Séance plénière

Plenumvergadering

 

du

 

Jeudi 25 novembre 2021

 

Après-midi

 

______

 

 

van

 

Donderdag 25 november 2021

 

Namiddag

 

______

 

 


La séance est ouverte à 14 h 23 et présidée par Mme Eliane Tillieux, présidente.

De vergadering wordt geopend om 14.23 uur en voorgezeten door mevrouw Eliane Tillieux, voorzitster.

 

La présidente: La séance est ouverte.

De vergadering is geopend.

 

Ministres du gouvernement fédéral présents lors de l'ouverture de la séance:

Aanwezig bij de opening van de vergadering zijn de ministers van de federale regering:

Alexander De Croo, Frank Vandenbroucke.

 

01 Ordre du jour

01 Agenda

 

Conformément à l’avis de la Conférence des présidents du 24 novembre 2021, vous avez reçu un ordre du jour modifié pour la séance de cette semaine.

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 24 november 2021 heeft u een gewijzigde agenda voor de vergadering van deze week ontvangen.

 

Y a-t-il une observation à ce sujet? (Non)

Zijn er dienaangaande opmerkingen? (Nee)

 

En conséquence, l'ordre du jour est adopté.

Bijgevolg is de agenda aangenomen.

 

02 Renvoi d'amendements en commission

02 Verzending van amendementen naar een commissie

 

J'ai reçu des amendements au projet de loi visant à rendre la justice plus humaine, plus rapide et plus ferme, n° 2175/1.

Ik heb amendementen ontvangen op het wetsontwerp om justitie menselijker, sneller en straffer te maken, nr. 2175/1.

 

Conformément à l'avis de la Conférence des présidents du 24 novembre 2021, je vous propose de renvoyer ces amendements en commission de la Justice (art. 93, n° 1, du Règlement).

Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 24 november 2021, stel ik u voor deze amendementen te verzenden naar de commissie voor Justitie (art. 93, nr. 1, van het Reglement).

 

La discussion du projet de loi sera poursuivie en séance plénière, après examen des amendements en commission.

Het wetsontwerp zal, na bespreking van de amendementen in commissie, vandaag in plenaire vergadering worden behandeld.

 

Pas d'observation? (Non)

Il en sera ainsi.

 

Geen bezwaar? (Nee)

Aldus wordt besloten.

 

Questions

Vragen

 

03 Questions jointes de

- Catherine Fonck à Alexander De Croo (premier ministre) sur "L'évolution de la pandémie de Covid-19" (55002054P)

- Karin Jiroflée à Frank Vandenbroucke (VPM Affaires sociales et Santé publique) sur "L'évolution des chiffres de l'épidémie de coronavirus et la gestion des faux pass corona" (55002055P)

- Barbara Creemers à Alexander De Croo (premier ministre) sur "Les mesures de lutte contre le coronavirus et le Comité de concertation" (55002057P)

- Nawal Farih à Frank Vandenbroucke (VPM Affaires sociales et Santé publique) sur "Les mesures de lutte contre le coronavirus" (55002062P)

- Vincent Scourneau à Alexander De Croo (premier ministre) sur "La situation liée à la pandémie de coronavirus" (55002068P)

- Kathleen Depoorter à Alexander De Croo (premier ministre) sur "La gestion de la crise du coronavirus" (55002069P)

- Laurence Hennuy à Alexander De Croo (premier ministre) sur "Le débat sur les mesures de lutte contre le coronavirus et le Codeco" (55002072P)

03 Samengevoegde vragen van

- Catherine Fonck aan Alexander De Croo (eerste minister) over "De evolutie van de coronapandemie" (55002054P)

- Karin Jiroflée aan Frank Vandenbroucke (VEM Sociale Zaken en Volksgezondheid) over "De evolutie van de coronacijfers en de aanpak van valse coronapassen" (55002055P)

- Barbara Creemers aan Alexander De Croo (eerste minister) over "De coronamaatregelen en het Overlegcomité" (55002057P)

- Nawal Farih aan Frank Vandenbroucke (VEM Sociale Zaken en Volksgezondheid) over "De coronamaatregelen" (55002062P)

- Vincent Scourneau aan Alexander De Croo (eerste minister) over "De coronasituatie" (55002068P)

- Kathleen Depoorter aan Alexander De Croo (eerste minister) over "De corona-aanpak" (55002069P)

- Laurence Hennuy aan Alexander De Croo (eerste minister) over "Het debat over de coronamaatregelen en het Overlegcomité" (55002072P)

 

03.01  Catherine Fonck (cdH): Monsieur le premier ministre, ayons un discours vérité. L'évolution de l'épidémie est très, très mauvaise et le secteur des soins de santé est sous pression maximale. Le Codeco de la semaine dernière a pris un certain nombre de décisions mais beaucoup trop tardivement et de manière bien trop légère concernant le masque, la ventilation qui est toujours en mode mineur, le testing et le tracing, toujours et à nouveau dépassés par les événements. En sus, nous avons assisté à une cacophonie entre les différents ministres qui se sont exprimés. Bref, le tableau ne pourrait pas être pire. Ne rien faire et attendre n'est pas une option, vous devez agir. Mais comment?

 

D'abord en freinant le virus par le port du masque, en appliquant celui-ci de manière claire et forte, dans tous les lieux fermés. La même chose s'applique à une stratégie de ventilation qui serait enfin à la hauteur des besoins. Mais une urgence me semble majeure: éviter le plus vite possible un grand nombre d'hospitalisations en ré-augmentant l'efficacité vaccinale. On peut le faire à la fois en vaccinant les non-vaccinés et surtout en avançant l'injection d'une dose booster, c'est-à-dire une troisième dose, aux 3 millions de personnes de plus de 45 ans qui sont déjà à plus de six mois, voire pour certains à plus de neuf mois, de leur deuxième dose de vaccin. Ces personnes, monsieur le premier ministre, ont aujourd'hui une immunité et une efficacité vaccinale largement et fortement réduite. Il faut leur administrer le plus vite possible une dose de vaccin booster; cela leur permettra de restaurer de manière très rapide, en une semaine, l'efficacité vaccinale. Cela permettra d'éviter un grand nombre d'hospitalisations dans un délai très court. Allez-vous tenir un Codeco rapidement pour (…)

 

03.02  Karin Jiroflée (Vooruit): Mevrouw de voorzitster, mijnheer de eerste minister, collega's, sommige records wil je niet halen. Nochtans tikten we maandagavond af op 25.000 besmettingen. Die cijfers hebben een effect op de mensen. Ze worden bang, de druk op de ziekenhuizen wordt torenhoog. En vooral stellen we ons de vraag: wat nu, met die vierde golf?

 

Het is duidelijk dat zonder vaccins het probleem nog veel groter geweest was. Een derde van de ziekenhuisopnames hadden we kunnen vermijden door ons met zijn allen te laten vaccineren. Ondertussen sterven er iedere dag meer mensen aan corona.

 

Er zijn ook mensen die met iets anders bezig zijn, die zich afvragen hoe ze geld kunnen verdienen aan de situatie, hoe ze de veiligheidsmaatregelen kunnen ondermijnen. Tientallen aanbiedingen voor vervalste QR-codes doen de ronde op sociale media. Er zijn coronafeestjes om bewust ziek te worden. En er is zelfs een arts die 2.000 valse covid safe tickets gewoon verkoopt. Er is helaas ook nog steeds een aantal horeca-uitbuiters die weigeren om de coronapas te controleren.

 

Mijnheer de minister, velen van ons houden zich aan de maatregelen. Tandenknarsend geven ze een deel van hun vrijheid op. Zij hebben zich wel laten vaccineren. Ondertussen wordt de verdedigingslinie van CST, maskers, vaccins en afstand ondermijnd. Dat is, wat ons betreft, onacceptabel. Dat moet keihard worden aangepakt.

 

Er zijn zelfs partijen in dit halfrond die de mensen oproepen om de regels aan hun laars te lappen. Een parlementslid van het Vlaams Belang die met een kartonnen bord (…)

 

03.03  Barbara Creemers (Ecolo-Groen): Mevrouw de voorzitster, mijnheer de eerste minister, mijnheer de minister, de curves volgen op dit moment de meest pessimistische scenario's. Een paar weken geleden noemde men 500 bedden op intensieve zorgen de rode lijn. Vandaag lezen we dat het in december zou gaan om 1.200 bedden op intensieve zorgen. Dat is heel slecht nieuws. Dat betekent dat er maar 600 bedden op die intensieve zorgen vrij zouden zijn voor mensen met een hartaanval, een beroerte, een ongeval of andere dringende zorg.

 

Dat is ook een probleem omdat het domino-effect van uitgestelde zorg sinds maart vorig jaar er intussen voor zorgt dat die niet-dringende zorg ook dringend geworden is. Daarbij komt dat ons zorgpersoneel uitvalt omdat men zelf ziek is, omdat men in quarantaine moet of omdat men oververmoeid moet afhaken.

 

Mijnheer de eerste minister, mijnheer de minister, alle alarmbellen staan weer in het rood. Al bijna twee jaar zijn we maatregelen aan het nemen om dat zorgsysteem niet te doen crashen en toch staan we er weer voor. Domus Medica zegt het al een paar weken: we hebben te veel infecties, we kunnen niet langer wachten, we moeten nu ingrijpen om de zorg te sparen.

 

Ik lees op verschillende sites dat het Overlegcomité vervroegd samenkomt. Klopt dat? Zijn jullie bereid om alles te doen wat nodig is om een implosie van het zorgsysteem nu te voorkomen?

 

03.04  Nawal Farih (CD&V): Mevrouw de voorzitster, mijnheer de eerste minister, mijnheer de minister, we staan voor de vierde golf en ik durf niet te zeggen dat we een vijfde of zesde golf zullen kunnen ontwijken. De vraag die we nu moeten beantwoorden gaat niet meer enkel over het bestrijden van die vierde piek. Integendeel, we moeten ervoor zorgen dat ons land klaar is om toekomstige golven op te vangen en voorbereid is op pandemieën in de toekomst.

 

We zeggen al te vaak dat we moeten leren leven met het virus: handen wassen, afstand houden en mondmaskers dragen. Onze maatschappij heeft die regels heel goed geabsorbeerd, maar nu kijkt men naar ons. De gezondheidszorg is een kerntaak van de regering en het is overduidelijk dat we meer zullen moeten doen dan wat er vandaag wordt gedaan. Er is meer nodig dan enkel zandzakjes plaatsen bij een overstroming, er is meer nodig dan enkel vrijheidsbeperkende maatregelen opleggen.

 

Wat ons land echt nodig is, is een structureel plan voor de gezondheidszorg. Het doel van onze fractie is niet meer alleen maar het rijk van de vrijheid bereiken, maar wel ervoor te zorgen dat men zorg kan aanbieden, ook in een systeem dat in crisis verkeert. Daarvoor is een langetermijnvisie nodig. Ik weet dat u de zorg niet van de ene op de andere dag kunt omgooien, maar zet een eerste stap. Kondig ten minste aan dat u van plan bent om de zorg en de continuïteit ervan te garanderen.

 

Laten we het over meer hebben dan enkel over vrijheidsbeperkende maatregelen. Stap voor stap moeten we naar een strategieshift gaan. Mijn vraag is dan ook heel concreet. Hoe ziet u de zorg de komende jaren evolueren? Zijn er al gesprekken met de sector om een herorganisatie van het ziekenhuislandschap voor te bereiden?

 

03.05  Vincent Scourneau (MR): Madame la présidente, monsieur le ministre, nous nous réjouissons de vous retrouver parmi nous. C'est le signe que tout le monde est aujourd'hui stigmatisé par cette crise qui n'en finit pas, qui dure maintenant depuis un an et demi. Je pense pourtant qu'elle a été gérée de manière remarquable par le pays, par les instances régionales, par tous les acteurs qui ont pu contribuer à la gestion de cette crise.

 

Mais cela n'en finit pas. Les chiffres s'emballent. C'est extrêmement alarmant. Il y a évidemment lieu d'aborder cela de manière très fine pour essayer d'éviter de retomber dans toutes les procédures que nous avons connues, de lockdown, de tout ce qui a fait que la vie s'est carrément arrêtée durant plusieurs semaines.

 

Nous sommes bien sûr très attentifs à cette situation affolante. Tout le monde est sous pression. Vous vous promenez dans la rue, vous êtes au travail ou dans la famille, il n'est question que de cela: que va-t-il se passer? Il est vrai qu'aujourd'hui, la communication n'est pas claire. Nous voyons que certaines personnes s'expriment au nom d'on ne sait quel groupe. Mais heureusement, il y a une lueur d'espoir: c'est la vaccination.

 

Monsieur le ministre, je pense qu'il faut mettre le paquet sur la vaccination pour que la troisième dose, ce booster, comme on l'appelle, soit largement répandue dans la société. Il faut tout faire pour convaincre les derniers réticents. Nous savons que ce sont les plus difficiles à convaincre, mais il faut avancer, de manière significative, sur cette vaccination.

 

Il faut une communication claire, précise, et globalisée. Il n'est pas normal de voir, par exemple, certaines communes prendre des attitudes tout à fait contraires à celles des communes voisines. Le citoyen ne s'y retrouve plus. Il faut une globalisation des mesures. C'est d'ailleurs ce qui a été demandé par les gouverneurs. Je pense qu'ils vous ont appelé autour de la table pour avoir quelque chose de clair et de global.

 

Monsieur le ministre, que ferez-vous en ce sens? Quand cette réunion se tiendra-t-elle? 

 

03.06  Kathleen Depoorter (N-VA): Heren ministers, de samenleving kraakt, de zorg barst. Heel wat jonge gezinnen zitten opnieuw gewrongen tussen thuiswerk en thuisschool. De derde prik werd ingehaald door de vierde golf.

 

Die derde prik had er al moeten zijn. Daar was toe opgeroepen. We weten vandaag dat die vierde golf waarschijnlijk niet de laatste zal zijn. Het beleid en de politici zullen vooruitziend moeten zijn en antwoorden moeten bieden: antwoorden zoals de derde prik, waartoe de Vlaamse regering en bepaalde experts hadden opgeroepen. Maar u vond het op dat moment belangrijker om te vaccineren in de derde wereld dan in de derde leeftijd.

 

Nu duiken de kerstlichtjes opnieuw in het straatbeeld op. Morgen staat er opnieuw een Overlegcomité op de agenda. Dat maakt mensen radeloos. Het is voor heel wat mensen ontzettend zwaar, ze denken "het is weer zover".

 

De tijd van slogans, heren ministers, moet voorbij zijn. Naast de zorg, de zwakkeren en de derde leeftijd moeten we ervoor zorgen dat onze leerkrachten gevaccineerd worden. Kan u ervoor zorgen dat onze leerkrachten voor het einde van het jaar die prik toegediend krijgen? Vandaag heeft het EMA ook het vaccin voor kinderen goedgekeurd. Wat denkt u daarvan? Maakt dat deel uit van uw strategie? Zal u in zo'n prik voor kinderen voorzien? Zal u virusremmers aankopen zodat (….)?

 

03.07  Laurence Hennuy (Ecolo-Groen): Madame la présidente, monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, les chiffres de la pandémie sont à nouveau très critiques. On se retrouve dans les mêmes courbes qu'il y a un an. Ce sont exactement les mêmes tendances sauf une. Il s'agit de la courbe des décès. Et il faut quand même rappeler que c'est grâce au vaccin.

 

Il n'empêche que la pression sur notre système de soins de santé reste intenable. Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, je sais que vous prendrez des mesures nécessaires très rapidement, des mesures qui ne seront pas faciles mais que nous soutiendrons pour inverser cette tendance.

 

Dans le même temps, ce week-end, 35 000 personnes ont défilé dans les rues. Leurs messages étaient très divers mais, derrière tous ces messages, il y a une constante: c'est la lassitude, la peur, l'incompréhension et la colère car cette pandémie s'installe et va durer encore longtemps.

 

À côté des mesures de crise qui seront prises au cours des prochains jours, je voudrais revenir avec vous sur trois préoccupations.

 

La première, c'est la solidarité internationale. Nous ne serons pas à l'abri d'un prochain variant tant que le monde entier ne sera pas suffisamment vacciné. L'Europe a choisi de soutenir principalement une collaboration volontaire avec le secteur pharmaceutique mais force est de constater que c'est un vœu et que ce n'est pas une réalité. Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, quelle voix la Belgique portera-t-elle via l'Europe à la prochaine Conférence ministérielle de l'Organisation mondiale du commerce (OMC) qui va se dérouler dans cinq jours?

 

La deuxième, c'est la nécessité de donner des perspectives au secteur des soins de santé. Un plan global d'attractivité de la profession infirmière est sur la table. Il est prêt. Il faut lui donner des échéances tenables et pouvoir le présenter au personnel maintenant et pas en janvier.

 

Ma dernière demande, je l'adresse plutôt à mes collègues. Je plaide avec force pour que nous menions au Parlement un débat sur la question de l'obligation vaccinale. Ce n'est pas une mesure parmi les autres. Ce n'est pas une question de rhétorique. C'est un véritable débat de société (…)

 

03.08 Eerste minister Alexander De Croo: Mevrouw de voorzitster, leden van de Kamer, sta mij toe te beginnen met een vraag uit de zorgsector die gisteren is gesteld door het Ziekenhuis Netwerk Antwerpen. Zijn boodschap was dat iedereen zich zou houden aan de regels, contacten beperkt, mondmaskers gebruikt, ventileert en zich bij klachten laat testen. Dat zijn de regels die wij hebben afgesproken met alle regeringen samen tijdens het vorige Overlegcomité. Maatregelen betekenen echter niets, als ze niet worden nageleefd. De verplichting tot telewerk heeft geen effect, als een groot deel van de mensen zich niet aan die verplichting houdt. De vraag om de contacten te beperken heeft weinig impact, als een groot deel van de bevolking zich niet aan die vraag houdt.Laat mij dus beginnen met het volgende als eerste boodschap. Zorg ervoor dat de maatregelen worden gevolgd. Ik dank zij die dat vandaag doen en de voorbije maanden hebben gedaan.

 

Een van de zaken die wij hebben geleerd tijdens de huidige crisis is dat ons persoonlijk gedrag een invloed heeft. Meer zelfs, indien wij allemaal samen ons gedrag aanpassen, keren wij allemaal samen de curve. Dat hebben wij tijdens de voorbije twee jaar meermaals gedaan.

