Vriendt Wouter, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dewulf Nathalie, Dierick Leen, Dillen Marijke, Donné Joy, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gabriels Katja, Geens Koen, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goethals Sigrid, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Houtmeyers Katrien, Hugon Claire, Ingels Yngvild, Jadin Kattrin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Loones Sander, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Metsu Koen, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Pas Barbara, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Roggeman Tomas, Safai Darya, Samyn Ellen, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Sneppe Dominiek, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van den Bergh Jef, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vicaire Albert, Willaert Evita, Wollants Bert, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

000

Nee

 

 

 

 

Abstentions

014

Onthoudingen

 

Boukili Nabil, Colebunders Gaby, D'Amico Roberto, Daems Greet, De Smet François, De Vuyst Steven, Hedebouw Raoul, Merckx Sofie, Mertens Peter, Moscufo Nadia, Rohonyi Sophie, Van Hees Marco, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 012

 

 

Oui        

098

Ja

 

Aouasti Khalil, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Boukili Nabil, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Chanson Julie, Cogolati Samuel, Colebunders Gaby, Cornet Cécile, Creemers Barbara, D'Amico Roberto, Daems Greet, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, De Maegd Michel, De Smet François, De Vriendt Wouter, De Vuyst Steven, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hedebouw Raoul, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Moutquin Simon, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Rohonyi Sophie, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hees Marco, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vandenput Tim, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verduyckt Kris, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

047

Nee

 

Anseeuw Björn, Arens Josy, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Creyelman Steven, D'Haese Christoph, Dallemagne Georges, de Laveleye Séverine, De Roover Peter, De Spiegeleer Pieter, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Donné Joy, Fonck Catherine, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Goethals Sigrid, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Matz Vanessa, Pas Barbara, Ponthier Annick, Prévot Maxime, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Roggeman Tomas, Safai Darya, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Wollants Bert

 

 

Abstentions

000

Onthoudingen

 

 

 

 

Vote nominatif - Naamstemming: 013

 

 

Oui        

087

Ja

 

Aouasti Khalil, Arens Josy, Bacquelaine Daniel, Bayet Hugues, Ben Achour Malik, Bogaert Hendrik, Bombled Christophe, Briers Jan, Burton Emmanuel, Buyst Kim, Calvo Kristof, Cogolati Samuel, Cornet Cécile, Creemers Barbara, Dallemagne Georges, De Block Maggie, De Caluwé Robby, De Jonge Tania, de Laveleye Séverine, De Maegd Michel, De Smet François, De Vriendt Wouter, Defossé Guillaume, Delizée Jean-Marc, Demon Franky, Depraetere Melissa, Dewael Patrick, Dierick Leen, Ducarme Denis, Farih Nawal, Flahaut André, Fonck Catherine, Gabriels Katja, Geens Koen, Gilson Nathalie, Goblet Marc, Goffin Philippe, Hanus Mélissa, Hennuy Laurence, Hugon Claire, Jadin Kattrin, Kir Emir, Laaouej Ahmed, Lachaert Egbert, Lacroix Christophe, Lanjri Nahima, Leoni Leslie, Leroy Marie-Colline, Leysen Christian, Liekens Goedele, Marghem Marie-Christine, Mathei Steven, Matz Vanessa, Moyaers Bert, Muylle Nathalie, Özen Özlem, Parent Nicolas, Piedboeuf Benoît, Pillen Jasper, Pivin Philippe, Prévot Maxime, Prévot Patrick, Reuter Florence, Reynaert Vicky, Rohonyi Sophie, Scourneau Vincent, Segers Ben, Senesael Daniel, Taquin Caroline, Thémont Sophie, Thibaut Cécile, Thiébaut Eric, Tillieux Eliane, Van den Bergh Jef, Van Hecke Stefaan, Van Hoof Els, Vanbesien Dieter, Vanden Burre Gilles, Vandenbroucke Joris, Vanpeborgh Gitta, Vanrobaeys Anja, Verhaert Marianne, Verhelst Kathleen, Verherstraeten Servais, Vicaire Albert, Willaert Evita, Zanchetta Laurence

 

 

Non        

054

Nee

 

Anseeuw Björn, Boukili Nabil, Bury Katleen, Buysrogge Peter, Colebunders Gaby, Creyelman Steven, D'Amico Roberto, D'Haese Christoph, Daems Greet, De Roover Peter, De Spiegeleer Pieter, De Vuyst Steven, De Wit Sophie, Dedecker Jean-Marie, Depoorter Kathleen, Depoortere Ortwin, Dewulf Nathalie, Dillen Marijke, Donné Joy, Freilich Michael, Gijbels Frieda, Gilissen Erik, Goethals Sigrid, Hedebouw Raoul, Houtmeyers Katrien, Ingels Yngvild, Loones Sander, Merckx Sofie, Mertens Peter, Metsu Koen, Moscufo Nadia, Pas Barbara, Ponthier Annick, Raskin Wouter, Ravyts Kurt, Roggeman Tomas, Safai Darya, Samyn Ellen, Sneppe Dominiek, Troosters Frank, Van Bossuyt Anneleen, Van Camp Yoleen, Van der Donckt Wim, Van Grieken Tom, Van Hees Marco, Van Langenhove Dries, Van Lommel Reccino, Van Peel Valerie, Van Vaerenbergh Kristien, Vermeersch Wouter, Verreyt Hans, Vindevoghel Maria, Warmoes Thierry, Wollants Bert

 

 

Abstentions

001

Onthoudingen

 

Vandenput Tim