 

Le vaccin, le port du masque et la distance physique sont les armes les plus puissantes dont nous disposons. Il est clair, aujourd'hui, que ces armes devront être utilisées pendant un certain temps. Il faudra donc encore, durant l'automne et l'hiver prochains, continuer à faire preuve d'une certaine prudence. C'est une des choses que l'on a appris durant les semaines qui viennent de s'écouler.

 

Vandaag is het belangrijk duidelijk te maken welk kompas we gebruiken om beslissingen te nemen. Tijdens de vorige golf keken we vooral naar de besmettingen. Vandaag is duidelijk dat het kompas de bezettingsgraad op intensieve zorg moet zijn. De reden waarom we vandaag minder naar besmettingen kijken, is het vaccin dat de rechtstreekse band tussen besmetting en ziekenhuisopname heeft verbroken. Doordat 90 % van de volwassenen in ons land is gevaccineerd, zijn we erin geslaagd om dat rechtstreeks verband te verbreken. Vandaag is de bezettingsgraad op intensieve zorg echter slechter dan in het meest negatieve scenario dat de experts ons vorige week hebben voorgelegd, en dan moeten we in actie treden. Ik heb dus beslist om morgen het Overlegcomité samen te roepen om met de verschillende regeringen de situatie te evalueren waarin we ons vandaag bevinden.

 

Daarbij zullen we op drie dimensies moeten werken. Eerst en vooral, vaccinatie, en vooral de booster, versnellen. Dat blijft de beste bescherming en het meest fundamentele dat we kunnen doen. Ten tweede moeten we nagaan hoe we de zorg kunnen ondersteunen. In de eerste lijn ligt de druk waanzinnig hoog. In onze ziekenhuizen is de druk zeer hoog. We zullen met de minister van Volksgezondheid onderzoeken welke maatregelen we kunnen nemen om de druk zoveel mogelijk te beperken en er bijvoorbeeld voor te zorgen dat de administratieve overlast zo laag mogelijk wordt. Ten derde zullen we een pakket maatregelen moeten bekijken, de zogenaamde niet-medische interventies. Die zullen anders zijn dan in vorige golven. In tegenstelling tot vorige golven zien we immers dat vandaag veel mensen gevaccineerd zijn. We zullen ook steunmaatregelen moeten bekijken. Laat dit duidelijk zijn: we zullen niemand achterlaten. Als we maatregelen nemen, zal het van ons allen een inspanning vragen om die na te leven. Afgekondigde maatregelen hebben geen effect als we ze niet allemaal respecteren.

 

Aujourd'hui, nous voyons que les pays qui comptent le plus de vaccinés souffrent moins que les autres. C'est la meilleure preuve de l'efficacité des vaccins.

 

L'année dernière, le covid-19 a malheureusement tué 20 000 personnes dans notre pays. Cette année, c'est trois fois moins malgré le fait que le virus soit trois fois plus puissant. Cela montre que la vaccination nous aide beaucoup. Néanmoins, des précautions additionnelles restent nécessaires. C'est ce que nous avons décidé la semaine passée et c'est ce dont nous allons discuter demain matin.

 

Wij hebben de voorbije maanden meermaals beproevingen moeten doorstaan. Wij hebben meermaals nieuws gekregen dat slechter was dan gehoopt. Wij hebben meermaals onze strategie moeten omgooien en flexibel moeten zijn ten opzichte van een situatie die anders liep dan verwacht. Laat het wel wezen: we beleven vandaag geen gemakkelijk momenten, maar we hebben alle middelen in onze handen, vaccins, mondmaskers en vooral ons gedrag en onze solidariteit, om ons opnieuw doorheen te slaan; daar ben ik van overtuigd.

 

03.09 Minister Frank Vandenbroucke: Geachte leden, wij staan inderdaad opnieuw voor een uiterst moeilijke situatie, die geen enkel uitstel meer duldt. Ik zal morgen op het Overlegcomité dus pleiten voor sterke maatregelen, die ook onmiddellijk ingaan. Er is geen tijd te verliezen. Wachten betekent nog meer miserie. Dat is natuurlijk een teleurstellende boodschap.

 

Wij zullen inzetten op vaccinatie. De vaccins werken buitengewoon goed tegen een opname in het ziekenhuis en beschermen nog altijd zeer, zeer goed tegen ernstige covid, maar met een booster is men nog beter beschermd en worden besmettingen nog sterker afgeremd. Wij hebben momenteel naar schatting 1.250.000 personen een boostervaccinatie gegeven, maar zij moeten zeer snel worden gevolgd door grote groepen mensen. De concrete organisatie daarvan zullen wij zaterdag op punt stellen met de regionale ministers van Volksgezondheid. Ik ben ook blij dat er groen licht is voor de vaccinatie van kinderen, want ik denk dat wij dat moeten doen en in onze planning opnemen.

 

Wij moeten ervoor zorgen dat er nog steeds wordt getest, maar op een manier waarbij de huisartsen overeind kunnen blijven. Wij hebben daar voorstellen voor, die wij de komende uren en dagen zullen bespreken. Wij moeten al het nodige doen, met alle beschikbare techniek en technologie, opdat er kan worden getest, terwijl tegelijkertijd de huisartsen hun werk kunnen blijven doen.

 

We moeten de circulatie van het virus beperken. Er zijn veel te veel besmettingen. De vaccins zijn een uitstekende paraplu, maar in een orkaan wordt men ook onder een uitstekende paraplu nat. Onze maatregelen zullen sterk en breed genoeg moeten zijn in alle sectoren. Ja, in het onderwijs zullen we extra maatregelen moeten nemen. Ja, in het vrijetijdsleven zullen we extra maatregelen moeten nemen. Ja, in het professionele leven zullen we extra maatregelen moeten nemen. Overal zullen we extra maatregelen moeten nemen. We zullen de meest riskante activiteiten het meeste moeten beperken of zelfs stopzetten.

 

We mogen daarbij niet naar elkaar wijzen of de schuld leggen bij een sector of groep. Hebben we nu nog niet begrepen dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten? We zullen het samen moeten doen, in solidariteit. Dat is ook de manier waarop we het de voorbije periode hebben gedaan, met vallen en opstaan, maar in solidariteit. Daar kunnen we op rekenen. We rekenen daar al heel lang op in de zorg. Daar is de solidariteit tot het uiterste uitgerekt. We zijn verder over de pijngrens in de ziekenhuizen. Daarom is er geen uitstel van maatregelen mogelijk.

 

Het is inderdaad wraakroepend dat enkelingen de solidariteit besmeuren zoals door het vervalsen van vaccinatiecertificaten, mevrouw Jiroflée. Er zijn twee mogelijke manieren waarop vervalst zou kunnen worden. Ten eerste, er wordt een certificaat gegeven aan iemand dat hij of zij gevaccineerd is, terwijl die persoon in ons registratiesysteem Vaccinnet niet geregistreerd is. Dat zijn de zogezegde valse QR-codes. In het korte tijdsbestek kan ik de technische uitleg niet geven. Met de hand op het hart kan ik u zeggen dat dat zo goed als onmogelijk is. De technologie waarmee de QR-code beschermd is, is van die aard dat als iemand niet in Vaccinnet geregistreerd staat en een valse QR-code toont, het schermpje op rood gaat. Iets anders kan wel. Een arts stuurt een bericht naar Vaccinnet dat hij iemand gevaccineerd heeft en hij heeft niet geprikt. Dat is schandelijk, maar het kan. Er is een arts aangehouden, die zaak ligt nu in de provinciale commissie en de persoon in kwestie verliest ongetwijfeld (…) We beschikken over mechanismen om verdachte acties van vaccinatie op te sporen en hebben een werkgroep opgericht om die nog beter te detecteren.

 

03.10  Catherine Fonck (cdH): Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, vous avez trop longtemps été sourds aux appels des experts. Vous avez réagi trop tard et de manière bien trop légère. Après beaucoup trop de palabres ces dernières semaines de la part des gouvernements, c'est dans l'action qu'on vous attend: d'une part, pour clarifier les positions et pour renforcer les mesures sur le masque et sur la ventilation et, d'autre part, sur le volet de la vaccination. Oui, il y a un petit nombre de non-vaccinés encore à convaincre mais il y a aussi et surtout un grand nombre de vaccinés, singulièrement les plus de 45 ans chez lesquels il faut restaurer l'efficacité vaccinale par une troisième dose pour éviter très rapidement de nombreuses hospitalisations. J'attends de vous un plan de bataille opérationnel puisqu'il faudrait dès lors vacciner 4 millions de personnes avec un booster dans le mois à venir. C'est ainsi, me semble-t-il, que nous pourrons ensemble éviter de nombreuses hospitalisations Je vous remercie.

 

03.11  Karin Jiroflée (Vooruit): Mevrouw de voorzitster, collega's, niemand wilde een vierde golf. Iedereen hoopte op een normale winter, maar corona geeft zich niet snel gewonnen. Het is dus tijd dat we met zijn allen kleur bekennen, ook in het Parlement. We moeten samen verder gaan. Goedgelovige mensen mogen geen blaasjes worden wijsgemaakt, we moeten de waarheid vertellen.

 

Vooruit heeft die keuze voor waarheid gemaakt. Wij geven de juiste boodschap, hoe moeilijk die soms ook is. Wij zullen samen blijven strijden, totdat we corona hebben overwonnen.

 

03.12  Barbara Creemers (Ecolo-Groen): Mijnheer de premier, mijnheer de minister, bedankt voor uw antwoord. Ik denk dat wij inderdaad op het punt komen dat we moeten toegeven dat we deze vierde golf onderschat hebben en dat de maatregelen die in de voorbije weken werden genomen, wellicht niet zullen volstaan. Misschien hadden we ook te veel schrik van de consequenties van die maatregelen.

 

Mijnheer de premier, ik hoor u graag zeggen dat we de strategie al meermaals hebben moeten omgooien. We staan nu op het punt dat we dat opnieuw moeten doen. Mijnheer de minister, ik hoor u graag zeggen dat u strenge maatregelen zult uitvaardigen met onmiddellijke ingang. De samenleving is al ontwricht doordat veel mensen ziek of in quarantaine thuis zitten.

 

Alles wat we in de voorbije weken hebben geleerd, moeten we nu ombuigen in nederigheid. Morgen moeten we doen wat nodig is om de curve nog eens plat te slaan. De zorgsector smeekt het ons.

 

03.13  Nawal Farih (CD&V): Mijnheer de premier, mijnheer de minister, u spreekt over maatregelen die nodig zijn om levens te redden. Onze fractie zal die maatregelen voluit steunen. Wij moeten de nodige maatregelen nemen om onze volksgezondheid te garanderen.

 

Mijnheer de minister, het is goed om op te roepen tot solidariteit. Een gezondheidssysteem is pas solidair als het er is voor iedereen. Op het terrein merken wij dat dit vandaag helaas niet het geval is. Daarom wil ik u nogmaals oproepen om constructief met de sector aan tafel te gaan zitten.

 

In de komende jaren komen er vermoedelijk nog andere infectieziektes op ons af. Zorg dat we een plan en een robuust systeem hebben, zodat we voor iedereen zorg en continuïteit kunnen garanderen. Ik vertrouw op u en op de expertise van de premier. Ik hoop echt op vooruitziend beleid in de komende weken, maanden en jaren.

 

03.14  Vincent Scourneau (MR): Madame la présidente, je tiens tout d'abord à m'excuser auprès de mon estimée collègue et à remercier M. le premier ministre et M. le ministre pour leurs réponses, mais je dois vous avouer que celles-ci m'ont quelque peu troublé. En effet, j'ai eu le sentiment qu'elles étaient un peu différentes. Je les considérerai dès lors comme complémentaires.

 

J'ai cru comprendre que M. le premier ministre misait sur la responsabilisation et la responsabilité des gens dans leur comportement et que M. le ministre de la Santé entendait durcir le ton. Par voie de conséquence, j'imagine que la vérité se situe entre les deux.

 

En tout cas, j'ai noté que vous vous alliez vous réunir demain dans l'urgence. Bien évidemment, nous misons beaucoup sur cette réunion et espérons pouvoir avancer dans le sens attendu. Je vous remercie beaucoup.

 

03.15  Kathleen Depoorter (N-VA): Mijnheer de minister, Vooruit heeft de keuze gemaakt en u hebt de keuze gemaakt om de derde prik op de lange baan te schuiven. Die werkt nochtans. Ik heb hier een mooie curve uit de Financial Times. Die geeft heel duidelijk aan dat de curve in ons land naar beneden gaat sinds de tachtigplussers gevaccineerd worden.

 

Het is goed dat u zult inzetten op snellere vaccinatie maar het is toch te laat. Dat is heel jammer.

 

Mijnheer de minister, u pleit voor samenhorigheid, maar ik hoor in de pers heel veel polariserende uitspraken van u. Doe daar wat aan.

 

Mijnheer de eerste minister, u pleit voor de zorg. Eindelijk zult u er nu werk van maken om de druk op de zorg te verminderen. U bent echter vergeten de vaccinators en het juridisch kader voor de testen te voorzien. U bent ook vergeten om de zorgbuddy's opnieuw in te schakelen.

 

Als u voor maatregelen pleit, (…)

 

03.16  Laurence Hennuy (Ecolo-Groen): Monsieur le premier ministre, monsieur le ministre, je vous remercie pour vos réponses qui concernaient davantage la gestion de la crise immédiate - mesures que nous soutiendrons évidemment.

 

Mon intervention était plus large. En ce qui concerne la solidarité internationale, je pense que vous adresserez la question à Mme Wilmès qui sera disponible dans cinq jours pour y répondre.

 

En ce qui concerne le plan d'attractivité, je maintiens que le secteur a besoin de ce message maintenant. Monsieur Vandenbroucke, je ne manquerai pas de vous le rappeler une fois de plus.

 

À propos de la vaccination obligatoire, je maintiens également que nous avons besoin de nous nourrir d'auditions d'experts mais aussi d'auditions issues de la société civile de la manière la plus large possible. J'invite mes collègues à nous emboîter le pas.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

04 Question de Marco Van Hees à Vincent Van Peteghem (VPM Finances) sur "Le système du cliquet applicable au carburant" (55002061P)

04 Vraag van Marco Van Hees aan Vincent Van Peteghem (VEM Financiën) over "Het cliquetsysteem voor brandstof" (55002061P)

 

04.01  Marco Van Hees (PVDA-PTB): Madame la présidente, monsieur le ministre, il y a un mois, mon collègue et camarade, Raoul Hedebouw, vous interrogeait ici sur le prix de l'énergie et sur le prix des carburants qui explosent. Les gens sont aujourd'hui confrontés à des difficultés insurmontables. Ils n'en peuvent plus!

 

À l'occasion de votre réponse, vous aviez dit que vous alliez voir s'il ne serait pas possible d'appliquer le cliquet inversé afin de limiter la hausse des prix de l'énergie.

 

Cette semaine, vous avez déclaré fièrement dans la presse que vous alliez proposer au gouvernement d'actionner ce cliquet inversé et ainsi réduire les accises pour diminuer le coût des carburants. Vous appelez cela un amortisseur contre les prix élevés des carburants. Merveilleuse nouvelle, monsieur le ministre! Merveilleuse nouvelle jusqu'au moment où on a découvert la baisse de prix que cela va représenter, à savoir un euro non pas au litre mais sur un plein!

 

Monsieur le ministre, vous comprendrez qu'alors que le plein a augmenté de 20 euros par rapport à l'année passée, un euro, c'est ridicule! Vous appelez cela un amortisseur! J'espère que votre voiture n'a pas un amortisseur de ce genre car cela poserait problème.

 

Mais le pire, c'est qu'à entendre les autres partis de la Vivaldi, un euro, c'est encore trop! Les libéraux estiment que cela n'est pas possible budgétairement alors qu'avec la hausse du prix des carburants, le gouvernement a pris un demi-milliard de TVA supplémentaire aux gens. À entendre les Verts, avec le télétravail, cette mesure n'est pas vraiment nécessaire. Mais, mesdames et messieurs les écologistes, dans quel monde vivez-vous? Pensez-vous que tous les travailleurs télétravaillent en Belgique? En réalité, nombreux sont ceux qui doivent prendre leur voiture pour se rendre au travail.

 

Monsieur le ministre, ferez-vous passer le cliquet inversé au gouvernement? Êtes-vous conscient du fait qu'un euro, c'est beaucoup trop peu?

 

04.02  Vincent Van Peteghem, ministre: Madame la présidente, cher collègue Van Hees, je répète ce que j'ai déjà dit dans cette enceinte, il y a quelques semaines. Je suis bien conscient de l'effet que les prix élevés à la pompe ont sur le budget de nos familles.

 

Bien que le gouvernement fédéral soit pleinement engagé en faveur des options de transport durables et alternatives, je suis également bien conscient que ce n'est pas une solution à court terme pour de nombreuses familles qui sont aujourd'hui confrontées à la hausse des prix à la pompe. C'est pourquoi, il y a quelques semaines, j'ai également promis de mettre le système de cliquet inversé sur la table du gouvernement. Pourquoi? Pour freiner temporairement la hausse des prix. Entre-temps, la proposition a été mise sur la table du gouvernement et celui-ci est en train d'en discuter.

 

Oui, monsieur Van Hees, j'ai aussi lu le tweet de votre président. Il pose la question de savoir dans quel monde je vis. En réponse, je dirais que je vis dans un monde où les gens se précipitent dans une station service afin d'éviter une augmentation de prix de quelques centimes d'euros. Cependant, vous m'accusez de préconiser un système qui accorderait une réduction d'un euro sur un plein. Je pense que vous visez la mauvaise cible, parce que je suis convaincu que nous devons le faire pour soutenir le pouvoir d'achat de nos familles.

 

04.03  Marco Van Hees (PVDA-PTB): Monsieur le ministre, je ne sais pas qui dans cette salle a compris le sens de votre réponse!

 

Vous avez dit dans la presse que cela allait représenter un euro de gain si les prix restent au stade où ils sont maintenant pendant un, deux ou trois ans. Cela signifie que pendant un, deux ou trois ans, les gens vont payer 20 euros de plus que ce qu'ils ne payaient il y a un an. C'est la réalité! Or le gouvernement peut réduire ce prix puisque, chaque année, il va prendre 500 millions d'euros via la TVA. La hausse du prix des carburants a un effet automatique sur la hausse de la TVA! Pourquoi ne redistribuez-vous pas ces 500 millions aux travailleurs?

 

Il faut soutenir la manifestation du 6 décembre contre le blocage des salaires, contre la hausse des prix de l'énergie et pour le retour d'un véritable index des salaires. Actuellement, le prix du carburant ne compte pas pour l'indexation des salaires. Comment est-ce possible? Que fait ce gouvernement? C'est inadmissible!

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

05 Question de Patrick Prévot à Frank Vandenbroucke (VPM Affaires sociales et Santé publique) sur "L'enquête de Solidaris pointant l'augmentation des reports de soins pour raisons financières" (55002052P)

05 Vraag van Patrick Prévot aan Frank Vandenbroucke (VEM Sociale Zaken en Volksgezondheid) over "De enquête van Solidaris waaruit blijkt dat medische zorg vaker uitgesteld wordt uit geldgebrek" (55002052P)

 

05.01  Patrick Prévot (PS): Monsieur le ministre, Solidaris vient de publier son enquête annuelle et les conclusions en sont terrifiantes. En effet, nous y apprenons que, cette année, près d'un Belge francophone sur deux a renoncé à, au moins, un soin de santé. C'est d'autant plus terrible que Solidaris tire la sonnette d'alarme chaque année et que, malgré cela, on ne parvient pas à enrayer cette tendance. Malheureusement, ce renoncement aux soins ne touche plus seulement les personnes en situation de précarité, puisqu'il concerne aussi les classes moyennes, les travailleurs, les retraités, et j'en passe.

 

Monsieur le ministre, comment concevoir que, chaque jour dans notre pays, des hommes et des femmes ne se rendent pas chez le médecin - spécialiste ou généraliste -, le dentiste, le psychologue, parce qu'ils manquent d'argent et qu'ils savent également qu'il faudra prévoir de quoi manger, qu'il faudra économiser pour payer la facture de chauffage ou d'électricité ou, tout simplement, pour acheter une nouvelle paire de chaussures aux enfants? Que font ces personnes? Soit, elles reportent les soins à un avenir hypothétique, lorsque cela ira mieux, soit, elles renoncent tout simplement à se faire soigner. La conséquence en est évidemment une dégradation de leur état de santé, entraînant une augmentation des besoins en soins - d'où des coûts bien plus élevés.

 

Monsieur le ministre, dans un pays comme le nôtre, on ne peut évidemment pas tolérer de telles inégalités. Il est indispensable de prendre des mesures supplémentaires afin que, demain, plus personne ne doive choisir entre se nourrir et se soigner.

 

Comptez-vous vous inspirer des propositions concrètes exprimées par Solidaris? Pouvez-vous nous rappeler les mesures déjà prises et, surtout, celles qui sont envisagées pour que plus personne dans notre pays ne reporte des soins de santé ou n'y renonce?

 

05.02  Frank Vandenbroucke, ministre: Mes chers collègues, c'est absolument vrai! Les constats sont là et ils sont durs. Non seulement l'accessibilité aux soins n'est pas garantie pour tout un chacun dans notre pays, mais l'enquête 2021 de l'Institut Solidaris nous indique que cette accessibilité aurait encore reculé ces dernières années. Il faut donc absolument apporter une réponse.

 

Une partie de la réponse se trouve déjà dans le budget INAMI approuvé voici un mois. La norme de croissance, comme vous le savez, a été portée à 2,5 pour l'année 2022, ce qui permet de dégager une marge de 123 millions d'euros pour des initiatives supplémentaires. Presque la moitié de cette marge de 123 millions d'euros va être utilisée pour des mesures visant à améliorer directement l'accessibilité des soins de santé. Je crois d'ailleurs que les mesures qui sont en préparation s'attaquent directement aux problèmes détaillés dans l'enquête de Solidaris: les soins dentaires, une extension du système du tiers payant, un remboursement plus grand des tickets modérateurs pour les personnes à plus bas revenus grâce au maximum à facturer (MàF), sans compter les mesures structurelles qui ont déjà été prises en dehors de ce budget de l'INAMI 2022 en ce qui concerne la santé mentale ou des mesures qui favorisent l'octroi de l'intervention majorée.

 

Il est évident qu'il faut poursuivre dans cette voie. C'est d'ailleurs la raison pour laquelle il m'apparaît indiqué de reprendre les recommandations de l'Institut Solidaris dans le cadre des travaux sur le trajet pluriannuel lancé par l'INAMI et qui vise à développer une vision vraiment stratégique à moyen terme. C'est aussi une partie de la réponse aux questions posées par Mme Farih, questions absolument légitimes sur le moyen et le long terme de notre système de soins de santé. (…)

 

05.03  Patrick Prévot (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie pour vos réponses.

 

Comme je le disais, le constat de cette étude est effectivement accablant et j'entends que vous partagez ce constat terrifiant.

 

Merci d'avoir rappelé ces 123 millions qui seront disponibles pour des initiatives supplémentaires, avec une attention particulière pour les soins dentaires, l'extension du tiers payant, l'abaissement du maximum à facturer (MàF). Ce sont des choses sur lesquelles vous travaillez déjà aujourd'hui mais, comme je l'ai dit, Solidaris fait hélas le constat, sur la base de ses enquêtes annuelles, que l'état de santé de notre population ne cesse de se dégrader ces dernières années. Les chiffres de 2021 sont accablants.

 

Il faudra mettre en place ces mesures supplémentaires pour permettre une véritable incidence auprès des personnes obligées de choisir entre se nourrir et se soigner.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

06 Samengevoegde vragen van

- Anja Vanrobaeys aan Pierre-Yves Dermagne (VEM Economie en Werk) over "De sociale dumping bij pakjesbedrijven" (55002051P)

- Marianne Verhaert aan Petra De Sutter (VEM Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven) over "De schrijnende toestand bij PostNL" (55002060P)

- Maria Vindevoghel aan Petra De Sutter (VEM Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven) over "De moderne slavernij bij koerierbedrijven" (55002063P)

- Jef Van den Bergh aan Petra De Sutter (VEM Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven) over "De e-commerce en de pakjesdistributie" (55002064P)

- Michael Freilich aan Petra De Sutter (VEM Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven) over "De wantoestanden bij de pakjesverdelers" (55002067P)

06 Questions jointes de

- Anja Vanrobaeys à Pierre-Yves Dermagne (VPM Économie et Travail) sur "Le dumping social dans les entreprises d'expédition de colis" (55002051P)

- Marianne Verhaert à Petra De Sutter (VPM Fonction publique et Entreprises publiques) sur "La situation dramatique au sein de PostNL" (55002060P)

- Maria Vindevoghel à Petra De Sutter (VPM Fonction publique et Entreprises publiques) sur "L'esclavage moderne au sein des entreprises de livraison de colis" (55002063P)

- Jef Van den Bergh à Petra De Sutter (VPM Fonction publique et Entreprises publiques) sur "L'e-commerce et la distribution des colis" (55002064P)

- Michael Freilich à Petra De Sutter (VPM Fonction publique et Entreprises publiques) sur "Les situations intolérables au sein des entreprises de distribution de colis" (55002067P)

 

06.01  Anja Vanrobaeys (Vooruit): Dames ministers, niet door Sint en Piet op het dak, maar door een kind in een achterbak tussen de pakketjes in een bestelwagen met een Nederlandse kroon erop, dat is de manier waarop vandaag in België pakketjes worden bezorgd. Collega's, ik overdrijf niet, dat is de realiteit vandaag en de lijst is veel langer, met ook zwartwerk, illegaal werken, georganiseerde sociale fraude.

 

De bedrijven PostNL en GLS staan daarvoor al langer voor de rechter, maar toch gaan deze praktijken gewoon door. Deze week kwam er kinderarbeid bij en het gevolg is dat een pak sinterklaascadeaus vastzit in een verzegeld sorteercentrum. Ondertussen zeggen die bedrijven dat ze van niets weten. Hoe is het mogelijk dat bedrijven hun verantwoordelijkheid niet opnemen wanneer er zoveel mis gaat?

 

Het sleutelwoord is schijnzelfstandigheid. Dat is de manier waarop die multinationals zich onttrekken aan hun verantwoordelijkheid. Maar ondertussen zitten er kinderhanden aan uw pakje en aan mijn maaltijd, want bij Deliveroo is het net hetzelfde. Het hoeft niet, maar toch gebeurt het.

 

Eigenlijk moet dat stoppen! Dames ministers, ik heb een wetsvoorstel ingediend dat een einde maakt aan die perverse toestanden. Nu rijden de koeriers zichzelf tegen de klok vast, zonder sociale bescherming of eerlijk loon. Met ons wetsvoorstel is men gewoon als werknemer in dienst tot het tegendeel bewezen is. Zo simpel kan het zijn. Het haalt oneerlijke concurrentie van de markt, het biedt de medewerkers en de koeriers sociale bescherming en het geeft ook zekerheid aan de consument.

 

Mevrouw de minister, de controles van maandag bewijzen dat controle zin heeft, zeker nu in de drukke dagen. Daarom zou ik u willen vragen of u mij kunt toezeggen dat de regering tijdens de drukke feestdagen verder zal inzetten op controle? ()

 

06.02  Marianne Verhaert (Open Vld): Dames ministers, de Sint is sinds twee weken in ons land. Het is bijna 6 december. Wij weten dat de Sint bij zijn zware taak niet alleen wordt geholpen door de Pieten maar ook door de pakjesdiensten.

 

Als wij dan in de kranten moeten lezen dat bij controle van bepaalde pakjesleveranciers en hun onderaannemers allerlei zware inbreuken worden vastgesteld, zoals zwartwerk, uitbuiting en chauffeurs zonder rijbewijs, is dat onaanvaardbaar. Wij kunnen dat alleen zwaar veroordelen.

 

Dames ministers, in een sector met moordende competitie is een level playing field van het allergrootste belang. Mevrouw De Sutter, dat u dat principe in uw beleid mee onderschrijft, juichen wij, liberalen, toe. Controles op wan- en cowboypraktijken helpen dat gelijke speelveld te bewaken.

 

Wat niet helpt, zijn nog meer Belgische regeltjes. Wij moeten een opbod aan bijkomende regelgeving vermijden. Wie is immers gebaat bij een nog strenger kader voor e-commerce in ons land? Wij hinken al jaren achterop door meer regels, om daarna vast te stellen dat de pakjesbezorgers met een buitenlandse nummerplaat rondrijden.

 

Dames ministers, wat zullen jullie doen opdat er in ons land toch plaats zou zijn voor één van de meest competitieve sectoren, met respect voor de arbeidsomstandigheden?

 

06.03  Maria Vindevoghel (PVDA-PTB): Beste ministers, wie wil weten hoe een wereld zonder vakbond eruit ziet, moet kijken naar de uitzending van VTM over de wantoestanden in de pakjessector. Werken voor 4 euro, 10 uur per dag. Niet alleen voor een hongerloon, maar via zwartwerk en schijnzelfstandigheid, met chauffeurs zonder rijbewijs en kinderarbeid. Ik heb er wakker van gelegen.

 

Daarom heb ik contact opgenomen met verschillende werknemers in die sector. Brahim kende ik nog van vroeger. Hij heeft gewerkt voor PostNL. Hij vertelde mij dat hij een deeltijds contract had maar voltijds moest werken. Hij werd maar betaald voor deeltijds werk, terwijl hij voltijds werkte.

 

Hij is niet de enige. Brahim begrijpt de consternatie niet. Hij begrijpt niet dat u hier allemaal vraagt wat er aan het gebeuren is. Jullie waren toch allemaal gewaarschuwd? De politiek doet alsof zij uit de lucht valt en sleurt er nu priester Daens bij, maar de vakbonden trekken al tien jaar aan de alarmbel. De wetgeving schiet al tien jaar te kort.

 

Er loopt zelfs een proces tegen slavenarbeid. Ik raad u allebei aan, dames ministers, om dit boek te lezen, het zwartboek van een vakbond waarin heel veel voorbeelden staan van ongelooflijke wantoestanden. De rechtse partijen van alle vorige regeringen hebben deze politiek in de hand gewerkt. Vandaag is Daens er nog altijd, in heel veel bedrijven.

 

Ik heb twee vragen voor u, mevrouw de minister. In de media stelde u voor 70 % of meer van de werknemers in de pakjessector verplicht in dienst te nemen. Dat kan, want dat bewijst DHL International, een goed voorbeeld. Wij vinden dat een keigoed idee. Kunt u garanderen dat die regel er komt? Wanneer? (…)

 

06.04  Jef Van den Bergh (CD&V): Mevrouw de voorzitster, mevrouw de minister, het journalistieke undercoverwerk en de inval van de sociale inspectiediensten en ook het werk van de vakbonden hebben deze week hallucinante toestanden naar boven gebracht bij de pakjesdiensten van DPD en vooral PostNL.

 

Uw collega Dermagne is trouwens bevoegd voor de arbeidsomstandigheden en de sociale inspectie. We weten allemaal waarom hij hier vandaag niet kan zijn. Ik wil graag van de gelegenheid gebruikmaken om hem het beste toe te wensen met de gezondheid van zijn zoontje.

 

Chauffeurs die 450 tot 500 adressen op een dag moeten aandoen, het is hallucinant. Minderjarigen inschakelen, chauffeurs zonder rijbewijs de baan opsturen, het is hallucinant. Dat we dergelijke mensonterende arbeidsomstandigheden in 2021 moeten vaststellen, het is hallucinant.

 

Dit zijn onaanvaardbare arbeidsomstandigheden, maar de gevolgen gaan nog verder. Ook de impact op onze wegen en op de verkeersveiligheid worden elke dag duidelijk. We kennen allemaal de witte busjes die over de linkerrijstrook vlammen, die na een zoveelste levering met gierende banden optrekken, portieren die openslaan voor de neus van voetgangers of fietsers, of die met twee richtingaanwijzers in het midden van de rijbaan parkeren.

 

We moeten trouwens niet met de vinger wijzen naar de chauffeurs die onder immense druk staan. Die arbeidsomstandigheden en de veiligheid op onze wegen komen er onder druk van het logistieke systeem achter de e-commerce, het gevolg van ons online koopgedrag en het systeem dat daardoor tot stand is gekomen met nog een extra push door de coronaomstandigheden. Nochtans verwacht niet elke consument dat hij elke bestelling binnen de paar uur thuis geleverd krijgt.

 

Mevrouw de minister, we hebben sleutels in handen. We hebben instrumenten om de logistieke keten beter te organiseren. We hebben met bpost een belangrijke schakel in de e-commerce.  Hoe gaan we (…)

 

06.05  Michael Freilich (N-VA): Mevrouw de voorzitster, mevrouw de minister, ik dacht dat wij slavernij en kinderarbeid in dit land al meer dan 100 jaar geleden hadden afgeschaft. Toen ik de reportage zag, wist ik niet wat ik hoorde. Wij moeten allemaal de wantoestanden die daarin werden aangekaart streng veroordelen, maar louter aan de zijlijn staan en onze verontwaardiging uiten is niet genoeg. We moeten ook met oplossingen komen.

 

Wat zijn de oorzaken van deze problemen? Ik wil er daarvan vandaag twee met u delen. Ten eerste, het is voor de pakjesbedrijven vaak heel moeilijk, zelfs juridisch onmogelijk om die controle uit te voeren. Dat is een eerste probleem dat we moeten oplossen. Een tweede probleem is dat de Belgische pakjesmarkt wordt gedestabiliseerd door een grote speler, door ons eigen overheidsbedrijf bpost. We weten allemaal dat bpost veel subsidies en contracten op maat krijgt, maar bijvoorbeeld ook andere gunstvoorwaarden. Als ik morgen een pakje wil versturen via bpost, dan betaal ik daarop geen btw, maar als ik hetzelfde doe via PostNL of DPD, dan komt er 21 % btw bij. Dat kan niet. Leg mij dat eens uit.

 

Een veel groter probleem en een veel grotere oneerlijkheid zijn echter de sociale lasten. In de logistieke sector zijn de chauffeurs en de koeriers arbeiders, met een cao specifiek voor die sector. Bij bpost valt men als bediende onder een veel gunstiger sociaal regime. Dat maakt dat de concurrentie vanop hoog niveau vervalst is. Kunt u mij beloven dat u daarnaar zult kijken, zodat we effectief een level playing field zullen krijgen, zoals ik hier vandaag heb gehoord van mijn collega, zodat alle bedrijven onder dezelfde voorwaarden pakjes kunnen bedelen? Als we dat doen, kunnen we het probleem oplossen.

 

06.06 Minister Petra De Sutter: Mevrouw de voorzitster, de vraagstellers hebben allen de wantoestanden aangeklaagd die we deze week in de reportage hebben gezien. Wij hadden daar al vermoedens van, gezien er al procedures lopend waren. Om die reden hebben wij niet gewacht tot deze week, zoals ik hier en daar las, om plots met ideeën te komen hoe we dat moeten aanpakken. We zijn al heel lang bezig met de wetgeving die moet worden aangepast om in de e-commerce en de pakjessector tot een level playing field te komen. De pakjessector is mijn bevoegdheid, dat is de postwet. Mevrouw Lalieux zal over de bevoegdheid van collega Dermagne spreken op dat punt. De platformeconomie en, bij uitbreiding, de andere spelers, vallen buiten mijn bevoegdheid. Ik kan u verzekeren dat mijn reeds een tijd geleden geschreven beleidsnota een verwijzing daarnaar bevat. Ook bij de budgetbesprekingen hebben we specifiek laten notuleren dat we in de postwet bepalingen zouden opnemen om sociale dumping en fraude te bestrijden. Dat ging exact hierover. Nee, we hebben dus niet gewacht tot deze week, we waren hier al mee bezig.

 

Een level playing field zal gelden voor alle spelers die in België leveringen van pakjes aan klanten of aan pakjesautomaten zullen verzekeren. Buitenlandse spelers zullen hier dus geen andere voorwaarden krijgen dan binnenlandse spelers. Een probleem van e-commerce is natuurlijk dat in ons land heel veel wordt besteld in het buitenland. Dat is iets wat we dringend terug naar hier moeten halen, maar dan wel met onze standaarden. Ik wil toch iets benadrukken, mevrouw Verhaert. Als u spreekt over niet nog meer regeltjes en niet nog meer druk en flexibiliteit te willen – ik heb daar ook commentaren over gelezen – dan ga ik akkoord, maar wat we hier meemaken is sociale fraude, uitbuiting en kinderarbeid. U hebt het vermeld en ik heb inderdaad in mijn eerste reacties naar de negentiende eeuw verwezen. Er zijn grenzen aan de flexibiliteit. Zij zal op onze voorwaarden en met onze standaarden en met respect voor de arbeids- en loonvoorwaarden moeten gebeuren.

 

Mijnheer Freilich, de lat gelijk voor iedereen. Ik heb de kritiek op bpost zelfs van PostNL gehoord: er zou nu plots allerlei gebeuren om bpost te bevoordelen tegenover PostNL. Dat klopt natuurlijk niet. Ook ons bedrijf is gehouden aan de sociale wetgeving in ons land. bpost heeft een beheersovereenkomst niet met subsidies, gebruik dat woord niet, maar een vergoeding voor activiteiten die niet marktconform zijn, niets anders. Dat wordt ook streng gecontroleerd door Europa. In de pakjessector staat bpost er dus helemaal alleen voor en moet het bedrijf in een zeer concurrentiële markt concurreren met spelers die de regels duidelijk niet volgen.

 

Zoals we hebben gehoord gaat het vooral over onderaannemingen waar geen syndicale vertegenwoordiging is, want het zijn hele kleine bedrijfjes, waar mensen effectief uitgebuit worden. Het gaat om schijnzelfstandigheid en die moeten we aanpakken. De sociale inspecties vallen onder de bevoegdheid van collega Dermagne. Er hebben effectief controles plaats, waar collega Lalieux wellicht cijfers over zal geven, en als u het mij vraagt moeten die opgedreven worden.

 

Maar ik kan ook iets doen via de postwet. Wij kunnen daarin een artikel invoegen dat vastlegt hoeveel medewerkers van koerierbedrijven binnen de postbedeling van pakjes een vast contract moeten hebben. Dat kunnen we snel doen. De teksten zijn in voorbereiding en zullen snel uw kant opkomen. Dat heeft te maken met sociale duurzaamheid. De prijs van de hele snelle bestellingen van pakjes is geëxternaliseerd: die zit niet in de prijs van het pakje, maar iemand betaalt die en dat is de koerier die uitgebuit wordt en die we in de reportage hebben gezien. Hetzelfde geldt natuurlijk voor de ecologische duurzaamheid. Collega Van den Bergh sprak over de bestelwagentjes die overal rondrijden en voor overlast zorgen.

 

Zowel de sociale als de ecologische duurzaamheid moeten geïnternaliseerd worden. Dat zal niet gebeuren via maatregelen die wij rechtstreeks nemen in de prijszetting in die sector, maar wel door de markt zelf als wij de kaders en de regelgeving creëren waaraan die zal moeten voldoen: dan zullen alle spelers binnen dat speelveld zelf wel zien hoe ze…(micro wordt uitgeschakeld).

 

06.07 Minister Karine Lalieux: Geachte collega's, de controles die onze inspectiediensten begin deze week hebben uitgevoerd, hebben opnieuw schandalige overtredingen aan het licht gebracht. Minister van Werk Pierre-Yves Dermagne is daar net zoals over sommige publieke reacties diep verontwaardigd over.

 

U begrijpt dat we niet veel informatie kunnen geven over de gerechtelijke onderzoeken; alleen het openbaar ministerie kan dat. Ik laat opmerken dat een gerechtelijk onderzoek de activiteiten van een bedrijf niet schorst. Toen minister Dermagne zijn beleidsnota presenteerde, heeft mijn collega gezegd dat de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (SIOD) en de inspectiediensten op de hoogte zijn van het probleem met de koerierbedrijven. Ze hebben duidelijk niet werkloos toegekeken. Ze hebben de controles uitgevoerd in samenwerking met de politie en Justitie.

 

Minister van Werk Dermagne en minister van Overheidsbedrijven De Sutter willen via de postwet van 26 januari 2018 bepaalde normen opleggen aan de pakketbezorgers, onder meer over het aantal werknemers met een arbeidsovereenkomst. De bedoeling hiervan is om zo een einde te maken aan de praktijk van de schijnzelfstandigen in onderaanneming. De maatregelen sluiten volledig aan bij het voorstel van de minister van Werk om in verschillende risicosectoren de keten van onderaanneming te beperken en de verplichting op te leggen om een bepaald percentage werknemers in dienst te nemen.

 

Om de neerwaartse nivellering te stoppen, zal collega Pierre-Yves Dermagne ook voorstellen om de uitbesteding van opdrachten door zelfstandigen aan een ander bedrijf te verbieden. De aanwerving van 50 nieuwe inspecteurs, waartoe tijdens het conclaaf werd besloten, is zeker welkom, maar kan geen eindpunt van de versterking van de inspectiediensten zijn. Alle inspectiediensten moeten efficiënt en effectief sociale fraude bestrijden.

 

06.08  Anja Vanrobaeys (Vooruit): Geachte ministers, controles zijn uiteraard noodzakelijk en ik roep daar zeker toe op, maar zij lossen het probleem niet fundamenteel op. Zolang schijnzelfstandigheid mogelijk blijft, zullen de multinationals hun verantwoordelijkheid ontlopen.

 

De heer Freilich zegt dat het de fout van bpost is, maar het gaat zowel om truckchauffeurs als om pakjesbezorgers en fietskoeriers. Bpost komt bij mij niet met maaltijden aan huis en de fietskoeriers rijden ook niet rond met postzegels. Iedere partij in het halfrond zou zich moeten afvragen of zij de echte zelfstandigen zullen verdedigen en oneerlijke concurrentie onmogelijk maken dan wel of ze Deliveroo en PostNL en dus kinderarbeid in ons land zullen steunen. Vooruit kiest voor een eerlijke markt, een sterke sociale bescherming en cadeaus zonder kinderarbeid.

 

06.09  Marianne Verhaert (Open Vld): Geachte ministers, wij veroordelen allemaal de praktijken. Strenge controles moeten ze voorkomen, maar, nogmaals, nog meer en rigidere regels verhelpen het probleem niet. E-commerce is een realiteit in de 21ste eeuw. Ondanks de schrijnende verhalen staan er morgen opnieuw duizenden pakjes aan de voordeur. Het moet mogelijk zijn, ook in ons land, om correcte arbeidsomstandigheden te verzoenen met een flexibele sector in een werkbare en aantrekkelijke markt. Ik wens u beiden hier veel succes mee.

 

06.10  Maria Vindevoghel (PVDA-PTB): Ik heb goed geluisterd en genoteerd dat u via de postwet een percentage wil opleggen. Maar welk percentage wordt dat dan? Wij stellen voor dat u 70 % neemt, zoals dat nu bestaat bij DHL International, waar de arbeidsomstandigheden goed zijn. De werknemers hebben het statuut van bediende en een goede contract. Daar moeten wij naar streven. Laten we de aantallen optrekken en niet naar beneden bijstellen. Wanneer ik hier Open Vld, die in de regering vertegenwoordigd is, nog minder regels hoor bepleiten, weet ik niet hoe u het probleem zult oplossen, want nog minder regels zal de flexibilisering en dus de situatie nog verergeren.

 

Er moeten goede regels komen en de uitbuiting moet stoppen. Wij zullen morgen mee de actie ondersteunen van de vakbond. Black Friday is voor de vakbond een actiedag tegen dergelijke uitbuitingstoestanden in ons land.

 

06.11  Jef Van den Bergh (CD&V): Mevrouw de voorzitster, ik dank ook de ministers voor hun antwoorden.

 

De eensgezindheid rond het aspect van de sociale fraude is groot. Wij kijken uit naar het initiatief om de wetgeving ter zake aan te passen.

 

Sta me toe van de gelegenheid gebruik te maken om de kwestie ruimer te benaderen. Er schort iets aan het systeem – we hebben het daarover ook al meermaals in commissie gehad en dit komt wellicht weer aan de orde bij de bespreking van de beleidsnota volgende week -, wanneer ik in mijn straat met amper tien huizen elke twee uur tientallen busjes zie voorbijkomen, omdat een bestelling van drie stuks in drie keer wordt geleverd door drie verschillende busjes, en wanneer negen van tien bestelde pakjes gratis teruggestuurd kunnen worden.

 

Wij zullen moeten onderzoeken hoe wij de logistieke keten achter de e-commerce kunnen verduurzamen, zowel sociaal als ecologisch en economisch met een level playing field voor alle bedrijven. (…)

 

06.12  Michael Freilich (N-VA): Mevrouw de minister, zoals ik gezegd heb, moeten we niet alleen verontwaardigd zijn, maar ook oplossingen naar voren brengen. Wij hebben een aantal jaar geleden de hoofdelijke aansprakelijkheid in de bouwsector, de voedingssector en de bewakingssector uitgebreid. Zo hebben wij gezorgd voor een afname van de sociale fraude en pakten wij sociale dumping aan. In de bouwsector wordt met een badgesysteem gewerkt. Via de badge kan de hoofdaannemer controleren of de werknemers in orde zijn. Wij zullen een wetsvoorstel indienen om dat systeem ook in de pakjessector en in de sector van de maaltijdbezorging in te voeren, want ook daar rijzen er gelijkaardige problemen. Voor die oplossing kijk ik uit naar uw aller steun, geachte collega's.

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

07 Questions jointes de

- Sophie Rohonyi à Sarah Schlitz (Égalité des genres et Égalité des chances) sur "La lutte contre les violences faites aux femmes" (55002053P)

- Katleen Bury à Vincent Van Quickenborne (VPM Justice et Mer du Nord) sur "La journée internationale de lutte contre les violences faites aux femmes" (55002059P)

- Robby De Caluwé à Vincent Van Quickenborne (VPM Justice et Mer du Nord) sur "La journée internationale de lutte contre les violences faites aux femmes" (55002066P)

- Séverine de Laveleye à Sarah Schlitz (Égalité des genres et Égalité des chances) sur "La Journée internationale pour l'élimination de la violence à l'égard des femmes" (55002073P)

07 Samengevoegde vragen van

- Sophie Rohonyi aan Sarah Schlitz (Gendergelijkheid en Kansengelijkheid) over "De bestrijding van geweld tegen vrouwen" (55002053P)

- Katleen Bury aan Vincent Van Quickenborne (VEM Justitie en Noordzee) over "De internationale dag tegen vrouwengeweld" (55002059P)

- Robby De Caluwé aan Vincent Van Quickenborne (VEM Justitie en Noordzee) over "De internationale dag tegen geweld tegen vrouwen" (55002066P)

- Séverine de Laveleye aan Sarah Schlitz (Gendergelijkheid en Kansengelijkheid) over "De Internationale Dag voor de uitbanning van geweld tegen vrouwen" (55002073P)

 

07.01  Sophie Rohonyi (DéFI): Madame la secrétaire d'État, monsieur le ministre, elles s'appelaient Rachida, Marietta, Nathalie ou encore Anne-Laurence. Elles ont toutes été tuées ces derniers mois par ce qu'elles étaient des femmes, le plus souvent par leur compagnon ou ex-compagnon.

 

Ces féminicides interviennent au terme d'une escalade de violences qui sont structurelles et patriarcales à l'égard des femmes ou des jeunes filles. Ces violences sont physiques, psychologiques, économiques ou sexuelles.

 

Ce 25 novembre est l'occasion de rappeler que, malheureusement, être une femme aujourd'hui est synonyme d'insécurité. Aujourd'hui, être une femme implique de devoir faire profil bas, de se taire voire de se cacher pour être en sécurité, pour se protéger soi-même et ses propres enfants. C'est inacceptable.

 

Je vous remercie sincèrement d'avoir fait de cette question une priorité. Je me dois toutefois d'attirer votre attention sur le fait que de trop nombreuses victimes ne vont pas porter plainte par manque de confiance envers notre police ou notre justice, considérant que "cela ne sert à rien".

 

Allez-vous proposer en même temps que votre réforme du Code pénal sexuel une vraie réforme d'instruction criminelle? Cela permettrait par exemple de reconnaître le stress post-traumatique comme moyen de preuve à part entière et par conséquent de diminuer de 53 % le taux des plaintes pour viol qui sont classées sans suite – principalement par manque de preuves.

 

De quelle manière allez-vous généraliser les bonnes pratiques qui s'observent dans différentes zones de police, alors qu'on voit que nos policiers ne sont pas soutenus par la ministre de l'Intérieur dans leurs demandes plus que légitimes de revalorisation de leur profession et de refinancement des zones de police?

 

07.02  Katleen Bury (VB): Mevrouw de voorzitster, mevrouw de staatssecretaris, mijnheer de minister, vandaag, 25 november, is de internationale dag tegen vrouwengeweld. Zeker vandaag moeten we dus extra aandacht besteden aan dat fenomeen, dat helaas voor heel veel vrouwen dagelijkse kost is.

 

De cijfers geven weinig reden tot vreugde. Er zijn negen aangiften van verkrachting per dag. Dat is slechts het topje van de ijsberg, aangezien slechts een op de tien verkrachtingen wordt aangegeven. 81 % van alle vrouwen in dit land wordt ooit geconfronteerd met seksueel geweld, maar amper 4 % van hen stapt naar de politie. Wanneer het gaat over partnergeweld of intrafamiliaal geweld, doet een slachtoffer gemiddeld pas aangifte na 35 incidenten. Een vrouw, of in een minderheid van de gevallen een man, laat zich dus gemiddeld 35 maal mishandelen vooraleer er aangifte wordt gedaan.

 

Mijnheer de minister, u mag Justitie dan wel sneller en straffer willen maken, maar het is zonneklaar dat er wat schort aan de aangiftebereidheid. Wat kan en zal u ondernemen om die aangiftedrempel zo goed als weg te werken, een drempel die voor de meeste van die vrouwen moeilijker te overwinnen is dan de Mont Ventoux? Wat zal u ondernemen om de aangiftes te vereenvoudigen en wat zal u doen in geval van aangifte om de integriteit van de slachtoffers te beschermen?

 

Een ander belangrijk punt is de bestraffing. Het Antwerpse pilootproject Code 37 zou u stapsgewijs evalueren en nationaal uitrollen, maar ik denk dat de tijd voorbij is om stapsgewijs te werk te gaan. Elke dag die we wachten, is een verloren dag en een dag met meer slachtoffers. Waarom wordt dat project niet versneld uitgerold in het hele land?

 

Mijn laatste vraag, ten slotte, betreft de verplichte opvolging van daders van partnergeweld en seksueel geweld. Wie veroordeeld wordt, moet verplicht worden om te worden opgevolgd, zowel tijdens als na de straf. (…)

 

07.03  Robby De Caluwé (Open Vld): Mevrouw de voorzitster, mijnheer de minister, mevrouw de staatssecretaris, gendergerelateerd geweld is vandaag de grootste pandemie. Vandaag is de dag tegen geweld tegen vrouwen. Een derde wordt fysiek of seksueel lastiggevallen. Dat zijn hallucinante cijfers. Als dit een medisch aandoening zou zijn geweest, zouden alle alarmbellen rinkelen. Het kost heel veel mensenlevens, elk jaar opnieuw.

 

Elke dag gebeuren er negen aangiftes voor verkrachting. De hulplijn 1712 werd vorig jaar 11.000 keer geraadpleegd voor intrafamiliaal geweld. 2.000 raadplegingen gingen over partnergeweld, vooral mannen die geweld gebruiken tegen vrouwen. De hulplijn merkt een enorme stijging door corona. Deze cijfers zijn maar een fractie van de werkelijkheid. Velen durven immers geen aangifte te doen. We kunnen dus terecht spreken van een pandemie. De coronacrisis heeft dit geweld nog doen toenemen, niet alleen offline, maar ook online. Er zijn in het verleden al heel veel positieve initiatieven genomen, zoals de Family Justice Centers en de hulplijn 1712.

 

Hoe wil u de strijd tegen geweld tegen vrouwen opvoeren? Welke bijkomende maatregelen zullen er genomen worden zodat de strijd tegen geweld tegen vrouwen op een efficiënte en gecentraliseerde manier kan verlopen? Focust u binnen deze aanpak op een vroegtijdige aanpak en begeleiding van de daders?

 

07.04  Séverine de Laveleye (Ecolo-Groen): Madame la présidente, monsieur le ministre, madame la secrétaire d'État, aujourd'hui, c'est la Journée internationale pour l'élimination de la violence à l'égard des femmes. Ce genre de journée reste malheureusement nécessaire pour attirer votre attention, notre attention sur ce fléau, et pour faire le point sur ce qu'il nous reste à faire.

 

On commencera par souligner qu'il faut bien parler des violences faites aux femmes. En effet, les violences sont de types très divers: sexuelles, physiques bien sûr, mais aussi psychologiques et économiques. Il est également nécessaire de rappeler qu'aucun lieu et aucun espace n'est exempt de violences. Les femmes subissent des violences partout: dans la rue, sur les réseaux sociaux, sur le lieu de travail, dans les transports publics, à l'école, sur leur campus et simplement quand elles vont boire un verre. Mais elles sont aussi victimes de violences à la maison puisque les violences conjugales restent endémiques et mènent encore trop souvent au décès de leurs victimes. Depuis le début de l'année jusqu'à ce 25 novembre, dix-huit féminicides ont été commis.

 

La diversité et la récurrence de ces violences nous montrent qu'elles ne sont pas des accidents de parcours, qu'elles sont structurelles et qu'elles sont le produit de rapports de domination directement en lien avec un système patriarcal profondément injuste et encore largement ancré.

 

Mais les femmes ne sont évidemment pas que des victimes. Elles s'autorisent à parler en disant "Moi aussi". Elles dénoncent également. En dénonçant, elles balancent leurs porcs, leurs bars, leurs folklores, leurs comitards. Elles luttent pour construire un monde plus égalitaire au jour le jour sur le terrain, dans leurs organisations, sur leurs lieux de travail, dans leurs lieux de vie. Enfin, elles revendiquent que le politique soit à la hauteur. Elles exigent que la lutte contre les violences faites aux femmes soit une réelle priorité pour les autorités publiques.

 

Monsieur le ministre, madame la secrétaire d'État, c'est donc à vous que je m'adresse aujourd'hui. Vous nous avez annoncé, il y a plusieurs mois, la mise en place d'un plan national contre les violences faites aux femmes (…)

 

07.05 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitster, dames en heren Kamerleden, te lang heeft onze samenleving de ogen gesloten voor de vele vrouwen en meisjes die elke dag geweld moeten doorstaan, die niet veilig op straat kunnen lopen, die niet veilig kunnen feesten, die niet veilig zijn in hun eigen huis. Kortom, die zich nergens veilig voelen.

 

Vele vrouwen en meisjes krijgen nergens gehoor, noch bij de eigen omgeving, noch bij de hulpverlening. Dames en heren, te lang werd er te weinig gedaan met aangiftes. Te vaak werd er niet vervolgd. Te vaak hebben wij gezien dat er nauwelijks werd gestraft. Dat willen wij veranderen. Dat moeten wij veranderen. Dat zijn wij aan het veranderen. Eergisteren nog, bij de bespreking van het nieuwe seksueel strafrecht, en ook in de komende weken.

 

Madame Rohonyi, nous allons aussi réformer le Code de procédure pénale.

 

Het is goed om vast te stellen dat meerderheid en oppositie in het Parlement daarin geen onderscheid maken. De wet veranderen, is één aspect. Zorgen voor veranderingen op het terrein, is nog een ander aspect. Ook dat tweede is volop aan het gebeuren.

 

Mevrouw Bury, er zijn vandaag meer aangiftes dan vroeger, niet alleen omdat het taboe aan het sneuvelen is, maar ook omdat er tegenwoordig plaatsen zijn waar slachtoffers goed worden opgevangen, onze zorgcentra tegen seksueel geweld. Vandaag treedt Justitie ook sneller op om slachtoffers te beschermen, door een tijdelijk huisverbod op te leggen, zodat een slachtoffer niet langer in angst in eigen huis moet leven, of door een stalkingalarm te voorzien, zodat er bij bedreiging direct hulp kan worden ingeroepen.

 

La justice engage également des poursuites plus souvent qu'auparavant, en se servant et en développant des techniques permettant d'identifier les suspects plus facilement et plus rapidement. Je tiens aujourd'hui à rendre hommage à l'Institut national de criminalistique et de criminologie, qui accomplit un travail de pionnier dans notre pays.

 

Justitie moet ook meer op maat gaan werken. Daarom werven we met deze regering 15 criminologen aan om twee dingen te doen. Zij zullen slachtoffers beter beschermen door gevaarlijke thuissituaties sneller te identificeren. De criminologen zullen die daders ook beter begeleiden om recidive te voorkomen.

 

Er is nog iets nodig. Het kost geen geld en er zijn geen extra mensen voor nodig. Justitie moet empathischer worden. Een kille, onpersoonlijke standaardbrief in een onbegrijpelijke juridische taal, dat komt keihard binnen bij elk slachtoffer.

 

Ik geef een voorbeeld. Procureur Ine Van Wymersch, procureur van Halle-Vilvoorde, nodigt regelmatig slachtoffers persoonlijk uit om te zeggen wat Justitie heeft gedaan, maar soms ook om te zeggen wat niet is gelukt en waarom het niet is gelukt. Wij kunnen niet garanderen dat we in 100 % van de gevallen mensen kunnen identificeren of veroordelen. Helaas moet er soms worden geseponeerd. Ook dat is het lot van Justitie, maar dan moet het worden uitgelegd op een persoonlijke, empathische manier.

 

Justitie voert de strijd tegen het seksueel geweld, tegen het geweld tegen vrouwen en meisjes op alle fronten. Dat hebben we vandaag opnieuw gezien. Zoals u weet, doe ik nooit uitspraken in individuele zaken, want dat oordeel komt alleen de rechter toe. De uitspraak in de zaak-De Pauw bewijst dat Justitie elke vorm van seksueel geweld ernstig neemt en de grenzen van het toelaatbare strikt bewaakt. Dat is iets wat wij allemaal moeten doen. Niet wegkijken, niet weglachen, maar zeggen: stop, hier is de lijn en niet verder.

 

07.06  Sarah Schlitz, secrétaire d'État: Chers collègues, je vous remercie de la vigilance dont vous faites preuve dans la lutte contre les violences de genre. Comme vous le savez, c'est un sujet qui me tient particulièrement à cœur. J'y travaille d'arrache-pied depuis mon entrée en fonction dans ce gouvernement.

 

Het is ook een topprioriteit voor de federale regering in haar geheel.

 

En novembre 2020, alors que la Belgique se reconfinait, j'ai proposé au gouvernement fédéral d'adopter un plan d'action visant à lutter contre les violences de genre et intrafamiliales à la suite de la deuxième vague de covid-19. Il y a quelques semaines, en commission, je vous annonçais que le plan d'action national contre les violences de genre serait adopté à l'automne. Je peux désormais vous informer que son adoption est à l'ordre du jour du gouvernement fédéral de cette semaine, comme c'est le cas pour tous les gouvernements du pays.

 

Ik bevestig dat het Nationaal Actieplan Gendergerelateerd Geweld deze week door alle regeringen wordt aangenomen.

 

Je me réjouis de venir vous le présenter en détail sous peu. J'ai déjà sollicité le président de la commission Égalité des chances et la présidente du Comité d'avis pour l'émancipation sociale pour fixer une date ensemble. Plusieurs mesures faisant partie du premier plan covid y seront pérennisées, comme par exemple le principe de revisite qui demande aux policiers de reprendre contact avec toute victime ayant porté plainte, ou encore l'encouragement à recourir à l'interdiction temporaire de résidence pour les auteurs de violences intrafamiliales.

 

Je peux aussi vous dire que le processus qui a été mené pendant plus d'un an pour adopter ce plan est une expérience positive qui a démontré la volonté de travailler ensemble, avec tous les gouvernements du pays, pour lutter contre les violences de genre.

 

Dit punt is heel belangrijk. In september 2020, voor de installatie van deze regering, heeft GREVIO gewezen op het gebrek aan coördinatie tussen de verschillende politieke niveaus in de strijd tegen geweld.

 

Il est essentiel, pour lutter contre les violences, que tous les niveaux se mobilisent. Le niveau communal est aussi concerné. J'ai eu la chance d'inaugurer la semaine dernière à Ath une quinzaine de lutte contre les violences de genre. C'est un exemple qui pourrait se reproduire dans d'autres endroits.

 

Je vous informe également du fait que le secteur associatif qui travaille auprès des victimes a été associé au processus, notamment à travers une grande consultation en mai dernier.

 

Madame de Laveleye, s'agissant des budgets, j'ai obtenu qu'au niveau fédéral, 2,5 millions d'euros supplémentaires soient consacrés à la lutte contre les violences de genre chaque anée. Cette lutte nécessite en effet des moyens, pas uniquement de la bonne volonté.

 

Les violences ont fortement marqué l'actualité pendant cette première année du gouvernement Vivaldi. Il n'était pas question de ne rien faire! On a vu 18 féminicides, qui ne sont souvent que le sommet de l'iceberg. Il y a souvent des mois voire des années de violences subies derrière les murs. Je pense aussi aux mouvements comme "Balance ton folklore", "Ik geloof u" ou "Balance ton bar" qui ont démarré en Belgique et qui prennent de l'ampleur. On les retrouve en France, en Espagne, au Royaume-Uni ou même au Canada. On voit donc que ces violences ont un caractère systémique et répétitif contre lequel il faut se battre à la racine.

 

Nous avons également mené des actions en parallèle à la réalisation de ce plan. J'ai notamment lancé la campagne "Act against violence" il y a deux semaines, qui appelle les victimes et les témoins de violences entre partenaires à agir et à appeler les numéros qui peuvent leur donner des conseils lorsqu'ils sont confrontés à ce type de violences. Nous avons également inauguré deux nouveaux centres de prise en charge des victimes de violences sexuelles (CPVS) et trouvé une solution pour l'extension du CPVS de Bruxelles.

 

Madame Rohonyi, vous mentionniez la nécessité de faire augmenter les dépôts de plaintes. Les CPVS constituent une solution à cet égard.

 

Il y a la réforme du Code pénal sexuel qui est menée par mon collègue de la Justice. La gratuité des lignes d'écoute a été mise en place par notre collègue Petra De Sutter. Un manuel à destination des soignants qui accompagnent les victimes de violences sexuelles a été réalisé avec notre collègue Frank Vandenbroucke.

 

Chers collègues, vous pouvez compter sur moi pour continuer à lutter contre ces violences au jour le jour. J'espère aussi pouvoir compter sur vous dans cette lutte.

 

07.07  Sophie Rohonyi (DéFI): Madame la présidente, madame la secrétaire d'État, monsieur le ministre, je vous remercie pour les mesures que vous avez énumérées, mesures qui, par ailleurs, ont été appelées et soutenues par mon parti.

 

Je tiens également à remercier toutes les personnes qui permettent, aujourd'hui, de libérer la parole des victimes. En effet, comme on le sait, le silence tue. Mais encore faut-il que cette parole atterrisse devant nos services de police et de justice.

 

Madame la secrétaire d'État, vous avez très justement insisté sur l'importance des moyens. Pour ma part, je m'interroge encore sur les moyens dévolus à nos services de police.

 

Monsieur le ministre, vous avez annoncé l'engagement de criminologues pour lutter contre la récidive. Je m'interroge encore sur le financement des centres d'appui et de prise en charge des délinquants sexuels. Vous avez également insisté sur l'éloignement du domicile des auteurs de violences conjugales. Je m'interroge quant à l'effectivité de cette décision.

 

J'ose donc espérer que vous serez attentifs à tous ces aspects dans le cadre de votre plan d'action interfédéral.

 

07.08  Katleen Bury (VB): Mijnheer de minister, mevrouw de staatssecretaris, dank voor jullie antwoorden. Ik weet, mijnheer de minister, dat u de problematiek ernstig neemt. Niettemin blijf ik wat op mijn honger wat betreft het verlagen van de drempel van de aangiftebereidheid.

 

Dat is natuurlijk een moeilijk dossier, maar iedere aangfite moet ernstiger genomen worden, in ieder dossier moet de stier meteen bij de hoorns gevat worden. Bij het vaststellen van de feiten moeten onmiddellijk de nodige maatregelen genomen worden en moet de veiligheid van het slachtoffer gewaarborgd worden. Het klinkt simpel, maar het is de enige manier om vooruit te komen.

 

De feiten en de cijfers bewijzen het, als er een problematiek is waarin Justitie niet alleen sneller en straffer maar ook menselijker voor de slachtoffers moet worden, dan is het wel deze. Want de parketten en de procureurs mogen blijven beweren dat ze veel meer inzetten op slachtofferbejegening, in de praktijk blijft het vaak jarenlang oorverdovend stil, ook in Halle-Vilvoorde.

 

07.09  Robby De Caluwé (Open Vld): Mevrouw de staatssecretaris, mijnheer de minister, bedankt voor jullie antwoorden. Ik ben het ermee eens dat jullie die problematiek heel ernstig nemen. Terecht, want met straatintimidatie en zinloos geweld krijgen veel te veel vrouwen te maken. Een veel te grote groep voelt zich ook onveilig in hun eigen huis, dat eigenlijk hun thuis zou moeten zijn.

 

Voor ons is geweld tegen vrouwen één van de meest ingrijpende en meest voorkomende schendingen van de mensenrechten. Daar moet hard tegen opgetreden worden. De aangiftebereidheid moet verhoogd worden. Ik denk dat jullie inderdaad een aantal maatregelen nemen en gaan nemen die daartoe bijdragen. Een belangrijk aspect daarbij is dat de slachtoffers het gevoel moeten krijgen dat er naar hen geluisterd wordt. De omgeving mag niet aan victim blaming doen.

 

Er zijn ook sensibiliseringscampagnes nodig over de vormen van geweld. Er moeten duidelijke richtlijnen komen. Het is ook belangrijk dat er op een toegankelijke manier informatie beschikbaar wordt gesteld.

 

07.10  Séverine de Laveleye (Ecolo-Groen): Monsieur le ministre, madame la secrétaire d'État, je veux insister à nouveau ici sur ce que vous faites depuis le début de cette législature et réaffirmer que la lutte contre les violences faites aux femmes est au cœur de vos priorités. Un plan était nécessaire car nous sommes confrontés à des violences systémiques et endémiques. De ce fait, il faut une excellente coordination entre les différents niveaux de notre État et il faut aussi un engagement de tous et de toutes: de la  justice, de la police mais aussi des médias, de l'école et de chacun et chacune d'entre nous.

 

Je voudrais rappeler qu'un plan est évidemment important mais ce ne sera pas tout. Il faut continuer cette lutte. Il faut continuer à écouter les victimes qui nous parlent chaque jour directement, chez vous, chez nous, dans les médias. Dimanche, les femmes avec leurs alliés seront encore dans la rue et nous devrons les écouter quand elles crieront: "Plus une violence, plus un viol, plus une victime de plus!"

 

L'incident est clos.

Het incident is gesloten.

 

08 Questions jointes de

- Vanessa Matz à Annelies Verlinden (Intérieur et Réformes institutionnelles) sur "La nécessité de renouer le dialogue social pour sortir de la crise au sein de la police" (55002056P)

- Christophe Bombled à Annelies Verlinden (Intérieur et Réformes institutionnelles) sur "La grève des policiers" (55002070P)

- Gaby Colebunders à Annelies Verlinden (Intérieur et Réformes institutionnelles) sur "La grève de la police" (55002075P)

08 Samengevoegde vragen van

- Vanessa Matz aan Annelies Verlinden (Binnenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen) over "De noodzakelijke hervatting van de sociale dialoog om de crisis bij de politie te bezweren" (55002056P)

- Christophe Bombled aan Annelies Verlinden (Binnenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen) over "De politiestaking" (55002070P)

- Gaby Colebunders aan Annelies Verlinden (Binnenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen) over "De politiestaking" (55002075P)

 

08.01  Vanessa Matz (cdH): Madame la ministre, il serait quelque peu irrespectueux de vous rappeler la mission extrêmement difficile que nos policiers remplissent tous les jours, en particulier depuis plusieurs années, au cours desquelles leurs tâches se sont accrues en raison des crises successives. Je pense aux attentats, au covid ou encore, dernièrement, aux inondations.

 

Les policiers sont très en colère. Ce n'est pas étonnant: voici des mois que nous vous interrogeons quasiment chaque semaine à propos de la police. Il est clair que vous deviez prendre le temps de vous installer dans votre fonction. À présent, il devient urgent d'entendre leurs revendications et d'en tenir compte. Bien entendu, leurs demandes concernent l'attrait de la fonction, le salaire, les effectifs - question sur laquelle nous sommes revenus très souvent -, puisqu'il manque 4 500 policiers: 3 000 pour les polices locales et 1 500 pour la police fédérale. Si je puis dire, le dernier conclave budgétaire a mis le feu aux poudres, déclenchant une série de manifestations et d'actions afin d'attirer votre attention sur l'urgence des décisions à prendre.

 

En effet, lors du conclave, vous n'avez rien décidé, notamment au sujet du régime NAPAP, bien que vous vous soyez engagée en commission à trouver une solution. Il semble que ce régime soit purement et simplement supprimé. Pendant ce temps, non seulement les policiers sont inquiets et ne sont pas valorisés à leur juste mesure dans l'accomplissement de leurs missions, mais la population est également prise en otage par votre attentisme et vos renoncements.

 

Comment comptez-vous renouer le dialogue? Dites-nous clairement et sans ambiguïté ce qu'il en est du régime NAPAP. Comptez-vous le supprimer?

 

08.02  Christophe Bombled (MR): Madame la ministre, cela fait 15 ans qu'en tant que bourgmestre, je siège au Collège de police. Les policiers continuent à multiplier leurs actions dans le cadre de la grève menée actuellement. Nous savons que vous poursuivez les négociations avec les syndicats et que vous vous employez bien entendu à trouver une solution optimale aux revendications exprimées.

 

Tout cela se déroule à l'heure où les communes élaborent leur budget. Pour ce faire, il est important de connaître l'ensemble des données relatives aux dépenses de transfert. Les dotations aux zones de police font partie de ces dépenses de transfert. L'élaboration du budget des zones de police dépend donc des instructions du fédéral au travers d'une circulaire appelée PLP 60. Or, à ce jour et sauf erreur, cette circulaire n'est toujours pas publiée, ce qui pose problème dans la confection des budgets 2022.

 

Madame la ministre, en ce qui concerne les revendications de nos policiers, pouvez-vous nous communiquer votre calendrier de travail et nous faire part d'éventuelles ouvertures et perspectives positives? Les NAPAP constituent l'une des préoccupations exprimées par nos policiers. Il s'agit du traitement d'attente pendant la non-activité préalable à la pension. Nous savons que le gouvernement élaborera une proposition de réforme, au plus tard d'ici la confection du budget 2023, sur la base de votre proposition. Pouvez-vous dès lors nous donner plus de précisions quant à votre calendrier de travail à ce sujet? Enfin, s'agissant de la confection des budgets des zones de police, pouvez-vous nous indiquer quand la circulaire PLP 60 sera publiée et nous en indiquer les grands axes?

 

Je vous remercie d'avance pour vos réponses.

 

08.03  Gaby Colebunders (PVDA-PTB): Mevrouw de minister, exact twee weken geleden stond ik hier ook. Ik waarschuwde u toen voor de aankomende acties van de politie. Wat was uw reactie? U verweet mij dat ik hier halve waarheden aan het vertellen was en dat ik aan stemmingmakerij deed. U zei dat u op de goede weg was met het sociaal overleg.

 

Ondertussen blijkt iedere dag opnieuw hoe sterk de eis voor loonsverhogingen leeft op het terrein. Ik weet niet of u het gemerkt hebt, mevrouw de minister, maar heel België ligt plat. Elke dag zijn er acties van de politie. Op alle niveaus: in de steden, op de luchthaven, prikacties. Wie weet wat er nog komt. Dat allemaal door uw houding, mevrouw de minister. U gaf aan dat u geloofde in uw constructieve onderhandelingen. Die zouden de oplossing zijn. Dat kan inderdaad zo zijn, maar ik heb nu niet de indruk dat u gelooft in het overleg, dat u het serieus neemt en dat u het constructief aanpakt.

 

Hoe komt het anders dat de politievakbonden tijdens uw zogenaamde overleg zijn weggelopen? Wat begrijpt u niet aan dit verhaal, mevrouw de minister? U kunt niet aan de onderhandelingstafel zitten, de vakbonden de hand reiken, en dan met een lege portefeuille afkomen. Dat is niet onderhandelen. Dat is niet serieus. De vakbonden en de politieagenten verdienen meer respect dan dit, mevrouw de minister. Daarom heb ik twee duidelijke vragen aan u.

 

Zal de heer De Croo mee aanwezig zijn bij het overleg van aanstaande maandag? Hoewel, overleg? Er is een uurtje vrijgemaakt tussen de soep en de patatten.

 

Zult u de 200 miljoen euro op tafel leggen die de vakbonden vragen voor loonopslag?

 

08.04  Annelies Verlinden, ministre: Chers collègues, comme toujours, les règles classiques d'un dialogue s'appliquent également ici. Cela signifie que les interlocuteurs veulent connaître et comprendre le point de vue de chacun et que les interlocuteurs investissent dans un contexte permanent pour parvenir à un accord. Pour moi, le respect de la position de l'autre est crucial. Ceci s'applique tant autour de la table qu'ailleurs, et les déclarations de certains, ces derniers jours, n'ont pas forcément aidé à ce sujet.

 

Enfin, les différentes parties ne forment aucune hypothèse sur un accord possible ailleurs qu'autour de la table et ont la volonté de le faire aboutir. Je peux vous confirmer que je me suis beaucoup investie dans ce contexte ces dernières semaines et ces derniers jours. Je suis convaincue qu'on doit continuer à investir dans un dialogue constructif, parce que c'est la seule manière d'aboutir à un résultat. Je respecte, comme je l'ai toujours fait, la demande pour un meilleur statut qualitatif et quantitatif après 20 ans et je porte une attention particulière aux questions et demandes des syndicats. C'est la raison pour laquelle j'avais déjà fait une proposition concrète en avril dernier aux syndicats, qui a été à ce moment-là rejetée par ceux-ci. Mais toutes les parties autour de la table sont certainement conscientes des contraintes budgétaires du gouvernement fédéral et des autorités locales.

 

Intussen heb ik maandag en dinsdag opnieuw de vakbonden ontmoet en was ik aanwezig op de bespreking. De bedoeling was om in de eerste plaats een agenda vast te leggen, dat hadden we zo afgesproken met de vakbonden. Maandag aanstaande hebben we een nieuwe afspraak met het gemeenschappelijk vakbondsfront, waarop we de verdere contouren voor het overleg zullen bespreken.

 

Daarnaast heb ik ook overleg gepleegd met de vertegenwoordigers van de verenigingen van steden en gemeenten, zowel langs Vlaamse, Waalse als Brusselse kant, en voer ik besprekingen binnen de federale regering, eveneens over het statuut en de aanpak met betrekking tot de NAVAP.

 

Laat mij duidelijk zijn, de zorg voor een aantrekkelijke en slagkrachtige politie voor de toekomst, ligt alle partners in de regering na aan het hart. Ik roep iedereen dan ook op om constructief te blijven bijdragen aan de besprekingen zodat we een akkoord kunnen bereiken.

 

Mijnheer Colebunders, het zal u niet verbazen dat ik de onderhandelingen moet voeren rond de tafel en niet hier, in het Parlement. Daarom kan ik vandaag geen uitspraken doen over de bedragen die besproken kunnen worden.

 

Met andere woorden, de sociale dialoog wordt verder gezet met, wat ons betreft, alvast de overtuigde wil om te slagen.

 

08.05  Vanessa Matz (cdH): Madame la ministre, je vous remercie pour votre réponse.

 

Bien que vous sembliez multiplier les démarches pour restaurer le dialogue, les syndicats, les policiers n'ont pas l'impression d'être entendus ni même écoutés. C'est bien là que se situe le problème pour l'instant. Il va donc falloir mettre beaucoup dans la balance pour renouer le dialogue.

 

Vous n'avez pas répondu à ma question sur les NAPAP. Vous avez simplement déclaré que vous tentiez de trouver une solution. Je vous rappelle que vous avez déclaré, à plusieurs reprises, que ce régime ne serait pas supprimé. Permettez-moi de citer l'arrêté royal relatif aux NAPAP dans le Rapport au Roi: "La police est placée dans une situation comparable à celle des autres secteurs de sécurité, à savoir avec une propre réglementation de départ anticipé qui vaudra jusqu'à ce que tous les règlements de départ anticipé dans le secteur public fédéral, en ce compris le présent arrêté…"

 

Le gouvernement doit vraiment respecter ses engagements (…)

 

08.06  Christophe Bombled (MR): Madame la ministre, je vous remercie pour votre réponse.

 

Je sais que vous faites le maximum pour trouver des solutions aux revendications de nos policiers. Nous vous y encourageons. Vous pouvez compter sur nous.

 

Toutefois, il ne faudrait pas qu'à un moment donné, un accord de revalorisation intervienne pour la police fédérale et pas pour la police locale. Un policier est un policier.

 

J'ai le plus grand respect pour le travail de nos policiers qui, avec la crise de covid-19, ont vu leur charge de travail augmenter et sont confrontés quotidiennement aux inquiétudes des citoyens, en travaillant parfois dans des conditions difficiles.

 

J'entends leurs préoccupations sur le terrain. J'entends aussi les inquiétudes des communes quant à la charge financière qui pèse sur celles-ci. La masse salariale représente, par exemple, près de 90 % du budget de ma zone de police.

 

Il faut que vous puissiez répondre à ces interrogations avec le plus de clarté possible. Un engagement est un engagement!

 

08.07  Gaby Colebunders (PVDA-PTB): Mevrouw de minister, vier keer heb ik het woord "dialoog" gehoord, maar eigenlijk houdt u een monoloog. Als u maandag niet met 200 miljoen euro naar de onderhandelingstafel gaat, dan is het duidelijk aan welke kant u staat. De vakbonden zijn het vertrouwen in u kwijt. U praat veel over onderhandelen, maar u onderhandelt niet, u doet aan windowdressing. U hebt zelfs een tweede primeur te pakken, want u bent een jaar minister en de vakbonden vroegen vorige week uw ontslag al.

 

Daarmee staat u niet alleen. Deze vivaldiregering heeft een duidelijke boodschap. De regering geeft steeds de indruk achter het sociaal overleg te staan. Als het echter over de koopkracht van de werknemers gaat, inclusief politiemensen, dan draait de regering steeds de kar.

 

Daarom roepen wij de politievakbonden ertoe op om op 6 december samen met de volledige werkende klasse te betogen om een duidelijk statement te maken tegen deze vivaldiregering.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

09 Samengevoegde vragen van

- Tom Van Grieken aan Alexander De Croo (eerste minister) over "De illegale oversteek van de Noordzee" (55002058P)

- Jean-Marie Dedecker aan Alexander De Croo (eerste minister) over "De problematiek van de transmigranten en de veiligheidsproblemen aan onze westkust" (55002065P)

- Khalil Aouasti aan Sammy Mahdi (Asiel, Migratie en Nationale Loterij) over "De schipbreuk van een migrantenbootje op het Kanaal" (55002071P)

09 Questions jointes de

- Tom Van Grieken à Alexander De Croo (premier ministre) sur "La traversée illégale de la mer du Nord" (55002058P)

- Jean-Marie Dedecker à Alexander De Croo (premier ministre) sur "La problématique des migrants en transit et les problèmes de sécurité sur notre littoral occidental" (55002065P)

- Khalil Aouasti à Sammy Mahdi (Asile, Migration et Loterie Nationale) sur "Le naufrage d'une embarcation de migrants dans la Manche" (55002071P)

 

09.01  Tom Van Grieken (VB): Beste collega's, beste staatssecretaris, er was verschrikkelijk nieuws. Er zijn 31 mensen – illegalen, maar in de eerste plaats toch mensen – verdronken tijdens hun oversteek van Europa naar het Verenigd Koninkrijk.

 

Hier in het Parlement moeten wij als politici niet uit de lucht komen vallen, alsof die Kanaalroute nieuw is. Die is al populair sinds 2018. Onder uw voorganger was het ook al een hot issue. Er is deze week zelfs aan Frankrijk gevraagd om de hulp in te roepen van Frontex. Dat is, eerlijk gezegd, de eerste keer dat Frontex een originele opdracht krijgt. In de Middellandse Zee wordt Frontex meestal ingeschakeld om er alles aan te doen opdat illegalen Europa bereiken. In de Noordzee moeten ze er alles aan doen om ervoor te zorgen dat de illegalen Europa niet kunnen ontvluchten.

 

Dat is echter niet de reden waarom ik hier vandaag sta. Het belangrijkste is dat die Kanaalroute hermetisch wordt afgesloten. Ik meen dat we die bezorgdheid delen. We weten allemaal dat er een aanzuigeffect is wanneer een illegaal de kust van Groot-Brittannië bereikt en daar een selfie neemt. Zo gaan er nog meer mensen nodeloos hun leven riskeren.

 

Het Vlaams Belang zou meer doen, u weet dat wij een straffe partij zijn. We zouden de marine inzetten, we zouden meer middelen vrijmaken bij de politie om te patrouilleren aan de kust en aan de grens met Frankrijk. Dat is echter niet mijn vraag.

 

Mijn vraag is wat u gaat doen met de illegalen die u gaat proberen tegenhouden. Gaat u ze in de asielcentra steken? Dat zal niet lukken want die zitten overvol. Gaat u ze terugsturen naar eigen land? U weet dat dit onze voorkeur geniet, maar dat zal u niet mogen van de echte bazen van deze Vivaldiregering, Ecolo en de PS.

 

Wat gaan u en uw collega ondernemen om deze problematiek hard aan te pakken? Wilt u misschien stappen zetten richting Fort Europa, de enige echte duurzame oplossing om uit deze crisis…

 

09.02  Jean-Marie Dedecker (ONAFH): Mevrouw de minister, mijnheer de staatssecretaris, elke maand proberen 8.000 tot 9.000 transmigranten het Kanaal over te steken. De helft bereikt de overkant en zeker 30 % blijft meestal hangen. Er is nu een soort Lampedusa ontstaan met 3.000 mensen.

 

Soms gaat men in konvooien van 30 tot 40 bootjes omdat er, eenmaal op het water, niet genoeg politie is. Er is zelfs geen hulp van Frontex. U weet heel goed dat 6 op de 10 van deze mensen over Belgisch grondgebied komen. De zwemvesten bereiken ons vanuit Nederland, de boten en de buitenboordmotoren vanuit Duitsland. Er worden zelfs boten gestolen in de haven van Nieuwpoort.

 

Onze politie wordt aangevallen op het strand en agenten van de gemeentepolitie moeten in het grensinformatienetwerk infiltreren bij gebrek aan federale politie. Het duurt immers 50 dagen vooraleer een aanvraag om versterking wordt ingewilligd. Er is in de haven van Nieuwpoort geen camerabewaking. Die is er alleen in Zeebrugge, Blankenberge en Oostende door het project Beacon. Dat is nu net het grote probleem in Nieuwpoort.

 

Er zijn asielcentra geopend in Koksijde en Lombardsijde. Ik heb u daarover telefonisch gecontacteerd en ik heb begrip voor die 47 mensen, waaronder vrouwen en kinderen, die uit Afghanistan gekomen zijn, maar momenteel zijn het er al 170. U weet heel goed dat asielcentra ronselkantoren zijn voor mensensmokkelaars en dat het centrum van Lombardsijde op 1 km van de haven van Nieuwpoort ligt, aan de duinen en aan het strand.

 

Mevrouw de minister, mijnheer de staatssecretaris, als burgemeester ben ik verontrust en ik verneem graag welke maatregelen u daarvoor wilt nemen.

 

09.03  Khalil Aouasti (PS): Madame la présidente, madame la ministre, monsieur le secrétaire d'État, chers collègues, hier, 31 personnes, des femmes dont certaines attendaient famille, des hommes, des adolescents, des enfants ont perdu la vie dans la Manche. Aujourd'hui, mes pensées vont aux victimes, à leurs proches et à toutes celles et ceux qui les pleurent.

 

Je demande sincèrement aux démocrates de se lever et de reconnaître qu'il n'existe pas deux catégories de vies humaines. Il n'existe pas deux catégories et deux formes de dignité. Je demande que la digité que l'on se reconnaît à soi, on puisse la reconnaître à l'autre. Aux bruits de certains propos, aux bruits de certains slogans, je demande ici que l'on oppose le silence du deuil et invite celles et ceux qui partagent notre idéal d'humanisme à quelques secondes de silence. (Un moment de silence est observé)

 

Je remercie les collègues qui se sont levés.

 

Madame la ministre, monsieur le secrétaire d'État, il ne s'agit pas d'un accident. Il ne s'agit pas d'une tragédie sans responsable. Cette tragédie humaine reflète l'échec d'une politique migratoire européenne. Ces personnes disparues au large des côtes grecques, italiennes, espagnoles, françaises, aux portes de la Pologne ces dernières semaines, si elles sont abusées par des personnes peu scrupuleuses de la vie humaine, elles sont les victimes de l'absence d'une politique migratoire européenne responsable, humaine et solidaire.

 

Les pays européens doivent impérativement renforcer leur coopération, changer de cap, définir des solutions afin d'éviter que ces traversées ou ces murs ne deviennent des murs où se brisent des vies.

 

Monsieur le secrétaire d'État, il nous faut oser et réformer la politique migratoire européenne. Je vous demande simplement quelles solutions structurelles vous comptez mettre sur la table pour que, face au désordre du monde, nous puissions, comme Européens, comme État fondateur d'une Union de valeur où la vie et la dignité humaine priment, offrir des solutions pérennes et sûres à ces personnes en détresse.

 

09.04  Sammy Mahdi, secrétaire d'État: Madame la présidente, nous sommes aujourd'hui deux à répondre: la ministre Verlinden et moi-même. Le temps de parole est-il dès lors partagé?

 

La présidente: Vous devez effectivement céder une partie de votre temps de parole.

 

09.05  Sammy Mahdi, secrétaire d'État: D'accord.

 

Tout d'abord, je tiens à tous vous remercier pour les questions posées et, de manière plus spécifique M. Aouasti, pour nous avoir invités à nous recueillir pour rendre hommage à ceux qui se sont noyés hier mais aussi à tous ceux qui sont décédés ces derniers mois et ces dernières années, alors qu'ils tentaient de traverser la Manche. Il convient d'exprimer notre compassion à toutes ces personnes, hommes, femmes et enfants, qui sont clairement des victimes.

 

Het eerste wat we uiteraard moeten doen is niet enkel proberen het netwerk van fr smokkelaars in kaart te brengen en hen te traceren, maar we moeten ook proberen hen zo hard mogelijk aan te pakken. Georganiseerde criminele bendes met als verdienmodel mensen te laten oversteken vanuit Frankrijk naar Groot-Brittannië moeten we op alle mogelijke  manieren hard aanpakken. Daar zijn we op federaal niveau mee bezig. De strijd tegen de mensensmokkel wordt mee gevoerd door Justitie. Denk aan het Transit Team, waarbij gsm's van mensen die worden geïntercepteerd moeten worden uitgelezen om te weten wie de smokkelaars zijn die misbruik maken van personen, hen op een gammel bootje zetten en de oversteek laten maken, wetend dat de kans zeer groot is dat die personen uiteindelijk verdrinken.

 

En ce qui concerne mon département, l'équipe d'outreach fait le travail sur le terrain pour bien informer les gens, pour faire en sorte qu'ils ne prennent pas la route et n'imaginent pas que l'Eldorado se trouve de l'autre côté de la Manche.

 

Daarnaast is er uiteraard ook de samenwerking met Frontex. Die bestaat in het zuiden maar moet er ook in het noorden zijn. Wij investeren allemaal in Europa, in Frontex, in het versterken van de grenzen. Dat moet gebeuren. Ook daar hebben wij de Europese Unie voor nodig.

 

Wij hebben een samenwerking nodig met Groot-Brittannië op het vlak van veiligheid. Het is van belang dat ook die samenwerking wordt versterkt. De Britten moeten hun migratiemodel zelf ook herbekijken, want er zijn redenen waarom mensen denken dat zij zonder identiteitsdocumenten kunnen leven in Groot-Brittannië.

 

Er is ook nood aan samenwerking met andere landen. Mijnheer Dedecker, u zegt terecht dat men een motor van een bootje in één land koopt, een vest in een ander land en de oversteek in een derde land maakt. Dat kan alleen worden opgelost door een Europees asiel- en migratiebeleid dat gecoördineerd is.

 

Oui, monsieur Aouasti, on a besoin d'un pacte migratoire, d'une coopération au niveau européen parce que sinon des noyés, on en aura encore beaucoup trop, et des minutes de silence, on n'en aura jamais assez.

 

09.06 Minister Annelies Verlinden: Mijnheer Aouasti, mijnheer Dedecker, mijnheer Van Grieken, ik sluit mij aan bij de leden die hier hun medeleven hebben betuigd naar aanleiding van het drama. Het raakt ons diep. De beelden zijn op onze netvliezen gebrand. Wij moeten alles in het werk stellen om tegen die toestanden in te gaan.

 

Wij weten dat transmigranten die via ons land het Verenigd Koninkrijk willen bereiken, dat voornamelijk doen via de haven van Zeebrugge, door in vrachtwagens te klimmen. Daarom ligt onze focus ook op de beveiliging van die haven. Er worden regelmatig acties gevoerd met steun van het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. Wij pakken het fenomeen ook aan op de snelwegparkings. Het begint immers veel vroeger dan in de haven.

 

Ons land is ook getroffen door small boats, die meestal van de Franse kust vertrekken, maar soms afdrijven naar onze kust. Zoals gezegd gebruiken mensensmokkelaars, echte criminelen, ons land als transitland voor de logistieke ondersteuning van de operatie. Daar moeten wij tegen ingaan.

 

De gecoördineerde Europese aanpak waarvan de heer Mahdi spreekt, is de enige mogelijke optie. Wij hebben regelmatig overleg met onze Europese collega's. Naar aanleiding van het drama zullen de heer Mahdi en ik zondag samen zitten met onze Franse collega Darmanin alsook met onze collega's uit Nederland, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Ook de Europese Commissie is uitgenodigd.Wij moeten onze krachten immers verenigen en een duidelijk signaal geven aan de criminelen.

 

De politiediensten, in het bijzonder ook de wegpolitie, doen er alles aan om de organisaties van mensensmokkelaars te ontwrichten en de operaties zoveel mogelijk onmogelijk te maken.

 

De DirCo heeft daartoe in West-Vlaanderen een speciaal actieplan ontwikkeld, dat ter discussie voorligt bij de gouverneur, de lokale politie en het parket. Bovendien wordt door de federale gerechtelijke politie gewerkt aan een gecoördineerde actie met onder meer de voorbereiding van een smallboat team en een joint investigation team, die de onderzoeken samen voeren.

 

Wij hebben de gouverneur van West-Vlaanderen gevraagd de problematiek ter plaatse te coördineren en een project met warmtecamera's en thermische camera's op te starten. Het is alleen met gebundelde krachten dat wij dergelijke drama's in de toekomst zullen kunnen vermijden.

 

09.07  Tom Van Grieken (VB): Mevrouw de minister, mijnheer de staatssecretaris, ik heb aandachtig geluisterd naar uw antwoorden. Het zal u niet verbazen dat uw antwoorden mij niet echt overtuigen. Uw aanpak en uw aankondigingen overtuigen mij hoegenaamd niet. Het zijn louter druppels op een hete plaat, want u blijft gewoon dweilen met de kraan open.

 

Het Vlaams Belang wil dat wij aansluiting zoeken bij het beleid van moedige landen zoals Griekenland, Hongarije, Polen, met hun moedige politici en moedige ministers die beseffen dat open grenzen net de oorzaak zijn van al die dode mensen.

 

Ik geloof u oprecht, maar als u de illegale oversteek van de Europese Unie naar het Verenigd Koninkrijk echt wil aanpakken, dan moet men werk maken van de illegale oversteek van Afrika en Azië naar Europa. Dat moet men eerst aanpakken. De Europese buitengrenzen moeten op slot en we moeten werk maken van een echt Fort Europa.

 

09.08  Jean-Marie Dedecker (ONAFH): Mevrouw de minister, mijnheer de staatssecretaris, ik hoor jullie graag praten over Europa. Europa is een prachtige dekmantel. Wij hebben in mijn gemeente al 25 jaar last van transmigranten. De jungle in Calais bestaat al 15 tot 20 jaar. We krijgen in maart beschutting zodat zij niet meer over de autosnelweg kunnen lopen, na 25 jaar.

 

De problematiek ligt inderdaad niet bij de politie, maar misschien wel bij de onderbemanning en de samenwerking. Vandaag komt de Border Force van Engeland naar Koksijde om met de gemeentelijke politie te praten, niet met de federale politie.

 

Wat is de grote problematiek? Als die mensen worden opgepakt, kan men hen hoogstens een koffiekoek en koffie geven. Men kan alleen bellen naar de DVZ. Men kan alleen zeggen: ga terug naar huis. L'histoire se répète. Dat is het grote probleem. Het is de wetgever die de zaak moet aanpassen. We zijn de politie aan het vermoeien. Dat is de problematiek.

 

09.09  Khalil Aouasti (PS): Madame la ministre, monsieur le secrétaire d'État, je vous remercie pour vos réponses.

 

Néanmoins, hier, c'était Calais; il y a trois jours, 75 morts en Méditerranée venant de Libye. En fait, depuis 30 ans, le bilan de l'Europe forteresse est de 50 000 morts, 50 000 âmes qui se sont brisées sur nos murs, qui ont été englouties par nos mers. Des hommes et des femmes, animés de l'espoir d'une vie meilleure, à l'instar des hommes et des femmes qui, aujourd'hui, peuplent nos universités ou nos églises, et qui ont entamé une grève de la faim en vue d'une vie meilleure.

 

On peut parler d'Europe forteresse. On peut envisager que Frontex, avec tous les reproches, les enquêtes de l'Office européen de lutte antifraude notamment, les enquêtes du Monde sur les push back vers la Libye, et tous les soucis que cause cette agence européenne, puisse être l'illusion d'une solution, mais ce qu'il faut, ce sont des solutions immédiates. Ce sont des missions de sauvetage nationales en mer pour éviter que d'autres vies ne se perdent et éviter de continuer à criminaliser celles et ceux, notamment les ONG, qui essayent d'aider à sauver des vies.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De voorzitster: Einde van de mondelinge vragen.

 

Projets et proposition de loi

Wetsontwerpen en -voorstel

 

10 Projet de loi prolongeant la période pendant laquelle une prime temporaire est octroyée aux bénéficiaires de certaines allocations d'assistance sociale, dans le cadre des mesures dans la lutte contre la propagation du coronavirus COVID-19 (2286/1-4)

10 Wetsontwerp tot verlenging van de periode waarin aan de gerechtigden op bepaalde sociale bijstandsuitkeringen, in het kader van de maatregelen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19, een tijdelijke premie toegekend wordt (2286/1-4)

 

Discussion générale

Algemene bespreking

 

La discussion générale est ouverte.

De algemene bespreking is geopend.

 

Le rapporteur est Mme Thémont, qui s'en réfère à son rapport écrit.

 

10.01  Valerie Van Peel (N-VA): Wij zullen tegen onderhavig ontwerp stemmen en ik zal hier verduidelijken waarom.

 

De N-VA heeft geregeld de extra steun in coronatijden voor leefloners en zeker voor OCMW's gesteund. Sommige steunmaatregelen waren inderdaad doeltreffend. Dat kan niet gezegd worden van de maatregel waarvan sprake hier, die, net zoals sommige andere maatregelen niet fijnmazig genoeg is en logica ontbeert.

 

We kennen de ambitie van mevrouw Lalieux om alle uitkeringen liefst tot ver boven de armoedegrens op te trekken. Als we de PS zouden laten doen, dan zouden die met duizenden euro's omhoog worden getrokken. Dat is een prachtig verhaal, als er zoiets zou bestaan als een boom met geld. In de commissie heb ik al een paar keer gevraagd waar die staat; ik zou hem immers ook graag vinden. Het zou prachtig zijn als dat niet zou wegen op de houdbaarheid van de sociale zekerheid op lange termijn. Het zou helemaal prachtig zijn, als maatregelen gestoeld zijn op de visie waarbij minder mensen een beroep op uitkeringen moeten doen, want dat is het meest sociale beleid. Die visie missen we dus heel hard in de maatregel waarvan sprake.

 

We gaan ermee akkoord dat het leefloon voor wie daar echt recht op heeft, te laag is, en dat de problematiek een breed debat verdient. Alleen, mevrouw de minister, u pakt dat slinks aan via de coronamaatregelen. U geeft namelijk de premie aan alle leefloners. Ik wil wel geloven dat aanwijsbare elementen aantonen dat die OCMW-klanten in de huidige periode in het nadeel zijn. Ik heb het voorbeeld in de commissie gegeven van studenten met een leefloon die vandaag natuurlijk veel moeilijker studentenarbeid in de horeca kunnen verrichten, aangezien de horeca de helft van de tijd dicht is. Daar zou u fijnmazig op kunnen inspelen.

 

De toekenning van 50 euro extra voor iedereen heeft niks meer te maken met de echt concrete noden naar aanleiding van de coronapandemie. Daarom steunen we de verlenging van die maatregel niet.

 

Overigens, dat de premie van 50 euro naar 25 euro werd verlaagd, heeft te maken met de onenigheid over de maatregel in de regering en met het budgettaire verhaal. Bovendien noemde de minister in commissie de vermindering van de premie van 50 naar 25 euro het begin van de afbouw en konden we daarin het bewijs zien dat het eind december sowieso gedaan zou zijn met die maatregel. Dat was echter buiten collega Maggie De Block gerekend, die daarover toch een heel andere uitspraak deed, wat wel heel vreemd was vanuit liberale hoek. Maar in die commissievergadering bleek Open Vld linkser dan de PVDA en de PS rechtser dan welke rechtse partij ook, kortom, leek geen enkele partij nog zichzelf, behalve de N-VA dan natuurlijk.

 

Samengevat, mevrouw de minister, ik deel uw wil om mensen in armoede beter te ondersteunen. Als voormalig OCMW-voorzitster juich ik ook uw voornemen toe om de OCMW's beter te ondersteunen. Alleen denk ik dat u heel veel geld gebruikt op een te weinig fijnmazige manier om werkelijk resultaten te boeken. Ik vrees dat u in dit geval ook corona een beetje misbruikt om een extra stap te kunnen zetten en tegemoet te komen aan uw drang om het leefloon verder te verhogen. Dat zal echter altijd gepaard moeten gaan met de verhoging van de minimumlonen, mevrouw de minister. U moet dus het debat verruimen.

 

Vandaar dat wij tegen zullen stemmen. Gelieve dat niet als asociaal te bestempelen, want ik ben altijd bereid om het bredere verhaal in al zijn diepte met u te voeren.

 

10.02  Chanelle Bonaventure (PS): Chers collègues, c'est une crise inédite que nous traversons depuis presque deux ans et qui creuse les inégalités déjà présentes dans notre société. Il fallait donc des mesures pour soutenir les plus vulnérables d'entre nous. C'est ce que la ministre Karine Lalieux a entrepris.

 

La prime temporaire pour les bénéficiaires de la GRAPA, du revenu d'intégration sociale ou de l'allocation de remplacement de revenus pour les personnes handicapées est venue en soutien à des ménages qui sont confrontés à des dépenses supplémentaires - les masques, le gel, le chauffage en raison du confinement, etc. -, au regard d'un budget qui était déjà très limité. Or la crise n'est pas terminée. Nous le voyons aujourd'hui, à la veille d'un nouveau Codeco et de probables nouvelles mesures destinées à contenir les contaminations ainsi que la pression sur les hôpitaux. Cette prolongation, au moins jusqu'au 31 décembre, est donc indispensable au vu de la fragilité de ceux qui disposent d'un moindre pouvoir d'achat, ainsi que de l'augmentation des prix, notamment de l'énergie. L'évolution du contexte sanitaire nous dira si cette mesure devra s'arrêter à la fin de l'année ou s'il sera nécessaire de la prolonger.

 

On peut évidemment regretter que la prolongation ne porte que sur un montant de 25 euros, au lieu des 50 initiaux, mais il importe de rappeler que ces allocataires sociaux ont davantage besoin d'augmentations structurelles. Celles-ci sont en cours. Ainsi, au 1er janvier 2022, le montant du RIS pour une personne isolée passera à 1 051 euros, contre 940 au 1er janvier 2020.

 

Contrairement au gouvernement précédent, celui-ci renoue avec la volonté de relever au-dessus du seuil de pauvreté les allocations les plus basses. C'est surtout ce point qu'il convient de souligner. Je vous remercie de votre attention.

 

10.03  Gaby Colebunders (PVDA-PTB): Mevrouw de minister, ik zal onmiddellijk duidelijk zijn: wij zullen het voorliggend wetsontwerp steunen, maar wij zijn heel kritisch omdat het vanaf nu over een bedrag van 25 euro per maand gaat. Een bedrag van 25 euro extra voor oktober, november en december is echt wel heel laag. De coronacrisis is helemaal niet voorbij. Integendeel, er is een vierde golf begonnen die zelfs erger is dan veel experts hadden verwacht. Het bedrag verlagen van 50 naar 25 euro heeft dus niet met het armoedebeleid te maken, maar is een zuivere vorm van besparingspolitiek.

 

Speciaal voor onze liberale collega's voeg ik daaraan toe dat het steeds meer gaat over zelfstandigen – jong en oud – en meewerkende echtgenotes, alleenstaande ouders, jongeren, studenten enzovoort. U zult die mensen toch niet laten vallen? Wij dienen dan ook opnieuw onze amendementen in om het bedrag weer te verhogen tot 50 euro en het uit te breiden naar de mensen met een ziekte-uitkering, want zij hebben het, eerlijk gezegd, ook heel moeilijk.

 

Ik voeg hier nog aan toe dat het ontwerp veel te laat komt. Oktober en november zijn al voorbij en nu pas weten de mensen waar zij aan toe zijn. Het geld was dringend nodig in oktober en november, maar het was er niet. Voor mensen in armoede is 25 euro per maand heel veel geld. Dat is een paar dagen niet eten of de woning niet verwarmen.

 

Ik herhaal het voor de tiende keer: het heeft geen zin om dit soort maatregelen telkens maar met drie maanden te verlengen. Men moet verder vooruit durven kijken, men moet de mensen zekerheid bieden. Het is heel erg voor die mensen als zij niet weten of zij morgen nog 25 of 50 euro zullen krijgen. Wij weten trouwens allemaal dat zelfs na de coronacrisis nog een extra slag komt van armoede die dan pas naar boven zal komen. Wij kennen dat fenomeen al van 2008 en 2009. U sprak daar trouwens zelf over in uw beleidsnota, mevrouw de minister. Ons amendement, om de premie te verlengen tot eind 2022, dienen wij daarom opnieuw in.

 

Ten slotte, corona is terug van nooit weggeweest, zoveel is duidelijk. Niet alleen de mensen moeten rechtgehouden worden, ook de OCMW's. Onderhavige wet had ook de versterkte federale toelage voor de OCMW's moeten verlengen, want die liep af op 30 september. Wij dienen dan ook een amendement in om de toelage met 15 % te verhogen tot eind 2022.

 

Ik richt me nu vooral tot de collega's van de meerderheid. Beste collega's, met PVDA geven wij u de kans om dit vandaag al te regelen.

 

10.04  Hans Verreyt (VB): Mevrouw de voorzitster, door de wet van 27 maart 2020 werd aan bepaalde categorieën van mensen een tijdelijke covidpremie toegekend van 50 euro per maand, bedoeld om de meest kwetsbare mensen te ondersteunen en om de financiële gevolgen van de coronacrisis te helpen dragen. Mensen die een IGO, een IVT of een IT ontvangen of via het OCMW een leefloon ontvangen, krijgen die premie.

 

Het nu voorliggend wetsontwerp verlengt de periode van toekenning van die premie, maar daar staat tegenover dat de premie wordt verminderd van 50 naar 25 euro per maand. Dat er tijdens en na een gezondheidscrisis ook nog een economische crisis en een energiecrisis is gevolgd, maakt het leven voor heel wat financieel zwakkeren in onze maatschappij bijzonder moeilijk. In hoeverre het nog over een coronamaatregel gaat, dan wel over een structurele verhoging van een aantal uitkeringen, kan bediscussieerd worden. De meerderheidspartijen suggereren in dat verband een en ander overigens zelf in de toelichting.

 

Niettemin, de spectaculair toenemende energieprijzen wegen op het budget van heel wat mensen. Dat geldt overigens niet enkel voor de steunontvangers. Ook de inhoud van de winkelkar is fors duurder geworden. Evenzeer geldt dat de groep die moeilijkheden ondervindt, veel groter is dan de groep die door de maatregel wordt bereikt. Ik vernoem bijvoorbeeld diegenen die gedwongen economisch werkloos waren doordat de overheid hun sector sloot, en mogelijk opnieuw zal sluiten, als ik de onheilsprofeten mag geloven die eerder deze middag in het Parlement aan het woord waren. Wie gedwongen economisch werkloos was, heeft de crisis ook zeer hard gevoeld, net als al degenen die werkzaam zijn in sectoren met permanent lage lonen of die moeten overleven met een leefloon.

 

Dat bepaalde categorieën mensen extra financiële steun kunnen gebruiken, valt niet te ontkennen. De  zeer snelle stijging van de prijzen van gas, elektriciteit, stookolie en aanverwante producten, zal voor meer financiële drama's blijven zorgen. De grote impact van die exuberante verhogingen proberen te verzachten met een premie van ocharme 25 euro per maand, is een maat voor niets. Het is een slag in het water, of eerder een slag in het gezicht van de vele armen in onze maatschappij.

 

Dat de regering weer eens de andere kant op kijkt, blijft schrijnend. De steeds groter wordende groep mensen die naar het OCMW stapt en geen leefloon krijgt, maar eventueel andere steun, balanceren tussen zichzelf bedruipen of verdrinken in de schulden. Ik geef het voorbeeld van mensen die "genieten" van een verwarmingstoelage, mensen met een laag inkomen of personen met een schuldenlast in schuldbemiddeling.

 

Om aan de geschetste problemen tegemoet te komen, dienen we in plenaire vergadering de drie amendementen opnieuw in die we in de commissie reeds indienden. De meerderheid heeft ondertussen enkele dagen meer gehad om hierover na te denken, misschien verleent ze vandaag wel de nodige steun. Ik licht de amendementen kort toe. Ten eerste, vermits de lage coronapremie van 50 euro voor een deel van de rechthebbenden reeds onvoldoende was om de extra kosten te bekostigen, stelt het Vlaams Belang voor om 25 euro weer op te trekken naar 50 euro. Ten tweede, wie een integratietegemoetkoming, een inkomensvervangende tegemoetkoming of een inkomensgarantie voor ouderen ontvangt als gehandicapte, heeft voor het Vlaams Belang recht op deze coronapremie. Eerder was reeds in de pers verschenen dat de premie bedoeld was voor alle personen met een handicap, maar nu blijkt dat wie een invaliditeitsuitkering krijgt via het ziekenfonds, daar geen recht op heeft. Dit is een aanfluiting van het gelijkheidsbeginsel. Vermits over het algemeen principe weinig discussie bestaat, stellen wij dan ook voor om de gehandicapte die via het ziekenfonds een invaliditeitsvergoeding ontvangt eveneens de coronapremie toe te kennen. Ten derde, deze premie wordt eveneens toegekend aan alle personen die via het OCMW steun ontvangen van het Sociaal Stookoliefonds of aan de rechthebbenden van het sociaal tarief voor gas en elektriciteit.

 

Het is duidelijk dat er een brede actie nodig is om de gevolgen van de bovengeschetste problematiek te verzachten. Dat zal zeker niet gaan door de groep steeds groter te maken of door steeds meer mensen in armoede te duwen. Dat is onze welvaartsstaat onwaardig. Daarom zal onze fractie het wetsontwerp goedkeuren, maar hopen we alsnog om het te verbeteren met onze drie amendementen.

 

10.05  Karine Lalieux, ministre: Madame la présidente, chers collègues, je ne compte va revenir sur le débat, d'ailleurs très riche, qui s'est tenu en commission. Je voudrais tout d'abord répondre à Mme Van Peel.

 

Madame, vous devez savoir que, depuis le mois d'avril, nous soutenons les étudiants qui ont perdu leur job avec un subside particulier, à savoir le Zoom 18/25. Il reste encore des subsides dans l'ensemble des CPAS du pays. Il ne faut donc pas hésiter à soutenir, via les CPAS, ces étudiants qui connaissent des difficultés et qui sont, aujourd'hui, dans la précarité.

 

Pour ce qui concerne la sécurité dont doivent pouvoir bénéficier les personnes précaires qui notamment émargent au CPAS ou qui perçoivent une allocation de remplacement pour personnes handicapées ou encore les bénéficiaires de la GRAPA, vous savez, monsieur Colebunders, que d'ici 2024, il y aura une augmentation de 20 % de l'ensemble des allocations sociales. Jamais un gouvernement n'aura fait autant! Il s'agit d'augmentations structurelles qui sont effectivement bien nécessaires pour ces personnes vivant dans la précarité.

 

Pour ce qui concerne l'arrivée tardive du projet de loi à l'examen qui, il est vrai, devait être soumis à l'avis du Conseil d'État, je veux vous rassurer. En effet, l'ensemble des CPAS ont été informés, dès que le point est passé au gouvernement, qu'ils pouvaient verser la prime de 25 euros. C'est d'ailleurs ce qu'a fait la grande majorité des CPAS de ce pays. Si ce n'est pas le cas des CPAS que vous connaissez, cette décision leur appartient. Mais ils avaient déjà l'autorisation de payer les 25 euros en octobre et en novembre.

 

Pour terminer, pour ce qui concerne la problématique du surendettement et du prix de l'énergie, ce gouvernement va mettre 16 millions d'euros supplémentaires dans le Fonds Gaz Électricité pour les CPAS qui, comme vous l'avez dit, en auront bien besoin.

 

Par conséquent, je crois pouvoir dire que nous essayons de ne laisser personne sur le bord du chemin.

 

10.06  Sander Loones (N-VA): Mevrouw de voorzitster, mevrouw de minister, u moet het mij vergeven, maar als dit thema aan bod komt en ik hoor deze antwoorden, dan ben ik echt teleurgesteld.

 

Ik ben geen lid van uw commissie, dus wij zien elkaar niet vaak, wat ik jammer vind. Wij kruisen elkaar in de plenaire vergadering en dan hoop ik telkens opnieuw dat we hier een debat zullen hebben over een structurele hervorming, over iets groots, over iets dat een wezenlijk verschil zal maken. Wat ik telkens zie, is hoe uw regering een aantal mensen die dat nodig hebben de hand reikt, maar ik zie uw regering of u nooit met plannen komen om hen niet alleen de hand te reiken, maar om hen ook recht te trekken, om iets structureels te doen.

 

Vorige week nog stond in een opiniestuk in De Tijd dat als men de Belgische situatie vergelijkt met de andere landen van de OESO, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, men dan ziet dat wij daar een potentieel laten liggen van 80 miljard euro. Er is een potentieel voor 80 miljard euro extra inkomsten, om extra sociaal beleid mee te kunnen voeren door eindelijk te zorgen voor een beter arbeidsmarktbeleid, door ervoor te zorgen dat meer mensen een job hebben en dat de pensioenen beter geregeld geraken.

 

Mevrouw de minister, wij spreken hier nu opnieuw over een tijdelijke premie. Ik geef de heer Colebunders helemaal gelijk. Waarom praten wij hier constant over maatregelen voor drie maanden? Waarom kijkt u niet verder? Waarom komen die plannen er niet? Ik sta daar met grote ogen naar te kijken. Dat moest mij even van het hart.

 

Het volgende agendapunt is een punt over de begroting. Mevrouw de staatssecretaris ziet die facturen constant komen, maar ik veronderstel dat zij ook graag zou zien dat er echt werk wordt gemaakt van structurele extra inkomsten die ervoor zouden kunnen zorgen dat dit sociaal model sociaal en zeker zou zijn. Mevrouw de minister, ik kijk ernaar uit om de volgende keer met u in de plenaire vergadering te zitten en hoop dat u dan komt met een echt plan met structurele maatregelen.

 

La présidente: Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

 

La discussion générale est close.

De algemene bespreking is gesloten.

 

Discussion des articles

Bespreking van de artikelen

 

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (2286/4)

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (2286/4)

 

Le projet de loi compte 4 articles.

Het wetsontwerp telt 4 artikelen.

 

*  *  *  *  *

Amendements déposés:

Ingediende amendementen:

 

Art. 2

  • 10 – Gaby Colebunders (2286/5)

Art. 3

  • 7 – Ellen Samyn cs (2286/5)

  • 11 – Gaby Colebunders (2286/5)

Art. 3/1 (n)

  • 8 – Ellen Samyn cs (2286/5)

  • 12 – Gaby Colebunders (2286/5)

Art 3/2 (n)

  • 9 – Ellen Samyn cs (2286/5)

  • 13 – Gaby Colebunders (2286/5)

*  *  *  *  *

Conclusion de la discussion des articles:

Besluit van de artikelsgewijze bespreking:

Réservés: les articles 2 et 3.

Aangehouden: artikelen 2 en 3.

Adoptés article par article: les articles 1 et 4.

Artikel per artikel aangenomen: artikelen 1 en 4.

*  *  *  *  *

 

La discussion des articles est close. Le vote sur les amendements et les articles réservés ainsi que sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over de aangehouden amendementen, de aangehouden artikelen en over het geheel zal later plaatsvinden.

 

11 Projet de loi contenant le quatrième ajustement du Budget général des dépenses pour l'année budgétaire 2021 (2262/1-4)

11 Wetsontwerp houdende de vierde aanpassing van de Algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2021 (2262/1-4)

 

Discussion générale

Algemene bespreking

 

La discussion générale est ouverte.

De algemene bespreking is geopend.

 

De rapporteur is de heer Vanbesien, hij verwijst naar zijn schriftelijk verslag.

 

11.01  Sander Loones (N-VA): Mevrouw de voorzitter, ik heb even getwijfeld om het woord te nemen en hoopte dat collega's dat zouden doen. Aangezien niemand zich voor het debat ingeschreven heeft, sta ik erop om enkele opmerkingen te formuleren.

 

Ter inleiding merk ik op dat we nogal snel over dossiers met een enorme budgettaire impact heen gaan. Met onderhavig wetsontwerp is een bedrag van 827 miljoen euro gemoeid. Die middelen zijn bedoeld om een aantal zeer logische kosten te dekken. Zo wordt er 569 miljoen euro ingeboekt voor vaccins en 68 miljoen euro voor investeringen in Infrabel die nodig waren als gevolg van de overstromingen in Wallonië. Daarnaast wordt er ongeveer 190 miljoen euro uitgetrokken voor andere maatregelen, waaronder de verhoging van de lonen, omdat het leven ook duurder wordt.

 

We spreken hier dus over meer dan 827 miljoen euro en haast niemand neemt het woord. We hebben daarover weliswaar een debat in de commissie gehad, maar laten we eerlijk zijn, mevrouw de staatssecretaris, ook die debatten blinken niet uit in lengte. Ook al bespreken we hier een begrotingsaanpassing en voeren we hier niet het grote begrotingsdebat – ik wil de collega's absoluut niet met beschuldigende vinger wijzen -, ik roep iedereen op tot bedachtzaamheid bij de bespreking van een begroting, zeker wanneer zulke grote bedragen in het geding zijn.

 

Wat nu de kern betreft, ten eerste, met onderhavig wetsontwerp verwerkt u in de cijfers het deel voor 2021 van de 5,9 miljard die het Europese herstelfonds in het licht van de coronacrisis voor België veil heeft. Het is volkomen logisch dat dat gebeurt via een begrotingsaanpassing. Dat kon niet anders, want het fonds is en cours de route ontstaan en u kon niet voorspellen hoe Europa een en ander zou aanpakken. U handelt hier dus volkomen correct.

 

Ten tweede doe ik een oproep aan de collega's om erop bedacht te zijn dat het bedrag uit het Europese coronafonds, dat we alvast veel te weinig vinden – dat hebben we al herhaaldelijk aangekaart in verscheidene debatten – nog zal verminderen. Er zal mogelijk 750 miljoen euro minder aan de Belgische begroting overgedragen worden. Ik heb u daar een vraag over gesteld in de commissie. U hebt me doorverwezen naar minister van Financiën Van Peteghem. Die heeft, daarover aangesproken door mij, geantwoord dat hij niet anders kon dan uitgaan van de cijfers van de Europese Commissie. De Spring Economic Forecast had het over 5,9 miljard. Intussen heeft de Nationale Bank, als ik mij niet vergis, becijferd dat wij gelet op onder andere de economische groei wellicht inderdaad 750 miljoen minder zullen krijgen. Maar men kan daar nog niet zeker van zijn, men negeert de eigen diensten en men doet gewoon verder alsof we wel zullen kunnen rekenen op de volledige 5,9 miljard.

 

Intussen hebben wij de begrotingstabellen voor volgend jaar gezien. De potentiële minderinkomsten staan daar niet in verwerkt. Wij moeten het debat over de begroting voor volgend jaar nog houden en wat 2021 betreft, is een begrotingsaanpassing logisch. Maar ik doe een oproep aan u, opdat voor het eerste aanpassingsblad volgend jaar niet dezelfde opmerking geldt, namelijk dat u het bedrag iets te ambitieus zult hebben ingeboekt.

 

Ten tweede, uw regering zet zeer sterk in op de strijd tegen fiscale en sociale fraude door onder andere investeringen in de douane, die wordt uitgerust met extra scanners voor de containers in de havens. Ook daarover heb ik de minister van Financiën bevraagd. Dat project loopt echter enorme vertraging op. Dat betekent dat u in uw begroting kunt doen alsof u 23,9 miljoen minder uitgeeft, wat positief lijkt, maar wie iets verder kijkt, ziet dat het probleem groter wordt. Zolang die scanners er niet staan, zult u uw strijd tegen de fraude niet oprecht en grondig kunnen voeren. Kortom, collega's, wees opmerkzaam voor wat hier op tafel ligt.

 

Ten slotte, er wordt vanzelfsprekend voorzien in financiering om de treininfrastructuur in Wallonië te herstellen. Bovendien wordt er rekening mee gehouden dat de verzekeringsmaatschappijen niet alle geleden schade zullen terugbetalen. Het gaat om een bedrag van in totaal ongeveer 68 miljoen euro. Mevrouw de staatssecretaris, tijdens de bespreking in de commissie hebt u erop gewezen dat wij potentieel een derde van dat bedrag niet zullen kunnen recupereren. Ik vraag de collega's ook bedachtzaam te zijn voor het feit dat een bedrag van ongeveer 20 miljoen euro de begroting de komende jaren wellicht extra zal belasten.

 

11.02 Staatssecretaris Eva De Bleeker: Mijnheer Loones, u volgt de zaken altijd van heel nabij en dat is goed. Er moet hier inderdaad gedebatteerd worden over de begroting, want het gaat over grote bedragen.

 

De meeste antwoorden zijn al gegeven in de commissie. Daar is het debat al gevoerd. Ook over het aanpassingsblad, dat er nog aankomt.

 

Zodra ik over de informatie beschik omtrent het herstelfonds, wordt die verwerkt in de begroting. Voor de scanners van de douane is er mogelijk een vertraging in het project. Maar dat betekent niet dat er een impact is op de inkomsten. Ik volg dat van zeer nabij en uiteraard rekenen wij erop dat het plan voor de nodige inkomsten zal zorgen, zoals ingeschreven in de begroting.

 

Over de factuur van Wallonië hebben we in de commissie ook al gesproken. Ook de evolutie ter zake zullen we in de toekomst goed opvolgen.

 

Het gaat inderdaad om grote bedragen, maar die hebben natuurlijk ook met de coronapandemie te maken. U hebt zelf aangegeven dat een deel van de middelen bestemd is voor de vaccins. Ik zou niet liever willen dan dat ik dergelijke aanpassingsbladen niet zo frequent in de commissie en het Parlement naar voren hoef te brengen. We willen allemaal dat de coronacrisis snel voorbij is. Dan zou ook budgettair de situatie moeten normaliseren.

 

La présidente: Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

 

La discussion générale est close.

De algemene bespreking is gesloten.

 

Discussion des articles

Bespreking van de artikelen

 

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (2262/1)

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (2262/1)

 

Le projet de loi compte 4 articles.

Het wetsontwerp telt 4 artikelen.

 

Aucun amendement n'a été déposé.

Er werden geen amendementen ingediend.

 

Les articles 1 à 4 sont adoptés article par article, ainsi que les tableaux annexes.

De artikelen 1 tot 4 worden artikel per artikel aangenomen, alsmede de tabellen in bijlage.

 

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

 

12 Projet de loi modifiant la loi du 8 juillet 2018 portant organisation d'un point de contact central des comptes et contrats financiers et portant extension de l'accès au fichier central des avis de saisie, de délégation, de cession, de règlement collectif de dettes et de protêt (2244/1-4)

12 Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 8 juli 2018 houdende organisatie van een centraal aanspreekpunt van rekeningen en financiële contracten en tot uitbreiding van de toegang tot het centraal bestand van berichten van beslag, delegatie, overdracht, collectieve schuldenregeling en protest (2244/1-4)

 

Discussion générale

Algemene bespreking

 

La discussion générale est ouverte.

De algemene bespreking is geopend.

 

La rapportrice est Mme Cornet.

 

Quelqu'un demande-t-il la parole? (Non)

Vraagt iemand het woord? (Nee)

 

La discussion générale est close.

De algemene bespreking is gesloten.

 

Discussion des articles

Bespreking van de artikelen

 

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (2244/4)

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (2244/4)

 

Le projet de loi compte 8 articles.

Het wetsontwerp telt 8 artikelen.

 

Aucun amendement n'a été déposé.

Er werden geen amendementen ingediend.

 

Les articles 1 à 8 sont adoptés article par article.

De artikelen 1 tot 8 worden artikel per artikel aangenomen.

 

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

 

13 Proposition de loi modifiant la loi du 15 septembre 2013 relative à la dénonciation d'une atteinte suspectée à l'intégrité au sein d'une autorité administrative fédérale par un membre de son personnel, en vue d'habiliter le Comité permanent P pour toutes les dénonciations faites par des membres du personnel de la police intégrée (2182/1-3)

13 Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 15 september 2013 betreffende de melding van een veronderstelde integriteitsschending in de federale administratieve overheden door haar personeelsleden, teneinde het Vast Comité P bevoegd te maken voor alle meldingen door personeelsleden van de geïntegreerde politie (2182/1-3)

 

Proposition déposée par:

Voorstel ingediend door:

Bert Moyaers, Daniel Senesael, André Flahaut, Eva Platteau, Julie Chanson, Franky Demon, Tim Vandenput, Philippe Pivin.

Discussion générale

Algemene bespreking

 

La discussion générale est ouverte.

De algemene bespreking is geopend.

 

De rapporteur is de heer Thiébaut die verwijst naar zijn schriftelijk verslag.

 

13.01  Bert Moyaers (Vooruit): Mevrouw de voorzitster, collega's, het wetsvoorstel beoogt een wijziging van de wet van 15 september 2013 betreffende melding van een veronderstelde integriteitschending in de federale administratieve overheden door hun personeelsleden. Het gaat meer bepaald om artikel 2, laatste lid, van voornoemde wet, die al eens is gewijzigd bij wet van 8 mei 2019, waarin wordt bepaald dat het Vast Comité P bevoegd is wanneer er een veronderstelde schending op de integriteit is door een politieambtenaar en die schending wordt gemeld.

 

Het was de bedoeling dat de bevoegdheid voor dergelijke meldingen in handen zou komen van het Vast Comité P. In het jaarverslag 2020 van de federale ombudsman werd echter melding gemaakt van het feit dat de definitie van het begrip politieambtenaar ontbreekt. Daardoor is de algemene definitie van toepassing en wordt een groot aantal personeelsleden van de politie niet als een politieambtenaar beschouwd. Ik heb het meer bepaald over het CALog-personeel, zeg maar alle administratieve en logistieke personeelsleden die bij de geïntegreerde politie werken.

 

Die belangrijke krachten vielen bij meldingen op het vlak van integriteit allemaal onder de bevoegdheid van de federale ombudsman. In afwachting van een wetswijziging sloot zowel de federale ombudsman als het Vast Comité P ter zake een samenwerkingsprotocol af. Daardoor was ik echter van oordeel dat een wetswijziging zich echt wel opdrong. Het is niet meer dan wenselijk dat alle meldingen van personeelsleden van de geïntegreerde politie door het Vast Comité P worden beoordeeld. Uiteindelijk delen zij immers allemaal dezelfde werkvloer. In voorliggend wetsvoorstel wordt die wetswijziging in die zin beoogd.

 

Voor het overige rest mij enkel nog een woord van dank uit te spreken. Ik dank alle leden voor de uitgesproken steun tijdens de commissievergaderingen en voor de spontane vraag van heel wat commissieleden, om het wetsvoorstel mee te mogen ondertekenen en het op die manier kracht bij te zetten. Ik dank hen ook voor de unanieme goedkeuring twee weken geleden in de commissie voor Binnenlandse Zaken. Uiteraard is het ook niet meer dan netjes dat ik heel even de medewerkers achter de schermen dank, om mee hun schouders onder het wetsvoorstel te zetten.

 

La présidente: Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

 

La discussion générale est close.

De algemene bespreking is gesloten.

 

Discussion des articles

Bespreking van de artikelen

 

Nous passons à la discussion des articles. Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion. (Rgt 85, 4) (2182/1)

Wij vatten de bespreking van de artikelen aan. De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (2182/1)

 

La proposition de loi compte 2 articles.

Het wetsvoorstel telt 2 artikelen.

 

Aucun amendement n'a été déposé.

Er werden geen amendementen ingediend.

 

Les articles 1 et 2 sont adoptés article par article.

De artikelen 1 en 2 worden artikel per artikel aangenomen.

 

La discussion des articles est close. Le vote sur l'ensemble aura lieu ultérieurement.

De bespreking van de artikelen is gesloten. De stemming over het geheel zal later plaatsvinden.

 

Chers collègues, pour le projet de loi (n° 2175) visant à rendre la justice plus humaine, plus rapide et plus ferme, Mme De Wit doit nous présenter un rapport oral. Malheureusement, elle est coincée dans la circulation. Elle tente de nous rejoindre au plus vite.

 

J'aurais pu vous proposer de passer aux interpellations, mais les ministres concernés ne sont pas présents non plus!

 

Je vous propose donc de suspendre la séance.

 

La séance est levée. Prochaine séance le jeudi 25 novembre 2021 à 17 h 30.

De vergadering wordt gesloten. Volgende vergadering donderdag 25 november 2021 om 17.30 uur.

 

La séance est levée à 17 h 09.

De vergadering wordt gesloten om 17.09 uur.

 

Ce compte rendu n'a pas d'annexe.

 

Dit verslag heeft geen bijlage.